Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
The Wolf Banes ...

Janez Detd.

Janez Detd - Janez Detd als teletijdmachine

Janez Detd - Janez Detd als teletijdmachine

Vans en DVS’en, te grote klakken, Tony Hawk Pro Skater, een jointje smoren op een lokaal festivalletje, kibbelen over rollementen en ollies proberen op de speelplaats, headbangen op de muziek van je favo punkrockband: Janez Detd bezorgde ons een echte trip naar de late nineties, begin nillies. Toen je nog gewoon fun kon hebben zonder nadenken.

De rewind begon in 1998, het jaar waarin ‘Bleenies and Blockheads’ uitkwam. Nikolas Van Der Veken en de zijnen speelden de plaat integraal en onomwonden. Echte kenners weten dus hoe het optreden klonk. Een razende start met “Kung-Fu vs To-Fu” zorgde ook voor wat problemen met de klank. Moshpits werden desalniettemin gevormd en er werd luidkeels meegezongen met zowat elke lyric, hoe dwaas die ook mag wezen. Gelukkig stonden de betere nummers op het begin van de plaat, waardoor de sfeer direct werd gezet. “Beaver Fever” en “Dorkshire” dreunden lekker door. Drummer Bram Steemans, aka ‘The Machine’ leefde zich helemaal uit tijdens “Saturday”, in die meer dan 20 jaar heeft hij nog steeds niet aan snelheid ingeboet.
Zoals nineties optredens betaamt zorgde Janez Detd ook voor show. Een beetje klungelig wel, net zoals het hoort. Rookgordijnen sproeiden, grote ballonnen werden het publiek in gegooid en er was zelfs een vreemd intermezzo met dansende cheerleaders. Een paar foute moppen gooide Nikolas Van Der Veken nog in de mix; ach ja in 1998 klagen we daar niet over.
Het tweede deel van de plaat was wat meer van hetzelfde, maar toch vaak minder overtuigend. “Walk-A-Way” en “So Thin…” inspireerden niet echt, al zat er in die laatste wel een lekkere drop. Ze eindigden de rewind set met “Victim” en verdwenen van het podium na een 40-tal minuten en bedankten het publiek uitgebreid.
Gelukkig was het een 1 april-grapje. Ex bandleden kwamen tevoorschijn en de punkrockers zorgden voor een gigantische encore met alle hits die we wilden horen. Joeri Van Vaerenbergh sprong de boxen op en af tijdens “Mala Vida”, de Spaanse bulldozer van de band. Die lekkere trompetjes die over de zoals gewoonlijk rockende gitaren gaan, maakten van het nummer een absolute blijver in de Afrekening van 2003. We hoorden ook nog “Rock On!”: zullen we doen Nikolas! En de cover van A-Ha werd nog het meest luidkeels meegezongen van alle songs. De punkversie van “Take On Me” veroverde Vlaanderen twee decennia geleden en is zo fout dat we ons bijna schuldig vinden dat we onszelf luidkeels mee horen kwelen. Dat heet dan nostalgie?
Natuurlijk kregen we ook nog “My Life, My Way” te horen, een nummer met een boodschap die zo ondubbelzinnig is dat het wat dommig klinkt. Het nummer is ook zo, maar de ‘oh oh oh’s’ en kinderstem maken echt alles weer helemaal goed. Het is gewoon een fantastische hit, een oorwurm waarvan we blij zijn dat hij nog dagen in ons brein zal blijven huizen.
Afsluiten deed Janez Detd gelukkig met wat geweld met “Anti-Anthem”, nadat Van Der Veken met “Tonight” nog een kort akoestisch rustpunt had gezet.

