AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15433 Items)

Blood Red Shoes

Blood Red Shoes - De temperatuur tot een kookpunt doen stijgen, op een koude winteravond

Geschreven door

We keren even circa tien jaar terug in de tijd. In de zomer van 2008 zakten we, naar goede gewoonte, af naar Pukkelpop. Op de festivalweide maakten we kennis met veel opkomende talenten zoals Joan As a Police Woman, Holy Fuck , Stereophonics en Motek.  
Er was echter ook een zeer dynamisch duo bestaande uit een vrouwelijke vocalist Laura-Mary Carter die door haar stem, gitaarspel en uitstraling menig hart diep raakte en een charismatische drummer Steven Ansel die zijn vellen bediende alsof zijn leven daar vanaf hing.
Blood Red Shoes deed de tent daadwerkelijk op zijn grondvesten daveren. Ze deden dat kunstje nog eens dubbel en dik over na het uitbrengen van een verschroeiend debuut 'Box of Secrets'. Wij waren meteen verkocht, en zouden de band nog meerdere keren tenten zien afbreken, en daken laten afgaan. Ook al was het toch al weer van circa 2011 geleden, op Dour festival, dat we hen nog eens live hadden gezien. Want na een self-titled album in 2014, dat goed werd ontvangen, bleef het even stil rond de band.
Met een gloednieuwe schijf onder de arm 'Get Tragic' zakte Blood Red Shoes af naar een uitverkochte, overvolle Rotonde in de Botanique, op een koude zaterdagavond. En deed de temperatuur van begin tot einde prompt tot een kookpunt stijgen. Een blij weerzien dus waarbij werd bevestigd waarom we toen vielen voor dit ongelofelijk talentvolle duo, en dat anno 2019 nog steeds doen.

Streepjes Blues overgoten met sausjes psychedelica, in de stijl van Johnny Cash tot Tom Waits
Openingsrace John J. Presley (****) gaf alvast het goede voorbeeld. In menig biografie lezen we 'Zijn zang doet denken aan die van Tom Waits of Johnny Cash, de gitaren aan Jack White of Black Keys.’ Een stelling waarin we ons naderhand goed kunnen vinden. J. Presley bracht eveneens een nieuwe schijf op de markt 'As The Night Draws'. De muziek van de band wordt ook omschreven als Electric Blues. En dat is ook te merken. Want het is net die combinatie van Elektronische inbreng, die aanvoelt als een psychedelisch trip door kleurrijke landschappen, met de warme blues stem en uitstraling van John J. Presley dat ons naar hoge sferen doet zweven. John J. Presley laat zich bovendien omringen door top muzikanten. Zo waren we danig onder de indruk van die zweverige keyboard klanken van de piano virtuoze die daardoor zorgde voor een psychedelische trip naar heel andere oorden, en sprak het aanstekelijke tot verschroeiend drumwerk voortdurend de dansspieren aan.
John J. Presley heeft wellicht een paar songs nodig om het publiek echt mee te krijgen, maar eens de teugels gevierd gaat iedereen prompt overslag voor zoveel virtuositeit.
Kortom: John J. Presley doet Blues herleven zonder die muziekstijl klakkeloos te kopiëren, maar eerder door het genre nieuw leven in te blazen binnen een aanstekelijke en hartverwarmend mooie omkadering en vette knipogen naar psychedelica en elektronisch vernuft.

De koude winteravonden doen vergeten dankzij het doen stijgen van de temperatuur tot het kookpunt? Missie geslaagd!
Als een voorprogramma erin slaagt om de lont aan het vuur te steken, is dat al een half gewonnen thuismatch voor een afsluitende band. Doordat John J. Presley het publiek voldoende had opgewarmd, had iedereen er dan ook duidelijk zin in. Blood Red Shoes (**** 1/2) voelt al heel gauw aan dat ze het publiek met het grootste gemak naar hun hand kunnen zetten, en legt de lat vanaf de eerste klepper heel hoog. Om niet meer los te laten tot het einde. ''Jullie willen dansen? Het is dan ook zaterdagavond'' zei Steven in het begin van de set. En zoals dat op een zaterdagavond inderdaad dient te gaan, bediende Blood Red Shoes - regelmatig met vier i.p.v. twee op het podium -  ons prompt op onze wenken. Ook al had Laura-Mary na de eerste song "Elijah" al af te rekenen met technische problemen, waarbij ze zich excuseerde; dat euvel werd even snel opgelost met een kwinkslag. Maar zou haar toch wel een tijdje parten blijven spelen. Eens alle registers open getrokken was er echter geen doorkomen meer aan.
De band kwam dus een nieuwe plaat voorstellen en daaruit bleek toch dat nieuwe songs als “Howl” of “Elijah” een veel minder impact blijken te hebben op ons - maar ook op het publiek - dan kleppers als “I Wish i was someone better”, waarbij het dak er voor het eerst wel compleet afging. We hebben de nieuwe plaat echter al enkele keren beluisterd en het blijkt dus een zeer gevarieerde schijf te zijn geworden maar ook eerder een groeiplaat, die ons na die eerste luisterbeurt wellicht niet compleet weet te overtuigen,  maar na enkele beurten komt die klik er dan weer wel.
De band speelde dus voortdurend op het scherpst van de snee. Opvallende daarbij is dat Laura-Mary en Steven elkaar blindelings vinden en aanvullen. Al dan niet gerugsteund door mede muzikanten wiens inbreng dan weer kon gezien worden als een extra kers op de taart. Ook wat interactie en bindteksten betreft vult het duo elkaar blind aan.
Na al die jaren zit er dus gelukkig geen sleet op die magische virtuositeit en uitzonderlijke kruisbestuiving tussen beide, waardoor ik circa tien jaar geleden compleet verkocht en totaal van de kaart achterbleef op de weide van Pukkelpop.

Besluit: Blood Red Shoes deed de zaal meerdere keren op zijn grondvesten daveren. Al was dat eerder bij de oudere songs dan bij de nieuwste parels. Gaandeweg echter gingen de vuisten meer en meer de lucht in, stonden de aanwezigen uiteindelijk te dansen van vooraan tot ver naar achter en brulden de songs uit volle borst mee.
Dat kleine mankementje in het begin van de set en de momenten waarop het concert even dreigde stil te vallen, was zeer snel vergeten. Want in een verschroeiende finale werd alles uit de kast gehaald om de fans het dansfeest aan te bieden waar ze waren voor gekomen. Met als ultieme kers op de taart een bisnummer om ervoor te zorgen dat het zweet ons aan de lippen stond, en we eens op temperatuur gekomen de koude winternacht weer wat beter konden verteren.

Setlist: Elijah – Bangsar – Howl - The Perfect Mess - Light It Up - Lost Kids (live geschrapt) - An Animal - Black Distractions – Cold - Don’t Ask - This is Not For You - Red River - Je Me Perds - I Wish I Was Someone Better - Mexican Dress - Eye To Eye - God Complex - Colours Fade

Organisatie: Botanique, Brussel

Kakkmaddafakka

Kakkmaddafakka - Alleen maar intelligente mensen

Geschreven door



Kakkmaddafakka staat voor energie en vrolijkheid. De indie band uit Noorwegen bracht al vier albums uit en komt in maart met een vijfde exemplaar. Het was alweer van 2012 geleden dat de band ons land aandeed, en dat Het Depot goed gevuld was voor de groep, bleek een understatement. We werden warm gemaakt voor de nieuwe plaat, en het werd heel heet, want in Het Depot werden we gebombardeerd met leuke riffs, grappige dansmoves en frappante bindteksten. De olijke jongens hadden er duidelijk zin en zo was ook iedereen van begin tot eind mee in het verhaal.

We begonnen de avond met voorprogramma Statue. Deze zeskoppige Belgische band heeft een opvallende sound. Al hun nummers zijn instrumentaal en zitten vol originele elementen. De muzikanten hebben duidelijk oog voor detail en weten waar ze mee bezig zijn, want de nummers klinken nooit gezocht. Altijd komt er een nieuwe dynamiek binnen in de songs die lang uitgesponnen worden en telkens nieuwe elementen in zich hebben. Statue stond er en speelde een enorm strakke set —strakker dan Kakkmaddafakka. Binnenkort geen voorprogramma meer als je het ons vraagt!

