logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Suede 12-03-26
Hooverphonic

Goudi

Tango de l’envie -single-

Geschreven door

Goudi (Pierre Goudesone) heeft een sterke, derde single uit voor zijn nieuwe, vijfde album. Na het Nederlands/Oostends dialect van het walsende en ietwat treurende “Tango” en van het melancholieke “Blootvoets” kiest hij nu voor de taal van Molière voor een energieke tango met actrice Lubna Azabal. Het swingt en zwiert en intrigeert.
Opnieuw een tango dus en muzikaal is die al net zo klassiek als de eerdere “Tango”, die overigens al de zin ‘tango van het leven’ (tango de la vie) vermeldde. Dat zijn misschien wat veel gelijkenissen om de twee songs samen op één album te gooien, maar net zo goed wordt het grotere geheel voor iedereen duidelijk als dat album in september uitkomt.

https://www.youtube.com/watch?v=quBeAXVuxfE

Painted Scars

Won’t Give Up -single-

Geschreven door

De Oost-Vlaamse metalband Painted Scars eindigde op een mooie tweede plaats in de finale van de Belgische Wacken Battle en nu heeft deze nu met “Won't Give Up” een nieuwe single uit. We vermoeden dat het gewoon toeval is dat de titel van deze single symbolisch zou kunnen verwijzen naar die net niet gewonnen battle. Het ‘verlies’ is al verteerd en de bandleden kijken meer vooruit dan achteruit.
“Won't Give Up” gaat over terugvechten als iets of iemand je van je dromen weghoudt. Voor zangeres Jassy gaat die song over haar gevecht tegen cystic fibrosis, een ziekte die onder meer haar longen aantast en die er lang voor gezorgd heeft dat ze haar zang-ambities niet kon waarmaken. Inhoudelijk is deze tweede single beter gestoffeerd dan voorganger “Life and Alive” en ook muzikaal staat Painted Scars opnieuw enkele stappen verder.
Deze single vormt de aanloop naar de eerste EP ‘Kintsugi’ van Painted Scars. Die stellen ze voor op de tweede editie van hun eigen Scarfest in augustus.

https://www.youtube.com/watch?v=m4AjPMRqdCI

Barrel Smoke

Red Light Rumble -single-

Geschreven door

Barrel Smoke wist ons aangenaam te verrassen op de finale van de Belgische Wacken Battle en daarom luisteren we nog eens terug naar de single die ze enkele weken geleden hebben losgelaten op de wereld.
“Red Light Rumble” is een echte banger in de traditie van Motörhead, The Darkness, Enforcer, Airbourne en (dan in het Nederlands) BEUK. De song heeft een hoog octaangehalte en laat de spierballen rollen. Productioneel en in de mix is er misschien nog wat marge om nog harder te knallen, maar als we dit moeten beoordelen op het inspelen en de songopbouw, dan doet Barrel Smoke hier weinig verkeerd.
Het klinkt voor geen meter vernieuwend, maar het wordt wel met veel grinta gebracht.

https://www.youtube.com/watch?v=lTy6q-JFluY

Maanvlinder

Tranen van Gisteren -single-

Geschreven door

Symfonische metal in het Nederlands, dat hadden we nog niet eerder gehoord. Maar nu wel. De Nederlandse en Nederlandstalige metalband Maanvlinder heeft zopas zijn eerste single “Tranen van Gisteren” gelanceerd op het net en die klinkt veelbelovend.
Maanvlinder is een project van twee personen. De eerste is Raymond Luijbregts, die je zou kunnen kennen van Aether. Dat is ook een duo-band, met de Amerikaanse zanger Joe Turner, die in 2021 een EP uitbracht. Het tweede bandlid van Maanvlinder – die verantwoordelijk is voor de vrouwelijke zang – wil liever nog wat op de achtergrond blijven en dat respecteren we.

