logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_14
The Wolf Banes ...

Sleepy Sun

Een double-bill op z’n plaats - Sleepy Sun - Shellac

Geschreven door

Een double-bill op z’n plaats - Sleepy Sun - Shellac
Shellac, Sleepy Sun en Helen Money


De bekende producer Steve Albini, 50 intussen,  stond als producer al in voor materiaal van Nirvana, Pixies, Slint, PJ Harvey, Low , Joanna Newsom en ga zo maar door . Met z’n eigen band Shellac is hij al twintig jaar bezig, en heeft tot nu toe vier cd’s uit, twee in de jaren ’90 ‘At action parc’ , ‘Terraform’, en twee tussen 2000 en 2010 , ‘1000 Hurts’ en ‘Excellent Italian Greyhound’.
Vanavond hoorden we een synthese en kregen we ook wat nieuw materiaal te horen van de op stapel liggende , gedoopte en ooit te verschijnen ‘Dude incredible’ , vijf jaar na ‘Excellent Italian Greyhound’.
Albini was midden de jaren ’80 spil van Big Black, gegroeid uit de hardcore noiserockscène, en die strakke, rammelende, nerveuze noisy rock hoor je nog steeds in Shellac: de  rauwe, scherpe, metaal achtig gitaarklank van Albini h!imself, een soort ‘prikkeldraadgitaarklank’, waarbij de gitaar strak om de lenden is gespannen , de gortdroge powerdrums van Trainer op een eenvoudig opgestelde ‘Dead Moon’ drum, en de grommende, diep dreunende en repeterende bas van Weston .
Gewoontetrouw staan ze dicht bij elkaar op 1 lijn opgesteld.  Het trio, nog steeds in dezelfde vaste bezetting, is enorm op elkaar ingespeeld ; één blik naar elkaar is de geleider om er stevig tegenaan te gaan. De songs kunnen een lange intro hebben, zijn gedreven, hard en vol haakse, vreemde en verrassende, onverwachtse wendingen;  ze kunnen losbarsten en exploderen!
Bij Shellac, die alle promo en publi afweert,  draait het hier simpelweg om de sound , inpluggen om de  power en oerkracht te laten tellen! Een dimmend wit licht schijnt over de drie:
… Altijd wel iets unieks dus om hen aan het werk te zien: Albini’s rauwe, onvaste zegzang en mans unieke gitaarspel, waarbij de snaren stevig worden gespannen; bassist Weston , die een vragenrondje inlast, en een drummer die er deftig op losslaat. Er is de ietwat absurde humor en een beetje zottigheid om hun noisetrip wat te doorbreken en te relativeren .
Een verrukkelijke muzikale belevenis is en blijft het, wat het trio op de bühne presteert .
In de anderhalf uur durende set selecteerden ze “Wait a minute”, “Crow”, “Copper”, “Canada”, “Prayer of God”, “Boycot”, “Squirrel song”, “Spoke” en “Steady as he goes”.  Een lang uitgesponnen en tot op het been uitgemergelde huiverende “End of the radio”  van de laatste cd liet ons verweesd achter …, een song die Joy Division’s Ian Curtis deed opborrelen … ). Geen veranderde aanpak noteerden we bij de handvol nieuwe songs .
Shellac is electricity! En Albini mag dan een groots artiest en producer zijn ,  hij bergt met de twee anderen zelf z’n materiaal op … Respect!

Uit San Franscisco is Sleepy Sun afkomstig . In 2009 vielen zij op met furieuze en dromerige trippende retrorock , die naast geestesgenoten Black Mountain en Black Angels kon geplaatst worden . Het vertrek van Rachel Williams liet z’n sporen na , maar de band rond Bret Constantino is er nu terug bij en heeft na ‘Embrace’ en Fever’, met ‘Spine Hits’ een toegankelijk, melodieus, pakkend en gepolijster album uit, met meer symfonische folky tunes en een goed uitgebalanceerde zang. Minder zinderend en zweverig misschien, maar net als Soundgarden , steeds bezwerend.
Een uur dik boeiden ze met hun afwisselende aanpak; een handvol songs als “New age”, “Wild machines” en “Martyr’s mantra” werden op stoner-achtige wijze opengetrokken!

