logo_musiczine_nl

Trix, Antwerpen - events

Trix, Antwerpen - events - 01 april: Dirty sound magnet - 01 april: Minding dolls, Stryke, Gloom - 02 april: Nova Twins - 02 april: Hifive: Lefty Parker - 02 april: Spoor series: Caroline De Meyer, Dennis Tyfus - 03 april: Deathcrash - 04 + 05 april: Samhain…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15433 Items)

Mooneye (Belgium)

Mooneye & Almighty Mighty - Vruchtbare West-Vlaamse grond

Geschreven door

In het kader van de Coca-Cola Sessions worden beloftevolle artiesten uitgenodigd in de AB Club. Sinds 2009 mochten onder andere Balthazar, Compact Disk Dummies, Portland en Whispering Sons al de line-up vervoegen. Dat zijn intussen geen onbekende namen meer; we kunnen er dus voorzichtig van uitgaan dat er ook deze keer een artiest bijzat die op het randje van de doorbraak staat. Nu mochten Mooneye en Almighty Mighty het podium van de Club delen, en dat leverde een gemengd resultaat op.

De avond werd ingezet door Almighty Mighty. Dat is de muzikale baby van Michélé De Feudis (voormalig frontman van Horses on Fire) en Stéphane Misseghers (producer en drummer van dEUS). Inspiratie voor hun sound haalden ze onder meer bij Air, Gorillaz en Massive Attack. Met hun debuut-EP onder de arm kwamen ze in Brussel hun versie van ‘pop noir’ voorstellen. Een zo goed als uitverkochte Club was klaar om deze nieuwe band met doorwinterde leden een kans te geven.
Meteen werd echter duidelijk dat ze ons niet van onze sokken zouden blazen. Nummers als “Float” bleven aan de oppervlakte en leken op geen enkel moment volledig los te barsten. Het publiek reageerde ingetogen, ook al deed frontman Michélé moeite om interactie uit te lokken. De nummers die gezongen werden door Ian Clement klonken aangenamer, zeker wanneer zijn stem vervoegd werd door die van Emily Vernaillen.
Gelukkig namen de songs tegen het einde nog wat toe in grandeur. Met “Death Parade” werd de sfeer dreigend en filmisch, ook de lichteffecten volgden die verandering en zorgden zo voor een extra dimensie. De shoegaze van fijne afsluiter “Jezebel” liet ons met gemengde gevoelens achter. Zoals we eerder al zeiden, is het feit dat de individuele muzikanten zich niet meer moeten bewijzen niet eenduidig positief. Almighty Mighty was onmiskenbaar een professioneel geheel, maar de drive voor vernieuwing bleek niet van groot belang te zijn.

Vervolgens was het de beurt aan Mooneye, winnaar van De Nieuwe Lichting 2019. Hun muziek wordt door de pers regelmatig omschreven als pop. Dat hun nummers inderdaad easy on the ear zijn, met veel radiopotentieel, kunnen we niet ontkennen - maar toch dekt dat label de lading niet. De groep rond de Zwevegemse Michiel Libberecht is meer dan het zoveelste Belgische bandje dat een tof nummer kan schrijven. Hun debuut-EP van vorig jaar toonde dat al aan, en ook hun eerste AB-show liet geen ruimte voor twijfel.

Nog voor Mooneye goed en wel begonnen was, bleek al dat ze een volledige bus vol West-Vlaamse fans ingelegd hadden. Het was aandoenlijk om te zien hoe geliefd de jongens zijn, maar dat zorgde er ook wel voor dat de reacties van het publiek niet representatief te noemen waren. Zowat elk nummer werd onthaald met gefluit en een uitbundig applaus. Onterecht bleek dat gelukkig niet. De band vatte ingetogen aan en legde zo alle aandacht bij de oprechte verhalen die de heerlijk weemoedige stem van Michiel ons toezong. Het was duidelijk dat hij al een verleden heeft als singer-songwriter, want de rest van de band leek niet meer dan een backdrop te zijn voor de frontman.
Die eerste indruk werd snel weerlegd. Bij prachtige nummers als “This Thing” was er namelijk voldoende ruimte voor de muzikanten om ook hun kunnen eens tentoon te stellen en ook de muzikale intermezzo’s zorgden voor een aangename afwisseling. Na een tijdje sloop er jammer genoeg ook een cover in de set: de jongens schotelden ons hun eigen versie van Tom Waits’ “Clap Hands” voor, wat ze in de toekomst achterwege mogen laten. Het klonk niet slecht, maar hun eigen materiaal was meer dan de moeite waard om de volledige avond te vullen. Daarop volgde nog “Nothing Ever Happens In This Town”, waarop Michiel bewees dat hij ook zijn keel eens goed kon openzetten. Ook dat nummer was niet slecht te noemen, maar die hevige sound zorgde voor een stijlbreuk met de quasi perfectie van de songs op hun EP.
De eigenheid van Mooneye schuilt in de authenticiteit van hun teksten, de doorvoelde stem van de zanger en hun niet-Belgische geluid. Ze werden al vergeleken met bands als Beirut of Vampire Weekend, maar geen enkele vergelijking deed eer aan hun unieke stijl. Naast indie, pop en folk, waren er ook invloeden van country en zelfs heartland rock te horen - wat meer Amerikaans dan Vlaams aandeed. Afsluiten leek de band te doen met topplaatje “Thinking About Leaving”, dat iets minder goed klonk dan de opgenomen versie. Maar na het onaflatende enthousiasme van het publiek kwamen ze nog terug met “Black River” (dat dan live weer beter klonk dan op de EP) en “Time To Move Away From Here”. Wat een goede keuzes om mee af te ronden.

Na hun optreden betrapten we onszelf erop dat we hun deuntjes maar bleven meeneuriën. Mooneye bleef nog lang hangen in ons hoofd, en we zouden er niet van opkijken als iedereen binnenkort al neuriënd rondloopt.

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics van hun set op Festival Dranouter
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/festival/dranouter-festival-2019/moon-eye-4-8-2019.html
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Circa Waves

Circa Waves - Waanzinnig vrolijke vloedgolf

Geschreven door

Er zijn zo van die bands waarbij het onmogelijk is om stil te blijven zitten op hun muziek; en Circa Waves is er zo eentje. De Britse band stond voor het eerst dit jaar met een solotour in ons land en die stond in het teken van hun laatste plaat ‘What’s It Like Over There?’. Een album dat niet door iedereen even goed onthaald werd, doordat de band plots de elektronische kaart trok. Gelukkig was daar gisterenavond niet veel van te merken. Hoewel de Botanique niet helemaal uitverkocht was voor de komst van de indierockers, werd er toch een geweldig feestje gebouwd.

Dat feestje mocht geopend worden door de Canadese Boniface. De jongeman, die werd geflankeerd door drie bandleden, trok de avond goed op gang met zijn aanstekelijke surfrock met af en toe een psychedelisch kantje. De show begon nog wat nerveus, maar na een paar nummers begonnen de energie-uitbarstingen er toch door te komen. Boniface kreeg de stilaan volgelopen Botanique aardig mee en zijn nummers klonken dan ook veelbelovend. De avond werd dus goed ingezet.

Een half uurtje later was het dan de beurt aan de hoofdact. Om 21:00 stipt lichtte het glitterende ‘Circa Waves’ op en kwamen de jonge Britten het podium op, om de Botanique meteen bij de keel te grijpen.
Op het openingsnummer “Wake Up” ontstond er al meteen een eerste moshpit en die leek voor de rest van de avond niet stil te gaan vallen. Op “Fossils” en “Movies” gingen de handjes dan ook vlot op elkaar en sprong en zong de hele zaal gretig mee. De toon werd dus meteen gezet. Het publiek at uit zanger Keeran Shudalls hand en ging op “Get Away” maar al te graag zitten voor een eerste sit-down.

Na de geweldige vloedgolf werd het tijd om het even wat rustiger aan te doen. Bassist Sam zette zich achter zijn piano en haalde met “Times Won’t Change Me” het tempo een beetje naar beneden. Om het dan op “Stuck” weer weer helemaal tot in het absurde te trekken. De energie was zowel op het podium als in de zaal uitstekend en dat zorgde dan ook voor een leuke interactie met de band, toen bijvoorbeeld een fan een salamiworst naar het podium gooide en Keeran ervan at.
Aan alles en iedereen konden we voelen dat Circa Waves opbouwde naar een hoogtepunt. Het startschot van het slotoffensief werd ingezet met “Stuck In My Teeth”, waarop de zaal helemaal tekeer ging. Een paar minuten later vroeg Keeran aan de zaal om op te splitsen, wat uitmondde in een gigantische moshpit op “Goodbye”. “Fire That Burns” zorgde ervoor dat het dak eraf ging en dankzij bisnummer en wereldhit “T-Shirt Weather” vloog het dak nog een beetje verder weg.

