logo_musiczine_nl

Democrazy Gent - events

Democrazy Gent - events Concerten Big next: Leather.Head, Rimov Rimov, Trefpunt, Gent op…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15433 Items)

The Lemon Twigs

Do Hollywood

Geschreven door

De jonge gasten van het NY-se The Lemon Twigs van de broers Brian (19) en Michael (17) D’Addario absorberen de muziekgeschiedenis van de jaren zestig , zeventig en tachtig op hun plaat ‘Do Hollywood’. In de sound flitsten The Beatles , The Kinks , The Rolling Stones, T-Rex , David Bowie , Queen tot meer recent The Posies en zelfs The Scabs aan ons voorbij. De twee broers zijn talentrijke multi-instrumentalisten, hebben hun invloeden en putten dus  uit verschillende vaatjes.
We horen een puike songstructuur – opbouw, een sfeervol , zeemzoeterig , onschuldig, gelaagd deel + waar het duo uit de bocht durft te gaan , en warempel rommelig uptempo klinkt . De sixties zijn wel diep geworteld , “I wanna prove you”, “Those days is comin’ soon”, “As long as we’re together” zijn mooi . De veelzijdigheid dringt door met de psychedelica op “Haroomato”,” “These words” intrigeert door de huppelende ritmiek en 70s orgel en de ballad “How lucky I am” kan zo worden geplukt uit de James Dean – Marilyn Monroe (hit)stal , van leren jackets tot breed opwaaiende witte rokken. Een ‘kauwgomballenpop’ nummer . Soul, funk, garage en glamrock dwarrelden in de nummers. Live zijn de twee broers geen grote zangers , het is zelfs zo dat de zang de sierlijke melodieën onttemt.
De twee zitten vol muzikale ideeën , het dwarse komt samen in onschuldige pop en onstuimige rock die uit de bocht kan gaan of net mooi versmelt…

Thee Oh Sees

A weird exits-2-

Geschreven door

Thee Oh Sees is onmiskenbaar John Dwyer . Elk jaar is hij er wel met een nieuwe plaat . In nog geen veertig minuten draait hij hier met een nieuwe bezetting een rits songs door die hun thuishaven vinden binnen de garagerock . Hij weeft er een resem varianten aan van psychedelica , punkabilly, krautrock tot ambient , harkend , bonkend , zoemend en neurotisch overstuurd . De nummers zijn uptempo , broeierig , bezwerend  en verslavend .
Thee Oh Sees houdt er een GBV concept op na en slaat de brug tussen Stooges en Butthole Surfers .
Op plaat ietwat gewoontjes soms , live energiek , opwindend , briesend , gek!
Tijdloze band!

Struggler

The Gap

Geschreven door

De Vlaamse postpunk band Struggler werd opgericht in 1979. Een eeuwigheid in muziekland. Indertijd werden ze in één naam genoemd met bands als De Brassers en Siglo XX. Ze kregen wel de aandacht niet die eerder vernoemde bands wel kregen. Wat ik er nog van weet is dat ze in de vroege jaren 80 een cassette uitbrachten en daarna een album met de lange titel ‘It Was A Very Long Conversation But At The End We Didn’t Shake Hands’.
In elk geval zijn ze anno 2017 levendiger dan ooit en hebben ze zelfs een nieuw album uit. ‘The Gap’ presenteert ons 13 songs met levendige en bij momenten donkere postpunk. Lekkere vettige baslijnen, gitaarwerk dat floreert tussen punk en wave. Daarnaast bezwerende zang dat begeleid wordt door een ervaren ritmesectie. Bij momenten heeft het gitaarwerk zelfs iets psychedelisch over zich en bevat ze tevens elementen van rock‘n’roll.
Maar zoals gezegd klinkt alles levendig alsof het gemaakt werd door een stel jonge honden. Luister maar eens naar bv “Recrudesce” dat drijft op de heerlijke sustain van de gitaar en de zang die mij een beetje aan The Dead Kennedy’ s doet denken. Het titelnummer “The Gap” bevat catchy zang is één van de meest radiovriendelijke songs met mooi gitaarwerk. Het gesproken gedeelte klinkt bijna als Leonard Cohen. Nice. Een deel van hun tracks duren zo rond de drie minuten en de meer psychedelische zijn meestal een zestal minuten lang. “Key 17” bevat een gesproken tekst aan het begin om dan punksgewijs van start te gaan. “Shrapnel” heeft een baslijn die de song vormt en kleurt. “Wanted” en “Don’t Care” zijn punk van de bovenste plank. Er wordt afgesloten met een aardige cover van Pere Ubu: “Final Solution”. Eén van opperhoofd Rene Hulsbosh favoriete bands.
Struggler anno 2017 klinkt op ‘The Gap’ levendig, opwindend en vrij punky. Een heel fijn album dat wat aandacht verdient.

Pascal Deweze

Cult Of Yes

Geschreven door

Pascal Deweze is altijd al een bezige bij geweest. Hij startte zijn muzikale loopbaan met Metal Molly (wie ouder is dan 40 herinnert zich hun hitje “Orange”), om daarna vooral met Sukilove te scoren in het alternatieve circuit. Andere projecten waren o.m. Chitlin’ Fooks en Mitsoobishy Jackson. Recent scoorde hij nog met de retropop van Broken Glass Heroes (de soundtrack bij de tv-reeks ‘Benidorm Bastards’).
‘Cult of Yes’ is zijn eerste album onder zijn eigen naam. De hoes heeft iets van abstract, primair knip- en plakwerk en zet zo de lijnen uit voor het album. De studio was zijn speeltuin en dat hoor je. Op de meeste tracks primeren de ritmes en komt hij uit in de buurt van een low-fi Brian Eno (“EP10” en “Think Of Me”). Op andere speelt hij met laagjes en koortjes en ontpopt hij zich zo tot een akoestische of analoge versie van Brian Wilson of Electric Light Orchestra (“Beautiful Penelope” en “Summer Bones”).
Het meest genietbaar zijn die tracks waar Deweze terugvalt op de klassieke opbouw van een song, met iets wat vaagweg lijkt op een intro, strofes en refreinen en een outro, zoals op “Don’t Look Over Your Shoulder” en “I Am Out On A Field”. Al levert dat nog steeds geen hapklare brokken op, eerder uitgeklede of kale versies van wat nummers voor Broken Glass Heroes hadden kunnen zijn. Zodra hij ook nog die structuur loslaat, zoals op “Paris” en “Strange Behaviour” (waarop Prince Eels ontmoet), is het voor de luisteraar kiezen tussen zoeken naar aanknopingspunten of zich laten meedrijven. Op “I Only Have A Yes For You” is het heerlijk om je te laten meedrijven.
Voor wie Pascal Deweze vooral kent van alternatieve gitaarbands nog deze waarschuwing: op de credits van het album staan wel gitaristen vermeld, maar het is op ‘Cult Of Yes’ zelfs bij herhaald luisteren moeilijk om ze terug te vinden. De heerlijk-ijle backing vocalen komen van Lien Moris van Piquet en Anne-Sophie Ooghe van High Hi.
Cult Of Yes’ is zowel voor Pascal Deweze als de luisteraar een zoekplaat. Het album geeft een aantal rake voorzetten, maar Deweze weet nog niet of hij ook elk doelpunt wil scoren.

Les Nuits Botanique 2017 – alle zalen + Asgeir – Pracht klankenspectrum!

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2017 – alle zalen + Asgeir – Pracht klankenspectrum!
Les Nuis Botanique 2017
Botanique (alle zalen)
Brussel
20127-05-16
Emile Dekeyser en Johan Meurisse

In de Chapiteau werd het een avondje oerdegelijke Brit ’street’ punkrock met o.m. Shame en Sleaford Mods , punkpoëten die het publiek en de wereld even willen doen stilstaan van wat er gebeurt, waar je een opgeheven vuist en middelvinger van opsteekt .

Shame ging gedreven te werk en zette al meteen de tent in vuur en vlam. Hun zanger, een typisch Brit lookalike, beet sterk van zich af, en ging hevig tekeer in z’n (zeg)zangpartijen. Dit was Britpunk als van in de jaren 70 , met een Happy Mondays randje , maar dan zonder geestesverruimende middelen en psychedelica . We voelden ongenoegen, frustratie . De vonken spatten van deze opwindende band. Dynamiet hing in de lucht . Een no nonsense  aanpak , boenk erop! Een statement die de ideale warming up was van Sleaford Mods later de avond.

Zelden een publiek zo veel liefde weten uitdragen als voor Sleaford Mods op Les Nuits Botanique. Het is al lang geen band meer die in aftandse cafés en grauwe kelders moet aantreden. Het grote publiek heeft de band omarmd en ons hoort u niet klagen. De heren uit Nottingham zijn een frisse wind. Een laptop, een grofgebekte, wild gesticulerende zanger (Jason Williamson) en iemand die op ‘play’ drukt en bier drinkt (Andrew Fearn), meer is er niet nodig. Kent u een act die anno 2017 meer punk ademt?
De liefde was wederzijds, zanger Jason Williamson deed voor de bisronde uitvoerig uit de doeken hoe Brussel een belangrijke plaats in zijn hart heeft. Je kan dat cheesy vinden, maar aan cheesy doet Sleaford Mods niet. Dit kwam recht uit datzelfde 47-jarige hart, zeker als je weet dat hij in interviews al liet optekenen dat België, samen met Duitsland, het eerste land was waar ze zijn band omarmden, toen the mods in thuishaven Engeland nog werden aanzien voor dorpsidioten.
De set zelf puurde vooral uit het recentelijk verschenen ‘English Tapas’, zowat de enigste plaat die het post-Brexitreferendum Engeland perfect weet weer te geven. Leuk, maar ook de reden waarom het wat traag op gang kwam, naar Sleaford Mods-standaarden werd het, op deze warme zomerdag, soms een tikkeltje te gezapig werd. Net op dat moment passeerde gelukkig “Jolly Fucker”, een uppercut van jewelste. Uitermate sterk was ook “B.H.S”, dat paal en perk wil stellen aan het soort horrible cunts dat een bedrijf failliet laat gaan, 11.000 mensen op straat zet, maar ondertussen wél doodleuk bonussen uitkeert aan de CEO’s, CFO’s en HR-managers.
Volgende maand zijn er verkiezingen in Groot-Brittannië. Verwacht wordt dat de conservatieve Tories opnieuw met de overwinning gaan lopen. Iets zegt ons dat Sleaford Mods de komende jaren genoeg stof zal hebben om kwaad over te worden, en verder te gaan op hetzelfde elan. Zo is die Brexit toch voor iets goed.

Andere zalen
Een handvol songs stelde het Amerikaansze Froth (RO) voor . Live worden deze meer uitgesponnen dan op plaat . De groep manifesteert zich binnen de dromerige indie/shoegazepop en laat de instrumenten spreken . De songs kronkelen, bouwen op, laag per laag , klinken gedreven, en gieren gedoseerd , zonder echt te exploderen . De band houdt je in hun greep door die spanning en intensiteit . De zang van Joo Joo Ashworft zweeft over de nummers; een wave donkerte  horen we in het materiaal. Ze zijn al van 2012 bezig en België is de eerste ontmoeting met de nieuwe plaat ‘Outside (briefly)’.
Iets later kwam het Deense kwartet Communions (RO), die ook een wave inslagje hebben in hun snedige , opwindende postpunk. De songs klinken melodieus, aanstekelijk, scherp , gedreven; ze zijn vaardig , goed onderbouwd en hebben catchy refreinen . Alle ingrediënten zijn er om door te breken, maar ze misten nog wat punch en podiumprésence om het publiek mee te krijgen . Niettemin , muzikaal is er voldoende talent . Benieuwd hoe het verder zal evolueren …