Helen Money opende de avond en  zij ging de strijd met haar cello; minimal drones, pedaaleffects, elektronica en beats vulden aan . Als geen ander verkende zij alle mogelijkheden van haar instrument en wat ze allemaal creëerde van sounds op het podium wekte bewondering op .

Organisatie: Heartbreaktunes ( ism Trix , Antwerpen)

Sleep

Sleep serveert een meeslepende, intergalactische - in doommetal gedrenkte - stonertrip

Geschreven door

Op Pinksteren – de dag van de uitstorting van de Heilige Geest – trokken we richting Antwerpen om er de ultieme stonerband Sleep aan het werk te zien. We hadden het fenomenale optreden van iets meer dan een maand geleden in zaal O13 in Tilburg tijdens het Roadburnfestival nog vers in de trommelvliezen hangen. Achteraf verklaarde bassist Al Cisneros dat hij dit “het beste Sleepconcert ooit” vond. Ook het publiek kon er niet over zwijgen en Sleep werd naast Yob toen hét gespreksonderwerp en hét hoogtepunt van het festival. Benieuwd of ze ook deze keer deze status konden aanhouden.

Sleep bracht voor de gelegenheid 3 supportacts met zich mee. We konden de psychedelische doom van het uit San Francisco afkomstige Jex Thoth wel smaken. Zangeres Jessica “Jex” Thoth kan je nog het best vergelijken met Grace Slick van het eveneens uit SF afkomstige Jefferson Airplane en ook muzikaal is Jex Thoth aan deze legendarische psychedelische rockband schatplichtig.

Harvey Milk uit Athens, Georgia bracht hun experimentele noiserock en sludgemetal met verve. Melvins zijn nooit veraf en het is dan ook hun grote voorbeeld. Ooit hadden ze trouwens ex-Melvin Joe Preston in hun rangen. Gehoord en goedgekeurd.

A Storm of Light gooide het roer over naar de post-doommetal-rock hoek. Krachtige beelden op het achtergronddoek (zanger/gitarist Josh Graham deed vroeger de visuals voor Neurosis) versterkten alleen maar de hevige postrock van deze uit Brooklyn afkomstige band. Hun sound deed nog het meest denken aan mengeling van Tool en Swans. Allemaal leuke opwarmers voor wat nog zou komen.


Iedereen kwam natuurlijk voor legende Sleep naar zaal Trix afgezakt. Getuige ook de bijna uitverkochte merchandise nog voor de eerste band de laatste noten op het publiek had losgelaten. De geremasterde versie van Sleeps magnum opus ‘Dopesmoker’ was al niet meer te krijgen op vinyl en alle bandshirts waren in een mum van tijd de deur uit. Het zijn dan ook gegeerde objecten voor het talrijk opgekomen Sleep legioen.
Een legioen dat rond de klok van tien, toen zijn helden het podium beklommen, een overdonderend applaus en gejoel vanuit de zaal het podium opblies. Gitarist Matt Pike gaf het publiek direct lik op stuk door de alomgekende beginriffs van “Dopesmoker” keihard aan te slaan op zijn trillende snaren. Dit met een ongekend volume waar je broek bijna van af zakte. Zijn broek ging trouwens ook – bouwvakkersgewijs – zeer laag onder zijn ontbloot bovenlijf met zijn door de jaren heen opgebouwde bierbuik. Na 2’40” vonden Al Cisneros (bas) en Jason Roeder (drums) het ‘solo-riffen’ van Pike welletjes geweest en ze kwamen nog meer power steken onder deze aanstekelijk opgebouwde song die in zijn geheel meer dan een uur duurt.
Sleep had echter besloten om hun set rond deze ‘Dopesmoker’ op te bouwen en laste na een half uur een pauze in en zette de rest van de song “on hold”. Een kleine intro (sic) dus. Het bijna 9 minuten durende“Holy Mountain” uit hun gelijknamige, door Billy Anderson geproduceerde, tweede album was aan de beurt. Oorverdovende riffs, ondersteund door een bombastische bas en gegeselde cimbalen en drums werden ons deel en je moest al sterk in je schoenen staan om in de frontlinie niet van je sokken te worden geblazen. Wat een orkaankracht produceerde deze ‘Heilige Drievuldigheid’ op deze sacrale dag.
Een iets stiller en trager gespeeld middengedeelte ontsproot naar het einde toe in een vulkaanuitbarsting van jewelste. Nog niet bekomen van deze krachtsexplosie kregen we titelsong “Dragonaut” in onze maag gesplitst. Naar onze mening één van hun beste songs en een kosmische intergalactische trip om U tegen te zeggen. Een zee van haar in de eerste rijen vol headbangende fans. Zowel mannen als vrouwen gingen volledig uit hun dak bij deze aanstekelijke stonermetal song. De tekst werd dan ook integraal meegezongen. Cisneros zong het ‘Ozzy-gewijs’ en als je je ogen dicht deed, waande je je op een concert van Black Sabbath begin de jaren 70. “Sonic Titan”, de tweede song op het ‘Dopesmoker’-album was een lawine van lawaai en een geseling voor gehoorgang en trommelvlies. Het werd een sonische overdosis aan heavyness. Hamer en aambeeld klopten overuren en de nekspieren stonden overspannen door het hevige geheadbang.
We kregen nog 3 songs uit het ‘Dopesmoker’ album: de uiterst trage en korte instrumentale song “Nain’s Baptism”, het opzwepende en loodzware “Aquarian” en de aanzwellende stonertrip “From Beyond”. Toen raapte Sleep de draad terug op waar het ons na 30’ uit onze “stonerslaap” wakker schudde bij de aanvang van hun concert: de pauzeknop werd losgelaten en we kregen nog een magistrale outro van een groot half uur, het laatste gedeelte van hun ‘Dopesmoker’-song.


