logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
Suede 12-03-26
Festivalreviews

Lokerse Feesten 2011: DAG 05: Triggerfinger – Kyuss Lives! – Airbourne

Geschreven door

Lokerse Feesten 2011: DAG 05: Triggerfinger – Kyuss Lives! – Airbourne
Old school hardrock met een hoog Spinal Tap gehalte, dat was het Australische Airbourne. De heren hebben duidelijk hun inspiratie gehaald bij de hard rock bands uit de jaren zeventig.  Alle clichés van het genre waren van de partij, gierende gitaarsolo’s, Kim Clijsters benenspreidwerk, Farinelli vocals en de nodige “Are you ready Belgium !” kreten. Alleen de spandex broeken ontbraken nog. Herinnert u zich nog The Darkness ? Yep, zo iets, doch wij hadden de indruk dat die van Airbourne het echt meenden. Qua sound en riffs hebben ze zowat alles van AC/DC gejat, maar qua vermakelijk amusement en enthousiaste rock’n’roll scoorde Airbourne een tien op tien. Kortom, wij hebben ons geweldig geamuseerd met die Australische hardrockers.

Als er één groep was die wij op de Lokerse Feesten echt niet mochten missen, dan was dat natuurlijk Kyuss (Lives!). Wat The Velvet Underground heeft betekend voor de alternatieve gitaarrock, dat heeft Kyuss betekend voor de stonerrock. Onze stoutste verwachtingen werden in Lokeren zelfs nog overtroffen, wij vertoefden zomaar eventjes anderhalf uurtje in een andere wereld.
De heren doen het op vandaag zonder Josh Homme, wegens sedert jaren al bij een groepje waar u misschien al wel van gehoord heeft, Queens Of The Stone Age. Dankzij de geweldige gitarist Bruno Fevery hebben wij Homme voor geen seconde gemist. Ook Nick Oliveiri was er niet bij, maar deze werd al even geniaal vervangen door Scott Reeder, destijds ook al zijn opvolger. En we zullen u er maar meteen bij vertellen: Kyuss was weergaloos, fenomenaal, moordend. Het was een tornado die over Lokeren raasde. Wij werden overladen met bulldozers van songs als “Gardenia”, “Thumb”, “Freedom run”, “El rodeo” (hier werden we al helemaal buitenzinnig) en “Green Machine”. John Garcia mag dan al een beetje kilo’s zijn aangekomen, de man was cool as hell en hij evenaarde de groove van Kyuss in hun beste dagen. Want dat was het, een fantastische groovy trip van anderhalf uur die ons fel in de onderbuikstreek vastgreep. Een mens kwam zowaar in trance.
Na die ongelooflijke wervelwind zullen wij onze exemplaren van klassieke albums  ‘Blues for the red sun’, ‘Welcome to Sky Valley’ en ‘…And the circus leaves town’ nog meer koesteren. Wij hopen voor u dat u ook die essentiële platen in uw kast heeft staan, anders zit u verveeld met een serieus gat in uw (rock)cultuur. Kijk, we  hebben de laatste jaren al veel memorabele concerten beleefd, maar deze hier gaan we inlijsten. Amai !

Wie we daar hebben, Triggerfinger. Het kwam niet op een festivalletje meer of minder. Maar er was een hemelsbreed verschil met bijvoorbeeld hun doortocht enkele dagen geleden op Suikerrock. Vanavond was Triggerfinger headliner, een stek die hun echt wel ligt. Het trio was terug in bloedvorm (de vorm van Rock Werchter) en ze klonken hot as hell, met dank aan de perfecte geluidskwaliteit van de Lokerse Feesten. Wij zouden zelfs durven gewagen van een nog straffere set dan die op Werchter. Hier mochten ze uiteraard ook iets langer de boel doen ontploffen, en dat deden ze geweldig. Ruben Block vond het een hele eer op hetzelfde podium te mogen staan als de helden van Kyuss, vandaar dat hij superscherp stond om de stoomkracht van Kyuss te kunnen bijbenen. Triggerfinger bracht tonnen power voort in Lokeren, qua Belgische act vindt u dezer dagen niets beter. Het wordt tijd dat ze dat in het buitenland ook eens beginnen door te krijgen.

Om het er bij de sukkels die vanavond niet aanwezig waren nog eens goed in te wrijven, hieronder de moordende setlist van Kyuss. Om duimen en vingers bij af te likken.

Gardenia – Hurricane – Thumb – On Inch man – Freedom Run – Asteroid – Supa scoop and mighty scoop – Fatso forgotso – Odyssey – Whitewater – El rodeo – 100 ° - Conan Troutman – Green machine

Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

Lokerse Feesten 2011: DAG 04: Erykah badu – Jamie Lidell – Selah Sue

Geschreven door

Lokerse Feesten 2011: DAG 04: Erykah Badu – Jamie Lidell – Selah Sue
Selah Sue - Er is de laatste maanden al wat afgeschreven over Selah Sue. Uw redacteur ter plaatse zag de dame voor het eerst live, en wou dit concert daardoor ook voor geen meter missen. Wie als muzikant /artiest op handen gedragen wordt door zijne hoogheid Prince Rogers Nelson, stuurt hoge verwachtingen de wei/kaai in.
En nerveus was ze zelf ook, gaf ze aan, na een geweldige intro en een eerder shy “fire fire”, waarbij ze solo met akoestische gitaar aan de slag ging.  Het was eigenlijk wachten op “Crazy World” vooraleer de sfeer er echt goed in zat. Fantastisch nummer, die live nog meer tot zijn recht zou komen, als de toetsen vervangen zouden worden door een echte blazerssectie! De kleine opdonder met zwarte fluisterbroek neemt op een onwaarschijnlijke manier het podium in, en doet dit eigenlijk ook met het publiek. Met een cover van Cee-Lo Green (“Please”), valt het concert een stuk terug op zijn gat, tot “Ragga muffi n” voor een tweede orgelpunt zorgt.
Het wicht is op gitaar ook goed bezig, ‘klein ding op groot podium’.
Wat Selah Sue brengt moet ergens het midden houden tussen soul, funk, ragga, dub en reggae. Het zal me worst wezen, want het klonk verdomd goed ginder op de Kaai. Met stip op één was de versie van “Crazy vibes”, met prominente rol voor de drums, en een afsluiter met een unisolo op gitaar (telecaster- what else- en Blackstar amp) en toetsen. De riff zou- volgens intimi – gepikt zijn van een zekere Franz Ferdinand.
Selah Sue gooit grote ogen, ik heb stellig de indruk dat –zij die het kapsel aka vogelnest van Amy Winehouse tracht te kopiëren – heel goed weet waarmee ze bezig is.  Méér van dat mens!