We kijken alvast uit naar een volgende trip down memory lane, want wanneer willen we ons niet even terug zestien voelen. Merci Janez Detd!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.net/nl/foto-s/concert/vooruit-gent/janez-detd-01-04-2022.html
Organisatie: Democrazy, Gent

Simple Minds

Simple Minds - Alive and (een beetje) Kicking

Geschreven door

Simple Minds - Alive and (een beetje) Kicking

Dat Simple Minds op vandaag nog het Sportpaleis kunnen doen vollopen, is al een prestatie op zich. Want laat ons eerlijk zijn, na die 5 succesalbums in de jaren tachtig heeft de band nog maar weinig voor mekaar gekregen. Het is nu al meer dan 3 decennia geleden dat ze een deftige nieuwe song uit hun mouw konden schudden. Ze lijken gedoemd om eeuwig te blijven teren op de grote successen uit hun glorieperiode, maar daar liggen ze zelf geenszins van wakker want de kassa blijft na al die jaren nog gretig klinken.

Geen mens in het Sportpaleis die daar trouwens om maalde vanavond. We zagen het voltallige publiek, dat voor quasi 90% samengesteld was uit vijftigers, al collectief denken van ‘als ze maar geen nieuwe songs spelen, want daar zijn we niet voor uit ons kot gekomen’. Geen nood, op dat gebied loste de band de verwachtingen volledig in. Er moesten geen nieuwe zieltjes veroverd worden en de fans gingen al overstag toen de eerste noot werd gespeeld.
In de aanvangsfase werden Simple Minds genadeloos genekt door het alom gevreesde Sportpaleisspook, een erbarmelijke akoestiek. De drums gingen compleet de mist in, de stem van Jim Kerr zat nog vast in de Kennedytunnel en de gitaar was zodanig scherp afgesteld dat we even dachten in een soundcheck van Iron Maiden te zijn beland. Het was des te jammer om een pareltje als “I Travel” kopje onder te zien gaan in een doffe geluidsbrij. Maar er was beterschap op til, vanaf “Glittering Prize” kwam er schot in de Schotten (vergeef ons de flauwe woordspeling) en was de klankman terug met zijn volle verstand bij de zaak. Met “Book Of Brilliant Things” en vooral een pakkend “Belfast Child” werden de eerste hoogtepunten van de avond opgetekend. En dan was het al pauze. Zo gaat dat tegenwoordig met bands op leeftijd, ze spelen in hun eigen voorprogramma en lassen doodleuk een theepauze in.
Deel 2 opende met de geweldige instrumental “Theme From Great Cities”, wat ons betreft één van de absolute Simple Minds toppers. Band en publiek geraakten alsmaar beter op dreef en klassiekers als “Waterfront”, “Someone Somewhere In Summertime”, “Don’t You Forget About Me” en “New Gold Dream” gingen er vlotjes in. De fun en de schwung zaten steeds beter in de lift maar jammerlijk genoeg was de klankman niet altijd even kordaat bij de les. De stembanden van Jim Kerr gingen ook geregeld aan de andere kant van de Schelde zwemmen. Maar dat vocaal minpuntje werd gecompenseerd door een volbloed zangeres die wel een klok van een stem bleek te hebben, wat de dame in kwestie nog eens vetjes in de verf zette met onder meer een mooie verstilde versie van “Speed Your Love To Me”.
In de bisronde werd het feestnummer bij uitstek “Alive And Kicking” gefnuikt door een overdosis handjes klappen, beetje jammer maar Jim Kerr had het wel zelf in de hand gewerkt. Met een wervelend “Sanctify Yourself” als pretentieloze afsluiter was het er wel weer boenk op.

Qua fun en nostalgie was dit een meer dan geslaagde avond, een hoop Simple Minds hits blijven immers onsterfelijk. Maar als we willen spreken over echt onvergetelijke Simple Minds concerten, dan moeten we toch met zijn allen de teletijdmachine in richting eighty one, eighty two, eighty tree, eighty fooouuuur !