De set van Kakkmaddafakka begon met een epische intro. De ‘Champions League anthem’ werd afgespeeld en de spanning steeg merkbaar. Een show op niveau van Champions League werd het niet, maar plezier dat had iedereen. Na dat hele theatrale gebeuren kwamen de mannen van Kakkmaddafakka heel speels op. Meteen werd duidelijk waar het op staat. Het werd een avond vol dansen zonder jezelf te serieus te nemen, want dat deed de band klaarblijkelijk ook niet. Het waren niet enkel hun grappige dansbewegingen en energieke rondgedartel op het podium die een glimlach op je gezicht toverden, want ook de vrolijke, aanstekelijke riffs van de eerste nummers zorgden meteen voor energie in de zaal. De vele uitgelaten ‘oohhs’ (bijvoorbeeld in “Someone New”) of andere uitroepen (zoals in de strofes van “Hillside”) deden perfect hun werk. Ze fleurden de nummers op en maakten dat je meteen in vorm was om een dansje te placeren.
Ook tussen de nummers door bleef de sfeer optimaal. Bindteksten die eerder bindgedachtenspinsels waren, werkten entertainend. Van de vaststelling dat België toch wel complex is voor hoe klein het landje is naar verhalen over hoe Leuven mooi werd bevonden vanuit de zetel via Google Street View: het passeerde allemaal de revue. Herhaaldelijk werd verwezen naar hoe intelligent we zijn omdat we naar hun concert komen en naar de intelligentie van de band zelf. ‘Thanks for being so intelligent!’, kregen we naar ons toegeroepen, en het was allemaal goed en collectief dansten we verder.
Plezant dus, maar wanneer we verder kijken dan de lol die we allemaal getrapt hebben, moeten wel enkele essentiële opmerkingen gemaakt worden. Meer dan eens was de zang niet sterk en dat viel zeker op in de tragere nummers. Maar op het moment zelf is het moeilijk om daarover te struikelen omdat iedereen opgaat in een luchtige, pretentieloze sfeer. Ook de gitaarsolo’s waren in wezen niet zo wonderbaarlijk als de reactie van de meerderheid van het publiek zou impliceren. In tegendeel, vaak waren ze eigenlijk megasimpel en niet eens een meerwaarde. Gelukkig was een constante doorheen de hele avond dat de bassist en drummer strak speelden. De energie en vaart bleven erin, en dat is het voornaamste voor Kakkmaddafakka.
Kakkmaddafakka bezit ook het talent om met vijf verschillende zangers te werken. Zo kan de één al eens rust krijgen tijdens een bepaald nummer. Hierdoor krijg je een extra dynamiek in de set, want zo lijkt het alsof er verschillende bands op het podium staan. Tijdens “Hillside” neemt de drummer bijvoorbeeld de stem voor zijn rekening, heel fijn zo blijkt achteraf, want het wordt één van de meest dromerige songs uit de set. Als de ‘frontman’ de stem voor zijn rekening neemt, kunnen we soms niet anders dan denken aan Jay Vleugels, zeker als hij op een bepaald moment zijn hemdje losscheurt en verder gaat in bloot bovenlijf. Allemaal heel kitscherig en fout, maar tegelijk past het perfect in het verhaal dat Kakkmaddafakka hier probeert te vertellen.
De hele rit lang zat Kakkmaddafakka in de hoogste versnelling. Dat hoeft niet te verbazen, want de setlist barstte van de uptempo en vrolijke songs. Wanneer meezinger “Is She” aan de beurt was en daar meteen de ultieme meedanser “Heidelberg” op volgde, hadden we het gevoel dat de hele zaal verkocht was. Dat het vooral de bedoeling was om lol te trappen, werd opnieuw in de verf gezet in de encore, want Kakkmaddafakka bracht niets minder dan een cover van “Bailando” van Paradisio. Geen seconde twijfelde iemand eraan of dat wel nodig was. Alles kan, alles mag! Wanneer we eigenlijk dachten dat het erop zat, werd “Forever Alone” ingezet op rustige manier. Natuurlijk ontplooide het tot een laatste feestnummer en ging de zaal een laatste keer uit de bol.
Ondanks dat de uitvoering van Kakkmaddafakka zeker niet perfect was en het voorprogramma Statue op dat vlak veel beter scoorde, wisten beide bands te overtuigen. Lol trappen stond centraal bij Kakkmaddafakka en dat lukte moeiteloos. We zijn er dan ook van overtuigd dat iedereen in de zaal met een gelukzalig gevoel naar huis ging. Dat kan bijna niet anders, want op het einde zat letterlijk iedereen zijn beste dansmoves boven te halen. De band vuurde vrolijkheid en energie op ons af en van begin tot eind werkte dit aanstekelijk, zoveel was duidelijk.

Setlist: Intro – Touching – Galapagos – Neighbourhood - Someone New – Young – Lilae – ÅÅÅ - Young You - The Rest - Is She – Heidelberg - May God – Hillside - Runaway Girl - Your Girl – Restless - Naked Blue
Cover: Bailando - Forever Alone

Met dank aan Dansende Beren http://ww.dansendeberen.be

Organisatie: Depot, Leuven

The Other Intern

The Other Intern - Interview Em Ra van The Other Intern

Geschreven door

Veelal hebben we de kans om bekende bands te interviewen. Heel bekende bands zijn meestal niet zo interessant want die doen dat zoveel dat ze in standaardzinnen antwoorden. Vandaag laat ik eens de frontman van een onbekende eclectische rockband uit West-Vlaanderen aan het woord. Em Ra is de bezieler, songschrijver, gitarist en zanger van de band.

Dag Em Ra,  hoelang ben je al bezig met de band? Had je ervoor nog andere projecten?
Ik speel ondertussen 25 jaar gitaar. Ik kocht mijn eerste gitaar tweedehands van een vriendin en leerde na wat zelfstudie wat blues van een dominee in Gent. Ik schreef toen al wat eigen teksten. Daarna- zoals elke jonge gast die gebeten is door het virus - ben ik in wat groepjes beginnen spelen. Ik herinner me vooral Lianga in Roeselare waar we rock en reggae samensmolten, de band  waar ik basgitaar speelde en ook aan de micro stond. Maar The Other Intern ( afk : TOI) is ,wat betreft eigen projecten, toch wel het eerste. De naam wordt 5 jaar oud dit jaar in april. Het stond toen voor een singer-songwriter die zich uitleefde met studiosoftware en één gitaar. Het moest een platform worden met en voor freelance muzikanten. Ik zag toen elk nummer als een apart project, zonder rode draad. Waarbij ik nu en dan andere muzikanten liet weten dat ze steeds welkom waren op mee te werken. Toen was ik nog niet bezig met de gedachte om Live dingen te gaan brengen, maar de vraag kreeg ik wel. Kortom TOI was een studiogebeuren met releases op de facebookpagina en Soundcloud. Dat veranderde al snel door de kansen om solo mijn muziek te gaan brengen.
Ik herinner mij de opening van de pop-up koffiebar van KoffieQueen in het Kortrijks begijnhof nog levendig. Nog steeds heb ik de neiging om wat strijkers en piano digitaal toe te voegen aan sommige recente opnames, maar dat doe ik dan meestal voor mezelf. Het zou niet weergeven wat we nu live doen, maar het kan nog steeds.

Wat wil je uitdrukken, vertellen met de band?
Als tekstschrijver kies ik niet zo doelgericht een bepaald thema. Ik laat me meestal overvallen door een gedachte of situatie, het hoeft ook niet altijd autobiografisch te zijn. Ik beschrijf graag zonder de oorzaak of het gevoel echt te gaan benoemen. Eigenlijk zijn het tekstuele schetsen die we dan inkleuren. Ik ben niet de man die ellenlange teksten zal afratelen in een nummer, maar wat er uit mijn mond komt moet dingen oproepen en ergens hopelijk de mensen raken. Als ik dus moet antwoorden moet ik het repertoire overlopen en zeggen dat we het hebben over de liefde, verlies, onrecht , oorlog … maar ik schrijf echt vanuit mijn ziel en die is melancholisch, wat donker … ik zoek eigenlijk steeds de essentie , maar ik probeer die letterlijk aan te voelen zoals een blinde braille leest.
Bij ons moet je niet aankloppen voor leuke liedjes over "hoe leuk het leven wel is", maar ik hoop vanuit de herkenbaarheid dat de nummers ergens ook hoop geven. Over de minder leuke dingen spreken lucht op en muziek is altijd helend. Met de overgang naar rock geven we de nodige intensiteit, soms kwaadheid, aan wat we vertellen. Evengoed zullen we intens verdriet bezingen. Ik schreef bijvoorbeeld "2soon" een nummer over wiegendood. Of ook het 3-luik over wereldoorlog 1 , met "Mothers in war" op kop.
Kortom : we brengen alles vanuit gevoeligheid en sfeer. Het is geen Rock met uitgestoken middelvinger, het is geen pop die blinkend vernis aanbied… maar het is sensitive rock. 

Hoe zou je zelf jullie muziek omschrijven?
Bij die vraag is het ook goed om te weten dat ik mijn basstem heb moeten leren gebruiken, waarbij de eerste zangeres me verloste van de hoge noten die ik onnodig probeerde te halen. Ik zeg dit omdat onze muziek op die manier al vlug naar de stijl van Leonard Cohen, Nick Cave of Gainsbourg begon te neigen. In die zin dat TOI dus begon met wat donkere luistermuziek en pas later meer en meer snedige momenten werden ingelast in de muziek. De zangeres verliet de groep tijdens een wissel van drummer. Met slechts 1 zangpartij , een gitaar en de drum kwam een ander soort energie vrij. Toen we dat zelf begonnen te beseffen ben ik ons werk "sensitive rock" gaan noemen. Ik hoor zelf de term Pop-rock niet zo heel graag voor onze muziek. Ik denk dat alternatieve rock nog beter past als beschrijving. Ik componeer in verschillende talen, de keuze daarvan laat ik afhangen van de sfeer die de muziek brengt. Of omgekeerd laat de taal me horen of de muziek al of niet klopt ….Ik hoor nu regelmatig feedback over het Arno-gehalte als ik zing in het frans. Ik tracht gewoon ook veel af te wisselen in wat we brengen. De drummer (Kris Degreef- alias Celcius Degree Farenheit) en ik zijn zeer onder invloed ook van Pink Floyd . Ook om meer diepte en variatie op podium te gaan brengen komt nu een bassist ons vervoegen.

Is het moeilijk om een band op poten te zetten en op de rails te houden?
Op zich is het beginnen met een groep niet zo moeilijk, behalve dan de zoektocht naar de muzikanten en zangeres(-sen). De keuze om niet alleen verder te gaan heeft te maken met een nood aan delen van je muziek en het nog beter te gaan maken. Eenmaal je- als enkeling met wat ervaring- die beslissing van samenwerken neemt wil je vooral letten op het talent en de motivaties dat je binnenhaalt, en bovenal of het ook "klikt" met jezelf en de ander. Ik ben nu omringd met mensen die dezelfde muziek aanvoelen en dat heb je niet zomaar in één keer. Ik ben nu bijna 45jaar oud en dat maakt je keuzes wel belangrijker en soms niet gemakkelijker om te maken. Ik ben veel bewuster bezig met mijn muziek dan vroeger. Ieder muzikant komt zijn of haar kunnen integreren , steekt zijn gevoel in de tekst en dat moet vooral resulteren in muziek dat je op jouw vel voelt. Daar waak ik dan wel over. Verder plan ik ongeveer hoe we de repetities invullen, maak ik nu en dan nieuwe songs, ik stuur de teksten vooraf samen met een muzikaal aanzet naar de bandleden, beheer ik de pagina van de groep, maak ik de video's , ik post ze op de andere media… zoek ik bepaalde wegen en mensen op die ons een podium kunnen aanbieden, ik mix en master ook de opnames in de studio ( goed genoeg om op onze believers los te laten)…
Een gekendere groep kan een CD maken en dan enkele jaren rondtoeren. Wij daarentegen moeten continu nieuwe songs aanbieden en loslaten, als we op podia staan moeten we de perfectie nastreven en haast altijd onze play-list variëren, oudere nummers aanpassen en vooral verbeteren. Voor een minder bekende band is dat een goede stimulatie en gewoon nodig om je bereik te vergroten. Wij moeten verder evolueren en onze volgers blijven verrassen . En inderdaad daar kruipt heel wat werk in, ik denk dan ook alle dagen over concepten, nummers en eventuele samenwerkingen met onze omgeving , verenigingen en zelfstandigen. Ik laat geen enkele inspiratiebron liggen maar niet alles komt daarna op de planken, op onze pagina en zelfs niet in de groep. Ik moet nu en dan op die manier herbronnen om de sterkere dingen in de studio te kunnen gaan maken , dan wel samen. Het is bijna "a way of life" geworden voor me. Een tentakel dat aan mijn lijf vastgroeide.

