logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
Gavin Friday - ...

Desertfest 2018 – Voor fans van Stoner-Doom-Sludge

Geschreven door

Ah Desertfest, zoals ieder jaar in mijn verjaardagsweekend en het beste cadeau die ik ieder jaar krijg. Na mijn traditionele ‘ik verdwaal in Antwerpen richting mijn hostel’ en ‘ik verdwaal in Antwerpen richting de Trix’ was het tijd om terug drie dagen te genieten van het beste wat je in de stoner/doom/sludge/…-scene kunt vinden. Dit uiteraard in combinatie met enkele legale verdovende middelen om het net dat beetje extra te geven.

dag 1 - vrijdag 12 oktober 2018

Admiral Sir Cloudesley Shovell was de eerste band die ik deftig kon bekijken na eerst te verdwalen in Antwerpen en vervolgens wat doelloos rond te dwalen tussen de stages. Tevens was dit ook de eerste band van het festival waar ik sterk naar uitkeek. Ik had ze aangeraden en wil me nu al alvast excuseren aan de mensen die m’n advies hebben opgevolgd. Niet omdat ze zo slecht waren of zoiets, maar omdat ik ondervonden heb dat je die naam onmogelijk kan uitspreken terwijl uw vrienden vragen wat je wil zien en bijgevolg tot extra ongemak leidt. Normaal zou de muziek deze gruwelijke worsteling waard maken, maar dit viel eigenlijk vrij hard tegen. Een slechte show kon je het niet noemen, die zou immers interessanter geweest zijn om te reviewen. Het was gewoon bijster middelmatig wat zeer spijtig is aangezien ze zeker potentieel hebben om veel beter te zijn. Voornamelijk op vocaal vlak lieten ze steken vallen waarbij het op sommige momenten vrij vals klonk. De zaal bleef echter tijdens de gehele show mooi gevuld en qua sfeer was het zeker wel ok. Ah, volgende keer beter.

Mijn eerste ontdekking dit weekend vond plaats op de kleine Vulture Stage. Deze was vrij goed gevuld voor Lethvm, een sludgy post-metal band van Belgische makelij die zowat het tegenovergestelde speelt van wat je blij kan noemen. Het duurde niet lang voor mijn teleurstelling kwijt te spelen die ik eerder had meegemaakt aan de Canyon Stage. Wat ik hier aan het werk zag was voornamelijk een band met veel potentieel. De laatste tijd zijn er immers veel bands die deze stijl aan muziek spelen en de meeste er van doen dit goed, dit maakt het echter moeilijk om nog op te vallen in deze massa en dit doet Lethvm zeker. Ze hebben een eigen gezicht en weten heel goed hoe ze pakkende songs moeten schrijven. Ook opvallend is dat ze zich heel goed wisten aan te passen aan het klein podium, donkere atmosferische bands verliezen hier meestal wat sfeer doordat er teveel licht is en de bar die het grootste deel van de zaal inneemt trekt meestal veel volk aan die er eigenlijk gewoon een pintje komt drinken. Bij Lethvm was dit echter helemaal niet storend want hun muziek was meeslepend genoeg dat de zaal voor mij volledig verdween. Ik ben er vrij zeker van dat ik niet gewoon bewusteloos was dus het was wel degelijk de muziek. Een echte aanrader als je ze nog niet kent.

Orange Goblin. Zo nu kan ik de review eigenlijk al afsluiten of wil je nu werkelijk voor de 400’ste keer lezen dat ze nooit vervelen, iedere show verrassend zijn en gewoon ronduit fantastisch zijn zoals ik iedere keer zeg? Want dat was het nu ook trouwens. Het enige wat ik zou kunnen toevoegen is dat deze show nu niet onmiddellijk beter was dan alle andere shows die ik al gezien heb van deze band, maar dit is voornamelijk omdat de kwaliteit altijd zodanig hoog is dat het eigenlijk nauwelijks beter kan.

dag 2 - zaterdag 24 oktober 2018
Na de kortere dag op vrijdag waren we lekker opgewarmd voor de langere dagen. Die dag besloot ik te beginnen met een snuifje Earth Ship. Deze Duitse band is één van mijn recente ontdekkingen en toen ik zag dat ze wel degelijk op dit festival speelden kon ik niet anders dan ze gaan bekijken. Volgens Desertfest zelf spelen ze sludge rock en dit dekt de lading best wel goed. De zaal raakte al snel goed gevuld en ze speelden een stevige show, jammer genoeg vertrok er wel al een groot deel van het volk voor het einde van de set omdat Black Moth ging beginnen. Ahja, meer plaats voor mij! Een stevige set met een sterk uniek geluid en solide nummers, dit smaakt naar meer.

Krakow was de volgende op het lijstje en is jammer genoeg één van die bands waarvan ik altijd vergeet dat ze bestaan wat echt zonde is, hun muziek die zich ergens tussen post-rock en post-metal weet te plaatsen en er niet mee inzit om buiten de lijntjes te kleuren is immers van topkwaliteit. Op album ben ik altijd grote fan geweest (de keren dat ik er aan denk om er naar te luisteren). Nu was het de eerste keer dat ik ze ook wel degelijk live kon aanschouwen. De kleine barstage raakte al snel goed gevuld, maar behield gelukkig wel wat ademruimte. Ze speelden een meeslepende en dromerige set die voor het grootste deel me wel wist te boeien, maar op het einde van de set begon het voor mij jammer genoeg wat langdradig te worden. De kleine zaal wist immers niet de juiste atmosfeer te scheppen om me in een trance te houden wat bij dergelijke bands best wel noodzakelijk is. Dit is ook het enige minpunt want voor de rest was het fantastisch.

Wyatt E. mag zich onmiddellijk plaatsen in het lijstje van bands die ik nu iedere keer moet zien als ze in de buurt spelen. Persoonlijk had ik nog nooit van ze gehoord, maar een vriend van me wist me te vertellen dat ik ze moest zien en indien ik ze niet goed vond hij persoonlijk mijn toestemming om een mening te hebben over muziek zou intrekken. Die toestemming is eigenlijk al lang ingetrokken sinds ik harsh noise ben beginnen leuk vinden dus ik was nooit in gevaar. Nu bleek dat mijn vriend blijkbaar soms een zeer goeie keus kan maken want ik stond letterlijk van bij binnenkomst tot eind met open mond deze helden te aanschouwen. Muzikaal passen ze ergens tussen post-rock en drone, lekker veel drone. Tijdens hun gehele set hebben ze waarschijnlijk evenveel akkoorden als nummers gespeeld, maar toch slaagden ze er in met deze minimalistische aanpak om monsters van nummers neer te poten. Ik was dus op slag verliefd <3

Volgende op het lijstje is het altijd vrolijk Belgisch bandje Wiegedood (ik blijf jaloers op die bandnaam). Zoals je wel kan verwachten met zo’n bandnaam was de sfeer ongeveer het exact omgekeerde van wat ik bij Orange Goblin mocht ervaren. Kil, doods en deprimerend dus. Wiegedood was een beetje de vreemde eend in de bijt aangezien hun muziek als enorm harde en scherpe post-black metal kan omschreven worden. Als je hoopt op één of andere catharsis waarbij je gewoon lekker wat negatieve emoties er uit kan janken en je nadien beter voelt zit je niet echt goed bij deze band. Ze sleuren je mee de diepte in en laten je daar dan ook achter, verward en alleen. Een vriendin van me wist achter de show te vertellen dat het één van de beste was die ze ooit gezien heeft, maar letterlijk enkel negatieve gevoelens erbij kon ervaren die ze overigens de rest van het festival heeft behouden.