In een goed gevuld KC trad Asgeir op , één van de talenten uit IJsland die toe is aan z’n tweede plaat ‘Afterglow’  . Hij nam de tijd te werken aan de opvolger van ‘In the silence’. Hooggespannen verwachtingen die op plaat als live werden ingelost . Net als op het debuut lieten we ons meevoeren op de dromerige songs die ons gidsen in een fijn muzikaal avontuur en natuurpracht die IJsland rijk is.
Met zes staan ze op het podium , een pak elektronica , maar ook een full band die pop , rock injecteert en zorgt voor een elektronica gedreven pop geluid, dat balanceert tussen licht en donker en tussen droom en realiteit . Laag per laag wordt de sound gecreëerd en horen we muzikale pracht , gedragen door z’n fluwelen stem en backing vocals . Een  melancholische klankkleur  in een soort opgewektheid . De Engelse taal primeert, het IJslands wordt niet vergeten .
“Here comes the wave” en “Underneath it” uit het nieuwe album tonen ons de weg . Iets verder sijpelt de intimiteit , ingenomenheid door , eveneens een belangrijke partner in Asgeirs muzikale wereld , als “Nothing” en “Afterglow”  .
Hij wisselt af in de twee cd’s en het tweede deel van de set klinkt extraverter door de grooves en rollende beats in het elektronisch vernuft en het  rockend concept. “I know you know” en “Going home” werden sterk onthaald . “Head in the snow”, “King and cross” spreken tot de verbeelding.
Asgeir eindigt straf met “Stardust” en de doorbraaksingle “Torrent” , die mooi uitgewerkt zijn en uptempo klinken door de elektronicagrooves .
Asgeir kan zijn  afkomst niet verloochenen in die klankenwereld , het voelt iets speciaals aan . Hij is nog te zien op Moods in Brugge (09/08), het kan niet anders dat binnen de stadsmuren een uniek gevoel gecreëerd zal worden … 

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/asgeir-17-05-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/halehan-17-05-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/shitkid-16-05-2017/

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Bota 2017)

Les Nuits Botanique 2017 - Nuit Belge en Français

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2017 - Nuit Belge en Français
Les Nuits Botanique 2017
Botanique (alle zalen)
Brussel
2017-05-15
Johan Meurisse

Ons parcours begon met de laatste rock rally winnaars,  het Limburgse Whispering Sons (CH) die teruggrijpen in de donkere ziel van de 80s synthwave/elektropop . Hun sound mag dan een recyclage van die wavegolf zijn door de slepende , repeterende ritmes , het blijft bij door de extravertie en vurigheid die het kwintet op het podium uitstraalt , zeerzeker frontdame Fenne Kuppens . Haar bezwerende , ijle als baritonzang , haar handbewegingen , haar hotsende danspassen en zwierige lange blonde haren geven de songs dynamiek en zeggingskracht. Hier borrelt ergens Kate Bush en Siouxie Soioux op .
De songs zitten goed in elkaar,  zijn spannend en worden getriggerd door de diepe bas, de keys en de percussie. Ze bouwen op, gaan uptempo en tintelen door die kenmerkende melancho sfeer van onheil, dreiging , angst . Ze speelden een handvol nieuwe nummers en die zijn veelbelovend!
De hyperkinesie maakt het verschil in het lome 80s geluid en was de troef tot hun overwinning.  Ze zijn de reikende hand in het vrouwelijk geweld van Savages , Chelsea Wolf en maken de brug naar de oude White Lies,  Horrors , Interpol en Bravery . Dit maakt een groot verschil . Het geheel overtuigt en is goed verteerbaar. Het kwintet blijft ons duidelijk bij. 

Tweede band was het Franse duo Agar Agar (CH) die in hun elektronica de Mind The Gap en Wall of sound formule van de jaren 90 nieuw leven inblazen . Hier komen Dirty Beatniks , Propellerheads en Junkie Xl van Tom Holkenborg bovendrijven in bigbeats , trancegerichte dance en breakbeats in een psychedelisch en (Frans) discokitsch kader, die refereert aan Les Rita Mitsouko en Moloko . We ervaren een magisch , mysterieus kantje . Die potpourri slaat aan en spreekt de dansspieren aan .
Het jonge vrouw (Clare) – man (Armand) duo balanceert tussen pop en dance ; haar sensuele en ruwe vocals zweven of geven diepgang aan de dansbare nummers. Agar Agar heeft met “Prettiest virgin” een heel  interessante single uit van de EP ‘Cardan’ . We werden aangenaam verrast door dit duo . Dit smaakte naar meer …

We pikten nog iets mee van het Franse Barbagallo (OR) die het houden op gevoelige, dromerige poppsychedelica . Drummer Julien Barbagallo trok op wereldreis die hem o.m. in Australië en Sicilië bracht en voert ons mee in deze trip met z’n gezelschap. Het zijn sfeervolle tracks in een indiepsychedelisch geluid die het nauwst beantwoordt aan Jacco Gardner .

Magnus (CH) wordt op Les Nuits Bota goed ontvangen , hier is vanavond veel volk opgedaagd . Magnus is de samenwerking tussen zanger/componist/muzikant Tom Barman en techno DJ/producer CJ Bolland; live altijd een beleven, meer dan op plaat waar het durft te hangen tussen huiskamer en club. Magnus werd een tweetal jaar terug nieuw leven ingeroepen met ‘Where neon goes to die’, dat tien jaar na ‘The body gave you everything’ verscheen , een groovy synthese van house , techno , electro , pop , rock , funk,  drum’n’bass en breakbeats. Jawel hier komen terug die invloeden die we bij Agar Agar hoorden. Magnus geeft er meer body en stijl aan met een full band o.m. Elko Blijweert en Tim Vanhamel, die op het voorplan binnenkort treedt met Millionaire en nu zelfs meer en meer tekent om opnieuw bij dEUS aan te sluiten , Mauro waardig te vervangen .
Het dance/electroproject kwam live sterk voor de dag , gooit met rockende dobbelstenen en klinkt opwindend , extravert, dansbaar. Een rockband in een electrobody , Barman in topvorm, die de songs kracht bijzet en CJ Bolland die de bezwerende, dansbare trance onderhoudt . In de juiste drive geven ze aan het materiaal een verrassende dampende , snedige tic. Songs als “Jumpneedle” , “Catlike”, “Singing man”, “Regulate” en “Puppy” (sterke rol voor Vanhamel) klonken sterk . het zijn dan ook de Magnus-troeven. Tot slot kon “sSummer’s here” niet ontbreken , het werd mooi uitgediept , - gewerkt , omgeven van aanstekelijke , pompende beats en wakkerde op deze prachtige locatie het langverwachte zomergevoel aan …

Noa Moon (OR) rond de Waalse sing/songschrijfster Manon De Carvalho Coomans kon definitief de avond besluiten  met haar integere , sfeervolle popsongs in een folky kader . Ze zingt in het Engels en geeft haar songs een klankkleur door de aanvullende keys  en de backing vocalistes . Het materiaal krijgt daadwerkelijk kracht en intensiteit door haar helder indringende vocals .
Ze is aan haar tweede album toe ‘Sparks’, dat hier werd voorgesteld . De cover “Lean on” van Major Lazer werd ontdaan van enige beats en werd in mooie popfolk gespeeld . Origineel, spitsvondig , creatief!
Haar melodieuze semi-akoestische songs wordt door onze Franstalige vrienden onder de arm genomen en was voor ons een aangename kennismaking . Een talent die zeker hier bij ons meer airplay verdient …

We kregen een mooie avond Belge & Français geserveerd …

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/whispering-sons-15-05-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/agar-agar-15-05-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/magnus-15-05-2017/

Andere zalen
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/inuit-15-05-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/aliocha-15-05-017/

Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Bota 2017)

Tamino

Tamino – Imponeren op magistrale wijze

Geschreven door

Tamino – Imponeren op magistrale wijze
Tamino
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2017-05-15
Thibault Vander Donckt

Een jaar geleden was hij nog volledig onbekend, maar verdiende hij toch een plaatsje in onze lijst voor beste Belgische nummers van het jaar 2016. Nu, een overwinning van de Nieuwe Lichting later, speelt Tamino z’n eerste volwaardige show in een uitverkochte AB Club. Er waren heel wat hoge verwachtingen, maar Tamino loste die zonder enige moeite in. We waren namelijk getuige van een fenomenaal optreden.

De zaal zit bomvol wanneer de lichten doven en de 20-jarige Tamino het podium opkomt. Met de spots die hem enkel van langs achter verlichten, lijkt het alsof Tamino niets meer dan een zwart gedaante is, maar dan wel eentje die enorm goed met z’n gitaar overweg kan en z’n stem in alle bochten kan wringen. We zijn nog maar enkele seconden ver en het publiek wordt nu al overmeestert door de magie die Tamino uitstraalt.
Na twee songs alleen te hebben gespeeld, komt de gitarist van Het Zesde Metaal de jonge knaap vergezellen en neemt hij de piano voor z’n rekening. Dan gebeurt er iets wat Tamino niet snel zal vergeten. Ze willen het volgende nummer starten, maar opeens beseft Tamino dat hij geen plectrums op zak heeft. Gelukkig is het publiek vanavond heel vrijgevig en trakteren ze hem op enkele plectrums. Stress doet toch wat met een mens.
Alsof één extra muzikant niet genoeg is, komt Michiel Balcaen de drummer van Balthazar, het duo in gezelschap houden. Tamino speelt doorgaans heel rustig en gecontroleerd, maar toch zijn er momenten waarop de muzikanten zich even kunnen laten gaan, waardoor het op een ingetogen manier toch nog kan losbarsten. Wat we momenteel te zien krijgen, is in België echt wel uniek, zoiets hebben we zelden gezien.
Het eerste hoogtepunt van de avond is “Indigo Night”, een nummer dat terug te vinden is op de nagelnieuwe EP ‘Tamino’. Het nummer klinkt live heel erg breekbaar en de stem van Tamino bezorgt ons kippenvel van de eerste tot de laatste minuut. De zaal is muisstil en heel wat mensen sluiten hun ogen om het lied echt tot zich te laten komen, terecht. Tamino wordt getrakteerd op een langdurend applaus, maar daar heeft hij eigenlijk niet echt veel op te zeggen. Gelukkig hoeft dat ook niet, want z’n lach toont aan dat Tamino zich helemaal in z’n nopjes voelt op het podium.
Het ongelooflijke aan het optreden van deze avond, is dat we hier te maken hebben met een artiest die eigenlijk nog maar net bezig is. Hij heeft in feite heel weinig ervaring, maar toch heerst hij over de AB alsof het een dagelijkse activiteit lijk te zijn. De songs die hier vanavond de revue passeren, zijn ook stuk voor stuk perfect uitgewerkte nummers die iets teweeg brengen. Als je dit op twintig jarige leeftijd al kan brengen, dan ben je verdomd goed bezig.
Afsluiten doet hij met “Habibi”, het nummer waarmee alles is begonnen. Het fijne aan deze show, is dat er hier niet wordt meegezongen, waardoor de band ongestoord hun ding kan doen. Na z’n laatste hogen tonen, verdwijnt Tamino van het podium. Het publiek bombardeert de band met applaus en het duurt dus niet lang vooral iedereen weer op de bühne te zien is. Met zijn cover van “I Bet That You Look Good On The Dancefloor” van Arctic Monkeys en “Smile”, eindigt Tamino zijn formidabele set.

Het is zeker niet onze intentie om Tamino tot superster te bekronen, maar als het goed is, dan mag dat zeker en vast gezegd worden. We zagen gisterenavond een optreden waar we eigenlijk niets op aan te merken hebben en dit gebeurt zelden. Vanavond speelt Tamino z’n tweede show in een alweer uitverkochte AB Club, benieuwd wat dat zal geven.

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

The Kooks

The Kooks - Vijfgangenmenu boordevol lekkers

Geschreven door

The Kooks zijn al meer dan tien jaar bezig. “Hoog tijd om een ‘best of’-tour te ondernemen”, dachten ze. Deze hield ook halt in de AB Brussel. De grote zaal was volledig uitverkocht en had een gemiddelde leeftijd van rond de twintig jaar. Velen beleefden er jeugdsentiment, anderen kwamen er voor het eerst hun idolen aan het werk zien. Wat het ook mag zijn, iedereen ging met een goed gevoel naar huis. Alle hits passeerden en de band speelde vol vuur. We hoorden achteraf dan ook niemand klagen.

Vooraleer The Kooks van jetje mochten geven, kregen we een geweldig voorprogramma. De mannen van Blossoms kunnen met gemak al de kleine zaal van de AB alleen vullen, dus het is mooi meegenomen om ze nog eens als voorprogramma te zien. De band is gegroeid en brengt hun nummers in stijl en body. Door hier en daar een gitaarsolo en meezingmomentje te creëren, bleken ze de perfecte opwarmer voor The Kooks. Puik werk, jongens.