Jamie Lidell - Een 6-koppige band, zonder bassist, maar met 2 gitaristen, percussionist, drums en een prettig gestoorde toetsenist, stonden voor het laatste concert van hun huidig lopende tournee in Europa. Ze hadden er duidelijk zin in, al liet hun openingsnummer dit niet steeds blijken. Even dachten we op een concert van onze bebrilde nachtegaal John Denver te zitten, maar een sterke P-funk compositie even daarna maakte reeds veel goed.
‘Jamie Lidell rocks’, al speelt de mens eerder funk and soul. Hij die ook wel eens door het leven gaat als ‘the white nigger’ zingt, danst, lacht, neemt het publiek moeiteloos in, maar bovenal heeft die man soul in zijn lijf en stem.
Ik heb steeds een ‘less is more’-gevoel, ook bij de bekende hits die hij ten tonele brengt (ja, ’t is soms wat aangenaam theater de vent bezig te zien): “Multiply”, “Another day”,… hij houdt het graag simpel, maar met oog en oor voor detail, zijn stem die hij nu en dan vervormt, en de partijen voor de bas zo voor zich neemt. We hoorden Fender Rhodes, G. Clinton en Bootsy waren nooit veraf. Zo horen we het graag…
Afsluiter “A little bit of feel good” zorgt voor een orgelpunt op het concert. Muzikanten gaan op elkaars instrumenten spelen, en met uitzondering van de toetsenist, gebeurt alles akoestisch en meerstemmig. Lidell maakt er op deze manier een gospel-nummer van. Oja, van gospel gesproken! Zijn versie van “A bridge over troubled water’  mocht er best wezen. Of nee, was het beste dat we in tijden hadden gehoord. Aretha was even in Lokeren.

Erykah Badu - Over deze dame kunnen we kort zijn, want wegens het hoog amusementsgehalte van de show, hebben we de Kaai vroegtijdig verlaten. Ik heb het wat gehad met deze vorm van entertainment. Toegegeven, Badu is een flinke zangeres en – niet onterecht – het laatste decennium uitgegroeid tot een ware diva! Ga er haar CD-releases én verkoop op na, en je zult zien dat dit succes geen toeval is. Wie heeft nu nog géén CD van de dame in huis (‘Badiuzm’)? Organisatoren moeten daarom nog beter uit hun doppen kijken, vooraleer ze zoiets een podium geven. Sterallures zijn nooit een garantie op goeie concerten, dat wisten zélfs wij al een tijdje. Maar enfin, we waren daar nu toch…
De dame liet even (lees: een half uur) op zich wachten, en deed dit in den beginne nog in stijl. Ze liet een Dj opdraven, die af en toe wat bekends op ons los liet (here’s to you Amy!) en het publiek (uitverkochte zaak gisteren voor Badu) wat warm moest maken.
En net toen we dachten dat het écht zou gaan beginnen en de band op het podium kwam, kregen we nog een opwarmertje van een klein half uur, waarbij de band onophoudelijk jamde en de naam ‘Badu’ om de twee seconden op ons los liet. Maar ze hoorde het blijkbaar niet, of was zich nog aan het insnoeren…. Wie zal het zeggen? Dus zette de band dan nog maar een andere versie in van dezelfde intro, en wederom werd haar naam gescandeerd. En daar was ze dan eindelijk! Foute boel, want ze heette iedereen welkom en nam even Lokeren voor Brussels, Belgium. Net toe ze ging gaan zingen, hoorden we een computer afsluiten… ‘Are you shure you want to shut down this computer?’ schalde uit de boxen, en eigenlijk had ik er toen al geen zin meer in.
Goeie muzikanten, dat wel. Maar verschrikkelijk op routine, en ongeïnteresseerde en slecht geklede backing vocals. Badu heeft een gouden stem en met haar afro-negro soul and hiphop R and B, scoort de dame dan ook heel goed. Maar nu moet ze even landen, en niet doen alsof de zon uit haar gast schijnt. Shit, we gingen kort zijn dus…

Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

Lokerse Feesten 2011: DAG 03: Soulfly – Dream Theater – Channel Zero – Thin Lizzy - The Datsuns

Geschreven door

Lokerse Feesten 2011: DAG 03: Soulfly – Dream Theater – Channel Zero – Thin Lizzy - The Datsuns Tien dagen Lokerse Feesten, dat zijn 10 dagen feest met optredens van de meest uiteenlopende artiesten. Zo is het ook stilaan een traditie geworden om een avondje Metal te programmeren. Voor deze derde dag van deze feesten was de muziek voor het eerst een stuk dreigender dan de wolken boven de Lokerse hemel. Een loeiharde, boeiende en toch gevarieerde metalavond met niet minder dan vijf bands.
Momenteel is de site aan de Grote Kaai een grote bouwwerf. Als bij wonder vond men nog plaats om tussen de gigantische bouwputten het grote podium neer te zetten. Bovendien reduceerde dit de parkeergelegenheid in de buurt tot een minimum. Iets wat we aan de lijve mochten ondervinden.
Want de lange zoektocht om een vrije parkeerplaats had als rechtstreeks gevolg dat we de garagerock revival van de Nieuw-Zeelandse band The Datsuns aan onze neus zagen voorbij gaan. Jammer, maar gelukkig waren we voor de Ierse hardrockiconen van Thin Lizzy wel op tijd. We zagen Thin Lizzy al eerder deze zomer op het Rock The Nation festival in Duitsland waar ze toen een vrij matige en slordige set brachten. Deze keer hadden de heren er duidelijk meer zin in wat een veel frissere en enthousiastere set opleverde. Nochtans werd er ook nu op veilig gespeeld en koos men voor klassiekers als “The Boys Are Back In Town”, “Rosalie”, “Whiskey In The Jar” en “Black Rose”. Allemaal weinig verrassend maar het talrijk opgekomen publiek genoot zichtbaar van hun ‘oldschool classic rock’!

