Botanique, Brussel - concertenreeks

Botanique, Brussel - concertenreeks 2026Stoned Jesus, Wheel, woensdag 1 april 2026, Orangerie, 20h Oliver Symons, zaterdag 4 april 2026, Witloof Bar, 20h Koma, woensdag 8 april 2026, Rotonde, 20h Son Little, vrijdag 10 april 2026, Orangerie, 20h Chalk,…

logo_musiczine_nl

Trix, Antwerpen - events

Trix, Antwerpen - events - 01 april: Dirty sound magnet - 01 april: Minding dolls, Stryke, Gloom - 02 april: Nova Twins - 02 april: Hifive: Lefty Parker - 02 april: Spoor series: Caroline De Meyer, Dennis Tyfus - 03 april: Deathcrash - 04 + 05 april: Samhain…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15433 Items)

Moods 2019 - Daniel Norgren - Zweedse blues onder Brugs Belfort

Geschreven door

Moods 2019 - Daniel Norgren - Zweedse blues onder Brugs Belfort
Moods 2019
Belfort (binnenplein)
Brugge
2019-08-01
Jérôme Bertrem

Na een uitmuntende passage in De Roma eerder dit jaar, stond Daniel Norgren deze keer op Moods! in het binnenplein van het Brugse Belfort. De Zweedse rootsmuzikant die blues, folk, rock en gospel mooi verweeft tot een persoonlijk patchwork, bereikte met zijn zesde en meest recente plaat ‘Wooh Dang’ (2019, Superpuma) een hoogtepunt in zijn carrière, al zeg ik het zelf.

Eens aangekomen in het sferische binnenplein was het duidelijk dat het een speciale avond ging worden. Ook al werd Daniel Norgren na een reeks Zweedse clichés aangekondigd als het - nog steeds -  best bewaard geheim uit het Noorden, toch was ook deze avond uitverkocht en daarmee alle zitjes gevuld. Nog tijdens de aankondiging betrad hij als een doorwinterde muzikant het podium op om de zomerse donderdag af te sluiten.  
De zachtaardige opener “Stuck in the Bones” legde meteen de zeemzoete bezieling bloot. Subtiel kwamen de drie andere ook geweldige muzikanten de planken op om de overgang naar “The Flow” in te zetten. Dit Neil Young-achtige pareltje weekte enkele vreugdekreten los en bezorgde ook het eerste kippenvelmoment. Nu vond Daniel eindelijk zijn flow nadat hij misschien wat overdonderd was door de setting van het Belfort of het aandachtige publiek.
In “Rolling Rolling Rolling” jongleerde de band met tempowisselingen en rolden ze telkens over naar het opzwepende refrein. De Zweede reus haalde op dat moment moeiteloos de hoge noten met zijn karakteristieke korrelige stem die prachtig weergalmde in het akoestisch perfecte Brugse binnenplein. Ook een sterkte van diens man is dat hij vanuit een ietwat duistere en onwennige setting ons naar een hoopvolle, opgewekte en hartverwarmende plaats stuurde waar we maar al te graag wilden verblijven.
Zo groot de man letterlijk is, zo veel goedheid wil hij delen met zijn kunst. Tijdens “The Day That’s Just Begun” gaf hij - op z’n Tom Waits - een masterclass in oprechte liefde. Ook in “People are Good” of nog het nieuwe “Hands” nodigde hij ons uit om liefde uit te dragen naar iedereen. Hij mag dan zijn muziek eigenhandig met zelfgemaakte instrumenten schrijven, toch laat hij live de ruimte aan zijn bandleden om er het beste van te maken. Zo sloeg Drummer Erik Berntsson zonder verpinken zijn drumstok aan flarden tijdens de beukende outro van “Black Vultures”.
Én dat alles was nog voordat publieksfavoriet “Moonshine Got Me” aan de beurt kwam. Daniel en zijn kompanen plaagden het publiek met een verrassende lange intro maar eens de gekende noten weerklonken kregen we maar niet genoeg. Moest dit nog niet het geval zijn dan was dit het moment dat het publiek welwillend de bij maanlicht gestookte blues maar al te graag lustten. De band bevestigde haar enthousiasme ook tijdens swingende afsluiter “Dandelion Time” dat aanstekelijk werkt op de dansheupen. Het bisnummertje “Let Love Run The Game” mocht uiteraard niet ontbreken.

Als Daniel door zijn geheimhouding zo’n bloedschone en eerlijke muziek blijft maken dan mag hij gerust een goed bewaarde geheim blijven!

Setlist: Stuck in the Bones - The Flow - The Power - Though it Aches - Rolling Rolling Rolling - The Day That’s Just Begun - People Are Good - Hands -  Black Vultures - Moonshine - Music Tape - So Glad - Dandilion Time - Let Love Run The Game

Organisatie: Stad Brugge ism Cactus Club, Brugge

Festival Dranouter 2019 - vrijdag 2 augustus 2019

Festival Dranouter 2019 - vrijdag 2 augustus 2019
Festival Dranouter 2019
Festivalterrein
Dranouter
2019-08-02
Mireille Tansens en Johan Meurisse

Het driedaags Festival Dranouter heeft de juiste formule en borduurt voort op de veranderingen van een handvol jaar terug met de terug plooiing onder de kerktoren . Sfeer, beleving , comfort en ecologie zijn kernwoorden .
Het terrein , de tenten, de kraampjes staan dichter bij elkaar , wat de gezelligheid bevordert . De formule in combinatie met verrassende randanimatie , leuke kinderprogrammatie en veelkleurige foodstands maakt het festival (kleur)rijker.
Het jaarlijks sleutelen aan de ruimte en comfort tussen de verschillende tenten en kraampjes zorgt ervoor dat het geheel aangenaam , leuk , ontspannend blijft. Het ademt de sfeer van een grote kermis uit, dichter bij de dorpskern en rond ’t Folk, het hart van de organisatie, waar iedereen nu terecht kan, en kan leren kennen. Met de Corners , de Kerk en de Voute stage aan de overkant, brengt men goede muziek uit alle windstreken.
Het uittekenen van de aanpassingen zijn door de jaren geslaagd.
Festival Dranouter , het is één van die pittoreske festivals , die we maar al te graag koesteren . Het festival staat voor een groen, gezinsvriendelijk en gemoedelijk driedaags muziekfeest; een gezellige ambiance en een erg warme, amicale , rustige sfeer dus. Het spreekt jong en oud aan , jonge gezinnen met kinderen en de rasechte muziekliefhebber.
Het festival kreeg door de jaren een breder perspectief , brengt ‘roots’, ‘rock’, ‘pop’ en ‘folk’ samen , met de aandacht voor de traditie. Een fijne selectie van internationale en Belgische acts , afgewerkt met te ontdekken bands over de verschillende stages.
Op die manier blijft Festival Dranouter een interessante insteek, en is dus veel meer dan folkmuziek voor geitenwollensokken …

Het festival is toe aan z’n 45 ste editie, tekent voor extra beleving , randanimatie en heeft een rits nieuwe bars en corners … Festival Dranouter kan rekenen op een sterke respons, met een absoluut hoogtepunt in verkochte tickets op zaterdag  met o.m. Tom Odell (solo) en Tourist LeMC.

En deze editie van Festival Dranouter is uitstekend verlopen. Beter kon echt niet. 50000 bezoekers streken neer . Bekende internationale headliners , een geweldige sfeer, vernieuwende duurzame initiatieven en acts die je alleen maar hier kon zien, in ideale temparaturen. Een topcombinatie !

Op donderdag was er al een feestelijke startavond met straattheateracts en enkele DJ sets. De organisatie noteerde reeds 4500 bezoekers .
dag 1 - vrijdag 2 augustus 2019
De eerste festivaldag was perfect met al 14500 bezoekers , die met volle teugen genoot van de unieke sfeer , de originele foodstanden, de talloze animaties en de optredens . Ons landje kleurde de avond , en variatie in het genre hadden we met artiesten als Ladysmith Black Mambazo, Alan Stivell en Dubioza Kolektiv .

Opener werd Ladysmith Black Mambazo op de mainstage . Het Z-Afrikaans collectief zorgde in de jaren 80 dat wereldmuziek , onder impuls van Paul Simon’s ‘Graceland’, wereldwijd werd verspreid. Het is ook een soort reizende muziekschool, die les geeft over Z-Afrika en zijn cultuur. Het a-capellakoor zingt in de vocale stijlen van hun land en in het Engels. Natuurlijk ontbraken de instant klassiekers “Diamonds on the soles of her shoes” en “Homeless” niet , maar ook met “How long” werd een mooi Engels nummers gezongen.
De zeven combineren in plaatselijke klederdracht hun unieke warme zang met lichaamsbeweging.
Het festival kwam met dit combo goed op gang en naast de maatschappijkritische noot, bracht hun gospel een eerst solidariteitsgevoel.

De carrière van de Londense The Veils rond Finn Andrews, werd na de eerste platen ‘The runaway found’ en ‘Nux vomica’, bijna vijftien jaar oud, op het achterplan geduwd . Het intens broeierig materiaal , met die hobbelige gitaarmotiefjes en spanningsopbouw, werd gedragen door zijn melancholische, indringende, getormenteerde stem . Hij is nu solo, heeft een eerste plaat uit en pakt het nu sober, innemend , pakkend aan; de songs zijn vooral gedragen door de piano/keys , enkele gitaarakkoorden, cello en viool . Muziek bij valavond, integer , lieflijk en emotievol , af en toe met een ietwat extraverte touch.
Het sfeervolle, ingehouden karakter blijft centraal als op “Love what can I do” en “What strange things lovers do”  . Hij was onder de indruk van de respons en het aandachtige publiek. Hij gooide naast een Veils nummer er zelfs eentje extra bovenop .

Ommezwaai na Andrews en tijd voor een feestje op de mainstage met het leuke combo Dubioza Kolektiv uit Bosnie-Herzegovina.  Na Shantel , Flogging Molly , Gogol Bordello, Les Negresses Vertes of peetvader Goran Bregovic , weet de organisatie ieder jaar wel een band te strikken die een amalgaan aan stijlen ophoest, die opwindend, hitsend  zijn en staan voor een uurtje fun . Fun, maar eentje met een politiek statement van ‘unity’ van ‘save it’, ‘sheed it’, ‘share it’,‘like it’ . Een mix van balkan, ska , punk, reggae, hiphop, dub , brengt de menigte op de been, de dansspieren worden geprikkeld,  er wordt met de handen heen en weer gezwaaid en ze doen ons meezingen . Het is een soort balkan/tango/funk/punk. Ze gooien allerhande tunes in hun songs  als een “I fought the law” van The Clash. Kermisfolkpunk van boxautos, maar eentje met een boodschap . Heerlijk, kleurrijk, dansbaar en sfeervol. Mooi allemaal.
Dubioza Kolektiv - Een stomend concertje dus , een bruisende cocktail van artiesten in een nooit geziene speelvreugde ! En met een knipoog naar Mano Negra en Manu Chao.

