AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-04-26 – Kofi Stone 01-04-26 – Klaas Delrue 50 01-04-26 - Nightlab 03-04 t-m 06-04-26 – BRDCST 2026 – jaarlijkse hoogmis voor muzikale avonturiers (curatoren: Keeley Forsyth, Ichiko Aoba, Stephen O’Malley)…

logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
Gavin Friday - ...

Balthazar

Balthazar - Kleurrijke band helemaal ontbolsterd

Geschreven door

Balthazar, met als thuisbasis Kortrijk, heeft een nieuwe plaat uit en is begonnen aan een veelbelovende tournee. Donderdagavond bewezen zij dat in de Handelsbeurs in Gent.
Met ‘Rats’ zijn ze pas aan hun tweede plaat toe, maar toch gaven de bandleden – vaak zelf niet veel ouder dan het studentenpubliek – een volwassen indruk op het prachtige podium dat zij kregen. Zij hebben zich in korte tijd een mooie en eigenzinnige sound aangemeten, die uitstekend werkt bij het jongere volk, en met ‘Rats’ stampen zij zeker en vast de deuren open naar een nog breder publiek.
Het vijftal begon het concert met “Later” en, onmiddellijk daaropvolgend, “The Boatman”. Deze twee platen van respectievelijk ‘Rats’ en ‘Applause’ pakten het publiek ineens mee in het aanstekelijk enthousiasme van de band. Dat veranderde niet in het vervolg van de set. De jongens (en het ene meisje) van Balthazar waren minder braaf en rocken meer in het echt dan op de plaat. De groep durfde te spelen met hun eigen muziek. Zo werden nummers langer uitgesponnen, en werd “Blues for Rosann” op zijn Spaans akoestisch ingezet. 
Na een viertal nummers leerde de band, als dat nog nodig was, het publiek hun nieuwere songs kennen. Sterke baslijnen, heerlijke samenzang en inventieve kronkelende vioolpartijen zorgden voor enkele prachtige nummers. Dat kon het publiek zeker waarderen en ook de muzikanten leken volop te genieten. Zanger Jinte Deprez was onder de indruk en liet de aanwezigen weten dat “ze nog nooit zo snel een concert hadden uitverkocht in de geschiedenis van de band”. Hoogvliegers waren “The Oldest of Sisters” en “Sinking Ship”. In dit laatste nummer leek Maarten Devoldere zich helemaal te kunnen laten gaan, alsof hij zich echt kwaad maakte op de ratten die het zinkende schip verlaten.
Met “Fifteen Floors” viel alles samen. Het publiek veerde op bij het herkennen van de ietwat oudere hit. De vergrotende schaduwen tegen de witte muren, de rook in de paarse gloed, het vijftal die zich helemaal gaf, het publiek dat net hetzelfde deed. Het liet de temperatuur rijzen in de al broeierige Handelsbeurs in Gent.
Dat de band niet alleen speelt met de eigen muziek, maar ook met de toehoorders werd duidelijk tijdens de laatste nummers. Devoldere vroeg bij het eerste nummer of er enkele suggesties waren, waarop prompt “Any Suggestions” werd aangesneden. Na dit bisnummer verdween men weer in de coulissen om nog eens opnieuw terug te komen voor “Blood Like Wine”. De bassist kwam pas op – langs een andere ingang – als zijn baslijnen aan bod kwamen, zodat zijn inzet nog krachtiger overkwam. Op het einde werd nog samen het glas geheven en het zinnetje “Raise your glass…” bleef lang erna nog in de hoofden hangen.

Dit concert toonde aan dat Balthazar klaar is om buiten de grenzen te treden. ‘Rats’ bewijst dat de band gerijpt is en bevestigt als één van de beste Belgische rockbands van het moment. Het is alleen jammer dat de platen waarmee Balthazar geboren werd (‘This is a Flirt’ en ‘Bathroom lovin’ Situations’) niet meer live te horen zullen krijgen. Gelukkig is deze band goed genoeg om dat op hun gemak op te vangen.

