Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Hooverphonic

Tenacious D

Tenacious D - Een collectieve zangstonde

Geschreven door

Tenacious D - Een collectieve zangstonde

Hoewel Graspop pas op donderdag zijn poorten openzwaaide voor het betere metalgeweld, moesten fans van het zwaardere genre dinsdag niet op hun honger blijven zitten. Niet enkel speelde KISS die dag in Paleis 12, enkele kilometers verder gaf Tenacious D van jetje in een broeierig en uitverkocht Vorst Nationaal.
Toegegeven, de deuntjes van de comedy rockband kunnen we bij momenten bezwaarlijk als metal beschouwen, toch wordt de band in de armen gesloten door de community.

In de zaal dan ook veel zwarte T-shirts en vooral mannen rond hun veertigste, die dus jonge kerels waren toen Tenacious D in 2001 hun gelijknamig debuut ‘Tenacious D’ de wereld instuurde. De band rond Kyle Gass en filmster Jack Black was in 2020 voor het laatst te gast in een uitverkocht Vorst Nationaal en liet ook nu weer een verpletterende indruk na.

Als opwarmertje (in een al hete tent) kregen we Steel Beans voorgeschoteld. Hoewel de naam anders doet vermoeden, was de psychedelische bluesrock van Jeremy DeBardi licht verteerbaar en werd zijn set goed gesmaakt door het reeds aanwezige volk. Wat opvallend is, is dat Steel Beans een eenmansproject is. Dat betekent dat DeBardi zowel de zang en het drum- en gitaarwerk voor zijn rekening nam. Als men in de toekomst dus zegt dat enkel vrouwen kunnen multitasken, volstaan volgende twee woorden als repliek: “Steel Beans”. Vooral Molotov Cocktail Lounge kon ons uitermate bekoren en deed bij momenten denken aan The White Stripes.

Met een kwartiertje vertraging was het dan tijd voor ‘The Greatest Band in the World’, of dat is toch hoe Tenacious D zichzelf omschrijft. Een goed bebaarde Jack Black uitgedost in een vlammende outfit en een eerder casual geklede Kyle Gass begroetten hun fans en bewapenden zich vervolgens met hun akoestische gitaren alvorens de set af te trappen. Dat de heren niet van plan waren om rustig naar een hoogtepunt toe te werken, werd duidelijk toen “Kickapoo” ingezet werd als opener. Dat de song, waarbij oorspronkelijk wijlen Dio en Meatloaf ook even hun zegje doen, een van de populairste nummers van ‘the D’ is, bewees de collectieve zangstonde die spontaan uitbrak. Een zangstonde die quasi niet meer stil viel tot het doek figuurlijk viel. Ongelofelijk om zien en horen hoe het publiek de teksten, en soms zelfs bindteksten, noot voor noot kon meezingen.
Na enkele nummers viel het Jack Black op dat ondertussen de eerste hittegolf van het jaar België aan het verschroeien was. “Shit, it’s hot in Brussels”, schreeuwde de acteur en probeerde tevergeefs zijn pens af te koelen door te wapperen met zijn shirt. Desalniettemin boette Tenacious D tijdens de ganse set niet in aan energie en vuurde de ene na de andere oorwurm richting publiek. Vooral “The Metal”, “Beelzeboss (The Final Showdown)” en slotnummer “Fuck Her Gently” deden het kwik in de thermometer nog wat extra stijgen.
Grappen en grollen konden natuurlijk ook niet ontbreken tijdens een optreden van een comedy rockband. De ganse set was dan ook doorspekt met doldwaze sketches en moppen. Zo was er bijvoorbeeld de nieuwe vuurwerkverantwoordelijke Biffy Pyro die er niet in slaagde om op het juiste moment vuurwerk af te steken en daarom steeds op zijn donder kreeg van Black: “You press that damn button when we demand pyro!” Slechts op het einde, en na enkele bemoedigende woorden van Black en Gass, slaagde onze vriend erin de gaskraantjes volledig, en op het juiste moment, open te draaien.
Ook de sax-a-boom, lees: een plastieken kindersaxofoon, was opnieuw van de partij. Een trotse Black probeerde te bewijzen dat hij nog steeds een feestje kon bouwen met het niemendal, waarop Gass hem overtrof met een uit de kluiten gewassen, stoffen versie ervan en Baker Street van Gerry Rafferty inzette. “The Max-a-boom”, riep Gass trots, waarop Biffy een vuurstraal lanceerde en Black vervolgens pisnijdig over het podium sakkerde.

In iets minder dan anderhalf uur kreeg Vorst een gevarieerde en ludieke set, waarbij het stevigere werk afgewisseld werd met de zachtere klassiekers en de nieuwe hits “Videogames” en “Wicked Game” (cover Chris Isaak).
Geheel vernieuwend was Tenacious D echter niet, maar dit deerde niet. De gekende feestformule en de meezingers zorgden opnieuw voor de nodige ambiance en vertier. En laat ons eerlijk zijn, dat is toch waarom we zo houden van deze band. Keep on rockin’, D!

Neem gerust een kijkje naar de pics
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4982-tenacious-d-13-06-2023.html?Itemid=0

Organisatie: Live Nation

Triggerfinger

Triggerfinger - In vuur en vlam

Geschreven door

Triggerfinger - In vuur en vlam

Voor het verhaal van Triggerfinger (*****) gaan we ongeveer 25 jaar terug in de tijd, 1998 sloeg hun live performance in als een bom, de verdienste van drie muzikanten van wereldklasse: de charismatische frontman Ruben Block, de duivelse drummer Mario Goosens en Monsieur Paul, Lange Polle (Paul Van Bruystegem) die in 2003 de band vervoegde, en een blok graniet is op bas. De blindelingse afstemming en de speelsheid zorgden ervoor dat een optreden van Triggerfinger een beleving is die in je geheugen gegrift staat. Na al hun live performances worden we nog steeds even hard omver geblazen.
In een overvolle AB kwam Triggerfinger afscheid nemen van Lange Polle, die na twintig jaar de stekker er uit trekt om zich op andere projecten te concentreren. De band zal nu worden aangevuld door een andere muzikale grootheid, man-van-alle-kunstjes, Geoffrey Burton. Twee avonden lang zetten zij de AB in vuur en vlam.

