We Are Open 2018 – 09 en 10 februari 2018 - België muzikaal op de kaart!
We Are Open 2018
Trix
Antwerpen
2018-02-13
Quinten Jacobs en Gert Vanlerberghe
We Are Open vormt elk jaar een vroeg hoogtepunt om naar uit te kijken. Trix stelt dan voor wat er allemaal leeft in muzikaal België, vaak nog onder de radar.
dag 1 – vrijdag 9 februari 2018
Op dag één leken de drie grote pijlers jazz, hip-hop en elektronica, liefst zo eigenzinnig mogelijk.
De avond opende in het Café met vier vrienden die met hun dure speelgoed ondertussen heel wat wereldhits op hun palmares hebben staan. Ga maar na: Dansende Mensen, Had Ik Maar Wat Meer Vakantie, Opa Euro, Papi Loma… Met Borokov Borokov is het dansen op zware beats, de kelen schor schreeuwen en morsen met drankjes. Is de muziek ook goed? Absoluut. Underworld meets de duivel zelve, en doe daar nog wat toetsen Kraftwerk bij. Of zoiets. Van beukende beats tot hemeltergende rave, alle registers werden opentrokken, tegen een achtergrond van haast hypnotiserende visuals met vooral veel quasi-naakt. Borokov Borokov zou elk feestje moeten afsluiten.
Quote: Komaan eikels, allemaal dansen!
Enkele jaren geleden maakte ons land kennis met de getalenteerde Antwerpse rapper DVTCH NORRIS en vanavond konden we dat ook live meemaken. Nu eens speelse, dan weer intense hip-hop en diepe bassen zorgden voor een waar feestje in de Club. In een nieuw nummer ventileerde de sympathieke Dvtch zijn afkeer van rekeningen en huur betalen op een wel heel uitbundige manier. Naast een dj had deze geboren entertainer ook enkele gastrappers bij. Eerlijk is eerlijk, de beats en refreinen klonken soms iets te veel van hetzelfde, al helpt het dat de heren een koffer vol meezingers bij hadden. Een “Seeking Closure” en een “Caught Up” gingen er goed in.
Quote: Fourty-seven and he’s dancing way more than you youngsters. Later I wanna be that guy.
Isolde Van den Bulcke wordt wel eens de Vlaamse Melanie de Biasio genoemd. Terecht. Met Tristan kregen we weerbarstige baslijnen, jazzy drums en zweverige synths voorgeschoteld, die een haast claustrofobische sfeer creëerden. De razend boeiende zanglijnen en hemelse stem van Isolde voerden ons weg naar een andere plek en tijdperk. De hypergelaagde ambient pop had niet zelden een bevreemdende opbouw, onvoorspelbaarheid troef met vaak abrupte eindes. Dreigende stukken werden met broze rustpunten afgewisseld. Een onbetwistbaar hoogtepunt van de avond.
Quote: Why be racist, sexist, homophobic or transphobic when you could just be quiet? (op Isoldes t-shirt)
Na d e overkokende potten op het heilige vuur van Tristan was er de tongue-in-cheek synthpop van het prettig gestoorde Gentse Hong Kong Dong. Hun geflipte elektronica is soms cheesy as hell, altijd eigenwijs as fuck, en vaak ook donker, unheimlich, space, creepy. Bij het geile “Touching Underwear” bliksemde het van alle kanten, al ging het om sensuele bliksemschichten, met dansschoenen aan. In “Boy” hoorden we TC Matic in overdrive. Sarahs viool en Bolis Pupuls drumbeats clashten er voorbeeldig met Geoffreys venijnige Gang Of Four riffs. En ook “Sweet Sensations”, drommels dansbaar, deed het ‘m weer. Hong Kong Dong, dat is ongegeneerd stoeien met elektronica en een halve discobol op je hoofd, of een frontvrouw die tussen het publiek springt. More is more, maar nu mogen alle ruimtewezens en robots weer even in de kast.
Het Brusselse duo GeRoeZeMoeS dropte vorige week hun lekkere single “What Do You Do?” Wij waren benieuwd of hun experimentele pop, gekruid met nostalgische synths en groovy baslijnen, ook live overeind bleef. GeRoeZeMoeS is zeker iets wat in het huidige muzikale klimaat wel eens groot kan worden in 2018. We moesten af en toe aan STUFF. of SeizoensKlanken denken, al krijgen catchy vocals bij de Brusselaars een hoofdrol. Die lagen trouwens aangenaam in het oor, wat samen met hun muzikaal vernuft, spelplezier en avontuurlijke klanken en structuren een meer dan geslaagd concert opleverde. Wat zeggen we? Een overwinning. Want bij hun hit-in-wording zetten de heren de Bar op zijn kop. Iederéén was mee en de lyrics werden uit zowat alle monden meegezongen.
