logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
The Wolf Banes ...
Concertreviews

Cult Of Luna

Cult Of Luna - Post metal pioniers halen verschroeiend uit

Geschreven door

A.A. Williams weet onze aandacht te trekken met haar verstilde post-rock in de richting van Emma Ruth Rundle, Chelsea Wolfe en Esben & The Witch. Best knap. Vraag is of ze haar streng zal kunnen trekken in een genre waar het echt wel dringen wordt. Geef haar nog wat tijd, A.A. Williams.

Bij Brutus gaat er het al heel wat heviger aan toe. Het trio is nog maar net terug van een Amerikaanse toernee maar er zit nog genoeg adrenaline en power in hun stomende mix van metal en post-rock om de Trix plat te spelen. Stefanie Mannaerts schreeuwt en timmert het er met volle teugen uit en de gitaar klinkt wederom furieus en barstend. Wat een band ! wat een sound ! en wat een songs !
“Cemetery”, “Horde II”, “Drive”, “War”, “Justice De Julia” beuken dat het geen naam heeft. En wat is afsluiter “Sugar Dragon” wederom fantastisch. Een kanjer ! Brutus is van het meest opwindende wat ons Belgenlandje op heden op een podium te bieden heeft.
Dit is maar een tussenstap, ze zijn al weer vertrokken naar Engeland. Maar nog eventjes eerst in de AB, Brussel op 14 december! De wereld veroveren, zo hoort het.

Ieder kind moet een naam hebben. Vandaar dat ook ooit post-metal is geboren. Een genre dat, hoewel het zich doorgaans in een daglicht-schuwende ondergrond voortbeweegt, ondertussen toch wat oververzadigd is geraakt. Wanneer te veel bands in hetzelfde donkere water gaan vissen, dan gaan die stilaan ook op mekaar beginnen lijken en zien wij het bos door de bomen niet meer.
Ons lijkt het altijd interessanter om dan terug te grijpen naar de bron waaruit al dat gevaarte is ontsproten. Bij de bron zijn immers de ruwste parels te vinden.
Dan denken wij bijvoorbeeld aan het geweldige Neurosis, maar die komen helaas maar sporadisch nog eens uit hun donkere hol. Of aan Isis, helaas zijn die dan weer al enkele jaren geleden ten grave gedragen (gelukkig is uit hun as het onheilspellende Sumac opgerezen, een zowaar nog ruiger en zwaarder vehikel).
Dan komen we uit bij het Zweedse combo Cult Of Luna, een band die vanaf het eerste album anno 2001 gestaag doorgroeide tot vaandeldragers van de post-metal. Hun recentste monsteralbum ‘A Dawn To Fear’ lijkt een nieuwe mijlpaal te gaan worden in hun repertoire, een geweldige brok onheil die wij op hetzelfde schavotje durven zetten als het meesterwerk ‘Vertikal’ uit 2013.
Met vier knoerten van songs uit ‘A Dawn To Fear’ en drie uit ‘Vertikal’ zit het dus wel goed vanavond. De band zet een sound neer die staat als een bunker. Cult Of Luna is dan ook een omvangrijke bende, een half leger zeg maar. Drie gitaristen, twee drummers, een bassist en een keyboard speler zorgen voor de meest pompende, ruige, massieve, rauwe en verzengde post-metal die wij in jaren gehoord en gezien hebben. Ze doen ons terugdenken aan het al even geweldige Isis die wij hier nog in diezelfde zaal van jetje hebben zien geven, het moet zowat een decennium geleden zijn.
Een Cult Of Luna gig is er weer zo eentje die je ondergaat, waar je volledig wordt in meegezogen. Ze pompen, ze barsten open, maar ze kunnen ook op tijd en stond de gevoelige snaar raken zoals in het verstilde “And With Her Came The Birds” of het zwevende “Passing Through”. De intro van “Lights On The Hill” is hemels en bloedmooi, de songs stevent vervolgens af op een allesvernietigende moordende climax. Briljante herrie ! Cult Of Luna ontploft zo wel meermaals met een apocalyptische knal. Check “Nightwalkers”, “In Awe Of” of de allesverslindende afsluiter “The Fall”. Allemaal ferm uit de kluiten gewassen bloedzuigers van songs die zich in ons nekvel vastzetten en er de eerste dagen niet meer zullen uit geraken.
Een bommenwerper van een concert, een helse belevenis. Miljaardedju, hier zijn we efkes niet goed van.

