logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

dEUS - 19/03/20...
Gavin Friday - ...
Concertreviews

Mark Lanegan

Mark Lanegan - Een kerstboom zonder piek

Geschreven door

De Kreun, Kortrijk trakteerde zijn publiek op een schitterend kerstcadeau: niemand minder dan Mark Lanegan kreeg de gelegenheid om een waardig slot te breien aan het jaar waarin hij met ‘Blues Funeral’ nogmaals zijn muzikale rijkdom etaleerde, een jaar ook waarin hij verschillende keren op een Belgisch podium te bewonderen viel. Ons land houdt duidelijk van deze brombeer. Niet te verwonderen dus dat de zaal in geen tijd uitverkocht geraakte. Een beetje jammer dat de Lanegan-liefhebbers in Kortrijk niet de apotheose kregen waarop ze zo gehoopt hadden.

De volledig akoestische set begon met “Cherry tree Carol”, één van de zes kerstsongs die men terugvindt op ‘Dark Mark does Christmas 2012’ (een EP die net als verschillende live-CD’s te koop was aan de merchandising-stand waar Lanegan na afloop signeerde). Na de dezer dagen zeer toepasselijke opener weerklonk “When your number isn’t up”, het lied waarmee het acht jaar oude ‘Bubblegum’ van start ging. Als hij met “One Way Street” uit ‘Field Songs’ (2001) vervolgens nog verder in de tijd teruggaat, besef je dat Lanegan geen zin heeft om veel recent werk te brengen.  Misschien ging men trouwens iets te ver terug in de tijd want er slopen af en toe wat foutjes in het gitaarspel van zijn compagnon. Die songs iets te lang geleden ingeoefend? Ook Lanegan zelf verkeerde het eerste half uur niet altijd in topvorm,  zodanig zelfs dat we tijdens “No easy action” de indruk hadden dat de songtitel betrekking had op zijn zang tijdens datzelfde nummer. Na met “Miracle” en “Don’t forget me” de vier-op-een-rij uit ‘Field songs’ vervolledigd te hebben, werden de fans van Screaming Trees op hun wenken bediend met “Where the twain shall meet”. Nog was de nostalgie naar de ‘Field Songs’-tijden echter niet voorbij want vervolgens weerklonk “Low” waarna er, tot grote tevredenheid van het publiek, eindelijk gegrepen werd naar de parels die op ‘Blues Funeral’ te rapen vallen: “The gravedigger’s song” klonk volledig foutloos, “Phantasmagoria Blues” broeierig als steeds en “Gray goes black” niet zo groovy als op plaat maar toch verdienstelijk. Het hoogtepunt van deze vier-op-een-rij kwam er tijdens “St. Louis Elegy”, het lied met één van de mooiste tekstflarden uit de recente muziekgeschiedenis: “'If tears were liquor, I would have drunk myself sick”. Met “The River rise” uit “Whiskey For The Holy Ghost“ bleef Lanegan in een larmoyante sfeer, om tijdens afsluiters “One hundred days” en het van O.V. Wright geleende “On Jesus’ program” blijk te geven van tonnen geduld bij het wachten op de verlossing door onbereikbare wezens zoals daar zijn de vrouw en god en dergelijke meer.
In de bisronde illustreerde “Field Song” nogmaals dat het duo vooral ‘Field Songs’ centraal stelde. Zowel “Bombed” (uit ‘Bubblegum’) als het van ‘The Winding Sheet’ uit 1990 daterende “Wild Flowers” waren mooi zonder meer. De laatste noot werd geplaatst met “Halo of Ashes” dat in De Kreun uiteindelijk veel minder indruk maakte dan het als opener van “Dust” van Screaming Trees deed. Alhoewel we niet mogen zeggen dat Lanegans kompaan tijdens die afsluiter geen moeite deed met zijn soms naar flamenco neigende getokkel.
‘Blues Funeral’ eindigt zonder twijfel in de hoogte regionen van ons eindejaarslijstje hetgeen we spijtig genoeg niet kunnen zeggen van dit optreden:  mooi maar zeker niet onvergetelijk. Over de setlist viel op zich niet echt te klagen, maar vooral tijdens de eerste acht nummers worstelde de begeleider iets te vaak met zijn instrument en klonk Lanegan iets te bezadigd om van een echt sterke prestatie te kunnen spreken. Nadien kwam er beterschap maar overweldigend werd het eerlijk gezegd nooit. André Hazes zou m.a.w. spreken van ‘een kerstboom zonder piek’.

