Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15433 Items)

Camera

Emotional Detox

Geschreven door

Camera is een in Berlijn gevestigde vijfkoppige band die sedert 2012 actief is en met ‘Emotional Detox’ zijn ze toe aan hun vierde plaat. Michael Drummer is wel de enige constante in dit verhaal. En ja hij speelt ook op de drums bij Camera. Van een goed gekozen familienaam gesproken… De band bestond al als duo en trio en nu dus als kwintet. Je hoort dat ook doorheen de vijf albums. De verschillende bezettingen en bandleden geven het telkens een andere dynamiek zonder dat de sound zijn eigenheid verliest.
De muziek op ‘Emotional Detox’ neemt je mee op een trip. Eén die soms kosmisch klinkt (zoals op opener “Gismo”) en tegelijk ook heel erg cinematografisch. Net als Kasabian bouwen ze een groove op waarrond er dan gespeeld wordt. Met dit verschil dat Kasabian alles nog verder uitdiept en toegankelijker voor het grote publiek maakt. Camera houdt het geluid meer open en persoonlijk. Dit alles vinden we ook terug op het elf minuten durende “Patrouille” dat als een heuse road-trip klinkt. Vervelen doet het niet , daarvoor zit alles wel goed genoeg in elkaar. Net zoals de andere tracks op deze plaat trouwens. Daarmee bevestigen ze ook hun statement dat ze willen loskomen van de typische krautrock. Je hoort ze vrijer spelen dan op hun vorige releases. Het experiment wordt hier meer als resultaat gepresenteerd. Dat werkt wel. Maar soms denk je wel eens: hier konden ze nog wat meer mee gedaan hebben zoals de song nog wat stroomlijnen en stileren. Langs de andere kant heeft het ‘onaf-gevoel’ ook wel zijn charmes in deze hedendaagse sterk geprofileerde samenleving.
‘Emotional Detox’ is voor avontuurlijke zielen. Ben je dat, dan zit je hiermee goed.

Seth Walker

Seth Walker - Rasperformer

Geschreven door

Ik ga graag ‘blind’ naar optredens. Daarmee bedoel ik: geen gesnuister vooraf op Youtube, Bandcamp of Spotify maar zich enkel baseren op een korte begeleidende omschrijving. Daarvoor moet het vertrouwen in de desbetreffende club groot zijn en de afstand ernaartoe uiteraard niet al te groot. Dat kan zeker tegenvallen maar bij een verrassing kan de pas ontdekte muziek bijzonder intens smaken en voor een zaligmakende roes zorgen. Tijd om het nog eens te proberen, dacht ik,  maar bij aankomst in Leffinge bleek er meteen iets vreemds aan de hand te zijn. Hier stonden voor een dinsdagavond wel erg veel auto’s geparkeerd en toen ik de ingang bereikte viel meteen een briefje op dat inderhaast werd opgehangen: sold out! Ik had nog nooit van Seth Walker gehoord en plots bevond ik me in een, dankzij hem, uitpuilend café. Je zou je voor minder idioot voelen maar gelukkig vond ik enkele al even verbaasde leken waardoor ik me toch wat meer op mijn gemak voelde.

Een mix van blues, soul en jazz gebracht door een rasperformer’, dat waren de woorden die me naar Leffinge hadden gelokt. Dat laatste was alleszins niet gelogen. Hier stond een uitgesproken liveartiest op de planken die duidelijk na jarenlange ervaring alle knepen van het vak kende. We werden om de haverklap uitvoerig bedankt terwijl hij voortdurend anticipeerde op zijn publiek, zelfs als hij in het West-Vlaams werd aangesproken. Ook muzikaal liet hij weinig trucs onbenut om het volk te behagen maar tot mijn eigen verbazing stoorde me dat niet eens echt.
Seth Walker was duidelijk een man die vele watertjes doorzwommen had. Opgegroeid in North Carolina, verhuisd naar Austin, Texas waar hij de wereld van de muziek ontdekte om via Nashville in New Orleans te belanden. Die zwerftocht leverde hem, naast tien platen, ook een enorme waaier aan diverse muzikale invloeden op.
Het resultaat daarvan was evenwel niet de door mij verwachtte mix van blues, soul en jazz maar funky klinkende roots die een paar keer zelfs van een dosis reggae was voorzien. Niets op tegen, als je het broeierig weet te brengen zoals The Neville Brothers of de onvolprezen JJ Grey & Mofro maar dat gebeurde hier, ondanks de intussen hoog opgelopen temperaturen, niet. Daarvoor waren de songs te mainstream en klonk de stem, ondanks die scheur, wat te vlak.
Beste moment was toen hij in zijn eentje eerst “You send me” (Sam Cooke kan er bij mij altijd in) en daarna een zelfgepende blues bracht. Waarmee ik absoluut geen afbreuk wil doen aan zijn twee kompanen: drummer Tommy Perkinson en bassist Rhees Williams (deels op staande bas) waren schitterende muzikanten. Ook het gitaarspel van Walker zelf bleef tot het einde boeien. Goed getimede solo’s met een scherpe, heldere toon en gevoel voor humor. Jammer dat de nummers op zich me koud lieten.
Helemaal op het eind leek het dan toch te lukken toen hij met een song even in de buurt van Tony Joe White kwam en hij mijn handen wat enthousiaster op elkaar kreeg. Evenwel veel te laat en een bisronde, om eventueel nog iets recht te zetten, bleef uit.

Organisatie: VZW De Zwerver - Leffingeleuren, Leffinge

Big Thief

Big Thief - Op rand van grote doorbraak!

Geschreven door

Lichte verbijstering in de zaal wanneer Adrianne Lenker met kortgeschoren kopje en vormeloos gehuld in een oranje boeddha achtige tuniek op de planken van de uitverkochte Orangerie verschijnt. Is dit wel nog dezelfde ongecompliceerde indiefolkie uit Brooklyn die 2 jaar geleden grote furore maakte in de Rotonde?

Opener “UFOF” van hun derde, veelgeprezen gelijknamige plaat stelde ons meteen gerust. Big Thief schuwt hun fascinatie voor mythologische onderwerpen niet, maar van een geforceerde spirituele muzikale zoektocht was er nooit sprake, gelukkig maar. Niet zweverig maar rauw en  intens, hét handelsmerk van Big Thief, was dit memorabel concert des te meer.
Nieuwe muzikale hypes waren aan dit geolied viertal niet besteed, wel americana in de allerbeste traditie à la Neil Young en Fleetwood Mac, soms lekker gezapig of intimistisch (“Cattails”, “Paul”) dan weer zinderend met nijdige gitaarriffs (“Real Love”, “Shark Smile”, “Masterpiece”) maar altijd even overdonderend. En met een vleugje melancholie en tristesse. Tijdens “Mary” en “Orange” konden zelfs de fleurige bloemenboeketjes aan de microfoon standaarden op het podium geen enkele opbeuring brengen.   
Verbale interactie met het publiek was er amper, maar die was ook niet nodig, eerder contraproductief wanneer de songs op zich voldoende klasse hebben om als emotionele bruggenbouwers te fungeren. Dikke pluim ook voor de band, die over de zeldzame gave beschikten om geen noot te veel spelen en daardoor ruimte creëerden om Adrianne Lenker met haar verpletterende stem in de spotlights te zetten.

Op het eind mocht er toch nog eens gelachen worden ook. Hoewel dit aanvankelijk niet echt de bedoeling leek kon Big Thief het gejoel van het publiek niet langer weerstaan en gaven ze na lang  aandringen nog twee folky, tekstueel hilarische bisnummertjes prijs met de lichten in de zaal aan. Twee kersjes op een taart die naar nog veel meer smaakt. 

Pics Big Thief @ Bestkeptsecret http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/best-kept-secret-2019
Organisatie: Botanique , Brussel

The Raconteurs

The Raconteurs - Onstuimig verhaal

Geschreven door

Na meer dan tien jaar radiostilte stuurde The Raconteurs op de valreep van 2018 twee nieuwe singles op de wereld af. “Sunday Driver” en “Now That You’re Gone” bleken de voorbode van het hervatte, vurige leven van de band. Op 21 juni komt hun derde plaat ‘Help Us Stranger’ uit en nu kregen we daar al heel wat voorsmaakjes uit te horen. We kunnen nu al verklappen dat die helemaal in de lijn liggen van hun nieuwe releases. Na dit furieuze optreden bestaat er geen twijfel meer over: de mannen van The Raconteurs zijn nog lang niet uitverteld.

De dames van Goat Girl begonnen aan de avond met moeilijk te doorgronden en daardoor erg intrigerende zang. We dachten dat we een schitterend voorprogramma te horen zouden krijgen, maar niets bleek minder waar. De band had moeite met timing en dat stoorde mateloos. Het leek vooral of we ruwe demoversies van hun songs te horen kregen die barstten van de schoonheidsfoutjes. Zo was de timing van de bassiste niet punctueel genoeg en speelde ze zelfs slordig. De drummer besloot dan weer om even recht te staan voor de show, maar -je raadt het al- sloeg vervolgens volop naast de tel. Gelukkig konden hun folk-achtige songs ons wel over de streep trekken. Die konden we veel beter smaken dan de nummers waarop ze enige electro-invloed lieten passeren en we kunnen de band enkel maar aanraden om die waaierige folkrichting uit te blijven gaan. Goat Girl heeft zeker iets te bieden, want in afwachting van The Raconteurs zaten die nummers dan ook nog even in ons hoofd.

Toch zou The Raconteurs de ziel uit hun lijf moeten spelen om dat weer helemaal recht te trekken. En dat deden ze ook, zonder een fractie van een seconde op de rem te gaan staan. Nog voor de eerste noot gespeeld was, smeet White een gitaar omver in zijn roekeloze enthousiasme. Die uitspatting was maar het begin van alle furore, die de set van begin tot eind zou kleuren.

Kwestie van even te tonen waar het op stond, begonnen ze eraan met het krachtige “Consoler of the Lonely”, opgevolgd door het nog onuitgebrachte ”Bored and Razed” en een stevige versie van “Level”. Niet alleen muzikaal werd van jetje gegeven, ook de hyperactieve lichten droegen bij aan dat overweldigende gevoel. Op voorhand leek het erop dat The Racs het met een minimaal decor zouden doen, maar dat was buiten de lichtshow gerekend, die heel de zaal in lichterlaaie zette.
Elke keer wanneer de intro van een oude bekende werd ingezet, voelde het een beetje als thuiskomen. Die nummers gaan dan ook al zo lang mee dat ze een soort warme evidentie geworden zijn. Zo veel jaren werd gedacht dat we deze mannen nooit samen aan het werk zouden zien, en dat maakte de ervaring des te specialer. Deze getalenteerde muzikanten zich zien amuseren op het podium terwijl ze de grootste prestaties neerzetten; je zou er bijna een bucketlist voor aanmaken.
Na de uitbarsting die “Top Yourself” geworden was, begaf White zich naar de piano voor een nieuw exemplaar. “Shine the Light on Me” scheen rustiger te worden, maar ook hier toverden de Amerikanen al gauw felle toevoegingen en een opbouw uit hun gitaren. Dat presteerden ze elke keer wanneer je dacht even adem te kunnen halen: ofwel kregen we nieuwe nummers op ons bord die sowieso alle aandacht opeisten, ofwel raasde The Raconteurs er genadeloos door. De set werd nooit eens neergelegd en intens was het zeker.
We hebben het wel over thuiskomen, maar aan rustgevende haardvuurnummers moest je je dus niet verwachten. De scheurende nummers volgden elkaar op en werden zelfs stuk voor stuk met dubbel zoveel scherpte, kracht en overtuiging gebracht dan op plaat. Ook al had Brendan Benson de tekst van “Many Shades of Black” duidelijk niet geblokt, toch stoorde dat niet. Het publiek kende de klassieker goed genoeg om de zaal bijeen te brullen. Op vele momenten werd de set een heus riff-festijn en duwden de mannen nog een opbouw in ons gezicht wanneer we dachten dat we het hoogtepunt al bereikt hadden.
Na elf nummers verliet de band het podium, en dat korte intermezzo om even te checken hoe het zat met onze hartslag, was welkom. Al zat er weinig ademruimte in voor het publiek, want er moest toch een aardig aantal minuten geschreeuwd worden vooraleer de bende terug op de bühne verscheen.
Met niets minder dan zes bisnummers sloten ze hun verhaal in Brussel af. Opnieuw volgde The Raconteurs het recept van de extra smak hevigheid op twee uitbundige klassiekers en vier exemplaren van hun nieuwe album. Recent of niet, “Help Me Stranger” en “Now That You’re Gone” werden even enthousiast meegezongen als hun decennium oude songs; een laatste bewijs dat ze niet enkel uit de oude herinneringendoos moeten puren om er iets van te maken.

