logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Epica - 18/01/2...
avatar_ab_14

Von Detta

Burn It Clean EP

Geschreven door

Het Gentse Von Detta grossiert in rock and roll en grunge uit de jaren ‘90. Denk aan o.a. Monster Magnet, Alice In Chains en Deftones. Sedert 2013 is het vijftal bezig. Intussen hebben ze nu Manuel die de vocals verzorgt ipv Tom. Het album werd geproduceerd door Ian Clement (Wallace Vanborn) en gemixt door Chiaran Verheyden (Psychonaut).
“Reach Out” is een song dat naar stoner rock en grunge neigt. Veel riffwerk en een stevige stem. “Thank You For Your Time” is melodieuzer. De zang tijdens de strofes klinkt cleaner en past mooi bij het galmende gitaartje. De riffs zijn ook aanwezig, maar minder prominent dan op de openingstrack. Tijdens het refrein wordt er dan steviger gerockt. Het is een heel aangename track. Ook de bas en drum doen hier mooie dingen. “Devil’s Child” is terug steviger. “Little Big Man” is nog iets beter, het bevat mooi gitaarwerk en een goede opbouw. De zang blendt mooi in het geheel. Tijdens de bridge ontwaar ik een knipoogje naar een nummer van Rage Against The Machine. Op “The Vault” openen ze furieus maar ze weten het dan wat in te tomen waardoor ze de intensiteit goed weten te doseren. “Masterplan” is maar liefst negen minuten lang en neigt naar het opus-stukje van dit album. Het is een indrukwekkende song die velerlei kanten uitgaat.
Na ruim een half uur is het helaas al weer gedaan. Maar het was een ferme rit die voor herhaling vatbaar is. “Burn It Clean” staat boordevol lekkers en het kan niet anders of dit slaat live de nodige gensters.

Zinatra

This Song Is For You -single-

Geschreven door

Metal/Prog/Noise
This Song Is For You -single-
Zinatra
Rock Inc.
De Nederlandse hardrockband Zinatra heeft een nieuwe single uit, zowat 27 jaar na de split van de band. Het is niet meteen duidelijk of er nog meer studiowerk volgt en of de band opnieuw live gaat spelen.
Even het geheugen opfrissen. Zinatra werd opgericht in 1986. In 1988 brachten ze hun debuutalbum (‘Zinatra’) en hitsingle ‘Love Or Loneliness’ uit. De band mocht als support mee op de Europese tournee van David Lee Roth en heeft ook best wat succes in China, Thailand en Zuid-Amerika. In eigen land loopt het net iets minder vlot, maar in 1990 staan ze wel op Bospop. Robby Valentine zit kort in de band als toetsenist en schrijft nummers voor het tweede album, ‘The Great Escape’, maar stapt snel daarna uit de band om zijn solocarrière te beginnen. Na het tweede album stopt de band in 1992 helemaal en vervolgt ieder bandlid z’n eigen weg. Zanger Jos Mennen startte z’n eigen band Mennen en deed vorig jaar mee op het debuutalbum van de Britse band Nitrate.
Van Zinatra werd in 2004 nog een omvangrijk verzamelalbum uitgebracht. Nu is er schijnbaar uit het niets deze reüniesingle. “This Song Is For You” is naar verluidt een ‘oude’ demo die nooit in een definitieve versie op een album is verschenen, uit de tijd dat Zinatra-leden Ron Lieberton en Kelly nieuwe liedjes schreven voor de band. Vele Nederlandse en Belgische fans zijn altijd blijven hopen op een Zinatra-reünie en nu wilde het toeval dat Joss en Ron elkaar tegen kwamen en tot de conclusie kwamen dat het tijd was om nog eens een single uit te brengen, iets voor die trouwe fans. Het ‘nieuwe’ nummer is een beetje melig naar de normen van vandaag en gaat geen enkel cliché uit de weg, maar hij sluit wel mooi aan op het oude werk. Voor fans van vintage-stadionrock als Bon Jovi en Van Halen.

https://www.youtube.com/watch?time_continue=99&v=zhkayJXu_vs

W-Festival 2019 - van donderdag 15 augustus t-m 18 augustus 2019 - Een overzicht

Geschreven door

W-Festival 2019 - van donderdag 15 augustus t-m 18 augustus 2019 - Een overzicht
W-Festival 2019
Expo
Waregem
2019-08-15 t-m 2019-08-18

Team: Filip Van der Linden, Joost Vandoorne, Corina Baekeland, Wim Guillemyn, Joeri Cardon en Hans De Lee

Waregem Expo was vijf dagen lang het toneel voor het W-Festival. Dat brengt het beste van de jaren ’80, aangevuld met recentere elektronische muziek. Na de start in Wortegem-Petegem en een tussenstop in Amougies lijkt deze organisatie zijn definitieve stek gevonden te hebben in Waregem. De expohallen zijn iets minder zomerfestival-achtig dan de vroegere tenten, maar infrastructureel bieden ze tal van voordelen. Er was online wat gemor over de kostprijzen van tickets, eten en drinken, maar noem mij één festival dat elk jaar zijn ticketprijzen verlaagt of waar je niet te veel betaalt voor eten en drinken.
Bovendien heeft W-Fest een ploeg die uit elke opmerking wil leren en bereid is om dingen aan te passen. Dat alle festivaldagen zo goed als uitverkocht waren, wijst al zeker op de kracht van dit festivalconcept. Op een enkeling na ontgoochelde geen enkele headliner en in de namiddag waren er heel wat bands te ontdekken of te herontdekken

Volgend jaar komt W-Fest alvast opnieuw naar Waregem, maar dan in het verlengde weekend van 21 tot 24 mei. Voor volgend jaar staan voor de Synth Stage reeds op de affiche: The Original Alan Parsons Band, Big Country, Kim Wilde, Matt Bianco, Praga Khan, SX, The Magic Numbers, Visage, A Split Second, Snap!, Technotronic, Cock Robin, Dead Man Ray, Dr & The Medics, Ellen Foley, Fuzzbox, Glen Matlock (van de Sex Pistols), Roland Gift (van de Fine Young Cannibals), The Christians, The Telescopes en Wang Chung.
Op het podium van de Wave Cave staan in 2020 o.m. Leæther Strip, Diary Of Dreams, Fields Of The Nephilim, And Also The Trees, KMFDM, Test Department, Enzo Kreft, The Arch en Vomito Negro.
In december worden nog vier ‘grote’ namen aangekondigd.

dag 1 - donderdag 15 augustus 2019 (Joost Vandoorne, Corina Baekeland en Filip Van der Linden)
De Synth Stage was op donderdag een mix van vrolijke en donkere pop, met aan het uiteinde van het ene spectrum de Time Bandits en aan het andere Echo & The Bunnymen. Op andere dagen en edities is die tweespalt eerder verdeeld tussen de Synth Stage en de Wave Cave, maar zoals het op donderdag gebeurde, werkt het ook. Natuurlijk ook al omdat de twee podia gewoon naast elkaar stonden.
Over de twee hoofdpodia kon je grofweg dezelfde conclusies trekken als vorig jaar: bij de Wave Cave was de sfeer (uiteraard) donkerder, werd meer aandacht besteed aan het visuele, hadden de hits net iets minder belang en werden de concerten intenser beleefd, zowel op als voor het podium. Op de Synth Stage zagen de bandleden er doorgaans uit alsof ze net een gezapige strandwandeling hadden gemaakt en was het telkens uitkijken of en hoe ze de hits zouden brengen.

Empathy Test mocht  openen op de Synth Stage. De band, live aangevuld tot een trio, bracht onderkoelde pop. Niet donker, maar ook net niet dansbaar. Daarvoor missen de songs wat vaart. Voor het publiek maakt het niet uit, dat geniet met volle teugen van deze synthpop die twijfelt tussen retro en modern. De band begon zelf wat lauw aan de set, maar excuseert zich daarvoor als “Vampire Town” verkeerd wordt ingezet en moet hernomen worden. “We moeten heel snel veel bekender worden, dan kunnen we later op de dag optreden en zullen we lichamelijk en geestelijk beter bij de les zijn”, belooft de zanger. Er zaten wel meer knipogen in de set van deze Britten. Ze informeren naar wie de grootste afstand heeft afgelegd om het festival bij te wonen en komen uit bij een Australiër. Hij krijgt daarvoor een T-shirt en de opmerking dat hij alvast niet met lege handen moet terugkeren, waarna de band hun track “Empty Handed” inzet.
Vooraf bedacht of niet, Empathy Test doorstaat met die Britse humor de lakmoesproef om als openingsband toch meteen het publiek mee te krijgen. Op het einde van hun set, het is dan nog steeds middag, staan enkele honderden fans mee te klappen op het ritme van “Here Is The Place”. Mission accomplished.

Der Klinke mocht de Wave Cave openen. Mocht je gedacht hebben dat ze voor een lege zaal zouden openen , dan kwam je bedrogen uit want er was veel volk afgezakt om deze Oostendenaars aan het werk te zien. Opener “Our Dance In Darkness” werd meteen goed onthaald. “Curtains” uit hun laatste album ‘Decade’ was sterk. Ze vierden onlangs hun tienjarig bestaan en zanger Chesko smeet enkele T-shirts als cadeau in het publiek. We zagen een strakke en gedreven set en gelukkig werd dit niet verstoord door het klein technische oponthoud. Chesko wist dit goed op te vangen. Op “Bridges” werd er vrij veel gedanst maar de echte climax was er met hun culthit “The Doll” dat een prima concert afsloot.

Signal Aout 42 was een net iets moeilijker verhaal. Deze Waalse band heeft wel een degelijke reputatie in de underground, maar geen hits die bij het brede publiek bekend zijn. Een stek op het Wave Cave-podium zou minstens net zo terecht geweest zijn, maar ook op de Synth Stage kwam hun EBM/industrial-noise-act goed tot zijn recht. De band bestaat reeds sinds begin de jaren ’80 en bracht dit jaar nog het album ‘Insurrection’ uit. Daarvan speelden ze in Waregem “Welcome To Reality” en “Can You Hear My Rage”. Uit de oude doos haalden ze o.m. “Dead Is Calling”, met een beetje new beat-invloeden. SA42 bracht zijn set met veel panache en bravoure, maar voor het publiek was het nog te vroeg om al massaal mee te dansen. Het is mooi dat deze band een plaats kreeg op dit festival, maar ze hadden nog net iets hoger op de affiche mogen staan.

De Duitse electroband In Strict Confidence draait al wat langer mee. Sedert 1992 om precies te zijn. Visueel was het heel aantrekkelijk en goed afgestemd op de intense en meeslepende muziek. Op een gegeven moment kwam de gitariste het podium op met lichtgevende vleugels aan. De nieuwe single “Mercy” is een beetje een stijlbreuk maar deed het live goed. Ook “Zauber Schloss” was erg genietbaar. Ze speelden over de gehele lijn een goeie set.

Na het overdonderende van SA42 bracht Tristesse Contemporaine opnieuw rust op de Synth Stage. Hun synthpop is modern en dansbaar, maar de band mist vooral bekendheid in ons land. Muzikaal was deze internationale band (met leden uit Japan, de UK en Zweden en opererend vanuit Frankrijk) vrij klassiek. Het is met name zanger Malik die er half rappend, half zingend een moderne toets aan geeft, met een beetje een Faithless-vibe. Hij wil wel een praatje maken voor het publiek, maar wordt dan afgeblokt door de rest van de band die gewoon meteen al het volgende nummer inzet. Dat gebrek aan interactie maakt dat deze band geen onvergetelijke indruk maakt. Met zoveel bands op de affiche kan/moet het niet altijd raak zijn.

Solar Fake brengt melodische en originele electro. ‘Another Manic Period’ en hun laatste album ‘You Win. Who Cares?’ werden algemeen goed onthaald. Terecht en ook live zijn ze de moeite waard. In Duitsland verkopen ze de zalen uit maar het was de eerste keer dat ze ons land aandeden. Zanger Sven Friedrich heeft live een goeie en aangename zangstem. De nummers waren goed gekend door het publiek en werden bij momenten uit volle borst meegezongen. Toen op een gegeven moment het licht en de visuals uitvielen trok het publiek hen mee en ze speelden gewoon verder tot het euvel verholpen was. Om af te sluiten brachten ze een geslaagde cover van “Papillion” van The Editors.  Aan Solar Fake was niets fake, we zagen een goed optreden en veel enthousiasme.

Daarna volgden de Blow Monkeys op de Synth Stage, die van podium verwisselden met The Primitives. Dat The Primitives naar het veel kleinere en afgelegen buitenpodium gestuurd werden en de Blow Monkeys vandaar naar het ‘hoofdpodium’ gehaald werden, was een zet die de organisatie al van bij het begin had kunnen maken. Deze Monkeys horen met hun vlotte soulpop meer thuis op het binnenpodium. Ze brachten puike, lang uitgerokken versies van hun twee eighties-hits: “Digging Your Scene” en “It Doesn’t Have To Be This Way”. Zo smooth en gelikt als toen klonken die synthpophits in Waregem niet, maar aan het enthousiasme van het publiek te merken, heeft iedereen ze wel meteen herkend. De band hengelde ook nog naar positieve reacties voor de songs van hun jongste album ‘The Wild River’, met puike songs als “Cry For The Moon” en titeltrack “The Wild River”, maar daarvoor zijn die misschien toch wat te doorsnee. Het publiek was blij deze band eens terug te zien op een Belgisch podium, maar het nieuwe werk sluit te weinig aan op het oude.

The Primitives speelden buiten, op de Olivier Daout-stage, voor een vol plein en druk bezette tribune. Misschien niet zoveel mensen als in de zaal, maar ze stonden wel allemaal geboeid te luisteren.

De Britse electroband The Cassandra Complex ontstond al in de vroege jaren ‘80. Gedurende die jaren tot aan 1993 waren ze heel actief en brachten ze zeven albums uit. Daarna hadden ze het moeilijk en kregen we tot dusver enkel in 2000 nog nieuw werk van hen. Heden ten dage staan ze op het podium in originele bezetting aangevuld met Volker  Zaccharias. We kregen een degelijk concert te horen. We kregen eerst “Theme From The Invisibles” gevolgd door “Nightfall”. Er werd uit elk album minstens één nummer gespeeld maar de nadruk lag toch meer op hun vroeg werk zoals “Too Stupid To Sin”, “Moscow, Idaho” en “Second Shot”. Tijdens “Moscow Idaho” moesten ze het nummer herstarten omdat de zanger zijn cue mistte. Iets wat hij tijdens die 5.000 andere keren nog nooit had voorgehad, zei hij. Voor de rest niets op aan te merken.

De Time Bandits moeten dit jaar zowat de enige Nederlandse band op de affiche geweest zijn op W-Fest. De band rond frontman Alides Hidding was heel bekend in het begin van de jaren ’80, maar hun ster deemsterde daarna wat weg. Hun set met vrolijke en catchy eurodisco was muzikaal ook de meest kitscherige op de donkere affiche van de donderdag, maar het publiek kon het wel smaken. De band musiceerde op hoog niveau, alleen bleek dat de hits het niet altijd ook in België goed gedaan hebben. “I’m Specialized In You” heeft het goed gedaan in Frankrijk en “Endless Road” in Australië, maar bij de Vlaamse fans deden ze - net als “I’m Only Shooting Love” maar vaag een belletje rinkelen. Hun cover van “Purple Rain” was misschien wat overbodig, maar leverde ook geen strafpunten op. De song die Vlaanderen wel meteen herkende, was “Listen To The Man With The Golden Voice”. Wie ouder is dan 40 en dat lied opzoekt op YouTube, krijgt het de volgende dagen niet meer uit zijn hoofd. Echt ‘golden’ zoals in de jaren ’80 kun je de stem van Hidding nu niet meer noemen, maar met de hulp van twee uitstekende achtergrondzangeressen zetten de Time Bandits hier toch een prima versie neer. Deze band krijgen we niet vaak te zien in België, maar ze mogen zeker nog eens langskomen op W-Fest.

Het was de laatste passage voor de goth rockers van de Merciful Nuns  want Arthaud trekt in het najaar de stekker uit dit toch succesvolle project. Zal hij een nieuw project uit de grond stampen of smijt hij zich ten volle in NEO (met Ashley Dayour)? Het is nog koffiedik kijken op dit moment. Na een donkere intro die de sfeer van de groep als occulte gothicrockgroep in de verf zette , werd er meteen stevig van wal gestoken met “Neo Alpha Genesis” om daarna over te schakelen naar “Cremation”.  Met “Blue Lodge”, “Body of Light” en “Karma Inn” werd er strak en energiek verder verdergegaan. Dit werd wel  door het publiek gesmaakt.  “Black Halo” de single van de laatste nog te verschijnen EP deed het live heel goed. Het voorlaatste nummer van de set was het uitstekende “The Passing Bell” maar het was wat te lang uitgesponnen en te traag waardoor de boel wat in een zak viel. Jammer. Maar tijdens afsluiter “Thelema” kwam het enthousiasme bij het publiek terug en werd er hier en daar gepogoogd. Na hun passage hier vroegen velen zich af waarom ze in godsnaam ermee ophouden, vooral dan de Belgian Nunhood (fanclub) die met vlag en al op de eerste rij stond.

Echo & The Bunnymen was in de jaren ’80 misschien net zo groot als U2 en The Cure, vandaag staan ze daar mijlenver vandaan. De oude hits hebben nog niets aan kracht ingeboet, maar het nieuwe materiaal kan maar weinig muziekfans nog warm maken. Dat ze klassiekers in overvloed hebben, bewezen de Bunnymen in Waregem zonder problemen, maar het was zanger Ian McCulloch die ze allemaal de nek omdraaide. Hij kon het ritme van zijn band niet volgen, miste de juiste toon en had er schijnbaar geen idee van op welke planeet hij zich bevond. Bindteksten waren er niet en dat was nog het beste. Een beetje zoals Shane McGowan zich lange tijd gedroeg bij The Pogues. Gelukkig zijn de fans al wel wat gewoon en waren ze al blij dat ze zelf konden meezingen waar McCulloch de steken liet vallen. De set was mooi opgebouwd met “Rescue” en “Seven Seas” netjes in het begin, dan wat minder bekend werk als “Villiers Terrace”, “The Somnabulist”, “Over The Wall” en “Never Stop” en dan de finale met onverwoestbare klassiekers als “Bring On The Dancing Horses”,  “The Cutter”, “Killing Moon” en “Lips Like Sugar”. De band speelde foutloos en het publiek genoot met volle teugen, maar McCulloch was een schim van zichzelf.

