logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
Suede 12-03-26
Sam De Rijcke

Sam De Rijcke

donderdag 14 februari 2013 01:00

II

Jonge groepjes die zich laten bedwelmen door de psychedelica en de acid gekte van de sixties zijn weer alomtegenwoordig, denk aan Tame Impala, Thee Oh Sees, Foxygen, Allah-Las, Ariel Pink’s Haunted Graffiti, Jacco Gardner en ook deze Unknown Mortal Orchestra. De band begeeft zich op het open minded pas tussen The Mothers Of Invention, Syd Barrett, Love, The Byrds, The Beatles, Jimi Hendrix, 13 th Floor Elevators en Funkadelic.
Op hun tweede plaat staan sprankelende songs die lijken te zijn gemaakt in de meest geestesverruimende periode van de sixties. Veelzijdigheid, gekte en geschift vernuft liggen aan de grond van verfrissende groovy songs met heerlijke tempowisselingen en muzikale verassingen. Zappateske gitaartjes mengen zich met spacy Flaming Lips geluidjes en ondergedompelde T-Rex riffs. Dit is zonder meer een plaatje die het moet hebben van zijn zweverige sound, maar die ook pareltjes van songs herbergt. Zo kan het prachtige “Monki” doorgaan als iets van Sparklehorse, maar dan met een ietwat minder gekwelde geest aan het roer. Waarmee we willen zeggen, mocht de betreurde Mark Linkous het leven iets rooskleuriger hebben ingezien, dan had hij die song ook wel uit zijn mouw kunnen schudden.
Verder staat hier geen enkele stinker op, integendeel, de songs ademen allemaal een andere fleurige bloemengeur uit zonder daarom dat fletse flower power gevoel van de hippies op te roepen.

donderdag 21 februari 2013 01:00

Bloc Party - Back on track




Met The Joy Fomidable als support act hadden wij voor één keer een goede reden om op tijd te komen, ook al wisten we dat ze in een grote zaal als de Lotto Arena, onder het rumoer van ongeïnteresseerde Bloc Party fans, nooit die glansprestatie van een tweetal weken geleden in de Botanique zouden evenaren (check even de review http://www.musiczine.net/nl/review-concerts/the-joy-formidable/the-joy-formidable-meteen-raak/ ). De band liet het publiek met een zevental rake songs kennismaken met hun driftige gitaarrock en eindigde als gewoonlijk met de spetterende gitaareruptie in “Whirring”, tot op vandaag nog steeds hun beste song en steevast de afsluitende climax op hun concerten. Laat ons hopen dat ze vanavond een hoop nieuwe fans hebben gewonnen, wij waren al eerder overtuigd.

Even zag het er naar uit dat het met Bloc Party gedaan zou zijn, maar de band drukte alle geruchten omtrent een nakende split de kop in door na een stilte van vier jaar op de proppen te komen met een sterke vierde plaat, simpelweg ‘Four’ genoemd. Een nieuwe tournee moest alle twijfels weg nemen en meteen konden we dan ook Kele Okereke zijn half mislukte solo uitstapje vergeven.

En kijk, hier stond terug een hechte groep op het podium. De Bloc Party trein bleek terug op de rails gezet, al durfde de motor af en toe nog wel eens tegenpruttelen. Bloc Party was bij momenten bijzonder sterk op dreef maar wisselde de gedreven momenten af met een paar minder geïnspireerde passages, wat ervoor zorgde dat de ze de spanning en intensiteit niet het ganse optreden konden aanhouden.
Het kwam een beetje moeilijk op gang met “So he begins to lie” en “Hunting for Witches”, op zich wel aardige songs, maar nu bleken ze niet echt het beoogde effect te creëren. “Like Eating Glass” leek het vuur aan de lont te steken maar dan kwam het zwakke broertje “Real Talk” terug roet in het eten gooien. Pas daarna kwam de band, en ook de zaal, echt op temperatuur met “Waiting for the 7.18” en een uiterst energiek “Song for Clay”, één van onze favorieten van de avond. Dan ging het crescendo met het splijtende “Banquet” waarbij de Lotto Arena voor een eerste keer ontplofte. Bloc Party wist hierna de hitte aan te houden met het potige en bijtende “Coliseum”, één van de strafste tracks uit de nieuwe plaat. “One More Chance”, een Bloc Party klassieker met ware dance allures, miste zijn effect niet en mocht vanavond gelden als een absolute voltreffer, de band plakte er een wervelend “Octopus” achteraan en met een puntig en sprankelend “Team A” verdween het viertal een eerste keer van het podium.
Bloc Party bedankte het publiek met twee bisrondes, maar daar sloegen ze de bal een beetje mis. “Ares” en “This Modern Love” waren nog wel knap en vooral het opzwepende “Flux” was een splinterbom die de Lotto Arena nog eens binnenste buiten keerde, maar in afwachting van de onvermijdelijke klepper “Helicopter” haalden de flauwe songs “Montreal” en “Truth” het vuur weg die toen in de lucht hing, en in het heetst van de finale was dit toch een domper, alsof Cavendish in volle spurt naast zijn pedalen schiet.

