logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
Epica - 18/01/2...

Midlake

Midlake – Muzikale Misviering volgens het evangelie van Midlake

Geschreven door

Twee uur lang werden we overspoeld door de retroBritfolk van het uitgebreide collectief Midlake uit Texas, onder Tim Smith. Het rootsrockende karakter van de vorige cd ‘The trials of van Occupanther’ mag dan op het achterplan zijn geraakt, een handvol songs van deze cd zaten mooi verweven binnen de setlist van de nieuwe songs op ‘The courage of others’ en vormden op die manier een aangename variant van het huidige Midlake recept. In de bijna uitverkochte grote Trix zaal vierde Midlake z’n eucharistie van dromerig, sfeervol vernuftig in elkaar gestoken neofolk. De uiterst subtiel gearrangeerde songs hebben een melancholische klankkleur door toetsen, dwarsfluiten en een ingehouden bezwerende drums, naast de vier gitaaropstelling en heerlijke zangstem van Smith, die ondersteund werd door de backgroundvocals van Eric Pulido.
Midlake heeft zich verdiept in de ‘70’s Britfolk van Fairport Convention, Steeleye Span en integreert invloeden van dezelfde geestesgenoten Focus (luister maar eens naar de flutes op de nummers), Pink Floyd (altijd al een voorname invloed voor Midlake!) en de bard Angelo Branduardi.
We konden ons net als Smith onmiddellijk neerploffen op de uiterst verzorgde en mooi uitgesponnen “Winter dies”. De daaropvolgende “The horn” en “Small mountain” vulden de gemoedelijkheid van hun stadsgeörienteerde folkrock aan. De nummers van de vorige cd klonken iets directer en zaten netjes verdeeld in het nieuwe materiaal. “Bandits”, vooraan in de set, de rustig sfeervolle, de dromerige retrorockers “Van Occupanther” en de single “Roscoe”, middenin de set, stortten ze in een genadeloze jam, en tot slot “Headhome” die overtuigend kon besluiten.
Tussenin was het genieten van het variërende aanbod van de warme luistersongs en de feeërieke droomwereld van Midlake, “The courage of others” door de meerstemmige zang, de flutes op “Fortune”, het zalvende ‘birds en the bees’ gevoel van “Rulers, ruling all thing”, “Bringdown”, de huidige single “Acts of man” en de forsere aanpak op “Children of the ground” en “Core of nature” die op het eind van de set werden gespeeld.
De groep was onder de indruk van de ruime belangstelling en de respons en bedankte dan ook uitgebreid z’n publiek. Na de voorstelling van het uitgebreide ensemble (btw met 7) en zes personen op één rij, werd op sobere, ingehouden wijze de set beëindigd met “Branches”, die een pakkende piano/gitaarsoli meekreeg.

Het harmonieuze samenspel, het verdiepen in de instrumentatie en de hemels heerlijk zang beroerde en ontroerde het publiek. Tja, dit leek wel een Crosby, Still, Nash x 2. Midlake heeft zo z’n eigen muzikale misviering. De foto van enkele groepsleden in habijt aan tafel, refererend aan de 12 apostelen tijdens het Laatste Avondmaal, versterkt dit idee maar.

Support The bear that wasn’t aka Nils Veresen trekt gedurende een jaar op de fiets (in oktober gestart) ons landje rond met z’n akoestische gitaar. Hij is graag uitgenodigd op een lokaal logeerpartijtje, houdt haltes in je living room, doet gewoon een parochiezaaltje aan of is te bewonderen met andere bands in het clubcircuit, solo of met andere muzikanten. Een jaar lang gratis leven, dat is zijn uitdaging. En dan is elke verdiende euro graag meegenomen. Verhalen kunnen vertellen en levenservaring opdoen, als inspiratie voor nieuw materiaal.
Songs van het debuut ‘And so it is morning dew ‘ bracht hij op akoestische gitaar; af en toe werd hij bijgestaan door een tweede gitarist. De puur oprechte en goudeerlijke fluisterliedjes straalden emotie uit, ergens tussen Elliott Smith, Tom Mc Rae en Tom Helsen. We koesterden alvast deze jonge gast met z’n dozijn slaapwelliedjes en de single “Headphones” als hoogtepunt.