Onder de aanwezigen op W-Fest was er een beetje discussie over wie nu eigenlijk op donderdag de headliner moest zijn. Echo & The Bunnymen heeft volgens sommige ‘grotere’ hits, terwijl The Stranglers er ‘meer’ hebben en in meer verschillende tijdsvakken. In Waregem speelden The Stranglers die andere band nochtans meteen naar huis. Bassist Jean-Jacques Burnell en gitarist Baz Warne stapten het podium op met een verbeten grimas en een grinta alsof ze persoonlijk het gewauwel van Ian McCulloch zouden rechtzetten. “Toiler On The Sea” was meteen vuurwerk. Daarna kwamen “I’ve Been Wild” en “Get A Grip On Yourself”. Deze Britten baanden zich een weg doorheen punk, postpunk en popmuziek, maar op W-Fest kozen ze voor de ongepolijste punkaanpak: geen gladde intro’s en arrangementen, maar elke song als een vuistslag in het gezicht. Uit hun arty-pop-periode speelden ze “Skin Deep”, “Golden Brown” en “Always The Sun” na elkaar en gingen zo voorbij aan die vierde klassieker in het rijtje: “No Mercy”. De aartsmoeilijke intro van “Golden Brown” rammelde een beetje, maar werd toch op gejuich onthaald. Daarna kregen de punkgitaren weer de hoofdrol in o.m. “Something Better Change”, “Relentless”, “5 Minutes” en “Duchess”. De klassieke afsluitsong bij The Stranglers is al enige tijd “No More Heroes”. Deze band liet geen steken vallen. The Stranglers staan er nog steeds.

The Obscure, de Vlaamse tribute band van The Cure, zorgde voor een ontzettend gaaf optreden in de Olivier Daout tent neerzette. De band is intussen al terecht een vaste waarde geworden in de zwarte scene.

dag 2 - vrijdag 16 augustus 2019 (Wim Guillemyn)
Een overzicht van de Wave Cave
Aansluiting op dag twee hadden we met The Breath of Life. In 2017 bracht deze band, die inmiddels meer dan 30 jaar bestaat, nog een heel puik album uit. Voor diegene die het niet weet: ‘Under The Falling Stars’. Een aanrader. Er werd sfeervol geopend. Sedert enkele jaren hebben ze geen drummer meer en staat alles op pc maar dat was hier geen minpunt. Daarna volgde “Naomina” dat iets toegankelijker was en wat meer energie in het optreden bracht. Elk nummer had zijn aangepaste visuals op het screen. Dat zorgde voor een mooi geheel. Zangeres Isabelle Dekeyzer was goed bij stem. Ze kan mooi overschakelen van een gewone zang naar een hoge stem die naar opera neigt. Iets wat hen als band onderscheidt van de doorsnee wave band trouwens.  Het geluid was trouwens super. Bij deze fragiele zanglijnen is dat wel belangrijk. De inbreng van een viool in sommige nummers maakte de muziek ook wat opzwepender. Een geslaagd optreden.

Het darkwave duo Lebanon Hanover  (Zwitsere en een Brit) kende na hun ontstaan in 2010 een steile opgang met enkele hoog aangeschreven albums zoals ‘Tomb For Two’ en ‘The World Is Getting Colder’. Ze brachten een vrij vinnige set en een mooie lichtshow. Het optreden was goed, maar niet meteen wauw. Ietwat monotoon natuurlijk, maar het geluid was goed en het optreden was meer dan degelijk. Toch lijkt het mij dat ze de laatste jaren wat teveel in cirkels blijven draaien. Misschien moeten ze eens lichtjes afstappen van hun principes en wat nieuwe wind door hun songs laten waaien?

Siglo XX bracht vorig jaar een aantal maxi’s en EP’S uit begin jaren ‘80 opnieuw uit en tourde daarna een jaar lang rond. Met succes. Hier op W-Fest was hun laatste concert vooraleer ze de boeken toe doen. Het werd een memorabele avond met een optreden dat we gemakkelijk als het beste van de ganse dag mogen benoemen. Vanaf het begin tot aan het einde kregen we een gedreven band te horen die de postpunk in het rond smeet. Er werd geopend met een tape met Russische gesprekken en bijpassende screens. Daarna werd er stevig van wal gestoken. Oudje “Until A Day” was al meteen een hoogtepuntje. Er volgden er nog zoals “Dreams Of Pleasure”, “Sister In The Rain” en “Endless Corridor”. Je zag het publiek meedeinen op de muziek. En wat is er passender dan te eindigen met “It’s All Over Now”?
Wat onthou ik van hun optreden? De energie, de goede sound en set. Ze stonden er en konden iedereen overtuigen in de zaal. Achteraf was iedereen het erover eens: dit was sterk. Blij dat we dit hadden meegemaakt.

Helaas was VNV Nation te laat om mee te pikken. Tot 02u00 is wel heel laat.  Het is toch wel jammer dat de laatste afsluiter telkens zo laat was. Ook jammer dat men tussen de voorlaatste en de laatste band op de wave stage eerst 2 bands op de synth stage liet opkomen. Dat zorgde voor een gat op de wave stage. En het was toch voor een deel een ander publiek die de verschillende podiums bezocht.

Voor de rest kan ik zeggen dat het geluid in de expo van Waregem heel goed was. En dat hebben we in het verleden al anders geweten. Het concept met de twee podiums naast elkaar vond ik geslaagd. De dansvloer buiten viel ook bij velen in de smaak. Die derde stage buiten was niet mis, maar ook niet meteen noodzakelijk.

dag 3 - zaterdag 17 augustus 2019 (Joeri Cardon en Hans De Lee)

Het is al behoorlijk druk als we zaterdag rond 15u de festivalsite betreden.  De verantwoordelijken vertellen ons met de nodige trots dat het festival vandaag volledig is uitverkocht.  Zo’n 6.500 muziekliefhebbers zijn afgezakt naar Waregem om hun muzikale jeugd terug te beleven en hun helden van vroeger nog eens live aan het werk te zien.
Het terrein naast de Expohallen ligt volledig bedekt met kleurrijke vierkante reuze vilten tapijten.  Ze vormen een mooi contrast met de overwegend zwarte outfits van het volk dat erop loopt, danst en een pintje drinkt.

Als we de immense zaal betreden is Sigue Sigue Sputnik (UK) net begonnen aan hun set.  “Rocket Miss USA” knalt uit de speakers.  Wat ooit begon als een gimmick in 1982 blijkt anno 2019 nog altijd zo te zijn.  De typische kostuums, de gevederde haartooi van zanger Martin, de opzwepende en commerciële mix van repetitieve electrobeats, pop, rock en punk…komen het best tot uiting in de 2 grootste successen van de band : “21st Century Boy” en “Love Missile F1-11”. Na een half uurtje is de speeltijd over en het publiek degelijk opgewarmd voor alle bands die verder op de dag nog op de affiche staan.

Mannen van de KV die zomaar in Waregem rondlopen, het zorgt doorgaans voor zenuwachtigheid bij lokale politiemensen en fans van Essevee. Wij hadden daarenboven verwacht dat die van The Definitivos met een rood/witte vlag het podium zouden betreden, maar die provocatie hielden ze toch maar voor een andere keer. Wat The Definitivos wél meebrachten : de vier originele bandleden en genoeg scherpte om de regenwolken te counteren. Werd al vroeg prijsgegeven : laatste single “18:38”, die enkele maanden geleden een beetje verrassend uit de lucht kwam vallen en die wat ons betreft een poco meer airplay had mogen krijgen.  Nog kruid dat vroeg wordt verschoten :  een aantal tracks van de vorig jaar verschenen compilatie ‘Courtrai moderne : definite Definitivos’ (“Robin in the forest”, “In this head”).  Laat dát meteen het grootste pijnpunt zijn van het viertal : de LP is er destijds nooit gekomen, waardoor de toen opgenomen tunes vele jaren te laat op een verzamelaar zijn gepropt.  Immers : de tijdsgeest was er, het talent evenzeer.  Maar we gaan niet morren, want met name de vier songs van de eerste twee singles zorgen nog steeds voor vreugdekreten en door kippenvel gestuurde koude golven : “Take over”, “Mister C” (vooraan in de set), de met messcherpe gitaren en strijdkreten versterkte wereldsingle “Courtrai tonight” en uiteraard “The modern dance”.  Over die laatste : zet die toch maar in het rijtje “Putain putain” of “Can’t live in a living room”.  Waarom naar Londen of Manchester reizen om het geboortehuis van een postpunkklassieker te bezoeken als je met de fiets tot aan de Groeningekouter kunt rijden? 
En dan was het voorbij, het verjaardagsfeestje van The Definitivos. Naar de nochtans zeer opwindende 12” ‘Sight seeing’ (1985) werd helaas niet teruggegrepen. Iets met een andere zanger, wellicht?  Maar goed, veertig kaarsjes graag voor deze onvervalste cultgroep. Of veertig pintjes, ik denk dat we hen daar bij nader inzien meer plezier mee doen. Het moet tenslotte wél rock’n roll blijven hé zeg. En wij, hoewel het geen zicht is, wij dansen de modern dance nog eens. 

Bij Tyske Ludder (D) is de zaal zowat 2/3 gevuld en zijn we getuige van een strakke EBM performance met een zeer kenmerkende Duitse sound (het thuisland van dit 3-tal).  De Belgische fans kunnen de cover van “Oh la la la” (TC Matic) wel smaken en juichen zanger Claus Albers toe wanneer deze plots fel benadrukt tegen fascisme en nazisme te zijn.  Zijn zware (graf)stem met grove korrel past perfect bij de donkere dreigende beats en dubbele live drums.  Het geheel is best genietbaar maar mist originaliteit om echt boven de middelmaat uit te steken.  Naar het einde van het concert wordt een nummer opgedragen aan de recent overleden acteur Rutger Hauer en pleit de frontman voor een ‘free weed’ beleid.

De publieke belangstelling voor Psyche (CAN) is behoorlijk maar had best nog wat beter gekund.  Deze pioniers van de synthpop en wave (sinds 1982 actief) brengen dan wel iets minder beats/minuut, ze compenseren dit makkelijk met meer kwaliteitsvolle old school dark electro.  De stem van frontman Darrin Huss is niet altijd even toonvast maar hij doet tenminste een poging om echt te zingen en de kwetsbaarheid van de nummers op die manier in de verf te zetten.  Het nummer “Angels lies sleeping” is daar een knap voorbeeld van.  Oude werk als het succesvolle “Misery” of “The Brain Collapses” wordt netjes afgewisseld met recentere nummers.  Het uiterst luchtige en dansbare “Unveiling the Secret” en het gekende “Goodbye Horses” krijgen de fans uiteindelijk in beweging vooraan het podium en vormen het hoogtepunt van een gesmaakt optreden.

Escape with Romeo (D) ontstond in 1989 in Keulen.  De band speelt rockmuziek met sterke electronische invloeden.  Zowaar zijn de eerste gitaarsolo’s te horen in de Waregemse Expohal.  Ze brengen een knappe maar eerder ‘brave’ set met tal van nummers die duidelijk kwaliteit laten horen maar die te weinig beklijven of blijven hangen.  Check ondermeer songs als “Here comes the night” en “If seeing is believing” om zelf te oordelen over deze band.  Enkel op het einde van het optreden kan de eerste single van Escape with Romeo, “Somebody” uit 1991, voor het nodige animo zorgen en het publiek met een goed gevoel richting ander podium of dranktoog sturen.  Allicht was het in Waregem één van de laatste kansen om deze band live aan het werk te zien aangezien ze onlangs via hun website hebben aangekondigd er na de optredens van zomer 2019 definitief mee op te houden

Leuk concept op W-Fest is dat er buiten de zaal, vlakbij de ingang en de food area, een soort van ‘dansvloer’ is voorzien waar DJ’s  constant hun ding mogen doen en waar zelfs kleinere bands de kans krijgen een ‘rooftop’ optreden te doen.  Heel wat dansliefhebbers strekken met plezier de benen (en armen) of genieten intens van de complexloze live performance van Dageist uit Rijsel.

Een aantal groepen bracht in 1982 een plaat uit die meerdere decennia later bij liefhebbers van de allermooiste synthklanken nog steeds voor hartsprongetjes zorgt : Yazoo (“Upstairs at Eric’s”), Men without hats (“Rhythm of youth”) of Icehouse (“Primitive man”) scoorden ook effectief internationale hits. Rational Youth kon destijds wat dat betreft niet anders dan op de eigen kin kloppen, en dat voor een groep die met ‘Cold war night life’ in datzelfde jaar nochtans een synthpopmeesterwerk uitbracht.   ‘Cold war night life’ is op kousevoeten uitgegroeid tot een ware cultklassieker en blijkt een veelgezochte plaat.   We moeten er wel bij zeggen, we mogen immers best wel eens streng zijn, dat na het uiteenvallen van de originele band bezieler Tracy Howe nooit meer dat niveau heeft gehaald. 
Het is de verdienste van de organisatie van het W-Festival dat Rational Youth voor het eerst een Belgisch podium haalde, dit weekend.  Een prestatie waar Jurgen Van den Broeck nog stééds van droomt.   Zoals gezegd : latere releases van Rational Youth misten de punch van het debuut, maar Howe -  voor de gelegenheid bracht hij zijn zus mee! - vist er wel de lekkerste brokken uit, om u koud te serveren.  Opener “This side of the border” en “Western man” stammen bijvoorbeeld uit 2016, terwijl “Money and blood” dateert van 1999.  Onbekend, maar zelden onbemind want naarmate het enthousiasme van broer en zus steeg ging ook de applausmeter meer en meer in het rood.  “Holiday in Bangkok” en “In your eyes” (beide van de tweede EP, uit 1983) kregen nog meer herkenning en wanneer het al vermelde debuut wordt aangeboord hadden de opgetrommelde fans zin in een ovatie zo luid dat de dakstructuur van de Expohal even in gevaar was.  Zie de reacties tijdens en na “Dancing on the Berlin wall”, het oorstrelende “City of night”  en de absolute apotheose “Saturdays in Silesia”.  En weg waren ze, hevig genietend van het applaus dat hen te beurt viel. 
Exit Rational Youth, maar niet zonder aan te kondigen dat ‘Cold war night life’ nog deze zomer wordt heruitgebracht.  U moest al aan het mailen zijn naar uw platenboer om het kleinood eindelijk te bestellen.   Een synthpopmeesterwerk, we geven het u op een briefje.

Toen in 1978 nog eens hard werd geschud aan de boom genaamd punk viel daar alweer een volledig rariteitenkabinet uit. U denkt misschien aan The B-52’s, Devo, The Cramps of Toyah, maar laat het ons even hebben over Lene Lovich. Met haar cabarateske verschijning, een stem die alle hoogtes en laagtes streelt en zakken vol even catchy als dolle liedjes was ze een welgekomen gast om de hele new wave nog maar eens van richting te doen veranderen.  Dankzij debuut ‘Stateless’ (1978) - een tijdloos meesterwerk - sloeg de gekte pas echt toe, en haalde met name Stiff Records een kip met gouden eieren in huis.  Opvolger ‘Flex’(1979) en de samenwerking met Herman Brood en Nina Hagen wisten het succes voor beperkte tijd te verlengen maar tegen ‘No man’s land’ (1982) ging de aandacht van het grote publiek alweer naar gothrock, synthpop of bulderpunk met een mohawk.
En stond u met een vlag te zwaaien tijdens het concert van U2 op Rock Torhout?, vandaag zijn we veertig jaar verder en laat ons de organisatoren van W-Fest toch maar een kushandje toewerpen omdat we Lovich eindelijk nog eens op een Belgisch podium kunnen zien. Met haar 70 zomers op de teller ziet ze er dan misschien wel uit als het gekke besje dat in Midsomer Murders als eerste om het hoekje wordt gewurgd, van zodra de eerste tonen van “Savages”  door de geluidsinstallatie vliegen wanen we ons terug in 1978.  Of 1982 eerder, want “Savages” is zowat de enige keer dat ze naar later werk teruggrijpt. 
De leidraad is ‘Stateless’ en omdat die plaat een festival vol heerlijkheid is , zitten we gebeiteld voor 40 minuten pracht en praal. “Home”, “1 in a 1.000.000”, “Writing in a wall”, “Tonight” (met dat hemels stukje sax, dat ze nog altijd zelf speelt), “I think we’re alone now” (Tommy James & The Shondells), “Bird song” (van ‘Flex’) en “Lucky number” blijken de hoogtepunten van dienst.  Die laatste heeft na al die jaren nog steeds het effect van een knallende champagnekurk, het sein dus om de dansbenen helemáál los te gooien.  En helaas ook het moment om massaal de smartphone uit de broekzak te halen. Instagram en Facebook moeten immers bewijzen dat u erbij was.  Maar dat was het dan ook, Lene duikt de coulissen in en de mood elevator in de zaal blijft steken op een collectieve glimlach. Bedankt Lene, bedankt organisatie en bedankt hij of zij die destijds eens flink aan de boom heeft geschud.

Wie buiten een frisse neus wou halen en een korte wandeling maakte achter de grote zaal, kwam uit op het kleine podium met zittribune (OD Stage).  We gingen er een kijkje nemen naar Then Comes Silence uit  Zweden, een vrij jonge band die stevige gothic rock speelt in de lijn van de meer gekende voorbeelden als The 69 Eyes en ook duidelijk beïnvloed is door muziek grootheden als The Cult, The Sisters of Mercy, The Mission enz.

Van bij het begin was het geluid verre van optimaal en door vervelende technische problemen (snare drum liet het afweten) kwam het optreden nooit echt helemaal op gang.  De logge rock die drijft op de donkere stem van zanger Alex Svenson sloeg amper aan en de reactie van het publiek was ook al niet bijster overtuigend.  Jammer voor deze gemiste kans want de band heeft zeker potentieel en nummers als “The Dead Cry for No One” en “She Loves The Night” leveren daar moeiteloos het bewijs van.  Hopelijk snel een herkansing die wel kan overtuigen.

Van het optreden van Mesh konden we enkel het einde nog net meepikken.  De groep uit Engeland bestaat sinds 1991 en geniet niet zozeer bekendheid in eigen land maar eerder in Duitsland, waar hun synthpop vrij succesvol is.  Afgaande op de reacties van het publiek tijdens het slotnummer “Taken for granted” (2013) was dit een geslaagde doortocht in Waregem.  Het geluid van de band deed mij alvast aan Depeche Mode denken.

