logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
Kreator - 25/03...
Johan Meurisse

Johan Meurisse

donderdag 16 december 2010 01:00

The Golden Archipelago

De nieuwe plaat van Jonathan Meiburg en zijn Shearwater completeert het drieluik van het in 2006 verschenen ‘Palo Santo’ (vierde cd al)  en ‘Rook’. Voorheen combineerde hij het werk van Shearwater met zijn vriend Will Sheff , de spil van de americana band Okkervil River. Als afgestudeerd ornitholoog (bandnaam is afgeleid van een zeevogel) kunnen we niet omheen thema’s als vogels, zee en bossen. De songs ademen ook die sfeer uit. Ze waren de inspiratie van onderzoekende kampeertrips  langs eilanden als de Falklands, Madagascar, Tiera del fuego en aantal Chatham – eilanden van Nieuw-Zeeland.
Pure indiefolkende songs, broeierig, intens spannend, opbouwend en organisch, die subtiel gearrangeerd zijn met de gepaste bombast en een zuiver pakkende zang. Het luisterend materiaal steekt goed in elkaar, is harmonieus en klinkt uitermate boeiend. Een sterke plaat op zijn geheel dus!

donderdag 16 december 2010 01:00

A sufi & a killer

Een heel apart debuut is afkomstig van de uit LA opererende Gonjasufi, aka Sumach Ecks . Een elektronica wizzard, die de producers The Gaslamp Killer, Mainframe en Flying Lotus achter de hand had, die puurt uit de trippop van Portishead en Tricky en die er een muzikale potpourri van neopsychedelica, ‘70s retro , freejazz, reggae en funk met Arabische invloeden en elektronica vertier aan toevoegt;  inhoudelijk kan het materiaal vorm krijgen, maar het kan even structuurloos klinken. Z’n gruizelige, krakende stem heeft iets van Mark E Smith, David Thomas en John Lydon .
Hij doet ons terugdenken aan Lee Scratch Perry, George Clinton, Captain Beefheart en de Residents door de rauwe lofi ritmes, de repetitieve, neuzelige synths, de samples en de weirde, onverwachtse wendingen. Hallucinant en smerig. Voor de avontuurlijke muziekliefhebber.
De leer van ‘soefisme’ (een filosofie over de realiteit van het menselijk bestaan, zelfkennis,  het harmonieus samenleven, wederzijds begrip hebben en vorming bieden) en andere godsdiensten laten we in het midden . Zoals ‘de killer’ in de titel van de cd omschrijft, is hij één brok energie. Retropsychedelica geïnjecteerd door ganja, topkwaliteit marihuana, met een pijpje. Geestesverruimend.
Deze kleine blok van ne vent, met z’n enorme baard, pikzwarte ogen en samengeklonterde dreadlocks zingt en predikt in twee overgemoduleerde microfoons, bouwt een broeierige spanning op, speelt met geluidjes of laat zich volledig verglijden, wat songs brengt zonder begin en einde.
De cd is een concept en best in één ruk te beluisteren . “Sheep”, “She gone”, Suzie q (knipoog naar Iggy) ”, “Kowboyz & Indians” , “Duet”, “Ancestors” en “Candylane” zijn  in de mengelmoes best aardig te pruimen!

Voor de avontuurlijke muziekliefhebber was er vanavond een heel aparte vogel te zien, uit LA, Usa, Gonjasufi aka Sumach Ecks. Uniek in zijn soort, yogaleraar, die de islam bestudeerde, het soefisme (een filosofie over de realiteit van het menselijk bestaan, zelfkennis,  het harmonieus samenleven, wederzijds begrip hebben en vorming bieden)  en andere godsdiensten.