Organisatie: Trix, Antwerpen

Zeni Geva

Zeni Geva - krachtvoer

Geschreven door

De Kreun in Kortrijk voegde vrijdag terug een ronkende naam uit het alternatieve circuit toe aan hun excellente programmering: het wist namelijk het Japanse 3-tal Zeni Geva te strikken voor een bezoek aan hun vernieuwde concertzaal.
Zeni Geva werkt momenteel een Europese tour af naar aanleiding van het begin dit jaar uitgebrachte ‘Alive and Rising’, een loeiharde live-cd die in september 2009 werd opgenomen tijdens twee concerten in Kyoto en Kobe. In tegenstelling tot Shrinebuilder, dat enkele dagen eerder geprogrammeerd stond in de Kreun maar jammer genoeg moest afzeggen wegens vastzitten in NYC door de IJslandse aswolk, waren de sympathieke Japanners gelukkig wel van de partij.
Zeni Geva, de vanuit Tokyo opererende favoriete groep van Steve Albini (Big Black, Shellac), is met de terugkeer van Tatsuya Yoshida op drums, brulboei Kazuyuki Kishino, ook gekend als KK NULL en Mitsuru Tabata (beiden op gitaar) opnieuw de strakke 3-eenheid van weleer. Opgericht in 1987 en meerdere bezettingswissels en 12 platen later - waarvan 5 geproducet door Albini en enkele releases via het platenlabel van Dead Kennedy’s Jello Biafra (Alternative Tentacles) - is Zeni Geva een gevestigde waarde in het alternatieve circuit.

Stipt om 20h15 trapte het Ierse Altar of Plagues de concertavond af met een dubbele bezetting op drums (naar analogie met hun voorbeeld Big Business – het project van Jared Warren en Coady Willis van Melvins) en brachten een stoner/sludge-set om U tegen te zeggen: knap werk!
Daarna was het de beurt aan het Franse Year of No Lights, dat een mengeling bracht van black metal, sludge en drone (op een bepaald moment deed de zanger me denken aan de te vroeg gestorven Chuck Schuldiner van de legendarische band Death). Beiden verdienstelijke bands dus, die het publiek opwarmden voor de hoofdact van de avond.

Zeni Geva nam van bij de start van hun optreden het publiek bij de keel en hield het meer dan een uur in een Japanse houdgreep. Een set, gevarieerder dan een Mangastrip en rauwer dan sushi, was wat volgde. Opener “Alienation”, gevolgd door “Disorganisation” en “Hate trader” - alle drie songs van het in 1995 uitgebrachte ‘Freedom Bondage’-album - zetten de toon van deze loeiharde avond.
Daarna lieten de Japanners, die ondertussen goed op dreef waren, achtereenvolgend “10,000 Light Years”, “Implosion”, “Blastsphere” en “Last Nano Second” op het reeds murw geslagen publiek los. Geen nanoseconde te verliezen, want daaropvolgend was het de beurt aan “Stigma”, de openingstrack van het door Steve Albini geproducete album ‘Desire for Agony’ uit 1993 om na nog twee songs uit het ‘Freedom Bondage’-album (de titeltrack en “Ground Zero”) te eindigen met het fantastische up-tempo “Autopsy Love” waar de 3 Japanners nog eens het onderste uit de kan haalden, het publiek verweesd achter latend! Geen verzoeknummers, encores of hoe je het ook wil noemen. Volumeknop op nul en versterkers uit. Take it or leave it!

Waren we nog maar pas bekomen van de uitbarsting van de Eyjafjallajökull-vulkaan en stonden we versteld van zoveel natuurgeweld, waardoor zelfs het Europese luchtruim voor een lange tijd plat lag, dan moest Zeni Geva daar met hun krachtige prog-hardcore set niet voor onder doen! De nieuwe Kreunzaal daverde nog lange tijd na op zijn grondvesten door deze overdonderende set en liet het publiek kreunend en met bloedende oren achter… als daar maar geen tinnitus van komt…

Organisatie: Kreun, Kortrijk

New York Dolls

The NYD - Nostalgische proto-punk

Geschreven door

Samen met The Stooges (die we vorige week nog magistraal aan het werk zagen in Lille, check het verslag op deze website) kunnen de NewYork Dolls aanzien worden als de ware voorvaders van de punk. Net als Iggy’s wilde bende speelden zij al punk van voor het woord werd uitgevonden. Daar waar The Stooges vooral rauwer waren, gingen de Dolls wat meer richting glamrock en soms ook zelfs 50’s bubblegum pop, maar de spirit en oerkracht van wat men later punk zou noemen zaten al duidelijk in hun muziek vervat. De platen ‘New York Dolls’ (1973) en ‘Too Much too soon’ (1974) zijn de mijlpalen die als vereeuwiging van The Dolls hun proto-punk in onze platenkast staan te pronken.

