Het Depot Leuven - concertinfo 2026

Het Depot Leuven - concertinfo 2026 events 02 + 03 + 04-04 Metejoor (ism Live Nation) 05-04 Dub unit 06-04 The Damned 08-04 Luna 10-04 What-U-On-About: Enei, Simula, Skeptical 11-04 The Perfect Tool, Bulls On Parade 14-04 Klaas Delrue 50 17-04 Avaion 18-04…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
giaa_kavka_zapp...

The Fuzztones

Preaching to the perverted

Geschreven door

Toen mijn hoofdredacteur mij de nieuwe Fuzztones overhandigde dacht ik eventjes om hem van blijdschap te gaan kussen maar gelukkig voor hem bleef het bij een bescheiden bedankje.
Voor mensen die het nog niet mocht weten, The Fuzztones vernoemden zich ooit naar de gelijknamige gitaarpedaal en sinds 1980 kotst opperhoofd Rudi Protrudi vanuit hoofdkwartier New York zijn rock’n rolldemonen uit op zijn fans die hij vooral op het Europese vasteland lijkt te vinden.
Nou ja, het is weliswaar succes in de underground maar je zal geen enkele garagerockliefhebber tegenkomen die nog nooit van deze legende heeft gehoord, ook al beweerden kwatongen ooit dat deze heren niet meer dan een pubrockbandje waren.
Wij weten echter beter en aan hun ondertussen indrukwekkende discografie kan je sinds kort ook deze ‘Preaching to the perverted’ gaan toevoegen die uitkwam naar aanleiding van hun 30e verjaardag.
Ondanks de bovenstaande euforie vrezen we echter dat de brillantine in hun vetkuiven stilletjes aan verstijfd is geraakt want eigenlijk is deze cd, naar hun normen toch, eerder lauw geworden en dat geeft Rudi op een track als “Old” zelf ruiterlijk toe.
The Fuzztones lijken zowaar hun fuzz te hebben verloren. Maar goed, lauwe soep van een chefkok blijft nog steeds genietbaar.

Triggerfinger

All this dancin’around

Geschreven door

Triggerfinger houdt de snaren strak gespannen. De derde ‘triggert’ in de roos. De drie heren in maatpak en das, zonder scrupules, pluggen hun instrumenten in en hop, ‘let it ride’ … Scherpe rock’n’ roll, retestrakke power, snoeihard, zompig, rauw, ruw, maar met een zacht zalvend randje, een broeierige, slepende intensiteit en een dreigende spanning, onder de doorleefde, grauwe, helse en zwoele stem van Ruben Block.
De carrière van de heren is om U tegen te zeggen, want zeg nu eerlijk, al drie langspeelplaten lang slaagt en overtuigt het trio in potige bezwerende rock’n’roll. Ze konden hun ‘All this dancin’ around’ opnemen in LA , onder de hand van Greg Gordon, (van o.m. Wolfmother en Slayer ) en naar de studio trekken waar Nirvana al kwam. En ze blijven zichzelf en geven zich ten volle. Mooi toch?!
De tijden van rond de kerktoren te staan spelen, zullen definitief voorbij zijn, want Triggerfinger bereikt na Black Box Revelation het brede publiek. Terecht, want de derde cd is een afwisselend plaatje en steekt erg goed in elkaar: rockend, lekker groovy, dansbaar duivels, hitsig, rusteloos, maar ook innemend, spannend en rustig … Knallend, energiek en slepend … van de drie Vlaamse rockmonsters Block - Goossens – Monsieur Paul!
De rock’n’roll goden vuren pistoolschoten af  en dienen mokerslagen toe op “Let it ride” en de titelsong, houden het sfeervol, zwoel en druipend op “All night long” (Ray Charles nummer), “Feed me”  en “Without a sound”. Ze zorgen voor prachtig opbouwend materiaal, die durft te exploderen, als op “Cherry”, “My baby’s got a gun”, “Tuxedo” en “It hasn’t gone away”. Songs om als wolven je wonden af te likken. Straf en aangenaam.
Kortom, ‘All this dancin’ around’ is een meesterlijke derde plaat, mensen!