In de categorie 'mogelijke opvolgers van Triggerfinger staan veel talentvolle bands aan de deur te bonken. Eén daarvan is Peuk (*****) die nu het voorprogramma van Triggerfinger speelden. Het trio bestaat uit jonge, talentvolle muzikanten die graag het gaspedaal diep indrukken en een ondoordringbare geluidsmuur weten op te bouwen. Ook in de AB voelde je de dosis adrenalinestoten. Ondanks de weinige interactie, laat dit trio z’n technische sterkte horen. Een kolkende, verschroeiende live set van zo’n half uur was meer dan voldoende om ons probleemloos te overtuigen

Triggerfinger trekt vanaf de eerste twee songs “I'm coming for You” en “First Taste” alle registers open. We zijn vertrokken voor een rollercoaster, een spervuur aan riffs en drumwerk, er is de niet-aflatende charismatische houding van Ruben die na zovele jaren nog steeds als een jonge wolf op dat podium staat. Hij is één met z’n publiek. Het helse tempo kon Triggerfinger niet steeds aanhouden. En dat hoefde ook niet. Op “By Absence of the Sun” mocht Lange Polle in de schijnwerpers staan, hij bewees nog maar eens wat voor een uitzonderlijk bassist hij wel is. Een lang, daverend applaus volgde.
“Flesh Tight” is een magisch zwoel, groovy nummer; de temperatuur steeg naar een kookpunt. “Black Panic” klonk verschroeiend. Triggerfinger deed de zaal ontploffen met een salvo strakke songs. wat stopte met “Is it”. Polle was zichtbaar geëmotioneerd. Iedereen droeg de man op handen.
In de bis volgde nog een mooi “Camaro”  en ”Man Down”, die warme Rihanna cover. Wat een portie rock-'n-roll kregen we hier.

Triggerfinger zette een overvol AB in vuur en vlam, al 25 jaar lang. Het verhaal van Triggerfinger is nog niet voorbij, en met Burton hebben ze een sterke opvolger van Polle. Duimen verder voor deze band.

Setlist: I'm Coming for You//First Taste//Let It Ride//Short Term Memory Love//By Absence of the//Sun//Perfect Match//Flesh Tight//Halfway Town//Lines//And There She Was, Lying in Wait//Black Panic//On My Knees//Colossus//All This Dancin' Around//Is It///BIS: Camaro//Man Down (Rihanna-cover)

Neem gerust een kijkje naar de pics @Dieter Boone
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4939-triggerfinger-10-06-2023.html?ltemid=0
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel ism Live Nation

John Fogerty

John Fogerty - Nostalgische avond vol fullforce Amerikaanse rootspop

Geschreven door

John Fogerty - Nostalgische avond vol fullforce Amerikaanse rootspop

De Europese run van John Fogerty loopt ten einde na Dublin, Manchester, Londen, enkele shows in Frankrijk, Noorwegen, twee keer Zweden en dan deze laatste twee shows in Antwerpen donderdagavond, en Grolloo (Nederland) op vrijdag voor het internationale bluesfestival!
Vanaf juni 2023 gaan John Fogerty en C° verder vieren in Amerika. Deze oertypische Amerikaanse CCR-man is duidelijk zijn (gekleurde) wilde haren nog niet kwijt.
Wat is er eigenlijk te vieren? Wel, zo’n 50 jaar geleden is John Fogerty door een louche platenmaatschappij zijn rechten verloren op zijn eigen nummers en die van CCR en nog maar onlangs in januari van dit jaar heeft hij eindelijk zijn rechten terug. Dit is natuurlijk een reden om te vieren en wij mogen van geluk spreken … we kunnen hier nu bij zijn …

Iets na acht komen de zonen van John met hun groepje Hearty Hear spelen, zelf voelen ze zich een ongelofelijke sensatie live volgens hun site, maar in het echt is het gezellig, een beetje achtergrondmuziek binnen de rootssound, te horen in dezelfde stijl als straks, maar echt goed was dit niet.

Klokslag 21u start een filmpje met een levensoverzicht van John Fogerty. Zo blijkt dat hij 8 jaar oud was als hij zijn eerste nummer maakte. Het is wel echt Amerikaans hoe dit filmpje is samengesteld maar ach het past bij de gehele avond.
Plots horen we van John, ik heb nu mijn nummers terug ‘And I’m going to sing every single one of them’, en dat doen ze ook, we zijn vertrokken voor een mooie nostalgische avond.
Er is volgens mij een gelijkenis met ABBA, The Beatles en CCR, ze bestonden allemaal niet echt lang maar maakten topnummers!
We vliegen erin met “Bad Moon Rising”, “Up Around the Bend”, “Green River”, “Born on the Bayou”, en een heel mooi met saxofoon meegespeelde “Rock and Roll Girls”.
Voor een hele avond leuks zijn we vertrokken: ‘How are you doing out there’ roept hij helemaal mooi naar ons toe, en er volgt een heel verhaal over zijn ‘The man & his guitar’;
Al meerdere jaren horen we dit maar het is een prachtig verhaal: zijn vrouw heeft dit voor elkaar gebracht, na meer dan 50 jaar heeft ze zijn originele versie (waar hij ooit mee op Woodstock speelde) teruggevonden, gekocht en onder de kerstboom gelegd. Als je dit verhaal hoort is het nog meer Amerikaanser dan het al kan zijn.
En dan volgt er tussen de nummers “Who’ll stop the Rain”, “Lookin’ Out My Back Door” en “Run Through the Jungle” het volgende : ‘Kennen jullie Eric, Jef en Jimmy ?’Het blijkt over Clapton, Beck, Page te gaan die goeie vrienden zijn (waren) en dezelfde gitaren gebruiken.
Fogerty heeft een volgend verhaal klaar … Celebration is meer dan gewoon vieren … Hij heeft na een scheiding, na door een hond gebeten te zijn en na het stoppen van CCR bizarre jaren gehad. Maar had John zijn vrouw niet tegengekomen 32 jaar geleden, dan was hij er al lang niet meer; die 32 jaren, het is als 32 dagen; de tijd vliegt als je plezier hebt.
“Joy of my life” was op zich een mooi ode aan zijn vrouw, erg goed gevonden, maar miste hier muzikaal nu net wat punch. We kregen dan “Fight Fire”, “It Came out of the Sky” en “Keep on Chooglin”, samen met een echte evergreen: “Have You ever seen the Rain”, kort weliswaar, maar heel herkenbaar en mooi.
Ik zag jonge dames met hun net iets te oude partners, maar nadien had ik pas door hoe heerlijk die dochters hun jong bejaarde papa’s meebrachten en genoten van die wonderschone rootsrock!
Het brengt ons tot “Fortunate Son”, alvorens we een hoteltafeltje zien op het podium met een grote fles Leffe. Zo wil hij samen met ons zijn winst op zijn eigen nummers vieren en … samen er één op drinken!
Er volgt een kleine pauze, “Proud Mary” kwam eraan, de song, zijn eigen parel, die hij meerdere malen opdroeg aan Tina Turner de laatste weken. Een mooi overtuigend eerbetoon.

