logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Kreator - 25/03...
The Wolf Banes ...

Fidlar

Too

Geschreven door

De ongedwongen fun-punk van Fidlar’s debuut heeft een logisch vervolg gekregen op ‘Too’. Het tweede album staat weer vol met aanstekelijke skate-punk songs die zich zonder omkijken een weg banen doorheen een zorgeloos party-wereldje waar het bier rijkelijk vloeit. Deze keer zijn er wat Weezer extracten aan toegevoegd (“Why Generation”, “Sober”, “Bad Medicine”) die het geheel nog meer in het West Coast zonnetje zetten.
Net als op het debuut weet Fidlar compacte en pittige lellen van songs te produceren die op diverse podia weer voor menig moshpit feestje zullen zorgen (met “Punks” en “Drone” in de voorlinie). Wanneer ze iets serieuzer voor de dag proberen te komen vallen ze door echter de mand, deze band is niet gemaakt voor gevoelige songs, dingetjes als “Overdose” en “Stupid Decisions” zijn melige afleggertjes die ze beter aan anderen overlaten.
Toch weer een fijn en onbevangen plaatje.
Fidlar is punk in een Hawai hemdje, wat meteen ook hun gebeurlijke outfit verklaart, ga dat checken in de AB Club op 22/11.

Thunderbitch

Thunderbitch

Geschreven door

De groepsnaam doet een bronstige metalband vermoeden, maar dit is gewoon een zijstapje van Brittany Howard, de volumineuze Alabama Shakes frontdame met een stembereik van hier tot in Timbuktu. Op het soulvolle ‘Sound & Color’, de nieuwe van Alabama Shakes, komen weliswaar al haar talenten uitvoerig bovendrijven, maar hoe mooi ook die prachtige strot haar werk doet, toch is het allemaal wat clean en braafjes. Om zeurpieten als ons de mond te snoeren lost Howard dat op haar eigen manier op. Ze bedenkt het alter ego Thunderbitch, smeert haar stem met onverdunde motorolie, laat de hyena in zichzelf los en spuugt er in een half uurtje een stel teugelloze rock’n’roll songs uit. De soul maakt plaats voor rauwe rock en de kreukjes en plooien hoeven niet langer te worden gladgestreken, integendeel, er worden nog wat extra scheuren en barsten bij gemaakt.
“I Don’t Care”, “I Just Wanna Rock’n’Roll”, “Eastside Party” en “Wild Child” zijn snerende rock’n’roll beestjes die er met pure punkspirit worden uitgespuwd. “Closer” is een trage gemene sleper die rechtsreeks uit een smerige garage komt gekropen en “My Baby Is My Guitar” is een vuile blues die dwars door het beendermerg snijdt. Het album barst van de rauwe rock maar eindigt met een onbesuisde en hartstochtelijke soulsong “Heavenly Feeling”, een ruwe diamant die helemaal niet hoeft geslepen te worden.
‘Thunderbitch’ is een heftig plaatje en Brittany Howard is in alle opzichten een ferm wijf.

