logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
giaa_kavka_zapp...

Status Quo

Status Quo - 40 years of hits

Geschreven door

De inhoud en het aantal ‘hits’ op de website van MusicZine groeit gestadig. Je vindt er stilaan een massa nuttige informatie over concerten en nieuw uitgebracht werk op cd en dvd. De site is niet gespecialiseerd maar bestrijkt alle denkbare genres van de populaire muziek. Als nu de vaste recensent van hun afdeling ‘klassieke krakers’ bij zijn lief in Zweden zit, wil de hoofdredacteur de concertgangers toch plichtsgetrouw een verslag aanbieden. Daarvoor sprak hij mij als vervanger aan met de missie: ga op 10 juli naar het Status Quo -concert in het Kursaal in Oostende en schrijf om de liefde Gods iets voor die mensen… Ik durf zeggen dat ik vrij goed op de hoogte ben als het over Engelse bands gaat, maar een Quo-kenner ben ik allerminst. Toch kan je waarschijnlijk haast niemand vinden die geen vijf songs van Status Quo kent en herkent. Zelfs de meest gesofisticeerde medemens wil geen slecht woord kwijt over de groep. Een gevoel van onzekerheid bekroop mij omtrent de vraag: zal ik in staat zijn iets zinnigs toe te voegen aan wat al bekend is? Wat weet uiteindelijk iedereen al op voorhand? Geweten is toch dat de teksten kort zijn, maar wel knal er op. Dat de melodietjes rechtdoor gaan om er op los te beuken. Is het echter überhaupt mogelijk om hier meer over te zeggen?

Toen ik met wat ongelukkige vertraging het Kursaal binnenstapte viel die druk echter meteen van mijn schouders. Meteen werd ik opgetild en ik rockte het nummer dat bezig was gewoon uit tot op het eind, zo’n 80 cm boven de grond in mijn geval. Het is duidelijk dat de présence van frontman Francis Rossi en zijn maat Rick Parfitt dit voor mekaar krijgt. Beheerst gooien zij de bekende riffs over de massa, die niet anders kan dan reageren zoals de hond van Pavlov. Figuurlijk dan, want gekwijld wordt er niet, waar wel overal om je heen wordt er gestampt en geschud. Ik zie een veertienjarige ongelovig zijn grootouders observeren die blijkbaar opgaan in hun opvoedende rol en hun kleinzoon even tonen hoe dat nu eigenlijk moet met die rock ‘n’ roll. Beneden, vóór het podium, bruist het ondertussen van de beweging van de fans voor het leven. Met opgestoken handen wordt er gedanst en gesprongen. We moeten de organisatie alvast nageven dat de hardcorefan hier in Oostende nog steeds zijn idolen van op enkele meters aan het werk kan zien. Niks geen dranghekkens, niks betutteling: iedereen gedraagt zich hier rock en roll, maar opvallend verantwoordelijk: enkele kinderen worden door een pak omstaanders behulpzaam tot bij het podium geloodst, waar zij hun ogen uitkijken op de groepsleden en hun instrumenten.
Twee van de vijf muzikanten deden al mee in het prille begin: Francis Rossi en Rick Parfitt . Andy Bown (keyboards) en John Edwards (bas ) kwamen erbij in 1986. Zij worden de laatste jaren aangevuld met Matt Letley (drums). Het concert is overduidelijk heel goed en de muzikanten zijn in supervorm. Ik zie hen voor het eerst. Doen zij dit elke keer op zo’n overtuigende manier of hebben wij vanavond geluk gehad? De klank is goed bij het podium, maar nog beter bovenaan in de zaal en wij verplaatsen ons om het beste plekje te vinden. Waarschijnlijk is het uitzonderlijk dat een optreden van Quo plaatsvindt in een zaal vol gerieflijke zetels, maar niemand kan blijven neerzitten want elke intro doet de mensen overeind veren. “Down Down”, “Whatever You Want” en “Roll Over Lay Down” zijn daar natuurlijk bij. En ook “Rockin’ all over the World” (van John Fogerty) en het nummer “Rock ‘n’ Roll Music” (met “If you wanna dance with me”). Zij breien er nog “Bye Bye Johnny” achteraan terwijl al wie een gitaar vastheeft op zijn achterste voor het drumstel gaat neerzitten, want zij nemen nog enkel de begeleiding voor hun rekening terwijl het publiek voor de stemmen instaat.

Na 40 jaar samenspelen met een onderbreking à la Clijsters/Henin blijft een optreden van Status Quo duidelijk nog een echte belevenis. Je ziet gewoon dat de muzikanten zich rot amuseren. De organisatoren van het volgende Belgisch concert mogen gerust zijn dat de fans hun zaal komen opvullen … btw Country Hall, Liège 7 oktober …

Organisatie: Kursaal Oostende, Oostende

Prince

Prince heeft het nog ‘grotendeels’

Geschreven door

Samen met een kleine 25.000 anderen (waaronder aardig wat Belgen en Nederlanders) trokken we vrijdag naar de nieuwe locatie van het Main Square Festival om getuige te zijn van de passage van Prince.

