logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Suede 12-03-26
Hooverphonic

Gent Jazz Festival 2013 - Avishai Cohen - Madeleine Peyroux

Geschreven door

Gent Jazz Festival 2013 - Avishai Cohen - Madeleine Peyroux
Gent Jazz Festival 2013
Bijlokesite
Gent

Gent Jazz blijft bekoren. De vernieuwde Bijloke site zorgt sowieso voor een aangenaam kader en ieder jaar weten ze het kruim in de jazz-scene te strikken. Tel daar bij nog aanhoudend mooie zomerse dagen en wij zijn meer dan welgezind .

Zoook Avishai Cohen, de bassist  van Israelische origine, die vroeger onder de hoede van Chick Corea mocht spelen. Dicht bij het podium gezeten verwonderde ik mij over de jonge schare fans die hij aantrok , vooral van vrouwelijke kunne.
Had dat te maken met het schoon volk op het podium dat hij voor zijn concert in Gent meebracht, waaronder een revelatie aan de drum, de 19 jarige Ofri Nehemya? Aan de piano zorgde  Nitai Herskovits, die ook op zijn laatste album ‘Duende’ van de partij is, voor al even schitterend weer.
Avishai bracht een mix van melodische en ritmische nummers, gebogen over zijn staande bas. Elke vingerzetting straalt virtuositeit uit, maar niets daarvan is gekunsteld. Voor het meer funky werk bediende hij zich van elektrische bas.
Op zijn cd’s uit 2009 ( ‘Seven Seas’) en 2010 (…….) speelt ook zijn Sefardische zang een belangrijke rol, maar in deze boeiende live set kwam dit haast niet aan bod. Dat bleek nog een troef. Zijn basmelodieën spraken voor zich.
Na ongeveer een uur was het mooie liedje bijna uit. De op stoelen gezeten massa veerde recht en trakteerde het kwartet op een eerste staande ovatie.
Voor zijn eerste bisnummer waren die stoelen eerder een belemmering. Met een salsa aandoend nummer kon hij geheel alleen de tent doen swingen. Met “Motherless child” (remember Richie Havens) bleek hij al even verrassend
Avishai was innemend!

Madeleine Peyroux
Madeleine Peyroux heeft niet de verschijning van wat haar stemkleur doet vermoeden. Een mix die me doet denken van Amy Winehouse en Billie Holliday.  Met wat Vlaamse woordjes en een mengeling van blues en jazz probeert ze het iets ouder  publiek te bekoren. Het negenkoppig orkest, inclusief strijkers, laat niets aan het toeval over en de muziek is gepolijst. Perfect om bij de taart van te genieten, maar niet om anderhalf uur te boeien.
Met elke song is er wat meer plaats op de stoelen, want niet  iedereen blijft luisteren naar klassiekers zoals “Bye Bye Love” onder meer bekend van Ray Charles of Le Javanaise van Serge Gainsbourg.
Dus even de  tent verlaten. Dat moet ook Avishai Cohen gedacht hebben. Terwijl Madeleine rustig verder kabbelt zie ik hem rondwandelen, de kinderwagen voortduwend, samen met zijn eega. Een warm beeld dat langer blijft hangen dan de hitte in de tent en de  muziek van Peyroux!

Neem gerust een kijkje naar de pics op http://www.gentjazz.com

Organisatie: Gent Jazz Festival, Gent   

Editors

The Weight Of Love

Geschreven door

Editors worden bij ons op handen gedragen, vooral dan door  het Werchter publiek, maar in hun thuisland gaat het hen zo goed niet voor de wind, ze worden verguisd door de Britse pers en hun nieuwe plaat wordt er genadeloos afkraakt. Na het aanhoren van ‘The Weight of Love‘ zijn wij geneigd om voor één keer de Britse pers te geloven.
De vierde plaat nog maar en het verval lijkt al ingetreden bij Editors. Na twee sterke albums (‘The Back Room’ en ‘An end has a start’) konden ze ons in 2009 nog steeds aangenaam verrassen met het donkere maar moedige ‘In this light and on this evening’, een gedurfd album waarop ze andere niet zozeer voor de hand liggende paden verkenden.
Helaas hebben Editors zich nu definitief laten verleiden door het grote gebaar. Het gevolg is een glad album met hectoliters stroop, gezwollen sentiment en melige songs die volgepropt zijn met tenenkrullende strijkers.
Geen wonder, de groep is deze keer met Jacquire King in de studio gedoken, de producer die eerder al de angel uit Kings Of Leon had gehaald om ze een bombastische stadionsound aan te meten.
De vooruitgestuurde single “A ton of Love” was nochtans een hoopgevende voorloper, een song die Echo & The Bunnymen, The Cult en prille U2 in één catchy voltreffer samenbrengt. Maar verder op de plaat wordt die song nauwelijks geëvenaard, laat staan overtroffen. Het openingsduo “ The weight” en “Sugar” kunnen er nog mee door, maar daarna begint het danig op de zenuwen te werken. De rest van de plaat valt nog het best te omschrijven als stroperige slijmbalmuziek die verdrinkt in opdringerige strijkers en die vooral gericht is op het veroorzaken van vette krokodillentranen. De plaat uitzitten tot aan het einde is een heuse opdracht, recensent zijn is een zware job.
En wij die Editors ooit nog hebben vergeleken met Interpol. Duizendmaal ekskuses aan Interpol, we zullen onze mond met zeep wassen.
Het is nog volop zomer en de eerste alom gevreesde kerstplaat is een feit. Een primeur !