Organisatie: Trix, Antwerpen

Beoordeling

Sylvie Kreusch

Sylvie Kreusch - Een duivelse kracht

Geschreven door

Bijna zeven jaar geleden won Soldier’s Heart de eerste editie van De Nieuwe Lichting. Toen al werd duidelijk dat frontvrouw Sylvie Kreusch een podiumbeest is met een ongeziene podium presence. Nadat ze vast lid was van Warhaus, gaat ze nu volop voor een solocarrière waarmee ze zich als één van België’s strafste performers profileert. In september kwam haar uitstekende EP ‘BADA BING! BADA BOOM!’ uit, dat ze gisteren in een uitverkochte AB Club kwam voorstellen.

In mei 2018 gaf Kreusch in de Rotonde haar solo live debuut en zette ze er een show van jewelste neer, waar we nog steeds graag aan terugdenken. Anderhalf jaar later heeft ze dus eindelijk een eerste project gelost, dat uiteraard een belangrijke rol in haar nieuwe show speelt en haar muzikaal nog iets breder opstelt. “Please To Devon”, toen al een orkaan van een nummer, wervelde al vroeg door de boxen en zorgde voor de juiste vaart dankzij een slimme opbouw.
Het podium was druk bevolkt, want naast vier muzikanten had ze eveneens vier fantastische dames achter een micro staan die haar muziek nog een voller karakter gaven. Eefje De Visser en Justine Bourgeus vervoegden hun beste vriendin op het podium en leken vrede te hebben met een plekje als backing vocal. Ze deden het dan ook ontzettend goed en klonken in bijvoorbeeld “Just Like a Fyah” heerlijk opwindend. Nooit namen ze de spotlight weg van Sylvie, maar toch waren ze een absolute meerwaarde voor de show.
Niemand steelt de show van Sylvie, zelfs haar vriendinnen op het podium niet. Haar coole attitude en ongelofelijke inleving zorgen telkens weer opnieuw voor hoogtepunten in de set. In het epische “Flaunt It, Try It” liet ze zich omringen door enkele danseressen, zelf noemt ze hen ‘witches’, maar toch trok zij op een charmante manier alle aandacht naar zich. In het onuitgebrachte “Voodoo” kwam ze vocaal ook nog eens extra straf uit de hoek en bleven we aan haar lippen hangen, net zoals in het betoverende “Belle” dat voor een rustige noot in de show zorgde.
Muzikaal kende haar liveshow een echte upgrade in vergelijking met haar eerste shows. “Come Around” begon bijvoorbeeld nog rustig met een saxofoon solo, maar overrompelde door een feeërieke opbouw in het refrein. Wellicht één van haar beste nummers in de live set, wat we ook van “Wild Love” kunnen zeggen. “Wild Love” is nog niet eens uit, maar werd toch tweemaal in een verschillende versie gebracht. Eénmaal deed ze het a capella met een dreigend geluid op de achtergrond, maar vooral de versie van de bisronde kon ons helemaal bekoren. Ster van het nummer is met zekerheid haar stem, want die krijgt er de kans om al zijn facetten te ontplooien.

Sylvie Kreusch is een artieste waar we heel trots op mogen zijn, want haar show en muziek stralen gigantisch veel internationale allures uit. Elk detail is tot in de puntjes uitgewerkt en toch weet ze er een ruw kantje aan te geven door zich extra hard in te leven of vocaal nog eens uit te pakken.
Eén uur en tien minuten hing er een duivelse kracht in de lucht, die zowel angstaanjagend als bloedmooi was en nooit aan kracht moest inboeten. De band bracht haar muziek helemaal tot leven en haar vier vriendinnen waren de perfecte vocale aanvulling.
Een show die nog even zal nazinderen in onze diepe gedachten.

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

White Lies

White Lies - Tien jaar To Lose My Life… vieren

Geschreven door

In 2009 betrad White Lies het muziektoneel met hun debuut ‘To Lose My Life’… Met doorbraaknummers “Unfinished Business”, “Death”, “Farewell To The Fairground” en de titeltrack zetten ze zich meteen op de muzikale kaart en worden ze gebombardeerd tot nieuwe koningen van de indierock. Tien jaar en vijf albums later blijft het oudere werk nog steeds het sterkste wat de band te bieden heeft. Dat laat zich elk concert opnieuw blijken aan de euforie van het publiek bij het horen van deze nummers. De tournee voor laatste plaat ‘FIVE’ zat er nog maar net op of het Britse trio trekt er alweer op uit om de tiende verjaardag waardig in de verf te zetten. Daarbij kon Brussel, de stad waar ze het album destijds opnamen, uiteraard niet ontbreken.

