logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
The Wolf Banes ...

Lethal Injury

Melancholia

Geschreven door

Ontgonnen Belgische parels die langzaam maar zeker aan een opmars naar boven toe bezig zijn? Dat kunnen we de heren van Lethal Injury zeker noemen. De band timmert ondertussen toch enkele jaren stevig aan die weg, en heeft vooral op menig podium zijn kunnen voldoende bewezen. "Een band dat bestaat uit enorm talentvolle muzikanten, een zanger met enorm veel charisma. Maar vooral een goed geoliede machine, waar elk van de leden een spelplezier uitstraalt dat ons doet uitzien naar een gouden toekomst voor deze Oostende Thrashers." schreven we toen we de heren zagen optreden op Zandrock begin juni dit jaar. Nu brengt de band eindelijk zijn debuut ‘Melancholia’ op de markt. Een schijf die ons van begin tot einde met verstomming slaat.
Variatie is het grote sleutelwoord op deze schijf. En meteen het grote pluspunt. Na een haast heel meeslepende intro, waarin we eigenlijk zelfs niet echt thrash metal elementen herkennen, voelen we direct aan dat Lethal Injury geen band is die je in dat hokje mag onderbrengen. Met Mothman wordt die stelling alleen maar bevestigd. Deze song zit boordevol verrassende wendingen, knipogen naar zoveel ander metal muziekstijlen, en het enerzijds uitdelen van stevige mokerslagen maar de luisteraar ook een - bij wijze van spreken - rustmoment aanbieden. Waaruit we alvast kunnen besluiten dat Lethal Injury dus van enorm veel markten thuis is.
Echter het meest opvallend, niet alleen op dat podium maar ook ernaast blijkt Lethal Injury anno 2018 een sterk geoliede machine te zijn waar iedereen niet alleen dezelfde richting uitkijkt. Bovendien straalt het spelplezier, net als op het podium, dus ook uit de boxen.
Elke song zit perfect in elkaar, en doet ons steeds opnieuw naar adem happen. Luister maar naar het perfect in elkaar gebokste “Suicidal Call” en “Scream Burn Die”. Waarbij adrenalinestoten na adrenalinestoot je compleet murw slaat. Is dat nu door typische thrash metal inbreng, of duister aanvoelende, naar Black tot death metal refererende riffs en vocalen tot de instrumentale inbreng die je een krop in de keel bezorgt? Deze band is duidelijk geëvolueerd, en is niet meer dat doorsnee thrash metal bandje dat we ooit aan het werk zagen in hun begin periode.
Besluit: Song na song slaat Lethal Injury ons met verstomming, en biedt ons zoveel verrassende wendingen aan op dit klasse debuut, dat we dus niet zomaar een zoveelste thrash plaat, maar een pure klasse metal schijf - in de ruime zin van dat woord - aangeboden krijgen. Waardoor een ruim publiek over de streep kan worden getrokken.
Voor een debuut is dit dan ook ware een mokerslag in het gezicht geworden, die ons doet beseffen dat we hier te maken hebben met een band die binnen het metalgebeuren nog hogere ogen zal gooien dan ze dankzij hun live reputatie al doen.
Bovendien, en dat is nog het meest opvallende, bij elke luisterbeurt doen we telkens opnieuw andere ontdekkingen, waaruit blijkt dat de band stevig aan het improviseren is geslagen op hun debuut. Ook dat is een extra pluim op de hoed van de band.
Kortom, Omarm deze Parel uit Oostende met beide handen, want hiervan zullen we in de toekomst nog veel meer horen. Op basis van hun concerten, maar ook op dit ijzersterk debuut voorspellen we Lethal Injury dan ook een gouden toekomst.
Tracklist: Haima  - Mothman  - Melancholia  - Denounce  - Suicidal Call - Scream Burn Die  - The Downward Spiral  - Melancholia Part II  - Veiled Woman of the Black