Op vandaag staan The New York Dolls er terug, weliswaar maar met twee originele bandleden (de rest is al lang het hoekje om), de graatmagere zanger David Johansen die zijn Mick Jagger allures nog niet is kwijtgespeeld en de immer fris ogende en uiterst sympathieke gitarist Sylvain Sylvain. Het zijn ook deze twee die vanavond de meeste aandacht naar zich toe trekken. Verder is de band aangevuld met een drietal jongere gasten die zich met gemak het nonchalante NYD imago aanmeten. De sound die het vijftal groep weet te brengen is fel, verbeten en straight to the bone. Volledig naar onze goesting, dus.
Onder de reünie bezetting hebben The Dolls trouwens al twee voortreffelijke platen opgenomen die live de nodige aandacht verdienen. Vooral de snelle en potige songs “Cause I sez so” en “Gotta get away from Tommy” beuken dat het een lust is. Ook de felle jungle rock van “Dance like a monkey” is hier welgekomen, alleen jammer dat The Dolls er geen “Stranded In The Jungle” aan koppelen, een song waar wij vergeefs de hele avond op zitten te wachten.
Van jungle rock gesproken, Met het heftige “Pills” wordt de erfenis van Bo Diddley in ere hersteld. De song wordt uitgebreid met flarden “Bo Diddley” en “Who Do you love” en mondt zo uit tot een knap eerbetoon aan de overleden bluespionier.
Ook The Dolls hun eigen punk-icoon Johny Thunders wordt geëerd in het knappe “You can’t put your arms around a memory” (Sylvain achter de micro) met daaraan een fraai “Lonely planet boy” geplakt.
Nog een hoop klassiekers : “Looking for a kiss” en “Private world” rammelen dat het een lust is, “Who are the mystery girls” is spits, fel en very punk, “Trash” is gloeiend heet en is middenin voorzien van de frisse reggae uitwaaier die het ook op de laatste plaat heeft meegekregen en “Personality Crisis” is de onvermijdelijke stomende genadestoot als afsluiter.

Het mocht van ons gerust iets meer zijn, want een hoop van onze NYD favorieten (“Frankenstein”, “Puss’n boots”, “Subway train”, “Chatterbox”,…) worden vanavond jammerlijk achterwege gelaten. Maar ja, wij zijn dan ook nooit content.
Uiteraard kan dit niet tippen aan die uitmuntende buffelstoot van een concert waarmee The Stooges ons vorige week overdonderden in Lille, maar qua oudjes die nog steeds geloofwaardig rock’n’roll plegen te spelen, kan dit ook wel tellen.

Organisatie: Depot, Leuven

The Van Jets

The Van Jets - fotoshoots

Geschreven door

Neem gerust een kijkje naar de pics + live foto’s …
The Van Jets kwamen hun nieuwe CD ‘Cat Fit Fury’ aan een volgelopen Depot presenteren. Vanaf het eerste nummer “Matador” zat de vlam erin. “Dancer” en “Down Below” zetten het forse tempo verder.
Doorheen het optreden waren de drums duidelijk een belangrijk deel waarbij basgitarist Frederik Tampere en zanger Johannes Verschaeve zelf even de daad bij het woord voegden en zelf de drumsticks in handen namen . Hier en daar werd er nog een nummer gespeeld uit hun vorige albums met “High Heels” en “Ricochet”.
Bij deze stevige set liet zanger Johannes het niet na om toch eens van het podium in de massa te springen waar hij na zijn gitaar solo zijn gitaar aan een dolgelukkige fan gaf.
Het uitbundig publiek en de vonkende Van Jets waren een geweldige combinatie. Het nummer “Onawa” sloot de puike performance van de hele band af.

Organisatie: Depot, Leuven

Rodrigo y Gabriela

Rodrigo Y Gabriela - “ Schrik voor verveling” of “ Een wervelwind van Flamenco tot Metal.”

