logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op 1 april 2026 Dressed like boys, Frans Kalk, Ha Concerts, Gent op 2 april 2026 Luna, Line, Club Wintercircus, Gent op 2 april 2026 Wild style: a night w/ Grandmaster Caz,…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15433 Items)

Red Gaze

Red Gaze (EP)

Geschreven door

Red Gaze is een kruising tussen The Kids en Red Zebra die uit Oostenrijk komt. Het geluid van de band is puur en onversneden anarchopunk uit de jaren ’80 aangelengd met postpunk uit hetzelfde tijdvak. Deze EP op cassette bevat slechts drie songs, met “Primitive Instinct” als het perfecte huwelijk tussen de twee genres. Op “Hotel Rehab” is het overwicht voor de punk, terwijl op “Blister Blaster” de weegschaal overhelt naar de postpunk.
Het is niet alleen dat ze de tijdsgeest en de sound heel juist weten te vatten, ze doen dat ook nog eens met stevige lyrics en een catchy of toch meezing/meebrulbaar refrein. Zeker “Blister Blaster” is wat dat laatste betreft top. Ze brengen het ook met een sense of urgency die we alleen in de jaren ’80 gekend hebben.
Dit is het soort band dat het W-Fest-publiek zou moeten ontdekken, al vermoed ik dat de eerste stappen in ons land eerder via de Kinky Star zullen verlopen.

Guido Belcanto

Een Zanger Moet Trachten De Pijn Te Verzachten

Geschreven door

Guido Belcanto viert een carrière van 30 jaar met een live-album met zijn grootste hits, aangevuld met een berg vroeg werk en rariteiten. Hij werd in het begin van zijn muzikale leven al eens in de hoek van de kleinkunst of de schlagers geduwd, maar daar hoorde hij nooit thuis. Belcanto is van veel markten thuis en hij noemt zichzelf graag chansonnier, maar op ‘Liefde En Devotie’, zijn vorige album, trok hij het jasje aan van de rootsrock en americana, compleet met mondharmonica, banjo, lapsteel, accordeon en mariachi-trompet. De ‘belgicana’ is ook de versie waarin zijn hits live vertolkt worden, al blijven ze soms toch wel dicht bij het origineel.
Het heeft lang geduurd voor Belcanto de waardering kreeg die hij verdient. De man laat zo vaak schaamteloos in zijn ziel kijken en verkondigt zo openlijk zijn mislukte liefdesleven dat het soms wat grotesk en onbedoeld tragikomisch lijkt, maar deze Vlaming is tegelijk één van de eerlijkste songschrijvers van het land. Breng zijn songs in het Engels en je zit op het niveau van Johnny Cash, Muddy Waters en Roy Orbison. Het heeft overigens niet veel gescheeld of hij had een Engelstalige carrière. Zijn eerste tracks waren skiffle, country en blues in het Engels, zo leert het luik ‘Vergeten Parels, Weeskinderen en Rariteiten’. Daar vind je ook zijn cover van “Honky Tonk Women” van de Rolling Stones, hier uitgevoerd met The Scabs als begeleidingsband.
Het leukste is toch het eerste luik ‘30 Jaar Hits Live Met Het Broederschap’. Wie op dit moment nog steeds denkt dat Belcanto geen rocker is, moet toch eens luisteren naar “Op De Pechstrook Van Het Leven” en “Op Het Zeildoek Van de Botsauto’s”, maar vooral naar “Toverdrank”, zijn vertaling van Nancy Sinatra & Lee Hazelwood’s “Summer Wine”. De originele vertaling in duet met An Pierlé (en met overdadige strijkarrangementen) sloeg al vonken op YouTube, maar de rockende liveversie met Kimberley Claeys rockt een hevig eind weg. Belcanto is een prima vertaler, maar ook als songschrijver kent hij in Vlaanderen zijn gelijke niet. De Amerikaan Matt Watts vertaalde zijn “Ik Weet Niet Waar Mijn Meisje Is” en je zou zweren dat hij de mosterd haalde bij Johnny Cash.

Giant Sand

Recounting The Ballads Of Thin Line Men

Geschreven door

Giant Sand heeft het album ‘Ballad Of A Thin Line Man’ uit 1986 opgegraven en heeft een nieuwe soep gekookt van de beenderen op ‘Recounting The Ballads Of Thin Line Men’. De band deed eerder hetzelfde met ‘Valley Of Rain’ (naar ‘Return To Valley Of Rain’).
Er zijn verschillende redenen om een oud album opnieuw op te nemen. Vaak zijn die van financiële of administratieve aard,  maar er zijn ook artiesten die de tracks helemaal willen herinterpreteren. Dat laatste lijkt aan de hand met ‘Recounting The Ballads Of Thin Line Men’. Met de oorspronkelijke opnames was immers niet zo veel mis. Om een of andere bizarre reden werd het oorspronkelijke album van Giant Sand uit 1986 enkel in Europa uitgebracht (en niet in de VS) waar de band meteen op handen werd gedragen. Sindsdien volgden nog meer dan 20 albums van Giant Sand.
De basisbezetting van het heropgenomen album bestaat behalve uit Howe Gelb nog uit Tommy Larkins (drums) en de Deen Thøger Lund (bas). De gasten zijn Paula Brown, de ex van Gelb en voormalig Giant Sand-bandlid. Andere oud-bandleden Winston Watson (drums) en Annie Dolan (gitaar) doen hun ding op “Desperate Man”. De tracklist is ongeveer dezelfde. “All Along The Watchtower” van Bob Dylan en “Last Legs” zijn er niet meer bij. “You Can’t Put Your Arms Around A Memory” van Johnny Thunders is wel opnieuw present. “Reptilians” is een track die bij al eens opdook bij de heruitgave van het oorspronkelijke album, bij de 25ste verjaardag (nu is het 33,3 jaar oud).
De sound van de nieuwe opnames verschilt weinig van die van het origineel. Wel heeft Gelb nog meer zijn stempel gedrukt. Zijn manier van gitaarspelen en zingen is heel kenmerkend. Een beetje ruw en slordig. Daardoor klinkt het heropgenomen album wat meer als grunge.
De algemene sound heeft deze keer iets van ‘Rust Never Sleeps’ van Neil Young, die andere grunge-godfather. Zelfs vocaal komt Gelb dicht in de buurt van Young. Deze band gaat het gevecht aan met de blote vuisten, de knokkels wit van woede, maar wel met de overtuiging dat het gevecht al op voorhand gewonnen is. Ook draaien ze de versterker al eens terug van 10 naar 5, voor een ballad die je bij de strot grijpt. De backings van Paula Brown op “Graveyard” katapulteren die track naar de achtertuin van David Lynch. De invloeden die Gelb had voor het oorspronkelijke album klinken nu nog minder hard door.
Opener “Reptilian” is licht-psychedelische desertrockblues, terwijl “A Hard Man To Get To Know” echt wel leentje buur heeft gespeeld met Neil Young. Niettemin is dit één van de betere tracks van het album en dan nog wel voor de volle zes minuten. “Desperate Man” klinkt minder wanhopig of urgent dan de titel laat vermoeden, maar de sound is wel vintage-Giant Sand. “Tantamount” is verrassend vrolijk en lo-fi, maar krijgt een herkansing als sappige rock in de bonus-song  “Tantamount Blast”. ”Body of Water”, een track die Gelb reeds in 1983 opnam met toen nog Giant Sandworms, klinkt zo hard als de Pixies dat je denkt dat Joey Santiago meespeelt. Het (opnieuw) door Paula Brown gezongen “The Chill Outside” begint als bubblegum-pop, maar landt na een niet zo loepzuivere gitaarsolo toch in Giant Sand-land. “Thin Line Man” is de perfecte uitsmijter. De band gaat er nog een laatste keer hard tegenaan. Met de ‘oude’ outro in gedachten zit je naar het einde wel nog te wachten tot de windvlaag in een storm verandert, maar aan voorspelbaarheid heeft Gelb een broertje dood.