Jullie hebben in eigen beheer een album uitgebracht. Was dat een beetje naar wens verlopen? Wat waren de obstakels waarmee je werd geconfronteerd? En als je het achteraf bekijkt was het de moeite waard voor de band om dit te doen? Inderdaad, De cd ‘ijs’ is ondertussen een restant van de beginjaren, release 2016. Met de zangeres Inne Wyffels (alias : Double You) en nog de jonge drummer (Mathew Desmet) maakten we 9 nummers op basis van de roman van Koen D'Haene. Obstakels : goede opnames maken , leren mixen , de sound over de gehele cd krijgen,
Technisch heb ik heel veel bijgeleerd in de studio. Maar voor een volgende CD staan we best in een studio met een goede technieker, de combinatie van opnemen , mixen en spelen maakt je minder objectief en vraagt veel energie. Je merkt algauw dat je jezelf kapot wil mixen , het kan nooit goed genoeg zijn. Andere noden zoals " marketing" en "budget"  werden opgelost door samen te werken met SYL Wevelgem, waarbij kunstenaars een werk maakten rond dezelfde roman, een catalogus maakten waarin de CD werd gestoken. De hoes en de bedrukking op de cd is dan ook het werk van Bjorn Vanhamme dat als winnaar werd uitgekozen daarvoor.
De cd is geen referentie voor wat de groep nu is, maar het was een zeer leuke beleving met steun van (de bibliotheek) Wevelgem  en café ‘de barriere’ voor de release. Een immense schat aan ervaring die werd opgedaan en het kweken van de broodnodige discipline. Tenslotte is het altijd door ons gezien geweest als een apart project , dat zeker los stond van ons repertoire.
De naam The Other Intern werd wel massaal rondgestrooid en opgevangen. Ik ben nog steeds fier en dankbaar dat onze CD in de collectie van de bibliotheek werd opgenomen. Het was een zeer aanstekelijk project dat literatuur, beeldende kunst en muziek samen bracht. Op die manier was het dan ook een plaatselijk product maar daarom niet minder krachtig. Ik wil hiermee vooral zeggen dat je best samenwerkt en mensen aantrekt met uitdagingen om tot een goede presentatie te komen. En het verlicht het immens werk dat daarbij komt te kijken. Eén oplage van 100 cd's is een klein project, maar de moeite waard. Een beginnende band moet echt die stap eerst zetten voordat ze worden "overgenomen".

Gebruiken jullie ook de nieuwe media om jullie songs te promoten? Zoals Bandcamp, Spotify …
Georganiseerde promotie kan ik het niet echt noemen. Tot nu toe hecht ik niet echt veel belang aan die sites waar je probeert in de picture te staan. Ik denk dat die gewoon al bomvol staan en dat het daar even moeilijk is om je te laten opmerken als in het echte leven.
Onze Basisplatform is vooral onze FB pagina waar ook regelmatig nieuws over ons wordt gepost, nieuwe nummers die ik vooraf solo breng in overtuiging dat de groep er iets van zal maken, premieres dus, … aankondigingen van optredens, afgewerkte muziekvideo's. Op die pagina staan we het dichtst bij onze volgers en we laten die pagina op een natuurlijke manier groeien.  Er staat ook een link naar YouTube en Soundcloud. Vanuit de gedachte dat mensen je niet opzoeken als ze je niet kennen , ben ik wat pessimistisch over die databanken. Ik ben gewoon niet de man die zo ver in marketing gaat. Maar eigenlijk besef ik wel de noodzaak om onze naam maximaal te verspreiden. 
In een goede bui heb ik ons eens ingeschreven op VI.BE, tot nu toe zag ik nog geen vragen of feedback.  We zijn heel hard op zoek naar podia in onze streek omdat we overtuigd zijn dat we daardoor oprecht en eerlijk onze bekendheid laten groeien.  Ik voel het zo aan dat we nog wat bekender mogen worden  voordat we ons gaan gooien op Vlaanderen of Wallonië. Dus ik sluit die propagandamachines ook niet uit, dat is een werk voor later en misschien voor iemand anders.

Hoe proberen jullie optredens te scoren?
Rondvragen… mensen, gemeentelijke of stedelijke organisaties aanschrijven of aanspreken.
In muziekcafés ons verhaal gaan doen en adreskaartjes achterlaten. Neen, wij hebben geen geoliede machine die voor ons klaarstaat. Ikzelf heb het ook te druk met de inhoud van de groep en om ons via de pagina 'alive' te houden. We spraken er in de groep al eens over en we zouden blij zijn met iemand die ons kan gidsen in de scene en zijn /haar contacten voor ons zou willen aanwenden. Anderzijds houden we er nu van om wat exclusiever te blijven, we werken keer op keer hard aan elk volgend optreden. We evolueren sterk hiermee en vernieuwen onszelf, maar wat meer volk vóór het podium zou ons een geweldig duwtje kunnen geven. Het gaat ons niet om het aantal optredens dat we doen , eerder om  het bereik en de kwaliteit. Daar geloven we sterk in. En ook , we werden al een paar keer teruggevraagd, naast de lovende worden die we krijgen zijn dat de grootste complimenten die we kunnen krijgen en dus ook deel van podia binnenhalen.

Zijn er concrete plannen met de band voor 2019?
Onder de kreet "Here we come" word 2019 het jaar van groei en verbetering. Focus op Live-optredens en verder wat goede video's.
We hebben zonet een bassist in de groep gebracht. De uitdaging ligt dus in het eventueel wat aanpassen van de nummers, onze sfeer en sound bepalen en tegen halfweg dit jaar met een sterk gevoel op podiums te gaan staan. Optredens die ons zullen aangeboden worden zullen we zeker invullen ondertussen. We zullen de evolutie ook laten horen en zien via onze pagina. En hopelijk komen er nog nieuw sterke songs naar boven die we met ons drieën al meteen kunnen meenemen.  Ik denk dat we alle drie uitkijken naar dat moment waar we op een  samen onze eerste gig zullen spelen, en ja … we gaan er voor.
We hebben het gevoel dat een soort van doorbraak niet zo ver af meer ligt, maar we weten dat we nog werk hebben. We gaan de beer niet verkopen voordat het geschoten is.

Je bent ook schilder en je bent bezig met je songs op doek te zetten. Ga je dit ook voor de band gebruiken of is dit een gescheiden ding?
Het is eerder gescheiden van TOI, maar het vult elkaar aan. Ik volgde als kind les op de kunstacademie in Menen , werd bouwkundig tekenaar en later interieurarchitect. Ik werkte 15 jaar in de bouw als schilder waarvan de laatste 4 jaren daarvan in bijberoep als interieuradviseur. Het begon tijd te worden dat ik na die drukte terug begon op panelen te schilderen. Het lag voor de hand dat mijn eerste inspiratie de teksten zijn die ik schrijf voor de groep. Het is in mijn hoofd een aparte reeks " Painting songs of The Other Intern", maar ik kan nog vele thema's of andere reeksen aanvatten. Het schilderen dompelt me nu helemaal onder in de wereld die ik rond TOI heb gecreëerd. We hebben al eens beelden en video's geprojecteerd tijdens onze optredens en daar zou het wel eens kunnen passen. Maar voor mij hoeft het niet perse of onmiddellijk, het is niet het oorspronkelijk doel. Het is gewoon één andere zijde van de singer-songwriter.  Ik ken zelf literaire schrijvers die hun illustraties zelf verzorgen. Ik denk ook aan de beeldhouwer die Willem Vermandere is. Ik wil onze muziek niet opzadelen met deze beelden, maar in deze reeks schilderijen kan ik zeker verwijzen naar de song op de achterkant van het werk, dat lijkt me leuk.

Wat is je droom met de band/muziek?
Ik heb altijd gezegd dat het leuk zou zijn gewoon bekender en gevraagd te worden in onze streek. Zodat we al wat meer kunnen optreden op ons tempo, het mag zeker wat meer zijn.
Dat is een bescheiden uitgangspunt als motivatie ook voor onszelf en misschien te praktisch omkaderd. Dat is al een mooie droom die we zelf moeten waar maken.
Eén echte natte droom is eerder iets dat je overkomt zonder dat je het plande… Plots mogen gaan spelen onder de tenten van de grotere festivals bijvoorbeeld. En als we dan toch zo ver zijn mag het ook op een gigapodium  in open lucht met een goede repertoire en de 3 hits die België wekenlang via de top 30 in de ban heeft gehouden … Ik hoor onze muziek passen op radio 1, … denk ik … hoop ik . In ieder geval moeten we het blijven doen met veel plezier, dan komt er alleen maar meer en meer moois op ons af. En ja, neen…. Op goede muziek staat geen ouderdom.