Daarna werd er uit een ander vaatje bier getapt. Het Belgische Channel Zero van Franky De Smet Van Damme & co mocht eerder deze zomer toch nog op de affiche van Graspop nadat Ozzy Osbourne had afgezegd. Naar dit optreden in Lokeren hadden ze naar eigen zeggen nog meer uitgekeken. De band die na een comeback ook furore maakt bij het jonge volkje bediende hun metalheads op hun wenken met knappe klassiekers zoals: “Suck My Energy”, “Fools Parade” en “Black Fuel”. Maar evenzeer ging het nieuwe werk zoals “Hot Summer” (nu ja, niet overdrijven hé Franky DSVD!) en “In The City” erin als gesneden Lokerse paardenworst. Overdrijven deed meneer F. DSVD trouwens meer dan eens want ook nu moest hij zo nodig z’n kwade act opzetten en zich afreageren op de onschuldige geluidsmonitors. “It’s All Part Of The Show”. Ik zou toch wel eens willen weten wat de mannen van Soulfly backstage van die show vonden want nu gitarist Mikey Doling (ex-Soulfly tot 2003 en sinds 2009 bij Channel Zero) zich tot de Belgische band toevoegde zorgde dat backstage ongetwijfeld voor wat vuurwerk.

Een gans andere show bracht het New Yorkse Dream Theater. De Amerikaanse progressieve metalband moet het meer hebben van technische hoogstaande, acrobatische instrumentverkrachtingen en gecompliceerde songstructuren. Voor deze passage was het voor de echte Dream Theater fans vooral uitkijken naar de nieuwe drummer Mike Mangini, die jammer genoeg bijna het ganse optreden wat onzichtbaar zat achter de gigantische drumkit met vier basdrums! Vorig jaar verliet immers drumkoning Mike Portnoy onverwacht de band. Als oprichter van de band was sinds het vertrek van Portnoy het voorbestaan van Dream Theater erg onzeker. Alle twijfels werden weggenomen want Mike Mangini bleek meer dan een waardige vervanger en bovendien ging de band van bij aftrap met “Under A Glass Moon” gretig te keer. Zalig om te zien hoe de heren het spelplezier teruggevonden hebben. Bovendien bracht de band een zeer gevarieerde set waaronder enkele DT klassiekers zoals: “These Walls”, “Forsaken”, “Endless Sacrifice” & “Caught In A Web”. Pronkstuk van de avond werd echter de uitvoering van het magistrale: “The Count Of Tuscany”. James LaBrie was erg goed bij stem, wat vaak in het verleden live niet altijd een evidentie was. In september zal ook het nieuwe Dream Theater album (‘A Dramatic Turn Of Events’) verschijnen en daaruit kregen we in de vorm van: “On The Backs Of Angels” nu al een voorsmaakje. Als afsluiter koos men voor “A Great Debate” maar misschien hadden ze om nog wat fans te winnen op dit festival toch beter voor “Pull Me Under” gekozen. Nu bleef hun enige hit in de kast. In elk geval is Dream Theater met Mangini in deze line-up klaar voor de toekomst. Ze beloofden in elk geval al in de nabije toekomst terug te keren om dan hun nieuwe plaat
uitgebreid voor te stellen.

Tot slot moesten we ons ook nog doorheen Soulfly worstelen. De band rond ex-Sepultura frontman Max Cavalera kende de laatste tijd nogal wat problemen. Bassist Bobby Burns verliet de band en werd vervangen door Tony Campos (Static-X, Prong, Asesino, Ministry). Als groepslid van Soulfly was dit z’n allereerste optreden met de band. Verder bleek ook vertrouweling Joe Nunez niet meer achter de drumkit te zitten. In Lokeren zat Max Cavalera’s zoon Zyon achter de drumkit, waar hij trouwens stevig op los beukte. De ritmische trash, groove en death metal van Soulfly is niet meteen spek voor mijn bek maar ik moet toegeven dat het aanstekelijk was om te zien hoe het jonge volkje totaal uit z’n dak ging. De moshende en crowdsurfende jongeren waren niet meer te tellen en vormden op een bepaald moment een gevaar voor de talrijke aanwezige fotografen frontstage. “Roots Bloody Roots” werd keihard meegebruld. Na een klein half uurtje had ik wel genoeg van het wat eentonige gebrul van Cavalera maar een echte slechte afsluiter was Soulfly zeer zeker niet. Al had ik persoonlijk wel liever Dream Theater zien afsluiten.

Lokeren draagt metal in al z’n vormen en stijlen duidelijk in z’n hart. De opkomst was bijzonder groot waarbij verrassend veel jongeren het plein bevolkten voor wat op papier toch een metal affiche was met vooral ‘oude’ bands. Sfeer troef daar in Lokeren op dag 3…..metal rules!


Neem gerust een kijkje naar de pics

Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

Suikerrock 2011: DAG 02: Iggy & The Stooges – Deep Purple - Triggerfinger

Geschreven door

Suikerrock 2011: DAG 02: Iggy & The Stooges – Deep Purple - Triggerfinger
De kwisvraag van de zomer luidt: noem een festival waar Triggerfinger niet op de affiche staat ? Geen mens die het antwoord weet. Bij een band die zoveel speelt kan het dan ook bijna niet anders dat er eens een minder moment zich voordoet.
In Suikerrock zat het Triggerfinger ook niet echt mee. Ruben Block vroeg zich meermaals terecht af waarvoor de lege ruimte voor het podium moest dienen. In Suikerrock noemt men dit ‘The Golden Circle’ en het dient alleen maar om extra geld (15 EUR bovenop de normale ticketprijs !) uit de zakken van de echte fans te halen (en dan voornamelijk de Iggy fans, omdat die weten dat ze daar moesten zijn wilden ze bij the godfather of punk op het podium geraken).  Zo kweekte men een hoop ergernis bij de modale festivalganger en dus ook bij de artiesten zelf. Ruben Block had overschot van gelijk.
Om toch nog even op de set van Triggerfinger terug te komen. Ja, het was alweer strak en hard, maar hun memorabele passage op Rock Werchter stond nog te scherp in ons geheugen gegrift waardoor alles hier een beetje vluchtig aan ons voorbij ging.
Leuke quote: Ruben Block liet Ian Gillan een poepje ruiken door “First Taste”  aan hem op te dragen, wetende dat de veteraan nergens de vocale hoogtes van Block kon evenaren. Even hoopten wij dat Deep Purple later op de avond Ruben Block zou inhuren om terloops even “Child in time”  te komen zingen. Helaas.