White Lies - Bij het betreden valt meteen op dat vooral frontman Harry McVeigh er duidelijk zin in heeft. De Britten volgen gedwee hun debuut en steken meteen van wal met “Death” en “To Lose My Life”. Veel sterker openen kan bijna niet en eigenlijk een beetje spijtig dat deze twee toppers zo vroeg al de revue passeren, maar zo zit de plaat nu eenmaal in elkaar. “A Place to Hide” is door de jaren heen weggeëbd uit de setlist, maar blaast hier nog eens in volle glorie. Het nummer werd duidelijk gemist want na afloop zingt het publiek de melodie nog na. Van een eerste echt hoogtepunt spreken we bij “Unfinished Business”, de allereerste single ooit van de band. Net zoals op Pukkelpop deze zomer hoor je meteen dat het nummer een speciaal plekje heeft bij het publiek, ‘Let’s dance like we used to!’.
De band verkeert na het uitgebreide touren van de voorbije jaren in bloedvorm. Elk nummer wordt voorzien van een geweldige lichtshow en frontman Harry McVeigh heeft er duidelijk zin in. Dit hebben we vroeger wel anders geweten. Op luid enthousiasme wordt “Farewell to the Fairground” onthaald en zoals gebruikelijk wordt er nog lang na verder geklapt en gezongen. Zelfs bij de immer stoïcijnse bassist Charles Cave kan er een lach af. Een melancholisch startend “Nothing to Give” ontplooit zich in een krachtige instrumentele outro die niet mis had gestaan op de originele versie. Daarmee komen we bijna aan bij het sluitstuk van de plaat. Dit eerste deel van de show wist op enkele rustigere nummers na alvast te overtuigen, maar er volgt nog meer.
‘We’re gonna run through some of our favourites of the other records now.’, verkondigt de frontman. De donkere bombast “Time To Give” bouwt in zeven minuten op naar een climax doorspekt van zang, synths en gitaren. Smaakmakers “Big TV” en “There Goes Our Love Again” brengen het publiek aan het dansen en zingen. Puntje van kritiek is de soms krakende of wegvallende zang bij sommige van de hogere stukken zoals bij “Is My Love Enough?”. Het nieuwere werk kent ook voldoende uitblinkers maar hier en daar zien we de oude fans toch een beetje wegzakken, zo had van ons “First Time Caller” bijvoorbeeld wel achterwege mogen blijven.
Ook speciaal aan de show is het debuteren van single “Hurt My Heart”. Het nummer ontstond in de nasleep van het laatste album en werd nog maar twee maanden geleden op de wereld losgelaten. Minder gekend dus, maar dankzij zijn stevigheid weet het wel te overtuigen. Frontman McVeigh windt met gemak het publiek keer op keer om zijn vinger, zo ook tijdens “Tokyo” wanneer hij in de tekst ‘Bangkok’ vervangt met ‘Brussels’. De band verlaat even het podium en als de kat van huis is dansen de muizen, traditiegetrouw zet het publiek tijdens het wachten “Farewell to the Fairground” nog eens in.
Bij het terug ten tonele verschijnen, worden we verrast met “Taxidermy”. Een oude b-kant die het eerste album destijds spijtig genoeg niet haalde. Een mooie toevoeging voor de echte fans. Harry McVeigh vertelt ons wat een geweldige ervaring het is om hun debuutplaat live te brengen in de stad waar het tien jaar geleden opgenomen werd. En slechts weinig locaties die beter geschikt waren voor dit euvel dan het Koninklijk Circus.

Het beste nummer dat White Lies maakte, komt echter wel van een andere plaat. Steevaste afsluiter “Bigger Than Us” brengt nog een laatste keer de vlam in de pan en zorgt voor kippenvel. Terwijl grote witte ballonnen worden losgelaten, zingt het publiek zich voor de laatste keer de longen uit het lijf.
We zien een tevreden band het podium aftreden na een waardig verjaardagsfeestje. ‘Let’s grow old together and die at the same time!’, als het van ons af hangt met veel plezier!

Setlist: Death - To Lose My Life - A Place to Hide - Fifty on Our Foreheads - Unfinished Business - E.S.T. - From the Stars - Farewell to the Fairground - Nothing to Give - The Price of Love - Intermissie (Space ii) - Time To Give - Big TV - There Goes Our Love Again - Intermissie (Space i) - First Time Caller - Is My Love Enough? - Morning in LA - Swing - Hurt my Heart - Tokyo
Encore/ Taxidermy - Bigger Than Us

Ism Dansende beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics @Pukkelpop 2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/pukkelpop-2019/white-lies-16-8-2019.html
Organisatie: Live Nation

Beoordeling

Charli XCX

Charli XCX moet het hebben van de sfeer en de vrolijkheid van het publiek!