Vooraf mocht het vijftal genaamd Mint Condition de meute opwarmen, een nutteloze job want de thermometers sloegen onder een loden zon sowieso al tilt. Heel veel beweging kregen ze dus ook niet echt in het puffende publiek dat eerder zocht naar een manier om enige koelte te vinden. Ook Larry Graham maakte met zijn Graham Central Station deel uit van het vaste voorprogramma, vooral de nummers van het mede door hem gevormde Sly & the Family Stone deden de vlam extra in de pan slaan. Klassiekers als “Family Affair”, “Dance to the music” en “Thank you (for lettin’ me be mice elf again)” werden massaal meegezongen en toonden aan dat het publiek klaar was voor ‘The One’, Prince dus.

Om kwart voor tien tokkelde de toetseniste van de New Power Generation flarden van “Venus de Milo” op haar keyboards alvorens eindelijk ook ‘His Royal Badness’, Prince zelve op de bühne verscheen. Het waanzinnige “Let’s go crazy” werd verweven met “Delirious”. Een uitzinnige gitaarsolo verzorgde de overgang naar de klassiek geworden synthesizer-intro van “1999” waarna een traag ingezet “Little Red Corvette” bevestigde dat de vroeger vaak grilligheid verweten artiest tegemoet komt aan de smaak van het hem resterende publiek door vooral hits te spelen. Na “Take me with U” weerklonk de heerlijke riff van “Guitar”, een drie jaar oud nummer dat in Arras nog meer rockte dan de versie die op ‘Planet Earth’ prijkt. Wie vindt dat Prince al jaren passé is, kreeg met “Guitar” ontegensprekelijk een zwaar tegenargument te slikken. Toen meteen erna de nieuwe single (“Hot summer”) weerklonk, begonnen zelfs de fanatiekste fans te vrezen dat die eerder vernoemde disbelievers misschien wel een punt hebben. Gelukkig weet ‘The Minneapolis Midget’ zelf ook dat zijn laatste single allesbehalve zijn beste is dus na een minuutje schakelde hij met “Controversy” over naar één van zijn allereerste successen.
Het feestje werd verder gezet met “Le Freak” (van Chic) en hoewel Prince vol overtuiging beweerde dat men nog maar net begonnen was, verdween hij meteen erna in de coulissen om energie bij te tanken terwijl één van de drie achtergrondzangeressen op het voorplan mocht treden. Een goeie vijf minuten later was het tijd voor een duet waarin diezelfde zangeres, Shelby J., haar baas “Nothing compares 2 U” mocht toezingen (iets wat het voltallige publiek trouwens massaal beaamde). Tot onze grote vreugde kregen we vervolgens voor het eerst in decennia het machtige “Mountains” live te horen. Als eerbetoon aan zijn generatiegenoot Michael Jackson werd “Shake your body (down to the ground)” (van The Jacksons) gecoverd, gewoontegetrouw werd er eveneens tijd gemaakt voor een Sly & the Family Stone-medley (met o.a. “Everyday People” en “I want to take you higher”). Met “Alphabet Street” en de in de eerste bisronde gebrachte klassiekers “Kiss” en “Purple Rain” bewees Prince dat hij geen covers brengt omwille van een ontoereikend eigen oeuvre.
Reeds in de beginjaren van zijn indrukwekkende carrière hamerde hij op het belang van het pionierswerk dat respectabele voorgangers uit de soul- (zoals Otis Redding), gospel- (zoals Mavis Staples), funk- (zoals George Clinton) en jazzwereld (zoals Miles Davis) deden, er zijn maar weinig optredens waarin hij nalaat om hieraan te herinneren.
Tot grote vreugde van het publiek kwam hij nog een tweede keer terug voor een bisronde waarin eerst wat geplukt werd uit zijn nieuwste CD (die hij in meerdere Europese landen als gratis bijlage bij populaire kranten laat voegen).
Een nieuwe song als “Everybody loves me” heeft nog een lange weg te gaan alvorens tot een klassieker uit te groeien, maar bon, iedereen in Arras was ondertussen voldoende goed gestemd om een dergelijke prul als instant-classic te onthalen. Prince toonde zich tevreden over zoveel enthousiasme en bood ons met “Peach” nog een extra zoetigheid aan.