Een gigantisch doek bedekt het podium voor de band het podium betreedt. We zijn nu al benieuwd wat voor spektakel er op dat podium te zien zal zijn. Met een instrumentale intro en gespeel met schaduw, hitst The Kooks het publiek helemaal op. Eens de gitaren beginnen te knallen op “Eddie's Gun” en het doek naar beneden valt, start het feest in de zaal met een springerige bende die zich duidelijk amuseert. De vlam is meteen in de pan en die zal blijven branden tot het eind van de show. Er passeren drie songs van het debuut ‘Inside In / Inside Out’, meteen ook de plaat die over de rest van de avond het meest frequent wordt gespeeld.
Een verrassende tweede plaats is weggelegd voor ‘Listen’, hun laatste plaat uit 2014. Daaruit speelt The Kooks maar liefst zeven nummers, terwijl de andere albums ’Konk’ en ‘Junk Of The Heart’ bijna volledig genegeerd worden met respectievelijk drie en twee liedjes. Op zich zou dat geen probleem zijn, ware het niet dat de nummers uit de laatste plaat toch wel sfeerbrekers bleken bij momenten. Zo haalde “Westside” alle energie uit de set die net was ontstaan dankzij “Always Where I Need To Be” en was “Sweet Emotion” nu ook niet om over naar huis te schrijven. Eén nummer bleken ze helemaal anders te brengen dan op plaat. “Rosie” werd gestripped naar enkel een piano en een gitaar met twee stemmen. Het bleek wel te werken, al was de inval van drums en basgitaar na enkele minuten toch noodzakelijk om de aandacht er bij te houden.
Tot daar de kommer en kwel, want de rest van de set zat goed in elkaar. Luke Pritchard bleek in een goeie bui want hij zat van begin tot eind als een energiek konijn rond te springen. Het leek er op dat hij zich oprecht  amuseerde op het podium, wat de show alleen maar sterker maakte. Verder was er niet veel te zien op het podium, dat sober aangekleed was met enkel een draadloze radio die één keer een rol speelde in de set. Dat was nadat Luke het emotionele “See Me Now” op de piano had gebracht en iedereen plots van het podium verdwenen was. Via de radio werd de intro gespeeld van “Sweet Emotion” om zo het publiek wat op te fokken.

Iedereen in de zaal beleefde duidelijk de avond van zijn of vooral haar leven. Bij elk nummer dat gekend in de oren klonk, schreeuwde iedereen het uit van blijheid. Een eerste golf van euforie kwam er bij “She Moves In Her Own Way” en zo ging dat verder bij “Ooh La” en natuurlijk “Always Where I Need To Be”. Daarnaast waren songs zoals “Sway” en “Seaside” emotionele hoogtepunten voor de breekbare zielen in de zaal. De set was perfect uitgedokterd en begon energiek, ging daarna wat meer dansbaar te werk om vervolgens via een breekbaar intermezzo terug over te gaan naar de springerigheid van het begin.
Het einde van de set kon weliswaar beter want met “Westside” en “Junk Of The Heart (Happy)” was het niet echt een euforisch einde. Toch was ook hier iedereen gelukkig met de muziek. Zo'n gevoel is fijn en als je dat kan creëren met je muziek, ben je meer dan geslaagd. Hoewel de band na de bis wel even wegbleef, kwamen ze nog terug voor drie nummers. Met “Around Town” konden we nog een laatste keer wat exotische moves bovenhalen om daarna bij “Shine On” en vooral “Naive” nog eens onze beste zangstem boven te halen.

The Kooks brachten in de AB een ‘best of ‘ met (bijna) alle hits die je wilde horen. Het was energiek, boordevol passie en het leek er zelfs op dat de band helemaal herboren was. Luke Pritchard ging af en toe als een bezetene te werk en toonde dat hij nog steeds kan dansen alsof hij twintig jaar was .
De perfecte set was het niet, maar het was zeker een goed optreden en we zijn er zeker van dat iedereen die aanwezig was er van genoten heeft. Leuke songs, een danske hier en daar en vooral veel meezingen. De hese stemmen na het concert zullen hiervan een leuke herinnering zijn.

Setlist: Eddie’s Gun - You Don't Love Me - Sofa Song - Bad Habit – Down - She Moves In Her Own Way - Be Who You Are - See The World - Forgive & Forget - Ooh La – Sway – Rosie - See Me Now - Sweet Emotion – Matchbox - Broken Vow – Seaside - Always Where I Need To Be – Westside - Junk Of The Heart (Happy)
Bis: Around Town - Shine On – Naive

Organisatie: Live Nation

Arno

Arno in zijnen puren

Geschreven door

Gepaard gaande met een ronduit fantastische tentoonstelling naar aanleiding van het veertig jarig bestaan van de Brielpoort, moest en zou onze lokale prettig gestoorde lokale legende Arno passeren. Je zou verdomme al vergeten zijn welke artiesten hier al de revue hebben gepasseerd: Lenny, Black Crowes, Iggy, Jesus and Marychain, en noem maar op.

Onze Man Die Stotterend Pist En Praat kwam voor de negende keer naar de bunker, ook Brielpoort genaamd. Het was boenk er op ! Een eivolle zaal (vooral grijsharigen) was getuige van deze ‘wall of sound’. Arno liet zich omringen door zijn vaste bassist van de laatste jaren, Mirko Banovic en door twee jonge muzikanten : drummer Laurens Smagghe, die ik vroeger ook al zag drummen bij Arno en gitarist Bruno Fevery, die voor de eerste keer samen met de godfather op het podium stond.

Mirko was de orkestleider, de dirigent, die alles in zeer goede banen leidde. Samen met deze jonge snaken bracht hij de TC Matic sound weer tot leven : old school rock, bluesrock met een industriële sfeer erin. Vreemd genoeg geen Sege Feys te bespeuren. Ze gaven de hoekige pop van TC Matic nieuw leven.

Arno zei bij het begin van het concert dat hij “godverdomme goeste had” . Arno  liet 18 nummers op ons los, 12 uit het TC Matic repertoire, 4 vettige, gedreven bluesrock nummers van Tjens Couter en 2 nummers uit 2 zij projecten (Charles and the White Trash European Blues Connection en Arno & The Subrovnicks).

Anderhalfuur stevige stuwende rock, luid maar niet te…, sobere belichting,… “Arno in zijnen puren” zou ik durven zeggen. Hij vierde tevens ook het veertig jarig bestaan van zijn ‘Gimme What I Want’ in een fantastische versie. Zoals vermeld een fantastische band achter hem. Maar toch kregen we even het gevoel dat Arno zichzelf aan het parodiëren was, vooral met zijn uitsmijter waarbij hij voorspelbaar zogenaamd halfdronken zijn twee cymbalen aanslaat. Blijf verder borduren op de try out met Tjens Matic in de AB Box.

Organisatie: Live Nation (ism Stad Deinze)

 

The Blind Shake

The Blind Shake - Eén brok tomeloze energie

Geschreven door

Voor een iets te magere opkomst (daar zal de moordende concurrentie van zowel De Zwerver als The Pit’s, die diezelfde avond allen in dezelfde vijver visten, wel voor iets tussen zitten) mochten eerst Doorniks fijnsten, Sects Tape, hun nieuwe plaat met de heerlijke titel, ‘We’re all pink inside’, voorstellen. Deze religieuze organisatie, bestaande uit The Guru en vier volgelingen getooid met roze KKK-mutsen, vlogen er meteen in met een ongecompliceerde mix van garagerock, punk, hardcore en surf. Immer voortdenderende nummers gestuwd door pompende drums en voorzien van lekker galmende surfgitaren , konden ons hart wat sneller laten kloppen maar de uitzinnige taferelen die hier doorgaans mee gepaard gaan bleven wegens een wat overmaatse zaal uit. Net toen het wat teveel van hetzelfde dreigde te worden haalden ze het tempo naar beneden en dat zonder op hun bek te gaan. Wel integendeel, vooral dat ene traag startende nummer met een gitaar die gepikt leek uit het graf van Link Wray moet zowat het beste van de ganse set geweest zijn.

De muziek van The Blind Shake, het trio rond de broertjes Blaha uit Minneapolis, wordt nogal eens omschreven als surfpunk. Veel surf heb ik evenwel niet gehoord, dit was vooral postpunk met veel noise invloeden gebracht met een garage attitude. Misschien moeilijk te catalogeren maar één ding werd wel meteen duidelijk : dit was een echte live band. Wat een brok tomeloze energie!
Vanaf het eerste nummer, “I shot all the birds”, wist je dat dit goed zat. Catchy, fuzzed out punksongs voortgestuwd door waanzinnige drums en de voortdurend prominent aanwezige, wild resonerende bariton gitaar van Mike Blaha. Geen bas dus maar deze bariton gitaar is een stuk soepeler en zorgde voor het opzwepend karakter van hun eigenzinnige sound.
Broer Jim liet op zijn beurt zijn gitaar bijna verzuipen in spacey effecten terwijl hij zijn teksten nijdig krijsend door de microfoon joeg. En of dit werkte... Dit klonk verrassend aanstekelijk en liet zelfs de heupen niet onbewogen. Wat springerig ook waardoor ik meende wat invloeden van Devo te horen.
Slechts een paar keer liep het wat minder toen het echt wel te poppy werd. Maar dat werd dan weer snel goedgemaakt door een paar nummers waarin het gaspedaal wat gelost werd en die gehuld waren in een mysterieuze en broeierige atmosfeer. Wat bewees dat ze zoveel meer zijn dan zomaar een punkbandje. Na een strakke en verrassend sterke set sprong Mike Blaha meteen van het podium om koers te zetten naar de merchandise stand.
Geen ruimte dus voor bissen en daar kon het enorme gebulder van het publiek, dat lang bleef aandringen, niets aan verhelpen.

Organisatie: 4ad, Diksmuide

Simple Minds

Simple Minds – Uitgekleed maar nog niet uitgezongen

Geschreven door

 Artiesten die tijdens radio- en televisieprogramma’s één of meer nummers akoestisch brengen, dit bestaat al enkele decennia maar de populariteit hiervan nam sinds eind de jaren ’80 zienderogen toe. Aanvankelijk werd dit vooral beschouwd als een meer praktische manier voor groepen om nieuw materiaal te promoten (minder personeel en materiaal diende mee te reizen) maar gaandeweg werd een ‘unplugged’ sessie zelfs als een doel op zich gezien. Niet alleen aangestuurd vanuit de media maar ook de muzikanten zelf vonden in deze formule een welgekomen afwisseling na het afhaspelen van een zoveelste interview met almaar dezelfde, terugkerende vragen. In die voedingsbodem ontstond overigens de Nederlandse ‘2 Meter Sessies’ dat volgende maand met ruim 1550 sessies op de teller, 30 kaarsjes mag uitblazen en ook ver buiten de grenzen van de Lage Landen een bijzonder hoge reputatie geniet.
Het ‘unplugged’ gebeuren groeide in de jaren ‘90 internationaal zelfs uit tot een ware hype toen ook muziekzender MTV met bijzonder grote bijval een apart programma hieraan wijdde. De grootsten der aarde kwamen er op bezoek en grepen binnen een intieme setting de kans om hun oeuvre maar ook - en bovenal – hun bankrekening te verrijken, gretig aan. Want de albums die er uit voortvloeiden, ging vlotjes over de toonbank en bepaalde nummers werden in hun uitgeklede versie nóg beroemder dan ze in vol ornaat al waren. Treffende voorbeelden hiervan zijn “Layla” van Eric Clapton of de covers die Nirvana bracht tijdens hun sessie enkele maanden voor het overlijden van Kurt Cobain. Daar tegenover stonden dan weer de tegenstanders van dit genre die opwierpen dat het niet meer dan een forum was om artiesten die zich in de herfst van de carrière bevonden, nog een laatste stuiptrekking te gunnen vooraleer zij in een diepe winterslaap vielen.


Toen eind vorig jaar Simple Minds ‘Acoustic’, hun 18de studioalbum (inclusief de intussen niet meer zo ‘verloren’ plaat ‘Our Secrets Are The Same’), uitbracht met daarop uitgeklede en herwerkte versies van enkele van hun grootste successen of favoriete nummers, kon dit dan ook bezwaarlijk vernieuwend genoemd worden. Maar het verschafte wel een nieuwe inkijk op het werk van deze groep die het doorgaans vooral moet hebben een dikke laag synthesizers, elektrische gitaarriffs en strakke drumslagen.   