Organisatie: Democrazy (ism Handelsbeurs) Gent

Neem gerust een kijkje naar volgende zaken ivm Balthazar
http://www.musiczine.net/nl/fotos/balthazar-6-12-2012/ (het Depot, Leuven 06_12_2012)
http://www.musiczine.net/nl/review-concerts/balthazar/balthazar-in-n-woord-klasse/ (de Kreun , Kortrijk 07_12_2012)

Local Natives

Local Natives overstijgt zichzelf

 

Geen idee wat u denkt van het alom bejubelde ‘Hummingbird’, de nieuwe van Local Natives. Wij hadden er in elk geval aanvankelijk een beetje moeite mee omdat we vonden dat de band hier een beetje traag uit hun schelp kroop. Achteraf blijkt het wederom zo een plaatje te zijn die pas na een paar beluisteringen zijn kwaliteiten prijsgeeft. Een dijk van een live optreden is natuurlijk nog een betere remedie om ons te overtuigen.


Op plaat klinkt Local Natives heel doordacht, subtiel en ingehouden. Op het podium schakelen ze een duchtig tandje bij en spat er vuur uit. De band overstijgt zichzelf en injecteert een frisse drive en een extra portie energie in hun songs. De heren hebben dan ook een ongebreidelde goesting en kunnen zichzelf niet stil houden op dat podium, alsof er zich een stel sprinkhanen in hun broek heeft genesteld. Het jeukt echt bij die gasten en dat maakt hun songs fris, levendig en bijzonder aanstekelijk. Nadrukkelijk aanwezige drums en percussie brengen wat extra vibe teweeg en de knappe samenzang zorgt voor een warm sfeertje. Wij laten ons lustig meevoeren door kriebelende beestjes als “Wooly Mammoth”, “Heavy Feet” en “Wide Eyes”. Als het er iets rustiger aan toe gaat vallen vooral de prachtige stemmen op, “You and I” is een prachtig brokje melancholie waar die zeurpieten van Fleet Foxes nog veel kunnen van leren. Verder is er de ritmische elegantie van “Mt Washington” en “World news”, tracks die telkens opbouwen naar een broeiende finale, een fraai truukje die kenmerkend is voor veel van hun songs.
Dat Local Natives schatplichtig zijn aan Talking Heads houden ze geenszins verborgen. De frisheid van de prille Talking Heads zit in hun sound verweven, de cover “Warning Signs’ zet daarbij nog eens de puntje op de i. Let wel, we spreken hier van een gunstige invloed,voor de rest hebben Local Natives wel degelijk een uniek en springerig eigen geluid.

Dit is een uiterst schitterend en prikkelend concertje van een talentvolle band die op plaat al bijzonder fris klinkt maar die live pas echt open bloeit.
Ze beloven trouwens deze zomer terug te komen voor de festivals. Herman ! Chokri ! waar zijn jullie ?

Eén van de supports wans ons eigen Love Like Birds , het alter ego van de jonge sing/songschrijfster Elke De Mey, die vorig jaar op StuBru de vi.be on air in de wacht sleepte. Haar intimistische, dromerige , breekbare songs ontroerden zowel solo als met de beperkte toevoeging van contrabas , drumtics en allerhande tierlantijntjes en geluidjes  . Onze Franse vrienden waren verkocht en onthaalden o.m op de gevoelige single “Heavy heart” warm het duo .

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/local-natives-07-03-2013/

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

 

 

Matisyahu

Matisyahu: Over gemiste kansen en een onverwacht tieneridool

Geschreven door

Tijdens de DJ-set met reggaemuziek die als opwarming diende, was het al onmiddellijk duidelijk dat het publiek er zin in had en terwijl de zaal volliep, begon het dan ook al op het ritme mee te wiegen en te dansen. De hoofdact liet lang op zich wachten, maar uiteindelijk betrad dan toch een figuur met zonnebril en lange jas het podium. Zonder zijn typerende baard en krullen was Matisyahu al bijna onherkenbaar, maar incognito helemaal.

