logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Wolf Banes ...
The Wolf Banes ...

Dez Mona

Dez Mona – De(s)monish

Geschreven door

‘A GENTLEMAN’S AGREEMENT’. Zo staat het op het nieuwe album van Dez Mona, de eigenzinnige band rond Gregory Frateur en Nicolas Rombouts. Om die jongste te werpen moesten ze (symbolische) bergen beklimmen en nu willen ze die aan iedereen laten zien en vooral horen. Wij waren erbij in de Kreun in Kortrijk en aanschouwden een de(s)monische set.

De berg, de rots, waarop ze pronken op hun album staat misschien wel symbool voor een nieuwe (moeilijke?) hindernis voor de band, die naar een meer poppy rockgehalte. Vergeet niet: hun vorige album ‘Saga’ was zowat een operastuk en op hun muzikale cv staat toch vooral intiemer weltschmerzgeladen gevoelswerk met jazzy- tango- of chanson-ondertoon.
Trouwens, op ‘A GENTLEMAN’S AGREEMENT’ staan ze met z’n zessen. ‘Heart & Brains’ Frateur en Rombouts met accordeonist Van Camp zochten en vonden het gezelschap van andere topmuzikanten als Steven Cassiers (drums), Tijs Delbeke (Sir Yes Sir; gitaar, piano en zang) en Sjoerd Bruil (Sukilove; gitaar en zang). Dez Mona beschouwt zich immers niet meer als een groep, maar als een project, een collectief dat zoekt naar muziekmakers die passen bij wat op het menu staat. In deze een poppy rockalbum waarbij je meteen omver geblazen wordt door opener “Soon”, niet toevallig ook de opstart van hun set in de Kreun.
Het is naar verluidt een oorlogsverklaring, geïnspireerd op de Arabische Lente en als vingerwijzing naar onze Westerse lethargie. Mooi, maar vooral indrukwekkend qua overdonderende sound en verrassend voor het geheel Dez Mona. In de Kreun klonk het - het hele album -  trouwens nog rockiger dan op de cd zelf.
Tot halfweg de gig volgden ze trouwens gewoon de cd. “Memory of the sun” was een heel wat rustiger oversteek en ook “Supicion” - met Frateur aan de piano - had bij momenten een originele (Afrikaanse) beat erin die via tango-accenten vlot overvloeide  in “The Passing” waar de gitaren weer prominenter sneerden.
“Harmonie, pathetiek en de stem van Gregory Frateur”: zo vat de kern van Dez Mona hun eigen ‘persoonlijke muziek’ samen. Maar daarmee kan je je onmogelijk een beeld vormen. Precies omdat het beeld telkens weer vervormt.  Maar het was een goeie synthese van het volgende nummer “Funny games” dat – in tegenstelling tot de vrolijke titel – veel melodrama in zich draagt. Het podium – met de beklommen rotsberg op de achtergrond – werd zwart-wit en Frateur eindigde headbangend op de psychedelische kleurklanken.
Zo bombastisch het vorige, zo intiem weer het volgende, “Fools’ days” waar Frateur – in kostuum maar op blote voeten - enkel een aangrijpend duet aanging met accordeonist Roel Van Camp.
Tijd voor een cover, vond de band, met “Everyone who had a heart” van Dionne Warwick, maar dan een doorsnijdende versie met militair tromgeroffel en passie die zo makkelijk uit de mond van Frateur lijkt te komen. Alsof hij helemaal geen moeite moet doen.
Op het uptemponummer “The Back Door” zette de klankman de juiste echo op en daarna grepen ze terug naar wat ouder werk: “Didn’t it rain” dat van een gospel in een eighties gitaarnummer à la Uriah Heep getransformeerd werd.
In schril contrast – daar houden ze van – tot de sneren van “Didn’t it rain” opende de accordeon “A little bit of a dream” en kreeg meteen het gezelschap van de akoestische gitaar van Delbeke. Met “Carry on” volgde nog een oude song en tijdens “A part of us all” – met knappe samenzang van de heren op de eerste rij (Frateur, Delbeke en Bruil) - verscheen pas de titel van het nieuwe album op het scherm: “Gentleman’s Agreement”, het nummer waar Frateur aan de piano zat, vroeger ophield, de stage afstapte en de outro aan zijn band overliet.

Drie bisnummers volgden en uiteindelijk had Frateur amper een woord bindtekst (behalve over de t-shirts die te koop waren) tot zijn publiek gericht. Maar de merci en de dank u illustreerden waar het bij Dez Mona op staat: muziek maken die harmonie en pathetiek verenigt. Dat dit deze keer met een poppy rocktint is kunnen we alleen maar toejuichen en niet alleen omdat ‘A gentleman’s agreement’ radiovriendelijker is, want zo poppy is het geheel nu ook weer niet. Misschien wel wat toegankelijker, maar het blijft desmonisch. Blijft de vraag: wat doet een band met deze kwali- en variëteit eigenlijk nog in kleine (zelfs niet uitverkochte) clubzaaltjes?

