logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_14
giaa_kavka_zapp...

Bob Dylan

Bob Dylan - Tamme Dylan

Geschreven door

Omdat wij tonnen respect hebben voor het fenomeen Dylan, omdat de meester een heuse shitload aan schitterende songs en briljante albums heeft gemaakt tijdens zijn indrukwekkende carrière, omdat het (Lou Reed in gedachten) omwille van zijn gezegende leeftijd van 72 wel eens de laatste keer zou kunnen zijn dat we de legende live aan het werk konden zien. Daarom, beste mensen, zijn wij zondag naar Vorst getrokken. Wisten wij veel dat we van een kale reis zouden terugkeren.

Na vanavond vinden wij het toch een beetje eigenaardig dat Dylan steeds verkondigt dat optreden zijn leven is en dat hij er mee zal doorgaan tot op het bittere eind, gewoon omdat dat hetgeen is wat hij het best kan en het liefst doet. Enige vorm van speelplezier viel alleszins niet af te leiden uit zijn apathische houding op het podium, hij gaf een verveelde indruk en werkte zich routinematig doorheen zijn songs, alsof het een verplicht nummertje was.

Bovendien was hij al stipt om 20.00 hr aan de klus begonnen terwijl het publiek nog volop aan het binnenstromen was. Hoe sneller hij er van af was hoe vroeger hij zijn bed in kon, zo leek het wel. Er waren weinig tekenen van emotie of bezieling te bespeuren bij de eens zo bevlogen rasartiest. De gitaar liet hij volledig links liggen en maar sporadisch haalde hij de mondharmonica boven.
Hij nam vrijwel de ganse set plaats achter zijn keyboard en ging af en toe stokstijf voor de microfoon staan.
Ook vocaal zat hij met een hardnekkige kikker in de keel, zijn stem bleek geëvolueerd van die typische nasale en begeesterde reutel naar een eentonige baritongrom waarin nog weinig animo weerklonk. Onsterfelijke songs als “Blowin’ in the Wind” en “Simple twist of Fate” werden ondermeer door die rochelstem de nek omgewrongen. Op de koop toe had hij kennelijk ook nog zijn groep aan banden gelegd, de ongetwijfeld zeer bedreven muzikanten speelden de ganse avond met de handrem op.
Door de sobere opzet van het podium en een zeer povere verlichting viel er visueel weinig te beleven, Dylan was ook letterlijk een schim. Nu, een heuse lichtshow hadden we niet verwacht of gehoopt bij Dylan, hier zou de muziek op zich overtuigend genoeg moeten zijn. Let wel, soms was dit ook zo, maar de begeesterde momenten waren te schaars, toch zeker voor een artiest van dit kaliber. Aangename opflakkeringen in deel één waren het lekker rollende “Duquesne Whistle”, een zinderend “Pay in Blood” en een boeiend “Love Sick” waarmee de ouwe eindelijk op dreef leek te komen. Dan toch, dachten we, maar onze vernieuwde hoop werd algauw terug in de kiem gesmoord toen Bob doodleuk een pauze aankondigde. Pauzes worden wel vaker ingelast bij dergelijke oudjes, maar het blijven dooddoeners voor ieder concert.
Na de koffie (bij dergelijke concerten lijkt een koffiepauze ons meer toepasselijk dan een stormloop op de biertoog, Dylan is al lang geen rock’n’roll meer) waren er enkele bekoorlijke momenten met “Forgetful Heart” en “Scarlet Town”, mooie ballads waarin plots wel een krop emotie kwam bovendrijven. Ook de onvervalste blues “Early Roman Kings” was nog een hartverwarmend hoogtepunt, maar dat was het dan zo een beetje. Het viel ons trouwens op dat Dylan op zijn scherpst klonk in zijn meest recente songs uit ‘Tempest’, een album dat wij nochtans geen hoogvlieger vonden. Het waren dan ook de enige songs die er live beter uitkwamen dan hun studioversie. Over de rest konden we kort zijn : de plaat is beter.

Dylan liet zijn publiek achter met een zweem van vertwijfeling en we merkten in de wandelgangen dan ook weinig enthousiaste reacties op. Doch niemand durfde het echt aan om zich helemaal negatief uit te drukken. De verbouwereerde fans hadden het hier immers over de ontzagwekkende Bob Dylan, en die zou wel eens vanachter hun schouder kunnen meeluisteren om hen vervolgens een genadeloos nekschot toe te dienen. Sommigen vonden het jammer dat Dylan zijn bekendste songs in de kast liet. Daar hadden wij dan weer geen probleem mee, het maakte ons niet uit wat hij speelde (excellente songs genoeg), als hij er maar genoeg geestdrift en passie in zou leggen. Maar daar wrong nu juist het schoentje vanavond, er zat te weinig ziel of begeestering in, het was allemaal een beetje vlak, we zouden zelfs voorzichtig het woord saai in de mond durven nemen.

