logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Suede 12-03-26
Hooverphonic
Sam De Rijcke

Sam De Rijcke

donderdag 27 december 2007 01:00

Here are the roses

De eerste onvermijdelijke reactie is de volgende: Godverdomme, die gasten hebben alles gejat van The Editors en Interpol. ’t Zal wel , maar hebben Editors en Interpol ook niet alles gepikt bij Joy Division en The Sound ? Yep, ook weer waar. Laten we dus gewoon stellen dat we Dragons kunnen bijplaatsen in het rijtje nieuwe bands die de mosterd met een vette pollepel zijn gaan halen in de eighties. De echo gitaren zijn dus van de partij, de donkere en diepe vocals ook, en bij Dragons wordt er ook nog een streep synths toegevoegd waardoor we met momenten wat Simple Minds toestanden krijgen, zoals in “Treasure”. Het is allemaal wel wat voller, harder en strakker dan de Simple Minds en de Messias trekjes blijven gelukkig ook achterwege.
Ze hebben dus geen nieuw geluid ontdekt en doen dingen die allemaal al wel eens eerder door anderen zijn voorgedaan, maar de songs zijn bijzonder sterk en dat is wat ons betreft de reden waarom Dragons niet moet onderdoen voor gasten als Interpol en Editors. De sterke openers van de plaat “Here are the roses” en “Conditions” bevestigen dat alleen maar. De synths en vocals op het heftige “Obedience” neigen wat naar de industrial tonen van Depeche Mode, maar dan beter. De gitaren van “Trust” zijn zomaar weggelopen uit een Cult song ten tijde van ‘Love’ (“Revolution” en consoorten, weet u nog wel).
U ziet het, ‘Here are the roses’ is echte de moeite waarde, maar iemand moet deze band dringend vanuit de schaduw van Interpol en Editors weghalen.

donderdag 20 december 2007 01:00

In Rainbows

Niet iedereen is even opgetogen met de zet die Radiohead gedaan heeft met hun nieuwste werkje. Inderdaad, een groep als Radiohead kan het zich commercieel immers permitteren om hun nieuwste plaat bij wijze van stunt volledig legaal gratis door het grote publiek te laten downloaden. Ze zullen de mislopen inkomsten wel compenseren met peperdure toegangstickets voor hun shows en met de opbrengst van de onvermijdelijke deluxe-edition met extra songs die begin volgend jaar in de winkels zal liggen. Een gemene en echt wel pretentieuze zet, als je’t ons vraagt, en een kaakslag voor vele bands die met alle moeite van de wereld hun plaatjes verkocht krijgen. Maar goed, wie vandaag een beetje met een computer en met internet overweg kan , weet toch zomaar alles illegaal te downloaden, alleen bij Radiohead mag het ook officieel gratis. Dus we gaan verder niet mopperen en zullen het hier over de plaat zelf hebben.
‘In Rainbows’ is een eerder korte en overwegend rustige plaat geworden, met uitzondering van het grillige en fantastische “Bodysnatchers” die hard tegen alle muren bonkt. Het is een sfeervol album waarop Thom Yorke net niet te veel gaat zeuren en waarop Greenwood alweer allerhande sounds en effecten uit zijn gitaar haalt zonder in overdreven experimenteel gebral te vervallen. Een typische Radiohead plaat, iets minder experimenteel dan ‘Kid A’ en ‘Amnesiac’ en net niet van het niveau van de ongenaakbare topper ‘OK Computer’.
Geen verrassingen dus, wel een handvol prachtige songs die bij elke beluistering blijven groeien, songs met klasse, romantiek en elegantie doch gespaard van elke vorm van overdreven sentiment.  Een hoopje nieuwe klassiekers zijn geboren als “Weird fishes/Arpeggi”, “Bodysnatchers”, “Nude” en “House of cards”.
Radiohead kan voor de komende concerten met toevoeging van deze nieuwe pareltjes dus een pracht van een playlist gaan samenstellen om de fans helemaal te doen smelten. En smelten zullen ze !
Kortom, ‘In Rainbows’ is alweer van een bijna niet te evenaren schoonheid en laat de concurrentie mijlenver achter zich.