Setlist
1. Soon 2. Memory of the sun 3. Suspicion 4. The Passing 5. Funny Games 6. Fools’ Days
7. We own the seasons 8. Everyone who had a heart 9. The back door 10. Didn’t it rain 11. A little bit of a dream 12. Carry on 13. A part of us all 14. Gentleman’s  agreement
Bis 15. Trial 16.
Lack of love 17 Get out of here

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/dez-mona-11-04-2013/

Organisatie: Kreun , Kortrijk

 

Goran Bregovic

Goran Bregovic - Bregovic kwam, trok ten aanval en overwon (ikv More Music! 2013)

Geschreven door

Als Goran Bregovic cool het podium komt opgewandeld in zijn witgrijze zijden pak en opvallend blauwe schoenen, zou je het hem niet aangeven dat hij al 62 is. Als je zijn CV bekijkt, wordt die gevorderde leeftijd al meer geloofwaardig. Na zijn studies filosofie en sociologie maakte hij deel uit van Bijelo Dugme (ook gekend onder de naam White Button), de mogelijks meest populaire Joegoslavische rockgroep ooit. Later vergrootte zijn bekendheid dankzij soundtracks voor films van Emir Kusturica en Patice Chéreau. De voorbije jaren stort hij zich meer en meer op theater en opera, zo werkte hij een eigen versie uit van Bizets Carmen en tracht hij Monteverdi naar de kroon te steken door een hedendaagse versie uit te werken van Orfeo. In augustus gaat die laatste ‘opera tarantata’ in première in Taranto. Wie zijn zomervakantie in Zuid-Italië gepland heeft, raden we ten zeerste aan om van de partij te zijn op het spektakel waarbij het publiek volop mag dansen en drinken.

Het dansen en drinken werd in het tot de nok gevulde Concertgebouw uitgesteld tot op het einde. De eerste 75 minuten werd er vooral beleefd geluisterd naar de uitgebreide bende muzikanten op het podium: het Wedding and Funeral Orchestra bestond in Brugge uit een vijfkoppige zigeuner-brassband, een strijkkwartet, een zeskoppig mannenkoor, twee Bulgaarse folkzangeressen en een percussionist die naast Bregovic gezeten ook vocaal regelmatig indrukwekkend uit de hoek kwam. Een bonte mix dus en in zin ook demonstratief voor het respect van Goran Bregovic voor de authenticiteit van elk van de verschillende Balkan-bevolkingsgroepen en muziekgenres. Meer dan wie ook bewijst hij daarenboven dat verschillende etniciteiten wel degelijk tot elkaar kunnen komen dankzij de universele taal van de muziek. Het zal ons dus niet verwonderen als Goran Bregovic bovenop zijn erkenning als componist ooit ook de Nobelprijs voor de Vrede zal krijgen. Wie dat te veel eer zou vinden voor deze artiest, zal ongetwijfeld zijn mening herzien als de laureaat zelf het muzikale deel van de overhandigingsplechtigheid zal mogen invullen.
Bon, genoeg lof gezwaaid op basis van eerdere verdiensten. Jullie zijn uiteraard nieuwsgierig naar hoe Bregovic het er op het More Music!-festival  vanaf bracht.
In vergelijking met de laatste keer dat we hem aan het werk zagen (Sziget, augustus 2012) was onze allereerste indruk eerder negatief. Daar waar we in Boedapest getuige waren van het meest uitbundige feestje dat een mens zich kan voorstellen (zowel op als voor het podium), bleef het in Brugge lange tijd een nogal makke bedoening. Tijdens een melancholische instrumental kwamen de muzikanten druppelsgewijs op het podium, in het volgende nummer hoorden we voor het eerst de typische Balkanbeat maar daar reageerde het publiek dus nogal lauwtjes op. Enkel op de allereerste rijen werd er al meteen enthousiast meegewiegd en –gezwaaid door enkele fanatiekelingen. De rest van de zaal bleef zeer afwachtend waardoor men ook op het podium grotendeels met de rem op speelde.
Niet dat er die eerste 75 minuten niet te genieten viel. Sommige nieuwe nummers, zoals het vooral dankzij de saxofonist erg funky klinkende “Dead man” (bij ons weten nog niet uitgebracht),  illustreren dat het blijft uitkijken naar de toekomstige productie van Bregovic. Het mannensextet maakte een zeer sterke indruk tijdens het inleidende gedeelte van muziek uit de soundtrack voor ‘La Reine Margot’ (Chéreau) waarna beetje bij beetje ook de andere muzikanten zich aansloten om aldus te leiden tot de geslaagde cross-over van klassieke met zigeunermuziek.
Ook nadien werden verschillende nummers gestaag opgebouwd: een vrij intimistisch begin door een beperkt aantal muzikanten, kalmpjes aan vallen de anderen één voor één in en als men zich lang genoeg ingehouden heeft, trekt men alle register open om te eindigen in overweldigende slotakkoorden. Elke apotheose werd onthaald op groot applaus maar het duurde dus wel zo’n 75 minuten vooraleer dankzij het door de herwerking van Shantel extra populair gemaakte “Gas Gas” de vonk echt oversloeg en de mensen massaal durfden rechtveren en dansen. Eens de vlam in de pan zat, speelden Bregovic en zijn orkest daar goed op in door quasi volledig de kaart van de feestmuziek te trekken. Ook tijdens de laatste 75 minuten werd echter af en toe nog subtiel gemusiceerd. Bregovics buurman bracht kippenvel teweeg tijdens zijn vocale intro van “Mesecina” en als een deel van het publiek ritmisch begint te klappen tijdens “In the death car” (uit de soundtrack van Arizona Dream, gezongen door Iggy Pop) durft Bregovic de mensen zelfs vragen om dat achterwege te laten wegens ongepast. Vredelievend als hij is, stelt hij echter meteen een alternatief voor waardoor we ons collectief aan een laid back “lalalalalalala” waagden.
Voor het overige kreeg het publiek dus nog heel wat Balkanpartymusic over zich heen gestort. Als man die zijn geschiedenis kent, trakteerde hij ons na een drinking song uit de Eerste Wereldoorlog met “Ciao Bella” (dat prijkt op zijn laatste CD ‘Champange for the Gypsies’) op één uit de W.O. II. Wanneer men denkt dat de bende er de brui aan zal geven, roept Bregovic de troepen een laatste keer bijeen om zijn “Kalasjnikov” nog eens te laten knallen. Het publiek wordt verzocht om na de overtuigende oproep van de trompettist met volle kracht “ten aanval!” te brullen. Mochten de supporters in het Jan Breydelstadion de voorbije maanden even overtuigende aanmoedigingskreten geslaakt hebben als het publiek van het Concertgebouw, dan ware Club al lang kampioen geweest en streed Cercle momenteel in Play Off 1 i.p.v. Play Off 3.