Circa Waves in de Botanique zorgde voor een geweldig leuke sfeer en veel blije gezichten. Muzikaal was er weinig tot niks op aan te merken en alle kritiek dat de band te poppy is geworden, mag ook gerust van tafel worden geveegd. Live vlogen de gitaren ons om de oren en hoewel de jongens geen moshpitmuziek maken, dook er bij elk nummer toch wel eentje op. De Britten zorgden voor een leuke avond, waarop we onmogelijk konden blijven stilstaan en met een meer dan goed gevoel terug naar huis konden keren.

Setlist: Wake Up - Fossils - Movies - Get Away - Times Won’t Change Me - Stuck - Sorry I’m Yours - Stuck In My Teeth - Lost It - Saviour - Goodbye - Fire That Burns - The Way We Say Goodbye - T-Shirt Weather

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Botanique, Brussel

Black Calavera

Cigarettes -single-

Geschreven door

Het Britse bandje Black Calavera gooit over het Kanaal hoge ogen en wil nog voor de Brexit ook Europa overstag laten gaan. Het klinkt een beetje als de Arctic Monkeys met een dame achter de microfoon. Charlie heeft een lekker Brits accent (ik gok op Londen, maar wie ben ik?) en doet me voorts wat denken aan Shirley Manson van Garbage. De lyrics zijn een klassiek boy-meets-girlverhaal, maar zelfs dat werkt nog altijd. De band weet hoe een radiovriendelijke track in elkaar zit. Het is een beetje een klassiek rockconcept dat je ook bij The Kooks vindt, maar Black Calavera brengt het met zoveel branie dat je ze die radiohit meteen gunt.

https://www.youtube.com/watch?v=qvZUhBt4zaE

Riah

Autumnalia

Geschreven door

De uit Italië afkomstige postrockband Riah werd opgericht in 2015. De band combineert de zwaardere postmetal met dromerige atmosferen, die je vaak terugvindt in pure postrock. In 2018 begon de band aan het debuut 'Autumnalia' te werken. Riah zegt er het volgende over: "Our music starts with the idea that autumn is not the ghost of death that crawls on summer's path, but it's the very chance to re-start, to die and to rise as a new being, a new spirit, a new mind.” en ook '' a mixture of beauty and brutality".
Dit laatste blijkt al uit die prachtige, negen minuten lange “Melancholia”. De titel is trouwens het juiste woord om de song te omschrijven, je wordt er prompt melancholisch van. De band verstaat inderdaad de kunst om rauwe, verschroeiende riffs te brengen die aanvoelen als botte bijlen die je lijf doorklieven. Ze combineren die met intens mooie en intieme rustmomenten waardoor je onder hypnose gebracht, zen wordt, om daarna weer een oorverdovende mokerslag uit te delen, die aanvoelt alsof je hersenpan wordt doormidden gekliefd. Net dat in golvende bewegingen je een gevarieerd aanbod bieden tussen uiteenlopende emoties, is niet alleen de rode draad op de schijf. Het trekt ons het meest over de streep.
Vervormde melodieën, optrekken van geluidsmuren en voldoende intense rustpunten om te verpozen treffen we ook aan op “Dastin” een kortere song, die de voorbode vormt voor “Il Sogno Del Buio” waar die vrij emotionele en zeer persoonlijke muziek wordt uitgekleed en ontleed tot je ook als aanhoorder jezelf voelt wegdrijven naar die bijzonder veelzijdige wereld van Riah. Pijn en vreugde liggen altijd nauw verbonden, ook in de muziek. Dat laatste zet de band verder in de verf op zeer lange kleppers als “Luce” en “Taedium Imperat”. Telkens kleppers van rond de negen minuten lang en toch voelt het aan alsof die maar enkele seconden duren. Net doordat Riah door middel van zoveel tempowisselingen je aangenaam weet te verrassen en daardoor bij de les houdt.
Uniek zijn in het genre is bijna onmogelijk. Meestal worden zulke bands vergeleken met grote voorbeelden. Ook bij Riah horen we een streep Russian Circles  passeren of komen bands als Cults Of Luna ons voor de geest.
Hoe typisch binnen het genre dit debuut ook mag zijn, we worden op ruwe wijze doorheen geschud maar door de zachtmoedige stukken voelen we ook een intensieve, lichtjes dreigende ondertoon neerdalen die de rust in ons bange hart telkens doet terugkeren. Echter is Riah vooral een typische postrockparel die op zodanig hoogstaand niveau staat te soloren dat ze niet moeten onderdoen voor die grote namen, integendeel. Net door een zo gevarieerd pareltje aan te bieden, met vele golvende bewegingen en tempo wisselingen daaraan toegevoegd zal de internationale erkenning, die ze zeker verdienen, niet lang op zich laten wachten.

Vidar Busk, Daniel Eriksen & Stig Stig Sjøstrøm

Hustle & Flow

Geschreven door

Wat gebeurt er als je uitzonderlijk getalenteerde meesters in hun vak samen brengt? Dan ontstaat er een magie waarbij alle mogelijke grenzen worden overschreden.. Vidar Busk (gitaar, vocals), Daniel Eriksen (gitaar, vocals) en Stig Sjostrom (drums, percussie),  een trio doorwinterde topmuzikanten brengt met ‘Hustle & Flow’ een heel knap debuut uit waarop blues wordt uigekleed, ontleed en in een nieuwe verpakking gestopt alsof dat de normaalste zaak van de wereld is. Bovendien kruidt de band deze aanpak met de nodige rock-'n-roll waardoor niet alleen ons blues- maar ook ons rockhart wordt geraakt.
Dat deze muzikanten al heel wat blueswatertjes hebben doorzwommen merken we reeds bij de eerste song “Six Strings Down”, een song die langzaam op gang komt, maar openbloeit tot een climax die aan je ribben kleeft. Blues zoals blues moet klinken dus. Rauw en energiek wordt perfect verbonden met gezapig de gevoelige bluessnaar raken.
Elk van de artiesten binnen dit project leven leeft zich duidelijk volledig uit op deze schijf. Improviseren met het genre, dat is wat we te horen krijgen bij songs als “Oh Mama” waar plots ook wordt geflirt met pure rock-'n-roll, waardoor de band dus weer een andere grens aftast en verlegt. De ene keer rauw en gedreven, de andere keer zachtjes, erg bluesy en soulvol de gevoelige snaar raken is de rode draad doorheen deze volledige schijf. Luister maar naar het zeer aanstekelijke “Drive On” of “I Love You” - een pakkend mooi liefdeslied.  En hoor de magie die blues zo bijzonder maakt letterlijk uit de boxen loeien.
Vidar, Daniel en Stig spelen geen blues, ze leven die muziekstijl en doen de luisteraar weg weifelen naar die andere bluesoorden waar het steeds fijn vertoeven is. Telkens gebruikt dit trio elk aspect uit die blues tot in het oneindige, en voegt dat dus emoties aan toe en potjes rock-'n-roll.
De perfectie wordt over de gehele lijn overschreden op deze knappe schijf. De vocale capaciteiten mogen dan Hemels zijn, we horen dus vooral topmuzikanten bezig die blues zodanig intensief op je boterham smeren, dat je er nooit genoeg van krijgt. Afgesloten wordt met een zeer mooie instrumentale vorm van “Drive On” waaruit nog maar eens de virtuositeit van de muzikanten in deze band blijkt.
Vidar Busk, Daniel Eriksen & Stig Sjostrom brengen met 'Hustle & Flow' de perfecte bluesplaat uit, kruiden die met voldoende rock'n'roll-tinten en gieten daar een soulvolle saus over. Zodat het goedje smaakt naar meer van dit. Je voelt de neiging dan ook opkomen deze bijzondere parel meerdere keren te beluisteren. Zo aanstekelijk raakt dit trio je op verschillende uiteenlopende plaatsen in je blueshart. Machtig!