… Zeker toen deze figuur zijn set opende met een monotone stroom van onverstaanbaar gemompel (dat later “Crossroads” bleek te zijn), was het moeilijk te geloven dat dit dezelfde persoon van de haast geniale reggae en hip hop tracks is. De donderende bas die uit de boxen kwam en zijn stem ook nog eens begroef onder rommelende geluidsgolven hielp natuurlijk ook niet. Het publiek liet het nochtans niet aan zijn hart komen.
Na het initiële enthousiasme bij de opener werd “Chop ‘em Down” maar lauwwarm ontvangen. De nummers leken niet echt onder de noemer ‘reggae’ te kunnen vallen, aangezien het hen totaal ontbrak aan die deinende flow die zo essentieel is aan het genre. Ook jammer: tussen de stukjes waarin het oorspronkelijke nummer nog te herkennen was door, werd de muzikale stroom steeds onderbroken door een soort experimentele jamsessie, met een enkele keer zelfs met psychedelische synths die nergens bij pasten. Grootste hits “Jerusalem” (met wat dancehall-invloeden) en “King Without Crown” en het nieuwe “Sunshine” hadden gigantisch live-potentieel dat helaas onvervuld bleef.
Maar toch zijn er ook positieve punten die vermeld moeten worden. Na eerst een nogal koele nonchalance in zijn interactie met het publiek, wist Matisyahu ons toch te verrassen met een plotse stagedive en toen hij handjes schudde met de eerste rijen, werden de vrouwelijke fans uitzinnig. Een Joodse alternatieve hip hop en reggae artiest: een onverwacht tieneridool. Zijn nieuwe look zal daar wel voor iets tussen zitten. “Youth” beschikte wel nog over zijn originele kracht en bonusnummer en anthem “One Day” gaf ons dan eindelijk waar we voor gekomen waren: pure, onvervalste, vlotte reggae zonder al te veel geëxperimenteer of te zware bassen. Een meisje werd het podium opgetrokken, waarna zowat de hele zaal dat voorbeeld volgde. Toch nog een mooie afsluiter dan.

Het aanwezige publiek zal achteraf wel vertellen over een best geslaagd optreden, maar met zo’n geweldige albums en singles op zijn cv had er zo veel meer kunnen inzitten. Gemiste kans. Eeuwig doodzonde.
Matisyahu speelde twee keer in een uitverkocht Het Depot, Leuven.

Setlist: Crossroads, Chop ‘em Down, Jerusalem, King Without a Crown, Sunshine, Youth, Live Like a Warrior, Darkness Into Light. Encore: One Day

Organisatie: Depot, Leuven

Villagers

Villagers - Finesse en bezieling

Geschreven door

Villagers is zo een typische indie band die met lof overladen wordt door critici en recensenten, maar die daarom de weg naar het grote publiek (nog) niet gevonden heeft. Ook Frankrijk loopt voorlopig nog niet zo warm voor de subtiele, dromerige en gelaagde muziek van de Ierse singer/songwriter Conor J. O’Brien en zijn band. Le Grand Mix was niet volgelopen, maar aan het enthousiasme te horen waren praktisch alle aanwezigen wel trouwe fans die met het werk van Villagers goed vertrouwd zijn.