Dogs In Trees

Echo

Geschreven door

Dit is het tweede album van het Poolse gezelschap Dogs In Trees. De vocals zijn nu eens in het Engels en dan eens in het Pools gezongen. Dogs In Trees is een trio waarbij Pawel Gozdziewicz (vocals, gitaren en synths) de voornaamste drijfkracht van de band is. Hij is daarnaast ook verantwoordelijk voor de teksten en het artwork op het album.
Opener “As I Burn” zit goed in elkaar. Bas en synths vullen goed de song aan. De vocals van Pawel Gozdziewicz zijn zoals het moet bij een coldwavenummer: eerder afstandelijk met een ondertoon van moedeloosheid. De synths op “Szukam” (wat zoveel wil zeggen als “Ik ben op zoek”) zorgen voor de melodische lijnen. Het zijn net zonnestralen die in het ochtendgloren de boel kleur komen geven. Het nummer heeft daardoor iets hoopvols in zich. Zo laten de meeste songs zich ontdekken aan de luisteraars. Het is een beetje een groeiplaat geworden. Bij een eerste beluistering kan je gemakkelijk je schouders ophalen en ‘Echo’ als ‘de zoveelste postpunk/waveplaat’ afschrijven. Doch bij meerdere beluisteringen kruipen de nummers meer onder je huid en ontdek je de vele details zoals een clevere baslijn, moderne synthsounds of een slim opgebouwde song. Soms verrassen ze ons zoals op “Twarze” waar ze met hun akoestische gitaar eerder de folkwave toer opgaan. Halfweg worden de synthstrijkers ingebracht om het nummer naar een ander niveau te brengen. “Bede” is een meer conventionele postpunktrack die leunt op een heel aanwezige bas. Ook “Zamarza” is eerder een klassieke postpunknummer. Op “Adore None” doet de zang mij bij momenten wat aan Peter Slabbynck van Red Zebra denken. Er wordt afgesloten met het meer dan zes minuten durende “Sands And Oceans”. Een mooi opgebouwde en lange intro is het startsein voor deze song.
Bovenal blijven ze inzetten op sfeervolle en weemoedige songs die eerder in mid-tempo gespeeld worden. Dat doen ze goed. Ze proberen echt wel om het genre te linken aan de moderne middelen van de tijd. Het feit dat de helft van de songs in het Pools gezongen zijn is zeker geen nadeel. Het Pools bekt namelijk goed op de muziek. Als je wat tijd neemt dan ontdek je dat de nummers op dit album eigenlijk heel clever in elkaar steken.

Chickn

Bel Esprit

Geschreven door

Chickn is een Griekse band die heel zomerse, maar toch dwarse popmuziek brengt. Het klinkt als Balthazar op een zonovergoten strand, als Goose met een dikke joint of als Compact Disk Dummies die thuis afgezet worden na een dagje stappen. Behalve dat onversneden zomerse klinkt Chickn echt wel heel Belgisch.
Het gaat echt alle kanten uit bij Chickn en net dat is er zo leuk aan. Elke track op album ‘Bel Esprit’ is een nieuw verhaal. Titeltrack “Bel Esprit” is een slepende synth-blues zoals Arno en Serge Feys die zouden kunnen maken hebben. “Sweet Geneva” is dan weer meer spacy acid pop, terwijl “Infrared Panda Club” klinkt als Balthazar na iets te veel gin-tonic.
“Candle Fly” is een cheesy ballad die herinneringen oproept aan het meest poppy werk van Frank Zappa. “Evening Primrose” en “She’ll Be Apples” klinken als de Beatles ten tijde van hun ‘Sergeant Pepper’. “Moon Underwater” is lekker upbeat en dansbaar zoals de funkpop uit de jaren ’80. “Chickn Tribe” begint met plastic-exotica en bouwt van daar op naar midtempo synthpop. “Die To Make A Living” begint met een retro-synthpop-vibe, en stuitert door naar het hoekige puzzlewerk van Kloot Per W en een gitaareruptie die van Mauro had kunnen komen. Een aantal tracks van deze Grieken hadden best op ‘Insider/Outsider’, het album van Per W en Pawloski kunnen staan.
Chickn is het perfecte antigif voor iedereen met herfstblues en wintertenen. Lekker dwarsliggende, dansbare pop die een glimlach op je gezicht tovert.

Aafke Romeijn

Een Heel Klein Beetje Oorlog -single-

Geschreven door

Aafke Romeijn is een Nederlandse muzikante en schrijfster die ook in België scoort. Vorig jaar verscheen haar debuutroman ‘Concept M’ en daar hoort een soundtrack bij waarop ze via liedjes een rondleiding geeft in haar sciencefictionroman. Het gaat over een alternatieve versie van onze wereld waarin een meisje door een mysterieuze ziekte haar kleur verliest. Vastberaden de ziekte uit te roeien besluit ze een radicale daad te stellen. De soundtrack waaiert genadeloos uit: van piano tot orkest, van vrijblijvende bekentenissen tot donkere electro, van hiphop tot fuga. Dat levert een wonderlijk landschap op met samples van obscure soul- en jazzplaten, modernistische dichters en noise, die moeiteloos samenvloeien met grootse strijkers- en blazersarrangementen waarop Romeijn met haar kenmerkende stemgeluid zingt over de lotgevallen van de personages.
De voorafgaande single “Ameland”, een duet met Spinvis, deed het bijzonder goed op de radio. De tweede single is “Een Heel Klein Beetje Oorlog” van de Belgische rockband Noordkaap, een dreigende en beladen song over het nut van escalatie. "Ik ben al heel lang verbaasd dat Noordkaap en songschrijver Stijn Meuris relatief onbekend zijn in Nederland. Meuris heeft ontzettend sterke nummers geschreven. “Een Heel Klein Beetje Oorlog” is het verslag van het verlangen naar een ruzie op leven en dood, uitgevochten in de huiskamer. Het nummer past perfect bij mijn boek, omdat hoofdpersoon Hava eveneens op zoek is naar een gewelddadige manier om haar idealen kracht bij te zetten", zegt Romeijn.
Noordkaap heeft wel meer sterke nummers gemaakt. Ze zaten in de golf van Nederlandstalige rock die begin van de jaren ’90 Vlaanderen en Nederland overspoelde, met aan Nederlandse zijde The Scene en de Trockener Kecks en in België behalve Noordkaap nog Gorki en De Mens.
Andere sterke singles/tracks van Noordkaap zijn “Stil Verdriet”, “Wat Is Kunst”, “Gigant” en “Satelliet Suzy”. Aafke Romeijn heeft er wel meteen net die track uitgekozen waarvan zelfs de talrijke Meuris-haters meteen zullen toegeven dat het een bijzonder sterk nummer is, in de lyrics, maar ook in de muziek van Lars Van Bambost. Aafke’s versie blijft trouw aan de lyrics, maar mist muzikaal wel wat drama. Zo’n tekst over ‘onuitgevoerde moorden en lachjes van venijn’ moet je voeden met passie en woede, met daadkracht en overtuiging. Als er bij het inzingen niet een beetje spuug aan de microfoon hangt, mist deze track doel, zou je denken. Aafke’s begeleiding op deze single, met akoestische gitaar, piano, handgeklap en soundscapes lijkt wat braaf, maar sluipt als een gif door je hoofd en laat het haar op je armen rechtkomen. Die huilende viool die na de drums invalt , duwt zout in elke wonde die je je kan herinneren. Het is een andere benadering - meer het accent op de ingehouden spanning vooraf dan op het opborrelen van de woede - en een benadering die een beetje tegen de verwachting in ook werkt. Sterk.

