logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
avatar_ab_20

Cat Power

Cat Power - In aanvaardbare doen

Geschreven door

Het getuigt van lef om optredens te openen met je bekendste nummer. Charlyn Marie Marshall a.k.a. Cat Power is blijkbaar al terug uit de put aan het kruipen waarin ze een half jaar geleden belandde t.g.v. faillissementsperikelen.

Ze durfde haar set in een uitverkochte Ancienne Belgique immers te openen met “The Greatest”. Deze instant-klassieker kreeg een heel traag opgebouwde versie mee: eerst beheerst gitaargetokkel, nadien subtiele aanvullingen door de bassiste en keyboardspeler en uiteindelijk almaar heviger slagwerk van de dame die aan het drumstel had plaatsgenomen. De van kort (geblondeerd) haar voorziene ster van de avond bleek redelijk bij stem en gaf een naar haar normen redelijk nuchtere indruk, iets wat bij de wisselvallige zangeres niet altijd evident is. Het sfeervolle openingslied klokte af op 10 minuten waarna ze het tijd vond om zich te excuseren voor de annulering van het concert dat eind vorig jaar had moeten doorgaan.
Het met elektronica gepimpte “Cherokee” liet de nieuwe wind horen die Cat Power op haar recentste plaat binnenliet, iets wat visueel ondersteund werd door de op de achtergrond geprojecteerde wolken. Een geslaagd eerste kwartier dus, maar het gitaarspel van de frontvrouw tijdens het daaropvolgende “Silent Machine” was niet echt om over naar huis te schrijven. Gelukkig had ook de keyboardspeler een gitaar omgord zodat haar gepruts bedolven raakte onder zijn meer bedreven spel. Daar waar “Manhattan” nog een beetje onderhoudend was, al was het maar o.v. de beelden van maquettes van Manhattan op de achtergrond, werd tijdens “Human Being” en “King rides by” duidelijk dat het vijftal op het podium niet echt overliep van enthousiasme. Zou het daaraan gelegen dat een toeschouwster flauwviel? Had ze gehoopt om in de buurt van het podium kracht te kunnen putten uit de energie die je verwacht van iemand die haar laatste plaat ‘Sun’ doopte?
Net toen we begonnen te vrezen dat dit opnieuw één van die mindere concerten van Cat Power ging worden, werden echter ook wij van de sokken geblazen middels een breekbare versie van “Bully”. Een magnifiek hoogtepunt dat op zich al sterk genoeg was om dit voor het overige vrij middelmatige concert toch nog als oké te bestempelen. Het gebonk in de intro van “Angelitos Negros” duurde net iets te lang om niet op de zenuwen te beginnen werken en tijdens “Always on my own” dwaalde onze aandacht meer af naar de brullende gorilla die op de achtergrond te zien was dan op de muziek zelf gefocust te blijven. Ook het feit dat we tijdens “3 6 9” meer in de ban waren van de hiërogliefen die geprojecteerd werden dan van Miss Marshall zelve is een teken aan de wand…. Alhoewel we moeten toegeven dat niet enkel de Egyptische figuurtjes op het grote scherm aan het ‘shaken’ waren.
Het ook zonder de achtergrondvocalen van Iggy Pop zeer bezwerende “Nothing but Time” herinnerde ons eraan dat ‘Sun’ een mooie aanvulling is van het oeuvre van Cat Power. Op het einde meenden we zelfs iets van een overslaande vonk te mogen ontwaren. Meer nog, een deel van het voor het overige vrij tamme publiek bleef na afloop van dat lied nog een tijdje ritmisch meeplakken.
Met “Metal Heart” werd daarna teruggrepen naar ‘Moon Pix’, de eerste van de twee coverplaten die Cat Power reeds op haar naam heeft staan. Het van The Boys Next Door (later tot The Birthday Party omgedoopte) geleende “Shivers” werd gelardeerd met flarden van “Never Tear Us Apart” van INXS. Erg geslaagd klonk die mix niet, dit in tegenstelling tot de machtige gitaarsolo die een geknielde Gregg Foreman tijdens dat lied ten berde bracht. Dankzij “Peace & Love” en “Ruin” werd er nog een mooi slot gebreid aan een anderhalf uur durend concert dat degelijk maar - met uitzondering van “Bully” - zeker niet subliem was.

Iedereen was het er na afloop over eens dat Cat Power er deze keer geen zootje van gemaakt had. Voor sommigen volstaat dat al om meteen van een echt goed optreden te spreken. Zo ver willen en kunnen wij het echter niet drijven. Het was oké, niks meer en niks minder.

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/fotos/cat-power-26-06-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/mayas-moving-castle-26-06-2013/

Organisatie : Ancienne Belgique, Brussel

Pere Ubu

Pere Ubu – Cultband is na meer dan 30 jaar nog steeds springlevend

Geschreven door

Pere Ubu is een belangrijke naam in de muziekgeschiedenis. De band is nochtans niet zo bekend, maar wanneer Pere Ubu over de tongen gaat, wordt vaak vermeld wat voor invloed deze groep heeft gehad op andere muzikanten. David Thomas en de zijnen maken experimentele new wave en postpunk muziek, met een gezonde dosis humor. De bezetting van de band is in de loop der jaren enkele keren gewijzigd, maar Thomas blijft nu al meer dan dertig jaar het stuur stevig in handen houden.
Onlangs nog bracht Pere Ubu na zeven jaar windstilte het studioalbum ‘Lady from Shangai’ uit. De bandleden speelden tijdens de opnames daarvan hun partijen in zonder die van hun collega’s te horen, waardoor elk lid naar hartelust kon improviseren. Tijdens hun huidige tour spelen ze dan ook voornamelijk nummers van dat album aangevuld met materiaal van ouder werk.