The Raconteurs zette een furieuze set neer in het Koninklijk Circus. Ook al zal de opmerking gegarandeerd de kop opsteken dat ze hun grootste hit “Steady As She Goes” aan zich voorbij hebben laten gaan, toch bekijken wij het liever van de andere kant. Hun oude bekenden werden met zoveel onstuimigheid gespeeld dat je onmogelijk op je honger kon blijven zitten, en daarnaast waren de previews van de nieuwe songs die ‘Help Us Stranger’ zullen sieren meer dan veelbelovend.

Op zondag 2 juni speelt The Raconteurs op Best Kept Secret Festival.

Setlist: Consoler of the Lonely - Bored and Razed - Level - Old Enough - Somedays (I Don’t Feel Like Trying) - Top Yourself - Shine the Light on Me - Hands - Broken Boy Soldier - Many Shades of Black - Sunday Driver - Hey Gyp (Dig The Slowness) - Salute Your Solution - Only Child - Now That You’re Gone - Help Me Stranger - Carolina Drama

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Live Nation

Kikagaku Moyo

Wand, Wooden Shjips, Kikagaku Moyo - Psychedelica op drie verschillende wijzen

Geschreven door

Wand, Wooden Shjips, Kikagaku Moyo - Psychedelica op drie verschillende wijzen
Kikagaku Moyo
Botanique (Orangerie)
Brussel
2019-05-27
Nick Nyffels

De Botanique had een avondvullend programma rond psychedelische rock in elkaar gestoken, en hoewel de geprogrammeerde bands niet super bekend zijn, was de Orangerie toch uitverkocht voor een bijzonder boeiend trio van bands die elk een totaal andere invulling aan psychedelica gaven.

Wand, de Californische band van Cory Hanson, mocht vanavond aftrappen en speelde een korte set die voornamelijk uit hun laatste album ‘Laughing matter’ plukte. Wand komt uit de psychedelische garage-scene rond Ty Segall en Mikal Cronin, zo speelde hij nog samen met Cronin in Meatbodies en zat hij ook bij de The Muggers, de begeleidingsband van Segall die hier ook in de Orangerie stond ten tijde van het album ‘Emotional mugger’. Wand heeft echter een heel andere interpretatie ontwikkeld van psychedelische rock over de laatste platen: dit is zonnige, Californische psychedelica, met een zachte, lieflijke stem gezongen die ergens in de driehoek zit tussen The Paisley Underground, de V.U. en de Engelse gitaarpop van begin jaren negentig (Ride). Qua gevoel en ambitie doet ‘Laughing matter ‘ heel erg denken aan het neo-psychedelische meesterstuk van The Boo Radleys, ‘Giant Steps’. Een Britse manier van zingen dus, die gecountered werd door heel prikkelende gitaarsolo’s, waarbij Hanson ook zijn gitaar met een strijkstok bespeelde. De zang stuurde hij soms door een vervormer, zodat je een ijle LSD-kleur kreeg.
Hoogtepunt van de korte set was “Aeroplane”, gezongen door de keyboardspeelster, een lang stuk dat minimaal begon en ontspoorde, Yo La Tengo gewijs met verschroeiende gitaarsolo’s, zuurzoete psychedelica die je goesting gaf in meer.

Na een korte pauze was het tijd voor de tweede band van de avond. Wooden Shjips kwam zijn vijfde plaat voorstellen, het vorig jaar verschenen ‘V’. Het recept is nog altijd hetzelfde van deze band uit San Francisco: echte autosnelwegmuziek die je doet wegdromen terwijl de kilometers afgemaald worden. De band, een grijzend en baardig viertal middle aged hippies had projecties meegebracht en liet de nummers naadloos in elkaar overvloeien, met orgelklanken en de hypnotische, mid-tempo beat van de drummer als basis. De voor de hand liggende link van hun in de jaren zestig geënte geluid op een bedje van fuzz-gitaar kon je maken met een The Jesus & Mary Chain. Opnieuw was de set kort, een kleine vijfenveertig minuten, die zo  voorbij was door het hypnotische karakter van deze spacerock.

De afsluiter van de avond was het mij volledig onbekende Kikagayo Moyo, een Japans vijftal uit Tokio. De bandnaam zou iets moeten betekenen als geometrische patronen. Ze hebben al vier albums uit, waarvan het laatste ‘Masana temples’ is. Kikagayo wierp je volledig terug naar de vroege jaren zeventig, en bracht een mix van psychedelische rock en krautrock,(een nummer als “Fluffy” kosmisch is zowel een weggever als ‘mission statement’), uit een tijdperk waarin de hardrock en metal nog moesten uitgevonden worden. De band had zelfs een sitar speler, die echter wat in het groepsgeluid verzoop, maar onvermijdelijk naar The Beatles verwees.
Het was dus schaamteloos retro, zonder daarom een goedkope imitatie te zijn. Net als veel andere Japanse bands die in Europa opgemerkt worden, zit er een vreemde eigenheid in de muziek, al was het maar door de Japanse zangteksten die je in het ongewisse lieten.
Naast de lange, uitgesponnen, laid-back krautrock nummers, speelde de band ook dromerige popsongs, kwamen ze bij wijlen heel funky uit de hoek door de wah-wah gitaartjes en had ook het ook iets heel modern zoals de overgangen die bij Tortoise gejat waren. Je kan deze Japanners nog gaan ontdekken deze zomer op Pukkelpop, ga ze zeker eens gaan bekijken.

Setlist Wand: Hare / Wonder/Xoxo/Rio Grande/Scarecrow/Airplane/Melted Rope
Setlist Kikagaku Moyo: Dripping Sun/Streets of Calcutta(Ananda Shankar cover)/Cardigan Song/Blanket Song/Gatherings/Nazo Nazo/Fluffy Kosmisch/Old Snow, White Sun

Organisatie: Botanique, Brussel

Strand of Oaks

Strand of Oaks - Hier nemen wij onze hoed voor af

Geschreven door

We trokken niet alleen massaal naar de stembus, ook in Trix was het over de koppen lopen. In de grote zaal speelde namelijk Timothy Showalter met Strand of Oaks een uitverkochte show. Met maar liefst zes albums op zak wist hij ons te overtuigen van zijn muzikale talent. Het voorprogramma van de avond werd verzorgd door zijn landgenoot Frankie Lee.

Voorzien van zijn typische witte cowboyhoed, bijhorende outfit en mondharmonica betrad Frankie Lee als eerste van de avond het podium. Vergezeld door zijn gitaar wist hij ons gedurende een half uur mee te nemen naar het Amerikaanse platteland. Als we enkel uitgingen van de look, mochten we ons verwachten aan hillbilly en country. Daarentegen kregen we een nodige dosis americana en folk, waarbij een oplettende luisteraar ook “Chains” van Fleetwood Mac en “Everytime The Sun Comes Up” van Sharon Van Etten kon herkennen.

Strand of Oaks opende hun set op een nogal gedurfde manier. De opener van de avond was namelijk meteen misschien wel hun grootste single “Weird Ways”. Het voordeel hiervan was natuurlijk dat de band direct heel het publiek mee had. De toon van de avond was hiermee gezet. Epische gitaren die op een subtiele wijze opbouwden naar een hoogtepunt waren zo goed als de rode draad van de set. “Goshen 97” en “Ruby” mondden zelfs uit in een onverwacht meezingmomentje door het publiek. Showalter en co gaven het beste van zichzelf, en tijdens die laatste mochten ook de nodige gitaarsolo’s niet ontbreken.

Timothy Showalter ziet er misschien uit als een ruige bikerboy, maar niets is minder waar. Onder zijn hoed en verstopt achter zijn grote bos haar zit eerder een grote teddybeer verstopt. Tijdens “Shut In” zagen we hem zelfs een traantje wegpinken en ook op “Wild And Willing” liet hij zich even van een andere kant zien. Bijna a capella bracht hij die song, waardoor het pure helemaal naar boven kwam. Toch voelden we ons meer verbonden met hem tijdens de uitgesponnen gitaarmomenten. “For Me” en “Radio Kids” waren hierbij misschien wel een van de betere voorbeelden.
Dat Strand of Oaks pas met hun zesde album ‘Eraserland’ bekendheid verwierf bij het grote publiek is voor ons een groot vraagstuk. Voor de fans van het bijna eerste uur begon het allemaal met het nummer “JM” op de derde plaat ‘Heal’. Vooral de liveversie bij Ayco Duyster in het gelijknamige programma Duyster kende een eigen leven op het internet. Het ging zelfs zover dat Ayco werd bedankt tijdens de show van de band op Pukkelpop enkele jaren geleden. Ook op het podium wisten ze het uitgesponnen en rauwe karakter van die song over te brengen. Met maar liefst een meer dan tien minuten durende versie sloeg de band ons met verstomming.
Voor de bisnummers bracht de band Frankie Lee met zijn mondharmonica nog eens op het podium. Tijdens “In The Blue” verliet Showalter zelfs het podium en nam Lee de vocals voor zich, al kwam hij overtuigender over zonder band. Het leek alsof hij niet opgewassen was tegen de volle klank van de band. De twee heren namen samen de zang voor zich op het laatste nummer van de avond, “Forever Chords”. Lee stond er af en toe wat ongemakkelijk bij op de momenten dat hij niet moest zingen, maar gelukkig maakte de band dat helemaal goed en lieten ze ons met een mond vol tanden achter.

We durven het bijna niet te zeggen, maar met zes albums op zijn palmares is Timothy Showalter met Strand of Oaks bijna een oude rot in het vak. Toch doet de naam van de band nog niet veel belletjes rinkelen bij de meesten onder ons en dat is een spijtige zaak. Strand of Oaks heeft een hele hoop straffe songs, die ze ook nog eens live perfect weten te vertalen. Wij roepen alvast iedereen op om te gaan kijken naar hun show op Rock Werchter.

Setlist: Weird Ways - Final Fires - Goshen 97 - Ruby - Plymouth - For Me - Wild And Willing - Radio Kids - Visions - Shut In - JM - Rest Of It - In The Blue - Forever Chords

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Trix, Antwerpen

Eagles

Eagles - Een voorlopig afscheid

Geschreven door

De Amerikaanse rockband Eagles gaf gisteren de aftrap van hun nieuwe Europese tour in ons eigenste Sportpaleis. Dat de band terug een wereldtour organiseerde, was een verrassing van groot formaat. Drummer Don Henley liet namelijk in 2016 weten dat de Eagles niet meer op het podium zouden staan na de dood van gitarist/toetsenist Glenn Frey. Ondanks deze uitspraak speelden ze een jaar later nog een tweetal shows in New York en Los Angeles, dit leken dan ook eerder twee afscheidsconcerten. Maar niets is minder waar en dus stond de überlegendarische band gisteren op het podium van het Antwerpse Sportpaleis.