Naar eigen zeggen ging er volgens de groepsleden geen echte commerciële drijfveer aan vooraf en van een palliatieve begeleiding bij een mogelijks carrièrebeëindiging zou er al helemaal geen sprake zijn. Simple Minds loopt reeds 20 jaar met het idee rond om ‘iets’ akoestisch te doen (met als exponent de eerste 2,5 minuten van « Belfast Child » uit 1989) maar alle verdere initiatieven werden steevast in de kiem gesmoord bij het beeld dat de groepsleden hierbij hadden van enkele oudere mannen die uitgeblust, op stoelen gezeten en omringd door kaarsen met akoestische instrumenten in de weer gingen met zicht op een indommelend publiek. Maar toen zij in 2014 naar aanleiding van de promotie van hun vorige plaat ‘Big Music’ akkoord gingen om een viertal nummers akoestisch te brengen tijdens The Chris Evans Breakfast Show op BBC Radio 2, kwam alles in een stroomversnelling. De reacties van de luisteraars bleken overweldigend positief te zijn en dit nam nog toe na hun optreden tijdens het Zwitserse festival Zermatt Unplugged. Dit mondde uit in een volledig ‘Acoustic‘ album en er werd een uitgebreide tournee aan verbonden die de groep ook driemaal naar ons land zou brengen. Meer bepaald werden er twee concerten in Kursaal Oostende en eentje in de Brusselse Bozar ingepland. En dat Simple Minds sinds hun doortocht in de jaren ’80 op het dubbelfestival Torhout-Werchter hier ten lande 30 jaar na datum nog steeds op handen gedragen worden, kwam tot uiting toen alle tickets in een mum van tijd uitverkocht waren en zelfs een extra concert niet voldoende bleek om aan de vraag te voldoen.

Afgelopen vrijdag vond in Oostende het eerste deel van het Belgische drieluik plaats en meteen werd duidelijk dat de groep niet zou nalaten om het publiek bij het nekvel te grijpen en ook al hadden ze hun stadionstatus in Glasgow achtergelaten, om een staaltje van entertainmentkunst aan de zeedijk te komen etaleren.
Zo werd meteen ingezet met « New Gold Dream (81-82-83-84) ».
Terwijl deze klassieker in een reguliere set naar het einde toe als extra troef uitgespeeld wordt, werden nu meteen alle kaarten op het podium gegooid. Nieuwkomer Cherisse Osei (o.a. Mika, Paloma Faith en Bryan Ferry) zette met volle overtuiging het nummer in op percussie waarna de overige groepsleden haar kwamen vervoegen. Frontman Jim Kerr betrad als laatste het podium en ging zich meteen een weg banen doorheen de zaal om aan te tonen dat akoestisch geen synoniem van dufheid hoeft te zijn en waarbij het publiek zich spontaan uit de knusse rode zeteltjes hees. Ook nadien zou Kerr nog geregeld de tijd nemen om tussen de nummers door  anekdotes te vertellen over hun 40-jarig (!) bestaan waarbij niet zelden vergezeld van een kwinkslag, teruggeblikt werd op hun prille jaren waar haar- en overgewichtproblemen nog niet aan de orde waren maar evengoed op de periodes toen de groep commercieel minder goed in de markt lag.
Door deze aanpak verkleinde de afstand met de volgelopen zaal nog meer en voelden de nummers veel persoonlijker aan dan de versies zoals te horen op het nieuwe ‘Acoustic’, een album fijn om te beluisteren maar geen absoluut hoogtepunt binnen de discografie van Simple Minds.
Hierdoor was wat volgde in de set, niet minder dan goed: « See The Lights » met subtiel gitaarspel van Charlie Burchill en « Glittering Prize » dat een extra soultoets meekreeg door de achtergrondvocalen van Sarah Brown en fraai ingekleurd werd door de fingerpicking techniek van bassist Geb Grimes (ex-Danny Wilson). Zelfs een uitgesponnen « Mandela Day » dat live soms wat vreemd aanvoelt bij de rest van de setlist, kwam nu beter tot zijn recht. Maar echte uitblinkers vormden de nummers die een volledige transformatie ondergingen zoals « Chelsea Girl » dat ontdaan werd van alle uiterlijk vertoon van new wave en klonk alsof het steeds akoestisch bedoeld was, en « Big Sleep » dat subtiel laag per laag opgebouwd werd en (letterlijk) uitmondde in een melodica bespeeld door Gordy Goudie (die al ruim 15 jaar met de groep samenwerkt en ook met o.m. Echo & The Bunnymen getourd heeft). En dan moest « Waterfront » nog de revue passeren waarbij de wervelwind der klanken gebaseerd op een repetitieve baslijn,  plaatsmaakte voor een zomers en dromerig briesje.
Er was traditiegetrouw ook ruimte voor enkele covers. Dat Simple Minds altijd al de veelzijdigheid van David Bowie hoog in het Schotse vaandel draagt, is al langer bekend (hun groepsnaam is overigens ontleend aan een fragment uit « The Jean Genie ») en afgelopen vrijdag zong Goudie dan ook als eerbetoon Bowies « Andy Warhol » (uit ‘Hunky Dory’). Inclusief  een stukje intro waarop Bowie te horen is als hij in de studio uitlegt hoe de naam Warhol uitgesproken wordt. Aansluitend nam Sarah Brown « Let The Day Begin », oorspronkelijk van The Call en inmiddels terug te vinden op twee albums van Simple Minds, voor haar rekening.
Vooraleer richting de toegiften te gaan, werd het vuur dan weer aan de lont gestoken met het soul- en gospelgetinte « Stand By Love », het onvermijdelijk « Don’t You (Forget About Me) » en het opzwepende « Sanctify Yourself ».

Op weg naar de finish riep men ook centrale gast KT Tunstall erbij om net als in het voorprogramma waarbij ze gedurende een halfuurtje als één brok energie en een vat vol enthousiasme een erg aanstekelijk optreden weggaf met o.a. « Two Way » en « It Took Me So Long To Get Here, But Here I Am » uit haar vorige album ‘Kin’ (2016) alsook haar twee hits
« Black Horse And The Cherry Tree » en « Suddenly I See ». Daarbij verschafte ze heel wat achtergrondinfo bij de nummers, goochelde met de effectpedalen alsof het een lieve lust was (wat zeker de goedkeuring van experten ter zake zoals Joseph Arthur of Ed Sheeran weggedragen had) en drapeerde een onbezonnen en uitgelaten sfeer over het Kursaal. Dit laatste was zeker ook het geval toen Tunstall als een jong en uitgelaten veulen meezong en -danste tijdens « Promised You A Miracle » (ook op het ‘Acoustic’ album verzorgt zij de achtergrondvocalen) en dit nog eens mocht overdoen bij « For What It’s Worth » toen ze samen met de groep een onderhoudende maar eigenlijk overbodige cover van het onovertroffen origineel van Buffalo Springfield vertolkte.

Een spetterend « Alive And Kicking »
deed het voormelde minpunt snel vergeten en bezorgde een kolkend Kursaal een afsluiter waar het op gehoopt had. Qua symboliek kon dit overigens tellen want Simple Minds toonde aan nog niet aan pensioen toe te zijn (er zouden al enkele afgewerkte nummers voor een volgend album op de plank liggen). Na vier decennia met hoogte- en dieptepunten en diverse personeelswisselingen, zijn zij er in geslaagd overeind te blijven en bieden ook live hun fans nog steeds (bij wijlen nostalgisch) entertainment. Op de tonen van « Let’s Stick Together » van Bryan Ferry (een knipoog naar drumster Osei?) nam de groep afscheid van hun aanhang. België en Simple Minds zullen wellicht altijd innig verbonden blijven.

Setlist
New Gold Dream (81-82-83-84) / See The Lights / Glittering Prize / Mandela Day / Chelsea Girl / Big Sleep / Stand By Love / Someone Somewhere In Summertime / Waterfront / Andy Warhol / Let The Day Begin / The American / Don't You (Forget About Me) / Sanctify Yourself
Honest Town / Promised You A Miracle / For What It's Worth / Alive and Kicking

Organisatie: Live Nation
 

Wovenhand

Star Treatment

Geschreven door
Onder Wovenhand heeft Dave Eugene Edwards al een pak platen uit . De melancholische folkpop , geënt op zijn vorige 16 Horsepower heeft plaats gemaakt voor bezwerend, verslavende dreigende rock , hard, furieus, hels met een dosis galm en gothicwave, die kan losbarsten . ‘Star treatment’ zet de lijn verder van de vorige  ‘Refractory obdurate’ . De bezieling, intensiteit en spanning blijft een voornaam gegeven . Van onze Bijbelse dichtprediker  horen we de onweerswolken , de apocalyps in een bezeten stijl. In de muzikale brij sijpelt de songstructuur door ; “Come brave”, “Swaying reed” en “The hired hand” geven meteen de toon weer van die heftige sound. De gevoeligheid en de link met het vroegere geluid is er op het sfeervol broeierige “Golden blossom” . Michael Gira (Swans) en Nick Cave zijn terecht  gemene delers geworden in dit snedig geluid van Wovenhand!

White Lies

Friends

Geschreven door

Het Britse White Lies is toe aan de vierde plaat . White Lies profileert zich binnen het kader  van de wave/postpunkpop, van treffend, slepend materiaal dat dramatiek, bombast sluiert, gedragen door de indringende , galmende bariton zang van Harry McVeigh . Ze zijn te vinden in de lijn van Editors , Interpol en The Bravery en dragen het vaandel van Chameleons/House Of Love en iets verderop dit van Echo/Cure/Joy Division. Debuut ‘To lose my life’ beantwoordt nog steeds het nauwst aan die revival. Het nieuwere werk , de vorige cd ‘Big tv’ en deze ‘Friends’ hier voelen verwarrend aan. Emotie en pijn gaan muzikaal schuil in een rits wisselende songs in het genre die zich nestelen tussen pop , rock , electro en bombast. Het eerste deel is het best met o.m. “Take it out on me” , “Morning in LA”, “Don’t want to feel it all” en “Is my love enough” , met een zekere scherpte , dynamiek, venijnigheid en groovy ritmiek in het genre; daarna klinkt het gewoontjes , sfeervol, catchy en ervaren we ‘losse flodders ‘ en minder die kenmerkende intense spanning . White Lies klinkt dan als een doorsnee synthpop bandje.
White lies heeft algemeen een goede plaat uit , niet meer , niet minder , met enkele sterkhouders …

Green Day

Revolution radio

Geschreven door

De poppunkers van Green Day van Billy Joe Armstrong hebben de flop van ‘Uno/Dos/Tré’ van vier jaar terug kunnen doorspoelen . Ze staan er nu opnieuw met een ouderwets goede rockende plaat , die power  en pop met elkaar kruist.  De nummers klinken fris, vitaal , jeugdig en ontspannend. Een maatschappijkritische ondertoon durft te schuilen in het materiaal en de catchy hooks , refreinen doen het nog steeds. “Somewhere now”, “Bang bang” , “Still breathing”, “Youngblood”, “Too dumb to die” zijn de uptempo makers op de plaat .
Gewoon rocken met z’n drie , niet meer , niet minder. Af en toe wordt gas teruggenomen en krijgen we enkele dromerige , sfeervolle songs . Het innemende , akoestische “Ordinary world” sluit de cd af .
Angry young men zijn het door de jaren niet meer , het zijn hitschrijvers die erin slagen jong en oud bij elkaar te brengen.

Angström

The echoes of my mournful song

Geschreven door

Angström - The echoes of my mournful song - Geniaal knoppenwerk
Een knoppenman en een misthoorn van een stem. Het ideale en tegelijk geniale recept van Tom Moons en Gudrun Roos om de luisteraar in hun utopisch wereldje te brengen en niet meer los te laten. Men schrijft terecht dat dit duo nog potten zal breken. Deze triphop jazz pop ruikt naar Bjork, Goldfrap, Roisin Murphin, Hooverphonic enzovoorts. En toch klinken ze heel origineel.
“Inhale” opent met een heel strakke beat en de synths brengen je meteen naar hogere sferen. Tom en Gudrun gaan als het ware in duel met hun verschillende muzikale achtergronden (elektronica en jazz). Met “Obsessed” raak je al snel geobsedeerd door de zeemzoete melodieën en zanglijnen , versierd met de nodige effecten en klanktapijten. Titelsong “The echoes of my mournful song” heeft het dan eerder van een rock en popachtig gitaarrifje en barst van het hitpotentieel.
Heel de schijf borduurt verder op dit elan met als absoluut hoogtepunt het beklijvende “Pills”. Heerlijke effecten en dubbele stemmen blazen je serieus van je sokkel.
Angstrôm zien we graag spelen op Gentjazz, Pukkelpop en Cactus. Je leest het goed: veelzijdigheid troef.
Info  - www.blueearmusic.be

Pixies

Head carrier

Geschreven door

De uit Boston afkomstige Pixies lieten een kleine tien jaar terug van zich horen en stelden  hun eerste platen opnieuw voor . Het spelplezier , de belangstelling , de reünie werd zo positief ervaren dat er in 2014 een nieuwe plaat kwam ‘Indie Cindy’ .
In de originele bezetting trok men terug op tour , maar zangeres/bassiste Kim Deal zag een nieuw album niet meer zitten en ze werd vervangen door Paz Lenchantin (die we kennen van A Perfect Circle van James Maynard Keenan van Tool  en Zwan van Billy Corgan) . Een waardige opvolgster , die nog wat zoekende was tijdens de tour toen, maar nu volledig haar gang kan gaan ; op ‘Head carrier’ is de door haar gezongen ballade “All I think about now is” een veelbelovend bedankje aan Deal . Mooi .
De plaat is al bij al een charmante plaat , we hebben hier oerdegelijke broeierige , aanstekelijke , sfeervolle poprock , met een melancho trekje . Niet meer , niet minder . Het vuur van hun succesperiode 87 – 93 zit er niet meer in , ook niet in de livegigs .
“Classic masher”, “Baals’s back” , “Um chagga lagga” en de titelsong zijn ouderwetse Pixies songs , waar we van houden. Het zijn net die songs  die de gezegende heren op leeftijd nog af en toe een venijnig speldenprikje en explosie toedienen . Op die manier brengen ze nog alle leeftijden samen .
Toegegeven , tijdsgenoten Dinosaur Jr , Thurston Moore , Swans leggen ons nog steeds  het vuur aan de schenen , Pixies doen het nu op een gezapiger tempo .
Goede plaat , dat wel , Pixies staan garant om zich nog eens uit te leven ,  te genieten en oude herinneringen te koesteren.