Inhaler

Inhaler - In de voetsporen van papalief Bono

Geschreven door

Dat Inhaler in de Botanique stond, deed even de wenkbrauwen fronsen; dit bandje heeft met de singles “My honest face” en “Ice cream sundae” al twee grote hits op zak. En dan denk je meteen al aan een AB … De Orangerie was dan ook meteen uitverkocht . Eerst was er nog de gedachte  dat dit opkomend jong Iers bandje in de front met de zoon van Bono, Elija Hewson., zelfs in de Rotonde zou staan, om (nog  net een laatste keer) dat eenheidsgevoel tussen band, Elija en het publiek te bekrachtigen . Maar kijk ,in de Orangerie kon hier worden op ingespeeld …

Op een goede maand tijd waren ze twee maal in ons landje . Tijdens de passage op Pukkelpop, in een volle Marquee ‘s namiddags , zagen we een stadionband in spé , groots  catchy, met die kenmerkende  melancholieke U2 ondertoon . Tja, de appel valt niet ver van de boom. Zo vader zo zoon , de twintigjarige Elija, heeft zeker diezelfde uitstraling als papalief in solidaire moves , de pasjes , de hairlooks, het publiek betrekken/ophitsen en showman spelen, de gitaar bij de hand ; en niet te vergeten er zijn diezelfde helder innemende , pakkende vocals.
Een publiek van alle leeftijden begroet hen ; ze hebben hier een all-in pakket en kunnen teruggrijpen naar de begindagen van U2 , een jonge Bono voorgesteld, dichtbij hen aan het werk.
Een klein uur lang kregen we hier goed afgelijnde gitaarpoprock . Het oude U2 ten tijde van ‘October’, ‘Boy’ en ‘War’ zijn de inspiratie, gelinkt aan Gallagher, The Verve , Starsailor en Keane. Clean, nergens uit de bocht, en een stem als papa , die fors kan uithalen.
Een rockin’ night werd het meteen met “I won’t always be like this” en “I have to move on”. De sfeer zat erin en de respons was warm . Het daaropvolgend materiaal heeft nog niet die intensiteit en is nog niet beklijvend in de stijl van de (steen)oude U2 platen en hun ‘Joshua tree’ , toch heerst er een eenzelfde rockgevoel en samenhorigheid. Net als het wat in elkaar zakt op een “Save yourself” en “This plastic house“, steken ze de handjes in de lucht , zijn er de handclaps en wordt de betrokkenheid opgeschroefd . Mooi.
Het broeierige “Ice cream sundae” doet de temperatuur stijgen en de spanning is en blijft met een “My king will be kind” en “Cheer up baby”. “My honest face” besloot de set .

Het materiaal tintelt, fonkelt, rinkelt en ronkt nog niet op het niveau van U2;  ze hebben nog niet die gitaarvirtuositeit en creativiteit van The Edge in de vingers , maar de richting groots(er) te worden, is ingeslagen  . En qua zaal zal het zeker ook groter worden dan …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/botanique-brussel/inhaler-22-09-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/botanique-brussel/apre-22-09-2019.html

Organisatie: Botanique , Brussel

Stakbabber

Stakbabber

Geschreven door

Toen het debuut ‘Polarized’ van Stakbabber uitkwam vond ik die zowat het beste wat dat jaar uit Nederland tot bij ons kwam. Intussen is het vier jaar geleden en nu is er eindelijk een vervolg op dit knappe debuut. Hier bewijzen ze dat ‘Polarized ‘ geen toevalstreffer was. Hun bandnaam heeft geen betekenis maar drummer Ollie Schmitz houdt het maar op een anagram van backstabber. Voor dit album hebben ze de songs eerst live gespeeld vooral ze op te nemen. Zo groeiden de songs meer op een natuurlijke manier totdat ze rijp waren voor opname. Ik vind dat je dat hoort omdat het geheel iets organischer klinkt dan hun debuut. Verder overstijgt hun muziek het postpunkgenre. De moderne invloeden geven het geheel zuurstof en variatie.
“Liquid” bezit een baslijn dat de boel op gang wil trekken, maar het blijft toch lang ijl en etherisch vooral ze de boel opentrekken. Ze maken hier duidelijk gebruik van auto tune en gebruiken het als een instrument. De song klinkt Brits en doet mij qua groove en sound wat aan bands zoals Stone Roses en Kasabian denken. Geslaagde opener met een gitaarlijntje dat zo uit een song van Echo & the Bunymen kon komen. “Medicine” begint met een metaalachtig klinkende drum. Het begin van de song is vrij introvert en breekt pas halverwege open in een rocknummer. Met “Storm From The Broke” zitten we meteen in de song. Een heerlijk kronkelende baslijn en begeesterende synths dragen het nummer. De zang doet de rest. Een track dat live de boel zal opzwepen. “Humdrum” bevat terug een groovy ritmesectie waarop de rest zijn ding kan doen. “Transvaluation” heeft een mooie intro met overstuurd klinkende synths. Wanneer de drums invallen schiet de song uit zijn startblokken. Op “Decadance” gaan ze haast in het spoor van Vive La Fête spelen. Maar dan net iets minder afgeborsteld. Dat Frans accentje maakt het compleet. “Cleopatra” begint met een basloopje dat zo uit een album van The B-52 ’s kan komen. Het refrein verrast door zijn contrast. Het klinkt haast als een moderne dance act. Heel catchy allemaal. Voor zoverre dit bestaat horen we op “She Hung Half-Mast” een meer traditionele Stakbabber. “Oscar” is een postpunktrack die sfeervol het album afsluit.
Het tweede album van Stakbabber is een schot in de roos. Ze gaan verder waar ‘Polarized’ stopte. Het geheel klinkt retro en modern, heel organisch en ook natuurlijker dan hun voorganger. Zoals steeds is er veel aandacht voor de structuur, melodie en groove van elk nummer. Door al die elementen is hun muziek, naast de postpunk, ook aantrekkelijk voor mensen die naar new wave, rock en pop luisteren. Nu is het alleen nog kwestie van hen ook te bereiken.

PostPunk/New Wave
Stakbabber

Alice Cooper

Alice Cooper - Voorspelbaarheid, die zelfs na honderd keer nog steeds niet verveelt

Geschreven door

Hoe voorspelbare sommige acts ook zijn, ze werken zo aanstekelijk op je gemoed dat je zelfs na een etmaal te kijken en luisteren daar nooit genoeg van krijgt. Dat is een notendop hoe we het optreden van Alice Cooper in Vorst Nationaal nog het best kunnen omschrijven. De band rond Vincent Damon Furnier - ondertussen ook al 71 - verstaat al sinds meerdere decennia de kunst om door middel van een theatrale horrorshow overgoten met sausjes vol humor, ervoor te zorgen dat je oren en ogen tekort komt. Een goed vol gelopen Vorst Nationaal zat dan ook op het puntje van zijn stoel te genieten van begin tot einde.

In normale omstandigheden, zeker wat grotere evenementen betreft, is een voorprogramma doorgaans het perfecte moment om even te verpozen en tussen en pot en pint een beetje te keuvelen met elkaar. Echter slaagt een zeer strak en energiek spelende Black Stone Cherry er op een eenvoudige maar zeer gezapige wijze in de aandacht scherp te houden. Vooral de manier waarop drummer John Fred Young zijn drumvellen mishandelde, waren een streling voor oog en oor. De vele mokerslagen die hij uitdeelde, op een verschroeiende wijze, voelden aan als donderslagen bij heldere hemel. Dit gerugsteund door gitaristen die tovenaars van riffs bleken te zijn, en een zanger die charisma uitstraalt waardoor je prompt uit zijn hand gaat eten. Al gauw kreeg de band daardoor de handen moeiteloos op elkaar, en werd een daverend rock feest ingezet dat drie kwartier aanhield.
Kortom: Black Stone Cherry zorgde voor de gedroomde opwarmer voor wat nog moest komen, door een potje rock muziek te brengen dat altijd aan je vingers kleeft. Zonder veel fransje en show vertoon, maar met een dosis spelplezier die zijn uitwerking heeft op het publiek die zich gewillig liet entertainen door deze Amerikaanse rock virtuozen.