Blues/Roots/Jazz

Vidar Busk, Daniel Eriksen & Stig Sjostrom
 

RAMAN

Maestoso -single-

Geschreven door

De Gentse band RAMAN bonkt al enkele jaren op de deur van een doorbraak naar een ruimer publiek. De band won enkele fijne prijzen, stond op bijvoorbeeld Gent Jazz, Fonnefeesten en Boomtown. Ze hebben ondertussen een zekere reputatie opgebouwd. Frontman Simon Raman vormt samen met drummer Bernd Coene (Reena Riot, Mapuches , The Blues Vision) en bassist Jasper Peeten dan ook een zeer talentvol trio die rock en blues perfect met elkaar verbinden. De band brengt eindelijk een debuut EP uit, 'Birth Of Joy', op 1 november.
RAMAN brengt echter nu een nieuwe single uit die een tipje van de sluier laat horen waaraan u zich kan verwachten. Deze single is eigenlijk al een iets oudere song van RAMAN en laat een band horen die aan het evolueren is naar de sound die het best bij hen past.
De band wordt vergeleken met Chris Whitley, Jeff Buckley en een vroege Triggerfinger. Dat is toch heel wat.  Uit de single “Maestoso” blijkt inderdaad dat die vergelijkingen niet uit de lucht zijn gegrepen, integendeel. Een potje melancholie wordt open gedaan, op een aanstekelijke en bijzonder warme wijze. Waarbij de bijzonder weemoedige stem van Simon aanvoelt als een zalf tegen het bloeden van de ziel. 'Het thema van de song is eenzaam zijn tussen de veelheid van alles' , lezen we in de biografie. Dat zijn zeer zwaarmoedige thema's. RAMAN zorgt er dan ook voor dat je met een krop in de keel gekluisterd zit te luisteren, een traantje wegpinkt maar ondanks dat zwaarmoedig thema ook een sprenkeltje hoop ziet verschijnen aan de horizon. RAMAN is duidelijk een band die lang aan zijn sound heeft gewerkt, en het was dan ook het toch vrij lange wachten meer dan waard.
Besluit: Binnen die dunne lijn tussen Blues en rock-'n-roll met een hart, vinden we RAMAN. De single “Maestoso” is een fijn pareltje dat zowel de breekbaarheid van een band laat horen, die je meesleurt in weemoedige sferen. Maar is ook rock-'n-roll genoeg om ervoor te zorgen dat je lekker gaat headbangen door de aanstekelijke aankleding die op de dansheupen werkt.
Een voorproefje van wat we te horen krijgen op de EP? Zeker en vast, al is daar zelfs meer aan de hand. Echter is dat voer voor een ander artikel.

(The True) Mayhem (Norway)

Daemon

Geschreven door

Een nieuw studio-album van Mayhem is op zich al nieuws. Dat deze Noorse blackmetalband überhaupt nog bestaat en albums uitbrengt is al een flinke prestatie, gezien de bandgeschiedenis met o.m. moord, zelfmoord, kerkverbrandingen, interne twisten, een podiumact met gespietste varkenskoppen en andere dode dieren en een heel reeks bezettingswissels. Toch blijft de band bijzonder populair en is hun invloed op andere blackmetalbands gigantisch.
De jongste jaren gaat alles een stuk rustiger bij Mayhem en wordt er vooral veel opgetreden en merch verkocht. Het spannendste feit van de jongste jaren moet die keer geweest zijn toen de band in Nederland opgepakt werd en een boete kreeg voor het vernielen van een hotelkamer. Denken de bandleden zo stilaan aan hun pensioenspaarrekening of zijn ze toch nog relevant? Nog eens een album van twijfelachtige kwaliteit zou de horde fans snel kunnen uitdunnen. De eerste luisterbeurt van ‘Daemon’ kan alvast redelijk vlot overtuigen, maar wij drukken nog een paar keer op de repeat-toets om helemaal zeker te zijn.
Zeker na een paar luisterbeurten klinkt ‘Daemon’ een stuk beter dan de vorige studio-albums van Mayhem. De productionele ingrepen werken beter en het songmateriaal is inzake compositie en uitvoering sterker. Vooral de dosering van de vocalen zit beter, al zal ook dit album opnieuw moeite hebben om de fans van de eerdere Mayhem-zangers te overtuigen. Die fans van het eerste uur zullen blij zijn dat het bandgeluid teruggrijpt naar dat van ‘De Mysteriis Dom Sathanas’. Dat ze dat album een aantal keer integraal live gespeeld hebben naar aanleiding van de 25ste verjaardag ervan, zal daarin wel meespelen.
Hoewel er wel veel lof is voor de feilloze productie en het sterke materiaal, is ‘Daemon’ geen supertoegankelijk album geworden. Dit is nog steeds rauwe, compromisloze oldschool blackmetal met een frisse update. De beste tracks zijn “The Dying False King”, “Of Worms And Ruin” en “Malum”. 
‘Daemon’ is geen absolute mijlpaal in de geschiedenis van Mayhem, wel een sterk album dat zal opduiken in menig eindejaarslijstje. 

Wasdaman

Storm In A Cup Of D

Geschreven door

Van de hyperkinetische freejazz van Fred Hersch via de loungy, bijna meditatieve jazz-suites van Bill Frisell naar de poppy jazzrock van Frank Zappa, dat is in grote lijnen de trip die Wasdaman de luisteraar voorschotelt op ‘Storm In A Cup Of D’. Het album is verkrijgbaar op vinyl en dan met een ‘Part 1’ (A-kant) en een ‘Part 2’ (B-kant). Geen pasklare tracks dus, maar twee aangehouden trips met elk wel een paar hoofdstukken. Die ‘hoofdstukken’ kan je zelfs volgen in de groeven van het vinyl, maar we respecteren het idee van de band van Bas Bulteel en Frank Debruyne om het verhaal niet onder te verdelen.
Wasdaman leidt je langs een instrumentale rollercoaster van emoties en belevingen, van een vrolijke gekte naar de rustige bedachtzaamheid bij het vallen van regendruppels, van pompende, weerbarstige progrock naar een uitdijende mantra, van een bluesy gitaarlick naar eindeloze improvisaties op piano en synths. In de rock-momenten heeft Wasdaman iets van de vroege dEUS of Evil Superstars. X-Legged Sally is ook een goede referentie voor die momenten.
Een uitmuntend jazz-album is deze ‘Storm In A Cup Of D’ al zeker. Er wordt gemusiceerd op topniveau, met een hoofdrol voor Bas Bulteel op Fender Rhodes en synths. Het album mixt heel toegankelijke jazzrock en catchy lounge met stukken waar enkel jazz-kenners iets mee aan kunnen. Het zou mooi zijn mocht deze wel heel heterogene speeltuin nieuwe liefhebbers naar de jazz lokken, maar daarvoor mikt het album net iets te hoog.

Blues/Jazz
Storm In A Cup Of D
Wasdaman

Compro Oro

Suburban Exotica

Geschreven door

Het is jazz, maar niet zoals het in de boekjes staat. Compro Oro brengt psychedelische en vooral exotische jazz op ‘Suburban Exotica’. Je kan deze Gentse band dus wel in een mooi afgebakend hokje stoppen, maar op dit nieuwe album heb je voor elke track nog één of meer extra hokjes nodig. Soms wordt het dansbaar met beats zoals bij My Baby (op “Miami New Wave”) of rock (op “Rastapopoulos”) of ronduit grooverock (“Lalibela”), terwijl er net zo goed soundtrack-stukken in zitten verstopt. De invloeden komen uit alle windrichtingen aangewaaid, van New York tot Turkije en Marokko, maar misschien toch vooral uit Latijns-Amerika.
Net als op de vorige albums is er op ‘Suburban Exotica’ een hoofdrol voor de vibrafoon en marimba van Wim Segers. Hoewel het nog altijd geen courante instrumenten zijn voor  jazz in Vlaanderen, gaat hun rol hier verder dan het vrijblijvend toevoegen van wat exotische accenten. Vaak bepaalt Segers de hele melodie en groove en dat is verfrissend.
Het verpakken van soms heel diverse invloeden in songs die toch mooi op elkaar aansluiten is misschien nog de knapste prestatie van deze band. Je hoort in het psychedelische vaag wat echo’s van The War On Drugs en Indianizer, terwijl je op andere momenten dan weer de erfenis van Marc Ribot herkent of een knipoog naar de Buena Vista’s ziet/hoort.
Dat laatste is niet zo verwonderlijk. Op ‘Suburban Exotica’ luister je o.m. naar de drums, percussie en keyboards van Joachim Cooder, zoon van Ry en muzikant op een aantal albums van de Buena Vista Social Club. Dijf Sanders was dan weer niet enkel producer maar ook gastmuzikant. Dat zijn mooie namen bij de credits, maar ga er maar van uit dat je die bij de live-uitvoeringen niet zal missen.