Reena Riot

Nix

Geschreven door

Beloftevol starten kan wat risico’s inhouden. De verwachtingen liggen hoog gespannen en je moet met deze druk kunnen omgaan. Maar gelukkig drijft kwaliteit vroeg of laat toch meestal naar boven. Reena Riot haalde de finale van Humo’s Rock Rally in 2012. Het heeft dus wel wat aarde in de voeten gehad vooral er een full album geboren werd. Om dit album te maken trokken ze zich terug van de hippe en bewoonde wereld. Om niets aan het toeval over te laten nam de band de productie in eigen handen en kozen ze voor de compromisloze aanpak. De micro’s werden in een leegstand Antwerpens havenpand gezet. Het resultaat mag er dan ook zijn.
Naomi Sijmons die de hoofdvocals voor haar rekening neemt , toont ze aan dat ze veel aan kan met haar stem. De ene keer klinkt ze als een rock bitch a la Anouk (op “All Systems Down”) en een andere keer klinkt ze als een indiepop zangeresje. Denk ook aan artiestes zoals Beth Hart, Neeka, PJ Harvey… Gelijk welk jasje ze aantrekken , het klinkt warm, intens en soms stormachtig. Ze putten uit de rijke muziekgeschiedenis om er dan vervolgens hun eigen ding mee te doen. “Waiting” heeft blueskenmerken in de groove en de zang doet denken aan het zuiden van USA toen de negers op de coton plantages zongen. “Knife” is dan iets luchtiger en past eerder in de indiepop hoek.
Dat maakt van ‘Nix’ een variërend en puik album met een volwassen sound. Dat is niet verwonderlijk als je leest wie er allemaal deel uitmaakt van de band. Naomi Sijmons (Birds That Change Colours), Jan Myne (Mel Dune), Alan Gevaert ( Deus, Chantal Acda), Bernd Coene (Tiny Legs Tim) en Thomas Werbrouck (Krankland).
Reena Riot weet hier een prachtige sound neer te zetten die de veelzijdige vocals van Naomi Sijmons perfect weten te dragen. Als dat geen klapper wordt in 2019 dan weet ik het ook niet meer.

Flares

Allegorhythms

Geschreven door

Reeds elf jaar maakt dit vijftal uit Duitsland (Saarbrücken) experimentele post-rock muziek. Met dit album zijn ze aan release nummer vier toe. Ze deelden al met grote bands in het genre het podium zoals met The Ocean, Mono, Caspian…
Het is moeilijk om hen in een hokje te duwen. Ik hoor post-rock met gitaarwerk maar ook nogal wat synthwerk op de achtergrond. Meestal wel in een mooie blend met elkaar. Soms wat spacy zoals op de kortere nummers “Sonde 4” en “Sonde 5”. Ook wordt dit een beetje doorgetrokken op “Savannah” dat fijne percussie, veranderende ritmes en puik gitaarwerk bevat. “Phanta Rei” rockt wat steviger dan de voorgaande tracks maar heeft zeker ook zijn subtielere passages. Het afsluitende en negen minuten durende nummer “Ikarus” is ook een aanrader. Het begint met een heerlijk vervormde synthloop om na een grote minuut de song echt te openen. De stijl verandert dan helemaal maar de synthsounds blijven wel doorklinken in het geheel. Ook de percussie is hier weer om duimen en vingers af te likken. Niet ingewikkeld of extravagant hoor maar wel elke slag op de juiste plaats. Het geluid van de percussie is, net als de rest trouwens, haarfijn.
Inzake post-rock is deze release een van de boeiendste van dit jaar. Ze noemen veel grote bands als hun invloed maar ze hebben wel degelijk een eigen geluid en ze proberen ons te verrassen. Niet door ingrijpende stijlbreuken of ritmeveranderingen. Het zijn vooral hun songontwikkelingen die subtiel en haast natuurlijk de songs naar andere en hogere levels brengen.
Dit is muzikale kwaliteit van de bovenste plank.

