Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Trix, Antwerpen - events

Trix, Antwerpen - events - 01 april: Dirty sound magnet - 01 april: Minding dolls, Stryke, Gloom - 02 april: Nova Twins - 02 april: Hifive: Lefty Parker - 02 april: Spoor series: Caroline De Meyer, Dennis Tyfus - 03 april: Deathcrash - 04 + 05 april: Samhain…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15433 Items)

Wannes Cappelle, Broeder Dieleman & Frans Grapperhaus

Dit Is De Bedoeling

Geschreven door

Als artiesten die binnen de Nederlandstalige muziek grenzen hebben verlegd, een samenwerking aangaan, dan spitsen we iets meer de oren. We citeren uit de biografie: ''Wannes Cappelle (BE) en broeder Dieleman (NL) slaan de handen in elkaar voor een uniek project. Samen met Frans Grapperhaus op cello betreden zij in zowel België als Nederland clubpodia en theaters met hun show en EP ‘Dit is de bedoeling’." We namen het kleinood onder de loep en dompelen ons onder in een aantal verhalen lijnen waarbij je een spiegel wordt voorgehouden, en die uit het leven gegrepen is.
Zo gaat “De Ballade van Lanza” over een jong meisje dat haar droom volgt, met vallen en opstaan. Een heel mooie verhaal dat wordt gebracht doorspekt van enorm veel humor, maar ook enkele ernstige passages. Beide artiesten zijn dan ook meesters in vertellen van verhalen op een zodanig gezapige wijze dat je een traan wegpinkt maar een glimlach eveneens niet kunt onderdrukken. Het extra interessante is de vermenging van dialect met de Nederlandse taal, waardoor de verbinding tussen Vlaanderen en Nederland compleet is. Het bewijst ook dat, ondanks de op het eerste zicht toch wel verschillende achtergronden van beide artiesten, zowel broeder Dielemans als Wannes Cappelle akelig dicht met elkaar verboden zijn. De heren vinden elkaar dan ook blindelings op deze knappe schijf, gegrepen uit het leven, verteld op een wijze zoals de grote troubadours dat deden in de middeleeuwen maar met beide voeten stevig in het heden.
Pakkende songs als “Vaders” vertellen een verhaal van onzekerheid over het vaderschap. Of “Dit Mens Is Er Geweest” over omgaan met verlies. Gaat het nu over de vergankelijkheid van het leven of die tocht om je droom te volgen, telkens slaagt dit trio erin die snaar te raken waardoor je met de krop in de keel en geboeid luistert, geniet maar een glimlach ook niet kunt onderdrukken. Want naast bittere ernst straalt de schijf enorm veel humor en zelfrelativering uit. De magische cello-inbreng van Frans Grapperhaus is daarbij een meerwaarde voor het geheel. De ultieme kers op de taart die deze schijf kon gebruiken, om dat plaatje compleet te maken. Zijn cello streelt, slaat en verdooft je compleet in samensmelting van twee verhalen vertellers die je meevoeren naar een bonte wereld, uit het leven van elke dag gegrepen.
Deze drie klasbakken gaan een samenwerking aan waaruit een album ontstaat dat niet alleen Nederland met Vlaanderen verbindt, maar waarop de heren zich ook ontpoppen tot volleerde verhalenvertellers.
Tracklist: 1. Vergeving, 2. Je Verdriet Is Echt, 3. De Ballade Van Lanza, 4. Dit Mens Is Er Geweest, 5. Vaders, 6. Met Eten.

Brutus

Nest

Geschreven door

‘Burst’, het debuut van Brutus, oogde veel opzien. Net als de single “Alone” trouwens. Het was net als het album een klein bommetje met de nodige dosis venijn in Stefanie haar stem en haar drumpartijen. Daarboven op kwam nog een progressieve en doomy klinkende gitaar en een ronkende bas. Het bracht hen ook op een heleboel internationale podia in Europa.
Op ‘Nest’ gaan ze gewoon door waar ze met ‘Burst’ waren gestopt. Dit levert terug enkele knallers op. Ik denk aan “Cemetery” waar de gensters vanaf vliegen. Een heerlijke rit en geheel terecht komt die nog als single uit. Op “Techno” is er geen techno te horen, maar wel een ferme bas die het ritme ondersteunt. De zang lijkt zich midden een orkaan te bevinden. Over het algemeen lijkt het gitaarwerk nog iets uitgepuurder te zijn ivg met hun debuut. Het drumwerk is terug top. Ook “Carry” is terug een knaller en zou, net als “Blind”, zo de opvolger van “Alone” kunnen zijn. “War” is ook een voorloper van het album en neemt een intense , maar ingetogen start totdat halfweg de song bijna letterlijk ontploft.
Er staat terug veel lekkers op de nieuwste van Brutus. Ze bevestigen hiermee de kwaliteit van hun debuut. Ze gaan verder op de hun eigen unieke weg en de songs klinken goed, zijn intens en afwisselend. Met ‘Nest’ hebben ze een voorraad munitie erbij om Europa mee plat te spelen. En wie hen al ooit aan het werk heeft gezien weet dat ze dat ongetwijfeld zullen doen ook. Voor mij wordt dit één van de platen van het jaar. Dat weet ik nu al.

The Streets

The Streets - Back on the street

Geschreven door

The Streets are back on the street - jawel, terug van weggeweest na zeven jaar radiostilte . De onnavolgbare zangrap, zijn onvergelijkbare présence, humor , maatschappijkritiek en rebelse houding  maakten van de vuilgebekte Brit Mike Skinner een grote klepper in de internationale hiphopscene. In 2017 kwam Skinner opnieuw naar buiten en liet al eens van zich horen met enkele vlijmscherpe tracks , en kijk in 2019 breien Skinner en zijn band een vervolg met een rits uitverkochte concerten , o.m. in de AB en in de l’Aéronef. De festivalzomer lonkt!  

Onze Franstalige vrienden zijn minder te vinden voor de streetrap van Skinner en zijn gevolg .  De Belgen waren in de pittoreske l’Aéronef in de meerderheid wat dankbaar werd onthaald door Skinner.
Na tien jaar afwezigheid staat Skinner op scherp. Hij heeft er zin in. Met z’n trainingspak aan, kopje hooligan kort en een pint in de hand hitst hij het publiek op. Een punky attitude kan je wel zeggen, met in zijn voetsporen artiesten als Sleaford mods en Run the jewels .
Als een hyperkineet heen en weer, lopend op het podium, waarheden spuwend ,  rechtvaardigheid, cynisme en toch … een vat vol humor en liefde . Die balans was hier ook vanavond te vinden, wat betekent dat hier een Streets staan die er tegenaan gaan .In het verleden was het soms anders , we herinneren ons nog een belabberde Skinner op Pukkelpop , vijftien jaar terug.
Vanavond kregen we een bloemlezing van het oeuvre geflankeerd door een full band en enkele gastzanger/rappers. De soul in het timbre is te horen, de Belgische hippopgolf kan er van meespreken  
Kenmerkend is de muzikale diversiteit in het genre , stijlen worden door elkaar gehaald: pop, hiphop, r&b, (dub)reggae, 2 step sound, orkestraties, beats en een portie neurotische sounds.  Heerlijk vernieuwend.
De Brexit zit ‘em enorm hoog en hij omarmt zijn publiek maar al te graag .Hij schiet meteen van wal met “Turn the page” , “Let’s push things forward” en “Don’t mug yourself” . Hij sprong al van het verhoogje van het podium en baant zich al rappend een weg door het publiek . Vurige woede en liefde , het is in elkaar verstrengeld in Skinners sound en rap .
De band speelt strak en is goed ingespeeld op Skinners capriolen; ze biedt hem ruimte voor improvisatie, gewoonweg wordt soms een ander nummer ingezet , om dan terug te komen op het origineel.
De twee andere MC’s vullen aan en nemen over waar ’t belieft; ze zingen trouwens veel beter dan hem. Trouwens , het past allemaal in ‘t vaatje.
Een afwisselende set hoorden we met fris , aanstekelijke grooves , punky uptemo tunes en sfeervolle , zalvende sounds. Van “Could well be in” , “Has it come to this” en “Everything borrowed” . Soulvol , liefdevol gaat het naar het gospel getinte “Never went to church”. Geen drankje te weinig op “Too much brandy” . Hij weet z’n publiek te bespelen en doet de eerste rijen uit zijn hand eten .
Tijd om de vrouwen uit te nodigen om te crowdsurfen; ze worden op handen gedragen tijdens “Heaven for the weather” , die meer dynamiek en levendigheid krijgt . Opwinding dus . “Dry your eyes” is die samenhorigheidssong , die een eerste keer The Streets uitwuift . Een genot die hij verder zet in de bis , met enkele (nieuwe) ‘grime’ nummers; de herkenbaarheidsfactor wordt gekozen met “Weak become heroes” en “Blinded by the lights” . Een ingehouden spanning van subtiliteit , finesse, energie, friste .
Een hoogtepunt die finaal wordt besloten met het snedig rockende “Fit but you know it” . Een massa die sprong , pogoëde  en elkaar vastnam . Een euforische finale!

The Streets are back en brachten een mooie afwisseling in hun oeuvre . Skinner rapt zoals hij spreekt en andersom  . Geen dips , maar anderhalf uur lang aangenaam , aanstekelijk en scherp!

Neem gerust een kijkje naar de pics van de set in de AB, Brussel op 14 februari 2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/the-streets-14-02-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/murkage-dave-14-02-2019

Organisatie: Aéronef, Lille

 

Bad Mojos

Bad Mojos - Snelle punk met powerpop riffs

Geschreven door

Er werd nog maar eens geopend met een exponent uit de welig tierende Kortrijkse underground: Los Bonobos, waarin opnieuw enkele gekende gezichten. Zelf noemen ze hun ding ‘Monkrock for wankers’. Razende garagepunk, goed gebruld en met voldoende zelfrelativering. “I’m to weak for rock-‘n-roll”, zo heette één van hun nummers. Het is hen duizenden keren voorgedaan maar toch bleef het leuk. Onder andere door er een flard “I’m a believer” van soortgenoten The Monkees tussen te moffelen. Hun zanger moest wegens rugproblemen noodgedwongen in een rolstoel plaatsnemen waarop er meteen iemand schamper “ Los Lumbagos” riep. Voor dit soort opmerkingen alleen al zou ik een verplaatsing naar de Pit’s overwegen. Te klasseren naast Freddie & The Vangrails.

