logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

dEUS - 19/03/20...
Suede 12-03-26

The Megaphonic Thrift

The Megaphonic Thrift en The Joy Formidable – Vijfsterren livesets

Geschreven door

2011 moet het jaar worden van het uit Wales afkomstige trio The Joy Formidable. Ze waren al eens te zien als support van de Temper Trap, anderhalf jaar terug. Met een EP ‘A balloon called moaning’ op zak en de binnenkort te verschijnen debuutplaat ‘The big roar’ hebben we hier hippe fuzzpoprock, te zien als een kruising van noiserock en shoegaze. De songs bijten sterk van zich af, hebben snedige hooks, injecterende ritmes en klinken fris, pittig en gedreven. Ze zijn ontdaan van enige franjes en de zweverige, bezwerende ondertoon biedt houvast. Een niet te stuiten samenspel van gitaar, bas, drums en cymbaalwerk, gedragen door een ijzersterke, soms etherische, breekbare, licht onverstaanbare, zang van de blonde Rizzy Bryan, die meteen ‘lookalikes’ oproept met andere blonde zangeressen als Debbie Harry (Blondie), Robyn, Twin Peaks’ Julee Cruise en de Raveonettes vamp Sharin Foo. Ze straalt het lieve, wilde zusje uit van Karen O van de Yeah yeah yeahs en Victoria Legrand van Beach House.
Muzikaal haalt het trio de kracht en extravertie aan van My Bloody Valentine, Lush, Ride, Swervedriver, Pixies, The Breeders, het oude Editors en The pains of being pure at heart.

Gecontroleerde chaos was het, hard, melodieus en catchy, waarbij het trio wild tekeer kon gaan en de nummers lekker lang kon uitspinnen. Een debutant met een ongelofelijk livekarakter! Terecht lovende woorden dus & een vijf sterren Bota concert!
Meteen was het raak met “The everchanging spectrum of a lie”, die een schitterende opbouw en ingehouden spanning had, tempowisselingen kende en durfde te exploderen. Het was de maatstaf voor elk nummer, en door de variaties was en bleef de set boeiend.
Wat een nummers hoorden we, die er live stonden en een tsunami veroorzaakten: “Austere”, “Magnifying glass”, Buoy”, het nieuwe “Greyhounds” en “Greatest light is the greatest shade”, gekenmerkt van een vleugje elektronica tussenin.
Het jonge trio was alvast onder de indruk van de respons, zorgde voor een losse, spontane babbel en hield alvast een goede herinnering over aan hun afsluitend tourconcert. Verder waren er nog prijsbeesten in prachtverpakking als het ophitsende, sprankelende “Cradle” en de fijne, schitterende overgang “9669” en “Whirring” …; van gedoseerde, broeierige intensiteit naar uitbarstingen gierend gitaargeweld om dan te eindigen in een bezwerend poppy slot. Even overtuigend klonk “Don’t want to see like this crawl?” in de bis …

De festivalzomer mag gereserveerd worden voor de sympathieke Joy Formidable, die een (bijna) uitverkochte Rotonde verbaasden en overdonderden. Schitterend!

Ook The Megaphonic Thrift ging niet onopgemerkt voorbij en zorgde voor enige ophef en verscherpte de aandacht van het al talrijk opgekomen publiek. Het Noorse viertal wordt terecht de Queens of the ‘noise’ age genoemd door een melodieuze pracht van noiserock, pop en shoegaze. Een ‘wall of sound’, net als The Joy Formidable fris en lekker in het gehoor, beheerst en gedoseerd, en die durft te exploderen. Zij graaiden graag in de bak van Sonic Youth, Pixies, Pavement en Built to Spill. We werden al gauw meegezogen en de man/vrouw zang betekende een meerwaarde. We hielden van de krachtige gitaarpartijen, de pedaaleffects en de bezwerende drums. De lichteffects gaven de songs kleur en elan. Een aangenaam, spannend, extravert, bruisend concert. Hun debuut ‘Decay Decoy’ lijkt me dus een sterke aanrader …

Wat een avondje Bota was me dit hier … de festivalzomer kan met zulke bands niet meer stuk … met een brede smile en een verzadigd gevoel reden we (heel laat op de avond) naar huis 

Organisatie: Botanique, Brussel

Fu Manchu

Fu Manchu - Californische tornado blaast publiek omver

Geschreven door

We hadden er dinsdagavond een rit van 170 km voor over om de helden van Fu Manchu live aan het werk te zien in een goedgevulde Muziekodroom in Hasselt. Ze kwamen er integraal hun album ‘In search of …’ spelen in het kader van een Europese tournee die nog een volle maand duurt.