Vooraf hadden we echter wel het geluk om getuige te mogen zijn van een heel overtuigende passage van Bert Dockx, frontman van Flying Horseman. Een zevental nummers maakten duidelijk dat we van dit supertalent nog niet het laatste gezien en gehoord hebben. De kans is klein dat ‘s mans vernuftige muziek ooit tot commerciële successen zal leiden, maar qua durf, présence en overtuigingskracht hebben we het voorbije jaar niet veel beters gezien dan Bert Dockx in De Kreun. Daar waar Flying Horseman ons enkele maanden terug als voorprogramma van Woven Hand een tikkeltje teleurgesteld achterliet, maakten deze veertig minuten ons opnieuw believers. Heel wat monden vielen open van het indrukwekkende geluid dat zijn gretige gitaarspel voortbracht. De bezetenheid die Dockx bijvoorbeeld aan de dag legde tijdens “Roads” bracht ons tot de heuglijke vaststelling dat we anno 2012 nog steeds kippenvel kunnen krijgen van één man met één gitaar. Eigenlijk niet te verwonderen dat Mark Lanegan niet over de door Dockx zo hoog gelegde lat geraakte …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/marc-lanegan-23-12-12/

Organisatie: Kreun , Kortrijk

Beoordeling

Amenra

Amenra – Alles en Niets, Altijd en Overal

Geschreven door

We maakten de keuze per auto naar de Ancienne Belgique te rijden, en het werd snel duidelijk dat dit niet de beste keuze was. Door het drukke verkeer waanden we ons echter wel even in Parijs.
We missen dan ook het optreden van Oathbreaker, de eerste Belgische band van de avond die de Clubzaal mocht opwarmen. Voor The Black Heart Rebellion plaatsten we ons in de wachtrij om toch iets van het optreden mee te pikken. Ze stonden onlangs nog op het Glimpsfestival in Gent en laten de komende weken nog meer van hun tanden zien in de Muziekodroom Hasselt, De Kreun, Kortrijk en de 4AD, Diksmuide. In 2004 maakten ze hun doorbraak en in januari leveren ze een nieuw album ‘Har Nevo’ af die door niemand minder dan Koen Gisen , partner van An Pierlé werd geremixed. The Black Heart Rebellion is de ruwe stem van  Pieter Uyttenhove ondersteund door stevige rockgitaren en snedige drumritmes. En toen viel het doek over The Black Heart Rebellion en brak het moment aan waar we reeds maanden naar uitkeken: de releaseshow van Amenra.

Amenra is geen muziek voor romantische zielen, noch kan het goed zijn voor diegene reeds aan de rand van waanzin. Amenra wekt een oerenergie op waar enkel de menselijke rede als rem kan dienen om na een optreden deze transcendentale ervaring te containen. Amenra veronderstelt een innerlijk oor om de kracht die hun sound opwekt tot op het bot te ervaren. Amenra overstijgt de menselijke ervaring. Het gaat verder dan puur ervaren, het is de weg van de beleving, het raakt een innerlijk weten. Amenra is existentiële muziek. Amenra geeft de beweging om eerst naar binnen te keren, tot je kern, om kort nadien helemaal buiten de contouren van je fysieke lichaam te gaan, tot alles in het NU samenvalt, en grenzen vervagen. Amenra is dat wat je in een mum van tijd los van jezelf doet komen, een soort instant non dualistische sfeer met de valkuil dat je er eeuwig zou willen in vertoeven.
Ze vragen echter wel een onvoorwaardelijke overgave maar creëren hiervoor dan ook telkens de voorwaarden. Ze nemen je mee naar het zwartste gat ter wereld maar laten je daar niet aan je lot over. Want net in de diepte van de leegte schijnt het meest wonderlijke licht. Als je je overgeeft aan die ervaring, wordt wat op het eerste zicht een duisternis lijkt, een revelatie voor de ziel. Het wonder aan Amenra is dat alles wat ze brengen één geheel vormt. In die zin zijn ze én kunstenaars, én muzikanten én alchemisten. De passie voor zingeving komt bij elk van de bandleden zowel samen als afzonderlijk tot uiting door tal van zijprojecten, zowel op artistiek als muzikaal vlak.
Het is een wederzijds pact waar zielen zichzelf overstijgen en opgaan in een eindeloze duisternis.
Dat het geheel meer is dan de som der delen kondigen ze aan door de tekst ‘Het alles en niets’ te projecteren. Kort nadien verschijnen de zonnegoden der duisternis op het toneel en vuren de eerste nummers op ons af. ‘MASS V’ wordt voorgesteld achter een grijs hekken, een illusoire scheiding tussen band en publiek. Voor zij die meer visueel zijn ingesteld voorzien ze de show van visuals die de leegte van de oneindigheid voorstellen, waar natuurelementen als water en aarde een essentiële rol vervullen. Er is wel degelijk een transformatie te bespeuren in het samenspel van muziek en visuals. ‘MASS V’ is nog meer dan ‘MASS IIII’ scherper qua sound, de visuals zachter van aard. Ze ademen de essentie van muziek uit, wij ademen hun essentie in. Als je je overgeeft aan hun allesomvattende sound word je opgenomen in een volle leegte, waar alle menselijke emoties als een kolkende massa zweven. Ook hun timing –zowel tijdens als los van hun shows- sluit perfect aan bij hun filosofie. Ze bouwen het verlangen op, ze schrijven met hun instrumenten een verhaal die een begin en einde kent maar oneindig is. Ze sluiten af met de projectie van de tekst ‘Altijd en Overal’. Want de ervaring van Amenra ís dat alles en niets, die altijd en overal is.

