logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Deadletter-2026...
Gavin Friday - ...

Steve Hackett

Steve Hackett benadert de perfectie

Geschreven door

Nog nodig om Steve Hackett voor te stellen !? Hij is gewoon één van de beste gitaristen in de rock geschiedenis. Hij was eerst actief in Genesis, de legendarische progressieve rockband tussen 1971 en 1977 ; hij droeg bij aan albums die meesterwerken zijn, van ‘Nursery Cryme’ tot ‘Wind And Wuthering’. Zijn solocarrière kon hij vruchtbaar uitbouwen, maar die had niet het succes van vroeger …

Een paar maanden geleden kwam hij met het tweede deel van zijn 'Genesis Revisited', een ambitieuze viervoudige LP (2xCD), opgenomen met behulp van Steven Wilson, Michael Akerberg, John Wetton, etc., befaamde muzikanten btw !
Tijdens een interview zei Hackett dat hij het interessant achtte om nummers als « Can-Utility And The Coastliners (Foxtrot) » 40 jaar later te herinterpreteren, met de huidige technologie en met zijn ervaring als muzikant en producer.
Dus was het met grote verwachting dat ik voor de « live » vertaling van dit album uitkeek. En ik was niet alleen: de Ancienne Belgique was uitverkocht! Verrassend, maar een bewijs van de buitengewone aura waarvan Genesis vandaag nog steeds geniet. Nostalgie heeft blijkbaar succes in deze periode! En terecht !
Plotseling klinken de eerste akkoorden van « Watcher Of The Skies » ; het publiek reageert enthousiast.. Het is duidelijk: wat volgt zal uniek ziijn. En inderdaad, het was uniek. Meer dan 2 uur muziek uitsluitend samengesteld uit nummers van Genesis. We werden getrakteerd op een selectie van volwaardige juweeltjes zoals « The Chamber Of 32 Doors », uit 'The Lamb Lies Down On Broadway', een titel die het uitzonderlijke bereik van het muzikaal spectrum van Genesis duidelijk aantoont: het is orkestraal, krachtig en van een klassieke inspiratie, maar tevens jazzy, burlesque, met passages van regelrechte folk. « Het is maar een klein liedje dat ik op weg naar hier heb gecomponeerd », grapte Hackett.
Op het podium, wordt Hackett begeleid door Roger King, de Amerikaanse toetsenist die sinds de jaren '90 aan zijn zijde is, Rob Townshend op fluit en sopraansax, Gary O'Toole, zijn trouwe drummer en Lee Pomeroy (The English Rock Ensemble, Archive) op bas. Maar de grote vraag is natuurlijk de zanger. Wie heeft Hackett gekozen om de (uitmuntende) zangpartijen van Peter Gabriel en Phil Collins te interpreteren? Het is Nad Sylvan, de zanger van de Engels prog band Agents Of Mercy (ex-Unifaun). Technisch zeerzeker niet slecht: hij heeft een stem die een beetje gelijkaardig is aan die van Gabriel, maar ietwat meer nasaal. Hij heeft een theatrale houding en gothic look met zwarte make-up aan de ogen en lang blond haar. Soms heeft hij heeft de neiging tot over-reacting en komt zelfs wat ongelukkig over in "The Musical Box".
De show zelf is vrij discreet. Geen decor of kostuums, gewoon een geweldige lichtshow en een paar discrete video's.
Eén van de hoogtepunten van het concert is ongetwijfeld « Dancing With The Moonlit Knight », waar het publiek de super bekende melodie "Can You Tell Me Where My Country Lies" meezingt. Tijdens de instrumentale break bewonderen we de uitstekende techniek van Hackett, die één van de uitvinders is van de 'finger tapping', de (door Eddie Van Halen gepopulariseerde) techniek waardoor gitaristen de vingers van de rechterhand op de hals plaatsen om via hammer-on/pull-off zeer snelle opeenvolgingen van noten te kunnen spelen. Hackett ontwikkelde deze techniek door te kijken naar een aantal blues en jazz gitaristen (vooral Emmett Chapman, de maker van de 'Stick'). De eerste 'finger-tap' solo is waarschijnlijk de intro van « The Return Of Giant Hogweed », op 'Nursery Cryme' (1971)!
Tot zover dit stukje geschiedenis ... Na « Fly On A Windshield », waar Gary O'Toole de zangpartij voor zijn rekening neemt, komt een ander langverwacht moment: « Firth Of Fifth ». Het eerste deel van deze beroemde instrumentale passage wordt niet met de fluit, maar met de soprano sax door de uitstekende Rob Townshend gespeeld. Dan neemt Steve Hackett over met een uitmuntende krachtige en vloeiende uitzonderlijke solo, vol 'sustain' ; de melodie is fascinerend en getuigt van een ongelooflijke schoonheid... Een mooi moment.
De introductie van « Blood On The Rooftops" (uit ‘Wind And Wuthering’) geeft ons de kans te luisteren naar Hackett op klassieke gitaar, wat hij ook tot in de perfectie beheerst. Gary O'Toole zingt de partij van Phil Collins. Dan neemt Hackett  een 'technische' pauze om een aantal problemen op de keyboards op te lossen, maar de band is snel terug voor drie extra songs uit ‘Wind And Wuthering’, waaronder de mooie en beklijvende "Afterglow". Dan komt het zeer hypnotiserende jazz-rockende "Dance On A Volcano", gevolgd door het sterke "Entangled".
Om het concert af te sluiten, biedt Steve Hackett ons een waar hoogtepunt: « The Musical Box » en « Supper's Ready », twee absolute meesterwerken van Genesis. Ook hier grenst het aan muzikale perfectie. Tijdens de aangrijpende instrumentale passage met de fluit in het midden van « Supper's Ready », zijn Hackett en Sylvan onder de indruk dat de melodie door een koor van mannenstemmen uit het publiek overgenomen wordt: een kippenvelmoment …

Als encore speelt de band een erg krachtige jazzy "Los Endos". Aan het eind van het lied, is de sfeer niet te beschrijven: het lijkt erop dat de AB zal exploderen. Het publiek wil een tweede encore maar tevergeefs, de lichten floepten aan.
We hebben een avond in de AB gehad vol prachtige muziek. We zijn Steve Hackett dankbaar om een tweede leven aan de meest geïnspireerde periode van Genesis te geven, hoewel sommige aspecten , waaronder de keuze van de zanger, open discussie zijn. Nu is het tijd om  zich nog even onder te dompelen in de oorspronkelijke versies van deze unieke composities! Steve Hackett heeft hier zijn missie volbracht ...

Setlist : Watcher of the Skies - The Chamber of 32 Doors - Dancing With the Moonlit Knight - Fly on a Windshield - Firth of Fifth - Blood on the Rooftops - Unquiet Slumbers for the Sleepers... - In That Quiet Earth – Afterglow - Dance on a Volcano – Entangled - The Musical Box - Supper's Ready
Encore: Los Endos

Philippe Blackmarquis - Vertaling Philippe Blackmarquis - Johan Meurisse

Organisatie: Live Nation ism Ancienne Belgique, Brussel

PPM Fest 2013 - Driedaags Power Prog & Metal Festival in Mons! – zondag 14 april 2013

PPM Fest 2013 - Driedaags Power Prog & Metal Festival in Mons! – zondag 14 april 2013
PPM Fest 2013


Dag 3 van PPM Fest. Hell City was de 2de metal-battle winnaar en mocht daardoor de 3de festivaldag openen. Er stond zelfs nog minder volk dan bij Dyscordia de vorige dag en dat was misschien ook een beetje terecht. Op hun facebook pagina staat er dat ze the Belgian heavy metal revelation zijn maar meer dan een potje middelmatige typische female-fronted heavy metal brachten ze niet en ik stond me dan ook meermaals af te vragen waarom ik zo vroeg was opgestaan om dit bandje te bekijken. Hun eerder bescheiden fanbasis die aanwezig was kon ze overduidelijk wel smaken maar het grote publiek bleef weg, de enkele nieuwsgierigen die eens kwamen piepen waren dan ook meestal maar kalm of weer vlug weg. Misschien wel leuk als opener maar zeker niet meer dan dat.

De opener op de Alpha stage vandaag was Sun Caged, een progressieve metal band met onder andere Marcel Coenen op gitaar. Ik ben altijd al onder de indruk geweest van zijn gitaarspel en op het album klonk Sun Caged best wel goed, dus was ik best wel nieuwsgierig naar hoe dit op het podium tot z’n recht ging komen.  De band had er overduidelijk zin in en er werd veel materiaal van het nieuwste album gespeeld. Ze waren in topvorm en ik heb als enig negatief puntje dat ze net zoals op album ietsje te zacht zijn naar mijn smaak maar ach,… Dit is duidelijk een band die het achtervoegsel ‘with Marcel Coenen’ niet meer nodig heeft want hij is zeker niet het enige dat deze band te bieden heeft.

Hierna was het de beurt aan de Brazilianen van Shadowside. Hiermee is zowat het interessantste al gezegd over deze band. Voor de rest brachten deze gasten maar een lauw potje heavy metal met wat thrash erin gesmeten. Om de zaken nog erger te maken kon de zangeres werkelijk geen enkel deftig geluid uit haar keel krijgen. Combineer dit met één van de slechtste Motörhead-covers die ik ooit gehoord heb (ze had blijkbaar haar microfoon uitgezet) en je zit opgescheept met één van de slechtste shows van het festival. Next!

Helaas bracht Solisia niet veel verbetering. Ik ben al niet een echt grote fan van het soort prog dat zij brengen en dat werd dan nog eens gecombineerd met een zangeres die zo ongeveer de meest irritante stem had van het hele halfrond. Zingen op een podium was blijkbaar ook totaal niet haar ding want voor toch al een redelijke plaats op de affiche te hebben leek het alsof ze nul procent podiumervaring had en echt niet wist hoe je een publiek moest meesleuren in je set. Gelukkig duurde het niet lang en konden ze weer aanzetten naar Italië.