Beach Slang

A loud bash of teenage feelings

Geschreven door

Beach slang draait rond een veertiger die z’n jeugdigheid nog niet heeft verloren en klinkt als een  jonge wolf. De uit Philadelphia afkomstige formatie rond James Alex Snyder mag dan al een hobbelig parcours achter de rug hebben in personeelsbezetting , de muziek zit goed elkaar en is situeren binnen de indiegrungepunk. Tien songs in een dertigtal minuten. Ergens waait hier de wind van ‘good oldies’ Husker Du (Bob Mould) , Wipers (Greg Sage), Replacements (Paul Westerberg ) en Built to Spil (Doug Martsch).
Hij weet die invloeden te integreren in een reeks meeslepende , uptempo nummers, met die kenmerkende gruizige ondertoon . Ze komen ook terecht in de buurt van Blood Red Shoes in die aanpak. “Art damage” , “Punks in a disco bar”, “Wasted daze of youth” en “Young hearts” zijn pareltjes die een broeierige opbouw en emo-intensiteit hebben . Af en toe zet hij er met z’n band vaart achter ; het korte , snedige “Atom bomb” geeft letterlijk een krater gevoel.
Beach Slang heeft een fascinerende, spetterende plaat uit!

True Widow

Avvolgere

Geschreven door

Al een kleine zeven jaar zijn ze bezig , het Texaanse trio True Widow, twee heren en een dame, die hun sound omschrijven als ‘stone gaze’ , waar indie , shoegaze , doom , psychedelica , stoner , metal in een wonderschone duisternis worden gedropt . Een boeiende trip creëren ze door  een lome , slepende , repetitieve , opbouwende, aanstekelijke  ritmiek en geluidslandschappen . De lagen worden op elkaar gestapeld. De vocals van Dan Philips en Nikki Estill wisselen elkaar af of vullen aan en graven zich een weg in die intens broeierige sound, die dreigend , dromerig , emotievol klinkt.
Hun slowcore pop is afgelijnder, toegankelijker dan het ouder materiaal , en in de uur durende trip , krijgen we maar liefst tien songs . “Back shedder” is een prachtige opener , die het spel van gitaar , bas , drums triggert en op elkaar afstemt . Het trio durft hier wel eens een versnelling hoger gaan  , “Sante” en “Grey erasure” zijn feller, gedrevener.
True Widow staat nog steeds garant voor een intrigerende, adembenemende trip !

Depeche Mode

Depeche Mode – Net niet goed genoeg …

Geschreven door

Ze staan geboekstaafd als één van de populairste groepen uit de elektronische muziekgeschiedenis, en dinsdagavond hadden ze een afspraak met hun fans in een al maanden uitverkocht Sportpaleis. We hebben het uiteraard over Depeche Mode, ooit nog bijna weggehoond toen ze als one hit wonder in de jaren tachtig van vorige eeuw voor de eerste maal de affiche van Torhout-Werchter sierden. De tijden zijn (gelukkig) veranderd…

Antwerpen was de Belgische halte van de ‘Global Spirit’-wereldtournee die de band momenteel onderneemt, naar aanleiding van hun veertiende studioalbum ‘Spirit’ dat in maart van dit jaar het levenslicht zag. We betwijfelen echter of iedereen in de zaal de nieuwe nummers die gespeeld werden, zoals opener “Going backwards”, het poppy dansriedeltje “So much love” of “Poison heart”, al gehoord had op voorhand. Met uitzondering wellicht van de single “Where’s the revolution”, die zeker de potentie in zich draagt om uit te groeien tot een toekomstige klassieker in het oeuvre van DM. Misschien besefte de band zelf ook wel dat de meeste bezoekers niet echt zaten te wachten op materiaal uit hun meest recente platen, en dat weerspiegelde zich dan ook in de setlist van dit optreden.

Een optreden dat ons om meerdere redenen zal bijblijven trouwens. Dat het dinsdag de 55ste verjaardag van zanger Dave Gahan was, werd door zijn mede-bandleden (special voor de weinige toeschouwers die er nog niet van op de hoogte waren) geëerd door een obligaat ‘Happy birthday’ in te zetten. Gahan zelf genoot vanzelfsprekend van de extra aandacht, en als volleerd volksmenner had hij er weinig moeite mee om de fans te doen meezingen en -dansen. Zijn gekende pirouettes waren ook weer van de partij, maar voor het overige moet ons toch van het hart dat de zanger (net als de andere bandleden trouwens) weinig communicatief was vanavond en bijvoorbeeld ook opvallend weinig gebruik maakte van de uitloopbrug voor het podium. Bij momenten bekroop ons zowaar een ‘automatische piloot’-gevoel en leek het alsof Depeche Mode hier een verplicht nummertje stond af te werken…
Van de eerste, wisselvallige helft van de show - waarin niet toevallig ook het merendeel van het recente songmateriaal geconcentreerd zat - onthouden we vooral goeie versies van “Barrel of a gun”, “A pain that I’m used to” en vooral “In your room”.
Daarna nam gitarist Martin Gore gedurende twee knappe, ingetogen songs de hoofdrol over van Dave: “Home” en vooral de akoestische versie van “A question of lust” konden ons meer dan bekoren. Iets later schakelde de groep dan weer een versnelling hoger en kregen ze (eindelijk) gans de zaal mee, met bekende nummers als “Wrong”, “Everything counts” en “Stripped”. En met publieksfavorieten “Enjoy the silence” en “Never let me down again” werkten ze naar een voorspelbare maar gesmaakte climax toe.
In het eerste bisnummer, het mooie “Somebody”, mocht Martin weerom schitteren. En na “Walking in my shoes” bewees Dave dan weer dat hij in staat is om op een respectvolle manier “Heroes” van David Bowie live te zingen zonder uit de bocht te gaan. Niet evident.

Met “I feel you” en “Personal Jesus” kwamen we vervolgens aan het eind van een goed optreden, maar… het had iets meer mogen zijn in ruil voor de ticketprijzen die tegenwoordig voor dit soort massaconcerten gangbaar zijn.
We zijn misschien verwend na al enkele keren Depeche Mode gezien te hebben in het verleden, maar van een groep die al zo lang meedraait op dit niveau mag je toch verwachten dat ze wat minder routineus, wat verrassender en wat vernieuwender uit de hoek komen. Of niet soms?

Met dank aan Darkentries www.darkentries.be
http://bit.ly/2pVNnXB  

Organisatie: Live Nation

HO99O9

United States Of Horror

Geschreven door


We hebben het al meermaals geprobeerd, maar neen, wij zijn niet into hip hop. Verwijt ons gerust dat we oogkleppen op hebben, het kan ons geen moer schelen, maar hip hop is niets voor ons. Als er één genre is waarop de uitdrukking ‘dertien in een dozijn’ van toepassing is, dan is het dit wel. Hip hop artiesten sloven zich met zijn allen uit om er zo stoer mogelijk uit te zien, zetten om de haverklap hun goorste bek op en brullen er vaak idiote teksten uit waarbij the bitches en the nigga’s met een dozijn per minuut de deur uitvliegen. Maar een keertje origineel uit de hoek komen, dat is iets te veel gevraagd.  De formule is immers al jaren dezelfde. Men zoekt (of jat) gewoon een vette beat (maar nu ook weer niet te vet want de hitparade lonkt), men verzint een hitgevoelig refreintje en een paar vunzige raps, men haalt er een aantrekkelijk kontschuddend mulatvrouwtje bij die voor de geile achtergrondvocals zorgt, en klaar is kees. Wat het hem ook altijd doet zijn special guests met klinkende namen, het maakt niet uit wat die sukkels op de plaat komen uitvreten, als hun naam maar in de credits staat. Kassa!
Wij laten ons echter niet vangen. Als de uitvoerders nu Drake, Kendrick Lamar of Kanye West heten, voor ons is het allemaal eenheidsworst met een boze blik.
Pas als de hip hop echt gevaarlijk wordt en verstrengeld geraakt met de meest urgente hardcore, dan schieten wij terug wakker. Enter Ho99099, een bende pitbulls die zowel de platen van Public Enemy en NWA als deze van Black Flag, Ministry, Bad Brains en Minor Threat in hun kast hebben staan. Hip hop is hier niet het doel, maar wel het middel om de agressie er uit te spuwen. Bij Ho9909 voel je dat dit geen pose is, maar dat die gasten echt kwaad zijn. Het is er hen niet om te doen om de spierballen, bitches en tattoo’s te showen, maar wel om het kot in de fik te steken.
Ho99o9 begeeft zich in dezelfde onfraaie achterbuurten als Show Me The Body en Death Grips, maar daar waar Death Grips meer een chaos creëert van loodzware beats en gortige raps, gaat Ho99o9 het nog wat dieper in een hardcore underground zoeken. Dingen als “Street Power”, “Sub-Zero”, “City Rejects” en “New Jersey Devil”  zijn regelrechte straight-in-your-face-hardcore splinterbommen die snakken naar uitzinnige moshpits. “Face Tatt” en “Bleed War” zijn ontspoorde industrial tracks waar hoge vlammen uit komen, Nine Inch Nails op 1000 Volt. En wanneer de heren zich echt eens vastbijten in de de hip hop, dan hangt er klaar bloed aan hun tanden. “War Is Hell”, “Moneymachine”, “Splash”, “Hydrolics” en “United States Of Horror” zijn bijzonder heavy en moordzuchtige hip hop tracks, gebouwd op loodzware beats, dreunende bassen en raps die rechtstreeks naar de ballen mikken. De meeste rappers houden het bij blaffen, Ho99o9 bijt.

‘United States of Horror’ is een gedynamiteerde kruisbestuiving van hip hop en hardcore, een staatsgevaarlijke beenharde kopstoot ! Very punk, als je ‘t ons vraagt.

Labadoux 5-6-7 mei 2017 – is Blijft een Heerlijk Festival!

Geschreven door

Labadoux 5-6-7 mei 2017 – Is en Blijft een Heerlijk Festival!
Labadoux 2017
Festivalterrein
Ingelmunster
2017-05-10
Filip Gheysen

Elk jaar opnieuw is de affiche van Lx spaarzaam voorzien van bekende namen (1 à 2 per dag). Voor het gros van de optredende groepen zijn we aangewezen op de puike website voor meer info. Naast de gebruikelijke uitleg en duiding vindt er telkens een filmpje en de links naar de Facebookpagina’s. Wie geen zin of tijd heeft om zijn huiswerk voor te bereiden kan met gerust hart in de drie tenten op ontdekkingsreis gaan. Het is intussen een traditie dat ons heel wat aangename verrassingen te wachten staan. Het ruime aanbod varieert van blues over folk naar luisterliedjes of drinkliederen om mee te brullen!
Kortom iedereen vindt er zijn gading… als je tenminste openstaat voor iets nieuws, voor iets anders.

dag 1 - vrijdag 5 mei 2017
Met plezier zakten we het eerste weekend van mei weer af naar dit kleine maar gezellige festival langs het kanaal Roeselare-Leie. Vrijdagavond werd al dikwijls bezongen als het zalige begin van een weekend. Dit werd een warme vrijdagavond vol muziek, op een gezellige Vlaamse weide, ver van alle kommer en kwel die onze wereld de jongste jaren teistert. Dezelfde drie ouwe trouwe tenten stonden klaar als drie dikke gezellige tantes die ons met open armen verwelkomen en dan met ons meeluisteren naar de muziek die uit de vier windstreken kwam aangewaaid naar de Wantebrug. Daaraan bengelde een kingsize varken dat ons herinnerde aan een elpee uit de late 70ies...

