logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Wolf Banes ...
avatar_ab_18
Sam De Rijcke

Sam De Rijcke

donderdag 15 november 2012 01:00

Een subliem Archive in Vorst

Het wonderlijke Archive heeft met ‘With us until you’re dead’ nog maar eens een nieuwe prachtplaat uit die in Vlaanderen alweer voor geen meter aandacht heeft gekregen. Nog een geluk dat de Walen, net als de Fransen trouwens, deze atmosferische band op handen dragen zodat Vorst Nationaal toch nog voor de helft kon vollopen.

Eigenlijk zou een zaal als Vorst tot aan de nok moeten gevuld zijn voor zo veel pracht, want dit is één van de meest tot de verbeelding sprekende concerten die we ooit hebben mogen meemaken in de Brusselse bunker.
De sound van Archive omschrijven is niet zo evident. De band produceert een uniek geluid die zowel neigt naar triphop als naar prog-rock en het experiment wordt hierbij niet geschuwd. De muziek wordt in meerdere lagen op elkaar gestapeld, klinkt dikwijls orkestraal en toch is er geen overdreven bombast mee gemoeid.
Wij horen Radiohead, Massive Attack, Pink Floyd en Primal Scream. Er zijn beats, er is intimiteit en er hangt voordturend een aanhoudende spanning in de lucht die nog wat extra aangedreven wordt door een verbluffende lichtshow. De vocals worden verdeeld onder de twee frontmannen en twee zangeressen, allemaal bezorgen ze ons kippenvel met hun uitmuntende vocale prestaties. Archive verveelt geen seconde, en dit voor een concert van ruim twee uur en 20 minuten. Faut le faire.
De nieuwe plaat is er eentje die u best van naaldje tot draadje in één ruk beluistert, maar hier worden de talrijke nieuwe songs (9 stuks) netjes over de hele set gespreid. Nieuwe pareltjes als “Interlace”, het dreigende “Conflict”, het orkestraal trip-hoppende “Violently” en het intieme “Stick me in my heart” mengen zich tussenin briljante klassiekers als het alweer fantastische “Fuck U” en het immer wondermooie “Again” dat hier een ingekorte en akoestische benadering kreeg, doch even innemend als het origineel.
Een opzwepend “Pills” en een onmetelijk mooi en spannend “Dangervisit” vormen samen met het nieuwe “Damage” het einde van een fantastisch eerste deel, maar Archive heeft naar goede gewoonte nog een knoert van een bisronde in petto.
In die bisronde zit terug indrukwekkend materiaal uit die nieuwe plaat met een ophitsend ritmisch “Hatchet” en een hemelsmooi “Silent” als hoogtepunt. Daarna zijn de wondersongs van die vorige wonderbaarlijke plaat ‘Controlling Crowds’ aan de beurt. Archive schittert in “Controlling Crowds”, “Bullets” en “Kings of Speed”.
Onder luid gejuich en applaus komt de band nog één keer terug voor een sublieme finale met het oudje “Waste” wat heel intiem en ingetogen aanvangt om dan in een verbluffende muzikale apotheose uit te barsten, dit is zo een wereldsong waar Archive het patent op heeft.

Prachtconcert. We zijn er nog niet goed van …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/archive-13-11-2012/

Organisatie: Live Nation

donderdag 01 november 2012 01:00

Worship

Binnen de huidige shoegaze revival die nu toch al een tijdje aan de gang is, mogen we APTBS toch als één van de belangrijkste groepen aanzien. Als geen ander laten zij de snerpende gitaren en de wall of sound van een jonge Jesus And The Mary Chain herleven.
Eerder dit jaar hebben ze met de EP ‘Onwards to the wall’ al een niet onaardig visitekaartje afgeleverd, dit hier is hun derde volwaardige album.
Aan de formule is weinig veranderd. De gitaren snijden door merg en been, de decibelmeter gaat geregeld in het rood en de vaak onderkoelde vocals geven het geheel een duister eighties tintje mee. Als volleerde slijpschijven en boormachines slopen de gitaren de nodige muren, maar toch is er steeds een knappe song onder het geweld te vinden, en dat is wat APTBS zo bijzonder maakt. Zo schuilt er behoorlijk wat melodie in krautrock achtige songs als “You are the one” en “Worship”, en op “Dissolved” wordt de massieve geluidsmuur even aan banden gelegd voor een fijn gitaarriedeltje.
Elders wordt dan weer verschroeiend uitgehaald in de haastige brok noise “Why I can’t cry anymore” en in het extreem wilde “Revenge”, die we in al zijn razernij meteen tot onze favoriet van de plaat bombarderen.
A Place To Bury Strangers heeft misschien niet de meest verrassende plaat van het jaar gemaakt, maar de heren staan wel degelijk op scherp en deze ‘Worship’ is een al even logisch als splijtend vervolg op de vorige tijdbom genaamd ‘Exploding Head”.