Blues/Jazz
Suburban Exotica
Compro Oro

Arno

Santeboutique

Geschreven door

Opnieuw John Parish als producer was een berekende zet voor Arno. De Brit had al degelijk werk geleverd op ‘Human Incognito’ uit 2015. Net als bij Thou, PJ Harvey en Giant Sand eerder in zijn carrière kan Parish het beste uit een artiest of band halen zonder ze in de richting van hits te duwen. Op ‘Human Incognito’ stonden geen hits, zelfs nauwelijks singles die naam waardig. Dat schept vertrouwen bij een artiest. Ook voor ‘Santeboutique’ had Parish met misschien maar weinig moeite Arno makkelijk naar hits kunnen duwen. “Oostende Bonsoir” had met een iets luchtiger toon en iets meer drive een tweede “Les Filles Du Bord De Mer” kunnen zijn, maar Parish houdt het bij bedeesde blues met een ondertoon van grijs chagrijn. Hintjens houdt van de stad en de zee, maar ergens wringt het toch ook, misschien omdat de erkenning van Oostende voor ‘le plus beau’ zo laat kwam. Als “Oostende Bonsoir” alsnog een hit wordt, is het meer te danken aan het respect van de fans dan aan de greep van de producer op Arno.
Zo ook zou de vrolijke gekte van “Les Saucisses De Maurice” zeker nog iets meer grinta kunnen verdragen en was het makkelijk geweest om de TC Matic-track “They Are Coming” helemaal in dat hoekige retro-vakje te stoppen, maar Parish blijft netjes op de achtergrond. Arno krijgt de vrije hand in zijn lyrics en andere capriolen, maar het is de band die terecht in de spotlights gezet wordt door de producer door heel knap te spelen met de mix. Daarin toont de ploeg achter het fenomeen Arno dat evenwicht heel belangrijk is in de speeltuin van Arno.  Hij klonk nog nooit zo modern als op titeltrack “Santeboutique” en toch is het Arno met een hoofdletter en zelfs in het vet.
De eerste helft van ‘Santeboutique’ is de spannendste, met uitblinkers als “They Are Coming”, “Santeboutique”, “Les Saucisses De Maurice” en “Oostende Bonsoir”. Op de tweede helft liggen de parels veel minder voor het oprapen. “Ca Chante” hint ook nog wel naar TC Matic, maar kan niet overtuigen. “Lady Alcohol” is een gemiste kans. We hadden veel meer verwacht dan een reeks triviale algemeenheden als Arno zijn relatie met de fles uit de doeken doet. De band probeert muzikaal nog de meubels te redden, maar slaagt maar half.  Het bij momenten valse gebrom van Arno op “Court-Circuit Dans Mon Esprit” had een trage, breekbare en openbarende song moeten worden, maar vele fans zullen alleen plaatsvervangende schaamte voelen. ‘Save Me’ zingt Arno op die track, maar producer noch band gooien de reddingsboei. De donkere rock van “Tjip Tjip C’est Fini” maakt al iets goed, zeker met die episch-rockende finale, terwijl afsluiter “Flashback Blues” dat handvol mindere tracks meteen doet vergeten.  Met Arno op mondharmonica zit het meestal goed en bovendien maakt hij zich hier nog eens ouderwets boos op een bedje van zijn typische Eurorockblues. 
‘Santeboutique’ leert dat Arno nog niet met pensioen moet. Niet alles wat hij aanraakt is goud, maar dit album bevat meer songs die we ons binnen 10 jaar nog zullen herinneren dan ‘Human Incognito’. 

Wigbert Van Lierde

Wij Twee

Geschreven door

Wigbert Van Lierde is een artiest die ondanks zijn jaren dienst teveel onderschat is geweest. Nochtans heeft de man ondertussen klassiekers uitgebracht zoals “Ebbenhout Blues” en verleende hij zijn diensten aan Jo Lemaire, Axelle Red en Paul Michiels of maakte hij deel uit van gelegenheidsgroepen als Zakformaat XL - met Kris De Bruyne en Patrick Riguelle. Wigbert debuteerde solo met een prachtige plaat 'Ticket in de Nachtkastla', een parel van een Nederlandstalige aan kleinkunst gelinkte schijf die we iedere liefhebber van dat genre ten stelligste kunnen aanraden.
Met 'Wij Twee' brengt de man zijn ondertussen zesde plaat op de markt. Het is wederom een prachtig pareltje geworden, waarvan elke kleinkunst liefhebber prompt een oorgasme krijgt.
Vergelijk het met regendruppels die van een raam naar beneden glijden: je kunt niet voorspellen op welk punt ze onderaan zullen uitkomen. De muziek zoekt haar eigen weg. Wat eerst eenvoudig lijkt, kan plotseling complex worden omdat je op een groove, kleur of intensiteit botst die de song nodig heeft”, zegt Wigbert er zelf over. Die omschrijving klopt volledig.
Dat blijkt al uit die eerste song “Duinen”, een prachtige, eenvoudige song waarbij Wigbert de gevoelige snaar raakt. Iets wat ons trouwens doorheen de gehele plaat zal opvallen. Geen grote woorden, maar een warme aankleding die een gemoedsrust doet neerdalen over je hart, waardoor je een glimlach niet kunt onderdrukken. Voor de arrangementen kreeg hij de hulp van Vik Van Gyseghem (Tamino, Tristan), Domien Cnockaert (Mondingo en Hooverphonic) en Charlotte Jacobs (Seiren). Die vormen wellicht een grote meerwaarde aan het geheel, maar het is toch die warme uitstraling van Wigbert zelf dat ons het meest over de streep trekt.
Een lijn die hij verder doortrekt op songs als “Wij Twee”, “De Donkerste Nacht” - een lekker rockende song die op de dansspieren werkt. Of de daaropvolgende “Het Grote Gelijk” en “Altijd Beter”. Allemaal pareltjes die de stelling: '’schitteren in eenvoud’ meer dan eens in de verf zetten. Wigbert maakt van eenvoud iets magisch moois, dat je hart raakt en je ziel tot rust en kalmte brengt zoals weinigen dat hem hebben voorgedaan. “Het Kan Niet Langer Zo”, “Huilen Naar De Maan”, ''Tennis” en “Johanna/Joey” zijn dan songs uit zijn debuutplaat, die hij op een even gedreven wijze terug heruitbrengt als toen. Het geeft maar aan wat voor een uniek talent Wigbert was en nog steeds is.
Er klinkt weemoed uit de stem van Wigbert Van Lierde op zijn nieuwste schijf 'Wij Twee', maar nergens klinkt deze plaat depressief of doet ze pijn aan je hart. Eerder doet Wigbert een deugddoend gemoedsrust over jou neerdalen, binnen een zeer intens mooie en eenvoudige omkadering raakt hij een zeer gevoelige snaar. Net zoals alleen grote kleinkunsttovenaars dat kunnen
, tovert hij een glimlach op je lippen terwijl je een traan wegpinkt, wegzinkende in de zetel genietende van zoveel schoonheid dat op jou afkomt. Wigbert is een artiest die door zijn jaren dienst eigenlijk een topartiest zou moeten zijn, die overal hoge toppen scoort en volle zalen uitverkoopt. Het is hem gegund.
Maar zeer stiekem voelen we op deze plaat dat hij zich zeer comfortabel voelt in zijn wereld, waar hij zich voortbeweegt als een gelukkig vis in het water. Het optimisme waarmee Wigbert doorheen deze parel van een plaat, door de tranen van verdriet heen kijkt,  naar een grauwe wereld. Hij doet de zon schijnen in het meest donkere hart.

John Ghost

Airships Are Organisms

Geschreven door

John Ghost is een instrumentale jazzformatie uit Gent, bestaande uit Jo De Geest (elektrische gitaar, loops), Rob Banken (altsax, fluit, basklarinet), Wim Segers (vibrafoon, marimba, glockenspiel en percussie), Karel Cuelenaere (Fender Rhodes, buffetpiano, synths), Lieven Van Pée (basgitaar en “bowed guitar”) en Elias Devoldere (drums, marimba en ‘prepared glockenspiel’). Eén voor één muzikanten die binnen en buiten de grenzen van jazz hun sporen ruimschoots hebben verdiend. Debuutplaat ‘For A Year They Slept’ is ondertussen uitgegroeid tot een blijvertje. Met 'Airships Are Organisms' verlegt John Ghost ook weer meerdere grenzen waar geen grenzen zijn en doet die op de koop toe vervagen.
Eigenlijk is daarom de band het stempel 'jazz' opdrukken hen tekort doen. Want al vanaf het fijne “Deconstructing Hymns”, een pareltje van circa dertien minuten, voel je dat deze band uiteenlopende muziekstijlen perfect met elkaar verbindt door tot in het oneindige daarmee te improviseren. De band brengt op zijn tweede album ook zeer filmische muziek, je zou zo een retrofilmpje willen bekijken met deze bijzonder aanstekelijke muziek als 'Airships and Organisms' op de achtergrond. Het voortdurend experimenteren met geluiden zorgt er trouwens voor dat John Ghost jazz en aanverwanten letterlijk tot kunst verheft en daar mee wegkomt. De warme klanken bij “Disfunctional Rabbits: The Disfunction” en “Disfunctional Rabbits: The Rabbits” doen je wegdromen naar zeer verre oorden. Weer valt ons op hoe visueel de songs klinken, met de ogen gesloten wanen we ons al in een cinema. Ook uit “The Fallen Colony” en “Time//Traveler” blijkt nogmaals uit wat voor enkele uitzonderlijk getalenteerde muzikanten John Ghost bestaat. Virtuozen die eigenlijk, dankzij hun andere projecten, niets meer hoeven te bewijzen maar zich in dit project ten volle uitleven. Het zorgt voor een indrukwekkend kleuren palet, dat zowel de jazz- als rockfan zou moeten bekoren. Muzikanten die voortdurend buiten hun comfortzone treden, dat is hoe we de band eveneens zouden kunnen omschrijven. Dat wordt nog maar eens in de verf gezet bij het acht minuten lange “Drones For A Sunken Mothership”. Waar wederom die zeer filmische aankleding in het oog springt.
John Ghost haalt alles uit de kast om definitief zijn stempel te drukken op het jazzgebeuren, door net buiten die lijnen van jazz op avontuur te trekken en je een schijf aan te bieden die je vol bewondering doet kijken als een kind dat voor het eerst een regenboog ziet verschijnen. Zo eenvoudig, zo magisch maar vooral zo wondermooi.