Fogerty en band zijn uitermate tevreden van de Europese Tour en ze zijn nu klaar voor alweer een Amerikaans luik. Dit was vrolijke, goeie rootspop voor een vol Antwerps Sportpaleis.

Organisatie: Gracia Live

GA-20

GA-20 + Scott H. Biram - Eindelijk nog eens opwindende blues

Geschreven door

GA-20 + Scott H. Biram - Eindelijk nog eens opwindende blues

Met GA-20 en Scott H. Biram had de 4AD een gedroomde double bill beet. Twee acts met een bijzonder stevige live-reputatie die touren alsof hun leven ervan afhangt.

Bij Scott H. Biram mag je dat zelfs vrij letterlijk nemen want toen hij in 2003 na een frontale botsing met een vrachtwagen zowat verpletterd was, bevond hij zich nog geen twee maanden later al opnieuw op een podium, zij het in een rolstoel en met het infuus nog bungelend aan zijn arm. Nadat hij in 2006 zijn Belgisch debuut maakte in de Brusselse Beursschouwburg was hij een jaar later al eens te gast in de 4AD, toen in het voorprogramma van de Black Diamond Heavies.
Op die memorabele avond moest hij bij aanvang van zijn optreden het publiek nog vragen om wat dichterbij te komen. Die vraag hoefde hij dit keer alvast niet meer te stellen want intussen heeft hij een trouwe schare volgelingen die aan zijn lippen hangt.
Omringd door een resem versterkers wist The Dirty Old One Man Band, zoals de 49-jarige Scott H. Biram uit Austin, Texas zich wel eens laat noemen, een stevige en erg gruizige sound te creëren. Rammend op aftandse gitaren en af en toe briesend op de mondharmonica verkende hij het schemergebied tussen country, blues en hillbilly terwijl hij ook één keer het tempo flink de hoogte injoeg voor een dartelend bluegrassnummer. 
Zijn verwrongen songs met eigenwijze, duistere verhalen zingt hij met een akelig krassende stem. Daarbij geeft een nimmer aflatende stampende linkervoet de kadans aan op een stompbox.
Een paar keer bracht hij ook hulde aan zijn oude helden met covers van Mississippi Fred McDowell en Lightnin' Hopkins. De eerste bracht hij met een heerlijke bottleneck gitaar terwijl die van Lightnin' Hopkins, die hij trouwens vereeuwigd heeft met een tattoo op de arm, een rudimentaire uitvoering kreeg op een krakkemikkige heavy metal gitaar.
Het mooiste nummer vond ik het nieuwe "No man's land" waarin hij terugblikt op zijn jeugd en dat wellicht zal prijken op zijn, dit najaar te verschijnen, nieuwe plaat. Een intense set werd afgesloten met een begeesterende ZZ Top interpretatie. Dit was een halte in zijn 27ste (!) Europese tour en het einde lijkt nog lang niet in zicht.

Matthew Stubbs was dertien jaar lang gitarist bij blues harmonica veteraan Charlie Musselwhite totdat die laatste besloot om te gaan touren met Ben Harper en Stubbs een jaar op non-actief werd gezet. Om toch aan een inkomen te geraken besloot hij een groep te beginnen met zijn oude vriend Pat Faherty en GA-20, genoemd naar een Gibson gitaarversterker uit de jaren '50, werd geboren.
Na wat puzzelen volgde al snel de definitieve  bezetting met drummer Tim Carman. In die beginperiode grepen ze elke kans om ergens op te treden met beide handen aan en speelden zo telkens voor een publiek dat er geen flauw benul van had dat het blues hoorde want bluesclubs waren er blijkbaar niet in thuisstad Boston.
Toen hij na ieder optreden telkens moest uitleggen welke muziek ze speelden, bedacht Stubbs de slogan "If you don't like the blues you're listening to the wrong shit", die zelfs op een t-shirt werd gedrukt. Die t-shirt is intussen al lang uitverkocht maar die harde periode zal hen ongetwijfeld gesterkt hebben in hun idee hoe ze de blues moeten brengen. En die blues staat mijlenver van de Joe Bonamassa's van deze wereld, gelukkig maar.
De mannen van GA-20 openden hun set met het rauwe en wervelende "No no", dat voorlopig op geen enkel album verscheen en alleen als digitale single verkrijgbaar is. Daarna zakte het tempo flink voor "Just because", een cover van de, een paar jaar geleden, overleden Lloyd Price die meer gekend is van zijn hits "Personality" en "Lawdy miss clawdy".
De twee gitaristen, die elk om beurt op het voorplan traden, zorgden voor een magische wisselwerking. Links de statische Matthew Stubbs die zijn gitaar lekker vettig liet scheuren en net iets traditioneler klonk dan de man links. Pat Faherty, helemaal in het zwart en met een zonnebril onder de wilde krullenbol, etaleerde op zijn twee vintage gitaren, waaronder een zeldzame Stratotone Newport, een meer afgemeten en wat punkier stijl die soms aardig in de buurt van Wilko Johnson kwam. Daarnaast is hij met zijn schrille, door merg en been dringende stem een fascinerende zanger en een attractieve performer. Zo stuiterde hij af en toe als een springveer over het podium. Tijdens de apotheose sprong hij zelfs het publiek in om al gitaarspelend even door de knieën te gaan tot groot jolijt van enkele vrouwelijke fans. Daarna vertrok hij solerend door de zaal en zowaar naar buiten maar dat was zonder de geluiddichte deuren van de 4AD gerekend die het signaal tussen gitaar en versterker doorknipten.
Twee gitaristen en een drummer (Tim Carman die voorheen als sessiemuzikant en drumleraar aan de bak kwam deed het trouwens uitstekend), dat was ook de bezetting van Hound Dog Taylor (and The HouseRockers) één van hun grote voorbeelden. In 2021 maakten ze zelfs een tributeplaat voor hem, ‘Try it... you might like it!’waaruit we drie nummers hoorden. Het explosieve "Give me back my wig", het gruizig doordenderende "She's gone" en de ultieme  Hound Dog Taylor song "Let's get funky", vier en een halve minuut scheurend gitaargeweld met wat opzwepende kreten en de intensiteit van de Ramones.
Een andere opmerkelijke cover was "I don't mind" van James Brown, waarmee GA-20 nog maar eens bewees zoveel meer te zijn dan een doorsnee bluesband.
Maar ook met eigen nummers zoals "Fairweather friend", een melodieuze garage rocksong die van The Black Keys had kunnen zijn of het behoorlijk swampy klinkende "Dry run" kleuren ze buiten de lijntjes.
Bovendien blijft de groep voortdurend zoekende. Zo is Pat Faherty momenteel volop R.L. Burnside aan het ontdekken wat hier in het solo gebrachte "Come on in" resulteerde.