Organisatie: Live Nation

Cobra The Impaler

Cobra The Impaler - Laagje op laagje tot het geheel uit z’n voegen barst

Geschreven door

Cobra The Impaler - Laagje op laagje tot het geheel uit z’n voegen barst
Turpentine Valley - Hippotraktor - Cobra The Impaler
Hans Devriendt

Wat een interessante avond met drie bands, Turpentine Valley - Hippotraktor - Cobra The Impaler, die tekenden voor een interessant avondje post/progressive/american (heavy) metal …

Turpentine Valley*** was present als voorprogramma van deze twee bands. Met hun gelaagde, gevarieerde en gevoelsmatige songs wisten ze zeker menig post-metal liefhebber te raken. De band ontstond in 2016 en bracht reeds vier platen uit. Hun laatste langspeler, ‘Alder’, is nog maar twee maand jong. Maar ook live maakten de nieuwe songs duidelijk dat Turpentine Valley intussen een volwassen band is geworden. Hier en daar kon het geluid nog wat bijgeschaafd worden, maar dit wist de sfeer niet te bederven. Hier en daar invloeden hoorbaar van Pelican en zelfs van And So I Watch You From Afar, maar dit vond ik dik oké.

Co-headliner Hippotraktor**** was als volgende aan de beurt. En om eerlijk te zijn, voor hen speciaal zakte ik vanavond af naar de Handelsbeurs. Het progressive metal collectief, met leden van Psychonaut, Before He Shot Her en L’Itch bracht hun debuutplaat ‘Meridian’ uit in oktober 2021, onder het invloedrijke label Pelagic Records. Ondanks gitarist/zanger Sander Rom geen versterking kon geven op gitaar (door een probleem met z’n enkel), werd met het meedogenloze nummer “Manifest the Mountain” de toon voor een verpletterende set meteen gezet. Het gitaarwerk van Chairan Verheyden klonk strak, perfect getimed en gewoonweg virtuoos. In “Mover of the Skies” zorgde een eerste grote breakdown met hellegeschreeuw van zanger/percussionist Stefan De Graef ervoor dat het publiek losbrak. Hun snelle, complexe, poly-ritmische songs volgden elkaar in ijl tempo op en wat moet dat dan niet geven mèt versterking van hun tweede gitarist erbij? Hippotraktor wist mij compleet omver te blazen.

Uiteindelijk was het aan de heren van Cobra The Impaler**** om de avond af te sluiten. Met hun ‘American Heavy Metal’- sound drukken ze misschien nog maar sinds kort hun eigen stempel in de omvangrijke Belgische metalscene, maar aan relevante ervaring en muzikale expertise hoeven de leden van dit collectief alleszins niet in te boeten.  Cobra The Impaler is het geesteskind van Thijs De Cloedt (ex-Aborted, Hæster, Horses on Fire), die wordt bijgestaan door niemand minder dan Megadeth drummer Dirk Verbeuren en andere leden die o.a. actief zijn in BEAR, Soul Grip en Arson.
Van zodra het eerste nummer van wal stak klonk het alsof we gewurgd werden door een grote boa, neen… Cobra constrictor. De gitaren van James Falck en Tace (Thijs De Cloedt) beukten erop los en hun assortiment van sterke riffs en solo’s leek onvermoeibaar te zijn.
De band stond met ongelooflijk veel goesting op het podium en met hun single “Fall of The Forgotten” werd het publiek ook razend enthousiast. Cobra The Impaler kwam, zag en overwon. Check hun debuutplaat ‘Colossal Gods’ zeker uit!

 

Organisatie: Democrazy, Gent

Texas

Texas - Texas forever ‘Southside’ akoustisch + Texas ‘elektrisch’ forever!

Geschreven door

Texas - Texas forever ‘Southside’ akoustisch + Texas ‘elektrisch’ forever!
Vincent Govaert

De banner van het doorbraakalbum ‘Southside’ van Texas stond achter de drumset … Je wist dus wat je te wachten stond, met name de 30ste verjaardag van dit album …met 2,5 jaar uitstel weliswaar door  … je weet naderhand wel …

