logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
giaa_kavka_zapp...

Stef Kamil Carlens

Stef Kamil Carlens - Reïncarnatie van een intimistische troubadour

Geschreven door


 
‘Terug van lang weg geweest?’ ... ‘Waarom nu deze come-back plaat?’ Het zijn openingsvragen die Stef Kamil Carlens ter gelegenheid van zijn net verschenen solo debuut ‘Stuck In The Status Quo’ dezer dagen met tegen zin op zijn bord krijgt. Feit is dat de introverte Antwerpenaar (?!) in al die jaren sinds A Beatband, dEUS, Kiss My Jazz, Moondog Jr., Zita Swoon en Zita Swoon Group wel gewoon muziek is blijven maken, alleen leende de format van zijn soundtracks bij recente dans/theatervoorstellingen er zich niet echt toe om veel airplay te halen.

Maar nu is er dus opnieuw een reguliere liedjesplaat, en ter opwarming voor de bijhorende tour proberen Carlens en zijn nieuwe begeleidingsgroep de resterende kinderziektes te overwinnen in een reeks try-out concerten. Dat er nog wat gesleuteld zou moet worden aan de chemie tussen de frontman en zijn vier kompanen hebben we afgelopen vrijdag in de Brugse Magdalenazaal trouwens amper gemerkt. In tegendeel, het was uitgerekend de geroutineerde Antwerpenaar zelf die aanvankelijk nog wat moest wennen aan de nieuwe realiteit feit dat de spotlights in deze tour volledig op hem zijn gericht. Maar het moet gezegd, Carlens deed zijn best om aan het publiek duidelijk te maken wie of wat hem inspireerde tijdens het maken van die eerste solo schijf. Een paar jaar sleutelen in zijn dooie eentje leverde uiteindelijk een schamele acht songs en 35 minuten luisterplezier op, maar in vluchtige tijden als deze lijkt dat alleen maar een voordeel.
Het gros van de nieuwste schijf stond in Brugge op de setlist, te beginnen met de melancholische album afsluiter “Going Home” die jammer genoeg wat spankracht mistte door de afwezigheid van de hier bijna onlosmakelijk verbonden strijkers. De groep kwam prompt een pak beter uit de verf tijdens de catchy nieuwe single “Empty World”, een erg persoonlijk eerbetoon aan wijlen boezemvriendin Yasmine waar Carlens grossierde op slide gitaar en de rest van de band werd voortgestuwd door de jazzy contrabas van ex-Dez Mona sterkhouder Nicolas Rombouts. Het juk van de ongemakkelijkheid viel definitief af toen tijdens het van Zita Swoon Group geleende “Rumble Factories” Carlens op z’n dooie gemakje een eenmansorkest installeerde. Eerst blikte hij een gitaarrifje in op tapeloop om vervolgens op een cajón (een Peruaanse drum box in de vorm van een rechtopstaande houten kist) te kruipen, een voetbas te bedienen en een mini marimba binnen handbereik te houden. Eén en ander resulteerde in een eclectische, ja zelfs psychedelische trip die bevrijdend leek te werken voor groep en publiek: Carlens voelde zich vanaf nu duidelijk een pak beter in zijn sas, waarop een aantal extraverte fans geregeld van zich lieten horen.
Over fans gesproken, een groot deel ervan leek oud genoeg om Carlens nog als jonge snaak te hebben gekend bij Moondog Jr. ten tijde van het klassieke debuut
‘Everyday I Wear A Greasy Black Feather On My Hat’ (’95). Twee nummers uit die wat vergeten schijf haalden de set in Brugge. Tijdens het ingetogen “Ice Guitars” stak Carlens zijn bewondering voor de hypnotiserende woestijnblues van Tinariwen niet onder stoelen of banken, wat zorgde voor een vreemd transcendent sfeertje. Ook “Jo’s Wine Song” is een bluessong, maar dan van het kaliber dat enkel komt bovendrijven als blijkt dat het tellen van lege wijnflessen geen probaat middel is tegen mannelijke eenzaamheid.
Ook in try-out modus hadden Carlens & co een aantal crowdpleasers achter de hand gehouden in Brugge. “Hot Hotter Hottest”, een behoorlijk lichtvoetige Zita Swoon single die we nooit echt hebben kunnen pruimen, kreeg een funky blues makeover die dringend eens op plaat moet worden gezet. Ook dat andere radiohitje “Thinking About You All The Time” klonk ineens urgenter en zou niet eens misstaan op de jongste plaat waarvan de resterende prijsbeesten netjes werden opgespaard tot aan de finale en de encores. De eerste single “The Journey Will Be Long” is nu al de titel Belpop classic waardig, ook al hangt een weemoedig fluisterende Carlens in dat nummer een weinig fraai doch pijnlijk accuraat beeld op van de mensheid. Ook live was er geen ontkomen aan de tristesse, maar de engelenstem van harpiste Alma Auer werkte als zalf op een wonde.
Na de
crescendo gaande slideblues uppercut “I’m Going Away” trok Carlens tot slot wederom de intimistische kaart. Met de keuze van het autobiografische begrafenislied “After I’m Gone” en een innemende interpretatie van Morphine’s “The Night” als afsluiters profileerde Stef Kamil Carlens zich ineens als een gevoelige troubadour met een open blik op zijn eigen sterfelijkheid.