Fu Manchu ontsproot in 1990 uit de in 1985 opgerichtte hardcore punk band Virulence, waar Scott Hill de gitaar omgespte naast zanger Ken Pucci, bassist Mark Abshire en drummer Ruben Romano. Er volgden ettelijke bezettingswijzigingen (waaronder één met Eddie Glass, die later samen met Romano en Abshire, na muzikale meningsverschillen met Hill, de band Nebula zou oprichten). Brad Davis verving Abshire in 1995 op bas. Enige constante in het lange Fu Manchu-verhaal bleef Scott Hill, die naast het gitaarwerk ook de lead vocals voor zijn rekening nam.

Na de release van ‘In search of …’ in 1996 kwam zelfs niemand minder dan Brant Bjork (Sons of Kyuss, Kyuss, etc.) de gelederen versterken samen met leadgitarist Bob Balch. Fu Manchu kon en kan rekenen op een trouwe fanbase, die het door de jaren heen opbouwde. En dit door het massaal touren met bands als daar zijn: Kyuss, Monster Magnet, Marilyn Manson, Clutch, Corrosion of Conformity, White Zombie en vele andere. Brant Bjork verliet Fu Manchu in 2001 na de release van ‘California Crossing’ om zich te concentreren op zijn solo-carrière en hij werd vervangen door Scott Reeder op drums (nee, niet dé Scott Reeder van Kyuss, Unida en Goatsnake – wel naamgenoot en voormalig Sunshine and Smile drummer).
Sinds 2001 gaat Fu Manchu onder een vaste bezetting tekeer, nl. Scott Hill (zang/gitaar), Bob Balch (leadgitaar), Brad Davis (bas) en Scott Reeder (drums). De band evolueerde in de loop der jaren van het meer op hardcore punk gerichte genre bij de start, via een 1970s hard rock style naar hun huidige typische stonerrock.

Om 21h45 was het zover… een wall of sound doorkliefde de zaal bij de openingsriffs die Hill, Balch en Davis uit hun respectievelijke instrumenten lieten galmen. Na wat bijstemmen van de gitaren volgde het aanstekelijke “Eating Dust” (uit hun gelijknamige album uit 1999), dé opwarmer die al meteen de eerste rijen in het publiek wegblies. De naald van de dB-meter ging direct in het rood om nooit meer onder de 100dB-norm van Joke Schauvliege (gelukkig niet aanwezig) te geraken. De boxen beefden als riet in een storm bij het up-tempo “Open Your Eyes” uit het ‘King of The Road’-album uit 1999. Het loodzware “Mongoose” (inclusief alomtegenwoordige cowbell) liet het publiek de kans niet om terug recht te klauteren en groovy klassieker “Hell on Wheels” sloot het hoofdstuk ‘opwarming van de aarde’ af. Opwarmers om U tegen te zeggen en het publiek was zo verbouwereerd dat het vergat enthousiast te reageren. Flabbergasted heten de Engelstaligen dat!