In tegenstelling tot Mesh is Blutengel (DE) wel zeer populair in eigen land.  Ze brengen dan ook typische en bombastische gothrock en dat doorspekt met electro, een genre dat bij onze oosterburen altijd al op heel wat bijval kon rekenen.  De publieke belangstelling is dan ook groot en wanneer frontman Chris Pohl en zijn gevolg het podium betreedt is de linkerzijde van de zaal aardig gevuld.  Zowel nummers in het Engels als in het Duits passeren de revue, het ene al meer bombastisch dan het andere maar allemaal uiterst genietbaar en met een zekere commerciële inslag.  Enig minpuntje is dat door het strakke uurschema de nummers in een rotvaart moeten afgehaspeld worden en er nauwelijks tijd is voor interactie met het publiek, laat staan het spelen van een bisnummer.  Hoogtepunten zijn ontegensprekelijk de nummers “Alles” en “U walk away” die een mooi visitekaartje van de band afgeven en de fans zonder veel moeite aan het bewegen en meebrullen krijgen.  Speciale vermelding ook voor de leuke stage act met witte lichtgevende en dansende ‘engel’.  Of was het een vlinder?

De zon was al een tijd onder, de kindjes lagen in bed; tijd dus om het ultieme balorkest van het hellevuur nog eens te gaan bezichtigen.  We hebben het uiteraard over  - (slaat een kruisteken) - het almachtige Killing Joke.  Tien minuten te laat waren ze, maar geen haan die het lef heeft om er naar te kraaien natuurlijk.  Na veertig jaar is een blik van Jaz Coleman nog steeds genoeg om een ijselijke rilling over je ruggengraat te jagen. 
En dan moet de show nog beginnen : eens de eerste tonen van éTomorrow’s worldé de geluidsinstallatie doen panikeren zit het publiek al in een wurggreep, die pas vijftig minuten later wordt gelost.  Killing Joke is vooral geen fun, wel een paar hits. “Wardance” en “Eighties” bijvoorbeeld, mokerslagen die de harde kern voor het podium met de glimlach trotseert.   Coleman en de zijnen beschikken over een ruime discografie om uit te kiezen en maken serieuze bokkesprongen : “Loose cannon” en “Seeing red” (beide 2003) worden afgewisseld met een b-kant uit 1980 (“Pssyche”) of een karatetrap van een song, uit hetzelfde jaar (“The Wait”).  Afronden doet Killing Joke dan weer met het bijna teutoonse “Pandemonium” (1994).  Game, set, match en een murw publiek dat verweesd de nacht opzoekt om af te druipen. 
De samenvatting van dit concert is exact dezelfde als de samenvatting van de carrière van deze wonderbaarlijke groep : compromissen?  Bitter weinig.  Knettergek?  Wie Coleman op een podium bezig ziet , denkt er wel eens aan om de jongens in witte jassen te bellen, en breng alstublieft een spuit met verdovingsmiddel mee. Hard?  Man, tegenover Killing Joke klinkt Manowar als het kleuterdansje tijdens het jaarlijkse grootoudersfeest. 
Was Killing Joke nu goed of slecht?  Killing Joke was Killing Joke : verbluffend, luid, bezwerend, geniaal, compleet zot, gemeen grijnzend  ( ja we hebben het over u, meneer Youth) en je kreeg een spontane behoefte om een collaboratievlag door iemands neusgaten te trekken. 

De festivaldag loopt stilaan naar zijn einde, doch niet zonder eerst nog eens stevig uit te pakken met een ware jukebox aan eighties hits.  The Human League (UK) heeft de eer om de Expohal om te toveren tot een echte jaren 80 fuif en doet dat met verve.  De band uit Sheffield werd opgericht in 1977 (!) en frontman Philip Oakey is één van de originele bandleden uit die tijd.  De zanger is inmiddels 64 jaar maar ziet er nog steeds piekfijn uit en zijn stem heeft nog niet veel ingeboet aan kracht en zuiverheid.  Al zijn de technieken bij live optredens in vergelijking met pakweg 40 jaar geleden ook enorm verbeterd natuurlijk… Er is weinig toelichting nodig bij de resem hits die The Human League in de loop der jaren heeft uitgebracht.  Het zijn stuk voor stuk electro- en synthpopklassiekers die, ondanks hun ouderdom, nog steeds heel overtuigend en aanstekelijk klinken.  Parels als ondermeer “Mirror Man”, “Love Action”, “The Lebanon” zetten de zaal in enkele tellen helemaal op zijn kop en het publiek zingt al dansend de hits uit hun jeugd luidkeels mee.
Het moet gezegd dat Philip Oakey nog steeds op voortreffelijke en sensuele manier wordt geflankeerd door Susan en Joanne en dat zowel de belichting als de aankleding van het podium zeer geslaagd zijn. Uiterst professioneel, clean en afgeborsteld, overeenkomstig de muziek.
Het feest gaat onverwijld door met successen als “Human”, “Fascination” en het up tempo “Tell me when”.  Wat een heerlijke nostalgische (terug)reis in de tijd is dit? 
En dan moet het beste eigenlijk nog komen!  Het afsluitende triootje bestaat uit “Don’t you want me”, het fenomenale en heerlijk avantgarde klinkende “Being Boiled” (uit 1978!) en tenslotte “Together in Electric Dreams”.  Dit laatste nummer is eigenlijk niet van The Human League maar het knappe resultaat van een samenwerking tussen Philip Oakey en synth/disco legende Giorgio Moroder.  Het zal de toeschouwer evenwel worst wezen! Het was de afsluiter van een schitterend concert!  Met de ‘W’ van ‘Waw’!

Het machtige Nitzer Ebb kreeg de eer om de 3 de festivaldag af te sluiten en het licht uit te doen in de zaal.  De groep deed dat, zoals gewoonlijk, met veel energie en overgave!  Het was al dik na 01u00 als Douglas Mc Carthy en Bon Harris het podium betraden, geflankeerd door 2 extra groepsleden.  De heren mogen gerust bestempeld worden als belangrijke grondleggers van het Electronic Body Music (EBM) genre en doen al sinds 1982 heel consequent hun ding.  Hun kenmerkende beukende ritmes, repetitieve beats en bijhorend slagwerk herken je van heel ver.  Zeker wanneer frontman Mc Carthy zijn lyrics overtuigend afdreunt en bijna op militaire wijze teksten debiteert op het ritme van de typische Nitzer Ebb sound.  De laatste jaren brengt de groep amper nog nieuw werk uit en teren ze op hun succesplaten van eind jaren 80.  Vooral het album ‘That Total Age’ (1987) wordt beschouwd als een absoluut meesterwerk!
De set start met de beste nummers uit de albums ‘Belief’ (1989) en ‘Showtime’ (1990).  Fans reageren meteen enthousiast op opener “Bloodmoney”, dat naadloos overgaat in “For Fun” en “Captivate”. 
Douglas maakt er zoals altijd een sportieve avond van.  Hij holt op het podium werkelijk constant van links naar rechts en spuwt daarbij zijn woorden met veel kracht over het publiek.  Vocaal is er nauwelijks verschil te horen met pakweg 20 jaar geleden.  Nog altijd even furieus en intens!  Tijdens het opzwepende “Getting Closer” treedt Bon Harris even op de voorgrond om mister Mc Carthy zangkundig te ondersteunen en het publiek te groeten.  Veel interactie moet je als toeschouwer verder niet verwachten van deze heren, ze laten de muziek spreken.  Bindteksten of small talk zijn bijgevolg quasi onbestaande.  Maar het publiek krijgt waarvoor het gekomen was : strakke old school EBM.
De 2 de helft van de set wordt nog een versnelling hoger geschakeld en komt vooral het betere werk uit ‘That Total Age’ aan bod.  “Join in the Chant” en een coole versie van “Control I’m Here” luiden een super enthousiast slot in van een temperamentvol optreden.  “Down on your knees” een vrij recent nummer (2010) kan nog enigszins voor een betrekkelijk rustig moment zorgen maar dan breekt de electro hel los en volgt een zeer intensieve versie van “Let your body learn” en een heerlijk vette uitvoering van het Nitzer Ebb epos bij uitstek : “Murderous”. 
Publiek en band gaan voor een laatste maal wild tekeer voor en op het podium en brullen samen de slagzin ‘Where is the youth’ uit volle borst.  De jeugdjaren van de meeste fans zijn dan wel al even achter de rug,  dankzij een dergelijke live boost voelt iedereen zich toch terug heel even tiener of twintiger en keert de menigte daarna helemaal voldaan huiswaarts of richting camping.  Op naar de volgende festivaldag!  En wat Nitzer Ebb betreft!  Sterk optreden!  Rendez-vous op 20 november voor hun concert @ Casino te Sint-Niklaas!

dag 4 - zondag 18 augustus 2019 (Hans De Lee)
Op de laatste dag van deze muzikale 4-daagse is het alweer lekker druk!  Misschien iets minder bezoekers dan op zaterdag maar de echte liefhebbers van het genre zijn toch duidelijk allemaal weer op post.

Jammer van de vroege bands op de affiche maar de eerste act die we live kunnen meepikken is die van Peter Hook & The Light.  Peter Hook maakte in een ver verleden deel uit van 2 legendarische bands en dankt daar nu nog altijd zijn status en populariteit aan.  Vooreerst behoorde hij tot de oprichters van Joy Division en later (na de dood van zanger Ian Curtis) was hij ook actief bij het alom gekende New Order.  In 2009 stopte hij de samenwerking met New Order en ging hij onder eigen naam verder.  Meteen weet je welke muziek je mag verwachten van de man en zijn band The Light : alternatieve rock met veel new wave en post punk invloeden. 
De set bestaat, wat had je gedacht, uit een knappe mix van de grootste succesnummers van de 2 eerder genoemde bands en kan daarom telkens op heel wat publieke belangstelling rekenen.  Ook in Waregem was de zaal goed gevuld, ondanks het nog vrij vroege uur, en zat de sfeer meteen snor.  Hook die de zang voor zijn rekening neemt , begint meteen aan een rondje Joy Division met zo’n 6 nummers.  Opener “Day of the Lords” begint niet slecht maar het zijn vooral klassiekers als “Isolation”, “She’s lost control” en “Transmission” die op de meeste bijval kunnen rekenen en de glorietijden van Joy Division doen herleven.  Al is de stem van oorspronkelijk frontman Ian Curtis uniek en onnavolgbaar.
Halfweg de set wordt met de megahit “Blue Monday” de kaart van New Order getrokken en evolueert de sound naar iets meer electro georiënteerde pop/rock.  De geest van New Order blijft nog geruime tijd hangen met aangename versies van ondermeer “Regret”, “Temptation” en “Ceremony” maar het is toch kaskraker en donker epos “Love will tear us apart” van Joy Divison dat een fantastisch einde maakt aan een zeer verdienstelijk optreden.  De vele fans en muziekliefhebbers bewegen en zingen vol overgave mee met dit onsterfelijk nummer dat jaren later (1984) zou hernomen worden door Paul Young, die er op zijn beurt een gigantisch commercieel succes mee behaalde.

Whispering Sons stond 5 jaar geleden op de affiche van het eerste W-Fest (toen nog in Wortegem-Petegem).  Dat de groep sindsdien enorme stappen heeft gezet hoef ik niet te vertellen en dat deze zomer razend druk is voor hen, is snel duidelijk als je vluchtig hun tourdata bekijkt : Rock Werchter, Lokerse Feesten, W-Fest, Brussels Summer Festival, Crammerock…is slechts een greep van de concerten in eigen land en vanaf september tot november gaan de Sons gans Europe overtuigen van hun kwaliteiten. Van Zweden tot Polen. Van Denemarken tot Roemenië. Wedden dat het lukt.
Spilfiguur tegen wil en dank is zangeres Fenne Kuppens.  Hoe goed haar collega’s muzikanten ook zijn, met haar apart stemgeluid bepaald ze zowat op haar eentje de kenmerkende sound van Whispering Sons.  Op het podium zijn ook alle ogen gericht op haar.  Hoe mooi is de tegenstelling tussen enerzijds haar broze en tengere verschijning, gehuld in witte kleding en anderzijds haar krachtige, zware stem met een heel donker timbre.  Het geheel resulteert in een soort post punk die meermaals doet denken aan een mix van Joy Division, Editors, Sisters of Mercy,…
Fenne Kuppens straalt intussen al heel wat maturiteit uit op het podium.  De ene keer staart ze onbewogen in het publiek, de andere keer transformeert ze in een wild tekeer gaande deerne die vol overgave haar muziek furieus deelt met het aanwezige publiek.  De interactie met de fans is beperkt, de intensiteit van de muziek maakt echter veel goed.  Compromisloos en overtuigend! Van begin tot eind!  Het gros van de nummers komt logischer wijze uit de debuut CD, ‘Image’ van de band.  Absolute hoogtepunten zijn, zoals verwacht, “Alone” en “Hollow”.  Beide nummers zijn goed gekend bij een breed publiek en lokken dan ook de meeste reactie uit… Doch de set is heel evenwichtig opgebouwd en er vallen nauwelijks mindere momenten te bespeuren.  Deze band staat nog maar aan het begin van een mooie en veelbelovende carrière en zal zeker nog verder uitgroeien tot een belangrijk export product van Vlaanderen.  Hopelijk kan de 2 de CD in de toekomst de hoge verwachtingen inlossen.  Intussen is het genieten van het huidige succes!

Red Zebra is een ander paar mouwen!  Ook Belgisch maar daar houdt de gelijkenis met Whispering Sons dan ook op, behalve dan de deelname aan Humo’s Rock Rally!  Red Zebra haalde ooit de finale.  Whispering Sons won Rock Rally in 2016.
De rode zebra’s ontstonden eind jaren ’70 en speelden punk met een stevige scheut humor in.  Wanneer ze in 1980 de single “Can’t live in a livingroom” uitbrengen, gaat hun bekendheid plots fors omhoog en mogen ze het voorprogramma spelen van ondermeer The Cure, Killing Joke, The Undertones, enz. 
Na verloop van tijd houdt echter de band op te bestaan maar in 2017 komen ze terug samen, komen ze terug overeen en komen ze geregeld naar W-Fest.  Frontman Peter Slabbinck blijft na al die jaren zijn gevoel voor humor nog niet verloren te hebben.  Hij maakt oa. een kwinkslag over de Vlaamse leeuwenvlaggen historie (Pukkelpop) en over de overwegend zwarte klederdracht van het publiek op W-Fest.  Muzikaal tapt men uit een vrij simpel vaatje.  Rechttoe-rechtaan rock met punkinvloeden of is het punk met rockinvloeden?  “(Welcome to the) Polar Club” klinkt lekker old school, “Shadows of doubt” is iets minder pittig maar “I’m falling apart” en het ultieme “Cant’ live in a living room” brengen terug schwung in de set.  Hoeveel mensen uit het publiek denken bij dit laatste nummer niet nostalgisch terug aan de jeugdclub waar ze toen wild dansten op het zo herkenbare beginrifje?  Heerlijk om zien hoe sommigen bijna 40 jaar later het dansje nog eens over doen.  Naar het einde van de set wordt een nummer gezongen met de mond vol banaan ‘(”Man comes from Ape”) en staat ook nog een vermakelijk duet op het programma in ‘The Art of Conversation” waar Slabbinck het heeft over de Simon & Garfunkel van de wave.  Helemaal achteraan het optreden trakteert Red Zebra nog op “God is not a DJ” en “Innocent People” een gouwe ouwe waarin Slabbinck zijn stem me vaag doet denken aan het specifieke stemgeluid van Johnny Rotten alias John Lydon. 

Van Apoptygma Berzerk kende ik wel van naam maar het oeuvre van deze band uit Noorwegen was me tot op heden totaal onbekend.  Dus heel benieuwd of de Noren mij en het publiek zouden kunnen bekoren.  De belangstelling bleek niet zo immens groot maar de band gaf van bij de aanvang een stevig visitekaartje af en pakte uit met een indrukwekkende sound.  Er werd een ware geluidsmuur opgetrokken van goed verteerbare electro met duidelijke commerciële disco invloeden en verwijzingen naar Giorgio Moroder.  Zelf spreken ze van ‘future pop’.  De groep werd opgericht in 1989 en bracht dit jaar een 8 ste langspeler uit.  Enkel frontman en zanger Stephan Groth is er bij van in de beginperiode.  Nummers die mij het meest zijn bijgebleven zijn opener “Weight of the World”, het theatrale “Love never dies” en het heerlijk dreigende en in donkere sfeer badende “Kathy’s Song”.  Fans vertelden me dat het jammer was dat de band door de beperkt toegekende stagetime hun gebruikelijke covers grotendeels uit de set hadden gelaten.  De meest geliefde cover,  “Fade to Black” van Metallica, zal dus pas bij een volgend optreden kunnen beoordeeld worden.  Gelukkig was de poppy klinkende afsluiter “The End of the World” een voltreffer.

Totaal andere koek was het optreden van China Crisis.  Een beetje vreemde eend in de bijt toch wel in de line up van de laatste festivaldag te Waregem.  Met hun pure popmuziek had deze band uit Liverpool het aanvankelijk dan ook niet makkelijk om het publiek mee te krijgen in hun reis door de tijd.  Reeds 40 jaar gaat de band mee.  Het grootste successen behaalden ze in het begin van de jaren ’80 en hun laatste studio LP/CD verscheen in 1994.
Zoals gezegd reageerde het publiek aanvankelijk nauwelijks of zeer lauw op de nummers van de band.  Hoe verwoed zanger Gary Daly, soms met de nodige flauwe humor, ook probeerde een interactie op touw te zetten.  De sound was vrij jazzy en zeker wanneer geregeld de sax werd bovengehaald had je eerder het idee naar een gezapige big band te staan kijken met een afgeborstelde would be crooner als zanger.  Ondermeer “African and white” en “No more blue horizons” (uit 1982) klonken weinig overtuigend en iets teveel op veilig gespeeld om te kunnen overtuigen.  Met “Strenght of Character” gooit China Crisis het plots over een andere boeg en gaan ze de reggea tour op maar ook dat nummer klinkt iets te steriel en gepolijst om echt te kunnen begeesteren.  Gelukkig worden dan net op tijd enkele nummers bovengehaald die de groep indertijd in de hitlijsten bracht en die ook nu nog lekker in het gehoor liggen en bijgevolg eindelijk toch enige positieve reactie van de toeschouwers kunnen uitlokken.  Vooral “Black Man Ray”, “Wishfull Thinking” en in mindere mate “Working with Fire and Steel” redden de boel en trekken het publiek finaal over de streep.  Moeizaam concert met een verdienstelijk slot!