Toen was het genoeg. En juist op tijd want onze oren werden er bijna afgeschroeid door zoveel sonische krachtpatserij op het podium. Dit wordt een concert dat nog lang in onze grijze hersenmassa zal opgeslagen blijven. Een muzikale oertrip met enkel hoogtepunten. Onvergetelijk ook het moment dat Tony Iommi op het doek achter drummer Roeder tussen twee songs door werd geprojecteerd en zowel Pike als Cisneros zich eerbiedig bogen naar Black Sabbaths ‘master of the riff’ die momenteel herstelt van kanker. Voor beiden hun held. Voor ons zijn Pike, Cisneros en Roeder de helden van de dag. Een concert om in te kaderen.

Organisatie: Heartbreaktunes ( i.s.m. Trix, Antwerpen)

Iceage

Iceage en Bear In Heaven - ikv Sinxen 2012, Kortrijk

Geschreven door

Iceage – Bear In Heaven
Kreun
Kortrijk
In het kader van Sinxen , een rock’n’roll festival van de Kreun tijdens de Sinksenkermis in Kortijk , was er van alles te beleven: fun, party, gezellig, druk, drank, zon, sfeer, muziek, cocktails, .... en een uitgelezen keuze aan ferme live bands. De zaterdag hadden we de ‘Sinxen hosted by Warriorz DJ’s’ , op pinksterzondag was er o.m. Iceage, Bear In Heaven, Spencer Krug's ‘Moonface’, Hong Kong Dong, en op pinkstermaandag kon je er terecht voor The Soft Moon, Forest Swords, Liturgy, Bass Drum Of Death en Ansatz Der Maschine.
We zakten even af op zondagavond om de talentvolle Bear In Heaven en Iceage aan het werk te zien.

Uit Brooklyn, NY is Bear In Heaven afkomstig en ze brengen een clash aan popstijlen samen, die gecategoriseerd wordt als chillwave, etherische popwave , die ‘70s prog, ‘80s industrialwave , ‘90s dream ‘shoegaze’ pop en de huidige punkfunk doet versmelten .  Het trio, al toe aan de derde cd , kan met de recente ‘I love you , It’s cool’ een doorbraak forceren. De songs hebben een bezwerende groove , slepende ritmes, zwellen aan , exploderen, spreken de dansspieren aan en worden gedragen door de dromerige, honingzoete stem van John Philpots. Ze zijn sterk op elkaar ingespeeld en zorgen voor flashy lights en een mistig rookgordijn in de zaal. De sfeer zat echt goed met songs als “The reflection is you” , “Lovesick teenagers” en “Sweetness & sickness”.