Hij heeft een heel bijzonder debuut afgeleverd ‘A sufi and a killer’. ‘Sufi’ als wijsheid, de spirituele dimensie van de islam, trainen van je  lichaam, je geest als beste vriend hebben en het bewust-zijn als animo, hoe het mag klinken; de ‘killer’, de persoon Gonjasufi, één brok energie die draaft over het podium als een wilde stier; die twee zaken gaan hand in hand. Hij straalt een ‘je m’en fou’ mentaliteit uit, en interesseert zich totaal niet aan politiek en politici die de islam als doelwit kiezen. Hij leerde zijn licht ontvlambare drift te beheersen, maar op het podium is er daar weinig van te zien door het feit dat hij vervalt in een soort hippoppose.
Hij houdt van allerlei geestesverruimende middelen, en verkeert graag in andere, betere en hogere sferen; Ganja, topkwaliteit marihuana, met een pijpje is hem niet vreemd.
De elektronica wizzard goochelt met geluiden en stijlen en maakt er een muzikale potpourri  en ontdekkingstocht van neopsychedelica, ‘70s retro , freejazz, trippop, reggae en funk met Arabische invloeden en elektronica vertier, die inhoudelijk vorm krijgt, maar structuurloos kan klinken. Z’n gruizelige, krakende stem heeft iets van Mark E Smith, David Thomas en John Lydon .
Natuurlijk is de hand van producers The Gaslamp Killer, Mainfraim en Flying Lotus herkenbaar. Hij doet ons terugdenken aan Lee Scratch Perry, George Clinton, Captain Beefheart en de Residents door de repetitieve, neuzelige synths, de samples en de weirde, onverwachtse wendingen. Avantgarde met een grote of kleine a zoals je het zelf wil. Hallucinant en smerig, die elke jonge en overjaarse hippie weet te boeien.
Op de live optredens wordt er zonder norm en dirigent gewerkt, enkel door z’n hiphopachtige armbewegingen verlegt of verhoogt hij het tempo. Deze kleine blok van ne vent, met z’n enorme baard, pikzwarte ogen en samengeklonterde dreadlocks kronkelt, ligt, zweeft over het podium en springt in alle richtingen, spuwt er nodige fucks, bullshits en motchafucks uit en zingt, predikt in twee overgemoduleerde microfoons. De songs hebben een ‘hoe komt het uit’ aanpak en zijn een soort jam van het origineel, een waaier van dreunende, rauw klinkende instrumenten en elektronica effectjes en bleeps.
Konden we het anders verwachten? M.i. niet, want tijdens de festivalzomer maakte hij er ook een potje van , zonder live band maar als DJ/rapper was er sprake van een niet bijster interessant optreden op Pukkelpop en Lowlands.
De roadie maakte het publiek warm door een cassetterecorder aan de micro te hangen; ruis en doodskreten hoorden we. De man ging volledig op in het aparte geluid van zijn meester, fans bogen voor hun profeet, anderen fronsten de wenkbrauwen, schudden het hoofd, hadden een grijns, relativeerden en bekeken de gig wat op afstand.
Een speciale, unieke gig dus, een bezwerende, meeslepende, broeierige psycho trip van verhakkelde songs, nauwelijks herkenbaar; o.m. haalden we “Sheep”, “She gone”, “Kowboyz & indians”, “Duet” en “Ancestors” uit de muzikale mallemolen.
In de bis hoorden we ergens een uitgesponnen “Candylane”. Mooi weliswaar! Op het einde werden de drums omvergegooid en klopte de drummer nog op de grond wat verder op de cymbalen. Toen de lichten al aanfloepten, brachten Gonjasufi, de roadie een soort oefensessie op het omvergegooide drumstel, samen met de bassist; ze konden op heel wat airplay rekenen van de die-hard fans.