Met New Model Army staat de meest rock gerichte band van de dag op het podium.  Kapitein Justin Sullivan, al lijkt hij meer weggelopen uit een zeeroversfilm, stuurt al sinds 1980 zijn punk en folkrock schip onophoudelijk door de muzikale wereldzeeën en bouwde op die manier een omvangrijke groep trouwe volgers/fans uit die bij elk concert opduiken.  Ook in Waregem zijn ze vooraan het podium te vinden en zingen ze moeiteloos elke song van begin tot einde mee.  “Stormclouds” opent erg krachtig de set en krijgt een extra dimensie door het gebruik van de grote tribal trommels of pauken.  De heer Sullivan (63 jaar) is nog steeds een charismatische verschijning die vurig en vol overgave zijn ding doet op compromisloze wijze. “Lights Go Out” is een ouder nummer dat rockt als de beesten en nogmaals het enorme contrast onderstreept met de muziek van voorgaande band China Crisis.  “The Charge” is nog zo’n nummer met meer power dan een ganse set van eerder genoemde band.  Power die duidelijk meer wordt gesmaakt door het talrijk aanwezige publiek.  Naar het einde van de set wordt “Here comes the war” bovengehaald, een klassieker die opnieuw met extra tribal drums als een soort oorlogssaus wordt overgoten.  Knap, stevig en sfeervol optreden.  Wel heel jammer dat een pak andere klassiekers en nummers waarvoor New Model Army het meest gekend is, deze keer in de kast bleven.  Wat had ik graag “Get me out” gehoord, of “Stupid Questions”, of “Purity”, of “I love the World”,…of eigenlijk allemaal!  Fans komen toch vooral om, naast nieuwe nummers, de grootste ‘hits’ en successen van hun favoriete bands te zien?  Ach, New Model Army was goed, strak en nog steeds heel energiek voor een band met 39 jaarlengstes.  De koppigheid nemen we er graag bij en doet ons denken aan Killing Joke, de band die op zaterdag een heel knappe en potige set neerzette maar al geruime tijd weigert om hun grootste succes “Love like blood” live te brengen.

Voor heel wat aanwezigen was het enorm uitkijken naar Jimmy Somerville.  Zelfs de diehard gothics en liefhebbers van de zwaardere eighties wave en electro sound moeten erkennen dat deze kerel een wereldster is die tal van aanstekelijke en tijdloze nummers in zijn repertoire heeft zitten.  Vooral de parels van wijlen Bronski Beat en The Communards kent iedereen.  Afwachten wat Dhr. Somerville er live zou van bakken en benieuwd hoe enthousiast deze intussen 58 jarige spring in het veld er zou invliegen.
Alle twijfels werden al na 1 seconde weggenomen toen Somerville en zijn 14-koppig orkest (oa. 4 strijkers, 3 blazers, 2 backings,…) opkwamen en 3You make me feel (mighty real)” inzetten.  Wat een binnenkomer was me dat!  Meteen de volle pond geven, publiek bij het nekvel grijpen en duidelijk maken dat er in Waregem een feestje op til was zonder voorga.  De frontman zag er nog steeds stralend uit, goedlachs en had er precies echt veel zin in.  Het publiek reageerde van meet af heel uitbundig en doopte de zaal om in een soort megafuif.  Somerville bewierookte ook de enorme diversiteit aan muziek en groepen die hij terugvond op de affiche van W-Fest en benadrukte dat hij dergelijke diversiteit sterk waardeerde.  “Tomorrow” en “There’s more to love than boy meets girl” klonken heel fris en luchtig. “Tell me why” zorgde alweer voor een heerlijke danspartij vooraan het podium al stond de kleine zanger zelf ook amper stil.  Heel leuk was de versie van “So cold the night” (The Communards) die gebracht werd met een oriëntaalse/oosterse sound die het nummer een nog  een zoetere smaak gaf. 
De stem van Somerville bleek nog altijd in topvorm te zijn en hij haalde nog steeds behoorlijk de typische hoge noten.  Misschien iets minder vlot als vroeger maar daar kraait geen haan naar.  Vanaf “Never can say goodbye” werd het pas echt een live discotheek in Expo Waregem.  Somerville drong zelfs bij de lichtmensen nadrukkelijk aan op een extra inspanning om het (disco) feest compleet te maken.  Met succes! 
Naar het einde toe werden de verwachte kleppers als “Smalltown Boy” (Bronski Beat), “You are my world” en het ultieme fuifnummer “Don’t leave me this way” (The Communards) met verve gebracht!  Het moet gezegd dat de liveband uitstekend werk leverde en de backing vocals eveneens een topprestatie neerzette.  Dankzij hun feilloze concert kon de kleine frontman met zijn grootse stem en persoonlijkheid schitteren en alle aandacht naar zich toe trekken. 
De apotheose van dit optreden kwam er met afsluiter “I feel love”.  Het wereldnummer dat gekend is dankzij Donna Summer en Giorgio Moroder zorgde een laatste keer voor een ultieme dansexplosie!  Somerville die ooit het nummer zong met Marc Almond van Soft Cell en er op het einde steevast ‘Johnny remember me’ aan toevoegde, deed nu solo dezelfde truc maar dan met “Highway to hell” van AC/DC.  Het gevolg was een schitterende mash-up die een luidkeels meebrul moment uitlokte tot achterin de grote zaal.  Kippenvel!  En einde van een zalig optreden en uiterst geslaagde throwback naar de beste synthpop uit de jaren ’80.

W-Fest mag terug kijken op een zeer geslaagde editie.  Zowel muzikaal als organisatorisch speelde men op een hoog niveau.  Hoedje af voor de realisatie van een dergelijke 4-daagse en met plezier uitkijken naar de editie van 2020.  De affiche ziet er alvast behoorlijk indrukwekkend uit.  Aandacht evenwel voor de vroegere datum!  Niet in augustus maar eind mei zal het volgende W-Fest opnieuw dé ontmoetingsplaats vormen voor liefhebbers van synthpop, electro, ebm, wave en alle mogelijke varianten daarop uit de jaren ’80 en ’90!

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/w-festival-2019.html

Organisatie: W-Festival

Pukkelpop 2019 - dag 3 - zondag 18 augustus 2019

Pukkelpop 2019 - dag 3 - zondag 18 augustus 2019
Pukkelpop 2019
Festivalterrein
Hasselt-Kiewit
2019-08-18
Tijs Delacroix en Johan Meurisse

Een dagje van harde metalen, glamour, Belgisch talent , alternatief goed , een tweede The National hoogstandje … en popfenomeen Billie Eilish !

We begonnen met I don’t know how but they found me; niet meteen de meest treffende start van de middag , achterna gezien. Het Amerikaanse duo heeft z’n wortels bij Panic! At The Disco , raakvlakken met Twenty one pilots maar is nog veraf van hun inspiraties. Wat een ontzettend lange groepsnaam voor wat ‘t is … Rock , pop , een beetje glamour en samenzang, Muzikaal van het duo raakten de nummers onvoldoende en konden niet de aandacht behouden.

Bodega - Bodega mocht al vroeg aan de bak op de laatste Pukkelpopdag. Onder goedkeurend oog van onder andere The National’s Berninger, speelde de 5-mans - nu ja, met drie vrouwen in de rangen -  een intense show die uitblonk in tempowisselingen, maar muzikaal in dezelfde pot bleef roeren. De hoge graad van repetitiviteit in hun muziek gecombineerd met onze ingekorte aandachtsboog na al drie dagen vol muziek, zorgde ervoor dat we het einde van de set niet haalden. (Tijs)
Een interessante ontdekking werd het NYse combo Bodega . Ket kwintet, waarvan drie vrouwen, beet van zich af met een portie indierock , wave , noise en postpunk. Energiek, meeslepend en gedreven  door de gitaren , percussie en bijhorende toetsen. De zang van de twee heren kreeg de boventoon. De dame vooraan zweept het geheel op door de sensuele pasjes. Hitsende , spannende muziek . De nummers nemen je in door de repeterende, opbouwende ritmes en de hardere , fellere sounds. Ze hadden de indruk een lange jam te zijn, uit die single “how did this happen?”. Ergens meteen een punt met Parquet Courts en Rolling blackouts coastel fever.

Billie Eilish - De naam die de popwereld de afgelopen maanden domineerde, werd na een organisatorisch gelukje verplaatst naar de Mainstage. Uiteraard hebben we het over het 17-jarig fenomeen Billie Eilish. Fenomeen is geen overdrijving van onze kant, over het gehele weekend zagen we bij hoogstens een handvol andere namen meer publiek toestromen voor het hoofdpodium. Headliners inbegrepen. Maar wat kunnen we na haar show concluderen? Billie bezit bakken vol talent, daarover zal het gehele publiek - inclusief de talrijk aanwezige net-geen-kinderen-meer - het over eens zijn. Maar een optreden van dit kaliber kwam voor haar helaas te vroeg, maar dat valt enkel de muziek-marktwerking te verwijten. Het idool heeft een prachtige stem en een formidabele podiumattitude. Helaas zijn haar nummers - op de hitsingles na - niet geschikt om over een mensenzee, maar eerder in een aangename concertzaal te laten weerklinken. Dit nam niets af van de schoonheid van de nummers an sich, maar zorgde ervoor dat het tempo helemaal wegzakte tijdens de best wel vermakelijke show. Daarenboven moest Eilish ook erg frequent rekenen op de extra ondersteuning van de backtracks. Benieuwd hoe haar label de kaarten zal herschudden nu er geen stoppen lijkt aan haar stormachtige groei. (Tijs)
Het was geleden van Major lazer , enkele jaren terug,  dat er in de namiddag zoveel volk aan de Mainstage stond . Ze is de meest besproken artieste van dit moment . Op anderhalf jaar tijd is dit jonge meisje uit de VS, Billie Eilish - 17 jaar , één plaat uit - uitgegroeid tot de verpersoonlijking van de jonge generatie ; iedereen vindt zich wel ergens terug in haar gevoelens , ervaringen, boodschap. Ze trad op in de Bota , in februari in La Madeleine en nu een volgepakt Mainstage; maar best ook dat ze daar optrad , want eerst werd nog gedacht aan de Dance hall. Die ging gewoonweg uitgepuild hebben, iedereen , jong als oud op Pukkel , wou haar aan het werk zien . Haar indie-/electropopsongs , dark minimal, zijn nu niet de meest toegankelijke , buiten de paar singles; maar het is de wijze waarop ze zich en de nummers presenteert: de overtuiging , haar jeugdige , onschuldige danspasjes , haar look (Micky Mouse , groene strepen in de zwarte haren, de lange ketting , de losse kledij) en natuurlijk de diep ronkende bas , de duistere , slepende beats, die live harder klonken .
Ze hotst heen en weer , refreinen worden luidkeels meegezongen , er wordt geklapt, jonge meisjes gillen . Haar stem is niet direct haar sterkste wapen, beetje hees, stil , met vooraf opgenomen backing vocals , maar het hoort erbij .
Meteen is iedereen van slag , haar grootste hit “bad guy” wordt gespeeld. Knock out door de zware beats , de forse percussie , en de spring-int-veld op het podium. Het hobbelig parcours van de songs als “my strange addiction”, “you should see me in a crown” in die electropop , de tempowissels, ze gaan er als zoetenkoek in. Continu is er interactie met haar innemende lach met de wei , haar publiek nu . “Copycat” doet iedereen neerzitten en rechtveren, Ze charmeert . Ingetogen pakt ze ons in met “Idontwannabeyouanymore” of “when I was older”. De projecties moeten niet onderdoen . Een donker, duister , creepy kantje .
En helemaal zijn we weg als “when  the party’s over” ,enkel op piano en haar stem, wordt aangevat, waar ze zich volledig blootgeeft . ‘Try to live in the moment during this song’ . Sympathiek . “Bury a friend” , staalkaartje van haar aparte electropop, en voorzien van dreunende beats, sluit na bijna een uurtje de set af ; een set die de geschiedenis kan ingaan als ‘het meeste volk getrokken’. Angstaanjagend mooi.
Billie Eilish doet denken aan een jonge Bjork ten tijde van The Sugacubes. Dit was de best musical ooit. (Johan)

Eventjes op positieven komen , zat er niet in , want het Amerikaanse Ghostemane blies letterlijk de trommelvliezen door  met een gebalde dosis donker dreunende metalhiphop en een spervuur aan spuwende raps. Loeihard, snijdend  in de reeks van Atari teenage riot, Ministry, Suicideboys en Ho99o9. De eerste rijen hotsten en sprongen, maakten moshpits , een wall of death , net als de hyperkinetische leden op het podium . Een soundtrack voor een nieuwe reeks van ‘The walking death’ leek het wel, afgaand op de outfit , de maskers en de sound van deze Ghostemane. Not my cup of tea.
Hyukoh is één van de ontdekkingen uit Azie. Het Z-Koreaanse collectief laat broeierige, dromerige indiepop  horen , die fris , tintelend kon zijn , net als de band Bodega die er eerder stond geprogrammeerd. Een intrigerende,  groovy sound en een welgemeend warme respons.

Kate Tempest - Maatschappijkritische acts, het is iets waar we zolang Trump of Brexit in de media vertoeven nog lang mee zullen geconfronteerd worden. Wonderwel levert al het politieke gepalaver soms ook een heerlijke plaat op, zoals bijvoorbeeld Tempests ‘The Book Of Traps And Lessons’. We waren dan ook hartstikke benieuwd of ze deze parel ook live tot leven kon brengen. En dat deed ze, met verve. Elk individu in de zaal plakte aan de lippen van Kate.
Als een neergedaalde profete ratelde ze poëtisch doorheen haar tracks, ondersteund door een venijnig harde begeleiding, wat de intensiteit alleen nog maar deed toenemen. En als er dan al eens een valse toon of stemoverslag te horen viel, dan vervielen die in het niets door de innemende sfeer die de dame in kwestie op zichzelf wist te creëren. Veruit een van dé meest indrukwekkende optredens van het festivalseizoen. 

Een optreden van Anna Calvi moet je letterlijk ondergaan . Haar songs hebben een onheilspellende dreiging, een broeierige spanning en een donkere intensiteit, bepaald door een (mes)scherp, splijtend , brandend,  indringend gitaarspel/-getokkel en gedragen door haar helder innemende zang; en die galmende bluesy riffs en slides waren apocalyptisch, gevoelig en huiverend.
De nummers palmden ons gaandeweg in en lieten een sterke indruk na door de verwevenheid van melodieuze intensiteit en chaos. Een patent voor films van Tarentino en een knipoog naar ‘Cat People’ . ‘Hunter’ is de nieuwe plaat; naast de titelsong , werden we gekneveld door “rider to the sea”, “I’ll be your man” en “desire” . Een wolvin in schaapskleren, eentje met klauwen en weerhaken die tekent voor absolute (seksuele) vrijheid,  brengt ons op het eind volledig in beroering met een schitterende versie van Suicide’s “ghost rider” , dreiging en duisternis ten volle. Een ‘nighttime rock’n’roller’! Calvi is een muzikaal talent is , die een bijzonder sfeertje creëert en bij het nekvel grijpt!

Two Feet - We hadden hoge verwachtingen bij Two Feet, te hoge verwachtingen zo bleek. De kracht van Spotify valt niet te miskennen, want ondanks dat de act nog geen enkele show in België speelde, en ook niet op de radio te horen valt, was het zoeken naar een plekje in de Lift. De band doet denken aan Chet Faker, maar dan met als bonus een (te) schelle elektrische gitaar. Hierdoor zweeft de act wat tussen elektronische act en solo-muzikantenact. Het zou fijn zijn mochten ze de ‘live feel’ doortrekken en een drummer aan hun set-up toevoegen, want een geveinsde drumsound klinkt toch altijd wat minder dan een fysiek kletterend cymbaal. De gebrachte cover van Bill Withers’ “ain’t no sunshine” mocht er best wel wezen, maar na het voorspelbare hoogtepunt “go fuck yourself”, liep de tent toch met mondjesmaat leeg.

Connan Mockasin is goed voor een uurtje losse, spontane, speelse psychedelische indielounge. De songs, live te interpreteren als een soort jam,  klinken ingetogen , broeierig , sensueel , verleidelijk, aangenaam. Van zachtmoedig tot hardvochtig waar nodig . Een fles wijn op de snaren zorgt voor de de nodige slides. Net als bij Mac Demarco heeft het de indruk niet te ernstig te zijn, maar de sluw-, doordachtheid is en blijft er . De warme respons op de laatste show van deze tour deed deugd en prikkelde.

Anderson.Paak & The Free Nationals - We hebben de zon niet veel gezien deze Pukkelpop, maar gelukkig stak deze tijdens Anderson.Paak zijn optreden wel nog eens de kop op. Perfecte timing zowaar. De show van de man en zijn begeleidingsband stak vol funk en flow die ook tussen de nummers door heerlijk werd doorgetrokken. Dit optreden stond als een huis, een mooi totaalpakket waar ook ruimte was voor ingevingen van het moment. Het ophitsende “pony” van Ginuwine of “niggas in Paris” van Kanye West en Jay-Z in zijn set verwerken? Geen probleem, zo bleek, en het volledige publiek at nog meer uit zijn handen. De uitmuntende mix van funk, soul, hiphop en r&b sloeg aan, niet alleen een hoogtepunt op zondag, maar ook over het ganse weekend bekeken. 

Kelis - Vijf jaar geleden was ze hier ook , maar het blijft afwachten naar nieuw werk .  Toch was de Marquee volledig gevuld om de wulpse veertiger aan het werk te zien . Het werd een Kelis party, waar haar instant  r&b klassiekers overgaan in  tunes van fuifclassics. Aantrekkelijk, groovy, aanstekelijk, dansbaar door de mix van hiphop, soul , r&b , jazz en pop, niet vies van opwindende , pompende beats reeg haar band probleemloos aan elkaar . En met een tweede zangeres , ging het vooruit. Er werd gedanst , gesprongen en meegezongen. “Good stuff”, “caught out there”,  “bounce” , “the 4th of  july”,  “trick me”, “milkshake” en “acapella” waren hoogtepunten en werden  nu zeker  in het geheugen gegrift.  Een feelgood  geïnjecteerd door discotunes en beats.  Amusement troef.

