logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
dEUS - 19/03/20...

Spoil Engine

Renaissance Noire

Geschreven door

Wij Belgen mogen terecht trots zijn op wat ons land te bieden heeft op vlak van metal in al zijn geuren en kleuren. Neem nu Spoil Engine, dat al sinds 2004 stevig aan de weg timmert, en met succes ondanks veel personeelwissels. Het zag er even naar uit dat de band zou ophouden te bestaan, tot zangeres Iris Goessens de vocalen voor haar rekening nam en er plotsklaps een andere wind waait doorheen Spoil Engine.  Met als gevolg live-optredens die we niet snel zullen vergeten surplus die ongelofelijk knappe schijf 'Stormsleeper' die in 2017 overal zeer goed werd ontvangen, ook bij ons. Tijd om daar een vervolg aan te breien in de vorm van 'Renaissance Noire', moet Spoil Engine  hebben gedacht. Dit is dan ook een schijf waarop de band begane wegen verder uitstippelt.
Vanaf “Riot” valt al de gevarieerde aanpak op, zowel vocaal als instrumentaal. Iris kan al haar vocale capaciteiten meer dan ooit in de strijd gooien op deze plaat, en dat zijn er heel wat. Cleane vocalen, verpulverend uithalen, screams die door merg en been gaan. Ze kan het allemaal aan. Geruggesteund door muzikanten die van wanten weten, en zowel melodieus als verschroeiend hard uithalen, wordt er over de gehele lijn niets aan het toeval overgelaten. Luister maar naar een song als “Venom” en voel de koude rillingen over je rug lopen, om daarna in een razend tempo uit het niets een mokerslag in je gezicht te verwerken krijgen, waardoor je prompt murw geslagen in de touwen hangt. Bij “The Hallow” krijgt Iris Goessens vocale ondersteuning van niemand anders dan Jeff Walker van Carcass. Niet dat ze die ondersteuning echt nodig heeft, want ze kan gerust op haar eentje haar mannetje staan, dat bewees ze meermaals zowel vocaal als wat uitstraling betreft. Laat het echter duidelijk zijn, de instrumentale aankleding sluit perfect aan op de stem van Iris. Daardoor staat de jongedame niet nodeloos te brullen in de woestijn, de riffs en de drumsalvo klievan dan ook als een botte bijl in ons vege lijf.
Wie hield van de aanpak op ‘Stormsleeper’ zal in deze 'Renaissance Noire' eveneens zijn gading vinden, stellen we vast. Maar vooral horen we, na dit al een paar keer live te hebben vastgesteld, ook op plaat een band die klaar is om de wereld compleet te veroveren. En dat is niet enkel de verdienste van een top frontvrouw als Iris. Maar dankzij een band waarbinnen iedereen op verschroeiende wijze de lat hoog legt en blijft leggen. Topplaat van een band die al ruimschoots 15 jaar evolueert en blijft evolueren in zijn kunnen.