“Tranen van Gisteren” is een bijzonder aangename single, met bovengemiddelde aandacht voor de gitaren. Je hoort dat er met veel passie, ervaring en talent aan deze compositie gesleuteld is. De zang is knap: heel helder, goed gedoseerd en heel krachtig. De songtekst in het Nederlands klinkt fris. Maar de tekst kleeft ook nog wat aan het papier, waarmee we willen zeggen dat iets wat mooi is in de geschreven versie niet altijd goed bekt als je het in een bepaald tempo en melodie wil zingen. Dat is een hindernis die wel meer Nederlandstalige rock/metalbands moeten nemen en dat los je maar op door veel te repeteren en op te treden. Maar op zich bieden de lyrics in het Nederlands wel een toegevoegde waarde, omdat je als luisteraar sneller meegenomen wordt in het verhaal. En het gaat ook gewoon ergens over in “Tranen van Gisteren”.
In het Nederlands kan je je als songschrijver niet verbergen achter wat holle woorden die vooral goed klinken, zoals al eens gebeurt als bands Engelstalige lyrics hebben. Ik vermoed dat wel wat mensen zich zullen herkennen in het break up-verhaal van Maanvlinder.
“Tranen van Gisteren” klinkt heel catchy, melodieus, toegankelijk, … en heeft toch ook wat agressie in de riffs. Als Maanvlinder dit niveau kan halen voor elke release, dan is dit een duo om in de gaten te gaan houden.

https://www.youtube.com/watch?v=xeVEKyiKVe0

Secondhand Saints

Secondhand Saints – Feestelijke avond bol van uppercuts en energiebommetjes

Geschreven door

Secondhand Saints – Feestelijke avond bol van uppercuts en energiebommetjes

Ontstaan uit de assen van de pandemie deelde metalcore band Secondhand Saints met hun debuut 'Shattered Floors' al  meteen een visitekaartje uit om 'U' tegen te zeggen. Met daaropvolgende releases als 'Dying Breath', 'Echoes' en 'Afterlife' gingen ze volop door op hun elan.
Toen we ze vorig jaar aan het werk zagen in het voorprogramma van Bizkit Park in De Casino, Sint-Niklaas schreven we: ''De band speelde een thuismatch. Secondhand Saints bracht een emotioneel beladen set van een strakke, verschroeiende sound , krachtige, intense mokerslagen en pakkende, rauwe vocals  en screams. Wat een geluidsmuur."
Ze speelden nu opnieuw een thuismatch en stelden hun gloednieuw album voor: 'Falling from Grace'. Het werd een feestelijke, wervelende avond bol van uppercuts en energiebommetjes, die in de vorm van strandballen ons rond de oren vlogen.
Uiteraard was er veel meer aan de hand want …

In het voorprogramma stonden twee al even sterke Belgische metal parels op het programma, hoewel je If I May (**** 1/2) bezwaarlijk in dat hokje kan duwen. De band combineert HC  met melodieuze metalcore en kruidt het aan andere hardere stijlen. De beweeglijke frontman schreeuwt zich de stem schor en port zijn publiek voortdurend aan. De lat wordt hoog gelegd door de band, ze pushen een moshpit, incluis de oproep neer te zitten, recht te springen, of uit elkaar gaan en een circle pit tot stand brengen. Het publiek, naar metalnorm, genoot, maar niets meer niets minder. Wij genoten van de diversiteit en de emotionele uppercuts in hun sound. Band met potentieel.

Temptations For The Weak (****) is al enkele jaren aan een stevige opmars bezig. Ze stonden al op Graspop en Alcatraz Metal Fest en zijn uitgegroeid tot  een gevestigde waarde binnen het metal club circuit. Helaas had de band af te rekenen met een tegenslag op deze avond. Zanger en frontman Jadran Beauprez, die sinds 2020 de band kwam versterken, moest door ziekte verstek geven. Zanger/gitarist Djoni Tregub nam het van hem over. De band keerde wat terug in de tijd hiermee, ze zijn ooit begonnen met Djoni als frontman/zanger. Hij heeft een hoog en lekker rauw stembereik. Hij kweet zich dan ook met brio. Maar de unieke, bonkige uitstraling van Jadran misten we wel.
We kregen heerlijke, melodieuze, energieke en scherpe gitaarriffs. De temperatuur steeg tot een kookpunt. We waren goed opgewarmd tot de closing act.