Maar laat ons de goede momenten onthouden, want die waren uiteindelijk veel talrijker dan de (halve) missers. Bloc Party staat er terug, en dat is het voornaamste.

Organisatie: Live Nation

maandag 18 februari 2013 01:00

Gary Clark Jr - Hendrix was in the house


Doorgaans kunnen beginnende artiesten die nog maar één album uit hebben amper een concertje van een uurtje volspelen. Bij deze Gary Clark Jr - een natuurtalent, zoveel is nu wel duidelijk - was dit wel even anders. Hij overrompelde ons met twee uren van de beste soul- en bluesrock om duimen en vingers bij af te likken. Wij smulden ervan, en nog geen klein beetje.

Op zijn, overigens veelbelovende, debuutplaat ‘Blak and Blu’ laveert Gary Clark Jr nog een beetje te veel tussen ronkende bluesrock en een meer opgekuiste r&b sound. Live had hij echter resoluut de kaart van de elektrische gitaar getrokken, en dat konden wij allen maar toejuichen. Hier werd zonder schroom en met veel gitaargeweld omgesprongen met de betere invloeden als Lenny Kravitz, Led Zeppelin, Buddy Guy en de onvermijdelijke Jimi Hendrix, wiens geest zowat de ganse avond inde AB Club rond dwarrelde. Huidskleur, het briljante gitaarspel en een paar treffende gelijkenissen zorgden er voor dat de vergelijkingen met de grootmeester nog wat meer in de verf werden gezet.
Op het podium waren er hoegenaamd geen blazers, geen keyboards en geen uitstapjes richting r& b of soulpop te bekennen, wel een all time rock’n’roll opstelling met zelfs nog een extra gitarist in de rangen, alsof het gitaarbranie van Clark nog niet genoeg was. Als we Gary Clark Jr voorzichtig een reïncarnatie van Jimi Hendrix durfden noemen, dan konden we bij de tweede gitarist gewagen van een Stevie Ray Vaughan volgeling. Misschien een beetje te overdreven referenties, maar het kon tellen om aan te tonen uit welk vaatje hier werd getapt.
Gary Clark Jr profileerde zich als een werkelijk fenomenale gitarist die zowel gevoel als finesse in zijn instrument legde en daarbovenop nog eens gezegend was met een krachtige soulstem, some guys have all the luck.
De klasse en de power gutsten er uit via stevige bluesmonsters met krachtige riffs en schitterend soleerwerk als “When my train pulls in”, “Bright Lights”, “Numb” en een werkelijk fenomenaal “Third stone from the sun/If you love me like you say” waarin Hendrix meer dan ooit aanwezig was.
Clark zijn soulbloed kwam prachtig naar boven in het pareltje “Please come home” waarin hij ware Prince allures naar boven haalde (dat hoge stemmetje haalde hij probleemloos) en als het even sneller moest gaan dan kwamen stevige rock’n’roll songs als “Travis County” en  “Don’t owe you a thang” de boel Chuck Berry-gewijs wat ophitsen.
In de bisronde schitterde Gary Clark Junior helemaal in zijn eentje met de bloedmooie naakte bluessongs “In the evening” en “Next door Neigbour Blues”, twee momentjes waarbij ons ganse lijf door kippenvel overmand werd.