Orange Black

It's Electric

Geschreven door

'It's Electric', het debuut van de Belgische indieslackerpopformatie Orange Black werd medio 1997 op de markt gebracht en bleek toen een mijlpaal. In oktober dit jaar kwam de schijf opnieuw op de markt in vorm van vinyl via dear.deer.records. Of deze plaat na circa twintig jaar nog steeds even baanbrekend klinkt? Dat was de centrale vraag die we ons stelden.
Nu het antwoord komt als een vuurbal in je gezicht terecht door middel van het bijzonder energieke “Alaska”. Een mokerslag die blijft aanhouden over de gehele plaat zo zal later blijken. Want inderdaad klinken songs als “Lesbian Girls”, “Summer Quest For Summer Rest”  en “Rio” vandaag nog verre van gedateerd. Integendeel, de energie die uit de boxen spat, telkens opnieuw en opnieuw bezorgen ons opvallende boosts en adrenalinestoten. Ook bij op een eerder ingetogen en intiem openende song  als “Ship Ahead” is dat het geval. Een song die telkens openbarst in een verschroeiende etterbuil die je hersenpan tot moes slaat. De band blijft binnen die song tempo's afwisselen tot in het oneindige. Dit is een song die eigenlijk verbindt waar het echt om draait bij Orange Black.
Dat voortdurende schipperen tussen zachtmoedig de snaar raken en de duivels ontbinden tot er een aardverschuiving plaats heeft in je ziel, keert over de hele lijn terug op deze 'It's Electric' . Het bewijst nog maar eens hoe grensverleggend Orange Black twintig jaar geleden was en hoe ze dat na al die jaren nog steeds zijn. Een debuut waarmee de band bewijst niet te moeten onderdoen voor grote acts in het genre. Ook het aanbieden van enorm veel diversiteiten in muziekstijlen is een extra pluspunt dat ons toen over de streep trok en nog steeds uit de doeken wordt gedaan. En dat is de lijn die trouwens verder wordt doorgetrokken tot het einde van deze knappe plaat  met het verschroeiende mooie “Skip Stem 1”.
In de interviews liet Dieter Sermeurs al weten dat er geen Orange Black 2.0 komt, er zou ook maar één optreden doorgaan in Het Bos. Het zijn er al enkele meer geworden ondertussen. In stilte hopen we dat Orange Black alsnog van idee verandert. Want dit is geen nostalgietrip naar die jaren '90. Deze heruitgave van een sprankelend en grensverleggend debuut smaakt gewoon naar meer. 'It's Electric' was dus niet alleen in 1997 een mijlpaal van een plaat, het is dat vandaag nog steeds.

Soja Triani

Nouvelles

Geschreven door

Tom Beaudouin (ook lid van het post rock/elektronische concept Fragments)  en Amauy Sauve (drummer en geluidsman in de hardcore en metal scene) vormen samen het Franse indiepopduo Soja Triani. De heren zijn niet aan hun proefstuk toe en kunnen een hele bagage aan ervaring voorleggen. Via het label La Souterraine bracht Soja Triani zopas zijn debuut uit: 'Nouvelles'. Een aanstekelijk indiepopschijfje dat aan je ribben blijft kleven.
Flirtende met Franse chanson, komt “Le Futur” op een gezapige wijze binnen en prompt zing je de Franse teksten uit volle borst mee. Die hoge toegankelijkheid zorgt gelukkig voor geen al te kleffe atmosfeer. Gedrenkt in een vat boordevol experimentele elektronica verrast dit duo ons regelmatig met soundscapes die uit het niets opdagen. Met “L'Alpiniste”, “Rêve d'Ecuyer” en “Grand Voyage” zet Soja Triani dat meermaals in de verf. Geluidsmuren afbreken is er dus niet bij, maar de band raakt ook een beetje een rocksnaar binnen het Franse popgebeuren. Waardoor een zeer ruim publiek aan elektronische rock en pop muziek, over de streep kan getrokken worden. Die lijn wordt eigenlijk verder doorgetrokken op de volledige plaat. Het enige minpunt is dat alles diezelfde gezapige gang uitgaat, maar doordat die songs zo lekker aan je ribben blijven kleven bij elke luisterbeurt opnieuw, stoort dit allerminst. De subtiele knipoogjes naar experimenteel gedrag, zijn bovendien een meerwaarde die deze kritische benadering prompt in de vuilnisbak doen belanden.
Met 'Nouvelles' is in elk geval een nieuwe ster geboren, die pop en rock verbindt met Franse chanson waardoor een ruim publiek aan liefhebbers van Franse muziek in zijn brede omkadering over de streep zal moeten worden getrokken. Soja Triani bestaat duidelijk uit een duo dat goed weet waar ze mee bezig zijn, een ambitieus duo ook die hun stempel willen drukken op de indie pop en dat in de toekomst zeker zullen doen. Een duo om in het oog te houden dus, naar de toekomst toe.