Het publiek schoof een beetje dichterbij voor Secondhand Saints (****), die gingen voor een  gewonnen thuismatch. Al bij de 'intro' , reageerden de aanwezigen enthousiast. Als hongerige wolven gingen ze tekeer. “This Fire” en “Anchor” klonken overtuigend. Een mosh/circle pit werd het resultaat op zo’n gretige nummers. Er vliegt zelfs een crowdsurfer door de lucht. Sfeer was er ook alleszins, enkele strandballen vlogen over onze hoofden heen. Het publiek werd aangepord tot ‘een wave '; interactieve trucjes die werken. Het publiek genoot met volle teugen, net als de band. De beste manier om een nieuwe plaat voor te stellen, is dat feestelijk te doen dus.
Een wervelende finale kregen we met “Falling from Grace”, “Hell of Mine” en verder in de bis met “Shattered Floors” en het prachtige “Dead Man’s Switch”.
Secondhand Saints deelde adrenalinestoten uit en bouwde een ultiem metalcore feestje op.  Missie meer dan  geslaagd!

Setlist: Intro//This Fire//Echoes//Anchor//Wasting Time//Afterlife//Chemistry//Falling from Grace//Hell of Mine //ENCORE : Shattered Floors //Dead Man’s Switch

Pics homepag @Sven Dullaert

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Fred Hersch

Fred Hersch – Kunst - Improvisatie 'on’ Piano

Geschreven door

Fred Hersch – Kunst - Improvisatie  'on’ Piano

Als lid van het pianopantheon van de jazz is de Amerikaanse pianist Fred Hersch (*****)  al meer dan drie decennia een invloedrijke creatieve kracht; dit als improvisator, componist, docent, bandleider, medewerker en opnameartiest. Bovendien ontving hij al meerdere grammy nominaties zowel als solo artiest als bij o.a. Fred Hersch Trio.
Met zijn nieuwe plaat 'Silent, Listening' stond hij in een nagenoeg uitverkochte Flagey in Brussel. Hij bood ons, helemaal alleen gezeten achter zijn piano op dat grote podium, een bijna twee uur lange trip doorheen improvisatie met piano aan, ie we nooit meer zullen vergeten. Kunst - Improvisatie  'on’ Piano dus …

Fred Hersch spreekt emoties aan die gaan van een schaterlach naar een tranendal, alsof dat de normaalste zaak van de wereld is met zijn bijzonder tot de verbeelding sprekend piano spel. En net die aanpak maakt van deze Amerikaanse piano virtuoos een parel om te koesteren.
Fred Hersch balanceert bovendien voortdurend op dat kruispunt tussen jazz, klassiek en improvisatie muziek. Hij verkent de hoogste en laagste octaven op zodanig uitgekiende wijze, waardoor je , net bekomen van de ene adembenemende trip al op een andere zijweg bent aanbeland. Het blijft boeiend hoedanook. Dat merkten we reeds toen we hem vroeger aan het werk zagen in 2021 - https://www.musiczine.net/nl/festivals/item/81164-leuven-jazz-2021-opening-night-een-onaardse-virtuositeit-vanuit-een-divers-oogpunt-bekeken-gevoeld-en-beluisterd.html -  ''De man balanceert bewust tussen lichtvoetig- en zwaarmoedigheid in het (jazz) genre.  Het klinkt filmisch, sprookjesachtig en er is ruimte voor improvisatie “, schreven we. In de Flagey, Brussel kwam dit evernzeer tot uiting.
Vaak resulteerde zijn integrerend pianospel tot vrij ingewikkelde soundscapes, om dan plots eerder toegankelijke parels uit de mouw te schudden die aanleunen bij blues of zelfs een lichte vorm van pop muziek.
Na een eerder intimistische start verliet hij dat pad even onverwachts als voorheen en deed de oorschelpen meermaals trillen van innerlijk genot, en dit allemaal zonder in een chaotische brij te verzanden.
Fred Hersch sprak zijn publiek trouwens voortdurend aan, wat de speelsheid in zijn piano spel onderlijnde. Het is dus zeker en vast niet zo dat de man hier routineus zit te improviseren tot het oneindige zonder met zijn fans rekening te houden, integendeel. Het maakte alvast deze avond extra bijzonder.
De voortdurende zoektocht naar prikkeling, stopt bij Fred Hersh nooit. Hij zou zelfs nog uren op dit veelkleurig elan kunnen doorgaan, zonder maar te vervelen. De honger naar 'meer van dat ' is niet alleen bij hem maar ook bij  zijn publiek heel groot.
Na zijn set van circa anderhalf uur, waarbij hij staande ovaties in ontvangt mocht nemen, kwam hij dan nog enkele keren terug op het podium om zijn oneindige virtuositeit tentoon te spreiden.