We hebben vanavond in de AB een zeg maar legendarisch concert meegemaakt en een wonderlijk natuurtalent ontdekt.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

vrijdag 15 februari 2013 01:00

Brad - Afwisselend stevig en ingetogen

Brad is geboren in volle grunge periode, maar liet de wildere en onstuimige geruite hemden- rock over aan de collega’s van Soundgarden, Nirvana en Mudhoney. De band koos bewust voor een sound die weliswaar een grunge randje had, maar die vooral trachtte de gevoelige snaar te raken.
In 20 jaar tijd heeft Brad nog maar 4 albums in mekaar geknutseld. Dat heeft natuurlijk alles te maken met de andere bezigheden van de groepsleden. Zo heeft Stone Gossard een kleine bijverdienste als vaste gitarist in het bescheiden rockgroepje Pearl Jam en is Shawn Smith al actief geweest in Pigeonhed, Satchell en vooral als solo artiest. Tevens is de imposante en baardige verschijning in België ook gekend als gastzanger bij Arsenal.
Niet zo simpel dus om deze indrukwekkende gelegenheidsgroep nog eens samen te krijgen voor een tournee, vandaar dat we deze eenmalige passage op een Belgisch podium ter promotie van hun nieuwste plaat ‘United We Stand’ niet mochten missen. We zullen het ons niet beklagen.

Brad was sterk op dreef en bracht een knappe set van ruim anderhalf uur met de nodige afwisseling, met uiteraard een pak songs uit hun nieuwste plaat (niet hun beste maar toch nog altijd zeer de moeite) en een opvallend flinke greep (maar liefst 7 songs) uit hun 20 jaar oude en nog steeds razend knappe debuut ‘Shame’.
Heerlijk verstilde songs (“The Only Way”, “Screen”) wisselden af met stevige brokken rock (“Secret girl”, “Waters Deep”, “My Fingers”, “Miles Of Rope”) en tussendoor ook nog een prachtvertolking van hun eerste hitje met die fenomenale baslijn “20 th Century”, nog steeds een wereldsong. Het was al vrij snel duidelijk, hier stond geen verzameling van ego’s op het podium, maar wel een hechte groep die straalde van het speelplezier. Stone Gossard mag dan al een aardig CV hebben, de man bleek een gewone sterveling te zijn ontdaan van elke vorm van sterallures, voorzover hij die ooit al gehad zou hebben. Hij liet vooral zijn instrument spreken zonder daarbij in de rol van guitar hero te vervallen, en dat sierde hem. Zijn gitaar stond steeds in dienst van de songs en schitterde ondermeer in pareltjes als “Every Whisper” en “Last Bastion”. Gossard mocht heel even tijdens “Desenfado” achter de microfoon plaatsnemen, en meteen wisten wij waarom dit tot één song beperkt bleef, laten we het beleefdheidshalve houden op een ‘beperkt vocaal bereik’.
Het gezicht (en ook het lijf in zijn geval) van Brad is echter Shawn Smith, een hartige dikkerd met hoog knuffelbeergehalte. Dankzij diens fluwelen stem was Brad vanavond bij momenten briljant, vooral wanneer de harige teddybeer tijdens de uitgebreide bisronde helemaal in zijn eentje achter de piano plaatsnam voor een paar kippenvelmomenten van het zuiverste water. Wij gingen compleet overstag voor de innemende schoonheid van het intieme Satchel diamantje “Suffering”. Al even ontroerend was “Wrapped in my memory”, het eerbetoon aan een oude vriend, de overleden grunge pionier Andrew Wood die met zijn dood het legendarische Mother Love Bone mee het graf in nam (wat meteen ook de geboorte betekende van Pearl Jam). De song vloeide over in een bloedmooie ingetogen versie van de Mother Love Bone klassieker “Chrown Of Thorns”, adembenemend. Als climax volgde dat andere hitje, het wonderlijke “The Day Brings”, waarna het vuur nog eens aan de lont werd gestoken met het potige “Lift” en een ronkende versie van de Stones klassieker “Jumping Jack Flash”.