Omdat het volgens onze Balkanvriend dan nog te vroeg is om te gaan slapen, krijgt Brugge nog een extra bis maar die was al niet meer nodig om ons te overtuigen van het feit dat we uiteindelijk toch weer getuige mochten zijn van een heel geslaagd feestje.

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/fotos/goran-bregovic-11-04-2013/

Organisatie: Concertgebouw, Brugge (ism Cactus Club Brugge)  

Eels

Eels – Wonderful Glorious!

Geschreven door

Altijd wel iets apart en uniek, een optreden van Mark E Everett en z’n alterego Eels . Inderdaad,  hij is één van die sing/songwriters die al veel ups en downs heeft gekend , maar telkens het verhaalt in uitstekend plaatmateriaal, en altijd wel iets achter de hand heeft bij de optredens.
Nooit is een E-tournee hetzelfde, steeds is het een nieuw ervaren , beleven, gevoel en emotie met een muzikale gedaantewisseling. E steekt ook sommige nummers in een fris arrangementje, afhankelijk van de begeleidingsband. Kortom, E zorgt steeds voor een prachtig muzikaal web . Je hoort en leest het, de loftrompet ten over voor deze artiest, die we hondstrouw zijn, in de letterlijke zin van het woord.

Hij heeft een nieuwe plaat uit ‘Wonderful glorious’, en na het optreden hebben we het wel  geweten, hier lag vanavond de klemtoon op, samen met ‘Hombre lobo , één van het drieluik een paar jaar terug.
Een rockende, rammelende , rommelende , knallende, dreunende Eels, twee avonden in een lang op voorhand uitverkocht KC met vier begeleiders , waaronder ‘vaste’ drummer Knuckles  in Adidasjogging en zonnebril, met ruimte voor enkele gevoelige (rock) ballads . Gruizige klinkende toegankelijke rock vol melodieuze wendingen en ritmische wisselingen, met een peperkoeken hart , zonder al te veel tierlantijntjes of keys . That’s rock’n’roll , mensen!
We hoorden het al vóór het concert met die dromerige ‘summertime’ ochtendgymnastiek op z’n James Last. E voelt zich de laatste jaren goed in z’n vel , dat hoorden we al bij de vorige concerten tijdens z’n clubtour en op festivals Pukkelpop en Rock Werchter. De donkere wolken zijn verdwenen; de zielenpijn behoort tot het verleden , de gemoedsrust heeft zich meester gemaakt bij de pas geworden vijftiger.
Eenvoud en humor krijgen meer ruimte. Op z’n Luc Devos maakt onze E wat grapjes tussenin. Een glimlach op het gezicht, soms moet dat niet meer zijn. Het doet man, band en publiek deugd om zo’n ontspannende avond tegemoet te zien, waar je een positief gevoel aan overhoudt . Leuk dus. That’s rock’n’roll, yeah!
Vanavond ook ‘geen greatest hits’ toestanden; z’n uitgebreid oeuvre laat al bijna een dubbel cd toe met songs als “Cancer for the cure” , “Novocaine for the soul” , “Hey man (now you’re living)” , “I like birds”, “I need some sleep” , “It’s a mothafucker”, “Love of the loveless”, “That’s not really funny”, “Flyswatter”, “A line in the dirt” , “Saturday morning”, … en we kunnen er nog een handvol opnoemen …
Het concert was meer dan af en hij weet waar België voor staat : chocolade, wafels , frieten, en zware bieren . Middenin de set werd hier wat show verkocht en was het heerlijk genieten tijdens een onderonsje van al dat lekkers met een straf biertje Blauwe Chimay! Cheers.