Blues/Jazz
Airships Are Organisms
John Ghost
 

Behind Bars

Free At Last

Geschreven door

Ken je als metal- of hardcoreliefhebber het gevoel dat je voelt opborrelen om alles rondom jou plat te walsen tijdens het beluisteren van uw muziek? Die adrenaline die door je aders stroomt, telkens een razende riff of drumgeroffel ervoor zorgt dat je hersenpan wordt ingeslagen, waarna een vocale inbreng ervoor zorgt dat elk heilig huisje wordt omver gestampt? Nee, niet gewoon geduwd. Nu, dat is het soort gevoel dat wij moeten hebben bij het beluisteren van deze muziekstijl. En dat is wat een band als Behind Bars, ontstaan in 2015, ons voorschotelt. In 2018 stonden ze op Wacken Open Air in Duitsland en kregen ze eindelijk de erkenning die ze al lang verdienen. Ook wij waren danig onder de indruk van hun aantreden op Frietrock (Oud-Turnhout) . Het verslag kunt u hier nog eens nalezen (http://www.musiczine.net/nl/festivalreviews/item/75609-frietrock-2019-wie-het-kleine-niet-eert-is-het-grote-niet-waard.html )
De band brengt een nieuwe schijf op de markt: 'Free At Last'. En zet daarop die ingenomen stelling nogmaals in de verf. “Full of Hate” is al een eerste uppercut, recht in je gezicht, waardoor je prompt tegen de vloertegels wordt gekeild. En dan zijn we nog maar aan de start van deze straffe plaat gekomen. Na “Taken” is er ook plaats voor twee songs “No More Lies” en “Six Feet Deep” live vanop Wacken Open Air 2018. Waar de band bewijst vooral live zich voort te bewegen als een losgeslagen meute bloedhonden die bloed hebben geroken en niet meer ophouden tot als rondom zich is platgereden.
Behind Bars heeft ondertussen zeer veel ervaring opgedaan om de aanhoorder doorheen te schudden. Dat komt ook terug op de daarop volgende songs als “Forgotten”, “Losing Ground” tot “No Way Out”. Het is de rode draad op de volledige schijf. Uiteraard is dit de grote verdienste van een samensmelting van verschillende elementen. Zoals gitaar/baslijnen die dieper snijden dan een vlammend zwaard. Of een drummer die zijn drumvellen zodanig hard vermorzelt dat dat aanvoelt als mokerslagen op je hersenpan. Echter is het de vocale inbreng van zanger Seth Vanleene die zodanig verschroeiend klinkt dat je uiteindelijk tot waanzin wordt gedreven.
Die energieke aanpak op het podium, waardoor we letterlijk werden omver geblazen, het keert eveneens over de hele lijn terug op deze plaat. En dat is toch zeer opmerkelijk. Want naar onze ervaring komt metal/hardcore op torenhoog niveau nog het best tot zijn recht eens het op een podium wordt gebracht. Uiteraard is dat bij Behind Bars eveneens het geval. Maar met 'Free At Last' bezorgt de band ons datzelfde gevoel in de onderbuik dat we voelen als de band dus podia onveilig maakt. Met als gevolg? Ook de huisraad in onze woonkamer moet eraan geloven, dankzij het voortdurend uitdelen van verschroeiende mokerslagen die door onze strot worden geramd. Puurder dan dit kan omver duwen van heilige huisjes niet klinken.
Tracklist: Full Of Hate; Taken; No More Lies (Live at Wacken Open Air 2018); Six Feet Deep (Live at Wacken open Air 2018); Forgotten; Losing Ground; Hypocrisy; No Way Out; Never Back Down; Punishment; Castles of Gold; Predator

K@

Sexy Motherfokker EP

Geschreven door

K@ ofwel Katrien Van Tichelen is een Antwerpse singer-songwriter, gitariste en pianiste die toch al een paar jaartjes door muziekland trekt om haar muziek aan de man/vrouw te brengen. Katrien is iemand die zeer eigenzinnig te werk gaat en zich dus niet laat vastpinnen op een genre of de weg laat dicteren. Dat siert haar. Op 22 september kwam een EP op de markt, 'Sexy Motherfokker', die alle aspecten van deze bijzonder veelzijdige artiesten uit de doeken doet.
Het catchy “Sexy Motherfokker” is zo een song die je prompt meezingt, door de aanstekelijke wijze waarop het wordt naar voor gebracht. Maar daar houdt het niet mee op. Katrien kan ook gevoelige snaren raken door haar zeer veelzijdige stembereik. Zoals bij het wondermooi “Helping Never Really Helps” blijkt. Terwijl ze op “Solve It Bitch” haar punkkant laat zien, kan ze dus ook teder en gevoelig je hart diep raken. Zulke vrouwen daar houden wij van. Ze laat zich goed bijstaan door Geet Vanbever (gitaar) en Luc Waegeman (bas/drum) op deze EP, maar vooral trekt Katrien alle aandacht door haar bijzondere veelzijdige uitstraling naar zichzelf toe. En zo hoort het ook. De remixen van die aanstekelijke song 'Sexy Motherfokker' zijn een fijne toevoeging, niets meer en minder.
Vooral blijft ons echter bij dat K@ een muzikante en zangeres is die met haar stem en uitstraling zowel gevoelige snaren kan raken, als door een lekker punkattitude net ervoor zorgt dat menig heilige huisjes sneuvelen. We houden niet van vergelijkingen maar enige sterke vrouwelijke zangeres die ooit binnen die muziekwereld hetzelfde heeft gedaan, en daarmee weg kwam of nog steeds komt halen we ons prompt voor de geest.
K@ is vooral een eigenzinnige artieste die een visitekaartje aflevert waaruit blijkt dat ze van enorm veel markten thuis is, en duidelijk haar eigen gang gaat zonder opkijken. Het voortdurend schipperen tussen ruw, rauw en enorm breekbaar trekt ons op deze EP nog het meest over de streep. Katrien Van Tichelen is dan ook een singer-songwriter om in het oog te houden naar de toekomst toe. Op basis van deze gevarieerde en aanstekelijke EP voorspellen we haar dan ook een gouden, eigenzinnige toekomst. Zeker weten.

Killswitch Engage

Killswitch Engage - Ontketende emoties troef

Geschreven door

22 oktober 2019, een mooie herfstavond in het Brusselse. Verliefde koppeltjes laten zich verdwalen in steegjes, verwonderde toeristen snuisteren in de vele souvenirwinkeltjes, een Maghrebijnse Paul- Simon-imitator blaast leven in de Grasmarkt en… metalcore in Ancienne Belgique!

Nadat de collega’s van As I Lay Dying nog geen week eerder de vernis uit het podium deed trillen, was het tijd voor Killswitch Engage om de muziektempel verder onder handen te nemen. De reden voor het bezoek is de release van het kakelverse album ‘Atonement’ dat in augustus dit jaar gelanceerd werd. Om het publiek op te warmen mochten Tenside en Revocation aantreden.

Toen ik omstreeks acht uur de AB betrad, had Tenside juist hun set beëindigd. Het verbaasde me dat de zaal toen maar voor de helft gevuld was. Tenside is in metalmiddens immers een populaire band die live nog nooit ontgoocheld heeft.