Geschreven door

Charli XCX is al een hele tijd geen onbekende meer. In 2013 scoorde de Britse een monsterhit met Icona Pop. In tegenstelling tot het Zweedse duo wist Charli wel nog verschillende hits te scoren zoals “Boom Clap” en “1999”. De electropop is radiovriendelijk, maar Charli weet zich toch te onderscheiden van de vele andere jonge vrouwelijke artiesten. Eerder dit jaar verscheen het derde album genaamd ‘Charli’ en daarvoor werkte ze samen met een hele hoop andere artiesten. Zo kregen we onder andere Troye Sivan, Lizzo en HAIM te horen, maar ook drag queen Pabllo Vittar en Christine And The Queens maakten deel uit van het album. Vooraleer de show begon waren we nieuwsgierig of één van deze artiesten misschien aanwezig zou zijn. Of zouden we alleen Charli XCX te zien krijgen?

Charli opende met “Next Level Charli” en meteen was de toon gezet. Er was veel sfeer en de AB zong al snel mee. Doorheen de hele avond werd er veel gezongen in de zaal. In tegenstelling tot op het podium wel eens waar. Het was meteen duidelijk dat de zangeres aan het playbacken was. Veel meer dan “Make some fucking noise” kregen we tijdens de eerste nummers niet live te horen. Het publiek trok er zich niet al te veel van aan en de sfeer nam alleen maar toe tijdens “Vroom Vroom” en “Gone”. Beide hits vielen verdacht vroeg in de set en tijdens die tweede kregen we gastzangeres Christine And The Queens niet te zien. De uitgelaten AB leek dit niet erg te vinden en zong dan zelf maar de Franse lijnen uit het nummer. Christine was niet de enige zangeres die afwezig was. Op Charli na kregen we geen enkele andere artiest te zien. Soms zong Charli de tekst van bijvoorbeeld Haim, maar op andere momenten hoorden we pakweg Lizzo haar stem door de zaal galmen.
Lizzo was lang niet de enige die we wel konden horen, maar niet konden zien. Ook de band was reeds in de studio opgenomen en werd hier met behulp van een tape opnieuw het leven in geblazen. De zangeres stond dus helemaal alleen op het podium en vooral tijdens de tragere nummers zoals “I Don’t Wanna Know” en “Toughts” miste we een live band zeer hard. Het zou een aangename afwisseling zijn geweest hadden we eens naar een gitarist of toetsenist kunnen kijken.
Vooraleer u zich afvraagt of er dan helemaal niets live was aan het optreden zeggen we u al dat er soms wel echt gezongen werd. Onder andere tijdens “White Mercedes” hoorde je dat Charli wel degelijk kan zingen. Eens de tragere nummers voorbij waren kregen we terug een tape te horen wat uiteraard een jammere zaak was. Het is niet dat Charli zich aan ingewikkelde choreografieën waagde waardoor zingen haast onmogelijk werd, meestal stond ze vrij stil, zwaaide ze met haar armen of huppelde ze over het podium. Als de zangeres dan toch live zong was het vaak met autotune, dus Charli’s echte stem hebben we live niet al te veel te horen gekregen.
Tussen de nummers door kregen we de zangeres haar echte stem dan wel te horen. Zo bedankte ze de LGBTQ+ gemeenschap voor ze “Shake It” inzette. Een groot deel van de zaal behoorde ook tot die gemeenschap en dus haalde Charli er enkele drag queens bij. De queens hadden een positieve invloed op de reeds goeie sfeer, maar wat waren we blij dat we eens naar iets anders konden kijken dan Charli XCX! De focus lag dan toch niet de hele tijd op Charli zelf,; muzikaal was er wel de klemtoon op ‘Charli’, het album dan. Na “Vroom Vroom” duurde het een uur vooraleer we nog eens een ouder nummer te horen kregen. Tijdens de bisronde kwamen vooral de oudere nummers, maar hits als “Boom Clap”, “Fancy” of “Break The Rules” kregen we niet te horen. Wie zich aan een greatest hits show verwachtte zal op zijn of haar honger zijn blijven zitten.  Afsluiten deed de zangeres met de grootste hit die ze scoorde met dit album. Tijdens “1999” werd er voor een laatste keer gefeest in de zaal.

Charli XCX stond jammer genoeg helemaal alleen op het podium, maar de AB leek dit niet al te erg te vinden. Het publiek at uit de hand van de zangeres en zong maar al te graag mee. De gemiddelde toeschouwer heeft waarschijnlijk meer gezongen dan de vrouw waarnaar we deze avond kwam kijken. Dat er dan ook geen live band was maakt de zaak nog wat meer betreurenswaardiger.
Het optreden was muzikaal geen hoogvlieger, maar de sfeer was wel tip top in orde. Charli liet het publiek makkelijk meezingen, met de armen zwaaien en zelfs in elkaars nek gaan zitten. Dat dit allemaal zo makkelijk ging , lag misschien meer aan het enthousiasme en de vrolijkheid van het publiek zelf dan aan de overtuigingskracht van de zangeres.
Het publiek vierde feest terwijl er op het podium een vrouw stond te doen alsof ze aan het zingen was.

