logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

giaa_kavka_zapp...
Deadletter-2026...

From North

From North

Geschreven door

Het segment van de viking- en folk-metal is nog lang niet leeggebloed. De nieuwe Zweedse band From North bracht zopas zijn debuut uit met een brok potige folkmetal die Amon Amarth kruist met Eluveite. Niet echt vernieuwend, maar wel een deel degelijk album.
Bij Amon Amarth haalt From North de power en de snelheid, bij Eluveite de voorliefde voor middeleeuwse instrumenten. De muzikanten van From North hebben allen hun sporen verdiend in andere bands, van black tot death en hardcore, en die leveren vakwerk. De band heeft een eigen tekstschrijver die niet meespeelt in deze groep, maar die wel in een andere folkmetalband speelt. De Noorse mythologie biedt zoals wel vaker ook hier een onuitputtelijke bron van inspiratie, maar wordt hier nog aangevuld met wat vage viking-elementen. De middeleeuwse instrumenten lijken uit een synthesizer te komen, maar blijven wel mooi het gehele nummer vooraan in de geluidsmix. Ze dienen niet, zoals anders wel vaak gebeurt, enkel om de intro op te fleuren.
De zwakste schakel in de ketting van From North is zanger Håkan Johnsson, niet te verwarren met Håkan Jonsson van Watain. Johnsson’s hese en rauwe stem doet denken aan een verkouden versie van Erlend Hjelvik van Kvelertak. Er zit net iets te veel korrel op zijn schreeuw en grunt om mooi in te blenden bij de voor de rest voortreffelijke folkmetal. Gelukkig zijn er heel wat backings van de andere muzikanten.
Een aantal tracks hebben bovenop de duidelijke folk- en metalelementen nog een snuif hard- en metalcore meegekregen. De composities zijn fris en goed gevonden, toch voor een genre waarin heel wat bands zichzelf en elkaar telkens lijken te kopiëren.
Gezien de achtergrond van de bandleden (heel divers, maar niets met folkmetal) blijf je als luisteraar achter met een dubbel gevoel. Het album overtuigt niet helemaal. Ondanks heel wat sterke punten (vooral muzikaal-technisch) ontbreekt er wat vuur en passie, wat overtuigingskracht, een beetje waarachtigheid. Is dit de lang en in stilzwijgen gekoesterde folkmetal-droom van een paar enthousiaste  Zweden? Of is het eerder een halfwarm project van ‘we zullen dit genre eens proberen en zien of we daar wat geld mee kunnen verdienen’?
In het eerste geval wil je de band nog wat krediet geven omdat ze op dit debuut hun weg nog aan het zoeken zijn. Dan willen we gerust helpen om dit vuurtje nog wat op te stoken. In het tweede geval moet de band hopen dat ze de kans krijgen op tournee te gaan en een tweede album te maken dat dan wel vlot kan overtuigen. Zo niet zal dit vuurtje gauw geblust zijn.
Voorlopig geven we deze Zweden nog het voordeel van de twijfel en scoren ze extra bonuspunten met hun frisse insteek. Laten we hopen dat From North ons niet teleurstelt. 

 

RabbitPunch

First Round Knock Out EP

Geschreven door

De Amerikaanse punkrockband RabbitPunch heeft zopas een leuke EP uitgebracht. De band uit Saint Louis (Missouri)  graaft met ‘First Round Knock Out’ naar de wortels van de Amerikaanse punkrock en komt zo uit bij the Stooges, the Groovy Ghoulies, de Ramones, Weezer en het vroege werk van Green Day.
Het viertal brengt zijn punkrock met veel slome energie en nam weinig moeite om te sleutelen aan de opnames. Als je dan toch een debuut opneemt in dit genre, levert die aanpak toch al enkele bonuspunten op en veel sympathie.
De onderwerpen zijn typisch voor de vroege Amerikaanse punkrock.  “Comic Books Kept Me Up All Night” had inzake songtitel zo op een album van de Ramones kunnen staan. Muzikaal zitten ze er ook dicht tegenaan, al hebben ze niet het strakke en supersnelle van Johnny en zijn makkers. “Admin Leaving Fun“ gaat over een saaie dag op het werk die toch nog goed komt en zit qua tekst in de richting van The Offspring, maar muzikaal is er minder power.
“Nightcrawler” gaat op een nonchalante uptempo-manier over X-man uit de Marvel-strips en het afsluitende “When Jimmy Talks“ gaat over een gewone sterveling die over goddelijke krachten blijkt te bezitten. Allemaal heel Amerikaanse onderwerpen.
Het blijft leuk en gezellig op deze debuut-EP, maar met een beetje meer punch en wat meer peper in deze punkrock zou RabbitPunch pas echt kunnen aanslaan.
https://www.facebook.com/rabbitpunchSTL/

