logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Gavin Friday - ...
The Wolf Banes ...

Ian McCulloch

Ian McCulloch – ‘Big mouth strikes again’, maar dit keer muzikaal ...

Geschreven door

Pauwel De Meyer mocht deze avond inzetten en deed dit met korte, rustige songs.  Hij heeft een stem van een getormenteerde ziel en ziet er ook zo uit...  Tussen zijn nummers door heeft hij telkens net iets te veel werk om zijn gitaar te stemmen...

Dan was het de beurt aan ‘big mouth’ Ian McCulloch.  Samen met zijn ondertussen vaste kompaan Gordy Goudie betrad hij het podium van de Balzaal van de Vooruit, die zeer matig gevuld was.

Vergane glorie ? Totaal niet, we kregen een concert voorgeschoteld om vingers en duimen af te likken. Gordy kroop volledig  in de rol van Will Sergeant.  Zijn meesterlijk gitaarspel gaf de songs een extra dimensie en Ian bepaalde het ritme en tempo op zijn klassieke gitaar.  We zagen ook een totaal andere Ian : hij had zijn mantel van arrogantie thuis gelaten en ook zijn drang naar drank. Opvallend nuchter en geconcentreerd, presenteerde hij uitmuntende versies en arrangementen van een aantal Bunnymen-klassiekers.  Hij was goed bij stem en smeerde die stem deze keer niet met rode wijn, maar met water, melk en vloeibare honing zowaar... Hij was niet nukkig en ergerde zich niet aan het licht of de techniek, zelfs een labiele en krakende stoel bracht hem niet uit zijn evenwicht (letterlijk en figuurlijk). Hij concentreerde zich op zijn gitaarspel en zang en bewees nogmaals dat een groot artiest te zijn, die ook zonder vedette-allures een podium en publiek kan innemen.
'Verplichte' en traditionele openers “Rescue” en “Villiers terrace” zetten meteen de toon en doen ons eraan denken dat ‘Crocodiles’ toch wel een van de beste debuutplaten is, die op ons afgevuurd werden. Tussen de klassiekers door liet hij af en toe (misschien te sporadisch) wat nieuw werk horen. “Pro patria” van de gelijknamige en moeilijk te verkrijgen cd was een eerste hoogtepunt, onmiddellijk gevolgd door een volledig akoestische versie van “Trust”, die Ian volledig voor zijn rekening nam. Tussen “Zimbo”, “The Fountain” en “Badbugs” passeerde een stomende versie van “Waiting for my man”, een ode aan...  “7 seas” bracht het publiek en vooral Luc-Gorki-De Vos in vervoering.
Het intieme en sfeervolle concert werd afgerond met een aantal klassierkers, zoals “Dancing horses”, “Nothing last for ever“ (dat live altijd veel beter klinkt) en -volgens Ian zelf- zijn beste nummer ooit “The Killing Moon”.

We kregen slechts 1 bis, maar wat voor een : “Lips Like Sugar”, voorafgegaan door een leuke interactie met het publiek. Op vraag van het tevreden publiek zette hij “Lift me up” en “Me and David Bowie”... Ian zocht en vond de akkoorden en liet een fragment van beide nummers uit de laatste cd horen.
En dan liet Big Mouth zich nog eens gaan ...: "Bowie brengt toch niet veel goeds meer op de markt en zou misschien beter dood zou zijn..." Een kleine uitschuiver tijdens een groots concert.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/ian-mcculloch-17-05-2013/
(met dank aan de vrienden van Motherlovemusic http://www.motherlovemusic.be )

Organisatie: Democrazy, Gent

 

Tom Odell

Tom Odell – Kan potten breken en doet meisjesharten sneller slaan

Geschreven door

Tom Odell
Ancienne Belgique (AB Box)
Brussel

Na het optreden van deze jonge blonde beloftevolle Britse artiest is het me wel duidelijk dat hij potten kan breken en tienerharten sneller doet slaan . De toegankelijke popsongs van de volgende maand te verschijnen debuutcd ‘Long way down’ staan er , hebben kracht, emotie en subtiliteit. Tom Odell schrijft evenwichtig melodieus gevarieerd materiaal , bepaald door z’n pianospel, beschikt over een gevoelige, dromerige stem , heeft charisma, betrekt z’n publiek bij de songs en wint hen voor zich op die manier .
Hij heeft een goede band achter zich en net als Passenger toont de jonge gast z’n talent, waarbij hij niet zomaar kan (af)gerekend worden als een one-hit wonder door die zeemzoeterige ‘samenhorigheids’single “Another love” .