Prophets of Rage - De generische potpourri van Rage Against Machine, Cypress Hill en Public Enemy liet ons op Pukkelpop wat lauwtjes achter. Wat meteen opviel, was dat het geluid bij aanvang niet zo goed afgesteld stond, wat vooral op vocalvlak te horen viel. Optredens van Prophets of Rage bengelen iedere keer tussen een nostalgische krachttoer en een gedateerde papa-komt-nog-eens-buiten show. Op Pukkelpop woog de balans toch eerder naar dat laatstgenoemde door. De enige die zijn status echt eer aan deed was Tom Morello, wat die met zijn gitaar blijft uitvreten, daar zou gerust een 16+-sticker op geplakt mogen worden. Het duurde lang totdat het gezelschap de vlam in de pijp kreeg. Het was pas wanneer “insane in the brain” (Cypress Hill) en “jump around” van House of Pain de revue passeerden dat het publiek overstag ging. Verre van een slecht optreden weliswaar, maar de anarchistische rebellie begint toch wat kapitalistische gemakzuchtstrekjes te vertonen.

Het NYse Yeasayer is de laatste jaren wat op het achterplan geraakt . De koerswijziging van minder elektronica , exotica , afro en allerhande funky, psychedelische geluidjes, die hen sierde in de beginjaren, trekt ons nu mindert over de streep . De sound mag dan die grilligheid van vroeger hebben, de rockende directheid raakt onvoldoende . De creativiteit , de bleeps en dampende groove is zoek . “Madder red” , “Henrietta” en “ambling amp” blijven smaakmakers, nét die nummers die we vanavond koesterden. Benieuwd hoe zij verder gaan evolueren, maar momenteel ben ik beetje fan af …

The National - Op vrijdag werden we al door The National met verstomming geslagen door hun indrukwekkende performance. We waren dan ook reuze benieuwd of ze die prestatie nogmaals konden herhalen. Het recept van het optreden was op voorhand bekend, we zouden een spervuur van ‘fan favorites’ te horen krijgen, wat ook gebeurde. Niet één track ging onopgemerkt of zonder ‘oohs’ of ‘aahs’ uit het publiek voorbij.
The National opende met het wondermooie “Rylan”, dat twee dagen eerder meer op het einde van de set te horen viel en ook “bloodbuzz Ohio” liet niet lang op zich wachten. Hoe een band dat niveau langer dan een uur kan volhouden, daarvoor moet een band simpelweg beschikken over discografie met de omvang van die van The National.
Het showgehalte was quasi identiek aan die van enkele dagen eerder. Klein minpunt wel, doordat het een fan-favorites avondje werd, eindigde de show met drie tracks die doorgaans de rol van ‘afzwaai-track’ vertolken. Een tof concept waar elke fan van genoten heeft, iets minder ideaal om er een consistente setlist mee te vormen. We praten hier echter wel over punten en komma’s, The National zette een tweede show van wereldklasse neer, daar bestaat geen twijfel over. (Tijs)
Opnieuw waren we  op post voor een tweede keer The National . Vrijdag waren we al onder de indruk van de performance ,de overtuigingskracht en de sterkte van de nummers live. Dit was opnieuw top .  Inderdaad , van eenzame hoogte ..Vanavond viel de keuze op het stemmende StuBru publiek, die hun pareltjes hadden opgesteld en waaruit Matt Berninger en C° kozen .
De songkeuze  maar vooral de wijze waarop ze gespeeld werden, blies ons omver en bezorgde kippenvel en rillingen . Live krijgt het materiaal een ingehouden spanning en boost . Probleemloos word je opgezogen in die ‘noir pop’ . De blazerssectie en de backing vocaliste vormen , betekenen, zijn een meerwaarde. “Rylan”, “Mistake for strangers”, “bloodbuzz Ohio” en “I need a girl” waren de eerste prijsbeesten. Een ‘wauw’ gevoel had je bij iedere nummer  in de opbouw . Een broeierige intensiteit.
Explosiviteit en ingenomenheid , euforie en tristesse, extravertie en melancholie gingen hand in hand . Je werd van de ene naar de kant geslingerd. Berninger was bij z’n publiek te vinden . Publiek en band waren één . “Fake empire” , “Mr November” , “terrible love” waren de volgende , gebrand op het netvlies en in ons hart gebreiteld.  Elegante, intieme schoonheid hoorde je van “about today” of “light years”, een vat vol fonkellichtjes. En kers op de taart, als Matt rolt over z’n fans, een akoestisch “Vanderlyle crybaby geeks” , zonder versterking , maar meegezongen/-gebruld door de uitzinnige menigte .
Wat een optreden, wat een band , wat een show , wat een publiek … Het zindert na …  Schitterend! Check gerust de playlist op setlist.fm. (Johan)

Twenty one pilots - Doorheen de dag was makkelijk te merken welke band het hoofdpodium zou gaan afsluiten. Een gezonde mix van jong en oud liep gedrapeerd over de weide in de mooie okergele en zwarte merchandise van Twenty One Pilots. Velen creëerden hun eigen ‘dedicated outfits’ door bijvoorbeeld gele tape rond hun enkels en armen te plakken. Inventief! Helaas was de show die hun favoriete band tentoonspreidde dat niet. Daar waar kort ervoor muziek centraal stond bij The National, werd de doortocht van TOP er eentje van de categorie ‘platte, Amerikaanse massaproducties’. Het nochtans op plaat mooie “heathens” werd zo nodeloos flauwtjes, akoestisch ingezet en deed ons huiverend terugdenken aan hoe Linkin Park enkele jaren ervoor op Werchter “crawling” verkrachtte. De eveneens overbodige ukulele-passage leek verdacht sterk op Vance Joyce’s “riptide” en ook hun monsterhit “stressed out” leek een schim van wat het had kunnen worden.
De band had klaarblijkelijk alle energie in hun showelementen gestoken. Zo werd een voertuig op podium in lichterlaaie gestoken en werden de andere trucjes die tijdens hun zaalshows worden bovengehaald, netjes op de Pukkelpopweide herhaald.
Neen, dit optreden bracht niet waar we op gehoopt hadden. Iets minder ‘Amerika-gehalte’ in de performance, en wat meer de instrumenten en stembanden laten spreken, zou de geloofwaardigheid van deze band zeker deugd doen.

Het eigen materiaal van Johnny Marr mag dan het Britpop luik trachten open te houden , het kan niet tippen aan z’n memorabele jeugdjaren bij het vroegere The Smiths en het daaropvolgend Electronic . Goed dat hij live daar uit put! Het zijn dan vooral die nummers die hier voor ambiance en enthousiasme zorgen . De nostalgici onder ons lieten het jonge Twenty one pilots links om de oude invloedrijke gitaarheld terug te horen; fris , aanstekelijk klinkt het allemaal en de classics doorstaan de tand des tijds … “Bigmouth strikes again” , “how sooon is now” , “this charming man” en “there is a light that never goes out” zijn twinkelend, melancholisch en mag je gerust in een kader plaatsen . Wat een meezinggehalte in de Club. “Getting away with it”, “get the message” kwamen van Electronic . “I feel you” , als cover, was de juiste keuze uit het oeuvre van Depeche Mode .
Wie het W-Fest in Waregem als niet bereikbaar kon vinden dit weekend, kon hier z’n hartje ophalen. Een vat vol herinneringen , als afsluiter in de Club voor de doorwinterde Pukkelpopliefhebber . Mooi .

Neem gerust een kijkje naar de pics (ism daMusic)
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/pukkelpop-2019.html
Organisatie: Pukkelpop

James Leg

James Leg - Nog lang niet moegestreden

Geschreven door

James Leg - Nog lang niet moegestreden
James Leg
Paulusplein + Kaffee-Ine
Oostende + Mechelen
2019-08-16 + 2019-08-17
Ollie Nollet

Eerst kreeg ik op de Paulusfeesten nog de kans om Humanga Danga, die ik op Rock Zerkegem net miste, mee te pikken. Vier heren, strak in het zwarte pak, speelden ondanks het miezerige weertje ten dans op het Paulusplein. Aanvankelijk vond ik ze wat braaf maar besefte al snel dat dit wel een beetje eigen is aan het genre. The Ventures, aan wie ze me deden denken, waren ook niet meteen branieschoppers terwijl Dick Dale, van wie ze een cover brachten, zijn muziek pas in de herfst van zijn carrière een venijnige powerinjectie gaf. Deze groep uit Gent bracht vrij authentieke surf waarin ik me steeds beter kon vinden. Af en toe hoorde ik wat exotische invloeden, iets waar de surfbandjes uit de jaren ‘60 ook niet vies van waren. Maar het was toch vooral de inventieve leadgitaar van Stefan Valenbergs die Humanga Danga ver boven de middelmaat uittilde.

Daarna toch maar eens gaan kijken naar Cosmo’s Foger-T. Nochtans moet ik niets hebben van tributebands maar het ging hier om Creedence Clearwater Revival en de bezieler van dit project was ene Frankie Saenen die nog bij The Kids en (vooral) The Scabs zou gespeeld hebben. Zo’n vijf minuten kon dit me boeien tot duidelijk werd dat de stem van John Fogerty moeilijk te imiteren valt. Het leek erop alsof drummer-zanger Saenen voortdurend op zij adem trapte. Toch was het leuk om er nog eens aan herinnerd te worden wat voor een onvoorstelbare hitmachine C.C.R. moet geweest zijn.

Volgend jaar zal het tien jaar geleden zijn dat de Black Diamond Heavies ermee ophielden, het einde van -ik wik mijn woorden- één van de beste livebands ooit. De kans op een reünie is onbestaande dus moeten we verder met frontman James Leg, die na de split gewoon bleef doorgaan. Maar het niveau van de Black Diamond Heavies bereikte hij nooit meer. Niet alleen omdat zijn drie soloplaten (en nog eentje met Left Lane Cruiser) net iets minder waren dan die van Black Diamond Heavies maar vooral omdat hij er nooit in slaagde een vaste drummer te vinden. Een probleem dat zich net voor deze korte tour opnieuw stelde. Amper enkele dagen voor het eerste optreden liet zijn Franse drummer weten ermee op te houden. Hoe hij het voor mekaar kreeg weet ik niet maar toch vond hij nog een vervanger en wat voor ene! Livia Ranalli, drumster bij The End Men, een heavy blues rock band uit Brooklyn, die onlangs naar Leipzig verhuisde. Een goeie drumster (eindelijk eens iemand zonder metal achtergrond) en esthetisch gezien zeker geen slechte zaak. Maar met beperkingen uiteraard, vooraf kende ze de muziek van James Leg totaal niet. Laat ons zeggen dat ze zich schitterend uit de brand wist te slepen.
Mooier kon James Leg zijn set niet beginnen: met twee Black Diamond Heavies klassiekers, “Take a ride” (T-Model Ford) en “Poor brown sugar”. Ondanks de gietende regen bevond ik mij in de zevende hemel maar toen sloeg het noodlot in de vorm van een blokkerende bastoets toe. Dit soort incidenten gebeuren om de haverklap met zijn Fender Rhodes maar dit keer betrof het zijn bas keyboard en dat bleek net iets lastiger om te herstellen. Dat heb je natuurlijk als je werkt met vintage materiaal dat je ergens goedkoop op de kop kon tikken. Maar het volk bleef geduldig (zo’n tien minuten) en doorweekt wachten.
Volkomen terecht want wat na de panne volgde was een James Leg grand cru. Bij een vorige keer dat ik hem zag vroeg ik me nog af of de houdbaarheidsdatum niet stilaan in zicht kwam maar hier werden alle twijfels weggeveegd. Een zichtbaar gelukkige James Leg (een nieuw lief! en nee, niet de drumster) molesteerde als vanouds en met veel souplesse zijn Fender Rhodes terwijl zijn stem opnieuw de juiste dosis rauwheid bevatte. Zijn bezeten mix van blues, soul, gospel, folk en rock-‘n-roll, gebracht met een niet aflatende gedrevenheid, kent nog steeds zijn gelijke niet. James Leg lijkt na al die jaren ook een meester in het naar zijn hand zetten van andermans nummers te zijn geworden. Zo hoorden we niet onmiddellijk herkenbare maar knappe versies van “A forest” (The Cure) en “Can’t stop thinkin’ about it” (The Gories), niet echt voor de hand liggende keuzes. En hoewel hij al enkele jaren de drank heeft afgezworen lijkt “Drinking too much” (van het Australische The Kill Devil Hills, dit jaar nog gezien op Binic Folks Blues Festival) zijn lijflied te zijn geworden. Ondanks de barre weersomstandigheden zal James Leg er in Oostende ongetwijfeld heel wat fans hebben bijgewonnen.

‘s Anderendaags sloot hij zijn tour af in Mechelen. Kaffee-Ine is een koffiebar in het centrum van Mechelen waar sinds kort ook live muziek gepresenteerd wordt. Op korte tijd konden ze zelfs twee van mijn absolute favorieten strikken: Margaret Airplaneman en nu dus James Leg. Hoog tijd voor een kennismaking. Het knap ingerichte pand leek niet meteen geschikt voor optredens (wat krappe ruimte) maar het warme onthaal maakte veel zo niet alles goed. Dat plaatsgebrek zorgde overigens wel voor een unieke opstelling. Zo stond het orgel frontaal tegen het drumstel opgesteld wat het optreden beslist een stuk intiemer maakte. De set bestond uit dezelfde songs, weliswaar in een andere volgorde geschoffeld, als in Oostende. Het is ooit anders geweest maar wat wil je met twee muzikanten die amper tien dagen geleden voor het eerst samen speelden. Een al vlug in het zweet badende James Leg en een spraakzame Livia Ranalli hadden er duidelijk zin in en maakten er een stomend feestje van in een vol gelopen Kaffee-Ine.
Het enige wat je James Leg zou kunnen verwijten is het gebrek aan nieuwe nummers. Maar achteraf beloofde hij daar werk van te maken. In de loop van dit en volgend jaar zou hij maar liefst vier singles willen uitbrengen, gevolgd door een volwaardige LP. Daarnaast zijn er ook plannen om met The Immortal Lee County Killers nieuw materiaal op te nemen. Aan grootse plannen geen gemis, zoals altijd trouwens, maar of ze ook verwezenlijkt zullen worden valt nog af te wachten …

Organisatie: Paulusfeesten, Oostende + Kaffee-Ine, Mechelen

Pukkelpop 2019 - dag 2 - zaterdag 17 augustus 2019 - impressies

Geschreven door

Pukkelpop 2019 - dag 2 - zaterdag 17 augustus 2019 - impressies

De afwisseling in programmatie bracht de jong kloppende hartjes als de doorwinterde muziekliefhebber bij elkaar , jong en oud , dansminnend of rockend, konden hun eigen parcours afleggen , die in het betrokken weer besloten werd door fikse regenbuien, een domper in sfeer en ambiance ….

TheColorGrey is Belgisch talent in Londen . Pop , soul , funk , r&b, en hiphop worden door een full band kleur en gezicht gegeven als bij blackwave. Het klinkt warm , trippend , groovy … én het rockt. TheColorGrey staat met zes op het podium en heeft een sterke zanger die z’n publiek nauw bij de set betrekt en hen in het hart draagt . De songs kunnen een stevige knauw krijgen,  een ferme schop onder de kont door een gitaarrockende aanpak en de 70s keys. Het gekende “on & on” was hier een van de zachtste nummers . TheColorGrey is tot heel wat in staat live en wisten de dansspieren te prikkelen. Band met een internationale look.

Ander Belgisch talent is het rockduo Equal idiots . Hun garagerock’n’roll  wordt omarmd door die andere duolegendes als ons eigen BBR en Royal Blood , die hier vanavond nog stevig komen rocken . … en stevig klonk het . Eenvoudig , goed , als een sneltrein , rauw , energiek , levendig en springerig. Opblaasbare bomen sieren het podium . Ze nodigen zelfs muzikanten in spé uit op ‘t podium , om de punkattitude wat meer elan te geven . Het hoort er allemaal bij , amusement kruist de professionele kant van de twee . Een pak songs passeerden de revue; er werden enkele nieuwe voorgesteld ook. O.m. op “hippie man”, “what you gonna say”, “ça plane pour moi” (Plastic Bertrand cover) en “put my head in the ground” , kan iedereen nog eens lekker uit de bol doen gaan en het beste van zichzelf geven in luchtgitaar.

Whitney is een van de goed bewaarde indiepareltjes die hun sound verweven met americana . Nee, niet Whitney Houston , maar het is een band uit Boston! Het klinkt zacht , lieflijk, zeemzoeterig ; ook de falset stem van drummer/zanger Julien Ehrlich port dit gegeven nog aan . Met zeven staan ze op het podium en de songs krijgen intensiteit , diepgang door de blazers , gitaarslides, 70s organ en piano; het materiaal is goed uitgewerkt , weemoedig , sfeervol , dromerig en doet denken aan een een oneindige rit ‘on the highway’.  Hun tweede plaat verschijnt , en elke song heeft zo zijn verhaal. Een loungy concept , licht verteerbaar . Luistersongs , met de bekende single “no woman” en “golden days”.

Alles kan in de Australische psychedelische rock . Pond manifesteert zich hier en is onmiskenbaar verbonden met Tame Impala ; ze gaan alternatiever , weerbarstiger te werk dan hun grote broer. Grimmig in het genre , een sound met weerhaken en onverwachtse wendingen; regelmatig horen we toegankelijke psychedelisch rockende grooves .Lieflijk en verbeten , hypnotiserend , bedwelmend , grauw en grillig , een unieke muzikale leefwereld van Pond , waar je in meegesleurd wordt …

Mike D , een van de oude Beasties gaf een DJ-set , geruggensteund door een DJ; deuntjes uit funk, soul, hiphop , acidhouse, dub, (punk)rockclassics hoorden we ; ook enkel Beasties tunes en refreinen ondersteund van die kenmerkende scherpe raps van Mike D. Goed om zijn zangrap  eens terug te horen en classicdeuntjes  waar hij  van houdt . Hun invloed en rijkelijk gevulde carrière dragen we in het hart.
Iets verderop maakte we kennis met de Duitse fanfarebende van Meute . Zij vormen dansklassiekers om als een “man in the red face” in een hoempapaparty . Een blazerssectie van trompetten , sax , trombone, percussionisten, xylofoon in beats verpakt . Origineel , creatief , groovy , dansbaar . Mooi!