 

Dead Cross

Dead Cross

Geschreven door

Dead Cross werd uit de grond gestampt door gitarist Mike Crain en bassist Justin Pearson (beiden uit de band Retox) en drummer Dave Lombardo (ex-Slayer). Eerst zou Gabe Serbian zingen, maar na de eerste opnames verliet die echter de band. Dus belde Lombardo zijn Fantômas-maatje Mike Patton (van Faith No More). De nieuwe band is vooral een ode aan de agressieve en meestal ook politiek geladen hardcorepunk van de jaren ’80 en ‘90. Producer Ross Robinson (Sepultura, Slipknot, …) mocht de opnames in goede banen leiden.

Mike Patton mocht alle reeds opgenomen tracks opnieuw inzingen en herschreef ook de teksten. Maar voorts hield hij zich, net als de rest van de band, strak aan het uitgangspunt dat de opnames een ode moesten zijn aan de hardcorepunk van vroeger. Zonder dat concept waren ze vast uitgekomen bij experimentele jazz-noise, zoals bij Fantômas. Het is als vanouds smullen van Patton-songtitels als Grave Slave, Gag Reflex, Obedience School, Church Of The Motherfuckers en Divine Filth. Ook de teksten zijn Patton op z’n best.

Patton’s stem en teksten vormen op dit debuutalbum absoluut een meerwaarde. Samen met Lombardo geeft hij een soms onderhuidse, dan weer klare metal-injectie aan het groepsgeluid. Daardoor klinkt de hardcore-basis van de Retox-tandem Crain-Pearson net iets harder, sneller, brutaler en agressiever. Een beetje Black Flag die thrash-metal omarmt.

De Bauhaus-cover “Bela Lugosi’s Dead” is halfweg het album een welgekomen rustpunt. Een pauze die je als luisteraar nog eens doet beseffen hoe hard en diep deze muziek gaat. De heel directe en brutale muziek is een perfecte afspiegeling van Patton’s teksten, met heel wat onderhuidse en openlijke kritiek op het Amerika van president Trump.

Dat aspect kwam nog eens extra naar voor bij één van de eerste optredens van de band, waar Dead Cross samen met voormalig Dead Kennedy’s-zanger Jello Biafra de klassieker “Nazi Punks Fuck Off” omvormde tot “Nazi Trumps Fuck Off”.

De teksten op dit debuutalbum drijven vooral op woede en ontgoocheling over de politiek in Amerika. Als Trump dit kan oproepen bij getalenteerde artiesten als Lombardo en Patton, moeten we hem toch ergens voor bedanken.  

 

Machine Mass

Machine Mass plays Hendrix

Geschreven door

U moet weten dat deze schijf is terechtgekomen bij een doorwinterde Hendrix fan. En Hendrix fans krijgen altijd een beetje argwaan wanneer een resem covers op hen af komt, want nobody plays Hendrix better than Hendrix. Oneindig veel bands hebben de songs van het gitaargenie gecoverd, maar de magie van het origineel werd nooit geëvenaard.
Bij het gezelschap Machine Mass lijkt echter de term ‘interpretaties’ beter gekozen, en dat is meteen het goede nieuws. Dit zijn allemaal volledig instrumentale versies van onsterfelijke songs waarin Hendrix een fusion jazz vestje krijgt aangemeten, en dit van een bende rasmuzikanten die hun virtuositeit per lopende meter tentoon spreiden zonder daarbij de groove uit het oog te verliezen. De gitaar is natuurlijk één van de hoofdrolspelers, het zou er nog aan mankeren. Die klinkt iets minder rauw maar net als bij de meester zijn de snaren constant op zoek naar avontuur. Machine Mass voegt er nog een extra kleurenpalet aan toe, er wordt uitvoerig aandacht besteed aan een omlijsting van glooiende keyboards, heerlijk roffelende drums en sexy basritmes. Dit is immers een fusion-jazzband, de klasse en virtuositeit gaan perfect samen met tonnen speelplezier en spontaniteit.
Het respect voor Zijne Gitaarhoogheid is alom tegenwoordig en er wordt uitvoerig gejamd, geëxperimenteerd en op ontdekkingstocht gegaan in diens avontuurlijke songs. Opener “Third Stone From The Sun” is een heerlijke lange opener waarin Machine Mass met de geest van Hendrix het heelal in trekt. “Little Wing” is voorzien van een zwevende intro die de song de eerste twee minuten quasi onherkenbaar maakt, maar wel uiterst boeiend. Ook “Voodoo Chile” wordt op een interessante manier binnenstebuiten gekeerd, de anders zo herkenbare intro heeft hier een soort beatbox injectie gekregen. Gedurfd, zeer zeker, maar het werkt, en hetgeen er na komt is een heerlijke jam die de spirit van Hendrix alle eer aan doet. Ook “You Got Me Floatin’” begeeft zich richting space langsheen een boeiende jamweg.
Het siert de uitmuntende muzikanten van Machine Mass dat zij niet gepoogd hebben om Hendrix klakkeloos te imiteren. Zij hebben daarentegen een reeks briljante songs van Jimi ter hand genomen en zijn daarmee op een hoogst creatieve manier aan de slag gegaan zonder ook maar één seconde het genie van de grootmeester onrecht aan te doen.