Aangezien suïcidaal depressief worden in het midden van een festival nu niet onmiddellijk voor goeie reviews zorgt was het nodig om eventjes in een andere atmosfeer te vertoeven. De space rock van Yuri Gagarin was hier perfect voor. De band speelt exact wat je je voorstelt bij het lezen van de naam en ze doen het goed, zeer goed. Het is moeilijk om de show te omschrijven aangezien het een totaal belevenis is. Opvallend was hoe hard deze muziek eigenlijk was, space rock heeft nogal vaak de neiging zichzelf te verliezen in zweverige, psychedelische soundscapes waarbij je voornamelijk zin krijgt om een dutje te doen. Verder was het muzikaal ook zeer divers voor het genre, ze weten een uniek geluid te produceren en een frisse wind te blazen in een genre waarvan ik dacht dat letterlijk alles al gespeeld was. Een leuke ontdekking!

Het is een beetje gemeen tegenover de andere bands die vandaag speelden, maar als eerlijke reviewer moet ik wel toegeven dat ik tijdens al jullie sets zat uit te kijken naar Dopethrone. Het is nu de derde keer dit jaar dat ik ze live kan zien en veruit de beste keer dat ik ze gezien heb. De zaal was perfect gemaakt voor hen en het duurde niet lang vooraleer het publiek verdronk in smerige sludge die geen gelijke kent. Woorden schieten me tekort om te beschrijven hoe fantastisch dit was.
Het enige wat wel voor problemen zorgde was de gigantische hitte. Het was gedurende het festival al behoorlijk warm, maar bij Dopethrone was het werkelijk ondragelijk wat toch wel een beetje een domper was voor mij. Waarschijnlijk deed het universum dit expres want indien die kleine domper er niet was zou de show zodanig hard gegaan zijn dat alles ineen zou geklapt zijn in een allesverslindende singulariteit.

dag 3 - zondag 14 oktober 2018
Na op een gruwelijk vroeg uur te moeten opstaan omdat ik mijn burgerplicht moest gaan vervullen en dus eventjes heen en weer mocht naar Antwerpen was ik een beetje in een slechte mood, maar toch helemaal klaar voor wat al weer de laatste dag was.

Het eerste wat ik besloot om te bekijken was de bluesrock van Child. Helaas was ik echt niet in de juiste stemming om dit te appreciëren en in plaats van vrolijk werd ik geïrriteerd. Veel nut had het dus niet om nog verder te luisteren en ben ik het ook afgetrapt. Sorry jongens, hopelijk zie ik jullie de volgende keer wanneer ik niet om 6u mocht opstaan om vervolgens 4u op de trein te zitten.

Aangezien mijn gemoedstoestand er niet echt op aan het verbeteren was leek het alsof deze dag serieus ging tegenvallen. Maar toen plots als een mirakel was er daar My Sleeping Karma. Als iemand beweert niet in een goeie vibe te geraken van deze band dan zit je met een slecht vermomde alien die het concept menselijke emoties overduidelijk nog niet onder de knie heeft want volgens mij is het onmogelijk om niet blij te worden van deze band. Wie toevallig mijn review van twee jaar geleden gelezen heeft zal wel nu ongeveer hetzelfde te zien krijgen. Het was terug fenomenaal, een uur durende droom met prachtige achtergrondprojecties waarop de riffs je richting Nirvana sleurden. Een verbetering tegenover vorige keer was er niet, maar ik ben vrij zeker dat het gewoon onmogelijk is om het beter te doen dan dit. Boek ze nog duizend keer Desertfest, ik smeek het jullie!

Vervolgens was het tijd om EINDELIJK Acid King te zien. Dit keer speelde er gelukkig geen middelmatige black metal band om me af te leiden, dus ik zorgde ervoor dat ik al ruimschoots aanwezig was zodat ik de volledige set mocht aanschouwen. Nu bleek dat ik eigenlijk gerust m’n tijd mocht genomen hebben want al vrij snel traden er technische problemen op waarbij het een tijdje stil was op het podium. Na wat vervangingen konden ze echter snel verder spelen en de hiatus was onmiddellijk vergeten. Er is maar één manier waarop ik deze show kan beschrijven en dat is ‘niiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiiice’. Indien dit niet voldoende is voor je dan heb je duidelijk een belangrijk deel van de menselijke ervaring gemist en het spijt me verschrikkelijk. Het enige negatieve aan deze show was dat ik mezelf in het verleden nu nog meer haat omdat ik ze bewust geskipt heb om een andere band te zien.

Vervolgens nemen een kleine tijdssprong richting de minst objectieve review van dit festival, Amenra! Zodra Elder afgelopen was ben ik mij direct vanvoor in het midden gaan plaatsen want ik weiger een Amenra show vanop een andere positie mee te maken. Vanaf de eerste klank begon ik al kippenvel te krijgen en zodra de eerste door merg en been gaande schreeuw weerklonk door de zaal mocht ik al een traantje wegpinken, dit gebeurde zowat in de hele set. Dit was tevens ook de eerste keer dat ik Amenra met dergelijk fenomenaal geluid mocht aanschouwen. De Trix staat ervoor gekend, maar dit kwam in de buurt van perfectie.
Één grote domper was echter terug de vloek van op een festival spelen, zatte eikels die hun plezier halen uit sfeer verpesten. Ik snap perfect dat Amenra je ding niet is, het slaat inderdaad wel wat tegen dat het dan de headliner is en al zeker de afsluiter. Als dit gebeurt ga dan toch gewoon naar een andere band en als je dan toch persé wil kijken ga je dan niet helemaal vooraan gaan zetten om vervolgens een paringsroep naar je medemens te roepen gedurende ieder stil moment in de set. Dat het publiek hier niet zo mee gediend was , werd al snel duidelijk, maar sociale cues werken niet zo goed bij bepaalde mensen.
Bedankt Amenra voor de fantastische set, maar de volgende keer neem ik toch een stroomstok mee om storende elementen te verwijderen.

Een band als Amenra als afsluiter nemen om vervolgens op een redelijk uur te gaan slapen zodat je lichaam wat kan rusten na een zwaar weekend. Dit is de verantwoordelijke keuze die verstandige mensen nemen. Aangezien deze review nog verder loopt na Amenra ben ik overduidelijk niet één van die mensen. Voor de niet zo verantwoordelijke mens was er nog een niet zo verantwoordelijke band, namelijk Whores. Na een korte verwarring waarbij ik dacht dat het om één of andere obscure grindcoreband ging uit 2008 (Vraag me niet waarom, m’n brein doet dat soms eens) bleek het dus om een heerlijke noise rock/sludge metal band te gaan. Volgens Desertfest spelen ze iets genaamd amphetamine reptile noise rock, als doorwinterde muzikale elitist/arrogante eikel kan ik je verzekeren dat dit genre niet bestaat maar het zou wel moeten. Het zou best wel eens kunnen dat ze een soort van geluidsvormige variant van amfetamines hebben weten te produceren want normaal bestaat het publiek bij een afsluiter na de headliner op zondag voor de helft uit mensen die te moe zijn om te bewegen en de andere helft te scheef zijn om te bewegen.
Whores leek er echter in te slagen om op een verdachte manier een serieuze scheut dopamine bij iedereen te laten lossen en het duurde niet lang voor het feestje om op gang te komen. Dat ik achteraf om 6u sochtends aan een willekeurig hotel zat in Antwerpen is duidelijk ook een gevolg hiervan.