 

Cloud Nothings - Een avondje scheurende en noisy gitaren
Cloud Nothings – Lotus Plaza
Kreun
kortrijk
2012-11-04
Sam De Rijcke

Cloud Nothings
is nog eens zo een gitaargroepje die uit het goede hout gesneden is, met een hitsige punky sound en heftige noise rock songs die aan een prille Nirvana en Sonic Youth doen denken. Het is er aan te merken dat die laatste schitterende plaat ‘Attack on Memory’ in een productie van niemand minder dan Steve Albini op de wereld werd losgelaten.
Quasi de ganse plaat werd er met een tomeloze energie in een half uurtje doorgejaagd, en dat was meer dan genoeg om ons te overtuigen van de kracht en intensiteit van dit bandje. Onze favorieten op plaat bleken ook live de meest tot de verbeelding sprekende tracks, en dan hebben we het over de fameuze gitaaruitbarstingen in “Wasted Days” en de naar Shellac neigende tonen van afsluiter “No future/no past”, de enige song in de set waar het gejaagde tempo ietwat werd ingetoomd. (zie Pics homepag)

Van Lotus Plaza hadden wij zo geen hoge verwachtingen, en dat omdat hun plaatje ‘Spooky Action at a Distance’ volgens ons geen uitschieter is binnen het huidige (over)aanbod van al die nieuwe Shoegaze revival bandjes die overal uit de grond rijzen.
Maar, kijk, de groep van Deerhunter gitarist Lockett Pundt wist ons zeer aangenaam te verrassen. Hun Shoegaze werd hier veel heter, spannender en krachtiger geserveerd dan op dat album. De galmende noise gitaren gingen fel en luid te keer en scheurden dat het een lust was, zoals het hoort bij dit soort muziek.

Zo hebben we vanavond weer onze portie rammelende en shuurpapieren gitaren gehad, dit van twee puike bands die compromisloos hun eigen ding doen en die de gitaren laten scheuren zoals ook de Velvets, The Stooges, Nirvana, Sonic Youth, Jesus & The Mary Chain en The Pixies het allemaal bedoelden, rauw en snedig.

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/fotos/clouds-nothings-04-11-2012/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lotus-plaza-04-11-2012/
Organisatie: Kreun , Kortrijk

 

De kans is groot dat u van deze Liverpoolse band nog maar weinig of niet gehoord heeft. Begonnen als doom-metal groep gooide Anathema in 1999 het roer volledig om en richtte zich met het album ‘Judgement’ op een soort gelaagde hedendaagse prog rock ergens tussen Pink Floyd, Archive, Porcupine Three en Dream Theater. Niet bepaald het meeste sexy genre, en zeker niet in Engeland, waar de pers altijd naar de nieuwe Arctic Monkeys zit te zoeken.
Anathema wordt ook nu nog vakkundig doodgezwegen door de Britse pers maar stilaan werd met de jaren een trouw publiek opgebouwd en liepen de concertzalen vol voor wat steevast kanjers van concerten van meer dan twee uren zouden worden.

Ook Frankrijk heeft een zwak voor Anathema, getuige het uiterst enthousiaste publiek. Te enthousiast, zo bleek. Fransen weten immers niet wanneer ze moeten juichen en wanneer ze hun klep moeten houden. Het handgeklap tijdens de meer intieme passages was bij momenten ontzettend irritant en het gejoel midden in de songs was ferm storend. Iemand moet die mensen eens dringend uitleggen wat het verschil is tussen een tempowisseling en het slot van een song. Al moet gezegd worden dat het een beetje de schuld was van de gitarist die het ook op de meest ongepaste momenten nodig achtte het publiek op te jutten.