dinsdag 27 november 2018 17:31

Tour De Chauffe

Een dubbel cd die is verschenen naar aanleiding van een reeks concerten in Noord Frankrijk in november. Een 17 tal Franse bands leveren hier elk twee songs. Alle genres komen aan bod, van funk tot jazz tot hardcore tot elektro tot world. De ene band klinkt al wat beloftevoller dan de andere en het Engels van die Fransen doet dikwijls pijn aan de oren, maar toch is er soms wat verdienstelijke muziek te bespeuren zoals de sound van Lena Deluxe die wat dicht aanleunt bij Portishead, of de opgefokte dance rock van Sexual Earthquake in Kobe waarin we Vive la Fète herkennen. Ook de akoestische instrumentale muziek van 3x6 is mooi en sfeervol en duidelijk op zoek naar een bijbehorende film. Luna Lost heeft dan weer een PJ Harvey meets Nick Cave allure en levert met “The party” een dreigende en kolkende song. Aangename ontdekking verder is de band Roken is dodelijk (echt wel een Franse band) met een eigen sound en twee mooie ingetogen songs.
Bij de meeste bands hoor je echter veelal de geforceerde drang om de grote buitenlandse voorbeelden te imiteren, met meestal een minder geslaagd resultaat. Bands die allemaal op zoek zijn naar een eigen smoel, zeg maar.

donderdag 06 december 2007 01:00

Widow City

The Fiery Furnaces hebben er zo een beetje hun handelsmerk van gemaakt om de luisteraar telkenmale op het verkeerde been te zetten. Elke song verandert evenveel van tempo als van melodie, een fijne pianoriedel wordt zonder omkijken plotsklaps omgezet in luide gitaren en het ritme wordt om de haverklap gewijzigd. Op de duur weet je niet meer in welke song je zit. Er staan er zestien op ‘Widow city’ maar het zijn er precies wel 56. Maar let wel, de formule die zij toepassen is uniek en geslaagd en met geen enkele andere band te vergelijken.
Het is een avontuurlijke klotsende cocktail ontsproten uit het creatieve brein van twee boeiende figuren,  broer en zus Matthew en Eleanor Friedberger. Ongetwijfeld moet hun kop overlopen van zotte ideeën  en geschifte gedachten. Wat er uit komt is van een ongeëvenaarde muzikale genialiteit en spitsvondigheid. U zal misschien compleet gek worden van al die tempowisselingen en plotwendingen, wij daarentegen vinden dit bijzonder knap en geestig.

dinsdag 04 december 2007 01:00

Black Mountain: overrompelend

Het Canadese Miracle Fortress had 2 drummers (staand !) in hun rangen die er enthousiast op los mepten. Het geluid van deze band is niet in een vakje te steken, het varieert van licht psychedelisch naar berekende noise met de zang wat naar achteren gemixt, een beetje zoals bij vergeten bands The Pale Saints of The Rain Parade.
In hun korte set speelde dit vijftal enkele vernuftig in elkaar gestoken songs voor een vrij enthousiast publiek. Voorwaar een aangename kennismaking met een bandje die ons totaal onbekend was.

Een bijzonder uiteenlopend publiek was gekomen voor Black Mountain, variërend van metalfans tot hippe alternatievelingen. Wat ons ook niet verwonderde, want Black Mountain spreekt verschillende muziekliefhebbers aan met hun mix van stonerrock, lo-fi, zweverige pop, psychedelica en krachtige americana. Wij waren vooral naar hier gekomen omdat we begin dit jaar sterk onder de indruk waren van hun fantastische titelloze debuutalbum waaruit hier amper twee songs werden gespeeld, het furieuze “Don’t run our hearts around” en het dreigende “Drugonaut”.
Voor de rest was de set volledig gevuld  met materiaal van het nieuwe album dat in februari moet verschijnen. En, beste mensen, bestel al maar een exemplaar, want het nieuwe werk klonk zo overweldigend dat we er nu nog niet goed van zijn. Die prachtige zweverige stem van Amber Webber ! die lekkere groovy keyboards ! die openbarstende gitaren ! Die bezwerende songs ! Alles was aanwezig.
Black Mountain ontpopte zich de ene keer als een donkere stoner rock groep, de andere keer als een Americana band met tweeledige zang (denk My Morning Jacket,) nog elders als een psychedelische kosmische trip.
Hun slotnummer van zowat 15 minuten bracht ons in hogere sferen. Het was de apocalyps  van een indrukwekkend, stevig en overrompelend concert. Wij waren high zonder dat we aan het stuff hadden moeten zitten.

Verder nog een flinke pluim op de hoed van de plaatselijke dj die tussen de optredens door de meest fantastische stonerrock en de meest weirde sixties muziek met elkaar in het huwelijk deed treden, uiterst groovy.  Een welgemeende thank you.