Tijd om te rouwen is er nog niet, we gunnen de Antwerpenaar graag nog een paar decennia om zichzelf telkens opnieuw te blijven heruitvinden.

Organisatie: Cactus Club, Brugge

Frances

Frances - Eternal sunshine of the spotted mind

Geschreven door

Sproetjes en rood vonkend krulhaar. Jonge twintiger en überbritish. Glasheldere stem en zeer ontwapenend. Maak kennis met zangeres-pianiste Frances, maak plaats voor haar warme klanken over de toonladders van mixed emotions bij een liefdesrelatie. Bijster origineel is ze niet, des te warmer als dekentje om je in op te rollen wel.

Je al eens afgevraagd hoe extra aantrekkelijk een optreden als publiek zou zijn vanuit een heerlijk warm bed vol kussens? Bij het concert van Frances in de sfeervolle AB Club komt die gedachte naar boven drijven. Eind september vorig jaar nog als voorprogramma van Bastille for Life in de Ancienne Belgique, nu in een no time uitverkochte Club. In 2016 had ze een kleine zegeronde met haar uiterst meezingbare “Don’t worry about me”. Nu kan ze met haar debuutalbum ‘Things I’ve never said’ aan de slag. Geen band rond haar, enkel haar eigen begeleiding op de piano. Het geheel doet je niet direct swingen : de mainstream ballades fungeren perfect als vehikel voor de audities van ‘The Voice’ om te tonen hoe groot het bereik van een stem is. Haar liedjes zijn bijna één voor één inwisselbaar. Maar waar uniciteit ontbreekt, heeft Frances warmte, charme en vakmanschap ten overvloede, en wil je er graag op je gemak bij liggen om naar te luisteren.
Na een kort welkomstwoordje trapt ze af met “Grow”. Direct valt haar mooie en zeer heldere stem op, zeker in het refrein waar het titelwoord in vier opéénvolgende noten naar omhoog wordt gezongen. Perfecte oefening voor de stembanden, en aangenaam om horen. Bij “Let is out” is er even een karaokemoment voor het publiek waar een toonladder mee kan gezongen worden als begeleiding. Ieder liedje – “Cloud nine”, “Borrowed times”, “Under our feet”, “Say it again”, “The last word” – wordt afgewisseld door een grappige anekdote over het leven als ‘zangeres on the road’. Willekeurig doet het denken aan Rowlf the dog van The Muppet Show, en dit is zeker een positieve vergelijking. Grappig en ironisch, inspelend op wat het publiek roept , krijg je voor hetzelfde geld een kleine portie stand up comedy erbovenop.