Organisatie: Live Nation + Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

The Bollock Brothers

The Bollock Brothers - Rock’n’Roll met ballen!

Geschreven door

Zaterdag 23 november stond nog eens een echte avond rock'n'roll met ballen op het programma in De Casino in Sint-Niklaas. En neen, het waren geen ijscreme ballen van het nabijgelegen ijssalon Foubert maar echte 'bollocks'!

De legendarische The Bollock Brothers stonden namelijk op de affiche in de stad van de heilige man en local heroes The 5z mochten eerst het publiek proberen in de juiste stemming te brengen.

The 5z is eigenlijk een bende lokale muzikanten die te pas en te onpas optreden, afscheid nemen, terug beginnen en gewoon sporadisch een heel leuke show neerzetten.  Zaterdag was het ook weer prijs, uitgerekend in de zaal waar ze zogezegd hun definitief afscheid hadden gevierd, namen ze weer hun instrumenten van stal en speelden ze de pannen van het dak.  Hopelijk is dit geen éénmalige réunie maar komen er nog dergelijke optredens. Want hun show was goed!  Meer dan goed!  Sterke muzikanten, straffe vocalen en goed gekozen covers.  En bovenal een opvallende frontman die werkelijk een echt podiumbeest (nen beir) is en zich helemaal geeft!  Gekke bekken, 10 wissels van t-shirt en een stemgeluid à la Jello Biafra!  En heel verdienstelijk geflankeerd door een meer ‘normale’ zanger van dienst.
Een diversiteit aan nummers en bands worden moeiteloos nagespeeld en de set vormt een heel leuk geheel van rock, punk en eigenzinnige popnummers.  Wij onthouden vooral een fantastische versie van “Hanging on the telephone” van The Nerves (of Blondie), een keiharde versie van Black Flag’s “Nervous Breakdown”, een snelle en punky versie van “Crazy” van Seal en geslaagde Nirvana cover en een eigenwijze maar smaakvolle herneming van de Joy Divison parel “Transmission”.

The Bollock Brothers gaan al mee sinds 1983 en worden nog altijd geleid door de flamboyante Jock Mc Donald en trouwe makker Chris McKelvey op gitaar.  De hoogdagen van de band liggen al enige tijd achter ons maar met België is er altijd wel een speciale link geweest en gebleven.  De publieke opkomst vanavond was dan ook niet slecht!  De zaal liep zeker niet vol maar was toch behoorlijk gevuld met hoofdzakelijk oude rockers en punkers.  Zo ook de zanger van de Belgische punkband Definitivos gevormd in 1979 en de laatste tijd weer af en toe live aan het werk te zien.  Als je weet dat drummer Patrick Pattyn als rasechte Oostendenaar al jaren deel uitmaakt van The Bollock Brothers is de extra  connectie met ons land nog beter te begrijpen.
Jock zag er goed en gezond uit (63 jaar) alhoewel hij duidelijk slecht te been was.  Zijn outfit in ‘Schotse’ ruit is niet veranderd en zijn specifiek stemgeluid al evenmin.
Wat meteen opviel was de stevige en solide sound die de band neerzette. Geen overheersende keyboards maar in de eerste plaats een vette gitaarsound op de voorgrond, dankzij oude rot van dienst (en notoir Glasgow Rangers fan) Chris McKelvey. Natuurlijk zat hier en daar een behoorlijke portie electro in de nummers verwerkt, echter nooit overheersend maar heel subtiel en zo kenmerkend voor deze toch wel unieke bende muzikanten.
“Woke up this morning, found myself dead” is een treffend voorbeeld van het hierboven beschreven ‘bollocks’ geluid. “Jesus lived 6 years longer than Kurt Cobain” is nog zo’n klepper. Jock vertelde de fans dat dit nummer hen een tour in de US zou opleveren, indien de ‘fucking’ Brexit geen roet in het eten ging gooien. Bij het gekende “The Bunker” trad de toetsenist voor het eerst op de voorgrond. Het hele nummer drijft op een genietbaar keyboardstukje dat vocaal aan elkaar wordt gepraat/gezonden door Dhr. McDonald. “Where is my girl” klonkt heel poppy en groovy en “The Beast is calling” (ook met veel percussie) was dan weer een iets trager nummer maar daarom niet minder aangenaam klinkend.
Halfweg de set werd weer overgeschakeld naar een pittig rockgeluid en nam zelfs gitarist Chris even de vocalen voor zijn rekening. Het resultaat was een knaller van song in ware old school punk stijl. Meezinger “Harley David” en “Henry VIII” volgden in snelvaart en rockten als de beesten.  Daarna was het tijd voor een heel leuk muzikaal moment. Drummer Patrick Pattyn (die banden heeft met het vroegere Nacht und Nebel) eerde met veel overgave Patrick Nebel (blijkbaar was het zijn verjaardag in de hemel) en vroeg het publiek om vocale steun toen hij de grootste hit van Nacht und Nebel “Beats of Love” inzette op drums. Hij nam tevens de zang voor zijn rekening en zorgde, samen met alle aanwezigen, voor een prachtige rock’n’roll versie van deze klassieker. Kippenvel toch wel.  Met een heavy uitvoering van “The Last Supper” nam Jock weer het heft in eigen handen en besloot hij het eerste deel van de set op overtuigende wijze.
Het bisgedeelte kende een vrij voorspelbaar maar niet minder interessant verloop aangezien enkele gekende nummers de revue nog niet gepasseerd waren. “Faith Healer” en “King Rat” werden zeer enthousiast onthaald door de fans en bij een korte ode aan The Sex Pistols, werd de zanger van Definitivos zelfs op het podium gehesen om mee te brullen.  Zijn passage on stage was echter van heel korte duur (10 seconden tijdens “Pretty Vacant”) en tegen het moment dat “God Save the Queen” werd ingezet zat de brave kerel alweer tussen het publiek.  Altijd leuk die nummers van DE punkband bij uitstek, maar weinig origineel en bovendien heeft nooit iemand anders deze nummers beter kunnen brengen dan The Sex Pistols zelf!
Tijd om definitief afscheid te nemen van het Waasland moet Jock gedacht hebben en de band speelde als slot van dit optreden een knappe versie van “Horror Movies”, nog zo’n gekend nummer dat de unieke sound van The Bollock Brothers typeert en de tand des tijds moeiteloos heeft doorstaan.