Eagles hebben al heel wat op hun palmares staan. Sinds hun eerste album ‘Eagles’, dat uitkwam in 1972, volgden alleen al vorige eeuw nog vijf albums. Na de tour van het laatste album ‘The Long Run’ in 1980, ging de rockband uit elkaar en focusten de artiesten zich op hun solocarrières.
Drummer Don Henley vond als soloartiest het meeste succes met het zalige “Boys Of Summer”. Door het maken van een videoclip voor een verzamelalbum ter ere van Eagles, vonden de vier muzikanten elkaar terug in 1994 en besloten ze om weer samen muziek te maken. Na een heuse knipperlichtrelatie is de band nu toch weer bij elkaar en stonden ze misschien wel voor de laatste keer in het Sportpaleis.
In plaats van met vier, stonden ze deze avond met z’n vijven op het podium, en dan hebben we ook de extra drummer, gitarist, twee toetsenisten en vijf blazers nog niet meegerekend. De bandleden Joe Walsh, Don Henley en Timothy Schmit worden tijdens deze tour bijgestaan door countryzanger Vince Gill en Deacon Frey, zoon van oud-lid Glenn Frey. Deze laatste moet zich als 26-jarige bewijzen tussen deze legendes, maar doet dit schitterend. Ondanks het grote leeftijdsverschil past zijn uitstraling en stem perfect binnen de huidige bezetting van Eagles.
Beginnen deden Eagles met een cover van Steve Young. Bij de inzet van “Seven Bridges Road” stonden de vijf bandleden en gitarist/vocalist Stuart Smith op een rechte lijn; enkel verlicht door zes spots. We kregen tijdens deze a capella intro al de indruk dat dit optreden vocaal enorm goed zou zitten. De stemmen van de zangers mengden perfect tijdens dit emotionele moment waar vele fans al lang naar uitkeken. Na deze zalige intro, vielen enkele gitaren in die een hoog countrygehalte in de song brachten. Niet echt verwonderlijk, aangezien de oorspronkelijke stijl van de Eagles country met bluegrass invloeden was. In dit opzicht past dan ook de jonge country stem van de Deacon Frey erg goed in het plaatje, wat ons duidelijk werd tijdens “Take It Easy”.
Tijdens één van de vele gitaarwissels gaf Don Henley aan wat de fans van dit optreden konden verwachten: ‘Just a bunch of guys playing instruments and singing together’. Dit werd onthaald door een oorverdovend applaus van het publiek. Op een paar publiek vermakende momenten na, hielden ze zich hier steevast aan. Wie hier was voor een grootse show met toeters en bellen, ging ongetwijfeld teleurgesteld naar huis. Het ging deze avond namelijk enkel en alleen om de muziek. Henley vroeg de fans dan ook om in het moment te leven en niet via het filmende scherm van hun gsm’s het concert te volgen. Een verzoek dat opvallend goed werd opgevolgd. Je zag nog nooit zo weinig smartphones tijdens een concert de lucht in rijzen.
Niet alleen vocaal zat het goed, ook instrumentaal was alles heel straf. Na zo veel jaren ervaring kan het natuurlijk niet anders dan dat de muzikanten enorm goed op elkaar ingespeeld zijn. Akoestische gitaren werden vlekkeloos afgewisseld met de elektrische. Meer rockende nummers werden gevolgd door sfeervolle, trage songs. Er was voor elk wat wils door de enorme variatie in de songs die ze brachten. Voor je het wist was het bijna drie uur durende optreden dan ook voorbij. Opmerkelijk is ook dat bijna elke muzikant op het podium het instrumentale en het vocale combineert, iets wat echt niet te onderschatten is. Dit alles tijdens een immens lange show én wetende dat de muzikanten, op Deacon na, niet meer van de jongste zijn, toont weer eens aan waarom de Eagles terecht iconen genoemd worden.
Niet enkel de nummers van Eagles passeerden de revue, ook enkele solonummers werden deze avond gebracht. Tijdens “In The City” liet Joe Walsh de hoogste registers van zijn stem horen en bespeelde hij zijn gitaar op een enorm aanstekelijk manier waarbij hij telkens de ogen sloot en zich voluit gaf. Natuurlijk kon ook een schitterende live versie van Don Henley’s “Boys Of Summer” deze avond niet ontbreken, met Henley deze keer op de gitaar. Don’s scherpe stem raakte tijdens het refrein het hart van de toeschouwers van de voorste tot en met de laatste rij. Dat was zeker niet alles, want er stonden ook nog enkele funky covers van James Gang op de planning.
Het werd gezegd dat de prijzen van de tickets aan de dure kant waren, maar met zo’n goed gevuld programma van twee en een half uur kreeg het publiek wel degelijk waar voor zijn geld. Zeker toen de band nog tot drie keer toe enkele bisnummers kwam brengen zoals “Desperado” en het ontegensprekelijk legendarische “Hotel California”.

Eagles waren, zijn en blijven één van de grootste rockbands aller tijden (hun album ‘Their Greatest Hits’ (1971–1975) wist onlangs zelfs terug de titel van best verkochte plaat ooit te veroveren). Fans zullen deze wonderlijke avond in het Sportpaleis dan ook niet snel vergeten. Drummer Don Henley vertelde ons tijdens dit optreden dat dit waarschijnlijk hun laatste Europese tour ooit zal zijn, maar vrij snel liet hij ons toch blijken dat hij hier zelf over twijfelt. Wij hopen alvast dat ze een terugkomst effectief in overweging nemen en snel weer in België van zich laten horen!

Setlist: Seven Bridges Road (Steve Young cover) - Take It Easy - One of These Nights - Take It to the Limit - Tequila Sunrise - Witchy Woman - In the City (Joe Walsh song) - I can’t tell you why - New Kid in Town - Peaceful Easy Feeling - Love Will Keep Us Alive - Lyin’ Eyes - Don’t Let Our Love Start Slippin’ Away (Vince Gill cover) - Those Shoes - Already Gone - Walk Away (James Gang cover) - Life’s Been Good (Joe Walsh song) - The Boys of Summer (Don Henley song) - Heartache Tonight - Funk #49 (James Gang cover) - Life in the Fast Lane - Hotel California - Rocky Mountain Way (Joe Walsh song) – Desperado - Best of My Love

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/sportpaleis-antwerpen/eagles-26-05-2019
Organisatie: Live Nation

Amenra

Amenra - Beyond The Spoken & Toni Kanwa Adikusu - Het alles overstijgende vuurritueel

Geschreven door

Amenra - Beyond The Spoken & Toni Kanwa Adikusu - Het alles overstijgende vuurritueel
Amenra
Citadelpark
2019-05-25
Hans Devriendt

22u20 … Ik kom aan in het Gentse’ Citadelpark’ en parkeer gehaast mijn fiets aan de site tussen het S.M.A.K. & Monterey. Ver hoef ik niet te zoeken. Ik wandel gewoon richting de vele stemmen.
22u25 … Rustig sluit ik aan bij de massa publiek, die zich achter een lang, cirkelvormig koord bevindt. We staren met z’n allen naar een podium en naar het beeldhouwwerk van Toni Kanwa Adikusumah: ‘Een Indonesische kunstenaar die al jarenlang de rituelen van de Sunda-traditie (een eilanden groep ten oosten van Bali waar ze bewust kiezen om primitief te blijven leven) probeert te verbinden met de hedendaagse kunstwereld’ (Bron: Vooruit, Gent). Toni Kanwa A. heeft dit beeldbouwwerk (uit hout) gemaakt om het niet-erkend verlies van ieder onder ons te symboliseren. Het beeld wordt binnen enkele minuten ritueel verbrand. Dit kan velen onder ons helpen in het loslaten van ons innerlijke verdriet en pijn. De combinatie van vuur, ritueel en muzikale begeleiding van Amenra zal straks zorgen voor samenhorigheidsgevoel. Samen, zullen we de kans krijgen om onze demonen te laten oplossen tot niets. Ik voel een emotioneel beladen sfeer in de lucht hangen. Er wordt gepraat, maar niet veel. En eerder stil, dan luid.
22u30 … Barbara Raes (curator van de Amen & Beyond tiendaagse, samen met C.H.V.E.) doet nog een laatste ronde langs het publiek. Ze vraagt ons om -tot en met het doven van de vuren- rustig achter het koord te blijven. Tegenspraak krijgt ze niet. Enkel een respectvolle knik. Iedereen begrijpt elkaar.
22u40 … Colin H. Van Eeckhout stapt het podium op, neemt zijn instrument (draailier) en gaat op een stoel zitten. Beperkt licht afkomstig van één spot valt op hem neer. Hij start met draaien en ik laat mij geheel onverwacht overvallen door een opmerkelijk gevoel van rust en veiligheid. Langzaam bereikt het repetitief geluid van de mechanisch aangedreven viool mijn oren. Het podium staat misschien 30 meter verder, maar toch lijkt de muziek zo nabij.
22u45 … Rond het beeldhouwwerk bevinden zich zes vuren, allen verbonden met een koord tot het werk zelf. Twee mensen in witte gewaden steken de eerste vuren aan. Ondertussen komen ook de andere bandleden het podium op. Vervolgens komt Barbara Raes ten tonele en ontsteekt ze een volgend vuur. Zoals de anderen, groet ze het vuur ook, met een bepaalde blik van dankbaarheid in haar ogen. Hierna stapt ook Colin op de vuren af en geeft hij een ander vuur ook zijn vlam.
23u00 … Langzaam aan branden de vuren verder, nog één van de kleinere vuren wordt aangestoken. Ondertussen wordt de intensiteit van de muziek opgevoerd. Ze bevat steeds meer melodie en complexiteit.
23u05 … Toni Kanwa A. begeeft zich tot het laatste kleinere vuur en ontsteekt deze. Een diepe groet volgt. Het publiek staart emotioneel naar het gehele gebeuren.
23u10 … De muziek vult steeds meer de grote ruimte en Colin spreekt verschillende versen uit. Versen die ik hier liever niet neerschrijf. Deze waren één element van het groter geheel dat ons in extase bracht en behoren ook nog steeds daar toe. Ondertussen ontsteekt iemand anders in wit gewaad het bovenste gedeelte van het beeldhouwwerk, de toorts. Nu branden alle vuren geven ze de muziek met hun geknetter extra warmte en geladenheid.
23u20 … Mijn ogen vallen dicht. Ik herbeleef. Vele momenten. Die mij zwaar vielen. Die mij intens verdriet gaven. Af en toe kijk ik naar de vuren, ieder vuur stel ik symboliek voor één van mijn moeilijke momenten. Het lijkt nu alsof de vuren mijn negatieve energie opslorpen.
23u25 … Ik word stiekem benieuwd hoe het ongekende nummer zal evolueren. Toch kan ik moeilijk afgeleid worden. De teksten die Colin voorleest, nemen mijn gedachten opnieuw in en komen genadeloos hard binnen.
23u27 … De muziek bevat nu nog een extra melodielijn, het tempo neemt toe. De tonen worden hoger, harder en nemen mij mee, 20 meter verder… Alsof ik mentaal naar de vuren wordt gesleurd.
23u30 … Het nummer ontploft. De vuren branden nu hard. Colin schreeuwt, vanuit zijn diepe zelf. Ik voel nog meer verdriet, pijn en woede in mij opkomen. Ik probeer ze in het vuur te kwijt te spelen. De volgende minuten verlies ik mijzelf volledig in het transcenderend geheel. Het staat boven mij
23u35 … Het tot nu toe, ongekende nummer “I” eindigt na de laatste zware, verpletterende drumslagen. Het tweede ongekende nummer start met een ritmische basdrum. Het gekraak van de vuren klinkt steeds luider. Alsof het onze collectieve pijn al voor een deel heeft opgeslorpt maar veel werk heeft om het te laten opbranden tot as. Donker. As.
23u38 … C.H.V.E. leest opnieuw een langere tekst voor. De muziek wordt langzaamaan melodieuzer maar de basdrum blijft aanwezig. Ik krijg het zelfde gevoel dat “Ritual” (Mass II, 2005) mij ook geeft. Iets later begint Colin ook te zingen. Hoog maar vol emotie. Hij beleeft duidelijk ook één en ander.
23u40 … Toni Kanwa A. komt opnieuw naar het beeldhouwwerk, hij baant zich een weg door de andere vuren, de springende vonken en het rookgordijn. Vervolgens steekt hij nu de basis van de hoge toorts aan. Hij groet de vlammen die zich nu op hun hoogtepunt bevinden.
23u43 … De muziek ontploft genadeloos, de vlammen en het geknetter maken het gehele -ongrijpbare- gebeuren nog invasiever. Ik voel nu mijn laatste negatieve stromen ontsnappen. Het vuur heeft mij in zijn klauwen. Ik beweeg heftig en ritmisch mee op de muziek. Of ik morgen pijn zal voelen? Daar denk ik nu zelfs niet aan. De muziek komt tot rust. Ik kan mij net onttrekken van het vuur en en alles wordt stiller. Op het podium, maar ook in mijn hoofd en lijf.
23u47 … Een herkenbaar geluid stroomt mijn richting uit. Ik hoef er niet over na te denken. Het is de repetitieve melodielijn van “The Longest Night” (‘Alive’, 2016). Bewuste keuze? Ik veronderstel van wel. Na enkele minuten stopt de melodie. Het publiek applaudisseert, maar ik ben niet meer in staat om zomaar te ontsnappen uit wat er zonet gebeurde. Ik sluit opnieuw even m’n ogen. Een traan rolt over m’n wangen.
23u50 … Ik ga op de grond zitten en kijk verbouwereerd naar de laatste vlammen. Nu valt ook het beeldhouwwerk vol destructiviteit op de grond. Een poosje later moet ik wel vertrekken richting thuis en kruip ik verslagen maar vol dankbaarheid de fiets op. Enkele dagen later kon ik een deel van deze avond verwerken en voelde ik mij een heel stuk ‘lichter’.