Op naar de levende legende dan maar, Iggy and The Stooges.
Iggy had de pech dat alweer een originele Stooge, met name drummer Scott Asheton, omwille van gezondheidsredenen verstek moest laten gaan. Gelukkig was daar qua intensiteit niets van te merken. The Stooges gaven nog maar eens flink van jetje (wij hadden ook niet anders verwacht) en quasi het volledige ‘Raw Power’ album werd er met de nodige branie en de vereiste slordigheid doorgejaagd. Ook wij betreuren het heengaan van oorspronkelijke Stooges gitarist Ron Asheton (nu ook al twee jaar geleden) maar wat James Willamson presteerde was al even smerig, vet en luid.
De rauwe lappen punkrock als “Shake appeal”, “I got a right” en “Search and destroy”  die Iggy Pop en Williamson destijds inblikten klonken nog maar eens genadeloos en brutaal en met de  onvermijdelijke tandem “I wanna be your dog” en “No fun” werd een gevat eerbetoon aan Ron Asheton gebracht. Het viel ons op dat Iggy and The Stooges met hun ‘recht voor de raapse’ oerpunk vooral de jongeren in het publiek wisten te overtuigen terwijl de oudere Deep Purple fans er naar stonden te kijken alsof ze net een stel marsmannetjes uit een vliegende paddenstoel hadden zien rollen. Of hoe de meest rauwe muziek na al die jaren nog steeds verbijsterend en schockerend kan zijn. Het tamme publiek in Tienen bleek nog niet klaar voor Iggy, te veel suiker in hun alcohol ?
Wij hebben i
nmiddels al ontelbare keren The Stooges meegemaakt, het blijft uniek. Nergens zijn de woorden ‘Raw Power’ meer op hun plaats dan bij Iggy and The Stooges.

Van een contrast gesproken. Hierna kwamen de oudjes van Deep Purple. Eigenlijk generatiegenoten van Iggy Pop, maar qua gekte, bezetenheid en muzikale oerinstincten mijlenver van elkaar verwijderd. En we hadden redenen om schrik te hebben, Purple zou aantreden met een symfonisch orkest. Wij hadden al op voorhand ons dafalgannetje  genomen.
Doch, het viel reuze mee. De power van songs als “Highway Star” , “Lazy”, “Strange kind of woman”, “My woman from Tokyo” en “Space Truckin” bleef behouden, het orkest zat de songs nergens in de weg. Bij “Perfect Strangers” bleek de inbreng van de maatpakmuzikanten zelfs een mooie meerwaarde, de song vroeg er als het ware om.
Voor het publiek was Purple zelfs het hoogtepunt, maar dat hadden we al door toen we in het begin van de avond even rondom ons keken. Wij durven hier niet te vermelden wat de gemiddelde leeftijd van dat publiek was vanavond, maar we willen u er bij vermelden dat we ons piepjong voelden. We zijn 45.

Neem gerust een kijkje naar de pics van Iggy & The Stooges, Deep Purple (dag 02) en Moby (dag 03)
 
Organisatie: Suikerrock, Tienen

Lokerse Feesten 2011: DAG 02: O.M.D. – Roger Daltrey - Daan

Geschreven door

Lokerse Feesten 2011: DAG 02: O.M.D. – Roger Daltrey - Daan
De tweede festivaldag van de Lokerse Feesten werd op gang getrokken door DAAN (***). Het Lokerse publiek kreeg als aperitief een bloemlezing opgediend uit ‘Simple’, de muzikale director’s cut waarmee de immer creatieve Daan Stuyven op zoek gaat naar de naakte eenvoud van zijn eigen back catalogue en hiermee afgelopen winter zowat elk theater op Vlaamse bodem liet vollopen.
Tijdens de opvoering van ‘Simple’ dirigeert Stuyven een kamerorkest dat voorts nog bestaat uit klassiek geschoolde cellist Jean-François Assy en Daan’s trouwe sidekick Isolde Lasoen die allerhande percussie beroert. Dat de overstap van het intieme theater naar het woelige stadsfestival niet evident is hadden we op voorhand wel kunnen voorspellen; vooral tijdens de rustige nummers moest het trio optornen tegen het geroezemoes van de ongeïnteresseerde meute, en het duurde tot het vakkundig vertimmerde en aan alle huisvrouwen opgedragen “Housewife” vooraleer Daan & co de verdiende aandacht kregen. Neil Young’s “A Man Needs A Maid” kreeg een fraaie croonerversie mee, en zoals de immer flamboyante Stuyven het zelf al aangaf ontwaarden we in de uitgeklede versie van “Icon” een mooie knipoog naar Dutronc’s “Il Est Cinq Heures, Paris S’éveille”. In de beste traditie van Sinatra & Hazelwood en Campbell & Lanegan sloten Daan en Lasoen de set in grandeur af met een kampvuurversie van “Swedish Designer Drugs”.