Hoe was Desertfest dit jaar? Hetzelfde zoals altijd, fantastisch dus. Ik ga zelfs de moeite niet meer doen om me nog af te vragen of ze dit gaan overtreffen volgend jaar want dat doen ze waarschijnlijk toch gewoon weer. Organisatorisch was er eigenlijk niet echt iets anders, je kon overal vlot door en er is weinig om over te klagen. Verbazend was wel dat de belachelijk hoge prijs voor pintjes en frisdrank waarbij een Duvel dan plots verkocht werd voor een prijs die je op café nauwelijks kan vinden. Schade aan mijn lever is dus duidelijk de schuld van de organisatie en niet omdat ik onverantwoordelijk was!

Neem gerust een kijkje naar de pics via
http://www.creepingmackroki.be/index.php/concerten-2012/concerts-2018
Organisatie: Desertfest, Belgium

Radio Birdman

Radio Birdman - Terug gekatapulteerd naar de seventies

Geschreven door

Lokale helden (ik schreef bijna veteranen maar in vergelijking met de mannen die nog moesten komen zijn dit nog dartele veulens) The F’kk’n’ G’dd’mn Luckies mochten de avond openen en gaven ons precies wat we verwacht hadden, niet veel dus. Dat laatste mag je zelfs als een compliment zien. Met minimale middelen brachten ze geblutste, lofi trashblues waarop het steeds heerlijk meedeinen was. Veel was daar dus niet voor nodig: de knallende drums van Stevie en de rammende, kaduuk klinkende gitaar en de in bier gemarineerde rasp van Saftn’ volstonden ruimschoots. Naar ik meende te horen , gingen de meeste songs over bier, de rest waarschijnlijk ook en daar is niets mis mee. Want wat rest er ons meer dan bier, na een alweer deprimerende verkiezingsuitslag.

Mijn verwachtingen voor Radio Birdman waren niet bijster hooggespannen. Ik heb nog vage herinneringen van een optreden waarin een verwaande Rob Younger de boel vakkundig om zeep hielp. Bovendien las ik een recensie van een optreden, enkele dagen eerder in Haarlem, waaruit bleek dat Radio Birdman vandaag enkel nog een stel net niet dementerende bejaarden zou zijn. En teert de band nu wel niet erg lang op het oude succes? Ze maakten amper drie studioalbums, de laatste (het verwaarloosbare ‘Zeno Beach’) dateert van 2006, maar eigenlijk draait alles nog altijd om hun debuutplaat, ‘Radios Appear’, waaruit het leeuwendeel van de nummers werden geplukt.
De legende wil dat Deniz Tek (oorspronkelijk van Ann Arbor, Michigan) in 1973 in Detroit toevallig de gitaar van Fred Sonic Smith kocht, MC5 was toen net gesplit. Een jaar later houdt hij in Sydney met Rob Younger Radio Birdman (genoemd naar het verkeerd verstane ‘radio burnin’’, een regel uit de Stooges song “1970”) boven de doopvont. In ‘77 volgt dan dat debuut, het klassiek geworden ‘Radios Appear’, waarop een mix van messcherpe Detroitrock en een snuifje surf resulteert in unieke Australische protopunk. Na de tweede plaat in 1981, ‘Living Eyes’ split de band om vanaf 1996 een sluimerend bestaan te leiden.
In Kortrijk waren er toch drie van de vier mannen van het eerste uur bij: Deniz Tek (gitaar), Pip Hoyle (toetsen) en zanger Rob Younger. Dat alleen al was een prestatie op zich. De groep opende nogal mak met “Do the pop” terwijl de klankbalans verre van optimaal was, de keys waren bijna niet te horen.
Rob Younger, die er eerder uitzag alsof hij zopas bevrijd was uit Auschwitz, leek zijn spastisch snokkende lichaam niet onder controle te hebben. Het was geen gezicht maar de man bleek nog redelijk bij stem en stelde zich dit keer bescheiden op. Maar het heilige vuur miste ik toch in dat begin en waarom ze The Doors’ “Not to touch the earth” (een wat vergeten nummer uit ‘Waiting for the sun’) coverden vraag ik me nog altijd af. Naarmate de set vorderde en de klank wat beter werd , kreeg de band meer grip op de zaak en werd het nog heel mooi. Deniz Tek zorgde geregeld voor vuurwerk op gitaar terwijl songs als “Alone in the endzone”en “Man with golden helmet” (voorzien van een sublieme piano) niet stuk te krijgen zijn. Tijdens “Hand of Law” liet surfliefhebber Deniz Tek zich nog eens gaan door er een flard “Pipeline” (The Chantays) tussen te gooien.
Er werd afgesloten met het razende “New race”, misschien wel hun beste nummer. Het oplapwerk in de kleedkamer had blijkbaar heel wat voeten in de aarde maar uiteindelijk kwamen de zes terug voor een indrukwekkende bisronde. Daarin gingen ze verder op het elan waarmee ze de set gestopt waren en diepten ze drie knallers uit hun prille beginperiode op: “Anglo girl desire”, “Aloha Steve & Danno” en “T.V. Eye” (The Stooges) waarmee ze bewezen dat ze ooit even een punkband waren geweest die er echt wel toe deed.

Overtuigend over de ganse lijn was het zeker niet, toch blij dat ik de heren nog eens aan het werk zag want de afschrijvingstermijn moet nu toch stilaan verlopen zijn.

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Hanna Paulsberg

Hanna Paulsberg – Gurls & Hanna Paulberg Concept – Een kennismaking

Geschreven door

Hanna Paulsberg heeft met Gurls dit jaar een album uit ‘Run Boy Ru’ en ook met haar Hanna Paulsberg Concept heeft ze een album uit ‘Daughter of the Sun’. Tijd voor een kleine kennismaking.

  1. Dit jaar heb je twee releases gehad. De eerste met Gurls en nu een soloalbum met Magnus Broo. Was het een groot verschil om de twee albums te maken?

Het meest voor de hand liggende verschil voor mij is waarschijnlijk dat GURLS meer popgerelateerd is en het andere project met name Hanna Paulsberg Concept echt jazz is. Ik hou van spelen met en componeren voor GURLS, maar de muziek die we samen spelen in Hanna Paulsberg Concept ligt dichter bij mijn hart en is de reden waarom ik saxofoon speel.

 

  1. Op ‘Daughter of the Sun’ horen we veel Afrikaanse invloeden. Is dat de invloed van Magnus of was dat het plan voor de start van het maken van dit album?

De Afrikaanse invloeden zijn altijd al erg aanwezig geweest in het kwartet, nog voordat Magnus binnenkwam. We hebben onze muzikale wortels diep in de Afro-Amerikaanse jazztraditie, het is een traditie die we liefhebben en bewonderen.

 

  1. Ik begrijp dat u het gebruik van analoge instrumenten belangrijk vindt, kunt u ons beschrijven waarom?

Het was altijd belangrijk voor mij dat muziek organisch, natuurlijk, levend zou moeten klinken. Dit is ook mogelijk met elektronische instrumenten, maar voor mij hebben akoestische instrumenten altijd als een meer natuurlijke manier gevoeld om die kwaliteit te bereiken. Ik denk dat ik ook van akoestische installaties houd omdat het gemakkelijker is om zacht te spelen. Wanneer de dingen te luid worden, verdwijnen zoveel details en dat vind ik bijzonder jammer.

 

  1. Hoe heb je de liedjes voor het nieuwe album geschreven? Alleen? Samen?

Ik heb de nummers alleen gemaakt, maar het nummer “Serianna” is het nummer van de bassist Trygve Fiske dat hij schreef voor zijn pasgeboren dochter.

 

  1. Ik hoor veel ruimte in de liedjes. Bijvoorbeeld @ "Hemulen Tar Ferie". Voor jazz niet zo gebruikelijk. De sax klinkt ook erg melancholiek.