Als een bal voor een open doel eindigt ze met “Don’t worry about me”. Eventjes verwonderd dat ze door haar korte set heen geraasd is – ze klokt haar optreden op exact drie kwartier af – start ze haar hitsingle zonder begeleiding. Enkel stem, maar wat voor één. Door het zeer intieme karakter en haar transparante stem valt de schoonheid van haar teksten op. En die draaien quasi allemaal om hetzelfde : het moment dat een liefdesrelatie zijn magie verliest en twijfel en realiteitsbesef hun intrede doen.
Respect voor haar taalgebruik, het getuigt van talent om dit in elk liedje telkens met een nieuwe beeldspraak duidelijk en éénvoudig te verwoorden.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Cocaine Piss

Cocaine Piss - Alice in Punk-Wonderland

Geschreven door

Cocaine Piss - Alice in Punk-Wonderland
Cocaine Piss – Mind rays
Cactus Club
Brugge
2017-04-20
Louis Follebout

Deze veelbelovende punkavond mag geopend worden door de heren van Mind Rays. De Gentse nachtuilen vonden het nog te licht buiten, dus werd de show een kwartier later aangevangen, maar dit werd direct goedgemaakt door de eerste noten van het voorprogramma. Hard en luid. Dit vat het eerste nummer, en in alle eerlijkheid de hele set, perfect samen. De harde gitaren en perfecte drumritmes worden hard gesmaakt door het publiek. De Brugse punkers kunnen onmogelijk stilstaan op de sublieme gitaarriffs  en oorverdovende drums.
Het Gentse viertal breekt sinds 2013 menig Europese podia af en dat is in Brugge niet minder. Als de grote boze wolf blaast frontman Sis het podium omver alsof het een stenen huis was. De onversneden vocals zijn in perfecte harmonie, zelf wanneer Sis de micro vol in de mond neemt, met monsterlijke geluiden als gevolg. Tijdens het laatste nummer hebben ze zelf geen podium meer nodig en de frontman trekt het publiek in en op commando van de enorm getalenteerde drummer gaat Brugge nog één maal volledig los. Genoeg opgewarmd, laat Cocaine Piss maar komen!

Wanneer frontvrouw Aurélie Poppins het podium opkomt denk je niet meteen aan een losgeslagen punkfenomeen, maar eerder een lieve Alice die op pad gaat in haar Wonderland. Deze droom wordt meteen aan diggelen geslagen met het eerste nummer “Piñacolalove”. Wanneer je dacht het voorprogramma hard was, think again want Cocaine piss doet daar een serieuze schep bovenop. Een nummer van de Luikenaars duurt gemiddeld anderhalve minuut en misschien maar goed ook, want op sommige momenten zou je kunnen denken dat de schattige zangeres gewoon dood neervalt van de inspanning. Als een dartele, licht gedrogeerde gazelle dwarrelt ze op het podium terwijl ze geluiden produceert die je in de verste verte niet zou associëren als je haar ziet. Eerlijkheidshalve moet er wel een kanttekening gemaakt worden. De vocals zijn niet voor iedereen weggelegd. ‘You love it or your hate it’, maar gelukkig dacht het voltallige Brugse publiek 'WE LOVE IT', want na 10 minuten in de show werden de eerste moshkes geplaceerd. Er werd zelfs gekoprold. U hoort het goed, gekoprold. Voor de enkelingen die toch geen fan waren van de zanglijnen, waren er nog steeds de heerlijke ritmesecties waar Cocaine Piss altijd op kan terugvallen. De riffs zijn onverbiddelijk en sleuren je hoe dan ook mee in de sfeer van psychedelische punktrip in Wonderland.
Na 10 minuten kwam er een onverwachte gast bij in het publiek namelijk de frontvrouw zelf. Als een nymfomane ging ze het publiek rond op zoek naar haar volgend slachtoffer. Met verrassend sensuele bewegingen trok ze iedereen mee en het feest kon beginnen. Er werd gedanst, gesprongen, gemosht. Frontvrouw Aurélie had het zodanig naar haar zin dat ze besloot om voor de rest van de set tussen het publiek te blijven. Het is eens iets anders, maar het zorgde aangename gespannen sfeer in het publiek. Niemand kon haar volgende stap voorspellen en dat maakte dit optreden zo speciaal, maar zij was niet de enige onvoorspelbare. Tijdens het nummer “Ugly face on”  zag een fan zijn kans en nam de microfoon over. Het publiek werd verrast door een goedklinkend gebrul en vond dit blijkbaar niet erg. Het was misschien een mooie afwisseling op het hoge getier.

Kortom, een punkavond zoals het hoort: harde muziek, getalenteerde muzikanten en haast onverstaande vocals.