Wat Amenra heeft gedaan, verbindt ons en staat ver boven ons. Het vuurritueel was een unieke en beklijvende afsluiter na zo’n intense tiendaagse doorheen verdriet en pijn.
Ik ben Amenra zelf, alsook alle personen/muzikanten/kunstenaars die met Amen & Beyond betrokken waren, heel diep dankbaar.

Setlist: ongekend nummer I / ongekend nummer II / (melodielijn) The Longest Night

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/vooruit-gent/amenra-25-05-2019
Organisatie: Vooruit , Gent ikv ‘Amen & Beyond’ (Colin H. Van Eeckhout & Barbara Raes (curatoren))

Claw Boys Claw

Claw Boys Claw - Ervaren rotten in topvorm!

Geschreven door

Na een up-tempo, cathy en vooral poppy voorprogramma dat verzorgd werd door EUT  stond het publiek enthousiast klaar voor Claw Boys Claw! Deze garagepunk band is reeds 35 jaar een gevestigde waarde in de Nederlandse (underground) muziekscene. Ondanks hun eerder gestage doorbraak werd Claw Boys Claw toch gesmaakt door een steeds breder publiek. Zo speelden ze o.a. op Roskilde Festival (Denemarken), Pinkpop,… en verzorgden ze in 1986 zelfs onder alias ‘Hipcats’ het voorprogramma van Nick Cave and the Bad Seeds! Dit is niet iedere muziekgroep gegeven. De jaren daaropvolgend brachten ze nog vele platen uit, wisselde de groep af en toe van bezetting en namen ze ook een pauze. Toch bewees deze avond dat hun fans ook na al die jaren trouw bleven…

Claw Boys Claw stak meteen stevig van wal met het up-tempo “It’s Not Me, the Horse is Not Me”, ook meteen het titelnummer van hun nieuwste plaat uit 2018. De rock ’n roll vibe werd meteen gezet en Peter Te Bos -lees: zanger met veel allure- had er duidelijk veel goesting in. De daaropvolgende nummers waren “Seaweed” en “Dakota Chill”. Zo maakten de enkele nieuwelingen onder ons alvast kennis met hun laatste langspeler. Tijdens die eerste nummers was het geluid nog niet tip-top. Peter’s stem klonk niet luid genoeg. Maar al snel werd dit op punt gezet en klonk alles nagenoeg perfect. Die Peter, in kostuum, vol wijsheid in pacht en naast fantastische zang ook narratieve vocalen schreeuwen. Hij deed mij af en toe denken aan Nick Cave. En dit is een compliment dat hij echt wel verdiend.
Ondanks de groep al decennia lang bestaat, leken alle bandleden nog in topvorm als bij de beginperiode. Daarom was het ook een groot plezier om hen te aanschouwen. Toen de eerste riffs van “Troglodyte” mijn slakkenhuis bereikten, moest ik instant toegeven hoe kwalitatief en uniek het gitaarwerk van John Cameron wel niet is. Af en toe moest ik zelfs even denken aan Tom Morello’s (Rage Against the Machine) speelstijl. Na “Hammer” vertelde Peter Te Bos dat hun laatste optreden in ons Belgenlandje vijf jaar geleden was. Hij bedankte de Casino voor hun puike organisatie en goede zaal, hij bedankte het publiek, hij stelde z’n bandleden voor en vroeg hieraan gelinkt een groot applaus voor de verjaardag van Marcus Bruystens (bassist). Tot slot vroeg hij het publiek of hij niet te veel “lulde”, want “hoe minder ik lul tussen elk nummer, hoe meer we kunnen jammen”! Het publiek juichte dit alleen maar toe en de groep speelde zo nog vele nummers aan een hoog, maar toch heel aangenaam tempo. Het fijne hierbij is, dat ze zich deze uitgebreide setlist weldegelijk kunnen permitteren. Want de band heeft zo’n straf, uitgebreid en gevarieerd repertoire dat bestaat uit uptempo-, bluesy-, punk-nummers en zelfs enkele ballads.
The Claw Boys’ speelden hiernaast ook echt met hun songs: tempo’s wisselden elkaar vlotjes af, het speelvolume kon van heel luid naar heel stil gaan en zelfs op Peter’s vocalen werden af en toe effecten gezet. Tussendoor werd de sfeer in de zaal alleen maar intenser: “Komen jullie dichterbij? Ik doe echt wel niets.”, mompelde de zanger na “My Beautiful Carpet”. Af en toe ging hij ook tussen het publiek door lopen en aanschouwden de diehard fans hem als het ware voor een God. De frontman speelde met het publiek en heeft de gave om ieder van ons te imponeren.
Gevoelsmatig (lees: 16 nummers later) startte het laatste nummer van hun set: “Wild Voo Doo”. Het publiek ontplofte nu helemaal. Enkele pilsjes in de lucht, een mosh-pit en vier minuten later eindigde het optreden in grootsheid. Toch zag ik meteen bij iedereen die gekende blik van ongeloof. De menigte moest niet lang applaudisseren en Claw Boys Claw keerde terug voor enkele bisnummers. Het verbaasde mij niet dat hun grote hit “Rosie” als eerste aan de beurt was. Bij sommigen onder ons kwamen enkele tranen in de ogen op. Dit nummer bracht duidelijk herinneringen terug. Dit moment ontroerde mij ook, vooral omdat de kracht van muziek nu zo duidelijk zichtbaar was. Er werd rustig gedanst, gemijmerd, gewalst en vooral: in stilte -maar heel intens- genoten. Na dit nummer kwam er een heel luid applaus en werd door hun fans heel luid om “Superkid” gevraagd. De band gaf hier gehoor aan en iedereen zong het refrein van dit nummer luidkeels mee. Na “So Mean” zat het concert er dan echt op.

Na afloop bezocht ik nog even de toilet en hier lagen duidelijk enkele plasjes overgeefsel. Maar so what. Punk never dies! Deze avond was AF. Graag tot een volgende keer, Claw Boys Claw!

Setlist: It’s Not Me, the Horse is Not Me / Seaweed / Dakota Chill -Troglodyte / Suck Up the Mountain / Hammer / Zoo / Wade / Throw Me a Bone / Red Letter / Bite the Dice / My Beautiful Carpet / Monkey One / Polly Maggoo / Weatherman / Indian Wallpaper / Wild Voo Doo // Bonus: Echo Echo / Rosie / Superkid / So Mean

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/claw-boys-claw-24-05-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/eut-25-05-2019

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Nick Mulvey

Nick Mulvey - Op de koffie bij Nick

Geschreven door

Nick Mulvey - Op de koffie bij Nick
Nick Mulvey
Ancienne Belgique (Club)
Brussel
2019-05-23
Katrijn Vermoesen

Normaal gezien wordt Nick Mulvey vergezeld door een band of maakte hij deel uit van een band, in het verleden was hij terug te vinden op het podium bij Portico Quartet. Gisteren pakte hij het net even anders aan en trok hij moederziel alleen naar de club van de Ancienne Belgique in Brussel. Zijn vorige passage dateerde alweer uit 2014, toen stond hij in de Botanique, dus het concert was in een mum van tijd uitverkocht.

Nick Mulvey - Niet alleen stond hij in zijn eentje op het podium, ook een voorprogramma liet hij achterwege. Dat hield in dat hij ons maar liefst twee én een half uur (inclusief een kleine pauze tussendoor van vijftien minuten) moest entertainen met zijn songs. Echt helemaal alleen was hij gelukkig niet, want al snel wist het publiek tijdens openers “Never Really Apart”, “Myela” en “Meet Me There” dienst te doen als het nodige achtergrondkoor.

Het podium was voorzien van de nodige wandtapijten als backdrop en vloerbekleding. Het leek even alsof Nick ons had uitgenodigd voor koffie en thee om nog eens gezellig bij te praten. Dat laatste gebeurde vast en zeker. Vijftien nummers passeerden die avond de revue. Dat wil dus ook zeggen dat hij de rest volpraatte over van alles en nog wat. Zo gingen we op één avond tijd van David Bowie die Mulvey toesprak in een droom om “Transform Your Game” te schrijven naar de huidige vluchtelingencrisis.
Vooral tijdens het nieuwe “In The Anthropocene”, waarbij hij voor de verandering eens zijn ukelele bovenhaalde, kwam naar boven wat voor een wereldverbeteraar Mulvey eigenlijk is. Van klimaatacties in het museum met de enige echte David Attenborough tot een maatschappij waarin iedereen gelijk is. Natuurlijk moet het niet altijd zo diepgaand zijn. “Imogen” vernoemd naar de gelijknamige storm die de UK teisterde enkele jaren geleden, ging dan weer over de lichtere zaken in het leven zoals drugs en kinderen krijgen.
Gedurende de hele set bleef hij zijn bescheiden zelve en ook zijn muziek monde nooit echt uit in iets super dramatisch. “In Your Hands”, de hele reden van deze tour, was intiem en al stak het publiek soms een stokje voor dat intieme gevoel tijdens “Cucurucu” en “Unconditional”, meezingen was toevallig één van hun sterkste punten. Al zorgde dat net voor de nodige verbondenheid tussen hem en het publiek. Al bleef hij niet altijd zijn brave zelve. Tijdens de bisnummers toverde hij zichzelf ook tijdelijk om in een rocker, en het stond hem ook nog eens.
Je zou denken dat twee en een half uur Nick Mulvey net dat te veel van het goeie is, maar niets is minder waar. Gedurende die tijd wist hij een perfecte balans te brengen van verhalen en muziek. Al hadden we soms wel het gevoel dat we op een praatavond waren in plaats van op een concert.