Zichtbaar genietend van die aandacht, bedankte hij zijn publiek uitvoerig. We kregen zelfs bijna twee uur lang een intense piano improvisatie en kunst te horen. Indrukwekkend!
We zagen rondom ons, bij het verlaten van de zaal, enkel lachende gezichten en een oneindige rij mensen aan de merchandise. Iedereen heeft er evenveel van genoten als wijzelf van deze bijzonder zinnenprikkelende piano recital die nog lang zal nazinderen in onze gedachten …

Organisatie: Flagey, Brussel

Deap Vally

Deap Vally - Girl Power!

Geschreven door

Deap Vally - Girl Power!
Deap Vally, Hot Wax, Maria Iskariot

De Nederlandstalige rammelpunk van kersverse rockrally winnaars Maria Iskariot klonk een beetje onwennig en chaotisch, maar ook best wel spontaan en sympathiek. Alleszins een stuk sterker dan op hun EP tje ‘EN/EN’, een plaatje die gebukt gaat onder een te hoog Ketnet-gehalte. Of ligt gewoon aan het taaltje? Want in hun live act klonken de vocals eerder schreeuwerig en vooral ook onverstaanbaar.
Geen mens die merkte dat men hier eigenlijk in het Nederlands aan het zingen was, maar zo werd het Ketnet-gehalte tenminste uitgewist. Maria Iskariot rommelde bij momenten, maar het rockte tegelijkertijd. Punkrock, heet dat.

De drie pittige Britse dames van Hot Wax speelden potige noisy rock beïnvloed door Bikini Kill en Hole, of recentere bands als Dream Wife en Sprints. Het klonk verdomd stevig met een stel fikse gitaaruithalen, frontale punkvocals en een handvol sterke songs zoals bijvoorbeeld het bijzonder opwindende “Drop” en de geweldige kopstoten “Rip It Out” en “Treasure”. De meiden creëerden met zijn drieën een krachtige en kolkende sound, hier hebben we het laatste nog niet van gehoord.