Massive Attack

Massive Attack - De 21e eeuw in een kaleidoscopisch kijk- en klankstuk

Geschreven door

Vergeet al die triphop bullshit, spuwde toenmalig Massive Attack-bandlid Andrew Mushroom Vowles tijdens een interview met Mixmag in 1998 over ‘Mezzanine’, Massive Attacks derde album. Mezzanine is lover’s hip hop, noemde hij het album zelf, en daar zat wel iets in. De term triphop was een twintigtal jaar geleden een goedkope catchphrase geworden in de Britse muziekpers voor gehypete hotel lounge muziek. Toen die laatste met medeleden Robert ‘3D’ De Naja, Grant ‘Daddy G’ Marshall’ tegen wil en dank zeven jaar eerder met ‘Blue Lines’ (1991) een nieuw genre pionierden waar soul, dub, elektronica, psychedelica en synths in elkaar vloeiden, had hiphopbrein Mushroom nooit gedacht dat ze met ‘Mezzanine’ hun eigen genre radicaal zouden herdefiniëren.

‘Zijn we nu plots een fucking punkband geworden?’ schreeuwde hij tijdens een opname. 3D en Daddy G wilden weg van het oude Massive Attack-geluid en lieten zich inspireren door new wave-bands zoals Gang Of Four en Wire. De onenigheid over de muzikale richting die Massive Attack moest nemen, zorgde na de release van ‘Mezzanine’ voor Vowles’ exit. Diezelfde creatieve botsingen binnen Massive Attack waren ook twintig jaar na datum aanwezig in Paleis 12. Reggae botste met scheurende gitaarrock, soul met dub, en hiphop met een blend van pop-R&B-dance. Mushroom zou trots geweest zijn.
Na hun meesterwerk uit 1998 legde het duo uit Bristol de lat extreem hoog. Voor zichzelf en toekomstige triphop-projecten van andere bands. Verwachtingen werden nauwelijks tot niet ingelost door ‘100th Window’ (2003), hetgeen de facto een project is van bandlid 3D en producer Neil Davidge, of ‘Heligoland’ (2010).
Toch wist Massive Attack ons gisteren meer dan te overtuigen. En dat is op z’n minst verrassend te noemen. Artiesten die hun populairste worp opnieuw voor een publiek brengen, is vaak niets meer dan een gemakkelijke manier om geld in het laatje van de (steeds irrelevanter wordende) artiest te brengen. Goedkoop, weinig vernieuwends, en niets echt bijzonders zijn dit soort shows. Behalve dan als u als een heroïneverslaafde kickt op platte nostalgie.
Toch bleken op het einde van de avond geen enkele van dergelijke pejoratieven op Massive Attack toepasbaar. Hoe de heren uit Bristol daarin slaagden? Simpel: Massive Attack gaf méér dan alleen een show. Aangevuld met een spectaculaire lichtshow, een unieke documentaire-annex-visueel-kunstwerk van BBC-documentairemaker Adam Curtis, én legendarische guest vocalists (cultfiguur Horace Andy en dreampop-pionier Elizabeth Fraser van wijlen Cocteau Twins), oversteeg Massive Attack zichzelf.
Live klinken klassiekers “Risingson”, “Man Next Door” of “Teardrop” nog even fris als nummers die de band voor het eerst op de planken brengt. “10:15 Saturday Night” van The Cure, “I Found a Reason” van The Velvet Underground of een cover van Ultravox’ underground culthit “Rockwrok” waren daar het levende bewijs van.
Of misschien wist Massive Attack ons vooral te overtuigen door hun nummers een extra (visuele) dimensie te geven. ‘Mezzanine’ belichaamt als geen ander triphopalbum uit de jaren 1990 de beklemmendheid en claustrofobische benauwdheid van de 21e eeuw. Dat die spanning gecombineerd wordt met een intelligent, sociaal geëngageerd docu-kunstwerk van Curtis, maakt van deze show iets heel bijzonders.
Het concert is zo opgebouwd dat de band niet alleen een soort synthese maakt van zijn eigen geluid en invloeden, maar ook een kritische, confronterende blik werpt op de eerste twee decennia van het nieuwe millennium. ‘ONCE UPON A TIME,’ zien we op verschillende schermen boven het podium verschijnen, ‘DATA WAS GOING TO MAKE YOU FREE.’ Massive Attack fulmineert tegen verschijnselen die onze maatschappij in een wurggreep houdt, en construeert ook een verhaal hoe het zo ver is kunnen komen.
De sociaal-kritische beelden die Curtis cureert (bevreemdende beelden van fabriekswerkers die luxueuze poppen maken voor het Westen, Tony Blair die via reclameboodschappen een breed publiek wil manipuleren, bloederige beelden van oorlogen in het Midden-Oosten) gaan naadloos in dialoog met de claustrofobische, angstige tonen van Massive Attack. Politieke slogans, complottheorieën, het militair-industrieel complex, de financiële crisis – er is geen onderwerp dat de band en Curtis niet kritisch onder de loep nemen. Zonder ook maar een moment prekerig over te komen.

Massive Attacks maatschappijkritiek is vernietigend en bijzonder scherp. Het rijke dub-klankentapijt van “Dissolved Girl” gecombineerd met de ijzingwekkende sopranostem van Fraser klinkt nog even hypnotiserend als 20 jaar geleden. Ook de etherische zang van 3D tijdens “Risingson” of de onnavolgbare spanning die wordt opgebouwd tijdens “Angel” blijven bonafide kippenvelmomenten. Maar er is ook ruimte voor hoop. Terwijl de gitaren nog na de finale loeien en de synths weergalmen in een eindeloos noisy vacuüm, verschijnen er knalwitte drukletters in drie verschillende talen op de schermen.

‘WE ARE CAUGHT IN AN ENDLESS LOOP, LET’S LEAVE THE GHOSTS BEHIND AND BUILD A NEW FUTURE’.

Setlist: - I Found a Reason – Risingson - 10:15 Saturday Night - Man Next Door - Black Milk – Mezzanine – Exchange - See a Man’s Face - Dissolved Girl - Where Have All the Flowers Gone? - Inertia Creeps – Rockwrock – Angel – Teardrop - Group Four

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/paleis-12-brussel/massive-attack-31-01-2019
Organisatie: Greenhouse Talent

Thurston Moore

Thurston Moore - Een schroevendraaier tussen de snaren, toch één zekerheid”

Geschreven door

Hoe kan je professioneel een gitaar mishandelen? Thurston Moore gaf er met zijn pas gevormde noise ensemble alweer een spoedcursus over in de Vooruit. In oktober fantaseerde hij nog een nieuwe soundtrack voor de cultfilms van Maya Deren, het jaar daarvoor liet hij indrukken achter op Werchter en Sonic City. Dat de ex-Sonic Youth strijder de bijl er niet bij neerlegt staat vast, maar nu sloeg hij ook de handen in elkaar voor een hoger doel. James Sedwards uit zijn intussen befaamde Thurston Moore group, Deb Googe uit My Bloody Valentine en Jennifer Chochinov sloegen allemaal het resonantietuig om de nek. Niet alleen waren ze voorzien van een resem extra snaren, ze speelden ook voor het eerst één enkele compositie die Moore componeerde.

Het ensemble had deze twaalfsnaren symfonie zopas opgenomen in Brussel en had daar gelukkig hun partituren niet vergeten. Ze stonden in een cirkel gepositioneerd waardoor Moore zijn gezicht niet eens hoefde te vertonen. Foto’s met flits en vurige debatten waren voor naderhand in het café, verzoeken die de toeschouwers respecteerden al waren het heilige evidenties. Ook Wobbly figureerde mee in het gebeuren. De proto-sampler uit het voorprogramma zorgde voor atmosferische soundscapes tussen het gitaargewriemel in. Na enkele minuten leek het noise sextet een helse zonnewind te willen simuleren. Ons vermoeden werd toevallig benadrukt door de kosmische taferelen die zich op de achtergrond ontsluierden.
Het optreden kwam eerder traag op gang met tien minuten lang dreigende gitaargalmen, ook te proeven in “Exhalted” en “Turn On” uit Moore’s recente ‘Rock N Roll Consciousness’.
De mentaliteit en stijl bracht hij alvast mee: welke artiest speelt nu ook één lang nummer zonder zijn publiek aan te kijken. Toch slaagde hij erin een meertalige Vooruit te beroeren dankzij zijn concentratie en pure klankdrift. Waar James Sedwards soms voor melodie zorgt tussen de studioruis, waren onze vier snaarvrienden zo methodologisch op elkaar afgestemd dat ze de wetten van de akoestiek leken te tarten. De karikatuur zoals punk soms aanvoelt werd overschreden tot een evenknie van de beste jazz of een ritmische improvisatie.
De compositie zelf was uitgestrekt en afwisselend zoals we van de gitaarlegende gewoon zijn. Iedereen had de tijd om waar nodig pagina’s in zijn of haar studieboek te keren of een effectenpedaal af te stellen. Wij zaten nadien toch eerder in met de infrastructuur van de zaal. Anders dan de vaak misbruikte metafoor was die bijna letterlijk door een sloophamer behandeld.
Tijdens de aftershow door afro punk act Big Joanie merkten we echter dat de fundamenten van de Vooruit en Thurston Moore elkaar al vijfentwintig jaar in de oren fluisteren, en dat ze juist opgewonden worden van muzikale bulldozers.
Het stuk was als het ware ingedeeld in seizoenen, waarbij we afwisselden tussen kille drones en verkwikkend gekriebel. Moore anticipeert steeds op de hoge verwachtingen van zijn bescheiden maar extatische publiek. Zou dit soort aanvallen op het gehoor door een seniorengezelschap werken als een prikkel voor de eeuwige jeugd? We hebben het verstomd proberen gadeslaan terwijl de vloer van de theaterzaal letterlijk daverde. Naast het typische wasbordgeluid herkenden we ook een ontstemde klavecimbel, buisklokken en een grote gong, geen van welke effectief aanwezig waren. Onze visuele cortex werd gelukkig ook gestimuleerd door animaties van astronomische verschijnselen en time-lapsen van groeiend leven.