Ondanks de lovende kritieken van muziekkenners, die Pere Ubu vaak in één adem noemen met groepen zoals Talking Heads en XTC, was de opkomst in de Balzaal van de Vooruit beperkt. Slechts een honderdvijftigtal mensen was komen opdagen, waardoor de band voor een halflege zaal moest spelen. Die lieten het zich echter niet aan hun hart komen en met het catchy “Love Love Love” werd de set geopend. Opmerkelijk was dat David Thomas een mapje had meegenomen waarin alle teksten zaten. Zelfs bij een klassieker als “Modern Dance” – de titeltrack van het debuut – greep hij terug naar zijn schrijfsels. Omdat hij ook nog eens neerzat gaf de groep een statische indruk op het podium. Gelukkig maakte Thomas met zijn gevoel voor humor en droge observaties veel goed. Hij stak onder meer de draak met het vrouwelijk volk en met Bon Jovi, maar ook met zichzelf. Ook opmerkelijk was de theremin, het elektronisch instrument dat één van de bandleden bediende. Zonder het aan te raken, creëerde hij door het bewegen van zijn vingers een unieke sound, die deed denken aan een krijsende viool.
Origineel is Pere Ubu zeker en vast. Ook met de songstructuren ging de band creatief aan de slag. Vaak leek er geen lijn in de songs te zitten, maar gelukkig was daar dan steeds weer Thomas die met zijn stem de puzzelstukjes aan elkaar lijmde.

Wat we cadeau kregen van deze legendarische band, was een goed optreden dat we even moesten laten bezinken achteraf. En ga nu allemaal stante pede dat debuut ‘The Modern Dance’ gaan luisteren!

Organisatie: Democrazy, Gent

Hellfest 2013 – een geslaagde 8ste editie!

Geschreven door

Hellfest 2013 – zondag 23 juni 2013 - een geslaagde 8ste editie!
Hellfest 2013
Festivalterrein
Clisson (Fr)

Hellfest day 3: 23/06/2013

Uitgerust opstaan met zicht op de wijnranken die eindeloos lijken. Zalig! Na een potje home-made koffie trokken we opnieuw richting festivalterrein voor de laatste dag van Hellfest. Eeenmaal aangekomen was het reeds tijd om opnieuw richting Temple te trekken, waar  Svart Crown speelde. Svart Crown brengt een stevige portie death/black metal, en dat al zo vroeg op de dag! Ik denk dat ik gewoon nog niet wakker genoeg was om hen ten volle te appreciëren. Jammer, want ze stonden nochtans op mijn verlanglijstje. Het geluid zat net iets minder naar wat ik ondertussen al van The Temple gewend was, maar klonk nog steeds niet dramatisch. Als er een ding duidelijk mag zijn, dan is het wel dat de Fransen van Svart Crown er een grote lap op geven, of het nu in de late ochtend of de late avond is.
Na een intro kwam “Apocalyptic Triumph”, gevolgd door “Into a Demential Sea”, “In Utero : A place Of Hatred And Threat”, “Nahash the Temptator”, “Ascetic Purification” en afsluiter “Revelatio : Down Here Stillborn”.

Opnieuw in The Temple – waar ook anders – wachten we op de komst van Inquisition. Dit duo (half Colombiaans, half Amerikaans) brengt rauwe black metal van de bovenste plank. Het geeft wel een vrij vreemd gevoel, slechts 2 muziekanten op een podium. Maar slim zijn ze wel, hoe minder groepsleden, hoe makkelijker het is om op elkaar in te spelen, wat ze al doen sinds 1996, wanneer de huidige opstelling van Inquisition gevormd werd. Wat de band ook zo populair maakt is het rauwe, aparte stemgeluid van Dagon, die vocals en gitaar verzorgt. Het zicht op het podium is triest maar tegelijk ook facinerend. Samengevat: een deftig, correct en strak concert. Niet meer, niet minder.

We blijven rondhangen aan The Temple en horen vanop The Altar de geluiden van Cryptopsy wegebben. Dat wil zeggen dat het tijd was voor de zwarte zondagsmis van Seth. Gekleed in bullet belts, kettingen en wat andere attributen leken de bandleden er klaar voor en gaven ze het beste van zichzelf. Hoewel ik grote voorstander ben van de Franse Black Metal scene kon dit concert me maar matig bekoren. Alles was goed uitgevoerd en het publiek leek hen ook erg te appreciëren, maar ik miste net dat tikkeltje meer die me volledig wegsleept uit de realiteit.
Openen deden ze met “ Let Me Be The Salt In Your Wound”, gevolgd door “La Quintessence Du Mal”, “Die Weihe”, “Scars Born From Bleeding Stars”, “Killing My Eyes”, “In Aching Agony” en afsluiter “...A La Mémoire De Nos Frères”.