Een laatste rustig momentje, het uiterst knappe “Buttercup”, was het fijne sluitstuk van een uitmuntend optreden.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/brad-13-02-2013/

Organisatie: Trix, Antwerpen

vrijdag 08 februari 2013 01:00

Metz - Onversneden hemels lawaai

 

Fijn dat er nog jonge gitaargroepjes zijn die het (punk) hart op de juiste plaats dragen. Het Canadese Metz is er zo eentje. Wild, onstuimig en uiterst gretig gaan ze tekeer in het achterzaaltje van de Aeronef. Met de spirit van Nirvana, Big Black en Mudhoney in hun jonge dagen spuwt het trio er een rits lellen van songs uit, welgemikte mokerslagen als “Get off”, “Knife in the water”, “Headache” en “Wasted”.  Het is punk, opwindende noise en overstuurde grunge die bulkt van de energie en barst van de goesting.
Hun pas op het Sub Pop label (waar anders ?) verschenen debuutplaat is een onversneden brok hemels lawaai die amper een half uurtje duurt. Geen wonder dus dat de live set er al na een kleine drie kwartier op zit, de ganse plaat is er dan al met een ongeremde gedrevenheid doorgejaagd. Maar dat is net wat dergelijke bandjes zo boeiend maakt.
Kort, bondig, to the point en rechtstreeks naar de ballen gemikt. Meer moet dat niet zijn.
Geweldig concertje.
Op 11/03 ook nog te zien in de AB Club. Haast u !

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/metz-06-02-2013/

Organisatie: Aéronef, Lille

 

In 2010 waren wij sterk onder de indruk van de titelloze tweede plaat van dit veelbelovende gitaargroepje uit San Diego. Met de kersverse nieuwe plaat ‘Strapped ‘ was ons enthousiasme echter een beetje geluwd. Niet dat het daarom een slecht album zou zijn, verre van, maar omdat The Soft Pack hierop een beetje te veel naar pop neigde, en dat ten koste van de venijnige gitaarrock.

Ook op het podium wist The Soft Pack ons niet zo bij het nekvel te grijpen als wij stiekem hadden gehoopt. Enerzijds hoorden we wel een fris en aanstekelijk geluid met beduidend knappe songs, anderzijds misten we een beetje de uitspattingen die we bijvoorbeeld bij een verwant groepje als  Cloud Nothings wel kregen enkele maanden geleden in De Kreun .
The Soft Pack is het iets breder gaan zoeken met luchtige en hitgevoelige songs als “Tall Boy” en “Bobby Brown”, waarin keyboards en alt sax een knappe rol speelden, maar we genoten vanavond toch nog altijd meer van door wilde en prikkelende gitaren aangestoken songs als “Parasites” en “Come On”, niet toevallig twee tracks uit de vorige plaat. Op hun beste momenten kwam The Soft Pack in de buurt van The Feelies en The Pixies, en dat is iets wat kan tellen. Elders misten ze dan weer een beetje de drive om constant te blijven boeien en leken ze een beetje onwennig, alsof ze bang waren te veel uit de bol te moeten gaan.

The Soft Pack is ook zo een typisch Amerikaans college bandje. Een uitgesproken rock’n’roll imago is hen totaal vreemd (zie ook weer The Feelies), ze menen het echt met hun muziek maar het ontbreekt hen nog  een beetje aan het nodige vuur, hoewel ze in de Trix een paar verdomd goeie songs lieten horen.
We hebben er dus het volle vertrouwen in dat het wel goed komt, want die jongens hebben nog zeker niet alles laten zien en horen.
Beloftevol groepje, noemen ze dat dan. Wordt vervolgd.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-soft-pack-31-01-2013/

Organisatie: Trix , Antwerpen

donderdag 24 januari 2013 01:00

Strapped

Laten we het maar meteen toegeven, ‘Strapped’ is niet zo goed, niet zo prikkelend en ook niet zo opwindend als zijn spetterende voorganger ‘The Soft Pack’ uit 2010. Wat helemaal niet wil zeggen dat dit een zwak plaatje zou zijn, integendeel. The Soft Pack is het namelijk allemaal wat cleaner en wat breder gaan zoeken. Op ‘Strapped’ verbreden ze, ondermeer door toevoeging van een saxofoon, hun horizonten. Dit uit zich soms in een ietwat meer poppy sound met luchtige liedjes als “Tallboy” en “Bobby Brown” die een gans andere Softpack tonen dan deze die we tot op heden gewend waren. De songs lijken wel naar de hitparade te lonken, zonder daarbij gezichtsverlies te lijden. Op zijn minst dus een interessante nieuwe wending.
Toch zijn er nog genoeg van die frisse aanstekelijke gitaarrocksongs (beetje Feelies, Pixies en Strokes door mekaar gemengd) die we kennen van de vorige plaat. Venijnige beestjes als “Saratoga”, “Chinatown”, “Ray’s Mistake” en “Head on Ice” mogen ons altijd komen wakker maken en ook het prettig gestoorde instrumentaaltje “Oxford Ave.” kan ons bekoren. “Bound to fall” doet ons dromen van The Feelies en afsluiter “Captain Ace” is een pareltje die ons dankzij tintelende gitaren en een speelse sax meer dan zes minuten lang aangenaam blijft kietelen.
Een stuk meer variatie dus dan de voorganger, doch iets minder ballen. Toch weer een fijn werkje, en zeker de moeite waard om op 31/01 naar de Trix af te zakken.