Veel tijd om hierover na te denken had ik niet want Revocation stond inmiddels op het podium. De muziek die de Amerikaanse band uit Boston brengt, wordt als technische death metal omschreven, een genre dat me doet denken aan Guinness: ‘you love it or you hate it’. Persoonlijk kon deze band me minder bekoren, de liedjes worden immers als een breekhamer zonder adempauze in de strot geramd. Toch kon ik de sporadische melodieuze gitaarriffs in een zee van verwoesting appreciëren.

Omstreeks kwart na negen, de zaal was intussen aardig gevuld, was het tijd voor de band waar iedereen zat op te wachten: Killswitch Engage. Als onderdeel van een uitgekiende beginchoreografie werden de spots op Jesse Leach gericht die zich achter drummer Justin Foley had gepositioneerd. De zanger, die voor de gelegenheid zijn mohawk had geblondeerd, opende met “Unleashed”, opening track van de nieuwe plaat. De energie waarmee Leach van wal stak, was fenomenaal. Als een muzikale duivel in een wijwatervat palmde hij een uitbundige AB in dat het album ‘Atonement’ klaarblijkelijk al goed kende. “Hate by Design” en “The Crownless King” volgden, twee uppercuts die het publiek maar al te graag incasseerde tot groot jolijt van gitarist, en fulltime Duracellkonijn, Adam Dutkiewicz.
Een eerste hoogtepunt in de set volgde met “My last Serenade” uit het album ‘Alive or Just Breathing’, dat alweer van 2002 dateert. Het lied dat toendertijd voor de grote doorbraak van de band zou zorgen, vervulde de zaal met een vloedgolf van nostalgie en deed de Duvels rijkelijk vloeien. Iets wat Dutkiewicz met zijn ‘beers’-haarband uiteraard graag zag. 
Killswitch Engage staat ook voor emotie en sentiment, getuige daarvan was het nummer “I am Broken too”, geschreven door Leach naar aanleiding van de breuk met zijn vrouw. Het lied lijkt recht uit de gekwelde ziel van Leach te komen en met het hart op de tong wordt er met gevoelens gestrooid. Muzikaal gezien neigt dit lied voor velen gevaarlijk naar de popmuziekkant, maar toch een mooie aanvulling op de setlist.
Het vervolg van het optreden bestond o.a. uit “Rose of Sharyn”, “The Signal Fire” en “My curse” en deed de melancholie wegsmelten als sneeuw voor de zon. Leach rauwe vocals zetten zich opnieuw als bloedzuigers op ons vel vast en de sfeer steeg naar ongekende hoogtes. Er werd zelfs een dansje geplaceerd, zij het een metaldansje. “The End of Heartache” klonk als een persoonlijke afrekening met de eerder opgedane gevoelens van lament en opende de weg naar het einde van de set. Dat was “Holy Diver”, een ode aan metalgrootmeester Ronnie James Dio en misschien ook wel de cover die Killswitch Engage bekend maakte bij het mainstream metalpubliek. Hoewel ik de versie op zich best kon pruimen, vond ik de keuze om hiermee te eindigen, ongelukkig. Met dergelijk rijk repertoire had ik liever eigen werk gehoord.

Desalniettemin was dit opnieuw een optreden waarbij Killswitch Engage zijn reputatie als steengoede (live)band alle eer aandeed. De show verveelde geen minuut en integreerde mooi het nieuwe werk met het oudere.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/killswitch-engage-22-10-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/revocation-22-10-2019.html

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

VK concerts: programmatie

Geschreven door

VK concerts: programmatie

Programmatie
24-10 Chicken bucket: Makala, Tengo John & Les Alchimistes
07-11 Mark Ernestus’ Ndagga Rhythm Force + Simon Halsberghe & Iba Ndiaye Rose Family
29 + 30-11 35 jaar VK: grandmaster Flash & Blu Samu
nieuwe locatie
Manchesterstraat 13-15
INFO  http://www.vkconcerts.be

Wildfest 2020, De Spiraal, Geraardsbergen op 23 mei 2020

Geschreven door

Wildfest 2020, De Spiraal, Geraardsbergen op 23 mei 2020

Eerste naam bekend: Kickin Valentina - sleazy rock’n’rol

Meer info via hun fb pagina

Nick Murphy

Nick Murphy (fka Chet Faker) - Indrukwekkende doortocht

Geschreven door

Afgelopen zondag sloot Nick Murphy, in een vorig leven doorgebroken als Chet Faker, de week muzikaal af. Murphy stelde in een uitverkochte AB zijn nieuwe plaat ‘Run Fast, Sleep Naked’ voor. Over zijn voorprogramma heeft hij duidelijk niet al te lang moeten nadenken. Hiervoor schakelde Murphy de Australiër Cleopold in, die ook verantwoordelijk is voor één van de remixes van “Dangerous”.

Mensen op zondagavond vroeg uit hun kot lokken, het is toch geen sinecure zo bleek. In een angstvallig lege AB, stak de sympathieke Australiër achter Cleopold van wal. De gelijkenissen tussen Murphy en Cleopold zijn treffend, maar toch valt het talentverschil tussen beide heren makkelijk af te lezen. Alhoewel de zweverige clubbeats van Cleopold tussen de billen van Ry X en Flume schuurden, bleek dit niet voldoende om het opborrelende babbelwater af te dammen.

Stipt half negen was het dan de beurt aan Nick Murphy, en zijn doortocht liet bij ons een ferme indruk achter.
Eerst en vooral is Murphy een hitmachine, als geen ander weet hij zwoel en teder te laten paren met dansbaar en funky. Naast zijn interessant oeuvre, smulden we ook van zijn podiumopstelling. Niets té zot, maar door interessant gebruik van de belichting, alle bandleden op één horizontale lijn te plaatsen en Sportpaleis-waardige visualisaties met zich mee te sleuren, kreeg zijn show een slim, decadent randje. Met een rotvaart joeg de kopman van het viermanspeleton albumopener “Hear It Now” en eerste oplawaai “Gold” erdoor.
We hadden een licht vermoeden dat zonder zijn tracks te rekken en te trekken, met slechts 13 nummers op de setlist, de show wel eens erg snel afgelopen zou kunnen zijn. Maar het tegendeel werd, min-of-meer, waar. Nick Murphy is een muzikale goochelaar die de touwtjes duidelijk sterk in handen heeft. Dit viel duidelijk te merken aan de strategische rustpunten die hij inbouwde door middel van langere intro’s, uitgesponnen outro’s en enkele downtempo tracks.
Een stevige uitvoering van “1998”, live voorzien van een wonderbaarlijke opbouw, werd zoals te verwachten een hoogtepunt. Dat nieuwkomers als “Harry Takes Drugs On the Weekend” en “Novacaine and Coca Cola” perfect zouden aansluiten op gekende voltreffers als “The Trouble With Us” en de intieme uitvoering van “I’m Into You” hadden we daarentegen niet meteen verwacht. Indrukwekkend! Maar dan moest het onverwachte hoogtepunt ons nog te beurt vallen, “Believe Me”. Een eenzame spot boven de zanger en zijn piano, de man zijn indrukwekkende stem en een met verstomming geslagen publiek, niets meer en niets minder. Daar waar we tijdens andere shows ons op dat soort momenten vaak storen aan omringende muziekbelevers, was het AB-publiek ongekend respectvol en stil. In die mate dat je zelfs het afkoelingsmechanisme van de beamer kon horen functioneren.
Vaak track-teaset Murphy het publiek door zijn intro in het lang en breed te verknippen tot iets vaag herkenbaar, wachtend op de vonk die een muzikale brandhaard in gang zet. Voor ons geen probleem, maar bij “Talk is Cheap” trok hij dit toch iets te ver. Voor de meeste aanwezigen was het startsignaal om hun keel open te draaien toch pas de kleffe saxintro die de track inluidt.
Dat er hierna nog twee bisnummers volgden, was fijn meegenomen, maar wat ons betreft geen absolute noodzaak. Hoewel de laatste hiervan, “Sanity”, een dijk van een nummer is, was de ontlading toch maar een mager beestje in verhouding tot die na “Talk is Cheap”.

Ruim anderhalf uur lang imponeerde Nick Murphy in de AB. Zijn kenmerkende stem plooide geen seconde, we kregen klassevolle visuele traktaties te zien en hoorden een man met zijn band aan het werk die overduidelijk veel meer blijkt te zijn dan een hitjesmachine. Voor deze etappe geven we hem graag een gouden medaille. Zonder schroom durven we te spreken over een indrukwekkende doortocht en kijken we al reikhalzend uit naar de volgende.

