logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Wolf Banes ...
Gavin Friday - ...

Acheronte

Son of No God

Geschreven door

De Italiaanse blackmetalband Acheronte ontstond in 2010 en manifesteert zich als anti-christen tot satanisch. Dat bleek al uit zijn debuut 'Ancient Fures' (2016). Voorheen had de band enkele splitalbums uitgebracht: 'The Last Prayer' met Khephra en Black Faith en 'Eternal Evil' met Noctifer, Hate Them All en Arma Christi in 2013, en de EP 'Genesis of Evil'. Begane Satanische wegen worden verder bewandeld op het eind 2018 uitgekomen 'Son Of No God'.
“Heralds Of Antichrist” is alvast een zeven minuten lange mokerslag in het gezicht, met een vuurkracht vergelijkbaar met een allesverwoestende orkaanuitbarsting, of het geroffel van oorverdovende donderslagen bij klaarlichte hemel. Prompt zwaait die poort van de Hel met een oerknal open, en zijn we vertrokken voor een trip waar duivelsaanbidders zich het meeste thuis voelen. Ook “Babylon Unholy Hammer” en “Son Of No God” zijn lang uitgesponnen aardverschuivingen die ervoor zorgen dat de vuurtongen van diezelfde Hel als een hete lava over het land stroomt tot geen enkel huis of tuin nog overeind staat, laat staan je ziel. Agressieve riffs, die genadeloos door je lijf klieven als een botte bijl. Militaristische aanvoelende drumpartijen, die klinken alsof je hersenpan circa 45 minuten lang wordt ingeslagen. En een stem die klinkt alsof de zanger van dienst compleet waanzinnig is geworden en u als aanhoorder eveneens tot diezelfde waanzin drijft vormen de rode draad doorheen deze typische blackmetalschijf. Bij afsluiter “Fall Of Perfection” wordt dit door middel van een meer dan twaalf minuten lange wervelstorm van de donkerste soort nog maar eens in de verf gezet.
Dat Acheronte weinig of niets toevoegt aan zijn ondertussen gekende geluid, stoort niet. Want de band slaagt ook anno 2018/2019 nog steeds in zijn opzet. Het doen ontstaan van een Helse chaos, waardoor satanische wezens het via apocalyptische taferelen hier prompt kunnen overnemen. Dat is het soort black metal, met knipoog naar satanische occulte inbreng, dat ons steeds opnieuw over die duistere streep trekt.
Kortom, 'Son Of No God' is gewoon weer een geweldig sterk klinkende plaat voor fans van het snelle, agressieve en blasfemische soort blackmetal. Aan de doorsnee liefhebber van dit genre? Aanschaffen die handel dus, u zult niet worden ontgoocheld.

Tracklist: Heralds Of Antichrist; Four Beasts; Babylon Unholy Hammer; Transcendental Will; Son Of No God; Fall Of Perfection.

Deflore

Party In The Chaos EP

Geschreven door

De Italiaanse band Deflore maakt al 20 jaar instrumentale industrial metal, met net iets meer aandacht voor de synths dan voor de gitaren. Toen ze twee jaar geleden in Rome mochten openen voor Killing Joke, werden backstage meteen contactgegevens uitgewisseld. Jaz Coleman van Killing Joke is de zanger waar het duo van Deflore al zo lang naar op zoek is. En Deflore is voor Coleman eindelijk eens een band die de moeite van het ontdekken waard is. Van het een kwam het ander en zo werd een EP met drie nummers geboren.
Titelnummer en openingstrack “Party In The Chaos” zit ergens tussen Misery Loves Co en het meer experimentelere werk van Killing Joke in. Veel tekstlijnen heeft Coleman niet, maar zijn naar waanzin neigende stem is een perfecte match voor de dansbare en aanhoudend voortdenderende industrial metal van het Italiaanse duo. Ook de derde en laatste track, “Transhuman World”, met de stem van Coleman die licht vervormd is, klinkt nijdig, snel en donker.
“Sunset In The West” is een twijfelgeval. Hierop zingt Coleman niet, maar speelt hij piano. De industrial metal is even ver weg. Muzikaal is dit filmisch perfect, maar het is een groot contrast met de andere tracks.