Geen goed rapport dus, en zeker niet voor iemand die de naam Dylan draagt. Pensioen is een optie.

Organisatie: Gracia Live

Arctic Monkeys

Arctic Monkeys – Put on your dancing shoes…

Geschreven door

We vertrokken naar het concert als twee overjaarse pubers, om onze favoriete band te zien. Eenmaal daar aangekomen werd echter al snel duidelijk, dat we niet de enige waren. We kwamen toe in een overvol Vorst Nationaal …

The Strypes (talentvolle jonge gasten tussen de 16 – 18 jaar) waren door Arctic Monkeys zelf gevraagd om hun support act te verzorgen. Alex Turner wist ook als snel dat dit een vinnig en veelbelovend groepje is.
De piepjonge lefgozers lieten een handvol simpele maar uiterst bruisende rockers door de boxen knallen, dodelijke efficiënte rock’n’roll songs die er met vaak gierende gitaarsolo’s én met de energie van The Ramones werden doorgejaagd. Een extreem opwindend groepje met liters rock’n’roll adrenaline in hun jonge lijf. Dit moet nog meer spetteren in een met bier overgoten klein concertzaaltje! (dank aan Sam De Rijcke)

Toen kwam het langverwachte moment waarop de security het startschot gaf, voor wat een ware marathonloop zou worden naar het podium. We duwden en we trokken, als kleine kinderen, om ons plaatsje vooraan te verzekeren. Aan al de rest die hier niet in slaagden, suck it and see! Nu was het wachten geblazen, stilte voor de storm…

Toen was het moment eindelijk aangebroken, The Arctic Monkeys werden door het publiek onthaald als jonge goden. Ze openden de show dan ook meteen met de eerste single van hun nieuwe cd “Do I wanna know”. De sfeer in de parterre zat meteen goed, het feestje kon beginnen. Alex bespeelde het publiek, zoals hij nog nooit van te voor gedaan had.
Vroeger kenden we hem als een eerder introverte, mysterieuze zanger. Vandaag is hij nog steeds mysterieus, maar zeker niet meer introvert, en dan nog eens gecombineerd met een vleugje gepermitteerde arrogantie. Zijn nieuwe look als moderne cowboy met een vetkuif bijna net zo strak als die van Alex Callier, vervolledigden het plaatje.
De volgende drie nummers, zowel nieuw als oud, deden de temperatuur in de zaal nog meer stijgen. Al gauw vlogen t-shirts, en van de vrouwen andere pikante onderstukken, in het rond. Het was duidelijk dat wie zijn dancing shoes niet mee had, niet kon meedoen aan het feestje. Alex dartelde doorheen het concert over het podium, inclusief swingende heupen en niet-originele, doch omdat het Alex is , coole dansmoves. Af en toe werd zijn gitaar zelfs even aan de kant gezet om zijn danskunsten nog meer tentoon te stellen. Dit werd echter meer dan ingehaald op de momenten dat Alex zijn solo’s zelf, en op meesterlijke wijze speelde. 
Het concert werd op dezelfde manier opgebouwd als hun cd’s, uptempo nummers wisselden tragere/akoestische nummers af.
Oudere nummers werden nog steeds op luid gejoel ontvangen, maar werden gespeeld met een cool zoals terug te vinden op hun meest recente cd. Zo kwam het concert dan ook over als een samenhangend, harmonieus geheel. Zelf konden wij de hardere, strakkere nummers zoals “Dancing Shoes”, “Crying Lightning”, “Old Yellow Bricks”, “Arabella” en “I Bet you look good on the Dancefloor”, het meest pruimen. De rustige, akoestische nummers, gekenmerkt door hun sublieme teksten, waren mooi. Toch snakte de zaal duidelijk meer naar een feestje.
De band sloot af met drie bisnummers. Als laatste zei Alex “I’m all yours”, wat een mooie overgang was naar de vraag van de avond: “R U Mine?” En het antwoord hierop was zoals jullie wel kunnen raden volmondig ja!