Setlist: Hear It Now  - Gold - 1998 - Harry Takes Drugs on the Weekend - The Trouble With Us - Birthday Card - Yeah I Care - I'm Into You - Believe (Me) - Good Night - Novacaine and Coca Cola - Talk Is Cheap
Encore: Dangerous - Sanity

Organisatie: Live Nation

Naaz

Naaz - Uit haar cocon gekropen

Geschreven door

Popliefhebbers kennen Naaz ongetwijfeld al, want sinds haar doorbraak in 2017 heeft ze al een aardig parcours afgelegd. In Nederland mag ze rekenen op de steun van 3FM, die haar nummers maar al te graag draaien. Terecht ook, want zowel op haar debuut-EP ‘Bits Of Naaz’ als de nieuwe EP ‘the beautiful struggle’ toont ze haar veelzijdige, frisse sound. Haar ‘quirky pop’ verovert razendsnel harten en zorgde ervoor dat ze dit jaar genomineerd werd voor de Music Moves Europe Talent Awards. Die prijs zou ze wat ons betreft ook zeker mogen binnenhalen gezien haar leuke set in de AB Club. Festivals weten bij deze wat hen te doen staat.

Urenlang stonden fans aan de AB om een plekje op de eerste rij van haar eerste Belgische soloshow te bemachtigen. Het enthousiasme was dan ook groot toen ze het podium opkwam om met haar onuitgebrachte nummer “When Everything Was New” te starten. Tijdens “Damage  “ waren we dan helemaal ingepakt door haar charme en haar stem. Het refrein is lichtjes geïnspireerd door punkmuziek, waardoor het live nog iets harder binnenkwam. Toch bleef het nog altijd schattig en lief en verkende Naaz het podium. Door haar fluogele jas verloren we ze ook geen seconde uit het oog.
Naaz heeft het geschikte recept gevonden om met haar muziek te intrigeren. Haar uptempo bedroompop heeft bakken persoonlijkheid en vooral een verhaal te vertellen. “it’s not you it’s me” is bijvoorbeeld een zeer schattig lied over verliefdheid, en of we verliefd werden op de Nederlandse zangeres. Van een ‘coup de foudre’ is geen sprake, want tijdens “Loving Love” bonkte ons hart zelfs nog iets harder in onze borstkas. Iets later zorgde het fijne popdeuntje “As Fun” voor hetzelfde effect. We hadden klaarblijkelijk met een hartendievegge te maken.
Na afloop van de show gaf Naaz toe dat ze iets schuchterder was dan anders, maar vocaal was daar niets van te merken. In de pianoballade “People Like U” liet ze haar stem spreken en in “Can’t” haalde ze de kopstem vlotjes.
De grootste indruk maakte ze in de bisronde, waar ze haar hit “Taped” akoestisch bracht. Eerder bracht ze het nummer al in een goed uitgewerkte fullbandversie, maar enkel met de gitaar begeesterde ze nog dat tikkeltje meer. “Taped” is niet voor niets een van onze favoriete poptracks van het jaar.
Onverwachte momenten kende de show weinig, maar erg was dat niet, want de band van Naaz was zo goed ingespeeld dat er niet veel op te merken viel. Origineel vonden we vooral ook haar Kanye West cover “Ultralight Beam”, waarmee ze ons dan toch nog eens goed verraste. Ze bracht het ooit op 3FM en aangezien iedereen er zo weg van was, haalde de cover dan ook de setlist. Ook het zeer enthousiast gebrachte “Up To Something” mag tot de highlights gerekend worden dankzij een leuk meezingmoment.

Uitverkocht was de AB Club niet, wat ontzettend zonde is, want Naaz is wel degelijk een artieste die een grote massa zou kunnen bespelen. Met haar lieve, warme uitstraling en nagenoeg perfecte popshow deed ze in Brussel niets fout. Zelfs Nick Murphy, die gisteren in de grote zaal stond, was onder de indruk van de zangeres en vertelde haar fan te zijn van haar sound. De ooit introverte zangeres kwam door haar doorbraak twee jaar geleden helemaal uit haar cocon en is inmiddels een popzangeres met internationale allures geworden.
Geen wonder dat Melanie Martinez haar dan ook meeneemt op haar hele Europese tour. Een show in de grote zaal van de Ancienne Belgique staat ook op de planning (op zondag 9 februari 2020).

Setlist: When Everything Was New - Damage - it’s not you it’s me - Loving Love - Pretty - As Fun - Can’t - heart drive - Taped - Normal/Special - People Like U - Up To Something - Words - Ultralight Beam (Cover) - Proud Of Me - Do You? - Taped (akoestisch)

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

The Dream Syndicate

The Dream Syndicate - The Dream Syndicate v2.0 zonder bewaarmiddelen of kleurstoffen

Geschreven door



Driemaal is scheepsrecht. De Amerikaanse indie legende Steve Wynn is er ongetwijfeld steeds sterker beginnen in te geloven sinds hij in 2012 met The Dream Syndicate één van de prominentste vaandeldragers van de zogenaamde Paisley Underground scene vanonder het stof haalde. Zoals vele reunies zou ook deze aanvankelijk louter teren op de muzikale erfenis die de invloedrijke gitaarband tijdens de ontstuimige jaren ’80 bijeen heeft gespeeld, maar gaandeweg sloeg bij Wynn en zijn oude maatjes toch de vonk over om aan nagelnieuw materiaal te timmeren.

De knappe comeback schijf ‘How Did I Find Myself Here?’ uit 2017 sloot naadloos aan bij dat 80ies verleden, maar liet via het atypische en vooral erg lijvige titelnummer ook uitschijnen dat The Dream Syndicate v2.0. niet vies is van freeform psychedelica. Die laatste kaart wordt nu resoluut getrokken op het recent verschenen vervolgalbum ‘These Times’ die alweer indringend doch iets minder coherent is dan zijn voorganger. Er is echter amper reden tot klagen, want in het spoor van deze tweede post-reunie plaat vertrokken Wynn & co op een nieuwe Europese clubtour die afgelopen weekend halt hield in zowel Brussel als Diksmuide.
In de dicht opeen gepakte 4AD club maakten de Amerikaanse indieveteranen meteen duidelijk dat ze weinig gemeen hebben met de talloze nostalgie acts die dankzij wat bewaarmiddelen en kleurstoffen doch zonder muzikale doorgroeimogelijkheden het revival circuit afschuimen.
Het eerste half uur was immers enkel gereserveerd voor nummers van The Dream Syndicate v2.0, te beginnen met de psychedelische gitaarpop van “The Way In” en het door een krautrock beat opgejutte “Put Some Miles On” waarop het inmiddels vijfde officiële groepslid Chris Cacavas zich een eerste keer mocht uitleven vanachter zijn keyboards. De logica zelve hoor ik een aantal ouwe knarren denken, want Cacavas en Wynn hebben een gezamenlijk verleden o.a. als leden van het olijke drinkebroers gezelschap Danny & Dusty met ex-Green On Red frontman Dan Stuart. Met hun hernieuwde samenwerking nemen de twee veteranen trouwens een gedurfde afslag richting funky psychedelica en moody soundscapes die The Dream Syndicate v2.0 een geheel nieuw elan geven op ‘These Times’.
Truth be told
, de 4AD werd pas echt wakker toen een trits nummers werden opgediept uit het vorige album ‘How Did I Find Myself Here?’ die meer de typische fingerprint van de vintage Paisley Underground scene dragen. Zeker toen het ouderwets krakende en piepende “Out Of My Head” voorbij kwam razen werd de kloof met de 80ies nagenoeg volledig gedicht.
Eerlijk = eerlijk, een set van The Dream Syndicate begint pas écht op het moment dat stergitarist Jason Victor voor het eerst oog in oog komt te staan met Wynn voor een wulpse feedback dialoog.
De fans van het eerste uur waren meteen opgewarmd voor het daaropvolgende rondje crowdpleasers, te beginnen met twee evergreens uit het zogenaamde moeilijke tweede album ‘The Medicine Show’ (’84). Tijdens de gruizige alt.country van “Armed With An Empty Gun” en het titelnummer waren Neil Young & Crazy Horse nooit ver weg, maar evenzeer was dit een muzikale eresaluut aan genre- en tijdsgenoten The Gun Club. En warempel, het kan geen toeval zijn dat de muziekhistoricus in Wynn ineens trots verwees naar die historische zondag in de herfst van ’84 toen hij samen met ongeleid projectiel Jeffrey Lee Pierce op de affiche stond te blinken van het Deinse Futurama festival.
Andere oude krakers zoals het uit een feedback wolk aangezogen “When You Smile” en het withete (maar 11 dagen te vroeg geserveerde) “Halloween” sloten wonderwel aan bij vers materiaal als “Bullet Holes” en “Recovery Mode”. Toegegeven, laatstgenoemden zijn met voorsprong de meest conventionele nummers uit ‘These Times’ die Steve Wynn even goed op één van zijn solo platen had kunnen droppen. Het meer experimentele spul op dat recentste album zoals “The Whole World’s Watching” en “Treading Water Underneath The Stars” bleef echter op stal want is nu eenmaal lastig te integreren in de set... dachten we.