Charlie Boyer And The Voyeurs

Clarietta

Geschreven door

Nu The Strokes met ‘Comedown Machine’ hun zoveelste stinker afgeleverd hebben, wordt het wel eens tijd dat er dan maar iemand anders komt opzetten met een waardige opvolger voor ‘This is it’. De beurt is aan Charlie Boyer and The Voyeurs die met ‘Clarietta’ een verfrissend plaatje hebben gemaakt die aardig naar ‘This is it’ neigt zonder daarbij een eigen smoelwerk te ontlopen. Dezelfde nonchalance, dezelfde drijfveer, maar vooral ook die Television en Richard Hell toets. Voeg daar nog wat Violent Femmes, Green On Red en Gun Club aan toe, en je heb de juiste referenties om voor een knap debuut te zorgen. En dat is ‘Clarietta’ zeker.
Charlie Boyer speelt het klaar om een stel zinderende en strakke songs te leveren waarin rafelige gitaren een strijd aangaan met een gorgelend sixties orgeltje. Heerlijke opwindende dingen als “Go blow a gale” en “You haven’t got a chance” meten zich met trager en slepend materiaal als “Be a complete dream” en het uiterst knappe “Clarinet”. De bijzonder fijne afsluiter “The Central Ton” brengt de groep nog wat dichter bij Televison, het moge duidelijk zijn dat Charlie Boyer in Tom Verlaine zijn grote leermeester heeft erkend.
Eén van de meest viriele debuutplaatjes die we dit jaar al gehoord hebben.

Bosnian Rainbows

Bosnian Rainbows

Geschreven door

Muzikaal veelvraat en briljant gitarist Omar Rodriguez Lopez laat zich wederom eens van een andere kant zien. Voor hem is het van progrock naar postrock maar een kleine stap. De ingewikkelde structuren van The Mars Volta en van zijn ettelijke soloplaten hebben plaats geruimd voor beduidend knappe en compacte postpunk songs. Om zichzelf nog wat meer naar de achtergrond te schuiven heeft hij beroep gedaan op de excellent presterende zangeres Teri Gender Bender die met haar aan Siouxsie verwante vocals de plaat een aardige goth toets weet mee te geven. Deze felle madam heeft wel iets mee van de al even fantastische Karen O, maar u mag ons vrij geloven als wij u zeggen dat deze plaat een stuk vetter voor de dag komt dan de laatste van The Yeah Yeah Yeahs.
De echo effectjes die Omar uit zijn gitaar tovert verraden ook al iets van een eighties touch, maar de plaat heeft elders genoeg verrassende wendingen en groovy passages om niet als retro versleten te worden. Uiteraard zijn er nog voldoende fraaie momenten die Omar’s briljante gitaarspel etaleren, maar deze keer laat hij zich niet verleiden tot ellenlange freaky solo’s en staat zijn gitaar volledig in dienst van de songs. En die songs zijn zeer gevarieerd, klinken met zijn allen ijzersterk en zijn steeds verfrissend. Geen zwak broertje te bespeuren.
Bosnian Rainbows komt dit boeiend werkstukje presenteren op zaterdag 17 augustus in Pukkelpop, moet je zeker opnemen in uw persoonlijke Pukkelpop route.

Sigur Rós

Kveikur

Geschreven door

Eerder op het jaar zagen we Sigur Ros al een waarlijk schitterend optreden geven waarin ze mondjesmaat een drietal nieuwe veelbelovende songs prijsgaven, wat ons reikhalzend deed uitkijken naar het nieuwe album dat hier nu voor onze nieuwsgierige neus ligt. ‘Kveikur’ komt er trouwens al vrij snel na het etherische ‘Valtari’, waarop Sigur Ros eerder opteerde voor idyllische soundscapes in plaats van echte songs, maar wel ongelooflijk mooie soundscapes.
Met ‘Kveikur’ begeven ze zich terug op gekend terrein, met een ambient postrock sound, atmosferische gelaagde songs, dromerige strijkers en die typische ijle en compleet onverstaanbare vocals van Jonsi.
‘Kveikur’ klinkt daarom vertrouwd in de oren. Het is ontegensprekelijk Sigur Ros, hoewel het alweer geen herhaling is van hun eerdere werk. Sigur Ros blijft immer steeds boeiend en vernieuwend binnen hun eigen gekende stijl. Ze hebben destijds met het wondermooie ‘Agaetis Byrjun’ de lijnen uitgezet en hebben nadien steeds hun sound verfijnd en in nieuwe windrichtingen geblazen zonder daarbij die innig mooie grondlaag te verloochenen. Op ‘Kveikur’ is dat alweer een geslaagde onderneming geworden, met momenten van verstilde pracht (“Var”), aan Radiohead verwante elektronische uitstapjes (“Yfirbord”) en ritmische uitspattingen die door dampende drums opgejaagd worden (“Blapradur”). De apocalyptische gitaaruitbarstingen waar wij stiekem op hoopten zijn misschien niet meer van de partij, maar er is alweer voldoende fraais om van een zoveelste Sigur Ros pronkstuk te spreken.