Apart zeiden we … apart was het en eindigde het. Gonjasufi, ‘a sufi & a killer’, het zijn de juiste termen …

Organisatie: Botanique, Brussel

 


donderdag 09 december 2010 01:00

Happiness

Eén van de opkomende bandjes is het Engelse duo Hurts, die de sfeer van synthpop en onderkoelde electropop ademen met een vleugje bombast en kitsch. Op die manier zijn ze onmiskenbaar verbonden aan de ‘new romantics’, ‘the youngsters’ na de eerste wavegolf begin jaren ‘80. Invloeden van The Human League, Spandau Ballet, A flock of seagulls, Haircut 100 en Heaven 17, maar vooral ABC en de Pet Shop Boys halen we voor de geest. Stijlvol en – vast klinkt de muziek op hun debuut ‘Happiness’, die eigenlijk bol staat van weemoedige, donkere muziek, en af en toe een lichtpuntje biedt in een hoopvolle tunnel …
De zwaar georkestreerde partijen en de melodramatiek neigt naar een musicalfestijn ten tijde van Ultravox, Murry Head, Gazebo en Army of lovers, want beelden van getormenteerde ballerina’s flitsen ons voorbij.  … Typische eighties en lagen bombast ...
De diep, indringende zang van Theo Hutchcraft kan niet omheen Pet Shop Boy Neil Tennant, Brandon Flowers (The Killers) en (ex) Take That-er Robbie Williams.
Het duo slaagde er al in twee venijnige pakkende popsongs te schrijven, het sfeervol innemende “Wonderful life” en het emotievol dansbare “Better than love”. Centraal staat hun onderkoeld materiaal door de logge, slepende, soms diep dreunende elektronicabeats, de opbouwende gevoelige pianopartijen en pittige ‘discotheka’ muziek. Er valt nog goeds te rapen als “Silver lining, “Blood & tears” en “Devotion (confide in me)” met Kylie.
De cd in één1 stuk beluisteren kom je al gauw met woorden als melig, glamour en glitter, jawel, maar eentje met finesse, subtiliteit, schoonheid, uitermate gedistingeerd, en met een donker, elegant randje; het zorgt ervoor dat het soms ietwat teveel van hetzelfde wordt!
De ‘Hurts’ songs zijn de groepsnaam niet vreemd en zijn voor de enen heerlijk wegdromende muziek, voor de anderen gaat het over het randje van de goede smaak. 

donderdag 09 december 2010 01:00

Plastic Beach

Wat Damon Albarn (Blur/ The Good, The Bad & The Queen) en z’n bemanning hebben afgeleverd met Gorillaz is om U tegen te zeggen. ‘Platic Beach’ is de derde plaat, die is uitgegroeid van een ambitieus nevenproject naar een fameus en majestueus totaalconcept. Albarn is de kapitein van dienst, heeft de heren Mick Jones en Paul Simenon (Good, Bad & Queen en Clashleden) als voorhoede en hij hoeft maar een seintje te geven en hij kan beroep doen op een bijzonder legertje gastmuzikanten. Hier werkten o.m. Snoop Dogg, Bobby Womack, Mos Def, Lou Reed, De La Soul, Mark E Smith, Little dragon en Rosie Wilson mee. De vorige cd’s ‘Gorillaz’ (2001) en ‘Demon days’ (2005) waren al goed voor 12 miljoen exemplaren.
De virtuele wereld van Gorillaz wordt enorm geapprecieerd door en breed publiek. Jong en oud is te vinden voor wat Damon Albarn en z’n striptekenende compagnon Jamie Hewlett verwezenlijken van strips, visuals, animaties en de muzikale omlijsting, een breed palet aan stijlen van rock, hiphop, soul, psychedelica, trippop, electro en Arabische sounds.
Het is een luisteralbum vol creativiteit en verrassende wendingen, zonder echt hitpotent en radiovriendelijk te zijn.
Het eerste deel van de cd is van een ongelofelijke sterke kwaliteit: de ontvankelijke opener “Welcome to the world …”, de Indiase swing op “White flag”, de retropsychedelica van “Rhinestone eyes” en het groovende “Stylo”. We zijn onder de indruk van de variëteit, de fijne geluidjes en van de doordachte subtiliteit die het album rijk is. Na de dromerige en sfeervolle “On melancholy hill”, “Broken” en een op de Streets gelinkte “Sweeptakes” zakt de cd wat in elkaar .
Oh ja, op het imaginaire eiland van ‘Plastic Beach’ wordt  een maatschappijkritisch statement aangehaald, een ‘making off’ documentaire die muziek en strips inhoudelijk vormt geeft. Puik werk!