Hoewel ze al 13 albums op hun rekening hebben, concentreerden ze zich vanavond op hun beste vier werkjes ‘Judgement’, ‘A natural Disaster’, ‘We’re here because we’re here’ en ‘Weather Systems’. Met het openingsduo “Untouchable” (parts 1 en 2) uit  het imposante en prachtige nieuwe album ‘Weather Systems’ was meteen duidelijk dat dit een onvergetelijk concert zou worden. De sound zat perfect, de stemmen van Daniel Cavanagh en Lee Helen Douglas klonken uiterst helder en de muzikale kunde van de band was van een zeldzame pracht. In de intro van het overigens bloedmooie ”Emotional Winter” kwamen de Pink Floyd geesten heel dichtbij, we waanden ons midden in ‘Wish you were here’, en dat is uiteraard als compliment bedoeld.
Dat de band het metal verleden nog niet helemaal van zich heeft afgeschud was te merken met enkele heerlijke stevige uitspattingen, onder meer in “A simple mistake” en “Closer”.
Voor de rest was het genieten van de harmonieuze schoonheid van songs als “Thin Air”, “Everything” en “Wings of God” die stuk voor stuk melodieuze intimiteit en krachtige rock in zich droegen en gespeeld werden met evenveel gevoel als muzikale perfectie.
“The Storm before the Calm”, nog zo een geweldige gelaagde song uit ‘Weather System’, was zonder meer een hoogtepunt, het waren tien magische minuten waarin de Fransen omwille van de verrassende tempowisselingen weer zo een drie songs meenden te herkennen. Hierop haalde Anathema nog zo een parel uit hun mouw, “The Beginning and the End” was van een bovennatuurlijke schoonheid.
De reguliere speeltijd werd afgesloten met publiekslieveling “Flying” waarin een mondje mocht worden meegezongen, de song eindigde met een crème van een gitaarsolo die geleidelijk aan subliem wegdeemsterde tot de band achter de coulissen verdween.
Uiteraard moest zo een spectaculaire prestatie (we waren inmiddels al twee uren verder) vervolgd worden met verlengingen met daarin de nodige hoogstandjes, wat dan ook het geval was. In de bisronde werd nog even dieper in het (metal)verleden gegraven met een krachtig “Empty” en “Fragile Dreams”, dit tussenin alweer knappe symfonische pronkstukken “Internal Landscapes” en “One last goobye”.

Een indrukwekkend concert van maar liefst twee en een half uur met 21 songs om duimen en vingers van af te likken (de setlist om van te likkebaarden vind je terug op http://www.setlist.fm ). Anathema is een groep met pure klasse en een indrukwekkende muzikale bagage.

We hebben trouwens ook nog een pluim over voor het voortreffelijke voorprogramma Astra, een spacerock groep die met de teletijdmachine meer dan 30 jaar terugkeerde naar de oorspronkelijke progrock van bands als Jethro Tull en Yes (en dan bedoelen we niet de plastieken Yes van in de jaren tachtig die u kent van het gedrocht “Owner of a lonely heart”). De seventies dropen er af, niet alleen van hun uiterlijk (check de lange haren en wijde broekspijpen) maar ook van de songs die moeiteloos de 10 minuten grens overschreden en de solo’s die ons rond de oren vlogen. Je moet natuurlijk liefhebber zijn, maar wij konden dit wel smaken.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/anathema-31-10-2012/

Organisatie: Agauchedelalune, Lille

 

Crime and The City Solution is, net als The Bad Seeds, in de jaren tachtig ontsproten uit de assen van The Birthday Party. De band heeft evenwel niet zo een succesvolle carrière als Nick Cave kunnen uit de grond stampen en is min of meer altijd in de underground gebleven tot ze er in het begin van de jaren negentig de brui aan gaven.
Zanger Simon Bonney vond de tijd rijp om er na meer dan 20 jaar samen met violiste en tevens echtgenote Bronwyn Adams een vervolg achter te zetten. Een nieuwe compilatie cd is pas op de wereld losgelaten (vreemd genoeg werden hierbij de eerste twee fantastische platen over het hoofd gezien) en eind dit jaar zit er een kersvers album ‘American Twilight’ aan te komen.