Als Amenra geen vervuld gevoel nalaat, ligt dat eerder aan de manier waarop je als luisteraar hun tegemoet treedt. Dan heb je de ervaring gemist. Als je gedurende de opbouw van een nummer liever met vrienden praat, dan heb je het geheel van de ervaring gemist. Deze avond was een avond voor de ziel, en vol dankbaarheid keren we terug, reeds uitkijkend naar hun volgende uitverkochte show op 10 februari in De Kreun. Andere cluboptredens volgen! Amenra is tevens ook headliner op de wintereditie van Ieperfest 2013 (16 februari 2013)

Een aftershow werd voorzien door Scott Kelly, beter bekend als de zanger en gitarist van Neurosis. We kozen er echter voor om de intense ervaring van ‘MASS V’ in alle rust te laten bezinken…

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/the-black-heart-rebellion-22-12-2012/ 
http://www.musiczine.net/nl/fotos/amenra-22-12-2012/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Daan

Daan – Zwalpende Daan in Koksijde

Geschreven door

Daan

OLV Ter Duinen kerk
Koksijde

Daan stond met zijn akoestische theatershow ‘Simple’ in de moderne OLV Ter Duinen kerk in Koksijde. Op zijn gelijknamige album nam Daan zowat zijn 'Best Of' van de afgelopen jaren onder klassieke handen. En daarbij spaarde hij geen moeite, de songs kregen vaak een nieuwe en geslaagde harmonie en ademen een ietwat andere sfeer uit. De nummers werden opnieuw opgebouwd rond piano's, cello's, vibrafoons, trompetten, allerhande percussie en hier en daar een verloren gitaar. Live wordt Daan bijgestaan door drumster Isolde Lasoen, toetsenist Jeroen Swinnen en de Franse cellist Jean-François Assy. Aangezien meer dan de halve hand van Daan in de plaaster lag , was er vanavond ook een extra gitarist (Geoffrey Burton) van de partij.

Als jarenlange Daan adept was het uitkijken naar een live show op deze uitzonderlijk locatie en ook Daan leek er in het begin nog wel zin in te hebben. Een simpele, mooie versie van "Exes" gevolgd door het prachtige "A Single Thing" openden. Dan even een verre trip naar een Dead Man Ray verleden met topsong "Woods"; stevig mooi en enig vuil verliest deze niets van zijn kracht in de uitgeklede versie. Dan volgde "Ashtray", een topper uit het album 'Profools', wat mij betreft nog steeds zijn beste soloplaat.
Tijdens deze typische Daansongs werden er eenvoudige maar rake beelden geprojecteerd op de grote witte muur achter het altaar. Met zijn verleden als graficus zijn deze beelden steeds heel eenvoudig en helder, ‘simple’ als het ware, maar daarom niet minder geslaagd.

Muzikaal hadden we jammer genoeg het beste reeds achter de rug. Geen idee of het de drank of de pijnstillers waren, misschien wel beide, maar er was duidelijk iets mis met Daan vanavond. Ik zag de man al vaak aan het werk, zeer vaak zelfs, maar vanavond was toch een eenzaam dieptepunt. Ok, je aparte humor loslaten op een ietwat te chique uitgedost publiek in een kerk ergens in West-Vlaanderen is geen voor de hand liggende opgave, maar daar lag niet echt het probleem. Daan trok zich zoals vaak van weinig iets aan en speelde de avond lang op slechte automatische piloot 'frisse liedjes' en 'leuke hits van enkele jaren geleden', zoals hij het zelf fraai verwoordde, maar fris was hij zelf allesbehalve.
Aan de songs kan het zeker niet gelegen hebben, en ook zeker niet aan de band, met op kop de prachtige Isolde Lasoen. "Wifebeater" en ook "Housewife" werden door de band naar een hoger niveau getild. Deze speelde wel zoals het hoorde; met plezier, precisie en op een tempo dat de frontman nog net kon volgen. Maar tijdens de Neil Young cover "A man needs a maid" werden de gebreken nog eens pijnlijk duidelijk. Niet helemaal tekstzeker, wat kortademig en op zoek naar het juiste tempo.. Ook zijn falsetstem was Daan vanavond thuis vergeten, gelukkig dat Isolde over een prachtige engelenstem voor twee beschikt.
Het hoge niveau van de muzikanten in de band sleurde Daan door deze moeilijke avond, maar legde ook meteen de eigen pijnpunten bloot.
De cellist gaf elke song een ongekende diepgang en dynamiek mee met zijn klassieke geluid en vorming. Isolde gaf het beste van zichzelf op een hele resem slag- en blaasinstrumenten en ook oudgediende Jeroen Swinnen acteerde sterk.