Iceage is één van de Deense undergroundrevelaties van 2011. Hun debuutplaat telt twaalf songs en duurt nog geen half uur . Bijna allemaal twee minuten songs binnen een postpunkkader , rauw , rammelend, noisy, wat ontstemd én met een laag feedback erover. Kort, krachtig, energiek en fel, tuimelend in een bed van Wire, Black Flag, de wave van Joy Division en de grunge van Nirvana .
De 20 jarige postpunkers hebben een ‘fuck-off’ mentaliteit als in de jongste jaren van Jesus & Mary Chain.  De band zette van bij de eerste noot de volumeknop helemaal open en blies een lawine aan gebrul en woede de zaal in. Het touren heeft hen intussen geleerd een minimum aan interactie met het publiek te respecteren! De pletwals van Iceage startte bijna met een volle zaal, maar na een paar songs was de helft weg , maar de zanger van het kwartet dweepte die andere helft op en die fans genoten van de amper van elkaar te onderscheiden nummers . Ergens hoorden we “You’re blessed” en “New brigade”, maar er zaten in hun half uur durende set ook een paar nieuwe songs , die in het verlengde zullen zijn van hun debuut .
Iceage was ongemeen hard , rauw en compromisloos, klonk ontstemd en ontregeld,  en liet het (overgebleven) publiek ietwat verweesd achter.  Dat was Sinxen kermis uit de versterkers van Iceage …

Organisatie: Kreun, Kortrijk (ikv Sinxen)  

Netsky

Netsky live staat ér …én heerst bescheiden …

Geschreven door

Je zal maar Boris Daenen heten, net je tienerjaren ontgroeid zijn, overvolle zalen platspelen in elke uithoek van de wereld en al een tweede full album uitbrengen op een label als News/Hospital Records. Het uiterst gewaardeerde Britse label Hospital Records uit de drum-'n-bassscene huisvest naast onze übergetalenteerde Netsky ook gevestigde grootheden als London Elektricity en High Contrast en heeft er mee voor gezorgd dat dit goudhaantje wereldwijde faam geniet. En niet onterecht! Met argusogen keken critici uit naar de opvolger van Netsky's titelloze debuutalbum. Deze werden dit weekend netjes de mond gesnoerd na een meer dan geslaagde, uitverkochte tweedaagse in de Brusselse AB.

Net als tien jaar terug lokken DnB-feestjes grappig genoeg nog steeds een tienerpubliek aan. Toch kwamen er ook heel wat drum-'n-bassfans van de eerste generatie opdagen voor deze wonderboy. Het verschil tussen Netsky en de drum-'n-bass van tien jaar terug is dat hij een breder publiek weet te bekoren met zijn melancholische synthmelodieën die net iets radiovriendelijker klinken dan tijdens de jaren '90. Anderzijds blijkt de combinatie van diepe bassen en beats nog steeds een uitstekend recept om een legertje 'DnB-warriors' zwetend te laten huppelen.
Het liveconcept met een buitengewone drummer als Michael Schack en Babl Keys aan de keyboards geven deze danceperformance alleen maar meer cachet. Boris zet er van meet af aan al meteen de beuk en de AB werd in een mum van tijd omgetoverd tot een broeierig hete sauna gevuld met zweterige (tiener)torso's die zich meermaals uitgelaten in een moshpit gooiden.
Klassiekers als “Iron Heart” en “Give & Take”  gooiden alleen maar olie op het vuur. Ook het materiaal van het nieuwe album moet niet inboeten aan kwaliteit. Met tracks als “Come Alive” en “Puppy” bevestigt Netsky meteen dat hij geen random eendagsvlieg is.

Over onze nationale drum-'n-basstrots bestaat geen enkele twijfel dat hij 'Hospital ’News’ waardig' is. Hij is niet langer het opkomende talent! Hij staat er en heerst bescheiden. ‘Netsky 2’, Liquid drum-'n-bass anno 2012, vanaf einde juni verkrijgbaar bij de betere platenboer.  Een niet te missen act op de komende zomerfestivals. Tot gauw Boris ...