In geen tijd was het concert uitverkocht; hij hield en wou het knus en gezellig in de ABBox, waardoor z’n sfeervolle , ingetogen en poprockende nummers ideaal tot hun recht kwamen.
Meteen trok hij de aandacht en overtuigde met drie fijne songs “Grow old with me” , “Can’t pretend” en “Sirens”, die gedragen worden door een man-achter-z’n-piano , en verder opvallen door een goede instrumentatie, weten op te bouwen en lichtjes durven exploderen; z’n zachte, soms verbeten zang ondersteunt het materiaal . Of  hij gaat naar de essentie en puurheid van een nummer, ingenomen en sereen , zoals “Sense” , die hij zo goed als solo speelde , en de band wat op het achterplan bleef , maar daarvoor niet even sterk. Invloedrijk zijn duidelijk Air Traffic en Keane .
Hij is er voor z’n fans . Hij had in loop van de middag al heel wat jonge harten veroverd aan het Brussel-Zuidstation , en verlichtte de dagdagelijkse stress en zorg van de werkende mens. Hij had wat geoefend in het Nederlands en in het Frans voor ons landje. De paar zinnetjes werden dan ook sterk onthaald.
Goed in het gehoor liggend materiaal kregen we geserveerd, én niet vies van een cover . Op vorige optredens kwamen de Rolling Stones in de spotlights , vanavond speelde hij op doorleefde manier een sterke versie van The Beatles “Oh darling” , die eindigde in wat Jerry Lee Lewis capriolen , iets wat we verderop nog zagen in het meeslepende woelige “Cruel”. “Another love” werd mooi op piano ingezet en ging dan uptempo en breder ; het refrein zong het publiek natuurlijk mee, zonder al te veel z’n gevoelige rode draad te verliezen .
Hij loodst ons doorheen  de sfeervolle “Supposed to be” en “Stay tonight”, palmt je in met een prachtige “Hold on” ,  en trakteert op een uitermate spannende, boeiende trip van het poppy “I know”.

Onze Tom Odell is ‘a rising star’, en zal op Rock Werchter wel één van de revelaties zijn. Het debuut zal dan net uit zijn , en ‘licht op groen’ na de overtuigende indruk van vanavond.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/tom-odell-17-05-2013/
Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

 

Celebration

Celebration – Broeierige indiepsychedelica

Geschreven door

Na een intense reeks Les Nuits Bota proberen we even op adem te komen … met een intiem close café concertje . Geen betere locatie om naar t Café van de Zwerver te trekken en voor een handvol gegadigden twee avonden lang Wintersleep en Celebration te zien . We kozen om Celebration, nee niks met Kool & The Gang te maken,  uit Baltimore aan het werk te zien. Ze waren net eerder nog te zien op de afsluitende avond van Les Nuits Bota met Menomena  en het intussen goed gekende The 1975.

Onbekende band , da’s juist , maar ondanks het feit dat ze al van 2005 bezig zijn , was  het persoonlijk een eerste kennismaking. Ze hebben al een paar platen en handvol EPs uit. Als je er hun setlist op nahoudt , kwam de klemtoon op de vorig jaar verschenen ‘The modern tribe’. ‘Hallo paradise /Electric tarot’ , momenteel uit op vinyl, verzamelt de eerdere EPs .
De zangeres Katrina Ford neemt het voortouw en wordt verder bijgestaan door een drummer , een multi-inistrumentalist/toetsen/keys en een gitarist .
Het kwartet bracht een klein uur lang een reeks dromerige , broeierige , soms groovy indiepsychedelische songs onder haar zweverige , licht galmende zang . Met boeiende nummers als “I will not fall” , “In this land”, “Pony”  en een 70s retrorockende  “Lost souls” hoorden we net die afwisseling . Een kermistune leidde de nummers in .

Celebration is zeker te doen en wat we te horen kregen van materiaal was leuk, aangenaam en komt naast de café sfeer tot z’n recht in de Bota concertreeks in de Witloof Bar …

Organisatie: de Zwerver, Leffinge (Leffingeleuren)

