logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Stereolab
Stereolab

Art Bleek

The Time

Geschreven door

‘The Time’ is het tweede album van de Fransman Arthur Pochon aka Art Bleek. Een ‘laid back’ plaat met een warme gloed door de verfijnde progressive (house) en melodieuze techhouse .
Zweven we in het begin nog mee met sfeervolle cinematografische trance , dan komen de meeslepende, swingende  tunes en lekkere uptempo beats iets verderop om de hoek kijken . Om dan tot slot opnieuw in zalvende , ontspannen tracks te eindigen .
Lekker in het gehoor liggende nummers, die refereren aan de ‘90s elektronica

Info http://www.soundcloud.com/art-bleek

Grown Below

The long now

Geschreven door

Grown Below - Opmerkzaam kwartet dat zich profileert binnen de stijl van Isis , Cult of Luna, Russian Circles, And so I watch you from Afar en Amenra. . Binnen de postrock, - metal en sludge zorgen ze voor een boeiende , frisse mix.  Een concept van 5 uitgesponnen songs en 2 korte instrumentals , repetitief opbouwend , slepend en exploderend ; ingetogen passages en krachtige , stevige geluidsgolven met een donkere , zweverige , etherische, filmische ondertoon . Heerlijk voor wie houdt van deze ritmiek . Een ‘brutal’ gromzang en een symfonische fluisterzang wisselen af .
Net als bij Killing Joke hebben we op ‘The long now’ een verhaal dat draait om de einde der tijden . Maar ondanks dit gegeven zal het kwartet waarschijnlijk nog overweldigend materiaal wensen te maken …

Info http://www.grownbelow.bandcamp.com

Nemea

Life.Death.Between.Beyond

Geschreven door

Nemea is een Oostends kwintet die er stevig invliegt . Ze zijn niet aan hun proefstuk en hadden eerder al een demo EP uit , ‘A lion sleeps in the heart of every brave man’. Metal/hardcore van zwaar geschut , spannend , hard en bedreven, en die een donkere, dreigende ondertoon heeft.
De songs hebben een enorme explosiviteit en intensiteit , waarbij  grauwe vocals de ideale outfit vormen bij het genre .
Ze hebben hun naam niet gestolen , … gehaald van de mythe Nemea van Herakles die hier de zgn. leeuw van Nemea zou gedood hebben, maar ook in historische tijden, Nemeïsche Spelen die hier om de twee jaar plaatsvonden. Het is ook een plaats en gemeente, in de Griekse regio  Peloponnesos.
Een band ‘in process’ , die in deze stijl overtuigen en het boeiend wensen te houden .

http://www.nemea.be

Crocodiles

Crocodiles – Honger naar meer …

Geschreven door

Crocodiles zijn hip! Een aantal dagen geleden speelden ze nog samen met Sex Pistols drummer Paul Cook in Londen, zanger Brandon Welchez is naast een Lou Reed lookalike ook nog eens het liefje van Dee Dee Penny van Dum Dum Girls en achter de drums zit dan weer Jay Space, ex drummer van de collega lawaaimakers van A Place To Bury Strangers. Een dikke twee jaar geleden tourden ze nog in het voorprogramma van White Lies maar nu mocht de underground noiseband uit San Diego headlinen in de Witloof Bar van de Botanique,oftewel de kelder, letterlijk ‘underground’ dus.

Een voorprogramma was er niet. Dus omstreeks half negen betraden de jongens (én het keyboardmeisje) het podium. En de krokodillen hadden honger, grote honger, zo bleek. Openers van de avond waren “I Wanna Kill Tonight”, iets wat je zonder nadenken plots staat mee te brullen en het fantastische “Sunday”. Veel noise, veel feedback.
Wat  The Jesus and Mary Chain, flarden van Sonic Youth en een scheut Velvet Underground, you couldn’t wish for more.
Zonder boe of ba gingen ze door op het zelfde elan met ijzersterke songs als “Neon Jesus”, “Summer Of Hate” en de titeltrack uit hun laatste album: “Endless Flowers”.
“No Black Clouds For Dee Dee” (dus niet Dee Dee Ramone, maar Dee Dee Penny) en mokerslag “Stoned To Death” sloten de amper vijfendertig minuten durende set af. Veel mensen bleven op hun honger zitten maar voor mij was het ideaal. Beter kort en stevig dan langdradig!

Klein minpuntje: voor het b-kantje van “Sunday” hadden ze niemand minder dan onze eigen Belgische punkhelden The Kids gecoverd met “Fascist Cops”. Helaas haalde hun dijk van een cover de setlist niet. Een gemiste kans. Desalniettemin een fantastisch optreden van een band die hopelijk niet te lang meer in de underground blijft steken.