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/netsky-26-05-2012/

+ van de try-out gig in de Nijdrop, Opwijk op 22 mei 2012
http://www.musiczine.net/nl/fotos/netsky-22-05-2012/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel  

White Denim

White Denim - Pretoogjes, open mond en stijve nek: allemaal de schuld van White Denim

Geschreven door

White Denim
Ancienne Belgique (Club)
De pret op Pukkelpop 2011 was weliswaar van korte duur, maar duurde uiteindelijk toch lang genoeg om één muzikale ontdekking op de Main Stage te noteren. Ergens vroeg in de middag op die tragische donderdag tekende het energieke viertal White Denim namelijk met de vingers in de neus voor het beste optreden van de dag, en bij uitbreiding, het festival. Op het eerste gehoor zou je dit in Austin, Texas residerend gezelschap gemakkelijkshalve als een retro band kunnen beschouwen, waarvan de leden te lang op een dieet van Allman Brothers Band en Wishbone Ash heeft geleefd. Wie het vorig jaar verschenen opus magnum ‘D’ voldoende luisterbeurten gunt ontdekt naast de onmiskenbare Southern rock feel echter ook verwijzingen naar folk, progrock, psychedelica en godbetert hier en daar zelfs een snuifje country. Hoe vernuftig dit album ook in elkaar steekt, White Denim is bovenal een band die je live moet gaan zien en wiens vibe tot diep in de onderbuik moet kunnen doordringen.

In een matig gevulde AB Club liet het Amerikaanse viertal alvast geen seconde onbenut om het opvallend jonge volkje te overtuigen van hun kunnen. Want als we eerlijk zijn, dan maalt volgens ons weinig of geen mens om de lyrics van White Denim. Nee, de ware aantrekkingskracht van de band zit hem ontegensprekelijk in de muzikale virtuositeit en het bijna atletisch vermogen waarmee de vier heren op elk nummer de spierballen laten rollen. In beste Allmann Brothers of Lynyrd Skynyrd traditie zijn de gitaren van frontman James Petralli en Austin Jenkins zo in elkaar verweven als betreft het één enkel instrument.
Daar waar hun illustere voorbeelden zich echter wel eens durven verliezen in oeverloze jamsessies, schakelt White Denim voortdurend in een hogere of lagere versnelling waardoor het geheel steeds strak, fris en absoluut niet retro klinkt. Het ruim 15 minuten durende openingssalvo waar verschillende nummers uit ‘D’ naadloos in elkaar overgingen liet het publiek op die manier al meteen naar adem happen.
Na een verschroeiend eerste half uur leek de AB Club wel omgetoverd tot een publieke sauna waar je het zweet zo van Petralli’s gitaar zag druipen. De goedlachse frontman blijkt naast een begenadigd gitarist ook een niet onverdienstelijke zanger, al werd zijn stem steevast ondergedompeld in een bad vol reverb en psychedelische echo’s. Tijdens het aan Eagles refererende “Is And Is And Is” en het countryriedeltje “Keys” liet White Denim zich even van zijn meest aaibare kant zien, maar die momenten van relatieve rust waren eerder schaars. Met de in een ijl tempo op elkaar volgende “It’s Him!” en “Burnished” deelde de groep vervolgens twee nieuwe uppercuts van formaat uit met drummer Josh Block in de hoofdrol. Elke vierkante centimeter van ’s mans compacte drumstel werd met achteloos gemak afgedroogd op een manier waar Triggerfinger’s Mario Goossens volgens ons enkel een natte droom aan over houdt.
De eclectische single “Drugs”, die door samenstellers van de Vlaamse radiozenders vakkundig uit de playlists is geweerd, werd tot op het eind van de set opgespaard. Aan de obligate bisnummers hadden Petralli en zijn kornuiten blijkbaar lak, want dat betekent nu éénmaal tijdsverlies. In plaats daarvan werd het anderhalf uur dat de groep van de AB kreeg toegemeten netjes in één lange ruk volgemaakt.