De doeken gingen naar beneden en twee griezelige ogen, ook te zien op de hoes van de recent verschenen 'Breadcrumbs', keken in het publiek, klaar om iedere aanwezige te verscheuren. Na een bevreemdend aanvoelende intro, werd de set ingezet met “Feed My Frankenstein”. Opvallend is dat Alice Cooper op zijn 71ste, nog steeds zeer scherp staat en goed bij stem is. Hoewel die stem er bij die eerste song niet zo goed doorkwam, werd dat euvel snel opgelost. “No More Mr Nice Guy” zat al vrij vroeg in de set. En het werd vlug duidelijk dat we weer een doorsnee theater show zouden krijgen zoals we dat van Alice Cooper ondertussen gewoon zijn. Inclusief rond dwarrelende dollar biljetten bij “Billion Dolar Babies” of het uit volle borst meegebrulde “Poison”. Gevolgd door een indrukwekkende solo van Nita Strauss, die over de gehele set haar immense virtuositeit zou tentoon spreiden.
Want een opvallend pluspunt is dat Alice Cooper de aandacht niet enkel naar zich toe trekt, de top muzikanten waarmee hij zich steeds laat omringen , mochten meermaals hun kunsten vertonen. Menig drum solo dat de drummer van dienst uit zijn mouw schudt,  slaat ons met verstomming.
Dat de band uit gitaristen bestaat van uitzonderlijk allooi wordt nog maar eens in de verf gezet bij een langgerekte jam in de vorm van “Devil’s Food” waarbij alle registers compleet worden open gegooid. Alice Cooper zelf is ondertussen achter de coulissen verdwenen. Maar komt vrij snel terug om de ultieme creep show die reeds een etmaal werd vertoond, maar nooit zal vervelen, in te zetten. Na het intensief gebrachte “Steven” wordt een babypop in een wieg het podium opgeduwd, waarna Alice Cooper deze ontvoert en wil doden bij “Dead Babies” wat op het nippertje wordt vermeden. Alice wordt naar de guillotine gebracht en naar goede gewoonte onthoofd. Waarna men met zijn hoofd in de hand over het podium dwaalt. Er verschijnt ook nog een drie meter hoge baby op het podium, om dat plaatje compleet te maken.
Bij “Teenage Frankenstein” verschijnt een reuzengrote Frankenstein op het podium. Waarna de finale wordt ingezet met het magische “Under My Wheels” en uiteraard “School’s out” als ultieme kers op de theatrale taart. Het dak is er al een paar keer afgevlogen op deze avond. Bij deze song was dat weer dubbel en dik het geval. Flarden “Another break in the wall” van Pink Floyd worden tussengevoegd, alsook veel confetti en reuzengrote ballons, die trouwens vakkundig door Alice Cooper werden doorprikt met een machete. We kregen een gedroomd einde van een typische Alice Cooper show.

Besluit: Wat we voorgeschoteld krijgen is een perfecte Horror show waar je na bij wijze van spreken honderd keer te hebben gezien , nog steeds niet genoeg van krijgt. Net doordat Alice Cooper op zijn 71ste nog steeds op speelse en charismatische manier op dat podium staat, en zowel het publiek als zijn band dirigeert op een al even strakke maar ook gezapige wijze. Maar vooral anno 2019 entertaint hij zijn publiek nog steeds door het brengen van een best grappige horror show die nooit verveelt.
En als kers op de taart laat hij zich omringen door topmuzikanten, die verdomd vlijmscherpe riffs en drum salvo's naar voor brengen, die je rock hart telkens sneller en sneller doen slaan. Meer hebben we niet nodig om over de streep te worden getrokken, en daar krijgen we zelfs na circa acht keer een show van Alice Cooper mee te maken die in dit verlengde ligt, nog steeds niet genoeg van.
Setlist: Feed My Frankenstein - No More Mr. Nice Guy  - Bed of Nails  - Raped and Freezin'  - Fallen in Love  - Muscle of Love  - He's Back (The Man Behind the Mask)  - I'm Eighteen  - Billion Dollar Babies  - Poison  - Guitar Solo (Nita Strauss)  - Roses on White Lace  - My Stars  - Devil's Food (band only jam)  - Black Widow Jam (with 'Black Juju' drum solo)  - Steven  - Dead Babies  - I Love the Dead (band vocals only)  - Escape  - Teenage Frankenstein
encore: Under My Wheels - School's Out (with "Another Brick in the Wall)

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/vorst-nationaal-brussel/alice-cooper-21-09-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/vorst-nationaal-brussel/black-stone-cherry-21-09-2019.html

Organisatie: Live Nation

Struggler

Struggler - 40 jaar - De appel valt nooit ver van de boom

Geschreven door

Struggler - 40 jaar - De appel valt nooit ver van de boom
Dark Entries, al vele jaren een begrip binnen het wave/gothic en postpunk gebeuren in ons land, organiseert met de regelmaat van de klok evenementen in Kinky Star. The Arch, Enzo Kreft, A slice of Life, Dead Mans Hill zijn maar enkele kleppers die ondertussen al hebben opgetreden ter gelegenheid van deze reeks evenementen.
Op vrijdag 20 september was het de buurt aan Struggler. Deze band is ondertussen 40 jaar aan de weg aan het timmeren, en is niet van plan de handdoek in de ring te gooien. In 2020 zou zelfs een nieuw album verschijnen. We waren er ook bij in Kinky Star in Gent en stellen twee dingen vast. De appel valt niet ver van de boom, en Struggler is een schoolvoorbeeld van een band die na al die jaren niet vervalt in afleveren van routineklusjes of zorgen voor een gezapig nostalgie tripje. Integendeel zelfs!

Een stuk Belgische new wave/postpunkgeschiedenis
Laten we even terugkeren in de tijd. Alles begon in Café De Kwiet in Hamot. Met De Brassers ontstond een legendarische band die ook nu nog steeds tot de verbeelding spreekt. In het kielzog van deze laatste ontstond eveneens The Suspects en Struggler. Rond de periode dat punk begon door te sijpelen , speelde bezieler René Hulsbosh bij de band Kasjmir. De man begon punk songs te schrijven, en ging op zoek naar muzikanten om een band op te richten. In maart 1979 was de band compleet en vijf weken later speelde Struggler zijn eerste optreden. Prompt groeide de band uit tot een begrip in de Belgische post punk/punk en wave middens. Songs als “Night Fever” en “Don’t Care” groeiden uit tot ware klassiekers, en de band ging op tour met die andere legendarische Limburgse band uit die periode Siglo XX. Rond eind jaren '80 / begin jaren '90 was de kern herleid tot René Hulsbuosch, Yosef en Ronnie Sevens. Later - rond 2014 - aangevuld met Kris Oversteyns op synthesizer en Alain Hulsbosch, de zoon van René, op gitaar. In de periode 1985 tot 1996 was de band minder actief, maar toch heeft Struggler altijd blijven optreden en verder bouwen. Het heeft hen geen windeieren gelegd. In 2017 was er plots een gloednieuwe schijf 'The Gap'. Waaruit blijkt dat weer een solide band staat te soleren, waarbinnen iedereen dezelfde kant uitkijkt.

De hemelse kruisbestuiving tussen jong geweld en ervaren rotten in het vak
Of dat live ook het geval was? vroegen we ons af. Het antwoord kwam vrij snel. Bij de eerste song valt al die samensmelting op tussen getalenteerde oude rotten in het vak, die op een speelse wijze elkaar aanvullen, met de aanstekelijke synthesizer inbreng van Kris en gitaar kunstjes van Alain die beide een frisse wind doen waaien in de band. Dat resulteert in gitaarlijnen en drumpartijen die ons terug doen keren in de tijd toen we zelf stonden te dansen op de post punk en punk optredens. Een ander opvallend punt is de verschillende stemmen van enerzijds René en anderzijds bassist Yosev die elkaar perfect aanvoelen. Ook daar hoor en zie je dus een kruisbestuiving van zeldzaam kaliber verschijnen. Struggler klinkt anno 2019 dus verre van gedateerd, maar eerder opvallend fris voor een band die al 40 jaar bestaat.
Dat elke schakel binnen Struggler belangrijk is, werd bewezen in het tweede deel van de set. Ook al spoot de energie al in dat eerste deel in vol ornaat uit de boxen, het was pas toen Alain zijn gitaar omgorde dat alle registers echt werden open gegooid. Alsof zijn inbreng dat nodige puzzelstuk bleek te, om de perfectie die dus al aanwezig was naar een ander niveau te doen uitstijgen. Daardoor werd het startsein gegeven voor een wervelende finale, waar je een band hoort en ziet die de jaren '80 niet alleen heruitvindt maar eveneens ver in de toekomst kijkt. De paar nieuwe songs die de band naar voor brachten klonken bovendien opvallend scherp en energiek, iets wat ons trouwens al was opgevallen bij die laatste schijf. Een eerste indruk is belangrijk, maar dat doet ons al uitzien naar die nieuwe plaat in 2020. Gecombineerd met enkele gekende kleppers, levert Struggler een zeer gedenkwaardig optreden af. Dat van begin tot einde aan je ribben kleeft.