Daan sleepte zich richting einde met ‘Simple’, één van mijn favorieten, de hit "Victory" en "Icon" met een hele mooie western sfeer door de zachte melodie, de samenzang en het ritmische gefluit. Tijdens "Swedish Designer Drugs" leek Daan opeens wat van zijn oude grandeur te hebben teruggevonden en toen hij met Isolde in de biechtstoel verdween leek hij er zelfs helemaal bovenop te komen. Maar tijdens de bisronde kwamen dezelfde problemen toch weer naar boven. "Drink & Drive" liep net als de andere trage nummers vanavond zeer moeizaam en wist nooit te overtuigen.
Het publiek kreeg er nog een vervroegd kerstcadeau bovenop, met een song uit het nieuwe album waar de band aan bezig is, het Franstalige "Ma Vendeuse", maar vertellen hoe die song klonk , kan ik de dag na het concert met de beste wil van de wereld niet meer, rommelig zou ik zeggen, als ik toch iets moet antwoorden. Met "Protocol" schreef Daan voor het ‘Simple’ album ook een nieuwe song, maar ook dat hoefde wat mij betreft niet.


En dan, net wanneer ik dacht dat ik een jeugdheld van zijn voetstuk had zien vallen (en dat letterlijk, na een sprong in het ijle, om daarna met wat hulp van de rest van de band wel weer recht te geraken) kroop Daan met zijn gevolg richting het grote kerkorgel van de OLV Ter Duinen kerk. Daar werd de avond afgesloten met een stevige, prachtige en ontroerende versie van "The Player". Echt een wondermooie versie waar Daan met hulp van zijn band toch zorgde voor een meer dan geslaagde afsluiter, maar om de avond helemaal te redden was het jammer genoeg te laat.
Zo zalfde Daan op het einde toch nog een beetje...jammer dat hij eerst zo wild om zich heen had staan slaan!


Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/daan-22-12-2012/

Organisatie: Fifty One Club Westkust

 

Beoordeling

Ennio Morricone

Ennio Morricone - achter de koele, strenge blik schuilt tevredenheid, warmte en gelukzaligheid

Geschreven door

Ennio Morricone is in het geheugen gegrift; hij is de grootste filmcomponist aller tijden en  één van de belangrijkste hedendaagse componisten . De man die in een tijdspanne van een halve eeuw ruim 400 filmscores creëerde en samenwerkte met de allergrootste regisseurs, dirigeert in het Sportpaleis een uitgebreide bloemlezing uit zijn onverwoestbare werk. De soundtracks en de cinematografie van Sergio Leone is me in mijn jeugd enorm bijgebleven.  De inmiddels 84 jarige Italiaanse componist , geboren in Rome , voelt zich, houdt zich jong en ziet er daadwerkelijk jonger uit.

We kregen op de laatste ‘Night Of The Proms’ al een voorsmaakje maar nu was het
de grootmeester zelf die naar het Sportpaleis afzakte; het grootse Sportpaleis was nu niet eens het decor voor animatie, rock- of danspektakel  , maar was de unieke gelegenheid voor een groots symfonie orkest en klassieke kunst. Tot de laatste stoel bezet voor het bezoek van de ‘Maestro’ en net genoeg om de stapel prijzen van Morricone binnen te krijgen. We plaatsen er enkele in de spotlights: De Gouden Leeuw in Venetië, 5 Oscarnominaties, 3 Golden Globes, 1 Grammy Award en 1 European Film Award. Hij werd zelfs bekroond tot Ridder in de Orde van het Erelegioen. Zijn muziek werd bekroond met 27 gouden- en 7 platinaplaten. En vanavond hadden we de kans , ruim twee uur lang, te genieten van mans muziek .
Hij was hier met ‘Het Orkest Der Lage Landen’, samen met het koor ‘Fine Fleur’; Morricone, een koele kikker -  dat bedoelen we echt niet pejoratief – wat hem typeert, één en al concentratie en weinig emotie tonend.
Het ganse concert was een ode aan bevriende en bekende filmregisseurs. Het begon  met de muziek voor de film ‘The Untouchables’ uit 1987. Een gangsterfilm met grote acteurs als Kevin Costner, Sean Connery en Robert De Niro. Verder een aantal thema’s van het epos ‘Once Upon a time in America’ en een hulde aan regisseur Bolognini. Inderdaad, Ennio Morricone en de link met bepaalde films en acteurs is onmiskenbaar met elkaar verbonden. De strakke  verwevenheid met Sergio Leone is hij inmiddels grondig beu , maar hier werd geschiedenis geschreven , en daar kun je niet omheen . “Ik maakte muziek voor een
handvol films van Sergio Leone en in totaal stond ik wel in voor 500 films, dus er is meer dan Leone”.
Iedereen genoot van die soundtracks van ‘The Good, The Bad and The Ugly’ en ‘Once Upon A Time In The West’. De sopraan van Sussana Rigacci is een monument en is te bewonderen. “The Ecstasy Of Gold” was één brok emotie; zoveel passie en overgave, uniek!
De grootmeester dirigeert op eigenbereide en eigenwijze manier. De composities zijn subtiel uitgewerkt, uitgepuurd en minimalistisch. Het spreekt tot de verbeelding, van “Abollison” tot “Chi Mai” en “Nuovo Cinema Paradisio” , om te eindigen met 3 delen uit ‘The Mission’ uit 1986 .
Een staande ovatie hadden we bij het hernemen van “The Ecstasy Of Gold” en “On earth as it is in heaven”.