Ouderdomsdeken is Alan Stivell ,een graag geziene gast op het festival . De sound van deze Bretoen is verwant aan de Ierse en Schotse Keltische folk. Hij is zanger, musicus en instrumentenbouwer .  De harp, flute wordt centraal geplaatst , ondersteund van semi- akoestisch gitaarspel en percussie. Stivell kwam vorig jaar nog met een nieuw album en maakt de link met het vroegere oeuvre . Luistermuziek dus , een warme sound van instrumentale songs en gezongen nummers. We herkende de melodieën van “Zeven dagen lang” en “Le tribu de dana” in een traditionele aanpak .

Een even boeiende magic touch ervaarden we bij Novastar. In een sobere opstelling weet sing/songwriter Joost Zweegers op z’n Luka Blooms het publiek in de ban te houden. Hij zet z’n adhd om in een setje van heerlijk genietbaar melodieuze pop . Enthousiast , energiek en emotievol. Moeiteloos switcht hij tussen gitaar en piano en behoudt het perfect spelen en zingen . Het herfstig palet, melancholisch karakter van z’n materiaal krijgt een extraverte push of snedige draai . De songs kunnen gitaar-gestuurd  gehouden worden  , de keys/piano  zijn zalvend en de drums zorgen voor een twinkelende ritmiek. Het valt op hoe fris en helder die klinken . ‘In the cold light of Monday’ is de recentste plaat . Hij breit sommige aan oudjes als “Wrong” en “The best is yet to come” .
We worden dromerig meegevoerd in die melodieuze oorstrelende pop door de opbouw , finesse , emotie en rauwheid, die in elkaar verweven zijn. Dit was een uurtje elegante schoonheid , het nieuwe krijgt de tijd zich een plaatsje toe te eigen in onze gevoelswereld en het oude zet het publiek in vuur en vlam . Hartverwarmend dus.

In de slotfase bleef de tricolore van Belgische bands hoogtij vieren . Dead Man Ray sloot de clubstage af . De in 1998 opgerichte rockband die bestaat uit topmuzikanten Rudy Trouvé, Daan Stuyven, Herman Houbrechts, Elko Blijweert en Wouter Van Belle stoffen het oude materiaal terug op en combineren het met nieuw werk, na twintig jaar . In het recept  kreeg het materiaal door de twee keys een collage-look , een of meerdere gitaren vallen in (knipoog Pinback/Grandaddy) en bovenop krijgen we die rauwe, hese, tedere zangpartij van Daan . Soms ging het in ware jamsessiestijl aan toe. We kregen een potje intens broeierige , grillige pop , in dEUS adept , waaronder “Landslide” , “Out”, “Chemicals” en “Copy of 78”.
Dead Man Ray, terug van nooit weggeweest…


En het kan, mag verder rocken met The Black Box Revelation , als afsluiter op de mainstage. Dranouter had nu een stevig rockjasje aan door de gitaren , de slides en de drums . Het rockduo is intussen verdubbeld  en is qua sound voller en dieper . Ze speelden een ‘best of’ gecombineerd met de nieuwe ‘Tattooed smiles’ . Het vuur is en blijft aangewakkerd met intens, rauw, broeierig , doorleefd bluesrockende roots … Heerlijk genietbaar als de nummers op een manier gespeeld worden waar ruimte is voor improvisatie en uitspinnen groot is. “High on wire” , “Never alone/always together”, “My perception” , “Built to last” en  “I think I like you”, dit is Black Box Revelation op z’n scherpst, dus knallen! Sterke afsluiter van dag 1.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/dranouter-festival-2019.html
Organisatie: Festival Dranouter, Dranouter

Moods 2019 - Hydrogen Sea - Op muzikale klimaatmars

Moods 2019 - Hydrogen Sea - Op muzikale klimaatmars
Moods 2019
Cactus Club
Brugge
2019-08-01
Astrid De Maertelaere en Stan Vanhecke

Voor het meest ingetogen concert van het Moods festival moest je bij het concert van Hydrogen Sea in de Magdalenazaal zijn. Duo en koppel Birsen Uçar en PJ Seaux breidden hun band uit met drie nieuwe leden en brachten met ‘Automata’ een nieuwe plaat uit. Daarop ruilden ze hun computers voor analoog muziekmaakmateriaal, aka instrumenten zoals viool, drums, toetsen, enz. ‘Automata’ in het geval van Hydrogen Sea is: hun muziek spelen zonder dat er een computer aan te pas komt. En dat is aardig gelukt.

Starten deed de nu vijfkoppige groep met “You are here”, waarin we al onmiddellijk zangeres Birsen breekbaar hoorden inzingen, ondersteund met een dreigende opbouw van het nummer. Het nummer is een fragiele ode aan ‘this pale blue dot’, naar een foto die de voyager in 1990 van de aarde nam. Het is tegelijkertijd een aanklacht tegen hoe de mens met de planeet omgaat, en hoe hij zichzelf in het centrum van alles heeft geplaatst. “Ik ging eigenlijk ook iets over het klimaat zeggen”, klonk het bij Birsen Uçar. “Maar de intro heeft het al allemaal gezegd”. Beetje karig, vonden wij persoonlijk. Het was tegelijkertijd een stek naar de inderdaad uitvoerige intro, maar door haar stilzwijgen werd nooit een echte connectie met het publiek gemaakt. Dan maar verder met de perfect uitgevoerde, prachtige en mooie nummers, zoals “Run” bijvoorbeeld. De bandleden speelden bijna als computergestuurd. Dus toch machines?
Zo kregen we mooie effectjes zoals in “Lottery of Indecency”, waarbij een “shut up” van de zangeres resulteerde in een even pikdonkere zaal. “Sinister” werd als een stromend beekje ingezet, maar eindigde met enkele serieuze cimbaalslagen van de drummer. In “Flogsta” zat dan weer iets meer schwung. Er kwamen een paar hoge oooh-tjes van Birsen Uçar aan te pas. Bij “The Center Will Hold” moesten we onmiddellijk aan Julia Stone gaan denken. Heel zachtjes, goed getimed en met een band die de zangeres liet schitteren door vooral zacht en intiem te spelen. En natuurlijk kregen we ook nog “Cold Water” te horen, waarschijnlijk één van de hits, al is Hydrogen Sea niet echt een band die hits lijkt te willen maken. Ze maken vooral iets wat zij zelf mooi vinden, als het publiek dat ook vindt, mooi meegenomen.
Bij “Blackest Skies” is er niet veel verbeelding nodig, er is niet veel tijd meer om het tij te keren voor de planeet. Goede song ook, waarin Birsin zelfs even heel prozaïsch begint te zingen/vertellen. Afsluiten deed Hydrogen Sea met “Coherence”, waarin de zangeres wel leek mee te genieten van haar eigen band, gehurkt meekijkend met het publiek. De toetsenist ging ondertussen als een bezetene herhalend op één knopje van zijn klavier tikken, daarna ontplofte het nummer zo nu en dan een keer.
Als bis kregen we nog “I Remember” en “Wear Out”. Voor het eerste bisnummer nog zonder violiste Beatrijs De Klerck, toetsenist Joris Caluwaerts en drummer Steven Van Gelder. Heel intiem dus. Voor “Wear Out” kwamen de drie artiesten terug om er een subtiel dreunend einde aan te breien.

Setlist: You are here - Run - Lottery Of Indecency - Sinister - Flogsta - The Center Will Hold - Cold Water - The Bloop - Mordred - To the Lighthouse - Blackest Skies - Decoherence
Bis: I Remember - Wear Out

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/moods/hydrogen-sea-31-07-2019.html  

Organisatie: Stad Brugge ism Cactus Club, Brugge

Enzo Kreft

Control

Geschreven door

De Mechelse elektronicavirtuoos Enzo Kreft is geen onbekende voor ons. De man liet al in de jaren '80 van zich horen, maar kwam heel recent ook bij ons onder de aandacht. Met ‘Turning Point’ bracht hij in 2016 een plaat uit die bol staat van donkere ambient, pure newwave en soundscapes die je koude rillingen bezorgen. Ook op zijn meest recente werk ‘Wasteland’ bleef Enzo Kreft begane wegen verder bewandelen. We schreven daarover: ''Deze schijf is een doorsnee voorbeeld van hoe kleurrijk zwarte elektronische muziek kan zijn. Als je maar durft buiten die lijntjes te kleuren, met veel zin voor experimenteren en improviseren tot in het oneindige. En dat is dan ook wat Enzo Kreft doorheen de volledige schijf ons aanbiedt. Een veelzijdige kijk op zijn al even veelzijdige wereld. Op ‘Wasteland’ keert Enzo Kreft terug  in de tijd. Met beide voeten stevig in het heden. En het oog naar de toekomst gericht."
Zijn nieuwste schijf kwam nu uit: 'Control'. Een conceptalbum waarop Enzo Kreft zijn bezorgdheid uitdrukt over een maatschappij die ons als mens voortdurend dirigeert en controleert.
“Scanned” is daar al een mooi voorbeeld van, met het beeld hoe lang het nog zal duren eer men bij elke mens een chip inplant om die mens overal te kunnen volgen. Een beeld dat me koude rillingen bezorgt, op een zodanige scherpe en meesterlijke wijze gebracht, alsof Enzo uit de toekomst terugkeert om ons te verwittigen voor wat ons te wachten staat. Zo akelig en koud klinken ook “Cyborg Platoon” en “Biometrics”. Bewust kiest Enzo een weg die je angst moet inboezemen voor de toekomst of toch ervoor zorgen dat de oogkleppen afvallen eer het te laat is. “Connected” is dan weer een song over hoe we steeds worden verbonden met systemen, met onze smartphone en sociale media. Geen plaats meer om tot jezelf te komen in een maatschappij die verwacht dat je steeds 'online' bent. De druk op de schouders van de mens wordt steeds groter, maar niemand doet er echt iets aan. We laten ons leven controleren, en dat is nog wat Enzo Kreft het meest angst inboezemt.
Op de schijf duwt hij die spiegel recht in ons gezicht, op een dansbare wijze dat wel, in de hoop dat we het uiteindelijk zelf ook zien. Harde EBM komt er niet echt in voor, op deze plaat. Duistere elektronica die je verdooft of tot waanzin drijft, dat dan weer wel. Luister maar naar “Book Burning” en voel je wegdrijven naar de meest donkere gedachten in je hoofd. Zoals de veelzeggende titel “In My Head” aangeeft , zitten ook in Enzo’s hoofd zoveel donkere gedachten verborgen dat hij de luisteraar ook een spiegel voorhoudt die er niet altijd even rooskleurig uitziet. Donkere gedachten drijven je eveneens tot een punt waarop je als aanhoorder stopt met nadenken en even stil staat, op “I'm NotA Robot”. Op dit elan blijft Enzo doorgaan tot “Imagen A Boot”, waarmee hij afsluit door u de laatste kans te bieden om na te denken over uw toekomst en deze van uw geliefden.
Op een uiterst genereuze wijze slaagt Enzo Kreft er op 'Control' in ons precies daar te raken waar het nodig is. Subtiel zet hij daarbij uiteraard ook aan tot dansen doorheen zijn wereld, maar doet je eveneens voortdurend nadenken. En dat laatste maakt deze schijf een bijzonder meesterwerk binnen de EBM en donkere elektronica, eentje om te koesteren.
En daardoor heeft Enzo Kreft bovendien ook controle over u en mijn leven en is de cirkel rond.