Crites

Crites

Geschreven door

Crites is een Gentse band die reeds twee jaar aan de weg timmert en die zopas zijn debuutalbum uitbracht bij Starman Records. Ze brengen lekker weerbarstige noiserock die soms hint naar postrock. Zet ze dus niet in het rijtje van andere recente noisebands als Brutus en Cocaine Piss.  Wel komt Crites in de buurt van ‘oudere’, meer Amerikaanse noisebands als Jezus Lizard, Shellac, Slint, Cop Shot Cop en Girls vs Boys.
De twaalf tracks op dit titelloze debuut hebben een ingehouden energie die maar weinig bands in de vingers hebben. Het gaspedaal wordt nooit helemaal ingedrukt. Als een fietsband die superhard staat, maar toch niet openknalt.
Mimi Van de Put legt bij momenten flink wat soul in haar bas-spel en biedt de luisteraar een houvast doorheen de songs als de twee gitaristen en soms ook de drummer buiten de lijntjes gaan kleuren. Mick Windey is geen natuurtalent als zanger, wat in dit genre doorgaans als sympathiek wordt ervaren, maar hij slaagt er wel in om je mee te nemen in zijn wereld van kleine en grote problemen en overpeinzingen.
Uitblinkers op dit debuutalbum zijn opener (en single) “Walls”, het van noise en fuzz naar pop uitwijkende “Run” en “Moan”, dat Pixies-ambities heeft. Op het einde van “Unrelenting” lijkt de fietsband het toch te gaan begeven, maar dan komt er weer een smoothe baslijn die meer zalft dan slaat. “Haywire” heeft een paar knappe, bijna psychedelische gitaarrifjes en afsluiter “Gimmick” zoekt nog een laatste keer de grenzen op van de ingehouden energie, om uit te monden in slotakkoord dat het midden houdt tussen Frank Zappa en Sonic Youth.
Een intrigerend debuut van een veelbelovende band.
www.vi.be/crites

Bill Callahan

Bill Callahan, de meester van de onderkoelde ironie

Geschreven door

Bill Callahan, de meester van de onderkoelde ironie
Bill Callahan
OLT Rivierenhof
Deurne
2017-09-02
Nick Nyffels

De afsluiter van dit seizoen OLT Rivierenhof (we laten Clement Peirens even buiten beschouwing), werd voor ons Bill Callahan. Die had eigenlijk geen concrete aanleiding voor zijn Europese tour, zijn laatste plaat ‘Dream River’ is immers al van 2013, maar toch was er verbazend veel volk afgezakt voor deze Americana-artiest.

Het voorprogramma werd verzorgd door de stand up comedian Alex Agnew, maar dat was niet echt een succes: hij koos er voor het grootste deel van zijn set in het Engels te doen, de afstand tot het zittende publiek was te groot, en de grappen ontlokten ten hoogste een lichte glimlach.

Callahan had gelukkig een volledige band meegebracht, zijn laatste platen zijn nogal minimaal van opzet, wat in een festivalsetting toch minder werkt dan in een intiem zaalconcert. Ook vestimentair had hij zijn best gedaan, deze jonge vader en vijftigplusser droeg een typisch Country & Westernpak met borduursels en glitters.