Setlist:
1. Do I wanna Know 2. I Want It All 3. Brianstorm 4. Dancing Shoes 5. Don’t Sit Down ‘Cause I’ve Moved Your Chair 6. Crying Lightning 7. One for the Road 8. Fireside 9. Old Yellow Bricks 10. Why’d You Only Call Me When You’re High? 11. Arabella 12. Pretty Visitors 13. I Bet You Look Good on the Dancefloor 14. Cornerstone 15. No. 1 Party Anthem 16. Piledriver Waltz 17. Fluorescent Adolescent 18. I Wanna Be Yours 19. Snap Out of It 20. Mardy Bum 21.R U Mine

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4296

Organisatie: Live Nation

 

Zappa plays Zappa

Zappa plays Zappa - Het bovennatuurlijke Zappa vakmanschap

Geschreven door

De Gentse Vooruit was behoorlijk volgelopen voor Zappa Plays Zappa, het gezelschap waarmee Dweezil nu al een paar decennia lang de ronduit fenomenale muziek van vaderlief Frank laat verder leven.
Meer dan de helft van de aanwezigen waren uiteraard de gebruikelijke Zappa freaks (Zappa heeft geen fans, Zappa heeft freaks!), lui die bij elke noot die aangeslagen wordt meteen weten welke song het is, uit welk album dat komt en wie de muzikanten waren die er op meespeelden. Het soort gasten die, tot groot ongenoegen van hun vrouw, thuis een ganse kamer in beslag hebben genomen met hun Zappa collectie en memorabilia (geen idee hoe het komt, maar Zappatitis is in 99 % van de gevallen een mannelijke aandoening, vrouwen die aan het virus lijden zijn even onvindbaar als kleurlingen op een Vlaams Belang congres).

Een mens kan zich afvragen waarom een briljant gitarist als Dweezil nu al een derde van zijn leven de wereld rondtrekt met enkel en alleen het -weliswaar zeer omvangrijke- repertoire van zijn vader. Wij proberen het u uit te leggen. De geniale Frank Zappa (straks in december 20 jaar dood, en sedert kort een robbertje aan het vechten met nieuwkomer Lou Reed die op zijn zachtst gezegd geen ‘freak’ was) was een meesterlijk songschrijver, een begaafd componist, een wonderbaarlijke humorist, een excellente tekstschrijver en een fenomenaal gitarist. Te veel talenten om in één spermalading door te geven aan zijn nageslacht, zo bleek. De fortuinlijke Dweezil heeft het gitaartalent meegekregen, en dat is al heel wat. Aan goede songs schrijven heeft hij een broertje dood. Waarom zou hij ook, als er gewoon een immense berg uitmuntend songmateriaal in zijn erfeniskast ligt. Om de royalty’s hoeft hij zich geen zorgen te maken, hoe meer platen uit de onmetelijke backcatalogue van Frank worden verkocht, hoe beter Dweezil er van wordt.

Voor de laatste tournee had Dweezil zich, samen met zijn uitstekende muzikanten, verdiept in ‘Roxy & Elsewhere’, één van de zovele vijfsterren platen van vader. Bij wijze van opwarming koos men eerst nog voor het instrumentale “The Gumbo Variations” uit het superbe ‘Hot Rats’, dit om snel even aan te tonen welke bedreven muzikanten hier op het podium stonden. Zowaar geen prutsers, zeg ik u. Een glansrol was hier weggelegd voor de geweldige saxofoniste Sheila Gonzalez, en Dweezil toverde al bij wijze van inleiding een eerste indrukwekkende solo uit zijn mouw.
Vervolgens  was de integrale vertolking van ‘Roxy & Elsewhere’ nagenoeg perfect, de muzikanten haalden stuk voor stuk ongekende hoogtes en ook de humor van de plaat werd vakkundig en lichtjes theatraal meegegeven (“Dummy Up” en “Cheepnis”).
‘Roxy & Elsewhere’ bevat wel meerdere moeilijke en ingewikkelde passages (welke Zappa plaat eigenlijk niet ?), de band wist hier knap raad mee en maakte het geheel uiterst vermakelijk en verteerbaar. “Echidna’s Arf of you” en “Don’t you ever was thing” liepen over van muzikale virtuositeit en Dweezil’s gitaarvernuft kwam wondermooi naar boven in het overheerlijke “Son of Orange County” en in het schitterende “More trouble everyday”. Om de plaat op jolige manier af te sluiten mocht in het behoorlijk geschifte “Be-Bop Tango (of the old Jazzman’s church)”  het publiek bij wijze van enkele knotsgekke danspasjes even deelnemen in de zotte Zappa capriolen.