Dans Dans

I/II

Geschreven door

Eén van de meest creatieve projecten is Dans Dans , een Belgisch instrumentaal trio rond gitarist Bert Dockx (Flying Horseman), drummer Steven Cassiers (Dez Mona) en bassist Fred ‘Lyenn’ Jacques, die al werkte met Marc Ribot en Mark Lanegan.
Dans Dans is een uniek project , niet onder een noemer te vangen; hun instrumentale muziek is een crossover van garagerock , rock’n’roll , psychedelica , blues , jazz en surf , badend in een film noir soundtrack . Ze zorgen voor een pak eigenzinnige bewerkingen van andermans composities die muzikaal , inhoudelijk en qua spirit een andere interpretatie , invalshoek en dimensie krijgen .
Een uitzonderlijk spel van de drie heren, die avontuur, subtiliteit en grilligheid van nummers kunnen doen opbouwen en naar een climax brengen, in de beste Tortoise sferen. Een zevental songs krijgen een totaal nieuwe outfit , “Yesterday is here” (Tom Waits) , “Some are” van David Bowie, “East timor” van Robert Wyatt of deze van Charles Mingus (“Meditation”) , “The sicilian clan” van Ennio Morricone, “Mothers of the veil” van Ornette Coleman en een Sun ra song. Bijzonder plaatje in een productie van Koen Gisen.

Stornoway

Tales from Terra Firma

Geschreven door

De tweede plaat van het charismatische Britse gezelschap uit Oxford Stornoway ligt in het verlengde van hun debuut . Het zijn eenvoudig doeltreffende, dromerige, indiefolkpoppende songs , die rijk aangekleed kunnen zijn , maar zeker niet bombastisch klinken . ‘Tales from Terra Firma’ is minder imposant dan het debuut , maar de onschuldige sound , de catchy vibes en de vocale pracht  blijven het handelsmerk.
Stornoway van zanger/songschrijver Brian Briggs biedt meeslepend en broeierig materiaal, een lieflijke luistertrip, vernuftig in elkaar gestoken. Hier springen niet direct enkele songs uit als bij hun debuut.
Stornoway plaveit zich een weg tussen Belle & Sebastian , The Decemberists, The Unthanks en Megafaun.

Bass Drum of Death

Bass drum of death

Geschreven door

Bass drum of death - Interessant garage rock’n’roll duo, die op hun tweede plaat een reeks energieke rauw rockende songs bieden , als “I wanna be forgotten”, “Fine lies” , “Bad reputation” en “You’ll never be so wrong” , die kunnen gelinkt worden aan hard- en punkrock. Het duo duikt met  “Shattered me” en “Faces of the wind” graag terug in de sixties en glamrock .
Met z’n twee brengen ze een uitermate geslaagd album, waarbij ze durven door te gaan , beuken en verwoestend klinken!

Gallops

Yours sincerely, Dr. Hardcore

Geschreven door

Gallops is een gezelschap uit Wales , die met hun instrumentale rock en de elektronica , psychedelica toetsen Battles en het onvolprezen Nederlands Kong doen opborrelen. De muziek van Gallops is minder complex dan twee voorgenoemde bands , is traditioneler in de songstructuur en kent minder onverwachtse wisselingen . Een toegankelijk, fris, meeslepend , opzwepend geluid!
Ze hebben een zekere groove ( o.m. in “Jeff Leopard”, “Hongliday” , “Bromden”), kunnen dansbaar zijn (“Lasers”) , keren terug naar de 70s psychedelica - opener “Astaroth”, en ze klinken in sommige nummers rauwer en directer (“Rhythm is a misery”, “Window FX” en “Skyworth”) . Op afsluiter “Crutches” , ruim 10 minuten , gaat het combo eens gezellig uit hun dak , en mag elk instrument gieren en razen  .
Kijk , Gallops brengt niet echt iets nieuws , maar we houden  wel van dat puike samenspel van gitaar - drums - elektronica .

Mosquito

We Are SOCIETY

Geschreven door

Mosquito, Kevin Imbrechts en Nico Kennes uit het Leuvense , hebben hun eerste full cd uit. Broeierige stevige nummers , met een donkere , duistere tune , die ergens het midden houden tussen stoner, sludge, psychedelica , postmetal en -rock  . 
Meteen weet het duo de aandacht te scherpen met “The fall” , “Thrice”, “Ecleptic”, “Front stage façade” en “Paradigm shift” . Ook de opbouwende felle sound van “A senseless saga for the sullen”, “Victim vs vagrant” trekken letterlijk een geluidsmuur op .
Het duo heeft zondermeer een donkere, krachtige overtuigende plaat uit!

http://mosquito.bandcamp.com

Pagina 630 van 966