Feestjestijd! De volgende die The Temple mogen betreden zijn niemand minder dan de Finse jongens van Korpiklaani. Frontman Jonne Järvelä – of hoe ik hem graag noem: de blonde Jack Sparrow – gaf weer geniale entertainment op het podium en de Finse humppa-muziek deed iedereen in de tent huppelen en dansen. Deze jongens gaan er steeds van uit dat hun publiek een bende alcoholiekers zijn en zingen dan ook over alles wat met alcohol en drinken te maken heeft. De combinatie drinken en humppa maakt een bende metalheads vrolijk, en dat zien we ook aan de sfeer. Ondergetekende kon het dus ook niet laten om mee te huppelen en een dansje te placeren. Openen deden ze met “Cottages Ans Saunas”, gevolgd door “Journeyman”, “Vodka”, “Wooden Pints”, “Tequila”, “Iron Fist (Motörhead cover)” en “Beer Beer”.

Na al dat gedans op muziek over alcohol had ik verfrissing nodig, dus trokken we even naar de Mainstages om bij te tanken aan een van de bars en even te kijken naar Gojira, die aan het publiek te zien en te horen was een zeer sterke performance neerzette. Helaas minder mijn ding en moesten we ons terug naar The Temple spoeden, waar een band ging beginnen dat in de top 3 van mijn verlanglijstje stond. Ik heb het weliswaar over de Zweedse satanisten van Dark Funeral. Gehuld in hun grote lederen harnassen en hun corpse paint zetten ze vanaf de eerste toon de tent op stelten. Openend met “The Arrival of Satan’s Empire” maken ze ons meteen duidelijk waarom hun nummers satanische symfonieën genoemd worden. Alle nummers waren goed aan elkaar gelinkt en telkens even geniaal als de vorige. “Vobiscum Satanas” werd gebracht met een bijna verontrustende intensiteit, bij “Atterus Totus Sanctus” werd het refrein gezongen door de rest van de band en tijdens “My Funeral” werd je gewoonweg meegesleurd in de intensiteit en genialiteit van het nummer. Het is moeilijk uit te leggen welke emotie dit concert teweegbracht bij het publiek (of toch alleszinds bij ondergetekende), maar ik denk dat ik het gewoon ‘magisch’ zal noemen.

Terug naar de Mainstage nu, want nummer 1 van mijn verlanglijstje komt eraan. De Amerikanen van Stone Sour maakten hun intrede met “Gone Sovereign” die uiteraard gekoppeld werd aan “Absolute Zero”, een waar festijn voor de fotografen, want we kregen maar liefst 8 minuten de tijd om onze shots te halen! Corey Taylor en co gaven er een ferme lap op, muziekaal en vocaal heel erg sterk en vol enthousiasme. Ze stonden er met plezier en dat zag je ook. Helaas kwam het publiek net iets minder los, maar dat was voor ondergetekende geen enkel probleem. Het enige spijtige was dat Stone Sour een 15tal minuten voor tijd stopte, en weinig tot niet terug geroepen werd door het publiek. Voor mij mocht het gerust nog wat langer duren. Na de openers kwam “Mission Statement”, gevolgd door “Made of Scars”, “Do Me a Favor”, “RU486”, “Children of the Grave” (cover Black Sabbath), “Say You'll Haunt Me”, “Nutshell” (cover Alice in Chains), een akoestische versie van “Bother”, waarbij je Corey Taylor zijn ziel voelde insteken, alsook een akoestische versie van “Through Glass”, die me bijna deed smelten en eindigen deden ze met “Hell & Consequences”, “Get Inside” en “30/30-150”.

Onze afsluiter van Hellfest vond plaats op het podium van The Altar. De Zweedse death metalband Hypocrisy gaf een show zoals het hoorde, een geweldige lichtshow, een geweldig geluid en geweldige sfeer bij het talrijk publiek. Een geslaagde afsluiter voor een geslaagde 3-daagse.
Openen deden ze met “End Of Disclosure”, gevolgd door “Tales Of Thy Spineless”, “Fractured Millennium”, “The Eye”, “Fire In The Sky”, “Necronomicon”, “44 Double Zero”, “Elastic Inverted Visions”, “Warpath”, “Roswell 47” en “Eraser” als afsluiter.

Tijd om ons terug te trekken naar de VIP-ruimte en met enkele goudgele pretcilinders na te genieten terwijl we een deftige set van Volbeat en geniale tonen van Ghost op de achtergrond hoorden. Dat nagenieten is uitgelopen tot een ware afterparty waarbij we voorgesteld werden aan de prettige combinatie van Jägermeister en Red Bull (toch niet voor iedere dag hoor). Tot de volgende, Hellfest!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/hellfest-2013/
Organisatie: Hellfest (Clisson (Fr))

Hellfest 2013 – zaterdag 22 juni 2013 - een geslaagde 8ste editie!