donderdag 17 januari 2013 01:00

The Glorious Dead

Het derde album van The Heavy is wederom een boeiend mengpapje van retro 70’s rock, strakke soul en filmische muziek. Een kruisbestuiving tussen Barry Adamson, Black Keys, Gnarls Barkley en Frank Zappa.
Een horror soundtrack mondt uit in stevige rock in “Can’t play dead”, strijkers verzoenen met heavy gitaren in “Same Ol’” en een punkwind komt opsteken in “Just My Luck”. Er hangt een vette rand Tom Waits aan “The Lonesome Road” en er schuilt stokoude authentieke soul in “Blood dirt love stop”. U merkt het, The Heavy voelt zich thuis in verschillende vijvertjes.
‘The Glorious Dead’ is een boeiende en zeer gevarieerde plaat van een hoogst interessante band die met drie knappe albums een uniek geluid heeft weten uit te bouwen.

donderdag 17 januari 2013 01:00

Into The Future

Voor de glorieperiode van deze reggaepunkers moeten we 30 jaar terug de tijd in, naar knallende hardcore platen als ‘Bad Brains’, ‘Rock for light’ en ‘I against I’.
In 2007 kwam Bad Brains al eens terug met ‘Build A Nation’ waarin de band met succes de draad van die drie kanjers terug opnam. Nu gaan de heren onverstoorbaar op hetzelfde elan door met het verduiveld pittige ‘Into the Future’, een voltreffer van punkrockers op leeftijd, zeg maar.
Snerende rocksongs met metal gitaren (waarop ook Living Colour destijds een patent had) als “Into the Future” “Popcorn” en “Earnest Love” wisselen af met supersnelle roodgloeiende hardcore knokkels à la Black Flag en Circle Jerks (“We belong together”, “Yes I”,  “Suck Sess” en “Come Down”). Als welgekomen rustpunten krijgen we, naar aloude Bad Brains traditie, smeuïge (dub-) reggae songs als “Rub a dub love”, “Jah Love”, “Maybe a joyfull noise” en “Mca Dub”. Eén van onze favorieten is “Youth of Today”, dat begint met vlammende rockgitaren om dan over te slaan in een knappe reggae track, Bad Brains op zijn best.
Nog geen greintje venijn zijn ze verloren, hier zit evenveel vuur in als in de prille jaren 80.

donderdag 10 januari 2013 01:00

Allah-Las

Allah-Las, een nieuw bandje uit L.A., draait de klok terug naar de Amerikaanse West Coast garage rock van eind jaren 60, alsof de tijd al die jaren heeft stil gestaan. Het doet denken aan cultbandjes van toen als The Seeds, 13 th Floor Elevators en Count Five. Haal vooral nog even die wonderlijke Nuggets verzamelaar boven en u komt al een eind in de buurt.
Ondanks -of misschien net dankzij- die regelrechte retro touch, is dit springlevende en frisse muziek met een psychedelisch tintje, omgezet in sprankelende songs met prikkelende gitaartjes en heerlijke melodieën.
Zo klonk ook REM toen die nog niet door de wereld waren opgepikt, of The Rain Parade die voor eeuwig en altijd een miskend groepje gebleven zijn. Het is garage rock maar dan niet in zijn rauwe vorm, dus zonder de fuzzy en overstuurde gitaren van pakweg The Gun Club, The Nomads en The Cramps.
Het is allemaal wat zonniger en luchtiger, je hoort het dat die jongens uit het met zon overgoten California komen. Een mens zou spontaan zijn surfplank bovenhalen bij tintelende songs als “Don’t you forget it”, “Vis-a-Vis”, “Long Journey” en de zomerse instrumentaaltjes “Sacred Sands” en “Ela Navega”.
Van een zonnig retroplaatje gesproken.

Pagina 66 van 111