Setlist Mindrays
1. RETREAT  2. STILL & ALL  3. TRESPASS  4. MORE OR LESS  5. LIKE FLIES  6. THE ROPES  7. DEMUIE  8. WE SEE  9. SUNBREAK  10. NO PROTOCOL  11. RADIATE  12. FOLLOW SUIT  13. TAKE FOREVER  14. CREEK
Setlist Cocaine Piss
1. PIÑACOLALOVE  2. SEX WEIRDOS  3. FTS  4. HAPPINESS  5. TREEHOUSE  6. PLASTIC PLANTS  7. PIGEON  8. COSMIC BULLSHIT  9. BLACK SPEEDO  10. SHIY PANTS  11.ELEGANCE  12. UGLY FACE ON  13. THIS IS NO FASHION SHOW  14. INCEST  15. THE PLAYER WITHOUT A TEAM  16. THE DANCER

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/cocaine-piss-20-04-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/mind-rays-20-04-2017/
Organisatie: Cactus Club, Brugge

Waar Is Ken?

Waar Is Ken? – Trukendoos in Klank en Woord

Geschreven door

De zoetgevooisde , melancholiche electropop van het uit Izegem afkomstige Waar Is Ken? wordt sterk ontvangen .In een goedgevulde AB Club kwam het kwintet z’n tweede cd ‘Rafelrand’ voorstellen, die het twee jaar eerder verschenen ‘Dwaaltuin’ opvolgt  . Een pak elektronische apparatuur , keys , een diepe bas , een verdwaalde blazer bepalen een pastelachtig klankenspectrum , dat warm , teder klinkt .Toon Bosschaert is de man achter de knoppen die het raamwerk aflevert  . De dromerige , breekbare zang van Marlies Dorme en de grommende fluister/zegzang van Geerwin Vandekerckhove geven zeggingskracht .

Een impressionistisch kader trekken ze op, een speciale, mysterieuze droomwereld creëren ze door subtiele , spaarzame geluidjes , grooves en vibes . Fris en zacht klinkt het. Het zijn schone liedjes die een relaxte , aangename , chillende aanpak induceren en verdwalen in een roes. 
Waar Is Ken? heeft ergens een link met andere Nederlandstalige woordenkunstenaars en -wonders als Madou , Wim De Creane, Boerenzonen Op Speed, De Mens , Bart Peeters, Luc De Vos als Neerlands Hoop, MAM, Spinvis en de muzikale elektronica moves van Air en de semi-akoestische inslag van Lemon .
De band krijgt een sterke airplay op Radio 1 , maar verdient dat ietsje meer . Ook al straalt de groepsnaam een ‘je cherche donc je suis’-attitude uit, ook de visuals doen dit door  hun Pacman doolhof . De single “Woordenstroom” toont dit aan, ondersteunt de sobere als brede aanpak en wordt gedragen door de afwisselende zangpartijen. Het nummer krijgt nog wat meer elan door de  vocoderzang van Geerwin , die op z’n beurt Peter Frampton oproept. Net ervoor opende “Stadstuin” , reikte ons de hand met hun sfeervolle , aangename electropop.
In de vijfenveertig minuten durende set , ervaarden we een  verbondenheid en bleven de songs  tussen de oren hangen. . Het nieuwe album heeft een paar wonderbare singles als het dansbare “Chique” dat ‘fantastique’ klinkt door de aanstekelijke, dansbare ritmes en het intiem ingetogen “Hemelwater” dat door Marlies op piano/keys zo goed als alleen werd gezongen en gespeeld.
Waar Is Ken? flirt met stijlen , “Banksky” is eentje met de poëtische raps van Brihang; en op het opbouwende , variërende “Atlas” hoor je world/afro reggae met Eduard Buadee , die dit jaar met (het terug opgehoeste) Skyblasters hun 30 jaar jubileum viert. Schitterend ! Letterlijk had je een ontluikend lente gevoel , verwondering waar de donkere dagen uitgewuifd worden;  je geniet van de kleine dingen , de natuur die stilaan wakker wordt. Een soort onthaasting met sobere , elegante songs die zich een weg banen en dwarrelen als blaadjes rond, over ons heen , “Wonderling” , “Wimperzoen” , “Mirakelmaker” en “Sluimerdans”  klonken als een trukendoos in klank en woord! Oudjes “Komaf met Kafka” en  ‘Badpak zijn die andere twinkelende , extraverte songs, die de dansspieren aanspreken .
Tot slot kregen we met “Grasgewijs” een erg mooie afsluiter die de ingehouden als groovy kant van de band verbond .