Eels startte stevig met een paar snedige rauwe emotievolle nummers, “Bombs away”, “Kinda fuzzy” en “Open my present”. Eels hield het graag in de rock’n’roll sfeer , want we hadden iets verderop de verrassende wending van “Peach blossoms”  en de lichte explosies op “Prizefighter”. “The turnaround” was dan die song die we al die weken moesten missen bij een ondergaand lentezonnetje . Je kon je laten meedrijven door de bloedmooie intimiteit van “In my dreams” en “On the ropes”. En je had wel eens de inzet van een cover, Fleetwood Mac passeerde deels de revue en besloten werd met het strandgevoel van “Itchycoo park” van The Small Faces.
Kijk Eels presenteerde voor elk wat wils in het genre . De keuze viel dus duidelijk op een directe , strakke, intense en gevoelige aanpak. “New alphabet” van de nieuwe cd ontbrak niet, en een 60’s Beach Boys stijl had je met “Fresh feeling” , één van die krakers op ‘Souljacker’. Drummer Knuckles kreeg natuurlijk ook enige speelruimte en als een Muppet Animal ging hij tekeer voor een solopartijtje .
Het was duidelijk, hier stond Eels garant voor leuke , speelse, ontspannende,  relaxte, emotievolle rock, met wat animatie .
Naast het lekkers had je dan ook de eeuwige trouw tussen E en The Chet , één van z’n bandleden, en vooraf en achterna met de Puddles Pity Party , met een reus van een clown en een vrouw verkleed in een apenmasker en in een kortgerokt Minnie Mouse pak . Spitsvondig!
Eels had tijd . We kregen een uitgebreide bis , met knallers “Souljacker” , een perfecte (party) mix van “My beloved monster/Mr E’s beautiful blues”, en “That look you give that guy”, de knuffelsong bij uitstek.
En onverwachts kwamen ze nog eens terug als de zaallichten al een tijdje aan waren gefloept . Terwijl sommige roadies de rest van ons Belgisch lekkers op het podium aten en dronken, rockten E en de zijnen er nog als losgeslagen wilde buffels op los . Letterlijk werden we met de ganse entourage van Eels uitgezwaaid . “Go Eels … Yeah …”!

Eels slaagt er telkens in  nummers op boeiende wijze aan te passen en te spelen. Hij is één van de meest inspirerende muzikanten . Hij vindt zichzelf telkens uit . Het kan niet anders , Mark E Everett is een muzikale kameleon, die we in ons hart  koesteren!

Support was Nicole Atkins uit New Jersey, die haar sing/songwritermateriaal op uiterst sobere wijze speelde, rauw, ruw, melodieus en gevoelig …Beetje Polly Harvey , beetje Anna Calvi, hoorden we van deze dame , die haar licht dreigende songs , aangevuld met een paar covers, gedegen bracht onder haar indringende heldere vocals .

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/eels-11-04-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/nicole-atkins-11-04-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/puddles-pity-party-11-04-2013/

Organisatie: Live Nation 

 

Ryoji Ikeda

Ryoji Ikeda - Een qubitaire symfonie van bits (ikv More Music! 2013)

Geschreven door

Ryoji Ikeda - Een qubitaire symfonie van bits (ikv More Music! 2013)
Concertgebouw
Brugge

Beeldend kunstenaar Ryoji Ikeda heeft een nieuw project: ‘Superposition’. Een terugblik op z’n 20-jarige carrière, met aangepaste, geüpdate elementen van z’n vroeger werk met nieuwe elementen hieraan toegevoegd. De aanhanger van ultrasonic frequenties, adept van de kwantumfysica en onderzoeker van de fysieke eigenschappen van het geluid, combineert deze tot een symbiose van  beeld en geluid. Japans meest bekende creator van klanksculpturen is er opnieuw in geslaagd een visueel meesterwerk af te leveren. Een ‘must see’ voor de liefhebbers van deze audiovisuele kunstvorm.