Organisatie: Botanique, Brussel

John Paul Keith

John Paul Keith – verborgen parel

Geschreven door

Het zag er lange tijd naar uit dat het nooit iets zou worden met John Paul Keith uit Knoxville, Tennessee. Na zijn geluk vergeefs gezocht te hebben in het ‘saaie’ Nashville, trok hij op aanraden van zijn zuster naar Memphis. Maar ook daar leek het op een sisser uit te draaien tot hij Jack Oblivian ontmoet. Die pikt hem op voor zijn (samen met Harlan T Bobo) Europese tour in 2007. Die tour leidt hem o.a. naar de Pit's en de 4AD waar toen al bleek dat hij een schitterend gitarist is. In 2009 volgt dan zijn eerste plaat, ‘Spills and thrills’, die hij opneemt met zijn eigen band, The One Four Fives. Een jaar later trekt hij opnieuw met Harlan T Bobo en Jack Oblivian naar Europa maar deze keer mag hij de show openen met een eigen korte set. Vorig jaar verscheen dan zijn tweede plaat (een live-cd buiten beschouwing gelaten), ‘The man that time forgot’ en dat bleek een echte parel die bij de kenners wereldwijd zeker niet onopgemerkt bleef.
Zo kon hij uiteindelijk op zijn 37ste op eigen kracht naar Europa komen en dan blijkt verdomme dat er niemand in België bereid is hem te boeken! In deze tijden waarin beats primeren en ouderwets vakmanschap met een scheef oog bekeken wordt, lok je hier uiteraard geen volle zalen mee maar moet dat dan altijd? Gelukkig bestaat er dan nog iets als de Vera in rock-'n-rollcity Groningen waar dergelijke artiesten steeds welkom zijn en er toch nog zo'n 50 man opdaagden voor de aftrap van JP Keith's Europese tour.

John Paul Keith begon zijn set helemaal alleen met de titelsong van zijn laatste plaat maar het optreden ging pas echt van start toen zijn twee bandleden opdaagden. Dat waren niet The One Four Fives die we kennen van op de plaat maar James Godwin (toerde reeds een paar maal aan de zijde van Jack Oblivian in de States) op bas en youngster Graham Winchester (pas zijn tweede optreden met JP Keith) op drums. Rock-'n-roll : daar gaat het om bij John Paul Keith en die bracht hij met een loepzuivere stem en erg vintage klinkende gitaren, steeds gegoten in melodieuze songs. Al vroeg in de set gaf hij het fantastische "Anyone can do it" prijs, een nummer dat zo op een ‘Best of’ van Buddy Holly had kunnen staan. Maar zijn grootste inspiratiebron bleek toch Chuck Berry te zijn en een paar covers van de meester zelf konden dan ook niet uitblijven ("Oh Carol", "Memphis"). Tussendoor smokkelde hij ook veel obscure instrumentals (o.a. van Ike Turner) de set binnen waarin hij telkens excelleerde op een sprankelende gitaar. De ballads klonken misschien net iets te zeemzoeterig maar dat was in de fifties niet anders, dus nam ik die er zonder al te veel morren bij. Naar het einde toe werd het rechte pad der rock-'n-roll steeds meer verlaten en kregen we met "Let's get gone" zelfs een verschroeiende boogie voor de kiezen. Na een concert van zo'n anderhalf uur waarin de drie werkelijk alles hadden gegeven kwamen ze toch nog terug voor een drietal bissen om in pure schoonheid te eindigen met "Come on let's go" van Richie Valens.

Organisatie: Vera, Groningen

Jack White

Jack White - Gruizig, fel en verbeten

Geschreven door

Naast een paar stokoude bluesplaten en de voltallige Led Zeppelin collectie heeft Jack White ongetwijfeld ook een arsenaal van Gun Club, Stooges, Dinosaur Jr.  en Jon Spencer platen in huis, getuige zijn onstuimige gitaarstijl. Om maar te zeggen, Jack White is Mark Knopfler niet. Mensen die vanavond klaagden dat de grootmeester niet echt zuiver en veel te wild speelde, die hebben het volgens ons niet goed begrepen.
Een eigenzinnige Jack White speelde onder zuinig blauw schemerlicht immers furieus, scherp, luid en inderdaad een beetje rommelig, maar zo is nu eenmaal rock’n’roll, zeker in zijn geval. En dat de klank aanvankelijk wat tegenzat, was niet zijn schuld maar dat van de geluidsman, hoewel wij er eigenlijk nauwelijks last van hadden want de rock’n’roll vibreerde al snel doorheen onze ledematen.