Een handvol concerten zijn voorzien . De zoektocht naar Ken omarmt gelijkgestemden in de AB Club en is ‘Fantastisch’ op z’n Eva De Roovere . Een must-see!

Organisatie: Ancienne Belgique , Brussel

Meuris

Meuris – Tussen ervaren entertainment en herboren anarchie!

Geschreven door

Voor een vijftiger die ooit dacht (of althans hoopte) dat de wereld ooit wel de goede richting zou uitgaan zijn het vandaag meer dan harde tijden. Voorbeelden bij de vleet, een frontpagina van de krant meer dan genoeg om te beseffen dat het idealisme van toen (als dat al bestond) niet meer dan restanten vol angst en ellende voorstelt.

Tot spijt van wie het benijdt, hield Stijn Meuris de afgelopen maanden niet zijn mond, niet dat hij dat vroeger deed. Gewoon omdat iemand het moest doen. Daarom schuimde Meuris de Belgische zalen af met zijn uitverkochte ‘Tirades’. Niet omdat hij zich plots als een Geert Hoste zag (neen, gelukkig niet!), wel omdat er in hem nog dat klein stukje hoop zit dat hem toefluistert dat de mens zichzelf nog wil redden van de kapitalistische apocalypse die van zijn medemens niet meer dan een cijfer uit statistieken maakt.
‘Vigilant’, het lievelingswoord van de Antwerpse burgemeester (dixit Meuris) is het muzikale vervolg op zijn tirade. Meuris klonk nooit zo verbitterd, nijdig en melancholisch als voorheen.
‘Vigilant’ is tegelijkertijd ook een muzikale bevrijding voor Stijn Meuris. Eerlijk is het geenszins, maar het Limburgse rockicoon snapt zelf maar al te goed dat hij zijn songs niet meer hoeft te schrijven voor de radiojongens. Mensen vallen toch dood of vervallen in razernij, en dus kun je lekker je eigen gang gaan. Of zoals Stijn het in de AB Club zelf stelde: “het zijn songs waarvan wij vinden dat ze de ideale singlekeuzes zijn”.
José James moest zijn concert in de grote zaal annuleren, en daarom (alweer dixit Meuris) hadden we het kot van de AB voor ons alleen. Een concertzaal waar zeer veel over te vertellen valt (zelfs over de wc’s), al was het maar een plaats waar Meuris bijna jaarlijks heel zijn carrière lang stond/staat. We hebben het over het podium natuurlijk…
Steeds zichzelf bewijzend, hoewel het gisteren meer dan ooit op het betere luister(rock)lied met een sympathieke middelvinger leek. Beter dat dan je sherry drinken en ondanks de wereldbrand pretenderen dat er niets aan de hand is, niet waar mijnheer Meuris?
De vraag was hoe Stijn de zwaarmoedigheid van zijn laatste plaat op een podium zou brengen. Simpel, en effectief! Geruggesteund door bassist Bart Van Lierde (de enige die het oeuvre van Slayer akoestisch kan spelen, alweer dixit Meuris), gitarist (soms pianist) Dave Hubrechts, drummer Antoni Foscez en Kris Delacourt gewoon zichzelf wezen.
Stijn begon op veilig, “Als ik ’s nachts door Veerle rijd”, één van die vele Noordkaap-songs waar een normale mens het koud (of zo je het wil) warm van krijgt. Na Noordkaap, kwam Monza, gewoon omdat deze periode te goed is om te vergeten. “Naar Men Zegt” werd de tweede song uit een set van (!) 22 (LUISTER)liedjes.
Zo wat alles uit ‘Vigilant’ werd gespeeld, behalve het imposante “Maraboet” of de gezellige rocker “Als Lemmingen”. Wel “Truckstop”, al was het maar omdat Limburg niets anders dan lange steenwegen heeft (ondertussen weet je wie het gezegd heeft), “Fonkeling” (omdat het één van de weinig mooie woorden is), “Oud-Links” (al was het maar omdat het, slik, waar is) en “Vigilant”, een song die minstens even nijdig klinkt als “Gigant”…en dat zeggen we niet eens omdat de schrijfwijze van de woorden bijna identiek is.
Stijn zorgde tevens voor de crowdpleasers, de disco expresso van het onweerstaanbare “Bimbo Van Het Jaar” (nooit gedacht dat Stijn van Italo Disco hield), het altijd even mooie “Panamarenko” en “Van God Los” dat uitmondde in een eerbetoon aan zijne purperen hoogheid door er op een ongebruikelijke, grappige en uiteraard op Meuris-achtige wijze de ‘woo-hoo’s’ van “Purple Rain” aan te breien.
Het hoogtepunt was wat ons betreft op “Vigilant” na (we houden nu eenmaal van mannen die hun ziel uitkotsen, gewoon omdat kots je ziel wit wast) samen met een (op de tekst na) onherkenbare, meer aangrijpende versie van “In De Rij Voor Soep”. Zo waar beter dan het origineel.