Dat Ryoji Ikeda z’n strepen in de klankkunst heeft verdiend, hoeft geen betoog. In 2001 ontving hij nog de Golden Nica Award bij de Prix Ars Electronica. Bij Dump Type heeft hij z’n stempel kunnen zetten, en autodidact als hij is, heeft hij steeds z’n technieken verfijnd.  Hij observeert geluiden, analyseert de structuren en zet deze om in licht en geluid. Voor deze show werkt hij ook voor het  eerst samen met 2 mensen op het podium, Stèphane Garin & Amèlie Grould, die een extra dimensie geven aan het geheel.
Ik had me op voorhand geïnformeerd, en moest dit optreden letterlijk ‘ondergaan’ en ‘beleven’. Dus ik onderga en beleef, maar word direct bij de keel gegrepen door zeer hoge, scherpe tonen, een tsunami van beelden aan ultrasonische snelheid. De 22 videoschermen worden gevuld met cijfers, teksten, natuurbeelden en frequenties. Elk scherm trekt je  aandacht, je wilt je focussen op het ene deel, maar bent je er ondertussen van bewust dat je een deel mist buiten je focusgedeelte. Je probeert je perifeer zicht te vergroten maar het lukt je niet.  Het houdt je scherp en alert, en geeft je een bijzondere kijk op wat geluid met ons doet zonder het te beseffen. Dat is ook de bedoeling van Ryoji, om onze  bewustwording en kijk op de natuur te vergroten.
Verbanden leggen tussen de menselijke perceptie en de wiskundige elementen in natuur, tijd en muziek. De qubit, taal van de kwantuminformatica, omgezet naar mensentaal.
Het waarnemen van de natuur en z’n kleine deeltjes, na dat ze zich in ‘superposition’ bevonden.
Dat Ryoji Ikeda een speciale visie heeft , toont hij ook aan met uniek camerawerk. De 2 ‘acteurs’ voeren onzinnige dingen uit, denk je,  waarvan het nut je totaal ontgaat. Maar dan rustig opbouwend komt het tot een mooi afgewerkt geheel dat je , alweer, doet nadenken. Z’n camerawerk is ongezien. Met behulp van minicamera’s geeft hij zeer originele standpunten weer.
Ook het nummer waar ze gebruik maken van verschillende stemvorken , en ondertussen de verschillende geluidsgolven en frequenties tonen is sterk en uniek in z’n soort.
Impressionant is het feit dat hij kan vertrekken uit het niets en op een ongelooflijke manier een 3D-effect creëert.

Het geheel kwam zeer goed tot z’n recht in de prachtige, modernistische concertzaal van Brugge. Dit was de  Belgische première van deze show. Ook zeer attent van de organisator was het gratis aanbieden van oorbescherming. Daar Ryoji Ikeda werkt met zeer hoge, soms irriterende geluiden, was dit echt wel nodig.

More Music mag trots zijn z’n ‘4 days of mind movin’ Music’ hiermee te openen. Met Ryoji Ikeda zijn ze alvast in hun opzet geslaagd.

Organisatie: Concertgebouw, Brugge (ism Cactus Club Brugge)

Tall Ships

Tall Ships – Everything Touching

Geschreven door

Met ‘Everything Touching’ bracht Tall Ships uit Brighton, UK in de herfst van 2012 een nieuw album uit. Eind februari 2013 tourden ze doorheen de UK en de Nijdrop is de tweede stop van hun Europese tournee met als eindhalte La Peniche in Frankrijk. Jeugdhuis Nijdrop is dan ook hun enige Belgische stop.

Dit quatro heeft over de jaren heen reeds enkele EP’s uitgebracht en kregen vooral het label val mathrock toebedeeld. Hoewel hun eerdere EP’s misschien vallen onder dit label, hebben ze met hun laatste album een groei doorstaan waar er van zuivere mathrock geen sprake meer is.  Tall Ships zijn duidelijk tot volwassendom gekomen en flirten af en toe met postrock crescendos om dan terug te vallen op bijna akoestisch niveau, progressieve noisestoten geven en zo weer stijgen in tempo om abrupt een nummer te eindigen. Want aan lange outro’s of solo’s vegen ze hun voeten. Hun nummers zijn kort maar krachtig. Tall Ships is op z’n minst gevarieerd te noemen. Naast hun instrumentale jungle brengen ze ook meer zachte nummers, vanuit een gebroken hart. Ze vervallen daarbij echter niet in zeemzoeterigheid, maar brengen net vanuit die stilte terug klank in beweging.
Vanavond spelen ze dan ook vooral nummers uit dit laatste album en dat doen ze met verve. Met een nonchalante houding a la Spencer Krug en een look a like feel van Kurt Cobain haalt de zanger het beste uit z’n stem en effectpedalen, begeleid door een diepe bas, vrolijke synthgeluiden en een ritmische drum. Vergeten we niet de catchy riffs die vaak uit de gitaar van de zanger komen - de ene keer dromerig, de andere keer opbouwend naar een hoogtepunt- dan begin je je misschien een beeld van hun muziek te vormen. Experimenteel, zonder franjes, verrassend en variërend. Rode draad doorheen de nummers is hoe alles dooft naar een bijna ongemakkelijke stilte voor het tempo opnieuw wordt opgedreven. Het duurt soms even voor de nummers vorm krijgen maar het dagdromen veranderd altijd in beweging.