Ware het niet dat Thurston Moore een tiener was bij het verschijnen van ‘2001: A Space Odyssey’, dan had Stanley Kubrick hem waarschijnlijk gevraagd voor de soundtrack. Jem Doulton bleek het evenbeeld van Steve Shelley toen hij naast hardcore drums allerhande belletjes en percussiemateriaal bediende. Even waanden we ons in een beneveld regenwoud, wat later bekeken we een Star Trek aflevering. Uiteraard schoof Thurston Moore ook een schroevendraaier tussen zijn staren, de enige zekerheid die we bij hem toch hebben.

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Vooruit, Gent

Monster Magnet

Monster Magnet - Nog altijd opzwepend

Geschreven door

Monster Magnet had in het najaar nog een nieuwe plaat uit (‘Mindfucker’). Een goeie plaat zelfs.

Lees de review maar na op onze pagina http://www.musiczine.net/nl/cd-reviews/item/69754-Mindfucker  . Zo is hij nu op toernee doorheen Europa waarbij hij drie optredens voorziet in ons land. Dat zagen velen blijkbaar zitten want De Kreun was al een tijdje uitverkocht.

Het Britse trio Puppy mocht de zaal opwarmen wat buiten wat die-hard fans moeilijk lukte. Hetgeen we hoorden was niet slecht maar ook niet iets waar we van onder de indruk waren. Het deed heel in de verte wat aan Danko Jones zonder testosteron denken. De drummer was wel indrukwekkend maar kwam niet geheel tot zijn recht bij deze muziek. Er zit meer in zijn mars. De nummers klonken allen wat gelijkaardig en de zanger/gitarist had wat rare tics na elke zanglijn. We keken al uit naar de hoofdact.

Monster Magnet mocht dan hun duivels ontbinden. En dat is haast letterlijk te noemen. Op achtergrond hing een groot doek met de hoes van ‘God Say No’ op. Er werden beelden geprojecteerd. “Dopes To Infinity” uit het gelijknamige album startte de set waarna er overgegaan werd naar “Rocket Freak” uit hun nieuwste plaat. Meteen voelde je de haren recht komen en de vuisten gingen de lucht in. Dit luid aangemoedigd door Dave Wydorf (inmiddels ook al 62 jaar) die heel interactief naar het publiek toe was. Hij bespeelde goed de zaal en anders dan de meeste popartiesten plegen te doen.
We kregen heel veel werk uit de periode tussen 1993 en 2004. Twee songs uit de nieuwe plaat en geen enkele uit de drie voorgaande albums. Alhoewel ik persoonlijk ‘Mastermind’ bijvoorbeeld ook een goede plaat vind. Bon, de muzikanten gingen ervoor en Dave ook alhoewel hij naar het einde toe nogal vaak aan zijn pedalen stond te regelen waardoor hij met zijn rug naar het publiek toe stond. Dat was het enige schoonheidsfoutje. Voor de rest een mooie finale met “When The Hammer Comes Down”, “Negasonic Teenage Warhead” en uiteindelijk als climax “Space Lord”. Daarbij liet hij iedereen tijdens het liedje ‘Space Lord Motherfucker’  scanderen. Er ontstond een eerste maal een moshpit vooraan.
Het was duidelijk dat het publiek na dit nog meer wilde. En na roepen en klappen kwamen ze op voor de bisronde. Eerst met “CNN War Theme” dat een uitgebreide instrumentale versie meekreeg. Wydorf kwam daarna terug op de stage voor “Dinosaur Vacume” en “Powertrip”. “Powertrip” was het orgelpunt met moshpit en massaal in de lucht gestoken vuisten. Daarna verdwenen ze als dieven in de nacht na een opzwepende trip van een anderhalf uur.

Neem gerust een kijkje naar de pics van hun set in De Casino, St-Niklaas , een paar dagen later
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/monster-magnet-28-01-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/puppy-28-01-2019

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Tiny Legs Tim

Elsewhere Bound

Geschreven door

Toch alweer het vijfde studio album van deze Vlaamse bluespurist, ondertussen al een begrip in Belgische blueskringen. Op zich is dat ook maar een klein wereldje met een beperkte historiek natuurlijk, maar toch. In ons Belgenlandje zijn er dan ook nooit katoenplantages geweest, de blues beperkt zich hier eerder tot een cafégebeuren, maar dan wel bij voorkeur in een bruine kroeg.
Het minste wat je van Tiny Legs Tim kan zeggen is dat hij niet in cirkeltjes blijft draaien. Met ‘Elsewhere Bound’ heeft den Tim het over een andere boeg gegooid. Uiteraard blijft hij binnen de paden van de blues, maar die liggen zoals u weet soms nogal ver uit elkaar. Tim heeft deze keer zijn blues wat meer aangekleed en er wat toeters en bellen aan gehangen. Maar gelukkig nergens te veel, het is geen kerstboom geworden. Tiny Legs Tim laat zich uitvoerig begeleiden door een horde doorwinterde muzikanten waardoor zijn blues misschien niet meer zo puur klinkt, maar wel avontuurlijker. Vooral een stel blazers brengen de schwung erin, en we bespeuren ook hier en daar wat latino percussie die voor een zuiders tintje zorgt. Klinkt het gek als wij al eens aan Los Lobos moeten denken ? Check.
Waar Tiny Legs Tim zich met zijn vorige platen meer op uw ziel richtte, heeft hij het nu meer op uw heupen gemunt. Er mag met name al eens gedanst worden op de blues, en dat is dikwijls het geval op ‘Elsewhere Bound’.
Maar bovenal schittert TLT toch maar weer met zijn subtiele gitaarspel, waarin John Lee Hooker nooit ver weg is. En natuurlijk ook met zijn gepassioneerd songschrijverschap, want er staan toch weer enkele pareltjes van het zuiverste water op dit album.
Dat maakt van ‘Elsewhere Bound’ een mooie aanvulling in het stilaan indrukwekkende repertoire van een kerel die 100% is opgetrokken uit Vlaamse kleigrond, al heb je dikwijls het vermoeden dat daar wat diep zuiders bloed recht vanuit de Mississsippi Delta door stroomt.

Het album wordt de komende weken voorgesteld in De Singer Rijkevorsel (22/02), AB Brussel (01/03), De Roma Antwerpen (08/03), Casino St Niklaas (28/03), 4AD Diksmuide (29/03) en Handelsbeurs Gent (14/05).

Yeggmen

Together In The Fullness Of A Solar System

Geschreven door

De Franse indie/electrorockband Yeggmen bracht in januari zijn debuut 'Together In The Fullness Of A Solar System' op de markt. In de biografie daarover lezen we het volgende: "The French band is exploring an hypnotic and dark territory. A warm and innocent voice combines with powerful electro rock rhythms and captivating synths. As a result, Yeggmen bring us somewhere between Ghinzu's frenzy, Damon Albarn's flippancy, and Nick Cave's dark romanticism." Een stelling waarin we ons zeer goed kunnen vinden. Ondanks dit debuut kunnen we trouwens stellen, de leden van deze band - Fred Ozanne (vocals/ guitars), Sofía Miguélez (keys/backing vocals), Matthias Moreno (drums/drum machine/backing vocals)  - zijn trouwens geen onbekende meer binnen dat indierockwereldje, die ervaring binnen het vak zorgt er dan ook voor dat de perfectie over de gehele lijn wordt overschreden.
Vanaf “A86” krijgen we dan ook een heel catchy, aanstekelijk, dansbaar maar ook vrij melancholisch klinkende trip voorgeschoteld die zowel de emotie als de dansspieren aanspreekt. Een beetje in verlengde van inderdaad een band als Ghinzu. Gedrenkt in de donkere weemoed van Nick Cave, al is dat eerder door middel van een subtiele knipoog naar deze laatste. Want donker klinken songs als “On The March” en “The Biggest Wave” eigenlijk niet echt. Weemoedig echter dus wel.  Dat Yeggmen bewust schippert tussen die uitersten van gevoelige snaren raken en eerder je doen dansen door de huiskamer blijkt nog maar eens uit wederom een heel aanstekelijk “Station Home” gevolgd door een bitterzoet klinkende orgelpunt in de vorm van afsluiter “Never Be Alone Again”. Een kers op die lekkere taart die smaakt naar meer.
Yeggmen brengt met 'Together In The Fullness Of A Solar System' zeker een heel leuk debuut uit, dat dus wel aan de ribben kleeft, maar waaruit eveneens blijkt dat deze band nog kan groeien. De songs zitten structureel heel goed in elkaar, dit is de betere indie/electropop dat we voorgeschoteld krijgen. Maar het eindpunt is dus nog niet bereikt, zoveel is duidelijk. Yeggmen bestaat echter uit muzikanten die de klappen van de zweep ondertussen kennen, en kunnen met dit debuut zeker hoge ogen gooien naar fans van het bijvoorbeeld Ghinzu tot Girls in Hawaii toe, twee bands die muzikaal al lang diezelfde richting uitgaan maar toch een paar treden hoger soleren dan Yeggmen. Geef deze band dus vooral de kans om open te bloeien, want het potentieel om net als voornoemde potten te breken in het typische elektronische tot indierockgebeuren. Daarover beschikt Yeggmen op basis van dit sprankelende, weemoedige en lekker aanstekelijke debuut, zeker en vast.

Tracklist: 1. A86  04:19; 2. On The March  03:19; 3. The Biggest Wave  03:18; 4. Lovely 05:01; 5. You Are Lost  04:05; 6. Ship  03:45; 7. Station Home  03:18; 8. Never Be Alone Again  05:00.