Electro/Dance
Control
Enzo Kreft
Wool-E Disc/Enzo Kreft Music

Elusion

Singularity

Geschreven door

Is er in die grote visvijver van de symfonische metal eigenlijk nog plaats voor nieuwe talenten. Vaak ziet men, wat dat genre betreft, door het bos de bomen niet meer. Echter is Elusion een vrij nieuwe Belgische parel die met zijn debuut 'Singularity' ons compleet omver blaast en bewijst een grote meerwaarde te kunnen vormen in die scene. De band ontstond in 2015 en bracht reeds de zeer gesmaakte EP 'Desert of Enticement' uit, maar zet dus nu een grote stap voorwaarts.
Vanaf “Choices And Changes” krijgen we al een krop in de keel. In grote mate dankzij die bijzondere stem van Evy Verbruggen die je alle kanten van de muur doet zien en horen. Best indrukwekkend, dat bijzonder veelzijdige stembereik van Evy. Geruggesteund door muzikanten die de ene vuurpijl na de andere op de aanhoorder afschieten zijn we vertrokken voor een niets anders dan een verschroeiende hete trip, in gotische valleien. Elusion verlegt een grens en doet je vol bewondering nederig het hoofd buigen om je aan te zetten tot stevig headbangen. Op dat elan wordt verdergegaan op daaropvolgende songs als “The Tales That Trees Tell”, “The Strive” en “My War Within”. Dat de band dus vooral op avontuur trekt doorheen dat gotische landschap? We merken het ook op “Crystal Doubts” en het wondermooie en lang uitgesponnen “Anamnesis”, een epische song die doorheen je ziel klieft. Afsluiten doet de band met een interessante remix van “The Strive”. Maar ondertussen waren we al compleet overtuigd. Dus die remix is een beetje overbodig, maar evengoed ook mooi meegenomen.
Vooral het feit dat Elusion zich niet profileert als een zoveelste 'female fronted metal act' in een lange rij, maar duidelijk ook 'andere wendingen' durft aannemen op deze knappe schijf trekt ons nog het meest over de streep. Dat was al met die EP in 2016 het geval en dat zet Elusion met deze nieuwe parel in de symfonische metal 'Singularity' nog meer in de verf. Een debuut zoals we er maar bitter weinig tegenkomen in het genre trouwens, net doordat er dus duidelijk grenzen worden verlegd en afgetast.

Tracklist: Choices and Chances (5:57), The Tales That Trees Tell (6:00), The Strive (5:36), Lovelorn (5:38), In Eternity (4:37), Reconciliation Of Opposites (5:33), My War Within (4:44), Crystal Doubts (3:56), Anamnesis (8:03), The Strive [Spankraght Remix] (3:46)

Distillery

A Glass of Jack

Geschreven door

De hardrockband Distillery werd, onder invloed van bands als Motörhead en AC/DC, opgericht in 2014. De band werd al vrij snel opgemerkt en kreeg al vanaf het eerste concert in Le Havre zeer lovende recensies. Waardoor Distillery energie vond om op deze weg door te gaan. In 2016 kwam uiteindelijk een eerste plaat op de markt: 'LH Overdrive'. Deze schijf werd eveneens zeer goed ontvangen. Het universum van Distillery is simpel: rock-'n-roll, vrienden, whisky en het bouwen van ijzersterke rockfeestjes. De band bracht zopas zijn tweede album uit: 'A Glass Of Jack'.
Die energieke aanpak, in verlengde van voornoemde bands, vinden we al terug bij “The Time”, en wordt op een gedreven tempo verder gezet met “A Glass Of Jack” en het zeer onstuimige “The Power Of Song”. Dat de band van vele markten thuis is bewijzen ze met het breekbare “Broken Way”, een song die de haren op je armen doet rechtkomen. Je brult de tekst prompt uit volle borst mee, bij voorkeur met de vuist in de lucht. Puurder dan dit kan rockmuziek namelijk niet zijn.
Of Distillery iets origineel brengt? Uiteraard niet, maar het hart van rockmuziek klopt bij deze muzikanten en zanger op een oprechte wijze. Recht naar zijn doel afgaan en nergens voor stoppen, dat is de manier waarop Motörhead ons ook telkens murw wist te slaan. Distillery gaat eveneens op deze wijze tewerk, als een pletwals die geen spaander geheel laat van je hersenpan. Niet dat Distillery de aanhoorder wil pijnigen, nee het is de bedoeling dat hier een wervelend rockfeest wordt gebouwd. Het meest positieve is, dat dat het soort muziek is dat op het podium pas echt tot zijn recht komt, maar je voelt diezelfde adrenaline ook uit de boxen loeien waardoor het, als je de ogen sluit, daadwerkelijk lijkt alsof je circa 47 minuten lang in een moshpit bent terecht gekomen.
De heren van Distillery weten duidelijk zeer goed waar ze mee bezig zijn. Uiteraard is het allemaal wel eens voorgedaan, we kunnen zo direct een tiental bands opsommen die op deze wijze tewerk gaan. Maar net doordat Distellery een hoge dosis spelplezier en spontaniteit uitstraalt, nodig om ook dat figuurlijke dak in uw huiskamer er compleet te laten afgaan. 'A Glass of Jack' is zo een plaat die elk beetje liefhebber van rockmuziek in zijn meest pure en onversneden vorm - en bij voorkeur de fans van bands als Motörhead - zonder daarbij na te denken, in huis kan en moet halen. Want hier wordt rock-'n-roll gebracht vanuit het hart, op een energieke en strakke wijze die je van de eerst tot de laatste noot murw zal slaan. Zeker weten!

Tracklist: The Time, A Glass Of Jack, The Power Of Song, Broken Way, Anger-Pride, Help Me, Satan’s Joker, Thirsty Of Boobs, La Purge, Take It Over

Crackups

Floor-Wet Sheets -single-

Geschreven door

Crackups zijn terug, en hoe. De band ontstond in 2007 en bouwde vrij snel een ijzersterke reputatie op in de Belgische underground. In 2010 haalden ze zowaar de finale van Humo's Rock Rally, maar na het verschijnen van het explosieve debuut 'Animals On Acid' verdwenen ze plots van het toneel. De bandleden hielden zich bezig met al even succesvolle zijprojecten als Double Veterans, Priceduifkes en Psycho 44. Maar goed, het wachten is voorbij. Via Fons Records kwam een 7'' op de markt met twee singles “Floor” en “Wet Sheets”.
Als vanouds deelt de band al een kopstoot uit met “Wet Sheets”. Razendsnel en meedogenloos bonkt de band je hersenpan in en geeft aan klaar te zijn om weer geen spaander geheel te laten van enige zaal, club of festivalterrein. Ondertussen stond de band al op Rock Herk en bewees daar nog steeds uit het goede hout gesneden te zijn. Ook deze single is een visitekaartje waarmee Crackups aangeven hun plaats binnen die undergroundbeweging van punk en verwante met een knal van formaat terug te zullen innemen. Het amper 1m30 durende “Floor” voelt aan als een mokerslag in het gezicht, op een vuile en oorverdovende wijze. Zoals dat bij punk gewoon moet zijn. Er niet te veel woorden aan vuil maken en de luisteraar door middel van een snoeiharde aanpak doorheen schudden en compleet murw slaan. Vanaf de eerste tot de laatste ronde.
Crackups brengt een zeer knappe dubbele single uit die ons al doet uitkijken naar de toekomst. Wie hield van de aanpak van deze jongens in die periode 2007 tot 2012 zal nu ook vallen voor de energieke manier waarop de band een aardbeving doet ontstaan die ervoor zorgt dat geen enkele heilig huisje nog overeind blijft staan.
Kortom, Crackups is terug, en hoe!

Burial Remains

Trinity Of Death

Geschreven door

Je zou kunnen stellen dat het Nederlandse deathmetalcollectief Burial Remains een supergroep is rond muzikanten die in die scene voldoende hun sporen hebben verdiend. Deze vrij jonge band bestaat namelijk uit leden van o.a. Grim Fate, Fleshcrawl en Disintegrate. Wie houdt van die lekkere oldschool deathmetal en liefhebber is van voornoemde bands zal in deze band en debuut dan ook zeker zijn gading vinden.
Snelheid, je murw slaan en bommen energie tot ontploffing brengen waardoor niet enkel trommelvliezen begeven, maar ook geluidsmuren die worden afgebroken, dat is de rode draad in de  songs als “Crucifixion Of The Vanquished”, “They Crawl” tot “Trinity Of Deception”. Allemaal gebracht op een razendsnel tempo, sneller dan het licht. Geen doorkomen is eraan eens Burial Remains als een bulldozer op je hersenpan rijdt. De plaat duurt amper 25 minuten, maar het lijkt allemaal in een paar seconden voorbij te zijn. Zoals een opkomende wervelstorm, na een heldere hemel, een complete ravage achterlaat. Zo gaat Burial Remains op deze schijf ook tewerk. Rustpunten zijn er nauwelijks, maar ondanks de chaotische en verschroeiend snelle aanpak presenteert Burial Remains wel degelijk een technisch hoogstaand meesterwerk, eens je doorheen die oorverdovende en razendsnelle aanpak heen kijkt.
Deze muzikanten zijn geen groentjes in het vak, maar amuseren zich kostelijk in dit project. Dat zorgt voor pure deathmetal waarop stil zitten onmogelijk is. Als klap op de vuurpijl krijg je een meer dan overweldigende cover van Kreator's “Tormentor”. Compleet uitgekleed en in een nog sneller tempo gebracht waardoor het dak er compleet afgaat. Pure klasse deze afsluiter van een topalbum.
Burial Remains zou wel eens een nieuwe klepper kunnen worden in het deathmetalgebeuren. In het verlengde van eerdere projecten waar deze heren aan meewerkten, levert de band met dit debuut 'Trinity of Deception' dan ook de perfecte oldschool deathmetalplaat af die je zowel vocaal als instrumentaal door elkaar schudt en totaal van de kaart zal doen achterblijven in de donkerste hoek van de kamer. Puurder dan dit kan deathmetal namelijk niet zijn.