Dit was opnieuw een adembenemende set van een groep die ik reeds voor de vierde keer zag. De beste keer ook waarmee ik niet wil zeggen dat de vorige optredens minder waren. Maar dit was de eerste keer dat ik ze zag in een kleine club en dat bleek nog maar eens de meest geschikte plaats om live muziek te consumeren.

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Peter Gabriel

Peter Gabriel - i/o Tour - Nog steeds creatief, eigenzinnig en absoluut i.o.

Geschreven door

Peter Gabriel - i/o Tour - Nog steeds creatief, eigenzinnig en absoluut i.o.

Aan een flinke dosis creativiteit heeft de bij pers en publiek gewaardeerde Britse artiest Peter Gabriel,  nooit een gebrek gehad. Evenmin aan durf en diversiteit. Terwijl hij zich als ex-frontman van de progformatie Genesis van de andere bands binnen het genre onderscheidde door heel wat theatrale elementen (zoals make-up, maskers en kostuums) aan de concerten toe te voegen, paste hij dit na zijn plotse vertrek, ook op zijn solowerk toe en nam het eclecticisme qua geluid en stijlen almaar toe. Via het album ‘So’ (1986) dat miljoenen keer over de toonbank ging, werd hij zelfs een echte wereldster mede gegangmaakt door innovatieve en vooruitstrevende videoclips (zie o.a. “Sledgehammer”) die het tijdens het toenmalige MTV-tijdperk uiterst goed deden. Ook componeerde hij enkele soundtracks en was hij één van de eerste Europese pop- en rockartiesten waarbij wereldmuziek steeds nadrukkelijker een symbiotische relatie met zijn eigen westerse werkstukken aanging.  

Maar even hoog als het inventieve, karakteriseert Gabriel zich ook als een bijzonder eigenzinnig artiest. Hij liet al meermaals optekenen dat hij zelf wil beslissen wat, hoe en wanneer hij iets wenst te doen zonder daarbij enige compromissen te hoeven sluiten. Via de oprichting van ‘Real World’, een eigen platenlabel waarbij hij wereldmuzikanten zoals bv. Nusrat Fateh Ali Khan, Geoffrey Oryema of Papa Wemba een platform tot grote(re) naambekendheid aanbood en het inrichten van een bijhorende studio, kon hij zich deze vorm van vrijheid nog meer als voorheen toe-eigenen. Het heeft hem qua carrière heel ver gebracht maar zijn attitude leverde ook maar al te vaak bepaalde frustraties en onbegrip op. Niet enkel bij collega’s en medemuzikanten, maar ook bij de fans.
Zo is het ruim negen jaar geleden dat hij nog in een België een concert gaf. Van september 2003 om precies te zijn toen hij in Vorst Nationaal optrad. En het laatste officiële album dat Gabriel uitbracht, ‘Up’, dateert ook reeds van 2002. Hierna volgden ‘louter’ een compilatiealbum (‘Hit’), enkele live-registraties,  liet hij nummers door anderen coveren (‘Scratch My Back’) en bracht hij bestaand werk in orkestrale versies uit (‘New Blood’).  
Eind dit jaar zou er eindelijk wel een nieuw album, ‘i/o’ (als de werktitel ook de eindtitel wordt tenminste, met Gabriel weet men nooit), het levenslicht zien. In aanloop hier naartoe brengt hij momenteel elke maand bij volle maan een nieuw nummer uit, telkens voorzien van een Bright-Side mix en een Dark-Side mix. Ook vond Gabriel tot grote tevredenheid van zijn fans, daarbij het moment passend om er alsnog een gelijknamige tour aan te verbinden. Deze bracht Gabriel afgelopen dinsdag ook naar het Antwerpse Sportpaleis.