Instrumentale postrock
Allegorhythms
Flares

 

Living Temples

Against The Day

Geschreven door

Kalle Fagerberg, ook bekend van Liste Noire en The Blank VRS, is de architect achter Living Temples. Hij is van Zweedse origine en leeft in het hippe Berlijn. De man schreef en nam alles zo goed als zelf op. Voor de productie en mixing trok hij Adne Meisfjord aan.
De plaat trok mij aan vanwege de sound en de vibe die er in zijn nummers hangen. Luister maar eens naar “Luke”. Een soort van dank liedje met een heerlijke synthsound erin, terwijl een weemoedige gitaar die sound spaarzaam breekt. “Against The Day” doet wat aan de muziek van Fad Gadget denken. Het daarop volgende “Hinterland” is sterker en origineler. Elektronisch aangestuurde en instrumentale post-punk. Ook het mooi klinkende uptempo liedje “There’s Nothing For You There” is een straffe song. “Like A Moth To A Flame” gaat richting vroegere The Cure. Het zevende nummer “Sword Falling” is meteen het laatste nummer van de plaat.  Ook deze song is de moeite waard.
Al bij al hadden er wat meer nummers mogen op deze release staan. Na 25 minuten is het al afgelopen en dat vind ik nu jammer. Net zoals enkele andere beloftevolle bands in het genre (ik denk dan aan Boothblacks, The Soft Moon…) heeft deze muziek iets meer dan de doorsnee band en zijn ze zeker meer dan een kloon van The Cure of Joy Division.
… Of hoe je met bekende bouwstenen toch een originele sound kunt maken. ‘Against The Day’ is daarom ook meer dan de moeite waard.

Post-punk/New Wave
Against The Day
Living Temples

 

Fleddy Melculy

Live @ Graspop Metal Meeting 2018

Geschreven door

Pretmetal zou zomaar een genre kunnen zijn die deze band heeft uitgevonden. Met de nodige relativering en zelfspot timmeren deze jongens aan hun weg. Dat betekent niet dat je hun muziek als minderwaardig moet beschouwen. Want eenmaal de grap er vanaf is valt of staat alles vanwege hun muziek. Dat mag er dus wel degelijk wezen en dat merk je ook aan hun populariteit alsook aan hun deal met Sony Music. Live staan ze ook voor entertainment en dat bracht hen al op o.a. Pukkelpop, Crammerock, Rock Zottegem… En dit jaar dus ook op Graspop Dessel waarvan hier dus een registratie.
Het concertje dat hier volgt is er eentje om vingers en duimen af te likken. De band speelt retestrak en er is voldoende interactie van het publiek te horen wat het live-effect nog versterkt. O.m. op “Geen Vlees Wel Vis”. De bindteksten zijn typisch voor Joris Camerlinck (die ook de frontman van De Fanfaar is): met een vette knipoog.
De setlist bestaat uit nummers van hun twee albums zoals daar zijn “Varken”, “Feestje in uw Huisje”, “Ik ben Kwaad” (de nieuwe single) en “Apu van de Nachtwinkel”.
Het album klinkt alsof je tussen het publiek staat, het geluid is goed en er wordt strak gespeeld. Alleen op het laatste nummer “Het T-Shirt van Metallica” wordt het nummer onderbroken om te zeggen dat de opnames van het laatste nummer het liet afweten en alles niet bijster goed klonk. Maar omdat eerlijk het langst duurt hebben ze geen file uit een ander optreden ertussen geplakt.
Ze hebben enkel geprobeerd om alles zo goed mogelijk te laten klinken. In elk geval vind ik dat het meevalt en dat gepraat ertussen neemt wel wat de sfeer weg. Dat had niet op die manier gehoeven. Voor de rest is er niets op deze plaat aan te merken.
Heb je nog een ideetje nodig voor het kerstpakje van ‘Nonkel Hardrock’ in je familie? Dan is dit het ideale geschenkje voor onder de boom.