Als je de platen van Callahan kent, weet je wat je mocht verwachten, trage Americana die veel raakvlakken heeft met Lambchop en Spain, met Callahan die bijna parlando met een brommende bariton, denk aan Stuart Staples, zijn teksten declameert. Dit klinkt misschien niet echt uitnodigend, maar live ondergingen zijn nummers een ware transformatie: Callahan hield het gedurende heel het concert bij zijn akoestische gitaar, aangevuld met mondharmonica, maar zijn band tilde het allemaal naar een hoger niveau: country, maar met verdomd potige stukken elektrische gitaar en een ritmesectie die het tempo opdreef. Callahan’s band wist echt wel de sfeer van de jaren zeventig op te roepen, en legde zo een brug tussen Nick Drake en Ryley Walker.
Callahan putte uit zijn hele oeuvre, de songs van Smog ontbraken niet: zowel het ironische “Dress sexy at my funeral” als de mooie country tearjerker “ Rock Bottom Riser”. Dat Callahan de koning van de ironie is, bewees hij ten voeten uit op “America”, waarin hij puur door zijn intonatie, vele malen grappiger was dan Alex Agnew vanavond. Een ander Smog-nummer, “Cold blooded old times” swingde zowaar als een Amerikaanse brass-band. We moeten ook zeker de gitarist vermelden, die pareltjes van gitaarsolo’s rondstrooide.

Het Rivierenhof reageerde enthousiast, met een luid applaus dat Callahan wat van zijn stuk bracht. Niet voor lang echter, want “Riding for the feeling” was een prachtige afsluiter van een onvermoeid viersterren-optreden.

Organisatie: OLT Rivierenhof, Deurne (ism Arenberg, Antwerpen)

The Feelies

In between

Geschreven door

Betreffende het muzikale begrip indiepop, zijn The Feelies van Glenn Mercer en Bill Million uit New Jersey één van de meest bepalende. ‘Crazy Rhythmes’ (’80) en ‘The good life’ (’86) waren prachtplaten in het genre en staan in het geheugen gegrift door de twinkelende, onderkoelde en jangly gitaarpop en zweverige (anti) zang. ‘Only life’ (’88) en ‘Time for a witness’ (’91) zijn meer gewoontjes, maar nog steeds fijne platen.
En in 2011 , twintig jaar na de laatste cd was er de reünie met ‘Here before’ , die het geliefde oud Feelies recept afstofte : een heerlijk genietbare plaat, een comeback om u tegen te zeggen,  broeierige en dromerige indiepop, met een licht twinkelende swing of een semi-akoestische gevoelige kwinkslag , af en toe iets forser uithalend. Het is een gortdroge sound, met een zweverige, repetitieve , opbouwende ondertoon vol fijne, subtiele, geraffineerde melodieën en die typisch zeurderige, neuzelende (fluister)zang van Mercer .
Een goede vijf jaar later is er terug iets nieuws , op het elan van vroeger. De V.U.  is meer dan ooit present . In dit indieconcept popt en rockt The Feelies , elegant , rauw of sober door de semi-akoestische inslag . De reprise van de titelsong als afsluiter is om van te snoepen , tien minuten lang ; ook de tien nummers ervoor is het indie op z’n best. Die mannen weten hoe de gitaren in dit genre moeten klinken en waar emotionaliteit in verweven zit . Prachtplaat!

Spoon

Hot thoughts

Geschreven door

Ze zijn al meer dan twintig jaar bezig en hebben zo hun plaatsje toegeëigend in de Amerikaanse indie. Spoon , de band rond sing/songwriter , zanger/gitarist Britt Daniel, is toe aan de negende plaat en speelt intens broeierige, strakke pop , met een roots/americana touch , gekenmerkt van z’n gruizige vocals .
Experimenteerdrift , toegankelijkheid en eenvoud zijn uitersten én liggen toch dicht bij elkaar. De catchy gitaarriffs en stuwende beats worden afgewisseld met donkere,  sfeervolle tunes . Innemend als ongedwongen , dwarrelend gaan we door de plaat heen . Af en toe sijpelt ergens een gekend retro geluidje door als op “Tear it down” , die ergens Nick Straker Band (“Walk in the park”) doet opborrelen .
Hobbelig, vlotjes  gaan we door het kwaliteitsvolle werk . Opnieuw eentje voor fijnproevers in het genre!