Het is al een pak jaren geleden dat Gossip nog eens te zien was . De band rond Beth Ditto hoest ‘music for men’ nog eens op van tien haar terug. Altijd wel een speciale look heeft ze , nu in zwarte jurk , de ogen zwaar gemaskeerd en de donkeroranje haren . Ook Gossip is een publiekslieveling , waarbij Ditto haar publiek nauw betrekt bij de nummers en dus de harten raakt . Een droom van een van de vrouwelijke fans kwam uit, “heavy cross” meezingen op het podium weet de mainstage te ontroeren . “love long distance” , “move in the right direction” en “standing in the way of control” zijn klassiekers die rock’n’roll , soul , funk een hitsende electrogroove facelift bieden . Het andere materiaal was uiterst aangenaam . Verder is het afwachten hoe de toekomst van het combo er zal uitzien …

Het nieuwe gezicht binnen de soul/r&b is de jonge Jorja Smith . Ergens de mosterd gehaald bij Amy, Erykah Badu en Lauryn Hill , weet ze die sound te typeren , sfeervol , innemend of meer extravert, gedragen door haar warme, heldere stem en charisma . Haar band krijgt voldoende ruimte, de songs worden sterk onderbouwd en klinken om de sound voller , intenser, dieper te laten klinken . “Lost & Found” , “the one”  en “do you mind” onderstrepen het jonge talent ; haar danspasjes maken het geheel compleet .  Een afwisselende set in het genre .

Anne-Marie  kleurt haar carrière door heel wat samenwerkingen o.m. met Marshmello (“friends”), Clean Bandit (“rockabye”) , Rudimental (“let me live”) en Major lazer . Anne-Marie speelt ze met plezier , vol enthousiasme , en heeft ook haar eigen materiaal  als een “do it right”; ze zorgt voor een positive vibe en feeling met haar zalige electropopdeuntjes . Een jonge spring-in’t-veld , een hartjesqueen die smileys tovert op de gezichten . Aangenaam luistervoer dus.

Altijd sfeer bij een Eels optreden . En voor wie hem de laatste jaren miste , altijd wel in een andere muzikale  gedaante om de songs te spelen . Mr E heeft een hobbelig parcours in z’n levensloop , maar helend is dat hij de laatste jaren een gretig spelende band rond zich heeft , die de songs rauw , direct , strak rockend brengt, zonder de emotionaliteit te verliezen . Een paar covers o.m. “raspberry beret” , “out in the street”, en de eigen songs “that look you give that guy” (refrein luidkeels meezingen) , “my beloved monster” , “novocaine for the soul” , “today is the day” en “i like birds” krijgen dit mooi verpakt muzikaal jasje aangemeten . Ook de voorstelling van de band zorgt voor leuke momenten . Dit is E en Eels op hun best , rauw van de knorre , zonder franjes , breekbaar in momenten en met gevoel voor humor en relativering . Kan nodig zijn .

En rock rules , rauwe rock’n roll  door Royal Blood on the mainstage . In de gietende regen vuren de twee op een verhoogd podium de nummers op ons af , lekker luid , extravert, fel , gedreven . Ze hebben een stonertouch op z’n Queens. “I only lie when i love you”, “little monster”, “ten tonne skeleton” worden als zoetenbroodjes ontvangen . Het gemis aan interactie is een schaafwonde om meer ambiance en sfeer te verkrijgen . Enkel op het eind met “figure it out” , krijgen we dat verdiende contactmoment , die even de regen liet vergeten .

Een van de aangename verrassingen , waarvan we terug warm kregen was het Nederlands-Turks collectief Altin Gün , die samen met A Baby world/Turks/Indiase sounds combineren met een popgroove en beats . Elektronica, percussie en de wisselende gezangen kleuren het. Een hypnotiserende , bezwerende opzwepende sound . Sterk.

Tot slot het Australische Tame Impala , ze hadden af te rekenen met het regenweer die hun psychedelische popgroove , en het geluid in t algemeen wat nekte . Kleurrijke projecties , vloeistofdia’s, lasers  en een band in schemering zien is erg mooi en zalven het rotweer op dat moment . In hun sound is het stonerrockende wat omgebogen naar een aanstekelijker geluid door de synthbeats en de repeterende , opbouwende lijnen . “Let it happen”, lekker uitgesponnen,  zet meteen de toon . “Patience” laat nog meer beats rollen . Extravert is het wel . En met “elephants” en “eventually” rockt het stevig . “The less I know the better” wuift ons definitief de nacht in .

Betrokken weer , ideaal om een stevig parcours af te leggen . De fikse regenbui die we in de avond en nacht te verduren kregen , zijn een domper in ambiance en sfeer , maar belette niet om de batterij opgeladen te houden .

Heel wat leuks wisten we dus te ontdekken.
Pics en uitgebreide reviews volgen

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/pukkelpop-2019.html
Organisatie: Pukkelpop

Pukkelpop 2019 - dag 2 - zaterdag 17 augustus 2019

Pukkelpop 2019 - dag 2 - zaterdag 17 augustus 2019
Pukkelpop 2019
Festivalterrein
Hasselt-Kiewit
2019-08-17
Tijs Delacroix en Johan Meurisse

De afwisseling in programmatie bracht de jong kloppende hartjes als de doorwinterde muziekliefhebber bij elkaar , jong en oud , dansminnend of rockend, konden hun eigen parcours afleggen , die in het betrokken weer besloten werd door fikse regenbuien, een domper toch in sfeer en ambiance ….

PUP - De verrassing van Pukkelpop 2019, kwam wat ons betreft uit Canada. PUP gaat al zes jaar mee, en waren naar eigen zeggen keer ook al een paar keer eerder te gast op de Limburgse graszoden. De show die zij neerzetten als opener op zaterdag, sloeg alle onvoorbereide curieuzeneuzen met verstomming. Dit is wat men noemt, van de gelegenheid gebruik maken om harten te veroveren. Intens, furieus, vol passie en overtuiging. Zo joeg PUP het ochtendgloren op de kast en zorgde voor een oplawaai van jewelste.

Fornet - Het was mooi om zien dat een nog relatief onbekende, lokale band het tot de programmatie van Pukkelpop kon schoppen. Chokri en Eppo houden meer dan een vinger aan de pols en ook in zijn introductie strooide AB-programmator Overbergh met de referenties voor de jonkies van Fornet. Helaas kraaiden we ietwat te vroeg victorie. Hoewel er heus wel wat interessante dingen te horen vielen tijdens de set van de jonkies, was het duidelijk nog te vroeg om de jongens voor de spreekwoordelijke leeuwen te gooien. Qua zang voelden we enkel wat bezieling wanneer bassist Johan Baeten het woord tot zich nam. Het gebrek aan dynamische twisten en een vreemde passage van een derde zanger, ditmaal die van Teen Creeps, waren voor ons extra tekenen aan de wand. We hopen dat deze smaakvolle vrucht in ontwikkeling niet te vroeg wordt geplukt.

Basement - Zo van die bands die in hun eigen clusterfuck aan fandoms een verzilverde status hebben, maar erbuiten nauwelijks faam hebben, die tref je ook aan op Pukkelpop. De Engelse band Basement is er zo-eentje van. Ze speelden het voorprogramma van Bring Me The Horizon in Vorst een poosje terug, maar ook voor hen is de Club op Pukkelpop op eigen kracht momenteel nog het hoogst haalbare schavotje.
Veel lager in de tabellen zouden ze niet geprogrammeerd mogen worden. Hun melodieuze tracks waren ideale sfeermakers in de fijne, ruwe atmosfeer waarin ze aantraden. Echt memorabel was het optreden echter niet, geslaagd met voldoening zoals onderwijsinstellingen dat dan noemen.

LIFE - LIFE kunnen we onder dezelfde noemer als pakweg Shame en Slaves plaatsen. Doordraaiende (post-)punk met aanstekelijke ritmes met een serieuze hoek af. Helaas bleef ook LIFE ietwat te trouw aan de basisrecepten, en we hopen binnenkort eens iets anders op shows te moeten horen dan de oneindige stroom aan ‘Fuck Brexit’-bindteksten. Hoogtepunt tijdens deze show werd het nummer dat de frontman opdroeg aan alle alleenstaande vaders. Pittige track met een persoonlijke twist. Al bij al geen optreden dat ons nog lang zal bijblijven.

TheColorGrey is Belgisch talent in Londen . Pop , soul , funk , r&b, en hiphop worden door een full band kleur en gezicht gegeven als bij blackwave. , en talrijke andere hiphopwonders in ons landje. Het klinkt warm , trippend , groovy … én het rockt. TheColorGrey staat met zes op het podium en heeft een sterke zanger , Will Michiels, die z’n publiek nauw bij de set betrekt en hen in het hart draagt . De songs kunnen een stevige knauw krijgen en een ferme schop onder de kont door een gitaarrockende aanpak en de 70s keys. Het gekende “on & on” was hier een van de zachtste nummers . TheColorGrey is tot heel wat in staat live met o.m. “swerve”, “jamaica” en “need to know”; ze wisten de temperatuur op te drijven en de dansspieren te prikkelen. Band met een internationale look.

Ander Belgisch talent is het rockduo Equal idiots . Hun garagerock’n’roll wordt omarmd door die andere duolegendes als ons eigen BBR en Royal Blood , die hier vanavond nog stevig komen rocken . … én stevig klonk het . Eenvoudig , goed , als een sneltrein , rauw , energiek , levendig en springerig. Ze delen het graag met hun publiek. Thibault en Pieter zijn sterk op elkaar ingespeeld. Opblaasluchtkokers sieren het podium . Ze nodigen zelfs muzikanten in spé uit op ‘t podium , om de punkattitude wat meer elan te geven . Het hoort er allemaal bij , amusement kruist de professionele kant van de twee . Een pak songs passeerden de revue; er werden enkele nieuwe voorgesteld ook (“16”). O.m. op “hippie man”, “what you gonna say”, “ça plane pour moi” (Plastic Bertrand cover) en “put your head in the ground” , kan iedereen nog eens lekker uit de bol gaan en het beste van zichzelf geven in luchtgitaar.

Mini Mansions - Mini Mansions wist niet te overtuigen. De band kende een enorme boost aan naambekendheid met dank aan de samenwerking met ene Alex Turner (Arctic Monkeys) op de track “vertigo”, maar kon zonder dat icoon live niet wedijveren met het uitstraling en kwaliteit van diens band. De heren droegen mooie pakjes, wat visueel te pruimen viel. Onze oren konden daartegenover de opdringerige drumsound doorheen de geluidsmix een stuk minder appreciëren. Over de show vielen er overigens geen noemenswaardige hoogte- of dieptepunten te noteren. Meh.

Whitney - Zou er nog onderzoek worden gevoerd naar slaapmedicijnen? Dan zou er gerust eens aangeklopt mogen worden bij Whitney. De charmante beginnerspresence van de band heeft plek gemaakt voor een kille, artificiële Amerikaanse vibe. Zonde, want de intieme kleinschaligheid was net datgene wat tracks als “no woman” helemaal tot hun recht liet komen. Op Pukkelpop verdween die sfeer, onder meer door de bizarre opstelling van de bandleden en het verhoogde, centrale drumplatform als sneeuw voor de zon. Muzikaal viel er ook te weinig variatie te bespeuren, neem daarbij dat het speciale stemgeluid van Ehrlich ook niet altijd even makkelijk te verteren valt, en je begrijpt vast waarom we niet lyrisch kunnen zijn over dit optreden. (Tijs)
Whitney is een van de goed bewaarde indiepareltjes die hun sound verweven met americana . Nee, niet Whitney Houston , maar de band uit Boston! Het klinkt zacht , lieflijk en zeemzoeterig; ook de falset stem van drummer/zanger Julien Ehrlich port dit gegeven nog aan. Met zeven staan ze op het podium en de songs krijgen intensiteit , diepgang door de blazers , gitaarslides, 70s organ en piano; het materiaal is goed uitgewerkt , weemoedig , sfeervol , dromerig en doet denken aan een oneindige rit ‘on the highway’.
Hun tweede plaat verschijnt , en elke song heeft zo zijn verhaal. Een loungy concept hebben we, licht verteerbaar van aard. Luistersongs dus , die ons samenbrengt en een gevoel van gelukzaligheid bezorgt, met de bekende “no woman”, “no matter where we go” en “golden days”. (Johan)

Alles kan in de Australische psychedelische rock . Pond manifesteert zich hier en is onmiskenbaar verbonden met Tame Impala ; ze gaan alternatiever , weerbarstiger te werk dan hun grote broer. Grimmig in het genre , een sound met weerhaken en onverwachtse wendingen; regelmatig horen we toegankelijke psychedelisch rockende grooves . Lieflijk en verbeten , hypnotiserend , bedwelmend , grauw en grillig , een unieke muzikale leefwereld van Pond , waar je in meegesleurd wordt …

Mike D , een van de oude Beasties gaf een DJ-set , geruggensteund door een tweede DJ; deuntjes uit funk, soul, hiphop , acidhouse, dub, (punk)rockclassics hoorden we ; ook enkele Beasties tunes en refreinen ondersteund van die kenmerkende scherpe raps van Mike D, die eerder als een MC optreedt . Goed om zijn zangrap eens terug te horen en classicdeuntjes waar hij van houdt . Hun invloed en rijkelijk gevulde carrière dragen we in het hart.
Iets verderop maakte we kennis met de Duitse brass/fanfarebende van Meute . Zij vormen dansklassiekers om als een “man in the red face” in een hoempapaparty . Een blazerssectie van trompetten , sax , trombone, percussionisten, xylofoon in beats verpakt . Origineel , creatief , groovy , dansbaar . Waar het plezier van afdroop. Mooi!

Het is al een pak jaren geleden dat Gossip nog eens te zien was . Tijd voor een reünie dus. De band rond Beth Ditto hoest ‘Music for men’ nog eens op van tien jaar terug. Altijd wel een speciale look heeft ze , nu in zwarte jurk , de ogen zwaar gemaskeerd en de donkeroranje haren . Gossip is een publiekslieveling , waarbij Ditto haar publiek nauw betrekt bij de nummers en dus de harten raakt . ‘Ladies first’, in al zijn aspecten is het motto van Ditto en C° . Een droom van één van de vrouwelijke fans kwam uit, “heavy cross” volledig meezingen met Beth op het podium weet de Mainstage te ontroeren . “Love long distance” , “listen up!”, “move in the right direction” en “standing in the way of control” zijn klassiekers die hun kenmerkende rock’n’roll , soul en funk een hitsende electrogroove facelift bieden . Het andere materiaal was uiterst aangenaam, maar ook voorspelbaar en wel verwaarloosbaar. Verder is het afwachten hoe de toekomst van het combo er zal uitzien …

The Subs - Of er een nieuw album zit aan te komen bij The Subs, daar hebben we het raden naar. De afgelopen tijd droppen de patriotten wel regelmatig nieuwe tracks die doen terugdenken aan de glorieuze tijd van ‘Subculture’. Deze nieuwe tracks vertaalden zich in de Dance Hall tot geweldige live-momenten. “Blank” dat samen met Glints werd gebracht, zette de keet figuurlijk in de fik, maar ook “preacher” (samen met Dvtch Norris) werd één van de vele hoogtepunten tijdens de show. Nu ja, show, één langgerekte topklasse rave, dat was The Subs op Pukkelpop. De showelementen zochten ze vooral bij zichzelf, zo werd er aan de lichttrussen gehangen, gecrowdsurft, … Wanneer is onze volgende afspraak, The Subs?

Het nieuwe gezicht binnen de soul/r&b is de jonge Jorja Smith . Ergens de mosterd gehaald bij Amy, Erykah Badu en Lauryn Hill , weet ze die sound te typeren , sfeervol , innemend of meer extravert, gedragen door haar warme, heldere stem en charisma . Ze is uitgegroeid tot een groots performster, in interactie met haar publiek. Haar band krijgt voldoende ruimte, de songs worden sterk onderbouwd en klinken om de sound voller , groovier, intenser, dieper te laten klinken . “Lost & Found” , “on your own”, “lifeboats”, “the one”, “be honest” en “on my mind” onderstrepen het jonge talent; haar danspasjes maken het geheel compleet . Enkele covers worde toegevoegd. Een afwisselende set dus in het genre .

Parcels - Neem het toegankelijke van Jaguar Jaguar, combineer het met het muzikale van Jungle, en je krijgt Parcels. De Australische band sleepte een sterke indie vibe de Castello binnen. Terwijl het buiten al wat begon te schemeren, waanden we ons in de tent op een zonnig strandfeest. Parcels bracht hun muziek met de subtiele nonchalances en viriliteit van jochies die zich gewoon willen amuseren, in plaats van een setlist af te dreunen. Ook dynamisch stond Parcels op punt, zo surften ze moeiteloos richting een mooie climax.

Anne-Marie kleurt haar carrière door heel wat samenwerkingen o.m. met Marshmello (“friends”), Clean Bandit (“rockabye”) , Rudimental (“let me live”) of David Guetta (“don’t leave me alone”) en Major lazer . Anne-Marie speelt ze met plezier , vol enthousiasme en heeft ook haar eigen materiaal, haar puurste zichzelve,  als een “do it right” en “perfect”; ze zorgt voor een positive vibe en feeling met haar zalige electropopdeuntjes . Een jonge spring-in’t-veld , een hartjesqueen die smileys tovert op de gezichten . Aangenaam luistervoer dus.

Altijd sfeer bij een Eels optreden . En voor wie hem de laatste jaren miste , altijd wel in een andere muzikale gedaante om de songs te spelen . Mr E heeft een hobbelig parcours in z’n levensloop , maar helend is dat hij de laatste jaren een gretig spelende band rond zich heeft , die de songs rauw , stekelig, direct , strak rockend brengt, zonder de emotionaliteit te verliezen . Een paar covers o.m. “raspberry beret” , “out in the street”, en de eigen songs “that look you give that guy” (refrein luidkeels meezingen) , “my beloved monster” , “novocaine for the soul” , “today is the day” en “i like birds” krijgen dit mooi verpakt muzikaal jasje aangemeten . Ook de voorstelling van de band zorgt voor leuke momenten . Dit is E en Eels op hun best , rauw van de knorre , zonder franjes , breekbaar in momenten en met gevoel voor humor en relativering . Zo kennen we Eels nu in de voorbije passages. Kan nodig zijn .

En rock rules , rauwe rock’n roll  door Royal Blood on the mainstage . In de gietende regen vuren de twee op een verhoogd podium de nummers op ons af , lekker luid , extravert, fel , gedreven . Ze hebben enig bombast en een stonertouch op z’n Queens . “I only lie when i love you”, “lights out”, “little monster”, “ten tonne skeleton” worden als zoetenbroodjes ontvangen. Twee cd’s ver zijn we nu en de twee zijn verdomd sterk op elkaar ingespeeld. Vloeiend klinkt het. Het gemis aan interactie is een schaafwonde om net dat beetje meer ambiance en sfeer te verkrijgen . Enkel op het eind met “figure it out” en een uitgesponnen “out of the black”, krijgen we dat verdiende contactmoment , die de regen liet vergeten .