Na een korte pauze was het tijd om vooral de virtuositeit van gitarist Dweezil nog wat meer in de verf te zetten. Hij soleerde met de genialiteit van de meester zelve in een betoverend “The torture never stops”, een bewogen “Florentine Pogen” en een prettig gestoord “I come from nowhere”. Als u geen liefhebber bent van virtuoze en lange gitaarsolo’s, dan zat u hier serieus uw tijd te verdoen. Als u zelf gitarist bent, dan ging u met een joekel van een minderwaardigheidscomplex naar huis (zo ook mijn jonge neef die tot voor vanavond nog dacht dat hij een aardig potje gitaar kon spelen).
De ganse band was, volledig overmand door die typische Zappa gekte, bijzonder goed op dreef in “Teen age wind”, “Teenage Prostitute” en “Wonderful Wino” (met een briesende roadie als overtuigende guest vocalist). En dan hebben we het nog niet over het werkelijk memorabele ‘Sheik Yerbouti’-  tweeluik dat de band in petto had met het razend knappe en buitengewoon geestige “Flakes” (waarin Sheila Gonzalez op bijzonder amusante wijze de fijne Dylan persiflage voor zich nam) en het gutsende “Broken hearts are for assholes”.
Omdat Zappa freaks er maar nooit genoeg van krijgen trakteerde Dweezil ons na ruim twee en een half uur hoogstaand amusement op nog twee absolute klassiekers. De band ging een laatste keer voluit op “Cosmik Debris” en de onvermijdelijke eeuwige rocker met die onsterfelijke gitaariff  “Muffin Man” als kers op de taart.

Dit was alweer een volle avond (drie uur, alstublief) puur Zappa vertier. De hemel voor de freaks, maar hier zou eigenlijk iedere muziekliefhebber moeten van snoepen. Onze vierde ontmoeting met Zappa Plays Zappa (the real thing hebben we gelukkig ook twee keer mogen meemaken), maar zeker niet onze laatste.
We kijken al vol verwachting uit naar de volgende ZPZ passage. En naar de setlist, natuurlijk.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4284
Organisatie: Democrazy, Gent

Volbeat

Volbeat - Wake Up Baby And Taste The Dirt

Geschreven door

Volbeat - Wake Up Baby And Taste The Dirt
Teenage Bottlerocket, Iced Earth en Volbeat
Vorst Nationaal
Brussel

Volbeat - Zanger Michael Poulssen zag in 2001 het licht toen hij zijn death-metalband Dominus opdoekte en teruggreep naar zijn voorliefde voor rockabilly. Wij zagen vanavond het licht dankzij deze verfrissende combinatie van metal met rockabilly, maar toch vooral door de grootse pyrotechnics-show.

Teenage Bottlerocket is een band die veel beter is dan Volbeat. Althans dit is wat Volbeat zelf beweerde in het cd-boekje van ‘Above Heaven/Beyond Hell’ boven de songtekst van “Thanks”. En wie op het podium verschijnt in een t-shirt van The Ramones, toont inderdaad al direct aan dat hij van goeden huize is. De kleine groep gelukkigen die niet getart werden door de ellendige avondspits werd immers getrakteerd op een energieke en recht uit het hart komende sneltrein van melodieuze pop-punk nummers. Spijtig genoeg bleken maar weinigen het Volbeat-advies uit 2010 opgevolgd te hebben, want ondanks de beleefde vraag van Brandon om lekker mee te pogo-en bleef het ondraaglijk apathisch op het middenplein. Nochtans zijn songs als “Skate or die”, “Headbanger” en “Fatszo goes nutzoid” absoluut geen stoelplakkers. Wel miste ik “Radio”, “Repeat offender”, “Gave you my heart” en “Mini skirt” om het feestje compleet te maken. Als afsluiter kregen we dan wel weer de vette knipoog zelfrelativering tijdens het nummer “Bigger than kiss” terwijl er pinhead-gewijs een gemaskerde skater het podium kwam opdraven met een bord waarop “Thank you” geschreven stond.