Tracklist: 1. Crucifixion Of The Vanquished; 2. They Crawl; 3. Trinity Of Deception; 4. March Of The Undead; 5. Burn With Me; 6. Days Of Dread; 7. Tormentor

Beauty In Chaos

Beauty Re-Envisioned

Geschreven door

Beauty In Chaos is het concept rond gitarist Michael Ciravolo. De man laat zich zeer voor dit project goed omringen. Dit door onder andere Wayne Hussey (The Mission), Simon Gallup (The Cure), Ice-T (Body Count), Robin Zander (Cheap Trick), Michael Aston (Gene Loves Jezebel) en Johnny Indovina (Human Drama), om maar eens een paar grote namen te noemen. Met het debuut 'Finding Beauty In Chaos' gooide de formatie zeer hoge ogen. Nu is er een vervolg. Een nieuw album kunnen we niet zeggen, het schijfje 'Beauty Re-Envisioned' bevat grotendeels remixen en alternatieve versies die zijn verschenen op dat debuut.
Wat is de bedoeling van een album uitbrengen boordevol remixen? Als je daar daadwerkelijk iets kan aan toevoegen is de band of artiest zeker in zijn opzet geslaagd. En dat is bij deze schijf zeker het geval. Voor “20th Century Boy” werd een beroep gedaan op de vocalen van Al Jourgensen (Ministry). Zijn rauwe stem zorgt voor een uppercut die als een mokerslag in je gezicht terecht komt.
De songs worden letterlijk uitgekleed en in een nieuw kleedje gestopt, waardoor Beauty In Chaos erin slaagt het te doen klinken alsof dat daadwerkelijk gloednieuwe songs zijn. Voor ‘Re-Envisioned’ laat Ciravolo zich eveneens omringen door een hele rits producers, re-mixers, engineers, DJ’s en artiesten. De muzikanten die op het eerste album hebben meegewerkt, doen uiteraard ook mee op dit album. Daarnaast is er nog de inbreng van producer Tim Palmer, gitarist Zakk Wylde, drummer Kevin Haskins (Bauhaus), gitarist Paul Wiley (Marilyn Manson), gitarist/bassist Danny Lohner (Nine Inch Nails) en Rolan Bolan. En dat blijkt toch een grote meerwaarde te vormen binnen het geheel. Zo past Wayne Hussey zijn unieke stem perfect in dat plaatje. Meermaals bezorgt hij ons dan ook koude rillingen. “20th Century Boy” komt twee keer voor op de plaat. Er is ook een versie van Rolan Bolan - zoon van Marc Bolan - met de vocale inbreng van Hussey, wat zorgt voor een magische totaalbeleving.
Of neem nu de stem van Tish Ciravolo op “Look It Up”, een mix van Ummagma die deze parel van een song trouwens nog meer tot leven brengt. Of de vocalen van Ashton Nyte op de zeer knappe akoestische versie van “Storm”. “I Will Follow You” met Evi Vine wiens stem je een krop in de keel bezorgt. Of hoe Hussey klinkt als Nick Cave op “The Long Goodbye”. Of neem nu die samenwerking tussen Simon Gallup en Wayne Hussey op “Main Of Faith”. Een unieke samensmelting, van unieke talenten binnen de muziek die elkaar perfect aanvullen. Het zijn maar een paar schoolvoorbeelden van hoe je omringen door topmuzikanten, die muziek leven i.p.v. bespelen en zingen, kan leiden tot perfecte parels van platen die je zelden tegenkomt.
Sommige songs krijgen meerdere versies, je zou denken waarom? Nu die ene versie klinkt totaal anders dan de andere. Zeer sterk moeten we zeggen.
Wie het debuut al in huis heeft zal met dit album boordevol interessante remixen zeker nieuwe ontdekkingen doen, waardoor de schijf aanvoelt als een gloednieuwe plaat. Om dat te kunnen verwezenlijken, moet je als band zeer sterk in je schoenen staan. En dat is hier meer dan het geval.

Binic Folks Blues Festival 2019 - overzicht van het driedaags festival - Rock’n’roll!

Geschreven door

Binic Folks Blues Festival 2019 - Overzicht van het driedaags festival - Rock’n’roll!
Binic Folks Blues Festival 2019
Côtes d’Armor (Festivalkaai)
Binic (Bretagne)
2019-07-26 t-m 2019-07-28
Ollie Nollet

Er is opnieuw sprake van een recordeditie wat betekent dat er zeker meer dan 60.000 bezoekers waren, misschien zelfs 70.000. Binic Folks Blues Festival (nog steeds gratis) is wellicht het enige festival dat kan blijven groeien zonder de minste commerciële toegeving. Grootste naam dit jaar was Sleaford Mods, voor de rest zagen we enkel groepen die gewoonlijk voor niet meer dan 100 man spelen. Om een voorbeeld te geven: afsluiter vrijdag op het hoofdpodium was Grindhouse, een groep die enkele dagen eerder nog in de Pit’s te gast was.
De meeste artiesten weten dan ook niet goed wat hen overkomt en blijven publiek en organistoren bedanken. Velen konden dan ook aan de verleiding niet weerstaan en gooiden zich in de armen van die mensenzee. Er waren dit jaar opvallend veel crowdsurfers onder de artiesten.
Keerzijde van de medaille waren de ellenlange rijen aan eetstandjes en toiletten. Vooral op zaterdag leek de limiet echt bereikt. En toch kon wie dat echt wou de optredens steeds van heel dichtbij meemaken.

dag 1 - vrijdag 26 juli 2019
Door onvoorziene omstandigheden zag ik slechts het laatste kwartier van Baby Shakes uit New York City. Drie kortgerokte dames en een mannelijke drummer brachten er een mix van bubblegum en rock-‘n-roll. Waren de Ramones een girlgroup geweest dan klonken ze wellicht zo.

Meteen daarna reeds een eerste hoogtepunt op de Scène Cloche, het kleinste maar gezelligste podium van de drie. Daarvoor zorgde een alweer indrukwekkende Margaret Airplaneman. Naast de Duitse Sophie Clemente op drums had ze opnieuw enkele gasten uitgenodigd. Zo mocht gitarist Looch Vibrato (Magnetix) een nummer meedoen op gitaar en zagen we veterane Misty White, die tweede helft jaren ‘80 met The Hellcats furore maakte in Memphis, bezig op tamboerijn. Maar het was toch vooral Margaret zelf die ons, met een hypnotiserende bottleneck gitaar, op de knieën kreeg. In een set waarin alle nummers van haar laatste album ‘Live at the Charles River Museum of Industry’  aan bod kwamen wist ze de blues een geheel eigen draai te geven zoals een Junior Kimbrough dat destijds ook kon. Fenomenaal in al zijn eenvoud. En dan hoorden we niet eens de prijsnummers van haar comebackplaat met Mr. Airplaneman, “Jacaranda blue”, van vorig jaar of de gloednieuwe door Greg Oblivian geproducete dubbelsingle “Smasheville”! Wel viel ons een ingetogen uitvoering van de traditional “Jesus on the mainline” ten deel als slotakkoord.

Margaret had daarna het geluk om haar eigen favoriete band te zien op het podium waar ze zelf daarnet nog stond. In thuisland Australië komt men superlatieven tekort voor ‘Crystal cuts’, de laatste plaat van Shifting Sands uit Brisbane maar ook elders bleef de groep niet onopgemerkt. Zelf vond ik er niet zoveel aan maar ik wilde de groep rond zanger Geoff Corbett en Izzy Mellor (zang en keys) live wel een kans geven. Ik zag vooral een zanger worstelen met een barkruk terwijl men gretig gebruik maakte van het beproefde recept: de songs verstild beginnen om ze uiteindelijk in vol ornaat te laten eindigen. Buiten iets dat werd aangekondigd als een country song en het oudere “Unrelenting surf” vond ik er ook hier niet veel aan.
Zondag zag ik ze nog eens terug op de Scène Banche  en nu die donkere songs me wat vertrouwder in de oren klonken moet ik eerlijk toegeven dat ik er me steeds beter in kon vinden. Wat niet wegneemt dat sommige nummers echt wel te melig bleven.

Wat ik miste bij Shifting Sands, daar was bij The Schizophonics uit San Diego, Californië absoluut geen gebrek aan: opwinding! Zanger Pat Beers was er eentje van de wildste soort. Hij stond geen seconde stil, demonstreerde de ene spagaat na de andere terwijl hij bleef zingen en gitaarspelen. Dat laatste meestal met één hand wat wonderwel lukte. Niets kon dit eigenzinnige baasje tegenhouden tenzij die losgerukte gitaarband, tot tweemaal toe. En de muziek? Die mocht er best zijn: Amerikaanse protopunk, een mix van MC5 en The Stooges waarvan de hijgerige zang wat aan Alan Vega deed denken. Op het einde werd het helemaal mooi toen Beers het publiek in trok om “Whole lotta shakin’ goin’ on” (Jerry Lee Lewis) in te zetten terwijl King Khan zijn gitaar overnam. Rock-‘n-roll!!!

Na de, ter hoogte van de knieën, gescheurde broek van Pat Beers (die zal hij heus niet zo gekocht hebben) kon het contrast met de glamoureuze outfit van de dandy’s van Beechwood (New York) niet groter zijn. Dit leek wel Duran Duran maar de drie tapten muzikaal wel uit een totaal ander vaatje. Wat glamrock, dat zeker maar eigenlijk klonk die gitaar behoorlijk vintage rock-‘n-roll wat het duidelijkst te horen was tijdens de opener en de afsluiter, twee schitterende instrumentals. Vooraf vreesde ik even dat ze het niet zouden brengen maar bij song nr 3 werd ik al op mijn wenken bediend: die onwaarschijnlijk mooie cover van “I’m not like everybody else” (The Kinks). Dit alleen al had volstaan maar er volgde nog veel meer moois. De songs van ‘Inside the flesh hotel’ en ‘Songs from the land of nod’ bleken live nog indringender dan op plaat. Enig minpuntje misschien was de zang van Gordon Lawrence: op zijn geschreeuw viel niets aan te merken maar wanneer hij probeerde ‘normaal’ te zingen leek het alsof hij zijn stem kwijt was.

Death Valley Girls braken eerder dit jaar al het kot af in de 4AD en ook hier wisten ze in geen tijd het publiek voor zich te winnen. Daar zorgde vooral zangeres Bonnie Bloomgarden voor, die voortdurend contact zocht met het volk. Had het gekund dan had ze wellicht iedereen persoonlijk een knuffel gegeven. Zo ging ze zelfs even op de toog wandelen om de mensen daar ook eens te groeten. Daardoor bleef het creepy sfeertje die ze in de 4AD wisten te creëren hier achterwege maar de nummers zelf bleven wel pal overeind. Rammelende psychrock bijeen gehouden door de oorsplijtende riffs van de immer als een donderwolk kijkende (hoewel de drie vrouwelijke groepsleden het soms zo bont maakten dat zelfs hij een glimlach niet langer kon onderdrukken) Larry Schemel.
Zaterdag zag ik ze nog terug op de Scène Pommelec voor opnieuw een adembenemende set. Death Valley Girls waren wat mij betreft naast Margaret Airplaneman het beste wat Binic dit jaar te bieden had.