Een subliem concert zonder meer , van de ene extase naar de andere. Om kippenvel van te krijgen . Top. Zoals Morricione zegt  “Filmmuziek is pas echt goed als je ook van de muziek kan genieten zonder de film” . En ook al laat hij een strenge , koele blik na, diep vanbinnen ervaar, voel, zie je de tevredenheid , warmte  en gelukzaligheid. Geen twijfel mogelijk, de Italiaanse componist Morricone is een ‘Maestro’ meer dan waardig ; een voorbeeld voor wie ook .

Organisatie: Sportpaleis, Antwerpen

Beoordeling

Arno

Arno op scherp!

Geschreven door

Arno , nog net geen 65, intrigeert al ruim dertig jaar als nachtburgemeester en (ongekroonde) peetvader van de Belpop. Hij is nog niet versleten hoor; samen met z’n vast rechterhand Serge Feys is hij aan zijn zoveelste jeugd toe . Als je de laatste tien jaar eens op een rijtje plaatst, hebben we hier nog steeds een hoop consistente platen , die hij op zijn eigen unieke manier volks en professioneel brengt; een uit de duizend herkenbare , meeslepende, maar evenzeer verrassende sound, met een aanstekelijk pleidooi voor een multiculturele samenleving. ‘Future Vintage’ volgt het twee jaar oude ‘Brusseld’ op .

In de drie landstalen en in een kluwen van een ‘Oostends Brussels’ dialect performt en animeert hij z’n publiek . Hij brengt op een gemoedelijke , humoristische en emotionele manier een verhaal , smijt er een godverdomme tegen aan , stottert , sleept zich voort en rockt gevoelsgeladen met z’n grauwe indringende stem. Hij en z’n publiek worden één.
Met een rijkelijk gevuld oeuvre en met obligate verwijzingen naar TC Matic, zorgt hij voor een afwisselend aanstekelijke, frisse, dynamische, rauwe en intieme, ingetogen set. Hij is klaar om na twee uitverkochte AB concerten , het komende voorjaar van 2013 het clubcircuit en de festivals elan te geven .
In de twee uur durende set kwam natuurlijk het nieuwe materiaal naar boven als een rockende “I don’t believe” , een broeierige “ça plane pour nous” , verweven van de hitsende ritmes van TC Matic en een ingenomen “Dit pas ça à ma femme” . En TC Matic is de bron en zit in de wortels bij de gigs ; het oude “The parrot brigade” werd van onder het stof gehaald, naast “Que pasa” en de obligate “Olalala” en “Putain putain” , die herwerkt werden , het tweede zelfs volledig uitgediept . Het toont nog eens de onmiskenbare invloed van  die band door die smachtende explosieve bluesy en funkende ritmes en grooves aan.
Elke song is emotievol, rauw en doorleefd . De openers “We want more” en “Fantastic” knalden . Hits als “Ratata” en “Je veux nager” zaten mooi verdeeld in de variërende set . Hij pakte verder uit met een ingehouden sober pakkende “Elle pense quand elle danse” , de vaudevile van “Lola” , een stevige “With you” en een extravert bezwerende “Black dog day”.
Z’n familie in de eerste , tweede graad kwam wel ergens eens aan bod , om maar te zeggen hoe persoonlijk Arno kan zijn , met “Les yeux de ma mere” als absolute verlatingsballad .Ook z’n gekende carrousel hoempapa ontbrak niet , “Comme à Ostende” en “Bathroom singer” in de bis maakten het ‘Arno’ plaatje compleet .

Arno is en blijft op dreef. Hij beschikt ‘opnieuw ‘ over een goed op elkaar ingespeelde band, de gitarist Filip Wauters in een glansrol.
Arno speelt tijdloze rock, boeit en heeft een recept in alle talen. Pet af voor deze ‘Fun Lovin’ Criminal’ , nachtraaf en Ostendse Brusselaar , die op scherp staat voor de komende clubtour .

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/arno-20-12-2012/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Beoordeling

Muse

Muse - Indrukwekkend totaalspektakel

Geschreven door

 

Nu U2 voor onbepaalde tijd zichzelf op non actief heeft gezet, is de baan vrij voor Muse om de grootste stadionact van het moment te worden. De band heeft het na 6 platen voor mekaar gekregen om geliefd te zijn bij een heel ruim publiek en dat met een sound die tegelijkertijd bombastisch, episch, alternatief en toch weer helemaal rock is. Hoewel bombastische muziek nooit echt ons ding geweest is gaan wij nog altijd graag plat voor Muse. De band wordt tot vervelens toe vergeleken met Queen, maar de braakneigingen die we spontaan krijgen bij de meeste Queen platen, zijn nog bij geen enkele Muse plaat naar boven gekomen.