Op het tweede ingrediënt van de Volbeat-cocktail was het niet lang wachten. De power-metal uit Florida mocht immers plaats nemen voor de witte doeken aan de linkerkant van het podium op een strook van 2m diepte. Iced Earth opende met het krachtige “Plagues of Babylon” niet toevallig ook de naam van deze Europese toernee. Na de steeds geslaagde passages op Graspop (2008/2011 en 2013) stelden zij vanavond ook weer niet teleur en is dit een goede opwarmer voor de show in Antwerpen samen met Warbringer in januari volgend jaar. Hopelijk word ik dan wel minder afgeleid door de vele sms’en waarin gevraagd werd of ik ook op optreden Volbeat zat en waardoor ik toch een aantal elementen gemist heb. En ook de traditionele lange wachttijden aan de bar om een pint te gaan halen, zijn nu niet echt bevorderend voor een bewust bijwonen van een optreden. Juist op tijd terug voor de zelf-getitelde song “Iced Earth” waarmee de show dan ook onherroepelijk afgesloten werd en er letterlijk een doek viel voor Iced Earth.

Op dat doek pronkte een reuze afbeelding van de Volbeat-skull met een cowboy hoed en een tri-colore bandietenmasker. Kwestie van in de sfeer van het vijfde studio-album te blijven zullen ze in Denemarken gedacht hebben. “Outlaw gentlemen and shady ladies” barst dan ook niet voor niets uit in het bezingen van de meest legendarische wild-west-figuren als Doc Holiday, Lola Montez, Pearl Hart en Black Bart.   

Rond 21u verscheen er voor dat zelfde doek een cowboy met banjo die de openingstune inzette van wat een geslaagd optreden zou worden. Toen bij het eerste akkoord van “Doc Holiday” het doek wegviel, waande iedereen zich dan ook direct in een typisch cowboy-mijnstadje compleet met galgen, grafzerken en  ijzeren tralies. De toon was gezet!
Wat volgde was voor mij als fan van het eerste uur geen verrassing. Het beukende “Hallelujah Goat”, het zalige “Radio girl” en de titelsong van het derde album “Guitar gangsters and cadillac blood” werden naadloos en vrij automatisch aan elkaar geregen. Het flirten met “The ring of fire” van bad-ass country-legende Johnny Cash zet zoals altijd “Sad man’s tongue” in wat dan ook steevast uitbarst in één deinende mensenmassa met boven de hoofden de obligate crowdsurfers. Om niemand een uitvlucht te gunnen om zich niet helemaal te smijten, werd “Lola Montez” maar direct aansluitend op de setlist geplaatst. Het publiek brulde lekker mee en we voelden inderdaad het vuur bij het langskomen van deze sensuele dame. Letterlijk en figuurlijk vuurwerk zowel op als voor het podium.
En dan komt er toch dat gevoel de kop opsteken dat zich afvraagt waar het echte authentieke en passionele is gebleven bij Michael. Soms lijkt het me alsof hij het meer voor zichzelf doet dan voor de fans. Iets wat ik tot voor de StuBru-hype nooit gemerkt had en hoop dat ik me hierin vergis. Maar hij draagt dan ook de sheriff-ster op het podium en tijdens het akoestische inleidend stukje van “The garden’s tale” vraag ik me toch stilletjes af of dat niet aan de oorzaak ligt van het vertrek van Thomas Bredahl…
Nochtans doet ex-Anthrax gitarist (en producer) Rob Caggiano zijn uiterste best om zich volledig te geven op het podium. Plezier schijnt hij er alleszins aan te beleven, want de prijs voor de breedste grijns haalt hij zonder veel moeite binnen. Bovendien zorgt deze Amerikaanse alliantie mogelijks tot een nog groter worden in de USA, een ambitie die Volbeat nooit onder stoelen of banken gestoken heeft en mede mogelijk gemaakt door het touren met Metallica.
Voor het eerst dweepte Volbeat  echter niet met een snippet van James en Lars, maar wel eentje van de Engelse metal-goden Iron Maiden. Zouden we ons mogen verwachten aan een Maiden-tour samen met Volbeat? Of zou het een eerste hint zijn dat ze volgende zomer in de Desselse achtertuin van Harris en Dickinson komen spelen?
Vuur was er alleszins wel letterlijk op het podium, want tijdens de volgende nummers (waaronder “A moment forever” en  “Fallen” ) zorgden de pyrotechnics  voor een prachtig visueel spektakel. Neem hier de tot crowdsurfen aangespoorde dames bij tijdens het nummer “my body” en we kwamen ogen tekort.