Helaas zette de trend aan middelmatigheid zich voort. Myrath was één van de bands die ik als must-see had aangeduid maar het ontsprong me waarom. Na hun set vraag ik mij nog steeds af waarom ik in godsnaam die band had aangeduid. Oké, ik moet eerlijk zijn, in het begin van hun set was ik helemaal mee. Hun progressieve metal met oosterse invloeden kon ik best wel smaken en het geluid zat goed. Het probleem was helaas dat je het na 3 nummers wel allemaal gehoord had. Kortom ze speelden constant hetzelfde. Enkel de zang van Zaher Zorgatti ( die blijkbaar pop-idols in het midden Oosten heeft gewonnen) trok het niveau enigszins omhoog maar ook die begon ook al rap te vervelen.

Frankrijk is al lang geen derde wereldland meer als het op metal aankomt. Het land staat voor atypische, tegendraadse bands die je totaal onbekende spectrums van metal laten ontdekken. Neem nu de Franse heavy-metal van Nightmare die echt van topniveau was en waar ik mij in de toekomst zeker eens in ga verdiepen. Toegegeven deze gasten vinden hier zeker niet het warm water uit en spelen wat andere honderden bands ook al gespeeld hebben maar wat Nightmare bracht was boeiend! Tegen het einde van de set stond ik volledig mee te brullen ( met hopelijk de goeie lyrics) en stevig te headbangen met deze jongens. Nog een pluspunt, er was geen gruwelijk Frans accent te horen in hun Engels.

Nu was het de beurt aan het semi-legendarische Tank, zij waren deel van de legendarische NWOBHM-beweging maar slaagden er niet in om net zoals Iron maiden, Saxon en dergelijke om de status van gigantische roem te bereiken hoewel ze toch zeker op hetzelfde niveau spelen. Na ze gezien te hebben op A.O.M. waar ze een fantastische set speelden keek ik erg uit naar deze jongens…maar wat bleek? Geen Doogie White achter de micro maar ex Dragonforce zanger ZP Theart en laat dit nu voor mij het struikelblok geweest zijn gedurende de hele set. ZP Theart is een fantastische zanger maar zijn zang past langs geen kanten bij de heavy metal van Tank, zijn stem is veel te helder. De eerder ruwe stem van Doogie White past hier dus perfect bij, ZP Theart klonk gewoon te clean. Het klonk gewoon niet als Tank voor mij. Het publiek amuseerde zich alleszins enorm en van veel mensen die Tank nog niet hadden aanschouwd kreeg ik te horen dat ze het fantastisch vonden. Ach ja, hopelijk de volgende keer terug met Doogie…

Na Tank was het tijd voor een terugkeer naar de wat meer verfijnde metal en dat in de vorm van Circus Maximus, een band uit het hoge Noorden! Deze Noorse progressieve metalband werd opgericht in 2000 en heeft momenteel 3 albums uitgebracht. “The 1st Chapter” uit 2005 is een album dat ik nog vaak beluister en ook “Nine” uit 2012 is best een interessante plaat. Ik was dus reuzenbenieuwd hoe ze dit alles live zouden gaan brengen. Helaas bleef ik tijdens de ganse set van deze Noren wat op mijn honger zitten. De band klonk superprofessioneel en zanger Michael Eriksen deed z’n best om het gebrek aan présence te compenseren met zijn krachtige stem maar wat ze ook deden de vonk naar het publiek sloeg nooit echt over. Een barslechte eindmix werd de zaal ingestuurd en hiermee is ook het belangrijkste pijnpunt van dit festival blootgelegd. Enkel tijdens “Namaste” en afsluiter “Game Of Life” was het geluid nog best te pruimen…voor de rest worstelden ook deze Noren met de blikken akoestiek van de Bergense Expohal.

Na Circus Maximus stond het alom geroemde en uiterst populaire Firewind op de Alpha stage. Deze Griekse powermetal band van sologitarist Gus G was al meerdere malen te zien in ons land en speelde zo ondermeer voor een overvolle Biebob in 2011(tijdens de Defiance Over Europe tour). Gus G is ‘op papier’ sinds 2009 ook nog steeds de vaste leadgitarist van Ozzy Osbourne dus hij had wel wat te bewijzen. Begin dit jaar liet de band ook weten dat Kelly Sundown Carpenter de nieuwe Firewind zanger werd. Vooral Gus G speelde zich meermaals in de kijker maar ook nieuweling Carpenter paste perfect binnen dit Griekse powermetal plaatje…..Persoonlijk zal ik wel nooit een die-hard fan worden van deze band maar ik kon wel erg genieten van deze technisch hoogstaande powermetal vooral omdat eindelijk de vonk naar het publiek eens goed oversloeg. Een sterke set en de fans dropen dan ook zeer tevreden af om zich vervolgens naar de Omega Stage te begeven voor duidelijk andere kost!

Ken je dat? Er gaat een band beginnen waarvan je wel weet wat ze ongeveer spelen, je weet dat je het ooit eens gehoord hebt en dat je het toen wel goed vond… Dus je besluit om nog eens te gaan kijken, benieuwd wat ze nu te bieden hadden en dat terwijl de verwachtingen eerder beperkt waren…..Wel dat gevoel had ik bij Turisas. Tot voor kort waren ze voor mij slechts één van de zovele folk-metal bandjes die wel eens leuk waren om te horen maar niet meer dan dat. Wat een idioot was ik om dat te denken. Al vanaf het eerste nummer werd ik compleet weggeblazen door de geweldigheid van deze band. Ik stond letterlijk met open mond te kijken naar hoe de band perfect met 4 zangers samen zong en het publiek perfect kon meesleuren in hun epische verhalen. Ook altijd mooi om te zien als de band het flutbier (Maes) die er verkrijgbaar was, de grond inboorde, het feit dat Maes sponsor was namen ze er maar al te graag bij. Het enige minpuntje aan de show was dat het veel maar dan ook veel te kort was want dit was veruit de beste show van heel PPM. De volgende keer dat ze in België zijn ga ik ze zeker gaan bekijken.

Vervolgens opnieuw naar de Alpha stage voor alweer een portie powermetal, deze keer van Duitse makelij. Samen met hoofdact Helloween is Gamma Ray momenteel op tour onder de vlag “Hellish Rock Part 2”. Deze band heeft natuurlijk nog wel meer gelijkenissen met Helloween. Niet alleen komen ze beiden uit Duitsland, ook qua sound zijn er tal van overlappingen. Kan ook moeilijk anders als je weet dat boegbeeld zanger/gitarist van Gamma Ray, Kai Hansen ooit het mooie weer maakte bij Helloween. Uit die begindagen kwam aan het einde van de set zelfs een oude Helloween cover: “Future World”, die song werd luidkeels meegebruld en het was nog maar de vraag of het ‘nieuwe’ Helloween in staat zou zijn een even sterke versie neer te zetten. Tijdens deze set van Gamma Ray was het tijd om de inwendige mens te versterken, zodoende te weinig gezien van Gamma Ray om echt een oordeel te vellen maar de mensen die ik achteraf gesproken heb waren zeer lovend over het optreden.

Een van de bands die mij echt over de streep trok om naar dit festival af te zakken was het Amerikaanse Queensrÿche. Sinds het vertrek (of buitengooien) van zanger Geoff Tate is er al heel wat geschreven over deze band. Feit is dat er momenteel twee bands actief zijn onder de naam Queensrÿche en dat tot een rechter de beslissing heeft genomen over wie nu definitief de bandnaam krijgt toegewezen. Op PPM was het ‘originele’ Queensrÿche te zien met nieuwe zanger Todd La Torre, die we nog kennen van Crimson Glory.
Vorige maand besliste de band om alle geplande live optredens uit te stellen naar het einde van het jaar en de release van het op stapel staande nieuwe album centraal te stellen. Uit dit nieuwe album kregen we al met de song “Redemption” een eerste voorsmaakje van wat we kunnen verwachten in de toekomst. Gelukkig sneuvelde het optreden op PPM niet en konden we onze progressieve Goden van weleer in deze vernieuwde bezetting meemaken. Al van bij de start zat de sfeer er heel goed in…de fans omarmden het nieuwe Queensrÿche erg stevig en de opener “Queen Of The Reich” liet geen enkele fan van het eerste uur onberoerd. De stem van zanger Todd La Torre ging door merg en been. Enkel de erbarmelijke geluidsmix in de hal gooide alweer roet in het eten. Wat volgde was een ijzersterke set met een ontketende La Torre, die Geoff Tate helemaal deed vergeten.
Alle songs kwamen uit de periode 1983-1990…alle acht daaropvolgende albums werden onaangeroerd gelaten. De stem van La Torre leunt immers het sterkst aan tot het Queensrÿche van in de begindagen. Voor we het beseften kwam er met “Empire” een einde aan de veel te korte set. Een enthousiaste band bracht een zeer geslaagd optreden dat duidelijk naar meer smaakte. Toch benieuwd of het ‘andere’ Queensrÿche even sterk voor de dag zal komen….misschien krijgen we ooit ook wel de kans om Geoff Tate’s Queensrÿche live te zien…


Na Queensrÿche moesten we even op adem komen maar veel tijd kregen we niet want headliner Helloween begon meteen aan het slotoffensief. “Wanna Be God” klonk al zeer vertrouwd in de oren en toen golden oldie “Eagle Fly Free” werd aangesneden waren we helemaal mee in het verhaal van de aartsgevaarlijke pompoen. Het waren dan ook vooral de oudere songs zoals “I’m Alive” en de machtige finale met “Dr Stein”, “Halloween” en “I Want Out” die het sterkst werden ontvangen door de fans.
Tijdens deze laatste song mochten de leden van Gamma Ray mee het podium op wat toch nog voor wat extra vuurwerk zorgde op de Alpha Stage. Helloween deed wat het moest doen, zonder echt te verrassen maar was een waardige afluister van PPM 2013.