Lumen Drones

Umbra

Geschreven door

Lumen Drones is het experimentele jazzproject rond Nils Økland: Hardanger-fiddle en -viool. Samen met gitarist Per Steinar Lie (gitaar) en Ørjan Haaland (drum) verlegde hij in 2015 al grenzen met zijn titelloos debuut. Vooral die Hardangerviool is een historisch instrument, dat voor Nils een speciale plaats bekleedt binnen dat experimentele project. De tweede schijf kwam op de markt , 'Umbra'. Waar deze stelling nog meer in de verf wordt gezet.
“Inngang” geeft al de toon aan. Je wordt als aanhoorder onder hypnose tot diepe rust gebracht zonder dat Lumen Drones je in slaap wiegt. Net door de hypnotiserende inwerking van die Hardangerviool gecombineerd met twinkelende gitaarlijnen en drumpartijen die eerder aanvoelen als het strelen van een gebroken hart, voel je een gelukzaligheid over jou neerdalen die je wegvoert naar een verloren land. Dit trio is duidelijk op elkaar ingespeeld, ze vinden elkaar dan ook blindelings op songs als “Dronesag”, “Gorrlaus Slatt”, “Umbra” en het prachtige “Avalanche In A Minor”. Nergens valt een speld tussen te krijgen op dit perfect in elkaar gebokste experimentele jazzplaatje. Het lijkt zelfs alsof de heren tijdens de opnames aan het improviseren slaan en dat laatste is zeer opmerkelijk. We vragen ons af welk magisch effect dit moet hebben op enkele podia?
Luister maar naar de perfecte interactie tussen drum en viool bij “Glor” of hoe de gitaarlijnen perfect aansluiten daarop. Gewoon enkele voorbeelden van hoe dit trio ondanks de perfectie, die spontaniteit niet uit het oog verliest. De ontroerende wijze waarop Lumen Drones je in een diepe trance doet belanden, wordt verder gezet op de daarop volgende parels van songs als “Speil”, “Etnir” en afsluiter “Under Djupet”. Er wordt hierbij geen geluidsmuur afgebroken, maar wel telkens een diepe snaar geraakt. Lumen Drones verlegt bovendien  een grens binnen experimentele jazz en tast de mogelijkheden af om diezelfde grens telkens opnieuw te verleggen. Binnen elke song ontdek je, na elke andere luisterbeurt, dan ook weer nieuwe dingen die je voordien nog niet had opgemerkt. Dat dit allemaal puur instrumentaal wordt gebracht, is een extra meerwaarde.
Liefhebbers van die Hardangerviool, maar ook van arrangementen waarin jazzcomponisten grenzen verleggen tot in het oneindige, en ter plaatse improviseren zullen in deze schijf en band zeker hun gading vinden. Wij waren alvast onder de indruk. Daar waar we bij het debuut dachten dat de grens was bereikt, doet de band er gewoon nog een paar scheppen bovenop. En dat laatste is nog het meest opmerkelijke aan dit volledige project. Een meesterwerk binnen experimentele jazz, zonder meer, deze 'Umbra' van Lumen Drones!

Wim De Craene

Wim De Craene, Brussel + Alles is Nog Het Oude (re-issue)