De ruimte is de plaats. :)

 

  1. Ik ben geen grote jazz-expert, maar voor mij is dit album het meest toegankelijke album dat je tot nu toe hebt gemaakt. Mee eens?

Ik weet het niet, misschien? Mijn vader zegt dat dit het minst toegankelijke album is dat ik tot nu toe heb gemaakt. Maar ik vind eigenlijk dat het vrij toegankelijk is.

 

  1. Heeft de titel van het album een ​​bepaalde betekenis of is het gewoon een titel?

Onze drummer las een boek over Hatshepsut, een van de weinige vrouwelijke farao's die ooit bestonden. Blijkbaar was ze een zeer sterke en succesvolle leider, maar na haar dood probeerden de mannen die achter haar aan kwamen haar prestaties te verbergen. Het album is dus een eerbetoon aan haar en alle andere sterke vrouwen die harder hebben moeten vechten om erkenning te krijgen vanwege hun geslacht. Ze werd ‘Daughter of the Sun’ genoemd.

 

 

  1. Met Gurls sta je op het Jazz International Festival @ Nijmegen en Rotterdam. Ben je ooit naar Nederland gekomen? En wat verwacht je ervan? En wat kunnen we van u verwachten?

Ik ben een paar keer naar het North Sea Jazz Festival geweest met het Trondheim Jazz Orchestra. Maar ik kijk er erg naar uit om met GURLS te komen, ik denk dat het heel leuk zal zijn. Van ons mag het publiek ongetwijfeld een groovy, intiem en leuk concert verwachten!

 

Bedankt voor je tijd en veel succes.

 

  1. This year you have had two releases. The first with Gurls and now a solo album with Magnus Broo. Was it a great difference making the two albums? The most obvious difference for me is probably that GURLS is more pop-related and the other project Hanna Paulsberg Concept is jazz. I love playing with and composing for GURLS, but the music we play together in Hanna Paulsberg Concept is closer to my heart, and the reason why I play saxophone.
  2. On “Daughter of the Sun” we hear many African influences. Is that the influence of Magnus or was that the plan before the start of making this album? The African influences have always been very present in the quartet, even before Magnus came in. We have our musical roots deep in the african-american jazztradition, it is a tradition we love and admire alot.
  3. I understand that you find the use of analogue instruments important, can you describe us why? It has always been important for me that music should sound organic, natural, alive. This is ofcorse possible with electronic instruments as well, but for me, acoustic instruments has always felt like a more natural way to achieve that quality. I think I like acoustic insttruments better as well because it is easier to play soft. When things get too loud, so many details dissapear, and that is a big turn off for me.
  4. How did you write the songs for the new album? Alone? Together? I made the songs alone, but the tune 'Serianna' is the bassist Trygve Fiske's tune that he wrote for his newborn daughter.
  5. I Hear a lot of space in the songs. For example @ “Hemulen Tar Ferie”. For jazz not so common. The sax sounds also very melancholic. Space is the place. :)
  6. I’m not a big jazz expert but for me this album is to most accessible album you made so far. Agree? I dont know, maybe? My father says this is the least accessible album I have made so far. But I actually think it is quite accessible.
  7. Has the title of the album a certain meaning or is it just a title? Our drummer was reading a book about Hatshepsut, one of the few female pharoas that ever excisted. Apparently she was a very strong and succesful leader, but after her death, the men who came after her tried to hide her accomplishments. So the album is atribute to her and all other strong women who have had to fight harder to get recognition because of their gender. She was called "Daughter of the Sun".
  8. With Gurls you stand on the Jazz International Festival @ Nijmegen and Rotterdam. Have you ever come to the Netherlands? And what do you expect from it? And what can we expect from you? I have been to North Sea Jazz Festival a couple of times, with the Trondheim Jazz Orchestra. But I am looking very forward to coming with GURLS, I think it will be alot of fun. From us, the crowd can excpect a groovy, intimate and fun concert, no doubt!

 

Thanks for your time and lots of success.

Pale Waves

Pale Waves - Jonge Leeuwen, met potentieel om in de toekomst inderdaad potten te breken

Geschreven door

'Don't believe the Hype'. Met dit in gedachten, vertrokken we op zaterdagavond naar Botanique , Brussel voor een band die door sommige Engelse media bijna wordt aanzien als het nieuwste wereldwonder. Pale Waves bracht met 'My Mind Makes Noises' een debuut uit dat voor uiteenlopende reacties zorgt. Van 'een zoveelste new wave/postpunk kopie 'tot 'de nieuwste parel' tot 'een band met potentieel, die vooral nog moet groeien'. Het deed ons besluiten om zelf eens te gaan zien naar de nieuwste Hype uit Manchester. We kunnen ons trouwens nog het best vinden in die laatste stelling, zo zou naderhand blijken. De Rotonde was compleet vol gelopen, met een opvallend jong publiek die de teksten ondertussen had vanbuiten geleerd, en Pale Waves in de ganse set warm onthaalt.

Aanstekelijk synthpop om op te warmen
Voorprogramma zijn is doorgaans een ondankbare taak. De band in kwestie moet alles uit de kast halen om een publiek, dat eigenlijk enkel komt voor de hoofdact, over de streep te trekken. Sommige van hen vallen dan ook al te vaak door de mand. Maar je hebt zo artiesten die over voldoende charisma beschikken om die klus met brio tot een goed einde te brengen. Ninety's Story (****) mogen we tot deze laatste categorie rekenen. Dit duo brengt een aanstekelijk potje synthpop dat van begin tot einde aan de ribben kleeft. Een gewonnen thuismatch zou je kunnen stellen, het Franse duo pakte het publiek uiteindelijk met het grootste gemak in, na een toch eerder moeizame start. Dat enthousiasme op het podium, een aangeboren charisma samen met gezapige tot catchy refreinen naar voor brengen waarop stil staan onmogelijk is, zorgt er uiteindelijk voor dat de handen prompt op elkaar gaan, en Ninety's Story een overgroot deel van de zaal uit zijn hand kon doen eten. Missie geslaagd, en een Electro/synthpop duo om in het oog te houden, naar de toekomst gericht.

Geef hen tijd om te groeien...
Pale Waves (****) moest eigenlijk totaal geen inspanning leveren om dat publiek over de streep te trekken. Al vanaf de wat vreemde intro reageert de zaal overenthousiast op ondertussen al bekende songs als “Televison Romance” en “Kiss”. Goed begonnen is half gewonnen dachten de dames en heren. De registers worden verder open getrokken met “Eighteen”, “Black” en “Red”. Twee songs die nog maar eens aantonen dat Pale Waves ook heel snoeihard kan uithalen trouwens. Nog een opvallende vaststelling. Pale Waves brengt new wave/post punk die doet terugdenken aan de jaren '80, maar in een fris en monter kleedje gestoken. Samen met deze band is een nieuwe generatie opgestaan die deze muziekstijl omarmt. Want, zoals we eerder hadden aangegeven, stond de zaal boordevol piepjong en wild enthousiast reageerde fans die elke songs uit volle borst mee zingen. Dat enthousiasme werkt bovendien enorm aanstekelijk. De band was duidelijk diep onder de indruk van zoveel enthousiasme, en legt de lat prompt nog wat hoger. Hoewel de instrumentale omkadering daarbij heel belangrijk is, is het de charismatische en tot de verbeelding sprekende frontvrouw Heather die de meeste aandacht naar zich toetrekt. Stond ze in het begin redelijk bedeesd op dat podium, eens ze aanvoelde dat ze deze wedstrijd gemakkelijk kon winnen, spreekt Heather haar publiek voortdurend aan.
Pale Waves krijgt in sommige media het verwijt steeds uit datzelfde vaatje te tappen? Dat blijkt ook niet helemaal waar te zijn. Zo zijn er intieme momenten zoals bij “She” waar Heather’s breekbare stem je een krop in de keel bezorgt, en worden we prompt weggevoerd in donkere gedachten boordevol weemoed en melancholie. Later in de set worden alle registers dan weer compleet open gegooid in een wervelende finale met “Noises” en “My Obsession”, trouwens wederom uit volle borst meegebruld door dat enthousiast publiek, waaruit blijkt dat Pale Waves een heel veelzijdige band is, die zich niet in een bepaald hokje laat duwen, ook dat siert hen.
Het is dan ook een beetje jammer dat na de regulaire set geen bisnummer meer volgde, waardoor de ultieme kers op de taart ontbreekt. Maar dat is een beetje muggenziften, want de band had er voor gezorgd dat we onze sceptische kijk op de zaak prompt naar de vuilnisbak mochten doorverwijzen.