Muse had al één en ander bewezen de afgelopen jaren, dus waren de verwachtingen wel heel hoog gespannen. Geen probleem zo bleek, de heren losten die verwachtingen volledig in. Ze hadden er wel een vierde man voor nodig, die hier een beetje in de schaduw stond keyboards te spelen, maar die ons toch vooral onmisbaar klonk. Waarom moest hij eigenlijk zo nodig naar de achtergrond ?
De nieuwste plaat ‘The 2nd Law’ stond vanavond centraal  (niet hun beste, maar toch wederom een indrukwekkend werkje) en de heren startten met “The 2 nd law : Unsustainable” waarin hun geslaagde live interpretatie van dubstep meteen voor vuurwerk zorgde. “Supremacy”, een andere vette kraker uit die nieuwe plaat, volgde en sloeg om in de heftige klassieker “Bliss” uit ‘Origin of Symmetry’, wat tot op heden nog steeds ons favoriete Muse album is. Wij wisten na drie songs al dat het goed zat, dit was een grote band in topvorm, hier was niets aan het toeval overgelaten en ook de sound zat bijzonder goed, wat in het Sportpaleis al wel eens anders kan uitdraaien.
Met het naar INXS neigende “Panic Station” kwam een indrukwekkende visual wall van uit het plafond neergedaald. Met verbluffende beelden van dansende Shrek-achtige marsmannetjes werd de funky sound van die lekkere song nog wat extra in de verf gezet. De uiterst knappe en vernuftige visuals zorgden van dan af het hele optreden door voor een verbluffend spektakel die de epische en stevige sound van Muse alleen maar kracht bijzette.
Het Sportpaleis ging volledig uit zijn dak met het geweldige “Knights of Cydonia”, misschien wel de allerbeste Muse song ooit, die hier ook weer voorzien was van die hemelse Ennio Morricone intro uit “The Man with the Harmonica”. Niet minder dan overweldigend.
We merkten tussendoor wie Matthew Bellamy’s grote voorbeelden waren. In de pianoballad “Explorers” kwam de Freddie Mercury in hem naar boven en in “Madness” waagde hij zich aan een heuse Bono persiflage, inclusief donkere zonnebril. Wetende dat “Madness” eigenlijk maar een bedenkelijke song is, was dit toch voortreffelijk entertainment (nog zo iets wat Muse bijzonder maakt, zwakkere songs worden live altijd naar een hoger niveau getild, zie ook weer U2). Bellamy schitterde vervolgens in het oudje “Sunburn” (uit hun debuutplaat ‘Showbiz’, u weet wel, die plaat met dat eeuwige Radiohead juk) en haalde fel uit in nog zo een onvermurwbare klassieker “Time is running out”, ondertussen deed hij zijn gitaar in alle richtingen open splijten.
Bassist Chris Wolstenholme mocht in het snedige “Liquid State” de vocals voor zich nemen en hoewel hij bijlange niet het stembereik van Bellamy had was het een aangename afwisseling die de song iets punky meegaf.
Misschien toch wat detailkritiek, het luchtige en melige hitje “Undisclosed desires” zal nooit onze favoriete song worden , het nummertje klonk ondanks alweer knappe beeldprojecties nog altijd als een Lenny Kravitz afleggertje.
Na dit te verwaarlozen minpuntje kwam de machine terug helemaal onder stoom met een spetterend “Plug in Baby” en een compleet uit zijn voegen barstend en keihard “The Stockholm Syndrome”.
Alsof we nog niet helemaal overdonderd waren deden in de finale nog drie onsterfelijke klassiekers (“Uprising”, “Starlight” en “Survival”) het boeltje helemaal ontploffen.

Muse was groots en indrukwekkend op alle gebied. In juni komen ze alles nog eens overdoen in Werchter Boutique. Gaan, zou ik zeggen.

En ook met een knipoog, support en bedankt aan StuBru’s Music for Life, jouw herinnering aan ‘de week van dementie’ via het ‘de Betties’ project , aangekondigd door de heren van Muse , een koor geleid door Stephanie Foquet, die vanavond een ongelofelijke ervaring opdeed.

Neem alvast een kijkje naar de pics , een samenwerking van Indiestyle.be (http://www.indiestyle.be) en Musiczine.net (http://www.musiczine.net)
http://www.musiczine.net/nl/fotos/muse-18-12-2012/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/muse-pt-2-18-12-2012/

Organisatie: Live Nation

Beoordeling

John Mayall

John Mayall - Ouwe bluesrat still alive & kicking

Geschreven door

John Mayall is één van de pioniers van de Britse bluesrock. Het legendarische album ‘John Mayall’s Bluesbreakers with Eric Clapton’ is een mijlpaal in de wereld van de blues.
Hoewel John Mayall niet de meest begaafde muzikant of zanger is mogen we hem in bluesrangen toch beschouwen als een begrip. Dit omdat hij een onuitwisbare stempel op de blanke blues heeft gedrukt, en vooral door zijn samenwerking met topmuzikanten als Eric Clapton, Peter Green, Mick Taylor, Jack Bruce en nog een handvol anderen. Vooral zijn sixties werk is essentieel. Daarna maakte hij geen onvergetelijke platen meer, enkel eindeloze variaties op steeds dezelfde bluesthema’s.