Lance Canales & The Flood
Als we op vrijdagavond opnieuw de ons zo bekende concerttent betreden is het er nog zeer kalm. Een ruige bluesstem die ons meteen aan Tom Waits doet denken, klinkt boven de hoofden van een rustig publiek. Zanger-gitarist Lance Canales doet zijn ding gesteund door een bassist en een drummer: ‘The Flood’. Uit de reader op de website van Lx vernemen we dat hij een kind is van ‘The American Dream’: opgegroeid in een arbeidersgezin waar het moeilijk is om de eindjes aan elkaar te kunnen knopen tot hij de gitaar van zijn zus aanslaat, en een beter leven wenkt.  Intussen kunnen we met volle teugen genieten van de authentieke drie-akkoorden rootsmuziek. Nu eens een stomende ritmische blues uit de swamps, dan weer een trage donkere song over een verlopen leven. Dankbaar verklaart hij ons dat hij het publiek niet zomaar als vanzelfsprekend vindt. Het is zijn eerste keer in België en de blues fanaten (of zijn het jongelui die vastbesloten zijn geen minuut kostbare tijd te verliezen?) worden bedankt en meteen gepromoveerd tot zijn eerste fans. In 2013 zette hij het gedicht van Woody Guthrie ‘Plane Crash at Los Gatos: Deportee’ op muziek. Die song brengt hij ook hier op een doorleefde manier. Het verhaal over de Mexicaanse fruitplukkers die in de 40ies van de vorige eeuw omkomen in een vliegtuigcrash doet danken aan de vele ontheemden die ook in onze eeuw ongelukkig aan hun einde komen. Deze song werd dikwijls gecoverd, wat voor Canales meteen een doorbraak betekende. Door zijn moeilijk verleden werd Canales tot een muzikant met een boodschap gekneed. Een mooi begin van het weekend, al had hij later op de avond mogen starten. Maar iemand moet de kop eraf bijten, nietwaar...

Finvarra
Intussen wordt het de hoogste tijd om de opener in de pubtent te zien. Finvarra bestaat uit vijf Nederlanders, elk met een eigen muzikale achtergrond. Na de blues uit de grote tent worden we ondergedompeld in Europese folk, zowel uit het noorden als het zuiden. We horen een eigen nummer van de zangers, geschreven in het Deens. Het klinkt heel authentiek en even komt Värtinäa ons te binnen schieten, maar dat waren Finse meisjes. Ook het instrument dat de zangeres hanteert lijkt wel een museumstuk: met de linkerhand trekt ze de blaasbalg van een orgeltje dicht terwijl ze met de rechterhand het klavier bespeelt. Even later dartelen de eerste dansers al door de tent op de tonen van een gypsytune uit de Balkan. We citeren opnieuw de website van Lx: Finvarra brengt Keltische verhalen en dompelt ze onder in een heerlijk oriëntaals sausje. In ieder geval een lekker hapje om het festival in de pubtent te openen!

Daithi Rua
Het is een LuXeprobleem dat je op dit festival kan/moet kiezen uit drie verschillende tenten. Terwijl Finvarra nog het beste van zichzelf geeft, trekken we al onder de Wantebrug door naar de clubtent. Daar zet een Gentse Ier de avond in vuur en vlam. Het is altijd weer hartverwarmend te zien hoe één man (of vrouw) slechts gewapend met een akoestische gitaar een hele tent in vervoering kan brengen. Akkoord, de clubtent is niet veel meer dan 50 m² groot maar ons fototoestel kan er maar nét bij als Daithi Rua zijn Ierse tongval door de boxen laat schallen. Een grote schare trouwe fans is de eerste stoelen komen bezetten om te luisteren naar deze adopted son of Flanders (zoals hij zichzelf noemt). In een bevallig mengsel van Nederlands en Engels zingt hij “a song about a meisje…” dat hij in Geraardsbergen in de regen ontmoette. “Iedereen die ik ken in België is hier aanwezig” grapt hij, maar Eva De Roovere en de leden van Kadril (om maar enkele artiesten te noemen waarmee hij al samen speelde en componeerde) zijn toch nergens te bekennen...
Hij rijgt de ene parel na de ander op zijn zes snaren. Of het nu gaat over een soldaat uit de eerste wereldoorlog die opstaat uit zijn graf of een meezinger begeleid door ritmisch handgeklap, hij bespeelt alle emoties uit een mensenleven. Verrassend is bv. “een liedje voor Doel” waarin hij van leer trekt tegen de grenzeloze landhonger van onze grootste haven: “The Schelde will flow backwards before we leave”. Later die avond ontmoeten we hem backstage. Hij is de sympathie zelve. Als we hem vragen of de vergelijking met Luka Bloom ergens op slaat, blijkt dit helemaal niet zo gek te zijn. Ze komen uit dezelfde streek en ze speelden ook al diverse keren samen. Dathi Rua is Luka Bloom maar dan zonder haar! We kijken al uit naar een volgend optreden van deze bard!

Daan
Dan wordt het tijd voor de eerste headliner van de avond. In de concerttent zijn de stoelen verwijderd: Er wordt veel volk verwacht en de tent krijgt dan ook zijn volle capaciteit te slikken voor het muzikale project van singer- songwriter Daniël Stuyven. De vraag is nog of we elektronische dansmuziek krijgen of een sobere gitaar met piano? Het wordt een mengsel van beide. Op Canvas zagen we al de docu waarin Daan en fotograaf Peter De Bruyne negen dagen door Spanje trokken. Weg van de bewoonde wereld gingen ze op zoek naar het niets. In november volgde het album met de toepasselijke titel ‘Nada’ (ook een anagram van …?). De reis heeft een diepe indruk nagelaten op de artiest. Nadat hij als een echt podiumbeest het publiek eerst in zijn leren jekker doorheen enkele stevige gitaarriffs sleurde, zet hij even later de zonnebril af en vertelt over een Spaans dorpje dat in de tijd van het regime van Franco met de grond gelijk gemaakt werd. Het Spaanse landschap was een inspiratiebron van formaat en werd als opnamestudio gebruikt wat -gelukkig voor ons- resulteerde in enkele machtige songs. De vrouwelijke backingvocals komen van achter het drumstel. daar zit niemand minder dan de bevallige Isolde Lasoen. Met “Icon” en “Exes” neemt deze Vlaamse singer-songwriter afscheid. Maar de avond is nog jong voor de festivalgangers!

Nele needs a holiday
Opnieuw wordt het tijd om de clubtent op te zoeken. Op het podium staan zeven -op het eerste zicht brave- meisjes. Ondeugend is echter het minste wat we kunnen zeggen! Met “Mijne soutien zakt af...” oogst de zangeres Nele Van den Broeck succes in de zaal van de niet-meer-zo-nuchtere-festivalganger en unisono afkeuring van haar groepsleden: “Meer Nele toch!”. Ze heeft echter een stem als een klok en charisma om de Wantebrug te overspannen. In een soort Engels dat ons herinnert aan Gruppo Sportivo en met veel Shalala in het koortje, dat dan weer aan de Ronettes doet denken, bezingt ze de tragedies van het dagelijks leven zoals verliefd zijn op iemand die al een lief heeft:  “Er is liefde genoeg in de wereld voor iedereen, alleen de distributie is een probleem.” Op het eerste zicht lijkt het een zotte boel en een bont allegaartje maar er wordt gemusiceerd op hoog niveau, de timing in de bindteksten van Nele is perfect en de clubtent geniet met volle teugen van deze fijne mix van humor mat knappe songs. Het imago van een bimbo is echter maar schijn want studies drama in Gent, Duits en Spaans in Brussel en muziekproductie in Londen maken van haar een wereldburger en ze treden dan ook op in heel Europa! Nele vertrouwt ons toe: “Er zijn hier heel wat jongens die mij willen binnen doen… en dat snap ik”. Tegelijk krijgen dezelfde jongens de goede raad op hun tellen te passen want de moderne technologie heeft voor haar geen problemen: “I Love You But I Google Other People!” We hebben ons rot geamuseerd en het mocht gerust een avondvullende show geweest zijn!

Les Barbeaux
Voor we afsluiten in de grote tent met de Levellers gaan we nog even de sfeer opsnuiven van zomerse, Franse markten. In de pubtent zorgt deze vrolijke bende voor de muzikale ambiance.
Na 10 jaar rondzwerven brengt Les Barbeaux in maart zijn zesde cd uit en Lx krijgt de Belgische première! Net op het moment dat we voor het podium staan, mogen we getuige zijn van een paringsdans tussen de viool en de accordeon. Het publiek is al goed gelanceerd en deint mee op de zuiderse cocktail van folk en ska, gemengd met een rocky rum en overgoten met een zonnig mediterraan likeur, afgewerkt met een vrolijke noten à la Negresses Vertes. Was het maar al echt zomer én vakantie…

Levellers
Lx is er zelf trots op: The Levellers en Ingelmunster, dat matcht! Net zoals enkele jaren geleden zorgen ze opnieuw voor een laaiend muzikaal vuurwerk. De enthousiaste band uit Brighton vierde vorig jaar nog het 25-jarig jubileum van hun tweede album ‘Levelling the Land’ en brachten dit album opnieuw uit. Meteen de start van hun nieuwe Europese tournee. Is het folk of is het punk? Een vraag die de die-hard fans zich in geen geval stellen. Met “Liberty Song” steken ze meteen het vuur aan de lont die recht naar de voornoemde fans vooraan in de zaal loopt. Daar ontploft meteen de bom en het duurde niet lang voor één van de heethoofden over de reling gekieperd wordt en door de security langszij wordt afgevoerd. Bassist Jeremy Cunningham met zijn lange dreadlocks en violist Jon Sevink spelen een spelletje “overlopen” aan beide uiteinden van het podium. Een gegeven dat de fotografen alleen maar kunnen toejuichen! Intussen bladeren zangers Mark Chadwick en Simon Friend door het uitgebreide repertoire. Voor de echte fans de ene hit na de andere, maar zelfs voor het gelegenheidspubliek zaten er gekende nummers tussen zoals “One Way”. Charlie Heather op drums en Matt Savage op keyboards begeleidden op hun beurt met verve het beklijvende “Another Man’s Cause”. Nog een een anti-oorlogssong die op deze vrijdagavond voor kippenvel zorgde. Na de WO1 van Daithi Rua zijn het nu de Falklands, nog altijd een trauma voor de Britten. Zelfs de koppigste haedbangers werden hier toch evens stil van.

dag 2 - zaterdag 6 mei 2017
“What a beautiful day” is deze zaterdag! In een aangenaam lentezonnetje wordt de weide tussen de tenten omgetoverd in een ‘peloeze/terras’ zoals ook op de programmablaadjes staat. Het is genieten voor zowel gezinnen met jonge kinderen of verliefde paartjes (met kinderen in gedachten) als voor oma’s en opa’s. Schotse doedelzakken gevuld met Vlaamse adem schetteren over het terrein. FIELD MARSHAL HAIG’S OWN PIPES & DRUMS, een doedelzakband die ontstond november 2013 als gevolg van het vijfde Passchendaele Remembrance Concert treedt op als herdenkingsband.
Wat later zien we een vreemd duo zitten dat zich ‘Trio Trottoir’ noemt. Twee accordeons met een schoolbordje erbij dat meldt: “3. da zie je gie! Speel met ons mee!” Regelmatig kiest een festivalganger één van de instrumenten die op het gras rond gezaaid liggen en even kan je zelf de ster van de dag zijn!
Het wordt een jaarlijkse traditie dat we wegens familiale verplichtingen een stuk van het programma moeten missen. Bij voorbaat onze verontschuldigingen voor het gaatje dat we weer moeten laten vallen!