Verrassend fijn optreden dat mijn persoonlijke verwachtingen ruimschoots overtrof!  Zowel van opener The 5z als van de oude knarren van The Bollock Brothers! Meer van dat!  En dank aan Casino Sint-Niklaas om deze bands te programmeren!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/the-5z-23-11-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/the-bollock-brothers-23-11-2019.html

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Beoordeling

The Monotrol Kid

The Monotrol Kid - Aanstekelijke refreinen gedrenkt in een badje boordevol melancholie

Geschreven door

The Monotrol Kid is het project rond Erik Van Den Broeck. De stijl die ze brengen wordt omschreven als alternatief/Americana/singer-songwriter. De band zag het levenslicht in 2008-2009 en heeft ondertussen een hele weg afgelegd. Het debuut schijfje in 2011 was eerder een singer-songwriter solo plaat, maar vanaf de tweede schijf laat Erik zich omringen door Dries Vanhove op gitaar, Phil Mathuis op drum en Bart Strubbe op bas.
Muzikaal haalt The Monotrol Kid (*****) zijn invloeden uit artiesten als Bon Iver, Wilco en The Jayhawks,  lezen we op de facebook pagina van de band. In een aardig vol gelopen, en wederom zeer gezellig, Café Bonaparte zagen we vooral een band die aanstekelijke refreinen drenkt in een bandje boordevol melancholie. Goed passende binnen de intieme setting in Bonaparte, maar even goed kan het zorgen voor een gezapig rock/folk feestje op één of ander fijn festival. Meteen een hint aan menig festivalorganisator om deze band zeker te boeken in de zomer van 2020.
The Monotrol Kid kwam o.a. zijn nieuwe plaat 'Exhale' voorstellen, en dat is een parel van een plaat geworden neem dat gerust van ons aan.