Setlist: Never Really Apart-Myela - Meet Me There-Unconditional - Transform Your Game - The Doing is done
Pauze
Cucurucu - In Your Hands - In The Anthropocene-Juramidam-Imogen
Bis
Moment Of Surrender - Mountain To Move

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Elton John

Elton John - Waardig afscheid van een levende legende!

Geschreven door

Wanneer een levende legende zoals Sir Elton John zijn podiumafscheid aankondigt, is dat op zijn minst gezegd wereldnieuws. Na een bijna zestigjarige carrière en vijftig jaar op de grote bühne, houdt de Britse icoon het voor bekeken en gaat hij na zijn ‘Farewell Yellow Brick Road’ Tour zich op zijn familie focussen. De inmiddels 72-jarige excentrieke zanger behoort tot de grootste Britse zangers ooit en mocht in een hopeloos uitverkocht Sportpaleis nog eens een laatste keer voor zijn Belgische fans al zijn klassiekers brengen. Een gevoel van dankbaarheid en vreugde overheerste na het concert, al was het verdriet bij sommige fans na de show toch even groot.

Waarom we Sir Elton John zonder twijfel een legende kunnen noemen is heel eenvoudig. Met dertig langspelers op zijn naam, heeft hij meer dan voldoende materiaal om zijn show samen te stellen. Des te leuker is het dan als hij met een klassieker zoals “Bennie and the Jets” begint. Het verwondert dan ook niet dat het publiek hem met open armen ontvangt. Ook het daaropvolgende “All The Girls Love Alice” krijgt het Sportpaleis helemaal in vervoering, want de tempoversnelling zorgde voor voldoende sfeer. Het iets sentimentelere “I Guess That’s Why They Call It The Blues” zorgde daarna voor een iets rustiger moment, maar stemde ons minstens even gelukkig als de voorgangers.
Het eerste ontroerende moment kwam met “Tiny Dancer”, dat visueel zeer sterk werd gebracht. We kregen tijdens het nummer zowaar een kortfilm te zien, waarin alle facetten van het leven aan bod kwamen. Van leven tot dood, van euforie tot frustratie. Geen emotie werd over het hoofd gezien. “Philadelphia Freedom” fleurde ons dan weer helemaal op en bevatte een aanstekelijke groove die door de kleurrijk aangeklede dansers op het immense scherm benadrukt werden. Ondanks het grote contrast qua sfeerzetting, was er nauwelijks sprake van wrijving en klopte het plaatje helemaal.
Achter zijn sobere, maar vooral ook zeer elegante piano bracht John de ene hit na de andere en speelde hij zijn nummers met oog voor het detail. Kijk maar naar het meesterlijke “Rocketman (I Think It’s Gonna Be A Longtime)”, dat daadwerkelijk naar de sterren tastte. Ook het zeer fijn uitgerekte “Levon”, dat in het laatste gedeelte heel de band liet uitblinken, was een meer dan geschikt voorbeeld om de klasse van de zanger en diens zeskoppige band te bewijzen. De sfeer kwam echt los en kreeg zelfs het middenplein van zijn zitje. De showman kan het nog steeds als de beste.
In het midden van het concert kregen we een paar emotionele nummers na elkaar, die niemand koud hielden. “Someone Saved My Life Tonight” klonk bevrijdend en zorgde bijgevolg ook voor kippenvel. De verwachte tranentrekker was echter “Candle In The Wind”, dat nog steeds enorm aan Prinses Diana doet denken, die intussen al meer dan twintig jaar geleden in Parijs om het leven kwam. Het nummer brengt onherroepelijk beelden naar boven, die nog steeds iets met een mens doen. Dat het nummer initieel een eerbetoon is aan Marilyn Monroe durven we dan al snel vergeten.
Als één van de eerste openlijk homoseksuele mannen in de muziekwereld had John niet bepaald een makkelijk parcours, maar zijn invloed gebruikte hij om de ‘Elton John Aids Foundation’ op te richten. Zijn levenswerk werd door het krachtig en overtuigend gebrachte “Believe” nog eens ingekaderd. Hij zou er nog een Nobelprijs voor in ontvangst kunnen nemen en dat meer dan terecht.
De prijs voor de leukste visual zou “The Bitch Is Back” in ieder geval kunnen krijgen, wat dan ook te danken valt aan de heerlijk overdreven acteerprestatie van enkele dragqueens uit ‘RuPaul’s Drag Race’. “I’m Still Standing” maakte zijn rol daarna waar en kreeg iedereen recht, waarna “Saturday Night’s Alright for Fighting” voor een echte feestsfeer zorgde. Het legendarische “Your Song” mocht dan de bisronde openen en werd het meezingmoment. Het ultieme vaarwel gebeurde dan in “Goodbye Yellow Brick Road” dat met een oorverdovend applaus eindigde. Een mooier einde hadden we ons niet kunnen inbeelden.

Ongeveer twee en een half uur kreeg een tot de nok gevuld Sportpaleis de kans om afscheid te nemen van hun grote held Elton John, die zeer goed gezind was. Vocaal was er ook ondanks zijn zeer drukke schema weinig op aan te merken en de band bracht het spelplezier na al die jaren nog steeds even enthousiast naar voren. Met talrijke staande ovaties namen zijn Belgische fans afscheid. Ook wij nemen met een lachend en een wenend oog afscheid, want het concert in het Sportpaleis was een meer dan waardig finale van een zeer mooie carrière.

Setlist: Bennie and the Jets - All The Girls Love Alice - I Guess That’s Why They Call It The Blues - Border Song - Tiny Dancer - Philadelphia Freedom - Indian Sunset - Rocker Man (I Think It’s Gonna Be A Long, Long Time) - Take Me To The Pilot - Sorry Seems To Be The Hardest Word - Someone Saved My Life Tonight – Levan - Candle In The Wind - Funeral for A Friend/Love Lies Bleeding - Burn Down The Mission – Daniel - Sad Songs (Say So Much) – Believe - Don’t Let The Sun Go Down On Me - The Bitch Is Back - I’m Still Standing - Saturday Night’s Alright for Fighting - Your Song - Goodbye Yellow Brick Road

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Greenhouse Talent

dEUS

dEUS - Rewind - dEUS plays ‘The Ideal Crash’ (’99)

Geschreven door

‘You’re probably right, as for tonight, you’re making me nervous… ‘ was hoe ik me voelde toen ik die avond de AB binnenging. Deze avond was immers een beetje zoals tijdreizen, want dEUS ging al lang mee, nog voor ik mijn eerste cd zou kopen. Toch drukte de band zijn stempel op mijn zomer als 13-jarige met “Instant Street” die ik ontdekte op een van die afrekening cd’s in de collectie van mijn oom. Ik heb die nooit meer teruggegeven… Pas vele jaren later leerde ik dEUS echt kennen en zijn ze onlosmakend verbonden aan mijn nostalgisch studentenverleden. Het was de eerste band van wie ik in één klap alles kocht. Ik vroeg me af waarom ik niet 15 jaar eerder voeten op deze aarde had gezet, zodat ik het had kunnen meemaken.

Heuglijk nieuws dus voor mij en al die andere duizenden fans, dat we dit toch (nog) een keer van dichtbij mochten beleven tijdens de Rewind-reeks van dEUS. Twintig jaar later stond de AB de hele week in het teken van hun fel bewierookt album ‘The Ideal Crash’. Eindelijk het moment waarop heimwee naar een door mij zot gedraaide plaat nooit meer zou zijn wat het vroeger was.
Met de snijdende gitaarriff van opener “Put The Freaks Up Front” werd je er direct voluit ingesmeten, want dat nummer barst van de energie. Het was ook de vuurdoop voor de nieuwe gitarist Bruno De Groote, na 13 jaar Mauro Pawlowski. Hij troonde zich als een waardige opvolger. Tijdens “One Advice, Space” wist hij dezelfde sfeer op te wekken als zijn voorganger(s), zodat de zaal ook echt even lekker kon spacen. Een voor een dompelden de nummers, die keurig in volgorde werden gespeeld, je onder in het verleden en het voelde allemaal zo vertrouwd aan.
Ook al haalde dEUS dit album na 20 jaar van onder het stof, polijsten was niet nodig. Hoogstens eventjes blazen en dan opnieuw knallen. Deze plaat is ontstaan uit gevoelens van verlies, leegte en melancholie met teksten die slingeren tussen hardvochtigheid en kwetsbaarheid. Iets wat zoveel jaren later enkel geacteerd kon worden. Maar soit, we hebben onze Magdalena’s van toen ondertussen verwerkt en we waren gekomen voor de muziek. Want net zoals het oudere werk van dEUS, is dit album zo excentriek omdat Barman & co als geen ander melodie en noise zo naadloos met elkaar weten te verzoenen. Tijdens “Instant Street” en “Everbody’s Weird” konden we hier nog eens heerlijk van proeven. “Dream Sequence #1” kreeg je dan weer helemaal stil, ogen toe en outfaden.
Alle vijf de muzikanten, vergezeld van enkele dansers zelfs, hebben het beste van zichzelf gegeven. ‘The Ideal Crash’ is in de geschiedenis van dEUS dan ook een breekpunt met nog diezelfde mystiek als op de vorige twee albums. De bisnummers “Fell Off The Floor, Man” en “Roses” dompelden ons dan ook tot groot genoegen nog meer in diezelfde sfeer van toen;

Dit was gelukkig nog geen afscheid, maar een ijzersterk eerbetoon aan een stukje Belgisch rockerfgoed. 4I chuckled when you smiled dEUS, as a matter of love…4 was hoe ik me voelde toen ik voldaan naar buiten ging: eindelijk die schade ingehaald!

Setlist: Put The Freaks Up Front / Sister Drew / One Advice, Space / The Magic Hour / The Ideal Crash / Instant Street / Magdalena / Everybody’s Weird / Let’s See Who Goes Down First / Dream Sequence #1 /
Quatre Mains / Fell Off the Floor, Man / Nothing Really Ends / Roses

Organisatie: Live Nation ism Ancienne Belgique, Brussel

Praga Khan

Praga Khan - Al 30 jaar een feestje

Geschreven door

Praga Khan - Al 30 jaar een feestje
Praga Khan, Lords Of Acid
De Casino
Sint-Niklaas
2019-05-22
Filip Van der Linden

Maurice Engelen, het brein achter Praga Khan, wordt dit jaar 60.  De band zelf wordt er 30, ook al was die niet elk jaar actief. Redenen genoeg voor een  feestje of twee. Die vonden plaats in De Casino, Sint-Niklaas. Beide avonden waren heel snel uitverkocht. Wie erbij was, weet ook waarom.

De avond startte met het zijprojectje Lords Of Acid, de kinky versie van Praga Khan waarmee Engelen vooral in de Verenigde Staten goed scoorde en die slechts sporadisch de oversteek maakt naar Europa. Minder dan de helft van de bandleden zijn Belgisch: Engelen op toetsen (en op slechts twee nummers de lead vocals) en zangeres Marieke Bresseleers. Lords Of Acid had eerder wel meer kinky zangeressen, maar Bresseleers spant toch de kroon. Behalve dat ze beschikt over een prachtige, heldere stem kan ze ook wulps teasen als een volleerde burlesque-artieste. Dat heeft uiteraard altijd al bij de show van de Lords gehoord, maar Marieke doet het met zo’n gemak en overtuiging dat het een extra dimensie krijgt. Ze is een aandachtsmagneet die Engelen en de rest van de band helemaal in de schaduw zet.