Vrij abrupt kwam er met “Still counting” een einde aan de show en niet met “Thanks” het door de sound van hun openers  geïnspireerde nummer waarmee Volbeat ons vroeger bedankte. Inderdaad, ik blijf mezelf toch fan noemen tot wanneer ik wakker schiet en in het vuil zal bijten mocht blijken dat mijn vertrouwen werd geschonden door een op rockster-status beluste posse.

Neem gerust een kijkje naar de pics
Iced Earth - http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4286
Volbeat - http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4287

Organisatie: Live Nation

Deafheaven

Deafheaven – Oorverdovende schoonheid

Geschreven door

Deafheaven leverde dit jaar met ‘Sunbather’ een beest van een plaat af. De verschroeiende blackmetal met invloeden uit de postrock en shoegaze bekoorde een breder publiek dan verwacht, en kreeg overal uitstekende recensies. Echte black metal puristen haakten wellicht al af bij het zien van de roze hoes, maar Deafheaven bewees met ‘Sunbather’ wel dat de muziek van tegenwoordig niet meer in vakjes te steken is.

In De Kreun kregen we eerst de shoegazers van Weekend voorgeschoteld. Ondanks de noisy aanpak kwamen de melodieën steeds goed uit de verf, en zaten de nummers simpelweg uitstekend in elkaar. Helaas was de muziek verre van origineel,  en musiceerde de band wel heel erg volgens het boekje.

Bij Deafheaven werd het geluid nog wat meer opgeschroefd. Zoals het hoort, want de muziek van de band klinkt nog monumentaler met de volumeknop op 10. De groep opende net als op hun laatste plaat met “Dream House”, een kathedraal van een nummer vol met blastbeats en indrukwekkende gitaarmuren. Zanger George Clark oogde nogal theatraal, maar met zijn hysterische geschreeuw bezorgde hij vanaf de eerste minuut het publiek torenhoog kippenvel. Ondanks dat de nummers van Deafheaven zo overweldigend zijn en veel black metal invloeden bevatten, was het toch heerlijk wegdromen op de melodieën. Zo was het fenomenaal hoe de band in “Dream House” haast achteloos met de dynamiek speelde en de luisteraar overspoelde met tempowisselingen en een vloedgolf aan emoties.  Met de laatste twee nummers geraakte het optreden - ondanks de fenomenale start – nog in een extra stroomversnelling. “Vertigo” en “The Pecan Tree” waren twee muzikale splinterbommen die een ongekende intensiteit bevatten. Van breekbare postrock schakelde de band over naar wervelende postmetal, en weer terug. De oerkreten van Clark gingen door merg en been en lieten je verdwaald en verdwaasd achter, ergens tussen wanhoop, woede, euforie en melancholie.

Deafheaven leverde een pracht van een optreden af, dat nog lang in ons geheugen gegrift zal blijven staan. De intensiteit lag live nog hoger dan op plaat, en na een uurtje waren wij zowel fysiek als mentaal helemaal op. De emotionele zeggingskracht van de band zorgde voor de nodige uppercuts en slokte ons helemaal op. Een optreden om nooit meer te vergeten.

Organisatie: Kreun, Kortrijk

The Dodos

The Dodos - En toen waren ze met drie

Geschreven door

Voorprogramma: Minou is een Frans drietal (1 vrouw, 2 mannen) die het op zijn Frans doet, namelijk in hun moedertaal. We krijgen een staaltje electropop voorgeschoteld die heel vlot in het oor kruipt en een stuk beter klinkt dan het fragment dat op de website stond. Na een eerste en tweede luisterbeurt was ik niet echt overtuigd. Maar live brengen ze het er een stuk beter van af. Blij om nog eens te horen wat voor goeds er allemaal in Frankrijk leeft. Ook het sappige Frans dat wordt gezongen doet goed. Mag bij ons ook wat meer op de voorgrond komen, want ‘nous sommes quand même tous des Européennes’. Ze bedienen zich van een elektronische drum, keyboards, basgitaar en elektronische gitaar, en dan vergeten we nog de samples. Ze zijn op hun best wanneer ze gitaren en drum bovenhalen, maar dat kan ook met persoonlijke smaak te maken hebben. Een aangename verrassing. Wanneer de gitarist enkele catchy riffs bovenhaalt gaan de handen op elkaar. Het publiek knikt instemmend mee.