Unleashed

The Hunt For White Christ

Geschreven door

Medio 2019 bestaat Unleashed, de Zweedse deathmetalformatie, ondertussen dertig jaar. Een feestelijk jaar moet dit worden. De band maakte furore door teksten over vikings en Scandinavische mythologie te overgieten met een typisch deathmetalsausje. Ze worden zelfs omschreven als grondleggers in dat gegeven, maar zijn helaas ondertussen een beetje ingehaald door de tijd. Vorig jaar bracht de band zijn dertiende album op de markt 'The Hunt For White Christ' via Napalm Records. Ter gelegenheid van het dertigjarige bestaan vonden we het de perfecte timing deze schijf eens onder de loep te nemen.
'The Hunt for White Christ' is een conceptalbum rond de mythologische wereld Odaleim en Midgaard. “Lead Us Into War” geeft de toon aan, laten we de strijd aangaan. Door middel van die typische energieke en krachtdadige aanpak deelt de band reeds een mokerslag van jewelste uit, en dan zijn we vertrokken voor een verschroeiende harde en meedogenloze trip die uitmondt in het verpletteren van heilige huisjes, tot er geen enkel meer recht staat. De vrij toegankelijke songs treffen je in het hart, en met de ogen gesloten voelen we ons prompt terugkeren in de tijd en gaan die strijd eveneens aan door middel van al even grote uppercuts in het gezicht uit te delen, door middel van gestroomlijnde gitaarlijnen - we waren meerdere keren onder de indruk van die verschroeiende solo's die de gitaristen van dienst uit hun instrument toveren -  bulderende vocalen en drumsalvo's die je zonder verpinken telkens opnieuw tot moes slaan.
Dankzij verpletterende songs als ''Terror Christ”, “They Rape The Land” en “The City Of Jorsala Shall Fall” blijft de band de aandacht scherp houden. Een lijn die over de gehele schijf wordt doorgetrokken. En meteen ook het grote pluspunt aan deze plaat eigenlijk.
Het grote gevaar aan zoveel jaren aan de weg timmeren, is dat je als band in de val trapt van een routineklus af te werken. Ondertussen heeft Unleashed inderdaad niets meer te bewijzen, maar toch maakt de band er zich niet gemakkelijk vanaf en straalt gelukkig nog steeds een spontaniteit uit als jonge wolven in het vak die jou zonder enig medelijden verpulveren en verscheuren zoals enkel de vikings in die gouden tijden dat konden, gerugsteund door de goden.
Laat dit nu de reden zijn waarom we door deze pracht van een schijf compleet over de streep worden getrokken, en prompt mee de strijd aangaan naar 'The Hunt For The White Christ'. Unleashed zet na dertig jaar nog steeds zijn stempel op dat deathmetalgebeuren, met een vette knipoog naar typische vikingmetal, en levert een kwalitatief hoogstaand product af zonder de spontaniteit en spelplezier uit het oog te verliezen. Dat getuigt van pure klasse, waaruit menig band met zelfs meer jaren dienst nog iets kan van leren.
Tracklist: 1. Lead Us Into War 03:28; 2. You Will Fall  03:35; 3. Stand Your Ground  03:15; 4. Gram 04:10; 5. Terror Christ 03:54; 6. They Rape The Land 04:00; 7. The City Of Jorsala Shall Fall  04:12; 8. The Hunt For White Christ  02:36; 9. Vidaurgelmthul  03:24; 10. By The Western Wall  04:17; 11. Open To All The World 04:48.

Satan’s Pilgrims

At Home With Satan’s Pilgrims -re-issue-

Geschreven door

Het betreft hier een heruitgave van de in 1995 uitgebrachte plaat via eMpTy Records. De band is afkomstig uit Portland, Oregon en bestaat al sinds 1990. Hun naam haalden ze uit een horror B-movie (met name Satan’s Sadists) uit de jaren ‘60. Ze treden op met zwarte capes (zoals die van vampieren).
Natuurlijk gaat het ook om de muziek. Muzikaal zitten ze wat in hetzelfde straatje als The Sonics, The Ventures en The Kingsmen om maar enkele te noemen. Deze re-issue is dus hun debuut uit 1995 en bevat 15 aangename surfrocktracks. Iets minder variatie dan we van bv Los Venturas gewoon zijn maar wel goed gemaakt. Dit is puurdere surfrock. Echt voor de liefhebbers en puristen van het genre.
Wie op zoek was naar een exemplaar van dit album zal blij zijn, want die is nu gelukkig terug verkrijgbaar op vinyl en cd.

Rantanplan

Stay Rudel Stay Rebel

Geschreven door

De Duitse skapunkband Rantanplan, vaagweg vernoemd naar de hond van Lucky Luke, heeft reeds tien albums op het conto, maar is in België nog niet doorgebroken. Daar zullen hun teksten in het Duits wel voor iets tussen zitten. Ze hebben best wel een kritische maatschappijvisie en een flinke dosis (zwarte) humor, maar dan moet je iets meer begrijpen dan vakantie-Duits. Nochtans is hun muziek wel heel universeel en van de bovenste plank, met blazers die zuinig maar efficiënt accenten leggen. Het zijn ook vooral de blazers die het etiket ska toevoegen aan de punkrock van deze Duitse band.
Hun tiende album ‘Stay Rudel Stay Rebel’ heeft heel catchy punk-nummers. “Maschine” doet zowel in tekst als muziek een beetje denken aan het recente werk van TV Smith, terwijl titeltrack “Stay Rudel Stay Rebel” mij doet denken aan de Belgische band Mise En Scene. “An Aus” is net iets te drammerig en heeft teveel tekst om te kunnen bekoren. Het jazzy-nightclub-achtige “Nachtzug Nach Paris” en “The Rudel” zijn dan weer te traag, waardoor de beperkte vocale kwaliteit van zanger Törben pijnlijk duidelijk wordt. Evengoed zijn er genoeg nummers waarop het plaatje helemaal klopt: “Foodporn”, “Kein Richting Heimat”, “Kill Den Spiegel” en het vrolijke “Partytrick”.
“Rudegirl From Outta Space” is een gemiste kans. Met zo’n titel hoop je op skapunk meets spacerock, met een vette uptempo-beat en breed uitwaaierende solo’s. In de plaats daarvan brengt Rantanplan je op dit nummer trage en mierzoete reggae.
Met dit album wil Rantanplan het leven in een roedel bewierroken en in dat opzet zijn ze geslaagd. ‘Stay Rudel Stay Rebel’ is een verzameling van bijten, blaffen, samen rennen, samen eten en knuffelen. Hondenfluisteraar Cesar Millan zal fan zijn.

Noctulux

From The Shadows

Geschreven door

Terugkeren in de tijd is iets wat we normaal gezien niet doen. Sommige bands die ons in het overaanbod van releases wat zijn ontgaan, verdienen echter wel de nodige aandacht. Ook al dateert dit debuut van symfonisch metalband Noctulux 'From The Shadows' reeds van januari 2018, vonden we het toch nodig de plaat en band een jaar na datum even onder de loep te nemen.
Deze uit Nederland afkomstige band ontstond in 2016 en heeft, na enkele line-upveranderingen, de tijd en energie gevonden een heel knap debuut op de markt te brengen, dat vooral deuren opent naar een gouden toekomst. Laten we het daar bij houden.
Noctulux drenkt zijn songs in een atmosferisch, eerder donker aanvoelend tot intiem sfeertje, waarbij eveneens een sprankel hoop en licht te bespeuren is op het einde van de tunnel. Vooral worden heavy riffs van een heerlijk solide solerende Maarten Langeree gecombineerd met verdovende basinbreng van Ben Bruschke. Waarna eerder intieme piano- en keyboardklanken je doen wegzweven naar andere oorden. Bij die ingetogen momenten bezorgt zangeres Mirjam je als ultieme kers op de taart een krop in de keel. Sfeerschepping in de telkens een heel intimistisch aanvoelende omkadering is dan ook de rode draad doorheen songs als “Break Me Down”, “Close My Eyes” en “Raindrops”. Haar kristalheldere stem komt net bij die heel intieme songs trouwens nog het best tot zijn recht, ze raakt daarbij die gevoelige snaar telkens opnieuw.
Dat de band ook kiest voor een avontuurlijke, gevarieerde aanpak waarbij vooral een eerder aftastende houding wordt aangenomen. Het is eigenlijk het grote pluspunt aan dit debuut. De band geeft daardoor te kennen dat ze nog kunnen groeien in hun kunnen, en het eindpunt gelukkig nog niet is bereikt. Dat laatste blijkt nog het meest uit “Shadows”, een song waarbij de band plots alle registers open gooit, zonder geluidsmuren af te breken, maar wel door ons met verstomming van het kastje naar de muur te sturen en uiteindelijk totaal verweesd achter te laten. Een gegeven dat we helaas niet over de gehele schijf opmerkten, maar dat is op zich een beetje muggenziften naderhand bekeken.
‘From The Shadows' bestaat vooral uit breekbare, heel persoonlijke songs binnen een intieme sfeer die naar voor worden gebracht zonder je in slaap te wiegen, maar die wel je hart enorm diep raken. En dat is dus de grote verdienste van die eerder genoemde vocale inbreng, gecombineerd me muzikanten die op het perfecte moment inspelen op die walmen van melancholie die Mirjam daarmee naar voor brengt. Eens de juiste balans gevonden is tussen zang en instrumentale inbreng voorspellen we Noctulux op basis van dit heel intieme en fijn debuut dan ook een gouden toekomst.
Kortom: Niet elke song is even overtuigend, maar het potentieel om potten te breken naar de toekomst toe, blijkt uit dit debuut dan weer wel. Bovendien slaagt Noctulux erin je onder te dompelen in een intieme atmosfeer, die aanvoelt als een deken tegen koude nachten, zonder je in slaap te wiegen. En ook dat is eigenlijk dan weer iets om in de toekomst verder uit te werken. Want die stem van Mirjam is in dat geheel een bijzondere meerwaarde waarrond verder kan worden gewerkt om van deze Nederlandse band uiteindelijk een goudhaantje te maken dat binnen atmosferische/symfonische rock en metal potten zal en kan breken.

Tracklist: 1. Break Me Down 03:56; 2. Goodbye 03:56; 3. Broken Record  05:11; 4. Fear  04:56; 5. Something More  03:40; 6. Close My Eyes 07:32; 7. Where Darkness Is Light  06:32; 8. Raindrops  04:06; 9. Leaves In The Wind  06:04; 10. Infected  05:31; 11. Shadows  10:10.