Setlist Helloween:
Wanna Be God / Nabataea / Eagle Fly Free / Straight Out Of Hell / Where The Sinners Go / Waiting For The Thunder / Are You Metal? (Drum Solo) / I'm Alive / Live Now! / Hold Me In Your Arms / If I Could Fly / Power / Dr. Stein
--------------------
Halloween - How Many Tears - Heavy Metal (Is the Law) / I Want Out / A Tale That Wasn't Right

Bekijk zeker ook eens de video’s van de Queensrÿche show tijdens PPM

Queensrÿche on PPM (Part 1) http://youtu.be/fzdj5qlQWbQ
Queensrÿche on PPM (Part 2) http://youtu.be/Dabc4-k2s5I

Een review over een festival is natuurlijk niet compleet als ook de organisatie niet eens deftig onder handen genomen wordt. Over het algemeen was het dik in orde en dan heb ik het vooral over het strakke tijdschema dat bijna foutloos werd nagevolgd, een dikke duim omhoog hiervoor. Ook een pluspunt is het toch beschikbaar maken van een camping, ok 15 euro is in mijn ogen wel wat veel om je tent op een stukje parkeerstrook te zetten maar toch, het is nog altijd beter dan geen camping. De kostprijs voor een pintje was ook best democratisch als je dat vergelijkt met andere festivals ( het feit dat het Maes was wil ik ze nog vergeven).
Naast het vooral positieve waren er wel wat minpuntjes. Allereerst was het voor ons ( en voor sommige medewerkers) vrij onduidelijk wie waar binnen mocht. Een ander minpunt is het feit dat de toiletten betalend waren (met de nu al legendarische pipi pass), noem me een muggenzifter maar dit is iets waar ik de kriebels van krijg op shows en al zeker als het een meerdaags festival betreft.
Ten laatste mochten er ook wat meer eetmogelijkheden voorzien zijn, nu was er enkel een wel heel gul frietkraam en een pastakraam waar je 6 euro betaalde voor een miezerig potje pasta dat niet eens warm had.
Maar over het algemeen een dikke duim omhoog voor dit festival. Hopelijk mag Musiczine er volgend jaar opnieuw bij zijn! PPM 2014 count us in!


Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/power-prog-metal-festival-2013/

Organisatie: PPM Festival

PPM Fest 2013 - Driedaags Power Prog & Metal Festival in Mons! – zaterdag 13 april 2013

Geschreven door

PPM Fest 2013 - Driedaags Power Prog & Metal Festival in Mons! – zaterdag 13 april 2013

Om een belachelijk vroeg uur was ondergetekende al aanwezig voor de opener van vandaag Dyscordia. Zij waren één van de winnaars van de metal battle en mochten daardoor de festivaldag openen. Helaas voor hen begon die vrij vroeg en was er naast hun op het festival aanwezige fans, pers en enkele vroege vogels geen kat in de zaal te bespeuren. Dat hadden de heren zelf ook opgemerkt want ze begonnen met de opmerking dat het had al lang geleden was dat ze nog eens voor een volle zaal hadden gespeeld. Ik had deze heren al reeds mogen aanschouwen, wist dan ook dat ze een deftig potje melodieuze prog konden neerzetten en dat deden ze ook.
Het geluid stond goed en ze waren overduidelijk in topvorm. Tegen het einde van hun set stond er ook al ietsje meer volk dus de kans zit er wel in dat ze enkele nieuwe zieltjes er bij gewonnen hebben. Enkel spijtig dat ze eerst een metal battle moesten winnen om op dit festival te staan want van mij mochten ze onmiddellijk al een beetje hoger staan…


Openers op het klein podium waren de trollen van Aktarum. Het was al een tijdje geleden dat ik ze nog gezien had en wist eigenlijk niet dat ze nog actief waren. Gelukkig zijn ze dat nog want dit is een geniale live-band. Origineel kan je ze natuurlijk niet noemen met hun troll-metal. Alhoewel een zanger met een keytar altijd wel leuk om te zien is, is dat zowat het enige echt weinig voorkomende dat er is aan deze band. Voor de rest spelen ze wat doordeweekse Folk/pagan metal die we al kennen van ( je raad het nooit) Finntroll. Jammergenoeg was het publiek nog te nuchter en is het typische feestje dat je normaal op hun shows ziet weggebleven. Er werd een bescheiden mosh-pitje gestart maar daar bleef het ook bij. Zelfs de band was niet zo beweeglijk als ze normaal zijn. Voor de rest liep alles goed, het geluid was in orde en de songs werden goed gespeeld maar van alle songs die ze speelden is toch enkel het laatste nummer mij echt bijgebleven.

Ach ja, op naar de volgende. Infernal Tenebra was toch wel één van de bands waar ik naar uitkeek dit weekend. Deze Kroaten spelen een mix van Black, death en thrash met enkele progressieve elementen. Op album komt dit heel goed uit maar live was het allemaal maar een beetje slap, bij de eerste songs hadden ze me echt mee maar daarna werd het wat saai. Het geluid sloeg ook wat tegen en op die manier waren ze mijn aandacht halverwege de set kwijt. Met hun laatste nummer sloegen ze wel weer ijzersterk toe maar dit was niet goed genoeg om hun performance als iets hoger dan middelmatig te noteren. Spijtig.

Na het middelmatige van Infernal Tenebra was het de beurt aan de US power metal van Seven Kingdoms. Hierbij had ik al onmiddellijk een priemende vraag. How the fuck zijn die gasten ( en wel heel goed uitziende dame) begonnen? Dit is namelijk een band die enkel goed boert op een groot podium voor een groot publiek want dit zie ik niet onmiddellijk aanslaan in een pub en al zeker niet in de VS waar power metal niet echt populair is. Bon, genoeg met die vragen en op naar de show zelf die belachelijk goed was. Uit de beschrijving ging ik er van uit dat het een slap potje stereotiepe power metal ging zijn maar wat heb ik mij vergist. Deze show was gewoon geniaal. Instrumentaal was het heel sterk maar het was toch vooral zangeres Sabrina Valentine die het meest opviel gedurende de show, naast dat ze er heel leuk uitzag had ze ook een stem van jewelste en slaagde ze er perfect in om het publiek uit haar hand te laten eten. Ook heel sterk waren de momenten waar de gitaristen en bassist samen zongen wat gewoonweg geweldig klonk. Jaja, deze Game of Thrones-fans hebben mij serieus overdonderd en ik zal ze alvast in de gaten houden.

Na dit potje stevige power metal was het de beurt aan iets anders namelijk het Italiaanse Empyrios die al vanaf de openingsriff mijn aandacht hadden, deze heren steken namelijk een serieuze djent-invloed tussen hun progressive metal. In het begin was het wel wat bevreemdend maar naarmate de set vorderde werd het maar beter en beter. Een pluspunt is ook dat het geen gimmick is, het paste perfect bij de muziek en werd er niet zomaar tussen gegooid om interessant te doen. Ook indrukwekkend was de stem van Silvio Mancini die naast zijn indrukwekkende gewone zang er ook wat screams tussen gooide. Het publiek was net iets minder te vinden voor deze band en de reactie was dan ook eerder lauwtjes maar mij hadden ze alleszins helemaal mee.

Net toen het leek een heel goeie dag te worden kwam Astra snel eventjes roet in het eten houden. Op de website worden ze aanbevolen als één van de beste prog bands ter wereld. Ik zal het maar houden op één van de saaiste eerder heavy metal gerichte bands ter wereld. Niet één song lang slaagden ze erin om mij te boeien, mijn vrouwelijke compagnon was wel bezig over dat het best wel hete kerels waren en daarmee hebben we dan ook het beste van Astra opgenoemd denk ik. Voor de rest was ik tevreden dat het voorbij was want ik stond mij daar toch maar te vervelen. Niet dat ze niet konden spelen of zingen, nee het was gewoon saai en zeer middelmatig.

Ken je dat gevoel als je zo heel erg uitkijkt om een bepaalde band live te zien en dan merkt dat het zwaar maar echt zwaar tegenvalt live? Dat had ik nu dus met Manticora. Of het nu aan de wrange nasmaak lag die Astra bij mij nagelaten had, het feit dat ik honger had of gewoon de band die eigenlijk een stuk minder leuk was dan ik had gedacht, ze konden mij echt geen moment boeien. Achter het derde nummer heb ik mij dan ook maar gewoon wat aan de kant gezet en verder geluisterd maar nee. Op album is dit best een goeie band maar live was het echt dat niet, een zware teleurstelling.

Net zoals hun collega’s van Behemoth later op de dag was Rotting Christ toch wel een beetje een vreemde eend in de bijt op dit festival. Niet dat ik dat erg vond want de Black/Thrash van deze heren zorgde voor één van de beste shows van het festival. Ook het publiek vond dit overduidelijk want er werd een stevige mosh pit ingezet en ook de eerste crowdsurfers van de dag vlogen over onze hoofden. De heren hadden er overduidelijk zelf zin in en sprongen gretig in op het wilde publiek. Er werden enkele nieuwe nummers gespeeld maar het oude materiaal kwam ook aan bod. Helaas was het al veel te vlug gedaan.

Kijk ik ga eerlijk zijn voor ik deze review van Orphaned Land begin. Ik heb een hartsgrondige hekel aan alles wat de band doet of speelt. Echt een gegronde reden naast dat hun muziek voor mij even boeiend is als een natte wortel heb ik niet. Ik had ze al eens live gezien op Velorock en ben dan ook de tent uitgelopen en heb mij ook heel erg moeten inhouden tijdens PPM. Bon, objectief was er muzikaal niets mis. Ze speelden geen fouten en Jezus (Kobi Fahri) is dan ook heel goed in het publiek naar zijn hand zetten. Het publiek vond ze dan overduidelijk ook zeer leuk maar mij irriteerden ze de gehele show door..steeds erger en erger. Het hoogtepunt voor mij was dan ook het vrouwelijk schoon dat kwam buikdansen.