Party In The Chaos EP
Deflore + Jaz Coleman
Subsound Records
 

Mise-en-Scene

Party Till The Break Of Dawn

Geschreven door

Skapunkband Mise-en-Scene is twee jaar na de EP ‘One Way’ al terug op de proppen met een volledig album. Net als op ‘One Way’ bewandelen ze op ‘Party Till The Break Of Dawn’ velerlei paden: van gipsy tot hardcore met haltes bij ska en punk.
In de composities en in de lyrics klinkt de band meer volwassen, ongetwijfeld het resultaat van het constante touren in binnen- en buitenland. De blazerssectie krijgt opnieuw een hoofdrol op dit album. De albumtitel is een klein beetje misleidend, want Mise-en-Scene kan ook gewoon ernstig zijn. Openingstrack “Here And Now” heeft iets van een politiek statement en ook “Wicked” heeft een sense of urgency die we doorgaans enkel in hardcore aantreffen, inclusief de koortjes die je lekker brutaal kan meebrullen. Toch wordt alles opgediend met een dansbare en meestal vrolijke saus. Met een feestje maak je immers meer vrienden dan door verwijten in het rond te strooien. “Square” mengt gipsy, hardcore en 2Tone-ska, en het is bovendien één van de beste tracks van het album. “Punkrock November” is - de naam geeft het uiteraard al weg - een heerlijke punkrocktrack en ook “Homesick Boy” zien we vast uitgroeien tot een klassieker bij de optredens.
Er staan geen missers op dit album. Sommige nummers hebben wel een paar draaibeurten nodig voor je ze een gezicht kan geven, maar nadien zitten ze gebeiteld in je hoofd.

Morrissey

California Son

Geschreven door

Morrissey belooft ons op ‘California Son’ een inkijk in de muziek die hem voor de muziek deed kiezen. Op een handvol songs na zijn het echter onbekende tracks waarvan we ons moeilijk kunnen voorstellen dat de Mozzer ze aan Johnny Marr heeft laten horen om het geluid van The Smiths mee richting te geven. De onsamenhangende productie van Joe Chiccarelli helpt ook al niet om mee te graven naar de muzikale roots van de bejubelde dwarsligger.
"Don’t Interrupt The Sorrow” van Joni Mitchell en "Only A Pawn In Their Game” van Bob Dylan zijn nagenoeg onherkenbaar. Het was ergens wel te verwachten dat Morrissey de aandacht naar zichzelf trekt en niet naar die toch wel prachtige songs. Ook opvallend is dat Morrissey voor bijna elke track hippe gastmuzikanten opgetrommeld heeft, maar dat die zelfs geen plekje in de schaduw krijgen op dit coveralbum. Die reeks hippe vogels zijn o.m. Ed Drooste van Grizzly Bear, Ariel Engle van Broken Social Scene, Petra Haden van the Decemberists, Sameer Gadhia van Young The Giant en singer-songwriter LP (Laura Pergolizzi). Ook Billy Joe Armstrong van Green Day en Lydia Night van punkrockband The Regrettes krijgen niet meer dan een fletse bijrol.
Echt veel wijzer over de inspiratiebronnen van de Mozzer worden we niet op dit album. “Suffer The Little Children” (van Buffy Sainte Marie) en “Days Of Decision” (van Phil Ochs) geven in deze versies totaal geen aanknopingspunten met de man zijn vroege of huidige werk. Hetzelfde geldt voor "Wedding Bell Blues” (van Laura Nyro), “When You Close Your Eyes” (van Carly Simon), “Lenny’s Tune” (van Tim Hardin) of “Some Say I Got Devil” (van Melanie). Heeft Morrissey deze artiesten en nummers met teveel of net te weinig respect behandeld of wil hij het achterste van zijn tong niet laten zien?
Slechts drie keer denken we dat Morrissey oprecht een inspiratiebron naar voren schuift: bij “Loneliness Remembers What Happiness Forgets” (van Dionne Warwick) hebben we een elaborate songtitel zoals Morrissey dat ook wel durft te doen en “Lady Willpower” (van Gary Puckett & the Union Gap) heeft in deze versie onbestemd een vibe die we associëren met The Smiths. Hij geeft echter het meeste prijs op “It’s Over” van Roy Orbison. Nu weten we eindelijk waar hij dat timbre, die toon, dat volume en die melancholieke, doorleefde knik in zijn stem aan gespiegeld heeft. 
Verplicht voer voor de fans. En voor rabiate muziekquiz-spelers.