Het was hoogtij of hoogtijd voor waar we voor kwamen: het integraal spelen van hun meesterwerk uit 1996. En het moest na 15 jaar nog niets inboeten van de kracht van weleer.
We werden onderworpen aan natuurgeweld dat zijn grenzen niet kende. De drie gitaristen vonden met hun typische blauwe Vans Shoes gretig de weg naar de effectpedalen en de wah wah’s, distortion en aanverwante effecten floten ons om de oren met de kracht van een Californische orkaan! De volgorde van het album werd volledig gerespecteerd.
Zowel opener “Regal Begal” als“Asphalt Rising”, “Redline”, “Strato-streak”,“Solid Hex” en “Seahag” namen met hun aantrekkelijke uptempo ritme het  headbangende publiek telkens mee op spannende Westcoast-avonturen. De loggere mastodonten zoals “Neptunes Convoy”, “Cyclone Launch”,“ The Falcon has landed” en “The Bargain” zorgden op het eerste zicht voor wat ademruimte maar door het met de pijngrens flirtende volume dat uit de bijna begevende boxen galmde, was er van op adem komen onmogelijk sprake.
We werden overspoeld door superhoge Californische golven van songs, vertolkt door mannen op leeftijd, die het jonge en dynamische van de gretige surfer annex skateboarder na meer dan 20 jaar nog diep in hun hart meedragen! Een magistrale versie van “Supershooter” maakte het verhaal rond en Fu Manchu verliet het podium, het publiek volledig murw en aangeslagen achterlatend.
Lang duurde het niet of ze werden teruggehaald door een hevig ‘Fu Manchu’ scanderend publiek om op aanvraag nog “Boogie Van” en “King of the road” - twee dijken van nummers – de zaal in te blazen. De boxen begaven het bijna tijdens deze laatste razende windstoten van jewelste.

Daarna ging de orkaan liggen: het was goed geweest. Geen materiële schade, wel een gehoorschade van hier tot in Californië: tijdens de 170 km op de terugweg hadden we de indruk dat in de ons omringende auto’s de chauffeurs constant op hun claxons aan het duwen waren. Fantoompijn in de oren heet dat! Voor de afwezigen één raad: “May the Fu once be with you!” Met andere woorden: je moet ze ooit eens live aan het werk zien om de oerkracht van deze band zelf te ervaren.

Setlist:
[1] Eating Dust [2] Open Your Eyes [3] Mongoose [4] Hell On Wheels [5] Regal Begal [6] Missing Link [7] Asphalt Risin’ [8] Neptunes Convoy [9] Redline [10] Cyclone Launch [11] Strato Streak [12] Solid Hex [13] The Falcon Has Landed[14] Seahag [15] The Bargain [16] Supershooter
Encores = [17] Boogie Van [18] King Of  The Road

Organisatie: Muziekodroom Hasselt ism Heartbreaktunes

Mulatu Astatke

Mulatu Astatke - Godfather Ethiojazz verleidt nieuwe generatie

Geschreven door

Voor dit voorjaar was dit het laatste optreden in de reeks Dyn-o-mite-avonden die op de programmatie van de Democrazy stonden en daarvoor mocht Mulatu Astatke nog eens terugkeren. Opmerkelijk genoeg wist hij daarmee de Concertzaal van de Vooruit vol te krijgen, wat een stap vooruit is vergeleken met zijn vorige concert in de Minnemeers. Ook de eerste keer trouwens dat de Dyn-o-mite-avonden niet in de Balzaal plaats vonden en na het laatste concert van Lee Fields was dat misschien nodig. Misschien is hier echt wel iets in gang gezet. In ieder opmerkelijk dat een hele nieuwe generatie komt kijken naar een Ethiopiër die hun grootvader had kunnen zijn (niet letterlijk natuurlijk).
Mulatu Astatke werd in Europa voor het eerst echt bekend door de Ethiopiques-compilaties op Buda zo ergens in de jaren negentig, maar was hip genoeg om ook platen te mogen uitbrengen op ‘Strut’, zowat het überhipste label als het op reissues van wereldmuziek en Leftfield dance uit de jaren 70 en 80 aankomt.

En ja, wat maakt de man nu eigenlijk, naar eigen zeggen dus Ethio-jazz, instrumentale jazzy muziek met een hoop instrumenten tot en met contrabas die elementen uit andere muzikale tradities overneemt en de typisch Ethiopische zang achterwege laat. De man neemt zijn platen al jaren in de Verenigde Staten op, wat ook aan zijn begeleidingsband is te zien. Weinig koperbruine Ethiopische gezichten te zien, maar wel heel goeie muzikanten.
Muziek is het die ook live kabbelt in de goede betekenis van het woord. Klinkt soms wat als vrij kosmische free jazz of jazz-funk maar zo’n label zegt niet per se heel veel. De tijd vloog voorbij en dat is een teken dat ze misschien wel bijna opgeheven is. Op het einde ging het meer richting tribale percussie, die beweging in het publiek wist te veroorzaken.