zaterdag 04 december 2010 01:00

Angus & Julia Stone – zorgeloze leefwereld

Kijk je uit naar een weekendje Vlaanderen Vakantieland? Er eens lekker op uit willen? Een dagje zonder planning? Ontstressen? Wegdromen? Hou je van sprookjesachtige sferen? Genieten van de natuur, van de bloemetjes en van de bijtjes? Broer en zus Angus & Julia Stone, kunnen met hun dromerige freefolk je een ‘kant en klaar’ muzikaal antwoord bieden. Ondanks het feit dat het duo maar sporadisch op de radio te horen is, was het concert van het duo uit Sydney, Australië, al weken uitverkocht. Het semi-akoestische, ingetogen materiaal, bepaald door piano en akoestische gitaar en gedragen door de afwisselende en aanvullende man/vrouw vocals, worden op gepaste en sfeervolle wijze georkestreerd door toetsen, piano, strijkers (viool/cello) en blazers.

Een heus collectief zijn ze live, die een breed kleurenpalet met finesse kunnen serveren of het op een spaarzame, sobere begeleiding. Hun zachte stemtimbres refereren aan Damien Rice, Jeff Buckley, Devandra Banhart en een rits vrouwelijke sing/songwriters.
Heel wat flikkerlichtjes sierden de instrumenten, zorgden voor een gemoedelijke sfeer en gaven elan aan de subtiel uitgewerkte, zalvende, dromerige luister’love’songs, die af en toe een steviger randje kregen.
“Santa Monica” en “Babylon” waren de ideale geleiders van de zorgeloze leefwereld. Songs als “Black crow”, “Big jet plane” en “I’m not yours” intrigeerden door een slepende opbouw en subtiel ritme. Ze agendeerden een BBQ avondje en creëerden een kampvuurevent dito samenhorigheidsgevoel met het nieuwe “Beneath the milky way”, en de lang uitgesponnen, aanzwellende americana van “Yellow brick road” … Aangenaam en leuk! “And the boys …” en “Where does the love go” klonken intiem, zeemzoeterig en gooiden nog een blok op het vuur.

De hippe stijl werd enorm gewaardeerd en onthaald door het warme publiek. Het broeierig opbouwende “Hold on”en een sfeervol “All of me” in de bis konden de appreciatie maar bevestigen. Mooi meegenomen.

Organisatie: Aéronef, Lille

vrijdag 10 december 2010 01:00

Marnie Stern – rauwe, jachtige rock

De Amerikaanse blonde Marnie Stern geeft een portie stevige, jachtige, dynamische en bruisende rock. Ze valt op door vingervlug tikkend gitaargejengel en haar schelle stem, die over de songs heen waait. Een origineel, rauw, aanstekelijk gitaargeluid, aangevuld door een verbeten dreunende bas en een opzwepende, droge drum. Huppelende en frisse ritmes, die onstuimig, fel en intens klonken.

Een enthousiast trio, die graag grapte en een leuke gesprekspartner was. Op één van de vorige edities van Dour is ze ons ontglipt, maar vanavond smolten we voor die dwarse ruwe en tedere gitaarrock. Songs als “ Nothing left”, “For ash”, “Cinco de Mayo”, “Transformer” en “Shea stadium” volgden snel op elkaar en waren heerlijk. Ze geselde & martelde haar gitaarsnaren ,deelde speldenprikken uit en zorgde voor ferme explosies tussenin. Hier hoorden we invloeden van ‘90s iconen Pixies, Throwing Muses, het oude Polly Harvey, de Kim Deal projecten The Breeders / The Amps en de dames van Sleater-Kinney.

De Witloof Bar had een killrockende lady in huis, die ons een 45 tal minuten in haar klauwen hield met haar ophitsend materiaal.