Na twee uur trekt het publiek tevreden huiswaarts. We zijn getuige geweest van een meer dan gemiddeld - maar spijtig genoeg niet legendarisch - optreden. Prince was minder snedig en minder venijnig dan in zijn jongere jaren. Ook fysiek beginnen ’s mans 52 jaren wel degelijk hun tol te eisen. Hier en daar lazen we dat hij een week eerder in Roskilde nog danste als in zijn beste dagen, maar zelf zagen we geen enkele verbluffende move zoals hij er wel nog meerdere uit zijn broekpijpen schudde tijdens zijn laatste Belgische passage (in 2003 in het Sportpaleis zagen we hem bijvoorbeeld nog bewegingen maken die zelfs Kim Clijsters op die gewijde grond niet zou aandurven). Zijn heupen functioneren wel degelijk nog maar van de soepelheid waarmee hij er vroeger mee zwierde is toch niet zo veel meer te merken. Hij maskeert dit professioneel door veel te springen en allerlei minder halsbrekende danspasjes uit te voeren maar de schwung die hij tot enkele jaren terug met de vingers in de neusgaten etaleerde is er toch een beetje uit. Wie anders beweert, heeft hem vroeger waarschijnlijk nooit zien optreden.
Ook het feit dat hij na een uurtje even van het podium verdween, getuigt niet van een bloedvorm. Om nog maar te zwijgen van zijn schoeisel dat door oneerbiedige fashionista als ‘orthopedische turnsloefkes’ bestempeld zou worden.
Maar laat ons vooral niet te negatief zijn want dat verdient Prince na zo’n puike prestatie niet. Dit concert bewees dat hij er nog steeds staat en muzikaal nog niet versleten is (al zal men lang moeten zoeken om iemand te vinden die oprecht gelooft dat hij qua platen nog een relevante rol zal spelen).
Terwijl velen al bijna aan de auto waren, weerklonk plots die strakke beat van het beklijvende “Forever in my life”. De daaropvolgende minuten mochten we genieten van een zanger die even cool en zwoel klonk als in de tijd dat “Sign’o’the times” een mijlpaal werd in de muziekgeschiedenis. Nadien werden we nog verwend op een groovy versie van “7”. Om middernacht deed de makke reactie van het gelaïciseerde Franse publiek op iets wat waarschijnlijk “Let go, let God” genoemd wordt de diepgelovige Prince zijn bed opzoeken. Het was mooi geweest en de dag erna wachtte hem nog het ongetwijfeld eveneens veeleisende Belgische publiek.

Afsluitend onthouden we dat Prince met de glimlach in zijn rijkgevulde hits-trommel tastte en nog steeds gitaar speelt alsof hij het instrument zelf uitgevonden heeft. Dat alles soms iets minder gezwind verliep in vergelijking met vroeger zien we makkelijk door de vingers want de gehele show was beter dan hetgeen de zogezegd hedendaagse toppers een week ervoor op Rock Werchter lieten horen en zien. Hopelijk maakt hij zijn belofte om binnenkort terug te keren dus waar, graag zien we hem nog eens schitteren in een zaal zoals hij dat in 1998 in een kolkend Vorst-Nationaal deed tijdens een optreden dat bij ons nog steeds als het beste dat we ooit meemaakten geboekstaafd staat.
We dienden in het Sportpaleis, Flanders Expo en Vorst-Nationaal al meermaals te beamen dat er geen betere live-artiest bestaat dan Prince, hopelijk slaagt hij er in de toekomst nog in om dat niveau opnieuw te evenaren. In Arras twijfelden we wat maar uiteindelijk slaat de balans toch over naar de positieve zijde. Er is dus nog hoop. Of zoals de religieuze Prince zou zeggen (ware hij een Vlaming geweest): “Ge moet erin geloven!”.

Organisatie: Main Square Festival+ FLP - Live Nation France Festivals

Crosby, Stills & Nash

David Crosby (68), Stephen Stills (65) en Graham Nash (68): Icoon opa’s om te koesteren!

Geschreven door

De in 1969 samengesmolten supergroep (Byrds, Buffalo Springfield en The Hollies) bewees nogmaals dat ze nog niet afgeschreven zijn. Alhoewel de 3 bandleden niet zo productief zijn bij het maken van nieuwe platen in vergelijking met hun goeie vriend Neil Young is het optreden van de drie ééntje om nog lang van na te genieten.