Bad Mojos komen uit Thun, een schilderachtig stadje uit het Zwitserse kanton Bern maar dat was niet meteen de reden waarom ik naar Kortrijk was afgezakt. Hun plaat op Voodoo Rhythm Records, het label van Reverend Beat-Man, en een stevige live-reputatie waren grotere drijfveren.
Iemand voorspelde me zelfs dat ik een geniale groep aan het werk ging zien maar dat was net iets te veel eer. De drie zagen er behoorlijk blits uit: gehuld in plastic zakken (Garbage Bags revisited) waaronder blote benen priemden en met obligate zonnebril. Ook hier een zittende zanger, niet dat Julio Blanco last had van zijn rug, ‘t was gewoon wat comfortabeler als drummer.
Aanstekelijke, korte en snelle punknummertjes voorzien van powerpop riffs: het deed me soms denken aan de Ramones, anderen hoorden er een Europese versie van The Spits in. Er was absoluut niet mis mee, alleen vond ik ze iets te veel teren op een (ijzersterke) formule. Tijdens de bisronde hoorde ik plots een nummer die zowaar de twee minuten haalde en even later zelfs een korte aanzet tot een gitaarsolo. Veel was het niet. Het leken eerder onvolmaaktheden maar het maakte Bad Mojos, wat mij betreft, meteen een stuk opwindender.

Organisatie: Pit’s, Kortrijk

Hayley Kiyoko

Hayley Kiyoko - De toekomst van Pop muziek ziet er heel veelkleurig uit

Geschreven door

De naam Hayley Kiyoko klinkt u niet bekend in de oren? Dat zal niet lang duren. Deze jonge dame is aan het uitgroeien tot een pop diva en wereldster. Kiyoko vergaarde al enig bekendheid binnen de TV en film wereld. Zo speelde ze in 2009 en 2010 Velma Dinkley in de ‘Scooby Doo’! Films. Haar naam duikt ook op in series als ‘CSI:Cyber’ waar ze de rol vertolkt van Raven Ramirez. Ook als zangeres/danseres probeert Hayley Kiyoko al circa tien jaar om door te breken naar de hoogste regionen. In eerste instantie via de meidengroep The Stunners.
Uiteindelijk lijkt die doorbraak er toch aan te komen. Haar gedenkwaardig optreden in Zappa vorig jaar, waar ze zelfs met een keelontsteking haar publiek kon ontroeren en doen dansen tot de vroege uurtjes, is daar het levende bewijs van.  Met haar debuutalbum 'Expectations' is ze ondertussen de spreekbuis geworden van de #20GayTeen-beweging. Het holebi-anthem ''Girls for Girls'' is trouwens een statement dat kan tellen. De regenboog vlagjes vooraan het podium en het feit dat zowel Kiyoko als voorprogramma NAAZ duchtig met zo een vlag stond te zwaaien, maakt het plaatje compleet.

NAAZ (****1/2) is een Nederlandse artieste die zichzelf als volgt omschrijft op haar facebook pagina:'' Hi I'm Naaz, a kurd from Holland, I make quirkpop''. De jongedame bracht vorig jaar haar EP op de markt '’Bits of Naaz’  maar staat nu al zo zelfverzekerd op dat podium, alsof ze deze job al heel haar leven doet. Naaz straalt inderdaad een charisma uit van grote sterren binnen de pop tot rock wereldje. Ze laat daardoor haar publiek moeiteloos uit haar hand eten, ook al worden daar gedoodverfde clichés door naar boven gehaald. Vanaf de eerste noot wordt Naaz op een daverend applaus onthaald, en dat heeft gelukkig ook zijn uitwerking op het podium. De artieste legt prompt de lat wat hoger. Het publiek gaat dan weer gretig op de uitnodiging in en doet net hetzelfde. Een mooi moment is als alle GSM lichtjes in de zaal de hoogte in gaan en armen heen en weer zwaaien van vooraan tot zelfs op de tribunes.
NAAZ laat zich bovendien ook omringen door twee top muzikanten, en spreekt haar waardering uit voor haar entourage en fans. Ook dat is een pluim extra op haar hoed. Puur muzikaal bekeken hoor je streepjes Funk overgoten met sausjes van het betere R&B tot aanstekelijke pop muziek die aan de ribben kleeft. Maar het is dus vooral de manier waarop een jonge artieste als NAAZ dit naar voor brengt - alsof ze dit dus al meer dan twintig jaar doet - dat ons vol bewondering doet luisteren en vooral genieten.
Besluit: Houdt deze pop artieste in het oog, want dankzij haar schijnbaar natuurlijke charisma, een pracht van een stem en bijzonder aanstekelijke uitstraling is NAAZ nu al in staat de pop wereld in een mum van tijd te veroveren. Dat bewees ze in Ancienne Belgique met een bijzonder energieke set die op de dansspieren werkt.

Ook Hayley Kiyoko (****) weet hoe een publiek te entertainen. Haar ervaring als actrice en danseres speelt ze daarbij uitvoerig uit binnen haar set. Een set boordevol enorm veel variatie trouwens. Pakkende songs die eerder het hart beroeren, binnen zelfs een heel intieme omkadering, worden gecombineerd met het bouwen van wervelende Funk/pop dansfeestjes. Hayley blijkt bovendien zelf wel een zeer goede danseres te zijn, maar de dansers die ze heeft meegebracht zijn eveneens klasbakken die niet moeten onderdoen voor de betere dansers binnen de scene. Dankzij een voorprogramma dat het vuur aan de lont stak en de boel al deed ontploffen zou Hayley in een luie zetel kunnen gaan zitten en routineus werk afleveren. Gelukkig doet ze eerder het tegengestelde, ze legt de lat gewoon nog hoger. Net door haar aangeboren charisma te combineren met een stembereik dat snaren raakt gaat het dak er dan ook een dik uur en half compleet af. De energieke set op het podium - zij en haar dansers stonden geen moment stil - zorgden ervoor dat het uitzinnige jonge publiek eveneens compleet uit de bol gaat en een wervelend Pop dans feest bouwde zoals je doorgaans ziet bij artiesten die sportpaleizen komen afbreken.
Dat show gehalte is wellicht belangrijk bij Hayley Kiyoko maar het staat de kwaliteit van brengen van haar muziek en statements niet in de weg, gelukkig maar. Ondanks haar carrière als actrice, speelt ze duidelijk geen toneel, maar meent wat ze zingt en naar voor brengt. En ook dat siert een artieste als Hayley Kiyoko. Ik hoop dan ook dat deze jonge dame de kans krijgt om te blijven groeien in haar kunnen, over het potentieel om door te breken naar de hoogste regionen beschikt ze in elk geval. Dat bewees ze al vorig jaar in Zappa te Antwerpen, dat zet ze in AB nog wat meer in de verf.
We kunnen Hayley alleen maar aanraden haar eigen weg te blijven volgen, zonder zich van enige zogenaamde slimme marketing die haar in een bepaalde richting pushen, iets aan te trekken. Want we zien een artieste, zangeres en danseres die over de mogelijkheden beschikt net door haar statements, haar zelfverzekerdheid en charismatische uitstraling binnenkort elke sportpaleis in de wereld tot een wervelende danstempel om te toveren. Iets wat ze dus eigenlijk nu al deed in AB.
Het enige minpuntje is wellicht het ontbreken van een kers op de taart op het einde van de set toen het publiek schreeuwde om meer floepten de lichten omstreeks klokslag kwart na tien al aan. Maar aan de lachende gezichten te zien bij het verlaten van de AB heeft niemand daar een boodschap aan.
Besluit: We deden op deze zondagavond vooral twee ontdekkingen binnen de pop muziek wereld die ons doen uitzien naar een toekomst die er heel veelkleurig uitziet.

Setlist: Under the Blue / Take Me In  - What I Need  - Girls Like Girls  - Palm Dreams  - He'll Never Love You (HNLY) - Mercy / Gatekeeper  - Molecules  - One Bad Night  - Wanna Be Missed  - Cliff's Edge  - Sleepover  - Feelings  - Let It Be  - Curious  - Gravel to Tempo

Organisatie: Live Nation

Reena Riot

Reena Riot - Nieuw statement! Muzieksnobisme moet stoppen!

Geschreven door

Het was een tijdje stil rond Reena Riot. Na een deelname aan Rock Rally in 2012, en twee daarop volgende EP's. 'Reena Riot' in 2013 en 'Stop/Reverse' in 2014. Komt nu eindelijk het debuut op de markt 'Nix'. Dit debuut verscheen eind januari en  wordt voorgesteld in Handelsbeurs, Gent op 22 februari en op 7 maart in Arenberg, Antwerpen. We hadden een gesprek met zangeres/frontvrouw Naomi Sijmons en gitarist Jan Myny over heden, verleden en toekomst.

Waarom heeft het zo lang geduurd eer dit debuut op de markt kwam?
Jan zegt daarover: ''In het verleden zijn er dingen gebeurd, op persoonlijk en andere vlakken, die niet klopten. We voelden aan dat we niet de vrijheid kregen met de band om ons ding te doen. Omdat we de indruk hadden op een dood spoor te geraken daardoor, hebben we het roer compleet omgegooid en zelf het heft in handen genomen''. We gingen bewust op zoek naar muzikanten en entourage die samen met onze dezelfde kant opkijken.
Wat nu het geval blijkt te zijn.''. Dat is ook de reden waarom er, naar mijn aanvoelen veel frustratie en zo schuilt achter deze plaat. Op die vraag zegt Naomi en ook Jan volmondig. ''We hebben ons losgerukt van dat verleden, zijn met een schone lei begonnen en moesten dus al die opgekropte emoties wel ergens vrij laten''. Vandaar dus.

Ook de foto op de platenhoes blijkt een statement te zijn?
"Vooral waren we op zoek naar iets uniek. Ok, ook dit is wel voorgedaan. Maar je kunt het inderdaad een statement noemen waarbij ik vooral me van mijn meest - laat ons maar zeggen - menselijk en naakte kant wilde laten zien, iets wat te weinig wordt gedaan in dat toch wel gemaakte wereldje dat muziek en aanverwante business helaas wel kan zijn.''

Het valt trouwens op hoe gevarieerd die schijf in elkaar steekt
''Ook dat is logisch omdat je te maken hebt met muzikanten die elk hun eigen muzikale smaken naar voor brengen'' Zo is Naomi dus eerder fan van bands als Sonic Youth, en dweept Jan eerder met elektronische muziek en Portishead. Een van de andere muzikanten houden van meer donkere muziek. En zo kunnen we nog even doorgaan. Al die smaken zorgen ervoor dat je een gevarieerd aanbod kunt voorschotelen''.
Naomi voegt daar aan toe: ''Ik wil van de gelegenheid gebruik maken om een nieuw statement te lanceren. Muzieksnobisme moet stoppen! We zijn allemaal verschillende mensen met verschillende muzikale smaken. Dat kreeg ik thuis ook ingelepeld trouwens. Het was niet omdat mijn ma een bepaalde stijl van mijn pa niet goed vond. Dat dit daarom per se niet goed is, of net wel. Uiteraard verschillen smaken, maar moeten we daarom onze neus optrekken voor andere muziekstijlen? Bij Reena Riot zorgt het voor een kruisbestuiving die dan weer zorgt voor en inderdaad heel gevarieerd aanbod. Net doordat we elkaars smaken respecteren, en ieders inbreng daarin belangrijk vinden.''
Naomi vertelt daarover het verhaal dat haar vriend een fan is van Bryan Adams en dus gaat zien. Haar ma heeft door het verleden eigenlijk een afkeer gekregen van Bryan Adams. ''Toen The Scabs op Werchter stonden (1992) zaten ze wat te keuvelen met o.a. Red Hot Chili Peppers. Bryan Adams kwam binnen en iedereen moest weg. Dat heeft een slechte indruk gemaakt op ons ma.'' Maar ze zei daar ook bij, mag je daarom niet naar Bryan Adams gaan zien? Ja toch? We moeten vooral stoppen met denken dat onze eigen muzikale smaak beter is dan deze van een ander. Muzieksnobisme moet dus stoppen! Laten we daar met zijn allen aan werken''.
Ook al vind ik dat Reena Riot ondertussen heeft bewezen zelf stevig in de schoenen te staan, je kunt niet voorbij aan de vraag of vader Fons een invloed heeft gehad om de muzikale smaken van de band?
Naomi: '' Zoals elke puber heb ik dus ook wel gerebelleerd. In die periode moest ik dan ook niet zoveel hebben van de muziek van mijn pa, ik was het ook wat beu altijd met hem mee te spelen. Daarom ook Sonic Youth, een band waar mijn pa niet zo moest van hebben. Maar gaandeweg geef ik toe dat zijn muziek me nu wel ergens beïnvloed met het ouder worden''.

