Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Trix, Antwerpen - events

Trix, Antwerpen - events - 01 april: Dirty sound magnet - 01 april: Minding dolls, Stryke, Gloom - 02 april: Nova Twins - 02 april: Hifive: Lefty Parker - 02 april: Spoor series: Caroline De Meyer, Dennis Tyfus - 03 april: Deathcrash - 04 + 05 april: Samhain…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

avatar_ab_09
Suede 12-03-26
CD Reviews

Bettie Serveert

Oh Mayhem!

Geschreven door

Bettie Serveert was één van die revelerende indierockende bands begin jaren 90 onder de vaste drie-eenheid Van Dijk – Visser – Bunskoeke. Na een relatieve radiostilte sluiten ze opnieuw aan . Hun dromerige, meeslepende gitaarrock is op de return ‘Pharmay of love’ van 2010, levenslustiger dan ooit. En die energieke lijn zet zich verder op de opvolger . Een direct, broeierig rauw geluid en een dromerige tune zijn het houvast . 
De eerste twee songs “Shake-her” en “Mayhem” beuken er graag in , daarna met “Dad dog” klinkt het wat subtieler en intenser. Het hitgevoelige poppy “Had2byou” volgt. En op die manier weet de plaat wel aangenaam te boeien . Sterk uit de verf komen verder het snedige “Tuf skin”, gekenmerkt van huppelende ritmes en het broeierige “Receiver” . Ook niet mis , de experimentje op “Monogamous”.
Stuwend , scherp en dromerig kenmerken het geluid van drie decennia Bettie Serveert. Tja, niet voor niks ademt hier een Dinosaur sfeertje.
Kijk, Bettie Serveert heeft een gevarieerde rockplaat uit ; het zijn indieveteranen die we maar al te graag koesteren!

Local Natives

Hummingbird

Geschreven door

Het Californische Local Natives kwam in 2010 in de belangstelling met de cd ‘Gorillaz manor’ en de single “Airplanes” , die al meteen een plaatsje innam in ons muzikaal geheugen; warme, dromerige, opbouwende indiepop/folk/americana, die een ‘joie de vivre’ ademt.
Op de opvolger ‘Hummingbird’ laat de band een gerijpte, volwassen indruk na; de songs zijn mooi uitgewerkt , klinken voller en gelaagd en hebben een aangenaam , donker randje . Beheerste gitaar/piano/keys/drums en zoete zangharmonieën bepalen het materiaal. Bitterzoet  is dan ook de gepaste muzikale noemer.
De band is gegroeid, leunt nu het dichtst aan Patrick Watson qua gretigheid , is een fikse stap vooruit op geestesgenoten Fleet Foxes en Band Of Horses, en  maakt het z’n fans minder gecompliceerd dan Grizzly Bear. We vergeten hierbij de invloed van het Canadese Arcade Fire niet, en zeer zeker dringt de ‘60’s traditie van Beach Boys, Simon & Garfunkel en Crosby, Stills & Nash door; tot slot horen we tussenin de ‘80’s funky loops van Talking Heads .
Local Natives onderscheidt zich door een broeierige opbouw  en een intense spanning; songs die net niet ontploffen, en het halen op subtiliteit, finesse en stemmenpracht; boeiend songmateriaal dus, met de single “Heavy feet” voorop . Je komt verder op een reeks overtuigende songs als “You & i” , “Ceilings” , “Breakers” en “Bowery “. De andere meer dromerige, sfeervolle songs moeten écht niet onderdoen en halen het .
Live kan het materiaal een ferme boost krijgen door elektronica, bijkomende percussie en meerstemmige zang. Ze vallen op door hun enthousiasme en  pittig gedreven aanpak.
Iets unieks toch , die wisselende stemmingen , de gevoelige en bedreven instrumentatie , de stekelige, dwarrelende, hobbelige , ophitsende ritmes en hun ontroerende vocale pracht!

Crystal Castles

III

Geschreven door

Een apart electrobandje is Crystal Castles , uit Toronto Canada. Het duo Ethan Kath en Alice Glass (beetje Karen O Yeah Yeah Yeahs lookalike), klieft het muzieklandschap middendoor met hun genadeloze, tot murw geslagen, loeiharde electroclash, noise en hardcore. De synths worden aangevuld met strakke, trashy vervormde en overstuurde bleeps wat hen richting Atari Teenage Riot, Alec Empire, T. Raumschmiere en Otto Von Schirach brengt.
De tweede plaat was toegankelijker , en kreeg meer ademruimte door bezwerende, dromerige trance, punkfunk, ‘80’s wavepop en kitschpop, en met deze derde heeft het duo hun meest evenwichtige plaat in sfeer en kwaliteit af.
De onderhuidse spanning en de angstvocals , deels ingehouden, deels spooky , blijft de constante . Het is ons wel duidelijk dat we hier te maken hebben met een ‘soort borderline vervormde electrosynth goth liedjes’ .  Sterkste songs zijn “Wrath of God” , “Transgender”, “Violent youth” en “Telepath” , én ademruimte krijgen we door een zalvende sfeervolle “Affection” en “Pale flesh”.
Even meegeven , ondanks de onverstaanbare, vervormde vocals zijn hun teksten politiek geëngageerd (onderdrukking van vrouwen, de onschuld van kinderen , …). Zo zie je maar , CC blijft een apart , uniek plaatsje innemen !