Geschreven door

Hellfest 2013 – zaterdag 22 juni 2013 - een geslaagde 8ste editie!
Hellfest 2013
Festivalterrein
Clisson (Fr)

Hellfest Day 2: 22/06/2013

Met een ferme kater trekken we opnieuw naar The Tempel, om twee redenen. Ten eerste om te ontvluchten aan de zielige motregen die aanhoudt, en ten tweede om een band te zien die hoog op mijn verlanglijstje stond, namelijk Koldbrann. Ik had er nog maar weinig van gehoord, maar na wat youtuben stonden ze al snel vrij hoog op mijn lijstje. Deze Noren staan strak op het podium, in corpse paint en bezaaid met armbanden met spikes. Ze spelen zuivere, klassieke Trve Norwegian Black Metal, wat ik erg kan smaken. De muziek is goed opgebouwd, heel precies, gevarieerd en gedrenkt in een vleugje satanisme, zoals we het graag hebben. De song met als titel “Russian Vodka” werd opgeluisterd door een speciale gast, Renton Of Death, die met ontblote torso en vliegeniersbril een vrolijk deuntje op trompet kwam spelen. Het minpunt van dit concert was een storing in de microfoonkabel die voor krakende en piepende geluiden zorgden. Jammer, want op zich was dit een zeer stevige show.

Opnieuw blijven we hangen voor het podium van The Temple. Volgens zanger Robert “Robse” Dahn moeten we de muziek van Equilibrium benoemen als “Duitse Epische Metal”. Het recept van deze benaming is een mengeling van Folk, Black en Speed Metal die samen een catchy en melodieuze sound krijgen. De Duitsers zijn erg gegeerd, en dat was te merken aan het publiek. De tent puilde uit van het volk. En terecht! Vanaf de eerste toon zat het er knal op en werd er non-stop geheadbanged. Zanger “Robse” was tevreden, en dat was duidelijk te zien aan zijn glimlach. Na een drietal nummers werden we opgeroepen tot een Wall of Death en brak de hel los. Openen deden ze met “Der Ewige Sieg”, gevolgd door “Heimwärts”, “Unter der Eiche”, “Himmelsrand” (die we kennen als de themesong van Skyrim), “Wingthors Hammer”, het alombekende “Blut Im Auge”, “Met”, “Mana” en als aflsuiter “Unbesiegt”. Equilibrium heeft een onberispelijke show neergezet en dat kan iedere toeschouwer beamen.

Bij het buitenkomen van de tent is er opnieuw een miezelregen aan de gang (gelukkig stonden we tijdens de stortregen nog te genieten van Equilibrium) maar we trotseren het en gaan klaarstaan voor de Mainstage 1 voor een concert die bovenaan mijn verlanglijst stond. Blijkbaar zijn de Amerikanen van 3 Doors Down net iets minder bekend in Frankrijk, want het terrein voor het podium was vrij pover bevolkt. Maar ik was in mijn nopjes, mijn kater was bijna over en ik ging eindelijk (!) 3 Doors Down zien. Spijtig genoeg kan ik enkel zeggen dat het geluid perfect zat en dat de nummers technisch zeer correct gespeeld werden. Het was een vrij zwakke set, het enthousiasme zat er niet in en het publiek wou niet mee. Jammer, want naar mijn mening hebben ze veel sterkere nummers in hun repertoire om op een festival als Hellfest mee uit te pakken. Zanger Brad Arnold gaf het publiek ook herhaaldelijk een “God Bless You”, wat bij de bende metalheads ook niet echt gesmaakt werd. Daarenboven beëindigden ze hun set 20 minuten voor tijd, zonder enige uitleg. Pas nadien ben ik te weten gekomen dat het aan een of ander probleem aan de gitaar lag. Openen deden ze met “Time Of My Life”, gevolgd door een van mijn favorieten “Duck and Run”, “It’s Not My Time”, “Let Me Go”, “There’s A Life”, “One Light”, het uitgemolken “Here Without You”, “Believer” en afsluiten deden ze uiteraard met “Kryptonite”. Voor een show op Hellfest miste ik zeker en vast “Smack” en “Sarah Yellin’”. Ik ben teleurgesteld, een beetje boos zelfs, dat 3 Doors Down maar een zwakke prestatie heeft geleverd.

Terug richting Temple dan voor nog een beetje Noorse Black Metal. En blijkbaar was ik niet de enige. Ondanks dat de zon er terug doorkwam bleven toch een groot aantal metalheads staan voor de mannen van Kampfar. Tot mijn groot jolijt was het geluid weer top en de koude sfeer van Kampfar werd opnieuw versterkt door de ijzige stem van Dolk. Eindigen deden ze met het sterke “Ravenheart”. Het was een goed opgebouwde, sterke show zoals we van Kampfar gewend zijn, maar ik heb de Noren toch al een sterkere performance weten neerzetten.

Na een kleine plaspauze en ons terug te voorzien hebben van een goudgele pretcilinder trokken we opnieuw richting Temple om elnkele lichaamsdelen en dierenskeletten te zien, in elkaar gestoken op een manier dat ze perfect als microfoonstandaard dienden. Jaja, het was weer tijd voor de bloederige en agressieve muziek van Belphegor. De duivelse blackened death metal van deze Oostenrijkers kon menig metalhead bekoren met hun strakke set. Mezelf incluis.