The Dodos hebben al een stevige live reputatie opgebouwd, zij het dan wel in een zeer kleine nichemarkt. Toch was de prachtige zaal (een boot in het centrum van Lille) uitverkocht. The Dodos zag ik in een ver verleden al eens schitteren op Pukkelpop.
En aan het recept van toen is wel wat veranderd. Zo zijn ze niet langer met twee, maar is er een bandlid bijgekomen. Indierock blijft het evenwel. Het donkere van de begindagen is wel wat weg. Wat we nu krijgen is een stuk dansbaarder dan voorheen. We krijgen wat meer tijd om naar adem te happen. Maar het blijft wel stevig.
Het extra bandlid speelt geen bas, zoals initieel gedacht, maar haalt meestal een gitaar boven. Daardoor klinkt alles een stuk voller dan voorheen. Het lyrische stemgeluid breekt de stevigere stukken van de set en geeft ons de nodige ademruimte.
Wanneer het tempo wat naar beneden gaat, vult de stem het geheel aan. En wanneer de rest van de groep meezingt drijven we echt weg naar hogere sferen. De drummer zorgt, bij gebrek aan basgitaar, in zijn eentje voor het nodige ritme die de muziek voort stuwt en die blijkbaar aanstekelijk werkt op de heupen en het hoofd.
De speelse blikken, de lachjes en de knikjes die de bandleden onderling uitwisselen tonen aan dat ze met volle overtuiging spelen. En dat enthousiasme straalt ook af op het publiek.
De zanger behelpt zich in het Frans, wat zowel op jolijt als respect wordt onthaald door het publiek. Een mooie poging om het publiek voor hen te winnen, maar met de muziek alleen ging dit ook wel gelukt zijn. Maar het is een leuk toemaatje.
Waarom deze band door de mazen van het commerciële net glipt is voor mij de grote vraag. Zeker als je hoort welke andere bands wel een podium krijgen aangeboden om hun inspiratieloze muziek ten berde te brengen. Bij deze dus een oproep aan alle programmatoren: geef ook deze band eens een kans.
Bij het laatste nummer keren The Dodos terug naar de basis : 1 gitaar en 1 drum, om nog even iedereen eraan te herinneren hoe het vroeger klonk. Laat ons zeggen: minstens even goed.

Organisatie: Agauchedelalune, Lille

 

Parov Stelar

Parov Stelar Band - ‘Astrix en de Belgen’

Geschreven door

Een uitverkocht Koninklijk Circus stond paraat voor Parov Stelar, het alter ego van de Oostenrijker  Marcus Füreder.  Eerder dit jaar stond hij al op Pukkelpop, waar hij na zijn concert de hemel werd ingeprezen.  De man in kwestie had met zijn vorige plaat ‘Coco’ al vele heupen weten slijten en kwam in 2012 met een waardige opvolger: ‘The Princess’. Parov Stelar wist met zijn muziek een stempel te drukken op de ‘electroswing ‘en mag zelfs een pionier genoemd worden binnen het genre.

Het publiek  werd opgewarmd door Alex Ryba, de persoonlijke tour-dj van ‘The Parov Stelar Band’. Met fijne swingende beats zorgde hij ervoor dat de mensen zichzelf konden  betrappen op een lichaamsdeel dat meebewoog met zijn muziek. Helaas brandde tijdens het voorprogramma de grote verlichting nog op en de muziek stond relatief zacht. Hierdoor kreeg het voorprogramma meer de vorm van een receptie dan van een echte show. Het was duidelijk: de echte dansmoves moesten gespaard worden voor het hoofdprogramma!

Lichten uit, spots aan! We verwachtten een band die opkomt, maar werden verrast met een klein filmfragment waarin The Princess wazig in beeld kwam. Het retrokantje van deze projectie schiep direct een ‘Oh Yeah’-sfeer bij het publiek. Symbolisch want dit was ook het nummer waarmee ze het concert openden.  Één voor één verschenen de bandleden op het podium met als laatste Parov Stelar. Een stevige beat opende het evenement en de zangeres, Cleo Panther, riep het publiek toe. Alle handen gingen de lucht in en toen de vierde maat sloeg, kregen we een explosie van live-sounds. De bassist, drummer, saxofonist en een schuiftrompettist  gaven direct van katoen en de toon was gezet! De blazers waren samen met de zangers de grote showelementen van het gebeuren. De blazers daagden elkaar regelmatig uit voor jam-battles  en de zangers wist de show aan elkaar te praten. Dit gebeurde helaas ten koste van de drummer en de bassist die ik graag wat meer had horen soleren.  