Gelukkig was het nu aan één van mijn guilty pleasures, namelijk Amaranthe. Deze wel heel poppy metal met enkele melodic death metal invloeden en heel wat elektrobliepjes is één van de beste live-bands die je kan aanschouwen. Meestal toch, dit keer was het iets minder. Dit vooral omdat 1 van de 3 zangers, Jake E. Berg, een kanjer van een keelonsteking of verkoudheid had. Je zag de arme man gewoon sterven op het podium, dapper probeerde hij toch een paar keer het publiek aan te spreken en wild mee te doen met zijn bevallige vrouwelijke compagnon en de iets minder bevallige grunter maar ik denk toch dat hij vooral blij was dat de show gedaan was. Naast dit was het een feestje van jewelste en Amaranthe is dan ook een perfecte festivalband. Ze slaagden er zelfs in om ondergetekende te laten rondspringen (waarna ik op een iets minder toffe manier er aan werd herinnerd dat ik binnenkort geopereerd mag worden aan mijn knie en Alestorm op één been heb mogen bekijken).

Hierna was het de beurt aan de ultieme party-band Alestorm, die naar eigen zeggen onze vriendinnen door de neusgaten kwamen bevruchten. Na de 8-bit intro barste het feestje los en werd de ene meezinger na de ander op het publiek losgelaten. Het festival werd ook omgedoopt tot Pirates, Pirates, Milk fest en de vikingen werden afgeslacht. Alestorm is zo één van die bands die live nooit teleur stelt en die onmogelijk een lauwe reactie van het publiek kunnen krijgen. Dat publiek was trouwens letterlijk als was in de handen van Chris “the drunk” Bowes die plots uit het niets een vreemde beweging maakte en zei: “Belgium do this”. Je kan al raden wat er gebeurde. Wel opvallend was het ontbreken van crowdsurfers in opblaasbootjes en heavy metal pirates maar ah, dit is zowat het enige dat mij opviel.

Stratovarius is één van de bekendste Power/prog metal bands ter wereld en aan het aanwezige publiek te zien zijn ze dat niet vergeten. Eerlijk gezegd ben ik nooit echt helemaal weg geweest van deze band. Met deze show gaan ze er alleszins niets aan veranderen, de backdrops waren vet en muzikaal was het allemaal dik in orde. Mijn enige probleem met deze bands is dat ik ze ronduit saai vind en voor mij slechts één van die zovele bands zijn die hetzelfde spelen. Ok, ik moet wel toegeven dat veel van die bands in de scène dit spelen net door deze gasten maar op het einde van de dag kan dit niets veranderen aan mijn gevoel tegenover de band. Voeg daar nog eens een totaal overbodige en veel te lange drumsolo aan toe en ze zijn mij volledig kwijt.

Tijd dan voor 2de vreemde eend in de bijt en dan nog wel headliner vanavond Behemoth. Altijd tof om één van mijn favoriete bands aan het werk te zien en dan nog eens op een festival waar je enkel suikerzoete metal zou verwachtten. Er werd geopend met Ov Fire and the Void wat wel vreemd was want dat deden ze ook bij hun vorige passage in de Trix. Jawel hoor, de show was één grote herhaling van die passage. Niet dat ik dat zo erg vond want ze blijven geniaal. Jammergenoeg bleven de grote lichten die op de vlaggen voor de stages schenen aanstaan gedurende de hele set wat de sfeer voor mij wel een beetje verpestte. Maar ah, ze bleven geniaal. Het werd een bloemlezing van nieuw en wat ouder materiaal, nummers uit hun zuivere black metal periode kwamen helaas wel alweer niet voor. Afsluiten deden ze net zoals de vorige keer met het door merg en been gaande Lucifer. Nog steeds een ietwat vreemde maar daarom zeker niet minder goeie afsluiter van de tweede dag van het PPM Fest.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/power-prog-metal-festival-2013/

Organisatie: PPM Festival 

PPM Fest 2013 - Driedaags Power Prog & Metal Festival in Mons – vrijdag 12 april 2013

PPM Fest 2013 - Driedaags Power Prog & Metal Festival in Mons – vrijdag 12 april 2013

Tijdens dit tweede weekend van april was Musiczine.net te gast op het Power Prog & Metal Festival dat al voor de vierde keer werd georganiseerd in de Expo te Mons. Echt grote namen kon de organisatie ook deze keer niet strikken….wel enkele bekende subtoppers zoals Helloween, Gamma Ray, Stratovarius, Queensrÿche en misschien wel de grootste troef van dit festival op vrijdag…namelijk Tobias Sammet’s Avantasia. Een zeer gevarieerd aanbod aan metalbands uit de verschillende subgenres vervolledigden dit driedaagse festival.

Aangekomen aan de Lotto Expo Hal (lees blikken conservendoos) liep het meteen al ernstig fout. Een bijzonder lange rij had zich gevormd aan de ingang, waardoor we bijna één uur moesten aanschuiven voor we de matig bevolkte hal binnenwandelden. Hierdoor hadden we zowel Fireforce, als Vital Breath gemist en konden we nog net enkele speedmetal tonen opvangen van het in Wallonië vrij populaire Drakkar. Een stevige, gebalde set waarbij het meteen duidelijk werd dat het zeer moeilijk zou gaan worden om in deze blikken Expohal een deftig geluid neer te zetten.

Daarna was Divided Multitude al onmiddellijk een schot in de roos. Ik was ronduit verbaasd want van wat ik had opgevangen was dit een doordeweeks progbandje die niet echt iets nieuws aan de man bracht en eigenlijk redelijk saai was. Dit was dus niet zo. Toegegeven hun progressive metal was vrij traditioneel maar het was ook goed. Ik was onder de indruk van de zang van Sindre Antonsen, die niet enkel zeer melodieus maar ook krachtig uit de hoek kwam. Dit gold trouwens ook voor de rest van de band, die zich gelukkig niet enkel bezig hield met zeemzoete rifjes uit hun mouw te schudden zoals enkele andere bands dit weekend, maar het ging er op veel momenten zelfs vrij hard aan toe.

Na Divided Multitude was het de beurt aan de band van de gastheer zelf. Zanger Tony Max Pie van de Waalse band Max Pie is immers de hoofdorganisator van PPM. Behalve vorig jaar was Max Pie te bewonderen op alle vorige PPM edities. Deze keer programmeerde hij zijn band op het Alpha hoofdpodium…gerechtvaardigd?....Op basis van wat we al gezien hadden wel en na de set van deze sympathieke Walen durf ik te stellen dat ze hun plaats op deze affiche wel verdienden. Begonnen als coverband is Max Pie uitgegroeid tot een begrip in de Belgische progmetal wereld. Ze kondigden hun nieuwe album: 8 Pieces 1 World aan en we kregen zowaar de eerste semi-ballade van de avond. Sterke muzikanten en een sympathieke zanger die zijn beperkingen kent….maar net iets teveel doorsnee deuntjes om echt te imponeren.

Na Max Pie was het op de Omega Stage de beurt aan Tony’s vrienden van DGM. Een Italiaanse progressieve powermetal band die ook al te gast was tijdens de eerste editie van PPM in 2010. Jammer, maar heel wat bezoekers deden geen moeite om zich naar de overkant van de zaal te begeven en bleven dus gewoon staan voor hoofdact Avantasia. Een matige belangstelling dus voor de naar Dream Theater refererende progmetal van DGM. Een stuk songs kwamen uit het pas uitgebrachte album ‘Momentum’, dat duidelijk voor het meesten nog onbekend materiaal was. De indrukwekkende dubbele basdrum van Fabio Costantino, de uitgesponnen gitaarcapriolen van Simone Mularoni en de krachtige vocale uithalen van zanger Mark Basile zorgden er voor dat ook deze keer hun stevige fanbase kon genieten. Toch bekoort deze band mij veel meer ‘op plaat’ en verliezen ze live al veel te vlug mijn aandacht. Doch, zeker geen slechte liveband voor wie Dream Theater en andere klonen hoog in het vaandel draagt!


Afsluiter en hoofdact van de avond was Avantasia. Deze Duitse Power Metal / Hardrock band rond Tobias Sammet was voor het eerst te zien in België. In 2011 stond Tobias Sammet wel al met Edguy op PPM maar deze keer bracht hij het volledige metalopera gezelschap Avantasia mee naar Mons dat bestond uit: Sascha Paeth (guitars), Oliver Hartmann (guitars, vocals), Felix Bohnke (drums), Andre Neygenfind (bass), Miro (Keyboards) en gastvocalisten Michael Kiske, Bob Catley, Ronnie Atkins, Eric Martin, Thomas Rettke en Amanda Somerville. Voor het eerst ook op dit festival kregen we een mooie aangeklede stage te zien met trappen, prachtige backdrops en een schitterende lichtshow. “Also Sprach Zarathustra”, als introtape bracht ons meteen in de juiste sfeer waarna de band met opener “Spectres”, op plaat ingezongen door Joe Lynn Turner maar nu door Tobias zelf gezongen, meteen stevig van leer trok. Tobias beschikt niet meteen of het meest originele stemgeluid en toch was het opvallend dat hij deze avond best zijn mannetje kon staan tussen de groten uit de hardrockwereld.
Wat volgde was een show van meer dan 140 minuten, waarin iedereen wel zijn persoonlijke hoogtepunten kon aanduiden. Voor mij was dit het stevige “Invoke The Machine” met een ontketende Pretty Maids frontman. Bob Catley’s (Magnum) ronde met het fraaie “The Story Ain’t Over”. Ook de sublieme ballade uit ‘The Mystery Of Time’, het zesde studioalbum van Tobias Sammet’s rockopera Avantasia, “What’s Left Of Me”, gezongen door de atypische dandy rockzanger Eric Martin van Mr. Big, was voor mij een van de hoogtepunten van de avond. “Sleepwalking” met Amanda Somerville was er nog zo eentje en ook de grote finale met “Lost In Space” tot afsluiter “Sign Of The Cross” waren rockmomenten om handen en vingers bij af te likken. Toch slopen er ook heel wat kleine foutjes in de set. Dit was immers het eerste optreden van ‘The Mystery World Tour’, maar die werden met de nodige vakkundigheid en een grote dosis humor perfect opgevangen. Avantasia bracht voor ieder wat wils en sloot de eerste dag van PPM waardig af met een zeer sterk (lang) optreden. Hierbij wil ik jullie de setlist niet onthouden en bekijk ook eens enkele video’s van Avantasia op PPM…kwestie van de sfeer (nog) eens op te snuiven.