De CD werd integraal gebracht op een ietwat ingetogen manier, beetje als een huiskamer concert. Bijgevolg, iedereen bleef zitten, publiek als band. Sharleen zong de volledige CD met gitaar in de hand, zonder van haar stoel te komen. Tussendoor maakte ze grapjes over haar Schots accent, dat ze vaak onverstaanbaar is, dat het publiek zo rustig was, tja, precies een meditatie sessie, dat zij het voorprogramma verzorgden van de groep die straks kwam en dat die leadzangeres een verschrikkelijke, onmogelijke 'bitch' was ....
Ze had het ook over het producen van de CD, wie daar wel en niet aan meewerkte, er waren drie pogingen nodig alvorens die op tape kon staan, enz. Verder dat ze in Amerika enkele hits hadden, maar dat niemand hen kende en zeker toen ze zeiden dat ze Schotten waren, schrokken ze .
Mooie verhalen dus om te delen. Indien Sharleen Spiteri geen zangeres was geworden, dan kon ze de wereld rondgereisd hebben als stand-up comediante.
We kregen dus een eerste deel met tien nummers in die prachtzaal, het Koninklijk Circus, uitermate gedurfd en geslaagd. Van “I Don’t Want a Lover” over “Every Day Now”, naar “Faith”, “Thrill has Gone”, “Fool for Love”, “One Choice”, om dit eerste luik af te werken met “Future Is Promises”.
Er volgde hierna een pauze van 20 minuten en iedereen kwam vol goesting terug de mooie ronde zaal in.
En nu is het dan ook gedaan met zitten: “Do you like to party? Noooo, I’ve never seen a party sitting on asses” en hup iedereen recht; mijn buurvrouw werd een beetje ongelukkig, want de lieve dame wou liever blijven zitten en ziet nu niets meer …
Het was van mij geleden van Phil Collins in de Expo Gent, dat er nog eens een artiest een nummer van vooraf aan herbegint. Sharleen dus ook, ze is duidelijk niet gelukkig met het geluid als ze “Summer Son” inzetten; ze herbeginnen, ze geeft ons nog mee dat we zeer verrast zullen zijn met welk nummer ze het tweede deel van de avond zullen starten… Het was niet verkeerd om te starten met een nummer uit hun vijfde plaat ‘The Hush’, hun best verkochte plaat ooit.
We krijgen nog mee dat Texas de eerste keer speelde buiten de UK op … Torhout/Werchter, samen met The Pixies, REM, Robert Cray Band, en dan met hulp uit de zaal , nog met Lou Reed!
We worden nu meegenomen voor een tiental nummers, “Halo” gevolgd door “Hi”, titeltrack uit de laatste plaat, en “In Our Lifetime” tevens uit die vijfde plaat ‘The Hush’.
Op “Mr Haze” moet Brussel dansen, "common I wanna see proper dancing”, gevolgd door “Let’s Work It Out/Rip It Up”.
Als ze start met “When We Are Together”, geeft ze ons nog mee dat ze zich in een oude Griekse arena voelt waar de mensen boven gevaarlijk hoog zitten. Voor “Unbelievable” zet ze alle zorgmedewerkers, voedingswaren-medewerkers, enzovoort in de bloemen want die hebben echt hun leven geriskeerd voor ons. “In Demand” van hun ‘Greatest Hits’ album volgt nu, en is één van de drie nieuwe nummers toen op dat album. Plots is het Koninklijk Circus verlicht door de gsmlichtjes. Net voor “The Conversation” krijgt ze uit het publiek een geschenk in een zakje, een paar sokken, blijkbaar is ze daar heel op gesteld en een brief, die ze voorleest. Het is blijkbaar een goed doel uit Roubaix om de slachtoffers en families in Oekraïne te steunen. Zo is ze dan ook, ze leest heel de brief voor en dan zingt ze vooral en praat niet meer. “Inner Smile” volgt nu, samen met “Say What You Want” van de comeback-plaat van ’97 ‘White On Blonde’, waar ze in de clip een Elvis imitatie doet; later zullen we nog zien dat Texas enorm Elvis fan zijn.
We kunnen zo zeggen dat deel twee hiermee is afgesloten, maar ze geeft al mee dat als we braaf zijn ze nog terugkomen voor ‘one’, ‘two’, ‘three’ nummers.
“I don’t Want a Lover” en “Black Eyed Boy” zijn de laatst eigen nummers en dan, we hoorden het al dikwijls, sloten ze af met “Suspicious Minds” van Elvis himself!
Beetje bizar wat we zien op het podium bij de leden, twee dragen een hoed, iemand een pet en dat voor een band die als frontvrouw een kapster heeft …

Een heel geslaagde avond kregen we . Er was nog een tweede concert in ons landje, Kursaal, Oostende en dan hop naar Amsterdam om dan verder op tournee te trekken. Texas Forever!