Wat aanspreekt is de vrijheid in de muziek, zonder duidelijke songstructuren of lineaire vooruitgang gewoon freewheelen. Verbazend dat je daarmee een heel concert lang een vooral uit twintigers bestaand publiek geboeid houdt, maar dat was wel wat er gebeurde. Een beetje een vreemde eend in de Dyn-o-mite soulvijver maar hij mag zeker nog terugkeren.

Organisatie: Democrazy, Gent


Electric Wizard

Electric Wizard – Een heavy trip£

Geschreven door

Electric Wizard begeeft zich al jaren in de underground van de metal. In bepaalde kringen worden zij aanzien als the heaviest band on earth en dat komt voornamelijk door hun extreem logge en loodzware doom- en stonermetal. Wij hadden dus uit voorzorg al zeker onze oordoppen op zak. En of we die nodig hadden ! Een prop weed in de oren had trouwens ook gekund met die gedrogeerde psychedelische metal.

Hun typerende ultra zware sound gaat live inderdaad door merg en been en doet de Antwerpse Trix flink op zijn grondvesten daveren. In die zin is een Electric Wizard gig een unieke belevenis. Maar op een podium loert de eentonigheid toch wat om de hoek, en dit vooral omwille van de aanhoudende drone. Wat op plaat een unieke sound is -en dan hebben we het vooral over hun meesterwerk ‘Dopethrone’ uit 2000 en toch ook wel een beetje over de nieuwe ‘Black Masses’- ontbreekt live wat aan variatie en diepgang. De brute kracht en intensiteit blijven wel behouden maar we kunnen ons niet van de indruk ontdoen dat het geheel soms als een eenzijdige vette brij aandoet waardoor de nummers moeilijk van elkaar te onderscheiden zijn. Het vernuft van hun sterke platen gaat voor een stuk verloren in de massieve geluidsmuur, en dat is jammer.
Toch kunnen wij af en toe nog genieten van deze drone metal, het beukt bij momenten heel stevig en veroorzaakt een vorm van slowmotion headbanging onder de aanwezigen.
Met hun lome en extreem heavy aanpak is Electric Wizard een buitenbeentje in de metalscene en zo treffen wij in hun publiek ook nogal wat alternatievelingen aan, mensen die al wel eens een optreden van Earth of Sunn O))) bijwonen, bands die het qua extreme drone sound nog een stuk verder drijven.

Electric Wizard hun op Black Sabbath geïnspireerde volumineuze sound blijft ondanks alles steeds indrukwekkend en meeslepend. Een heavy trip als het ware, maar iets meer nuance zou welkom zijn.

Organisatie: Trix, Antwerpen (ism Heartbreaktunes)

Buffalo Tom

Buffalo Tom – Buffalo Boven

Geschreven door

We zullen proberen om niet al te vooringenomen verslag te doen van het optreden dat Buffalo Tom gaf ter promotie van hun nieuwste plaat (‘Skins’). Niet evident want als geboren Gentenaar hebben we altijd al een boon gehad voor de Buffalo’s en dus ook voor zij die door het leven gaan als Buffalo … Bill (Janovitz – gitaar en zang), Chris (Colbourn – bass en zang) en – last but not least want hij kreeg de eer om in de groepsnaam geboekstaafd te worden - Tom (Maginnis – drums).