Eens buiten de muren van de snikhete AB Club werden we opgewacht door een horde Netsky fans die, afgaand op de lichtjes in hun pretoogjes, luttele meters verderop in de uitverkochte grote zaal van de AB net het optreden van hun leven hadden meegemaakt. Vermoedelijk vertelde onze blik iets gelijkaardigs over de doortocht van White Denim, en voeg daar gerust maar een open mond en een stijve nek aan toe.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Howler

Howler – rock’n’roll hart op de juiste plaats …

Geschreven door

Howler, Hong Kong Dong en Hooded Fang
Een beetje ongelukkig zat ons eigen Hong Kong Dong geprogrammeerd tussen de twee buitenlandse garage rockende bands Howler en Hooded Fang . Geen nood, ze kregen heel wat jonge fans in/rond Oostende en uit de eigen streek van Gent op de been. De familie Zeebroek van Kamagurka , Boris en Sarah Yu , hebben met Geoffrey Burton (ex- Arno) een vriend en begenadigd gitarist bij en samen met nog twee andere leden, brengen zij een zomerse cocktail van pop, rock, electro , disco en funk in een glamoureus kitsch pakje . En ze zijn niet vies om wat Oosterse muziek in dit concept. We dachten aan een rockende Scissor Sisters , die aanstekelijke muziek en jeugdig enthousiasme versmolten en hiermee een sterke live prestatie neerpenden . Opwindende muziek , leuke acts , synchrone danspasjes en bewegingen, interactie met het publiek én een Sarah die als een krolse kat zingend en gillend bezig was. Hong Kong Dong ging alvast niet onopgemerkt voorbij . Het van You tube geweerde oude “Lesbians are a boy’s best friend” hoorden we, naast een rits songs van hun debuut ‘Sweet sensations’  . Band vol optimisme en met een positive vibe!

Net vóór hen zagen we nog een paar nummers van het Canadese Hooded Fang van Daniel Lee , die op tour is met Howler. Een geheel van frisse, aanstekelijke, fijne garagepoprockende songs met een‘60-sixties zomers tintje door de roffelende , hitsende, lieflijke ritmes en de scherpe, rauwe gitaren met verrassende breaks.

Tot slot het Amerikaanse Howler uit Minneapolis, die debuteren met ‘America give up’ . Ze zijn intussen gereduceerd tot een kwartet en brachten  op compromisloze wijze in een 45 tal minuten opwindende , treffende ‘60s/70’s rock’n’roll à billy. Ze halen de mosterd bij The Ramones, The Shangri La’s, The Libertines, BRMC en The Strokes en een huidige link aan de Britse Vaccines is niet vreemd .
De songs werden in een sneltempo gespeeld en de zanger/gitarist Jordan Gatesmith onderhield het contact met z’n publiek en gooide er wat leuke anekdotes tegen aan. De band heeft alvast meer potentieel dan die doorbraaksingle “Back of yr neck“, die deels  verbleekte door songs als “Wailing“, “This one’s different” en “Beach sluts”, ophitsende, frisse, strak gedreven korte songs , die het moeten hebben van wat rommelig-, onstuimig- en slordigheid .
De jonge buffels van Howler speelden hun songs met een vurige intensiteit en hebben het rock’n’roll hart op de juiste plaats.

Organisatie: de Zwerver, Leffinge (Leffingeleuren)

Beach House

Beach House - Aardig toeven in een sfeervol strandhuis

Geschreven door

 

Terwijl iedereen zijn strandhuis opzocht aan de Belgische kust, wrongen wij ons op drukke banen om het onze in Kortrijk te vinden.  Geen zon of strand in De Kreun, maar wel droompop van de bovenste plank alsook twee (gelukkig voldoende bemande) togen. Opgetogenheid alom dus.

Porcelain Raft fungeerde als opwarmer. Erg moeilijk kan je die taak in deze tropische tijden niet noemen. Tot onze frustratie verkeren we niet in de mogelijkheid om over het bewuste voorprogramma iets meer te vertellen want door die vermaledijde Pinksterweekendfiles waren we te laat op post om ons eigen oordeel te kunnen vellen. Waarvoor onze excuses.