Emian
Vandaag staan de zijflappen van de grote tent al wijd open om frisse lucht binnen te laten. Dansers op blote voeten werken zich al in het zweet. Op het podium staat Emian, een groep die ontstond in de winter van 2011 in Italië om een uitweg te zoeken uit ons hedendaagse, haastige leven. Met Keltische verhalen en Noord- Europese of Mediterrane volksmelodieën willen ze de luisteraar terug doen "thuis komen". Een harp op het podium schept altijd een speciale sfeer. Elk jaar zien we dit machtige instrument wel bij één of ander groep op de podia van Lx! Daarnaast is een fluitist op één been een bekend fenomeen voor liefhebbers van het genre. We hoeven geen illuster voorbeeld te geven! Het sympathieke viertal speelt leuke Pagan Folk (zoals ze dit zelf noemen). De dag is goed ingezet en het drukke programma roept ons alweer naar de clubtent!

Me In The Clouds
Daar zit een meisje met een piano. Een bekend concept dat de jongste decennia enkele heel grote namen opleverde. Hanne Nuyttens uit buurgemeente Hulste zingt over de kleine en de grote dingen uit het leven: " I write silly songs and then sing them as if they are serious." zegt ze zelf. De krachtige stem van deze “sweet girl” doet ons direct denken aan Alanis Morisette. Ze brengt haar Engelstalige teksten, die niet altijd even “sweet” zijn, met veel overtuigingskracht: “If you break my heart, I might break all your bones…”. Na een tweetal nummers springen enkele jonge gasten op het podium dat ze meteen weer moeten verlaten. “Sorry jongens, nog ééntje...” verzoekt de jonge singer-songwriter hen. Nog even laten de gitarist, bassist en drummer haar solo aan het werk, maar dan leveren ze stevig werk af. Nu eens rockend , dan weer op een reggae ritme begeleiden ze de zangeres die eigen nummers over de liefde zingt “maar allemaal negatief” zo zegt ze zelf. En het kan ons echt bekoren als ze in de voetsporen treedt van Hannelore Bedert met een nummer in haar eigen West-Vlaamse taal: “Trek junne plan”. Wat ons betreft hoeft dat Engels niet zo nodig, maar we zijn wij om te oordelen! We zijn zeker dat Hanne in de wolken haar plan zal trekken!

Aidreann
Deze jonge groep ontstond in 2011 met Debbie Lambregts op op Vlaamse doedelzak, viool en gitaar en Lode Buscan op draailier. Meteen kennen we de klankkleur van deze groep die garant staat voor stomende balfolk. Alleen waren de dansers zo vroeg op de middag blijkbaar nog niet wakker. Een jig van Hilke Bauweraerts op diatonische accordeon wordt op handgeklap onthaald. In een nummer over “Dolly de muis” hoorde je deze pizzicato trippelen over de snaren van Anneleen Brabants op altviool. Het was genieten van de opgewekte sfeer in de pubtent. De vijf doorgewinterde muzikanten brachten een afgewerkt geheel op de basgrooves van Koen Poppe op basgitaar. Misschien hadden ze wat meer danspubliek gewenst. Een volgende keer beter, misschien wat later op de dag?

Reymer
Rond 16u wordt het tijd voor dit artistieke project van creatieve duizendpoot Tine Reymer. We kennen haar reeds uit het Vlaamse film- en tv-landschap en als zangeres bij verschillende groepen. Nu wordt ze omringd door topmuzikanten zoals Tom Pintens. Zijn gitaarspel wordt overal gewaardeerd, ook bij het Zesde Metaal. Achter haar klavier brengt Reymer songs over kwetsbaarheid, over de liefde, over verlies,...Voor de tweede keer dit weekend (na Nele Holiday) krijgen we de vraag voorgeschoteld waarom we getrouwd zijn met uitgerekend dié mens naast ons. Haar zangstijl hoort echt thuis in de sfeer van armericana: met glijdende toonladders op één klank en een stem die soms “breekt” zingt ze nummers met een breed scala aan gevoelens. Ze gunde ons ook een kijkje in haar garderobe met meer dan twintig paar schoenen: “Wat moet je daarmee doen als je in je graf ligt?” vraagt ze zich af. Een persoonlijke bekentenis om het nummer “These Boots” aan te kondigen. Ze kon ons zeker bekoren met haar persoonlijke versie van “Nebraska” van Bruce Springsteen die ze zelf begeleidde op een citer. Misschien nog geen “klinkende” naam in het Vlaamse muzieklandschap, maar op dit festival zeker een voltreffer van eigen bodem!

Andrew Mill & four-fingered fre
Het duo Andrew Mill & Four Fingered Fre is ‘geboren’ op de Gentse Feesten . Andrew speelt op zijn gitaar een heel gamma dansmelodieën uit zijn thuisland Schotland.. Met de heerlijke riedels van Fre Vandaele op tin whistle of doedelzak, maakt dit duo het mooie weer in Schotland en omstreken! Ze kletsen tussen de nummers door in het Engels tot Fre zich in het Vlaams tot het publiek richt. Deze taalmix vind je ook terug in hun muzikale eigen werk en knappe songs met titels als “Lieve’s Jig” of “Nele’s reel”. Andrew Mill kondigt het nummer “Albatross” aan als “atheistic gospelsong”. Dan bezingt hij het Schotse landschap met zijn warme bariton: “I have no home, just grey sky…”. Wanneer Fre de tin whistle inruilt voor de doedelzak, waarschuwt de Schot ons om voor onze trommelvliezen te zorgen. Aan de ingang kan iedereen een soort gummi oordopjes krijgen. “ If you have those yellow things to put in your ears, now’s the time.” Alweer was de clubtent een micro-universum geworden waarin een kleine groep melomanen meegevoerd werd op de golven van humor en muziek. Beluister eens het verhaal van de duif en de grasmaaier: een liaison die al net zo vreemd in de oren klinkt als een Edinburgher en een Gentenaar die samen musiceren. Gelukkig loopt het voor de muzikanten beter af!

Wim Claeys en zijn schuune bende
Aan de naam alleen al hoor je het: Wim Claeys is een Gentenaar. Hij begon zijn rijk gevulde muzikale carrière als trekzakspeler van Ambrozijn, Olla Vogala en als dé entertainer bij uitstek. In de pubtent heeft hij het publiek meteen op zijn hand. Als je Gent een beetje uitspeelt tegenover de West-Vlamingen, krijg je de lachers wel op je hand. Met een blazerssectie die klinkt als een halve fanfare en een gitarist die de kans krijgt zijn solo te plaatsen swingt de hele tent als een t*t. De geest van Walter De Buck is nooit ver weg. Claeys eert de vader van de Gentse Feesten en brengt nu en dan een nummer van hem. Blijkbaar was hij het ook die Claeys aanraadde: "Gij zou wa meer moeten zingen, gij". Dat liet Wim zich geen twee keer zeggen. Hij gaat grasduinen in oude volksliedjes. De ‘Schuune Bende’ is bv. een verwijzing naar de soldaten die de eerste wereldoorlog mee maakten. Maar ook een hedendaags probleem zoals een snelweg die door een woonwijk wordt getrokken levert een moderne protestsong op met de strijkstok te paard op de snaren . Wim Claeys is niet voor één gat te vangen. Dit volkse optreden smaakt naar meer. Misschien nog eens een herneming van zijn theatervoorstelling “IJzer”?

Tommy & the Wildflowers
Na een verplichte pauze komen we terug aan de Wantebrug als Tommy and the Wildflowers de pubtent op zijn kop aan het zetten is. Terwijl we nog langs het kabbelende water van het kanaal stappen herkennen we al van ver “Make It Wit Chu”. Toch nog even snel kijken of Queens Of The Stone Age hier niet geprogrammeerd waren? Maar het is gewoon Bruggeling Tommy Vlaeminck. die met zijn Wildflowers een fantastische West-Vlaamse versie van dit nummer door het tentzeil heen blaast! Een naam om te onthouden voor een ‘volgende keer beter’, als we over meer tijd beschikken!

Axelle Red

Op zaterdag krijgen we Axelle Red als tweede binnenlandse klasbak in de concerttent. Ze begint haar tournee met haar nieuwste plaat ‘Acoustic’ in Labadoux. Heel wat fans hebben deze kans niet gemist. Er is bijna geen doorkomen aan om een glimp op te vangen van het podium! Meteen heeft de rasartieste het publiek in haar ban. Ze geeft zich voor de volle 100% en speelt alsof het haar laatste optreden is. In ruil krijgt ze er een dankbaar publiek voor terug dat luistert, meezingt of -klapt. Na de opener “Si tu savais” vertelt ze over haar West-Vlaamse roots (met een Ieperse grootmoeder). Alsof dat een must is, belooft ze beter West-Vlaams te leren… Dan slaagt ze erin om een mannen- en vrouwenkoor uit de zaal te destilleren om met een “Oooh yeah” te antwoorden op de vraag “Qu’est-ce qu’on peut faire” in het funky “Le monde tourne mal”. Ze wordt geruggesteund door een band topmuzikanten met o.a. niemand minder dan Wigbert van Lierde op gitaar! Samen spelen zij een jazzy versie van “Je t’attends”. De gitarist en de zangeres zijn samen meer twee muzikanten! Als ambassadeur van Unicef en voorvechter in Afrika heeft ze al één en ander gezien in het zwarte continent. Het nummer “Présidente” gaat over de armsten die toch nog altijd een lichtpuntje in het duister zien. Zelfs de kletskousen achter in de tent doen er even het zwijgen toe. Ze blikt ook terug naar 1995 toen ze voor het eerst in Nashville was voor “A tâtons”. “We zijn nog niets veranderd” stelt ze de fans van het eerste uur gerust… Op het einde van het optreden geeft ze ons ook een idee van haar eigen grote voorbeelden: Carole King inspireerde haar met “You’ve got a friend” om zelf “Sister” te schrijven. Eerlijk gezegd: we kwamen tot het inzicht dat we een memorabel optreden hadden gezien waarvoor we zelf -domweg- de verplaatsing niet hadden gemaakt. Gelukkig was ons deze vergissing bespaard!

The Black Tartan Clan
Voor we aan het sluitstuk van de zaterdagavond beginnen, gaan we nog even bekijken hoe The Black Tartan Clan in de pubtent de pan uitswingt. We zien een Belgische band, vermomd als Schotten met blote torso’s (en tartan rokken!) die heavy metal gitaren combineren met doedelzakken die niet moeten onderdoen voor het elektronische volume! Dit is nu Keltische Indiefolk! Voor de headbangers voor het podium is het allemaal eender: als het maar ritme er maar is en als je maar stevig kan headbangen! Voor de clan op het podium is het ook genieten want als de zanger merkt dat de tent er niet genoeg van krijgt, zegt hij in een soort Aalsts: “Zoelang as zaai dànsen, doen waai oek voojs!”

Big One 'The European Pink Floyd Show'
We hadden tijdens de week al het varken gemerkt dat opgehangen was aan de bogen van de Wantebrug. En vrijdag, bij het eerste optreden in de concerttent, viel ons al het cirkelvormige projectiedoek op. Zoiets hadden we al gezien op de grote markt van Tienen toen David Gilmour op 27 juli 2016 toen die een soort ‘voorprogramma’ van Suikerrock speelde. Al was dat scherm wel ietsje groter dan dat op Lx. Maar zoals Big One werd aangekondigd: we mochten niet op zoek gaan “naar de vijf verschillen”, maar gewoon genieten van de prachtige songs van een legendarische groep. Dat dit een buitenbeentje is voor de affiche van 2017 is het minste wat kan gezegd worden. De verwachtingen zijn hooggespannen en een geladen stilte hangt in de grote tent als op het donkere podium al de eerste tonen weerklinken van “Shine On You Crazy Diamond”. Een nummer dat een eerbetoon was aan Syd Barett, groepslid van het eerste uur. Hij kwam niet in club 27 terecht maar deemsterde stilletjes weg door drugsmisbruik... Meteen brengt de bezwerende muziek van Claudio Pigarelli en Stefano Righetti op keyboards de zaal in vervoering. Dit klinkt toch wel heel erg als het origineel!
Op het cirkelscherm verschijnen zelfs de psychedelische beelden die we al zagen bij Gilmour. Het is ons een raadsel hoe ze dit als tributegroep ook voor elkaar kregen. Maar dat speelt dan ook geen enkele rol: het geheel staat er en het wérkt! Zonder pauze of inleiding volgt het tweede nummer. Het klinkt ons direct vertrouwd in de oren als iets uit de oertijd van Pink Floyd maar de titel ontgaat ons even. Achteraf merken we thuis vinylsgewijs: het was “Astronomy Dominé”, één van de vele Syd Barett composities op hun eerste plaat. Niet alleen de gitaren klinken als het origineel maar ook de stemmen van Leonardo de Muzio (Lead Guitar) en Luigi Tabarini (bas) zijn levensecht. Dan wordt toch even in een Zuid-Europees Engels “Division Bell” aangekondigd. Daarna volgt “Sheep” uit Animals. Zo kunnen we naar hartelust switchen tussen de ‘antieke’ en de ‘modernere’ Floyd.
En dan gebeurt wat misschien onvermijdelijk was: we krijgen vlak na elkaar een reeks nummers die als trage, brede en vooral lànge rivieren voortkabbelen. Later hoorden we dat de mensen met het minste geduld de tent toen al verlieten. Zelf houden we vol maar toch kriebelt het verlangen naar ander en bekender werk. Maar wij hebben het niet voor het zeggen en de band is geen jukebox! Dan volgt toch “Another Brick in The Wall” en zien we de klauwhamers voorbij marcheren op het scherm. Als de basgitarist “One of these days” inzet, gaat het haar op onze armen weer even rechtstaan. Met “Breathe” en “On The Run” maakt de groep een mooie keuze uit ‘Dark Side Of The Moon’.
Intussen zijn ze anderhalf uur bezig en menig festivalganger heeft al anderhalve dag op de teller. Voor ons is het mooi geweest. Stilletjes verlaten we de tent en helemaal alleen in het donker langs het kanaal is het toch nog genieten van “Time” terwijl we onder de sterrenhemel huiswaarts te keren.