Neem gerust een kijkje naar de pics
https://www.musiczine.net/nl/photos/category/1926-texas-18-04-2022
Organisatie: Live Nation

Whorses

Whorses - Een schizofreen is nooit alleen

Geschreven door

Whorses - Een schizofreen is nooit alleen

Bipolair. Zo omschrijven Whorses zelf hun debuutplaat. Eigenlijk platen, want het is een dubbelalbum geworden. Enerzijds snoeiend hard, anderzijds zijdezacht. ‘Slaan’ en ‘zalven’ heet dat dan. Met gepaste trots kwamen ze hun boorling voorstellen inKortrijk. Daarvoor werd alles uit de kast gehaald, en werden er vrienden/gastmuzikanten uitgenodigd. En niet de minste: Leander van het Groenewoud (Alex Verdi, Lee Anderson), Maarten Flamand (The Antler King), Mattias De Craene (Nordmann), en vriend des huizes Pieter-Paul Devos (Raketkanon, Kapitan Korsakov).

Het voorprogramma Whorses zelf - trapte de avond af met “Attitude”. Een wondermooie, in country gedrenkte parel. De eerste set was dus voorzien voor de zijdezachte kant van het album, en vulde het Wilde Westen met een warme gelukzalige gloed. Deze jongens zijn van alle markten thuis en laveren van fluwelen bossa nova (“Shaking”) naar uptempo 80-ies pop die refereert naar The The, XTC, (“Humble”). Maarten Flamand kwam lapsteel-gewijs de band vervoegen op “Bye Bye Memory”. Wie toen niet smolt, moet dringend de steen door een hart vervangen.
Deel 1 werd samen met de vrienden Leander en Maarten zachtjes en smaakvol afgesloten in “Up To Town”.

Daarna was het de beurt aan de headliner - Whorses zelf. Zachtjes nagenieten van de eerste set zat er niet in. De verbijsterde toeschouwer werd meteen bij het nekvel gegrepen onder de razende tonen van het nauwelijks één minuut durende “Splinters”. Matthias Decraene (sax) werd er bijgehaald voor “Black Museum”. Dit smaakte naar King Crimson, maar dan scheurender, donkerder, razender. In tegenstelling tot de eerste set maakte de fluwelen zang plaats voor het betere roep- en tierwerk. Vanuit de diepste krochten van de ziel, sneed de zang door merg en been. Bijzonder indrukwekkend. Met de vingers in de neus spelen deze cowboys met tempowisselingen, zoals in het heerlijke trashpunky “Meatball Sub”. Voor de afsluiter “Have You Seen Bob” werd Whorses bijgestaan door Pieter-Paul Devos op gitaar. Een masterclass in ‘duivels ontbinden’.

En toen floepten de lichten aan. En daar sta je dan. Verdwaasd, alsof je een kopstoot hebt geïncasseerd van een uit de kluiten gewassen stier op steroïden. Dit was geen optreden, maar een beleving.

Pics homepag @Gregory Vlieghe

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

M. Ward (Matthew Stephen Ward)

M. Ward + Pauwel - Overweldigend vakmanschap met charmante eindnoot

Geschreven door


M. Ward + Pauwel - Overweldigend vakmanschap met charmante eindnoot

Een cultheld voor sommige of een nobele onbekende voor andere, Matthew Stephen Ward houdt zich al meer dan 20 jaar bezig met indie folk. Als je hem niet kent van She & Him (met Zooey Deschanel) of van de folk supergroep Monsters of Folk (met onder andere Jim James en Conor Oberst), dan zijn er vast enkele van zijn songs op één of andere manier jou ter ore gekomen.