Besluit: Pale Waves vindt de new wave wellicht niet opnieuw uit. Maar geeft daar wel een eigenzinnige draai aan, en beschikt vooral over zeer tot de verbeelding sprekende frontvrouw, die perfect weet hoe ze haar publiek uit haar hand kan doen eten. De overige bandleden stonden er een beetje statisch bij, maar blijken één voor één virtuozen te zijn die klanken boordevol magie uit hun instrumenten toveren.
Kortom, op basis van dit optreden in de Botanique, hopen we vooral dat Pale Waves de kans krijgt om te groeien. Want Pale Waves heeft zeker en vast potentieel om ooit potten te breken. Zoveel is duidelijk.

Setlist: Television Romance – Kiss – Eighteen - New Years Eve – Red – Heavenly – Black – She - Came in Close - The Tide - One More Time – Noises - My Obsession - There’s A Honey

Organisatie: Botanique, Brussel

Julien Clerc

Julien Clerc - zoveel meer dan Hélène

Geschreven door

Recent ontviel ons Charles Aznavour, één van invloedrijkste Franstalige muzikanten uit de tweede helft van de 20ste eeuw. Samen met generatiegenoten zoals Gilbert Bécaud en Yves Montand, inspireerde hij talrijke zangers en muzikanten in Frankrijk en ver daarbuiten. Eén van hen is de Frans-Guadeloupse zanger Julien Clerc, die eind jaren ’60 triomfeert als hij mag aantreden in het voorprogramma van Gilbert Bécaud.

Ondertussen staat ook hij al 50 jaar op de scène en om dit te vieren trekt Julien Clerc door Europa met La tournée des 50 ans. Een greatest hits, zeg maar. Uitverkopen doet de Parijse zanger Vorst Nationaal niet, maar toch lijkt de zaal zaterdagavond tot de nok gevuld.
Clerc geeft de aftrap met “Utile” uit 1992 en de meezinger “Je t’aime etc.”, een single uit het album ‘Á nos amours’ uit 2017, waaruit hij later op de avond ook “À vous jusqu’à la fin du monde” brengt.
Geïnspireerd door de mei ’68-beweging aan de Sorbonne en de hippiegemeenschap in de Verenigde Staten, schrijft Clerc “La Californie”, een uptempo nummer dat hij in Vorst met verve brengt. Uit deze periode dateren ook het luid gescandeerde “La Cavalerie” en “Laissons entrer le soleil” uit de musical Hair. Mijn persoonlijke favoriet “Ce n’est rien” brengt Julien Clerc aan de piano en is een eerste hoogtepunt van de avond.
Julien Clerc wordt altijd in één adem genoemd met zijn tekstschrijvers, die wil hij op deze tournee dan ook in de bloemetjes zetten. “Si on chantait” en “Coeur de Volcan” markeren de vruchtbare samenwerking met Étienne Roda-Gil, die voor hem tal van teksten schreef. In “Quatre heures du matin” herdenkt hij zijn jeugdvriend en tekstschrijver Maurice Vallet (alias ‘Momo’), en met “Si j’étais elle”, uitgebracht op het gelijknamige album uit 2000, viert hij de auteur in Carla Bruni. De tekst van “Partir”, over het leven on the road, is dan weer van de legendarische Jean-Loup Dabadie.
Voor hij de hit “This Melody” inzet, vertelt Julien Clerc een anekdote over de Franse komiek Coluche, die op een feestje van Clerc toekwam verkleed als ‘een bokaal noten’. Hij wilde de zanglijn ‘dans ce pays, dont les fruits sont si beaux, qu'on se contente des noyaux’, uitbeelden. Volgt het wollige “Chanson d'Émilie et du grand oiseau”, een nummer uit de musical ‘Émilie Jolie’ uit 1979, waarvoor het gastzangeresje Chloé wordt ingeschakeld. Het in bossa nova-tempo “La Jupe en Laine” en het ietwat kleffe “Femmes, je vous aime”, geeft dan weer uiting aan zijn meer dan grote bewondering voor het vrouwelijk geslacht. Ook “Mélissa” borduurt verder op hetzelfde thema en wordt luidkeels meegezongen, toch een pittige tekst in deze #Me Too tijden.
Een prachtig moment volgt wanneer Julien Clerc de tonen inzet van “C’est en septembre”, het nummer van Gilbert Bécaud dat het einde van de zomer viert in het door toeristen geteisterde zuiden van Frankrijk (Bécaud groeide op in Toulon). Een hommage aan zijn leermeester die hem op jonge leeftijd al de kans gaf om te schitteren in de mythische Olympia. Ook een nummer van Aznavour kan op deze avond niet ontbreken: “For me Formidable” wordt luidkeels meegezongen.
Julien Clerc is het befaamdst om zijn tijdloze love songs, die hij als geen ander weet te brengen met zijn zachte, unieke stemtimbre. Het bloedmooie “Fais-moi une place”, een romantisch eerbetoon aan zijn geliefde, op de prachtige tekst van Françoise Hardy, doet de zaal een eerste keer verstommen. Met “Ma Préférence”, een nummer dat Julien Clerc schreef voor de Franse actrice Miou-Miou, waarmee hij in 1975 de film ‘D'amour et d'eau fraîche’ draait, beleeft Brussel opnieuw een hoogtepunt. Miou-Miou werd toen immers als een ‘duivelse’ partij beschouwd en in dit nummer legt Julien Clerc alle criticasters op poëtische, subtiele wijze het zwijgen op. Het populaire “Hélène” tenslotte, ook bij ons een grote hit, veroorzaakt een stormloop naar het podium met bloemen en oplichtende smartphones (hadden we dit niet nog al eens meegemaakt bij Adamo?).

Julien Clerc sluit af met twee bisnummers, waaronder “Travailler c’est trop dur” aan de piano. Voor het aanwezig publiek had hij echter nog wat mogen blijven doorwerken. De avond leek te kort voor onder meer “Nouveau Big Bang, J’ai le coeur trop grand pour moi” en nog zoveel andere nummers van deze productieve muzikant. Ondanks zijn 71 lentes, hopen we toch op een vervolgtournée binnen een aantal jaren.

photo homepag - Sadaka Edmond/SIPA

Organisatie: Next-Step

Beach House

Beach House – Hypnotiserende dreampop met een extravert tintje

Geschreven door

Al sinds de oprichting van Beach House in 2005 betoveren Alex Scally en Vitoria Legrand ons met hun hypnotiserende dreampop . Opnieuw kwamen we terecht in een bedwelmend, meeslepende sfeertje van atmosferische en dromerige klanktapijten , gedrenkt in melancholie. Anderhalf uur hoorden we in een uitverkocht AB een carrière overzicht van traag slepend en (licht) pulserend materiaal, vertederend en extravert .