Hoewel het Belgisch publiek hun eerder van een timide aard leek, bleven ze tot de laatste noot vol enthousiasme spelen. Door hun gemoedelijke flair en interactie met het publiek was dit naast muzikaal straf gebracht ook gewoon leuk om als luisteraar bij te zijn. Interactie is geen must, en voor handjes klappen passen we nog altijd, maar het publiek toespreken met een vleug humor en gelijkwaardigheid, daar danken we voor. Zowel band als publiek sloten de avond in tevredenheid af!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/tall-ships-10-04-2013/

Organisatie, Nijdrop

Palma Violets

Palma Violets - De avond voor de doorbraak

Geschreven door

Toegegeven, normaal gezien fietsen wij in een wijde bocht omheen Engelse groepjes die met de titel van NME’s best track of the year aan de haal gaan. Vorig jaar viel die twijfelachtige eer te beurt aan “Best Of Friends” van het Londense Palma Violets, maar voor één keer lijkt er meer aan de hand dan louter one minute of fame. Hun onlangs verschenen debuut ‘180’, vernoemd naar de krakkemikkige Studio 180 waar ze maandenlang aan hun eersteling sleutelden, staat immers bol van het soort vintage gitaargerammel waar The Libertines, Arctic Monkeys en The Vaccines  al eerder de hoofdvogel mee afschoten. Bovendien heeft het in 2010 opgerichte viertal in korte tijd een behoorlijke live reputatie bij elkaar gespeeld. Dankzij intensief touren langs pubs en clubs heeft de populariteit van Palma Violets in hun thuisland intussen ongekende hoogtes bereikt.
De groep is intussen ook bezig aan de verovering van het Europese vasteland, logisch dus dat zowat alle Vlaamse muziekclubs in de rij stonden om dit jonge Engelse grut in vette letters op de affiche te zetten. De strijd werd uiteindelijk ietwat verrassend gewonnen door de Democrazy in de Gentse Charlatan, die dan ook in no time het bordje ‘sold out’ mocht bovenhalen voor de laatste halte op de Europese toer van het viertal.

Elk groepje dat op de tonen van The Damned’s “New Rose” vrolijk het podium komt opgewandeld kan per definitie op onze sympathie rekenen. En warempel, net als hun iconische landgenoten hebben ook Palma Violets twee zingende frontmannen in de aanbieding. De bariton van gitarist Sam Fryers, die uitdrukkelijk lonkt naar Nick Cave of de crooner in Iggy Pop, wordt hierbij achterna gezeten door de oerschreeuw van bassist Chilli Jenson die het van meet af aan zijn heilige plicht vond om het publiek op te hitsen. Dat lukte al aardig met de nonchalante opener “Johnny Bagga’ Donuts”, maar pas met de psychedelische garagerock van “Rattlesnake Highway” was het er echt wel boenk op. Dit soort nummers zouden niet eens misstaan op één van de 60ies Nuggets verzamelaars of op de eerste paar platen van The Stranglers, en daar zit het gammele orgeltje van Peter Mayhew ongetwijfeld voor iets tussen. Fryers en Jenson mogen dan al de show stelen, toch lijkt Mayhew de belangrijkste man in de groep die de set gedecideerd orkestreert en de songs van een donker psychedelisch randje voorziet.
Palma Violets raasden met een rotvaart door hun debuut en lieten hierbij geen dieptepunten noteren. “All The Garden Birds” was een introspectief rustpunt opgehangen aan een kabbelend Zombies orgeltje, het bezwerende “Chicken Dippers” baadde in een bad van reverb en stond bol van de tempowisselingen, en tijdens de prille Britpop classic “Best Of Friends” noteerden we de eerste verdienstelijke poging tot skydiving. Op de B-kant van die debuutsingle prijkt trouwens “Last Of The Summer Wine”, één van de prijsbeesten op ‘180’ waarvan in de Charlatan duidelijk werd dat dit een festivalanthem in wording is.
Na een stomende set van drie kwartier werden de Belgische fans bedankt voor het warme onthaal met het wiegeliedje “14”. Hiermee hadden we nagenoeg de volledige debuutschijf gehad, maar de fans van het eerste uur wisten intussen dat hun Violets zich in een korte maar bijzonder heftige bisronde nog zouden vergrijpen aan “Invasion Of The Tribbles” van de obscure Canadese 80ies punkband The Hot Nasties. Deze miskende pogo classic ging er bij het jonge volkje in als zoete broodjes, met als resultaat dat het podium in no time werd bevolkt door een kolkende horde fans die een mondje kwamen meebrullen. Het genadeschot kwam er met het ironische niemendalletje “Brand New Song”, waarin de groep heerlijk de draak stak met zichzelf en met de muziekbusiness.