De aftrap werd gegeven met “Velvet Roof” om vervolgens meteen een versnelling hoger te schakelen in “Summer”. Daar waar de meeste groepen tijdens het eerste uur van de show het ene nieuwe nummer na het andere aan het publiek proberen te slijten, trokken deze heren uit Boston onmiddellijk hun blik ‘greatest hits’ open. We noteerden in het eerste half uur onder andere “Rachael”, “Tailights fade” en “Sodajerk” vooraleer Chris Colbourn een eerste keer vocaal het voortouw nam in het door merg en been gaande “Late at night”. Tijd om te bekomen kregen we niet want Janovitz liet de Pete Townshend in zichzelf loos gaan tijdens “Treehouse” alvorens met “I’m allowed” zijn stembanden nog wat schorrer te schreeuwen.
Qua nieuw werk werden enkel “Down” en “Guilty girls” vrij vroeg in de show gebracht. In dat laatste lied hoorden we naar het einde toe trouwens echo’s van Elvis Costello. Een mens kan slechter varen.
Later op de avond werden uit ‘Skins’ ook nog “Arise, watch” en het catchy “She’s not your thing” opgediept.
Het drietal sloot de reguliere set na “Your stripes” af met het bezwerende “Mineral”, het uit ‘Three easy pieces’ geplukte “You’ll never catch him” en een verschroeiende versie van “Tangerine”. Het uit dertigers en veertigers bestaande publiek reageerde heel enthousiast op die laatste, werkelijk verpletterende aanvalswals.

Zonder op de assistentie van Tanya Donnely te kunnen rekenen waagde Buffalo Tom zich als toegift aan “Don’t forget me” (op ‘Skins’ kan men haar wel horen in dit lieflijke lied). Na “CC and Callas” werd de heerlijke ‘Sunday night’ afgesloten met “Sunflower suit”, een uit hun beginperiode stammende rocker die gebracht werd met een vurigheid ‘like it was 1988’. Wat zouden we er niet voor over hebben om onze Buffalo’s elk weekend zo strijdvaardig te zien …

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Hercules & The Love Affair

Hercules & The Love Affair - Retro-dance zet Botanique in beschaafde mate op stelten

Geschreven door

Hercules & Love Affair zijn in 2008 met liefde opgenomen in de dance-community als buitenissige dance-act, misschien nog meer dan vanwege hun muziek op basis van hun stijl die een soort remake is van wat in pakweg 1987 hip was in de London gay-community, 1987 U weet wel, ‘the year before house broke’. Nu zijn het wel Amerikanen, waarvan ene Andy Butler de man met de ideeën blijkt te zijn, maar jammer genoeg voor hem heeft hij het charisma en de stem van een schoonmaker in een hamburgertent uit de Simpsons. Enter een aantal dansende zangeressen, van wie ik er nog altijd niet uit ben of het wel degelijk vrouwen waren. Eerder klonen van Sydney Youngblood en Sylvester. De danspassen waren alleraardigst, de stemmen eigenlijk ook. Onze derde zangeres had dat weer zo’n stem als bij Lisa & Cult Jam, mooi als je het goed naar voor mixt, maar in dit geval was haar stem gewoon te zwak om indruk te maken. Qua stijl was het allemaal interessant, maar dan vooral door het retro-gevoel, en eigenlijk brachten gewoon doorslagjes van een soort ’urban chic’ uit de late jaren 80. Very ‘gay’ indeed. Ook het publiek die zich dat soort dingen nooit meegemaakt heeft of het zich net wel wenste te herinneren, had wat dat betreft best wel wat te bieden, zelfs hier en daar een look die ik echt origineel kon vinden.

Muzikaal hebben Hercules and Love Affair ondertussen een aantal sterke songs, maar dan ook weer nog niet te veel. Een mooi “Painted Eyes”, net zoals “My House” als uitblinkers. Mooie zanglijnen, maar qua productie alleszins niet echt veel bijzonders. Jaren 80 drumboxen, zoiets. Minder dan op de plaat. Uitblinker blijft nog altijd “Blind”, in een nogal matige versie dit keer, en zonder de vocalen van Antony Hegarty, die het nummer helemaal naar een ander niveau brachten. De magie viel niet te bereiken.

Aardige set dus, maar niet meer dan dat, omdat ook al de beats me wat te simpel waren, en doorslagjes van wat je 25 jaar geleden ook al kon horen, denk dan aan Top of the Pops en Stock Aitken & Waterman, en niet wat de underground toen echt aan revolutionairs te bieden had. Typerend was dan ook hun cover van Mel & Kim. Goed, je kan er inderdaad op dansen en ik heb dus nu pas door hoe camp het kan gebracht worden, maar het blijft wat mij betreft commerciële rommel. Het publiek ging er wel makkelijk en een beetje kritiekloos in mee, maar wie heeft er natuurlijk iets tegen een leuk feestje en dat was voor de meesten blijkbaar meer dan genoeg.