Is het trouwens goed combineerbaar? Want sommige doen ook andere projecten?
Jan: Ikzelf focus me nu op Reena Riot want Mel Dune is nu voorbij. Ook Naomi , die ook mee werkt: 'Bird Change Color' - een zeer fijn project waar ze veel plezier aan heeft beleefd trouwens - focust zich nu volledig op Reena Riot''. De andere bandleden zitten wel in nog andere projecten, maar daar gaat het dus om de juiste afspraken maken''.

'Nix' wordt in zowel Gent als Antwerpen voorgesteld? Zijn er nog verdere plannen voor het nieuwe jaar?

''Op het moment zijn er links en rechts wel onderhandelingen bezig en zo, volg gewoon onze facebook voor updates: https://www.facebook.com/reena.riot/

Is er trouwens eigenlijk een soort einddoel wilden we graag weten?
''Op zich is dat een moeilijke vraag, maar we zouden heel graag toch eens in het buitenland staan al is dat in een obscure zaal of zo. Dat is al een ambitie. Maar vooral doen wat we graag doen en verder groeien met de band. Op dit moment gaan we vooral ons debuut promoten, zoveel mogelijk. Maar het is wel de ambitie om binnen tien jaar nog steeds diezelfde kant uit te kijken, ondanks of net door onze verschillende achtergronden''

Bedankt voor dit fijne gesprek, en veel succes in het nieuwe jaar en de komende jaren. 

DBUK

DBUK - Donker, intens en intrigerend

Geschreven door

DBUK (voluit Denver Broncos UK) uit Denver, Colorado zou men gemakshalve kunnen omschrijven als Slim Cessna’s Auto Club (SCAC) unplugged maar dat klopt niet helemaal. We zagen hier inderdaad wel een akoestische set van exact dezelfde leden (minus twee) als bij SCAC maar de vier, die samen trouwens met Munly & The Lupercalians nog een ander nevenproject hebben, ondernamen toch een ernstige poging om een wat andere muzikale koers te varen.

Hier geen uitbundige hoogmis gecelebreerd door twee flamboyante predikanten maar ingetogen gothic americana die de ene keer betoverend mooi klonk, een andere keer onheilspellend, in die mate zelfs dat een aanwezige hond zijn blaf niet kon onderdrukken. Bovendien waren, een enkele uitzondering niet te na gesproken, alle nummers, waarvan er sommige een rijpingsproces van meer dan vijftien jaar doorstaan hadden, specifiek voor dit project geschreven. Het gezelschap had tal van instrumenten bij en die waren niet allemaal even evident. Munly Munly hield het nog bij een gewone akoestische gitaar, Lord Dwight Pentacost toonde zijn talenten op wat minder alledaagse instrumenten als een dulcimer, banjo, mandoline of melodica. Rebecca Vera wisselde dan weer een keyboard af met een cello terwijl Slim Cessna het moest stellen met een omgekeerde waskuip, waarop een paar tamboerijnen gemonteerd waren, en enkele andere zelf in elkaar geknutselde percussie instrumenten.
De set werd sterk geopend met “Broncos fight song” dat met vreemde gilletjes werd opgesmukt. Meteen werd duidelijk dat de songs met veel oog voor details waren uitgewerkt. De sound schipperde tussen honigzoet (vooral wanneer de dulcimer met de cello gecombineerd werd) en ongemakkelijk (wanneer Lord Dwight Pentacost zijn mandoline met een strijkstok bewerkte had dat eerder het effect van krassende nagels op een schoolbord). Maar de songs zelf, steeds voorzien van expliciete titels, prikkelden stuk voor stuk onze verbeelding. “Immaculately warded children”, het aan de Beach Boys schatplichtige “The Red Cross is giving out misinformation” en het trage broeierige “From the estate of John Denver”, waarin een boodschap van vriend Jello Biafra verwerkt was, bleven me het langst bij. Het was zeker niet vanzelfsprekend om dit soort aardedonkere werk te brengen voor een publiek dat vooral vertrouwd was met Slim Cessna’s Auto Club maar gezien de warme respons bleek dat geen enkel probleem te geven. Slim Cessna zelf genoot zichtbaar met volle teugen van zoveel bijval.

DBUK klonk intens en intrigerend, enigszins te vergelijken met Woven Hand maar dan bijlange niet zo hoogdravend. Hun laatste plaat, ‘Songs nine through sixteen’, wordt in Europa door Glitterhouse Records samen met hun eerste, ‘Songs one through eight’, uitgebracht als een dubbelelpee (‘Songs one through sixteen’, hoe verzinnen ze het?) en dat is een aanrader.

Organisatie: Muddy Roots - Cowboy Up, Waardamme

Ben Sluijs Quartet

Ben Sluijs Quartet - Intensiviteit in alle kleuren van de regenboog

Geschreven door

Wie had gedacht dat Jazz in deze tijden gedateerd en achterhaald is geworden, heeft vermoedelijk nog nooit de artiesten gehoord en gezien die verbonden zijn aan organisaties als JazzLab Series of het label W.E.R.F records. Via die organisaties ontdekten we jonge, talentvolle Jazz artiesten. Eén daarvan was Ben Sluijs. We schrijven oktober 2016. Toen zakten we af naar W.E.R.F. labelnight in Concertgebouw, Brugge. We waren toen diep onder de indruk van de manier waarop Ben zijn saxofoon bespeelde, alsof hij een onderdeel van dat instrument is geworden. Hij zakte nu af naar de Lokerse JazzKlub en kwam daar zijn album 'Particles' onder de naam Ben Sluijs Quartet (*****) voorstellen. Want inderdaad gaat het vooral over een band waarbinnen elke muzikant op een even doorleefde wijze zijn instrument bespeelt als Ben zelf.

In de introductie over dit evenement lezen we het volgende: '' Je mag je verwachten aan poëtische, lyrische en soms mysterieuze en meditatieve jazz. Maar bovenal brengt dit viertal dromerige en intense muziek die deels los staat van partituren en conventies en die tegelijk terugvalt op sterke melodische patronen.'' Laat dit laatste nu ook de rode draad vormen vanavond. Met een intieme, zachtmoedige start waarbij fluit klanken de zaal in een roes doen belanden. Voelen we al een warme gloed over ons neerdalen, die ons niet meer zal los laten gedurende deze circa twee magische uren innerlijk genot.
Hoe herken je een top muzikant? Als die muzikant letterlijk één is geworden met zijn instrument. De geconcentreerde wijze waarop drummer Dré Pallemaert zijn drumvellen bediende , bezorgde ons telkens koude rillingen. De man bespeelt zijn instrument met zoveel perfectie dat we met open mond zitten te luisteren en genieten. Enerzijds door zachtaardig zijn drumstel te strelen. Anderzijds door alles uit de kast te halen en licht mokerslagen in het gezicht uit te delen. Bovendien weet hij op het juiste moment in te pikken om een experimentele klank toe te voegen aan het geheel. Waardoor hij zijn virtuositeit nog wat meer in de verf zet. Dit allemaal gerugsteund door een contrabas geluid, gebracht door virtuoos Lennert Heyndels die, te zien aan de vele grimassen in zijn gezicht, enorm veel emotie verstopt in zijn bas geluid. Waardoor een warme gloed over de zaal wordt gestuurd die niet alleen je hart verwarmt, maar je ziel tot een diepe gemoedsrust brengt. Dit in samensmelting met een piano klank waarbij grenzen telkens worden verlegd, gebracht door een jonge wolf in het vak Bram De Looze, die met zijn piano inbreng diepe groeven slaat in datzelfde hart.
Om maar te zeggen. Ben Sluijs laat zich duidelijk omringen door muzikanten die hetzelfde spelplezier en virtuositeit uitstralen als hijzelf. Want ook uit zijn saxofoon/ fluit inbreng straalt enorm veel emotie af, waardoor hij je zowel onderdompelt in diepe intensieve gedachten maar ook ervoor zorgt dat je de neiging voelt te gaan dansen in de zaal. Het is net die kruisbestuiving tussen die vier muzikanten, en dat ze elkaar blindelings vinden en enorm veel waardering voor elkaar uitstralen, dat ervoor zorgt dat iets magisch mooi ontstaat in de Lokerse JazzKlub.
Al die perfectie in bespelen van instrumenten, resulteert trouwens niet in het afleveren van een routineklus, er is voldoende plaats voor improvisatie. En dat verdient nog een extra pluim op de hoed. Gaat het in het eerste deel van de set nog intiem tot intensief rustgevende aan toe, dan worden in het tweede deel alle registers open getrokken. Elke muzikant gooit alles in de strijd om improvisatie, perfectie en hoge dosis spontaniteit zodanig met elkaar te verbinden dat wordt geflirt met het afbreken van geluidsmuren. Echter doet de band niet aan geluidsnormen overschrijdend gedrag. Eerder word je meegesleurd in een zachtmoedige wervelstorm, die je doet neervlijen in het malse gras.

Besluit: Nogmaals blijkt wat voor een aantal enorm getalenteerde muzikanten die jongens van Ben Sluijs Quartet toch zijn. En waarom ze zo worden geëerd binnen dat typische Jazz en aanverwante midden. Net omdat het dus muzikanten zijn die Jazz muziek leven tot uitademen i.p.v. gewoon Jazz spelen. Net dat laatste zorgt ervoor dat we circa twee uur lang, ver verwijderd van de harde realiteit, met plezier vertoeven in een andere, mooiere wereld. Boordevol intensieve magie. Intensiviteit, bestaande uit alle kleuren van de regenboog.

Organisatie: Lokerse Jazzclub, Lokeren

SJ Hoffman

SJ Hoffman – Ik hou het spannend voor mezelf!

Geschreven door

 Ik wil mezelf niet herhalen en wil met elke plaat een andere en nieuwe muzikale weg inslagen. Ik wil het voor mezelf spannend houden."