Quote: Do you wanna move for the milkman (een opvallende zanglijn die het publiek mocht scanderen)
Dijf Sanders: de Wederopstanding! Onze favoriete Gentenaar is terug van een inspirerende reis naar Java, en mystieke invloeden zijn diep in de vezels van zijn muziek doorgedrongen. Broeierige klanken die weten wij welke god moesten sussen, gingen gepaard met spirituele lichteffecten op een kleurrijk laken, een naargeestig mantra dat nog lang ons geestesoog zal teisteren – het moeten niet altijd de blote konten van Borokov Borokov zijn. De gedurfde set voerde ons in een diepe Indonesische trance, bedwelmd door een psychedelische sax (Nathan Daems) en spooky synths (Dijf Sanders). Het voorlaatste nummer was ook nog eens dansbaar en met voorsprong het meest toegankelijke van dit diep intrigerende concert.
Quote: Nog eentje, van zes minuten.
Tijd voor een stevig potje instrumentale jazzy kraut/psych/mathrock met saxofoon als hoofdbestanddeel. Nordmann deed ons dansen op aanstekelijke grooves van uitgesponnen songs die de soundtrack van een of andere donkere Amerikaanse misdaadfilm hadden kunnen zijn. Instrumenten ontspoorden regelmatig in deze georkestreerde chaos met frequente orgastische uitspattingen. Het was puur gelukzalig genieten van stielmannen die hun vak verstaan.
Ondanks de ononderbroken stoet van kwaliteit was het toch een beetje uitkijken naar Blackwave., de razend populaire hip-hopformatie die Antwerpen weer op de kaart van rapland zette. In 2017 scoorde het zevental de ene hit na de andere, en ook live zat dat allemaal goed in elkaar. Het was een verademing om een live hip-hop show bij te wonen met zo’n energie en muzikaal tot in de puntjes uitgewerkt, met ruimte voor solo’s van alle muzikanten. De frisse hip-hop klonk nu eens kabbelend en ingetogen, dan weer opzwepend en uitbundig. Jay Walker en Willem Ardui zijn trouwens niet alleen hippe vogels maar ze kregen ook een volle zaal mee. De singles “Big Dreams” en “Flow” pakten live goed uit, en voor hun zeer gesmaakte grote hit “Elusive” (die blazers!) werden de heerlijke vocalen David Ngyah erbij gehaald. Dit was een concert om blij van te worden. Headlinen op dag één van We Are Open, daar is deze nog erg nieuwe band in elk geval met verve in geslaagd.
dag 2 – zaterdag 10 februari 2018
Hoera! Het was weer tijd voor We Are Open, onze favoriete afspraak met jong talent in het voorjaar in het Antwerpse Trix. Kort door de bocht gesteld was vrijdag de dag voor hiphop en elektronica-liefhebbers en zaterdag een moment van verzamelen voor fans van de gitaar. Want ho, wat ging het er stevig aan toe. Wie een oog wierp op de affiche, wist dat oordopjes aangewezen zouden zijn.
Beginnen deden we bij Catbug, winnares van De Zes en eerder vi.be tip. Paulien Rondou betrad timide het podium van Trix Café met enkel haar gitaar. Het was een quasi ontroerend tafereel: gitaarzak op het podium, capo op 4 en flinterdunne songs die evenwel diep doordringen. De jongedame meende wat ze deed en hield zo de aandacht van het publiek erbij. Een schuchter lachje na een stevig applaus, een vertrokken gezicht als ze een hoge noot net niet haalde, Catbug mag dan onervaren zijn, maar talent laat zich daardoor niet vermommen. Het was heerlijk melancholisch luisteren naar de interessante teksten die Rondou steeds het clichématige singer-songwriterniveau doet ontstijgen. Een bloedmooie vibrato zet haar porseleinen songs net dat tikje kracht bij dat nodig is. Straf.
Wereldberoemd zal deze jongedame nooit worden, daar is ze te authentiek voor, en dat is maar goed ook.