Besluit: Struggler is anno 2019 een band die meerdere generaties met elkaar verbindt. Dat is de verdienste van topmuzikanten die nog steeds met veel respect voor dat verleden die songs naar voor brengt, waardoor de oudere fans met twinkelingen in de ogen genieten. Maar eveneens, door een opvallend fris en jonge inbreng een bepaalde grens verlegt waardoor de jongere post punk liefhebber en fan eveneens aan zijn trekken komt.
Kortom: Net als Brassers dat al bewezen op Sinnersday vorig jaar, laat Struggler eveneens zien en horen dat er nog leven is na 40 jaar op de bühne, en hoe!

Setlist: That's Your Dream - Obstacles-Intolerance - R. Doubts - The Blame-Persecute - Big Victory - Poeha! - Recrudesce - Black Age - Shrapnel - The Past Wont' Burn - The Other Side - Don’t Care - Key 17
Bis Noise what Noise? - Wanted

Achter de coulissen vernamen we ondertussen dat Struggler op 7 december zal optreden in Café Bonaparte inLokeren
Inkom: gratis.
Voor een volledig overzicht van de tourdatums en andere informatie over de band verwijzen we jullie graag door naar de facebook pagina van de band: https://www.facebook.com/strugglerofficial/
Organisatie: Dark Entries - Kinky Star, Gent

The Cosmic Dead + guests, Magasin 4, Brussel op 19 september 2019 - Pics

Geschreven door

The Cosmic Dead + guests, Magasin 4, Brussel op 19 september 2019 - Pics
De Schotse band The Cosmic Dead (uit Glasgow) brengt psychedelische rock met kraut invloeden die doet denken aan legendarische bands als Neu! en Hawkwind. Je belandt in een prachtige trip met doordreunende grooves met een soort van psychotische breakdown.
Geniet van deze trip via de pics

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/magasin-4-brussel/bonnacons-of-doom-19-09-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/magasin-4-brussel/rainbow-grave-19-09-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/magasin-4-brussel/the-cosmic-dead-19-09-2019.html

Org: Magasin 4, Brussel

Bad Breeding

Bad Breeding - Haperende stem

Geschreven door

Normaal gezien hou ik me ver weg van alles wat maar enigszins naar hardcore ruikt maar voor Bad Breeding maak ik graag een uitzondering. Bad Breeding is dan ook veel meer dan zo maar een hardcoreband. Bovendien liet de groep tijdens hun passage op Leffingeleuren vorig jaar zo’n overweldigende indruk op me na dat ik ze absoluut nog eens wou terugzien. Dat kon dus in de bar van De Kreun waar de band gewoon op de vloer mocht aantreden, zonder podium dus, zodat voor de mensen achteraan het wel wat wringen was om iets te zien.

Haemers, een viertal uit Gent, kreeg de eer om ons alvast wat op te warmen. Hun groepsnaam en één van hun songtitels: “L.G.B. (Le Grand Blond) lieten vermoeden dat de groep een gezonde dosis humor in huis heeft maar daar was live niets van te merken. Dit was meedogenloos strak gespeelde hardcore van de puurste soort met een imposante brulboei aan het roer. Goed gedaan maar echt raken deed het me niet. Misschien is het wel die ernst (eigen aan het genre?) die dit een zo moeilijk te verteren brok voor me maakt. Maar ik zag Chris Dodd, zanger van Bad Breeding, de ganse set goedkeurend mee knikken wat als waardemeter toch wel kan tellen.

Al van bij de eerste, bijna tribaal klinkende, tromroffels wisten we dat we hier ander vlees in de kuip hadden. De groep uit het Britse Stevenage begon met een atypisch lang nummer voorzien van een erg uitgebreide instrumentale outro alsof gitarist, bassist en drummer meteen wilden stellen dat zij er ook waren.
Muzikaal leek de band er inderdaad een stuk er op vooruit te zijn gegaan. Nog steeds even compromisloos maar met wat minder noise invloeden wat het punkgehalte ten goede kwam. Vanaf nummer twee koos Bad Breeding voor het vertrouwde gebalde werk: korte, explosieve charges van tussen de vuilnisbakken die hun doel nooit misten. Geregeld liepen gitarist en zanger daarbij als bezetenen door elkaar waarbij het een wonder mocht heten dat ze niet over de kabels struikelden.
Chris Dodd mag men gerust naast Joe Talbot (Idles), Jason Williamson (Sleaford Mods) bij het lijstje kwaaie Britse mannen voegen waarvan hij dan duidelijk de jongste en ook de razendste is. Met een nooit geziene grimmigheid richtte hij zijn aanvallen op de consumptiemaatschappij, de verveling in de voorsteden, de apathie, armoede, discriminatie, racisme, politiebrutaliteit,... Niet dat we in het heetst van de strijd veel van die teksten verstonden wat ook helemaal niet hoeft. Maar hier was jammer genoeg meer aan de hand. Ofwel had Dodd last van een haperende micro ofwel zat hij compleet door zijn stem. Het leek erop dat wanneer zijn razende woordenstroom in overdrive ging zijn micro niet meer kon volgen waardoor we een eind ook geen stem meer hoorden.
Mede daardoor bleef de euforie die ik vorig jaar in Leffinge mocht ervaren hier wat achterwege. Toch blijft Bad Breeding een heerlijke band.

Neem gerust een kijkje naar de pics van hun set in Magasin 4, Brussel
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/magasin-4-brussel/bad-breeding-21-09-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/magasin-4-brussel/adolina-21-09-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/magasin-4-brussel/crowd-of-chairs-21-09-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/magasin-4-brussel/missiles-of-october-21-09-2019.html

Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Enchantress

Power EP

Geschreven door

De West-Vlaamse metalband Enchantress heeft het voor oldschool heavy metal. Op hun jongste EP ‘Power’ laten ze horen dat de liefhebbers van het genre niet moeten wachten tot dinosauriërs als Iron Maiden of Iced Earth nog eens een album uitbrengen om hun pensioen aan te dikken. Dit genre leeft nog en er zijn genoeg bands met genoeg talent die uit de schaduw mogen treden.
Enchantress heeft op deze EP heel wat sterke muzikale composities, een uitstekende zanger, prima gitaristen en drumster Elizabeth die al dat klassiek gepingel de 2ste eeuw inmept met soms niet voor de hand liggende ritmes en partijen.
Vooral de songopbouw is sterk: klassiek en toch niet cliché, wat een hele prestatie is als je jezelf wil meten met klassiekers die echt iedereen kent. De hooks en breaks zitten waar ze moeten zitten en de goede ideeën worden niet nodeloos uitgemolken. Echt vernieuwend is het uiteraard niet, maar je hoort ook geen geen platte kopieën. De meeste refreinen kan je al bij de eerste luisterbeurt meebrullen. De tracks waarvan ik het meeste onder de indruk ben, zijn titeltrack “Power”, “Architects Of Fear” en “Cradle Of Life”. Als bonus is er een cover van The Beast van de band Randy. Alleen een beetje jammer dat ze stoppen bij zeven tracks. Zes eigen nummers en één cover (“The Beast” van de band Randy) delen we nog net in bij de EP’s. Met één track extra was dit een album.
Eén of twee tracks extra zou geen overbodige luxe geweest zijn. Ideeën hebben ze genoeg bij Enchantress. In die mate zelfs dat de knappe vondsten elkaar soms voor de voeten lopen en je als luisteraar er goed het kopje moet bijhouden. Maar dat maakt het tegelijk interessant: je ontdekt bij elke luisterbeurt nog iets nieuws.