Vanavond kwam O’Brien met zijn Villagers de nieuwe boreling ‘Awayland’ voorstellen, een plaatje die wat moeite vergt.’t Is te zeggen, het duurde ook bij ons een tijdje vooraleer we doorhadden dat we hier met een pareltje op onze schoot zaten. Of om het met een lelijk woord te zeggen, een groeiplaat. Een album met knappe folkpop verpakt in een klein dozijn subtiele en originele mini meesterwerkjes.
O’Brien, voorzien van een fluwelen stem, bracht de nieuwe songs met de nodige zorg en finesse en liet ze op het podium rijkelijk open bloeien. Het was genieten van ongeslepen diamantjes als “Earthly Pleasures” en “Nothing Arrived”. Soms lieten Villagers de songs al eens openbarsten in een brandende finale, dat maakte van het heerlijke “The Bell” en het oplaaiende “The Waves” twee hoogtepuntjes. Maar het kon ook veel soberder, de naakte akoestische song “My Lighthouse”, waarin O ‘Brien zich even kwetsbaar als wonderlijk opstelde, bleek een stukje goud te zijn die Le Grand Mix letterlijk het zwijgen oplegde. Werkelijk muis- en muisstil was het, de ganse zaal hield heel de song lang de adem in (nog een geluk dat het een kort nummer was, anders moesten hier een paar concertgangers gereanimeerd worden).
We mochten ook niet vergeten dat Villagers enkele jaren geleden met ‘Becoming a Jackall’ ook al een uitmuntend schijfje uit hun mouw hadden geschud. In subtiele melancholie verweven songs als “Becoming a Jackall”, “Ship of Promises” en “That Day” kwamen hier mee de show stelen.

Zo wist Villagers, met amper twee albums onder de arm, een verbluffende sterke setlist te spelen zonder ook maar één seconde aan bloedarmoede te lijden. Mooi is dat.
Wij waren vooral onder de indruk van de prachtige songs van Conor J. O’Brien en de bezieling waarmee Villagers deze vertolkten. Knap concertje zowaar.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/villagers-06-03-2013/

Organisatie: Grand Mix , Tourcoing

 

Christopher Owens

Christopher Owens - Schipperen tussen hoop en ontnuchtering

Geschreven door

Kurt Cobain… dat was de eerste naam die door ons hoofd flitste wanneer de in blond sluikhaar gehulde jongeman Christopher Owens met zijn zeskoppige begeleidingsband het podium beklom. Diezelfde schuchtere, depressieve blik in de ogen ook, die leek te verraden dat zijn jeugd bij de Children of God sekte nog lang niet verteerd is, hoe zou je zelf zijn?      

Muzikale vergelijkingspunten daarentegen waren zo goed als onbestaand. Waar de Nirvana frontman vroeger zijn duivels uitdreef in punkrocksongs over verderf en verkrachting, verpakte Christopher Owens zijn nummers met zachte, bijna fluisterende stem in fluwelen The Byrds melodieën.
Niet dat we veel tijd kregen om ons aan dergelijke wiskundige vergelijkingen te bezondigen. Gebaseerd op waargebeurde ervaringen tijdens het rondtoeren met Girls, het vorig jaar onverwacht ter ziele gegane en in kennerskringen fel bejubbelde indierock bandje uit San Francisco, voerde haar voormalige frontman ons mee op een road trip langs uiteenlopende plekken. En vooral dan langs de grillige emoties die daaraan blijven plakken zijn. Een reis die weinigen in de zaal onberoerd liet, meer zelfs, aanzette tot een extatische ovatie aan het eind.
“New York City” en “Here We Go Again” klonken Belle&Sebastian gewijs als een dolle lentedag met onbegrensde mogelijkheden. Tot de ontnuchtering volgde op “A Broken Heart” en “Everything You Knew”. Een contrast waarmee hij zich ook dermate graag bediend op de begin dit jaar verschenen debuutplaat ‘Lysandre’ dat je gerust van een concept album mag spreken. Een titel die opgedragen is aan een ontmoeting met een jonge Française die,  te horen aan de zwoele instrumental “Riviera Rock”, in een behoorlijk exotische sfeer moet verlopen zijn.
Relationele ontluistering zat als een donkerrode draad doorheen de set gedrapeerd. Maar echt melancholisch, laat staan deprimerend, werd het nooit. Daar zat niet alleen de zonnige thuisbasis aan de Amerikaanse West coast voor iets tussen. Ook het bij wijlen lichtvoetige instrumentarium gaf felle kleuren aan het geheel. Wie heeft vandaag nog het lef om een prominente rol te geven aan een melige dwarsfluit, enkele Bolivianen in grote winkelstraten buiten beschouwing genomen? Trouwens, met het knappe meisjeskoortje dat hem vocaal bijstond had deze troubadour wat ons betreft niet zo veel reden tot klagen.