Seagulls

Dirty Moustache -single-

Geschreven door

Seagulls timmeren al een tijdje aan de weg door vooral veel op te treden. Een radiohit zou hen wat sneller op de kaart kunnen zetten. De catchy, dromerige en vrolijke ska-track “Give Me A Reason” kreeg dat in 2017 niet voor elkaar, wat jammer was voor zo’n sterk nummer. Ook met “Chase It Down”, hangend tussen mellow reggae en Tame Impala in, lukte dat toen net niet. Dit jaar schuiven band en label “Dirty Moustache” naar voor als ambassadeur van een later uit te brengen EP.
Het is opnieuw een catchy en zomerse song, met een grappige tekst en een guitig ritme. Met dat fluiten erin kan het zeker een hit worden op Radio 2.De gitaarsolo komt door het in de spotlights zetten van dat gefluit wat laat voor een song die over rock ’n roll gaat, maar daar valt nog wel mee te leven. Met deze “Dirty Moustache” zit Seagulls op het kruispunt het brave van een Eva De Roovere en het ondeugende van een Elmer Food Beat.  Benieuwd welke richtingen ze nog allemaal uitgaan op die nieuwe EP.

The Claim

The New Industrial Ballads

Geschreven door

The Claim is een Engelse band die werd opgericht in de jaren '80. Onder invloed van bands als The Jam, The Kinks en The Smiths, wist The Claim zijn stempel te drukken op dat typische Britpop- en indie gebeuren in de jaren '90. Tussen 1985 en 1992 bracht The Claim twee albums en verschillende singles en EP's uit. Op hun in 1988 uitgebrachte album 'Boomy Tella' was de band aanzienlijk volwassen geworden en het wordt dan ook nu nog steeds beschouwd als hun doorbraakalbum. De band bleef echter teveel die status 'veelbelovend' bewaren. De grote doorbraak kwam er helaas niet. The Claim hield er dus in 1993 reeds mee op, maar blijk toch een invloed te hebben gehad een hele generatie bands. In 2009 speelde de band een reünieconcert in Rochester, gevolgd door een tweede in 2010.
Ondertussen werd ook een retrospectieve plaat uitgebracht: 'Black Path'. Er komt nu eindelijk een gloednieuwe schijf van The Claim op de markt: 'The New Industrial Ballads'. Een zeer aanstekelijk schijfje, waaruit niet alleen blijkt hoezeer deze band werd gemist, maar vooral doet The Claim duidelijk niet aan een routineklus, en dat trekt ons nog het meest over de streep.
Vanaf die eerste song, “Johnny Kidd's Right Hand Man”, blijkt al dat The Claim een nieuwe adem heeft gevonden en klaar is om zijn plaats in dat typische Britse popgebeuren terug in te nemen. Die voornoemde aanstekelijkheid, met lekker aan de ribben klevende drum- en gitaarpartijen op “Journey” en “Smoke And Screens” doen ons naar adem happen. Maar het is, ondanks die meesterlijke riffs, eerder die kristalheldere vocale aankleding die ons toch weer het meeste kippenvel bezorgt. Het lijkt wel alsof de jaren '90 nu pas zijn begonnen. De band slaat dus begane wegen in, maar voegt aan hun muziek van toen zeer veel spontaniteit en spelplezier toe. In de figuurlijk toch grijze en koude tijden waarin we leven, voelen songs als “Hercules”, “When The Morning Comes” en “Gamma Rays” en bij uitbreiding alle songs op deze schijf dan ook aan als een frisse deugddoende wind, waarbij het zonlicht in je ogen prikt en een gelukzalig gevoel over jou neervalt.
Alsof een zware last van hun schouders is gevallen, zo voelt deze plaat aan. We zijn dan ook blij dat The Claim terug uit de doden is opgestaan. Dat de band hier geen flauw afkooksel aflevert van zichzelf, maar duidelijk een visie neemt op een toekomst met een vette knipoog naar hun verleden, bezorgt ons een glimlach op de lippen. Een toekomst die er trouwens, op basis van deze kristalheldere, knappe schijf zeer rooskleurig uitziet.