Handsome Jack, drie langharige jongens uit Lockport, New York, begonnen zeer sterk met het zompige “Keep on” dat van Creedence Clearwater Revival had kunnen zijn. Daarna konden ze nog enkele nummers boeien met stevige southern rock. Maar al vlug lieten ze die robuuste sound varen om na een doodsaaie drumsolo alle clichés uit de seventies op een hoopje te vegen. Jammer, hier had meer in gezeten.

dag 2 - zaterdag 27 juli 2019
St. Morris Sinners, een kwartet uit het Australische Adelaide, mochten openen op een zonovergoten Scène Banche. Wellicht niet de ideale biotoop voor deze groep die vage herinneringen aan The Gun Club opriep. De woordenstroom van Stephen (Slippery) Johnson deed op zijn beurt dan weer denken aan Nick Cave. Maar op dat grote podium, zo vroeg in de namiddag, leek de motor nooit echt aan te slaan.
Zondag in de vooravond zag ik ze nog terug op het kleinste podium waar ze wel konden overtuigen. Johnson bleek hier een gedreven frontman die weliswaar telkens in zijn aankondigingen bleef steken maar niet te beroerd was om in het publiek te duiken.

Van Draught Dodgers (uit Melbourne) had ik veel verwacht maar dat kwam slechts ten dele uit. Mooi om te zien, dat zeker. Vooral op gitarist Tim Rogers, een soort elastieken Rod Stewart, raakte je nooit uitgekeken. Maar een nieuwe Eddy Current Suppression Ring zoals door enkelen geopperd werd was dit zeker niet. Daarvoor ontbrak het hun smerige pubrock aan goeie songs. Het duurde tot “Love sick” en de The Damned-cover “New Rose” vooraleer ik iets hoorde wat bleef hangen.

Ik zag ook nog een flard van Knuckle Head, een duo uit de Elzas. Net op tijd om een aanvaardbare cover van “Personal Jesus” (Depeche Mode) te horen. Zelf omschrijven ze hun ding als dark country, ik hoorde vooral heavy rock met een stereotiepe gitaar en een geweldenaar op drums.

Daarna wist ik even niet wat eruit te pikken en koos ik lukraak voor Moody Beaches uit Melbourne. Maar wat ben ik blij dat ik deze drie meiden aan het werk zag. Fotomodellen zijn het allerminst maar muzikaal wisten ze me vanaf de eerste seconde bij mijn nekvel te grijpen. Een wel erg gruizig klinkende bas (Jessie Dennis) zorgde telkens voor een onontkoombare drive die dan verder werd opgesmukt met de stevige gitaar van Anna Lienhop en de aanlokkelijke samenzang van die twee. Ik ben er nog steeds niet uit hoe ik het nu precies moet omschrijven. Post punk grunge met een noise injectie? Soms meende ik ook The Breeders of vroege Pixies te horen. In ieder geval waren Moody Beaches een ware revelatie.

De enige verdienste van Saba Lou was dat ze de dochter van King Khan was. Sympathiek meisje dat het ongetwijfeld goed zou doen op het vrij podium van haar school. Maar dit was wel Binic en het grootste podium dan nog.

Nee, geef mij dan maar de carnavaleske bende van Grindhouse uit Melbourne. Vooral zanger-gitarist Mick “Two Fingers” Simpson zag er met zijn zwabberende hangbuik in zijn zwemshort en cape beeldig uit! Eén van hun nummers heet “Mutha fuckin punk rock power” en dat was meteen een perfecte omschrijving van wat we te horen kregen. Strak gebracht, zonder omkijken en met voor de gelegenheid eens een zanger die echt (zeer goed zelfs) kon zingen.

Het kwartet uit Seattle met de vreemde naam Steal Shit Do Drugs wordt wel eens versleten voor een indierockbandje. Dan moet er dan wel eentje van de harde soort zijn. Dit klonk snoeihard en had soms iets van Pere Ubu. Zanger Kennedy Carda, wiens sneer soms aan John Lydon deed denken, liet er geen gras over groeien en dook al bij het tweede nummer in het publiek. Een charismatische frontman van een verrassend sterke groep.

Afsluiter op het grootste podium zaterdag waren The Kill Devil Hills uit het Australische Fremantle, dat vlak naast Perth ligt. Veel volk (met zijn zessen) op het podium en wanneer Alex Archer even zijn viool opborg vielen er maar liefst drie gitaristen te noteren. Rechts herkende ik de broertjes Luke (die hier de vreemdste geluiden uit zijn gitaar toverde) en Ryan (bas) Dux die ik hier vorig jaar met The Floors had gezien. Toch was dit niet echt een gitaarband, daarvoor eiste Timothy Nelson op de keys een te grote rol op. Weidse rock met folk en country invloeden gegoten in knappe songs die af en toe Richard Thompson in gedachten brachten en meestal eindigden in euforische instrumentale finales.

dag 3 - zondag 28 juli 2019
Cannon Fodder is een drietal uit Le Mans rond Chris (zang, gitaar) en Alice Martini (een fluitende bassiste). Eén nummer lang wisten ze de schijn hoog te houden maar dan verzandde hun garagerock in classic rock met een vuil randje. Evenwel aanbevolen bij de jaarlijkse familie barbecue.

Met Civic leek wat schorriemorrie uit Melbourne het podium in te palmen, behalve de bassiste die ik eerder als elegant zou omschrijven. Maar eenmaal begonnen wisten deze kerels, die stuk voor stuk hun sporen reeds verdienden bij talloze andere groepen waarvan ik u de namen ga besparen, verdomd goed waar ze mee bezig waren. Post-punk met de nadruk op punk, met veel gevoel voor melodie en geïnspireerd door de Australische pubrock. Min of meer te vergelijken met Amyl & The Sniffers maar dan zonder hardrock en in de plaats van podiumbeest Amyl  een heerlijke (zowel qua zang als attitude) Jim McCullough die me soms aan een Mark E. Smith (maar dan zonder de arrogantie) deed denken. Geweldige band die me tijdens de bis, waarvan ik zou gezworen hebben dat het een cover was, helemaal murw beukte. Wat een song: “New Vietnam” dat op wonderlijke wijze Black Sabbath met de Oblivians weet te combineren. Civic is binnenkort nog te zien op Leffingeleuren, ik kijk er nu al naar uit!

Na het jonge geweld van Civic zag ik opnieuw een gevestigde waarde uit de garagepunk die nog net niet bij de veteranen gerekend mag worden: Cellophane Suckers uit Keulen. Hun niet eens zo heel smerige rock klonk me dikwijls vrij bekend in de oren. Waren het covers of werden de voorbeelden iets te nadrukkelijk geciteerd? Niet dat ik al helemaal ingedommeld was maar plots was ik klaarwakker. Hoorde ik daar “My pal” niet? Een briljant nummer dat ik vooral ken in de versie van The Systemaddicts van vorig jaar maar origineel in ‘87 al door de tamelijk obscure Australische band GOD (1986-1989) werd uitgebracht. Volgens sommigen de beste song ooit in Melbourne gemaakt. Ik zal het alleszins niet tegenspreken. Blij dat ik dit live mocht horen alleen vond ik het een beetje jammer dat de Suckers hun bronnen niet eens vermeldden.

Zondag was er duidelijk wat minder volk in Binic maar bij Sleaford Mods (Nottingham) was daar hoegenaamd niets van te merken. Voor wie niet tijdig de Scène Banche bereikte was er geen doorkomen aan. We zagen het gekende recept: een nijdig rappende Jason Williamson en Andrew Fearn die afwisselend op de knop drukte om de muziek te starten en aan zijn bierflesje lurkte. Minstens even mooi als op plaat maar na een kwartier liet ik Sleaford Mods en vooral de drukte voor wat ze waren.

Toegegeven, muzikaal hadden Prettiest Eyes (Los Angeles) zeker minder te bieden maar hier viel tenminste iets te beleven op het podium. Een zingende drummer die het publiek indook of een swingende cowboy op funky bas. Dat waren de twee Puerto Ricanen en dan was er nog een Mexicaan met extreem lange haren die zorgde voor spooky keys en dark electronics. Geen gitaar (de enige keer op Binic vermoed ik) dus en dat zorgde voor een geheel eigen sound wat ook door het publiek gesmaakt werd.

Binic Folks Blues Festival kende opnieuw een uitstekende editie waarin Bonnie Bloomgarden van Death Valley Girls ons expliciet bedankte om voor de rock-‘n-roll te kiezen. Laat al die onheilsprofeten die al jarenlang verkondigen dat de rock-‘n-roll morsdood is eens naar Binic gaan. Of nee, toch liever niet.

Organisatie: Binic Folks Blues Festival  

Moods 2019 - Uberdope + Ertebrekers - En daar is de zomer weer!

Moods 2019 - Uberdope + Ertebrekers - En daar is de zomer weer!
Moods 2019
Burg
Brugge
2019-07-27
Astrid De Maertelaere en Stan Vanhecke

Op een druilerige Brugse zaterdagavond kon je je afgelopen weekend toch nog amuseren op de Burg. Tijdens het Moods festival kwamen de Ertebrekers langs met voorprogramma Uberdope.

De Gentse makkers van Uberdope waren speciaal van de Gentse Feesten afgezakt om ons, armtierige Bruggelingen, van entertainment te voorzien. Jammer genoeg moesten ze dat doen voor een beperkt publiek, dat de regen wilde trotseren.
De mannen van Uberdope lieten het niet aan hun hart komen en maakten er juist gebruik van. De drie frontmannen rapten er stevig op los, ondersteund door twee backing vocals met klasse. Ook de beats zaten goed. Voor wie ze nog niet kent: luister vooral ook naar de lyrics. Na een paar jaar in de schaduw hebben ze nog steeds die gezellige scherpe randjes. Zelfs Jacob Van Eyck moet eraan geloven in “Goud”, “Er is vast talent, maar waar ik ook kijk, zie ik geen fluit net als Jacob van Eyck”. Moet ook lastig zijn geweest, als blinde fluitspeler uit de 17de eeuw. Bij “Fake” worden de smartphones naar boven & naar voren gehaald voor een ‘Facebook Live’, waarin we uitgenodigd worden om extra enthousiast te doen. Nog een mooie zin om af te sluiten uit “Zure Buren”, van nieuwste plaat ‘Graag Gedaan’: “en dat het regent deze zomer, dat is zonneklaar”. Toepasselijker kon het even niet. Met “Niet te doen”, “Da komt ervan” en “Wow” is Uberdope inderdaad Uberdoper dan ooit. Consider ons opgewarmd.