Net op tijd konden we het slot van Pauwel meepikken. In een waar kampvuurmomentje speelde hij volledig unplugged een zachte folk ballad waar de zachte tremelo in zijn stem overtuigend binnenging. Één nummer was voldoende om alvast uit te kijken naar een volgende ontmoeting met deze beloftevolle artiest.

De Amerikaanse singer-songwriter koos voor een simpele opstelling met een vleugelpiano, een mondharmonica, een folk- en klassieke gitaar. Simpel, maar doeltreffend want na opwarmer “The Crooked Spine / Duet for Guitars #3”, kreeg hij met “Eyes on the Prize” zowat de hele zaal goedkeurend aan het wiegen. Met “One Hundred Million Years” erbij zorgde hij al voor een sterk begin van het concert.
Uiteraard konden ook de prachtige covers van allerlei artiesten ook vanavond niet ontbreken. Zo was er al vroeg in de set de jazz standard van Billie Holliday “I Get Along Without You Very Well” en het krachtige “Rave on!” van Sonny West. Met een handige bruggetje naar de afgelopen woelige coronaperiode, bracht hij op de piano Daniel Johnston “The Story of an Artist” tussen zijn eigen puike “Poor Boy, Minor Key” en “Vincent O'Brien”.
Als een echte vakman bracht hij zijn pareltjes op een eigen gestripte manier. Het was alsof hij ons door een stukje geschiedenis van de traditionele Amerikaanse folk, blues en country aan het rondleiden was. Het publiek was hem daar dan ook enorm dankbaar voor. Uitschieter “Chinese Translation” was een heerlijk rock'n'rollend nummer met een makkelijk mee te zingen refrein en een geweldige outro. Met “Fuel for Fire” wist hij een gevoelige snaar te raken. Bijna te hard, want naj een snijwonde door z’n snaren, kreeg hij van het publiek doekjes toegesmeten om het bloed te stelpen.
Ondanks de hier en daar vergeten of scheve noten en de technische moeilijkheden, bleef hij ons toch telkens charmeren. Alles wat die man deed, was goud waard. Zo zag het ernaar uit dat ondanks het begeven van zijn gitaarkabel tijdens “Poison Cup” Ward bleef gaan en zo kreeg hij nog extra dankbaarheid terug.
Door de dolenthousiaste menigte kwam M. Ward niet één, maar twee keer terug om zes extra bisnummers te brengen. Op z’n Bob Dylan’s (vertellende stijl) bracht hij diepkomer “Sad, Sad Song”. De volledige onherkenbare cover “Let’s Dance” van David Bowie was ook een pareltje die niet kon ontbreken.
Op een hoogtepunt eindigen, werd bij dit concert letterlijk geïnterpreteerd. Ward zocht voor het allerlaatste nummer meermaals in het publiek een pianist om wat piano te spelen. Uiteindelijk ging de moedige Margot from Bruges het podium op om, na een studieronde, vol enthousiasme en charme de bluesy melody van “Rollercoaster” te spelen.
Dit afsluitend plaatje was perfect, het gehele concert overweldigend, de artiest overtuigend en iedereen keerde dan ook voldaan met zaligheid de nacht in.

Setlist
The Crooked Spine / Duet for Guitars #3 - Eyes on the Prize - One Hundred Million Years - I Get Along Without You Very Well (Billie Holiday cover) - Chinese Translation - Fuel for Fire - Rave On! (Sonny West cover) - Poor Boy, Minor Key - The Story of an Artist (Daniel Johnston cover) - Vincent O'Brien - Unreal City - I'll Be Yr Bird - Lullaby + Exile - Poison Cup
Bis 1: Sad, Sad Song - The Sandman, the Brakeman and Me (Monsters of Folk song) - Outta My Head
Bis 2: Let's Dance (David Bowie cover) - Migration of Souls – Rollercoaste