The Strypes

Little Victories

Geschreven door

Van ‘Snapshot’, het debuut van The Strypes, kon je moeilijk zeggen dat het een origineel werkstukje was, maar de spontaniteit en energie spatten er wel van af. De piepjonge band kwam niet bepaald met een nieuw geluid aanzetten maar ze brachten de erfenis van The Yardbirds en Dr. Feelgood op een heel vinnige manier terug naar een jong publiek.
Op de opvolger ‘Little Victories’ zeggen ze vaarwel tegen de snedige rock’n’roll en bluesrock van het debuut en lijkt het of ze van verschillende walletjes willen eten, met wisselend succes. Geen covers dit keer, de snotneuzen hebben er moedig voor geopteerd om volledig voor eigen songs te gaan,  maar ze vallen wat dat betreft een paar keer hard op hun bek. The Strypes lijden compleet aan gezichtsverlies door op een stel songs (“A Good Night’s Sleep And A Cab Far Home” en “Eighty-Four”) te nadrukkelijk Arctic Monkeys achterna te willen hollen en elders kiezen ze voor een goedkope soort rock met waardeloze hard-rock gitaarsolo’s. Een blèrende ballade als “I Wanna Be Your Everyday Day” had op hun sprankelende debuut nooit gekund, maar hier is die jammer genoeg representatief voor de alomtegenwoordige bloedarmoede die over ‘Little Victories ’heerst.
De bijtende rhythm and blues van de sprankelende eerste plaat komt maar heel sporadisch nog eens naar boven, dit is het geval op “Status Update” en met een beetje goede wil ook op openers “Get Into It” en “I Need To Be Your Only”, en dat is het zowat.
Nog een geluk dat wij hier de Deluxe Edition op de kop hebben getikt, met een paar bonustracks die plots wel de moeite waard zijn : “Fill The Spaces In”, “I Can’t Lie” (daar is plots terug dat rock’n’roll vuur van ‘Snapshot’), “Rejection” (fel rockertje), “G.O.V” (met een vleugje ska er in lijkt het wel Rancid in betere tijden) en een ultra korte punky cover van de MC 5 klassieker “Kick Out The Jams”. Deze laatste is nu niet de meest originele versie maar het toont wel aan dat The Strypes nog verdomd kwaad uit de hoek kunnen komen, als ze willen.

De plaat van de gemiste kans, maar als u ons niet gelooft mag u altijd naar de AB trekken op 21/10. We hopen voor u dat ze daar nog flink uit ‘Snapshot’ graaien, anders zou u zich wel eens lelijk bekocht kunnen voelen.

The Stanfields

Modem Operandi

Geschreven door

Twee jaar geleden waren wij zeer lovend over ‘Death & Taxes’, het derde full album van de Canadezen van The Stanfields. De formatie blonk toen uit door hun heerlijke mix van folk, hardrock en punk.  Het vijftal zat sindsdien niet stil en perfectioneerde en diversifieerde hun authentieke Keltische punksound.

‘Modem Operandi’ toont hoe ook rock-n-rolll, bluegrass, blues en zelfs stadionrock in de sound werden toegevoegd.  De acht composities zijn in ieder geval zeer afwisselend.  Zo is  de ruige opener “White Juan” ongetwijfeld de stevigste song op de plaat.  Met het  lang uitgesponnen “The Marystown Expedion” en de excellente folkpunksingle “Fight Song”  neemt men daarna flink gas terug en staan de Schotse en Ierse roots centraal . “Mainline” en ”Streets Of Gold” zouden zo uit het repertorium van Bruce Springsteen kunnen komen terwijl “Sunday Warships” een sterk rocknummer is met een vette knipoog naar Dave Ghrol en de zijnen.

Constante in iedere song zijn de heerlijke strot van Jon Landry en het gevarieerde instrumentarium.

Met ‘Modem Operandi’ is het duidelijk dat de toekomst er verduiveld mooi uitziet voor The Stanfields.

 

Gary Clark Jr.