De Ertebrekers brachten de zomer helemaal terug met hun dansbare strandgangersmuziek. Ze openden hun set met “Amanda”. Daarna hoorden we “Mars”, maar één van de toppers blijft toch “Shimokitazawa”, waarin het gehalte absurditeit redelijk hoog is. Want geef toe, een Japans/West-Vlaams ingezongen meezinger(!), je hoort het toch niet elke dag. De leutigheid waarmee Jeffrey Jefferson en Flip Kowlier het nummer brengen, werkt aanstekelijk en laat het publiek een dansje placeren waarmee ze niet meer zouden stoppen. Ook “Paranoïa” is ondertussen een hitje van formaat. De herhalende keyboardtonen van Peter Lesage blijven nog lang zinderen.
Maar jammer genoeg geen tijd om te zinderen. Jeffrey wil “Ik loate los” inzetten maar is er wat te vroeg mee. Dezelfde ‘geënsceneerde’ misser kregen we al in de Vooruit in Gent te horen. Doet een beetje af van de zogezegd spontane authenticiteit, maar echt malen doen we er niet om. Vlotjes dansend van het ene naar het andere nummer hoorde we plots iets dat stokte. Een paar hortende stoten om ons warm te maken voor het volgende nummer: “Eva Mendes”. En jawel, de meisjes riepen luider dan de jongens. “Da kan toch nie gasten, ’t is wel EVA MENDES e”, was Kowlier verbouwereerd. Maar het echte hoogtepunt zat toch nog helemaal op het eind.
Met “Diepe Waters” hebben de Ertebrekers een topsong beet en ging Jeffrey Jefferson soultraingewijs door het midden van het publiek. Een trein aan discogangers volgde de frontman. “Dief in de Nacht” is ongetwijfeld het duisterste nummer van de band en komt ook effectief op je afgeslopen met een paar dreunende beats van Lesage. Daarna ging het naadloos over in dé zomerhit van een aantal jaar terug. “De Zji” werd steeds sneller en sneller gespeeld tot je het gevoel had dat je benen ervan afvlogen. Bewijs dat deze boysband wel de capaciteit heeft om een oud nummer helemaal opnieuw uit te vinden.

Als afsluiter kregen we nog “Vandoage” en bisnummer “You Party Too Much”. Die laatste was er eentje voor Jeffrey die zich een beetje te veel had laten gaan tijdens de Gentse Feesten. Flip Kowlier haalde even wat Zuid-Afrikaans boven, genoeg om ons feestend terug naar huis te laten gaan.

Setlist: Amanda - Mars - Shimokitazawa - Paranoïa - Simpelweg - Eva Mendes - In Theorie - Woarom - Diepe Waters - Dief in de Nacht - De Zji - Vandoage
Bis: You Party Too Much

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/moods/uberdope-27-07-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/moods/ertebrekers-27-07-19.html
Organisatie: Stad Brugge ism Cactus Club, Brugge

Boomtown 2019 - Rhea, The Kids en De Mens

Geschreven door

Boomtown 2019 - Rhea, The Kids en De Mens
Boomtown 2019
Kouter
Gent
2019-07-26
Jérôme Bertrem

De afgelopen dagen was het warm en we zullen het allemaal geweten hebben! Maar voor wie de nodige Gentse Feesten-energie ontbrak, stond er vrijdag op Boomtown een ideale boost op het menu. De verkwikkers van dienst op de Kouter: HYPER!, Monkey Juice, Rhea, The Kids en De Mens. Vijf Belgische rockbands die trapsgewijs de sfeer en de temperatuur lieten stijgen.

Vergeef het de reviewer van dienst om HYPER! en Monkey Juice niet live te hebben gezien. De jonge rockers in maatpak spelen op 27 juli in JH Impuls in De Pinte en op 31 augustus op Road Rock in Kortrijk.
De sappigaards van Monkey Juice brengen hun stoner grunge rock op 28 december op de Pre Newyear Devilry in Ertvelde.

Rhea - Met een beukende EP (‘Lust for Blood Pt. 1’) onder de arm en na een geslaagde passage op OLT Rivierenhof mét Wolfmother (2 juli) achter de kiezen, betraden de Gentenaren het podium om er een thuismatch te winnen. De intenties van de finalist van de Nieuwe Lichting 2016 waren vanaf het eerste nummer meteen duidelijk: de gezapige zielen opzwepen met no-nonse hardrock volgens het boekje.
Bassist Mathijs Machtelinckx en drummer Dajo Vlaeminckx namen de band op sleeptouw, terwijl Guillaume Lamont en Hannes Cuyvers de snedige gitaarlijnen opwierpen. De stembanden van zanger Jorge Van De Sande hebben de hittegolf duidelijk overleefd, want tijdens “Stuck in the Middle”, “Screaming” en vooral “Silver Lines” kon het niet anders dat we aan Royal Blood of een kwade Miles Kane moesten denken. Het publiek had er naar het einde toe eindelijk goesting in! De lokale temperatuur steeg opnieuw, waardoor ondergoed overbodig was voor enkele fans.

The Kids - De dreigende donderwolken hingen over Boomtown en de sfeer onder het publiek was nog niet genoeg opgezweept. Geen nood want Belgische punk iconen waren daar om er korte metten mee te maken. Wat voor sommige een nostalgische moest zijn - met hanekam incluis - was voor de andere een ideale opwarming voor een nachtje Gentse Feesten.
Als vanouds brulde zanger Ludo Mariman, al kon je hier en daar wat sleet op zijn stem horen: een extra brokkeligheid dat nooit kwaad kan als je punk brengt. Luc Van De Poel, naast Mariman ook een oorspronkelijk bandlid, stompte powerchords uit zijn gitaar alsof hij nooit iets anders heeft gedaan. Ook Yves Vanlommel aan de bas - met juist getimede fluimen -  en Tim Jult op de drums moesten allesbehalve onderdoen. Sommige nummers mogen nog 40 jaar oud zijn, toch blijft de boodschap brandend actueel. Dit was meer dan duidelijk in “Bloody Belgium”, “Fascist Cops” of “Do You Like Nazis?”. Als sommige Boomtowners nog niet goed wakker waren, dan was dat anders tijdens “There Will Be No Next Time”. Frontstage werd er dan ook gretig mee gezongen en gesprongen.
The Kids verenigde iedereen met de afsluitende cover “If The Kids Are United” (oorspronkelijk van Sham 69).
Nu waren de feestgangers pas klaar om de Gentse nacht in te duiken!

De Mens - Maar voordat de Boomtown-massa zich naar een ander feestplein begaf, was het nog de beurt aan De Mens. De Kouter was eindelijk goed gevuld en de menigte had zelfs na de vorige optredens duidelijk nog genoeg energie over. Ook Frank Vander linden en co genoten van het vorige optreden en waren zelf opgewarmd om het beste van zichzelf te geven.
De Mens brengt muziek die puur en onversneden is. Neem nu opener “Ergens Onderweg”, over een langdurige grillige maar opnieuw fleurige relatie of “Alsof We Belangrijk Zijn” over het belang van ons bestaan en zelfs nog de aanklacht op ons consumptiegedrag in “Nooit Genoeg”. Het klinkt misschien zwaar en weemoedig maar het enthousiasme van De Mens-elijke muzikanten is een deugddoende zalf. Tussen de nummers nodigt Vander linden ons met een brede glimlach uit om los te gaan en te genieten van de nacht.
Het plaatje was compleet door Dirk Jans aan de drums, Michel De Coster aan de bas en “een-voudig” (dixit Frank Vander linden) MIA-winnaar David Poltrock.
Je weet het misschien niet, maar het repertoire van De Mens bevat meer meezingers dan dat je zou denken: recente hit “Later of De Dag Daarna”, “Zonder Verlangen” of “Jeroen Brouwers (schrijft een boek)”. De sfeer zat er goed in, want tijdens “Maandag” was er zelf een hurk-en-spring-moment.
Tijdens het lijflied “Irène” liet De Mens de instrumenten voor wat ze waren en dirigeerden het Boomtownkoor dat luidskeels meezong. Alsof we niet genoeg hadden, trakteerde de band ons met een tweede bisronde en stuurde ze ons volgepept de Gentse nacht in.

Organisatie: Boomtown, Gent

Atomic

Pet Variations

Geschreven door

Atomic is een Zweeds/Noorse jazzformatie bestaande uit de crème de la crème binnen de Scandinavische jazz. De band werd in 2000 opgericht door het Zweedse duo Magnus Broo (trompet) en Frederik Ljungkvist (saxofoon/klarinet) Later voegden zich nog drie Noorse muzikanten bij de groep: pianist Håvard Wiik, contrabassist Ingebrigt Håker Flaten en drummer Paal Nilssen-Love. Die laatste werd in 2014 vervangen door de eveneens uit Noorwegen afkomstige Hans Hulbækmo. Met meer dan twintig jaar ervaring binnen de scene waren de heren vooral op zoek naar nieuwe uitdagingen. Ondertussen is Atomic uitgegroeid tot een begrip. Werd in het verleden geopteerd voor bijna uitsluitend eigen composities, dan kiest Atomic met 'Pet Variations' voor muziekpartijen van andere componisten. Waaronder: Steve Lacy, Carla Bely, Brian Wilson en Jan Garbarek. Atomic schotelt je met 'Pet Variations' dan ook een zeer kleurrijk pallet voor. boordevol verrassende wendingen.
Oudere songs in een nieuw kleedje steken, zeker als het gaat om tijdloze klassiekers binnen hun genre, is altijd een risico. Maar wat Atomic doet met knappe songs als “Walking Woman”, “Cry Want” en “Louange A 'Léternite de Jèsus” is buitengewoon indrukwekkend. Improviseren is sowieso de rode draad in  het jazzgenre, maar Atomic verlegt hier een grens waar geen grenzen zijn. Song na song wordt je met verstomming geslagen door zoveel virtuositeit gebracht door muzikanten die niet alleen weten waar ze mee bezig zijn, maar die songs uitkleden en daar een compleet eigen compositie van maken. Heruitvinden van kunstwerken en daarmee wegkomen? Daarvoor moet je verdomd sterk in je schoenen staan. Atomic gooit zijn ervaring in de strijd, vervormt de songs op een eigenzinnige wijze met respect voor het origineel. En blijft buiten alle verwachtingen er bij elke songs op deze schijf voor zorgen dat je geen enkel moment de wenkbrauwen zult fronsen. Integendeel zelfs. Atomic komt daar gewoon mee weg.
Als een artiest een schijf uitbrengt met covers van andere artiesten, resulteert dit soms in een zeer geslaagde poging. Niet meer dan dat. Of vaak tot flauwe afkooksels. Het komt echter zeer zelden voor dat klassiekers waarop de klever 'af blijven a.u.b.' staat op een zodanige wijze worden gecoverd dat het lijkt alsof die betreffende artiest of band die composities zelf heeft geschreven, of ze zelfs verbeterd.
En dat is net wat Atomic dus doet met deze parel van een schijf. 'Pet Variations' is een ode aan zoveel magistrale composities gebracht door muzikanten die letterlijk improviseren daarmee, en bovendien muziek voortdurend tot kunstvorm verheffen. En als klap op de vuurpijl de songs heruitvinden binnen een eigenzinnige omkadering. Pure klasse!