Naar het eind toe haalde Christopher Owens nog enkele fel gesmaakte covers van Cat Stevens (“Wild World”) en Simon & Garfunkel (“The Boxer”) van stal, waarbij hij een boeket witte rozen rondstrooide terwijl een tamboerijn zijn rechterdij geselde.  
Tijdens de akoestische solonummers in de tweede bisronde trad de dooi volledig in. Zijn bandleden stonden aan de zijkant even enthousiast mee te applaudisseren met het publiek.

Organisatie: Botanique, Brussel

Emeli Sandé

Emeli Sandé - De nieuwe Queen of Pop

Geschreven door

Voorprogramma voor Emeli Sandé was Charlene Soraia, een Britse met de meest breekbare, maar tegelijk ook krachtige engelenstem. Haar ballads werden maar lauw onthaald, maar haar versie van “Wherever You Will Go” (The Calling) – waarvan ze gemakshalve even verzweeg dat het een cover was – en haar downtempo nummers “Without Your Love” en “The Caging” konden op (iets) meer enthousiasme rekenen. Charlene moet het vooral hebben van haar mooie stem, al leidden haar giecheltje en Mariah Carey-achtige stembuigingen daar wel al eens van af.

In afwachting van Emeli Sandé was de spanning die door het publiek vibreerde al duidelijk voelbaar. Toen de Britse dan eindelijk het podium betrad, was het publiek niet meer te houden en hysterische gillen vulden de zaal van de uitverkochte Brusselse AB. Verwachtingen waren hooggespannen en de kans op milde teleurstelling dus reëel, maar met de krachtige opener “Heaven” – haar eerste single die anderhalf jaar geleden de hitlijsten belegerde – bewees Emeli al onmiddellijk dat we ons geen zorgen moesten maken. Het nummer was krachtig en glashelder gezongen. Het greep ons bij de ballen om ons pas na een wilde rit van anderhalf uur steengoede muziek terug los te laten. “Heaven” bewees zo alweer zijn status als oerdegelijke en onverslaanbare hit. Enige aanmoediging om mee te zingen was totaal overbodig aangezien het publiek al spontaan zijn liefde voor Emeli bewees door luidkeels mee te brullen.
De albumversie van “Where I Sleep” is op en top soul-pop, maar werd live van een funkier jasje voorzien en omgetoverd tot een mellow, dansbare reggae versie. Hier werd ook al direct duidelijk wat een getalenteerde muzikanten en achtergrondzangers Emeli had meegebracht. Met een stevigere versie van “Breaking the Law” werden we – welwillend, maar toch enigszins verbaasd – ondergedompeld in een geluidsgolf om daarna even op adem te mogen komen met een wat tragere, maar kippenvelinspirerende versie van “Suitcase”. Alle aanwezigen zullen gegarandeerd dankbaar geweest zijn om dat moment te mogen delen.
Maar niet enkel de hits werden op veel enthousiasme onthaald, ook nieuwe tracks “Half of It” (door Emeli geschreven en uitgebracht door Rihanna), “This Much is True” en “Pluto” werden gesmaakt door de fans. Hét onweerlegbare bewijs van haar talent. “Pluto” werd zelfs vergezeld door een heuse snedige gitaarsolo en eindigde met een spookachtig mooie samenzang van de twee achtergrondzangers.
“My Kind of Love” was een onbetwijfelbaar hoogtepunt waarin ze alles gaf, haar emoties blootlegde en haar hart er helemaal uit zong. Live werd het potentieel van het nummer pas helemaal verwezenlijkt. Het minimalistische “Clown” en “River” met Emeli achter de piano waren indrukwekkend en hartroerend in hun eenvoudige versie.
Nog een hoogtepunt tussen al de andere hoogtepunten was het, sinds de Olympische Spelen, overbekende “Read All About It, Pt III”. Rustig begonnen met een bescheiden koude-rillingen-momentje en daarna volledig losgebarsten. Voor “Beneath Your Beautiful” werd het stuk van Labrinth gezongen door de mannelijke achtergrondzanger die meer dan degelijk werk leverde tijdens zijn momentje in de schijnwerpers. Iets dreigender en agressiever dan de rest van de set waren “Daddy” (mét stevige gitaren) en het wat oudere “Kill the Boy”, waarin Emeli bewees dat ze nog wat anders in haar mars heeft dan soulful tracks en ontroerende ballads.
Afsluiten deden we met “Wonder” (met wat Caribische vibes): een ideaal excuus voor het publiek om nog een laatste keer te dansen en mee te blèren. Het publiek vroeg – nee: eiste – meer en daarom werd de set nog aangevuld met “Mountains” en “Next to Me”, ongetwijfeld haar bekendste nummer (en met reden).