Mayall is al die jaren het genre trouw gebleven, en zoals het rasechte bluesmuzikanten betaamt, blijft hij optreden tot hij er bij neervalt. De man is ondertussen al 79, maar op het podium ziet hij er nog behoorlijk kwiek uit. Zijn stem is nog steeds bij de pinken (op enkele uitschuivers na), hij speelt een aardig potje keyboard en gitaar, en vooral met de mondharmonica is hij echt in zijn nopjes.
John Mayall wordt omringd door een feilloos spelende band bestaande uit enkele bedreven gasten die allemaal wel ergens hun strepen verdiend hebben. De Texaanse gitarist Rocky Athas, een jeugdvriend van Stevie Ray Vaughan, heeft wel een beetje te veel macho poeder in zijn gitaar gegoten, hij serveert soms van die smoelentrek bluesrock- solo’s die we al iets te veel gehoord hebben. Beetje overdaad, laat ons zeggen, maar goed, hij kan het wel. Wij vinden Athas trouwens beter wanneer hij zich wat meer moet inhouden, dit bij de songs waar Mayall zelf ook de gitaar ter hand neemt. Zo vormen ze een perfecte tandem in het pareltje ‘Dirty Water’. Ook drummer Jay Davenport en bassist Greg Rzab krijgen hun onvermijdelijke solomomentje in de klassieker “Room to Move”, maar ook dat is wat ons betreft niet echt nodig.
Voortreffelijke muzikanten, daar niet van, maar de drum- en bassolo halen eerder de vaart uit het nummer dan dat ze er iets aan toevoegen. Jammer, want het betekent dat een sterke song als “Room to move” hier overdreven uitgemolken wordt, en doet doe je nu eenmaal niet met goeie songs.
Maar goed, verder valt het viertal weinig te verwijten, want dit is oerdegelijke Britse blues gespeeld met tonnen respect, passie en klasse. De heren weten op tijd te rocken, maar raken ook bijtijds de gevoelige snaar met echte bluesslepers. Dit is anderhalf uur aangenaam bluesvertier waar de aanwezige veertigers ,vijftigers en kersverse zestigers met volle teugen van genieten.

Het bisnummer “All your love” uit die legendarische debuutplaat is de winnaar van de avond omdat daar alles nog eens perfect in zijn plooien valt. Niet te veel franjes, gewoon een prachtige blues/boogie song gespeeld met kracht en overgave.

In het begin van de avond weet de 34 jarige Tiny Legs Tim onze aandacht te strikken, en niet alleen die van ons, ook mijnheer John Mayall staat hier geboeid naar te kijken.
De jongeman (naar bluesnormen een regelrechte snotneus) speelt zeer overtuigend in zijn dooie eentje stokoude blues zoals legendes als Robert Johnson, Son House en Lightnin’ Hopkins het hem hebben voorgedaan. Het is alsof hij met zijn voeten in de moerassen van de Mississippi Delta zit te spelen.
Zijn passie voor de blues heeft voor een deel te maken met zijn ellendig ziekenhuisverleden. De kerel zijn leven heeft aan een zijden draadje gehangen, maar bij een levensnoodzakelijke transplantatie werd de blues meteen mee ingeplant, en nu klinkt zijn werk nog authentieker. Tiny Legs Tim heeft dus reden genoeg om de blues te verkondigen en wij varen alleen maar wel met zo een talent.

Organisatie: Trix, Antwerpen

Beoordeling

Mission Of Burma

Mission Of Burma - more than accomplished

Geschreven door


We zijn Moby best wel erkentelijk voor een hoop toffe dansdeuntjes, maar ook in de annalen van de indierock geschiedenis heeft hij middels zijn remake van “That’s When I Reach For My Revolver” een spoor van betekenis achter gelaten. Zijn versie haalde in ’96 zowaar de UK charts, en liet meteen een nieuwe generatie alternativo’s kennis maken met de originele uitvoerders Mission Of Burma.
In de prille 80ies was dit postpunk gezelschap wereldberoemd in en rond Boston omwille van hun intense live shows, maar platen verkopen deden ze daarentegen niet of nauwelijks. Al vlug bleek dat de Amerikanen hun tijd te ver vooruit waren, en toen hardnekkige tinnitus werd vastgesteld bij zanger/gitarist Roger Miller leek het in ’83 al meteen over en uit voor Mission Of Burma. Het mag dan ook een medisch wonder heten dat Miller en zijn maats twee decennia later de draad terug oppakten, en sindsdien een stuk of vier puike albums hebben afgeleverd. Afgelopen zomer verscheen hun jongste worp ‘Unsound’, meteen reden genoeg voor de overjaarse indiehelden om in een veel te klein busje veel te kleine zaaltjes langsheen het Europese clubcircuit af te schuimen.