De keuze van de Hellfest-organisatie om ZZ Top en Kiss op dezelfde dag te zetten was strategisch. En we kunnen wel zeggen dat de operatie succesvol was. Rond 20u30 zag het zwart van het volk voor de hoofdpodia en werd het bijna onmogelijk om door het volk te manoeuvreren. De Texanen van ZZ Top voelden zich op hun gemak en het geluid zat alweer zeer goed voor de standaarden van de Mainstage. Het publiek liet zich rustig meeslepen doorheen de ganse set van classic blues rock en ging uit zijn dak tijdens de verwachte – en bijna verplichte – bekendere nummers.
Openen deden ze met “Got Me Under Pressure”, gevolgd door “Waitin' For The Bus”, “Jesus Just Left Chicago”, “Gimme All Your Lovin'”, “Pincushion”, “I Gotsta Get Paid”, “Flyin' High”, “Foxy Lady” (herwerking van The Jimi Hendrix Experience), “My Head's In Mississippi”, “Chartreuse”, “Sharp Dressed Man”, “Legs”, “Tube Snake Boogie”, “La Grange / Sloppy Drunk / Bar-B-Q” en “Tush”.

3 keer raden waar we vervolgens heen gaan… Juist ja, naar The Temple, want het was tijd voor de vrolijke Finnen van Finntroll. De tent stond proppensvol, en bij het aanschuiven in de rij van de fotografen zat de sfeer er ook vrij goed in… Tot op het moment dat ze begonnen spelen. Geen frontlicht? Dikke kak! Mijn humeur zakte tot op een laag pitje en na wat observeren en luisteren naar de feedback van collega-fotografen heb ik dan maar besloten het te laten voor wat het was en van de show proberen te genieten. Dat lukte wel, het publiek hield een feestje op de tonen van de humppa-metal, maar op het podium leek het mij allemaal wat té georchestreerd. Het spontane dat we van de band kennen  zat heel ver, wat voor mij toch een gevoel van teleurstelling gaf. De setlist zag er als volgt uit: “Blodsvept”, “Solsagan”, “Mordminnen”, “Nar Jattar Marschera”, “Nattfodd”, “Under Bergets Rot”, “Skogsdotter”, “Trollhammaren” en afsluiter “Jaktens Tid”.

Nostalgiegewijs kon ik het niet laten om me even te begeven naar de Mainstage 2 waar Bullet For My Valentine bezig was. Het geluid zat wel ok, en ze speelden hoe het hoorde, maar in mijn ogen was het vrij saai. Toen ik op het punt stond weer te vertrekken begonnen ze aan “4 Words (To Choke Upon)” waardoor ik besliste toch nog even te staan. Het bleef echter vrij pover dus besloot ik om na het volgende nummer, “Suffocating Under Words Of Sorrow” te vertrekken. Nostalgieplicht vervuld, me dunkt!

De menigte verzamelde zich opnieuw voor Mainstage 1, en het ganse terrein was gevuld, want het was tijd voor Kiss. Ik was op voorhand vrij kritisch, en helaas werd mijn vermoeden bevestigd. Quasi dezelfde show zoals ik ze al enkele malen gezien heb. Niet veel speciaals dus. Het podium was weer gedecoreerd met het gigantisch lichtgevende logo van Kiss, de drum stond weer op een platform die meters hoog de lucht in ging, net als de rest van de band op hun mini-platformpje. Zanger Gene Simmons die opnieuw zweefde naar de PA om van daar een liedje te zingen, alweer wat vuurwerk en confettikanons enzovoort. Het enige wat er aan de show was veranderd was dat ze wat gesleuteld hebben aan de setlist.
Vreemd genoeg werd er besloten om onder andere “Date Night” en “I Was Made For Loving You” niet op te nemen in die setlist, die er als volgt uit zag: “Psycho Circus”, “Shout It Out Loud”, “Let Me Go, Rock 'n Roll”, “I Love It Loud”, “Hell Or Hallelujah”, “War Machine”, “Deuce”, “Say Yeah”, “Shock Me”, “Outta This World”, “God Of Thunder”, “Lick It Up”, “Love Gun”, “Rock And Roll All Nite”, “Detroit Rock City” en “Black Diamond”. Ik vond het allemaal niet zo speciaal en besloot dus maar om even richting Altar te trekken om een stukje van het voor mij vrij onbekende Candlemass te gaan bekijken. De Zweedse Doommetalband kon mij gelukkig wel bekoren, waardoor ik besloten heb de band in het vervolg toch wat meer te gaan volgen.

Einde van dag 2, nog even napraten in de VIP-area en dan vlug ons bed in, want er staat ons nog een dag te wachten…

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/hellfest-2013/
Organisatie: Hellfest (Clisson (Fr))

Hellfest 2013 – vrijdag 21 juni 2013 - een geslaagde 8ste editie!

Geschreven door

Hellfest 2013 – vrijdag 21 juni 2013 - een geslaagde 8ste editie!
Hellfest 2013
Festivalterrein
Clisson (Fr)

Hellfest Day 1: 21/06/2013

Na een lange rit, een tweetal uurtjes slaap en het potje koffie waren we er klaar voor. Hellfest 2013 beloofde alweer een top-editie te worden. De ontvangst voor de pers was alweer dik in orde en in een mum van tijd stonden we op het festivalterrein.