De muziek dan. Lords Of Acid plukte voor deze zeldzame Belgische show uit het verzamelde werk van de band, met slechts een handvol tracks uit het jongste album ‘Pretty In Kink’. Ze trapten af met “Voodoo-U” uit 1995 alweer. Vandaar ging het naar “Break Me” uit ‘Pretty In Kink’ en naar “Scrood Bi U” uit ‘Farstucker’. Gitarist Erhan Kurkun mocht een eerste keer loos gaan op “Out Comes The Evil” en Marieke Bresseleers was goed bij stem en goed bij de les. Dat de band de theatrale set helemaal in de vingers heeft, mag ook wel na een tournee met 30 haltes doorheen de VS. Bij het vrolijke niemendalletje “Ruber Doll” moet er uiteraard een opblaaspop het publiek ingegooid worden. Cliché en voorspelbaar, maar het zou de fans tegelijk spijten mochten de Lords dat stukje eruit laten. Op “Worship The Lords” mag Marieke even uitrusten en neemt Engelen de vocals over. Veel moeite vergt dat niet, want de twee hoofdzinnen worden door een bevallige zangeres op een grote pancarte aangereikt. Opnieuw: een mooie gimmick, maar het publiek zou zonder pancarte ook al de tekst meteen meehebben. Het is een beetje het verhaal van het hele concert: de woordspelingen in de lyrics en de kinky stuff op het podium zijn voorspelbaar, maar tegelijk onmisbaar.
Via “My Demons Are Inside” uit ‘Pretty In Kink’ rollen de Lords Of Acid hun finale in. Daarin gaat het van hun wereldhit “I Sit On Acid” over “Let’s Get High” naar “The Crablouse”. Was Marieke al kortgerokt begonnen aan de set, tegen het einde heeft ze nog nauwelijks kledij aan die naam waardig. Het hoort erbij zoals de doodskist en de wieg in de liveshow van Alice Cooper of de grote klok bij AC/DC als ze Hells Bells spelen.  Als het werkt, moet je het doen. En onthou: it’s only entertainment.

Heeft Maurice Engelen bij Lords Of Acid - live dan toch - slechts een bijrol, bij Praga Khan draait het allemaal rond hem. Zijn keyboard hangt aan een soort trap-tafel-klimrek waar hij al eens opklimt. Als frontman stelt hij niet veel voor en als danser zou hij ook niet rijk geworden zijn, maar wat hij doet op ene podium straalt kracht en positiviteit uit. Als Engelen niet zelf op die constructie klimt, anders komt er wel een bevallige danseres langs die dat klimrek nog meer reden van bestaan geeft. Want ook in de liveshow van Praga Khan is verleiden één van de belangrijkste thema’s.  Opvallend: was het publiek bij Lords Of Acid al volop enthousiast, bij Praga Khan begonnen ze vanaf de eerste noot te dansen. Er waren veel veertigers en vijftigers in de zaal, dus dat ging al wat houteriger dan in de hoogdagen van de band en hun fans, maar toch was er bij momenten een heftige dance-moshpit voor het podium. De elektrorockers moeten echt in niets onderdoen voor metalbands.

Net als bij Lords Of Acid komt het visuele op een dichte tweede plaats. Bij de start van de show bewegen dansende creaturen (half mens, half vogel) in zwart en wit over het podium. Later volgen nog uitdagende danseressen, maar niet zo kinky als bij de Lords, en gigantische ballonnen die het publiek worden ingegooid. Ook de lichtshow is heel straf en knap ook hoe ze er met de spots voor zorgen dat het diep-gegroefde gezicht van de 60-jarige Engelen steeds van zijn mooiste kant getoond wordt.
Praga Khan, ook al met Erhan Kunkun op gitaar en met voorts o.m. Tylaine Van den Broeck op de extra toetsen, klinkt live overigens meer rock dan de dance van de albums. En er is een nieuw album dat later dit jaar uitkomt. Daarvan kreeg het publiek in Sint-Niklaas al een voorproefje met vroeg in de set “We Follow The Sun” en “Love”. Later volgden nog meer nieuwe nummers met “The Moon”, “Isolation” en het wel heel aanstekelijke “Picture This”. Onderweg was er plaats voor hits als “1000 Sterne”, “Freakadzoidz”, “My Mind Is My Enemy” en “Lonely”. De grootste hits worden bewaard voor de finale: het luid meegezongen “Breakfast In Vegas” en “The Power Of The Flower”, met in de bisronde nog “Love U Still” er bovenop.

Ook in dance of elektrorock kan je waardig ouder worden, samen met de fans. Als Praga Khan live nog zoveel power en positieve vibes kan brengen, mogen ze gerust nog een jaar of tien doorgaan. Tegen het einde van het jaar kan je overigens de double bill met Praga Khan en Lords Of Acid nog aan het  werk zien in Geel en Oostende.

Neem gerust een kijkje naar de set op 17 mei in De Casino, Sint-Niklaas
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/praga-khan-17-05-2019
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-casino/lords-of-acid-17-05-2019

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Motorpsycho

Motorpsycho - More Is More

Geschreven door

‘Less Is More’ liet bassist Bent Saether zich ergens tijdens het concert ontvallen, om zichzelf dan maar algauw te corrigeren tot ‘More Is More’. Want dat was natuurlijk het geval bij Motorpsycho dat hier alweer een marathonconcert gaf van maar liefst twee en een half uur. Met alles erop en er aan : noise, psychedelica, hard-rock, stoner-rock,  geschifte prog-rock en zelfs een scheut flower-power. Het vaste trio had zich, wat ze wel vaker doen, laten versterken door ouwe getrouwe Reine Fiske (van Dungen en zo nog een dozijn andere bands) die met zijn keyboards en zijn vernuftige gitaaruithalen de sound nog een extra boost gaf.

Met opener “Lacuna/Sunrise” werd het al snel duidelijk dat de Noren vanavond alweer niet op hun klok zouden kijken. Ze bedienden deze klassieker van een uitgesponnen psychedelisch gestoord middenstuk waar zelfs het Pink Floyd van Syd Barret zou zijn van omver gevallen, alsof “Interstellar Overdrive” een drietal keren binnenstebuiten gedraaid werd om het vervolgens nog twee keer op zijn kop te zetten.
Nog maar één song ver en de gitaren waren al minutenlang gretig uit de bocht gevlogen, Sonic Youth in progland. Met een stomend “Ship Of Fools”, ook weer zo een ferme brok van een kwartier, werd de volumeknop dan nog eens een flink stuk naar rechts gedraaid en werd een stel potige riffs afgevuurd. En daarop maar soleren dat het een lust was, er stond wederom geen rem op vanavond.
 “Twenty more songs !” riep een grapjas vanuit het publiek, waar hij nog fijntjes aan toevoegde “The long ones !”. Overdaad is een dooddoener bij veel bands, maar bij Motorpsycho is het een handelsmerk. Wie niet houdt van ellenlange songs met ingebouwde LSD trips, was maar beter thuisgebleven vanavond.
De nieuwe plaat heeft ook drie van die kanjers te bieden, en die waren allen van de partij. Titelsong “The Crucible” manifesteerde zich als een episch werkstuk waarin de oude platen van Yes in een stonerbad werden ondergedompeld, “Psychotzar” ontbolsterde zich tot een moordlustige stonerrocker die gebouwd was op een fundering van zware duellerende gitaren en “Lux Aetarna” was heerlijke folk-rock die halverwege opengereten werd door een splijtende solo.
Uit de vorige plaat ‘The Tower’ haalde Motorpsycho het huzarenstukje “A Pacific Sonata” boven, een song die mijmerend van start ging om dan middels glasheldere gitaarsolo’s open te bloeien tot een weelderige papaverweide. Er werden nog meer hallucinerende bloemetjes in het rond gestrooid toen men de akoestische gitaren bovenhaalde voor een flower-power versie  van “Spin Spin Spin”, een sixties folksong van de Amerikaans songwriter Terry Callier. Duidelijk een buitenbeentje vanavond, niet alleen qua sound maar ook qua duurtijd, het dingetje duurde amper drie minuutjes en zorgde voor een aangename verpozing.
Motorpsycho had met “The Pilgrim” van seventies prog-rockers Wishbone Ash nog een andere cover in de aanbieding, eentje die hen op het lijf gegoten was. We hadden er trouwens nog nooit eerder bij stilgestaan, maar inderdaad, Wishbone Ash mag gerust bijgeschreven worden in het grote voorbeeldenboek van Motorpsycho.
Na deze extreem lange set kunnen we u nog wel een zweempje van kritiek meegeven. Toen het eigenlijk al lang bedtijd was vond Motorpsycho dat er toch nog een bisje af kon. In hun wereld was dat dan weer een mokkel van boven de 10 minuten, maar “Fools Gold” zorgde hoegenaamd niet voor de ultieme apotheose. In plaats van er een laatste explosieve lap op te geven werd de song te lang uitgerokken zonder dat men er enige vorm van dynamiet had ingestopt.

Maar voor de rest was dit weer twee en een half uur smullen van die typische Motorpsycho sound die gewoon niet in één hokje te vatten is.

Organisatie: Depot, Leuven

dEUS

dEUS in de AB, viering van twintig jaar ‘The Ideal Crash’ in stijl! - 8 concerten-reeks in de AB

Geschreven door

In 1991 werd België een rockgroep rijker. En niet zomaar één! Ze startten ooit klein, maar werden al snel groot. Heel groot. In 1992 werd dEUS na hun passage op Humo’s Rock Rally al snel opgepikt door het grotere publiek. Maar ook -niet onbelangrijk- door Kurt Overbergh, artistiek directeur van de Ancienne Belgique. Sindsdien speelden ze steeds meer concerten en in 1994 brachten ze hun eerste langspeler, ‘Worst Case Scenario’ uit. Nu werden ze ook ontdekt door het buitenlandse publiek en in 1999 -20 jaar geleden- brachten ze hun iconische plaat ‘The Ideal Crash’ uit.
De jaren daarop volgend maakte dEUS nog veel platen, speelden ze gigantisch veel optredens (wereldwijd!) en veranderde de groep vaak van bezetting. Maar dit met uitzondering van Tom Barman (zanger/gitarist) en Klaas Janzoons (viool/zang), beiden zijn ze de constante in dEUS.