Goat

World Music

Geschreven door

Een debuut die meer dan moeite waard is , meer zelf …een ontdekking ! én zelfs … een revelatie! is ‘World Music’ van het Zweedse Goat. Het gezelschap zou voortkomen uit een vroegere occulte voodoosekte . Wat deels terug te vinden is in de songteksten en de referenties met onze bizarre binnen- of buitenkant.
Ze brengen hier negen ongelofelijke sterke songs , aanstekelijke vlammende ‘70s retrostoner trips door de repetitieve, opbouwende , huppelende , hitsende ritmes, die dat ietsje meer hebben door de fuzzgitaren , de toevoeging van bongo’s en enthousiaste vrouwenstemmen. Het geheel klinkt psychedelisch, bezwerend , dansbaar , sensueel en erotiserend.
Lang geleden dat elk song op een plaat wist te boeien van een nieuw groepje ; hier mag je al onmiddellijk uitroeptekens plaatsen op “Goatman”; “Goathead”, “Golden dawn” en “Let it bleed” . Enkele instrumentals zorgen ervoor datje  in het Goat sfeertje blijft .
Een psychedelische kosmische afrotrip, groovy, indrukwekkend en overrompelend. Kijk , dit is het oude Black Mountain op een afrobeat!

Imaginary Family

Hidden EP

Geschreven door

De naar Gent uitgeweken Joanna Isselé kwam eerst voor de dag met enkele haar gitaar, ukelele en stem en gaat nu in haar sing/songwriting van gitaargetokkel iets breder; een spaarzame begeleiding van elektronica , een drumbeatje , klokkenspel en backing vocals, waar nodig vullen aan . We horen op de EP vijf innemende songs die openstaan voor haar verbeelding van pinguins, professoren en westerndorpjes. Weinig samenhang qua thematiek misschien, maar bon soit , het is haar stem en de muziek die ons weet te ontroeren, met o.m. “Bird” en de single “Birdwatcher” .
Romantische , dromerige, emotievolle , gevoelige gitaarpop. De ‘Hidden’ EP staat er.

Ellie Goulding

Halcyon

Geschreven door

We houden wel van de liefdevolle pop van de Britse Ellie Goulding . De Londense debuteerde knap , twee jaar terug,  met ‘Lights’ en met songs als “Starry eyes”, “Under the sheets”, “This love (will be your downfall)” en “Your biggest mistake”; ze had alvast enkele beloftevolle singles uit. Een kleurenpalet van dromerige  synthpop ,  die een danspasje kunnen verdragen. De opvolger behoudt de hitgevoeligheid en lovestories en gaat van sfeervolle,  trippende synthpop van “Don’t say a word” , “Anything could happen” , “Joy” en “Lights” , naar dromerige balladpop , waarbij het zelfs uitermate sober kan klinken – piano – stem - als op “I know you care” en “Dead in the water”. Een krachtige , deftige dansbeat kan ook worden toegevoegd , “I need your love”  met Calvin Harris. De songs hebben een geëmotioneerd timbre en worden gedragen door haar indringende, lichthese vocals . Toegegeven overdonderend is de plaat nu wel niet , maar leuk , ontspannend en lichtgevoelig wel.

Bat For Lashes

The haunted man

Geschreven door

Bat For Lashes , de Briste band (uit Brighton) van de bevallige Natasha Khan (Britse van Pakistaanse afkomst); een donkere schone , brengt goede muziek brengt en heeft een sterke persoonlijkheid en uitstraling .
Ze kreeg de verdiende airplay met de vorige cd ‘Two suns’ en de single “Daniel” , die een muzikaal geheim prijsgaf van sombere, dreigende, etherische, theatrale gothic folkpop.
Op de nieuwe cd ‘The haunted man’ ademt de muziek meer ruimte. Stemmige , zorgvuldig opgebouwde , broeierige composities, die sfeervol , relaxt , meeslepend , dwingend zijn, en net niet ontploffen.
De hoes valt op, een schitterende hoesfoto trouwens, van Ryan McGinley, waarop we een naakte Khan zien , die een jonge knaap op de schouders torst.
Tekstueel is ze op zoek naar de essentie van zichzelf ; het klinkt warrig met een filosofische, psychologische ondertoon , maar de  33 jarige is op het podium een lieve, dynamische, jonge vrouw, een elfje, onschuldig, speels, vol levenslust en optimisme.
De repeterende ritmes , de diep dreunende basses en synthbeats, de doffe, apocalyptische drumroffels en de prikkelende elektronica, en haar belangvolle indringende vocals zijn de barometer en zorgen voor materiaal met een emotievol dramatische stijl en een betoverend karakter .
We horen voldoende varianten in het genre en houden van songs als “All your gold” , “Horses of the sun” , “Laura”, “Marilyn”, een uitgesponnen “Deep sea diver” en de titelsong .
Bat For Lashes valt te situeren in de etherische pop van Kate Bush, Godfrapp, Toni Halliday (Curve), Elisabeth Frazer (Cocteau Twins), Alison Shaw (The Cranes) , Lamb (Louise Rhodes) , Bel Canto en Sigur Ros . Bat For Lashes toont aan een blijvertje te zijn!