We begaven ons naar The Temple voor het optreden van Stille Volk. Stille Volk is een Franse band die Occitaanse (Provençaalse) en Middeleeuwse invloeden met elkaar mengt. De band – die gebruik maakt van o.a. een draailier, strijkers, een akoestische gitaar en percussie – baseert zijn teksten op het erfgoed en cultuur in de Pyreneeën. Openen deden ze met het fantastische “La Danse de la Corne”, wat direct voor een vrolijke sfeer zorgde, gevolgd door “Le Réveil de Pan”. De bandleden voelden zich op hun gemak op het podium en dat was te merken aan het publiek dat al snel aan het meezingen was en danste op de vrolijke tonen. Na “Ai Vist Lo Lou” trakteerde de band ons op een cover van Iron Maiden’s “To Tame A Land”, geheel in eigen versie en vertaald naar de langue d’oc als “Adoumestica Una Terro”. Afsluiten deden ze met “Le Roi des Animaux” en “Banquet”. Voor mij was dit de perfecte opener voor de komende 3 dagen, een vrolijk concert dat er direct de sfeer in bracht.

Voór het concert van Hate maakten we even gebruik van de tijd om de persruimte en VIP-ruimte te gaan inspecteren. De VIP-ruimte was ingericht met een eigen bar met enkele dranken die niet op de rest van het terrein te verkrijgen waren. Ook kon men niet enkel met jetons betalen, maar ook met cash geld of bancontact of creditcard. In het midden van de tent stonden enkele tafels en stoelen, alsook tuinsalons die dienden als comfortabele zetels. De buitenruimte was voorzien met een terras, hangmatten en leuke kunstwerken uit ijzer.

Tijd voor HATE. Ondanks het drama van dit jaar (het overlijden van Mortifer op 6 april) stond Hate toch op het podium van The Temple, met zowaar een vrouw die Mortifer zijn baskunsten verving. De Poolse Death/Black Metal band gaf een ijzersterke show, gewapend met hun corpse paint en de symbolische vlaggen aan weerszijden van het podium. Net als veel van hun landgenoten is Hate een ware oorlogsmachine, die hun kennis van de zware en brutale sound keer op keer bewijzen. Openen deden ze met “Watchful Eye Ov Doom”, gevolgd door “Luminous Horizon”, “Omega”, “Hex”, “Festival Ov Slaves” en “Alchemy Ov Blood” als afsluiter.

De volgende band die het podium van The Temple mocht betreden was niemand minder dan Týr. De bekende Faeröerse Folk/Viking metalband zingt uitsluitend over de Noorse Mythologie, zowel in het Engels als in het Faeröers. Hoewel het slechts amper middag was, zag de tent reeds zwart van het volk en probeerden ze allemaal een plaatsje te bemachtigen voor het podium van The Temple. We letten ook op de afwezigheid van drummer Kári Streymoy, die de band in het begin van het jaar moest verlaten wegens gezondheidsproblemen. Wie zijn vervanger was op Hellfest kunnen we helaas niet meedelen. Wat we wel kunnen zeggen is dat hij een feilloze, strakke set gespeeld heeft. De band voelde zich comfortabel op het podium en dat reflecteerde in geweldig geluid, nummers die goed gekoppeld waren en bijgevolg een feestje in het publiek die enthousiast meezong en de heidense goden en hun attributen vereerden. Een energiek concert die geopend werd door “Flames of the Free”, gevolgd door “Tróndur í Gøtu”, “Shadow of the Swastika”, “Hail to the Hammer” en “Ramund Hin Unge”. Eindigen deden ze uiteraard met “Hold the Heathen Hammer High” en “The Lay of Thrym”.

Terwijl de zon volop schijnt en de bijhorende warmte brengt trekken we opnieuw richting de tent van The Temple om te zweten voor een sterk staaltje Aura Noir. De Noren weten de invloeden van de black/trash in balans te houden voor een sound die menig metalhead kan smaken.  Persoonlijk vond ik de trash-invloeden net iets té aanwezig, en de cover van Slayer’s “Fight Till Death” (die overigens wel goed uitgevoerd was) overbodig, maar het geluid zat goed, het publiek was volledig mee en ze gaven zich weer volledig. Al bij al een deftig concert met nummers als “Hell Fire”, “Shadows of Death”, “Hades Rise” en “Conqueror”.

We blijven nog wat rondhangen aan The Temple voor Absu, een van de bands waar ik het meest naar uitkeek op deze eerste dag. En dat was zeker terecht! Deze Texanen omschrijven hun muziek als “Mythological Occult Metal”, een mix van black, trash en death metal met thema’s als de Keltische en Sumeriaanse mythologie. Een drummer/zanger is zeldzaam, we zien soms enkele drummers die backing vocals verzorgen, maar Russ Givens (a.k.a Proscriptor McGovern) is “the real deal”. De man maakt goed gebruik van zijn drum, hij slaat snel, hard en strak en combineert dat met een dodelijk stemgeluid. Alles in combinatie klinkt Absu als een waar bombardement, die je meeneemt en niet meer loslaat.
Openen deden ze met “Apzu”, gevolgd door “Night Fire Cononization”, “Morbid Scream” (cover), “Skrying in The Spirit Vision”, “Amy”, “Manannan”, “Swords and Leather”, “Highland Tyrant Attack” en “Never Blow Out The Eastern Candle”. Dit concert is samen te vatten in volgende woorden: Geweldige show, geweldig geluid, geweldige band!