Organisatie: Botanique, Brussel

Takeshi’s Cashew

Takeshi’s Cashew - Het zomert in de Chinastraat

Geschreven door

Takeshi’s Cashew - Het zomert in de Chinastraat

De Chinastraat aan Dok Gent is de ontmoetingsplaats bij uitstek voor jong en creatief Gent. Een fraaie locatie met onder andere ateliers, een filmstudio, een exporuimte en twee concertzalen. In de sympathieke openluchtbar ‘Bar Bricolage’, een fijne verzameling bouwwerken samengeflanst uit allerhande recupmateriaal, is het bijzonder aangenaam relaxen. De Chinastraat is dan ook the place to be voor jonge Gentenaars bij wie het niet allemaal zo nauw steekt, maar die wel een hart hebben voor feesten. Er worden fuiven, dj sets en concerten georganiseerd, met vanavond op het programma twee avontuurlijke bands Omar Dahl en Takeshis’ Cashew.

Omar Dahl brengt een soort aanstekelijke jazz die onderbouwd is met elektronische beats die voor een constante groove zorgen zonder opdringerig te zijn. Dankzij blazers en violen laten ze hun sound vloeiend overgaan van balkan toetsen naar oosterse invloeden, ze weten de perfecte vibe te vinden en houden het steeds levendig en dansbaar. In de Chinastraat blijkt Omar Dahl’s formule perfect te werken, de gedreven set bouwt langzaam naar een climax toe, bij zowat het voltallige publiek worden de dansbeentjes alsmaar uitbundiger uitgesmeten. Bruisend en opzwepend concertje.

Takeshi’s Cashew is zowaar een Oostenrijkse band, niet bepaald het land van waar je zo een prikkelende muziek zou mogen verwachten. De heren brengen verslavende psychedelische tonen die verschillende kanten opgaan. Wereldse klanken die funky, oosters, bezwerend en trippy klinken met hier en daar een surfgitaartje er tussenin, denk een beetje aan Altin Gün. Onder meer een zelfgemaakte didgeridoo, gebricoleerd uit loodgietersbuizen, voegt een speciale toets toe aan dit eclectische muzikale potje. Met het dansbare “Akihi” en het hallucinerende “There Is No Harmony” kan Takeshi’s Cashew het publiek volledig meezuigen in hun begeesterende set. Je hebt constant de indruk dat er achter de coulissen slangenbezweerders en buikdanseressen klaarstaan om het podium te betreden. Niet dus, maar Takeshi’s Cashew’s feelgood-feestje is zo ook al geslaagd.

Zacht weertje buiten, zomers danspartijtje binnen. In de Chinastraat is de zomer al begonnen.

Nothing

Nothing - Laagje op laagje tot het geheel uit z’n voegen barst

Geschreven door

Nothing - Laagje op laagje tot het geheel uit z’n voegen barst

Nothing neemt niemand minder dan post-punk outfit van eigen bodem, The Waltz, onder hun hoede gedurende geheel hun Europese tour. Met bijna negen stops, waaronder in Praag, Berlijn, Kopenhagen en Oslo spelen de vier heren vanavond een ware thuismatch in hun dierbare Kortrijk.

The Waltz - De band ontstond in volle lock-down periode en afgelopen januari verscheen hun debuutplaat ‘Looking-Glass Self’ onder Labelman. Meteen begreep ik waarom The Waltz het voorprogramma mocht verzorgen. Hun muziek valt moeilijk onder één genre te specificeren, wat hen voor mij net zo interessant maakt. Verwacht je vooral aan post-punk met catchy hooks en een portie noise erbij met een knipoogje naar bands als Modest Mouse, Kabul Golf Club en Idles.
Ze brachten zonder gène een strakke, kwalitatieve set, voornamelijk bestaande uit nummers van hun debuutplaat, waaronder ook de single “Flowers”. De bandleden, bestaande uit gitaristen Kevin Anne (tevens zanger) en Benoit Lafaut, bassist Arne Vanhoutteghem en drummer Sybe Versluys hadden er ogenschijnlijk zin in en stonden vol goesting op het podium. Al snel hadden ze het publiek mee en voor we het wisten zat hun set er na een half uur alweer op. Zonde, want ze mochten wat mij betreft nog wat langer doorspelen. Ik hoop dat we lang nog niet alles van hen hebben gehoord, want ze zijn ‘t waard om uw trommelvlies te vertroetelen met hun aardig gestoorde sonische opwellingen.