Midden februari brengt SJ Hoffman zijn debuut album uit. Dat is wellicht niets nieuws. Echter is de man ondertussen 43 jaar jong en heeft zijn muziek al die tijd verborgen gehouden voor de buitenwereld. Dat roept toch enkele vraagtekens op. We wilden het in een gesprek met hem daar even uitgebreid over hebben.

Om met de deur in huis te vallen, waarom komt nu pas een debuut op de markt? Op je 43ste - niet dat daar iets mis mee is, ik ben ook pas rond mijn 40ste beginnen schrijven over muziek. Maar waarom?
Ik ben altijd wel met muziek bezig geweest. Ik heb een kleine studio in de kelder waar ik al jaren muziek componeer. Het was niet echt de bedoeling om er wat mee te doen. Het zijn echter twee ontmoetingen die ervoor hebben gezorgd dat die plaat er alsnog kwam. De eerste ontmoeting was na een optreden van Noel Gallagher in Club 69 van StuBru. Ik botste toen in het naar huis wandelen letterlijk op Mikey Rowe, de muzikale rechterhand van Noel Gallagher en we hadden een kort maar fijn gesprek. Toen hij vroeg of ik zelf muziek maakte, raadde hij me aan om toch maar wat met mijn muziek te doen. Anders zou ik het mijn hele leven beklagen. Hij liet me ook verstaan dat ik steeds beroep op hem kon doen. Kort daarna ben ik door een vriend van mij, Dirk Deruyck, in contact gebracht met producer Luuk Cox (bekend van Stromae, Girls In Hawai, en vele anderen) Luuk doorploegde al mijn demo's en besloot dat het materiaal té goed was om zomaar te laten liggen. Zo is de bal eigenlijk aan het rollen gegaan. Enkele maanden later bevond ik me in de ICP studio met Luuk en Mikey! We begonnen er in 2016 aan en namen onze tijd om eraan te werken. Het werd een lang proces, maar het eindresultaat ligt dus nu in de platenrekken.

Na enkele luisterbeurten kan ik nog steeds niet echt een muziekstijl kleven op de muziek van SJ Hoffman. Hoe zou hij zijn muziek zelf omschrijven vroegen we ons af?
Ik hoor dat wel meermaals dat mensen de plaat enkele keren moeten beluisteren. Het is volgens mij ook een groeiplaat. Als je naar de essentie kijkt is het zeer singer-songwriter. Maar echt stijlgebonden is het niet. Ik vind mezelf geen grote zanger, maar dat breekbare dat ik terugvind in de muziek waar ik zelf naar luister vind ik heel belangrijk.

We wilden toch even weten hoe het gaat met '’Borgerhoff & Lamberights' in dit digitale tijdperk?
Heel goed eigenlijk. Ondanks het digitale tijdperk waarin we leven houden we ons heel goed overeind. Bestsellers zijn en blijven belangrijk. We breiden ook steeds verder uit in de breedte: recent startten we met een academische inprint, namen we een kunstuitgeverij over en zijn we ook nog steeds actief op het vlak van televisie met ons eigen productiehuis. En ook online willen we met TAGMAG bvb. het verschil maken.

Ik lees in de biografie ''Muziek is emotie voor SJ Hoffman, geen intellectuele bezigheid, eerder een expressie van wat je anders niet uitdrukken kan?'' Verklaar u nader
Je hebt veel muzikanten die soms maanden sleutelen om de juiste sound te vinden, ik kan dat dus niet. Als ik iets componeer en ik vind het resultaat best goed klinken, dan verander ik er niets meer aan. Ik componeer dus vanuit het eerste buikgevoel en niet vanuit mijn hoofd. Dat is ook de reden waarom ik door de jaren zoveel materiaal bij mekaar heb geschreven. Het moet van de eerste keer goed zitten, of niet.

Verwijst ''The Long now'' ook naar het feit dat u zo lang hebt gewacht?
De titel verwijst inderdaad naar het lange wachten. Ik vond het een mooie titel die perfect past bij deze plaat.

Door een samenwerking kleppers als Mikey Rowe, Arnout Hellofs en Ilse Goovaerts - om maar een paar te noemen -  heeft u zich wel heel goed laten omringen. Hoe is die samenwerking tot stand gekomen?
Mikey ben ik dus eigenlijk heel toevallig tegen het lijf gelopen (zie hoger). Arnout heb ik via Luuk Cox leren kennen. Ik had hem al enkele keren live als drummer van Hooverphonic aan het werk gezien en getalenteerder als Arnout loopt er hier in Vlaanderen niet rond. Hij stond helemaal bovenaan mijn lijstje. Net zoals Neeka - wat een stem! - en Seb Leye die letterlijk téveel talent hebben. Het was een eer en een plezier om met hen allemaal te werken. Dat ze dan ook nog eens enthousiast waren over mijn muziek, deed me meermaals in mijn wang knijpen. Ik wilde me bij aanvang van de opname van de plaat omringen met fijne, sympathieke en chille mensen. Geen ego's dus. En dat is wonderwel meer dan gelukt. Een ervaring om nooit meer te vergeten.

Hoe is de samenwerking tot stand gekomen met Starman Records?
Na een optreden van And Then Came Fall raakte ik aan de praat met zanger en opperhoofd Sam Janssens. Hij zit op het Starman-label en introduceerde me bij de mensen van Starman. Ze waren onmiddellijk enthousiast en de zaak was snel beklonken.

Wat zijn de verdere plannen voor het jaar 2019? Op tournee? Zijn er ook plannen naar het buitenland toe?
Ik heb plannen voor twee nieuwe platen. En ik ben ook in contact met een regisseur die me heeft gevraagd voor de soundtrack voor zijn nieuwe film. Een soundtrack componeren is voor mij wellicht dé ultieme droom! Ik wil mezelf niet herhalen en wil met elke plaat een andere en nieuwe muzikale weg inslagen. Ik wil het voor mezelf spannend houden.

Wat is de uiteindelijke ambitie? Is er iets als een einddoel?
Nog heel veel muziek maken! Nu ik de smaak te pakken heb, ga ik ermee door. Zoveel is zeker!

Shakin’ Stevens

Shakin' Stevens - Een iets te gezapige nostalgietrip om ons compleet weg te blazen

Geschreven door

In de jaren '80 was Shakin' Stevens (***) zonder meer een fenomeen die de ene hit na de andere scoorde. De man - ondertussen ook 70 - begon zijn carrière als frontman van de band Shakin' Stevens and the Sunsets, een door de rock-'n-roll uit de jaren vijftig beïnvloede band. In december 1969 werd de band uitgenodigd om in het voorprogramma van de Rolling Stones te verzorgen. Het leverde de band een platencontract op, het grote succes bleef echter uit. Stevens verliet de band na zeven jaar intens toeren. Zijn solo carrière kreeg echter een heel andere vlucht. Shakin' Stevens deed auditie voor de rol van Elvis in de musical 'Elvis!'. Wat meteen de start van een heel succesvolle solo carrière betekende.  Met een nieuw platencontract op zak scoorde Shakin' Stevens in 1980 zijn eerste hit met “Hot Dog”. Dankzij “This Ole House” - eigenlijk een cover van Rosemary Cloony die daar een hit mee scoorde in de jaren '50 - ging de bal pas echt aan het rollen. De rest is geschiedenis.

Shakin' Stevens is voor een gehele generatie tot op heden een begrip gebleven. Het zorgde echter niet voor een uitverkochte Roma in Borgerhout. De zaal zat echter wel goed gevuld met fans die waren gekomen voor een langgerekte nostalgie trip, iets wat ze ook voorgeschoteld kregen. Al ging het er voor mij iets te gezapig aan toe, wat avontuurlijker en minder angstvallig binnen de lijntjes kleuren had gemogen.
Na een wat trage start leek de motor toch aan te slaan. Shakin' Stevens straalt gelukkig nog het nodige charisma uit om zijn publiek uit zijn hand te doen eten. Want vrij snel stonden mensen vooraan te dansen, en gingen anderen - achteraan - over tot een leuke slow. Om maar te zeggen, het publiek smulde wel van wat ze aangereikt kregen. Naast de hits waren daar ook enkel geslaagde tot minder geslaagde covers bij zoals “Have you ever seen the rain” van Creedence Clearwater Revival. De man laat zich bovendien omringen door puike muzikanten. Zo kregen we dikwijls koude rillingen door de meesterlijke blazers klanken en piano pareltjes.
Het zorgde voor een sfeer die wel werkte op de dansspieren, want naarmate de set vorderde stond zowat iedereen mee te deinen op de verschillende hits. Zo een moment dat er meer had mogen inzitten was echter het vrij ingetogen en wondermooie “Suffer Little Children”. Een song die mede door confronterende beelden je een krop in de keel bezorgt. Stevens die zich ontpopt tot een crooner met een rock-'n-roll hart? Dat sprak ons dan weer wel aan.  Na de pauze ging het dak er enkele keren compleet af, en zagen we een goedlachse, charmante klasbak die zijn publiek omarmde. Nee, van enige routineklus was duidelijk geen sprake. En dat verdient toch een extra pluim op de man zijn hoed.

Besluit: Shakin' Stevens had er duidelijk zin, is op zijn 70ste nog altijd heel goed bij stem en straalt op zijn de vitaliteit uit van een jonge rock wolf in het vak. Ook dit siert hem. Maar helaas trapte Shakin' Stevens en zijn gevolg telkens opnieuw iets te nadrukkelijk in diezelfde val om angstvallig binnen die lijntjes te blijven kleuren. Waardoor we niet compleet overtuigd, maar toch nagenietende van deze gezapige nostalgie trip naar de jaren '80, met een dubbel gevoel vanbinnen de zaal verlieten. Het publiek had daar echter duidelijk geen boodschap aan want danste van begin tot einde mee op de rits hits die ze aangeboden kregen, of brulden hun keel schor op de teksten. En wie zijn wij om dat publiek tegen te spreken?

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-roma-antwerpen/shakin-stevens-08-02-2019
Organisatie: De Roma, Antwerpen

The Sore Losers

The Sore Losers – Net goed genoeg !

The Sore Losers - In het najaar van 2018 stelden The Sore Losers hun recentste plaat ‘Gracias Senor’ voor aan het grote publiek. Vrijdagavond kregen de Bruggelingen de kans om de nieuwe songs voor het eerst eens live te beluisteren. Met een beetje argwaan weliswaar, want er verschenen wat matige recensies over hoe de nieuwe plaat een scherp kantje mistte.