Setlist Avantasia:
Spectres / Invoke The Machine (met Ronnie Atkins) / Black Orchid (met Ronnie Atkins) / Reach Out For The Light (met Michael Kiske) / Breaking Away (met Michael Kiske) / Scales Of Justice (met Thomas Rettke) / The Story Ain't Over (met Bob Catley) / The Great Mystery (met Bob Catley) / What's Left Of Me (met Eric Martin) / Promised Land (met Eric Martin) / Sleepwalking (met Amanda Somerville) / The Scarecrow (met Ronnie Atkins)/ Farewell (met Amanda Somerville en Michael Kiske) / Shelter From The Rain (met Michael Kiske en Bob Catley)/ The Wicked Symphony (door Bob Catley, Thomas Rettke, Amanda Somerville en Oliver Hartmann) / Lost In Space / Dying For An Angel (met Eric Martin)
-----------------
The Seven Angels (met Michael Kiske, Bob Catley en Oliver Hartmann) / Sign Of The Cross (het ganse Avantasia gezelschap)

Avantasia on PPM 12.04.2013 (Part 1) http://www.youtube.com/watch?v=qkhJ03hCau0&list=PLrn7uAshsKbw4AGkfN9nzU4kPw6K-rkQy&index=1
Avantasia on PPM 12.04.2013 (Part 2)
http://www.youtube.com/watch?v=R_v6NKub80s&feature=share&list=PLrn7uAshsKbw4AGkfN9nzU4kPw6K-rkQy

Avantasia on PPM 12.04.2013 (Part 3)
http://www.youtube.com/watch?v=TEs4Bic-Wwc&feature=share&list=PLrn7uAshsKbw4AGkfN9nzU4kPw6K-rkQy

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/power-prog-metal-festival-2013/

Organisatie: PPM Festival

Madbuzzkwbrg 2013 - Magdalena Solis, Teeth Of The Sea, Mater Suspiria Vision, Psychic Ills, Anika, GNOD

Geschreven door

Madbuzzkwbrg 2013 - Magdalena Solis, Teeth Of The Sea, Mater Suspiria Vision, Psychic Ills, Anika, GNOD
Madbuzzkwbrg 2013

Vanavond staan we vol enthousiasme opnieuw op de betonnen vloer van Magasin 4. Een avond vol psychedelica wordt ons door Buzz On Your Lips, Beursschouwburg en Mad About Music (samengevoegd wordt dat een onuitspreekbare MADBUZZKWBRG) voorgeschoteld. Met groten als GNOD , Psychic Ills en Teeth Of The Sea (zie pics homepag) op de affiche happen we dan ook meteen toe om tot in de late uren ons in de bovenwereld te begeven.

Magdalena Solis, die een soort psychedelische drone over het publiek neerlaat, mag de avond intrappen. Magdalena Solis zijn met twee en kennen een primitieve uitrusting. Met gitaar en laptop brengen ze hallucinante geluiden die een spacy feel geven. Wervelende synths worden gecombineerd met psychedelische gitaar gehuld in een geluid die voortdurend verschuift van dromerig naar bedwelmend. Evenveel aandacht gaat uit naar het creëren van een extatische atmosfeer als de visuele ervaring. Niet vreemd als je weet dat Magdalena Solis als filmproject begonnen is. Na een tijd treedt er echter gewenning op. Het repetitieve wordt bijna langdradig en de aandacht verslapt. Ze staan volgende week op het podium van Roadburn, samen met Teeth Of The Sea, die het volgende optreden in de rij zijn.

Teeth Of The Sea (pics homepag) komen uit Londen  en met vier brengen ze een soort experimentele psychrave met hallucinogene beats die gewoon door je oordoppen heen blazen. Wie had gedacht dat dit het meest boeiende optreden van de avond zou zijn? Ze starten met een basis sound en plots knallen ze door en brengen daarbij een bombastische sfeer over de zaal. Het zijn master muzikanten, waarbij elk van hun op elk moment van de show zo gefocust zijn op hun instrument dat het bijna onwerkelijk lijkt dat ze dergelijke focus tot het eind kunnen behouden. Hun muziek vraagt hun tot het uiterste te gaan, en als luisteraar kan je hier enkel dankbaar om zijn. We kunnen hier spreken van een energetische live show, niemand in de zaal staat dan ook stil hoewel… Op een gegeven moment nagelen ze je aan de grond vanuit een trance geïnduceerde hypnose. Zelden overkomt je dergelijke ervaring. En wanneer drummer Matthew Colegate z’n sneller dan snelste ritme speelt, versnelt hij plots het ritme met nog een tempo hoger en sta je vol verbazing te kijken naar de kunde van dit quatro. Teeth Of The Sea vertrekt vanuit de idee de energie die zij beleven in hun muziek over te brengen naar een ruimer publiek. Dat doen ze dan ook met verve. ‘Haunted disco trance’ is een omschrijving die hun op het lijf geschreven is. Visuals hebben ze niet nodig, al zou ik wel benieuwd zijn als er vocals zouden ingezet worden, hoe dit zou klinken. Het is alvast uitkijken naar volgende week, waar ze het publiek van Roadburn vast en zeker zullen wegblazen.

Mater Suspiria Vision brengt een intrigerend schouwspel waar aan alle facetten van de show evenveel aandacht wordt gegeven. Zowel op vlak van klank, beeld en performance. Met hun visuals sturen ze beelden op je af waar beweging, belichting en vervorming een overheersende rol spelen. Met minimale spookachtige drones vormen ze een landschap die eindeloos lijkt te zijn. Mater Suspiria Vision dost zich deze avond uit in een witte en zwarte cape, vergezeld door een soort medusa achtige figuur die in het midden van het podium als een bijna stenen beeld in een soort van devotische houding staat. Religie is dan ook de hoofdrolspeler binnen hun ‘vision’.
Mater Suspiria Vision is echter muziek die moeilijk al staande verteert, beter zou zijn er een cinematografische voorstelling van te maken.

Psychic Ills
komen uit de US en brengen ons psyche/space rock. Ze ‘labellen’ onder de fameuze Sacred Bones en brachten in februari een nieuw album uit. Met gemoedelijke ritmes geven ze de beweging van een zachte zomerbries. Het wordt niet explosiever, enkel meer psychedelischer. Ze stellen persoonlijk teleur daar ik de verwachting had dat ze een voller geluid zouden brengen. Na een tijd lijkt elk nummer dezelfde lijn te hebben en wekt het eerder slaap op dan enthousiasme.

Anika zingt in haar zalmoranje kleed liedjes die een Brigitte Bardot sfeer oproepen. Geen zang die je omver blaast, noch intrigeert. Het is deel van een ‘no wave’ decor die het best omschreven kan worden als lo fi avant-garde. Ideale achtergrondmuziek om de nieuwe RifRaf te lezen. Het blijft ons een raadsel waar Anika de ruime interesse van luisteraars vandaan haalt. Het publiek was duidelijk wel fan van dit genre.

GNOD is de afsluiter van de avond en het optreden waar we het meest naar uitkeken. Echter anders dan we van hun gewoon zijn palmen ze het podium in met een mengtafel waar ontelbare effectpedalen worden uitgestald. We houden onze adem in en wachten vol spanning op de eerste klanken. Na wat vertraging als gevolg van technische problemen krijgen we experimentele techno noise over ons heen. Het was al laat en menig man was beschonken. Ze kregen dan ook  te maken met een overenthousiaste ethanolgebruiker die ze met veel moeite van het podium konden wegdrijven. De sfeer was voor ons niet aanwezig, en fan van het technogenre zijn we ook niet. Het werd snel duidelijk dat ze hun psychedelische non stop noiserock vanavond niet op ons af zouden sturen.
Teeth Of The Sea was dan ook by far de meest verrassende band van de avond!

Organisatie: Maddbuzzkwbrg (Mad About Music, Buzz On Your Lips, Beursschouwburg) ism Magasin 4, Brussel

Little Waves 2013 – Uitstekende eerste editie!

Little Waves 2013 – Uitstekende eerste editie!
Little Waves 2013

Het stond vandaag (15 april 2013) te lezen in de metro … Universitairen hebben ontdekt dat goede muziek hetzelfde kan teweeg brengen als eens goed eten of een goede vrijpartij. Een gegeven dat niet te ontkennen valt na het eerste Little Waves festival in Genk. Het festival strikte enkele grote namen zoals Lisa Hannigan, Moddi, Marble Sounds en zorgde zo voor een waarlijk cultureel orgasme. Zoals eerder vermeld vond het festival plaats in het pittoreske Genk, meer bepaald in een oude koolmijnerij. Het pand biedt een perfecte mix tussen de oude Genkse gloriedagen en de nieuwe invulling, een puike prestatie als je het mij vraagt. Wandelend tussen oude machines, buizen, foto’s snuif je een deeltje geschiedenis op. Maar genoeg over het pand zelf laat ons overgaan naar de avond zelf.

De eerste band die onze zintuigen mocht prikkelen was Few Bits, een collectief ontstaan rond de Antwerpse singer - songwriter Karolien Van Ransbeeck. De nummers fladderen tussen fluisterpop en dromerige indierock waarbij invloeden van The Sundays of Lisa Germano terug te vinden zijn. Kenmerken die goed naar boven kwamen tijdens “Sweet Warior”, de intieme sfeer op het podium werd overgedragen via de zeemzoete stem van Karolien. Haar stem roept het vertrouwelijke van de moederkloek en weet zo de hele zaal in vervoering te brengen. Tijdens “People” tilde de band het geheel naar een hoger niveau. Het gebruik van meerdere stemmen creëert een diepgang in het nummer, wat aangevuld met de sterke melodische lijn van de gitaar het vertrouwelijke van de band verder zet. Dit zelfde sfeertje was ook terug te vinden tijdens “One Night Friend”, de hese stem van Van Reesbeeck neemt je mee in een eigen wereldje terwijl ze een verhaal vertelt. Het ontwapenende nummer heeft klanken die terug te voeren zijn naar de vroege Sigur Rós periode. Met nummers zoals “Come on Home”, “Wolves”, “Big Sparks” werd het singer - songwritergehalte doorbroken en toonde de band hun rock kant. “Come on home” wordt gedragen door de bas en dwingt je door de opbouw tot bewegen. “Big Sparks” bracht de meer experimentele kant naar boven, de afwisseling tussen de bas en melodische gitaar zorgde doorheen het nummer voor een Pink Floyd gevoel.