Gelukkig waren we wel present toen Beach House op het podium verscheen.  De avond stond in het teken van ‘Bloom’, hun vierde plaat en opvolger van het door velen eind 2010 in hun eindejaarslijstje geslingerde “Teen Dream”.
Het concert opent met “Wild” en daarmee wordt het publiek meteen ondergedompeld in de zalig ijle sfeer die Victoria Legrand en Alex Scally (aangevuld met drummer Daniel Franz) moeiteloos weten te creëren. Heel even worstelt de geluidsman nog wat met de juiste mix maar tegen “Walk in the Park” is dit euvel al lang hersteld en demonstreert de lichtman dat ook hij zijn steentje weet bij te dragen aan het totaalplaatje, iets wat hij tijdens “Norway” nog eens dik in de verf zet.
We zijn nog geen tien minuten ver maar zien letterlijk en figuurlijk al sterretjes. Wanneer “Other People”, “Lazuli”, “Gila” en “Equal Mind” (de b-kant van de blauwkleurige Record Store Day-single “Lazuli”) ietwat makke versies krijgen, beginnen we echter te vrezen dat de warmte het geheel op een lome bedoening zal doen uitdraaien.
Vanaf “The Hours” blijkt Beach House echter voldoende geacclimatiseerd om niet meer te hervallen in het gewoon afhaspelen van hun materiaal. Gedurende “Silver Soul” wanen we ons opnieuw in hemelse sferen, het ligt dan voor alle duidelijkheid echt niet meer alleen aan die kerel van de belichting dat we sterretjes zien.
Nadat Legrand vroeg wie er in 2007 bij was toen Beach House (samen met o.a. Bony King of Nowhere) concerteerde in de vroegere zaal van De Kreun, trakteert ze de deze keer bevoorrechte getuigen (want de zaal was lang op voorhand hopeloos uitverkocht)  op een zinderend “Zebra”. Ook het nieuwe “Wishes” is puur genieten, vooral als na een tweetal minuten Scally een heerlijke gitaarlick uit zijn mouwen schudt.
Niet enkel een deel van het publiek maar ook de groep zelf had waarschijnlijk te kampen met verkeersproblemen, dat leiden we althans af uit Legrands “I hope that all the people made it through the traffic”. Haar bezorgdheid benadrukt ze vervolgens met het mooie “Take Care”, één van de zes parels uit ‘Teen Dream’ die in De Kreun heropgevist worden. Daar waar “Myth” als opener op de nieuwe plaat prijkt, krijgt het live zijn rol als afsluiter van de reguliere set. Tot onze tevredenheid kreeg de gitaar van Alex Scally in de geluidsmix nu wel een meer prominente plaats toebedeeld, voor het overige wordt bij Beach House live vooral de synthesizer door de boxen gejaagd.
De obligate bisronde trapt af met “Turtle Island” (net als het eerder gebrachte “Gila” afkomstig van “Devotion”). Tijdens “10 Mile Stereo” dachten we opnieuw dat het geheel beter zou klinken als de gitaar in de mix wat meer naar voren zou komen, maar dat is misschien een puur persoonlijke voorkeur want rondom ons zagen we alleen maar gelukzalig glimlachende gezichten. Nadat Victoria Legrand de volledig tot de kook gebrachte zaal bedankte “for sweating with us tonight”, trok men in afsluiter “Irene” nog eens alle registers open om aldus een waardig punt te zetten achter een geslaagd optreden.  

Het blijkt dat Beach House door de jaren heen geëvolueerd is van een gammele constructie (herinner jullie bijvoorbeeld de krakkemikkige indruk die ze vier jaar terug gaven als voorprogramma van Fleet Foxes) naar een groep die er stilaan staat als een huis. Het is nog veel te vroeg om van een monument te spreken, maar het potentieel is er - getuige ‘Teen Dream’ en het prachtig gearrangeerde ‘Bloom’ - op plaat alleszins wel.
Als Alex Scally nu nog op tafel durft te kloppen met de eis om zijn heerlijke gitaarspel live niet te veel te bedelven onder de keyboards van Victoria Legrand, dan zien hen ook nog op het podium tot een absolute topper uitgroeien.
In De Kreun zagen we - alles in het acht genomen - geen verpletterend optreden. Het was echter wel aardig toeven in het strandhuis dat we aan de vooravond van de Sinxen-driedaagse geboekt hadden. Zeker goed genoeg alleszins om Beach House een volgende keer opnieuw een (hopelijk dan wel minder letterlijk) warm onthaal te gunnen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/beach-house-05-05-2012/

Organisatie: Kreun , Kortrijk

Blaudzun

Blaudzun – Groots muzikaal talent uit Nederland!