De Limburgers gingen nochtans redelijk ronkend van start met “Silver Seas”. De rauwe en pure sound die we van hen kennen zit zeker nog in die eelterige gitaarvingers. Frontman Jan Straetemans en zijn kompanen lieten er ook geen gras over groeien. Voor we het wisten waren ze al overgegaan op “All In A Days Work”, een nummer van hun laatste langspeler. En inderdaad, hier vertraagde de band het tempo met wat lomer gitaarspel om daarna weer in gang te schieten. Maar wel allemaal mét de ongepolijste vuiligheid die je op de plaat minder goed hoort. En ook “Little Baby (doughboy)” vonden wij wel goed klinken. De vertegenwoordigers van de Belgische garagerock komt duidelijk nog steeds met hetzelfde recept optreden. Stevige bassen en drums, met de elektrische gitaar van Cedric Maes die de vrijheid heeft om daarover heen te waaien als een paar stevige rukwinden aan zee. En dat was helemaal het geval in een nummer zoals “Can’t You See Me Running”, waarin hij zelfs even soleert. En we herkenden weer even de invloeden van The Raconteurs.
Toch kreeg de band het publiek niet helemaal los, dat soms een beetje mak naar het podium zat te staren. Dat moet ook Straetemans hebben gevoeld, want tijdens “Nightcrawler” probeerde hij de Magdalenazaal wakker te schudden. Door de armen hard naar boven te waaien, door voor te gaan klappen, en door het nummer even helemaal stop te zetten. Om dan natuurlijk weer loeiend door te gaan in een stroomversnelling naar het einde van het nummer. Het hielp voor even, al zou het publiek niet meer echt los komen. Daarna hoorden we “Blue Shoes” en “A Little More”, waarbij Cedric Maes weer zijn kans zag om te gaan fladderen. Zalig als hij dat doet.
Voor The Sore Losers aan de echte hits begonnen, gooiden ze er nog verse songs “Dark Ride” en “Denim On Denim” tussen. Die laatste werd een beetje gevoeliger ingezongen, we konden zelfs even alleen vier stemmen horen. De blues en country-invloeden van The Sore Losers kwamen naar boven.
Maar het was dus allemaal een voorsmaakje voor een stevigere apotheose. Die begon met “Girl’s Gonna Break It”, onmiddellijk vervolgd met “Emily”, een topper van derde albu, m “SKYDOGS”, waarin de band steeds weer kleine beetjes gitaarspel op je loslaten. Daardoor zagen we in het publiek toch al wat kopjes heen en weer schudden. En met bommetje “Beyond Repair” zorgden ‘de losers’ voor de pure gitaarchaos die hen zo typeert. “Cherry Cherry” was niet helemaal ons ding, maar “Don’t Know Nothing” maakte dat natuurlijk helemaal goed. Redelijk melodieus voor The Sore Losers, met die typische riff, fijn baslijntje, geen geschreeuw in de zang. En met afsluiter “Juvenile Heart Attack” voelde het nog eens alsof ze met de sneltrein over het publiek wilden denderen. En dat lukte nog redelijk goed.

Want zodra de band naar de backstage ging, lukte het niet voor iedereen om het applaus te rekken tot de bisnummers. Kapot gespeeld waarschijnlijk, duidelijk geen thuismatch voor de vier rockers uit Limburg. Toch waren we blij met bisnummers “Tripper” en “Shakey Painters”. Die laatste toch een beetje gezapiger ingezet, maar met een gigantisch lange en zware outro om ons weer huiswaarts te sturen.

Setlist: Silver Seas - All In A Days Work - Little Baby (doughboy) - Got It Bad - Eyes On The Prize - Can’t You See Me Running - Night Crawler - Blue Shoes - A Little More - Dark Ride - Denim On Denim - Girl’s Gonna Break It – Emily - Beyond Repair - Cherry Cherry - Don’t Know Nothing - Juvenile Heart Attack – Tripper - Shakey Painters

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/cactus-club-brugge/the-sore-losers-08-02-2019
Organisatie: Cactus Club , Brugge

Black Midi

Black Midi - De opwindende toekomst van de Britse Rock

Geschreven door

Je houdt het niet voor mogelijk, een bende schuchtere piepjonge gozers die de meest waanzinnige, tintelende en frisse rock van het moment spelen.
Je kent ze wel, de uitdrukkingen die voornamelijk van de opgefokte Britse pers komen : “The best band you never heard of in your life”, “The next big thing”, en weet ik veel wat nog allemaal. Maar godverdomme, deze keer is het voor geen cent gelogen.
Er zit geen nochtans enkele marketingcampagne achter, Black Midi heeft nog niet één noot op plaat geperst, voor zover wij weten hebben ze zelfs nog geen platenlabel. U zal ook tevergeefs op zoek gaan in Spotify, er valt nergens wat te streamen.

Wat er wel te vinden is op het internet is een geweldige sessie bij het befaamde KEXP live, hét platform voor elke getalenteerde band die zich in het indie-wereldje een weg wil banen. En met die geweldige KEXP live sessie is de bal aan het rollen gegaan. Check het meteen op You Tube en stel vast wat voor een buitengewone en excellente band dit is.
Hebben wij ook gedaan, en als de bliksem zijn we vertrokken naar Lille, waar Black Midi in het clubzaaltje van l’Aéronef hun wonderlijke klasse bovenhaalt. Dit zijn jongens die een unieke sound hebben gedistilleerd uit het beste van Fugazi, Slint, Ought, Pere Ubu, Television en Sonic Youth. Het prikkelt, het stuitert, het gutst en het klotst, maar het klinkt fantastisch. De spontaniteit, de bezieling en klasse waarmee de jochies hun instrumenten beroeren is ongezien. En die drummer ! check die gast, gewoon uitzinnig. De kerels gaan volledig op in hun set, communicatie met het publiek is nul komma nul. Vinden wij niet erg, want dit is voor één keer geen Britse arrogantie of de zoveelste PR stunt, maar gewoon de beste manier voor een clubje bescheiden jonge gasten om zich uit te drukken.
De muziek spreekt voor zich, de rest is bullshit.

Een klein uurtje volstaat om ons te overtuigen. Dit is de toekomst van de Britse rock.

Organisatie: Aéronef, Lille

Years & Years

Years & Years - Return to Palo Santo

Geschreven door

Voor de derde keer in minder dan een jaar strijken de mannen van Years & Years neer op Belgische bodem. U weet wel, die Britse electropop groep met de extravagante zanger en de vreemde dansmoves. In 2015 bracht de band rond Olly Alexander hun debuutplaat uit met daarop hits als “King” en “Desire”. In 2018 volgenden nieuwe hits zoals “If You’re Over Me” en “Sanctify”. Deze maken deel uit van de tweede langspeler ‘Palo Santo’. Voor de lp in de rekken verscheen, stonden ze op Werchter Boutique. Daar werden we voor het eerst voor het eerst verwelkomd in het universum van ‘Palo Santo’. Enkele weken later bracht de band hun tweede album uit. Sindsdien zijn de jongens aan het toeren geweest. Years & Years sloot hun jaar af op de Warmste Week waar een duizendtal gelukkigen opnieuw te gast waren in ‘Palo Santo’. Vandaag keren we terug naar het koninkrijk van Olly Alexander in de Lotto Arena. Return To Palo Santo.

Om stipt acht uur betreed een DJ het podium, na wat rustgevende geluiden komt er een beat. Nog wat later loopt zangeres/rapster Martha Da’ro het podium op. Haar set komt wat traag op gang, maar na een klein kwartiertje weet ze wel de zaal te boeien. Martha Da’ro droomde als kind dat wanneer zij “What’s my motherfucking name?” zou roepen, er luid gereageerd zou worden met haar naam. In haar dromen was het waarschijnlijk iets enthousiaster, maar de zangeres van Angola krijgt het grootste deel van de Lotto Arena wel mee. De aangename beats en teksten met inhoud doen wat een voorprogramma moet doen: opwarmen. Met slechts een handvol nummers weet Martha Da’ro zo een plezant sfeertje te creëren.

Om klokslag negen gaan de poorten van Palo Santo open. Years & Years - We worden (opnieuw) onthaald met “Sanctify” door Olly Alexander en zijn vijfkoppige band. Tijdens “Shine” wordt er luider meegezongen en meer meegedanst. De gekke moves van Olly zorgen voor enthousiast geschreeuw. De Lotto Arena heeft er zin in en zit tot de nok gevuld met energie, maar op het podium ontbreekt er soms wat energie. Tijdens nummers als “Karma” en “Preacher” zien we hoe de vermoeidheid van het touren toeslaat. België is de laatste stop van de ‘Palo Santo Tour’. Hierna kunnen de jongens genieten van welverdiende rust.
Met “Eyes Shut” wordt het allemaal wat rustiger als Olly Alexander plaats neemt achter de piano. Hier toont de Britse zanger zijn zangkwaliteit. Ook tijdens de hoge noten op het einde van “Lucky Escape” probeert hij dat. Olly Alexander zijn stem is niet altijd even zuiver, maar niemand die zich eraan stoort. We zijn hier om te feesten en “Desire” is hier een schoolboek voorbeeld van. Het dak gaat er net niet af. Daarna wordt het opnieuw wat rustiger met “Palo Santo”. Olly gaat hier met een meters lange jurk de lucht in. De Brit gaat van de grond en we hangen allemaal aan zijn lippen. Tijdens nummers als “Preacher” en “Ties” komen we weer met onze voeten op de grond. Deze weten net iets minder te boeien.
Tijdens “Hallelujah” wordt er dan weer veel gedanst om daarna mee te zingen met “Like A Prayer”. Madonna en Ariana Grande passeren in de rapte terwijl Olly Alexander een andere extravagante outfit aantrekt. Het schaduwspel tijdens “Worship” is niet het enige visuele hoogtepunt van de avond. De visuals op het scherm achter de band zijn een prachtige rondleiding in het koninkrijk van Years & Years. Als de reis naar Palo Santo er bijna opzit, wordt iedereen bedankt en er een einde aan gebreid met “If You’re Over Me“. Dat gaat gepaard met nog meer gekke dansmoves en enthousiasme. Wederom gaat het dak er bijna af.
Years & Years had een missie, het plafond van de Lotto Arena aan grut spelen en dus volgen “All For You” en het recente “Play”. We moeten het niet meer zeggen, maar nog meer vreemde moves van Olly. Naast ons wordt er een opmerking gemaakt over hoe schattig Olly is als hij naar het publiek lacht. We gaan akkoord. Afgesloten wordt er met (hoe kan het ook anders) “King”. Nu gaat het dak er helemaal af! Er wordt gezongen, gedanst en nog meer van dat. Het perfecte nummer om het feest mee af te sluiten en afscheid te nemen van Palo Santo.
Olly Alexander zingt misschien niet altijd even zuiver, maar door zijn eigenaardige bewegingen vergeten we dit snel. De vermoeide, maar schattige zanger weet een feest op poten te zetten in zijn koninkrijk met zijn dansbare muziek. Ja, hier en daar zakte het wat in, maar dat vergeten we snel door de vele hits die in de setlist zaten. Years & Years opende vandaag voor de derde keer in België de poorten naar Palo Santo en ja, Olly is nog steeds de king van de dansvloer.
Wie geen ticket kon bemachtigen voor de show in de Lotto Arena of er gewoon niet bij kon zijn krijgt een vierde kans om de wereld van Years & Years te betreden op Rock Werchter.