Beyond The Labyrinth

Brand New Start EP

Geschreven door

De titelnaam van hun nieuwe EP is niet toevallig gekozen. De afgelopen jaren zat het de band niet meteen mee vanwege het vertrek van hun zanger en hun bassist. Dat werd op hun vorige album, ‘The Art of Resilience’, nog opgelost met een aantal gastbijdrages zoals o.a. de inmiddels betreurde Wizz Beauprez, Colin Flynn, David Watson en Filip Lemmens. Sinds begin 2019 is Filip Lemmens (ex-Fireforce) echter vast lid van de band en werd bassist Wilfried Kiekens opnieuw geïntroduceerd. Op die manier lijkt ‘Brand New Start’ als titel niet vergezocht.
De EP telt vier nummers waarop ze, ondanks dat het bijna allemaal herwerkingen van hun oude songs zijn, nog meer naar hun klassieke rockroots gaan. Ze deden al het voorprogramma van Uriah Heep, Y&T en Threshold. Deze bands, samen met bijvoorbeeld Deep Purple, is het soort biotoop waar ook hun hedendaagse sound goed in gedijt. Het gebruik van de klassieke orgels, verschillende lagen vocals, synthsounds en organischer drums dragen hier zeker toe bij. Opener en titelsong “Brand New Start” begint met heerlijke, naar Deep Purple klinkende, orgels. Deze song kan eigenlijk naast de kwaliteit van de songs van “Livin’ The Dream” (uit 2018) van Uriah Heep staan. Zoals je misschien wel weet is dat een zeer geslaagd album. De cleane zang blendt mooi tussen het orgel en de gitaren. De ritmesectie legt een mooie groove neer. “Shine” is een herwerking van hun single uit 1997. Een hele ommezwaai want als ik die single van toen hoor dan hoor ik haast een gothrockband. Hier hoor je harde rock met wat symfonische invloeden. Een geslaagde rework. Ook “In Flanders Fields” is een herwerking van een vrij goed bekend nummer uit hun debuut ‘Signs’. Hier heeft het nummer meer maturiteit dan het origineel. Ten slotte krijgen we “Salve Mater” dat op het ‘The Art of Resilence’-album staat en waarop Filip Lemmens voor de eerste keer meezingt met de band. Het grootste deel van de song werd opnieuw opgenomen. Enkel de griezelige parts werden gelaten zoals ze in 2017 werden opgenomen.
Deze EP is een voorbode voor een vijfde full album dat volgend jaar zou klaar moeten zijn. Akkoord, we horen niet veel nieuwe songs maar als je luistert naar de herwerkingen dan weet je dat de sound er staat. Op basis van wat we hier horen klinkt dat heel veelbelovend voor dat nieuwe album.

Black Leather Jacket

FFFreaks -single-

Geschreven door

Black Leather Jacket zette zich met twee singles, “Village People” en “Western World”, in de slipstream van The Hives en Oasis en - in eigen land dan - SONS en Equal Idiots, maar met de derde single, “FFFreaks”, veranderen ze het geweer resoluut van schouder. Geen catchy garagerock dus, maar eerder sludgy, stoner-like noise.
Het is verfrissend dat een band zo breed wil gaan en ze zullen de eindeloos weerkerende vergelijkingen met voornoemde bands zo beu zijn als koude pap, maar toch missen we iets aan deze “FFFreaks”. Er zit zelfs naar sludge/noise-normen niet altijd genoeg vlees aan het been. In die genres hebben o.m. Stake en Brutus de lat hoog gelegd. Deze single is een prima track van Black Leather Jacket, want inzake opbouw en compositie is dit top, maar ik krijg het er ook niet warm of koud van. De vonk slaat zelfs na verschillende luisterbeurten niet over. Misschien zijn we als luisteraar te verwend of waren we te hard fan van de eerste twee tracks. Dat kan ook.
Het eerste full album van deze zwartjassen komt binnenkort uit. Benieuwd of ze daarop toch de lijn van “Village People” en “Western World” aanhouden of dat ze nog meer uitstapjes naar andere genres uit hun mouw toveren.

Von Detta

Burn It Clean EP

Geschreven door

Het Gentse Von Detta grossiert in rock and roll en grunge uit de jaren ‘90. Denk aan o.a. Monster Magnet, Alice In Chains en Deftones. Sedert 2013 is het vijftal bezig. Intussen hebben ze nu Manuel die de vocals verzorgt ipv Tom. Het album werd geproduceerd door Ian Clement (Wallace Vanborn) en gemixt door Chiaran Verheyden (Psychonaut).
“Reach Out” is een song dat naar stoner rock en grunge neigt. Veel riffwerk en een stevige stem. “Thank You For Your Time” is melodieuzer. De zang tijdens de strofes klinkt cleaner en past mooi bij het galmende gitaartje. De riffs zijn ook aanwezig, maar minder prominent dan op de openingstrack. Tijdens het refrein wordt er dan steviger gerockt. Het is een heel aangename track. Ook de bas en drum doen hier mooie dingen. “Devil’s Child” is terug steviger. “Little Big Man” is nog iets beter, het bevat mooi gitaarwerk en een goede opbouw. De zang blendt mooi in het geheel. Tijdens de bridge ontwaar ik een knipoogje naar een nummer van Rage Against The Machine. Op “The Vault” openen ze furieus maar ze weten het dan wat in te tomen waardoor ze de intensiteit goed weten te doseren. “Masterplan” is maar liefst negen minuten lang en neigt naar het opus-stukje van dit album. Het is een indrukwekkende song die velerlei kanten uitgaat.
Na ruim een half uur is het helaas al weer gedaan. Maar het was een ferme rit die voor herhaling vatbaar is. “Burn It Clean” staat boordevol lekkers en het kan niet anders of dit slaat live de nodige gensters.

Múm

Múm - Sereniteit aan de oppervlakte, complexe gelaagdheid in de diepte

Geschreven door

Múm - Sereniteit aan de oppervlakte, complexe gelaagdheid in de diepte
Notre Dame de Laeken
Brussel

Ik kom toe in de Notre Dame en ben al meteen onder de indruk van de prachtige locatie. Niet enkel het gebouw en de architectuur op zich, maar ook de belichting maakt alles tot een prachtig kader die meer dan gunstig lijkt voor de 20 jarige viering van Múm’s debuutplaat ‘Yesterday Was Dramatic, Today is OK’

Gyda Valtysdottir ***, frontvrouw van Múm, mocht het voorprogramma verzorgen. Iets na acht stapte ze met een rustige zelfzekerheid en één cello het kleine podium op. Haar eerste nummer start ze rustig op haar cello en laat ze opbouwen door gebruik te maken van loops. Een soort van ‘Keltische’ mystiek zindert doorheen mijn hoofd en daarna hoor ik haar hoge, fijne en o-zo-heldere stem. Het lijkt bijna op engelengezang. Het valt mij op hoe goed ze haar stem beheerst. Alsof haar stemgeluid een blokfluit is waarop ze simpelweg de gaatjes moet dichtduwen om een perfecte toonhoogte te behalen, maar dan uiteraard niet zo eenvoudig als het klinkt. Haar zijdezachte cellospel is een mooie symbiose met haar stemgeluid en zo gunt ze ons een zestal songs die de gegadigden zachtweg leiden in een soort van vredevolle extase. Haar muziek is experimenteel, minimalistisch, eerder down-tempo, maar toch kan ze ook dreigend en onheilspellend klinken. Ze danst sensueel en neemt je in. Je kan niet anders dan mee onder te dompelen in de wereld van Gyda. En alvorens ik het besef, is haar set gedaan. Ik blijf wat voor mij uitstaren en ondertussen speelt (in afwachting voor Múm) een ideale soundtrack doorheen de Notre Dame: ‘Ny Batteri’, van Sigur Rós.

Een kwartiertje later is het zover, Múm**** zal ons een integrale luistersessie van hun debuutplaat ‘Yesterday Was Dramatic, Today is OK’ schenken. Deze plaat werd al snel wereldwijd aangeprezen en zelfs door Pitchfork onthaald met de hoge score van 9,1/10. Múm werd in 1997 als experimentele popgroep opgericht door multi-instrumentisten Gunnar Örn Tynes en Örvar Þóreyjarson Smárason. De band werd al snel vervoegd door tweelingszussen Gyða en Kristín Anna Valtýsdóttir. Nadien wijzigde de band regelmatig van line-up en bestonden ze uit een steeds groter collectief van muzikanten. Tot op heden brachten ze welgeteld zes langspelers uit waarvan ‘Smilewound’ (2013) hun laatste is. De band heeft globaal enorm veel succes, waaronder ook in de Verendigde Staten, Europa en Rusland.
Deze avond spelen ze onder de huidige line-up van Örvar Þóreyjarson Smárason (frontman/keyboards/gitaar/mond-accordeon en electronics), Gunnar Örn Tynes (piano/gitaar), Hildur Gudnadottir (zang/basgitaar), Samuli Kosminen (drums/percussie) en Gyda Valtysdottir (zang/cello/gitaar).

