logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Epica - 18/01/2...
Stereolab

Pien Feith

Tough love

Geschreven door

Is haar intrigerend debuut ‘Dance on time’, foei!, aan onze neus voorbijgegaan, dan staan we duidelijk stil bij de tweede cd van het Amerikaanse Pien Feith , die samen met haar muzikale partner Melvin Wevers een broeierig ‘tweede’ album uitheeft , ‘Tough love’ . De dwarse, hoekige sound is nu meer gelaagd , gevarieerd en toegankelijker zelfs , en verliest zijn eigenzinnig trekje niet .
Dromerige , sfeervolle , trippende en ingetogen (‘80s) synth/soulpop siert het werk . Op de eerste songs “At the blow up”, “ I can’t hustle , I can”  groovet Pien Feith, daarna gaat het tempo naar omlaag en komt de intieme aanpak naar boven ; romantisch materiaal bijna sprookjesachtig zelfs , hoor je het op nummers als “Money not people”,  “Invisible man” en “Snap out” .
Een natuurlijke, oprechte plaat is het geworden, die “Tough love” , en het doet goed stil te staan bij dit fijne geluid van Pien Feith …

Purling Hiss

Water On Mars

Geschreven door

Purling Hiss is de band achter gitarist/songwriter Mike Polizze. ‘Water On Mars’ is reeds hun vierde worp, en ’t is er eentje van goudwaarde, een rijk gevarieerd fuzzrock gitaarplaatje met enkele welgekomen rustpunten. Het schijfje klokt af op amper 33 minuutjes en dat heeft zo zijn effect, u zal geen enkel ogenblik door verveling overmand worden, integendeel, dit smaakt naar meer.
Het is al meteen prijs met de furieuze opener “Lolita”, een snerende song met ware Nirvana allures. Mike Polizze heeft zo nog een paar indrukwekkende grote voorbeelden : The Lemonheads en Dinosaur Jr. waaien rond in “Mercury Retrograde”, The Pixies zijn binnengeslopen in “The Harrowing Wind” en er zit een Velvet Underground angel in het zeven minuten durende “Water On Mars”.
Door een licht psychedelische toets en de freaky gitaren heeft Purling Hiss wel wat raakpunten met de nieuwe lichting fuzzy garagerockers als Mikal Cronin, Ty Segall en Thee Oh Sees. Als het even wat rustiger en zweverig wordt (“She calms me down” en “Mery Bumble Bee”) dan komen ook de Allah-Las in de buurt. Allemaal heerlijke bandjes, en wij zijn maar wat blij om Purling Hiss aan dat lijstje toe te voegen.

Savages

Silence Yourself

Geschreven door

Vier gedreven meiden die met een indrukwekkend stuk post-punk solliciteren naar de titel ‘plaat van het jaar’, het is ongetwijfeld één van de belangrijkste muzikale feiten van het jaar.
De dames menen het en ze zullen er verdomd niet ver naast zitten, want dit is een broeiend, spannend en opwindend album. Het viertal wist ons al te overtuigen met hun fenomenale live set tijdens Les Nuits Botaniques, een legendarisch concertje dat wij niet gauw zullen vergeten, de plaat grijpt ons al even hard bij het nekvel.
Tot vervelens toe wordt deze meidengroep telkens weer in één adem genoemd met Siouxsie & The Banshees, en dat komt voornamelijk door de ingrijpende en frontale vocals van de voormalige Franse actrice Camille Berthomier. Maar wij kunnen ons geen Siouxsie album voorstellen, met uitzondering dan misschien van ‘The Scream’, die even doortastend en krachtig is als deze ‘Silence Yourself’.
Madame Berthomier heeft verder trouwens de overtuigingskracht van Patti Smith, een grote dame die wij een heel stuk hoger inschatten dan Siouxsie. Het uiterst intense “Husbands” is een ferme knipoog naar Smiths geweldige statement “ Horses”.
De plaat bruist echter over gans de lijn, er is geen inzinking te bespeuren. Er gaat voortdurend dreiging en zinderende spanning van uit, soms luid, kwaad en agressief (“Shut Up”, “City’s Full”, “No Face” en de punk opdonder “Hit Me”) en elders dan weer onderhuids en sluimerend (“Waiting for a sign”, “Marshall Dear”).
Er zitten eighties echoes in de gitaren en in de diepe en donkere bastonen (Joy Division komt al eens om de hoek luren), maar dit is toch vooral een zeer eigentijdse plaat van een stel straffe meiden die maar al te goed weten waar ze naartoe willen.
Een kopstoot van een plaat.