Na deze killer band trokken we toch even richting Mainstage 1 voor het concert van Europe. Velen waren van gedacht dat de Zweden van Europe niet thuishoorden op Hellfest, maar toch zagen we redelijk wat publiek aan Mainstage 1. Daarnaast waren er ook veel mensen die dachten dat Europe niet meer bestond, integendeel, ze zijn levendiger dan ooit.
Openen deden ze dan ook met het eerste nummer van het laatste nieuwe album: “Riches To Rags” (van het album ‘Bag of Bones’, uitgebracht in 2012). Europe klinkt nog steeds melodieus, maar toch een pak zwaarder in vergelijking met hun albums uit hun hoogtijdagen van de jaren ’80. Voor de standaarden van Mainstage 1 was het geluid zeer deftig, de setlist was goed opgebouwd, oudere en nieuwere nummers werden afgewisseld. “Riches To Rags” werd gevolgd door “Firebox”, “Scream of Anger”, “Superstitious”, “Girl From Lebanon”, “The Beast”, “Rock The Night”, “Last Look At Eden” en er werd uiteraard –hoe kan het ook anders? – afgesloten met “The Final Countdown”. Het publiek kwam los en genoot van de show. Zelfs de technici van Testament (die aan het opzetten waren op Mainstage 2) waagden zich even aan een stukje luchtgitaar of luchtdrum. Europe verliet het podium onder groot applaus na een feilloos concert en bewezen daarmee dat ze ook thuishoren op een metalfestival.

We blijven rondhangen aan Mainstage 1, want Twisted Sister kwam aan de beurt. Dee Snider zag er alweer op zijn best uit, zwerend bij zijn strakke broeken en fluoroze microfoonstandaard. Hij staat actief op het podium, loopt alle kanten uit en blijft toch een helder stemgeluid behouden. Hij zorgt voor een glimlach op quasi alle gezichten van het publiek en straalt een feelgood enthousiasme uit.
“You Can’t Stop Rock ’n Roll” was de opener, gevolgd door “Shoot ‘Em Down”, “The Kids Are Back”, “Stay Hungry” en “The Beast”. Tijdens “We’re Not Gonna Take It” ging het publiek uit zijn dak en uiteraard liet Dee Snider het publiek enthousiast participeren in het nummer (maar het enthousiasme die het nummer teweeg bracht tijdens GMM 2012 werd evenwel niet geëvenaard). Daarna kwamen nog “The Price”, “Burn In Hell” en “The Fire Still Burns” aan bod. Afsluiten deden ze met “I Wanna Rock” en de herwerkte versie van The Rolling Stones’ “It’s Only Rock ’n Roll”.

Terug naar The Temple voor een van mijn favoriete bands, Carpathian Forest. De Noorse Black Metalband staat steeds op het podium met alles erop en eraan; corpse paint, omgekeerde kruisen, een ritueel mes (die overigens bot is – ongdergetekende heeft het reeds in de hand gehad – met als reden dat ze zichzelf niet vertrouwen indien het geslepen zou zijn), enzovoort. Bij de eerste toon kwamen er vlammen uit de voorkant van het podium waardoor het publiek onmiddellijk hysterisch werd en meegesleurd werd voor een uur lang (dat veel te snel ging) in de wondere wereld van Carpathian Forest. Nattefrost houdt het mysterieus, langzaam volgens zijn eigen ritueel, met trage passen en zwaaiend met zijn khukuri (mes gebruikt in Nepalese messengevechten) of omgekeerd kruis. Het geluid is uitstekend, helder en krachtig. Carpathian Forest zoals ze moeten zijn, op hun best! Alle aanwezigen hebben hier vanavond een les gekregen in de Trve Norwegian Black Metal.
Hun set bevatte de nummers “It’s Darker Than You Think”, “Mask Of The Slave”, “The Suicide Song”, “Hymne Til Døden”, “The Frostbitten Woodlands Of Norway”, “Knokkelmann”, “Black Shining Leather”, “He’s Turning Blue”, “Return Of The Freezing Winds”, “Diabolism (The Seed And The Sower)” en “The Well Of All Human Tears”. Carpathian Forest is een aanrader voor iedere Black Metalliefhebber, je kan er opnieuw en opnieuw van genieten, en nooit willen dat het stopt.