The Story Of Sonny Boy Slim

Geschreven door

Met het bijzonder sterke en bijwijlen zwaar rockende album ‘Blak and Blu’ kreeg de talentvolle gitarist Gary Clark Jr al meteen het predicaat ‘De Nieuwe Hendrix’ opgeplakt. De plaat werd echter een beetje besmeurd door enkele zoetsappige r&b misstapjes die bij de Amerikanen lekker in het gehoor bleken te liggen. Wij vreesden dus al lichtjes voor de richting die deze wonderboy hierna wel eens zou durven uitgaan en we hebben spijtig genoeg gelijk gekregen.
Door al de lofbetuigingen van het jetset wereldje (tot President Obama toe!) is dit supertalent recht in de val gelopen. Zijn bootje zet niet langer koers naar de Mississippi Delta maar vaart richting mondaine haven waar de jachten van de rijkelui liggen aangemeerd.
De titel doet nochtans een authentieke bluesplaat vermoeden, maar niks is minder waar. Het nieuwe album is slachtoffer geworden van een overproductie, een afgelikte sound en te veel songs die richting aalgladde r&b neigen. De blues is zonder pardon naar de achterste rij verwezen en Jimi Hendrix is terug wandelen gestuurd. Bijzonder jammer is dat, want wij hoopten op zijn minst op een stel rauwe bluesrockers van het kaliber “Numb”, “When My Train Pulls In” en “Bright Lights”, maar met uitzondering van het stevige “Stay” zijn we er aan voor de moeite. In de plaats krijgen we netjes opgepoetste soul, funk, r&b, veel Prince en zelfs een melige streep gospel. Niet echt wat we verwacht hadden, maar mocht daar nog de nodige ziel zijn ingepompt dan konden we er tenminste van genieten. Helaas zijn quasi alle songs zo grondig gedesinfecteerd dat er maar weinig authenticiteit meer te beleven valt. Het gros van die songs mag u al onmiddellijk in de honingpot opbergen om die daar nooit meer uit te halen, maar gelukkig sijpelen er elders nog wel enkele flarden van dat ongebreidelde talent door. In “Shake”, zowat het enige nummer waar Mr Proper niet is bij geraakt, huist er nog wat primaire rock’n’roll en “Grinder” klinkt dan misschien wel wat te netjes, het wordt ten minste nog aangewakkerd met een stel van die heerlijke gitaaruithalen die op de rest van de plaat alleen maar schitteren door afwezigheid. Een magere buit, want verder valt er eigenlijk niks positiefs te melden.
‘The Story Of Sonny Boy Slim’ zal het qua verkoopcijfers ongetwijfeld goed doen, maar wij vinden het een jammerlijke verspilling van talent.

Als u deze wonderlijke gitarist in volle glorie wil bewonderen dan sturen wij u onmiddellijk door naar dat schitterende live album dat vorig jaar verscheen. U mag ook altijd een live gig van die gast gaan bijwonen, de liters stroop van de nieuwe plaat zullen op het podium vermoedelijk wel ingeruild worden voor een portie abrupt gitaargeweld.

Thee Oh Sees

Mutilator Defeated At Last

Geschreven door

Het gaat snel voor John Dwyer. Met zijn band Thee Oh Sees brengt hij nu al sedert 2006 jaarlijks een nieuw album uit, blijft hij ondertussen de wereld rond toeren en houdt hij er bovendien nog een paar zijprojectjes op na. Geen idee hoe hij het doet, maar elke Thee Oh Sees plaat is steeds weer een avontuurlijke trip doorheen een land van snedige hard-rock, Ty Segall gelieerde garage-rock en bruisende psychedelica. ‘Mutilator Defeated At Last’ is daar geen uitzondering op. De gitaren draven er lustig op door tot en met het geweldige “Lupine Ossuary”, dan gaan ze gezamenlijk aan de LSD zitten om weg te dromen bij het trippy “Sticky Hulks”, vervolgens dartelen ze even tussen de bloemenweide op het akoestische intermezzo “Holy Smoke” om dan nog eens deftig keet te gaan schoppen op het furieuze punkertje “Rogue Planet”. Afsluiter “Palace Doctor” hapt tenslotte nog wat naar adem tussen de vreemde paddenstoelen en dan zit het er na amper 33 minuutjes al op. Hop, met zijn allen naar die repeat knop!
Wederom een heerlijk stomend Thee Oh Sees plaatje, samen met ‘Carrion Crawler/The dream’ en “Floating Coffin’ zelfs één van hun beste.