Al vanaf de eerste song voelde hun muziek aan als een zacht schapenvel die mij verwarmde. Het publiek in de Notre Dame was muisstil, sereen en heel respectvol. Een beter publiek dan hen, die avond… kan ik mij moeilijk voorstellen. Als nieuwkomer binnen hun muziek, ontdekte ik dat Múm’s sound geen ééndagsvlieg is. Múm klinkt voor mij ietwat sereen aan de oppervlakte, maar complex gelaagd in de diepte. Dit maakt hun muziek zo boeiend om bewust te beluisteren, en beter nog… ‘Te beleven’ tijdens dit prachtige concert. Tijdens verschillende songs werd mond-accordeon gebruikt, wat hun muziek op een fragiele manier nog voller deed klinken. Als je het mij vraagt: een grote meerwaarde. De samenzang van Hildur en Gyda klonk ook ronduit hemels. Ik zag zonder twijfel, alleen maar top-muzikanten op het podium. En wat ze samen voortbrengen, is pure magie, zo fijn geslepen als een diamant. En dit blijkbaar al vanaf hun eerste langspeler, wat niet iedere band gegeven is. Hun geluid deed mij in momenten ook denken aan muziekgroepen als Low, Lamb en EF. Wat ik een groot compliment vind. Topnummer van de avond was voor mij “There Is a Number of Small Things”. Het nummer bevat fijngepolijste elektronische effecten, zo’n meeslepende melodielijn, prachtige zang en dwingt je uiteindelijk tot een mentale ‘shutdown’. Waardoor je wegzinkt in diepe rust en dankbaarheid.
Maar niet enkel de muziek stond vanavond als een huis. De integere maar toch humoristische bindteksten, de dankbare houding van de muzikanten en mooie moderne dans van Gyda maakten alles nog persoonlijker. Ook vind ik het belangrijk om de gehele organisatie even in de verf te zetten: zonder de prachtige belichting met mooie effecten/patronen, de unieke locatie en het nagenoeg perfect geregelde geluid was deze avond niet zo compleet als ze was.
Na het laatste nummer van ‘Yesterday Was Dramatic, Today is OK’, kreeg Múm van bijna iedereen en staande ovatie.

Na lang applaudisseren, werden we nog één maal verwend met “We Have a Map Of the Piano” als bonus. Na een laatste staande ovatie en diepe buiging van de muzikanten was het concert tot zijn einde. Ieder van ons keerde volgens mij, met een verzadigd gevoel van dankbaarheid en warmte naar huis.
Wie er niet bij was, mag spijt hebben. Want het was een prachtige avond. Bedankt Múm, en bedankt Botanique, voor de puike organisatie!

Organisatie: Botanique, Brussel

Seratones

Power

Geschreven door

De Amerikaanse formatie Seratones is de band rond gospel zangeres A.J. Hayens. Seratones bracht in 2016 een gesmaakt debuut op de markt 'Get Gone'. De band kreeg hiervoor zeer goede recensies. Nu komt het langverwachte tweede studioalbum 'Power' uit via New West Records.
We citeren even: ''Op ‘Power’ laat ze horen hoe kwetsbaarheid je sterk kan maken. Zo gaan de teksten onder andere over abortusrecht (Haynes werkte jaren in een abortus kliniek), maar ook over rassengelijkheid, persoonlijke obstakels overwinnen en haar liefde voor poëzie.'' Waar proto-punk en garage rock het vorige album Get Gone nog zo typeerde, heeft die sound nu plaatsgemaakt voor meer rauwe soul.Vanaf de eerste song hoor je inderdaad al dat dit een zeer persoonlijke schijf is geworden. Een schijf waarop Seratones de mensen wil confronteren met zijn of haar diepe zielsroersels en dus bewust iedereen, en niet alleen zichzelf, een spiegel voorhoudt.”
Emoties en pijn, angst en vertwijfeling. Het komt al terug op de eerste song  “Fear”. Echter straalt deze schijf eveneens veel hoop  uit. Dat is al het geval bij het zeer aanstekelijke “Power”. Een titel die trouwens perfect aansluit op het ontwerp van deze plaat. Dat voortdurend schipperen tussen vele uitersten is trouwens een gegeven dat we doorheen de hele schijf ontdekken. Opzwepende songs als “Gotta get to know ya” worden afgewisseld met songs die gevoelige snaren raken. Haynes beschikt over een zeer krachtige stem die veel kanten uitgaat. Omringd door muzikanten die perfect meegaan in het verhaal, slaagt ze er dan ook in een boodschap te verkondigen.
Aangezien ik eerder muziek beluister vanuit het buikgevoel ipv het gehoor, is het belangrijkste voor mij, kan Seratones ook bij ons het gevoel opwekken dat kwetsbaarheid je sterker maakt.
Nu, de rode draad blijkt inderdaad het vertellen van een persoonlijk verhaal. Haynes geeft zich volledig bloot op deze knappe schijf. Bij elke song opnieuw. Of dat nu is bij “Lie to my face” - een confronterende song die aanvoelt als een mokerslag in je gezicht. Of door middel van op een intimistische wijze je daar te raken, waardoor tranen opwellen. Telkens slaagt Seratones er inderdaad in het te doen aanvoelen alsof pijn, smart en verlies je hart kunnen verbrijzelen, maar eens je bent opgestaan diezelfde pijn je ook - inderdaad - sterker maakt. Je moet alleen willen je leven terug op rails krijgen, en niet bij de pakken blijven zitten.  
Soul muziek past in ieder geval perfect in dat plaatje, maar Seratones steekt zoveel gevoel in die muziekstijl dat het niet enkel een zeer persoonlijk verhaal wordt, maar ook één over u en mijn leven. Elke song is bewust opgebouwd, rond persoonlijke emoties, waardoor je als aanhoorder van begin tot einde mee bent met het verhaal. Net omdat het dus ook over u persoonlijk gaat.
De bijzonder veelzijdige stem van Haynes is daarbij de belangrijkste kers op die taart. Het is echter dat totaalplaatje van emoties tot het oneindige, dat er moet voor zorgen dat ook u diep ontroert een traan zal wegpinken, met de glimlach op de lippen. In een land waar vreugde, verdriet en geluk verbonden worden tot een magisch geheel. Uit het leven van elke dag gegrepen. Daar vinden we een band als Seratones. En zorgt ervoor dat deze soulvolle schijf niet alleen een pareltje is geworden om te koesteren. Maar ook om uit te leren.

Tracklist: Fear - Power - Heart Attack - Lie to my face - Gotta get to know ya - Over You -  Permission - Sad Boi - Who are you Now - Crossfire

WUK?!