Lotus Feed

Songs From The Silent Age

Geschreven door

Aan de titel te horen zou je misschien in eerste instantie denken dat het hier een verzamelalbum betreft. Niets is minder waar, het is het nieuwste (negende) album van de in Keulen residerende Duitse band Lotus Feed. Een post punk band die ik al een tijd volg vanwege hun unieke stijl en interessante releases. Ook deze nieuwste worp die ditmaal via het zusterlabel van Manic Depression Rec, met name Icy Cold Records, uitkomt.
Voor deze releases hebben ze zich gefocust op thema’s die ons allemaal aanbelangen. Met name een roep voor eenheid, solidariteit en weerstand tegen de verrechtsing van de huidige maatschappij. Maar evenzeer het gevecht tegen innerlijke demonen, spiritualiteit en seksualiteit. Dat resulteert in vrij geëngageerde teksten en snedige post punk. Opener “Pressure” start meteen aardig met een uptempo en snedige song die ergens tussen darkwave en postpunk zweeft. “Bloom” die erop volgt gebruikt een aantal elementen die Killing Joke vroege soms hanteerde. Een hakkende gitaar, melancholische synths en een bevlogen zang. Een toptrack. Op enkele tracks temperen ze het tempo zoals op “Fail” (of “Daily Race”) waar sfeer plaats maakt voor snedigheid. Een introverte track waarbij de zanger terugkijkt op zichzelf. Een track die halverwege openbreekt. “Legacy” is een immense knoert van een song. Een stevige en hakkende ritmesectie zet de toon en trekt de rest mee. Op “Innocence” komen Peter Slabbynck en Red Zebra meedoen. Een song die misschien wat geïnspireerd werd door “Innocent People”. Alleen Lotus Feed kan daar een antwoord op geven. “Daily Race” begint met de echo van een gitaar zoals The Edge vroeger pleegde te doen. “Dying Sun”, “Resurrection” en “Shadows” zijn meer dan de moeite waard.
Lotus Feed heeft hier een postpunkalbum afgegeven waar vele bands in het genre niet aan kunnen tippen. Laat u meeslepen en begeesteren door deze viriele post punkers.

May (B)

Happily lost at sea EP

Geschreven door

MAY is de vijfkoppige band van zangeres Fien Desmet, met Lukas Somers (gitaar), Marco Giongrandi (gitaar), Gerben Brys (bas) en Olivier Penu (drums).
Hun eerste EP 'happily lost at sea' bevat vijf songs met (af en toe) een donker randje, maar één ding hebben ze gemeen: ze vertellen allemaal een verhaal.
Fien studeerde jazz aan het Conservatorium van Antwerpen, en neemt die invloed en haar liefde voor jazz zeker mee in het schrijfproces. Toch is 'happily lost at sea' allerminst een jazzplaat. De muzikanten gingen samen op zoek naar  de mooiste kleuren om hun muzikale dromen te vertellen, soms schoorvoetend, dan weer schreeuwend, tussendoor sowieso bewust en onbewust beïnvloed door Fiens muzikale helden Nina Simone, Joni Mitchell, Randy Newman, Lianne La Havas, Melanie De Biasio, ...
‘happily lost at sea’ opent een kleurrijk universum, perfect om bij weg te dromen.

https://open.spotify.com/album/1FxjbIyzMP3WRrRkDCrFXj?si=kpxcUPulQLi1k19GhBVlZw

Los Venturas

Playtime!

Geschreven door

Deze band maakt al 18 jaar instrumentale muziek. Ze zijn een begrip in hun genre. Het is een beetje een niche natuurlijk, maar dat maakt natuurlijk niet zoveel uit. Want goed gemaakte muziek blijft goed gemaakt ongeacht het hokje waarin ze passen. Wie de jaren ‘60 wil laten herleven moet hier zeker eens naar luisteren. Als je de muziek en de bandnaam hoort dan denk je eerder dat Mexico hun thuisland is. Maar dit betreft hier een 100% Belgische band en alles werd ook in eigen land opgenomen. Intussen bracht de muziek hen ongeveer in alle landen van Europa maar ook tot in Mexico (!) en California. En dat is niet zo verwonderlijk want hun muziek is echt wel goed. Leuke ritmes en veel variatie met Hammond, twang, etc.. . Echte feestnummers zijn het die je meteen naar het zonnige zuiden doen verlangen. Ze mixen elementen uit ska, rock n roll, 60’s surf, groove en nog zoveel meer. Dat levert boeiende songs op en het belangrijkste is dat het door die mix ook meer is dan een vintage 60’s surfbandje.
“A Hui Hou” is een lekker laidback nummer met heerlijke gitaarlijnen en andere versieringen. “Le Vélo” begint met de Rodania –tune alom gekend van de wielerwedstrijden. “Go Go GTO (Full Throttle)” is eerder traditioneler en doet mij wat denken aan The Raveonnettes. “Bird Poo” is ook interessant. Een aanstekelijk ritme als basis, met een gitaar die zou willen beginnen rocken. De vogelgeluiden worden nagebootst door het orgel. Zo krijgen we elf tracks die allen wel iets in petto voor de luisteraar hebben. Als je eens iets anders wil, dan kan ik je dit aanraden.

Les Robots

Big Trouble In Outer Space -single-

Geschreven door

Retro-space-surfrock is misschien een goede omschrijving voor wat Les Robots brengen. Dit duo Nederlanders wordt live uitgebreid tot een quintet, maar in de studio doen ze het dus met z’n tweetjes op allerlei instrumenten. De single “Big Trouble In Outer Space” is bijzonder leuk, met heerlijke retro-spacegeluidjes in de mix. Dat past prima bij de retro-robotpakjes die de band aantrekt voor de liveshows. Het doet een beetje denken aan Man Or Astro-Man?, maar waar die band al eens opschuift naar andere genres en thema’s, blijft Les Robots op deze single mooi binnen de lijntjes van de surf. Wel hebben ze dezelfde opzet: ze komen uit de ruimte en de bandleden hebben retorfuturistische pseudoniemen.
“Big Trouble In Outer Space” is ook gewoon instrumentaal, zoals toen veel vaker dan nu gebeurde. Met toen bedoelen we dan de periode van de 50’s en 60’s waaraan Les Robots openlijk schatplichtig zijn, zowel in geluid en instrumenten als in songopbouw.
Het B-kantje kreeg “Whiskas Watusi” als titel. Hier geen retro-space, maar lekkere laidback/loungy popcorn-surfrock. Vermakelijk en tot in de details helemaal juist, maar net iets minder spannend dan de A-kant. Meer Booker T & The MG’s dan Dick Dale.
Eén kleine opmerking: het artwork is minder retro dan wat pakweg Man Or Astro Man? of Messer Chups doen. Je kan van mening verschillen of dat nou echt moet of niet, maar als je dan maar een beetje retro doet, komt het allemaal niet mooi uit de verf.
Dit is nog maar de tweede single van Les Robots. Een volledig album is in de maak. Wij supporteren alvast dat Les Robots de troon van Man Or Astro-Man? kan overnemen.  

Two Door Cinema Club

Two Door Cinema Club – Strakke ‘Best of’ zonder franjes

Geschreven door

Het is alweer van 2016 geleden dat Two Door Cinema Club nieuwe muziek losliet op het publiek. Wie verwacht had dat ze in de Botanique een topje van de sluier zouden lichten, kwam echter bedrogen uit. Ook in de eerste show van 2019 blijven de Noord-Ierse indie rockers de lippen op elkaar houden.

Wie op zoek was naar een nieuwe ontdekking, kwam dan ook als bij wonder uit bij het voorprogramma, Tristan, gedragen door de Gentse frontvrouw Isolde Van Den Bulcke. Qua adelbrief kan dit optreden alvast tellen - met een moeilijk vatbare, jazzy sound en vocals die als golven over het publiek rollen weet Tristan puur op kwaliteit de vroege toeschouwers in een mum van tijd te verleiden. De jonge band is ook niet bang om even de teugels te lossen en een stilte te laten vallen. Laat die grote doorbraak maar komen, zouden we zeggen.

Two Door Cinema Club
had geen zin in een lange introductie. Met “Undercover Martyn” en “I Can Talk” trekken frontman Alex Trimble en de zijnen meteen een blik oudere nummers open, en aan het publiek te zien was dat exact hetgeen wat van hen verwacht werd. De jaarwisseling leek de heren op het podium veel deugd gedaan te hebben - als dartele veulens knalden ze erin. ‘It’s just a shame that he cut off his hair,’ horen we achter ons. Die esthetische ingreep van Trimble ten spijt worden we toch even terug getransporteerd naar het 2010 van ‘Tourist History’, hun magnifieke debuutplaat.
Het moet ook gezegd - in de Botanique botst de band op een dankbaar publiek. Van bij het prille begin stuitert de zaal op en neer, en flink wat bekenden van de bandleden lijken de overstap gewaagd te hebben naar Brussel. Na een minuut moet de frontman zelfs even een rondzoevend blik Cara ontwijken, maar ook dat zagen de Noord-Ieren ongetwijfeld graag gebeuren. Met “Are We Ready (Wreck)” laten ze de trein verder denderen op een bijzonder genietbaar, funky spoor.
Het gebeurt allemaal heel strak - wie in de juiste vibe zit, zal zich geen moment vervelen. Met liefst zestien nummers in een concert dat alles tezamen een uur duurt, raast Two Door Cinema Club echt wel door hun set heen. Het kost hen weinig moeite om met een opzwepend “Cigarettes In The Theatre” of “Sleep Alone” het publiek mee te krijgen, maar net daarom is het contrast met de droge, ietwat routineuze performance soms opvallend. De interactie blijft miniem, de variaties op oude nummers op één hand te tellen. Er was meer mogelijk geweest in de broeierige Orangerie, zeker met een publiek dat eigenlijk al bij voorbaat verkocht was.