De sfeer op en naast het podium was top. Het publiek was mee, danste voluit en onthaalde ieder nummer met veel enthousiasme. De hoogtepunten kwamen vanzelfsprekend bij toppers als “Catgroove”, “Homesick, Jimmy’s Gang”, “Mojo Radio” en “The Phantom 1930 version”, waarbij de band niet te stoppen was.
Éénmaal nam de master himself het woord. Voor hij dit deed, nam hij een grote slok van zijn blikje Jupiler en zei: "Thank you all very much for this crazy evening!
I normally don’t prepare myself in a special way for a concert, but for you guys I’ve red a book. You know which? Asterix en de Belgen."

Parov Stelar live zien is echt wel een meerwaarde, vooral dankzij de live muzikanten die continu improviseren en de kleine extra’s die zijn toegevoegd aan de nummers. Zo kreeg het instrumentale nummer “Catgroove” een vocal. Ik hou liever van het originele, maar het publiek leek het wel te pruimen.

Setlist:
Oh Yeah, Booty Swing, Libella Swing, Sally’s Dance, Catgroove, Homesick, Fleur de Lille, The Phantom 1930 Version, Baska Brother, Jimmy’s Gang, Invisible Girl, Mojo Radio Gang, La Fete, All Night.
Bis: Golden Boy, Mathilda, Monster

Organisatie: Live Nation

Austra

Austra – Een volwassen, gerijpte indruk

Geschreven door

Het Canadese Austra van songschrijfster/zangeres Katie Stelmanis heeft al twee fijne platen uit, hypnotiserende etherische electropopdance , met ‘Feel it break’, hun debuut dat speels , onbevangen ,opwindend klinkt , en de onlangs verschenen ‘Olympia’ dat volwassener, breder en ingenomener is .

De groep zit zeker niet stil en waren al een paar keer in ons land te zien . Een onuitwisbare indruk lieten ze bij hun debuut na met sterke optredens op Leffingeleuren, waar we de band leerden kennen , en dan verder in het clubcircuit . Een bedwelmende , bezwerende , dansbare trip , aangevuld met wereldse tribal sounds, beats en percussie , die prikkelden en het geheel kleurden!
Juni ll stelden ze het nieuwere werk al voor en die indruk kon je vanavond doortrekken: de set was dromerig , zweverig en de repeterende hypnotiserende ijle elektronica had een freefolky ondertoon op z’n Cocorosies , met de indringende , hoge, klassieke geschoolde (opera) stem van Stelmanis. Op die manier was het een uiterst genietbare trip en werden de dansspieren minder aangesproken; minder opzwepende , bedwelmende trance, vibes en dynamiek dus. Naast deze muzikale leemte was er ook de afwezigheid van twee danseressen , die de temperatuur vroeger deden stijgen .

Het decor was alvast mooi ingericht met allerhande parasollichtjes en op het achterplan werden mooie landschappen geprojecteerd . Het licht was soberder, donkerder en intiemer.

We hadden een licht groovende luistertrip, die eerder linkte aan de set van Bat For Lashes én ja , opnieuw Cocorosie. “Painful like” en “Forgive me”, twee sterke songs van ‘Olympia’ zaten al vroeg in de set , en ergens hoorden we de ritmiek van “Running up that hill” van Kate Bush. We ontdekten muzikale schoonheid en finesse en dan kwam je uit op “Home” en “Reconcile” , die het songschrijverstalent beklemtoonden en ergens een Dead Can Dance sfeertje ademden.
En toch misten we die push van percussie en tribalritmes van vroeger , die live het materiaal wat meer dynamiek en enthousiasme kunnen bezorgen . Het was allemaal wat gewoontjes, vertrouwd en op automatische piloot . Stelmanis was introverter en hitste de menigte niet echt meer op .
Het bruiste meer naar het einde ; de opwinding, de grooves , de vibes en de beats kregen we met “Lose it” en “Beat & the pulse”, een sterke finalereeks,  die trouwens de doorbraak betekenden van het kwartet. Een frisse opsmuk dus, die sterk werd onthaald en de zaal in beweging bracht .
Ook toen in de bis “Spellwork” werd ingezet, konden we lekker heupwiegen; met het etherisch klankenspectrum van “Hurt me now” werd de set na nog geen uur overtuigend besloten.

Dat onschuldige , spring-in-t-veld en  sprookjesachtige geluid is nu meer verdrongen . De speelsheid heeft plaats gemaakt voor een rijpere Austra !

Neem gerust een kijkje naar de pics
Crime - http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4272
Austra - http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4271

Organisatie: Botanique , Brussel

Pagina 231 van 386