De voorste rijen kleurden vervolgens opvallend wit, rood en blauw toen ROGER DALTREY (****) ten tonele verscheen. Ruim 40 jaar na de originele release gaat de modfather dit jaar de boer op met ‘Tommy’, volgens de muzikale overlevering de eerste volwaardige rockopera en het album waarmee The Who in ’69 door de grote poort het rock pantheon kwam binnengestormd.
Het moet gezegd zijn, het ‘Roger Daltrey Performs The Who’s Tommy’ circus kwam in Lokeren maar wat traagjes op gang. Er waren weliswaar de lekkere opwarmertjes “I Can See For Miles” en “Pictures Of Lily” uit de begindagen van The Who, maar Daltrey sloeg vervolgens de bal redelijk mis door een aantal blues- en folksongs te coveren die voor de man een grote inspiratiebron hebben betekend maar voor het gros van het publiek verschrikkelijk overbodig leken. Een valse start noemen we zoiets, want toen na een klein halfuur dan eindelijk “Overture” van ‘Tommy’ weerklonk waren Daltrey & co plots wel bij de les. In een mini versie van de oorspronkelijke rockopera volgden de klassiekers nu in ijl tempo elkaar op: “1921”, “Amazing Journey”, “The Acid Queen”, “Pinball Wizard”, “Tommy Can You Hear Me”, “I’m Free” en het monumentale slotakkoord “We’re Not Gonna Take It” om er maar enkele te noemen. De meeste van deze nummers zijn trouwens uit de pen gevloeid van Pete Townshend die weliswaar zijn zegen gaf aan deze tour maar zijn plaats op het podium liet innemen door diens broer Simon. De fysieke gelijkenis en dito expressief gitaarspel, inclusief het legendarische molenwieken, maakten van Simon Townshend echter een meer dan waardige stand-in voor grote broer. Zij-aan-zij met Daltrey, die zijn gekende kunstjes van het microfoonslingeren duidelijk nog niet verleerd was, werd de magie van The Who bij momenten akelig dicht benaderd.
Na de beknopte uitvoering van ‘Tommy’ volgde nog een heerlijk dessert met het onvermijdelijke “Behind Blue Eyes” en een laid back versie van “My Generation”, maar ook met minder bekende juweeltjes zoals “Going Mobile” en Mose Allison’s “Young Man Blues”. Met het meesterlijke slotopus “Baba O’Riley” bewees de 66-jarige Daltrey dat ondanks een fraaie cover versie van Pearl Jam enkel hij verantwoordelijk is voor de definitieve versie van dit nummer. De modfather beloofde bovendien om binnenkort opnieuw het kanaal over te steken voor de integrale versie van ‘Tommy’, maar als voorproefje kon dit bijna twee uur durend optreden wel tellen.

Ook de feitelijke afsluiter van de avond O.M.D. (**) viel te catalogeren als nostalgie, maar dan van het afgeborstelde en bij wijlen hopeloos gedateerde soort. De groep met roots in Liverpool liet zich in de begindagen als Orchestral Manoeuvres In The Dark nog inspireren door Joy Division en Kraftwerk, maar ging na een paar albums vol vernuftig in elkaar geknutselde synthpop dan toch plat op de buik voor een abonnement op Top Of The Pops en vluchtige hitparaderoem.
De hyperkinetische frontman Andrew McCluskey en diens statische kompaan van het eerste uur Paul Humphreys lieten er geen twijfel over bestaan: vanavond had de groep geen zin in al te veel experiment en zou het publiek op 18 singles worden getrakteerd. De vroegste hits “Enola Gay” en “Messages” staken helemaal voorin de set en kregen wat extra punch door het rauwe basspel van McCluskey. Heel even leken we op weg naar een heel genietbaar optreden, maar de groep viel al vlug uit haar rol toen er werd overgeschakeld naar gladgepolijste hitparadepop. Bovendien probeerde McCluskey zich te ontpoppen tot een vrouwvriendelijke volksmenner genre Bono of Jim Kerr, maar faalde pijnlijk in zijn opzet. Net op tijd herinnerde de groep zich dat ze medio 1981 met ‘Architecture & Morality’ een absolute klassieker heeft gebaard, en werd met “She’s Leaving”, “Souvenir”, “Joan Of Arc (Maid Of Orleans)” en “Joan Of Arc” het beste kwartier van de avond neergezet.
De groep sloot uiteindelijk af zoals ze waren begonnen met een classic uit hun beginperiode. McCluskey ging nog één keer lekker loos op de bas tijdens een fel “Electricity”, en dankzij deze afsluiter kon de groep toch met enigszins opgeheven hoofd Lokeren verlaten.

Van magistraal (Daltrey) over meeslepend (Daan) tot matig (OMD): met de balans van de tweede dag Lokerse Feesten zat het wel snor.

Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

Lokerse Feesten 2011: DAG 01: Goose – Kelis – Primal Scream – Das Pop

Geschreven door

Lokerse Feesten 2011: DAG 01: Goose – Kelis – Primal Scream – Das Pop
Lang leve het oude en eenvoudige concept van de LF! Geen 250 groepen door je strot geramd op drie dagen, maar 45 acts netjes na elkaar en verspreid over 10 dagen.  Onze hoofdredacteur was zo goed om mij de eerste dag naar Lokeren te sturen waardoor ik  mijn favoriet Iggy and The Stooges moest missen. Maar het is hem nu al vergeven…  We hebben kunnen genieten van een puike openingsdag met weliswaar een ietwat tam publiek dat ondanks de kwaliteit heel  moeilijk op te warmen bleek.

Het plein was nog gezapig aan het vollopen toen DAS POP alle registers open trok. Bent had een heerlijk fout pakje met dito zonnebril aan en had al ras elk hoekje van het podium verkend om ons te kunnen ophitsen. Als een ware volksmenner, met meestal grappige maar ook pikante bindteksten liet hij nummers als “Kiss is not a crime”, “Fools for love”, het Beatles-eske “Flowers in the dirt”, “You” en “Can’t get enough of your love” op ons los. Je zou ervan versteld staan hoeveel pareltjes Das Pop al heeft geschreven.  Het publiek moest en zou meegaan en dit is dan Das Pop ook enigszins gelukt. Dat Van Looy een groot performer was, wisten we al en werd bij deze nogmaals bevestigd.  De band brengt melodieuze songs ( da’s pop, hé) ondersteund door een  gedreven percussie en explosieve eindes. De drummer slaat er niet bepaald naast . Met “Can’t… kregen we een heuse apotheose toen Bent na het gooien in het publiek van gigantische dobbelstenen de drummer vervoegde en ze met tweeën het drumstel zowat naar de kl**n speelden. Het makke publiek kreeg het eindelijk warm. Toen begon het zowat oude wijven te regenen en waren Bent en Co eraan voor de moeite.