Het supertalent heeft dezer dagen de luxe om uit zowel zijn White Stripes, Raconteurs, Dead Weather en solo repertoire te putten, en daar maakte hij gretig gebruik van, ook al koos hij niet voor de meest voor de hand liggende nummers. White en zijn male band (de vrouwtjes mochten deze keer in het hotel blijven) floreerden van heftige blues (“Top yourself”) naar gruizige gitaarrock (“Sixteen saltlines”), roots folk (“Apple blossom”) en ongekuiste soul (“Wheep themselves to sleep”). Absolute toppers waren “Hello Operator” (nog van voor er ook maar iemand van The White Stripes gehoord had), de meedogenloze gortige blues “Ball and bsicuit”, de vlijmscherpe Dead Weather garagerocker “I cut like a Buffalo” en het heerlijk aanzwellende “Carolina Drama”.
Ook de bisronde mocht er zijn met het bijzonder aanstekelijke “Steady as she goes” en het vette “Freedom at 21”. Eindigen met “Seven Nation Army” was dan misschien een beetje te voorspelbaar, de song –noem het gerust een anthem- is een stuk erfgoed geworden en mag gewoon nooit in een Jack White set ontbreken. Bovendien klonk die ook vandaag sterk en verbeten en kon die alweer gelden als het enige juiste sluitstuk voor een uiterst fel Jack White concert.

U vond het te slordig ? Ga de volgende keer naar Coldplay zien. Wij daarentegen verkiezen nog altijd vuile rock’n’roll bovenop gesteriliseerde mainstream pop.

Organisatie: Live Nation

Daan

Daan Simple Quintet – songs in hun meest eerlijke, pure vorm …

Geschreven door

Daan Simple Quintet – songs in hun meest eerlijke, pure vorm …
Daan Simple Quintet en Spencer The Rover

Erg populair is hij intussen wel geworden, onze Daan (Stuyven) . De veertigjarige artiest heeft al een rijkelijk gevulde carrière met cd’s als ‘Victory’, ‘The Player’ en ‘Manhay’, die grootse successen werden, hij schreef filmmuziek en bewerkingen van Bobbejaan Schoepen en Will Tura. Terecht ging hij al met enkele ZAMU en MIA awards aan de haal.
De muzikale duizendpoot is nu al tijdje ‘on tour’ met de plaat ‘Simple’, die voornamelijk herwerkte versies van oudere nummers en twee nieuwe nummers bevat. Wat oorspronkelijk door een trio werd uitgedokterd, Daan (zang, piano, gitaar), Isolde Lasoen (drum, zang) en cellist Jean-François Assy, is met de theatertour uitgegroeid tot een kwintet met Geoffrey Burton op gitaar en een trompettist . Iets groter kon niet uitblijven en Daan Stuyven was zelfs twee keer te zien in de feeërieke omgeving van het Rivierenhof.

We waren ferm onder de indruk hoe de eigen songs op elegante, ingenieuze en inventieve wijze werden aangepakt, sober, spaarzaam of iets breder georkestreerd , aangevuld met enkele ‘nauwelijks herkenbare’ covers , werk van z’n vroegere Dead Man Ray,  een paar nieuwe nummers en fijne huldes aan z’n favorieten . Ingetogen, sfeervol en fris .
Ook Isolde neemt een meer vooraanstaande rol bij het werk van Daan; een multi-instrumentaliste, die naast drums , de xylofoon hanteert, hamertics klopt en zich ontpopt als (backing) vocaliste. Hoogtepunten van Daan-Isolde samen: “Gabriel” en “Swedish designer drugs”, als een Sonny & Cher of een Gainsbourg – Birkin op het podium.
Het electropopmateriaal en de ‘80s kitsch pop  zijn ontdaan van enige franjes en klinken in hun meest pure, eerlijke vorm . Emotie schuilt in zulke nummers .
Knappe versies van hun singles hoorden we, o.m. een semi-akoestische “Housewife”, die z’n gedreven , pompende ritme verliest, en kippenvel bezorgt. Rasmuzikanten zien en horen we hier , waarbij Daan – Isolde moeiteloos van het ene naar het andere instrument stappen.
Verder een “Exes”, met allerhande subtiele geluidjes, de charmerende country tunes van “Icon”, een rockende “Victory”, een aanstekelijke versie van “The Player” en het eerder vernoemde “Swedish designer drugs”  … Sterk! … Respect!
Covers als Neil Young’s “A man need’s maid” en “Daddy’s down the mine” van Timbuk 3 werden ‘anders gezien’ en kregen een eigen identiteit.  Of ‘A single thing’ en ‘Brenner’ van Dead Man Ray , de filmische tracks “Metroploitan”, “15 ans déjà” en “Protocol”. Uitgekiend allemaal, wat de muzikale veelzijdigheid onderstreept van een hecht klinkend collectief . Op “A simple song” kreeg het publiek enige neurie-ruimte . Een gedreven “Landmijn”, de protestsong die Daan schreef met de slepende regeringsformatie aan het adres van Bart DW, besloot een uitermate geslaagd en boeiend concert. En tussenin klonk z’n grauwe , rokerige stem met een vleugje humor en cynisme diep door.