Een verslag van deze bijzonder veelzijdige avond.
De rode draad in de muziek van The Monotrol Kid is een perfecte kruisbestuiving tussen die bijzonder aanstekelijke instrumentale aankleding , die ervoor zorgt dat je wegzweeft over die walmen van intense melancholie, maar ook lekker staat te dansen tot zelfs lichtjes headbangen. Met daarbovenop een vocale inbreng van Erik. Een man die met zijn stem enorm veel toonaarden aan kan. Enerzijds klinkt die stem breekbaar, zacht en warm zoals op een song als “Cold After Dark” of “Good Enough” het geval is, beide ook te horen op de nieuwe plaat trouwens. Maar even goed gooit hij, gerugsteund door zijn muzikanten - één voor één top virtuozen met hun instrumenten - alle registers open met een bijzonder emotionele vocale inbreng. Waardoor de muren van Bonaparte zelfs lichtjes gaan trillen. Dat voortdurend variëren tussen zowel vocaal als instrumentaal lekker loos gaan, en de aanhoorder kippenvelmomenten bezorgen,  zorgt er dan ook voor dat je van begin tot einde van de avond aan de lippen van de band gekluisterd blijft zitten luisteren en genieten. Erik is bovendien een spraakzame, charismatische frontman die daardoor iedereen uit zijn hand doet eten.
De band speelde een set in twee delen. Dat eerste deel ging eigenlijk nog de iets te gezapige maar daarom niet minder sfeervolle weg op. Na de pauze werden de teugels pas echt gevierd en naarmate de set vorderde werd de lat steeds hoger gelegd tot een wervelende finale, waarbij nogmaals opviel hoe het breekbare voortdurend werd gecombineerd met best energieke rock muziek die aan je ribben kleeft. De band mocht nog terug komen voor enkele bisnummers, en ontving een daverend applaus.  Iedere aanwezige was het er dan ook over eens hier een band te hebben gezien die op internationaal niveau staat te soleren, en het soort typische folk/americana brengt waarvoor ze niet moeten onderdoen voor de grotere namen binnen dat genre integendeel.

Besluit: Het is als band of artiest uiterst moeilijk geworden om met je muziek op te vallen, je ziet namelijk door het bos de bomen niet meer. De releases en nieuwe bandjes swingen dan ook de pan uit, we merken het zelf elke week aan den lijve. Het aanbod is daardoor zodanig groot geworden, dat zoeken naar een uitzonderlijke parel vergelijkbaar is met zoeken naar een speld in een hooiberg. Maar soms doe je onverwachte ontdekkingen, net door het niet te ver te gaan zoeken. In ons geval op een paar honderd meter van de deur.
The Monotrol Kid is een band die door een melancholische aankleding perfect te verbinden met aanstekelijke rock en folk muziek, een zeer ruim publiek aan alternatieve rock fans over de streep zou moeten trekken. In Café Bonaparte zagen we in elk geval een band die beide aspecten zodanig perfect verbindt, dat je enerzijds met een krop in de keel een traantje wegpinkt en later lekker headbangende de neiging voelt opborrelen om compleet uit de bol te gaan. Waardoor een feest ontstaat voor hart en dans spieren. En dat in alle eenvoud en bescheidenheid, want aan sterallures doet The Monotrol Kid gelukkig niet mee. Eerlijk? Dat komen we ondanks onze drukke agenda echt niet elke dag tegen.

Organisatie: Café Bonaparte, Lokeren

Beoordeling

Year Of No Light

Year Of No Light - Een slopende wall-of-sound!

Het is een typische, koude, grillige novemberavond wanneer ik mij begeef naar één van de meest authentieke venue’s in ons Belgenlandje. Als fan vanaf het eerste uur kijk ik hals reikend uit naar vanavond. Want uit ervaring weet ik dat het missen van een Year Of No Light-show ‘much worser’ is dan het missen van de Trans-Siberische trein op een koud, desolaat perron in Rusland. Dit gezegd zijnde… Geef ik jullie mijn korte, maar stevige relaas over Year of no Light’s show.
Ietwat jammer, maar na drie, vrij langdurige sets van de bands Monarch!, Levthm en Absynth bleek er niet zoveel tijd meer over te zijn voor het optreden van Year Of No Light****. Al vanaf de eerste loodzware en snedige riffs werd meteen duidelijk dan YONL trouw blijft aan zijn gekende sound. De nummers bouwen langzaam, maar met dreigende ondertoon op, tot een wall-of-sound dat je meer omver rijgt dan een pletwals zou kunnen doen. Dit patroon herhaalt zich in al hun nummers, maar toch steeds op een andere, complexe manier.
Year of no Light bracht vijf nummers, waarvan drie nieuwe, ongekende songs. De nieuwe songs bliezen duidelijk niet alleen mijzelf, maar ook het gehele publiek omver. Iedereen leek opgeslokt te zijn door het gehele gebeuren en dit zag ik ook duidelijk aan ieders bewegingen.
Year of no Light stelde, zoals altijd, niet teleur en bewezen zich deze avond opnieuw tot één van de grootmeesters binnen het post-metal/sludge genre!
En ik…?
Ik bleef na hun korte maar slopende set achter in een roes, die langzaamaan van mij zou moeten afdruipen.