Tina Dico

Fastland

Geschreven door

Ik hou van uitersten in muziek. Het mag al eens hard rocken en als tegengewicht durf ik ook introverte muziek of dreampop beluisteren. Tina Dico behoort eerder tot die laatste categorie. De Deense ( in eigen land bekend als Tina Dicow) maakt een soort van doorleefde folkpop. Haar naam is hier niet zo bekend en dat is jammer. Ze is in eigen land al bedolven geweest onder de prijzen. Momenteel woont ze in IJsland. Met ‘Fastland’ is ze aan haar elfde album en komt vier jaar na haar vorig album. De reden was dat er niets nieuws uit haar gitaar kwam. Dat was voor haar een schok. De dingen die goed klonken gaven haar innerlijk geen voldoening. Het moest dus anders. Ze legde haar gitaar aan de kant en begon met ritmes en toetsen te werken. Plotseling kwam het toch en waren de songs wel diep en intiem genoeg. Zo ontstond ‘Fastland’. De titel betekent trouwens in het Deens en het IJslands ‘vasteland’. Daarmee wil Tina aangeven dat muziek haar vasteland is maar het is tevens ook commentaar op de moderne wereld. Een wereld waarin we vroeger het vasteland waren en waarin nu a.h.w. vloeibaar en voortdurend in beweging zijn.
Ik kan je zeggen dat het album een pareltje is. Echte folkpop krijg je hier weinig geserveerd. Enkele songs bevatten wel wat folk elementen zoals opener “Not Even Close” dat bij mij met haar stem de juiste snaar weet te raken. En afsluiter “Something You Keep” behoort daar ook toe. Ze gebruikt ook moderne geluiden maar doet dat subtiel en goed vermengd in het geheel. Luister maar eens naar de intro op “Hands”. “Adams House” klinkt dan weer luchtig en opgewekt. “Devil’s Door” is ook een aanrader, net als “Parked Car”.
Er valt veel moois te ontdekken op ‘Fastland’. In eigen land behaalde ze verschillende keren goud en platina. Dat is niet verwonderlijk met zo’n albums en stem. Voor liefhebbers van Suzanne Vega, Lana Del Rey, Joni Mitchell…

Imperial Age

The Legacy Of Atlantis

Geschreven door

De nog relatief onbekende Russische metalband Imperial Age staat hoog aangeprezen bij Christopher Johnsson en Thomas Vikstrom van het veel bekendere Therion. Zij namen de band uit Moskou al een paar keer mee op tournee en zowat de helft van Therion speelt ook mee op het nieuwe album ‘The Legacy of Atlantis’.
Imperial Age werd in 2012 opgericht door Alexander Osipov en Jane Odintsova. De band kende reeds veel verschillende samenstellingen, maar Alexander en Jane zijn samen met zangeres Anna Moiseeva de vaste waarden. Producer van dienst was Sergei Lazar (bekend van Arkona). Het Moscow Conservatory Chamber Choir speelt een belangrijke rol op het nieuwe album. De gastmuzikanten op het album zijn o.m. Nalle Pahlsson, Christian Vidal en Thomas Vikstrom van Therion. Dat is niet te verwonderen. Op het moment dat Therion die van Imperial Age meevroegen op de tournee van dit jaar, bestond Imperial Age nog slechts uit Alexander, Jane en Anna. Maar er waren al ideeën voor een album en die hebben ze samen met het trio van Therion opgenomen (voor de shows werd inmiddels een nieuwe band bij elkaar gesprokkeld). En ‘The Legacy Of Atlantis’ komt uit bij Adulruna Records, het label van Christopher Johnsson.
‘The Legacy Of Atlantis’ is dus duidelijk schatplichtig aan de en symfonische operametal van Therion. Theatraler dan pakweg Within Temptation of Epica. De compositie en de focus op de vrouwelijke en mannelijke stemmen en koren zijn prima te vergelijken met de aanpak van Therion. De Russen voegen er natuurlijk nog wat extra bombast (wat wij hier eerder als kitsch zouden omschrijven) aan toe, net als die typisch Slavische weemoed en melancholie en donker drama. Dat aanhouden van die bombast maakt het op een volledig album wat eentonig, maar het is nog net verteerbaar. Een aantal tracks hebben flink wat power en tempo, maar deze band voelt zich vooral thuis in vals-trage powerballads en midtempo-tracks. Het hele album heeft één thema en verhaal, maar je kan ook gewoon ‘zonder handleiding’ luisteren.
Imperial Age was al verschillende keren te zien op Belgische podia, als support van Therion en Orphaned Land, en voor volgend jaar kondigen ze hun eerste tournee als headliner aan. België staat voorlopig nog niet op de agenda, maar ze komen wel naar het heel nabije Lille (net over de grens met Frankrijk) en na die show staan nog een aantal data open. Het kan nog.