Nen Demo (EP)

Geschreven door

WUK?! ofwel When Union Kills is een vrij jonge heavy/thrashmetalband die ook knipoogt naar deathmetal. De band stond nog  op Frietrock in Oud-Turnhout en we waren diep onder de indruk van die bommen energie die deze jonge snaken op ons afschoten. Als oude rotten in het vak zijn we ondertussen toch al wat gewoon, maar wat we hier op onze boterham voorgeschoteld kregen sloeg ons met verstomming. Geloof me, dat komt niet meer zo vaak voor tegenwoordig. De band stelt nu zijn eerste demo voor 'WUK?! Nen Demo' - meer informatie:  https://www.facebook.com/events/371684390124725/  Wij maakten van de gelegenheid gebruik om deze EP al eens onder de loep te nemen en waren nogmaals diep onder de indruk van zoveel virtuositeit dat door onze strot werd geramd.
Na een oorverdovende drumintro - ook live blijkt drumster Bieke Van Damme over een kracht te beschikken die we niet zoveel tegenkomen - wordt het tempo verder opgedreven dankzij die duivelse riffs die snijden als scheermesjes door je vege lijf. Als kers op de taart krijg je een vocale inbreng van Nelis die zoveel emoties verstopt in zijn stem dat hij je een ware krop in de keel bezorgt.  “Crushing Skulls” is een song die alvast zorgt voor een uppercut van jewelste. Eens vertrokken, is geen terugweg meer mogelijk. WUK?! legt die lat zo hoog, dat het wel lijkt dat ze al twintig jaar samen muziek spelen. Dat laatste wordt verder in de verf gezet op “The Serpent Queen”, “The Reaper” en “Execution Of Lies”. En daarmee zijn we bij het enige minpunt gekomen aan deze knappe EP. Het plaatje is veel te snel gedaan, het smaakt naar meer.
WUK?! brengt het soort heavy thrash/death waardoor je als liefhebber meerdere adrenalinestoten door je lijf voelt gieren. En dat is niet de verdienste van één element binnen deze klasse band. Nee, dit zijn supergetalenteerde jongeren die verdomd goed weten waar ze mee bezig zijn, maar vooral een feestje willen bouwen in je hoofd en daardoor aanzetten om stevig uit de bol te gaan tot in de vroege uurtjes. Puurder dan dit kan heavy thrash namelijk niet klinken. Met deze EP levert deze West-Vlaamse band een visitekaartje af waarmee ze nu al hun stempel drukken op dat heavy thrashgebeuren in ons land en ver daarbuiten.
Het is gewoon een kwestie van tijd eer we deze gloednieuwe parel zullen zien schitteren aan dat metalfirmament. Geef ze wat tijd om verder te groeien en open te bloeien, maar op basis van dat prachtige optreden en deze EP zijn we er zeker van. We voorspellen deze band een meer dan gouden toekomst. In het oog houden deze shit!

Tracklist: Crushing Skulls, The Serpent Queen, The Reaper, Execution Of Lies

Trond Kallevåg Hansen

Bedehus & Hawaii

Geschreven door

Trond Kallevåg Hanse is een Noorse gitarist en componist die in 2017 reeds hoge ogen gooide met het album 'Se Meg En Annen Dag'. Samen met medemuzikanten Alexander Hoholm (contrabas) en drummer Ivar Myrset Asheim, waarmee hij ook op die vorige plaat werkte, brengt hij nu een nieuw filmisch meesterwerk uit 'Bedehus & Hawaii'. De titel verwijst volgens onze bronnen naar de zomers die hij Trond doorbracht bij zijn grootouders in Bømlo en zijn interesse voor reizen.
“Flanellograf” is een zeer rustgevende song die aanleunt bij die adembenemende mooie omgeving. Feitelijk is die Hemelse rust zelfs de rode draad op de volledige schijf, zo zal later blijken. Want ook die intensieve rust en chill atmosfeer vind je terug op de daarop volgende songs als “Flukt”, “Slektstreff”,  “Fartein Valen” tot “Kapellet” en afsluiter “Halvvåkne Drømmer Fra Baksetet”. Allemaal songs die zo zijn opgebouwd dat u tot complete zen wordt gebracht, zonder dat je in slaap wordt gewiegd. Geluidsmuren afbreken is er uiteraard ook niet bij. Trond Kallevåg Hanse houdt, net als vele jazzmuzikanten, bovendien van experimenteren en improviseren. Maar hem dat label 'jazz' opkleven is de man tekort doen. Net doordat hij verschillende stijlen zoals jazz, folk en ambient perfect met elkaar verbindt.
We raden aan om het bij het beluisteren van deze schijf het niet te ver te gaan zoeken. Laat de bijzonder intensieve klanken gewoon als een briesje op warme zomeravonden op je afkomen, sluit de ogen en open ze pas als je diezelfde zon in de horizon ziet verschijnen boven het stille water. Het gevoel dat je dan overvalt is vergelijkbaar met wat we voelden bij het beluisteren van deze parel van een rustgevende jazz/ambient/folk-plaat. Een schijf die je koude rillingen zal bezorgen. Niet van angst, maar van puur innerlijk genot. Daarom is het eveneens aan te raden deze plaat van begin tot einde gewoon te ondergaan, zoals het lezen van een boek of het kijken naar een landschap dat verandert bij het vallen van die avond.
De enige bedoeling van Trond is dat jij je als luisteraar compleet ontspant. Geluidsgolven creëren die je tot complete rust brengen dus. Daarvoor laat hij zich omringen door topmuzikanten die dezelfde kant uitkijken als hem. Een opzet waarin hij samen met zijn kompanen over de hele lijn met brio in slaagt. Net door folk en ambientelementen te combineren met jazztechnieken, waardoor je achteroverleunend in je luie zetel geniet van deze ingetogen pracht die je oorschelp binnendringt en rechtstreeks je hart verwarmt.

The Fifth Alliance

The Depth Of The Darkness

Geschreven door

Iedereen kent het verhaal van Dr. Jekyll and mr. Hyde. We vonden ook de vrouwelijke versie op een Black Metal gerichte plaat. The Fifth Alliance is een Nederlandse band die in 2015 voor het eerst van zich liet horen met dat grensverleggende donker pareltje 'Death Poems'. Nu is er de ondertussen derde schijf 'The Depth Of The Darkness'. Waarbij die stelling over de hele lijn in de verf wordt gezet door de uitstraling en stem van frontvrouw Silvia Saunders
Zonder afbreuk te doen aan de instrumentale omlijsting. Want menig donkere riff, die langzaam naar omhoog kruipt tot de oorschelp is bereikt en de hersenpan uiteen spat door een overdosis intensiviteit, doet ons huiveren van angst. Silvia haar stem gaat echter van kristalhelder, weemoedig en melancholisch over naar verschroeiende screams die zo oorverdovend klinken dat je ziel in gruzelementen op de grond terechtkomt, telkens in een spookachtige en mysterieuze omkadering. De best lange duurtijd van elke song - die klokken af tussen de zeven en tien minuten - zorgen voor een spanningsveld dat traag wordt opgebouwd tot een climax die ervoor zorgt dat apocalyptische wezens iedereen op de aarde vertrappelen. Het geschreeuw van Silvia klinkt als de schreeuw van slachtoffers van menig aardverschuiving die daarop volgt.
“Black” is al een eerste, zeer gevarieerde, uppercut die waarbij langzaam wordt opgebouwd naar een zekere climax, vandaar de 'post' in dat blackmetalgebeuren. Want ook bij “Hekate” - een klepper van tien minuten - gaat het eerst de eerder trage en slome weg op, om daarna in een overdrive alle registers, zowel instrumentaal maar dus vooral vocaal, open te gooien. Demonische wezens sleuren je uiteindelijk mee naar de diepste krochten daarvan. Het gekrijs van Silvia - hoe haar stem dit volhoudt is ons een raadsel - gaat door merg een been. Eens tot waanzin gedreven, doet de band het nog eens fijntjes over met “Hellfire Club”, weer zo een donkere mokerslag in het gezicht van circa acht minuten en zesentwintig seconden lang. In diezelfde lijn gaat het ook uit bij “Into Extinction” en “Aleister”. Zwartgeblakerde duisternis, binnen een spookachtige omkadering is de rode draad op elk van de songs.
De donkere, mystieke sprookjes van Grimm. Dat is wat we ons voor de geest halen bij deze knappe schijf. Binnen dat sprookjesbos huizen geen liefelijke elfjes en kabouters, maar demonische wezens die je op verschroeiende wijze meesleuren in diepe duistere gedachten. Op een eerder melancholische wijze, tot het uitdelen van de ene na de andere mokerslag die je compleet murw slaat. Dat is vooral de verdienste van die bijzonder gevarieerde vocale aankleding, die ons met verstomming slaat. Silvia bedwelmt je eerst op een engelachtige wijze, om daarna haar demonen op jou los te laten waardoor niet alleen de trommelvliezen barsten maar ook je donkere ziel brandt in de Hel die zij u daardoor aanbiedt.
Dat is nu eenmaal het gevoel dat we altijd moeten krijgen bij het beluisteren van een doorsnee post-blackmetalplaat. Dat is wat The Fifth Alliance ons over de gehele lijn ook aanbiedt. Intensief en verschroeiend hard, meedogenloos je hersenpan inslaan en je hart verbrijzelen.

Pagina 195 van 498