Various Artists

Fat Music Vol. 8

Geschreven door

Het befaamde label Fat Wreck Chords bestaat in 2015 maar liefst 25 jaar en dat moet gevierd worden! Hoe kan dat beter  dan  door een nieuwe Fat Music-verzamelaar met 25 knallende punksongs.  In het verleden waren deze verzamelalbums steevast om vingers en duimen af te likken (denk maar aan Survival of The Fattest en Live Fat, Die Young) en dat is nu niet anders... 
Fat Mike himself selecteerde de nummers en toont zo onrechtstreeks welk  onwaarschijnlijk aantal sterke punkbands er op zijn label actief zijn.  Lagwagon, Get Dead, Good Riddance, Strung Out, Masked Intruder, Mad Caddies, Banner Pilot, Snuff, The Flatliners en zo kunnen we nog even doorgaan!  De meeste songs op deze verzamelaar komen van albums die al op onze website werden gerecenseerd. Toch zijn er ook een handvol nieuwe tracks van NOFX, Swingin ‘Utters, Leftover Crack, Western Addiction, Night Birds en PEARS.
Een punkplaat van de bovenste plank dus en dat voor een uiterst zacht prijsje, u moest al op weg zijn naar de platenboer.

Die Aeronauten

Heinz

Geschreven door

Niet meer piepjong maar des te springlevend, zo zou je het zestal van Die Aeronauten kunnen omschrijven.  De formatie rond  Oliver ‘Guz’ Maurman is immers terug met een gloednieuw en ijzersterk full album.  Terwijl het overgrote deel van het vorige dubbel album ‘Too Big To Fail’ uit 2012 vrij filmisch van aard was,  keert de Zwitserse band terug naar haar roots en componeerde ze 11 sterke, poppy en uiterst dansbare composities. 
Frontman Guz heeft een patent op het schrijven van opgewekt, zomerse popnummers en dat bewijst hij op ‘Heinz’ opnieuw.  "Schaffhausen Calling”, “Mittelland”, “Ottos kleine Hardcore band” en “Hey Fettsack!” klinken sexy, broeierig en spannend en zitten boordevol melodieën die zich na een handvol luisterbeurten  in je hoofd nestelen.  Naast een uitgebreid instrumentarium is er de herkenbare stem van Guz die zorgt voor de karakteristieke  sound van Die Aeronauten . Op de Nederlandstalige slotsong “Ik heb geen zin om op te staan” valt trouwens op hoezeer zijn stemgeluid gelijkt op dat van de recent gestorven Thé Lau.  Die Aeronauten bewijzen met ‘Heinz’ dat op klasse geen leeftijd staat!

The Godfathers

The Godfathers - Old school never dies

Geschreven door

Dat Peter van n’Trap en Den Bras een muziekliefhebber in hart en nieren is, mag zelfs een understatement betekenen. Hij haalt nu een dan een grote naam in zijn kroeg. Nu passeerden de Godfathers nog eens.

Het concert begon met “I want everything because I said so” in ware ‘old school punk’ stijl. Meteen de pees erop en duidelijk speelplezier, al was het voor Peter Coyne even zoeken naar de juiste stem.  Gevolgd door een al even stampende “If I had only Time” uit ‘Birth, School, Work, Death’. Hun nieuwe ‘Till My Heart Stops Beating’ bewijst dat ze het nog steeds in hun vingers hebben en trouw blijven aan hun klassieke recept. Drie punk akkoorden op een stevige percussie. Een rifje die ergens naar “Ca Plane Pour Moi” ruikt. “Angry young World” en “Rewind Time” bewijst dat ouderen die over jongeren zingen eenmaal terug in tijd moeten: De punkversie van “Back To The Future”. Twisted rockabilly met “Those Days are over”. “Paranoid” is duidelijk niet die van Black Sabbath, wel komt MC5 even piepen. Het optreden dreigt eventjes te vervallen maar The Godfathers hernemen zich duidelijk met het ironische “I’m Unsatisfied”. Zeer toepasselijke titel. Tenslotte kan enkel een oudere punker een titel zoals “Love is dead” bedenken, om in schoonheid te eindigen met “This is War”.
Den Trap staat er nog!