Unwanted Tattoo

Hey Lucha -single-

Geschreven door

Unwanted Tattoo, dat vorig jaar nog het knappe vinylalbum ‘Pardon My French’ uitbracht, komt al opnieuw op de proppen, met een digitale single deze keer. “Hey Lucha” is een ode aan de Mexicaanse luchadora’s die je vroeger al eens op TV zag. Je hoort opnieuw dat deze band zijn roots heeft in garage en bij de Ramones en The Cramps, maar deze keer zit er ook een flinke scheut rockabilly in de muziek.
Nog leuker dan de single op zich is de videoclip van “Hey Lucha”. Daarvoor heeft Unwanted Tattoo zich eens helemaal laten gaan: fans kregen een snelcursus american wrestling bij Cobra Wrestling Association om in de clip mee te spelen en voor het inblikken van de opnames werd de bevriende Britse video-artist Dan Donovan opgetrommeld. Het resultaat mag er zijn. Het toont dat je niet altijd een giga budget moet hebben om een leuke clip te maken.

https://www.youtube.com/watch?v=Oj3xNotMGT8

Neeka

Meisje meisje

Geschreven door

Na vijf Engelstalige albums vond Neeka het tijd om het over een andere boeg te gooien en ze nam Nederlandstalige liedjes op. Het resultaat daarvan kan je nu horen op ‘Meisje meisje’. Die ommezwaai naar de moedertaal werd haar overigens al lang aangeraden door o.a. Guido Belcanto en Kris De Bruyne. Hadden ze gelijk?
Ik moet eerlijk zeggen dat het wat wennen was om haar in het Nederlands te horen zingen. We werden al wat warm gemaakt de vooruitgelopen single “Kersen”, die mij kon charmeren. Een ideale song om mee te openen ook. Een uptempo liedje dat catchy en zacht klinkt. Het tweede nummer is “Kris De Bruyne” wat een eerbetoon is aan de man zijn liedjes en teksten. Een mooi eerbetoon met een zingende bas en een weemoedige slidegitaar op de achtergrond. Op “Herfst” toont ze haar zielsroersels.
Eigenlijk doet ze dat op vele liedjes en dat maakt het intieme werkjes waarbij ze zich blootgeeft. Tijdens “Ik Ben Echt Niet Kwaad” hoor je dat ze zingt ‘ik ben echt niet kwaad’ terwijl ze dat wel is. Een leuke contradictie waarbij mensen soms het tegenovergestelde zeggen van wat ze menen. Mooie song waar hier wat venijn in zit. Iets wat ik soms wel wat mis op dit album. Ook op “Geen Brave” komt ze onverwacht uit de hoek. De liedjes klinken soms lieflijk, maar de teksten tonen dan weer een andere kant van haar. Het titelnummer heeft een slimme opbouw. Er wordt sterk afgesloten met “Alles Voor Jou” dat bitterzoet klinkt.
Het voordeel met dit Nederlandstalige album is dat het meer opvalt dat Neeka interessante teksten neerpent. Je hebt het idee dat je een inkijk in haar bestaan krijgt.
Wie van kleinkunst houdt,zal dit zeker weten te waarderen. De aantrekkelijkste nummers voor mij zijn diegene waar er wat venijn of bitterzoetheid in zit. ‘Meisje meisje’ is een geslaagde luisterplaat geworden.