Deap Vally is aan het einde van hun afscheidstournee met de integrale vertolking van hun eerste plaat ‘Sistrionox’ uit 2013, trouwens ook hun beste. Het duo heeft de plaat ook terug opnemen onder de naam ‘Sistrionix 2.0. Deap Vally Version’, naar eigen zeggen omdat het ding nu van hen is en niet van de platenmaatschappij. Daar hebben ze een punt. De nieuwe versie verschilt trouwens niet zoveel van het origineel en behoudt de scherpte, rauwheid en straight-forward rock.
Waarom het meidenduo (Lindsey Troy op zang/gitaar en Julie Edwards op drums) er een punt achter zet is ons een raadsel, maar dat het rock’n’roll leven niet zo goed combineert met fulltime moederschap heeft er natuurlijk veel mee te maken.
Het ‘Sistrionix’ album kreeg hier live alleszins de interpretatie die de plaat verdient, vettige en energieke garage-rock met soms een bluesy inslag binnen het gekende White Stripes concept. De songs kregen een extra adrenaline-injectie met de rauwe en soulvolle stem van Lindsey Troy, die ergens tussen Bette Davis en Janis Joplin hing. De splijtende riffs vlogen in het rond, de elektriciteit hing in de lucht, de gretige meiden waren geweldig op dreef. We noteerden straffe hoogtepunten als “End Of The World”, “Baby I Call Hell”, “Lies” en de smerige en soulvolle blues van “Six Feet Under”.
Na het ‘Sistrionix’ luik dook Deap Vally verder in hun backcatalogue, voor een tweetal songs werd de gitaar aan een roadie overhandigd (dan toch nog een man op het podium vanavond) en ging het er als het ware nog wilder aan toe met de noise-punkrock van het nieuwe “It’s My World” en het razende “Perfuction”.
Deap Vally zette er een definitief punt achter met een kolkend “Royal Jelly”, de beste song uit hun tweede album ‘Femejism’.
Dit was een stevig eerbetoon aan een fantastisch album en een mooi en jammer afscheid van een meidenband waar er eigenlijk veel te weinig van zijn. We gaan ze missen.

Neem gerust een kijkje naar de pics @Wim Heirbaut
Deap Vally
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/6082-deap-vally-31-05-2024.html?Itemid=0

Maria Iskariot
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/6081-maria-iskariot-31-05-2024.html?Itemid=0

Hot Wax
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/6080-hot-wax-31-05-2024.html?Itemid=0

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Whispering sons

Whispering Sons – ‘The great calm’ op kruissnelheid

Geschreven door

Whispering Sons – ‘The great calm’ op kruissnelheid
Whispering Sons en Mind Ray

Whispering sons sloot hun clubtour ‘en honneur’ af. Er werd in de goed uur durende set gefocust op het materiaal van het derde album ‘The great calm’. Net over de grens wisten ze het diverse publiek te charmeren met die donkere, gruizige, niet direct vrolijke postpunk/wave, die nu onderhuids extravert, luchtiger durft te zijn.

Whispering Sons laat postpunk horen vanuit de donkerste krochten van de new wave, een duistere sound die tot kunst wordt verheven. Die derde klinkt afwisselend in opbouw, mooi overtuigend, met spannend groovende, stevige gitaarpartijen en in schoonheid klinkende piano/keys. Verder is er die kenmerkende diepe bas en bezwerende, hitsende drums, ondersteund van de indringende, maar even diepe, donkere, ritmische praatzang van Fenne Kuppens , die nu meer podiumprésence heeft dan voorheen. Ze geeft elan en swing aan het materiaal door haar dynamiek en armbewegingen.
Hier wordt muzikaal een brug gemaakt van Joy Division, The Sound , naar Savages en Nick Cave door de groove van Gang Of Four en de donkere tunnel van The Chameleons, Interpol heen. Interessante referenties dus voor een kwintet die er momenteel zelf staat als een huis . Eén van onze talenten die wisten te bevestigen nadat ze 8 jaar terug de HRR prijs wegkaapten. Sommige leden wisselden van instrument op het nieuwe werk, wat het geheel ten goede kwam alvast.
Een vertrouwd geluid in die broeierige donkerte, dat een publiek van alle leeftijden aanspreekt, zeker de ouder(e) wordende zielen, jong van geest.
Opener is het intieme “BALM (after violence)” dat een mistroostig decor optrekt en een zekere verlatingsgevoel ademt door de sobere, verdwaalde pianotunes, de andere instrumenten vullen gestaag aan en de praatzang zweeft over het nummer. “Stand stiil” klinkt intens , dreigend en laat al deels die gekende repetitief groovende, slepende explosiviteit horen. Met de nieuwe single “Something good” zit het kwintet op het energieke spoor van deze derde plaat. “Dragging” durft nog iets verder te gaan met snedig, snijdend gitaarwerk.
Licht en duisternis , melancholie en opwinding , heupwiegend rockend gaan we gezwind door de set, het zit allemaal vervat in dat geluid van Whispering Sons.
Na deze rits nieuwe songs, is er de herkenbaarheid van oudjes “Heat” en “Hollow”. “Satantango” doet door de stuiterende electrotunes, bleeps en donkere wave Suicide heropleven .
Na dit boeiend half uur wordt regelrecht gekozen ‘The great calm’ in de spotlight te plaatsen, eerst met de meer sfeervolle “Poor girl”, “Cold city” en “Still disappearing”, die enkele handige eruptieve draaien kregen; dan extraverter door die rockende donkere groove , met de singles “The talker”, “Walking, flying” en “Surface” van de vorige ‘Several others’ van 2021. “Try me again” bouwde goed op in die dreigende spanning en zit in de pipeline om de volgende single te worden van het sterke ‘The good calm’. Een smaakmakende afsluiter dus.
De slepende gedrevenheid wordt verder gezet in twee puike bis van hun debuut ‘Image’ van 2018, nL “Alone” en “Waste”, die door d  stroomstoten en de tempowissels de aandacht behielden en de warme respons ondersteunden.