Geschreven door

Wim De Craene was een aimabele en ongeruste ziel. Iemand die enkele klassiekers heeft nagelaten zoals “Rozane”,” Tim”, “Marcelino” en “Breek Uit Jezelf”. Om de één of andere reden heeft hij tijdens zijn leven nooit de erkenning van andere generatiegenoten gehad alhoewel hij die verdiende. Die erkenning is er pas achteraf gekomen. In de jaren ‘80 had hij het wel moeilijk als artiest. Hij zocht naar manieren om het grote publiek aan te spreken. Dat werd niet altijd goed onthaald. Eén ding is zeker: dat hij integer was als artiest en dat ook belangrijk vond.
BLP Records brengt nu van zijn eerste drie albums telkens 500 gelimiteerde vinyls uit. In kleur en/of zwart. ‘Wim De Craene’ uit 1973 was zijn debuutplaat. Een echte kleinkunstplaat met scherpe observaties over het patronaat en het gewone volk. Dat is te horen op “De Kleine Man” (een update van de versie van Louis Davids uit 1929). Opener “Boudewijn De Eerste Straat” zal bij een groot aantal luisteraars wel bekend in de oren klinken. “T Is Om Te Poen Te Doen” is een magistraal nummer, weliswaar geschreven door Jaap Van Der Merwe. Het jazzy gevoel hier komen we later nog tegen in een reeks van zijn bekende nummers. In het jaar erna verzamelde hij een band rondom zich om live sterker voor de dag te komen. Ze begonnen nummers voor een volgende plaat op te nemen. Op de vooravond van de resterende opnames van de nieuwe plaat verongelukt Paul Lambert en raakt Raf Lenssens zwaargewond na een optreden in een auto-ongeluk. Zo moet hij snel een nieuwe band zoeken want de platenmaatschappij wil snel de plaat af hebben.
Daarbij spreekt Wim De Craene, Jean Blaute aan om die te produceren. Blaute trommelt een aantal muzikanten op en zo komt ‘Brussel’ (1975) tot stand. De protestliedjes zijn iets minder prominent aanwezig maar de rake en scherpe observaties blijven wel aanwezig. Muzikaal klinkt alles iets volwassener. Je hoort ook wel bij welke songs Jean Blaute betrokken was. De arrangementen zijn net iets sterker. Ook “Rozane” werd samen met hem gemaakt. Een nummer dat niet meteen bijster veel verkocht, maar dat hem wel op de kaart zette en veel optredens opleverde. “Rozane” groeide met de jaren wel tot een heuse klassieker uit. Ook “Brussel” is een geweldige song. Sfeerrijk en met een leuke tekst. Muzikaal doet het mij wat aan The Doors denken.
In hetzelfde jaar brengt hij, onder druk van de platenmaatschappij, een opvolger uit (‘Alles Is Nog Het Oude’) met zijn allergrootste hit “Tim”. Een nummer dat hij opdraagt aan zijn pasgeboren zoon Ramses (vernoemd naar zijn mentor Ramses Shaffy) maar dat hij Tim noemt omdat dat beter zingt. Jean Blaute heeft ook hier een hand in het arrangement. Een nummer dat mij nog steeds kippenvel kan bezorgen. Ook op “Rozerood-Oranje” worden alle registers opengetrokken. Een sterke song die uit veel lagen opgebouwd is. Zo ook met “Portret Van Gisteren” dat als kleinkunst begint maar mooi openbloeit. Ook de cover “5 Uur” van Ramses Shaffy staat op deze plaat. Shaffy is van groot belang geweest in beginjaren van zijn carrière en hij laat dat middels deze cover nog eens blijken. Afsluiter “Piepoe (Morgen Wordt Beter)” bezit een heel catchy refrein.

De heruitgave van de eerste drie platen van Wim De Craene is een mooi souvenir voor de fans of voor mensen die hem nu pas ontdekken. Of wanneer je oude exemplaren grijsgedraaid zijn en aan vervanging toe zijn. In elk geval een uitstekende zet van BLP Records.

Agnes Obel

Island Of Doom -single-

Geschreven door

Agnes Obel behoeft weinig introductie. Deze Deense werd internationaal bekend met de single “Riverside” die ze in 2010 uitbracht bij het Belgische label Play It Again Sam. Ook het album ‘Philharmonics’ deed het hier bijzonder goed, met veel airplay op verschillende radiozenders. Haar volgende album ‘Aventine’ was degelijk, maar miste eenzelfde sterke single. Het daaropvolgende album ‘Citizen Of Glass’ ging nagenoeg onopgemerkt voorbij en daarna scheiden de wegen van Obel en haar Belgische label.
Inmiddels vond Agnes Obel onderdak bij Deutsche Grammophon, een label met een lange en rijke traditie in vooral klassieke muziek. Een label dat misschien nog beter past bij de kalme, ingetogen pianomuziek (aangevuld met cello) en de zachte stem van Obel.  In hun aanpak verschillen ze bij Deutsche Grammophon niet veel van Play It Again Sam: de sterke single “Island Of Doom” gaat vooraf aan het album ‘Myopia’ dat op 21 februari uitgebracht wordt. De term ‘sterk’ vraagt enige nuance. Het is een sterke single voor wie al vertrouwd is met haar werk. Voor wie enkel “Riverside” kent, is deze “Island Of Doom” net iets zwakker. Je hebt wel opnieuw het moeilijk te duiden mysterie in de muziek en die zachte, breekbare engelenstem die het mysterie nog uitvergroot. Maar het pakkende refrein ontbreekt.  Als luisteraar heb je zelfs met de titel erbij geen flauw idee waar dit over gaat en dat is net iets te veel mysterie.
Toch kijken we uit naar dat album.