Die laatste woorden waren amper koud of de groep kwam als eerste bis aandraven met het ruim 10 minuten durende freeform opus magnum “How Did I Find Myself Here”; het bleek hét uitgelezen moment waarop de rotervaren ritmetandem Mark Walton (bas) en Dennis Duck (drums) de rest van de band baantjes liet draaien in een broeierige Madchester groove. Deze psychedelische mindblow katapulteerde de 4AD in één ruk naar 1967, maar voor de afsluiter trapte de band nog dieper op het gaspedaal van de teletijdsmachine om te landen bij de bluesstandaard “See That My Grave Is Kept Clean”.
Blind Lemon Jefferson knikte goedkeurend mee vanop de eeuwige katoenvelden en stelde samen met ons vast dat The Dream Syndicate v2.0 in alle opzichten de verbeterde versie is van zichzelf.

Organisatie: 4ad, Diksmuide

Evil Or Die Fest 2019 - Opnieuw een fijne versmelting van metal en hardcore

Geschreven door

Evil Or Die Fest 2019 - Opnieuw een fijne versmelting van metal en hardcore
Evil Or Die Fest 2019
Kerelsplein
Roeselare

Eén festival dat, binnen zowel hardcore als metal, stilaan is uitgegroeid tot een begrip, dat is Evil Or Die Fest ten voeten uit. Op 18 en 19 oktober ging dit evenement weer door in Roeselare. De organisatie slaagt er ook nu weer in de crème de la crème van de HC en metal scènes samen te brengen, in een intieme en zeer gezellige omgeving.
Wij waren er bij op vrijdag 18 oktober en stelden vast dat de zaal naar mate de avond vorderde steeds meer een meer gevuld geraakte. Zeker bij de headliners Hoods - die een exclusieve Belgische show brachten op Evil Or Die Fest, Backfire! met een exclusieve Benelux last 'best of' show en Knuckledust stond de zaal overvol. Ze bleken naderhand ook de drie absolute hoogtepunten te worden van deze geslaagde HC festivalavond.

Brutality Will Prevail (***) - Helaas arriveerden we in de zaal toen Mindwar zijn laatste nummer afsloot. Door de vroege startuur - de band mocht het podium op omstreeks 17u - stond er ook nog niet veel volk in de zaal, maar de energie spat voldoende uit de boxen waardoor we er zeker van zijn dat de Lokerse band erin slaagde die figuurlijke lont aan het vuur te steken, om de festivaldag in gang te steken.
BrutalityWill Prevail  schotelt eveneens diezelfde energieke aanpak voor, en doet zijn uiterste best om op een meedogenloze wijze op diezelfde elan door te gaan. Helaas bleef de lijm iets te weinig plakken, om ons compleet murw te slaan. Waardoor we een fijn HC concert kregen voorgeschoteld, maar dus helaas ook wat op onze honger bleven zitten.

STAB (****) - Die mokerslag in het gezicht, die we dus nodige hebben om wel overslag te gaan bij een typisch HC concert? Dat kregen we op onze boterham gesmeerd dankzij STAB. Niet alleen beschikt de band over muzikanten die als wildemannen tekeer gaan, waardoor die daken er prompt gaan afvliegen. De brulboei van dienst, schreeuwt zich de longen uit het lijf waardoor het aanvoelt alsof hij iedereen in de zaal persoonlijk bij het nekvel vastgrijpt en jou door elkaar schudt tot je murw geslagen in de touwen terecht komt. Die pletwals zorgt er trouwens ook voor dat de eerste echt mosh en andere pits een feit zijn.

Hangman's Chair (****) - Een rustpunt tussen al dat HC geweld, omgeven door donkere intensieve wolken. Dat is hoe we het optreden van Hangman's Chair nog het best kunnen omschrijven. De band bleek een vreemde eend in de bijt, maar zette alle duistere elementen in om de HC fans in hun bijzonder donkere wereld te doen binnen treden. De band moest er wat inspanningen voor doen, maar wie zich gewillig liet meedrijven over die duistere walmen, beleefde een bijzonder intensieve trip die hem of haar koude rillingen bezorgde. In onze preview schreven we: ''Hangman's Chair doen ons hart bloeden, van pijn en smart. Waardoor een complete duisternis optreedt in je hart en ver daarbuiten. Dat is nu net het gevoel dat ons ook overviel op Evil or Die Fest bij het bij het aanschouwen van deze Hangman's Chair bij het vallen van de duisternis op deze vrijdagavond.

Knuckledust (****1/2) - ‘Fast, Faster, Fastest’ In een notendop is dit hoe we het optreden van Knuckledust op Evil or Die Fest nog het best kunnen omschrijven. De band laat er geen gras over groeien, en raast letterlijk als waanzinnige geworden over het podium en blijft dat strakke tempo van de eerste tot de laatste seconde aanhouden. Hierbij geen rekening houdende met snelheidslimieten zorgt dit er uiteraard voor dat ook de zaal op ontploffen staat. We denken zelfs dat de band een eerste kleine aardverschuiving heeft doen ontstaan in de buurt van Kerelsplein met deze bijzonder verpulverende aanpak. In elk geval, wie nog niet wakker was werd door Knuckledust op een bijzonder hevige en razendsnelle wijze wakker geschud. Vanaf dit concert was het hek trouwens compleet van de dam tot het einde van de avond met Arkangel. Zo zou later blijken.

Hoods (*****) - Na die verpulverende pletwals van STAB en Knuckledust de lat dan maar hoger leggen? Dat moet Hoods gedacht hebben toen ze het podium betraden. Opvallend bij Hoods is het combineren van een eerder melodieuze aanpak met het tekeer gaan als een horde losgeslagen bulldozers die over de hoofden van de aanwezigen heen daveren tot niemand meer recht staat. En dit niet voor een kwartiertje of zo, maar doorheen de volledige set. Daarbij gebruik makende van een instrumentale aanpak die recht doorheen je vege lijf boort, en een vocale aankleding die zoveel woede bevat dat hierop stilstaan inderdaad onmogelijk is. De band doet er ook alles aan om het publiek tot bewegen aan te zetten, en slaagt er met brio in om de menigte aan te zetten tot zich in allerlei pits en andere bochten te wringen. Of het dak er nu eindelijk af ging? Jazeker en hoe! Hoods zorgt zelfs voor wellicht het meest onvergetelijk HC hoogtepunt op deze avond, wat ons betreft.

Backfire! (****) - De uit Maastricht afkomstige HC band Backfire! M-Town sleept een jarenlange live reputatie, tot ver over de grenzen heen, met zich mee. De band is reeds sinds 1994 actief met alle heilige huisjes pletwalsen. Volgens we vernamen zijn ze aan een afscheidstournee bezig, en speelden ze een exclusieve Benelux concert op Evil or Die Fest. We horen een band die bijzonder melodieuze HC brengt, hoog technisch vernuft op de toonbank zwiert en die voldoende overgiet met een verpletterend typische HC sausje om de haren op onze armen te doen rechtkomen, en te zorgen voor de nodige adrenalinestoten van jewelste. We pinkten eveneens een traantje weg, want afscheid nemen doet altijd een beetje pijn. Zeker als je ziet over hoeveel tonnen energie deze band na al die jaren nog steeds beschikt om niet alleen ons, maar een volledige zaal plat te walsen. Onvervalste HC Klasse van uitzonderlijk niveau, dat is wat Backfire! ons hier na al die jaren nog steeds voorschotelt.

Arkangel (****) - De avond werd afgesloten door Arkangel, een band die de dunne lijn bewandeld tussen Hardcore en metal. En daardoor dus zowel de metalfan en de hardcore fan in de zaal over de streep kan trekken. Een potje brute hardcore gemixt met hier en daar wat meeslepende metalstukken die we kennen van bands als Pantera en Machine Head. Het smaakt altijd. En dat is wat we op onze boterham gesmeerd kregen op Evil Or Die Fest om deze gevarieerde avond met een knal van formaat af te sluiten.. Dat de band nogal monotoon tewerk gaat, stoort net door de voortdurende combinatie van het beste van beide muziekstijlen totaal niet. Arkangel zorgt dan ook voor die ultieme kers op de taart op ons met een zeer goed gevoel naar huis te sturen. Terwijl de adrenaline nog steeds door onze aders stroomt na zo een bijzonder geslaagd avondje HC en metal.

Organisatie: Evil or Die Fest, Roeselare

Pagina 193 van 498