Op de huidige ‘i/o-tour’ laat Gabriel zich opnieuw omringen door ‘oude’ getrouwen Tony Levin (bas), David Rhodes (gitaar) en Manu Katché (drums), alsook met enkele nieuwe leden zoals Josh Shpak (blaasinstrumenten), Don E (keyboards) en Ayanna Witter-Johnson (zang en cello). Deze fungeerden ook in Antwerpen (nog) steeds als een omkadering vol precisie en regelmaat. Maar ook de intussen 73-jarige Gabriel gaf blijk nog niks van de pluimen die hem als artiest steeds deden schitteren, verloren te hebben. Zijn afwezige haardos even buiten beschouwing gelaten.
Ook zijn voormelde inventiviteit en creativiteit waren meegereisd. Net als zijn eigengereidheid. Zo zou de helft van de set bestaan uit nummers uit het nog te verschijnen album. Een album dat zelfs nog niet vooraf besteld kan worden en waarvan slechts 6 nummers tot dusver bekend zijn. Als beproeving van het publiek kan dit tellen natuurlijk. Ook is het zo dat waar het gros van de artiesten in het Sportpaleis hun set zouden starten met een knaller van formaat om van bij aanvang de adrenaline doorheen de muzikale aderen van het publiek te laten stromen, Gabriel omhuld in nagenoeg complete duisternis, rustig het podium kwam opgestapt om verpakt in droge humor en enige zelfspot, verhalend uit te weiden over het ontstaan van de Aarde, de opkomst van dinosauriërs (om in één link en kwinkslag aandacht te vragen voor zijn jarige compagnon de route, Tony Levin) en het aanwenden van avatars in de muziekwereld. Al even sober zette hij samen met Levin, als rond een nachtelijk kampvuur onder spaarzaam licht en de afbeelding van een volle maan (opnieuw die verwijzing) gezeten, “Washing of the Water” (‘Us’) in waarna de overige bandleden hen kwamen vergezellen. Op dezelfde akoestische leest was “Growing Up” (‘Up’) geschoeid.
Daarna was het tijd om enkele nieuwe nummers op het publiek los te laten, steeds ingeleid door wat achtergrondinfo of toelichting bij de bron van ideeën. Zoals de AI technologie bij de eerste single van het nieuwe album, “Panopticom”. Door de wisselwerking tussen de gitaar van Rhodes en de bas van Levin neigde dit heel erg naar progrock. Het donkere, dreigende “Four Kinds Of Horses” mede door elektronica en strijkers, kronkelde als een slang behoedzaam maar gericht richting onze oren. Ook via de toevoeging van trompet bespeeld door Shpak, toonde Gabriel aan om na vier decennia nog steeds een meester te zijn in het verbinden van moderne en klassieke klanken. Dit was ook zo bij het meezingbare “i/o” (input/output), alwaar de trompet sfeerbepalend was.
Bij “Digging In The Dirt” (‘US’) mochten de registers de eerste keer opengetrokken worden. Door (opnieuw) een overstuurde trompet en enkele stevige gitaar- en baspartijen, neigde dit op bepaalde ogenblikken zelfs naar free jazz.   
Het melancholische “Playing For Time” met Levin op de Chapman Stick, stond tien jaar geleden bij de vorige Belgische passage reeds op de setlist maar bereikte pas nu door een tekstuele invulling, een definitieve status en zal aldus ook op het nieuwe album verschijnen. Al even nieuw waren “Olive Tree” (goed maar niet beklijvend)  en “This Is Home” met een mooie bluesy ondertoon.
Het eerste luik  van de set bereikte haar apotheose met een puntige versie van de crowdpleaser “Sledgehammer”, het eerste van vijf vertolkte songs uit ‘So’. Daarbij maakten de gesynchroniseerde bewegingen van Gabriel het geheel des te meer aanstekelijker en kon er opnieuw genoten worden van de bijzonder fraaie baspartij van Levin.
Na een ruime pauze bleken er enkele reusachtige panelen als een scherm tussen de band en het publiek opgesteld te zijn. Daarvan maakte Gabriel gebruik om tijdens “Darkness” (‘Up’) een schaduwspel op te voeren en tijdens het nieuwe, innemende “Love Can Heal” hierop met een soort spuitbus rode kleuren aan te brengen. Eveneens terug te vinden op het nog te verschijnen album ‘i/o’, kwam vervolgens het funky “Road To Joy” (gebaseerd op het locked-in-syndroom) aan bod dat door de inbreng van de gitaarsynthesizer van Don E, heel sterk aanleunde bij de jaren ’80.
Tevens uit de jaren ’80 was de instant klassieker “Don’t Give Up” die vanaf de eerste basaanslagen van Levin, meteen op heel wat herkenning en applaus mocht rekenen. En terecht, want hoewel de studioversie van dit duet met de onnavolgbare stem van Kate Bush uitgevoerd wordt, kweet Ayanna Wither-Johnson zich uitstekend van haar taak als vervanger van dienst. Daarbij gaf zij het nummer een extra soulinjectie die in deze helemaal niet misstond. Ook niet toen er als extraatje een uptempo slot aan toegevoegd werd.   

Wat in de tweede set volgde, was een afwisseling tussen nogmaals nummers uit het nieuwe, nog te verschijnen album en enkele classics. Tot de eerste categorie behoorden “The Court”, het bijna filmische “And Still” (ter nagedachtenis van Gabriel’s overleden moeder en waarbij integriteit centraal stond mede door inbreng van klassieke elementen zoals hoorn, cello en piano) en “Live And Let Live” dat gedragen door subtiele elektronica, uitmondde in een gospelsong. Reden om rechtop te veren was er dan weer bij nummers als “Red Rain” (‘So’) (dat door een erg strakke uitvoering toch wel wat subtiliteit van het origineel wegkaapte); het funky en dansbare “Big Time” (‘So’) en het onvermijdelijke “Solsbury Hill” (‘Peter Gabriel / 1’) dat door zowat de hele zaal luidkeels meegezongen werd.
“Solsbury Hill” verhief zich opnieuw als een van de absolute hoogtepunten van de avond maar werd naar onze mening nog net overtroffen door de eerste toegift, het ruim tien minuten durende “In Your Eyes” (‘So’), een vocale mede-hoofdrol voor Wither-Johnson incluis.
Ook de afsluiter, “Biko” (‘Peter Gabriel / 3’) was opnieuw van uitstekende makelij. Geïnspireerd door het overlijden van de Zuid-Afrikaanse anti-apartheidsactivist Steve Biko, die op 12 september 1977 overleed aan zijn verwondingen nadat politieagenten hem na zijn arrestatie zwaar en herhaaldelijk mishandelden. 43 jaar na releasedatum geldt dit nog steeds als een van de meest imponerende protestsongs en groeide dit uit tot één van de populairste songs van Gabriel, zelf een uitgesproken mensenrechtenactivist. De projectie van een reusachtige foto van Biko in combinatie met de rake drumslagen van Manu Katché die finaal en sologewijs a.h.w. het stoppen van het kloppen van een hart symboliseerden, waren impressionant.  