De clubtour mag uiterst geslaagd genoemd worden . Whispering Sons weet hoedanook hun genre spannend, boeiend en leuk te houden. Het publiek werd gecharmeerd door een goed op elkaar ingespeelde band, die melancholie en dynamiek met elkaar verbond. Sjiek!

Punkier van aard waren Mind Rays. Het Gentse kwartet is al zo’n tien jaar bezig met een gebalde mengeling van garagerock en postpunk, strak, hoekig , toegankelijk als noisy . Power is het uitgangspunt van de korte, krachtige songs. De niewue EP ‘Mere vistors ‘ is er eentje die vertrouwd knalt! Onversneden rock’n’roll, met een energieke frontman! Stevig Vlaams bandje dus …

Neem gerust een kijkje naar de pics van hun set in de 4ad, Diksmuide, 15-02-24 @Kristof Acke
Whispering Sons – Whispering Sons blazen nieuw leven in hun sound (musiczine.net)
+ Pics
https://www.musiczine.net/nl/component/phocagallery/category/5799-whispering-sons-06-03-2024.html?ltemid=0

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

Jake La Botz

Jake La Botz - Pendelend tussen pop en rock'n’roll

Geschreven door

Jake La Botz - Pendelend tussen pop en rock'n’roll

Openers van dienst waren The Rusty Zippers uit Gent. Een duo bestaande uit Ed De Smul, die jaren actief was bij Ed & The Gators, en Tom De Poorter die je onder andere zou kunnen kennen van Little Kim & The Alley Apple 3. Achter die merkwaardige naam, The Rusty Zippers, hoef je trouwens niets te zoeken, de heren vonden het gewoon lekker klinken.
Vooraf werden een paar camera's gemonteerd zodat ze hun set konden opnemen. Goed idee want het geluid zat, zoals altijd in deze zaal, perfect. De twee brachten, gezeten op een stoel, stemmige en meeslepende americana. Ik vermoed dat alle songs uit de koker van Ed De Smul kwamen. De pure blues van Ed & The Gators heeft plaats moeten ruimen voor een verfrissend amalgaam van folk, blues en country. Beklijvend gezongen met die donkerbruine stem van hem, gestut door een voetdrum en af en toe wat opgeleukt met een streepje mondharmonica. De knappe songs werden verder mooi ingekleurd door een schitterende Tom De Poorter op zowel gitaar, mandoline als banjo en kregen daardoor ook meer body.
Als slot kregen we dan toch nog een cover gepresenteerd. Het werd een stomende versie van Blind Willie Johnsons "Nobody's fault but mine" met gesmaakte solo's op gitaar en mondharmonica.
Een boeiende set die echt wel wat langer had mogen duren dan het toegemeten halfuurtje.