The Jesus & Mary Chain

Damage and Joy

Geschreven door

Het zag er aan te komen … Een nieuwe plaat van het Schoste Jesus & Mary Chain . Een eerste keer smeulde het vuur terug op het Coachella festival (2007) en twee jaar terug ondernamen ze een heuse tour met ‘Psychocandy’ , baanbrekend album , toen dertig jaar oud, eens op te stoffen . En van het een kwam het ander , de broers Jim & William Reid hadden de smaak te pakken . De voorbije tien jaar werd er al eens een song geschreven , en kijk nu is het resultaat er met ‘Damage and joy’.
Jesus & Mary Chain lagen medio de jaren 80 aan de basis van de shoegaze , hun muziek baadde in onstuimige gekte, gekunstelde slordigheid en onverschilligheid . Band die stekeligheid , smerigheid, emotie en gevoeligheid samenbrachten in heerlijk materiaal! Gaandeweg werd hun pop/rock in efficiënte melodielijnen gekoppeld aan feedbackgeraas en ander gitaarlawaai . De donkerte sluimert over het materiaal heen .
In hun voetsporen hadden we bands als My Bloody Valentine , Ride, Slowdive , Loop en The House Of Love. Met een knipoog naar The Chameleons. En je kan nog een enorme waslijst opnoemen van rockende psychedelica bands die ook aanklopten bij de Schotse broers . Check maar eens Brmc, The Raveonettes , The soft moon , Big pink of A place to bury strangers
Ook onze Newmoon heeft hen als voorname inspiratie.
Op de nieuwe cd is de band goed bezig , op dreef en in de juiste stemming in het genre .De zwierige melancho gitaarlicks en hun (noisy) effects zijn broeierig , sfeervol , dynamisch,  mooi verdeeld over de nummers . Backing vocaliste Bernadette Denning maakt het iets gevoeliger.
The Jesus & mary chain klinkt op de cd jeugdig , onbevangen, fris ,  goed. “Amputation” is een lekkere opener , “War on peace” en “All things pass” zetten ons op de rails . Het middendeel is ietwat slepender , sfeervoller , maar op “Presideci”, “Get on home” , “Facing up to the facts” ramt het combo lekker door . Sterke return . Het was het lange wachten waard!

The War On Drugs

A Deeper Understanding

Geschreven door

Wie had op voorhand kunnen voorspellen dat The War On Drugs zou uitgroeien tot de grote band die ze nu zijn? Ik in elk geval niet. Akkoord de muziek sprak mij altijd wel aan maar erg voor de hand liggende pop/rock muziek maken ze nu ook niet. Hun etherisch en weidse muziek is niet meteen gemaakt voor de hitparade. Maar zie de grote massa heeft hen toch ontdekt en in hun armen genomen. Het vorig album ‘Lost In The Dream’ deed het in de indie-scene maar ook daarbuiten erg goed. Het zorgde ervoor dat ze daarna op menig groot festival podium mochten optreden. Het album bevatte onder ander de singles “Red Eyes” en “Under The Pressure”. Nu drie jaar later is er de opvolger voor dit succes. Benieuwd of ze erin slagen om even goed of beter te doen als ‘Lost In The Dream’.
De opener “Up All Night” is een blauwdruk voor wat ons in de andere songs te wachten staat: een nog grootser geluid dan op hun vorige langspeler. Geschikt voor grote podia maar met de nodige diepgang. “Up All Night” schotelt ons stemmige piano, een uitwaaiende gitaar en wat spelerlei met een drumcomputer voor. En een heel effectieve en catchy zanglijn. “Pain” is vooral gitaar en vocals met de rest als ondersteuning. “Holding On” bevat een klokkenspel zonder erg op te vallen. De song begint in de intro als een jaren 80 synthpop nummer. Eenmaal op gang is het een prettige rocker. Bij momenten, zoals op “Thinking Of A Place”, doet zijn zang mij een beetje aan het gemurmel van Bob Dylan denken. En dat is absoluut als een compliment bedoeld. Tot en met afsluiter “You Don’t Have To Go” ,dat eerder mijmerend klinkt, krijgen we prachtige songs die je bij je nekvel grijpen. Alles klinkt heel naturel en zit netjes op zijn plaats alsof het geen moeite heeft gekost.
Zijn ze erin geslaagd om even goed te doen als hun vorig album? De tijd moet het uitwijzen, maar ik ben geneigd om te zeggen dat ‘A Deeper Understanding’ zelfs nog beter dan ‘Lost In The Dream’ is.

Pagina 429 van 967