Naast het koppel en tweede gitarist Alexander Hacke zitten er geen originele groepsleden meer in de band, maar Bonney heeft in de plaats wel heel proper volk meegebracht, onder andere Dave Eugene Edwards (Woven Hand, Sixteen Horsepower) en Jim White (Dirty Three).
Dat een man als Dave Eugene Edwards zich als een visje in het water voelt bij die grillige Australische woestijnrock is niet te verwonderen. De spirit, de bezetenheid en de onderhuidse dreiging van Crime and The City Solution is ook terug te vinden in het werk van Woven Hand, Edwards weet zich bijgevolg gretig in te leven in de grimmige songs van zijn tijdelijke bondgenoten. Naast Edwards laat ook keyboardspeler Matthew Smith de songs sluimeren en nagloeien via enkele orgelpartijen die het meest donkere van The Doors naar boven brengen.
De bezwerende sound van weleer is op vandaag nog steeds de belangrijkste factor in de muziek van Crime & The City Solution, zo blijkt. Ook de nieuwe songs klinken bezeten en creëren een broeierige sfeer.
In tegenstelling tot de pas uitgebrachte compilatie laat men deze keer die eerste twee platen niet links liggen en krijgen we tot onze grote opluchting twee van die knarsende en sublieme oude songs, “Rose Blue” en “Six Bells Chime”, meteen twee absolute hoogtepunten van de avond.
Ook “All must be love “ en vooral een verslavend “One every train” zijn gedreven en spannend. Het uiterst fijne album ‘Paradise Discotheque’ wordt eveneens niet onberoerd gelaten met “The Last Dictator” en een scherp “I have the gun”. De band sluit op een schitterende manier af met het gloednieuwe uitmuntende “American Twilight”, de song werkt zichzelf sluimerend naar een verzengende climax toe en ontpopt zich zo tot een klassieker in wording.

Dit is nog maar eens zo een terechte reünie van een zwaar onderschatte band die veel te vroeg de handdoek in de ring had gesmeten. Na de prestatie van vanavond kijken wij reikhalzend uit naar die nieuwe plaat.
Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/crime-the-city-solution-29-10-2012/

Organisatie: Democrazy, Gent

 

donderdag 18 oktober 2012 02:00

Jake Bugg

De wereld heeft nood aan een nieuwe Dylan, zeker nu de ouwe met het bedenkelijke ‘Tempest’ een laatste weinig hoopgevende stuiptrekking heeft gelost.
Er staat er hier eentje aan de deur te kloppen. De piepjonge Britse singer/songwriter Jake Bugg heeft met zijn veelbelovende titelloze debuutplaat een sterk visitekaartje afgeleverd. In eigen land heeft hij een duwtje in de rug gekregen van NME en van Noel Gallagher, wat hem uiteraard geen windeieren heeft gelegd. Hij was er zonder die omhooggevallen referenties ook wel gekomen, want er schuilt een berg talent in deze jonge snaak.
Het is haast niet te geloven dat zo een snotneus kan teruggraven naar een akoestisch en primitief geluid via poedelnaakte songs die op een ambachtelijke manier zijn gesmeed.
De uiterste fris klinkende uptempo songs (“Lightning bolt”, “Two Fingers” en “Taste It”) zitten vooraan en verraden een gezonde liefde voor Britpop, Jake Bugg zijn vocale prestaties neigen soms naar Alex Turner (Arctic Monkeys) en dat zit die nummers als gegoten.
Het is pas na een vijftal songs dat de Dylan in Bugg naar boven komt, en die doet dat heel overtuigend. Het bloedmooie “Broken” is om stil van te worden, het is een wonder dat zo een parel uit de mouw van een achttienjarige wordt geschud. In de folkblues van “Trouble town” en het krakende “Fire” (waarin de geest van Robert Johnson rondhangt) graaft hij nog dieper in het verleden, naar de tijd dat zelfs zijn grootvader nog in korte broek rondliep. Melancholische en uiterst knappe ballads als “Ballad of Mr Jones” en “Slide”, waarin Bugg’s stem hemels klinkt, doen ons denken aan het uiterst prachtige en helaas ook zwaar onderschatte I Am Kloot, ook zo een groepje die niet hoog oploopt met de nieuwste trends en het begrip song hoog in het vaandel draagt.
Enkele uitschuivers niet te na gelaten (een matig “Seen it all” en een melig “Simple as this”)  is dit een waarlijk knap debuut waarin Jake Bugg zichzelf in één ruk promoveert tot één van de meest beloftevolle singer/songwriters van zijn generatie.
U kan er getuige van zijn tijdens een intiem concertje op 3 maart in de Botanique. Maar eerst het plaatje aanschaffen (en laat die laatste van Dylan maar in de bakken zitten, hij is uw zuurverdiende centen niet waard).