Geschreven door

De Nederlander Blaudzun aka Johannes Sigmond , overtuigt sterk met ‘Heavy flowers’ . Een handvol Nederlandse artiesten weten me nu écht te ontroeren , en daar behoort deze sing/songwriter, documentairemaker en wielerfanaat zeker bij , want hij schrijft klassesongs. Hij had eerder al twee platen uit en toerde vooral in eigen land met z’n broer en af en toe met band .
Een groots artiest in wording , die in ons landje amper heeft opgetreden (onlangs nog in de Vooruit café). Hij wenst hier ervaring op te doen, en in het najaar zal hij een heuse clubtour in ons landje ondernemen, o.m. Muziekodroom , AB; 4ad, Cactus, de Roma en Stuk . We waren alvast sterk onder de indruk, hij brengt 16 Horsepower, Grant Lee Buffalo en Clannad op één lijn door de innemende, opbouwende, broeierige songs, de emotievolle zang en de songteksten.

In de (vernieuwde) Nijdrop kwam hij met een heuse band aantreden , met zeven waren ze in totaal . De jonge Nand Baert lookalike (remember van Pool tot Evenaar) bracht op sober ingehouden wijze de songs , met een afgewogen rol voor de andere bandleden, of ze werden rijkelijker gearrangeerd met folky poptunes , waarbij ze naar een climax gingen door het bredere instrumentarium , alsof een Arcade Fire naast jou stond , met een ‘alles en nog wat ‘ instrumentenkeuze: banjo, mandoline, lapsteel, toetsen , ukelele, viool , accordeon en blazers . Ruim anderhalf uur behield hij de aandacht van het publiek en werd hij warm onthaald . Het deed Blaudzun en z’n band erg veel deugd .
Meteen werd van wal gestoken met die puike doorbraaksingle “Flame on my head”, die het sing/songwriterschap onderstreept . Een sterk op elkaar ingespeelde band speelde dan een broeierige “Who took the wheel” , en “We both know” explodeerde ergens halverwege . Drie knallers!
Ook in z’n stem stak hij voldoende afwisseling zoals op “Chant des Cigales” en “Wolf’s behind the glass” die eindigde op het getokkel op de ukelele .  De titelsong “Heavy flowers” had dan veel mee van het donkere, mysterieuze en mystieke van Wovenhand door de onheilspellende tokkels en de dwarrelende synths en accordeon . “Sunday punch” en “Jezebell” en een semi-akoestische “Street corner” raakten diep. “Quiet German girls” en “Sunshine parade” klonken  zwierig, dweepten met dubbele percussie en zetten aan tot handclaps . Een folky “Elephants” sloot de set af .
Blaudzun loodste ons moeiteloos door heen die bloedstollende pop. Hier werden ‘parels’ van nummers gespeeld. Majestueus, onthutsend en overrompelend!
De band won aan charisma en werd het podium op geroepen en speelde nog een paar sfeervolle songs o.m. de nieuwe single “Solar”, “Monday” en “Another ghost rocket”.

Een ‘wauw’ gevoel hielden we hier aan over . Hij komt deze zomer nog naar Festival  Dranouter en in het najaar moet je deze man  zeker checken in het clubcircuit die daar stond als een troubadour in een versleten ‘death to the pixies’ shirt, een zwart vestje en een amicale band als muzikaal vangnet .

Love Like Birds is het alter ego van de jonge sing/songschrijfster Elke De Mey, die net op StuBru de vi.be on air in de wacht sleepte . Haar intimistische, dromerige , breekbare songs ontroerden zowel solo als met de beperkte toevoeging van contrabas , drumtics en allerhande tierlantijntjes en geluidjes  . Heerlijk eerlijk materiaal , zowel van de EP als nummers die nog moeten verschijnen. Muzikaal en vocaal sterk gerespecteerd! De elegant gevoelige single “Heavy heart” werd op het einde gehouden .

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/blaudzun-24-05-2012/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/love-like-birds-24-05-2012/

Organisatie: Nijdrop, Opwijk

Pagina 271 van 386