De 4AD muziekclub mag best trots zijn dat Mission Of Burma voor een exclusief Belgisch optreden uitgerekend naar Diksmuide kwam afgezakt. De drie oorspronkelijke leden trapten met veel goesting en de nodige portie nonchalance de set op gang met een beperkte bloemlezing uit hun recentste albums. Openers “Good Cheer” en “2wice”, respectievelijk uit ‘The Sound The Speed The Light’ (‘09) en ‘The Obliterati’ (‘06), blonken al meteen uit door het soort strakke rommeligheid waar pakweg Guided By Voices zijn hand niet voor omdraait.
De grondvesten van de 4AD moesten hierbij wel al meteen de nodige decibels slikken, maar Roger Miller lijkt wat dat betreft alvast een pak wijzer geworden. Zo staat Miller tegenwoordig vooral naast en niet voor zijn versterker van jetje te geven, en staat er tussen hem en de drumvellen van Peter Prescott een plexiglas scherm opgesteld die de grootste klappen moest incasseren. Zowel Miller, Prescott als bassist Clint Conley namen afwisselend de vocals voor hun rekening, en alhoewel niet alles even toonvast klonk ging er toch een zekere charme van uit.
Ook anno 2012 sijpelt de hoekige ritmiek van Gang Of Four en de artpunk van Wire nog steeds duidelijk door in de sound van Mission Of Burma. De Amerikanen voegen er echter nog een flinke dosis noise aan toe, en hebben net als tijdens hun hoogdagen een vierde groepslid achter de mengtafel staan die allerhande tapes en loops manipuleert. De plaats van de oorspronkelijke manipulator Martin Swope is intussen ingenomen door Bob Weston, tevens actief bij Shellac en Volcano Suns. Het laten uitdeinen van gitaren tot monotone drones of het saboteren van vocals tot cartoonachtige heliumstemmetjes: Weston deed het allemaal en kwam er nog mee weg ook. Deze en andere grapjes maakten de bijwijlen furieuze postpunk uiteindelijk toch redelijk verteerbaar en onderhielden de ontspannen sfeer gedurende gans de set.
Voor de fans van het eerste uur werd het pas echt genieten toen de groep haar essentiële platen begon aan te boren. Uit de debuut EP ‘Signals, Calls And Marches’ (‘81), verplicht voer voor al wie beweert iets met postpunk te hebben, werden het melodieuze “Red” en het splinterbommetje “This Is Not A Photograph” geplukt. Op het eerste full album ‘Vs.’ (‘82) werd de teneur ineens een stuk grimmiger. Ook in de 4AD behoorde het van die plaat getrokken “That’s How I Escaped My Certain Fate” tot één van de meest intense en noisy momenten van de avond.
Haar eigen geschiedenis indachtig sloot Mission Of Burma het eerste deel van de set af met de single die 32 jaar het vuur aan de lont stak. Op de B-kant de arty uppercut “Max Ernst”, op de A-kant de onsterfelijke punk evergreen “Academy Fight Song” die in een betere wereld minstens evenveel draaibeurten verdient als pakweg “Teenage Kicks” of “Ever Fallen In Love”.

Groep en publiek wisten van geen ophouden wat resulteerde in twee korte bisrondes met vooral wat recenter werk. Als ultieme uitsmijter kwam het trio ineens op de proppen met een flard “Youth Of America” van de onvolprezen Wipers, tijds- en genregenoten van Mission Of Burma die er een al minstens even legendarische status op nahouden.
De muzikale blauwdruk van Mission Of Burma heeft ontegensprekelijk erg diepe sporen nagelaten in het Amerikaanse indierock landschap. Van Hüsker Dü tot Big Black, en van R.E.M. tot Nirvana, allen hebben ze ooit de loftrompet afgestoken over hun helden uit Boston. En ja, zelfs zonder “That’s When I Reach For My Revolver” op de setlist was deze zaterdagavond in de 4AD er alweer één om in te kaderen.

Opwarmers van dienst Movoco kregen eerder op de avond al de handjes van Mission Of Burma op elkaar. Een appreciatie die kan tellen voor dit jonge trio uit Nieuwpoort dat sinds hun gouden plak op de ‘Verse Vis’ competitie van muziekclub De Zwerver gestaag aan de weg timmert. Met hun strakke postpunk en coldwave aangelengd met een ferme scheut shoegaze resideert de groep in hetzelfde straatje als pakweg Swervedriver en vroege Ride. De Wablief?! tent op Pukkelpop als volgende halte op het parcours van Movoco? Het zou mooi en verdiend zijn.

Organisatie: 4ad, Diksmuide

Beoordeling

Pagina 256 van 386