Een vrij risicoloos optreden dus van Two Door Cinema Club, dat hopelijk nog een aantal troeven achter de hand houdt voor hun optreden op Rock Werchter deze zomer. Deze passage in de Botanique zal de heren ongetwijfeld sterken in hun geloof in hun eigen kunnen. Ook de volgende keer tekenen wij graag present, maar wat nieuwe muziek zou tegen dan toch niet misstaan.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/botanique-brussel/tristan-24-01-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/botanique-brussel/two-door-cinema-club-24-01-2019

Organisatie: Botanique, Brussel ism Pias

Le Butcherettes

biMENTAL

Geschreven door

De Mexicaanse band Le Butcherettes zal wel altijd een snoepje voor de kenners blijven, een curiosum waarover je kan opscheppen tegen collega-liefhebbers van afwijkende muziek. Een  doorbraak naar het grote publiek zit er niet meteen in. In 2016 stonden Le Butcherettes nog in De Kreun in Kortrijk, met een ander rariteitenkabinet (the Picturebooks) als support. De zaal was slechts half vol, maar vanwege de unaniem positieve respons kwam opper-Bucherette Teri Gender Bender, badend in het zweet en met uitgelopen make-up, na de bis-nummers iedereen  - zonder uitzondering - persoonlijk een knuffel geven.  Dat soort band is Le Butcherettes.
De Mexicanen hebben een nieuw album uit dat deze keer net iets toegankelijker is. Dat probeerden ze reeds ongeveer op vorige albums, via samenwerkingen met o.m. Iggy Pop, John Frusciante (ex-Red Hot Chili Peppers) en brulboei Henry Rollins. Deze keer pakken ze dat iets bescheidener aan, met gastrollen voor Jello Biafra (Dead Kennedys), de Chileense singer-songwriter Mon Laferte en Alice Bag (van The Bags, maar vooral een collega-feministe voor Teri). De beste zet van Le Butcherettes was echter om na drie albums Omar Rodríguez-López (van At The Drive In en The Mars Volta) uit de producersstoel te duwen en hem te vervangen door Jerry Harrison. Deze ex-Talking Head is dan wel van een andere generatie dan Le Butcherettes, hij verstaat de kunst om ‘afwijkende’ muziek toegankelijk te maken zonder dat een artiest of band zijn ziel moet verkopen.
Op het nieuwe album ‘bi/MENTAL’ krijg je als luisteraar dan ook precies dat: ‘moeilijke’ muziek die toch heel poppy klinkt en vlot binnenkomt. Dit is heerlijk rebels. Elke song gaat een nieuwe richting uit, met strakke drums en bas en Teri Gender Bender als onwelvoeglijke stoorzender op gitaar, aan de synths en achter de microfoon. Denk aan de furie en tegendraadsheid van de jongste versies van Sineaid O’Connor en PJ Harvey op een muzikaal bedje van The Gossip, David Bowie, Brian Eno en – toch wel - Talking Heads. Ook liefhebbers van pakweg de Evil Superstars zullen hier hun gading vinden.
De lekkerste brokken zitten in de eerste helft van het album. Het openingstrio met het onheilspellende “spiderWAVES” (alleen al die titel), de met metal opstartende bluesrocker “giveUP” en het stevig rockende liefdeslied “strongENOUGH” zijn om duimen en vingers van af te likken. Daar tegenover zijn “fatherELOHIM” (Blondie!) en “littleMOUSE” muzikaal niet zo overtuigend, maar toch boven de middelmaat. Eens voorbij halfweg gaat de snelheid er wat uit en dan zal het voor sommige luisteraars wel even doorbijten zijn. “struggleSTRUGGLE” maakt zijn naam helemaal waar. “motherHOLDS” kan nog net gedelibereerd worden, maar “BREATH” krijgt voor elk vak een onvoldoende, ondanks een stevig rockende finale. En “sandMan” is jammer genoeg geen cover van Metallica. Daar zouden we nochtans blij van worden: het half-verontrustende slaapliedje van James Hetfield dat door de mangel gehaald wordt door een subversieve punkrockband die niet vies is van een beetje experiment. Waar blijft dat cover-album van Le Butcherettes?

Lassen

Eventyrer

Geschreven door

Lassen is een Noorse jazzmuzikant die nog in allerlei andere projecten bezig is of was. Ik denk dan aan Duplex, No 4, Harald Lassen & Bram De Looze… Die laatste werkte ook mee aan deze nieuwe plaat van Lassen. Bram De Looze is een Vlaamse jazzpianist die aan het gerenommeerde Lemmens Instituut afstudeerde. Daarna zat hij nog een jaar op de New School For Jazz and Contemporary Music in New York. Stian Andersen tekent hier voor de baslijnen en Tore Flatjord voor de percussie en drums.
Op ‘Eventyrer’  staan zeven tracks die goed zijn voor bijna veertig minuten muziek. Op “Alt Flyter” leidt vogelgezang de song in. Het is een lounge-achtige song waar vooral de piano en de saxofoon de honneurs waarnemen. ”Exstase” is een 10 minuten durende compositie. Het is een vrij ritmisch stuk, goed gedoseerd en met veel uitdagingen. “Kulturrus” is speelser. Het bevat wat vocals en interessante geluiden. Een heel genietbaar stukje. Zo krijgen we dus zeven tracks met afwisseling en oog voor ritme, compositie en melodie.
Een topplaatje voor wie van jazz houdt. De jazz hier is modern en redelijk laidback. Vrij toegankelijk naar

Jazz/Blues
Eventyrer
Lassen

 

Hersencellen + Butsenzeller

Spaarplan/Half A Century (EP + Remixes)

Geschreven door

Is het jazz? Is het noise? Is het rock 'n roll? Nee, het is waanzin. Laat ons daar maar mee beginnen bij het voorstellen van twee artiesten die absurditeit hoog in het vaandel dragen en daar bovendien graag mee improviseren tot in het oneindige.
Hersencellen bestaat uit het duo Butsenzeller en Gert Vanlerberghe. Het zijn muzikanten die ondertussen al de klappen van de zweep kennen. Gert Vanlerberghe is naast zanger/performer bovendien ook een poëet en dichter die met zijn project Ballonnenvrees hoge ogen heeft gegooid. Ook Butsenzeller is dankzij zijn deelname aan uiteenlopende projecten geen onbekende meer in de muziekwereld.
Met 'Spaarplan/Half A Century' komt nu een splitalbum op de markt die beide topartiesten samenbrengt. Deze EP dien je bij voorbaat te beluisteren met het verstand op nul, maar de ogen wijd open. Want er is van alles te zien en te horen. Ten minste als u uw fantasie de vrije loop laat en de subtiele boodschappen wil begrijpen.
Wat we bovendien zo leuk vinden aan deze schijf is dat we hier geen muziekstijl kunnen op kleven. Zowel Hersencellen als Butsenzeller vuren chaos op de aanhoorder af, maar houden je ook een spiegel voor. Maar vooral laten beide artiesten dus de deur op een kiertje om ook uw fantasie te prikkelen, met de bedoeling dat je als aanhoorder zelf kunt in te vullen waar ze het echt over hebben. Dat merken we al bij de songs van Hersencellen: “Broos”, “Spaarplan” en “De Computer”.  Een vreemde mix van allerlei geluiden en percussie komen op u af als een brij modder die je hersenpan letterlijk binnendringt. Gevolgd door een vocale inbreng die dus vooral een subtiel onderliggende boodschap bevat.
De solosongs van Butsenzeller liggen eigenlijk wat in het verlengde van Hersencellen, al ligt de focus daar toch iets meer bij jazzinvloeden, of toch eerder free jazz. Maar ook hier ligt de nadruk dus vooral op het prikkelen van de fantasie, een subtiele spiegel voorhouden en chaos zodanig te laten klinken dat je daardoor murw geslagen in de hoek van de kamer verweesd achterblijft. Ook na vier luisterbeurten doen we bovendien nog nieuwe ontdekkingen. Wat erop wijst dat deze schijf moet groeien. Een luisterbeurt is dus voldoende, maar geef de plaat toch enkele kansen om hem echt te begrijpen.
De fijne remixen zoals 'Butsenzeller - Voteshutupworkconsume (Butsenzeller act of love RFX)', 'Butsenzeller - Voteshutupworkconsume (Staatseinde Remix)  laten bovendien horen dat deze klasse artiesten nog veel meer in hun mars hebben, en hun eigen grenzen dus blijven aftasten tot in het oneindige. Wat ons dan weer doet uitzien naar meer absurditeit in de toekomst.
Prikkelingen naar je hersens sturen waardoor je eveneens de wenkbrauwen fronst is de rode draad doorheen deze split EP - ook uitgebracht op cassette met downloadlink. Nee, een gemakkelijk brokje vlees schotelen de heren je dus heel bewust niet voor. Op de koop doe zorgt dit duo ervoor dat je letterlijk even tot je positieven moet komen in de hoek van de kamer, niet goed wetende wat je net hebt meegemaakt. Wijzelf vonden dit pareltje van een schijf dan ook een heel interessant kunstwerk, in het verlengde van wat een grootmeester van absurditeit en improvisatie Mauro Pawlowski ook doet. Wie ooit een show van voornoemde Mauro Pawlowski heeft gezien, weet waar ik het over heb.

Hauméa

Unborn (EP)

Geschreven door

Er is niet zo heel veel te vinden over deze vierkoppige bende. Ze zijn jong en ze wonen ergens in Alençon (Frankrijk - Normandië). Ze hebben eveneens Kulpa Asso opgericht en dat is een soort van kunstencentrum of vereniging.
Vanuit deze ogenschijnlijk saaie regio (op het vlak van muziek, want toeristisch is het een trekpleister) komen ze met een frisse EP voor de dag. “Unborn” bevat vier snedige, frisse composities die tussen rock en metal liggen. Met een heel sterke zangstem. Die trekt het geheel echt nog een stukje de hoogte in. Hij zingt clean met zowel gevoel als potentie. Maar muzikaal zit het eveneens snor want de ritmesectie is haarscherp en de gitaren klinken potig. Het EP-tje is dan ook een slag in je gezicht.
Er verschijnen elke week rock- en metalplaten. Velen behoren tot de grijze middenmoot, maar deze valt op tussen de rest en komt boven die grijze middenmoot uit. Een band om te volgen in elk geval.

Pagina 213 van 498