Tussen de bands door kon het publiek kennismaken met enkele singer - songwriters in spe. Utinknesse probeerde het singer - songwriter gegeven te doorbreken door te werken met verschillende loops. Het geheel kon uiteindelijk de zaal niet bekoren. Oakfield Drive bewees dat niet alleen vrouwen of zachtaardige mannen goeie schrijvers zijn. Het rock kantje aan zijn nummers kon het publiek wel bekoren.

Na een ferme vertraging door technische mankementen was het uiteindelijk aan Douglas Firs. Een band ontstaan rond Gertjan Van Hellemont (Bony  King of Nowhere) aangevuld met bassist Simon Casier (Balthazar), Laurens Billiet (Spencer the Rover) dook achter de drums en Cleo Janse (Bony king of Nowhere) verving de gebruikelijke pianist. Hoewel het eerste akoestische nummer een prachtige opener was verkies ik toch de full band bezetting. Wanneer de groep inzet tijdens het tweede nummer, “Shimmer and Glow”, vloeit de energie van het podium. De muziek draagt zowel kenmerken van Neil Young als Bob Dylan, Ryan Adams,… Kenmerken die sterk naar boven kwamen tijdens “I don’t think you’re good to have around”. Dit stevige rocknummer wordt opgesierd door blues licks en orgel klanken. Gertjan Van Hellemont weet perfect een set op te bouwen, de overgangen van stevige naar sentimentele nummers weerspiegelen ook de cd (‘Shimmer and Glow’). “Misunderstood”, “Baby jack” balanceren tussen poppy en rock en vervolledigen op deze manier het uitgebreide repertoire van Douglas Firs.

Tijd voor een tweede pauze en ja alweer twee sterke singer - songwriterkandidaten, dit keer kon Songs of Sirens met een iet wat country-achtige stijl de zaal warm maken. Deze werd opgevolgd door Mocking Jay die in vergelijking met de vorige zangers/zangeressen duidelijk meer gevorderd was in het nummers schrijven. Hij brengt een heel volwassen sound die hem uiteindelijk de winnaar van de avond maakten. Een laatste kandidaat was Vince Jaenen, ongetwijfeld een goeie zanger maar het Bieber gehalte konden we toch niet volledig van ons afschudden.  

Dan was het tijd voor Marble Sounds, stilaan Belgische trots geworden. Pieter Van Dessel als frontman en Gianni Marzo (Isbells) vormen het meesterbrein van Marble Sounds. Op Little Waves kwamen ze hun nieuwe plaat ‘Dear me, Look up’ voorstellen. “The time to sleep”, het openingsnummer van hun eerste cd, begint zeer rustig om uit te groeien tot een stevig rock nummer.  Een nummer dat als verpersoonlijking van Marble Sounds gezien kan worden, zwevend tussen subtiel gitaarwerk en stevige rock. Alvast een perfecte opener. Dit werd gevolgd door “No one ever gave us the right” en “My Friend”. Beide nummers worden gekenmerkt door sterk opbouwend te zijn waarbij de muziek de stem golvend begeleid. “Ship in the sand” , een cover van Sophia, haalde het donkerste kantje van de heren naar boven. De vrolijke muziek met een diep droeve tekst laat je even zweven in melancholie. “Dance Clarence Dance” was net zoals op de plaat de opvolger. Om de woorden van Van Dessel te gebruiken, tijd voor een vrolijk nummer! En vrolijk werden we inderdaad, de stevige melodie dwong ons tot bewegen hier en daar waagde iemand zich aan een voorzichtige danspas maar meestal bleef het bij mee knikken op de muziek.  Voor “Sky High” haalde Marble Sounds Karolien Van Ransbeeck op het podium. Spijtig genoeg kon dit nummer het zelfde gehalte als de rest van de set niet bereiken, kwam het doordat Karolien de tekst niet meteen kende, doordat het al zo laat op de avond was? Ik weet het niet maar echt overtuigend was het niet. Ze sloten af met “The summer of the sun” en “Evenings”. Twee nummers die het uiterste bieden van Marble Sounds en de set perfect afronden.

Volgende in rij, Lisa Hannigan voor velen de ster van de avond. De betoverende Ierse met een hemels hese stem, ondertussen wel gekend van de Danone reclame speelde tot voor kort bij Damien Rice. Nadat deze genoeg had van de samenwerking, besloot ze het alleen te proberen. Geluk voor ons! Ondertussen heeft ze twee platen op haar naam staan (‘Sea Sew’ en ‘Passenger’). Deze dame werd op het podium alleen begeleid door een gitaar, ukulele en mandoline. “Little Bird” zette de avond in, meteen werd de zaal ongelooflijk stil. “Passenger” was van het zelfde laken een pak, ditmaal werd de gitaar gewisseld voor mandoline. Het stampen van de voet zorgde voor het ritme en de wondermooie stem maakte verschillende sprongen. Het nummer uitgekleed tot op het been was kwam sterker over dan de cd versie. Na al die serieuze nummers was er ook eens tijd voor humor “Oh Sleep” normaal een duet, werd een solo duet. Verder trakteerde ze ons nog op “Safe Travels, don’t die”, “Lille” en het wondermooie “Knots”. Het was een perfect einde voor het ingetogen maar krachtige optreden.

Volgende aan zet was Winterslag. Een band ontstaan rond Rolf Veressen (ex- Feuerbach, Yuko, The bear that wasn’t), wat begon als een soloproject groeide uit tot een volwaardige band. Verder marcheren in het gelid Renee Sys (Renée), Ruben Lamon, David Broeders en Brecht Plasschaert (Marble Sounds). Ze namen onlangs deel aan Humo’s Rock Rally en brengen een dromerige indie pop. Met de opener “Hometown” werd het soft rock gehalte van de band aangehaald. “After that I fell in the water before that I drowned” volgde en kon ondanks de tweede stem van Renée de zaal niet echt bekoren. “How we lost control” en “Sideways” zijn eerder experimentele nummers met een aparte sound. Om een of andere reden leken de nummers weinig samenhangend maar er was wel een grote muzikale technische vaardigheid merkbaar aanwezig. “A brief Spell” creëerde meer harmonie en samenhang in de set. Het was één van de beter beluisterbare nummers. Al bij al was het een behoorlijk concert van Winterslag, spijtig genoeg kon het mij niet bekoren vanaf het eerste moment. Het experimentele gehalte in de nummers vraagt zeker voor een tweede luisterbeurt waarna de complexiteit van de nummers beter naar voor komt.

En dan was het tijd aan de laatste band van de avond Moddi. Deze Noorse sensatie deed in 2 jaar, 250 concerten waarna hij even rust nam om zich te herbronnen en naar buiten te komen met een nieuwe cd ‘Set the house on fire’. De blootvoetse Pål Moddi Knutsen (zang, accordeon en gitaar) start alleen op het podium. Het Noorse “Heim” lijkt wel universeel te spreken. “Let the spider run alive” wordt met de band ingezet, de accordeon wordt bovengehaald en zowaar ook de beat box talenten van Knutsen. Dit muzikale talent ondersteund door o.a Katrine Schiott (cello), Erik Normann  Aanonsen (Bas/contrabass) slaagt er in om de verschillende muzikale lagen in dit nummer tot zijn recht te laten komen. “Soon you’ll love somebody” is een prachtig indiefolk nummer waarbij de gitaar de bovenhand heeft en op ondersteuning kan rekenen van prachtige cello tonen. Onder de oppervlakte voel je de Noorse invloeden sluimeren. Kari Jahnsen aka Farao vervoegt de band op het podium voor het prachtige nummer “Run to the water”. Een nummer geschreven voor een schizofrene vriend. Deze prachtige romantische ballade werd voortgestuwd door cello en piano waarop de twee stemmen elkaar uitbalanceerden. Het concert van Moddi kende een rijke mix tussen zowel nieuwe als oude nummers en beklemtoonde precies waar Knutsen voor staat. Een gevarieerde mix tussen Noorse klanken met hedendaagse folk.

De eerste editie van Little Waves was een waar genoegen om bij te wonen. Volgend jaar graag opnieuw met weer een spetterende affiche!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/little-waves-2013/

Organisatie: Little Waves

Stornoway

Stornoway - Pastorale folk met een donderwolk

Geschreven door

Opvallend veel Britten in de Orangerie van de Botanique die avond voor Stornoway. Veel Britser kon het ook niet klinken. Dit viertal uit de omgeving van Oxford charmeert met pastorale, Keltisch geïnspireerde folk pop die je onmiddellijk associeert met zonovergoten groene heuvels in de countryside en waarin de gewone dingen des levens zoals gemiste treinen of dagdromen op zolder even idyllisch als geromantiseerd bezongen worden.