donderdag 11 oktober 2012 02:00

The Seer

 

Al jaren maken Swans zwartgallige, tegendraadse, zwaarmoedige, onheilspellende en apocalyptische muziek, dit al vanaf begin jaren tachtig. De kans is zeer klein, zoniet onbestaande, dat u deze groep al eens op de radio gehoord heeft, laat staan dat ze een hit zouden gemaakt hebben. De band, die het geesteskind is van songwriter Michael Gira, grossierde steeds in donkere genres als no wave, industrial, noise, pikzwarte ambient en al wat daar nog onder ligt.

Met het in 2010 uitgebrachte ‘My father will guide me up a rope to the sky’ kwamen ze terug na een stilte van meer dan 10 jaar en meteen bleek dat ze nog niets van hun duistere krachten hadden ingeboet.
Met ‘The Seer’ hebben ze ook nu weer een hoogst indrukwekkend epos gesmeed, het is een weinig hapklare brok geworden die maar liefst 120 minuten uw brein teistert. Neem er uw tijd voor, dit is niet bepaald easy listening. Als u gewoon bent om naar plaatjes van Coldplay, Kings Of Leon of Linkin Park te luisteren, haak dan maar meteen af.
Zo draaft de titeltrack maar liefst 32 angstaanjagende minuten door en blijven de onweerswolken de ganse tijd als gieren boven de song hangen. Of wat te denken van ‘A piece of the sky’ dat begint met twee minuten regengekletter gevolgd door nog eens een tergend lange aanhoudende dreiging van bloedende instrumenten die elke vorm van ritme schuwen om pas na 10 minuten om te schakelen naar wat we voorzichtigheidshalve een song zouden durven noemen.
 “93 Ave. B Blues” is niets minder dan een wandeling door een spookhuis en “Avatar” is een bezwerende brok onheil. Om toch nog eens wat beter te kunnen ademhalen wordt bij wijze van verpozing een iets rustiger weiland betreden met de mijmeringen “The daughter brings the water” en “Song for a warrior” (met een prachtige Karen O als vertolker van de zwanenzang).
Wie de 120 minuten van ‘The Seer’ in één ruk kan uitzitten zal er verward, begeesterd en verweesd uitkomen, doch alweer een ervaring rijker, één die nergens thuis te brengen is.

Onze tip : Ga ergens in een godvergeten gat, kilometers weg van de bewoonde wereld, een ouwe vervallen Middeleeuwse burcht opzoeken, begeef u naar de diepste kerkers van het lugubere gebouw, ga daar in je eentje op de kille grond zitten en jaag ‘The Seer’ loeihard door uw koptelefoon. De tijd van uw leven. En als je daar Michael Gira tegenkomt, doe hem de groeten.
Huiveringwekkende plaat.

donderdag 11 oktober 2012 02:00

Circles

Moon Duo is het groepje van keyboardspeler Sanae Yamada  en songwriter/gitarist Ripley Johnson, tevens frontman van Wooden Shjips. Derde groepslid is een drumcomputer die, gezien het repetitieve karakter van de songs, regelmatig in de repeat stand mag staan.
De muziek van Moon Duo ligt ook niet echt mijlen ver weg van Wooden Shjips, iets meer krautrock misschien en iets minder psychedelica. Voor ons heeft het quasi dezelfde verslavende werking, en dat dankzij de immer voortdrijvende ritmische onderbouw van orgel en synths met daarbovenop die borrelende gitaren en de ingehouden vocals van Johnson.
Praktisch elke song drijft verder op twee of drie akkoorden, maar het stoort niet, dit is nu eenmaal het soort bezwerende muziek die Moon Duo produceert. Alan Vega en Suicide hangen wederom constant in de lucht maar ook het zwaar onderschatte en inmiddels al lang vergeten Wipers, die fantastische band van Greg Sage, dwarrelt in deze plaat rond.
‘Circles’ van Moon Duo is het bewijs dat repetitieve muziek immer boeiend kan zijn. Dat heeft The Velvet Underground destijds aan de wereld geleerd. De volgelingen zijn ontelbaar.