Lang hoeven we niet op zoek te gaan naar een eerlijk oordeel over deze bezwete avond in de Charlatan. In geen tijden hebben we zo genoten van een bevlogen en onbezonnen Engels groepje als Palma Violets, en zie, onze inkt is nog niet helemaal droog of Jan Smeets en Herman Schueremans zijn intussen ook wakker geschoten. We wensen de Violets straks het beste op resp. Pinkpop en Rock Werchter, maar dat eerste wervelende optreden op Belgische bodem in afwezigheid van dronken tentsletjes neemt niemand ons nog af.

Organisatie: Democrazy, Gent

Puggy

Puggy – een goed bewaard ‘Belgisch (?!)’ geheim ?!

Geschreven door

Het Brusselse Puggy is groots geworden bij onze Franstalige vrienden , en ook over de landsgrens wordt het trio al enorm gewaardeerd . In Vlaanderen komt de band nu  in de spotlights met de pas verschenen derde cd ‘To win the world’ en de gelijknamige single .

Puggy is een Belgische popgroep, opgericht in 2005, bestaande uit de Engelse zanger-gitarist Matthew Irons, de Franse bassist Romain Descampe en de Zweedse drummer Egil ‘Ziggy’ Franzén. ‘Een Belgische band zonder Belgen’ … De band beschouwt zichzelf als 'Belgisch Brussels’ omdat ze elkaar daar hebben leren kennen.
Hun formule : melodieus aanstekelijke, krachtige pop en gevoelige muziek + synths en een gepaste en beheerste dosis pathos en theatraliteit, die een welgemeende link naar Muse maakt door net die rock, ballad, bombast, orkestratie en elektronica met elkaar te mengen , maar minder uitgesproken en overdreven . Ze houden van een spaarzame en bredere omlijsting, variatie en tempowisseling; ze gaan spontaan , speels, los en ongedwongen in interactie met hun publiek en fans, en ze beschikken over een sterke uitstraling en een  ‘neverending’ enthousiasme. Vocaal horen we de zachte , indringende stem van Gabriel Rios.
Live wordt hun materiaal naar ongekende hoogtes gestuwd. Puik werk door hun  jeugdig enthousiasme! Het is een live band bij uitstek (met een vierde man op tour) , die na jaren werk de verdiende airplay krijgt.
Ze brengen gedurende een kleine twee uur hun oeuvre , weten sommige songs als “Call me up”, “Last day on earth” , “Ready or not” en “How I needed you” tot op het bot uit te diepen en laten ruimte voor hun instrumenten, zonder dat de verveling ook maar toeslaat. Het zijn doorwinterde gasten.
En we bleven maar genieten van hun materiaal “Everyone learns to forget” wordt spaarzaam en akoestisch toongezet , bouwt op , wordt breder en explodeert . Of een “Goes like this” die beelden van de Franse film van de jaren 60 oproept. Of “Teaser” die een ‘Chariots of fire’ tune verraadt , enz …
Ook de podiumprésence en show is uitermate positief . Op “When you know” flitst de personen van Mercury en Bellamy ons voor de ogen . Gek ook hoe het publiek zich laat leiden, met plezier meedrijven door handclaps of een heupwieg, en de refreinen en hun ‘oohaahs’ meezingen. 
“To win the world”, de doorbraaksingle naar het grote publiek , was één van de meest directe songs en mondde uit in diep basstunes en een vat vol percussie.  Ze waren nog niet opgebrand, staken nog een tandje bij , wat een overrompelende sterke bis opleverde met het snedige “Du bois died today”, het broeierige “Something you might like” en een verbeten “Burned” .
Ze werden op handen gedragen in Lille , en ze hadden er nog zin in met de love song “I’m happy” bovenop, bijna acapella door hun vier , sober, elegant  begeleid op xylofoon, accordeontunes, en geruggensteund door een handvol meisjes als backing.

Puggy is levendig , uitbundig, energiek , dynamisch, interactief ; een band die een ‘positive vibe’ heeft en ‘leven in de brouwerij’ brengt.
Puggy is op tour in Frankrijk, en in ons eigen landje zijn ze na hun eerste gig van februari er nog een paar keer bij in de AB , goed voor een paar uitverkochte concerten.
Beste club- en festivalorganisatoren, check deze band , Couleur Café ging zelfs al twee keer voor de bijl voor het talentrijke Puggy . Nu is het jullie beurt …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/puggy-06-04-2013/

Organisatie: Vérone Productions (ism Aéronef) Lille

Heirs

Heirs - Welcome to Psychoville

Voor de eerste maal stappen we de B52 in Eernegem binnen, een café die de tand des tijds heeft doorstaan en authenticiteit uitademt. De ruiten zijn geblindeerd, de prijzen eerlijk, de 'locals' die erheen trekken deel van het decor, muziek uit de glorierijke jaren ‘80 en het interieur weerspiegelt een soort outsider art invloed.
Meer underground dan deze club kan je niet zijn. Het is dan ook vreemd op te merken dat het bezoekersaantal voor deze duistere batcave betrekkelijk laag ligt. Zeker wanneer er een band als Heirs uit Australië de revue passeert. Waar vorig jaar nog meer dan 100 man (en vrouw) aanwezig was in Magasin 4 om deze band aan het werk te zien, blijken de enthousiastelingen nu maar met mondjesmaat toe te stromen.