Tijdens het nagenieten van deze overheerlijke band begaven we ons terug naar de Mainstage, waar het terrein al vol stond in blijde verwachting van Def Leppard. De Fransen waren in hun nopjes, want het was maar liefst 17 jaar geleden dat Def Leppard in Frankrijk optrad. Helaas stonden de Britten vrij emotieloos op het podium. In contrast met het vroeger enthousiasme leken ze nu op automatische piloot te staan en had het concert erg veel weg van een afscheidsconcert, met video-intermezzo’s in zwart/wit die de geschiedenis van de groep gaf. De set, met meer dan 20 nummers, vond ik persoonlijk te lang en de intermezzo’s waren overbodig. Na 19 nummers traden ze het podium af, en hoewel ze weinig tot niet werden teruggeroepen door het publiek werden we toch getrakteerd op twee bisnummers. Spijtig, want ik had stukken meer van verwacht.
Als opener speelden ze “Good Morning Freedom”, gevolgd door “Wasted”, “Let's Get Rocked”, “Foolin”, “Action”, “Brigin' On The Heartbreak”, “Switch 625”, “Women”, “Rocket”, “Animal”, “Love Bites”, “Pour Some Sugar On Me”, “Armagedon It”, “God Of War”, “Don't Shoot Shotgun”, “Run Riot”, “Hysteria”, “Excitable” en “Love And Affection”. Bisnummers waren “Rock Of Ages” en “Photograph”.

Na deze geslaagde eerste dag verpozen we nog even in de VIP-ruimte met de heren van Carpathian Forest en enkele kannen Whiskey-Cola, niet willen beseffen dat het opstaan een pak moeilijker ging gaan de volgende dag…

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/hellfest-2013/
Organisatie: Hellfest (Clisson (Fr))

Celestial Wolves

Wood For Wood

Geschreven door

Celestial Wolves overtuigt met een sterk cinematografische plaat . Hun instrumentale sound , waar af en toe een voicesample is in verweven, klinkt sfeervol , ingetogen en levendig door frisse, aanstekelijke , opbouwende en exploderende gierende ritmes .
Natuurlijk kan je niet omheen de invloed van Mogwai en Godspeed , maar in de forsere aanpak heb je welige postmetal. Het vijftal wordt door het Dunk!festival ondersteund , gezien hun muzikale outfit volledig past in het plaatje van Dunk! . Boeiende plaat.

http://www.celestial-wolves.be

Most Unpleasant Men

Most Unpleasant Men

Geschreven door

Op de nieuwe plaat van het Nederlandse Most Unpleasant Men is hun sfeervolle aanpak duidelijk breder geworden . We horen mooi uitgewerkte broeierige pop , die door keys en percussie kleur en drive hebben , en onderhuids niet vies zijn van een wavetune  en beats . Door de dromerige zang blijft de gevoeligheid in het materiaal primeren .
Een afwisselend album en een spannende sound zorgen bij het sextet ervoor dat de plaat uitermate boeiend blijft !
http://www.mostunpleasantmen.nl   

Mxrcxl

A laughing matter

Geschreven door

Voor wie houdt van ‘90s grungepop in de voetsporen van Nirvana , komt zeker aan z’n trekken op de EP van Mxrcxl rond een zekere Marcel . Vier snedige songs horen we, aangevuld met ‘80s keys , waarvan de eerste twee een donkere tune hebben . Niet verrassend misschien, maar de songs steken goed in elkaar , hebben armslag en weten te raken .

Frightened Rabbit

Pedestrian Verse

Geschreven door

Indierockfans die dit jaar Pukkelpop bezoeken, passeren op zaterdag best langs de Chateau : de Schotten van Frightened Rabbit mogen voor de tweede keer op het festival  spelen en te horen aan hun meest recente album ‘Pedestrian Verse’ gokken we dat dit meer dan de moeite waard zal zijn!  Hun vierde plaat bestaat uit twaalf hitgevoelige tracks die fans van The National, Arcade Fire en Mumford And Songs zeker zullen smaken.   Folkrocknummers zoals “Backyard Skulls”, “The Woodpile”, “Late March, Death March” en “December’s Traditions” bevatten prachtige, zachte melodieën en hebben bovendien een zeer  hoog dansbaar-gehalte waardoor we vermoeden dat Frightened Rabbit in hetzelfde rijtje kan komen als genoemde bands!

Shineski

Leave You In The Dark

Geschreven door

Ook in de uithoeken van Frankrijk zitten prima rockbands!  Shineski komt uit Mulhouse en brengt met ‘Leave You In The Dark’ een mooie  EP uit die fans van stevige gitaarrock best zullen pruimen.   Het viertal (dat in 2010 een eerste full album ‘The Wild Lane’ uitbracht) levert nu vijf volwassen songs af die het midden houden tussen power rock, stoner, grunge en metal. 
Nummers als “Sorrow and Tears”, het dreigende “Leave You In The Dark” en het stevige “Time To Say Goodbye” tonen de invloed van formaties als Queens Of The Stone Age, Feeder, Foo Fighters en het oude Soulwax. 
Ook een band als Nine Inch Nails is nooit ver weg en dat komt dan vooral door de vocalen van Mathieu Gettlidfe die sterk refereren naar Trent Reznor.  
Deze invloeden storen ons niet want het plaatje luistert lekker weg door de diverse sterke composities.  Enkel slotsong “To The End” had een stuk korter en gebalder gekund dan de bijna acht minuten waarop nu afgeklokt wordt. 
Wie de muziek van deze Fransen wil ontdekken kan dit via http://shineski.bandcamp.com/album/tentacled-records.
 

Pagina 634 van 966