Naar aanleiding van het 20 jarig’ jubileum van ‘The Ideal Crash’ werd dEUS gevraagd om enkele optredens te spelen i.k.v. de REWIND concert reeksen georganiseerd door de AB: “Centraal in deze reeks staan Belgische artiesten die integraal ‘hun klassieker’ performen. Noem het een mijlpaal in hun carrière of meer zelfs: een sleutelplaat uit de Belgische popmuziek. Het gaat vaak om albums die - zij het niet uitsluitend - in het collectieve geheugen gegrift zijn. Noem het ankerpunten in het Belgische muzieklandschap. Elk ‘pièce de résistance’ wordt dus integraal gebracht.” (Bron: website Ancienne Belgique)
Vanavond was het aan dEUS om het tweede optreden van hun acht-delige èn uitverkochte concertreels te spelen. De AB was tot in de nok gevuld en de verwachtingen lagen hoog.
Het eerste deel van de show bestond uiteraard uit de volledige uiteenzetting van ‘The Ideal Crash’. De scherpe gitaarintro van “Put the Freaks Up Front” werd ingezet door Stéphane Misseghers (nieuwe gitarist i.p.v. Mauro Pawlowski) en al snel viel de band ook in. Ze waren nog niet helemaal begonnen en ze kregen al een oorverdovend applaus van het immens enthousiaste publiek. Enkele seconden later sprongen ook een 7-tal dansers het podium op en begonnen ze een eigen uitgewerkte choreografie te dansen. Als snel werd duidelijk dat dEUS er een groots feest van wou maken (en terecht). Maar toch had ik de indruk dat de band nog moest opwarmen, gedurende de eerste nummers van de set stonden ze er nog wat stijfjes bij. Na “One Advice, Space”, het derde nummer van de set zag ik Tom Barman als het ware transformeren en na een kort maar oprecht dankwoord startte het volgend nummer. De band leek nu wel opgewarmd en Tom zong vol emotie, alsof hij gekatapulteerd werd naar 20 jaar geleden en alles van toen herbeleefde.
Het viel ook op hoe goed de lichtshow in mekaar stak. Een kleurenmuur achter het podium en spots vanuit de zaal waren perfect op elkaar ingespeeld. De band speelde in hoog tempo verder en zo kwam één van de eerste hoogtepunten van hun optreden: “Instant Street”! Opnieuw kwamen alle dansers het podium op, de band smeet zich nu volledig en het publiek zong vaak -luidkeels- mee. Tijdens dit nummer viel mij jammer genoeg wel op dat het geluid niet zo puik geregeld was. Zoals velen onder jullie waarschijnlijk wel weten, eindigt “Instant Street” aan een steeds chaotischer en sneller tempo. Ondanks de complexiteit van deze song en het mindere geluid, speelden ze het nagenoeg perfect. Iedereen werd gelukkig en vierde feest. Ondertussen was het einde van ‘The Ideal Crash’ al in zicht. Een absoluut hoogtepunt: “Everybody’s Weird” was live bijzonder sterk. De combinatie van deze catchy song, de prachtige choreo van de dansers, de lichtshow en alle mooie herinneringen maakten dit opnieuw tot een bijzonder uitmuntend geheel. Het publiek danste erop los en de band genoot duidelijk met volle teugen.
De laatste twee nummers van ‘The Ideal Crash’ werden gespeeld en het eerste (en grootste) deel van hun optreden zat er al op. Wat bleef achter? Een publiek vol dankbaarheid die in één grote brok euforie waren veranderd.
dEUS ging even het podium af terwijl het publiek non-stop bleef applaudisseren. Het tweede deel van de show werd nu ingeleid met “Quatre Mains”. Ik was duidelijk vergeten hoe sterk dit nummer live wel niet was. Na een volgend nummer was het opnieuw even podiumstilte. Maar al snel werd de band terug geroepen door het publiek, en gelukkig maar. Een derde hoogtepunt van de show begon toen Tom Barman het publiek toesprak en vertelde dat ze het komende nummer nog niet veel live hebben gespeeld, maar dit wel voor ons wilden doen. De eerste noten van “Hotellounge” weerklonken en het publiek kreeg het duidelijk warm van emotie. Toch een opnieuw een punt van kritiek: het geluid van de viool was niet goed geregeld en hierdoor klonk de song niet volledig zoals ze moest. Ook had ik de indruk dat Tom Barman’s stem minder goed werd en de band vermoeid was. Hierna kwam dEUS nog voor een laatste keer het podium op en speelden ze “(Thank You) For The Roses” als allerlaatste nummer. Ondanks het geluid nog altijd minder goed geregeld was, werd het nummer toch bijzonder gevoelig en goed gespeeld. Bij afloop loste de dEUS geen woorden meer en stapten ze rustig het podium af.

Het was een optreden met zo’n schone opzet… Maar ondanks de extra effort’s van de band: zoals de dansers, de mooie lichtshow, etc. bleven niet alleen mijzelf, maar ook verschillende mensen van het publiek een met een dubbel gevoel achter. De show was goed, vrij goed, maar dit ook mede dankzij het enthousiaste publiek. dEUS? kon volgens mij straffer spelen, ik zag ze eerder al krachtiger aan het werk. Maar in ieder geval? Wie heeft het hen eerder voorgedaan? De AB acht maal uitverkopen? Ik denk niemand. Eerste keer dat dit gebeurt!
dEUS is en blijft terecht een Belgische trots!

Setlist: The Ideal Crash: Put the Freaks Up Front - Sister Dew - One Advice, Space - The Magic Hour - The Ideal Crash - Instant Street - Magdalena - Everybody’s Weird - Let's See Who Goes Down First - Dream Sequence #1
Bonus: Quatre Mains (from ‘Following Sea’) - Fell Off The Floor, Man (from ‘In A Bar, Under The Sea’) - Hotellounge (from ‘Worst Case Scenario’) - Roses (from ‘In A Bar, Under The Sea’)

Organisatie: Live Nation ism Ancienne Belgique , Brussel

A Giant Dog

A Giant Dog - Dwingend charisma

Geschreven door

Opener van dienst was Eastwood, een viertal uit Oostende. Zelf noemen ze hun ding punkrock maar dan moet dat wel een erg rekbare term zijn. Dit stond mijlenver van de punk waar ik mijn dagen zoet mee hou. Die typisch druk hamerende gitaren en gezwollen schreeuwzang lieten me dit eerder omschrijven als emocore of posthardcore. Hot Water Music is één van hun grote voorbeelden en dat was er af en toe wel in te horen. Knap gedaan maar het verschil maken zat er echt niet in. Een stevige, onwrikbare sound maar daar hield het dan ook op. Mocht er een prijs voor ‘het best zeveren tussen de nummers’ bestaan dan zouden ze die alvast met glans kunnen binnenrijven.

Ik wist niet meteen wat ik moest denken van A Giant Dog, een groep uit Austin, Texas met een viertal platen op haar actief. Niet meteen mijn ding: een mix van ranzige glamrock met seventies powerpop die zowel gepolijst als rafelig klonk. Bij momenten behoorlijk oubollig andere keren dan weer prettig gestoord. Het deed me wat denken aan The Tubes en dat is geen onverdeeld compliment.
En toch werd dit een beresterk optreden die ik niet snel zal vergeten. Dat had veel zo niet alles te maken met Sabrina Ellis, een zangeres met een dwingend charisma en dezelfde onstuitbare energie als Amyl van The Sniffers. Maar dit was er eentje die kon zingen. Haar glasheldere en af en toe naar opera neigende stem bleef voortdurend intrigeren. En wie het aandurft om “Hounds of love” van Kate Bush te coveren en daar zonder al te veel kleerscheuren mee wegkomt, moet wel iets kunnen.
Haar podiumact bleek zo mogelijk nog energieker dan die van Amyl. Wat minder uitdagend misschien hoewel ze toch een paar keer haar kont genadeloos liet trillen vlak voor onze verbouwereerde ogen. Het leek wel één grote aerobic oefening waarbij ze zich danig in het zweet werkte. Net als bij de muziek eigenlijk wist je nooit echt goed waar dit naartoe leidde en misschien was het wel precies dat onvoorspelbare dat A Giant Dog ver boven de middelmaat uittilde. Naast haar bleven de vier overige groepsleden er bijzonder bescheiden bij maar waren daarom niet minder efficiënt. Alleen gitarist Andrew Cashen, die geregeld voor een mooie tweede stem zorgde, trad een paar keer uit de schaduw maar die is dan ook samen met Sabrina Ellis verantwoordelijk voor alle songs. En daar zaten enkele echte oorwurmen bij zoals “Sleep when dead”.
Fascinerend concertje!

Achteraf kon ik niet aan de verleiding weerstaan om hun laatste plaat, “Toy”, te kopen en na een eerste beluistering wist ik net als bij het optreden niet meteen wat ik ervan moest denken. Er staat wel een uitstekende cover op: “Angst in my pants” van Sparks. Een mooie indicatie trouwens om A Giant Dog ergens te kunnen plaatsen, dat vleugje artrock was ik immers nog vergeten te melden.

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Hitherside

Blue Lotus

Geschreven door

Een ontmoeting tussen zangeres Jennifer Summer en multi-instrumentalist Sam Oerlemans resulteerde medio 2011 in de band Hiterside. In 2015 bracht de band zijn debuut op de markt en vanaf toen ging de bal pas echt aan het rollen. Met 'Blue Lotus' brengt de band een nieuwe parel met melodische metal uit. Op de schijf staan ook twee songs die voorkwamen op het debuut, voor de rest zijn het allemaal gloednieuwe pareltjes. We namen de schijf onder de loep en stellen vast dat de kruisbestuiving tussen die bijzondere stem van Jennifer en de virtuositeit van Sam nog steeds de rode draad vormt doorheen het geheel.
Dat laatste valt al op bij de openingssong “Unsanctify Me”. Een heel aanstekelijke start van een schijf die bol staat van dit soort aan de ribben blijven klevende songs, waarop stilzitten trouwens onmogelijk is. Op diezelfde elan blijft de band doorgaan bij de daaropvolgende songs als “Lovely Day To Kill”, “My Prediction”, “Blue Lotus” en “Insignificant Other”.  Over de gehele lijn die begane wegen blijven bewandelen en niets nieuws toevoegen aan je sound? Doorgaans beschouwen we dit eerder als een minpunt. Als daardoor echter gevoelige snaren worden geraakt, dan malen we daar niet om. In een oogwenk is de plaat trouwens voorbij en voel je prompt de neiging die bijzonder aanstekelijke trip terug aan te vatten. Tot in het oneindige zelfs. Je krijgt er maar niet genoeg van.
In die typische melodieuze metalscene is Hitherside ondertussen geen onbekende meer. Anno 2019 blijft de band voorgaande wegen verder bewandelen, zoals we dat ondertussen van hen gewoon zijn. De gevoelige snaar wordt over de gehele lijn echter voortdurend geraakt, waardoor het feit dat er niets nieuws aan deze sound wordt toegevoegd onze koude kleren raakt. Wat de band dus wel doet, is naar goede gewoonte ons hart weer enorm diep raken door die voornoemde kruisbestuiving tussen klasse instrumentalisten en een nog steeds tot de verbeelding sprekende stem van Jennifer, die ons ook op de nieuwste schijf hypnotiseert en wegvoert naar totaal andere oorden.
Ja, reeds zoveel malen voorgedaan. Maar op kwalitatief zodanig hoog niveau gebracht op deze 'Blue Lotus' dat je je gewillig laat meevoeren en nog maar eens gewillig wegdrijft naar die andere oorden waar het altijd leuk vertoeven is. Ook na zovele keren van deze lekker wijn te hebben geproefd, smaakt het nog steeds naar meer bij een band als Hitherside. Dat was in 2015 al zo en dat is nog steeds het geval. En dat laatste trekt ons dan ook het meeste over de figuurlijke streep.
                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                           Tracklist: Unsanctify Me, Lovely Day To Kill; My Prediction; Blue Lotus; Get It Back; Insignificant Other; Honeydripper; Knock 'Em On Back; Asked But Not Answered

Big Tide

Sync Or Swim

Geschreven door

Big Tide is een gloednieuw concept rond Ben Thomas. De uit Liverpool afkomstige artiest haalt zijn inspiratie bij Teenage Fanclub, Superchunk en The Posies. Hij laat zich voor 'Sync Or Swim' omringen door leden van Spectrals, Hookworms, Cowtown en Deadwall. Het verfijnde, aanstekelijke, eindresultaat mag er zijn. De band verbindt trouwens verschillende decennia tot een magisch mooi geheel. En dat laatste trekt ons nog het meest over de streep.
Streepjes typische jaren '70 folk zoals Crosby, Nash, Stills & Young en een knipoog naar de jaren '60  als The Byrds, tot ingrediënten uit de jaren '80, we vinden het allemaal terug in poppy klinkende songs als “The Crash” en “Hide Me In Your Spaceship”. Vooral die glasheldere tot zeer herkenbare stem bezorgt je gegarandeerd een glimlach op de lippen, je ziet daardoor dan ook telkens de zon schijnen achter gelijk welke donkere wolk in uw leven.
Een gezapige aanpak die eigenlijk de rode draad vormt op de hele schijf, zo zal later blijken. Want ook songs als “Make A Baby” en ”You Can't Live Your Life On A E-mail” zijn uit het leven gegrepen en doen je van innerlijke vreugde zweven over die dansvloer. Hoewel vergelijkingen met voornoemde bands nooit veraf is, beschikt Big Tide echter vooral over een eigen smoel. Door deze aanpak weet Big Tide dan ook een uitgebreid publiek aan muziekliefhebbers uit al die voornoemde decennia perfect met elkaar te verbinden.
Net als hun wereldberoemde stadsgenoten The Beatles heeft Big Tide de perfecte formule gevonden om zowel de popmuziekfan als rockliefhebber over de streep te trekken. Door een aanstekelijke aanpak naar voor te brengen, die aan je ribben kleeft. Maar vooral door het brengen van een speelse en gezellig klinkende schijf, die herkenbaar klinkt maar niet te klef overkomt, zal naast de popliefhebber dus eveneens de doorsnee rock- en folkfan zijn gading hierin kunnen vinden.
Net op tijd trouwens om op de zomerfestivals te zorgen voor een onvergetelijk dansfestijn, bij het vallen van de duisternis. Want ze zullen door middel van deze bijzonder tot de verbeelding sprekende aanpak zeker je hart verwarmen en een gevoelige snaar raken. Waardoor je, met een brede glimlach op de lippen, al dansend de nacht tegemoet zweeft.