Meuris balanceerde in Brussel uitstekend tussen ervaren entertainer en (her)boren anarchist, iemand die koos tussen durf (‘Programma 96’ en ‘Omerta’) en toegeving zoals met een megafoon door de zaal rennen met de afsluiter “Ik Hou Van U”. Al was het maar om de mensen er op te wijzen dat je ‘Vigilant’ kan kopen, doen!

Met dank aan Luminousdah.com  http://www.luminousdash.com

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Bettie Serveert

Damaged Good

Geschreven door

Het Nederlandse Bettie Serveert bracht ‘Damaged Good’ reeds vorig jaar uit, maar ter gelegenheid van de Record Store Day komt dit album uit op vinyl bij het Amerikaanse Schoolkids Records. Reden genoeg om het alsnog te bespreken.
Damaged Good’ is een Betties-album pur sang. Misschien niet zo verrassend als debuut ‘Palomine’ in 1992, want een band kan het publiek ook maar één keer van z’n sokken blazen, maar nog altijd fris, dynamisch en lekker weerbarstig.
Dit elfde album laat de band in al zijn bekende facetten horen en bevat een paar pareltjes die alleen deze band kan inblikken. “Brother in Loins” is daar een mooi voorbeeld van: een leuke baslijn, gitarist Peter Visser die slechts tegen het einde van het nummer helemaal loos gaat en daarover zangeres Carol van Dijk met haar uit duizenden herkenbare stem.
Andere instant Bettie-klassiekers zijn de felle single “B-Cuz”, het heerlijke “Unsane” en “Digital Sin (Nr 7)”. Die laatste is een song waar je al snel hele reeks adjectieven voor nodig hebt als je die wil omschrijven, te beginnen met post-apocalyptisch, episch en psychedelisch. Dat geweld wordt afgewisseld met tragere, ingetogen nummers als “Brickwall” en “Mouth Of Age” en het tussen rocken en dromen schipperende “Whatever Happens”.
De Betties krijgen op ‘Damaged Good’ ook nog hulp van collega-oudgediende Peter te Bos van Claw Boys Claw, die meezingt op “Love Sick”, en professor Nomad die “Never Be Over” mee kleur geeft. Niet dat dat nodig was om van ‘Damaged Good’ een interessant album te maken, want Bettie Serveert speelde met hoorbaar plezier en zin deze nummers in. Na 25 jaar misschien iets bezadigder, maar het vuur van deze Nederlandse gitaarrockband brandt nog hard. We zijn nog lang niet af van Bettie Serveert.