De doomy indiepoppers staan al voor de vierde maal . “We’re getting old” stamelde Victoria van achter haar keys . Haar verschijning, haar zang en de lang wapperende haren doen ergens Nico van de V.U. opborrelen . In al die jaren horen we die fragiele , breekbare , timide , donkere , grimmige en hartige, openbloeiende sound . De zweverige klanken worden door solide drums sterker ondersteund .
In het voorjaar verscheen ‘7’ , een kleine drie jaar na ‘Depression cherry’ en ‘Thank your lucky stars’ . De productie was in handen van Sonic Boom-er Pete Kember , die de stijl van z’n Spacemen 3 en andere space/psychedelica pop bands toevoegt.
We worden opnieuw meegevoerd in hun geluidskunst ; het kleurenpalet op het grote scherm doet z’n werk en spreekt tot de verbeelding en mooi zijn de schaduwen van de drie , die schakeren op het podium.
“Levitation” zet meteen de toon . De zacht fluwelen en (diep)grauwe vocals zijn verstrengeld in het kenmerkende, voortkabbelende Beach House geluid. “PPP” is forser, krachtiger van aard en op het gekende “lLzuli” twinkelt , fonkelt; de keys en drums nemen het voortouw.
Daarna zitten we in de zweverige , etherische spiraal van stemmige , sfeervolle , dromerige nummers als “Space song” , “Black car” en de nieuwe “Drunk in LA”, “Girl of the year” en “l’Inconnue” . Een soundtrackgevoel ervaren we van weidse landschappen en Air heeft hier een patent .
Het tempo wordt opgedreven , de trage, slepende , repeterende ritmiek is geïnjecteerd van tempoversnellingen en wordt feller, verbetener door de grooves . In de aanzwellende opbouw gaan we in de invloedssferen van hun producer , en postrock krijgt een duw voorwaarts door die verontrustende , donkere onderlaag . De sound davert en stroboscoops doen hun werk op “Dive” , de perfecter afsluiter in dit genre .

Door de jaren wordt het drietal nog steeds sterk onthaald . Beheerst weet Beach House om te gaan met hun dromerige , genietbare , onderkoelde, frisse geluidskunst . We worden meegevoerd in hun bezwerende , grillige dreampop . Die verschillende kenmerken zorgen nog steeds voor een uniek sfeertje . Mooi dus wat het trio verwezenlijkt . Beach House is helemaal terug!

Organisatie: Toutpartout ism Ancienne Belgique, Brussel

Ry Cooder

Ry Cooder – Na 50 jaar nog geen gebrek aan zuurstof

Geschreven door

Stipt op tijd startte een klein ‘voorprogramma’ waarbij Joachim Cooder in enkele nummers zijn ding mocht doen. Hij bracht een soort ‘wereldmuziek’ waarbij het moeilijk uit te maken was wat de bron van de klanken was. Dat intrigeerde ons en wat opzoekwerk leverde snel een antwoord: voor de meeste nummers begon Cooder met het creëren van een loop van klanken die hij produceerde met een elektrische mbira (een product van Array Instruments).. Wie zich hiervan een idee wil vormen, vraagt het eens aan Mr. Google. Naast hem tokkelde ene Sam Gendel op de gitaar. Na een drietal nummers (wat voor de meerderheid van het publiek waarschijnlijk volstond) beloofden ze dat ze meteen terug zouden komen…

Enkele minuten later schept Sam Gendel een bevreemdende sfeer met een soundscape op elektronisch versterkte sax. Daar bovenop creëert de slidegitaar ”Nobody's Fault But Mine”, een eerste bluesklassieker van Blind Willie Johnson. Doorheen de avond brengt Ry Cooder op sublieme wijze een mix van eigen werk met parels uit het Great American Songbook. “Everybody Ought to Treat a Stranger Right” stamt ook uit de jaren ‘30 toen de Grote Depressie de VS teisterde. Maar het thema is nog altijd even actueel. Het is fijn voor gitaristen dat hun spel met de jaren alleen maar verbetert zolang ze gespaard blijven van reumatiek. Voor zangers ligt het een stuk moeilijker om hún instrument gaaf te houden want niets is zieliger dan een zanger met stembanden die het aflaten. Ry Cooder prijst zich gelukkig als prille zeventiger met vingers en stem die nog even levenslustig zijn als in de vorige eeuw!
Links op het podium staan de Hamiltones. Met hun donkere brillen lijken het de Blind Boys From Alabama die de backing vocals verzorgen. De hele avond zorgen ze voor een swingende gospelsound die ambiance brengt in het uitverkochte Kursaal dat door Cooder geprezen wordt om zijn akoestiek. En het wordt nog gezelliger als Ry even aan de toog komt zitten met een anekdote over Bob Dylan die hem aanraadde de ‘merch’ te verzorgen want vooral T-shirts doen het goed! “Ik maak alleen muziek, geen kledij”, was het antwoord. En dat doet Ry al meer dan 50 jaar! De Hamiltones waren het geknipte trio voor “Go Home Girl” (Arthur Alexander), één van die klassiekers waarvan je na al die jaren begint te geloven dat die uit de pen van Cooder zelf kwam. De elektronische vervorming van de saxofoon vormden een vreemde combinatie met de klassieke gitaarklanken voor “The Very Thing That Makes You Rich (Makes Me Poor)”. Een applaus van herkenning kwam pas toen het nummer zijn originele ritme vond bij eerste refrein. De solo van de sax leek uit het oeuvre van Ian Dury geplukt. Niet echt ons kopje thee…
We waren reeds halfweg, tijd voor Cooder om -naar eigen zeggen- even aan de zuurstoffles (een cadeau van Emmylou Harris) te gaan liggen en voor de Hamiltones om op het voorplan te treden. Meteen bewijzen ze dat ze heel wat meer aankunnen dan het backingwerk. We krijgen ook het individuele stemgeluid te horen van de drie fantastische zangers met een presence van échte performers! Met “74 Jesus on the Mainline” transformeren ze de Oostendse muziektempel in een kerk uit de Bible Belt. Meteen gaan ze uptempo verder met “Gotta Be Lovin Me” met mister Ry op double neck.
Tot onze spijt ontbrak een instrumental zoals “Paris-Texas” op de setlist. Maar dat werd ruimschoots goedgemaakt met “Vigilante Man” (Woody Guthrie). De slidegitaar doorsneed de stilte van de bomvolle zaal en even scherp waren de nieuwe lyrics in deze oude traditional: “Weak mind in the White House. He is not a clown. He’s controlled by others.” De schietgrage lui van de NRA zijn Cooders vrienden niet: “This song hasn't changed since Woody wrote it in thé 30ies.”
Vervolgens trekt Ry van leer tegen het materialisme in “You must Unload”. “Modegevoelige christenen raken niet in de hemel met hun hoge hakken.” De sax steelt opnieuw de show met alweer een atypische solo waar Ry ten zeerste van geniet. De Hamiltons wiegen mee van de ene voet op de andere. En voor het te prekerig wordt, bedient Cooder de roepers om verzoeknummers in de zaal met een eigen keuze uit zijn oude covers: “How can a poor man stand such times like this?” en “Down in the Boondocks” (Billy Joe Royal). Bij het eerste nummer geeft hij deemoedig de nodige duiding: “Blind Alfred Reed schreef het in de depression. Zoiets zou ik niet kunnen schrijven…. Maar wel spelen. Check dit thuis eens op YouTube voor het origineel.”
Met een bottleneck op de zingende snaren mogen we even mee naar Hawaii. We surfen verder op het aanstekelijke ritme van de titelsong uit de nieuwe plaat ‘The Prodigal Son’ dat ook van John Hiatt kon zijn. The Hamiltones mogen afsluiten met “99 1/2 Won't Do (Dorothy Love Coates)”. Nog een oproep van priester Cooder: “Kijk 's morgen in de spiegel en zeg dat je voor 100 gaat!”
Het trio gaat met een ton charisma James Brown achterna. Een staande ovatie begeleidt de band naar de coulissen en terug.
Als bisnummer wordt nog een verzoekje gegeven: “Little Sister” (Elvis Presley) en The Hamiltones sluiten af met “I Can’t Win”.