Geschreven door

Vorst Nationaal, woensdagavond 21/4, gevuld met een breed, gemengd publiek. De Vulkanische stofwolk gooide even roet in het eten voor de metalfans van Alex Skolnick Trio. Het voorprogramma werd op het laatste moment afgelast omwille van problemen in het luchtverkeer. Weliswaar kregen Gabriela Y Rodrigo reeds om 20.30u carte blanche...en dat werd voor hun laatste Europese show van hun ‘11:11- tour’ enthousiast onthaald.

Van bij het begin werden we meegesleurd in een Mexicaanse wervelwind van bas- beats, flamenco- fantasieën, ondertonen van metal en dansbare Zuiderse lounge. De opzwepende melodieën en ritmes brachten de hele zaal in beweging en al snel dansten de (metal)fans, ouderen en zelfs kinderen mee op de zwoele ritmes van het Mexicaanse nachtleven.
Zo leek het als het ware...de eenvoudige set gaf een beeld weer van de donkere straten aldaar met eenvoudige straatlantaarns. Al leek het enkele nummers later alsof we live naar een oude zwart-witfilm keken, waarin Rodrigo Y Gabriela de hoofdrol speelden.
De achtergrondbeelden zorgden voor een discrete dimentie in hun show. Was het niet dat Rodrigo interacteerde met het publiek, was het Gabriela die haar muzikale charmes bovenhaalde met haar vingervlugge muzikale talenten.
De verrassende ritmes en frivole klanken die het duo uit hun gitaren toverden klonken als didgeridoos, scratchen van dj’s, gedempte trompetten, schreeuwende elektrische gitaren. Een gitaar leek plots meer te zijn.

Een avond vol muzikale variatie, voor elk wat wils en geenszins neiging tot verveling. Het duo bracht aaneensluitend nummers uit hun 3 albums. De invloeden van Metallica, Pink Floyd, wereldmuziek, ...zorgden voor een verrassend klankenpalet waarbij het verleidingsspel tussen de ritmische klanken van de beide gitaren groeide tot inspelen op en tegen elkaar... Hun nieuwe album scoorde!
Voor wie zelf het vingervlugge tokkelen wil proberen. Rodrigo y Gabriela plaatsten onlangs videotutorials op hun website:  http://www.rodgab.com/videos_tutorials.html.

Organisatie: Live Nation

Admiral Freebee

Admiral Freebee - fotoshoots

Geschreven door

Neem gerust een kijkje naar de pics – live foto’s …
Admiral Freebee deed ook Leuven aan voor het voorstelling van zijn vierde CD ‘The Honey & The Knife’. Het Depot liep vol en iedereen had er zin in én den Admiraal duidelijk ook… Het werd een afwisselende set met nieuwe nummers zoals “The art of walking away “en “Always on the run” en oudere hits als “Einstein Brain”. Bij “Admiral for President” zong het ganse publiek het refrein mee; ook de nieuwe songs werden uitstekend onthaald.
De band had alles van zich gegeven en dit apprecieerde de fans duidelijk, niet 1 maar 2 bisnummertjes werden er gespeeld waarna iedereen tevreden terug naar huis keerde …

Organisatie: Depot, Leuven

Mumford & Sons

Mumford & Sons: speelse, frisse dynamiek

Geschreven door

Het concert van het uiterst sympathieke neofolky ensemble Mumford & Sons was in een mum van tijd uitverkocht in de AB. Tja, de ongelukkigen zaten wat op z’n honger en zaten te zoeken waar het kwartet nog zou optreden. En dan, een geschenk uit de hemel. Tijdens hun Europese tour hielden ze halt voor een paar concerten in Frankrijk en deden ze het even leuke zaaltje Grand Mix in Noord-Frankrijk aan.
Resultaat: drie vierden van de zaal werd overspoeld door Vlamingen die toch nog één van hun favoriete bands aan het werk kon zien en de afstand naar Brussel niet moest trotseren. Dit aspect hadden band als organisatie ook gezien, want de band besefte maar al te goed dat ze in Frankrijk nog hun sporen moest verdienen, maar dat de Belgen duidelijk vielen voor die country/americana, folkpop en bluegrass. Hun drie singles “Little lion man”, “Winter winds” en “The cave” zijn niet weg te branden uit de hitparade.
Even waande ik me op één van de kasseistroken van Paris – Roubaix door de massastroom aan Vlamingen. Dat het concert uitverkocht was, was alvast mooi meegenomen voor de organisatie, die op die manier (nogmaals) aantoont dat er in Noord-Frankrijk (muzikaal) veel te beleven valt …