Mortier

Marie -single-

Geschreven door

Mortier is de nieuwe band van Thomas Mortier die bekend is van De Ministers van de Noordzee. Herinner hun hitje uit 2014 “Opa’s Volvo”. Hij verzamelde mooi volk rond zich met o.a. Senne Guns, Nele Paelinck (ex-School Is Cool), Jesse Maes (Sophia) en Willem-Alexander Langlet (Emma Bale).
“Marie” is een zonnige song ( in observerende stijl) met de nodige melancholie in de stem. Men heeft aandacht gehad voor aansprekende melodie- en tekstlijnen. Denk daarbij aan artiesten zoals Spinvis, Nielson, Yevgueni, Het zesde metaal …
“Marie” is een mooi uitgebalanceerde song geworden die het beste doet vermoeden voor het album dat begin 2019 via Mayway Records zal verschijnen.
Ik kan er nog veel over vertellen maar ik zou zeggen luister er vooral eens naar.
Te spotten op o.a. Radio 1 en Radio 2.

Angèle

Angèle - Si belle que Bruxelles!

Geschreven door

In het begin van het jaar riepen we al van de daken dat Angèle de grootste revelatie van 2018 ging worden en gelijk kregen we. Na een meer dan uitgebreide festivaltour en enkele succesvolle singlereleases bracht ze een dikke maand geleden haar debuutalbum ‘Brol’ uit en kreeg ze bijna alleen maar positieve reacties. De hype blijft met de dag toenemen en ook Frankrijk is inmiddels helemaal gezwicht voor de charmes van de Brusselse zangeres want haar arenatour bij onze zuiderburen is bijna helemaal uitverkocht. Angèle speelde Angèle het eerste van twee uitverkochte shows in de AB waarin ze de hype helemaal waarmaakte en de hele zaal op stelten zette.

Een blauwtje lopen? Dat deed Blu Samu allesbehalve in een reeds stampvolle AB. Met een dik kwartier vertraging, maar ook een meer dan welgekomen enthousiasme trok Blu het podium op om de AB in lichterlaaie te zetten. In het begin van de set deed ze dat nog met haar souly nummers, terwijl ze op het einde al haar remmen losgooide en voor een echte turn up zorgde. Af en toe raakte ze buiten adem of zong ze naast de toon, maar net die onvolmaaktheid en haar sympathieke manier maakten haar des te populairder bij het publiek. Blu Samu is nu nog een voorprogramma, maar dat kan in 2019 veranderen.

Nadat er al bij Blu vertraging was, begon Angèle eveneens een kwartiertje later aan haar show en net die vertraging zorgde ervoor dat de spanning bleef stijgen en dat het publiek uit zijn dak ging wanneer de lichten doofden. Voorafgegaan van een intro inclusief oogverblindende lichten, weerspiegelde zich dan eindelijk de schaduw van Angèle die naar haar micro marcheerde en haar hit “La Thune” inzette. Aan humor geen gebrek bij de zangeres. In het energieke popnummer “Balance Ton Quoi” kreeg ze iedereen aan het lachen door hilarische visuals met vliegende katten. Een opening die voor een heleboel poespas zorgde.