donderdag 11 oktober 2012 02:00

The Sheepdogs

Toen wij de Canadese band The Sheepdogs in de AB aan het werk zagen als support act van Band Of Skulls, hadden wij al door dat het hier een bandje met aardig wat potentieel betrof. Doorgaans weten voorprogramma’s niet bepaald onze aandacht vast te houden, maar dit hier was een welgekomen uitzondering.
The Sheepdogs zweren op deze titelloze plaat (toch ook al hun vierde werkje) bij de flow van de seventies en bij de southern rock van bands als Lynyrd Skynyrd, maar anderzijds weten ze hun songs kort en bondig te houden, wat hen dan ook weer positief onderscheidt van de dinosaurussen uit de seventies. Op vinnige tracks als “The Way it is” en “Feeling Good” neigt de barometer sterk naar The Black Keys, maar elders zit het geluid van the Sheepdogs diep geworteld in de Amerikaanse voornamelijk zuiderse grond, denk aan Allman Brothers, Little Feat en North Mississippi Allstars.
De songs zijn fris en hebben een fijn roots gevoel met respect voor de grote voorbeelden zonder hierbij als lauwe kopieën te klinken. The Sheepdogs weten hier een eigenheid uit te bouwen die hen wel eens op de wereldkaart zou kunnen zetten. Laat ons hopen.

De koerswijziging die Richard Hawley heeft doorgevoerd op zijn schitterende nieuwe plaat ‘Standing At the Sky’s Edge’, waarin de gitaar en prominente hoofdrol in beslag neemt, heeft duidelijk zijn weerslag op diens live set. De man bewees in de AB meer dan ooit een begenadigd gitarist te zijn en bouwde bij momenten een stevige geluidsmuur op. De sterkte van zijn huidige live act is echter dat hij de perfecte harmonie wist te vinden tussen de hartverwarmende schoonheid van zijn vorige werk en de stevige psychedelische gitaarinslag van de nieuwe plaat. Gevolg, op het podium spetterde het en mochten we spreken van een 18 karaats optreden.  

Hawley is een volbloed entertainer. Strak in de leren jekker gestoken en de vetkuif proper in de lijn gelegd zorgde hij voor het nodige rock’n’roll gehalte. Met zijn droge humor en gevatte tussenkomsten kreeg hij het publiek aan het lachen en met die warme stem en een pak te koesteren intieme momenten creëerde hij een adembenemende stilte in de zaal. Faut le faire.
De intieme pracht van “Soldier On” was een eerste kippenvelmoment maar zeker niet het enige. Zelden de AB zo stil geweten. Ook het wondermooie “Open up your door” kroop diep onder de huid en het in krachtige gitaaruithalen openbarstende “Before” was een pareltje. Qua gitaarlessen konden we nog wat leren van het waarlijk schitterende “Remorse Code” waarin Hawley een uiterst fenomenale ingetogen solo uit zijn mouw toverde. En die gitaar van hem mocht al wat onstuimiger tewerk gaan in een furieus “Time wil bring you winter” gevolgd door een splijtend en krachtig “Down in the woods” waarin wij de rif van “1969” van The Stooges meenden te herkennen (check toch maar even uit).
Richard Hawley eindigde ook vanavond weer met het briljante en bloedmooie “The Ocean”, een betere afsluiter konden we ons echt niet voorstellen.

Er zijn zo van die prachtconcerten waarvoor een mens maar niet genoeg superlatieven uit de kast kan halen, dit was er zo eentje.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/smoke-fairies-12-10-2012/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/richard-hawley-12-10-2012/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel (ism Live Nation)

Pagina 69 van 111