Er was echter weinig promotie rond gemaakt, en de associatie van een fijne muziekclub in een uithoek van West-Vlaanderen wordt misschien niet zo snel gemaakt. Onterecht zo blijkt want de B52 heeft heel wat troeven in z'n mars. Om maar enkele op te noemen: ruime parkeermogelijkheid, oerdegelijke geluidskwaliteit, een psychoville atmosfeer, een ideale stek om netwerken op te bouwen, net groot genoeg om niet klein te zijn en een ziel die nooit sterft. Populair zal het misschien nooit worden, maar dat zou de sfeer dan ook verknallen. Toch is dit een club die ieder op z'n ‘must see and be in’ list dient te zetten. Want zeker is dat eenmaal je ingenomen bent door de sfeer, je terugkeert.

Ascetic mocht de debatten openen. Waar Ascetic vertaald kan worden als een oefening, training staat dit in contrast met de vertaling van Heirs; iets wat men krijgt, erft. Ascetic is eigenlijk Heirs – 1. De 3 bandleden (drummer Damian Coward, bassist/zanger August Skipper en gitarist Saxon Jorgensen) spelen allemaal bij Heirs, maar toch ligt de muziek van Ascetic en Heirs mijlen ver uit elkaar. Ascetic is –in tegenstelling tot Heirs- niet zuiver instrumentaal. Ze dompelen je onder in een newwave bad, waar het aangenaam vertoeven is. De zang is niet altijd even zuiver in de diepe stukken, maar geeft de muziek niettemin een meerwaarde. Het is echter in de instrumentale stukken, wanneer de gitarist zich volledig mag laten gaan, dat Ascetic weet te overtuigen. Ze spelen met een hele grote gedrevenheid, ondanks het beperkte publiek. Daardoor wordt het alleen maar nog beter. Beluister en download zeker hun album ‘Self Initiation’, gratis op http://oscl.bandcamp.com/album/self-initiation.

Toch keken we vooral uit naar Heirs, die op Europese doortocht is sinds de start van hun ‘Redemption’ tour in maart en vorig weekend nog op Dunk!festival te bewonderen was. Reeds twee maal wisten ze ons te overtuigen. En ook vanavond was dat geen enkel probleem. Wat valt er nog over te zeggen: veel te veel eigenlijk. Belangrijkste is dat je deze band live moet gehoord hebben om ze volledig te appreciëren. De sfeer die ze oproepen past perfect binnen de donkere kroeg waar ze deze avond spelen. Met hun effectpedalen vullen ze al bijna de helft van het podium in, de andere helft is voorbehouden aan Damian Coward, drummer van de band. Rond hem staat een scherm waar visuals op werden geprojecteerd. De belichting werd zo laag mogelijk gehouden en de zaal werd volgestoomd met rook. Ook de aromabranders waren opnieuw deel van hun decor, al weten we tot de dag van vandaag niet met welke aromatische geur ze ons willen bedwelmen. De logge bas en drum malen de hersenen plat en plaveien de weg voor de scheurende gitaren.
Heirs begint echter steeds met een vast, monotoon ritme die langzaam aan z’n weg zoekt naar de ultieme chaos die ze samen creëren. Ze weten overgangen perfect te timen zodat wanneer je op het punt staat de aandacht te verliezen en in de muziek op te gaan, ze je wakker slaan met een tegentel en je op het nieuw ritme verder kan stromen om dan bijna altijd te eindigen in een schroeiende odyssee van noise.
Heirs is individuele muziek. De bandleden zoeken nauwelijks contact met elkaar. Elk gaat zijn eigen weg binnen de lijnen van de song. En die lijn wordt doorgetrokken naar het publiek. Geen interactie, geen vraag om geklap, geen nood aan contact. Enkel een luisterend oor, meer is er niet nodig om je volledig los te laten gaan in de wereld van Heirs. Ze roepen een trance over het publiek af, waar slechts weinig bands in slagen. Het geeft ze een sacrale kracht. Alhoewel hun muziek niet echt katholiek te noemen is.
Twee maal dezelfde band zien in minder dan een week tijd en opnieuw volledig overdonderd zijn: dan weet je dat het goed was. Op 6 mei komen ze opnieuw naar België en verzorgen ze het voorprogramma van Chelsea Wolfe in de Trix in Antwerpen. Chelsea zal haar best mogen doen om niet van het podium te worden geblazen door Heirs. We kijken er alvast al naar uit! Voor zij die nog niet overtuigd zijn van hun kunnen: je kan ze beluisteren op http://heirs.bandcamp.com/. Doen!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/heirs-05-04-2013/

Organisatie: B52, Eernegem

 

Pagina 245 van 386