Tijdens deze i/o-tour kiest Gabriel niet voor de gemakkelijkste weg. Hij hult zich niet in nostalgie en herleidt de show niet tot een greatest hits. Integendeel, Gabriel blijft meer voor- dan achteruit kijken, zowel tekstueel als muzikaal, en etaleert dit door de helft van de setlist in te vullen met nummers die pas enkele maanden of zelfs weken op de wereld losgelaten werden dan wel waarvan de studioversie zelfs nog een goed bewaard geheim uitmaakt. Op die manier bleef het Sportpaleis jammer genoeg verstoken van prachtige liedjes zoals “Shock The Monkey”; "Games Without Frontiers”; “Lay Your Hands On Me”; “Mercy Street” of het opzwepende “Steam”. Niet alle nieuwe werk kon hiermee wedijveren maar daar tegenover staat dat Gabriel afgelopen dinsdag nog steeds goed bij stem was, zijn begeleidingsgroep de hele avond fantastisch en vakkundig musiceerde (en dit beloond zag met een herhaaldelijke en ruime appreciatie en dankbetuiging van Gabriel zelf) en ook de aangewende visuals van o.m. Maarten Baas, Cornelia Parker en Robert Lepage, er telkens toe deden zonder te vervallen in bombast. Door het theatrale met het muzikale te verweven, maakte Gabriel hiermee de cirkel rond.
Wat ons betreft, mag deze i/o (input/output) tour dan ook helemaal i.o. (in orde) genoemd worden.

Setlist
Set 1: Washing Of The Water / Growing Up / Panopticom / Four Kinds Of Horses / i/o / Digging In The Dirt / Playing For Time / Olive Tree / This Is Home / Sledgehammer
Set 2: Darkness / Love Can Heal / Road To Joy / Don't Give Up / The Court / Red Rain / And Still / Big Time / Live And Let Live / Solsbury Hill /
Encore 1: In Your Eyes
Encore 2 : Biko

Organisatie : Live Nation

Alvvays

Alvvays - Een eerst keer in Brussel en meteen een voltreffer

Geschreven door

Alvvays - Een eerst keer in Brussel en meteen een voltreffer

Met één van de beste platen van 2022 onder de arm, zakte het Canadese Alvvays met ‘Blue Rev’ af naar Brussel voor een van de meest geanticipeerde concerten van dit jaar. Hun derde en dus meest recente langspeler is meer van wat hen uniek maakt: dromerige, speelse en lichte shoegaze pop, maar nog verder uitgediept met surfrock en 80's electro pop. U hoort het, Alvvays is binnen hun genre reeds een straffe band die nu pas voor het eerst op Brusselse bodem optrad.

Eerst was Katie Malco aan de beurt. Solo en gewapend met een Stratocaster bracht ze breekbare indie pop die uit dezelfde vijver vist als Phoebe Bridgers of Waxahatchee. Haar set kabbelde rustig terwijl de zaal zich goed vulde. Met halfweg een cover van Kate Bush’s "Cloudbusting" maakte ze voor het eerst indruk. Een cover die ze, voor de betere verstandhouding, heeft geschreven nog voor de ‘Running Up That Hill’-hype.
In het slot haalde ze al haar charmes naar boven waarmee ze tijdens de afsluiter het publiek volledig inpakte. Een mooi beschrijvend plaatje dat zo bij de keel greep. Katie Malco kreeg de zaal - als voorprogramma nota bene - stil en daardoor liet ze een blijvende indruk achter.

Gelukkig was er genoeg spanning om het podium over te laten aan het vijftal van Alvvays.
Tijdens de intro van pompende wereldmuziek werden de lichten voor het eerst getest. Het dan al enthousiaste publiek kreeg als opener “Pharmacist” en al meteen een eerste aardverschuiving met “After the Earthquake”. De intenties waren duidelijk: de nieuwe plaat ‘Blue Rev’ goed laten ronken. Toch was er met “In the Undertow” uit ‘Antisocialites’ (2017) al een eerste terugblik dat aanstekelijk werkte. De visuals waren tot op de puntjes uitgekiend waardoor “Many Mirrors” niet enkel voor het oor maar ook voor het oog strelend was.
De blitse 80s electro synthpop die de laatste plaat zo kenmerkt, zat helemaal vervat in “Very Online Guy”. Een gewaagd, ietwat vreemd nummer, maar live stond dit als een huis. Uit het niets kwam “Adult Diversion” uit hun allereerste titelloze plaat (2014). Al bijna een decennium oud, maar op dat moment klonk dit kraakvers.
Frontvrouw Molly Rankin was ook losgekomen en ging voor het eerst eens wild. Een tweede publiekslieveling was daar met “Not My Baby” waar Rankin zonder verpinken de hoge noten vlot haalde. De band hield alles strak bij elkaar en werkte steeds op naar die explosieve solo’s die Alvvays ook kenmerkend inzette.
Terug wat wilder, luider en sneller ging het eraan toe met “Hey”. Vervolgens was “Tom Verlaine”, een dikke knipoog naar My Bloody Valentine en Television, de ultieme indie pop song overgoten met een 80s synth-sausje.
Niet alleen blonken ze uit wanneer ze knalden en ronkten, maar ze waren ook groots bij de wat stillere momenten waar de spanning om de hoek loerde. “Belinda Says” was daar het treffend voorbeeld van waarmee het eerste half uur zo voorbij raasde.
Terug wat meer elektroshoegazing met “Bored in Bristol” en de treffende visuals. Het spookachtige van Twin Peaks loerde om de hoek bij de balad “Fourth Figure”. Daar was de synth outro het ideale opstapje naar het hoogtepunt van de avond met “Archie, Marry Me” dat niemand in de zaal onberoerd liet. Meteen erna en zonder aarzelen schoot de band “Pomeranian Spinster” op ons af, een opzwepende punk song die al eens aan Vaccines of The Strokes deed denken. Contrasterend waren het melancholische “Tile by Tile” en het zalig ronkende en drone-achtige “Pressed”. Nog enkele trapjes hoger qua beleving was het zachte en immens populaire “Dreams Tonite” dat na een lange zachte intro vervelde tot een pareltje waar iedereen meezong.
Opnieuw sterke visuals en vleugjes surfrock hoorden afsluiters “Easy On Your Own?” en in het veel te korte “Saved by a Waif”.
Op het prachtige “Velveteen” na voelde de bisronde misschien wel wat overbodig. Toch deden ze hun nieuw materiaal volledig uit de doeken en gezien de (te?) strakke tourschema, konden we het hen zeker vergeven.
Ze hadden voldoende pluspunten gescoord en spontaniteit getoond om er echt een geslaagd concert van te maken en het publiek met een gelukzalig gevoel achter te laten.