De set bestond hoofdzakelijk uit hun 2 eerste LP’s, de titelloze ‘Crosby, Stills & Nash’ (’69) en de fel gelauwerde ‘Déjà vu’ (‘70). Men koos ook om nummers te plukken uit ieders soloplaten. Sedert kort vertoeven de 3 pioniers geregeld in de studio met producer Rick Rubin met als bedoeling een plaat uit te brengen met nummers die ze zelf graag hadden geschreven. (The Who, The Beatles, Bob Dylan, Rolling Stones, The Allman Brothers Band, Neil Young, James Taylor en Tim Hardin). Naar wat we te horen kregen belooft dit een heel mooie plaat te worden!
De harmonieuze samenzang waardoor C, S & N zo gekend is, heeft toch wat moeten inboeten. Dit was vooral te merken bij Stills. Het gevoel van gitaar spelen is hij echter nog niet verleerd. De drie werden verstekt door een band waar vooral James Raymond (zoon van David Crosby) op toetsen en Joe Vitale op drums uitblonken. Het optreden was een resem hoogtepunten na elkaar dat door het veelal oudere publiek ferm gesmaakt werd.
Crosby op zijn best tijdens “Almost cut my hair” en “Delta” (opgedragen aan Jackson Brown), de meezingers van Nash, “Teach your children” en “Our house” en de Buffalo Springfields “Rock’n roll woman” en “Love the one you’re with” van Stills.

“Come and see us again” beloofde Nash op het einde van het optreden. Wat mij betreft, graag en breng … Neil Young dan maar eens mee.

Setlist:
Woodstock (Joni Mitchell), Military madness , Long time gone , Bluebird , Marrakesh express , Southern cross, In your name, Long may you run (Neil Young), Déjà vu, Wooden ships, Helplessly hoping, Norwegian wood (this bird has flown) (The Beatles), Midnight rider (The Allman Brothers band), Girl from the north  (Bob Dylan), Ruby Tuesday (The Rolling stones), What Are Their Names?, Guinnevere, Delta, Cathedral, Our house, Behind blue eyes (The Who), Rock ’n roll woman, Almost cut my hair
Love the one you’re with, Teach your children

Organisatie: Greenhouse Talent, Gent

The Fabulous Thunderbirds

The Fabulous Thunderbirds laten ons het WK voetbal even vergeten

Geschreven door

Wat heb ik van deze groep uit Austin gehouden! Hun eerste vijf LP's heb ik destijds grijsgedraaid. Vooral de eerste bezetting was legendarisch met naast wonderkinderen Kim Wilson en Jimmie Vaughan (die ik zo veel meer bewonderde dan broer Stevie Ray), Keith Ferguson (later nog bij de fantastische Tailgators en intussen reeds wijlen) op bas en Mike Buck (later nog bij The Texas Tornados en het South Filthy van Jack Oblivian en Jeffrey Evans) op drums. Al vlug begon de eindeloze reeks personeelswissels maar hun swampy rock-'n-roll bleef tot de verbeelding spreken. Toen in '89 ook Jimmie Vaughan de handdoek in de ring gooide (om solo nooit echt gensters te slaan) hield ik het definitief voor bekeken. De laatste plaat met Jimmie deugde eigenlijk ook al niet meer.
En nu 20 jaar later spelen ze plots aan mijn achterdeur en kon ik het toch niet laten om mijn oude helden nog eens te gaan zien. Correctie : oude held want ‘The Fabulous Thunderbirds’ staat eigenlijk gewoon voor Kim Wilson & band. Een beetje tegen mijn verwachtingen in maakten ze er een behoorlijk spetterende avond van en zal het toch net iets leuker geweest zijn dan ‘Duitsland – Spanje’.

Nochtans begonnen ze als een doorsnee bluesband waar ik het warm noch koud van kreeg. En veel oude nummers (buiten "Tuff Enuff", "She's tuff" en "My babe") om me aan op te trekken waren er ook al niet. Maar gaandeweg kwam de vaart er toch in en dat vooral dankzij gitarist Johnny Moeller. Een Jimmie Vaughan is hij zeker niet, integendeel, hij leek wel diens tegenpool. Terwijl Vaughan, steeds strak in het pak, zijn spel ook steeds bijzonder strak hield, zagen we hier een gitarist met wapperend bloemenhemd en dito haren die zich niet op één stijl liet vastpinnen en zijn inspiratie de vrije loop liet. Naast de traditionele blueslicks hoorden we een waaier aan invloeden (funk, soul, psychedelische rock, ...). Kim Wilson van zijn kant is nog steeds een begenadigd zanger en superb op mondharmonica. Toch ging hij één keer serieus uit de bocht met een oneindige mondharmonicasolo die de groep de gelegenheid gaf om achter de coulissen uitgebreid te gaan eten. Wou Wilson misschien bewijzen over wat voor een adem hij beschikt? Het is hem vergeven want plots hing er zowaar magie in de lucht toen tweede gitarist Mike Keller de leadgitaar voor zijn rekening nam en Johnny Moeller op een verse gitaar ramde alsof hij solliciteerde bij The Gories. "Payback time" klonk plots even swampy als de Thunderbirds uit de begindagen en het is verdomd een nummer uit 2009!! Zou ik dan toch eens naar hun laatste plaat moeten luisteren?