Wat Daan liet horen is een goed uitgebouwd vervolg op ‘Manhay’; de essentie van een popsong wordt beklemtoond en de set schitterde door de variërende  en subtiele aanpak. Onder dit gegeven kreeg het Simple Quintet nog meer elan en kracht .

Eerder hoorden we reeks songs van Spencer The Rover , het muzikale project van multi-instrumentalist Koen Renders. Een ‘songsmid pur sang ‘ die een bloemlezing speelde van z’n ‘The accident’ . De piano en het (tokkelende) gitaarspel waren het houvast; hij werd bijgestaan door een tweede virtuoos. Fijn gearrangeerd materiaal , muzikale motiefjes, een verhaallijn, die een echte eenheid vormen.
Tja die muzikale werelden van Spencer The Rover en Daan hadden veel met elkaar gemeen. Een gepaste support act dus.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/daan-quintet-05-09-2012/

Organisatie
: OLT Rivierenhof, Deurne (ism Arenberg, Antwerpen)   

Keane

Strangeland

Geschreven door

De immer sympathieke Britse Keane  rond de tandem Tim Rice-Oxley en zanger Tom Chaplin klinken op de vierde cd ‘Strangeland’ minder geforceerd en gekunsteld . De elektronica die meer armslag kreeg , is terug naar af en de songs klinken meer als op het sterke debuut ‘Hopes & Fears’, compacte , romantische liedjes, een soort onbevangen aanstekelijke droom ’ballad’ pop . Gevoelig materiaal , met een  zalvend weerhaakje, aangevuurd door zeemzoeterige piano/toetsen en de emotievolle zang van Chaplin. Los, ontspannen ‘feelgood’ heerlijke songs , niet vies van een hapklare Coldplay en Snow Patrol . Het levert een reeks toegankelijk singles op , “Silenced by the night” , “Sovereign light café”  en “Day will come” .
Keane heeft z’n oude glans teruggekregen , eerlijke pop , leuke mee neuriënde refreintjes en een knuffelbeergehalte. De toegankelijker melodieuze Keane molen draait  opnieuw op volle toeren!

Sleepy Sun

Spine Hits

Geschreven door

Uit San Franscisco is Sleepy Sun afkomstig . In 2009 vielen zij op met furieuze en dromerige trippende retrorock , die naast geestesgenoten Black Mountain en Black Angels kon geplaatst worden . Stonerpsychedelica en lang uitgesponnen nummers . Heerlijk zoiets …
Maar het vertrek van Rachel Williams liet z’n sporen na , en de band rond Bret Constantino is er nu terug bij en heeft na ‘Embrace’ en Fever’, met ‘Spine Hits’ een toegankelijk, catchy, melodieus, pakkend en gepolijster album uit, met meer symfonische folky tunes , gedoseerde noise en pedaaleffects , ondersteund van een goed uitgebalanceerde, dromerige zang. Minder zinderend en zweverig misschien, maar net als Soundgarden , steeds bezwerend. Deze muzikale evolutie brengt Sleepy Sun richting The Music, een onvolprezen Britse band van een paar jaar terug , door de broeierige , meeslepende , aanstekelijke  poppy melodieën. En er mag meer sprake zijn van finesse , songs als “She rex”, “Siouxie blaqq”, “Creature” , “Martyr’s mantra” en “Yellow end” tillen Sleepy Sun naar een hoger niveau …

Santigold

Master of my make-believe

Geschreven door

Santigold , de ‘o’ door een ‘i’ gewijzigd, heeft vier jaar op zich laten wachten , na ‘Santogold’, haar debuut. De inmiddels 35 jarige Santi White heeft niet de beste periode gekend , maar dat is zeker niet te horen op de zomerse, speelse, zwoele en smachtende songs. Een frisse cocktail van hippop, funk , soul en electro , hyperkinetische dancehall - dubby pop en donkere, dromerige liedjes, bepaald door de zingende, rappende, kirrende en hijgende Santi – Gold . The Yeah Yeah Yeahs en leden van TV on the radio zijn uitgenodigd op de een of andere manier  en de invloed van een Missy E. en M.I.A. is onmiskenbaar bij het materiaal. Een boeiende afwisseling van catchy, toegankelijk liedjes , van een hitsende “Go!”, een groovy “Disparate youth” , naar een slepende “Fame” , een dansbare “The keepers” tot een bezwerende “Look at these shoes” . Fijn plaatje dus !

Pagina 692 van 966