Organisatie: Trix, Antwerpen

Enon is een trio dat al een tijdje meedraait in de underground, weliswaar onder verschillende bezettingen. Ze speelden vanavond krachtige, korte songs voorzien van de nodige fuzz en distortion waarbij er wel eens uitstapjes richting noise werden gemaakt. Het deed een beetje denken aan Mc Clusky of een wilde versie van Blonde Redhead. De afwisseling van de vocals tussen de bevallige bassiste Toko Yasuda en gitarist John Schmersal bracht een welkome variatie  en zorgde er voor dat enige vorm van eentonigheid uit het geluid werd geweerd. Enon speelde op eerdere platen een mengeling van rock, noise, en industrial. Hier werd vooral de kaart van gebalde straightforward rock getrokken, net als op hun nieuwste plaat trouwens.  Lekker stevig ! Volgende afspraak in de Kreun, Kortrijk op 10 februari 2008!

Wat The Fiery Furnaces hierna presteerden was uiterst knap. Wat normaal een duo is, broer en zus Matthew en Eleanor Friedberger, is op het podium uitgebreid tot een viertal, maar wel zonder gitaren. Geen nood, een gitaar misten we hier niet, en dat hadden we vooral te danken aan de scherpe en scheurende gitaarklanken die Matthew Friedberger uit zijn keyboards toverde. Zusje Eleanor Friedberger nam enkel de vocals voor haar rekening en bracht haar songs met een punk spirit die we ook aan Patti Smith zouden toe eigenen, een punk spirit die nog werd versterkt door de enthousiast spelende bassist en drummer die voor de live optredens aan The Fiery Furnaces worden toegevoegd.
De band heeft  de laatste jaren een volkomen uniek eigen sound ontwikkeld die zich vertaalt in sterke songs die bol staan van de weerhaken en tempowisselingen. Op een podium verloren deze songs niets van hun subtiliteit en klonken ze even spannend als op hun platen. Dat hadden we meteen al door  toen de band de set opende met het zeven minuten durende “The Philadelphia grand jury” die ook al de prachtige opener is van het nieuwste album ‘Widow city’. De set was verder een mooie greep uit de zes platen die deze band in amper 4 jaar hebben gemaakt (productief bandje, alleszins) en werd nog een stuk vinniger naar het einde toe. Ze hadden er duidelijk zin in, te merken aan het enthousiasme en de spontaniteit die op het podium werden tentoongespreid.

Fijne avond in een bijzonder aangenaam concertzaaltje.

Organisatie: Trix, Antwerpen

donderdag 29 november 2007 01:00

World Container

The Tragically Hip maakt met de regelmaat van de klok oerdegelijke platen maar het is zowat al bijna 12 jaar geleden dat deze in onze contreien nog iets losweekten.  Niet dat ze plots zo slecht geworden waren, maar het geluid van The Hip varieerde echter niet veel en in Europa vond men blijkbaar dat het nieuwe er af was waardoor hun platen een beetje uit het oog verloren werden. Niet dat daar met deze ‘World Container’ iets zal aan veranderen, maar voor de fans is dit toch een aangename verassing. Na een aantal ‘middelmatige’ werken is dit weer een album die bij momenten de klasse van de hoogdagen terug oproept, pakweg van de tijd van “’Fully Completely’ en ‘Road Apples’. The Hip komt met name terug wat vinniger en strakker uit de hoek.  Er is wat vers rockbloed in de aderen geïnjecteerd, en dat doet hen deugd.  Songs als “Your not the ocean”, “The lonely end of the rink” (met U2 gitaartje), “The drop off” en vooral “The kids don’t get it” rocken hevig door.  Nummers van dat kaliber kunnen in hun live set perfect ingelast worden tussen de hele resem klassiekers van jaren geleden, ze zijn er volledig op hun plaats. En dit zeggen we niet zomaar want we hebben het zelf geconstateerd bij hun laatste passage in de AB te Brussel, een geweldig concertje als je ’t ons vraagt.
Toch zal The Tragically Hip met deze plaat, ook al is het hun beste sinds jaren,  geen nieuwe fans bijwinnen omdat ze te trouw blijven aan hun eigen stijl. Daar is ook niets mis mee en ze zullen er zelf zeker niet van wakker liggen, thuisland Canada gaat immers al jaren plat voor deze band en in de rest van de wereld zullen de fans toch maar weer blij gezind zijn met dit fijne nieuwe album.
The Hip verrassen na al die jaren niet meer, maar ontgoochelen doen ze nooit.