Organisatie: de Zwerver, Leffinge

Van Dyke Parks

Van Dyke Parks - Legende sluit stijlvol het concertseizoen van de Gentse Handelsbeurs af

Geschreven door

Na een goedgevuld en zeer gevarieerd concertseizoen besloot de Gentse Handelsbeurs om Van Dyke Parks als seizoensafsluiter op de affiche te plaatsen. Deze 68-jarige kranige legende werkte met iedereen samen waar maar met te werken viel (dat gaat van U2, Little Feat tot Saint Etienne) en verder had hij ook nog zijn zegje op één van de meest legendarische albums uit de popgeschiedenis ooit, ‘Smile’ van Beach Boys.
Het had trouwens geen haar gescheeld of Van Dyke zat op vraag van David Crosby bij The Byrds maar in de muziekgeschiedenis vinden we wel eens meer zaken terug waar nu eenmaal geen verklaringen voor te vinden zijn.

Zo’n mysterie schuilt bijvoorbeeld in het voorprogramma (en tevens later ook de begeleidingsband) van Van Dyke Parks, nl. Clare & The Reasons.
Voor de gelegenheid werd de Handelsbeurs met de nodige tafeltjes en stoeltjes omgebouwd tot een heuse jazzclub en zangeres Clare Muldaur Manchon opende met de woorden “Gent, the best city in the world. I kid you not” meteen haar liefdesoffensief. Die Clare is trouwens niet één van de minste want deze dochter van Geoff Muldaur (iemand die destijds nogal vaak rondhing met Bob Dylan) mocht op haar derde album ‘The Movie’ op o.a. de medewerking rekenen van Sufjan Stevens en Van Dyke Parks, met wie ze trouwens reeds drie maal een Amerikaans/Canadese toer achter de kiezen heeft.
De muziek van Clare & The Reasons kun je een beetje met Wizard Of Oz vergelijken waarbij Clare de rol van Dorothy vertolkt en die je doorheen een wereld van klassieke muziek (soms hoor je wel eens invloeden van Mussorgsky), easy jazz, crooners en pop leidt. Hun muziek is tamelijk minimalistisch, zo kan een fluitmelodietje bij deze New Yorkers uitgroeien tot iets wondermoois en schrikken ze er ook niet voor terug om bijvoorbeeld een afschuwelijk nummer als “That’s all” van Genesis om te bouwen tot iets waar bijvoorbeeld The Sundays wel trots zouden kunnen op zijn.
Ook al bleef het bij voorzichtig handgeklap, kon je toch op het gezicht van het publiek een blik van intens genot terugvinden.

Net voor deze fijne groep het publiek verliet werden zij vergezeld door de man voor wie de Handelsbeurs in de eerste plaats volgelopen was : Van Dyke Parks.
Deze legende mag dan wel mede verantwoordelijk zijn voor een grote brok popgeschiedenis en vandaag de dag hedendaagse heldinnen als Joanna Newson bijstaan, toch blijft hij de onzichtbare eenvoud zelve want zo zit hij gewoonweg zijn piano te stemmen terwijl alles in gereedheid wordt gebracht, tot hij op een bepaald moment het publiek toespreekt met de lovende woorden : “Thank you for coming to our shows in times where football has become an art”.
Gedurende meer dan een uur wist deze opa, die trouwens ooit zijn carrière als filmacteur begon aan de zijde van Grace Kelly, ons te entertainen op singersongwriterstuff met een hoge jazzy inbreng die verzorgd werd door The Reasons weliswaar zonder Clare die reeds achter de coulissen was verdwenen.
Van Dyke Parks wordt wel eens aangehaald omwille van zijn bizarre arrangementen maar tijdens dit optreden werd alles herleidt tot de eenvoud van het lied, wat meteen een zeer sterk punt is als je naam Van Dyke Parks is.
Voor sommige nummers ging Van Dyke wel zeer ver terug in de geschiedenis zo was er bijvoorbeeld de eigenwijze bewerking van een traditionele song uit New Orleans uit 1874, of zo is “Cowboy” een nummer dat hij ontdekte tijdens zijn doorreis doorheen Hawaï of is het aangrijpende “The Attic” een bewerking van een nummer die zijn vader had geschreven tijdens de Tweede Wereldoorlog wanneer hij als majoor van de medische dienst de oorlogsgruwelen meemaakte in Normandië.
De meeste mensen zullen de muziek van Van Dyke Parks terecht vergelijken met die andere singer-songwriter Randy Newman zeker omdat door de vele verwijzingen naar allerlei dieren doorheen de nummers, Van Dyke’s muziek meer dan eens herinneringen oproept aan talrijke liedjes uit de Walt Disney-cartoons. Het ene moment is de fantasiewereld van Van Dyke opgebouwd uit sprookjes maar eens hij van wal steekt met een nummer als “Black Gold” dat een tragische verwijzing is naar de schandalige milieuramp die deze planeet teistert, weet je dat hij alweer de bittere waarheid van het leven bovenhaalt.
Na een uurtje kondigde Van Dyke plots aan “That’s it, we’re through”, waarbij hij zijn publiek op de knieën aanbad en vervolgens het podium verliet langs de weg van de gewone man, niet langs de zijkant van het podium maar wel via de zaal naar de bar.