dag 3 - zondag 8 mei 2017
Gisteren begon de zomer, vandaag is die alweer voorbij. ‘t Scheelt een veste, is nu wel letterlijk op te vatten! Vandaag kijken we uit naar de Vlamingen van de dag: Ertebrekers natuurlijk maar ook Berlaen die we al goed kennen van Radio 1. Traditioneel kan iedereen op zondag voor een prikje naar Lx komen. Elk jaar komen er dan ook veel last minutes binnen. Waarschijnlijk zal het koude weer dit maal wel roet in het eten gooien. In ieder geval is de zomerse terrasjessfeer van gisteren ver te zoeken! De tentflappen zijn weer dicht geritst en de verwarmingstoestellen draaien op volle toeren!

Folgazan
We beginnen onze zondag in de concerttent al om 13u met een thuismatch want Folgazan heeft Ingelmunsterse roots. Twee zangeressen wisselen elkaar in heerlijke songs en vullen elkaar perfect aan, voortgestuwd door een rist prima muzikanten. Met Yves Bondue oogstten ze succes met hun programma rond Wereldoorlog I. Nu mogen we genieten van hun nieuwe cd met Nederlandstalige liedjes. Thema’s zijn bv. verslaving en depressie; in de titelsong “Zee zonder zout” wordt de hoop bezongen ”zijn kus smaakt zout”. Ook relaties worden uitgeplozen, blijkbaar herkennen een aantal mensen in het publiek zich in de vraag “Is het nu aan of niet?” Dan vernemen we dat de groep niet compleet is; de violiste heeft zich ziek gemeld. Dat hadden we nog niet gemerkt want de muzikanten zijn perfect op elkaar ingespeeld! Opnieuw blijkt Lx over het perfecte publiek te beschikken om mee te zingen. Achteraf staan dankbare fans klaar met gelukwensen en met de nodige euro’s om de cd aan te schaffen.

Slow Lee
Het kleine podium van de clubtent staat weer eivol met de 7-koppige Brugse band rond singer songwriter Korneel Muylle. Zijn unieke stem doet ons soms denken aan Bon Iver. Hij schrijft knappe songs zoals “Make it” over werkloosheid, ondersteund door het klanktapijt van organist en gitarist. De uitstekende band speelt een afwisselende set met evenwichtig uitgebouwde nummers. Zo blijven de backing vocals niet achteraan staan maar gaan ook in duet met de zanger. Op West-Vlaamse bodem blijft het talent als paddenstoelen uit de grond schieten!

Anxo Lorenzo
Een virtuoos op alles waarmee je kan fluiten, dat is Anxo Lorenzo. De opener van hun set in de concerttent is meteen een snelheidswedstrijd tussen doedelzak en de snaren! Buiten adem kondigt hij vervolgens een nummer uit Galicië aan: ze nemen wat gas terug en spelen een typische jig+reel combinatie die we kennen uit de Keltische traditie van het noorden. Hieruit blijkt nogmaals de culturele verbondenheid tussen het noorden van Europa en Noord-Spanje. Dan verwelkomt Anxo een Brusselse doedelzakspeler uit die aldaar in het Centre Galicien de Bruxelles het instrument leerde bespelen. Ook de elektronica heeft voor de groep geen geheimen. De violist neemt pizzicato motiefjes op die in een loop worden afgespeeld tot hij een heel klanktapijt heeft geweven. Daarop borduurt hij zijn eigen compositie.

En terwijl de Spanjaarden als afsluiter voor de dansers in de tent nog enkele polka’s spelen, maakt de CONFRÉRIE DES MUCHARDS DE ST-DRUON zich buiten op de pelouze klaar om hun Vlaamse en Henegouwse ‘muzelzakken’ ook leven in te blazen. Het oude muziekinstrument is nog altijd springlevend!

Little Kim & The Alley Apple 3
In de pubtent mogen we alweer een pareltje gaan ontdekken. Met een stem als een helder klaterend bergbeekje dompelt Little Kim ons onder in een mix van Americana, Country blues en Western Swing.  Anne De Meulemeester heeft een groot stembereik maar worstelt net zoals wel meer zangeressen met een stem die ‘s ochtends niet mee wil. (Ze dankt het medicijn Medrol voor de bewezen diensten.) Opnieuw zien en horen we hoe ‘oude muziek’ eeuwig jong kan blijven: de jazzklank van Gibson gitaar herinnert aan Les Paul. We vernemen dat ze inderdaad vintage instrumenten bespelen:  de contrabas 1800 roept ook een 40ies - 50ies sfeer op. Bezoek hun website en je wordt ondergedompeld in een nostalgische sfeer. Dat ze niet aan proefstuk toe zijn is duidelijk te horen! Ze hebben dan ook al heel wat optredens achter de rug, waaronder een tournee met niemand minder dan Guido Belcanto. Nog een groep op onze wenslijst van avondvullende optredens!

Pocahontas
Over deze editie van Lx hangt de schaduw van heel wat grootheden die er nooit zullen optreden. Na Pink Floyd in de concerttent is het de beurt aan niemand minder dan Neil Young die in de clubtent  een muzikale ode krijgt van Pocahontas. Deze Antwerpenaars klinken als echte Canadezen en hadden hun eerste optreden in 2013. De naam van de groep verwijst niet naar het nummer over de bekende Indiaanse maar naar de tourbus waarmee Young slechts korte tijd kon touren. In geen tijd weten ze een gezellige sfeer te scheppen. De nummers van Neil Young worden ingeleid en geduid als in een docu op Canvas terwijl nu en dan één van de groepsleden wordt voorgesteld met de nodige inside jokes. “We zeggen Bill tegen Fred omdat hij op Buffalo Bill gelijkt”. Blijkt dan dat gitarist Bill het jongste bandlid is en dat hij eventjes mandoline en banjo leerde spelen in enkele weken tijd. Als we in de buurt van de tent komen, herkennen meteen “Ohio”. Veel coverbands hebben meer kans op falen dan op slagen, vooral als je een reus als Neil Young wil eren! Deze uitzondering bevestigt de regel. De unieke zang van Dok (Mark Arts) en Ellen Aerts brengt het beste oeuvre van de Canadees die vanop een foto aan de zijkant van het podium goedkeurend toekijkt: integer en teder. Ook hier zochten we niet naar “de 5 verschillen”, maar lieten we ons meeslepen met de muziek van de  “Old Man” die we in ons “Heart of Gold” dragen.

April Verch Band
In de concerttent zagen we de Canadese April Verch. Ik vermoed dat ouwe Neil, die aan de andere kant van de brug door Pocahontas geëerd werd, hier ook wel pap van zou lusten. We leken terug in een 19de eeuws houthakkerskamp terecht gekomen en werden vergast op Noord- Amerikaanse rootsmuziek. Verch combineert moeiteloos vioolwerk met stepdance en zang. Wie dit eens wil proeven kan op hun website terecht!  Ze kreeg het tapdansen en het viool spelen met de paplepel binnen. Heel vroeg besliste ze al om haar hele leven met muziek door te gaan. Geflankeerd door een “upright bass” en een gitaar huppelt ze door haar homeland, de vallei van Ottawa, en door het American Songbook van de Rocky Mountains tot aan de Appalachen. Deze grote naam in het noorden van Noord-Amerika met heel wat titels op haar palmares tourt ook door heel Europa. Ze houdt de band met haar verleden levendig en weet die ook over te brengen naar Vlaanderen al is dat verleden voor de meesten hier ver van hun bed.

Berlaen
Berlaen, de net-niet-West-Vlaming uit Zulte is voor de radio 1 luisteraars zeker geen onbekende. Hij brengt nummers in het sappige dialect dat tegen het Waregems aanleunt. Met zelfrelativerende oneliners confronteert hij de pubtent: “Wie peist er dat ie speciaal is?” waarop hij “Speciaal” zingt: “Oje peist daje speciaal zijt, teure ton bie de reste in de reke stoan!”. De drank is dan al enkele uren rijkelijk aan het vloeien en de volgende vraag wordt door velen volmondig bevestigd: “Zijn der hier echte venten die telkens beloven aan ulder vrouwe: ‘t ga niet te late zijn...”. waarop ze lik op stuk kregen: “Dit is dus een liedje voor hun vrouw…” Hij kent de streek ook goed “Ier in de midden” situeert hij halfweg tussen Roeselare en Wielsbeke. “Langs het kanaal in Ingelmunster of de Leie in Zulte vind je de man die zijn gevoelens niet kan uiten, zoals de neger aan de Mississippi: “Z'hé mij zoeu g'had...” Ook deze keer mag het publiek meedoen: “Meezingen the next level: klappen en fluiten!” De sfeer zit er ongelooflijk goed in en dan komt Hanneke Oosterlynck (Folgazan) een nummer meezingen. Na een lesje Zults “Ik ben nie schui van ui” komt ze nog een tweede keer. Waar het naartoe gaat met de carrière van deze nieuwe ster aan het Vlaamse firmament kunnen we zelf niet voorspellen: Oe ver est nog? Zoe’me nie beter were noar uis goan? Nee, Berlaen! Zeker nie were noar uis… blijven gaan!

Ertebrekers
Traditioneel sluit Lx af met een kaskraker van eigen bodem. Na illustere voorgangers als De Mens, Urbanus of Flip Kowlier (!) in de voorbije edities is de eer nu aan Ertebrekers! Flip Kowlier, Peter Lesage en rapper Jeffrey Bearelle uit Ingelmunster (alias Jeffrey Jefferson) spelen een heuse thuismatch en dat zorgt ongetwijfeld voor vonken!
Terwijl de spots nog uit zijn en het podium leeg, weerklinkt de zwoele stem van Maaike Cafmeyer in de zaal. Nee, ze is er niet in hoogsteigen persoon (dat was vorig jaar met Bevergem Live) maar we horen het stuk parlando uit “De zji”, hun eerste hit van vorige zomer. Het nummer zelf horen we later op de avond maar dan zonder Maaike. Goed gevonden, want zo’n studioplaat live nabootsen lukt toch niet echt en nu is het een mooie gimmick om mee te starten.
Flip Kowlier en Peter Lesage (Gabriel Rios) hebben reeds hun sporen verdiend in de Vlaamse muziekscène. Jeffrey Bearelle ‘rapte' in het Engels maar samen schrijven ze enkele nummers in het West- Vlaams en meteen veroveren ze de ether en de Vlaamse podia! Met volle goeste swingt en zingt de hele concerttent mee. Kowlier en Jeffrey bespelen de massa in hun eigen streektaal en het is duidelijk dat er op deze zondag geen misboekjes moeten uitgedeeld worden in de tent: het volk kent zijn teksten en het trio moet geen moeite doen om een koor samen te stellen. Ze schetsen de zomersfeer met “Frisco!’ en “Schatje ga je mijne rugge nog ne keer smouten?” en iedereen zit aan “De zji”. Nog een laatste meezingmoment van dit weekend met “Eva Mendes” en het zit er weer op voor dit jaar.

Labadoux is er weer in geslaagd om een programma samen te stellen waar elkéén zijn gading in vindt. We hebben weer enkele onbekende pareltjes ontdekt en kijken al uit naar volgend jaar!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/labadoux-2017/

Organisatie: Labadoux, Ingelmunster

Pagina 259 van 498