Foals

Foals - Als een leeuw uit zijn kooi

Geschreven door

‘Everything Not Saved Will Be Lost’: het lijkt een filosofische uitspraak, maar het is niet minder dan het nieuwe album van Foals. De band besloot om het in twee delen uit te brengen, en dat eerste deel stelden ze nu voor in een lang op voorhand uitverkochte Ancienne Belgique. We kregen er zelfs de eerste show van hun Europese tour voorgeschoteld, en de band was er klaar voor. Met een energieke en intense show wisten ze de hele zaal in een delirium te brengen.

Openen mocht Yak uit Wolverhampton en ook zij hadden een nieuwe plaat om voor te stellen. Een halfuur lang konden ze het beste van zichzelf geven en dat probeerden ze ook. Jammer genoeg klonken hun nummers live iets te plat waardoor nergens een echt overtuigende meerwaarde in dook. Boeien was dus moeilijk, luid was het dan weer wel. Hierdoor was ieder oor wel voorbereid op wat Foals zou brengen, maar waren de verwachtingen niet al te hoog gespannen. Door op het eind nog wat chaos in de set te smijten en toch wat noisy te keer te gaan, probeerde de band het kalf nog te redden, maar Yak was duidelijk niet op zijn sterkst in de AB.

Foals dan maar, en die kwamen om de Ancienne Belgique helemaal aan grut te spelen. De band focust zich deze tour op de kleinere zalen, wat resulteert in een extreem enthousiast publiek. De AB was dan ook gevuld met fans van het eerste uur, en dat voelde je ook. Bijna iedereen kende alle lyrics uit het hoofd en dus was de sfeer van begin tot eind helemaal tip top in orde. Van bij opener “On the Luna” was het hek van de dam en ging iedereen al in het rond springen. En dat was nog maar de opener! Opvolger “Mountain at My Gates” stak het vuur helemaal aan de lont en de AB ontplofte volledig. De eerste moshpit was bij die outro zelfs al een feit, en het was niet de enige.
Soms speelt Foals braaf en aanstekelijk, maar altijd kruipt er wat verdoken gif in zijn nummers, waardoor er soms een angstaanjagende verrassing komt. Denk maar aan het geniale “Providence”, dat live nog tien keer beter overkomt. “Snake Oil” is dan weer een voorbeeld van hoe Foals wel heel furieus te werk kan gaan. Vette riffs en snedige baslijnen geven het donker en intens sfeertje weer. Foals eet duidelijk van twee walletjes, want er zijn ook heel zonnige en uptempo songs te horen, zoals “My Number”. Die kwam trouwens heel vroeg in de set. Een slimme zet, want zo kregen ze letterlijk iedereen mee.
Veel van de nieuwe songs werden opgespaard voor het einde. Een vreemde zet, maar wel een die bleek te werken. Een nummer als “Sunday”, met de heel dansbare outro, werd al omarmd als een nieuwe Foals-classic en ook eerste single “Exits” wist op heel wat enthousiasme onthaald te worden. “In Degrees” voelde er dan toch weer net iets te veel aan in deze set. Het nummer was ons iets te traag en haalde er het tempo wat uit; er waren zelfs bijna geen gitaren in te vinden. Gelukkig was er, net zoals bij de meeste van hun songs, een geniale outro die iedereen terug aan het springen kreeg.
Het venijn zat bij Foals weliswaar in de staart. Met “Inhaler” riep zanger Yannis Philippakis dat het nu echt ging beginnen. Een schreeuwerige vocal, een heuse sitdown (met een verkeerde tijdsinschatting) en vooral de strakke opbouw die de opwinding in de zaal compleet maakte. De ontlading was dan ook gigantisch als de riffs in het rond vlogen en de gitaren zich helemaal smeten. De verbazing was groot dat de band hierna van het podium ging, maar met “What Went Down” hadden ze nog een powerstoot achterwege gelaten.
Ook hier veel krachtige uithalen, en het valt ook op dat die kracht net de sterkte is van Foals. De catchy nummers laten het publiek dansen; de harde nummers brengen het helemaal in extase. En daarin sluipt de sterkte van een liveset van Foals. De band weet het publiek altijd te boeien en de nodige diversiteit in zijn show te steken. Zelfs als een nummer op het randje van verveling begint te bengelen, komt er een onverwachte wending. Met “Two Steps, Twice” haalde Yannis nog eens zijn stuntskills boven door van het balkon in het publiek te springen, en zo zie je dat niet enkel het publiek heel energiek was. Yannis ontbond op het eind helemaal zijn duivels en kwam meerdere keren in het publiek. De man is zijn kuren duidelijk nog niet verleerd.