donderdag 29 november 2007 01:00

Two Gallants

Op amper twee jaar tijd is dit al het derde schot in de roos van dit duo na het prachtige ‘What the toll tells’ en de al even mooie intimistische EP ‘Scenery of farewell’.
De formule is min of meer hetzelfde gebleven: splijtende en doorleefde  songs die tot op het bot gaan, een shuurpapieren stem en een snijdende mondharmonica. Dylan en Neil Young zijn wederom dicht in de buurt. Voor het grootste deel hebben Two Gallants op deze derde titelloze cd de lijn van ‘Scenery of farwell’ doorgetrokken, wat zich vertaalt in overwegend ingetogen en rustige nummers als het bloedmooie en desolate “Fly low carrion crow” en het prachtige “Trembling of the rose”. Als het er wat feller aan toe gaat dan hangt er een dreigende Bad Seeds- of Gun Club -wolk in de lucht (“My baby’s gone”).
Wat Two Gallants zo bijzonder maakt is dat ze hun songs niet te veel willen opsmukken, ze halen er  de angel niet uit. Met hun platen gaan ze dus zeker niet rijk worden maar ons kunnen ze er alleszins mee raken.

donderdag 15 november 2007 01:00

Every damn time

Vunzige blues zonder gitaren. U had het nog nooit gehoord ? Wij ook niet. Het kan, deze Black Diamond Heavies doen het op ‘Every damn time’ en het klinkt absoluut te gek. Hun gitarist is het afgestapt en de twee koppige heren hebben besloten hem niet te vervangen en alleen verder te doen. Met geweldig resultaat, moeten we zeggen. De gitaar missen we hier geenszins, en dat komt door het smerigste orgel dat u in uw leven al gehoord heeft. Een duo, zegt u ? die bovendien nog rauwe rock en blues speelt ? de onvermijdelijke vergelijkingen met White Stripes, Black Keys en The Kills dringen zich dus op. Yep, en wat dan nog ?
Wat betreft intensiteit zitten deze BDH immers op hetzelfde niveau van voormelde bands. Qua gruizige rock en blues gaan we de referenties nog wat dieper in de modderpoel van de underground zoeken, namelijk bij de vettige distortion blues van The Black Eyed Snakes of van The Immortal Lee County Killers. Geen toeval blijkt, want zanger/keyboardspeler John Wesley Myers zou in een vorig leven nog bij de ILCK gespeeld hebben. De blues en soul die dit duo speelt is doorleefd, ruig, vuil, vet en korrelig.
Kortom, rechtstreeks vanuit de modder.  Myers’ stem is voorzien van een regelrechte Tom Waits rochel (de gelijkenissen met de grootheid zijn vaak akelig close), zijn orgelpartijen zijn vies, smerig en funky as hell en ze geven de plaat een bij momenten lekker zompig seventies karakter.  De drums van Van Campbell roffelen als de beesten. Deze combinatie werkt dus allerbest.
Fenomenaal hoogtepunt is de 8 minuten lange trage blues “All to hell”, perfecte titel als je ’t ons vraagt. Voor de rest gaat er wat sneller en heter aan toe en klinkt de band  als The Doors die Jim Morrison hebben buitengewipt en vervangen door Tom Waits en dan ergens in een ondergronds donker hol een jamsessie hebben gehouden nadat ze eerst een kist van de strafste whisky hebben soldaat gemaakt.
U raadt het al, dit plaatje stemt ons bijzonder tevreden.

donderdag 15 november 2007 01:00

Hats off to the buskers

Britpop op en top, deze band. Beetje Libertines, vleugje La’s, sneetje Blur, stukje Kooks, kruimeltje Razorlight, portietje Arctic Monkeys, scheutje Jam en ga zo maar door. Waarmee we willen zeggen : dit is een fris, soms poppy, soms punky plaatje met compacte en complexloze liedjes. Naar onze bescheiden mening zou het soms een beetje snediger en brutaler mogen, maar toch staan hier sterke staaltjes van songs op. Er schuilt talent in The View, dat is zeker. De volgende plaat zal moeten uitwijzen of ze boven het overaanbod van nieuwe Britse bandjes zullen uitstijgen. Inmiddels is dit debuut een fijne poging. Afwachten maar.

Pagina 106 van 112