Organisatie: Botanique, Brussel

donderdag 02 december 2010 01:00

Handmade

Vóór we de plaat beluisterden, zagen we de beloftevolle dame Hindi Zahra al aan het werk. Zij is afkomstig van het Berbervolk in Marokko. Ze heeft Toeareg-roots en een thuis in Parijs.
Muzikaal brengt ze een soort fusion van pop, folk, soul, blues, jazz en flamenco met Oosterse, Marokkaanse rootsmuziek, zonder echt wereldmuziek te zijn. In sommige nummers is er de link met de
hypnotiserende retro/world/woestijnblues van Tinariwen, ook Toeareg nomaden, maar dan van Mali.
Op haar manier verwerkt en vermengt ze de diverse stijlen en invloeden in een soort ‘handmade’ freefolk. Tja, niet voor niks noemt haar debuut ‘Handmade’, dat ze eigenhandig produceerde en dat verscheen op het Blue Note label.
In een artikel lazen we dat de albumtitel refereert naar l'artisanat, de handarbeid die Marokkanen verrichtten voor zowat alles dat zij produceren; ze wees hierbij naar de schatkist aan juwelen rond haar arm. Ook muzikanten zijn handarbeiders, wat verklaart dat de titel van de plaat vollédig van haar hand is.
Ze brengt een internationaal, toegankelijk, rijk geluid, van akoestische gitaren en handclaps, warme zalvende toetsen en bezwerende percussie, onder haar zachte, warme stem; als voorbeelden zangeressen haalt ze als Amália Rodrigues, Oum Kalthoum, Dimi Mint Abba, Django Rheunhardt en Yma Sumac aan, maar we durven ook denken aan Billie Holiday meets Patti Smith, Natacha Atlas en de zusjes Casady van Cocorosie.
“Fascination” en “Imik silik” zijn meeslepende, aanstekelijke heupwiegende poplounge met een exotisch tintje. Een ‘50’s vaudeville stijl haalt ze aan op “At the same time”.
De songs prikkelen door de intens bezwerende, broeierige opbouw en hebben een dromerig karakter. Trippende huppelende ritmes horen we op opener “Beautiful tango”, “Standup” en “Music”. We voelen de blakende zon en het woestijnzand opwaaien in “Kiss & thrills”, “Oursoul” en “Set me free”. Die gitaarslides, de percussie en de ‘70’s psychedelica toetsen geven een opzwepende groove.
Pure klasse van een jonge, talentvolle dame, een grootse dame- in-wording trouwens …

donderdag 02 december 2010 01:00

Golden sea

’Cathedral Denmarkicism’ is alvast een mooie term om de sound te omschrijven van de bevallige Anna Bronsted, die ook deel uitmaakt van het gekende Efterklang.
Solo is ze toe aan een nieuwe plaat vol etherische, sfeervolle, dromerige, breekbare songs die bepaald worden door piano, synths, soundscapes en verder kunnen aangevuld door een traditioneel instrumentarium en een zalvende percussie. Ze klinken als frisse lentebloesems, hemels en donker filmisch. De toevoeging van strijkers, een kinderkoor en de vocale hoogstandjes bieden een meerwaarde aan het materiaal.
De eerste songs “The departure”, “In the lowlands” en “The feral” tekenen de rest van de plaat. Intiemer klinkt op songs als “Share”, “Warriors of love” en “The dark red roses”.
’Golden sea’ klinkt als knetterend haardvuur, charmante en elegante slowcore pop …

Ons eigen Triggerfinger weet als geen ander zichzelf uit te vinden, in die zin van dat de vingers letterlijk aan de trekkers (snaren) en de stokken (drumsticks) hangen en kleven. De charismatische band wist in geen tijd de twee AB concerten uit te verkopen. Een verlengd weekendje zat er aan te komen. En terecht, drie concerten op rij, die de pas verschenen derde cd ‘All this dancin’around’ ondersteunen en elan geven. Opgenomen in LA , onder de hand genomen van Greg Gordon, (van o.m. Wolfmother en Slayer ) en naar de studio trekken waar Nirvana al kwam.
Ze blijven gewoon zichzelf, de drie heren in maatpak en das, zonder scrupules, instrumenten inpluggen en ‘let it ride’ … Scherpe rock’n’ roll, retestrak, power, snoeihard, zompig, rauw, ruw, maar met een zacht zalvend randje, dat een broeierige, slepende intensiteit heeft. Triggerfinger vormde in het voorjaar nog een eenheid met de Black Box Revelation en Iggy in de Zénith, Lille, wat een avondje ‘extremely raw power …’ was. En nu staat de band erop voor drie MIA nominaties …