Nadat hij wat rondhing in punkrock milieus en zelfs even in de jeugdcriminaliteit verzeilde leerde Jake La Botz (geboren in 1968) de blues kennen via de laatste bluesmannen uit het vooroorlogse tijdperk in Chicago, zijnde David ‘Honeyboy’ Edwards, ‘Homesick’ James en ‘Maxwell Street’ Jimmy Davis. Later begon hij door de VS te reizen om uiteindelijk in Hollywood te belanden waar hij dankzij Steve Buscemi een onwaarschijnlijke carrière als filmacteur startte. Het leverde hem rollen op in films zoals ‘Rambo’ maar ook een heroïneverslaving die hij uiteindelijk op zijn dertigste overwon. Naast muzikant en acteur is Jake La Botz ook nog eens een begenadigd schrijver en leraar somatische meditatie. Kortom, een bezig baasje die bovendien regelmatig in Europa komt touren. Zo zag ik hem al een paar keer op Roots & Roses en nu was hij dus te gast in de 4AD.
Jake La Botz koos ervoor om zich te laten begeleiden door een Europese groep en liet daarbij zijn oog vallen op Smokestack Lightnin' uit het Duitse Nürnberg. Een uitstekende keuze want Smokestack Lightnin' is één van de betere bluesgroepen die ik ken. De vier gedegen muzikanten deden hun job perfect. Bernie Batke op bas, Frank Schwab op drums, Axel Brückner afwisselend op gitaar en orgel terwijl Flo Kenner voor de tweede stem zorgde en zich voor de rest onledig hield met percussie-instrumenten als woodblock, claves, tamboerijn of maracas.
Jake La Botz opende zijn set met het heerlijk galopperende "Everybody got to fall down" en meteen kwamen zijn twee voornaamste kwaliteiten bovendrijven: zijn zoete, pretentieloze zang en zijn immer verfijnde gitaarspel. Bij het derde nummer verklaarde hij de dansvloer voor geopend en op de tonen van het bluesy "Hobo on a mystery train" verscheen warempel een danslustig koppel. De weg leek meteen wagenwijd open te liggen voor een weergaloos concertje …
Maar dat werd het net niet. De reden daarvoor lag enkel en alleen bij de songkeuze. Ik hoorde net iets te veel bijna pure popsongs. Niet dat die smakeloos klonken, maar vergeleken met rock-'n-roll nummers als "Damsel in distress" en "Shaken and taken", waarmee hij mijn hart liet smelten, vielen die toch te licht uit. Zijn laatste plaat, ‘Hair on fire’, waarvoor een huwelijk tussen muziek en meditatie aan de basis lag, is niet echt aan mij besteed. Die vreemde titel vond hij trouwens bij een gezegde uit het Boeddhisme: "men moet oefenen alsof je haar in brand staat". Niet dat alles kommer en kwel is op die plaat, dat nu ook weer niet. De titelsong en ""First McDonnel's on the moon" bleken live zelfs aan waarde te winnen. Maar het liefst hoor ik hem stijlen uit lang vervlogen tijden zich eigen maken zoals ook een Nick Waterhouse dat kan. En zulke nummers waren er toch in overvloed aanwezig zodat ik absoluut niet hoef te zeuren.

Organisatie: 4ad, Diksmuide

The Cavemen

The Cavemen - Ranzige rock-'n-roll

Geschreven door

The Cavemen - Ranzige rock-'n-roll
The Cavemen + Killer Kin

Met twee groepen die pretenderen rock-'n-roll te spelen, The Cavemen en Killer Kin, hadden ze in The Pit's (waar anders?) een mooie double bill te pakken. Rock-'n-roll kent vele verschijningsvormen, zo bleek nog maar eens. Beide groepen pakten het op een nogal verschillende manier aan, maar het resultaat mocht er telkens zijn.