We hebben deze avond zowat alles mogen ervaren: krachtige meezingers en intieme ballads, teksten met persoonlijke bekentenissen en geëngageerde oproepen, verdriet en blijdschap, soul, pop, reggae en rock. Doe daar haar geweldige stem, enthousiasme en steeds maar groeiende stapel hits bovenop en we kunnen zeker zijn dat Emeli nog een lange carrière beschoren is. Nog een tweede keer te zien in de AB, Brussel op 16 april!

Setlist Charlene Soraia: Ghost, Without Your Love, Love is the Law, Broken, Wherever You Will Go (The Calling cover), The Caging

Setlist Emeli Sandé: Heaven, Where I Sleep, Breaking the Law, Suitcase, Half of It, Pluto, My Kind of Love, Clown, River, This Much is True, Read All About It Pt III, Beneath Your Beautiful, Daddy, Kill the Boy, Wonder. Encore: Mountains, Next to Me

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/charlene-soraia-05-03-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/emili-sande-05-03-2013/


Organisatie: Live Nation

Steve Wynn

Steve Wynn & Piv Huvluv - Gitaren, vinyl & comedy op heilige grond

Geschreven door

Steve Wynn & Piv Huvluv - Gitaren, vinyl & comedy op heilige grond
Steve Wynn & Piv Huvluv
Kerk Dikkele
Dikkele

De pastoor van Dikkele mag zich met recht en rede een tevreden man noemen. Bijna niemand van zijn beminde parochianen kan zich immers nog de tijd herinneren dat de kerk van het pittoreske Oostvlaamse dorpje op de rand van de Vlaamse Ardennen nog afgeladen vol zat. Toegegeven, de predikanten van dienst waren dan ook niet van de minste. De Amerikaanse singer-songwriter en Paisley Underground veteraan Steve Wynn werd er namelijk gekoppeld aan de Westvlaamse stand-up comedian Piv Huvluv. Op het eerste zicht een eigenaardige combinatie, ware het niet dat beide heren een uitgesproken voorliefde voor gitaren, vinyl en comedy delen, en ze elk op hun eigen manier een publiek kunnen laten balanceren tussen een ingehouden adem en een bulderlach.
De ‘When You Smile’ tour van het duo langs diverse muziekcafés en parochiale centra te lande werd eind vorig jaar voortijdig afgebroken toen Wynn halsoverkop huiswaarts moest keren om zijn stervende vader te bezoeken. Afgelopen week keerde de Amerikaan terug naar Vlaanderen om de eerder afgelaste shows in Deinze, Oostende en Dikkele alsnog aan zijn CV toe te voegen.