De tijden van optredens rond de kerktoren is definitief voorbij (remember 2005!). Al van de tweede cd lonkte het clubcircuit en met de derde plaat kan het niet anders dan dat de grotere capaciteitszalen lonken … Ruben Block (gitaar/zang), Mario Goossens (drums) en Monsieur Paul van Bruynstegem zijn een goed geoliede machine, hebben een tomeloze inzet en brengen een energieke, dynamische, emotievolle set. Chique! In strak pak en das stonden ze en genoten ze volop van de uitzinnige menigte in een nokvolle AB!
Zinderende garage retrorock’n’roll met stoner/bluesslides, met staaltjes prachtig gitaarwerk dito - soli, krachtige drums en bezwerende bas. De Led Zepps, B Sabbats, ZZ Tops, Masters Of Reality, QOSA en Grinderman’s vlogen om de oren in de anderhalf uur durende gig. De jonge wolven van de Black Box treden in de voetsporen van de afgelikte schoenen van het trio.
Op een Red Devil tune (remember this band!) kregen we meteen enkele knallers van de nieuwe cd, “I’m coming for you” en de titelsong en single van de derde cd. Onder de indruk waren we van het intens beheerste gitaarspel van Block.
Zijn smachtende interacties en droge humor tussenin pasten in een concept van de films van Quentin Tarantino. Een sensuele prikkeling. Goossens leefde zich ook al van in het begin uit en gaf een stampende drumsolo op “Shorttime memory love”.
Uitermate gedoseerd en geconcentreerd ging het trio te werk en hielden met “Lil’ teaser” het tempo hoog, strak en bedreven. Een op Cave- Ellis’ duivelse begeestering spietsten ze tussen de oren met “My baby’s got a gun”, een slepende, spannende opbouw, mooi uitgesponnen, die ging van een sobere naar een explosieve instrumentatie, ondersteund door huiveringwekkende vocals en een zwevende galmzang. Prachtig, heerlijk! “Camaro” leunde het dichtst bij de psychedelica Led Zepp’s van hun tijd en het rusteloze “Hunt you down” kon de pistoolschoten afvuren naar een knallende en slopende “First taste”, “Is it” en “On my knees”. De rock’n’ rollende halfgoden pijnigden hun gitaar, bas en drums en de versterkers stonden onder forse druk. Mokerslagen dus. Gewoonweg schitterend.
In de bis bleef de broeierige spanning maar aanhouden. Een sfeervol, wazig ‘filmische noir’ landschap trokken ze op in “All night long” (Ray Charles cover btw!) en “It hasn’t gone away”, die kippenvelmomenten opleverden en solliciteerden voor de bruine kroeg. Door de drive en de licks vlamden “Let it ride” en “Cherry”. Traditiegetrouw sloten ze af met CCR’s “Commotion” … rijk, hitsig, vinnig, venijnig, intens doorleefd, pakkend en bruisend door de wisselwerkingen en de soli!

Triggerfinger gaf een stomend straf, aangenaam concert … een  ruwe bolster in een blanke pit … moet er hier écht nog (meer) zand zijn?!

Support Poltrock Piano Explosion, het eenmansproject van David Poltrock gidste ons op z’n piano een aaneenrijgen van pop en rockclassics waaronder Survivor, Black Sabbath, Deep Purple, Led Zeppelin, QOSA en Abba. Hard, zacht en halfzacht. Knap en leuk. Herkenningstunes voor muziekquizers onder ons …

Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Pagina 127 van 180