Flying Lotus

Until the quiet comes

Geschreven door

Binnen het rijtje van de aparte (abstracte) elektronica kunnen we niet omheen Flying Lotus aka FlyLo alias Steven Ellison, Usa. Hij is een elektronicabricoleur, in de voetsporen van Aphex Twin, Squarepusher, Venetian Snares en Mouse On Mars. We horen op mans platen een ingenieus avontuurlijk en broeierig brouwsel van underground elektronica, klassiek, hiphop en dance.
De nieuwe plaat lijkt een lange soundtrack te verwerken van elektronische tunes, minimal techno , soundscapes , trance , chillout en jazzy tunes . Enerzijds uitnodigend naar een sprookjesbestemming , anderzijds onheilspellende trips, zoals we dat toch wel een beetje gewoon zijn van de man. Een weird amalgaan van klanken , maar toch redelijk toegankelijk. FlyLo behandelt klanken en creëert talrijke sfeertjes, waarbij hij al of niet herkenbare vocals toevoegt . Hij klopte o.m. aan bij Erykah Badu , Thom Yorke en we horen  ergens een achtergrond zang van Niki Randa en Laura Darlington .
Tot slot ‘Until the quiet comes’ brengt overwegend een beeldrijke, lieflijke klankkleur.

Caroline Smith

Little wind

Geschreven door

Caroline Smith is een  indie sing/songwriter van Minnesota. Op dit moment heeft ze twee cd's uit nl. ‘Backyard Tent Set-2008’ en ‘Little Wind’ . Beide folkachtige albums liggen in het verlengde van mekaar en worden gekenmerkt door prachtige melodieën en harmonieën. Aan het album ‘Little Wind’ zijn enkele grungy gitaren toegevoegd. De muzikale begeleiding van Arlen Pfeiffer, Jesse Schuster en David Earl als de ‘The Good Night Sleeps’ komen de folky songs van Caroline Smith ten goede.
Beste nummers zijn "Green to grey" van het eerste album en "Tanktop" van het tweede album.
Zeker een ontdekking waard; en neem van de gelegenheid gebruik te luisteren naar haar speciale stem.

Retribution Gospel Choir

3

Geschreven door

De derde plaat reeds van het hobbyclubje van Alan Sparhawk, frontman van Low. De man houdt er van om eens uit een gans ander vaatje te tappen, dat houdt hem kwik. Een beetje tegengif voor de depri sound van Low is immers altijd welkom. Te veel kommer en kwel is niet goed voor een mens.
Zo stampte Sparhawk enkele jaren geleden ook al The Black Eyed Snakes uit de grond, een in vettige motorolie gedrenkt hobbyclubje die bedreven was in het spelen van de meest gortige blues en een vunzige sound creëerde die mijlenver lag van de gekwelde slowcore van Low.
Ook nu blijft Alan Sparhawk ver buiten het vaarwater van Low. Met Retribution Gospel Choir begeeft hij zich in het woelige water waar ook Neil Young met Crazy Horse in vertoeft. De gitaren zijn de baas en ze scheuren, gieren en zweven dat het een lust is. Sparhawk en zijn kompanen laten zich gaan in twee lange brokken van boven de twintig minuten en het zijn er twee om in te kaderen. Vooral “Seven” is een parel, een ongeslepen diamant van 22 minuten, met als extra guest de al even wonderlijke als bescheiden Wilco gitarist Nels Cline die de song met zijn hemels klinkende en uitwaaierende solo’s naar eenzame hoogtes stuwt.
Straffe plaat, een zijstapje die ons beter ligt dan de soms te donkere onweerswolken van Low.
Binnenkort weten we trouwens wat Sparhawk onlangs ook met deze band heeft zitten uitvreten, want er zit een nieuwe Low plaat ‘The Invisible Way’ aan te komen, de release is voorzien in maart.
De kans dat hij met RGC op zwier gaat is dus klein. Jammer.

Pagina 266 van 394