Horse Feathers

Thistled Spring

Geschreven door

Wonderschone folk/americana met een orkestraal randje horen van het uit Portland, Oregon afkomstige duo Justin Ringle (sing/songschrijver) en multi-instrumentalist Peter Broderick. Dromerige, sfeervolle songs, die door akoestische gitaar, banjo en de zwoele, breekbare en hoge vocals van Ringle worden gedragen.
‘Thistled Spring’ is “een rustieke herfstplaat of voorziet de eerste Lichtmissen van extra klaarte. De heren haalden invloeden van de vorige generatie Great Lake Swimmers, en dringen zich op naast The Low Anthem en Fanfarlo.
De tien songs moeten niet voor elkaar onderdoen en zitten subtiel en fijnzinnig in elkaar. Horse feathers verdient het niet verzwolgen te geraken onder de vele bands van de folk/americana stijl …

Matthew Dear

Black City

Geschreven door

Toepasselijke titel voor de plaat, want de Texaan brengt een donkere, zwarte toon in die electropopgroove en soundscapes. En met een even donkere stem, die soms uit de bocht durft te gaan en weird kan klinken, zoals we het kennen van Liars, dan wordt het helemaal spooky! Onderhuids is er de terechte referentie naar Brian Eno/David Byrne en Talking Heads . Vooral op “Shortwave” en “More surgery”.
De eerste songs “Honey”, “I can’t feel” en “Little people” zijn de barometer door de traag slepende,  repeterende ritmes en het broeierige, kosmische karakter. Toegegeven, niet alle songs houden die aandacht, zijn even intens en raken, maar het levert wel donkere, beklemmende elektronische popliedjes op. Hoewel hij al een paar platen uitheeft, was dit voor ons alvast een eerste aangename kennismaking!

Deerhoof

Deerhoof vs Evil

Geschreven door

Deerhoof is een groep die het reeds 17 jaar weet vol te houden en ook al is er reeds van een personeelswisseling sprake geweest, is het ook steeds een band geweest die kon terugvallen op een vrij ruime fanbasis.
Op zich is dat wel vrij opmerkelijk want er zal geen mens hier op aarde rondlopen die ooit zal durven beweren dat Deerhoof als een makkelijk groepje klinkt want vaak moet je als luisteraar de releases ettelijke keren beluisteren vooraleer je de combinatie van de vele klanken kan ontrafelen en het weet om te vormen tot een luisterbaar geheel.
Beweren dat de nieuwe Deerhoof een poppy album geworden is, zou van het goede teveel zijn maar toch klinkt deze nieuweling een heel stuk toegankelijker ook al blijven we de Japanse kreetjes van Satomi Matsuzaki nog even bizar vinden als al die jaren terug. O ja, is de nieuwe Deerhoof nu goed? Laten we het houden op een leuk tussendoortje!

Anna Calvi

Anna Calvi

Geschreven door

Toen we Anna Calvi aan het werk zagen in het voorprogramma van Grinderman hadden we het al meteen door, dit was een bijzonder vrouwmens waar we mooie dingen zouden mogen van verwachten.
Nu haar eerste plaat uit is wordt zij overal met zodanig veel lof overladen dat ze als het ware als een nieuwe godenkoningin wordt beschouwd. Te veel lof is nooit goed voor een mens, maar ’t is echt wel de moeite. We mogen hier gerust gewagen van een sterk en indrukwekkend debuut.
Calvi’s overtuigende stem klinkt soms wat theatraal maar gaat nooit over de schreef. Zo neigt ze soms naar PJ Harvey of Siouxsie in beteer tijden. Toch is het vooral haar zwevend gitaarspel dat blijft hangen. Dat horen we van meet af aan in de duistere en galmende bluesklanken van de instrumentale opener “Rider to the sea”. De zweverige gitaar kronkelt zich ook een weg doorheen het ingehouden en sfeervolle “No more words” en het bevreemdende “I’ll be your man”. Calvi schittert verder helemaal in het dromerige, ijle en uitermate fantastische “The Devil”, misschien wel de beste song op deze plaat.
Het begeesterende “First we kiss” had volgens ons niet misstaan op Jeff Buckley’s ‘Grace’ , en -misschien zijn we de enige- wij herkennen een flinke portie Chrissie Hynde op “Blackout”.
De spanning wordt tot aan het gaatje aangehouden, afsluiter “Love won’t be leaving” is nog zo’n intrigerende parel met een sluimerende gitaar en bezwerende vocals.
Dit is bijgevolg een schitterend debuut van een geweldige nieuwe madam aan het firmament van de indrukwekkende rockdames.
PJ Harvey kan maar beter opletten, diens nieuwe plaat ‘Let England shake’ heeft ons trouwens niet zo erg geraakt als dit hier. Wij hebben zo de indruk dat Anna Calvi haar grote voorbeelden niet alleen evenaart, maar ze ook nog eens smalend voorbijsteekt.