Tijdens de voorstelling van hun tweede album ‘Tales From Terra Firma’ kwamen duidelijk meer wolken langs drijven. Op zich nog geen reden tot paniek, al bedierf het wel soms de pret in de zaal. Erger was dat de inspiratiebron minder rijkelijk vloeide en weinig nieuwe nummers konden tippen aan het niveau dat weliswaar erg hoog gespannen werd op debuutalbum ‘Beachcomber’s Windowsill’. 
Opener “Knock Me On The Head” werd nogal lauwtjes onthaald, waardoor Stornoway zich genoodzaakt zag om direct een versnelling hoger te schakelen met het onweerstaanbare road movie refreintje van “Fuel Up”. Dit was meteen tekenend voor een set waarin het constant aftasten was.   
Overdadige orgel- en vioolarrangementen knepen de noodzakelijke luchtigheid uit nummers als “You Take Me As I Am” en “(A Belated) Invite To Eternity”. Stornoway was slim genoeg om dit zelf te beseffen. Met spaarzame unplugged uitvoeringen van “November Song” en “The Ones We Hurt The Most” kregen ze het publiek wel muisstil en des te enthousiaster achteraf.
Op “The Great Procrastinator” sloeg de verveling toe, terwijl de intro van doorbraaksingle “Zorbing” getrakteerd werd op een luid nostalgisch herkenningsapplaus.   
Gelukkig had Stornoway aan no nonsense spontaniteit nog lang niets ingeboet. Meer zelfs, de charismatische zanger/gitarist Brian Briggs met zijn verrukkelijk hoge tenor stem voelde zich tijdens dit slotoptreden op het Europese vasteland duidelijk in zijn sas in de groene Botanique na enkele minder idyllische settings op toer in Duitsland. En ook de rest van groep wil iedere café uitbater graag over de vloer krijgen voor een live sessie.   

De swingende bisronde die met “I Saw You Blink” en “Watching Birds” integraal opgebouwd was uit nummers van het debuutalbum van 3 jaar geleden stuurde ons met gemengde gevoelens naar huis. De fans van het eerste uur werden uitbundig getrakteerd, maar een Belgische doorbraak zit er met “Tales From Terra Firma” nog niet direct aan te komen.

Organisatie: Botanique, Brussel

Les Paradis Artificiels 2013 – Archive – Fun – The Bewitched Hands

Les Paradis Artificiels 2013 – Archive – Fun – The Bewitched Hands
Les Paradis Artificiels 2013
Zénith
Lille

Les Paradis Artificiels 2013 is een jaarlijks muziekfestival, een tiental dagen in Lille in diverse clubs . De mensen van AGDLL zorgen telkens voor een mooi divers overzicht wat het hedendaags muzieklandschap allemaal te bieden heeft . Op de affiche heel wat interessante headlines , alsook ontdekkingen en opkomend talent . Het festival heeft al een uitstekende reputatie opgebouwd .
Muzikale diversiteit, tegenstellingen en aanvullingen, alles kan, een belangrijke troef dus. Vanavond was zo’n voorbeeldje: Archive – Fun – The Bewitched Hands …

Eerste band was van eigen boden , met name The Bewitched Hands ; die ook bij ons al enige airplay heeft verkregen. De groep maakt deel uit van de wind Los Campesinos , Architecture in Helsinki, I’m from Barcelona en grijpt naar de jaren Polyphonic Spree , Broken Social Scene en ‘60s Beach Boys. De sprankelende , aanstekelijke , betoverende indiepop van het Franse gezelschap brengt het nodige optimisme; enthousiasme en vitaliteit door de leuke, luchtige en opgewekte tunes .
Het zestal heeft twee cd’s uit ‘Birds & drums’ en ‘Vampiric way’ , waaruit een 45 tal minuten gretig geput werd. Ze betrokken het publiek telkens bij hun korte vakkundige, frisse, broeierige songs . Prima feelgood , vrolijke muziek die meer dan overtuigend werd besloten met die prachtsingle “The laws of walls”.

Totaal andere stuff hadden we om handen met het Amerikaanse Fun , die met de plaat ‘Some nights’ en de single “We are young” ( op plaat met Janelle Monae) een topper hadden in de hitparades vorig jaar . Fun laat letterlijk een ‘happy feeling’ horen als van The Bewitched Hands , zij het dan op een andere manier; we horen popcommercieel werk met grootse arrangementen en een bombastische gladheid , gedragen door een super enthousiaste band en de helder , indringende , soms hoog uitlatende zang van Nate Ruess . The Sound Of Music (van de familie Trapp) , Queen , Mika, My Chemical Romance, de balladpop van Jason Mraz of een mannelijke Kate Perry drongen zich op bij Fun.
Een spring-in-‘t-veld, dit zestal , waarbij ook de pianist/toetsenist/multi-instrumentalist een belangvolle bijdrage levert in het totaalconcept van de jeugdige band . De samenzang speelt een voorname rol , maar was soms overdreven en over-gemoduleerd.
Stadion pop dus, met een paar goede songs, die een doorwinterde muziekfreak maar deels kunnen raken, maar daar zullen de jonge (gillende) meisjes vooraan weinig boodschap aan gehad hebben, want die hadden hun  avond wel met die ‘bubbelgum’pop als “Out on the town” , “One foot”, “It gets better”, “All allright”, “Carry on” en die doorbraaksingle “We are young” . Op het eind schotelden ze hun liefde aan The Rolling Stones voor met “You can’t always get what you want”, voorzien van een snedige gitaarsoli. Hier zou Sam De Bruyn van StuBru een vette kluif aan gehad hebben, sie …

Tot slot ‘something totally different’ om Les Paradis Artificiels te besluiten, met het Britse Archive (zie pics homepag) die een intense en gevarieerde set boden .
Archive geniet in België niet zoveel bekendheid. Onbegrijpelijk, want de groep heeft een unieke sound en het talent van de muzikanten staat buiten kijf. Ze combineren elementen uit de hiphop, electronic, progressive rock en klassieke muziek en brouwen er een eigenzinnig geheel van. De knisperende en broeierige elektronica die we ook kennen van Radiohead vanaf ‘Kid A’ neemt een prominente plaats in en zorgt ervoor dat elk nummer een gigantische spanningsboog kent.
Dat Archive live nog een stukje snediger en intenser uit de hoek komt bewezen ze in Lille. De spanning was te snijden en je had het gevoel dat elk nummer uit het niets kon exploderen. Opener “Fish” was nog iets te langdradig en zoutloos, maar vanaf “Wiped Out” schoot de band met scherp. De minutieus opgebouwde compositie resulteerde in een koude oorlog tussen synthesizer, percussie en gitaren. Donkere wolken tekenden zich boven de Zénith Arena en na elke climax bleef de dreiging van een kernexplosie in de lucht hangen.
De lichtshow versterkte dit effect nog en zorgde voor een hypnotiserende en psychedelische trip. Vervolgens kregen we het groovy en catchy “System” voorgeschoteld.
De band heeft verschillende genres onder de knie, maar toch hoor je steeds duidelijk dat het om een ‘Archivesong’ gaat. Op het dansbare en uptempo “Hatchet” mocht zangeres Holly Martin een eerste keer opdraven en dat deed ze met verve. Met haar  krachtige en soulvolle stem vulde ze met gemak de hele zaal.
Ook in “Violently” met zijn agressieve beats (“When I close my eyes/I think of how you died/Died in me/So violently/Love to close my eyes/Remember how you died/Died in me/So violently”) vertolkte ze een hoofdrol. De mellow violen die op het einde van het nummer opdoken, zorgden voor een mooi contrast, iets waar Archive wel vaker mee speelt.
Het catchy “Fuck U” was nog zo’n hoogtepunt. Doordat de vocalen zich ergens tussen zingen en rappen bevonden zat er een aanstekelijke flow in het nummer en het refrein “So fuck you anyway” smeekte om luidkeels meegekeeld te worden. “Bullets” was dan weer helemaal opgebouwd rond een pianomotief en begon rustig, maar eens de synthesizer inviel, transformeerde de song in een allesverzengende draaikolk. Een betere afsluiter van de reguliere set konden we ons niet bedenken.
De band kwam gelukkig nog terug om “Dangervisit” te spelen, dat van start ging met emotionele zanglijnen maar halfweg overging in hevig gitaargeweld en schreeuwerige vocalen.
Archive zette de puntjes nog even op de ‘i’ en wij waren Fun al lang vergeten.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/archive-12-04-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/fun-12-04-2013/

Organisatie: Agauchedelalune, Lille (ikv Les Paradis Artificiels)

Isbells

Marble Sounds en Isbells in de Vooruit, Gent Twee kanjers voor de prijs van één

Geschreven door

Wie donderdagavond trek had in een flinke portie muziek met gevoel kon afzakken naar de concertzaal in de Vooruit in Gent. Daar werd immers een zogenaamde ‘double bill’ geserveerd. Eerst warmde Marble Sounds het publiek helemaal op, daarna kopte Isbells de voorzet staalhard binnen.

Marble Sounds
Marble Sounds is bezwaarlijk een voorprogramma te noemen. Het vijftal, met Pieter Van Dessel als zanger, stelde in Gent hun nieuwe plaat ‘Dear me, Look up’ voor.
Wat eerst leek op het testen van de instrumenten mondde uit in het begin van “The Summer Of The Sun”. Het publiek werd even verrast maar het duurde niet lang voor iedereen mee was. Na deze opener speelden Van Dessel en co “No One Ever Gave Us The Right” en “Photographs”. Met “My Friend” werd voor de eerste maal teruggegrepen naar het debuutalbum ‘Nice is good’. De songs waren opvallend net en afgewerkt. Toch bleef het melancholisch gevoel dat Marble Sounds typeert steeds behouden. Die pure melancholie maakte tijdens “Ship In The Sand” – een cover van Sophia – zelfs even plaats voor zwartgalligheid. Daarom was het volgens Van Dessel dringend tijd om ‘een vrolijk nummer te spelen’. Met “Dance Clarence Dance” gingen de kopjes inderdaad opgewekt heen en weer. De lichte en fijne melodie zorgden voor een kleine adempauze in een set die vooral zwaarmoedig bleek. Daarna was het tijd voor een vrouwenstem in “Sky High”. Bij de eerste noten haperde Chantal Acda nog wat, maar ze herpakte haar onmiddellijk. Het zorgde voor een mooi en integer nummer. Vooral de overgang van de enkele stem van Acda naar het instrumentele stuk deed deugd aan de oren. Acda was alvast opgewarmd voor het optreden van Isbells, waar zij nog eens ten tonele kwam, maar dan als vast bandlid. (Dat gold trouwens ook voor Gianni Marzo, lid van Marble Sounds en Isbells) . Kortom, een erg geslaagd optreden van de zangeres. Het was dus dubbel spijtig dat het duet “Leave A Light On” niet werd gespeeld.
Het concert liep al bijna op zijn eind wanneer Van Dessel zijn megafoon uithaalde voor “Never Lost, Never Won”. Het toonde aan dat Marble Sounds niet bang is om te experimenteren. Bovendien slagen ze er wonderwel in om die variatie simpel te houden. Het vijftal klinkt zeker niet overdadig.
Als bisnummer kreeg het publiek nog “The Time To Sleep” te horen. Daarin zat er zowaar nog redelijk stevig gitaargeweld. Het vatte het optreden van Marble Sounds samen: tussen de rustig glijdende melodieën door waren meer dan eens scherpe klanken en harder werk te horen. Het zorgde voor een topconcert, al werden nummers als “Good Occasions”, “Redesign” en “Leave A Light On” wel gemist.