Foals zette zijn sterke livereputatie nog eens helemaal in de verf in een uitverkochte Ancienne Belgique. De band weet zijn nieuwe nummers perfect te integreren bij zijn oudere songs en hierdoor een heel strakke set af te leveren. Tegenwoordig is Foals allesbehalve een braaf veulentje. Ze zijn ontwikkeld tot een paard vol kracht waarbij ze in volle galop een publiek met zich meenemen en samen over de prairie racen. Daar ondervinden ze extreme stormen, zonnige delen, maar vooral een werelds samenhorigheidsgevoel.
Dat is wat Foals doet, eenheid en intensiteit samenbrengen waarbij iedereen op het eind met een ‘wauw-gevoel’ naar huis keert. Foals is een blijver, zoveel is zeker.

Setlist: On the Luna - Mountain at My Gates - Snake Oil - Olympic Airways - My Number - Black Gold - Spanish Sahara – Syrups – Providence – Sunday - Red Rocks Pugie – Exits - In Degrees - White Onions – Inhaler - What Went Down - Two Steps, Twice

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be
Pics homepag @Alex Knowles

Organisatie: Live Nation

George Ezra

George Ezra - George’s Cas Es Su Casa

Geschreven door

George Ezra bracht vorig jaar zijn tweede album uit en gisteren stelde hij dat voor de vierde keer voor in ons land. De altijd vrolijke Brit kent u zeker en vast van zijn zomerhit “Shotgun” en de meeste van zijn andere nummers stralen ook zomer en warmte uit. Dat is niet moeilijk als je weet dat George Ezra ‘Staying At Tamara’s’ schreef toen hij bij de Spaanse Tamara verbleef. En als je zijn werk kent, hoeft het niet te verbazen dat de zanger graag andere steden en landen verkent. George heeft redelijk wat nummers over zijn reisbestemmingen: Boedapest, Barcelona, Amsterdam, Zuid-Afrika… Lukte het de charmante Brit om ons voor de vierde keer mee te nemen op reis met zijn tweede album, of kregen we gewoon dezelfde show te zien als in de Lotto Arena enkele maanden geleden?