Wire

Red Barked Tree

Geschreven door

Het inmiddels legendarische Wire mag gerust als een zeer invloedrijke groep beschouwd worden. Een hele resem indie- en postpunkbandjes staan qua geluid bij hen in het krijt, velen zonder het zelf te beseffen. Wire is er zelf nooit rijk van geworden, albums als ‘Pink Flag’, ‘Chairs Missing’ en ‘154’ staan geboekstaafd als klassiekers maar dit heeft zich nooit vertaald in verkoopcijfers. De band is altijd in de underground gebleven en voelt zich daar nog steeds perfect op zijn gemak, net als zanger/gitarist Colin Newman’s nevenproject Githead trouwens, die in 2009 een prachtplaat maakten die door zowat de hele wereld over het hoofd werd gezien, maar niet door ons.
Op de nieuwe ‘Red Barked Tree’ gaan die van Wire alweer volledig hun eigen weg, en dat is er een met een hoop interessante zijweggetjes. De fijne opener “Please take” zit bijvoorbeeld gegoten in een warme en radiovriendelijke poppy sound, maar een station verder horen we grillige nerveuze punk op “Two minutes” en “Moreover”, twee songs die het weerbarstige geluid van Wire, zoals we dat kennen van vroeger, typeren.
Van punk naar wave is maar een kleine stap, songs als “Adapt”, “Down to this”  en “Now was” ( B52’s zijn in de buurt) dragen gedoseerde eighties echo’s in zich. Toch teert Wire geenszins op een retro geluid, de springerige rock van “A flat tent”en de gruizige shoegaze van “Smash” geven hedendaagse groepjes als Arctic Monkeys en A Place to Bury Strangers het nakijken. De titelsong die de plaat afsluit is ook weer van een heel ander kaliber, de heren verkennen de grenzen van de psychedelica en komen op hun pad ergens Syd Barrett tegen.
Een plaat gekenmerkt door diversiteit en veelzijdigheid, op en top Wire dus, verpakt in amper dertig minuutjes eigenzinnigheid.

James Blake

James Blake

Geschreven door

Het zogenaamde dubstep genre is nog niet helemaal tot de muziekwereld doorgedrongen, of vooruitstrevende would-be kenners hebben het al over post-dubstep. En voor het gemak steekt men iemand als James Blake dan maar in dat vakje. Tegelijkertijd heeft men Blake al direct gebombardeerd tot ‘the new thing’ en wordt zijn debuutalbum overladen met de meest lovende recensies. Ons maakt het alleen maar achterdochtig.
Het moet gezegd  -wij zijn ook niet doof-, de jonge kerel had ook al onze aandacht getrokken met de wondermooie Feist cover “Limit to your love”, een bijzonder pareltje, of hoe men met behulp van koude laptops toch een song heel warm kan doen klinken. Het mindere nieuws is dat James Blake dit staaltje maar één keer evenaart, met het al even prachtige “Wilhelms Scream”.
De overige songs zijn minimalistische stukjes laptop plak- en knipwerk maar wij soms nogal wat moeite mee hebben. Ten eerste vinden wij het allemaal nogal depressief klinken voor zo een jonge gast (met de helft van de songs kan u gerust een begrafenis opfleuren) en ten tweede houden wij sowieso nog altijd meer van muziek die met echte instrumenten wordt gespeeld. Deze zijn hier, op een subtiele piano na, echter compleet afwezig en naast wat geknoei op de laptop experimenteert Blake enkel nog wat met zijn stem. Hij gaat hiermee echter te vaak de richting uit van Anthony & The Johnsons, en wil het nu net lukken dat wij niet echt houden van de slijmerige pathetiek van Anthony & The Johnsons.
Buiten de twee eerder genoemde pareltjes staat er dus niets onvergetelijks op deze plaat, maar toch willen wij erkennen dat er in James Blake wel een uniek talent schuilt. Als de man binnen een paar jaar al zijn elektronica het raam uitgooit en een paar warme muzikanten inhuurt zal er gegarandeerd iets moois van komen.
Ook Jamie Lidell werd vroeger op het podium enkel omringd door een batterij laptops en computers, nu treedt hij op met warme muzikanten en de soul druipt er met bakken af. James Blake moet hem maar eens bellen.

Pagina 368 van 460