Een kwart eeuw geleden richtte de voormalige drummer van The Jesus and Mary Chain  Bobbie  Gillespie Primal Scream op om vijf jaar later het baanbrekende ‘Screamadelica’  uit te brengen, een duidelijk onder invloed geschreven conceptplaat die psychedelica, elektronica en indierock mooi met elkaar  verzoende.  Nu twintig jaar later kwam Primal Scream dit nog eens clean overdoen. Met opener “Movin’ on up” , met een heerlijke souldiva, werd de toon gezet: Bobbie laat de muziek voor zich spreken, trekt zich het ene moment niets aan van het publiek om dan aan de andere kant al het mogelijke te doen om dat (weer afgekoelde) publiek mee te krijgen.  Het gitaarwerk is duidelijk geschoeid op de leest van hun grote helden: The Rolling Stones . Zoals Keith en Ron hun solo en slaggitaarwerk  subliem aan elkaar uitwisselen, gaan Robert en Andrew krek hetzelfde doen. De boel viel even stil met een ingelast en fout gebracht stukje “Who Do You Love” van Bo Diddley, maar we konden genieten van enkele hoogtepunten (vooral het onverslijtbare “Loaded”) en  een onvervalst indierock apotheose. Als kers op de taart kregen we nog “Rocks”, niet uit ‘Screamadelic’a, wel uit ‘Give out but don’t give up.’ Dit laatste weze een boodschap aan het publiek.

De laatste cd ‘Flesh Tone’  van Kelis was niet veel soeps en er werd terecht gevreesd voor een minder concert. Muzikaal gezien kunnen we absoluut niet van een optreden spreken. Alles valt te herleiden tot één beat. Er stond slechts één volwaardig instrument op het podium: Een drumstel. Die arme drummer heeft dus drie kwartier lang –gelukkig duurde het optreden niet langer- hetzelfde moeten drummen. Alles werd ondersteund door een blonde dame die ervan overtuigd is dat ze ooit mooi was en nog steeds is en die een aantal knoppen , pc’s, samplers  en allerlei bediende. Kelis zelf droeg een flauw tijgerpakje, heeft wel een goede stem en komt zeker in aanmerking om wereldkampioen-serieus-in- het-publiek-kijken-terwijl-men-zingt te worden .  Vreemd genoeg droeg het publiek deze uit fake en plastiek opgetrokken dance act op handen, ook al vertelde Hare Arrogantie dat ze niet voor het publiek was gekomen, maar het enkel voor zichzelf deed.

Tornado Goose moest nog beginnen toen het publiek reeds uit volle borst “Synrise” aan het scanderen was. En daarmee begonnen onze voormalige rock rally winnaars ook.  Een heel zacht begin met dat fameuze riedeltje van “Synrise”, om dan enkele seconden later de boel te doen ontploffen om niet meer los te laten. Toepasselijk was hun tweede dan ook “Can’t Stop me now”. Jonge en oude nummers wisselden elkaar  af met als resultaat een zeer uitgekiende, gedreven set zonder maar een zwak momentje te bespeuren.  Reken daar nog een uitstekend artwork en decor bij en je weet al dat deze Kortrijkse knapen hun wervelende passages van eerder (Werchter) met de vingers in de neus overdeden. Het ietwat tamme Lokerse publiek is zonder veel moeite klaarwakker geworden.
Ja, Dave en Co, The States are ready to have Goose.

Organisatie: Lokerse Feesten, Lokeren

Tomorrowland 2011 – zondag 24 juli 2011

Tomorrowland 2011 – zondag 24 juli 2011
'Yesterday is History, Today is a gift, Tomorrow is Mystery'

Piepkleine zonnestraaltjes kruisten het pad van de voorspelde regen. Op de manier konden we ongestoord ons muzikaal danstraject afleggen.

We startten in het sprookjeskasteel waar vandaag Paul Van Dyk presents Evolution zou afsluiten. Ons eerste optreden was Rank 1. Het Nederlandse duo bestaande uit Piet Bervoets en Benno De Goeij ontstond in 1998. In 2000 kwam hun eerste grote plaat uit, ‘Airwave’. In vele landen is dit een nummer 1 hit geworden. Veel meer zijn ze gekend voor hun remixen. De meest gekende hiervan is deze van Cygnus X – “Superstring”. De laatste tijd toert Piet Bervoets alleen rond als Rank 1 dj … Ook op Tomorrowland dus … Hij begon met een sterke intro. Vlotte mixen hoorden we en hij bracht een combinatie van trance, hard trance en vocal trance. Geassisteerd door 2 dansende elfjes kreeg Piet het publiek aan het dansen. De laatste festivaldag was ingezet!

Om de laatste slapers uit onze ogen te halen trokken we naar de Q-dance. Daar was Technoboy al een tijdje bezig. Met een gemiddelde van 140 tot 160 beats per minuut, mag je er zeker van zijn dat die laatste slapers verdwenen waren! De beats knalden uit de boxen, de reusachtige clown als decor was indrukwekkend en de man met de micro zweepte de meute nog meer op. Het jonge publiek kwam hier duidelijk aan hun trekken. Jump, tekstyle en hardstyle waren de voornaamste kenmerken.
De clownsneuzen en de plastieken hamers die ze hier uitdeelden zag je overal aan elk podia. Zo zag je wie zich op de dreunende bassen van Q-dance had gewaagd aan een bijhorend jumppasje. Na een kwartiertje kwamen onze trommelvliezen (zelfs met gehoorbescherming!) in opstand en zijn we een stapje verder gegaan.