Organisatie: Den Trap , Kortrijk

Crammerock 2015 op 4 & 5 september 2015 – Zilveren jubileum is meer dan goud waard

Geschreven door

Crammerock 2015 op 4 & 5 september 2015 – Zilveren jubileum is meer dan goud waard
Crammerock 2015
GroenePutte
Stekene
2015-09-04 & 05
Lode Vanassche

25 jaar geleden had men op enkele boerenbuitens twee sympathieke jeugdhuizen: De Kreun in het West-Vlaamse Bissegem en  Cramme in Stekene, de ene dicht bij de Fransozen, de andere bij de Kezen. Beiden betekenen nog steeds heel wat in ons Vlaams muzieklandschap. Kreun weet heerlijke optredens en nu ook met Heartbeats festivalletjes te organiseren, Cramme weet al jaren tien duizenden mensen naar Stekene te lokken met affiches om u tegen te zeggen. Nu weer niet anders.
Hun recept is geniaal en eenvoudig: Belgische en Nederlandse stuff heerlijk mixen met wat internationaal gedoe. Laat ons wel wezen, als West-Vlaming pur sang leg ik al jaren lang met plezier de kilometers af naar een van de sympathiekste festivals op onze zakdoek België . Crammerock.

dag 1 – vrijdag 4 september 2015
Ook Frank Vanderlinden van De Mens blijkt zich thuis te voelen. ‘Dit is mijn huis’, als het maar een podium is of een of ander kaffaat. De Mens legt er de pees op, speelt met verve rock in al zijn eenvoud, enkele akkoorden, een brugje hier en daar, heerlijke teksten , speelplezier en enthousiasme. Frank deelt de ‘Angst van Herman Brusselmans’ en laat ons een vleugje kleinkunst proeven. ‘De pijn , dronkenschap en verdriet’ van De Mens doen aan ons aller The Lau denken. ‘Wat kan het mooi zijn in een kamertje in Amsterdam’, en gelijk heeft ie. Lachen en mooi zijn terwijl ‘Zonder verlangen’ een pareltje blijft. Wat hebben die knapen toch bij elkaar geschreven. De Mens en het publiek  hebben zwaar genoten.

De tent loopt vol met jong geweld voor Zornik die nieuw werk naast oud werk komt voorstellen. Tijd even voor de muziekliefhebbers om te pauzeren. Hoe professioneel ze officieel mogen zijn, de intussen besnorde Koen wist niet meteen te overtuigen. Soms klonk alles eerder onsamenhangend en slordig, terwijl het jonge publiek daar geen oren naar had. Heeft Koen het nog? Limburgers en rock is zoals West-Vlamingen en spraaktechnologie. Ze eindigen met “Goodbye”, Zornik leeft nog maar missen de vibes en kicks van vroeger. Iemand moet het overnemen. Mag Zornik zelf zijn ook, hoor, die zich herbront.

De sound en de intense kracht van Intergalactic Lovers maakte dan weer alles goed. Wat een verschijning en wat een potentieel! Tja, olie komt altijd bovendrijven. En de liefde voor muziek druipt er gewoon af. Lara huppelt het podium op als een veulentje dat voor het eerst een weide proeft, misthoornt met haar stem en bezorgt met haar klassebakken voor puur kippenvel. “We are we are” en “Ill” (“Delay” – “Islands”) te noteren als absolute hoogtepunten.

Dandy Warhols
mag je al schikken bij die hoogtepunten. Hun ietwat gepolijste cd-sound mocht plaats maken voor het ruwere en spontanere gitaargeluid. Zanger Courney Taylor waant zich nog op Woodstock, begint als een LSD trip om dan “Heroine” is so passee aan te slaan . De georkestreerde slordigheid doet het gefluit en de feedback en de enkele technische problemen van de gitarist Peter Loew snel vergeten, als was het een kras in een van de fijnste leders. Eindigen met een beklijvende “Bohemian Like you” en “Godless” maakt er toch wel een goddelijk slordig optreden van.