De kerk van het spaarzaam verlichte Dikkele lokaliseren zonder GPS bleek echt geen sinecure, waardoor ondergetekende zich maar net op tijd naast de biechtstoel kon installeren om Wynn heel ingetogen te zien openen met “Follow Me”. Deze verstilde parel uit het beide twintig jaar oude album ‘Fluorescent’ kreeg het publiek meteen muisstil, een ervaring die in de meeste concertzalen tegenwoordig eerder uitzondering dan regel is.
Of het nu een rocktempel, een café, een huiskamer of een kerk betreft, overal lijkt de Amerikaan zich meteen thuis te voelen en graait hij vol enthousiast in zijn indrukwekkende back catalogue. In het eerste deel van de set noteerden we o.a. een fel “Southern California Line” en ingetogen versies van “Here On Earth As Well” en “Love Me Anyway”. Tijdens de Dream Syndicate evergreen “Days Of Wine And Roses” schakelde Wynn plots een paar versnellingen hoger en bleek stilzitten op die kerkstoel verdomd niet gemakkelijk.
En de humor dan, hoor ik U denken. Wel, dat deel van de avond werd ingeleid toen Wynn eerst een flard van Neil Young’s “Cinnamon Girl” uitprobeerde en zich vervolgens afvroeg hoe dit nummer zou klinken in het gezelschap van Crazy Horse. Dat laatste gezelschap kwam even later ook daadwerkelijk op de proppen, weliswaar in de gedaante van Piv Huvluv die vermomd als een gitaarspelend paard samen met Steve Wynn “Rockin’ In The Free World” inzette. Even later was het terug lachen geblazen toen Huvluv bij zijn Amerikaanse compagnon peilde naar diens kennis over de Belgische muziekgeschiedenis, waarop de laconieke Wynn achtereenvolgens “Dominique”, “Ça Plane Pour Moi” en “I Follow Rivers” probeerde. Alles bleek uiteindelijk een charmant ingestudeerde opwarmer ter inleiding van een vaderlandse muzikale held die het duo elke avond laat opdraven. In Deinze en Oostende passeerden zo al eerder Derek, Bruno Deneckere en Pieter-Jan De Smet de revue. In Dikkele werd Kids-opperhoofd Ludo Mariman vanuit de sacristie te voorschijn getoverd. De imposante  Antwerpenaar schotelde ons een tweetal songs voor, waaronder “It Never Rains” waarmee hij eind jaren ’80 een bescheiden solo succesje scoorde.

Na een pauze van een halfuurtje en een aangenaam toogintermezzo in het legendarische dorpscafé “De Casino” pikte Huvluv de draad terug op met een staaltje van zijn stand-up comedy talent. De rode draad doorheen zijn verhaal bleek een uitgesproken voorliefde voor vinyl: de eerste singles van Boney M., de maandelijkse luistersessies van de jonge Huvluv in platenzaak “De Oostendse Ploate” en zijn toevallige tête-à-tête in die winkel met Marvin Gaye.
Ook Wynn had nog een ijzersterk tweede deel in de vingers. Tot jolijt van de oudere fans zette hij nog een rondje Dream Syndicate in (“Merrittville”) gevolgd door “One By One”, één van de weinig songs van Wynn’s gelegenheidsgroepje Gutterball die tegenwoordig nog zijn solo setlist haalt. Het oord van bezinning waar de Amerikaan in beland was had hem zowaar geïnspireerd tot een profetisch einde. Ergens durven we wedden dat Blind Lemon Jefferson reeds in 1927 door had dat zijn “See That My Grave Is Kept Clean” de meeste spijkers met koppen slaat in een kerk. Op het heiligste plekje van Dikkele kroop Wynn met verve in de huid van de blinde bluesneger en zette hij, deels a capella, een weergaloze versie van dit ultiem slotgebed neer. Ook Huvluv deed vervolgens zijn duit in het blueszakje met de ietwat idiote afsluiter “Trouble In Mind” (aka “The Tupperware Blues”), meteen goed voor het enige dieptepunt van de avond.