Mumford & Sons … Het kwartet haalt de mosterd bij de songwriting van The Byrds, Fairport Convention, Leonard Cohen en Crosby, Stills, Nash, laat de retro van Kings Of Leon en de country/americanarock van Green On Red, Arcade Fire en Seasick Steve indringen. De band wordt gedragen door Marcus Mumford, de singer/gitarist/drummer. Hij wordt bijgestaan door Winston Marshall, banjo/dobro/zang, Ben Lovett, vocals/keys, en Ted Dwane, vocals/bassist.
Eén plaat hebben ze nog maar uit, maar ze staan er overduidelijk op een podium en zullen de komende festivalzomer vele zieltjes winnen. Ze hebben een forse stap voorwaarts gezet om een grootse band te worden, én ze genieten van het succesverhaal van vandaag … Anderhalf uur speelden ze een overtuigende set van aanstekelijke, speelse songs die een boeiende, broeierige opbouw hebben en voldoende afwisseling boden in de songstructuur. Ze praatten er zich wat uit in een soort brabbelFrans (op Marshall na!).
Het eerste half uur stonden ze netjes op een rij met akoestische gitaren, synths, contrabas, banjo, dobrogitaar en een bassdrum. Het was mooi om hen op die manier te zien, bepaald door de vocale stemmenpracht van de vier, die werd geleid door de indringende, gepassioneerde, overtuigende stem van Mumford. Tja, Local Natives, Megafaun, Grizzly Bear konden er wel een puntje aan zuigen.
De langzame start, de opbouw en de explosies van de songs intrigeerden. Elegant klonken de eerste songs “Sigh no more”, “Awake my soul”, “Roll away your stone” en “White blank page” met dit instrumentarium, die door het (krachtige) gitaargetokkel, de footsteps, de bassdrum en Mumfords vocals zeggingskracht hadden. Ze palmden moeiteloos de Vlamingen als de Noord-Fransen in en we smolten als sneeuw in de zon. “Untitled” legde de klemtoon op de vocale capaciteit van de vier en met “Little lion man”, middenin de set, bereikten ze een hoogtepunt. Termen als emotionele diepgang, schoonheid en kracht zijn hier op hun plaats. De folky stijl ging richting poprock op het nieuwe “Lover polite” en “Thistle en weeds”. Mumford toonde aan van vele markten thuis te zijn, want hier speelde hij drums én nam hij de leadvocals op zich …En dan gingen ze terug ‘back to basics’. Johnny Flynn vervoegde op “Winter winds” de band op trompet. Het speels ontspannende lentegevoel hielden ze aan met de huidige single “The cave, die middenin explodeerde, en een snedig, krachtige “Dustbowl dance”, waarbij ze totaal loos gingen op hun instrumenten. Een verbluffende finalereeks, die toonde wat de band in z’n mars had en hoe sterk ze er wel staan als band. Broeierig, bezwerend, zwierig en leuk … Het enthousiasme droop er van af.
En voor de laatste maal knoopten we de rockende folktoon goed in de oren met “I gave you all” en het afsluitende “Whispers”.

De speelse, frisse dynamiek, het gevarieerde geluid en de charisma van de band zijn troeven die Mumford & Sons een ontdekking meer dan waard zijn.

De support Johnny Flynn en z’n band waren de ideale geleider op Mumford & Sons. Ze leunden aan hun muzikale stijl, wisselden sfeervoller met krachtiger voer af, lieten dobro en viool doorklinken en gaven het gevoel weer dat de boeren hebben na het binnenhalen van de oogst: feestje bouwen of even mijmeren aan een  kampvuur met een …