Opwarmer French Horn was als opwarmer meteen een stinker. French en rebellion in je groepsnaam opnemen garandeert echt niks. Er hangt waarschijnlijk een verhaal aan vast dat ik niet wil weten. Breng deze mensen alstublieft eens wat muziekgeschiedenis bij, want wat klooien op een laptop en stemmetjes door een vocoder halen is al gedaan, en oneindig veel beter ook.

Organisatie: Botanique, Brussel


Mike Posner

MC Mike Posner brengt het er goed van af

Geschreven door

De jeugd van tegenwoordig was op de afspraak om de beloftevolle Mike Posner aan het werk te zien in de pittoreske Rotonde, die zo goed als eivol zat. Hij scoorde in het najaar een aardige hit met “Cooler than me”. De Amerikaanse jonge producer/sing/songwriter heeft zich in korte tijd opgewerkt en veroverde na z’n ‘A matter of time mixtapes’ met het debuut ‘31 Minutes to take off’ de jonge meisjesharten. Muzikaal hebben we een mix van r&b, hiphop, pop en clubdance, goed voor een dansfeestje, en die ook ruimte biedt van lijf tegen lijf …
Posner is een MC die goed bij stem is en die terecht vergelijkingen van Justin Timberlake, Enrique Iglesias en Miike Snow opwerpt. Hij wist een klein uur lang z’n publiek te vermaken, hitste de jonge fans op door een pompende, opzwepende beat en naast een danspasje werd duchtig met de armen heen en weer gezwaaid; bij sommige refreinen kon men z’n keelgat eens goed openzetten.
“Please don’t go”, “Do U wanna”, “Drug dealer girl”, “Gone in september”, “Cheated” en de wereldhit “Cooler than me” zorgden voor de eerste lentekriebel en zomerzon en hadden de juiste frisse, sensuele, energieke groove en beat. Tussenin mocht een meisje van de eerste rijen op het sfeervolle “Bow chicka wow wow” het podium betreden en in de armen vallen van de afgetrainde Posner; ze kreeg een grote teddybeer mee naar huis en na dit onvergetelijke slowtje kwam het intieme “Falling”, die Posner sober en elegant op keyboards speelde, en iedereen eventjes deed wegdromen …

Samen met de DJ bracht het jeugdidool Posner er al bij al goed van af; hij amuseerde zich, was goed op dreef en genoot van de respons en het warme onthaal. Een leuk ontspannende set dus!

Eerder deed de DJ de temperatuur in de Rotonde stijgen met enkele ambiance tracks van o.m. Martin Solveig (de dansklassieker bij uitstek btw), Black Eyed Peas, Ceelo Green en Rihanna. Als ontvangende partij hebben we er met de heren een leuk feestje van gemaakt. Mooie remedie tegen een lazy zondagavond …

Organisatie: Botanique, Brussel

The Phantom Band

Ongrijpbare Phantom Band op halve snelheid

Geschreven door

Bestaan ze eigenlijk nog wel, van die jonge Angelsaksische groepjes die vanaf de eerste noot niet meteen worden versleten voor een zoveelste smakeloos afkooksel van Joy Division, Gang Of Four of The Chameleons? Bandjes die okselfris en gretig klinken, maar waarbij je ‘begot’ niet meteen kan raden waar ze de muzikale mosterd vandaan hebben? Met de geboorte van het Schotse sextet The Phantom Band lijken al onze gebeden ineens te worden gehoord. Hun meer dan beloftevol debuut ‘Checkmate Savage’ uit 2009 is wat blijven steken tussen de plooien van de tijd, maar de vorig jaar verschenen opvolger ‘The Wants’ oogstte unaniem lyrische recensies en stak hier en daar zelfs de kop op in menig eindejaarslijstje. Zelden zo’n intrigerende mix van epische folk, meerstemmige pop en krautrock gehoord, dus wij naar het Gentse muziekcafé De Charlatan om te horen en zien of we ook live even ondersteboven blijven van deze eigenzinnige bende uit Glasgow.