Angèle is veel meer dan de doorsnee popact. Althans, dat was hetgeen ze ons wou laten geloven en dat deed ze ook. De vaak voorkomende mix tussen piano en elektronische invloeden klonk in o.a. “Jalousie” enorm fris en met momenten lichtjes ondeugend. We onthouden zo ook “T’es Beau” dat met een piano solo van Angèle begon en dan dankzij haar band evolueerde tot een echt trip-pop-nummer waar niet alleen Angèle haar danspasjes boven haalde. Met debuutsingle en megahit “Le Loi de Murphy” ging het nog energieker verder en kreeg onze Brusselse trots, door het oorverdovend luid meegezongen refrein, heel de AB mee.
Angèle ruilde Brussel nog maar recent in voor Parijs, maar de Belgische hoofdstad is en blijft haar eeuwige thuis. Met een tedere versie van Dick Annegarns “Bruxelles” bracht ze dan ook een prachtige, fragiele ode aan haar thuisstad waarmee ze heel de zaal stil kreeg om aansluitend met “Nombreux” in dezelfde sfeer te blijven hangen. Het anders zo rebelse en hilarische tieneridool sloeg de zachtere tonen aan en ook hierin bleek ze te brilleren. Uitstekend was overigens ook “Flemme” dat moody en catchy tegelijk klonk en – na het rustigere moment – weer stilaan vaart in de set bracht.
Aan gigantische hits en meezingmomenten allesbehalve gebrek in de snel voorbijgaande set, maar hét grootste moment van de avond was setafsluiter “Tout Oublier” waarvoor Roméo Elvis het podium opkwam en de hele AB in extase bracht. Broer en zus vormden het ultieme dreamteam dat de massa zonder probleem meekrijgt. In de bisronde liet Angèle haar fans ook niet op hun honger zitten, want met haar nieuwste hit “Ta Reine”, het niet zo wazige, maar wel zeer aanstekelijke “Flou” en haar aanstekelijke hit “Je Veux Tes Yeux” sloot ze haar show op een indrukwekkende manier af.
Lang was Angèle ‘de zus van Roméo Elvis’, maar in de AB bevrijdde de jonge artieste zich definitief van deze titel. Fris, monter en met een goed uitgewerkte set presenteerde Angèle zichzelf in een uitverkochte AB alsof het de normaalste zaak op aarde is, terwijl ze bij haar publiek voor massahysterie zorgde. Met grote ogen bewonderden we de veelzijdigheid, de charmes, de humor en de muzikaliteit van de Belgische zangeres en stelden we vast dat we met Angèle qua populariteit misschien wel een vrouwelijke Stromae hebben. Een ongelofelijk talent dat ons afsluitend maar één ding kan laten zeggen: ‘Angèle, vous êtes si belle que Bruxelles.’

Wie het concert moest missen en geen tickets voor de uitverkochte shows in de AB, Trix of Vorst heeft kunnen bemachtigen, krijgt van ons goed nieuws. Vrijdag zal Angèle nog twee extra Brusselse zaalshows aankondigen.

Setlist: La Thune  - Balance Ton Quoi  - Les Matins - Victime des réseaux – Jalousie - T’es Beau - La Loi de Murphy - Bruxelles (Dick Annegarn cover) – Nombreux – Flemme - Tout Oublier (met Roméo Elvis) - Ta Reine – Flou - Je Veux Tes Yeux

Foto Angèle @Festivaldranouter (4T6Photography)

Met dank  aan Dansende Beren (http://www.dansendeberen.be)

Organisatie: Live Nation ism Ancienne Belgique, Brussel

Holly Golightly

Holly Golightly - Onthaastende rock-‘n-roll

Geschreven door

De opkomst was eerder mager op deze zondagavond maar dat kon niet beletten dat het een hele mooie en hartverwarmende avond werd.

Eerst werden we nog blootgesteld aan de exploten van Gezman, een geschift gezelschap uit Kortrijk dat intussen toch ook al zo’n 20 jaar aan de weg timmert. De groep rond zanger Steven Vervaecke opende ronduit schitterend met “Schmuck”, een nummer dat zowaar in het Engels gezongen werd en waarmee Gezman bewees het ook zonder dat sappige West-Vlaams te kunnen. Zwalpende americana waarin de Country Teasers Morphine ontmoeten na een nachtje stappen.
Met de tweede song werd nog even op hetzelfde elan doorgegaan maar daarna losten de vijf de teugels wat en werd het wat nonchalanter en cabaretesker. Er werd nu gegraaid in het oudere werk waardoor ik, die gehoopt had op een presentatie van de laatste plaat, ‘Olput blues’ (schitterende titel overigens), wat op mijn honger bleef zitten. Hoewel de band muzikaal duidelijk een stuk rijper geworden is , doorstond niet alles de tand des tijds. Toch viel er nog voldoende moois te rapen zoals “Veel dust”, “Blow Hotel Zulu” met een knipoog naar “Blue Hotel” van Chris Isaak of het wat vreemde “Evil”, een nummer van bassist Kris Demets. En werd het wat minder dan bleef er nog steeds die geweldige sax van Ruben Vercaemer. Ten slotte werden onze oren nog onverwacht zwaar op de proef gesteld met “Hotdog”, een noise explosie die zijn doel wat voorbijschoot.