Jazz/Blues
Pet Variations
Atomic

Tom Kristiaan

In Deep Woods

Geschreven door

Al op negenjarige leeftijd zette pianovirtuoos Tom Kristiaan zijn eerste stappen in de muziek. In het Stedelijk Muziekconservatorium in Brugge volgde hij naast piano, solfège nog harmonie en kamermuziek (1984-1992). Later volgde hij lessen accordeon, jazzpiano en ensemble aan het Conservatorium aan Zee in Oostende (2012-2014) en vervolgens accordeon in het conservatorium in Kortrijk (Avelgem) en Brugge (2012-2019). Hij behaalde de graad van uitmuntendheid voor piano en solfège met grote onderscheiding en bereikte de hogere graad accordeon met de grootste onderscheiding. Hij componeert voor piano en accordeon. Als ondersteuning voor film, reclame, poëzie of solovoorstellingen. (Bron: https://vi.be/tomkristiaan ) Met 'In Deep Woods' brengt Tom Kristiaan een album uit boordevol knappe piano- en accordeoncomposities die recht doorheen je hart boren.
Wat we voorgeschoteld krijgen is filmische sfeermuziek, waarbij de piano inderdaad centraal staat. Dat lijkt ons zeer logisch. Ondanks de lange duurtijd van veel songs, sommige als “Heavenly” of “Staring At The Other River” klokken af op circa zeven minuten, vervelen we ons geen seconde. De intense wijze waarop de pianoklanken uw oorschelpen strelen, heeft namelijk een rustgevend gevoel op je innerlijke welzijn. Waardoor je compleet zen geworden deze wondermooie trip doorheen het bos, met volle teugen aangaat. En dat laatste kan je letterlijk opnemen bij “A Walk Through The Trees”. We menen zelfs het gefluit van vogels te herkennen, wat de bijzonder tot de verbeelding sprekende atmosfeer op deze song, en ook de volledige schijf, alleen maar ten goede komt.
Op het album staan bovendien niet acht maar eigenlijk negen songs. “Regrets” - dat uiteen spat in een bubbel boordevol verdovende magie, wordt gevolgd door “No Worries”. Wederom zo een zes minuten lange parel waar Tom zijn kunsten als pianist nog maar eens tentoon spreidt. Als extra toevoeging zijn er ook nog versies van “Heavenly” en “Dancing Water” met accordeonklanken daarbovenop, waardoor deze songs prompt nog intensiever gaan klinken.
Tom Kristiaan bespeelt de piano niet zomaar, hij blijkt op deze knappe schijf 'In Deep Woods' dat instrument letterlijk tot leven te brengen en haalt er wondermooie, filmische klanken uit die we niet anders kunnen omschrijven als onaardse schoonheid die je hart verwarmt op een kleurrijke en vooral verdovende mooie wijze.
Ook als accordeonist blijkt Tom een al even grote tovenaar met klanken te zijn. En bewijst hij bovendien van veel markten thuis te zijn.
Kortom: 'In Deep Woods' is een parel van een plaat die je als piano/klassieke muziekliefhebber moet koesteren. Deze uitzonderlijk getalenteerde virtuoos tast bovendien zijn eigen grenzen af en verlegt op 'In Deep Woods' zelfs meerdere van die grenzen. Daarvoor kunnen we alleen maar bewondering en waardering opbrengen. En dit doet ons bovendien uitkijken naar meer intieme en intensieve piano- en/of accordeonmagie in de hopelijk nabije toekomst.

Tracklist: Missing You 04:30; In Deep Woods 03:22; Heavenly 07:13; Melted Water 03:08; Staring At The Other River 06:52; A Walk Through The Trees 02:59; Dancing Water 05:15; Regrets 03:33; No Worries 06:13; Heavenly (+ acc) 07:13; Dancing Water (+ acc) 06:02

Jazz/Blues
In Deep Woods
Tom Kristiaan

Pauwel De Meyer

Witches -single-

Geschreven door


“Witches” is de eerste single van Pauwel, de nieuwe nom-de-plume van Pauwel De Meyer. Onder die ‘volledige’ naam bracht hij in 2017 nog de EP ‘Witches’ uit met een akoestische solo-versie van deze track. Deze versie lijkt opnieuw een akoestische en lofi kampvuursong te gaan worden, maar na de intro vallen een diepwarme bas en een lichte drum in. Met die erbij wordt deze single opgedreven tot zomerse laidback droompop, een beetje zoals we die ook al hoorden op Pauwel’s  album ‘Having Fun’.
Onbeschaamd catchy en voluit dreamy. En met een heerlijke outro die ze gerust tot een kwartier mogen oprekken. Als dit de voorbode is van een nieuw album, dan komt dat wel goed.

Witches -single-
Pauwel
Starman Records

Luedji Luna

Um Corpo No Mundo

Geschreven door

Luedji Luna’s album ‘Um Corpo No Mundo’ is een topgerechtje met de beste ingrediënten uit de muziekgeschiedenis. Het heeft de desolate leegte-op-de-achtergrond van Tracy Chapman’s debuut uit 1988, de saudade van het begin van Madredeus en ook van Cesária Évora uit Kaapverdië en de loungy jazz van Sade in een huilerig unplugged jasje. Inhoudelijk heeft deze Braziliaanse zangeres het vaak direct en indirect over haar gevoel van ontheemding, als afstammeling van Afrikanen in Brazilië.
Luedji Luna heeft er vanwege haar afkomst moeite mee om zich één te voelen met de ‘andere’ Brazilianen. Misschien daarom dat haar album helemaal niet klinkt als de samba die wij doorgaans met Brazilië associëren. Uitbundig, vrolijk, exotisch en voluit dansbaar, dat is het dus niet. Wel ingetogen, klein en kwetsbaar. De instrumenten en rustige arrangementen worden tot een minimum beperkt zodat haar stem en haar verhaal heel centraal staan. Haar thema’s lopen grofweg gelijk met die van de saudade in de fado en dat ze, op één Frans zinnetje na, in het Portugees zingt, versterkt die referentie naar de Portugese fado en folk nog. Minimal urban rootsmuziek zou een definitie kunnen zijn, maar dan missen we nog een aantal facetten.
Slechts twee nummers, “Na Beira” en “Banho De Folhas”, hebben percussie en ritmes die we vaagweg met de stereotypen uit Brazilië zouden associëren en daarvan is er dan nog maar één (“Banho”) dat we het etiket dansbaar zouden kunnen opkleven. En zelfs dan nog loopt die song over van weemoed en onbestemd verlangen. Zelfs wie geen Portugees begrijpt, herkent in dit hele album meteen een vat vol authentieke emoties die wel allemaal in het hetzelfde straatje liggen: weemoed, heimwee, liefdesverdriet, woede over onrecht, verlangen naar wat onbereikbaar is, eenzaamheid, … Als afsluiter is er een net iets experimentelere track, “Iodo + Now Fragil”, die we met enige voorzichtigheid in de X Legged Sally-familie kunnen situeren.
Leudji Luna’s album is geen hapklare brok popmuziek. De thema’s zijn soms droef en zwaar op de hand en de muziek versterkt die gevoelens nog. Die aanpak tilt de authenticiteit en de beleving van het album naar een nog hoger niveau. Even doorbijten, maar het loont.

El Mischi

Golden Flower -single-

Geschreven door

El Mischi is nog niet aan een album toe, maar zet al wel een reeks knappe singles neer. Na “The Mountain” en “Wake Up (A Song For Our Planet)” is hij terug met deze “Golden Flower”. Het voelt aan als een terugkeer naar zijn roots, met prachtig romantisch pianospel en stemmige arrangementen. Geen zangexperimenten deze keer, maar enkel zijn warme stem voor wat een liefdeslied lijkt te zijn, maar het zou ook over een pasgeborene kunnen gaan. Er zit flink wat drama en pathos in, waardoor Mischi hier zeker fans van Elbow, Smith & Burrows en Dry The River of van de ballads van Editors zou kunnen bekoren. Meer in eigen land zijn er overeenkomsten met pakweg Slow Pilot en And Then Came Fall en nog wel meer bands uit de Starman Records-stal.
El Mischi blijft een artiest om in de gaten te houden. Misschien nog niet met deze single, maar ooit gaat Radio 1 overstag, en daarna de rest van Vlaanderen.

Amautica

Estos Abismos (I, Nexus remix) -single-

Geschreven door

De Argentijnse gothic rock band Amautica uit Buenos Aires is een trio dat opgericht werd in 2008 door drumster Romina Dusk en gitarist/zanger El Guru. In 2012 kwam bassist Christian Vega het duo versterken. In 2016 kwam een EP uit gevolgd door een full album (met ook de nummer uit de EP) in 2017. Nu heeft men een song van hun laatste album, ‘Rectificando El Sueno’ uit 2017, laten remixen door het Birminghamse project I, Nexus. Het betreft de song “Estos Abismos” dat door de behandeling nog steeds donker maar nu ook iets minder als traditionele gothic klinkt. Een iets andere invalshoek zonder de oorspronkelijke vibe van de song te verliezen. Een mooi tussendoortje of zoethoudertje in afwachting van nieuw werk.
Beluister dit gerust eens op hun Bandcamp pagina (amautica.bandcamp.com) om je te vergewissen van de Zuid-Amerikaanse donkere ziel die in hun muziek ronddwaalt.