Op hun trip langs de clubs van het Europese vasteland was The Phantom Band in Gent toe aan de laatste stop, en op het eerste zicht bleek het zestal wel wat door haar beste krachten heen te zitten. De verwaaid ogende frontman Rick Anthony vond niet onmiddellijk zijn draai op het gezellige maar claustrofobisch kleine podium van De Charlatan, en op de guitige drummer Damien Tonner na blonken ook zijn makkers niet bepaald uit in speelplezier. Bovendien moesten de Schotten het wel met een heel erg matige opkomst stellen, want na het voorprogramma van eigen bodem bleek zowat de helft van het publiek plots in het ijle verdwenen. Met “O”, één van de absolute prijsbeesten uit ‘The Wants’, leek alles opeens toch in de juiste plooi te vallen. Andy Wake liet uit zijn keyboards een verslavende minimale electrobeat opborrelen, en aanvankelijk deed Anthony’s speelse falset vermoeden dat het nummer richting lichtvoetige Hot Chip discopop uitging. De pastorale bariton van Anthony, een dreigend synthtapijt en logge drums beslisten er echter anders over, en wat overblijft is een geluid dat even ongrijpbaar als verslavend is.
The Phantom Band is gehuisvest bij hét Schotse indie label bij uitstek, Chemikal Underground, dat ooit ook onderdak verleende aan streekgenoten Arab Strap en Mogwai. Niet toevallig moeten al deze groepen het vooral hebben van hun muzikale nonchalance, en werd er duidelijk niet nagedacht over een bepaald imago op of naast het podium. Het feit dat één van de twee gitaristen gedurende gans het optreden zijn rug naar het publiek keerde, spreekt wat dat betreft boekdelen. Ook de Schotse roots worden in het sappige accent van frontman Anthony niet verloochend. Bij het rustige begin van “The None Of One” lijkt hij aanvankelijk wel een zich aan whiskey lavende folkzanger, totdat een verschroeiende krautrock beat het nummer onverwacht richting repetitieve trance uitstuurt. Op de recentste single “A Glamour” krijgen strakke gitaren en tribal drums het voor het zeggen; de magistrale intro van “Into The Corn” lijkt dan weer weggelopen uit een rarities collectie van Kraftwerk.

Om onduidelijke redenen kregen de sympathieke Schotten geen bisnummers toebedeeld, en moesten ze de klus afmaken met de uitgesponnen instrumental “Crocodile” uit hun debuut. Onze eerste live kennismaking met The Phantom Band kon door de aarzelende start en het  ietwat abrupte einde de hoog gespannen verwachtingen weliswaar niet geheel inlossen, maar als er zoiets bestaat als muzikale gerechtigheid dan verwachten we van deze unieke muzikale bende straks niets minder dan een regelrechte revanche in de Chateau tent op Pukkelpop, toch?

Het overwegend jonge publiek leek zaterdag vooral naar de Charlatan afgezakt om met opwarmer Low Vertical de nieuwste knuffelberen van het Vlaamse indie landschap aan te moedigen. Dit jeugdig trio uit het Westvlaamse Beernem maakt, jawel, enigszins prettig gestoorde rocktronica waar liefhebbers van knisperende beats, emo en shoegaze een mooie kluif aan hebben. Ondanks hun enthousiasme en creativiteit heeft de groep momenteel echter één huizenhoog probleem: in het muzikaal straatje waarin ze momenteel vertoeven zijn alle huisnummers al opgeëist door Radiohead v2.0 die vanaf ‘Kid A’ indie gitaren, Warp synths en ijle vocals tot een uniek geheel hebben gekneed. Maar ach, ze zijn nog jong meneer. Met hun huidige fanbase en de uitdrukkelijke steun van StuBru’s Select team moeten deze jongelingen er op korte termijn toch wel in slagen om zich een eigen smoel aan te meten.

Organisatie: Democrazy, Gent

Pagina 303 van 386