Killer Kin is een relatief nieuwe band (ontstaan in 2018) uit New Haven, Connecticut die vorig jaar een eerste titelloze lp uitbracht op Dead Beat Records. Inspiratie voor hun naam vonden ze bij Arthur ‘Killer’ Kane, bassist van de New York Dolls. Muzikaal moeten we het ook ergens in die richting zoeken. Naast de Dolls worden ook AC/DC, The Stooges, Dead Boys en zelfs Motörhead vaak vernoemd als invloeden. Ik hoorde vooral MC5, snoeiharde garagerock op het scherp van de snee. Met zanger Mattie Lea, die jammerlijk zijn broek vergeten was, had Killer Kin alvast een erg charismatische frontman in huis. Vanaf de eerste noten dook hij al het publiek in terwijl we hem enkele tellen later op de toog aantroffen. Tussen de nummers door bleef hij eindeloos ratelen ondanks een stem die compleet aan flarden gereten bleek. Veel kon ik uit die onstuitbare woordenvloed niet opmaken behalve dan dat hij niet erg hoog opliep met New York, wat nog zacht uitgedrukt is gezien de gebruikte krachttermen.
De groep had naast Lea nog een tweede opvallende verschijning in de rangen: de ravissante Chloe Rose, een ware rock chick op Flying V gitaar. Samen met haar partner Lea is ze ook verantwoordelijk voor alle nummers van de band. De overige drie leden van het gezelschap oogden wat minder spectaculair.
Toch was de rol van leadgitarist Brady ‘The Cat’ Wilson niet te onderschatten. Zijn, voor dit soort muziek, vrij cleane gitaarspel bleef me tot de laatste noot boeien. Op hun touraffiche beloofde Killier Kin ons ‘a giant dose of rock & roll’. Dat is misschien niet helemaal gelukt maar ze kwamen toch aardig in de buurt.

Intussen zijn The Cavemen qua populariteit ver voorbijgestoken door een gelijknamige highlife band uit Nigeria die sinds 2020 actief is. Maar dat zal onze favoriete garagerockers uit het Nieuw-Zeelandse Auckland waarschijnlijk worst wezen.
Vijf jaar na de vorige heeft de band eindelijk een nieuwe en uitstekende plaat uit: ‘Ca$h 4 Scrap’ (op Slovenly Recordings), misschien wel hun beste tot nu toe. Meteen ook een goeie reden om nog eens te touren en daarbij kon The Pit's uiteraard niet overgeslagen worden.
Net als een paar jaar geleden begonnen The Cavemen hun set met een nummer bestaande uit één enkele zin: "Who's gonna win the war". We kunnen alleen maar hopen dat deze song binnenkort overbodig wordt. Niet dat we The Cavemen meteen au sérieux moeten nemen. Optreden betekent voor hen nog steeds lol trappen middels luide, met bier doordesemde rock-'n-roll.
Zanger Paul Froggatt kon moeilijk onderdoen voor Mattie Lea van Killer Kin en koos zo ook al snel voor de toog als extra podium. Inmiddels is de groep kind aan huis in de Pit's en kon hij zowat de helft van de aanwezigen met de voornaam aanspreken wat het feestgevoel nog wat aanzwengelde. Want een feestje, dat werd het! Nieuwe prijsnummers als "Night of the demon" en "Personal WW III" werden afgewisseld met gekende anthems als "Boyfriend".
Compromisloze garagepunk die een aanslag pleegde op de nekspieren terwijl het rondspattende bier voor wat verkoeling zorgde. Een paar keer mocht gitarist Jack Beesley de vocals overnemen en dat deed hij uitermate sappig. Mocht de schorre strot van Froggatt het ooit begeven dan is de vervanging alvast verzekerd.
Naar het einde toe begonnen de micro's wat te sputteren terwijl de avondklok ervoor zorgde dat een bisnummer in laatste instantie werd afgeblazen. Maar dat maakte dit weergaloze festijn vol ranzige rock-'n-roll er niet minder op.

Organisatie: Pit’s, Kortrijk

Pagina 94 van 966