Om even tot rust te kunnen komen na dit muzikaal gedreun, zijn we naar de tent van M-Nus gegaan. Daar was Heartthrob bezig. De Amerikaanse dj had er zin in en trakteerde ons op een heuse techno set. Toch was de sfeer relaxed en kwam de muziek soms loungy over. Dit was ‘onthaasten’ en ‘chillen’. Een mooie lichtshow was al mogelijk op dit moment van de dag in de tent …

Dan naar Smash the house. Onze eigen ‘waar zijn de handjes’ dj Regi kwam opdraven. Moet deze man nog voorgesteld worden? Hij, de frontman van Milk Inc. die nu al een paar jaar het Sportpaleis met ongeveer 16000 mensen heeft doen ontploffen … Niets aan te merken van zijn commercieel gericht Milk Inc; op Tomorrowland haalde hij vooral zijn vocals, dubstep, groove en house platen boven. Hij creëerde een leuke en hippe sfeer op zijn ‘klein eilandje’. Klein minpuntje was dat hij een te grote naam op een te klein podium was. Op en rond het ‘klein eilandje’ hadden veel mensen postgevat en was de doorgang uitermate moeilijk.

Dan holderdebolder richting Mainstage waar Chuckie als op 2 na laatste het avondgedeelte voor zijn rekening nam. De zon begon er helemaal door te komen, al was er toch een koude Noordenwind te voelen. Toch waren er nog altijd ‘die hards’ aanwezig die in ontbloot bovenlijf aan het feesten waren. Deze Nederlandse dj, met Surinaamse roots heeft niet echt gekende nummers uitgebracht. Zijn ‘Nu ga je dansen kl**tz*k” wordt op het einde van een boerenfuif al eens gespeeld om de laatste dronken bezoekers aan het dansen te krijgen. Op Tomorrowland zorgden zijn house beats ervoor dat de Mainstage in vuur en vlam stond. Hij is een echte publieks-dj. Hij voelde perfect aan wat het publiek graag wou en zweepte ze echt op. Hij had in zijn set zoveel zelfvertrouwen gekregen, dat hij er zelfs een elektronische drumsolo tegenaan gooide! Het startsein van de ‘Mexican wave’ door het veld en de Mainstage volledig klaar te maken voor de ‘Ster van de Dag’ ( of van de 3 dagen?), David Guetta …

Inderdaad, Mister Tomorrowland himself, David Guetta … De Franse dj (die eigenlijk half Belg is, want zijn moeder is een Belgische) had bij ons zijn grootste successen in 2009. Met zijn “Sexy bitch” stond hij 37 weken in de Ultratop 50 met zelfs een nummer 1 notering. We waren wat terughoudend en op onze hoede wegens misschien wat te overroepen, maar meteen werden we overtuigd van het tegendeel! Hij hitste meteen de menigte op, hij verwelkomde ons persoonlijk en vroeg om ‘Zijn Feestje’ nog beter te maken dan zijn ‘Beste Feestje’ dat hij ooit gehad had van Tomorrowland 2010! Hij haalde alles uit de kast en bracht z’n  publiek in extase. Hij speelde het veld letterlijk plat. Hij stopte de muziek even en vroeg iedereen te zitten. Gedwee werd hij aanhoord! … Hij liet de beats weer uit de boxen knallen en het was net alsof een doelpunt gescoord werd in een voetbalmatch! Iedereen schreeuwde het uit, sprong recht en begon weer te dansen!
Hij bracht ook nog enkele nummertjes uit de binnenkort nieuwe CD. “And the crowd just loved it”!
In de 3 dagen hadden we nooit zoveel volk gezien aan de Mainstage. Er kwam zelfs extra security aan te pas om alles in goede banen te leiden. Jammer voor de StuBru luisteraars want die konden niet genieten van de show, gezien er geen toelating was stukken van z’n set uit te zenden.

Afsluiten deden we bij Paul Van Dyk en niet bij de 2Many DJ’s. De Duitse levende trance-legende mocht zijn eigen feestje komen afsluiten in het fabuleus kasteel. Daar had hij de leden van zijn eigen ‘Evolution’ label uitgenodigd en hen gevraagd een stevig feestje te bouwen. Bij ons is hij niet zo gekend, enkel zijn nummer “For an angel” werd een hit.
Hij begon met een kwartier durend vuurwerk, dat synchroon met de muziek, de lucht werd ingeschoten. Wat een spektakel! Anderhalf uur zweefden we  tussen de trance, vocal trance en techno die Van Dyk uit zijn mouw schudde. Het publiek genoot er intens van, gezien dat het ook de laatste momenten van Tomorrowland 2011 waren.
De bars gingen al vroeg dicht en er kon enkel nog geluisterd en gedanst worden op z’n muziek. Hij bouwde op naar een climax, kippenvel kregen we, de haren op de armen kwamen recht en … hier en daar zag je al een traantje rollen, tot plots… er een elektronisch defect optrad in het mengpaneel van de dj. Tot 3x toe! De defecten zorgden voor een abrupt einde van dat feestje. Een forse domper op de feestvreugde dus, maar ok, moe, voldaan verlieten we het natuurdomein …

Deze editie was uitermate geslaagd! Recreatiedomein De Schorre is en blijft een toplocatie om het festival in te organiseren. De verschillende soorten muziekstijlen en - genres vormen  een surplus. De catering en de diversiteit van ‘festivalfood’ was leuk en van erg goede kwaliteit. De vele bars en de eetgelegenheden op het domein maakten het je makkelijk. De security, in grote getale aanwezig, en de politie boden een veilig gevoel.
Enkele groeipijnen moeten nog doorprikt worden aan het groot geworden festival , o.m. aan de ingang schuilden er onduidelijkheden, wat wat wrevel veroorzaakte. Ook de wegbewijzering in Boom zelf kon beter … ‘Richting Sounds en beats’, zeker? Tot slot, valt er te werken aan de hoge consumptieprijzen?, tja dit ‘beestje’ kennen we ook bij de andere grootse festivals …

Organisatie: Tomorrowland

Tomorrowland 2011 - zaterdag 23 juli 2011

Tomorrowland 2011 - zaterdag 23 juli 2011
‘Yesterday is History, Today is a gift, Tomorrow is Mystery’

De tweede dag startte aan het kasteel, de plaats waar we dag 1 eindigden.  Het concept van I love the 90’s  was er neergestreken  en dj Ward gaf de aanzet. Hij is vooral gekend van de I love the 90’s parties en de Q parties. Midden de jaren 2000 vormde hij samen met Peter Luts de dj-formatie ‘Groovewatchers’. Hun bekendste nummertje was “Up & Down”. Hij zorgde hier voor een retro-house setje. Een genre rekening mee te houden, gezien het de laatste jaren in de lift zit en dit was te zien aan de ambiance van het talrijke publiek op het ‘vroege uur’ . Om 21h30 was  hij zelfs opnieuw aan het werk!  