Isbells
Het legde druk op de schouders van Isbells. Met het optreden in de Vooruit speelden zij hun laatste concert in België (Marble Sounds en Isbells gaan dit najaar nog samen in Duitsland gaan spelen). Het was de vraag of er na al dat touren in 2012 geen sleet op de band was gekomen. Dat bleek allerminst het geval. Er gebeurde constant wat. Frontman Gaëtan Vandewoude had daarin de hoofdrol en deed zijn verhaal over ‘de prachtige zaal’. Daarmee charmeerde hij onmiddellijk de vele aanwezigen. Bij de intro werd “Stoalin’” – naar de gelijknamige plaat – lang uitgesponnen en kwam de band letterlijk uit het donker getreden. De magische xylofoon en zachte trompetgeluiden werden geleidelijk luider en begeleid door een soort marstrommel. Ondertussen kon men de groep vol in het licht zien en na wat Vandewoude een ‘interactief hey-ho moment a la Snoop Dogg’  noemde, vonden de leden het tijd voor wat snelheid in de set. “Heading For The Newborn” zorgde daarvoor. Het catchy gitaarspel van de band betekende de tweede start van het concert. Even later minderde Isbells alweer vaart met mooie samenzang in een prachtige versie van “Letting Go”. Met “Falling In And Out” deed Vandewoude ons eraan denken dat ‘ruzie maken ook heel romantisch kan zijn’. Na dit nummer kon men zich echter niet meer voorstellen niet verliefd te zijn op de band. Dat gevoel werd nog extra versterkt wanneer ze hun grootste hit “Reunite” speelden.
Dat ook Isbells wel eens wil rocken werd duidelijk wanneer zij “Wolf Like Me” van TV On the Radio coverde. Het feit dat zij dat probleemloos deden, bewees nog meer eens hun muzikaal talent. De spuitende confetti tijdens het nummer waren misschien wat van het goede teveel. Vandewoude en co bleken wat uitgeput door het heen en weer springen.
Ze besloten dan maar tot een akoestisch moment vooraan op het podium.
Ze speelden er “Baskin’” en “As Long As It Takes”. Marzo haalde er zijn banjo voor naar boven. Het publiek nam er de onstembare Chinese gitaar graag bij voor een charmant intiem moment als dit. Voor iemands rinkelende telefoon waren de meesten minder genadig. Vandewoude loste het allemaal op met de glimlach. Die speelsheid kwam terug bij een minder geslaagde cover van Tim Hardins “Reason to Believe”. Vandewoude vergat de structuur van zijn arrangement tot tweemaal toe. Een derde kans kreeg hij niet: het publiek begon namelijk te klappen voor het nummer eindigde om de zanger uit zijn lijden te verlossen. Marzo grapte dat hij hen ‘altijd zo in verlegenheid bracht’. Gelukkig had de band nog “Erase And Detach” als laatste nummer om het foutje recht te trekken.
Als hoogtepunt van de avond kreeg het publiek nog een geheel nieuw bisnummer te horen. Daarvoor werden de mannen van Marble Sounds terug op het podium geroepen. Het bewees dat de leden van de twee bands meer dan goede vrienden zijn, ze kunnen ook erg goed samen muziek maken. Van Dessel en Vandewoude genoten zichtbaar van hun samenzang en iedereen, inclusief het publiek, stond te glunderen van de warmte die van de song “Celebration” afstraalde.
Na dit feest ging het tiental met een theatrale buiging het podium af. Het publiek kon niet anders dan tevreden naar huis gaan.

Marble Sounds toonde in de Vooruit dat zij klaar zijn voor een stap hogerop. ‘Dear me, Look up’ heeft genoeg potentieel om een breed publiek voor zich te winnen. Isbells bewees zich als sterke live band. De spontaniteit van de band en de charismatische Vandewoude kan nog vele harten veroveren.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/isbells-11-04-2013/

Organisatie: Democrazy, Gent  

 

Dez Mona

Dez Mona – De(s)monish

Geschreven door

‘A GENTLEMAN’S AGREEMENT’. Zo staat het op het nieuwe album van Dez Mona, de eigenzinnige band rond Gregory Frateur en Nicolas Rombouts. Om die jongste te werpen moesten ze (symbolische) bergen beklimmen en nu willen ze die aan iedereen laten zien en vooral horen. Wij waren erbij in de Kreun in Kortrijk en aanschouwden een de(s)monische set.

De berg, de rots, waarop ze pronken op hun album staat misschien wel symbool voor een nieuwe (moeilijke?) hindernis voor de band, die naar een meer poppy rockgehalte. Vergeet niet: hun vorige album ‘Saga’ was zowat een operastuk en op hun muzikale cv staat toch vooral intiemer weltschmerzgeladen gevoelswerk met jazzy- tango- of chanson-ondertoon.
Trouwens, op ‘A GENTLEMAN’S AGREEMENT’ staan ze met z’n zessen. ‘Heart & Brains’ Frateur en Rombouts met accordeonist Van Camp zochten en vonden het gezelschap van andere topmuzikanten als Steven Cassiers (drums), Tijs Delbeke (Sir Yes Sir; gitaar, piano en zang) en Sjoerd Bruil (Sukilove; gitaar en zang). Dez Mona beschouwt zich immers niet meer als een groep, maar als een project, een collectief dat zoekt naar muziekmakers die passen bij wat op het menu staat. In deze een poppy rockalbum waarbij je meteen omver geblazen wordt door opener “Soon”, niet toevallig ook de opstart van hun set in de Kreun.
Het is naar verluidt een oorlogsverklaring, geïnspireerd op de Arabische Lente en als vingerwijzing naar onze Westerse lethargie. Mooi, maar vooral indrukwekkend qua overdonderende sound en verrassend voor het geheel Dez Mona. In de Kreun klonk het - het hele album -  trouwens nog rockiger dan op de cd zelf.
Tot halfweg de gig volgden ze trouwens gewoon de cd. “Memory of the sun” was een heel wat rustiger oversteek en ook “Supicion” - met Frateur aan de piano - had bij momenten een originele (Afrikaanse) beat erin die via tango-accenten vlot overvloeide  in “The Passing” waar de gitaren weer prominenter sneerden.
“Harmonie, pathetiek en de stem van Gregory Frateur”: zo vat de kern van Dez Mona hun eigen ‘persoonlijke muziek’ samen. Maar daarmee kan je je onmogelijk een beeld vormen. Precies omdat het beeld telkens weer vervormt.  Maar het was een goeie synthese van het volgende nummer “Funny games” dat – in tegenstelling tot de vrolijke titel – veel melodrama in zich draagt. Het podium – met de beklommen rotsberg op de achtergrond – werd zwart-wit en Frateur eindigde headbangend op de psychedelische kleurklanken.
Zo bombastisch het vorige, zo intiem weer het volgende, “Fools’ days” waar Frateur – in kostuum maar op blote voeten - enkel een aangrijpend duet aanging met accordeonist Roel Van Camp.
Tijd voor een cover, vond de band, met “Everyone who had a heart” van Dionne Warwick, maar dan een doorsnijdende versie met militair tromgeroffel en passie die zo makkelijk uit de mond van Frateur lijkt te komen. Alsof hij helemaal geen moeite moet doen.
Op het uptemponummer “The Back Door” zette de klankman de juiste echo op en daarna grepen ze terug naar wat ouder werk: “Didn’t it rain” dat van een gospel in een eighties gitaarnummer à la Uriah Heep getransformeerd werd.
In schril contrast – daar houden ze van – tot de sneren van “Didn’t it rain” opende de accordeon “A little bit of a dream” en kreeg meteen het gezelschap van de akoestische gitaar van Delbeke. Met “Carry on” volgde nog een oude song en tijdens “A part of us all” – met knappe samenzang van de heren op de eerste rij (Frateur, Delbeke en Bruil) - verscheen pas de titel van het nieuwe album op het scherm: “Gentleman’s Agreement”, het nummer waar Frateur aan de piano zat, vroeger ophield, de stage afstapte en de outro aan zijn band overliet.

Drie bisnummers volgden en uiteindelijk had Frateur amper een woord bindtekst (behalve over de t-shirts die te koop waren) tot zijn publiek gericht. Maar de merci en de dank u illustreerden waar het bij Dez Mona op staat: muziek maken die harmonie en pathetiek verenigt. Dat dit deze keer met een poppy rocktint is kunnen we alleen maar toejuichen en niet alleen omdat ‘A gentleman’s agreement’ radiovriendelijker is, want zo poppy is het geheel nu ook weer niet. Misschien wel wat toegankelijker, maar het blijft desmonisch. Blijft de vraag: wat doet een band met deze kwali- en variëteit eigenlijk nog in kleine (zelfs niet uitverkochte) clubzaaltjes?

Setlist
1. Soon 2. Memory of the sun 3. Suspicion 4. The Passing 5. Funny Games 6. Fools’ Days
7. We own the seasons 8. Everyone who had a heart 9. The back door 10. Didn’t it rain 11. A little bit of a dream 12. Carry on 13. A part of us all 14. Gentleman’s  agreement
Bis 15. Trial 16.
Lack of love 17 Get out of here

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/dez-mona-11-04-2013/

Organisatie: Kreun , Kortrijk

 

Pagina 649 van 966