Beaten By Hippies

Beaten By Hippies

Geschreven door

Als introductie van de band Beaten By Hippies, citeren we even uit de vi.be-pagina van deze band: 'Spoonfed on 90’s music this Belgian foursome came of age during the first stoner wave. Honing their craft and working towards brewing their own magical potion. Each bringing their own ingredients. A cup of 60 - 70’s hard rock, a pinch of 80’s glam and a zest of guilty pleasures.'  Beter dan dit kunnen we de psychedelisch aanvoelende muziek van Beaten By Hippens niet omschrijven. De band bracht ondertussen zijn titelloze debuut uit via Polderrecords. Een fijn schijfje waar typische stonerelementen worden verbonden met die typische jaren '70 hardrock.
Vanaf het lekker aanstekelijke “Velvet Hills” zijn we vertrokken voor een trip naar het verleden, met beide voeten in het heden. Je kunt inderdaad niet voorbij aan die voornoemde decennia. Maar de band geeft daar een heel eigenzinnige draai aan waardoor die songs verre van gedateerd klinken, integendeel zelfs. Ook het gevarieerde en kleurrijke “Space Tails” bevat zoveel uiteenlopende stijlbreuken en verwijzingen naar al even uiteenlopende genres en decennia dat de band hierdoor een heel ruim publiek aan stoner- en hardrockliefhebbers kan aanspreken.
Song na song krijgen we dan ook een adrenalinestoot van jewelste, waardoor je letterlijk wegzweeft naar andere tijden. 'Beaten By Hippies' blijkt vooral dus een heel veekleurige schijf te zijn, waarbij je alle kleuren van de regenboog tegenkomt. Nee, geluidsmuren afbreken, of je onderdompelen in donkere omgevingen is er niet bij. Maar Beaten By Hippies weet door deze aanpak toch wel een atmosfeer te creëren waardoor je als aanhoorder gehypnotiseerd wordt en in een diepe trance over de dansvloer zweeft. En dat is natuurlijk de verdienste van een stomende muzikale aankleding, waardoor de temperatuur prompt naar het kookpunt stijgt. Dit allemaal gekruid met een vocale aankleding die vele kanten uitgaat, als de kers op de taart op deze plaat die deze schijf compleet maakt.
Beaten By Hippies brengt een zeer veelzijdige en kleurrijke stonerplaat uit, boordevol psychedelische elementen, die vanaf begin tot einde aan je ribben blijven kleven en waarop stilstaan bovendien onmogelijk is. Al zal dat dus eerder zorgen voor zweven over de dansvloer, onder invloed van de hypnotiserende en psychedelisch aanvoelende klanken en vocale inbreng. Zonder daarbij gebruik te maken van geestesverruimende producten. Waardoor zowel fans van typische psychedelische hardrock uit de jaren '60 en '70 , glamliefhebbers van de jaren '80, stonerliefhebbers en vooral fans van bands als Monster Magnet - om maar één voorbeeld te geven - hun gading zullen vinden in dit bijzonder knappe debuut.

Tracklist: Velvet Hills; Space Tails; Blue Rose; Rock n Roll; Beaten By Hippies; Breathe Slow; More Is More; Dust; Cabron; Tomahawk

Aegonia

The Forgotten Song

Geschreven door

De atmosferische folk/doommetalband Aegonia ontstond reeds in 2011. Deze Bulgaarse band gebruikt elementen uit de fantasiewereld en overgiet die met intensieve doomelementen waardoor een occulte totaalervaring ontstaat, die letterlijk je hersenpan binnendringt tot je compleet in donkere gedachten tot een zekere gemoedsrust bent gekomen. Daarbij wordt gebruik gemaakt van traditionele instrumenten en een stembereik dat eerder melancholisch tot weemoedig klinkt.
'The Forgotten Song' is het debuut van deze band, pas nu - medio 2019 - op de markt gebracht. Er is duidelijk goed over nagedacht, want de perfectie wordt overal overschreden. De band heeft die ene bedoeling de aanhoorder dus te doen binnentreden in het rijk van pure duisternis, niet door de luisteraar zijn oren te pijnigen.
Vanaf die eerste song, “In The Lands Of Aegonia”, voel je eerder een rust over jou neerdalen, die aanvoelt als een donker deken tegen koude winterdagen of zomeravonden. Het vallen van de duisternis lijkt ons dan ook het perfecte moment om deze schijf te beluisteren. We voelden we ons verder wegdrijven naar die andere oorden. Dankzij al even intens mooi gebrachte pareltjes als “Rain In Tears” en “With The Miste She Came”.
Nee, deze band doet niet aan dreigende duisternis, dat is zeker. De occulte, vreemd aanvoelende omkadering blijft echter wel overeind staan. Een omkadering die trouwens je fantasie prikkelt, en dat is meestal ook de bedoeling met een schijf die folkse elementen bevat.
Een van die instrumenten die zorgt voor deze bijzondere atmosfeer is de viool. Een instrument dat je niet elke dag tegen komt in metalmiddens, maar dat bij deze schijf dus een echte meerwaarde blijkt te zijn binnen dat geheel. Luister maar naar de prachtige inbreng van viool bij de song “Dreams Come To Me”. Laat dit echter duidelijk zijn, het is niet één instrument dat boven het ander uitsteekt. Ook al is het bijvoorbeeld het combineren van viool, trommelgeroffel dat klinkt als langzaam hoevegetrappel van helse paarden, en een ijle stem uit datzelfde duister.
Om maar een voorbeeld te geven, en neemt diezelfde viool steeds een bijzondere plaats in binnen dat geheel. Het is de kruisbestuiving tussen al deze magische elementen dat ons ontroert en wegvoert naar die heel donkere oorden van intense gemoedsrust en kalmte.
De fans hebben best lang moeten wachten op dit debuut. Maar die jaren timmeren aan hun geluid, werken aan de weg en verder uitbouwen heeft zijn donkere vruchten afgeworpen. Binnen een occulte doomomkadering, en knipogen naar al even tot de verbeelding sprekende folkelementen, voert Aegonia ons weg naar een magische wereld, waar mystieke wezens uit onze fantasie naar boven worden gebracht.
Dit alles binnen een omkadering die eerder dus een gemoedsrust op ons doet neerdalen, binnen eveneens een heel vreemd aanvoelende en duistere omgeving. Wat ervoor zorgt dat deze band een unieke parel binnen doom/folkmiddens mag genoemd worden, waard om te ontdekken.

Your 33 Black Angels

Eternities 1

Geschreven door

De noisepopformatie Your 33 Black Angels, ontstaan in 2003, heeft zijn eigenzinnige stempel gedrukt op de dark pop/electro-paiskey, new wave en spacerock. Dit allemaal overgoten met een stevige scheut crunk bass en ritme, elegantie, levendige melodieën en een zin voor experimenteren. Dat is dan ook de rode draad doorheen de muziek van dit bijzonder veelzijdige project. Your 33 Black Angels bracht zijn debuut 'Lonely Street' uit in 2007, oorspronkelijk enkel op vinyl. Later werd de schijf ook digitaal en op CD uitgebracht. Met de daaropvolgende albums 'Tales Of My Pop-Rock Love Life' (2008), 'Pagan Princess' (2009), 'Songs From The Near Bleak Future' (Optical Sounds, 2010), 'Moon And Morning Star' (Optical Sounds, 2012) en 'Glamour' (2015) wist de band verder zijn stempel te drukken op dat new age/elektronische muziekgebeuren. Echter, deze band een label opkleven is onmogelijk. Dat blijkt ook uit hun nieuwste schijf 'Eternities 1'
Al vanaf die eerste song, “Dirty Europa Forever”, krijg je een namelijk een bont palet aan uiteenlopende kleuren aangeboden. Van alle kleuren van de regenboog wel te verstaan. Ook zit er wat tristesse en duisternis verstopt in de sound, zo blijkt. Vooral in de toch vaak breekbare en kristalheldere vocale aankleding klinkt een zekere weemoed die je tot tranen toe beweegt. Het is echter geen donkere plaat geworden, laat dit duidelijk zijn, maar eerder een lekker aanstekelijke allegaartje waarop stilzitten trouwens onmogelijk is. “Hott Funn” zit bijvoorbeeld boordevol elektronische vernuft, dat aan je ribben kleeft. Dat komt door die lekker aanstekelijke beats, te combineren met een toch weer wat vreemd aanvoelend stemgeluid.
En daarmee zijn we ondertussen aangekomen aan wat misschien nog het meest interessante aan deze schijf kan genoemd worden. 'Eternities 1' is een zeer experimenteel meesterwerk dat letterlijk alle kanten uitgaat. De band beweegt zich op deze plaat voort als een kind in een speelgoedwinkel. Improviserend, zich rot amuserend en de luisteraar alle hoeken van de kamer laten zien en horen. Zeer bewust wel te verstaan, waardoor binnen die chaos een zekere structuur ontstaat. Feitelijk wordt die chaos dus tot een kunstvorm verheven, door muzikanten die goed weten waar ze mee bezig zijn. Nee, gemakkelijk in het gehoor liggende popdeuntjes daar doet de band niet echt aan, maar door de bijzonder aanstekelijke aankleding zouden liefhebbers van bijvoorbeeld synthpop eveneens over de streep worden getrokken.

Your 33 Black Angels brengt een schijfje uit boordevol knipogen naar enorm veel muziekstijlen. Van donkere kantjes, naar bijzonder lichtvoetige danspasjes, het zit allemaal verborgen in deze knappe, kleurrijke en zeer gevarieerde, maar vooral dus heel experimentele schijf. 'Eternities 1' is dan ook voer voor liefhebbers van voornoemde muziekstijlen, die houden van artiesten die bewust buiten de lijntjes kleuren. Zoals wij dat ook graag doen.

Tracklist: Dirty Europa Forever; Hott Funn; Title; Consolação Vignette; Endless Gaze; Viva Dirty Europa; Habibi; Dead New Romantics; Britpop Reveries; Microwave Mistral; Disgrace; Loathe; Dark G

Pagina 203 van 498