Vervolgens zagen we Above & Beyond, 2 vrolijke gasten achter de draaitafels … De Cosmic Gate was gestart en Tomorrowland zal het geweten hebben! Weinig een duo gezien die zelf zeer veel plezier beleefden! Ze bouwden een feestje voor zichzelf, het publiek was er voor te vinden en feestte mee. De Duitse formatie, bestaande uit dj Bossi en Nic Chagall, hebben ook hun eigen muziek geproduced. Met het bekendste liedje “Fire Wire” hebben ze nog de top 10 gehaald in de hitlijst van het Verenigd Koninkrijk. De 2 heren hebben al op elke feestje, festival of discotheek gespeeld en stonden vandaag mooi op Tomorrowland. Hier speelden ze een setje doordrenkt van de trance. Ze gooiden het ene nummer na het andere in de arena en het publiek ging helemaal uit de bol!


Daarna terug naar I love the 90’s, waar dj Ward een setje van 3.5 uur besloot (respect!) en hij plaats maakte voor  de Marshall Masters, bij ons in de jaren negentig vooral bekend met  liedjes “Don’t touch that stereo” en “I like it loud”. Marc Acardipane, zijn echte naam, is één van de grondleggers van het hardcore genre. De ganse Thunderdome- en gabbers hype is daaruit voortgevloeid. Hij heeft het allereerste hardcore nummer geproduced: “We have arrived”, maar wel onder een andere naam, Mescalinum United. We hoorden geen al te verrassende set. Zijn meest gekende nummertje moest voor de ambiance zorgen, maar na 10 keer “I like it ‘LOUD’” te hebben geroepen, had een mens er wel genoeg van. Velen zochten andere beats op. Zijn set duurde dan ook maar een half uur. Achterna gezien niet echt verwonderlijk, gezien hij bijna continu dezelfde liedjes speelde, telkens in een andere remix.

Na een goed avondmaal (Btw de catering op Tomorrowland is trouwens subliem!) trokken we naar 1 van de kleinste podia op Tomorrowland, Cafeina. Daar heerste een apart ‘clubbing’ sfeertje. De Nederlandse dj Gregor Salto houdt er iets unieks op; moeiteloos voegde hij er een reggae vibe of een jazz tintje aan toe. Hij bracht voldoende afwisseling en kleur aan de voornamelijk op house gevulde set …

Dezelfde lijn was er met de Shapeshifters. Zij waren aanwezig op Krush club invites defected in the house. Shapeshifters zijn een Brits duo (Simon Marlin & Max Reich), die hun grootste hit hadden in 2004 … “Lola’s theme” stond toen 19 weken in de Ultratop 50. De set was alvast andere koek, meer ‘deep house’, de ideale ‘uitblazer’ om het geweld aan de Mainstage te trotseren .


De eerste grote regenbui verwelkomde Martin Solveig op de Mainstage. Zijn “Hello” opende de set, en deed de plensbui vergeten ! De Franse dj heeft al een pak wereldhits op z’n naam. In het begin van zijn set gebruikte hij er enkele om het publiek warm te krijgen, o.m. “Hello”, “Big in Japan” en “Ready to go”. Dan haalde hij verschillende stijlen en invloeden, van hiphop, rock en R&B, aan om zijn set compleet te maken. Vernuftige mixes, technisch onderlegd, en de ene wat meer geslaagd dan de andere.

De regen was al verminderd toen Dimitri Vegas & Like Mike er aan begonnen. Zij hadden dit jaar de eer om de officiële Tomorrowland anthem te maken, getiteld “The way we see the World”, in samenwerking met Afrojack en Nervo. De Belgisch/Griekse tweelingbroers hadden hun dikke Adidas jackets aangetrokken om de Mainstage in vlagen volledig plat te spelen. Telkens Like Mike de micro naar zijn mond bracht, mocht je er prat op gaan dat er een dansbaar nummertje zou gespeeld worden! Zelfs de hiphopstyle in hun set, werd helemaal goedgekeurd door het publiek. Maar toen ze Edith Piaf’s “Non je ne regrette rien” speelden, waren we eventjes verbouwereerd … gingen ze hier uit de bocht?
Beiden hebben op Tomorrowland al een grote status opgebouwd, wat dan makkelijk door de vingers kan worden gezien. Klap op de vuurpijl was het spetterende vuurwerk die de performance helemaal compleet maakte! “Leave the world behind” van de Swedish House Maffia sloot af en effende het pad voor dj Tiësto.


Dj Tiësto is overgestapt naar een House repertorium in plaats van z’n vroeger gekende Trance stijl. Op Tomorrowland bleek duidelijk waarom, gezien House commercieel gezien veel aantrekkelijker is geworden dan trance. Tijs Michiel Verwest (echte naam van Tiësto) is al enkele jaren de titel van beste dj ter wereld kwijt en op de Mainstage ervaarden we het pijnlijk. Hij is gekend voor zijn spectaculaire intro’s maar vanavond was het allemaal zeer braafjes en pover! De anders generieke dj stond veel stil en er zat geen schwung in. Een routineuze set die weinig Tiësto-voeding had van vroeger. Ziekjes? Hij probeerde zich te herpakken met zijn eigen “Love comes again” maar het kalf was al half verdronken en de sfeer was er deels aan. Ok, de remix van Eurythmics – “Sweet dreams”, voorbij halfweg,  injecteerde opnieuw om het publiek te entertainen en te bewegen , om er toch nog een geslaagde afsluiter van te maken. Met een paar van zijn eigen creaties als “Lethal industry”, “Traffic” en “Adaggio for strings”  was de sfeer en de set weer optimaal en konden we moe, uitgeregend én voldaan naar ons tentje dansen .

Organisatie: Tomorrowland

Pagina 109 van 143