Setlist
Pharmacist - After the Earthquake - In Undertow - Many Mirrors - Very Online Guy - Adult Diversion - Not My Baby - Hey - Tom Verlaine - Belinda Says - Bored in Bristol - Fourth Figure - Archie, Marry Me - Pomeranian Spinster - Tile by Tile - Pressed - Dreams Tonite - Easy On Your Own? - Saved by a Waif  - - - Next of Kin - Velveteen - Lottery Noises

Organisatie: Botanique, Brussel

dEUS

dEUS - Rauw en lieflijk, sjiek na 34 jaar!

dEUS - Rauw en lieflijk, sjiek na 34 jaar!
dEUS en Meltheads

dEUS mag in ons eigen landje een goddelijke band zijn, in het buitenland moet er een tandje worden bijgestoken. Net over de grens in Lille, N-Frankrijk, was de zaal net zo goed als vol, terwijl hier bij ons een handvol AB concerten snel uitverkocht waren. Nu, in Lille waren er een pak (West-) Vlamingen.
dEUS is back en weet pure emotie en dramatiek om te zetten in een fris, extravert, spannend geluid, een kleine twee uur lang rauw en lieflijk.

dEUS heeft nieuw werk uit, ‘How to replace it’, tien jaar na ‘The following sea’. Tussenin was er wel eens een setje van dEUS in een ‘best of’ te bespeuren, verder werd Barmans Magnus opgeheven, en is het jazzalternatief Taxiwars nog steeds in de running.
Het nieuwe album biedt niks nieuws onder de zon , het is een typische dEUS plaat geworden , die verdriet, bitternis en liefde, vergevingsgezindheid samenbrengt in vertrouwde, broeierige indiepop en – rock.
dEUS klinkt gedreven, meeslepend, dromerig, gevoelig. dEUS wil zich ‘live-e-lijk’ bewijzen als een bende jonge wolven. Gepassioneerd, scherp en gretig gaan ze te werk. Een goed geoliede machine. dEUS is met vijf en zijn terug in de bezetting met Mauro op gitaar, die zorgt voor meer diepte en grauwheid in z’n kronkelende, dwarse capriolen. Ook de drums durven krachtiger, harder te zijn.
Here we go was het startsein van Barman en C° om die emotie in een fris, avontuurlijk geluid te laten horen. Het recente werk staat centraal. De titelsong en de single “Must have been now” hebben een sterke opbouw en hebben het van gitaarintensiteit en rollende drums, gedragen door Barmans doorleefde grauwe (zeg) zang. Per song geraken de vocals gesmeerd en zijn ze wat fijnzinniger. 
De spanning houdt aan met het gekende “Constant now” en het rockende “Girls keep drinking”, ruw, snedig en fel. “The architect” is hoekig en laat een dansbare groove op ons los. De dansspieren worden aangesproken. De band klinkt levendig en opwindend . “Man of the house” uit de recente plaat en het oudje “W.C.S.” boeien door de onverwachtse, verrassende wendingen, met een vleugje experiment en een vocoderstem.
Sfeervoller, intenser, pakkender klinkt het met die tweede single “1989” en “Pirates”, het drumspel is wat subtieler, het gitaarspel intenser en de keys/piano/viool krijgen wat meer ademruimte; Barmans stem weet te raken . “Faux Bamboo”, de huidige single zet die broeierige lijn grotendeels verder.
Vertrouwd klinken ze vervolgens met het afwisselende, mooi uitgesponnen “Instant street” , sfeervol ingezet en noisy exploderend op het eind; “Fell of the floor, man” prikkelt en tintelt.
Het is de aanzet naar een close harmony op de afsluitende drie, het nieuwe “Simple pleasures”, eentje die live mag ingelijst worden door z’n repetitieve opbouw en gitaarerupties, het doorleefde “4 mains” en het broeierige, knetterende “Sun ra”.
Wisselend, onvoorspelbaar en vertrouwd dus klinkt dEUS ook in de bijkomende nummers, we kregen er een viertal, het innemende “Love breaks down”, een intrigerend mooi “Bad timing” en tot slot de herkenbaarheid met de opbouwende lagen van “Roses” en “Suds&soda”, die definitief de band uitwuift

dEUS is back en hoe, ook al laat de nieuwe plaat weinig aan de verbeelding over, live spreekt de muziek, met de muzikanten op het voorplan, in een sobere lightshow. Live een beleven, zoals het hoort. Puike set, pure klasse. Sjiek na 34 jaar bezig zijn …

Support was Meltheads, een kwartet jonge, hongerige wolven uit Antwerpen, die imponeren met hun intens strakke, snedige, rechttoe-rechtaan postpunk en garagerock’n roll. Ze vuurden hun krachtige nummers op rollende wijze af. Bruisend, opwindende setje van deze vier gasten.
Wat een uitstraling en evenzeer een live beleven, met hun doorbraaksingle “Naïef “ in de frontline.