Bij het verlaten van de zaal kon je een goedlachse Daan gadeslaan die blijkbaar had genoten van het concert en met zo’n beeld kon je tevreden huiswaarts trekken want je wist dat een legende weer maar eens je levenspad had doorkruist.

Organisatie: Handelsbeurs, Gent

Vanessa Paradis

Vanessa Paradis: van frêle tieneridool naar een volwaardige karakterzangeres

Geschreven door

De eerste zwoele zomeravond van het jaar brachten we door in het aangenaam gezelschap van Frankrijk’s bekendste bourgeois-bohémienne, zangeres en actrice Vanessa Paradis. Ze verwelkomde het uitverkochte Koninklijk Circus op een akoestische roadtrip doorheen haar al meer dan twintig jaar durende loopbaan, in een setting die deed denken aan een bedoeïenentent, sober verlicht en geplaveid met rode tapijten. Paradis had rond zich een rits muzikanten verzameld die zich van de meest uiteenlopende instrumenten bedienden: o.a. strijkers, ukelele, banjo en de steeds populairder wordende duimpiano passeerden de revue.

Vanessa, gehuld in een jeans met gepailleteerde top, gaf de aftrap met het aanstekelijke “Pourtant” en het fel meegezongen “Que fais la vie”. Beide nummers verschenen op ‘Bliss’, het album waarmee ze zo’n tien jaar geleden uit de schaduw van Gainsbourg en Kravitz trad. Ze profileerde zich vanaf dan ook vol zelfvertrouwen als singer-songwriter, bewijs in Brussel het titelnummer “Bliss”, geschreven samen met beau en amateurmuzikant Johhny Depp, dat ze met verstilde ontroering zong. Paradis bracht vervolgens een mooie compilatie klassiekers met o.a. “Marylin & John” en “Sunday Mondays”, alsook recenter werk, waarvan we vooral “Divinidylle” onthouden. Tussendoor danste de lolita sensueel van de ene muzikant naar de andere en waagde ze zich zelfs af en toe aan de piano of de gitaar.

Wat het optreden vooral erg deed smaken was het experimenteel arrangement waarin de nummers gegoten werden, waarschijnlijk onder invloed van singer-songwriter Albin de la Simone die voor haar deze akoestische set uittekende. De popsong “Be my baby” werd enkel ondersteund door een piano en ukelele, de ballad “When I say” werd dan weer omgetoverd tot een up-tempo meezinger; het jazzy “Que fais la vie” kon zo in een lounge-bar gedraaid worden; en de monsterhit “Joe le taxi” werd met slechts een minimaal aantal instrumenten helemaal uitgestript. De zweverige, melodische klanken deden zowaar aan Sigur Ros denken… Fijn om te weten dat de Fransen toch af en toe heil zoeken buiten de landgrenzen en afwijken van platgetreden paden!

Afsluiten deed Paradis in een gebloemde zomerjurk met het fel meegezongen (en dubbelzinnige) “Tandem”, geproduceerd door Serge Gainsbourg in 1990 (bovendien zijn laatste handtekening). Het publiek veerde recht om Vanessa te vervoegen in het feestje dat op het podium was ontstaan.
Een verrassende en boeiend concert dus van het ooit frêle tieneridool, dat zich heden liet kennen als een volwaardige karakterzangeres.

Setlist
1.     Pourtant (Bliss, 2000)
2.     Que fait la vie (Bliss, 2000)
3.     Junior suite (Divinidylle 2007)
4.     Scarabée (M&J, 1988)
5.     Dans mon café (Bliss, 2000)
6.     Marylin & John (M&J, 1988)
7.     Chet Baker (Divinidylle, 1988)
8.     Bliss (Bliss, 2000)
9.     Saint-Germain (Bliss, 2000)
10.   Jackadi (Divinidylle, 2007)
11. When I say (Bliss, 2000)
12. La mélodie (Divinidylle, 2007)
13. Be my baby (Vanessa Paradis, 1992)
14. Les revenants (Divinidylle, 2007)
15. L’incendie (Divinidylle, 2007)
16. La vague à lames (Variations sur le même t’aime, 1990) Gainsbourg
17. Sunday Mondays (Vanessa Paradis,
1992) Kravitz
18. Joe le taxi (M&J, 1988)
19. Dis lui toi que je t’aime (Variations sur le même t’aime, 1990)
20. Divinidylle (Divinidylle, 2007)
21. Tandem (Variations sur le mêmte t’aime, 1990)