Tijdens de bisronde gingen Wynn, Huvluv en Mariman beurtelings aan de slag met het al even toepasselijke “Knocking On Heaven’s Door”, maar iedereen wist dat dit soort avond moest en zou eindigen met een komische noot. Die kwam er ook, met het relaas over de illustere “Bamboo Jack” dat Huvluv en Wynn in respectievelijk het sappig Westvlaams en American English gekscherend voor hun rekening namen.
Zonder het te beseffen hebben Steve en Piv met hun duo experiment misschien wel een nieuwe trend gelanceerd in het zo stilletjes aan verzadigde stand-up comedy landschap. We kunnen er ons wel wat bij voorstellen: Iggy Pop en Freddy De Vadder op één podium, daar moeten gewoon GAS boetes van komen.

Organisatie: Zinmusic

Villagers

Villagers – Folk of the Future

Geschreven door

 

Gek dat uitgerekend vanuit Ierland, waar folkmuziek nog in zijn meest authentieke vorm beleefd wordt, vandaag het meest verfrissende geluid komt overgewaaid.  Na het met superlatieven overladen debuut ‘Becoming A Jackall’ sprong Villagers begin dit jaar met ‘{Awayland}’ met veel gemak over de horde van ‘moeilijke tweede plaat’. Enkele jaren geleden speelde de groep rond  Conor O’Brien als voorprogramma zowaar Grizzly Bear naar huis. En deze tour de force waren ze blijkbaar nog niet vergeten in een lang op voorhand uitverkochte Botanique.

Net zoals op plaat was ook dit concert allerminst een hapklare brok, maar wel eentje die als geen ander dwingt tot luisteren tot je onvermijdelijk overstag gaat. Eerlijk gezegd, folkmuziek was die avond eigenlijk niet meer dan een los aanknopingspunt, of beter gezegd een veilige basis van waarop avontuurlijke excursies gemaakt werden naar pakweg de woestijn waarin ook Calexico zich thuisvoelt (“The Bell”) of zelfs naar andere planeten (”The Waves”). “Rhythm Composer”… wellicht kwam deze songtitel nog het best in aanmerking om de muzikale opzet van Villagers te omschrijven.
Spaarzaamheid en uitbundigheid, dat waren de twee uiteinden aan het spectrum waarvan Villagers zich afwisselend bediende. Al bleek tijdens “Grateful Song” ook een combinatie binnen één nummer perfect mogelijk.
 “Home” en “Twenty-Seven Strangers” uit het debuutalbum uit 2010 hebben intussen al enkele jaren liggen rijpen, wat de afdronk ervan live des te smakelijker maakte. Iets zegt ons trouwens dat ze met het verstrijken van de tijd zeker nog verder aan kwaliteit zullen winnen.    
Soms mocht het ook wel eens recht voor de raap klinken. Tijdens “Nothing Arrived” bijvoorbeeld, de knappe single die opbouwt naar een climax met heuse Bruce Springsteen stadionrock allures. Grappig om te zien hoe Conor O’Brien, die er nog altijd uitziet als een tenger jongetje die graag van een biertje nipt, zich op zulke momenten tot een charismatische rock icoon ontpopt.

“You‘ ll Be My Master And I’ll Be Your Fever”, zong Conor O’Brien op “The Pact (I”ll be Your Fever)”. Wie nog niet vertrouwd is met Villagers, wees bij deze gewaarschuwd. Het is een koorts waar je bijzonder moeilijk vanaf geraakt.

Neem gerust een kijkje naar de pics van hun set in Grand Mix Tourcoing , een dag later
http://www.musiczine.net/nl/fotos/villagers-06-03-2013/

Organisatie: Botanique, Brussel  


Pagina 249 van 386