Een van de aangename verrassingen , waarvan we terug warm kregen was het Nederlands-Turks collectief Altin Gün , die samen met My Baby world/Turks/Indiase sounds combineren met een popgroove en beats . Elektronica, percussie en de wisselende gezangen kleuren het. Een hypnotiserende , bezwerende opzwepende sound . Sterk.

The Streets - In de AB kregen Mike Skinner en zijn volgelingen ruim de tijd om hun show neer te zetten zoals ze dat in gedachten hadden. Op Pukkelpop moesten ze die meesterlijke show in het tijdsbestek van één luttel uurtje zien te pompen. En pompen, dat deden ze. Ze lieten er geen gras over groeien en al snel weergalmde “let’s push things forward” doorheen de Marquee. De motor ging helaas niet veel later wat aan het sputteren doordat Skinner zich meer bezighield met de stunt die hij gepland had, dan met het vurig ‘spitten’ van zijn spoken word/raps. Hij mag dan wel finaal een legendarische crowdsurf geplaceerd hebben, we misten de muzikaliteit die we in de AB wel te horen kregen en waar de tracks wel op de eerste plek kwamen.

Tame Impala - Tame Impala was wat ons betreft bij voorbaat de mooiste Main stage headliner die Pukkelpop 2019 te bieden had. De albums van de formatie rond Kevin Parker zijn in tussentijd uitgegroeid tot ware cultsymbolen. Helaas besloten de weergoden er anders over, en viel tijdens de set de regen met bakken uit de lucht. Hierdoor viel er bitter weinig publiek te bespeuren voor het podium, al hebben de blijvers - naast een mogelijke longontsteking - wel waar gekregen voor hun moeite en volharding.
Visueel begon onze trip, en dat mag je best letterlijk nemen, al vanaf de eerste minuut. Met trippy, psychedelische visuals werden we in rustgevende roes geblazen. Ook monsterhit “let it happen” spaarden ze niet lang op, ideaal om op natte sokken toch de dansbenen te testen. Ondanks de erg moeilijke omstandigheden kregen we een show te zien die meer dan zeker ‘headliner waardig’ te noemen viel. Een doordachte setlistsamenstelling, tal van attractieve elementen, maar vooral goed gebrachte live-versies van de tracks die stuk voor stuk ontstaan zijn in Parkers hoofd. Dit zegt ons ook veel over de kwaliteit van de band die hem omkaderde, die eerder op de dag - onder toeziend oog van Parker himself - nog als Pond op Pukkelpop aantraden. Verder werden en masse beelden van “elephant” op menig Instagramverhaal geplaatst, en bleven de smartphones gelukkig diep in de natte broekzakken zitten tijdens de klepper die “the less I know the better” nog steeds is.
We hopen dat deze band in ieder geval binnenkort een droge, tweede kans krijgt om zich voor - hopelijk wat meer volk - ten toon te spreiden. (Tijs)
Het Australische Tame Impala sluit de Mainstage af. Het combo rond Kevin Parker is met de jaren populaire geworden en maakt de brug tussen alternatief en hitgevoeligheid.  Ze hadden af te rekenen met het regenweer die hun psychedelische popgroove , en het geluid in ‘t algemeen wat nekte . Kleurrijke projecties, visuals,  vloeistofdia’s, lasers en een band in schemering zien is erg mooi en zalven het rotweer op dat moment . In hun sound is het stonerrockende wat omgebogen naar een aanstekelijker geluid door de synthbeats en de repeterende , opbouwende lijnen . “Let it happen”, lekker uitgesponnen, zet meteen de toon . “Patience” laat nog meer beats rollen . Extravert is het wel . En met “elephants” en “eventually” rockt het stevig . Het klinkt goed , en we ondergaan het een beetje. Een Marquee maakte hun toegankelijke en aparte geluid magischer. “The less I know the better” wuift ons definitief de nacht in . Goede set , maar in open air niet beklijvend. (Johan)

Betrokken weer , ideaal om een stevig parcours af te leggen . De fikse regenbui die we in de avond en nacht te verduren kregen , waren een domper in ambiance en sfeer , maar belette niet om de batterij opgeladen te houden .

Heel wat leuks wisten we dus te ontdekken.

Neem gerust een kijkje naar de pics (ism daMusic)
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/pukkelpop-2019.html
Organisatie: Pukkelpop

Pukkelpop 2019 - dag 1 - vrijdag 16 augustus 2019

Pukkelpop 2019 - dag 1 - vrijdag 16 augustus 2019 + prélude donderdag 15 augustus 2019
Pukkelpop 2019
Festivalterrein
Hasselt-Kiewit
2019-08-16
Tijs Delacroix en Johan Meurisse

Pukkelpop mag het eindoffensief van de vakantie inluiden. Pukkelpop refresht al enkele jaren. Het festival werd dit jaar definitief op gang getrokken op donderdagavond; de indeling en inkleding van het terrein wordt ieder jaar geëvalueerd en wordt dus wat herschikt . En net als vorig jaar een lange boulevard, die je van het ene uiterste van de wei naar het andere leidde, mooi verlicht. Schitterend. Ook vorig jaar meer dan goed bevonden , het changement de décor en de outfit van de tenten, de Castello, de Club en de Lift staan in trapeziumvorm  met de Mainstage en de Marquee . En de Dance hall en de Boiler schuin tegenover elkaar.
De formule met allerhande kraampjes, standjes en randanimatie maakt het festival kleurrijker. Bovenop het reuzenrad, de kunst PKPart, le Petit Bizar, de ritjes met de riksja’s, de Food Wood , enz. Een relaxte uitstraling.
Sfeer, beleving , comfort en ecologie! zijn belangrijk en zorgen voor een onvergetelijke gebeurtenis voor elk festivalliefhebber . Pukkelpop kon het bordje ‘uitverkocht’ plaatsen.
Pukkelpop investeert en scoort hoog op beleving! Muziek is een deel van het geheel geworden …
Ondanks het vlaggendispuut gaat Pukkelpop 2019 de geschiedenis in als een zorgeloze en vlekkeloze editie met tal van verrassingen op de verschillende podia. De paar plensbuien zijn we allang vergeten. Met vlag en wimpel , een meer dan geslaagde 34 ste editie!
Tot slot enkele cijfers:
47.000 festivalgangers kwamen op donderdag naar de pre-party, een absoluut record! Alle festivaldagen waren volledig uitverkocht met 66.000 bezoekers per dag. Met 320 lasers brak PKP een wereldrecord in de Boiler Room (World record attempt for
biggest laser show).
Volgend jaar opnieuw een dolle rit van 20 tem 23 augustus 2020 …

Ons parcours
We beleefden een aangename, sterke muzikale dag … Een intens parcours legden we samen af op deze eerste dag, vooral tussen Mainstage, Marquee, Castello en de Club , die onze muzikale voorkeur genoot.

Prélude op donderdag 15 augustus 2019
- Pukkelpop pre-party op donderdagavond - Belgisch/Nederlands openingsfeestje (Tijs)
Ruby Grace - Het BeNe openingsfeestje van Pukkelpop, editie 2019, mocht de jonge Louise Vannoppen in De Club op gang trappen. Dit deed de jonge dame, die  zich doorgaans verbergt achter haar alter ego Ruby Grace met veel poeha en lipstickpoppy elementen. Toffe visuals en podium presence, dat zeker, maar een stem en tracks die door ons zeker nog te licht worden bevonden om aanspraak te maken op een hoger plekje in de poppikorde. De attitude zit echter goed, nu nog wat ervaring opbouwen. Wat ze live van Lana Del Reys’ “Cola” maakte, zullen we haar eenmalig vergeven.

Gestapo Knallmuzik - Hoe je een feestje moet bouwen, moeten we de pseudoduitsers van Gestapo Knallmuzik niet uitleggen. De set die ze voor de barstensvolle Dance Hall in petto hadden, was er een die retestrak ineen zat. Van “Danny” en “Komasaupfen” tot en met “Claudia Schwiffer” en “Sabine und Frank”. Tijdens hun shows in onder andere de Gentse Charlatan en Trix experimenteerde de act nog met nieuwere tracks die niet geheel de boel deden ontploffen. Op Pukkelpop kende hun set echter geen enkel verval. Na 5 jaar ging Yannuk zelfs, en plein public, op de knieën voor Angela (Merkel). Wel ontdekten we al erg snel dat de jongsten in publiek op elke track een moshpit trachtten te starten, wat soms erg awkward uitpakte.

Peuk - Opbeukend vanuit de donkerste krochten, steekt alsmaar vaker Peuk de kop op, en terecht zo lijkt ons na hun optreden op Pukkelpop. De woeste combinatie van de pittige combinatie van punk-, garage- en rockmuziek sloeg in alle windrichtingen om ons heen meer dan aan. Ondanks het belabberde geluid achteraan in de tent, ramde Peuk zich naar het eerste muzikale hoogtepunt van de dag. “Cave Person” wordt wat ons betreft Belgisch erfgoed, want live komt dit nummer nóg beter tot haar recht dan via de oordoppen. Wanneer er een technische storing te betreuren viel, gooide de band vervolgens tijdelijk op een spontane break-beat, efficiënt oplossen heet zoiets.

Sons - Terwijl Peuk nog hun opmars doorheen België moet maken, heeft SONS die status ondertussen al verzilverd en mogen ze al dromen van een Europese doorbraak. De criticasters en sceptici die er nog zouden geweest zijn, speelde het Antwerpse gitaargezelschap in ieder geval in een handomdraai naar huis.
De band wordt elke keer alsmaar snediger en harder, kortom beter, in wat ze doen. Daar waar ten tijde van De Nieuwe Lichting hun “Lonely Boy” (Black Keys cover) nog een welopgevoede knaap was, is die nu ontpopt tot een rebelse snelheidsmaniak. Ook op Pukkelpop blaakte SONS van zelfvertrouwen, en dat is niet meer dan terecht. De riffs, het showgehalte, de set-opbouw, alles is doorheen de maanden minutieus in de plooi beginnen te vallen. De progressie die ze in korte tijd hebben gemaakt, is ongezien.

The Van Jets - Voor The Van Jets, die de Club mochten afsluiten, werd het een speciale avond. Nu het afscheid van de bühne steeds dichterbij komt, lijken ook zij te beseffen dat ze van elk moment des te meer moeten genieten. Een nokvolle Club had daar gelijkgestemde gedachten bij. De Oostendenaars speelden een show die wat dubbel aanvoelde, er heerste dan ook een licht somber sfeertje. Dansbare tracks als “Danger Zone” en “Broken Bones” klonken iets minder opgewekt dan gebruikelijk, maar dat belette niemand om de teksten hartstochtelijk uit te brullen. De West-Vlamingen zullen in ieder geval gemist worden op de festivalvelden.

En verder nog … Glints - Een flitsende, witte lichtbalk en een verhoogd podium. Meer dan dat en een flitsende intro had Glints niet nodig om het publiek een wow-effect te bezorgen. De Antwerpenaar, die vooral bekend staat om zijn monsterhit “Bugatti”, ondervindt wat moeite om zich te ontdoen van het juk van een one-hit-wonder te zijn.
Het is in ieder geval niet dat hij het niet probeert, in no-time weet Glints een broeierig sfeertje te creëren, maar de vlam helemaal in de pijp krijgen, lukte pas wanneer Lemmens “Blank” in de frontlinie gooide. De luidsprekers schalden als een tiet, de heerlijk harde, vuile sound liet geen ziel onberoerd. Daarnaast was ook de guest-appearance van Dvtch Norris een voltreffer. Wat een talent en wat een krachtige stem heeft deze man, Chokri en Eppo, lezen jullie mee?

dag 1 - vrijdag 16 augustus 2019
Op de mainstage regeerde vandaag de hiphop . Hier was Post Malone de hoofd act . Alleen deed hij het , met het vuur aan de schenen. Hij zong , rapte en benutte het volledige podium om links en rechts z’n fans te begroeten en te betrekken in z’n set. Hij bijt niet zo sterk af als een Kendrick Lamar; hij steekt heel wat warme soul in z’n sound. Een akoestisch moment en puike afsluiters noteerden we met “sunflower” en “rockstar”. Een meevaller dus in deze scene.

Heel wat moois viel te ontdekken op de andere stages, met The National als absoluut hoogtepunt - Een overzicht

MDC III - Afsluiten op Gent Jazz en in de vroege middag op Pukkelpop spelen, het leven van een jazzmuzikant is allerminst gevarieerd te noemen. Saxofonist en naamdrager van de formatie, Matthias De Craene, noemde het gedurfd ‘a shitty job someone has to do’. Het trio had in ieder geval een snedige set in gedachten voor de benieuwde koppen die de Castello binnenschuifelden. Van “TinniT” tot “killer sushi”, heerste er een mysterieuze, beklijvende sfeer in de tent. Daar waar de act zich doorgaans hult in dikke mistlagen, kregen we nu meer te zien van hoe ze te werk gaan. Terwijl De Craene vrijspel kreeg, werden we met verstomming geslagen door de perfecte afstemming tussen drummers Jacobs en Segers. De concentratie bij beide heren was dermate hoog dat we ons afvroegen hoeveel rilatines hier aan te pas zijn gekomen. De set kende geen verval, en bouwde op professionele wijze naar een climax toe. De perfecte jazz-not-so-jazz festivalset, de aanwezigen hebben gelijk gekregen. (Tijs)
‘s Middags begon het Belgische collectief MDC III die het jazzgeluid wat overhoop halen , het opzwepen met twee percussionisten en houden van experimenten , loops en soundscapes. Filmisch apocalyptisch die soms voodoorituelen opriep, door de repetitief, opbouwende , hypnotiserende sounds. Met een knipoog naar Jah Wobble’s Invaders of the heart . Sterk begin! (Johan)

Intussen was de jonge Londense Nilüfer Yanya solo aan haar set begonnen . Haar band thuisgelaten , was het moedig om enkel , met elektrisch gitaargepingel, soulvol warm te rocken; onder haar helder indringende vocals wist ze het publiek te omarmen . Spijtig genoeg misten haar uitgekleede songs solo dat ietsje meer van de plaat.  Hier hoorde je ergens dat The Pixies een voorname invloed waren , met “gigantic” , naast een Amy of Nina Simone.

Inhaler - De zoon van Bono in je rangen hebben, het lijkt ons een mooie voorsprong te bieden indien je het wil maken in de muziekwereld. Door dit soort namedroppings staken in de Marquee naast benieuwde kopjes met hoge verwachtingen tegelijkertijd een boel sceptici de kop op. We gaven de band een eerlijke kans, maar moeten ons toch tot die tweede groep rekenen. Geen moment kregen we het gevoel dat de jonge bende hun toegekende rol waard was. De tracks kwamen niet tot leven en de podiumprésence van de bandleden die frontman Elija Hewson omringende, was erg onzeker. We mogen echter ook niet te streng zijn, het waren hun eerste muzikale voetstappen op het Europese vasteland. Vooralsnog blijft de zoon-van-referentie weliswaar de meest noemenswaardige. (Tijs)
Inhaler had meteen een volle Marquee . De jonge Ierse band heeft in de front de zoon van Bono, Elija Hewson. Goed afgewerkte , afgelijnde gitaarpop spelen ze. Het oude U2 ten tijde van ‘October’, ‘Boy’ en ‘War’ zijn de inspiratie . Clean, nergens uit de bocht, en een stem als papa , die fors kan uithalen, klinkt het; ze hebben nog niet die beklijvende songs , maar als het meer in de richting van die single “my honest face” gaat, geraken ze er wel. Raakpunten: Gallagher, The Verve , Starsailor en U2 … zonder The Edge . (Johan)

Joost - Virale internethelden ontvangen doet Pukkelpop wel vaker, dat ze meteen op de Mainstage vliegen, dat is echter een bijzonderheid. Joost Klein combineert de meest van de pot gerukte teksten met de meest van de pot gerukte samples en effecten. Raar maar waar, het pakt heerlijk uit. De “Suck my dick, bitch!” uit ‘Ome Robert’ werd door massaal meegebruld door de grote massa (vooral) pubers die zich voor het podium hadden verzameld. Daarnaast knalde Klein ook tracks als “albino” en “scandinavian boy” over de wei. Hilarisch hoogtepunt was de passage van Axel F’s “crazy frog”. ‘Eenhoorn’ Joost, ongetwijfeld één van de kroonprinsen van een genre dat men tegenwoordig post-ironie durft te noemen. Wanneer we zijn tracks moeten afwegen tegenover de massa aan slechte, ‘serieuze’ Nederhop-acts, dan is onze keuze snel gemaakt.

Frank Carter & The Rattlesnakes doet ons denken aan Rollins uit de nineties . Een rosse brulboei, die punk, hardcore , rock’n’roll een gezicht geeft . Met een boodschap . Door de keys is de sound intenser geworden nu, maar als het backtobasics wordt als bij die doorbraaksingle naar het brede publiek, “crowbar” , dan is dit er eentje straight in the face. De oudere songs doen ’t em!, wat wil zeggen energie en opwinding!