Organisatie: Live Nation

Charlotte Gainsbourg

Imponerende Charlotte Gainsbourg, een volwaardige artieste

Charlotte is de beroemde dochter van … jawel, Serge Gainsbourg, wellicht de beste Franse songschrijver van de twintigste eeuw, onsterfelijk wegens "Je t'aime moi non plus". Hij heeft tevens liedjes geschreven voor vele Franse artiesten als Jacques Dutronc, France Gall, Dalida, Vanessa Paradis en Brigitte Bardot … hij was één van de eerste Westerse artiesten met wie reggae muzikanten wilden spelen en tot slot was hij filmregisseur en rokkenjager. Jane Birkin was haar ma, actrice en zangeres, die al op jonge leeftijd acteerde o.a.in ‘Blow up’, één van de meest invloedrijkste films van de jaren '60.
Charlotte ontpopte zich als actrice, die af en toe zong …  ze viel al op met de plaat ‘Charlotte forever’ eind de jaren ‘90, en met de single “Lemon incest” die de wenkbrauwen deed fronsen toen pa en tienerdochter in het nummer veel aan de verbeelding overlieten. ‘Science of sleep’ en ‘I'm not there’ waren al behoorlijke films, Maar ze onderscheidde zich in de controversiële kwaliteitsfilm ‘Anti-Christ’ van Lars Von Trier in 2009.
Van het échte muzikale werk was er sinds 2006 sprake met ‘5:55’, die ze samen met de heren van Air, Jarvis Cocker en Radiohead producer Nigel Godrich maakte: sfeervol dromerige en loungy materiaal onder haar warme, sensuele en zwoele fluisterstem … en jawel, vocaal leunend aan haar moeder Jane. ‘IRM’, in samenwerking met Beck, - Imagerie par Résistance Magnétique -, een MRI hersenscan die noodzakelijk was na haar zwaar ongeval enkele jaren terug, vormde de thematiek van de nieuwe plaat. Muzikaal hoorden we sfeervolle, prikkelende en spannende melodieën, die een brede instrumentatie en een percussieve aanpak konden hebben, richting trippop uitgingen, duidelijk met de vindingrijkheid van Beck en gedragen door haar invoelende, zuchtende en doorleefde croonerstem. Ze treedt alvast in de voetsporen van mama Jane, Franse artiesten als Françoise Hardy, Isabelle Adjani, Stéphanie, Vanessa Paradis, en van de Engelse Marianne Faithfull.

Voor de eerste maal in haar leven is ze op tournee met een rockgroep. Deze start stevig met “IRM” en “Greenwich Mean Time”, omfloerst van heel wat elektronisch vernuft, bleeps en percussie, maar er zijn meteen ook beperkingen … Ze is niet zo toonvast en haar stem wordt overstemd door het geluid van de stevig spelende band, maar OK dat nemen we er van deze gegadigde artieste en actrice maar bij. “Master’s Hand” en “Me & Jane Doe” klonken rauw en snedig. Het was echter in de wat zachtere nummers dat haar unieke stem meer tot uiting kwam, en ze klonk beter in het Engels dan in het Frans, zoals op “Set yourself on fire”, “In the end” en de poppy single “Heaven can wait”.
In een gecoördineerde nonchalance stijl dito kledij hoorden we verder hoogtepunten als “Just like a woman” (een delicate cover van Bob Dylan), enkel akoestisch begeleid, het rockende “Dandelion” waarin referenties van “Jean Genie” van Bowie zaten, “Hotel Particulier” (cover van Serge van de plaat ‘Melody Nelson’), op ideale wijze bepaald door haar zuchtende, sensuele stem, het pakkende “The songs that we sing” en als toemaatje het jazzgroovende en dansbare "Couleur Cafe" van haar vader.

Een volwaardige artieste die imponeerde en er een gevarieerde aanpak op nahield van zachtmoedige, rockende pop en (zalvende) popelektronica, niet vies van een laagje experiment en percussie!
Btw Charlotte Gainsbourg zit maar niet stil; na haar tournee kunnen we haar binnenkort terug in de cinema zien in de film ’l’Arbre’; ze speelt er naast onder meer Marton Csokas en Morgana Davies. De film van regisseuse Julie Bertuccelli was de slotfilm van het voorbij Festival van Cannes. Zo zie je maar wat een bezig bijtje ze wel is. Niet voor niks moet ze soms noodgedwongen relaxatieperiodes inlassen …

Organisatie: Aéronef, Lille

Crowded House

Indrukwekkend concert van popgoden Crowded House in Brussel

Geschreven door

Naar schatting 120.000 fans waren getuige van het afscheidsconcert van Crowded House aan Sydney Opera House in 1996. Sinds de reünie in 2007 moet de band het qua commercieel succes met een stuk minder doen. Eerder was de band al te zien in Vorst Nationaal (19 oktober 2007), alsook op Werchter Boutique in 2008. Zo’n 3000 fans daagden deze keer op waardoor dit concert automatisch een Vorst Nationaal Club concert werd. Het werd ook mijn eerste Vorst Nationaal Club ervaring. Uiteraard blijft de infrastructuur van Vorst behouden, alleen wordt deze met een groot aantal zwarte doeken psychologisch kleiner gemaakt. Geen eenvoudige opdracht, want onlangs zag ik Snow Patrol in diezelfde zaal nog worstelen met de akoestiek van de betonnen hal.