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

Chapel Club

Chapel Club: Hype uit de UK - kort, krachtig, beloftevol

Geschreven door

Sinds een tijdje organiseert de Brusselse Botanique onder de noemer ‘New Talents, Cool Prices!’ optredens van bands die het waarschijnlijk zullen maken, en dit zoals we van ze gewoon zijn aan zeer scherpe prijzen.
Het definieert meteen de geest van Botanique die zich reeds meer dan een decennia zonder schaamte de alternatieve rocktempel van België mag noemen want het aantal groepen die hier hebben gespeeld en nu op een overvolle weide te bewonderen zijn, is ontelbaar geworden.
Dinsdag 20 april viel de keuze op de Engelse Chapel Club, een groep die nota bene nog hun debuutcd ‘Oh Maybe’ op de markt moeten uitbrengen maar nu al door de Britse pers als absoluut heilig beschouwd wordt. Dat enthousiasme is deels te verklaren door het feit dat de Britse pers nu eenmaal werkt via hypes maar een andere verklaring heeft natuurlijk ook alles te maken met de terugkeer van de shoegazescene.
Voor de oudere lezers (niet daar iets mis met is want ondergetekende kan ook al aankijken op een grijze baard) zal dit zeker een belletje doen rinkelen, maar voor de jongere lezers misschien een woordje uitleg.
De shoegazescene ontstond zo’n 20 jaar geleden wanneer groepjes zoals Slowdive, Ride, Moose, My Bloody Valentine, Chapterhouse of The Telescopes het gitaargeluid van Jesus & The Mary Chain en Cocteau Twins herontdekt hadden. De meeste van die groepen brachten het meestal niet verder dan een memorabele lp maar niemand kan de impact van deze muziekbeweging ontkennen.
Deze scene die zo genoemd werd door een Britse journalist omdat die groepjes altijd naar hun schoenen staarden, werd een halt toegeroepen door ene Kurt Cobain die plots van Seattle het Mekka van de alternatieve muziek maakte.
De tijden veranderen zong Bob Dylan ooit en in het geval van de shoegazescene had hij nog gelijk ook want 20 jaar later is er plots in het land dat de shoegazescene doodde, Amerika dus, een ware shoegaze-boom aan de gang. Groepen als A Place To Bury Strangers of Veil Veil Vanish teren voort op de noisegitaren van Slowdive en Jesus & The Mary Chain en worden nu door de pers als de nieuwe gitaargoden ontvangen.

England kon ook niet wegblijven en na de opmerkelijke entree van The Big Pink is er dus nu Chapel Club uit Londen die hetzelfde truukje uithalen. Chapel Club is een groep uit de My Space-generatie, zoveel is duidelijk.
Ze zijn niet uniek, ze hebben gewoon het uniek geluk dat zij het winnende lot waren.
De pers overtuigen is een gave, maar het publiek in België overtuigen moet nog moeilijker zijn want ondanks het feit dat zij aangekondigd waren als de nieuwe Joy Division of de opvolgers van The Smiths (origineel in woorden is de Britse pers nooit geweest) kwamen hier maar zo’n 50 tal Belgen voor opdagen. Een blik op de setlist leerde ons vrij vlug dat deze groep ons 7 nummers zou brengen. Maar, en laten we daar maar meteen eerlijk over zijn…het waren 7 nummers die konden tellen en ook al gaat de groep nu al gebukt onder een vorm van arrogantie (had je iets anders verwacht van een Britse hype?) toch hebben ze een groepsgeluid die er staat. En trouwens, beter 7 goede nummers dan 14 slechte!
Van bij de opener “Surfacing” zagen we niet alleen piepjonge smoeltjes van de Londenaars maar ook een blik die een kruising uitstraalde tussen twijfel en arrogantie.
“Bonsoir” zei zanger Lewis Bowman en meteen verschool de band zich achter een geluidsmuur van gitaartjes die je doen zweven, de zang onverstaanbaar maken maar ook ons even deed terugtuimelen in de tijd want hoewel ik vanaf het eerste moment tot het laatste moment genoot, had ik toch het gevoel dat ik ergens in 1991 naar Ride stond te staren.
Deze heren hebben overduidelijk talent maar hebben ook ontegensprekelijk het geluk dat de pers besloten heeft om in 2010 een shoegazerevival te organiseren want dit geluid zou tien jaar zeker weg gelachen zijn door diezelfde pers die toen zijn heil zag in post-grungegroepen.
En is Chapel Club nu de nieuwe Joy Division?
U kent het antwoord zonder het optreden te hebben gezien ook al deed de starende blik van zanger Lewis ons wel eens denken aan Ian Curtis. Na een dikke 35 minuten was het optreden afgelopen en na meer dan 25 jaar intens het Belgisch concertleven te hebben gevolgd moet dit, op Babybird na, misschien het kortste optreden dat ik ooit gezien heb, maar ik reed tevreden naar huis.
De toekomst had ik niet gezien, maar wel een verdomd goed groepje.

Organisatie: Botanique, Brussel

Pagina 325 van 386