Setlist: SanctifyShineKarmaMeteorite - Eyes Shut - Lucky EscapeGoldDesire - Palo SantoTiesPreacherHallelujah - No Tears Left To Cry/Like A Prayer (backing vocals)WorshipRendezvous - If You’re Over Me - All For YouPlayKing

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/lotto-arena-antwerpen/years-and-years-07-02-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/lotto-arena-antwerpen/martho-daro-07-02-2019

Organisatie: Live Nation

Good Charlotte

Good Charlotte – Punkrock still lives!

Geschreven door

Good Charlotte zakte gisteren samen met Sleeping With Sirens af naar Brussel. Hmm, dat hebben we precies al eens eerder meegemaakt. Nog geen twee jaar geleden deelden beide bands eveneens de bill in dezelfde zaal. Poppunk is nog steeds in leven, maar nieuwe bands wagen zich zelden aan de oude recepten die door bands als blink-182 en Green Day geschreven werden. In 2017 namen beide bands nog ISSUES mee op sleeptouw, gisteren kreeg het Brusselse publiek, in een andermaal nagenoeg uitverkochte Ancienne Belgique, af te rekenen met The Doze en het Britse Boston Manor.

Eerstgenoemden moesten we helaas aan ons voorbij laten gaan, maar we waren gelukkig net op tijd voor de laatstgenoemden. Veel podiumruimte hadden ze, door de reeds opgestelde instrumenten van de twee hoofdacts niet. Het viertal moest hierdoor manoeuvreren op beperkte ruimte, maar gaf alles wat ze in huis hadden. De korte, maar pittige set begon met een focus op nieuwer werk ging stapsgewijs terug in de tijd. De muziek van Boston Manor zou je kunnen omschrijven als een erg sterk uitgevoerde kruisbestuiving tussen de poppy punk van bands als Simple Plan en de tearjerkende emotracks van bands als American Football. Zanger Henry Cox bewees zich meer dan voortreffelijk als frontman. De zanglijnen waren ‘on point’ en hij gaf zich - voor een op dat moment nog maar voor één derde gevulde AB - al speelde hij voor een uitverkochte zaal. Boston Manor deed wat we niet frequent meer zien bij support acts, een indruk nalaten die overtuigt om hen asap nogmaals aan het werk te willen zien.

Vervolgens werd de eerste lichting doeken van de opgestelde instrumenten gesleurd, en kreeg Sleeping With Sirens het podium. Zanger Kellin Quinn, die in het milieu bekend staat om zijn hoge, fragiele stemgeluid, had het niet onder de markt in het begin van de set. Vocaal moest ie stevig opbotsen tegen de stormachtige gitaren van zijn bandmaats, waardoor hij vaak net aan kracht tekort schoot om goed hoorbaar te zijn. Enkele tracks verder, bij “Better off Dead” en “We Like It Loud” liep alles uiteindelijk weer gesmeerd. Her en der ontstond er een gezellig, woelende moshpit. Geen hardbeukend gedoe, maar daar zal het - gemiddeld genomen – tenger gebouwde publiek eerder blij om geweest zijn. Sleeping With Sirens kreeg de poppen helemaal aan het dansen bij het zeer sterk overkomende “Congratulations”. De lont was nu ontstoken. Perfecte timing, want meteen hierop volgden emoklassiekers als “If I’m James Dean, You’re Adurey Hepburn” en “If You Can’t Hang”. Tracks die op hun eigen manier een tijdloos karakter hebben, en in Ancienne Belgique zonder twijfel degelijk gebracht werden. Finaal kregen we nog een goeie schop onder ons gat met het pittige “Kick Me”.

Headliner van de avond Good Charlotte betrad netjes op tijd het podium. Het broederpaar Benji en Joel Madden mag dan wel truckerlooks hebben. In de AB bleken ze ook over een peperkoeken hartje te beschikken. Op zich verschilde de gespeelde setlist nauwelijks met die van twee jaar geleden, met het verschil dat de minder populaire tracks van toen nu vervangen waren door tracks uit hun nieuwste plaat ‘Generation RX’. De titeltrack was tevens ook de opener van de set. De ondertussen volgestouwde zaal, bleek tijdens één van de awkward bindtekstmomentjes netjes opgedeeld te zijn tussen mensen die Good Charlotte al eerder, of nog nooit aan het werk zagen. Best bijzonder om te merken dat een genre, als poppunk/punkrock, die tegenwoordig erg moeilijk aan airplay raakt in onze contreiren, nog steeds nieuwe fans weet te bereiken en aan te spreken. Hallo, invloed van Spotify/Apple Music?
Lang moesten we trouwens niet wachten op de eerste popkleppers, met “The Anthem” als derde, en “Keep Your Hands Of My Girl” als vijfde gespeelde track. De sound die het vijftal neerzette was ruig, hard, maar werd nergens een chaotisch boeltje, zoals bij Sleeping With Sirens wel wat het geval was. De Madden broertjes behielden alle controle over de groep. Joel kon daarnaast ook – op enkele uitzonderingen na – zijn vocals meer dan goed laten doorklinken doorheen de gitaarwoesternij.
Nadat de keet door een ander ‘oud hitje’ “Girls & Boys” al voor een derde keer in een springfestijn was veranderd, ging het tempo een stuk omlaag. Het nieuwe “Actual Pain” kwam in eerste instantie wat vreemd binnen, maar kon ons toch voldoende overtuigen. Na al die jaren heeft frontman Joel Madden weliswaar nog steeds moeite met zijn bindteksten entertainend te houden. Wat hij zegt mag dan wel grappig, gepassioneerd of lief overkomen. De stiltes tussen zijn mogelijks weldoordachte zinnen, zorgden voor een wat awkward overkomen. Tegenwoordig lijkt het ook obligatoir om als Amerikaanse band je gal te spuwen over het Trump-bewind, zoals ook Good Charlotte deed alvorens “Prayers” in te zetten. We hadden stiekem gehoopt dat we ondertussen dat punt al voorbij zouden zijn, want politiek gezwets tijdens punkshows heeft zelden een maatschappelijke meerwaarde gehad. Gisteren zorgde het vooral voor een tempodrukkend intermezzo.
Ook de emotionele intro voor “Hold On” – weliswaar met een veel zinvollere, maatschappelijke boodschap – zorgde voor een moment van rust.
Tijd voor actie, zo vonden wij, zo vond gelukkig ook de band. “Walfdorf Worldwide” was de ideale track om terug wat peper in de kont te krijgen. De track ademt ‘American highschool vibes’ en doet meteen denken aan matig-komische films als ‘American Pie’. Ook deze track hield vast aan de hoge kwaliteit van uitvoering van het optreden. Ten slotte kregen we nog een nagenoeg identiek slotsalvo te verduren als twee jaar geleden. Maar waarom ook niet? Never change a winning team, weet U wel. “Little Things” en “The River” deden een al wat-kolkendere moshpit ontstaan en geen aanwezige kon blijven stilstaan toen we achtereenvolgens “Dance Floor Anthem”, “I Just Wanna Live” en “Lifestyles of The Rich & Famous” geserveerd kregen.

Good Charlotte bewees eigenhandig, en met de steun van enkele degelijke bands uit hetzelfde milieu, nog steeds een sterke live act te zijn. Muzikaal zat alles goed in elkaar en genoten we van mogelijks een van de betere punkrock concerten sinds lange tijd. De vele interactiemomentjes met het publiek zorgden voor een gemoedelijke sfeer, maar zorgden toch soms voor wat awkwardness. De set week tenslotte niet zoveel af van de set van enkele jaren terug, maar dat zal de aanwezigen worst gewezen hebben.
Good Charlotte bezorgde een nagenoeg volgepakte AB een erg vermakelijke avond en bewees dat punkrock, ondanks de afnemende relevantie, bijlange niet ten dode opgeschreven is.

Neem gerust een kijkje naar de pics
The Dose
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/the-dose-07-02-2019
Boston Manor
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/boston-manor-07-02-2019
Sleeping with Sirens
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/sleeping-with-sirens-07-02-2019
Good Charlotte
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/good-charlotte-07-02-2019

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

The Wombats

The Wombats – samen met Circa Waves een indie rock hoogdag

Overmorgen is het precies één jaar geleden dat ‘Beautiful People Will Ruin Your Life’ op de wereld werd losgelaten. De vierde plaat van The Wombats gaf hen een plaatsje op Pukkelpop en nu ook een nagenoeg uitverkochte grote zaal van Trix. Dat ze daarbij nog Circa Waves meenamen (die nota bene ook binnenkort met een plaat komen en een Afrekening-hitje scoren momenteel), was een hele mooie toevoeging.
Beide bands deden waarvoor ze gekomen waren: aanstekelijke indie rock serveren dat zowel dansbaar als meezingbaar was.

Circa Waves opende de dans en dat deden ze een halfuurtje lang. Spijtig, want bij ons kon er gerust nog een extra halfuurtje in. Dan maar strak en met een hoog tempo er acht nummers doorjassen. Er valt een duidelijk onderscheid te merken tussen de nummers van de band uit Liverpool. Zo heb je de heel aanstekelijke met een simpele gitaarlijn, en daarnaast heb je de meer bombastische. Het valt op dat het vooral de nieuwe songs zijn die zich meer lagen hebben aangemeten. Beide geven wel de nodige portie energie, en is het dat niet wat iedereen nodig heeft?
“Fossils” was catchy, strak en snel, “Movies” bevatte een sterke opbouw en “Somebody Good” was een atypische stadionanthem die de band makkelijk weet te integreren in hun korte set. Want met slechts een halfuur op de klok, verlangden we nadien gewoon naar meer. Afsluiter “T-Shirt Weather” zorgde voor het eerste gigantische meezingmoment, en we voelden het al aan ons water dat er ook bij The Wombats meerdere zo’n momenten zouden volgen. Circa Waves bleek dus de perfecte opwarmer, al hoeven ze dat tegenwoordig al lang niet meer te zijn.