Holly Golightly werd door haar moeder gezegend met een naam die verwijst naar een personage uit ‘Breakfast at Tiffany’s’, een novelle van Truman Capote die ook succesvol verfilmd werd. Holly begon haar muzikale loopbaan bij Thee Headcoatees (1991-1999), aanvankelijk het achtergrondkoortje van Billy Childish’s Thee Headcoats maar die al snel als volledig vrouwelijke garage band naam wist te maken. Sinds 1995 maakt ze ook solo platen terwijl ze vanaf 2007 ook nog een nieuw project begint met haar partner Lawyer Dave : Holly Golightly & The Brokeoffs. De twee verhuizen enkele jaren later naar Georgia en sindsdien leidt ze eigenlijk een dubbelleven. In Amerika tourt ze met The Brokeoffs terwijl ze regelmatig de plas oversteekt om met haar Britse groep Europa te doorkruisen.

Holly Golightly begon haar set, net als twee jaar geleden in Het Bos, met “Crow Jane”, een traditional die vooral gekend is in de versie van Skip James. Dat terwijl de soundcheck eigenlijk nog niet afgerond was en er nog enkele techniekers de monitors kwamen checken op het podium. Tot grote verbazing van Holly die zoveel bezorgdheid niet gewend was en waarbij ze zich liet ontvallen dat de sound tijdens deze tour (het was trouwens de laatste dag) nergens beter geweest was dan hier. Ze zal het wel gemeend hebben want het geluid zat inderdaad perfect wat de schoonheid van dit concertje nog bedwelmender maakte.
Wat was het weer genieten van de souplesse waarmee deze band oude vergeten parels nieuw leven in blies: “Directly from my heart”, een zeldzame sleper van Little Richard die ooit nog door Frank Zappa werd gecoverd, “Your love is mine” van Ike Turner, hier met gitarist Bradley Burgess vertederend op tweede stem, “Mule Skinner” van Jimmie Rodgers, te vinden op haar laatste plaat met The Brokeoffs of  “Sally go ‘round the roses” van one-hit wonder The Jaynets. Maar ook de eigen songs getuigden van een tijdloze klasse. Onthaastende rock-‘n-roll gebracht met een ontwapenende bescheidenheid. Betoverend gezongen met die lijzige stem van een eeuwig mysterieus glimlachende Holly, geruggensteund door een uitmuntende, goed geoliede groep. Die bestond uit de wonderlijke gitarist Bradley Burgess, die geen noot teveel speelde, en een onwankelbare ritmesectie met Matt Radford op staande bas en veteraan Bruce Brand (Billy Childish, Hipbone Slim and The Knee Tremblers, The Dustaphonics, The Kneejerk Reactions, The Len Bright Combo, Thee Milkshakes, Thee Headcoats, The Pop Rivets, The Voo-Dooms, The Masonics en zo kan ik nog een tijdje doorgaan...) op drums. Altijd een plezier om die laatste terug te zien, kurkdroog maar o zo efficiënt terwijl hij al eens een ander nummer dan de rest durfde in te zetten.

Heerlijk toch, die ongedwongen sfeer. Bij het afscheid zei Holly dat ze hier graag opnieuw geïnviteerd zou worden. Niet aarzelen zou ik zeggen, als de kans zich voordoet.

Organisatie: 4ad, Diksmuide

Pagina 358 van 967