We repten ons vervolgens naar Shht. De hype van het moment speelde een set die even hilarisch als geniaal was. We kregen een loeihard “Don’t Care”, meerstemmige samenzang met autotune, knipoogjes naar The Beatles en zowaar een quasi-spiritueel momentje vlak voor Shht hun cover van “Bohemian Rhapsody” inzette. Die cover van Queen vat misschien wel samen wat Shht eigenlijk is: onwaarschijnlijk eigenzinnig, absurd, bij momenten snoeihard en altijd met de nodige humor. “Wie leidt er een oppervlakkig leven?” vroeg frontman Michiel, zelf fier zijn hand de licht instekend.
Opvallend was wel dat niet heel de Trix Club meeging in de show van de band (wellicht eigen aan het format van een showcasefestival) en zo bleef alles relatief gecontroleerd. Geen exuberante toestanden dus deze keer, maar wel een bevestiging dat Shht live bij de beste bands van België hoort.
Dirk. dan. Wie Album al gehoord heeft, wist dat live de band echt zou gaan ontploffen. En ja hoor, hoewel er wat lege plekken waren in de grote zaal van Trix, overtuigde dirk. met beukende drums, gouden melodietjes (echt waar!) en wat grapjes van frontman Jelle Denturck ertussenin. Over de portefeuille van zijn publiek veroveren bijvoorbeeld, en voor we het wisten zat de zaal luidkeels en kattenvals (zoals gevraagd door Denturck) ““I only hate myself when I fuck things up/And I fuck things up all the time” mee te brullen. Dan weet je dat je show geslaagd is. Echt iets voor Pukkelpop, dachten we op het einde. Eppo?
Na een pintpauze schoven we aan bij Dieter von Deurne & The Politics in Trix Café. Onmiddellijk viel het enorme spelplezier op van Dieter Sermeus en co. Enthousiast als jonge snaken serveerden ze hun ninetiesrock okselfris. Hen wegzetten als clichématig en achterhaald is onzin, daarvoor zijn de songs van Dieter van Deurne & The Politics melodieus veel te sterk. Een halfuurtje zorgeloos overgeven aan de betrouwbare machine die de band is, was welgekomen. Enig minpuntje: op het einde werd de sound een beetje een geluidsbrij, waardoor de melodie wat verdween. De punten waren evenwel al lang uitgedeeld.
Wat gas terugnemen deden we bij Tin Fingers in de Club. Daarvoor moesten we helaas Onmens skippen, maar de afwisseling die de ex-winnaar van De Zes zou bieden ten opzichte van het gitaargeweld dat we al hadden gehad, overhaalde ons. Opvallend veel jong volk vulde de Club voor de komst van de intelligente indiepop van Felix Machtelinckx en co. We zagen de band vorige zomer aan het werk in de Charlatan tijdens de Gentse Feesten en merkten dat Tin Fingers live iets steviger was geworden. De poppy refreinen gingen er zoetjes in in Trix. Niet echt de meug van onderstaande evenwel, maar een popsong schrijven is een bewonderenswaardige ambacht. Een charismatische frontman doet dan de rest en door de interessante strofes en tussenstukjes, blijft Tin Fingers wel weg van de oninteressante, hapklare en gesuikerde pop.
Afsluiter was Raketkanon. Deze band voorstellen zou ongepast zijn en voor wie er nog aan zou twijfelen, ook deze keer was hun liveshow verwoestend sterk en dus kunnen we daar kort over zijn. Iedereen die nog een restje energie had na twee dagen vol Belgische muziek, werd als afsluiter nog eens getrakteerd op epische apotheose. Al snel zagen we Pieter-Paul Devos door het publiek crowdsurfen, een moshpit ontstaan en onszelf ‘hoogtepunt’ noteren. Matias De Craene (Nordmann) kwam tussendoor ook nog even sax spelen en in de bisronde kreeg de band nog gezelschap van Sigfried Burroughs (Onmens, Kapitan Korsakov). ‘Waanzin’, noteerden we voor we ons helemaal overgaven aan de woeste uithalen van Raketkanon. Amen.
We Are Open was een groot succes en alweer een bewijs dat onze Belgische scène onwaarschijnlijk sterk is. Omvergeblazen keerden we huiswaarts, een welverdiende tinnitus deerde ’s nachts de pret niet.
Met dank aan Luminousdash.com www.luminousdash.com
Organisatie: Trix, Antwerpen