The Thermals

Desperate Ground

Geschreven door

Bij The Thermals kennen ze maar één richting en ‘t is dezelfde van The Ramones, rechtdoor. ‘Desperate Ground’ is 26 minuutjes ongecompliceerde punkrock verpakt in 10 potige uppercuts met een knipoog naar The Buzzcocks. Nog beter nieuws is dat de plaat terug in de buurt komt van die eerste twee rauwe werkstukjes ‘More Parts per Million” en “Fuckin A”. Een paar keer wordt het tempo gedrukt maar de mot komt er nooit in te zitten.
Frontman Hutch Harris houdt er vocaal steeds de vaart en melodie in en de songs zijn met zijn allen even efficiënt als ze simpel zijn. Kortom, The Thermals zoals we ze graag hebben. En zoals we ze zullen bezig zien op Boomtown op 24/07.

Thee Oh Sees

Floating Coffin

Geschreven door

Wie Thee Oh Sees al eens live uit hun dak heeft zien gaan, weet hoe moeilijk het moet zijn voor die gasten om de intensiteit van die live optredens op plaat te zetten. Toch zijn ze daar met ‘Floating Coffin’ in geslaagd. Het is een album geworden die al de fijne en gepeperde ingrediënten van Thee Oh Sees in zich draagt, wilde fuzzy pop en onstuimige garagerock met ongeveilde psychedelische randjes en uit de bocht scheurende gitaren. Er is weer flink wat koffiegruis tussen de gitaarpartijen geslopen, de keyboards zijn in een vuile sixties waas gehuld en er wordt wederom naarstig buiten de lijntjes gekleurd. Dat maakt het geheel net als op hun vorige platen fris, zeer levendig en avontuurlijk.
Er wordt gestuiterd en hard doorgerockt in “I come from the mountain”, “Maze Fancier” en “Tunnel Time” en het is heerlijk uitfreaken op “Toe cutter/Thumb buster”, “Night Crawler” en “Sweets Helicopter”. Na al het smerige gitaargeraas is het wiegeliedje “Minotaur” een welgekomen afsluiter van een alweer bijzonder en geweldig Thee Oh Sees album.

Kadavar

Abra Kadavar

Geschreven door

Als u denkt dat u hier naar de nieuwe Black Sabbath zit te luisteren zullen we u dat heus niet kwalijk nemen, want meer retro dan dit kan je uw hard rock niet krijgen dezer dagen. Zelfs de hoesfoto lijkt te zijn genomen 40 jaar geleden, de langharige Duitsers Kadavar presenteren zich hierop als hard-rock neanderthalers die in de jaren zeventig zijn blijven hangen. En zo klinken ze ook, hun titelloze debuutplaat van vorig jaar zat al stevig verankerd in de prille seventies, deze ‘Abra Kadavar’ is gewoon het logische vervolg erop. Riffs uit het stenen tijperk, solo’s uit vervlogen tijden, psychedelische acid uitstapjes, wijde broekspijpen, lang sluikhaar en baarden waar een familie spreeuwen zich kan in huisvesten. Een sound die men dezer dagen ook kan horen bij Graveyard, Rival Sons en Radio Moscow, retro als de pest maar uiterst aangenaam vertier.
De heren mogen dan al met een knoert van een seventies fixatie zitten (met Black Sabbath en Pentagram als voornaamste ijkpunten), ze zijn verdomd goed in wat ze doen, dit is oerdegelijke prehistorische rock die teruggrijpt naar een tijd dat men de term metal er nog niet voor uitgevonden had.
We hebben de nieuwe Sabbath nog niet gehoord, maar we twijfelen er sterk aan of die even sterk zal zijn als ‘Abra Kadavar’. En nu gaan we ons haar laten groeien.