Anderhalf uur kreeg The Wombats om ons te overtuigen van hun discografie, die ondertussen vier albums rijk is. Het publiek, inmiddels helemaal warm door de fijne warming-up onder leiding van Circa Waves, kreeg meteen nieuw werk voorgeschoteld. De Britten staken van wal met “Cheetah Tongue”, en werden per direct getrakteerd op het gelukzalig enthousiasme dat zich in Trix had opgestapeld. Toch viel op dat het nummer weinig bijdroeg tot die optimale sfeer, maar dat het vooral het publiek was dat er veel goesting in had. Met “Moving To New York” was het hek echter al snel van de dam: de grote zaal van Trix ontwikkelde zich tot een stuiterend en brullend geheel. ‘Christmas came early’, en het eerste hoogtepunt in de set gelukkig ook.
In het tussenstuk viel vooral op dat de nieuwe nummers live wat dash missen om het enthousiasme een hele set op een gelijk niveau te houden. De nonchalance waarmee nummers als “Black Flamingo” of “I Don’t Know Why I Like You But I Do” werden gebracht, gaven de nummers ook te weinig speelsheid mee om live helemaal te overtuigen. “Lemon To A Knife Fight” was dan weer een tegenvoorbeeld, aangezien deze single wel doorgespeeld werd, en naarstig werd meegebruld door de bijna uitverkochte Trix. Ook “Ice Cream” werd met het spreekwoordelijke mes tussen de tanden aan het publiek gepresenteerd, en was veruit het nummer van ‘Beautiful People Will Ruin Your Life’ dat live het meest bleef hangen. Er werd zowaar een ietwat vettige riff op het publiek losgelaten, terwijl “Ice Cream” op plaat eerder een kneusje dan een topnummer is.
Met “Kill The Director” en “Techno Fan” dropte het drietal respectievelijk een tweede en een derde bom, en die waren wat ons betreft perfect getimed. Alweer werd duidelijk dat oudere nummers de sleutel naar het hart van het Trixpubliek waren, want de blijdschap en het geluk viel weer van de mensen hun gezicht en dansbewegingen af te lezen. Die eerste werd als een ware indie anthem meegebruld door al wie voor The Wombats naar Borgerhout was afgereisd, en dat enthousiasme werkte besmettelijk.
Het drietal uit Liverpool was goedgeluimd aan de set begonnen, maar geraakte nummer na nummer meer bevangen door het enthousiasme van het publiek, en ging hier meer en meer in mee. Toen er ook nog een dozijn kleurrijke ballonnen op het publiek werd afgevuurd, konden we ons moeilijk voor de geest halen hoe ‘een mindere dag hebben’ precies voelt…
“Let’s Dance To Joy Division” zette de kroon op het werk, en liet de voltallige Trix kirren van plezier. Voor het eerst in de set werd het moeilijk om door de sing-a-longs de instrumenten en stemmen van het drietal te horen, en als je dat kan waarmaken als band, heb je volgens ons een straf nummer in je repertoire zitten. Tijdens de bisronde werd even gas terug genomen, en kwam Matt Murphy met akoestische gitaar “Lethal Combination” brengen. Daarna vervoegde de rest van de band hem nog voor “Turn” en (definitieve) afsluiter “Greek Tragedy”, en daarbij viel vooral op dat die eerst genoemde zeer vol en overtuigend werd gebracht. Ook een deel van het publiek wist “Turn” grotendeels mee te zingen. Gezien dit geen uptempo nummer is volgens het gekende recept, was dit een positief verrassende vaststelling.
The Wombats maakten het zichzelf vocaal en instrumentaal niet al te moeilijk. Toch wist het drietal een zeer professionele en goed uitgevoerde set aan het publiek te presenteren, waarbij op gepaste wijze gespeeld wordt met ups en downs in energie en enthousiasme. Zowel instrumentaal als vocaal zat de performance van de heren wel snor. Aangevuld met enkele absolute klassiekers, kreeg je zo’n band die live heel moeilijk kan teleurstellen. Trix at uit de hand van de Britten, en deed dat mede door de uitstekende set die Circa Waves er al had opzitten.

Wat een hoogdag voor de indierock liefhebber moest worden, loste ongetwijfeld de hoge verwachtingen in. We kregen twee zeer fijne bands, waarvan beiden eigenlijk een headline tour verdienen.

Setlist Circa Waves: So Long – Fossils – Movies - Somebody Good – Stuck - Stuck In My Teeth - Fire That Burns - T-Shirt Weather
Setlist The Wombats: Cheetah Tongue - Moving To New York - Jump Into The Fog - Give Me A Try - Black Flamingo – Emoticons - Lemon To A Knife Fight - I Don’t Know Why I Like You But I Do - Pink Lemonade - Bee-Sting - Kill The Director - Ice Cream - Techno Fan - Your Body Is A Weapon - Tokyo (Vampires & Wolves) - Let’s Dance To Joy Division - Lethal Combination – Turn - Greek Tragedy

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Trix, Antwerpen

The Wombats – samen met Circa Waves een indie rock hoogdag
Circa Waves + The Wombats

Ghost

Ghost - Te veel van het goede

Geschreven door

Zelden weten nieuwe bands binnen het metalgenre zich op te werken tot zaalvullende acts. Festivals als Graspop of Alcatraz moeten hierdoor sinds jaar-en-dag steeds dezelfde konijnen uit de headliner-hoed trekken. Al lijkt er, bij name van Ghost, Zweedse verandering aan te komen. Het heeft er alles weg van dat ze het zullen klaarspelen om zich te nestelen tussen de Iron Maidens en Metallica’s van de wereld. Een nagenoeg volgepakte Lotto Arena vol zwarte shirts, denimjasjes volgenaaid met bandpatches en sporadische groepjes als nonnen verklede dames achtte zich bereid om hun ziel en oorkanalen ten dienste te stellen van Cardinal Copia en zijn Nameless Ghouls.

Alvorens Ghosts ceremonie ingeluid werd, kreeg een ander Zweedse exportproduct Candlemass drie kwartier de tijd om ons te overtuigen. De band gaat al mee sinds de jaren ’80, wat deels verraden werd door de beerbods van het gezelschap. Al kan er wel niet gesproken worden van een gebrek aan uitstraling. De frontman van dienst leek wat op een bastaardzoon die genen erfde van zowel Alex Agnew (Diablo Blvd) als James Hetfield (Metallica) en paradeerde vol flair over het podium. Desondanks de vele personeelswissels die ze de afgelopen decennia hebben doorgemaakt, klonk Candlemass ook sterk als collectief, waarin vooral de dreunende dubbele bass drum een heerlijke hoofdrol speelde. Hoogvlieger in hun set was het nieuwe “Astorolus – The Great Octopus” waarbij de dreun heerlijk tegen onze ribben ging plakken.

Ghost begint hoe langer, hoe meer ook door te sijpelen bij het Studio Brussel publiek. Dat hebben ze deels te danken aan de Hotshot-status van “Dance Macabre” en het catchy “Rats”, beide afkomstig uit hun meest recente plaat ‘Prequelle’. Maar, laten we eerlijk zijn, mensen die gebaseerd op deze twee nummers afzakten naar Antwerpen, zullen hoogstwaarschijnlijk niet voldaan huiswaarts gekeerd zijn, alsook niet de mensen die houden van pittige, intense sets.

De hitzoekers werden wel snel op hun wenken bediend, want na opener “Ashes”, waar zanger Tobias Forge vooral nog op zoek was naar zijn stemgeluid, gooide de band meteen al “Rats” op het altaar. Hitje of niet, echt veel leven zat er niet in het publiek. In een poging de boel op te stoken, werd “Absolution” nagenoeg volgestouwd door Forge die zijn geografische kennis deelde. ‘Antwerpen! Belgium!’ Na enkele keren was de meerwaarde hiervan echt wel gaan vliegen. Om te kunnen ontkennen dat de kardinaal een meesterlijke entertainer is, zouden we daarentegen gekke argumenten moeten bovenhalen. Ontkennen dat Ghost één van de sterkste conceptuele bands van het moment is, dat is nagenoeg onmogelijk.
Het impressionante podium werd intens gebruikt door zowel Cardinal Copia als zijn gitaarspelende Ghouls. De kitsch droop er weliswaar van af, zelfs Forge wees op subtiele wijze op de plastieken uitstraling van zijn speelveld. Geen mens die zich eraan stoorde, want ook aan special effects geen gebrek bij Ghost. Een erg sterke lichtshow, duivels podiumrook, enkele steekvlammen en vooral de machtige kostuums ontbraken niet in de Lotto Arena.
In het eerste deel van de dienst ging het niveau na het matige “Absolution” weliswaar vlotjes de hoogte in. “Ritual” werd gekenmerkt door een intensere, lagere zanglijnen waarin Forge zijn stem dermate pakkender overkwam, en “Per Aspera ad Inferi” werd door een significant deel van het publiek meegebruld. Het was toch het epische “Cirice” – dat na een best wel lange en overbodige intro werd ingezet – dat ons kippevel bezorgde. Het werd ons persoonlijk hoogtepunt van de set. Weliswaar hadden we dan nog maar één derde van de show achter de rug. Ging Ghost ons nog tot het einde kunnen blijven boeien, verrassen en entertainen?
Het antwoord hierop is niet zo eenduidig. Qua entertainende factoren kwamen we zeker aan onze trekken, flashy kostuumwissels en een sporadische saxsolo door Papa Nihil, Cardinal Copia’s mentor als het ware, boden ons het nodige visuele vermaak. Muzikaal verdween de spanning weliswaar mondjesmaat. Daar kon het akoestisch sterk uitgevoerde “Jigolo Har Megiddo” helaas niet zo veel aan veranderen.
Van begin af aan hadden we de indruk dat Ghost ergens tussen twee werelden zweeft. Aan de ene kant de wereld van stevige gitaren en een ‘metal performance’ neerzetten, aan de andere kant lijkt het gezelschap een doodse variant op de Phantom Of The Opera musical op te voeren. De momenten dat we muzikaal omver werden geblazen werden, waren vooral erg schaars voor een 25-tracks durende ceremonie.
Na een korte break hoopten we dat er terug wat vuur in de set zou gepompt worden en het geen vervolg van de afhaspeling aan nummers zou gaan worden. Vuur kregen we letterlijk, maar ook figuurlijk. “Spirit” werd meesterlijk theatraal ingezet, maar net zoals bij het merendeel van de songs, kwamen de vocale lijnen geluidstechnisch niet zoals het hoorde tot bij het tribunepubliek. Iets wat vooral bij “From The Pinnacle To The Pit” en “Majesty” erg storend werd. De show begon zich eindelijk als een duiveltje in een wijwatervat te gedragen toen er wat ‘woef’ in de set werd gestoken. Met “Faith” en fan-favorites “He Is” en “Mummy Dust”, zat het venijn andermaal in de staart. Vurig, speels en headlinerwaardig materiaal. Al klonk Forges stem in “Mummy Dust” misschien eerder als een slechte, Italiaanse ober, dan als een dreigende frontman.
In plaats van op dit vermakelijke stevige elan verder te gaan en in een rotvaart de set te besluiten, werd er aan de noodrem getrokken. Elke nameless Ghoul, werd tijdens een best-wel-overbodige “If You Have Ghosts”-cover (Roky Erickson) door Cardinal Copia voorgesteld. Iets wat in een mum van tijd geklaard kan zijn, al deed onze kardinaal er op zijn gezegende leeftijd een dikke tien minuten over. Veel te lang, en ronduit overbodig. Na ruim twee uur recht te staan, of oncomfortabel neer te zitten, wil je nog een laatste keer overdonderd worden door een spetterend slotsalvo. Niet een tergend lange lezing uit de bindtekstbijbel ondergaan. Gelukkig werd ons geduld beloond met een indrukwekkend sterke uitvoering van hit “Dance Macabre”, waar het geluid voor het eerst in de volledige zaal nagenoeg perfect klonk. Klap op de vuurpijl werd “Square Hammer”. Intens, gepassioneerd en hard. De ideale afsluiter voor een metalshow, zo vonden wij.
Zo dacht Ghost er helaas niet over. Er volgde vervolgens nog een hoop gelul over vrouwelijke orgasmes en valse showeindes, alvorens de groep “Monstrance Clock” inluidde. Deze track kon bijlange niet de intensiteit van “Square Hammer” evenaren, waardoor we met een erg wrang gevoel de zaal verlieten. Het was toen ruim half twaalf en het leven was zichtbaar uit het grootste deel van het publiek gezogen. We ervaarden weinig adrenaline-rushes bij onszelf als bij de rest van de aanwezige mensen en geesten, ergens moet het dus fout gegaan zijn, lijkt het ons. Na het optreden werd er vooral veel gepraat en geanalyseerd, aan extase was er een gebrek.
Had deze show een compactere uitvoering gekregen, met een grotere focus op muzikale kracht dan op entertainment, we zouden de Zweden hoogstwaarschijnlijk overladen hebben met complimenten. Tracks als “Faith” en “Cirice” hielden de set met verve overeind en nummers als “Rats” en “Dance Macabre” pleaseden de sporadische luisteraar. Wat de meerwaarde van ruim de helft van de rest van de set was, daar stellen we ons vragen bij.