Various Artists

Underground Wave Vol. 6

Geschreven door

Volume 6 alweer van de Undergound Wave-compilatiereeks van het Belgische label Walhalla Records. Enkel op vinyl beschikbaar en alle vorige volumes zijn lang uitverkocht. Het label heeft dan ook een sterke reputatie in het opsporen en uitbrengen van onuitgegeven materiaal, vooral uit België dan, in minimal synth, cold wave en wat we vroeger met ‘new wave’ mochten aanduiden.
Hoe lang hou je zo een compilatiereeks vol, is dan de vraag. Op een keer zal het vat met onuitgegeven of obscuur materiaal leeg zijn en hoe vul je die leegte dan op? Walhalla kiest voor de oplossing waar muziekliefhebbers het meeste aan hebben: de geografische grenzen verruimen. Voor deze compilatiereeks schrapte samensteller Lieven De Ridder reeds bij het derde volume het adjectief ‘Belgian’. Toen werden twee Nederlandse en één Duitse track toegevoegd. Op deze zesde editie krijgen we naast lekkers uit eigen land nog Hades uit Brazilië en SS20 uit Frankrijk te horen. Het vinyl is naar goede traditie voorzien van uitgebreide info over de bands en tracks.
Bij de Belgische bands zijn er een paar Walhalla-bekenden. Tangible Joy stond reeds op het eerste volume van Underground Belgian Wave en Onderbronders kennen we van het voorlopig enige volume van de Walhalla-verzamelaar The Whispering Trees. Nog een constante in deze compilatiereeks: de tijdsgeest is bijna tastbaar. Je hoort het aan de rudimentaire synthesizerklanken, de heel basic technieken voor opnemen en mixen, het niet-accentloze Engels, … Geluid, lyrics en vibe weerspiegelen als geen ander het bijna uitzichtloze van de economische crisis toen in België en de rest van Europa.
Het Franse en doorgaans in het Duits zingende SS20 ontstond uit de asse van Guerre Froide. Hun “Nichts Verstanden” hangt ergens tussen coldwave en pop in, waarbij het niet helemaal perfecte Duits de slinger doet doorslaan naar de coldwave. Met onderwerpen als Lebensraum en Drittes Reich is dit een song over het fascisme. Commercial Term brengt met “We All Fight” een track die neigt naar de EBM van SA42 en Front 242. De track heeft een pittige, heel vervormde zang en een zelfs voor die tijd heel sobere productie.
“Beat Love Affair” van Spleen is een instrumentale track die doet denken aan Poésie Noire en new beat. Dansbaar, maar net een tel te traag om vandaag nog catchy te zijn. “Coolcab” van Sex Bizarre is dan weer wel heel dansbaar en twijfelt tussen EBM en new beat. Een beetje jammer van de lauwe outro, maar er gebeurde zo al niet veel in dit nummer. “Your Screen” van White Houwe White heeft muziek en een productie op internationaal niveau, maar een magere zang. Op “Open Your Eyes” van War Tempo hoor je al een beetje dat Duc Nhan Nguyen (drum en synths) later de drummer van Nitzer Ebb zal worden. Dit is ook één van de tracks die niet gedateerd klinken.
“Sans Titre 2” van Vitor Hublot klinkt gezocht arty en zelfs wat exotisch. Met een betere mix en een zanglijn had dit wel iets kunnen worden. “Carry The Flag” van Onderbronders klinkt rudimentair van instrumenten en productie. De zang doet mij wat denken aan 2Belgen en Nacht Und Nebel (als je de bekende singles even buiten beschouwing laat). “Synchronize” van Tangible Joy is misschien wel de meest poppy track van deze verzamelaar, met bovendien een sterk en catchy refrein. Helaas wordt dat gecombineerd met weinig originele disco-synths en crappy Engelse teksten. “Easy Touch On Silky Skin” van Metal Tought is het andere uiterste. Op dit experimentele nummer blijf je wachten tot de drum invalt. Heel intrigerend, maar er gebeurt te weinig. Laat Maurice Engelen of Enzo Kreft dit sampelen en dan blazen zij ons omver met dit geluid. Hades heeft zijn “Morbid Action” uit de jaren ’80 in 2016 heropgenmen, maar nagelaten om ook de productie en arrangementen naar het heden te vertalen. Een beetje een gemiste kans. “Ilona Marchesi” van Blitzzega is opnieuw een track die tussen new beat en EBM in hangt. Voor vleermuizen is dit heel dansbaar en het is ook één van de meest complete nummers op deze verzamelaar, met een knappe opbouw en puike arrangementen.

Electro/Dance
Underground Wave Vol. 6
Various artists
Walhalla Records/Cluster Park

Stereo Total

Ah! Quel Cinéma!

Geschreven door

Francoise Cactus zullen sommigen misschien nog kennen van de Duitse band Les Lolitas, maar sinds de split van die band vormt ze een duo met Brezel Goering als Stereo Total. Hun jongste album heet ‘Ah! Quel Cinéma!’ en is een pareltje in lo-fi naïeve elektropop. Francoise Cactus zingt hier in het Frans en Duits en soms ook in tenenkrullend/lieflijk Engels met een zwaar accent.
Muzikaal zit deze Stereo Total ergens tussen Serge Gainsbourg en het meest commerciële van de Neue Deutsche Welle (denk aan “Codo” van DÖF of aan “Dreiklangsdimensionen van Rheingold). Gainsbourg is overigens net iets te goed als referentie. Het geniale van die Fransman haalt Stereo Total nergens op dit album, wel hebben ze dezelfde aanpak en evenveel lef. Ze mixen net als hem melancholie met hints van zuivere pop en humor met muzikale anarchie. De beste momenten zijn openingstrack “Einfach”, “Hass-Satellit” en “Brezel Says”. Als je die goed vindt op Spotify of Bandcamp, kan je verder met Stereo Total.
Daarnaast zijn er nog een reeks tracks die het verhaal mooi aanvullen, zoals “Mes Copines”, “Ich Bin Cool”, “Keine Musik”, "Dancing With A Memory"  … Maar er zijn er ook een paar waarop ze een beetje de mist ingaan: "Elektroschocktherapie", "Methedrine", "Le Spleen", …
Er zit net iets te weinig magie in dit album, maar voor wie zonder oogkleppen naar deze anarcho-elektropop wil luisteren, zitten er ook genoeg woordgrapjes, humor en leuke muzikale vondsten in verstopt. Je krijgt het evenwel niet altijd op een presenteerblaadje.

Rock Zerkegem 2019 - 12 e editie - Veel meer dan goedkoop bier - Veel Volk en Goede Muziek!

Geschreven door

Rock Zerkegem 2019 - 12 e editie - Veel meer dan goedkoop bier - Veel Volk en Goede Muziek!
Rock Zerkegem 2019
Festivalweide
jabbeke
2019-07-20
Ollie Nollet

Rock Zerkegem was dit jaar al aan zijn twaalfde editie toe en in al die jaren is de drankprijs er nooit gestegen. Koppig blijven de organistoren er vasthouden aan de ‘pintjes aan één euro’ -formule wat hen zeker siert. Toch vraag ik me ieder jaar af of dat financieel wel haalbaar is. Blijkbaar wel en het bekt zo lekker natuurlijk. Maar er was meer dan alleen maar goedkoop bier. Veel volk bijvoorbeeld en goeie muziek...

Toen ik er aankwam zag ik vier heren in het zwart hun set net beëindigen: de Gentse surfband Humanga Danga. Veel kan ik er niet over kwijt maar binnen enkele weken zie ik ze terug op de Paulusfeesten op 16 augustus …

De eerste groep die ik er echt zag was het Doornikse Vision 3D dat bestaat uit 2 Marvin Gays en een kwart Maria Goretti Quartet. Hun rammelende, meestal in het Frans gezongen lofi punkpop klonk een stuk samenhangender dan een jaar terug in de Pit’s. Hun grootste troeven zijn de heerlijk jengelende gitaar en de immer ontwapenende Lulu Sabbath (zang/bas) die niet kon verbergen dat ze wat last had van de hitte.

Enkele jaren geleden dacht ik het gehad te hebben met Double Veterans, het Kempense trio rond Lee Swinnen (nog steeds zoon van). Gewoon te veel gezien maar nu was het een tijdje geleden en die hernieuwde kennismaking beviel me best. Vrij vroeg hoorde ik een nummer die me aan The 13th Floor Elevators deed denken terwijl ze even later met een gloednieuwe song in de buurt van “Night Beats” (die gitaren!) verzeilden. Hun sound liet me opnieuw watertanden. Naast me merkte iemand op dat ze niet echt vernieuwend waren. Maar dat was echt wel het laatste waaraan ik dacht.

Daarna was het in de tent tijd voor de nieuwste sensatie uit Gent: Pink Room. De zanger-bassist leek eerder op een nogal klein uitgevallen (maar daarom niet minder hevige) baas van een drugskartel. Baas was hij wel degelijk: terwijl hij voortdurend de ziel uit zijn lijf schreeuwde, leidde zijn dokkerende bas de dans terwijl de gitaar cirkelzaag-gewijs voor de nodige noise zorgde. Tussendoor bewees hij ook dat spektakel niet eens veel hoeft te kosten. Een zak Cara pilsjes uitdelen volstond om de tent in een gigantische bierfontein om te toveren. Kwatongen zouden kunnen beweren dat de tomeloze energie van dit trio het gebrek aan echt goede nummers moest maskeren maar af en toe heb ik echt wel nood aan dit soort niets ontziend geraas en Pink Room bracht het op een verkwikkende manier.

Dan volgde stilte na de storm met Lewsberg uit Rotterdam. Lewsberg is een verbastering van de naam van Robert Loesberg, een eerder obscure schrijver die wat faam verwierf met zijn novelle ‘Enige defecten’ uit 1974. Hola, een intellectuele groep op Rock Zerkegem? Eentje dan nog die het vertikt om een facebook account aan te maken. Met dat laatste wisten ze alvast te scoren bij ondergetekende. Zanger Arie Van Vliet sprak ons aan in het soort Nederlands dat je terugvindt in de boeken van Willem Elsschot en deed voor de rest geen enkele poging om er ook maar enigszins van deze tijd uit te zien. Wanneer hij zong klonk hij wat als Lou Reed, niet meteen mijn favoriete zanger.
Bovendien droeg hij zijn teksten meer voor dan hij ze zong, ook al iets wat ik eigenlijk niet kan hebben. En toch wist Lewsberg mijn hart te veroveren dankzij die dreinerige Velvet Underground sound en misschien nog meer door die versleten gitaar van Michiel Klein waaruit hij op zijn minst gezegd nogal onconventionele solo’s wrong. Lewsberg was misschien geen voor de hand liggende keuze maar zeker een terechte.

Het Italiaanse Go!Zilla stuurde haar kat zodat Budget Trash in allerijl werd opgeroepen. Mij niet gelaten maar eerst bewees Rock Zerkegem een echt familiefestival te zijn. Zo werd een pas getrouwd stel, waarvan het vrouwelijke gedeelte hier vorig jaar op de planken stond met Vagina’s What Else, op het podium gehesen om hun trouwgeloften nog eens te herhalen. Leuk voor de vrienden maar ik was toch blij toen Budget Trash er eindelijk mocht aan beginnen. Het was een soort thuismatch voor de nog steeds piepjonge groep uit Brugge. Helaas bleek dat geen garantie voor een denderende set. Instrumentaal viel hun mix van garage pop en surf nog best te genieten maar vocaal wou het maar niet lukken. Een offday of last van de hitte?

Ik had nog nooit van Slift gehoord maar dit trio uit Toulouse wist toch behoorlijk wat indruk te maken. Soms lag het er misschien wat te duidelijk op waar ze de mosterd haalden maar zolang dat bij de juiste leverancier gebeurt heb ik daar de minste problemen mee. Er werd al eens schaamteloos een AC/DC riff gerecycleerd en een ander nummer had zo uit een Thee Oh Sees plaat geplukt kunnen zijn. Daar kan je toch niet rouwig om zijn. Verder klonk hun nerveuze psychrock meestal als een uitvergrote versie van Ecstatic Vision, één van mijn favoriete bands in dit segment van de rock.
Jammer dat Jean Fossat het af en toe nodig achtte om zijn gitaar te ruilen voor goedkope synths en de zang (alweer) wat ondermaats bleek, ander was ik hier wellicht nog niet over uitgeschreven.

Afsluiter was dit jaar The Psychotic Monks uit Parijs. Helaas begon de vermoeidheid, nadat een ellenlange soundcheck me wat op de zenuwen gewerkt had, danig door te wegen zodat ik voortijdig moest afhaken. Nochtans was het eerste nummer veelbelovend: duistere psychotische rock met veel energie gebracht.

Hoedanook, een in alle opzichten geslaagde editie! Tot volgend jaar!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/rock-zerkegem-20-07-2019.html
Organisatie: Rock Zerkegem, Jabbeke

Pagina 198 van 498