Pics homepag Frederic Boivin

Organisatie: Magasin 4, Brussel

Beoordeling

The Cutthroat Brothers

The Cutthroat Brothers - Pretentieloze, met bier doordrenkte rock-‘n-roll

Geschreven door

Opwarmer van dienst was Whorses, een viermanscollectief uit Kortrijk aangevoerd door de enthousiasmerende Harry Descamps, zoon van Dick (Ugly Papas, Id!ots,...) en zelf ook gekend van The Lumbers en Gèsman. Whorses viel moeilijk te situeren: noiserock, dat zeker, maar voorts hoorde ik ook krautrock, sludge en zelfs dreampop invloeden. Niet alle keuzes waren even gelukkig maar dankzij die gedurfde variatie bleef het ten minste boeien tot het einde met als constante de immer splijtende gitaren. Harry Descamps bleek een bijzonder gedreven frontman, geboren om op een podium te staan. De passie voor zijn muziek straalde van hem af al bleef het moeilijk om voor een ‘leeg gat’ te spelen. De opkomst was niet bijster groot en de aanwezigen hadden zich dan nog zo ver mogelijk teruggetrokken. Nochtans waren de reacties behoorlijk uitbundig maar de schroom om wat dichter bij het podium te komen was weer onoverkomelijk. Nadat enkele pogingen om het volk dichter te lokken mislukten sprong Descamps dan maar zelf van het podium, met wat feedback als gevolg, om zo de afstand wat te overbruggen. Dat getuigde van een juiste instelling en de nodige dosis lef die de set nog een extra impuls gaf. Whorses, een naam om te onthouden.

The Cutthroat Brothers, met als uitvalsbasis Tacoma, Washington (stad waar ook The Sonics vandaan komen), worden wel eens de Sweeney Todds van de punk genoemd. Nu is Sweeney Todd mij eigenlijk niet bekend maar wat opzoekingswerk leerde me dat Todd ‘the demon barber of Fleet Street’ is, een filmpersonage gecreëerd door Tim Burton. Dat terwijl onze broertjes in het echte leven beiden kapper zijn die ook al eens roekeloos durven omgaan met het scheermes als ik zo hun, met bloed bespatte, shirts bekijk.
The Cutthroat Brothers traden aan in de meest elementaire opstelling: gitaar en drums. Ik hou er zeker van hoewel het zijn beperkingen kent. Jason Cutthroat, die er met zijn priemende ogen veel gevaarlijker uitzag dan hij klonk, ging echter nog een stapje verder door enkel slide gitaar te spelen. Dat terwijl zijn dreinerige stem ook al niet bijster expressief was waardoor ik in het begin wat om mijn honger bleef zitten. Dit klonk me toch wat te mager maar gaandeweg wisten de twee, die ons voortdurend bedankten of uitnodigden om samen bier te drinken, mijn hart toch voor zich te winnen. Daar zorgde in de eerste plaats Donny Paycheck voor, een bijzonder explosieve drummer die niet voor niets vele jaren de vellen roerde bij Zeke, de punkrockband uit Seattle waarmee hij maar liefst elf albums opnam. Verder raakte ik ook steeds meer geïntrigeerd door hun muziek: een mix van no nonsense rock-‘n-roll en uitgebeende glamrock met af en toe een scheut grunge.
Zelfs de stem bleef niet langer een obstakel vormen. In enkele trage nummers klonk Jason zelfs als een aan lager wal geraakte Elvis en daar kon ik alleen maar blij van worden. De Brothers kwamen steeds beter op dreef (daar kon zelfs een stroompanne waarbij de lichten uitvielen niets aan veranderen) en ze hadden er zo te zien tijdens dit laatste optreden van hun tour ongelofelijk veel zin in. Dat werkte natuurlijk erg aanstekelijk maar ook de nummers zelf leken steeds beter te worden. Zo had “Candy Cane” wel een hit uit een ver verleden kunnen zijn. Helemaal op het einde lieten ze die korte, strakke songs voor wat ze waren om wat te experimenteren door The Gun Club aan Bo Diddley te koppelen. Uiteindelijk werden we finaal gevloerd door een moordende versie van “I wanna be your dog” (The Stooges) waarin de gitaar van Jason Cutthroat dan toch plots gruizig kon klinken, wat eigenlijk al veel eerder had gemogen.

Een prijs voor originaliteit zullen ze nooit winnen en de groep die de tegenwoordig zieltogende garagerock weer op de kaart zal zetten zijn ze ook al niet maar voor een avondje pretentieloze rock-n-roll waarbij het met een pintje in de knuist goed shaken was waren we bij deze kappers wel aan het juiste adres.

Organisatie: 4ad, Diksmuide

Beoordeling

Pagina 100 van 386