Triggerfinger
blijft alles omverblazen maar moeten er zich voor behoeden dat de routine er niet te veel insluipt en ze te veel ‘hun ding’ beginnen te doen.

dag 2 – zaterdag 5 september 2015
Janez Detd kwam weer eens samen en zette met hun ruige meezinger,- feest- en puberpunk de tent moeiteloos op stelten. Het wat jongere publiek smulde ervan en zag dat het goed was.

Moeilijke opdracht voor opvolger en singer songwriter Gavin James  zou je denken.   Deze knaap bleek er  fantastisch in te slagen om in zijn eentje de tent stil te krijgen en te luisteren naar zijn pareltjes. Zijn tomeloze warmte en vriendelijkheid sprak de mensen wel aan en het was puur genieten van dit heel ingetogen en intens moment. Je waande je zowaar in een ingerookte bruine kroeg. De verdienstelijke covers van “Billy Jean” en “What a Wonderful World” waren best te pruimen, maar Gavin, speel maar je eigen pareltjes. We horen nog van jou.

Je kan er van The Van Jets uitgaan dat ze altijd hetzelfde doen, maar dan net weer iets anders. Alhoewel. Mode-adept Johannes draagt weer hetzelfde plunje en gaat weer op hetzelfde moment crowdsurfen. “Broken bones”  kreeg een ruwe gepaste versie en het publiek smulde ervan. Ze zijn er verdomd goed in.

Benieuwd wat de eeuwige comebacker Joost Sweegers met zijn Novastar zal brengen. Hij begint gepast met een akoestische “The Best is Yet to Come” en vuurt al zijn hitjes af op ons. Hij maakt zijn live-reputatie waar en kan bevestigen met “Miami”, ondanks de valse start van dit nummer. Tipje: Laat die videowalls en projecties achterwege en laat eerder de soms bij momenten heerlijke muziek spreken.

Admiral Freebee
zal en moet in de annalen van Crammerock genoteerd worden als absoluut hoogtepunt. Eén, hij heeft een arsenaal aan prachtige songs. Twee hij heeft muzikanten mee om u tegen te zeggen. Drié het speelplezier is weergaloos. Hij weet zijn prachtige warme doch frêle stem te compenseren met backing vocals en met een blazerssectie die u zowat omver blaast ( wat een flauwe woordspeling). Het begon al met de heerlijke funky soundcheck. Dan beginnen met” The last song” om dan alle toppers met het grootste plezier op het publiek los te laten. “Run”, “Einstein”, “Darkness” en ga maar verder.

Stereophonics
bracht weer de gemiddelde veertiger voor het podium. De landgenoten van John Cale brachten een brok pure nostalgie met vele nummers van ‘waar hab ik dat nog gehoord’. De gitarist is nog steeds retecool en tovert de mooiste riffs en solo’s uit zijn zessnarige plank. Maar het wauwgevoel ontbreekt.

Goose
is er alweer niet in geslaagd om een slecht concert te brengen. Goose kwam, pakte bij de eerste noot het publiek in, liet het niet meer los, gaf het een overdosis adrenaline, zag dat het goed was en overwon. Met nieuwe opener “Lucifer” en eindiger “Synrise” zetten deze Kortrijkse knapen met de vingers in de neus en op één been de tent in vuur en vlam. Enthousiasme, machtige muziek, super lichtshow, eighties in een 2050-versie. Weergaloos. Ze spelen gitaar op synthesizer, toets op gitaar, gitaar op bas, bas op drum, drum op gitaar enzovoorts. Na lang zoeken vond ik niemand in het publiek die niet bewoog of danste, al zat die in een rolstoel.  Het nieuwe werk klinkt meer dan belovend. Het zijn de besten die zich nog verbeteren.

Organisatie: Crammerock, Stekene

Pagina 521 van 967