Ghost bewees in de Lotto Arena over de kwaliteiten te beschikken om een volwaardige (metal)headliner te worden. Ze leverden een show met hoog entertainmentwaarde af, maar wisten onze aandacht geen 150 minuten te behouden. Het tempo en het wow-gevoel schoten enkele malen de hoogte in, maar doken ook meermaals de diepte in. Wanneer de show eenmaal echt op gang was getrokken, haalde frontman Tobias Forge het tempo er vervolgens zelf met ellenlange, overbodige bindteksten uit, wat vooral het slot van de show vergalde.

Setlist: Ashes – Rats – Absolution – Ritual - Con Clavi Con Dio - Per Aspera ad Inferi - Devil Church – Cirice – Miasma - Jigolo Har Megidda (acoustic) - Pro Memoria - Witch Image - Life Eternal – Spirit - From The Pinnacle To The Pit – Majesty - Satan Prayer – Faith - Year Zero - He Is - Mummy Dust - If You Have Ghosts - Dance Macabre - Square Hammer - Monstrance Clock

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Live Nation

The Very Very Danger

Witness the Legitness

Geschreven door

Nu Ian Clement zijn band Wallace Vanborn voor onbepaalde duur in de diepvries heeft gestoken, is er wat meer tijd voor iets anders. Terwijl hij solo als singer/songwriter met gevoelige songs door het land trekt, haalt hij elders terug de sloophamerriffs boven. Dit met het nieuwe bandje The Very Very Danger. De sluizen gaan wagenwijd open en er worden schuimbekkende vuile riffs doorgejaagd. Er zit bovendien ook flink wat gekte in het geheel verpakt en dat maakt het er alleen maar interessanter op. Het klinkt bij momenten alsof Triggerfinger koud in de reet wordt gepakt door Raketkanon.
Voor de riff van opener “G.G AFK Noob” is men nog wel even leentje buur gaan spelen bij Rage Against The Machine, maar dat zien we door de vingers. Daarna gaat het met de uit zijn voegen gebarsten riff-punk van “Lite My Litah” echt hard. Ook “Tesla Spoil” lijdt aan hondsdolheid, een ultra smerige klomp van een song die met een kwak tegen de muren uiteenspat. En “Watashi To Kite” komt rechtstreeks uit de Japanse psychiatrie. Prettig gestoord, psychotisch en compleet in de war.
‘Witness The Legitness’ duurt amper een half uurtje. Wel een half uurtje feesten met het schuim op de mond.

Bootblacks

Part Time Punks/Narrowed

Geschreven door

Van ‘Fragments’ uit 2017 was ik ferm onder de indruk. Alles klopte aan dat album en het was verslavend luistervoer. Op deze release brengen ze hun debuut-EP ‘Narrowed’ uit 2013 (die enkel op cassette verkrijgbaar was) samen uit met nummers uit de Part Time Punks Sessions. Zo hoor je hoe de sound van dit New Yorkse trio ontstond en zich heeft ontwikkeld in die zes jaar.
Op ‘Narrowed’ hoor je al dat deze band iets in zijn mars heeft. Alle elementen die je op ‘Fragments’ hoort zijn al aanwezig. Alleen is nadruk van de productie en de mixing een ietsje anders. Maar het blijft nog steeds een aangename EP om naar te luisteren. De songs die uit de ‘Part Time Punks Sessions’ komen zijn grotendeels terug te vinden op ‘Fragments’ en ‘Veins’ maar dan in een minder gepolijste vorm. Hier hoor je duidelijk het verschil met het uiteindelijke resultaat. De vocalen komen hier meer op de voorgrond en je hoort dat er minder mix en productie aan te pas is gekomen. Los daarvan is er weinig verschil in de songs zelf. De structuren en melodieën zijn hetzelfde als op ‘Fragments’.
Voor fans van Boothblack is dit een must have. Vooral omdat ‘Narrowed’ voorheen niet verkrijgbaar was op CD en vinyl. Dankzij die remastering klinkt die EP trouwens super. Daarvoor alleen al zou ik het mij aanschaffen. De songs uit de ‘Part Time Sessions’ zijn interessant, maar ik geef toch lichtjes de voorkeur aan de gedaante waarop ze op hun respectievelijke albums zijn terecht gekomen.

Bonfire Lakes

The Keg -single-

Geschreven door

“The Keg” is de eerste track van de EP ‘The Dead People’ die later dit jaar uitkomt. Net als op eerder werk van deze Limburgse band krijgen we hier opnieuw diep-donkerblauwe melancholie en huilende en treurende gitaren. Het is prachtig hoe Marino Roosen een schijnbaar banale break-up vertaalt naar een doodernstige en diepdroeve ballad: een meisje vertelt haar partner dat voor haar het vat (the keg) af is. Bonfire Lakes maakt er op een vreemde manier toch een oprechte song van. De gitaren worden in het huilen nog naar de kroon gestoken door een paar breekbare pianotoetsen en de zoet-zacht scheurende fluwelen stem van Roosen, tussen praten en zingen in.
Voor fans van Portland, Bony King Of Nowhere, Mooneye, Isbells, And Then came Fall, SJ Hoffman, The War On Drugs en Milo Meskens
Belgium
https://www.bonfirelakes.com/
Facebook : https://www.facebook.com/Bonfirelakes/
Bandcamp : https://bonfirelakes.bandcamp.com/

Vandal X

Blood On The Street

Geschreven door

Dit ongure veteranenduo is eigenlijk nooit echt vanuit de Belgische noise underground scene naar boven geklauterd. De heren ramden nochtans al met zijn tweetjes in de primaire bezetting drums/gitaar lang voordat The White Stripes of The Black Keys dat hip gemaakt hebben.
Sedert einde van de jaren negentig dropt Vandal X om de zoveel jaren een plaat, en dat zijn stuk voor stuk ruwe en venijnige kopstoten. Veel zijn er echter nooit van over de toonbank gegaan wegens te ruig, te wild, te roodgloeiend of weet ik veel wat. Maar dat hebben de heren nooit aan hun hart laten komen, als ze maar op hun geliefkoosde manier flink konden doorrammen. Hun tomeloze energie heeft zich altijd geuit in compromisloze en eigenzinnige noise-rock die niet gemaakt is voor gevoelige oren, laat staan de radio.
Het constante verblijf in de noise-underground heeft hen wel een cultstatus opgeleverd die tot op vandaag standhoudt. In hun lange carrière hebben ze ook al een paar ommetjes langs Pukkelpop gemaakt (in de tijd dat het nog een echt alternatief festival was) en zijn ze onder andere met Mauro Pawlowski en Steve Albini de studio in getrokken.
Wie het duo al ooit eens live aan het werk gezien heeft weet dat het er steevast loeihard, pokkenluid en behoorlijk wild aan toe gaat, en dat er hoegenaamd geen tijd is voor adempauzes. Vandal X op een podium, dat is razernij in het kwadraat.
Wel, we hebben goed nieuws voor u : Vandal X heeft een nieuw album uit, en ze maken nog evenveel pokkeherrie als voorheen. Deze keer hebben ze onderdak gevonden bij Consouling Sounds, het opvangtehuis bij uitstek voor lawaaimakers met destructieve neigingen.
Daar mogen ze zoveel keet schoppen als ze willen, en dat doen ze naar hartenlust. We stellen vast dat dat Vandal X met deze plaat nog verder is opgeschoven richting metal, maar dan vooral metal van het gortige soort, gekruid met een scheut bijtende hardcore.
De titelsong “Blood On The Street” opent veelzeggend met wat geruis en beukt dan genadeloos de deur in met een loodzware riff, het klinkt log en vooral heavy en het flirt met doom-metal. De massieve power van “Be The One” en “I Am A Ghost” hunkert naar het smerigste van Torche en in “Patient Zero” wordt de heavyness zo grof uitgesmeerd dat het lijkt alsof Ufomammut bij het feestmaal is komen aanschuiven.
Een absolute pitbull-motherfucker van een song is “I Do Remember 9-14-17”, een helse bom die alles moordlustig openscheurt. Klinkt als het gemeenste van Fucked up.
En zo gaat het duo naarstig door, het album bevat evenveel rustpunten als er okapi’s in de Schelde zwemmen.
Met ouder worden heeft Vandal X absoluut niet aan explosiviteit of brutaliteit ingeboet. Integendeel, dit is nog steeds van het scherpste wat er qua noise-rockbands in België te vinden is.

Ian Clement

See Me In Synchronicity

Geschreven door

Solo momentje van Ian Clement, het middeltje om zijn persoonlijke frustraties en demonen kwijt te kunnen, ver weg van de gloeiende versterkers van Wallace Vanborn. Naar het schijnt worstelt Clement met nogal wat innerlijke kwelgeesten, maar de plaat is niet zo donker geworden als men op basis daarvan zou durven vermoeden. Dit is niet Mark Lanegan in een diepe grafkelder, maar gewoon een songwriter die een hoop innige en bekoorlijke songs uit zijn gekwelde ziel heeft geperst.
De songs en de vibe doen ons bij wijlen sterk denken aan Flying Horseman. Het zijn fraaie verstilde rocksongs die nergens uitbarsten, maar wel af en toe een uitgelaten gitaar in het universum droppen. Clement’s warme stem neigt al wel eens naar Stuart Staples en Bryan Ferry. En dat komt zijn songs goed uit, want die zijn niet gemaakt om de wilde haren in het rond te laten waaien. Het zijn ingehouden pareltjes, die met finesse en passie zijn ingepakt door een stelletje bekwame muzikanten die perfect weten waar en wanneer ze zich moeten inhouden.
‘See Me In Synchronicty’ is misschien wat te clean, maar het is vooral een mooi plaatje dat gevuld is met vernuftige songs die elk een leventje op zich lijden.

Pagina 212 van 498