Union Jack

Supersonic

Geschreven door

De Franse skapunkband Union Jack timmert al 20 jaar aan de weg. Ondanks rake teksten in fout- en accentloos Engels reikt de bekendheid van deze band nog niet tot in België. Dat is jammer, want deze band heeft best wel wat te bieden. Bij momenten komen ze in de buurt van Janez Detd, Smash Mouth en Rancid.
De twintigste verjaardag van Union Jack wordt gevierd met het nieuwe album ‘Supersonic’, met daarop een intro en dertien nummers. Het album heeft minder ska-invloeden dan op vorige albums en dat is spijtig, want daar zijn deze Fransen heel goed in, zo blijkt uit “Oh Boogie” en “The Globe”. In de plaats krijg je meer rechttoe-rechtaan-punk die geworteld is in de begindagen van de UK Subs, The Adverts, The Undertones en The Descendents, maar evengoed meegegaan is met de gladdere, meer Amerikaanse punkrock van Good Riddance, Green Day en (de vroege) No Doubt.
Union Jack speelt opgejaagd, retestrak en toch gladjes. Het enige wat deze band ontbeert, zijn meezingbare refreinen. Zanger Tom Marchal en bassist Rude Ben wisselen elkaar af als zanger, wat voor genoeg variatie zorgt om elk nummer spannend te houden. Gastmuzikant Rev. Tom Frost geeft een paar nummers een extra rockabilly-toets met zijn staande bas en orgel. Voor wie eens lekker wil meebrullen, zijn er “Wordaholic” en “Purple Pride”. De andere hoogtepunten zijn “Boomerang”, (met een heerlijk huilende gitaar), het furieuze “Don’t Look Back”, het rauwe “Bones” en het radiovriendelijke “Human Zoo”.
‘Supersonic’ is voer voor fans van Rancid, Janez Detd en Reel Big Fish.

https://www.facebook.com/badska/

Theme Park

Is This How It Starts?

Geschreven door

Dit Londens trio heeft met ‘Is This How It Starts?’ een uiterst goed in het gehoor liggend en dansbaar album in elkaar geknutseld. Na de korte instrumentale opener van het album krijgen we met “You Are Real” een song met een oorwormpje in het refrein en waarvan je zin krijgen om te bewegen. Zo ook voor tracks zoals “Dancing With The Other Girls” of “I’ll Do Anything”. “10AM” is een ingetogen en melancholische track die klinkt als een jaren-80 popsong. Theme Park verrast ons met een helder en levendig geluidstapijt, dansbare ritmes en een arsenaal aan synthsounds.
Het is een album geworden over opgroeien, de wereld in perspectief zien en over het verschil tussen het leven in realiteit en online. Voor wie geen behoefte heeft aan hun boodschap blijven er 12 leuke en pakkende popsongs over; waar het plezierig naar luisteren is.
Wie hen ook eens live wil zien kan hen gaan bekijken in september in België en Nederland (Paradiso). Verkrijgbaar in de meest gangbare muziekdragers en met als bonus een live-cd.

Bastille

Wild World

Geschreven door

Het is al snel gegaan voor het jonge Britse Bastille . De band heeft nog maar twee platen uit en is in die paar jaar uitgegroeid tot een supergroep. Ze hebben hét met hun toegankelijke, melodieuze synthpop  en sterke live reputatie . Die live reputatie is eerlijk gezegd sterker dan het plaatwerk . Ze hebben hét door hun betrokkenheid , enthousiasme en uitstraling die tekenen voor samenhorigheid en positivisme .
“Pompei” , “Things we lost in the fire” , “Laura Palmer” en de titelsong “Bad blood” werden vier classics , op de tweede is dit met “Good grief”  en “Warmth” . “Power”, “Send them off!”  en “Snakes” bengelen er nog wat aan . Het ander materiaal is meer van hetzelfde en moet het meer hebben van een stevige boost .
De songs zijn onschuldig en bereiken een breed publiek door  de kleurrijke, bombastische sound , toegegeven,  nergens te zeemzoeterig of kitscherig. Kauwgomballenpop, met Coldplay allures, die uiterst gezellig, warm aandoenlijk klinkt .
Bastille brengt muziek en ontspanning met een zeker entertainment en happy feelings gehalte.

Allah-Las

Calico review

Geschreven door
Allah –Las moet het zo niet hebben van moderne snufjes . De uit LA afkomstige formatie is een retrobandje pur sang en draait graag de klok terug naar die westcoastpop  van de jaren 60 en voegen er aangename surfgitaartjes , psychedelica riedels en 70 s retro aan toe .

Twaalf songs in nog geen vijfendertig minuten , leuk dus, dit betekent dat het aangenaam , relaxt wordt gehouden door die twinkelende gitaarakkoorden, dromerige, groovy tunes , huppelende drumritmes en de kenmerkende rock’n’roll sound.
We ervaren wel dat de elektronica wat meer ingang vindt in de nummers . Allah-Las zet iets verder van wat vroeger populair was en best niet vergeten wordt.

Pagina 448 van 967