Portland - Donderdagavond werden SONS de heersers van de Pukkelpopdag, we waren dan ook benieuwd hoe het hun DNL-broeders (en zuster) van Portland zou vergaan in de grotere Marquee. De Limburgse locals Pepels en Pironet speelden - in tegenstelling tot Inhaler eerder die dag - wél een set op dat niveau. De samenzang klinkt alsmaar heerlijker, en de overtuigingskracht in hun stemmen groeit stukje bij beetje. Daar waar we Pironet in het verleden zagen strijden tegen de zenuwen, stond er nu een klassevolle frontman vol overtuiging het publiek op te poken. Er werd uitbundig geapplaudisseerd, maar het frustreerde Pironet zichtbaar wel dat het publiek met geen stokken te doen mee-aaa’en werd. Een beetje awkward, dat wel. Portland is de Angus en Julia Stone van Belgische bodem; klassevolle muziek, prachtige live-vertalingen, gebracht door oprechte muzikanten. Het betoverende “Ally Ally” was wat ons betreft het hoogtepunt in hun set. (Tijs)
Ons eigen Portland , een van de pareltjes van de Nieuwe Lichting brengt hartenbreken pop , melancholische indiefolkpop met weerhaken soms, met een knipoog naar Dylan . Stemmenpracht van Jente en Sarah , een zalvende gitaar en keys doen ons wegdromen en ontroeren . Ook met z’n tweeën weten zij de Marquee probleemloos in te palmen . Een pakkend moment. “Lucky clover”, “ally ally”, “pouring rain”, expectations” zijn maar enkele prachtsongs van de nakende plaat die ze in het najaar voorstellen. Een liveband met uitstraling dus , die hun publiek aanport en in beweging wil doen krijgen. (Johan)

Stormzy - We hadden hoge verwachtingen bij Stormzy. Hij draagt het label van een van de koningen van de Grime te zijn, wat zich vertaalde naar headlinerstatus op het mythische Glastonbury. Maar zoals het wel vaker voorvalt, is de Noordzee een muzikale muur waar zelfs Trump jaloers op kan zijn. Stormzy liet het op Pukkelpop namelijk helemaal afweten. Enkel in het tweede deel van zijn set kreeg hij een flow op gang, maar hij zat duidelijk met zijn hoofd ergens anders. Een belabberd, traag, futloos optreden, is wat we kregen. Dat terwijl Slowthai, zo hoorden we, een tent in lichterlaaie rapte. De gebrachte ‘remix’ van Ed Sheerans “shape of you” was zo’n dieptepunt in zijn set dat hij het zelfs met - het op plaat heerlijk pittige – “vossi bop” niet meer kon rechttrekken.

Big Thief, uit Brooklyn NY kan ‘the next big thing’ worden . Ze hebben nog maar een nieuwe plaat uit, UFOF’, maar zijn al terug bezig aan nieuw materiaal, ‘Two hands’, zo te horen. En daaruit werd al meteen geput . Hun indie/americana pop kan weerbarstig klinken , zeker als doorbraaksingle “not” lekker wordt uitgesponnen . Het kwartet is sterk op elkaar ingespeeld , weet de schoonheid in de melodie te bewaren en durft hun songs te kruiden . Big Thief is rauwe pracht, zeker in het tweede deel van de set met o.m. “UFOF”, “mythological beauty” en het verschroeiende “contact”. Referentie: Throwing muses , Belly, Lone justice en Emmylou Harris . Dat zal de frontvrouwe Adrienne Lenker plezieren.

Dermot Kennedy - Singer-songwriters, het lijkt soms alsof ze in trossen op de muziekvelden groeien. Uitzonderlijk scheidt er eens iemand het kaf van het koren. Dermot Kennedy is een van die gelukkigen die de afgelopen maanden snel van club- tot zalenvuller groeide. Allemaal te danken aan die hit “power over me” natuurlijk. Deze spaarde hij tot het laatste op. Helaas, maar logisch. De man was duidelijk vermoeid door het intensief touren en ook zijn stem had hier duidelijk onder te lijden. De intensiteit die doorgaans in zijn stem te vinden is, kreeg hij niet ten volle vertaald tijdens zijn show, waardoor het nogal … een saaie bedoening werd. Wel moeten we zeggen dat zijn podium er verrukkelijk cosy uit zag, misschien net te cosy om de ogen te kunnen open houden, aan (te) veel geklets trouwens geen gebrek in de Marquee. (Tijs)
Een volle Marquee terug voor Dermot Kennedy , het nieuwe sing/songwriter wonder , die ergens Tom Odell , Lukas Graham , Ben Howard , Ed Sheeran , Hozier en Rag’n’Bone Man doet oproepen. We horen fijne , semi-akoestische popmelodieën , zalvende keys , piano, intieme beats en rauwe emotie door z’n lichthese vocals . Hit “power over me” werd dan ook luidkeels overgenomen door het publiek. Muzikaal beduidend eenvormig, maar eentje die toch het brede publiek bekoort en raakt! (Johan)

Yves Tumor - Waar het bij Kennedy aan ontbrak, had Yves Tumor zijn act dan weer in overvloed. Prikkels. Gekke effecten op de microfoons, een bonkend harde bas, logge meeslepende beats. Dit optreden was meer dan een muzikale afhaspeling van wat tracks, het was een performance waarbij je een muzikale storm werd ingeduwd. Dat Tumor tussendoor iemand uit het publiek wegstuurde, in plaats van deze persoon te negeren, dat is dan ook weer iets wat bij dit type shows geen wenkbrauw doet fronsen.

We waren vroeger al onder de indruk van Sharon Van Etten , ook al uit NY, die nu meer keys en aanstekelijke beats toevoegt aan haar ‘pop noir’ , donkere indiegitaarpop . Haar stem huivert. Vol overgave. Van Etten heeft het publiek vast. Een sterk gedragen begin met o.m. “comeback kid” en “no one’s easy to love” . Strak en emotievol. “Seventeen” zet een heerlijke finale in , “every time the sun comes” en “serpents” brengen , gepast, net die broeierige spanning en intensiteit die blijft raken. Gevoelige Femme Fatale . Sterk.

White Lies - “Is White Lies anno 2019 nog wel relevant?” Wel, dat valt heus wel nog mee, zo stelden we vast. Opener “time to give” voelde in ieder geval erg fris aan, maar tegelijkertijd leek het nummer ook wat buiten de ingecalculeerde set te vallen. Want zodra “farewell to the fairground” overheen het publiek werd gepompt, sloeg de automatische piloot in gang. En automatische piloot, dat betekent één-pot-nat-vulnummers trotseren en wachten op afsluitende tracks “to lose my life” en “bigger than us”.
Desalniettemin, vulnummer of niet, alles werd muzikaal goed uitgevoerd en ook vocaal kunnen we de immer sympathieke McVeigh weinig verwijten. “To lose my life” en “bigger than us” blijken bovendien nog lang niet hun houdbaarheidsdatum overschreden te hebben. (Tijs)
White Lies zit net als Sharon in een donkere kamer met hun muziek, maar ook hier komen in hun weemoedige wavepop keys , percussie en aanstekelijke beats hun deel met de jaren opeisen . White Lies gaf hier een extraverte performance, meeslepend , gedreven en van zich afbijtend . De electrogrooves zijn heerlijk genietbaar, uitbundig. Meteen de aandacht trokken ze door “time to give”, in een ‘french touch’; verder werden warm onthaald “farewell to the fairground” , “there goes our love again” , “is my love enough”, “take it out on me” , “to lose my life” , “bigger than us” en een opbouwend krachtige “tokyo” . Tja, deze band kan intussen terugblikken op een rits instant klassiekers, die nu live in een extravert jasje werden geduwd.
(Johan)

Mura Masa - Een naam uit de dj-wereld die enkele jaren terug de hitlijsten torpedeerde met allerhande samenwerkingen, leverde mogelijks de meest teleurstellende show van Pukkelpop 2019 af. De tracks die als losse singles meer dan voortreffelijke radio-wondertjes zijn, kregen een onbegrijpelijk oninteressante live-interpretatie. Waar hij aanvankelijk zijn set vlotjes van wal stak met onder meer “one night”, verdween het tempo al snel uit de set. De opgetrommelde zangeres, om de vocals van o.a. Charli XCX te vervangen, deed de nummers ook meer kwaad dan goed. Tijd om te herbronnen, zo lijkt ons, misschien even piepen hoe Jamie XX het aanpakt?

Gekte en chaos, een energieke, opwindende sound én band!  … onze RKTKN tekent hiervoor, al zijn de platen gematigder van aanpak; deze gasten geven zich helemaal en brengen hun instrumenten onder hoogspanning . De zanger Pieter-Paul Devos zingt, krijst , roept , schreeuwt . Dit is noiserock pur sang, ook al klinkt het soms wat ontstemd. We worden in een muzikale carrousel, draaikolk meegesleurd . De visuals zijn een meerwaarde. De band is gehuld in een donkere waas. Wat mysterieus, maar is gepast in het livekarakter.  Uitgewuifd worden we door Eddy Wallys “cherie” . Wat een boeiende intense liveshow was me dit hier.

Franz Ferdinand - Vijftien jaar na het verschijnen van hun debuutplaat, hoort Franz Ferdinand nog steeds tot de crème de la crème van het indie rockgenre. De band blijft echter wel opboksen tegen het feit dat hun debuut een aantal legendarische tracks omvat en ze dit huzarenstukje maar niet - ondanks tal van experimentele richtingen - weten te herhalen op nieuw werk. Gelukkig bleef het gros van deze experimenten op Pukkelpop in de denkbeeldige schuif, want probeersel “glimpse of love” bood ook geen enkele meerwaarde in hun set in Kiewit. In tegenstelling tot hun optreden op Rock Werchter, kon de band niet rekenen op de gunstige situatie na een voetbaloverwinning tegen Brazilië, maar moest het allemaal van hun kant komen. Wat finaal ook lukte, “this fire” zorgde voor een overwinning met forfaitscore.

Modeselektor live , de twee ‘Berliners’ zijn al twintig jaar bezig en maken de combinatie van initiatieven Apparat en Moderat compleet . Krautrock , elektronica , psychedelica, techno , dance en beats , met een donker randje . De twee achter hun grote desk hebben prachtige projecties mee , woorden, teksten, tekens op z’n Massives . “I am your God” , “wealth” en “who” zijn maar enkelen die je in de juiste mood en in een ‘good vibe’ brengen.
 
Avontuurlijke jazz, psychedelica en elektronica … Opnieuw wordt het jazzgegeven overhoop gehaald . The Comet is Coming  brengt een subliem staaltje hiervan , prikkelt de dansspieren en brengt ons in een andere wereld . ‘Apocalyptic space funk’ omschrijven ze het zelf . De sax zweeft over de drums en keys . Morphine in een vierde versnelling . Wat een samenspel van deze drie , fris, vitaal en dynamisch. Een trip meer dan de moeite waard.

IDLES - Dat er een band hedendaagse, maatschappelijke topics combineert met rommelige punk-performances in hun ondergoed, zorgde ervoor dat IDLES in no-time de IT-band van de politiek correcte gitaarliefhebbers werd. Overal waar ze doorgaans spelen, druipt het zweet met liters langs de muren, en worden uitgedeelde blauwe plekken in het publiek met een glimlach ontvangen. Op Pukkelpop ging het potje echter niet helemaal aan het koken. “Mother” werd als feministische track ingeluid, maar veel riot-gehalte viel er in het publiek niet te bespeuren. Dat lieten de Britten echter niet aan hun hart komen, zo gooiden ze er, en passant, nog een bevreemdende medley van onder meer The Commodores en The National, die later op de avond speelden, tussenin. We hebben de band echter al meer moeite zien doen om hun publiek op te jutten, vandaar dat we niet helemaal voldaan kunnen zijn na deze performance.

The National - Wanneer je een band twee keer laat headlinen op een festival als Pukkelpop, dan moet het vertrouwen van het programmatieteam in die act groot zijn. Héél erg groot.
En dat vertrouwen hebben Berninger, de Dessner- en Devendorfbroertjes zeker niet beschaamd. Deze eerste set werd er eentje waarin de band eigenzinnig kon en mocht omspringen met nieuw materiaal, aangezien de hits - zoals te verwachten viel, met dank aan de Studio Brussel luisteraars - al in de zondagavondsetlist zouden belanden. De festivalproductie die The National met zich meesleurt, is bovendien om je vingers bij af te likken. Ze moet nauwelijks onderdoen voor die van hun zaalshows. Grote schermen, inventief gebruik van backstage camerabeelden,... entertainend en functioneel dus.
De keuze qua nummers uit de nieuwe plaat, viel op onder meer “quiet light” en “hey Rosey”, keuzes die erg mooi uitpakten en tracks die live mooi opgingen in de dynamiek van de nummers uit hun oudere platen. Bij The National shows blijft het trouwens altijd een beetje bang afwachten wanneer het eens zal foutlopen tijdens de vele publieksduiken van zanger Matt, want ook nu bezorgde hij de stagehands en de frontlinie aan crowdcontrolers een drukke shift.
Tot slot kon ook het sluitstuk van het optreden niet meer contrast bevatten dan het op vrijdag deed, eerst brulde het publiek samen met Berninger de longen uit het lijf op “Mr. November”, waarna het akoestische en machtige “Vanderlyle” voor het meest magische moment van de dag zorgde.
Dit optreden was een meesterwerkje op zich. Niet alleen omdat de set perfect opgebouwd was, maar eveneens door de muzikale pracht waarmee het - met blazers en gastzangeressen - uitgebreide ensemble deze parels in de verf zette. Een The National optreden ‘comme d’habitude’ dus, maar op een nog hoger niveau gebracht dan we voorheen van ze gewend waren. (Tijs)
The National , ook NY, bestaat twintig jaar en komt op Pukkelpop voor twee sets . Vanavond anderhalf uur lang worden we ondergedompeld in de unieke muzikale leefwereld van Matt Berninger en C°, die door de jaren een podiumbeest is en de broeierige , intense , spannende sound dichter bij zijn publiek brengt . Net als White Lies wordt de ingenomenheid en het donker randje omgebogen naar een strak spelen . Extravertie en afwisseling is er, waarbij de gitaren kunnen gieren en de songs ondersteund worden door blazerssectie en backing vocaliste(s) . Het draagt bij hoe vol en diep The National wel kan gaan .
Schitterende songkeuze trouwens noteren we (zie setlist fm) met o.m. “you had your soul with you”, “don’t swallow the cup”, “sea of love”, “day I die”, “light years” en “Mr November”. Moet er nog zand zijn als je zoiets op een gedreven, emotievolle wijze ziet spelen en je kippenvel bezorgt ?! (Johan)

Crystal Fighters - We zagen Crystal Fighters een hoop jaren terug de Club - toen nog tegenover de Main Stage - aanzwengelen wanneer The XX er headlinede. Ditmaal kreeg de groep dezelfde opdracht toebedeeld. En het recept werkt nog steeds. Een beweeglijke show doorspekt met Afrikaanse invloeden neerzetten en vooral een positieve vibe laten weergalmen. Dat er ook op podium heel wat beweging te bespeuren viel, vormde de ideale doorsteekpas die door het publiek keurig werd binnengetrapt. Klap op de vuurpijl was, hoe kan het ook anders, “plage”. Van voor tot helemaal achteraan, een extatische Club danste zich te pletter.

Voldaan zijn we van deze eerste dag Pukkel . Intussen de nacht in … de toegankelijke beats bonken van mr TmL Martin Solveig en zijwaarts kregen we nog de slepende trippop van James Blake.

Heel wat leuks wisten we dus te ontdekken.

Neem gerust een kijkje naar de pics (ism daMusic)
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/pukkelpop-2019.html
Organisatie: Pukkelpop

Beyond The Labyrinth

Brand New Start EP

Geschreven door

De titelnaam van hun nieuwe EP is niet toevallig gekozen. De afgelopen jaren zat het de band niet meteen mee vanwege het vertrek van hun zanger en hun bassist. Dat werd op hun vorige album, ‘The Art of Resilience’, nog opgelost met een aantal gastbijdrages zoals o.a. de inmiddels betreurde Wizz Beauprez, Colin Flynn, David Watson en Filip Lemmens. Sinds begin 2019 is Filip Lemmens (ex-Fireforce) echter vast lid van de band en werd bassist Wilfried Kiekens opnieuw geïntroduceerd. Op die manier lijkt ‘Brand New Start’ als titel niet vergezocht.
De EP telt vier nummers waarop ze, ondanks dat het bijna allemaal herwerkingen van hun oude songs zijn, nog meer naar hun klassieke rockroots gaan. Ze deden al het voorprogramma van Uriah Heep, Y&T en Threshold. Deze bands, samen met bijvoorbeeld Deep Purple, is het soort biotoop waar ook hun hedendaagse sound goed in gedijt. Het gebruik van de klassieke orgels, verschillende lagen vocals, synthsounds en organischer drums dragen hier zeker toe bij. Opener en titelsong “Brand New Start” begint met heerlijke, naar Deep Purple klinkende, orgels. Deze song kan eigenlijk naast de kwaliteit van de songs van “Livin’ The Dream” (uit 2018) van Uriah Heep staan. Zoals je misschien wel weet is dat een zeer geslaagd album. De cleane zang blendt mooi tussen het orgel en de gitaren. De ritmesectie legt een mooie groove neer. “Shine” is een herwerking van hun single uit 1997. Een hele ommezwaai want als ik die single van toen hoor dan hoor ik haast een gothrockband. Hier hoor je harde rock met wat symfonische invloeden. Een geslaagde rework. Ook “In Flanders Fields” is een herwerking van een vrij goed bekend nummer uit hun debuut ‘Signs’. Hier heeft het nummer meer maturiteit dan het origineel. Ten slotte krijgen we “Salve Mater” dat op het ‘The Art of Resilence’-album staat en waarop Filip Lemmens voor de eerste keer meezingt met de band. Het grootste deel van de song werd opnieuw opgenomen. Enkel de griezelige parts werden gelaten zoals ze in 2017 werden opgenomen.
Deze EP is een voorbode voor een vijfde full album dat volgend jaar zou klaar moeten zijn. Akkoord, we horen niet veel nieuwe songs maar als je luistert naar de herwerkingen dan weet je dat de sound er staat. Op basis van wat we hier horen klinkt dat heel veelbelovend voor dat nieuwe album.

Black Leather Jacket

FFFreaks -single-

Geschreven door

Black Leather Jacket zette zich met twee singles, “Village People” en “Western World”, in de slipstream van The Hives en Oasis en - in eigen land dan - SONS en Equal Idiots, maar met de derde single, “FFFreaks”, veranderen ze het geweer resoluut van schouder. Geen catchy garagerock dus, maar eerder sludgy, stoner-like noise.
Het is verfrissend dat een band zo breed wil gaan en ze zullen de eindeloos weerkerende vergelijkingen met voornoemde bands zo beu zijn als koude pap, maar toch missen we iets aan deze “FFFreaks”. Er zit zelfs naar sludge/noise-normen niet altijd genoeg vlees aan het been. In die genres hebben o.m. Stake en Brutus de lat hoog gelegd. Deze single is een prima track van Black Leather Jacket, want inzake opbouw en compositie is dit top, maar ik krijg het er ook niet warm of koud van. De vonk slaat zelfs na verschillende luisterbeurten niet over. Misschien zijn we als luisteraar te verwend of waren we te hard fan van de eerste twee tracks. Dat kan ook.
Het eerste full album van deze zwartjassen komt binnenkort uit. Benieuwd of ze daarop toch de lijn van “Village People” en “Western World” aanhouden of dat ze nog meer uitstapjes naar andere genres uit hun mouw toveren.

Pagina 312 van 966