Danny Blue And The Old Socks

Boys -single-

Geschreven door

Danny Blue And The Old Socks is een Antwerpse band die rammelende funkrock afvuurt in de stijl van Parquet Courts, Pavement en The Pixies. In januari 2018 werd de band bij StuBru finalist van De Nieuwe Lichting en in april 2018 stonden ze in de finale van Humo’s Rock Rally. Ze toerden non-stop in binnen- en buitenland.
Op hun nieuwe single “Boys” sturen ze het beste uit hun vaders platencollecties door de pedalenplank en komen ze zo uit bij heerlijke, nerveuze pokkeherrie met een volbloed 80’s-vibe. De single klinkt heel wat experimenteler dan hun debuut-EP ‘Backyard Days’ van eind 2017, maar sluit wel mooi aan op de single “Freakshow”. Prachtig hoe een jonge band risico’s durft te nemen, maar helemaal overtuigen doet deze single niet. Daarvoor gebeurt er gewoon te veel in de bijna vier minuten van “Boys”.
In maart 2020 brengen ze hun tweede EP uit. Die zal ook ‘Boys’ gedoopt worden.

https://www.youtube.com/watch?v=4VeD4o5JI50

The Mars Model

Francobelga (EP)

Geschreven door

Begin 2019 ontstaat The Mars Model. Het is een bont gezelschap bestaande uit Walen, Fransen en Vlamingen. Vandaar waarschijnlijk de naam van hun EP: ‘Francobelga’. Ze hebben allen uiteenlopende muzikale smaken maar als je de muziek hoort dan houden ze allen wel van stevige en gedreven songs vermoed ik.
Nog geen jaar later is er hun eerste optreden en hun eerste EP. Soms kan het snel gaan. En het moet gezegd worden dat je het niet hoort aan de muziek. Die zit vakkundig in elkaar en klinkt professioneel genoeg om te denken dat ze al eventjes bezig zijn. Opener “Lifewire” is meteen raak. Een donkere intro van synths zet aan tot de rest van de song. Een pakkende gitaarriff en zang trekken het nummer vooruit. De overgang en het refrein zelf doet mij denken aan Killing Joke ten tijde van “Pandemonium”. De bass en synths benadrukken de donkere sfeer. De drum zorgt voor een patente ritmesectie. De muziek is een mix van industrial, postpunk en zo. Ja, ik ben na één nummer al fan en dat zeg ik niet om, vooral het bandlid dat ik ken, hen te plezieren. “Amazon” klinkt iets luchtiger en neigt iets meer naar gothic rock. Het bevat voor de rest dezelfde elementen als de vorige song. Op “Failing Forward” gaat het tempo wat hoger en klinkt het geheel terug steviger. Ik hoor een catchy riff die zich doorheen de track kronkelt en rockt. Het refrein is iets minder sterk dan die van “Lifewire”. Afsluiter “Terminus” opent terug met synths die vooral echt uit de startblokken schieten. Ze bevat een heerlijk pulserende bas in de verses, een sterk refrein en een dystopische sfeertje. Sterke song.
‘Francobelga’ bevat vier tracks waar geen enkele misser tussen staat. Persoonlijk vind ik “Lifewire” en “Terminus” twee songs die er bovenuit steken vanwege het stevig geheel, de opbouw en de sterke refreinen. Knap debuut.

Pagina 133 van 460