Beach Fossils

Clash the truth

Geschreven door

Het Amerikaanse Beach Fossils uit New York heeft Dustin Payseur als centrale spil . Eerder maakte Zachary Cole Smith , nu DIIV, nog deel uit van de band , en ook de bassist begon iets anders .
Beach Fossils brengt korte puntige ‘60s rock’n’roll dreamsurfpop door die rinkelende gitaarlijntjes en reverbpedalen . Af en toe klinkt het (mes)scherp , snedig en rauw zoals op de titelsong , met een knipoog naar “Holidays in the sun” (Sex Pistols ) , “Careless”  en “Caustic cross” , maar overwegend hangt het kwartet ergens tussen Real Estate en The Drums en zijn oude indie bands als The Chills en The Feelies invloedrijk .
Energieke , bruisende , levendige dromerige en relaxte songs wisselen elkaar af . 14 songs in vijfendertig minuten , dan weet je het wel zeker …

Iggy and The Stooges

Ready To Die

Geschreven door

The Stooges zijn legendarisch geworden omwille van drie platen ‘The Stooges’, ‘Funhouse’ en ‘Raw Power’, drie essentiële lappen rockgeschiedenis die met de jaren zo een icoonstatus hebben verworven dat ze nooit meer te evenaren zijn. De reïncarnatie van The Stooges heeft vooral een paar interessante live registraties opgeleverd die eveneens onmisbaar zijn, want alle live opnames uit de seventies zijn van een zodanig erbarmelijke geluidskwaliteit dat er nauwelijks naar te luisteren valt. U bent dus beter af met de vastlegging op CD en DVD van de legendarische passage in 2005 op de Lokerse Feesten dan met bijvoorbeeld de krakkemikkige bootlegsound van ‘Metallic K.O’.
Nieuw Stooges werk is echter iets waar een mens zijn vingers aan verbrandt, zeker wanneer men dat afweegt tegen die 3 rauwe brokken oerkracht van meer dan 40 jaar geleden.
‘The Weirdness’ was al een bedenkelijk plaatje waarbij we meermaals de wenkbrauwen fronsten, ‘Ready to Die’ is in hetzelfde bedje ziek als zijn eerder overbodige voorganger. Wat wil zeggen dat The Stooges nog wel steeds een potente sound afleveren, en dan niet in het minst gitarist James Williamson, maar dat de songs alweer te licht uitvallen. Er zit gewoon geen song meer van het kaliber “No Fun”, “Search & Destroy” of “I wanna be your Dog” in Iggy’s zwaar geteisterde brein. Kunnen we ’t hem nog kwalijk nemen ? ’t is al een wonder dat de man überhaupt nog leeft.
We zullen het u gemakkelijk maken, zet een viertal songs op uw ipod en de rest mag bij het huisvuil. De stevige opener “Burn”en zeker “Job” zijn smerige lappen rock die de naam Stooges waardig zijn, de titelsong drijft op een bronstige gitaarlick en “Dirty Deal” is een potige en heftige rock’n’roll song. Voor de rest varieert het van banale rockers die de grijze middelmaat niet overschrijden (“Gun”, “DD’s” , “Sex and Money”) tot schaamteloos slechte crooner escapades (“Unfriendly World”, “Beat that guy” en het afschuwelijke “The Departed”) waarmee Iggy zich regelrecht belachelijk maakt. Met zijn laatste abominabele solo uitstapjes als ‘Preliminaires’ en ‘Après’ in gedachten hadden we eigenlijk al zo iets gevreesd.

Ondanks alles blijven we onvoorwaardelijk fan van Iggy & The Stooges, al was het alleen maar omwille van de uiterst dynamische en immer explosieve live gigs, zo ook op de komende Lokerse Feesten op 3 augustus.

Pagina 303 van 460