Omstreeks half tien was het de beurt aan Nothing. De Amerikaanse post-shoegaze band rond frontman/stichter Domenic Palermo, die er een op z’n minst te zeggen, aardig parcours heeft opzitten. Maar wat maakt het uit, zonder die donkere jaren was er waarschijnlijk nooit geen sprake van Nothing, of toch al zeker niet van de band met hun eclectische sound zoals we ze vandaag kennen.
Nothing bestaat ondertussen 12 jaar en na enkele veranderingen in hun line-up staan ze volgens mij aan de top van hun kunnen. Momenteel bestaat de band uit frontman/zanger/gitarist Domenic Palermo, die ooit speelde in de hardcore-/punkband Horror Show en samen met Wesley Eisold (Give Up The Ghost, Cold Cave) schouders zette onder het muzikale project XO Skeletons. De band bestaat daarnaast ook uit zanger/gitarist Doyle Martin (tevens frontman van de rockband Cloakroom), bassiste Christina Michelle en drummer Kyle Kimball.
Hun set ving aan met de gemoedelijke intro van “Hymn to the Pillory”, het eerste nummer vanop hun eerder verschenen plaat ‘Guilt of Everything’ (2014, Relapse Records), die na ongeveer een minuut open barste tot een wall of sound van jewelste. Ik had de indruk dat de soundmix nog niet op punt stond gedurende de eerste twee nummers, maar daarna klonk alles mooi uitgebalanceerd en in verhouding met de puike akoestiek van de zaal voelde ik dat ‘t goed zat. Het derde nummer “Say Less”, vanop hun laatste plaat ‘The Great Dismal’, kwam na een geniale sample volledig op gang met de frisse, up-tempo ritmesecties van drummer Kyle Kimball. Die laatste maakte met dit nummer meteen duidelijk dat hij geen gewone simpele drummer is, maar wel een veelzijdige ‘powerhouse’. De atmosferische soundscapes van Doyle Martin bouwden zich in combinatie met het bezwerend gitaarwerk van Domenic Palermo laag na laag op, tot het nummer compleet uit zijn voegen barstte. Voor mij sowieso al één van de hoogtepunten van de avond.
Het publiek stond er naar verwondering van Domenic Palermo nog wat statig bij, maar na een -met humor overgoten- dialoog met het publiek, wist hij het publiek toch voor zich te winnen.
Hierna vuurde Nothing een de slow burner “Dead Are Dumb” op ons af, maar het had iets hypnotiserend en de het nummer slokte mij volledig op in zijn complexe gelaagdheid, de outro werd ook extra lang uitgespannen waardoor het volgende nummer “Vertigo” des te verpletterend overkwam. Na “Bent Nail” en “In Blueberry Memories” speelden ze met “The Carpenter’s Son” het enige nummer vanop hun alom-geprezen plaat ‘Dance on the Blacktop’, waarbij de stemmen van Domenic en Doyle duidelijk één complementair gegeven waren. Kippenvel. Met “Hymn Asylum” als voorlaatste nummer wisten ze mij dan ook nog eens tekstueel de mond te snoeren:
“Send the bombs
We've had enough of us
Face the facts
Existence hurts existence “
Alvorens ik het besefte, eindigde het concert in grote climax en grandeur met “B&E”. En lekker ironisch… strompelden de bandleden heel nederig het podium af.

Ik mocht vanavond getuige zijn van één van die weinige bands, met eigen, authentieke sound. En daar ben ik dankbaar voor.

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Pagina 70 van 386