Met de nieuwe CD op zak haast ik me naar de auto om mijn oren te verwennen. De onderste trede van een marmeren Kursaaltrap gooit roet in het eten en mijn voet moet het ontgelden. Ik laat me nog vallen als een echte judoka om de voet te mijden, maar ‘s anderendaags is het verdict onverbiddelijk: voetbeentje gebroken. Als Ry Cooder mijn gips nu zou komen signeren...

Organisatie: Greenhouse Talent

Christine & The Queens

Christine & The Queens - Dans , theater en muziek in een sfeerrijk geheel.

Geschreven door

Die Héloïse Letissier heeft het op korte tijd wel gemaakt met haar Christine & The Queens. Op een goede drie jaar tijd gaan haar nummers erin als zoetebroodjes . Twee platen noteren we nu met een handvol singles , die een breed publiek omarmen.
Ook vanavond was het een charmant weerzien en wordt de zangeres/performster/animatrice onthaald als een ‘Queen’ , die het ‘anders zijn’ zo muzikaal ‘normaal’ mogelijk maakt … Op haar vorige passage in Vorst had ze af te rekenen met een fysiek belabberde toestand van hoge koorts en ontoereikend stembereik. Hier zagen we een kwieke verschijning met haar band die de temperatuur deed stijgen …

Sfeervolle , dromerige popliedjes met elektronica/elektrowave/funk/hiphop -motiefjes en beats klinken eenvoudig , aangenaam en lekker in het gehoor. Het Franse chanson krijgt meer finesse en de sound is onschuldig , leuk en goed . Ze omschrijft het graag als freakpop , die wordt omfloerst met wonderlijke synths , roffelende, hitsende drums en een magistrale , doorleefde zang, met heerlijke refreinen, ook al zijn er zanglijnen voorgeprogrammeerd. Het doet er niet toe, iedereen geniet , beweegt en zet danspasjes .
Die muzikale eenvoud wordt omgezet tot in de puntjes uitgewerkte choreografie . Een dansproductie met haar rits dansers (-essen) en een videowall achter de groep . Een fantastisch live spektakel. Een dansmusical die het plaatje compleet maakt; muziek en dans gaan hand in band, de energie wordt gebald in bruisende dynamiek, levendigheid én in emotionaliteit en dramatiek . Een soort West Side story , of wat het Kursaal in de zomermaanden de laatste jaren weet te bieden …
Opener “Comme si on s’aimait” refereerde aan “Beat it” van Michael Jackson. Al gauw horen we die schitterende single “Damn, dis-moi” van de nieuwe plaat ‘Chris’. Synchrone danspassen sieren het nummer. Afgetraind danst, hotst en zwiert onze zangeres. Het combo wordt warm onthaald . “Le G” blikt terug naar die synthpop van Giorgi Moroder .
Haar recyclage stemt iedereen gelukkig. Science-fiction wordt er tegen aan gegooid , met pompende electrobeats . Jawel , het mag harder , feller , energieker . “Radio gaga” leidt “Les paradis perdus” van landgenoot Christophe in , waarin zelfs een flard Kanye West te horen is; ze zingt en voert het solo uit, ondersteund van zachte pastelkleurige keys.
Bijna halverwege de set komen twee interessante singles voorbij , “Christine”, “5 dollars , voorafgegaan door het slepende “Feel so good” . Daarna valt de spanning wat weg , niet alle nummers zijn even-single-waardig , komt de klemtoon op show en de act ; sneeuwvlokken dwarrelen in ‘t rond en geven elan aan de sound.
Een zwoel, dampend sfeertje groeit op “Follarse” , een Janet Jackson/Vanity 6’s “Nasty” wordt er mooi aan gebreid . Intiem moment hebben we op “Nuit 17 à 52” , feeëriek door de smartphonelichtjes ; solo staat ze daar op het grote podium , zingt a capella en wordt door het publiek op handen gedragen. Wat een meezinggehalte . “It doesnt matter” en “La marcheuse” als slotstuk brengen muziek en dans te samen.
Een volleerd gezelschap is aan het werk, die met twee oudere nummers uitwuiven ; het zijn de gekende tunes van “Saint claude” en “Intranquilleté” die een extraverte , dansbare tint krijgen . Ze is hier te zien aan de andere kant van de zaal .

Christine & The Queens brengen ‘la chaleur humaine’, gelijkwaardigheid van de kleurrijke wereld van de gays en de transgenders. Een boeiende artieste die dans , theater en muziek samen brengt in een sfeerrijk geheel.

Organisatie: Live Nation

Uriah Heep

Uriah Heep – gesprek met Mick Box nav nieuwe plaat ‘Living the dream’

Geschreven door

Uriah Heep –gesprek met Mick Box nav nieuwe plaat ‘Living the dream’

1. Hallo, gefeliciteerd met je 25e album. Ik moet zeggen dat ‘Living The Dream’ geïnspireerd en fris klinkt. Wat is het geheim daarvoor?

We hebben nog steeds een passie voor onze muziek, die we altijd hebben gehad. We namen het album allemaal op in de studio en speelden samen als een band en dat alleen al geeft het een fris en geïnspireerd gevoel, en onze producer Jay Ruston heeft dit perfect vastgelegd.

2. Waar kreeg je de inspiratie voor "Living the dream"?
Phil Lanzon, onze klavierspeler, begon met het schrijven van de liedjes nadat de besprekingen waren begonnen over het opnemen van het nieuwe album. Zowel Phil als ik zijn natuurlijke schrijvers en het is iets wat we dagelijks doen, hetzij het schrijven van een riff, een akkoordsequentie, een titel, een melodie of zelfs een couplet. Zelfs als het niet voor Heep is, doen we dit nog steeds zoals het in ons creatieve bloed zit om dit te doen. Wanneer de beslissing komt voor een nieuw album ontmoet ik Phil meestal bij hem thuis, en zet ik al mijn ideeën op tafel, en Phil ook. Daarna spitten we door de ideeën die ons prikkelen, en we beginnen ze te ontwikkelen. Aangezien Phil en ik erg op elkaar zijn afgestemd, passen sommige van mijn muzikale riffs en akkoorden soms onmiddellijk in sommige ideeën van Phil en ook andersom. We werken heel snel, ook hierin zijn we erg gedreven mensen, en we hebben een goede werkethiek bij het schrijven van nummers. Meestal worden alle muziek en melodieën geschreven en daarna beginnen we met het schrijven van de songtekst. We nemen tekstschrijven zeer serieus en we vertellen graag een verhaal.

3. Heb je nooit het gevoel dat alles wordt gezegd en gedaan met Uriah Heep?
Nooit daarom brengen we nog steeds nieuwe albums uit.

4. Waar staat de titel voor?
Zowel fans als vrienden zeggen ons vaak dat we door te doen wat we doen een droom waarmaken en ik ben het daar volledig mee eens, omdat we iets doen waar we een passie voor hebben.