Neem gerust een kijkje naar de pics
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/4935-deus-02-06-2023.html?ltemid=0
Eerdere review/pics
Set Ancienne Belgique, Brussel maart 2023 + Pics @De Casino, Sint-Niklaas
dEUS - God is in the house (musiczine.net)

Organisatie: Aéronef, Lille

Rose City Band

Rose City Band - Laidback country-eske psychedelica

Geschreven door

Rose City Band - Laidback country-eske psychedelica
Rose City Band + Rosali

Woensdag was Rose City Band, één van mijn favoriete groepen, voor het eerst in ons land. Een gebeurtenis waar ik al enkele jaren vertwijfeld op zat te wachten en nu plaatsvond in café De Zwerver, een ideale plek waar de afstand tussen artiest en publiek zo goed als onbestaande is en waar je altijd kan rekenen op een optimale klank.

Voor deze tour nam Rose City Band ook een speciale gast mee op sleeptouw: Rosali (Middleman), een zangeres uit North Carolina die opereert vanuit Philadelphia. Deze Rosali was me niet onbekend. Haar vierde en laatste plaat, ‘No medium’ uit 2021, was me in positieve zin opgevallen, vooral omdat ze werd opgenomen met de groep van de door mij bijna verafgoodde David Nance. Hier moest ze het zonder de David Nance Group doen waardoor ik de Crazy Horse-achtige sfeer van die plaat miste. Maar de songs hielden ook in deze kale uitvoering stand dankzij de innemende zang van Rosali. Haar begeleidend gitaarspel klonk rudimentair en werd, gelukkig maar, wat opgepimpt door de pedal steel van Zena Kay. Niet dat ze een beroerd gitarist zou zijn. Ze verdiende haar sporen trouwens als gitariste van Long Hots en maakte ooit deel uit van het elektrische gitaartrio Wandering Shade van de door mij mateloos bewonderde Kryssi Battalene. Hier hield ze het bij een spaarzame begeleiding en het was dan ook geen toeval toen de voltallige Rose City Band haar bij de laatste twee nummers kwam bijstaan haar songs plots een stuk beter uit de verf kwamen. Achteraf wist ze me te vertellen dat er nog een tweede plaat met de David Nance Group is opgenomen. Hopelijk laat ze zich ooit eens verleiden om met die bezetting naar Europa te komen.

Ripley Johnson volg ik al sinds hij Wooden Shjips (genoemd naar een nummer van Crosby, Stills & Nash) oprichtte in San Francisco (2007). Niet veel later begon hij met zijn vrouw Sanae Yamada een tweede project, Moon Duo, verhuisde hij naar Portland, Oregon om uiteindelijk in 2019 met Rose City Band een derde avontuur te beginnen. Bij die drie bands benadert hij de psychedelica telkens vanuit een andere hoek. Bij Wooden Shjips ging hij richting garagerock, noise en stoner, Moon Duo klonk dan weer heel wat poppier en bij Rose City Band introduceert hij een oude liefde, country. Hoewel ik (vooral) Wooden Shjips en Moon Duo ook al uitstekende groepen vond van wie ik ook verschillende optredens zag, schat ik Rose City Band net een trapje hoger in.
Hoewel Ripley Johnson zonder twijfel de voorman is van Rose City Band (op de platen speelt hij overigens het overgrote deel van de instrumenten zelf) stelde hij zich bescheiden achteraan op. Alsof hij een statement wou maken waarmee duidelijk moest worden dat zijn medemuzikanten even briljant waren als hijzelf.
En meteen werd ook duidelijk dat dit absoluut het geval was. Wat een schitterend stel muzikanten: pedal steel gitarist Zena Kay die blijkbaar Barry Walker moest vervangen, drummer Dustin Dygvig, toetsenman Paul Hasenberg en bassist Dewey Mahood die ik ken van zijn succulente soloproject Plankton Wat en die ook nog in tientallen andere groepen actief is of was.
De groep begon uiterst relaxed  aan een set die onloochenbaar niet de bedoeling had om enkel en alleen de laatste en overigens uitstekende plaat , ‘Garden party’, te promoten maar was samengesteld uit nummers evenredig geplukt uit de vier platen die ze tot nu toe gemaakt hebben. Zelf omschrijft Johnson zijn muziek als porch music en dat is zeker een rake definitie. Laidback countryeske psychedelica waarbij het heerlijk weg zwijmelen was. Gelukkig gebeurde dat laatste niet echt dankzij de sprankelende interventies van zowel gitaar, pedal steel als toetsen die trouwens telkens konden rekenen op een applausje als was het een blues of jazz optreden.
Vergelijkingen zoeken met andere bands lijkt zinloos, dit klonk zo uniek. Toch moest ik even aan Pink Floyd denken, meer bepaald ‘Echoes’, bij de klanken die Paul Hasenberg uit zijn piano en Mellotron toverde maar de man had natuurlijk zelf al de aanzet gegeven door een ‘Pink Floyd live at Pompeii’ t-shirt aan te trekken. De uitgesponnen jams riepen op hun beurt vage herinneringen op aan Jerry Garcia's Grateful Dead maar ook niet meer dan dat.
Het onvergelijkelijke Rose City Band sleurde ons zachtjes mee in een kosmische trip waaruit je niet wilde ontwaken. Daarbij kwamen details en wendingen naar boven die ik op plaat nooit opmerkte. Toch kan ik me inbeelden dat niet iedereen zomaar in extase raakte. Het onthaastende karakter en de aparte, wat mompelende zang van Ripley Johnson maakten het misschien wat minder toegankelijk. Maar eenmaal die hindernissen genomen, bereikte je het walhalla. Een set met niets dan hoogtepunten maar als ik dan toch moet kiezen: "Slow burn" en "Reno shuffle" hadden misschien een wat dwingendere drive.
Helemaal op het einde kwamen we nog te weten waarom het podium versierd was met vlaggetjes en ballonnen: een jarige drummer.
Na een vrij lange set kregen we nog twee toegiften van de groep samen met Rosali waarbij die laatste nog een eigen nummer mocht zingen. Dit was nog maar eens een concertje in Café De Zwerver die lang in mijn geheugen gegrift zal blijven.

Organisatie: VZW De Zwerver - Leffingeleuren, Leffinge

Pagina 50 van 386