Na een zeer slappe en vervelende vertoning van opwarmact Connan Mockasin begon Crowded House aan het optreden met “Everything Is Good For You” onder een prima afgestelde geluidsbalans. Op het podium creëerde de band een feeërieke sfeer. De band had daarvoor enkele leuke attributen meegenomen. Naast Finn, Seymour, Hart & Sherrod mochten ook Bambi, Stamper en enkele verlichte paddenstoelen het podium op. Een mooi en aanvullend decor, waardoor de dromerige popsongs nog meer tot hun recht kwamen. Crowded House koos bewust niet voor de gemakkelijkste weg en stopte ook vijf songs van het nieuwe album ‘Intriguer’ (net gereleased) in de set. De respons op de nieuwe songs was duidelijk minder zodat ik durf te stellen dat de meeste toch kwamen om de echte Crowded House klassiekers te horen……en een klassieker kregen de fans vrijwel meteen met: “World You Live In”, dat naar het einde toe heel erg mooi (zachtjes maar vol melodie) door het publiek werd meegezongen. De band straalde van enthousiasme en dat was duidelijk ook te horen tijdens de knappe, nieuwe up-tempo single: “Saturday Sun”. Crowded House in een nieuw modern jasje! Tussendoor was er ook tijd en ruimte voor improvisatie. Neil Finn grapte en grolde met het publiek die hem dankbaar enkele thema’s toeriep. Zo ontstond er ter plekke een techno geïmproviseerde song (“Belgium needs a prime minister”) over de huidige Belgische politieke toestand.
Maar gelukkig zat de set ook vol vertrouwde, popklassiekers. “Message To My Girl” was er zo ééntje, een song van Split Enz, een band waar Neil samen met zijn broer Tim Finn deel van uitmaakte. We kregen een sobere versie met Neil Finn uitzonderlijk aan de piano. Ook de wereldbekende en bloedstollende popklassiekers zoals: “Four Seasons In One Day”, “Fall At Your Feet”, “Don’t Dream it’s Over” tot “Weather With You” werden vol overtuiging en vakmanschap gebracht. Opvallend hoe weinig tekenen van slijtage deze songs vertoonden! De omvangrijke bisronde liet alle aspecten van deze band horen. Een rockend “Locked Out” en een jazzy “Sister Madly” vormden het tegengewicht voor de opbloeiende liedjespracht van “Don’t Dream It’s Over”, “Into Temptation” en “Better Be Home Soon”. Kortom een indrukwekkend popconcert!!

‘Crowded House anno 2010’ heeft elke reden tot bestaansrecht. Het roemrijke verleden staat de band niet in de weg om ook nu nog schitterende nieuwe songs te schrijven. Wereldhits schrijft Neil Finn al een tijdje niet meer, maar de songs uit het nieuwe album ‘Intriguer’ zijn typisch Crowded House en stonden live ook hun mannetje naast de alom bekende popklassiekers.
Crowded House is voor mij wat The Beatles ooit waren voor mijn ouders. Een popmonument! Naast de nieuwe plaat ‘Intriguer’ verschijnt er eind dit jaar ook een nieuwe ‘Best Of’ van de band. Nog niet overtuigd? Bekijk gerust eens de Video Live Reports….omdat beelden vaak zo veel meer zeggen dan woorden.

Video Live Reports (Youtube)
+Part 1:
 http://www.youtube.com/watch?v=WcVo2oCyMD4

+Part 2:
 http://www.youtube.com/watch?v=7gbvOZmnCxo
+Part 3:
 http://www.youtube.com/watch?v=CPJHJRzmSbM
+Part 4:
 http://www.youtube.com/watch?v=-0TgeOlW5RQ

Setlist:
*Everything Is Good For You *World Where You Live *Saturday Sun *Private Universe *Either Side Of The World *Say That Again *Amsterdam *Whispers And Moans *Four Seasons In One Day *Inside Out *Message To My Girl *Archer’s Arrows *Fall At Your Feet *Don’t Stop Now *Distant Sun *It’s Only Natural
*Locked Out *Sister Madly *Fingers Of Love *Weather With You *Don’t Dream It’s Over *Into Temptation *Better Be Home Soon

Organisatie: Live Nation

Pagina 320 van 386