Op de meest recente editie van de Brit Awards werd George Ezra voorzien van een extra live brass band. Ezra vond de band zo leuk dat hij besliste ze mee te nemen op tour. De Hot 8 Brass Band weet hoe ze een feestje moeten bouwen en dat deden ze in ‘american style’. Het achttal liet ons vele malen ‘ha-ha-ha-ha’ en aanverwanten zingen en deed ons onze armen heen en weer zwaaien. Af en toe mochten we stilstaan, maar de band wist ervoor te zorgen dat dat nooit te lang duurde en we ons nooit gingen vervelen. De avondgymnastiek ging gepaard met muziek die eeuwig leek te duren. De groep uit Louisiana stopte slechts één keer even met spelen. Met momenten liepen enkele bandleden wat verloren op het podium, omdat hun blaasinstrument op dat moment niets te doen had. Vreemd dat ze daar dan een beetje verveeld stonden te wachten terwijl hun bandleden een groot feest probeerden te bouwen. Het brass band feestje duurde een goeie vijfenveertig minuten en gedurende al die tijd wisten ze de meerderheid van het publiek mee te krijgen. Veel langer zou moeilijk geweest zijn, dus de timing van de Hot 8 Brass Band zat er niet alleen tijdens het spelen knal op, maar ook de duur van de act was goed getimed.
George Ezra heeft Vorst Nationaal ingericht alsof het zijn huis was. Met kamerplanten, een grammofoonspeler en gezellige verlichting op het podium voelden we ons meteen thuis. Ezra startte zijn housewarming met “Don’t Matter Now” en het feestje van daarnet werd gewoon doorgezet. Door de ‘vensters’ achter hem zagen we ‘buiten’ enkele mooie herfsttaferelen. Al snel begon George te vertellen over zijn reis naar Barcelona, en het gelijknamige nummer volgde. Ditzelfde verhaal kregen we vorig jaar ook in de AB, op Rock Werchter en in de Lotto Arena te horen. Een beetje gemaakt dus, maar toch zorgde George en zijn zeer aangename persoonlijkheid ervoor dat we ons helemaal op ons gemak voelden. Het leek alsof we bij de Brit langskwamen op de thee, waarbij hij verhalen vertelde en zo nu en dan eens een liedje speelde. Velen onder ons voelden dan ook de vrijheid om luid mee te zingen tijdens nummers als “Pretty Shining People”. Om de woorden van David Byrne te gebruiken: ‘Home is where I want to be’.
Wat later liep George Ezra naar zijn grammofoonspeler en legde daar de intro van “Did You Hear The Rain?” op. Tijdens het nummer zagen we winterse buien, maar al snel kwam de lentezon eens piepen. Dat is niet moeilijk met een vrolijke persoonlijkheid als die van George. Na het uitbundige “Paradise” werd het allemaal wat intiemer en tijdens “Hold My Girl” verschenen tientallen gezellige lampjes. We zagen George genieten tijdens dit huiskamerconcert en al snel schotelde de zanger ons opnieuw vrolijke nummers voor. Ezra verschuilt zich altijd achter vrolijke teksten en melodieën, en ook live kregen we alleen maar de zeer opgewekte en enthousiaste George te zien. Hoewel zijn teksten over zijn eigen avonturen gaan, kregen we de volledige George niet te zien. Alleen het ideale schoonzoon-gedeelte verscheen voor het publiek. Een verhaal over hoe hij op zijn bek ging of een nummer over een gebroken hart, zou nochtans ook eens welkom zijn.
Tijdens “Blame On Me” voelden we plots de ‘hot sun’. Het salsa tussenstukje nam ons mee naar Rio en we vierden dan ook feest alsof we ons daar bevonden. Snel reisden we verder naar “Boedapest” en daar werd het feest verdergezet —tenminste na een lang verhaal over Zweedse meisjes en het Eurovisiesongfestival. Deze anekdote haalde ons een beetje uit de feeststemming, maar we vergeven het de jongeman graag. Tijdens de bisronde werd het nog warmer met “Shotgun”, waarvoor George Ezra de mannen van The Hot 8 Brass Band er nog eens bijhaalde. Het was zomer! Totdat we terug in de echte wereld terechtkwamen waar het regende.

Genietende George verwelkomde ons vanavond in zijn woonkamer en gaf daar een geweldig feest. Er werd gezongen en gedanst, maar er waren ook intieme momenten. Dat allemaal terwijl we de vier jaargetijden zagen passeren door de venters op het podium. De visuals waren niet het enige doordachte aan de voorstelling. Ook de verhalen die George vertelde waren aangenaam om te horen, hoewel we deze nog kenden van zijn vorige optredens. Intussen weet de Brit hoe de anekdotes het best over te brengen zonder de titel van het volgende nummer te verklappen.
Ondanks dat het optreden een routineklus was voor de band (en we dus zo goed als dezelfde show zagen als in de Lotto Arena) vermaakten de bandleden en frontman zich duidelijk. Het staat intussen vast dat George Ezra elke gelegenheid in een vrolijke boel weet om te zetten. Zijn “Shotgun” zorgt voor ‘hot sun’.

Setlist: Don’t Matter Now - Get Away – Barcelona - Pretty Shining People - Listen To The Man – Saviour - Did You Hear The Rain? – Paradise - Song 6 - Hold My Girl – Sugarcoat - All My Love - Blame It On Me – Budapest - Cassy O’ – Shotgun

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics
Hot 8 Brass Band
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/vorst-nationaal-brussel/hot-8-brass-band-10-05-2019
George Ezra
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/vorst-nationaal-brussel/george-ezra-10-05-2019

Organisatie: Live Nation

Pagina 328 van 967