5. Hoe ontstonden de liedjes? Zijn er liedjes die een speciale betekenis voor je hebben? Kun je wat korte uitleg geven over de liedjes?
Het eerste nummer “Grazed by Heaven” gaat over seksuele spanning, “Living the Dream” spreekt voor zich, “Take Away My Soul”, gaat over het misbruik van mediasites om terug te gaan naar de partner die je nog hebt, “Knocking at my Door”, gaat over een man die zijn verstand verliest', “Rocks in the Road” heeft een positieve boodschap dat iedereen op een bepaald moment in zijn leven een steen in de weg tegenkomt, maar gelovig en trouw aan jezelf gekoppeld aan positiviteit kom je toch altijd aan de andere kant, “Waters Flowing” gaat over een man die op zijn gitaar speelt aan de rand van het water en een menigte aantrekt maar op een dag vermist raakt, “It's All Been Said” gaat over wat er in de kranten staat, “Goodbye to innocence”, gaat over de lol van de schooljongen', “Fall Under Your Spell”, gaat over één blik in een drukke kamer en je kruist je ogen met iemand waarvan je weet dat het zal leiden tot zoveel meer, en “Dreams of Yesteryear”, is een reflectie op hoe mensen gedachten vasthouden die eerder in hun leven plaatsvonden en het geeft hen nog steeds een gloed en een goed gevoel dat hen helpt in de moeilijke tijden die ze nu hebben.

7. De band gaat 61 landen doen om het album te promoten. Zwaar? Hoe bereid je je voor op zo'n evenement?
Nou, je moet fit blijven en je dieet volgen voor de eisen van de tour. We willen graag een zeer hoge consistentie hebben in hoe we elke avond spelen, waarbij we 100% geven voor elke uitvoering.

8. Heeft de band nog steeds een aantal dromen te bereiken?
Het zijn dromen die je stimuleren om betere nummers te schrijven en geweldige concerten over de hele wereld te spelen. Er is altijd ruimte voor verbetering en ontwikkeling en zeker dromen.

9. De muziekbussiness heeft in al die jaren veel veranderd. Op welke manier heeft dit invloed op uw manier van werken?
Op te veel manieren om hierop te antwoorden in dit interview vrees ik. Sommige veranderingen zijn goed en anderen zijn slecht, maar met de veranderingen die we hebben gehad proberen we de kansen die we krijgen te omarmen en zo onze eigen niche te vinden.

10. Uriah Heep bestaat bijna een halve eeuw. Zijn er plannen om te vieren?
Natuurlijk zijn die er, en wat een trots moment zal dat zijn. Ons eerste album werd uitgebracht in 1970, dus we kijken uit naar die vieringen die beginnen in 2020. Op dit moment nu zijn we ondergedompeld in de promotie van ons nieuwe album, maar onderweg zullen ideeën voor 2020 zeker worden besproken en ontwikkeld.

11. Je kunt uit veel nummers kiezen om een ​​setlist te maken. Moeilijk?
Er zijn bepaalde nummers die we moeten spelen en mensen die naar de shows komen verwachten dat. Dit is geen probleem voor Heep omdat we trots zijn op die muziek, dus we zullen de favorieten naast tracks van LTD spelen en we zullen ook een aantal oudere nummers opnieuw bezoeken die we al een tijdje niet hebben gespeeld.

Uriah Heep zal in november in Brussel spelen.
Bedankt en veel geluk! 'Thanks’
Mick Box URIAH HEEP

Tien Ton Vuist

Tien Ton Vuist: tien ton adrenaline

Geschreven door

Tien Ton Vuist stelde zopas zijn eerste, in eigen beheer uitgebrachte EP voor in zaal Harmonie in Oudenaarde. Het duo speelde zo goed als een thuismatch en had het café-orkestje 't Kliekske aangezocht om het publiek op te warmen. Misschien om het contrast duidelijk te maken tussen het verleden en vandaag of om te koketteren met Oudenaarde als ingedommeld provinciestadje. Behalve die bedenkingen voegde ’t Kliekske weinig toe aan de avond.

De breuk met het verleden werd door Tien Ton Vuist nog eens opgerakeld door als openingssong “I’m On Fire” van Bruce Springsteen door de mangel te halen. Later in de set gaven ze dezelfde weinig respectvolle behandeling aan “American Woman” van de Guess Who. Om maar te zeggen dat het Oudenaardse duo al eens graag tegen de schenen schopt. “Where Is My Mind” van de Pixies werd dan weer wel met veel respect gebracht. Maar het gaat bij een EP-voorstelling natuurlijk in de eerste plaats over de eigen nummers.
De EP werd ‘Bidole’ gedoopt en twee nummers ervan, die de band eerder reeds opname en online plaatste, zaten helemaal vooraan in de set in de Harmonie: “Youvegotagoodfacebutashittyattitude” en “Askinguy” (asking you why). Als visitekaartjes voor Tien Ton Vuist zijn die beter dan de eerder vermelde covers. Ruige rock met weinig compromissen, grungy, overlopend van energie, uptempo en toch plaats voor nuances en details in de intro’s en de rustiger stukken. “High-Low”, “Best Plan Ever” en “Peaks And Valleys” doen wat denken aan SONS, die andere jonge en brutale rockband uit Vlaanderen. Net zo catchy en toch met genoeg weerhaken om het publiek bij de les te houden. Bovendien smokkelen ze bij Tien Ton Vuist al eens een boogie-lick of een disco-beat in hun nummers. Dat helpt ook.
Zanger-gitarist Tijl had in Oudenaarde een paar nummers nodig om helemaal in de flow te komen, maar vanaf dan ging hij er compleet voor: over het podium stuiteren, het publiek opjutten, de rand van het podium opzoeken, tussen het publiek gitaar spelen, al crowdsurfend een nummer beëindigen, … geen rock ’n roll-cliché is hem vreemd. Gelukkig niet zo destructief als Kurt Cobain, want zelfs al gaat hij helemaal op in het moment, dan nog legt Tijl netjes zijn gitaar veilig weg vooraleer er iets stoms kan gebeuren.
Op drummer Nikki kan je veel minder het etiket ‘punk’ of ‘grunge’ kleven. Hij blijft heel subtiel en zelfs wat jazzy in de intro’s en de rustiger passages en haalt hard en strak uit als ook Tijl voluit gaat, maar dan nog zit hij zo stoïcijns als Charlie Watts achter zijn drums. Nikki voegt voorts in kleine dosissen een scheutje waanzin toe aan de energie op het podium. Zo zit er van bij het begin een banaan over de staander van één van zijn bekkens (cimbaal) en ergens voorbij halfweg begint hij die op te eten. Vermoedelijk eerder een ingeving van het moment dan een knipoog naar Red Zebra of de Velvet Underground. Ook heeft de drummer naast de gitaarversterkers een schermpje opgesteld waarop een tekenfilm van Platvoet speelt, ‘voor de mensen die ons niet leuk vinden’.
Over dat laatste hoeft Tien Ton Vuist zich alvast geen zorgen te maken. Naarmate de set vorderde, at het publiek in de Harmonie uit de handen van Tijl en Nikki. In de finale zaten de drie resterende nummers van ‘Bidole’: “Smetterling”, “Todaywedie” en het door het publiek luid meegezongen “Boomlala”. Als toegift wordt “Askinguy” nog eens hernomen omdat de band door zijn nummers heen zit.

Altijd fijn om te zien en te horen dat er nog steeds jonge bands luide gitaarrock omarmen en daarmee zelfs nieuwe generaties publiek warm kunnen maken. Het wordt tijd dat de Belgische of buitenlandse labels wakker worden, want Tien Ton Vuist is een band met toekomst.

Organisatie: Harmonie Oudenaarde.

Pagina 367 van 967