Vampillia

Nadja – Vampillia Indrukwekkend intens

Geschreven door

Nadja – Vampillia   Indrukwekkend intens
Nadja – Vampillia
Magasin 4
Brussel

De komst van het ambient drone duo Nadja (Can) trok ons over de streep om heden avond opnieuw naar Brussel te trekken, hun enige optreden in België.
Nadja is Aidan Baker en Leah Buckareff uit Canada. Nadja begon als een soloproject in 2003 met de ambitie de noisescène binnen het experimentele ambient gitaargenre te verkennen. In 2005 kwam Buckareff in het verhaal om dit project meer body te geven en live optredens mogelijk te maken. Ze zijn momenteel aan een Europese tour begonnen samen met Vampillia. In 2012 kwam ‘The primitive world’ uit, een gezamenlijk project van Nadja en Vampillia.
De visuals die Nadja projecteert bezitten een rijkdom aan kleuren die doet denken aan de Franse impressionistische schilder Monet maar evenzeer lijkt het een onderwaterspiegeling van kleuren die je terugvindt in authentieke kerkramen.  De visuals accentueren de desolate sfeer die Nadja oproept via het repetitieve in hun muziek die sterk aanleunt bij genres als drone, ambient doom, noise in een experimenteel kader.
Voor 45 minuten lang word je meegenomen in een soort transcendentaal psychedelisch verhaal waar de opbouw minimaal wordt gehouden. Er is geen sprake van uitbarstingen, maar laag na laag wordt er door de inzet van sounds en samples kleur gegeven aan het geheel. Wanneer je je focust op de verschillende geluiden bewonder je de fijngevoeligheid waarmee Nadja een nummer creëert. Het inzetten van dergelijk gamma aan diversiteit van klanken en niet vervallen in chaos, eerder de eenheid via  verschillende geluiden laten samenvallen is kunstwerk. De bas slaat diep in je buik en de zwaarte van de drum maakt dit een innerlijke, intense beleving. Als een spiegelbeeld staan beide naast elkaar en brengen de meest zuivere experimentele noise die door hart en ziel droned.
Vanavond bracht Nadja ons een nieuw nummer uit het album die in de herfst zal uitkomen. We zijn diep onder de indruk van dit duo die een meer dan terechte plaats verdient op de lijst van beste optredens van 2013. Wie wil proeven van Nadja kan terecht op hun bandcamppagina http://nadja.bandcamp.com/
Aidan Bakers nieuw project Adoran debuteert onder het Belgische platenlabel Consouling Sounds. Beluisteren doe je hier: http://brokenspineprods.bandcamp.com/album/s-t-3

Vampillia (Jap) bestaat uit vocals, gitaar, viool, bas, noise en multiple drum sounds die samen een fascinerende chaos vormen. Een mini album ‘Sppears’ werd gereleased in 2009 gevolgd door ‘Alchemic Heart’ . De producer van Animal Collective noemt hun wereld klasse artiesten en het publiek is het hier duidelijk mee eens. We aanschouwen een fascinerend schouwspel waar hard en zacht voortdurend door elkaar lopen. Een soort vreemde operette wordt doorbroken door hard core zang en afgewisseld met zeemzoeterige solo’s van viool en piano. Een morbide mengeling die tot verstomming slaat. Het contrast tussen brutaliteit en intimiteit is voor ons iets te scherp aanwezig en het lijkt of het publiek in twee wordt opgesplitst. Zij die de ambient drone favoriseren, en zij die de experimentele black metal scène aanhangen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/vampillia-15-05-2013/

Organisa
tie: Magasin 4, Brussel

Godflesh

Godflesh – deze godfathers zijn en blijven even beklijvend, spannend en opwindend

Geschreven door

In onze jeugd werden we in 88 overspoeld door industrial pioniers Godflesh,  een duo uit Birmingham, rond zanger/gitarist en tevens drumprogrammeur Justin K. Broadrick en bassist G Christian Green. Het debuut ‘Streetcleaner’, 25 jaar oud intussen , is in het geheugen gegrift en is nog altijd mee met de tand des tijds in het genre, én slaagt erin alle postrock en aanverwanten –metal - dooms en -cores te versmelten . Het is materiaal van een dreunende, bonkende drumcomputer, met slepende, krachtige en dissonante gitaarlijnen en een diep vibrerende , ronkende bas, die destructie ademt!

N
adat ze er in 2002 mee stopten, kwamen ze bijna tien jaar later terug bij elkaar om op alternatieve festivals als Hellfest,  Roadburn en Dour te spelen, niet vies om de pijngrens te raken . Eerst speelden ze een integrale versie van hun spraakmakende debuut , nu is er de versmelting van de drie platen ‘Pure’ (’92), ‘Slave state’ (’91) en natuurlijk ‘Streetcleaner’ (’89) . Ohja, ergens tussenin was er nog de ‘Tiny tears’ EP.
Broadrick zelf heeft al een cv om U tegen te zeggen ; name it , hij was overal wel ergens te vinden bij acts als Napalm Death, Isis , Techno animal, Pantera, Mogwai , Pelican, Jesu, Swans en Sunn O))) . Zijn muzikaal hart slaat waar industrial en metal elkaar vinden .
Terecht de loftrompet voor deze veertigplusser , die vanavond een goed uur terugblikte, waarbij je deels mee de evolutie kan volgen van loodzware, krachtige en zwaarmoedige repetitieve lijnen van “Like rats” , “Christbait rising” tot de hypnotiserende en bezwerende sounds van “Spite” en “Crush your soul” .
Meegezogen werden we op de logge , harde, soms scherpe gitaarriffs , de lome, korzelige, daverende diepe baspartijen en de rammelende knallende, roffelende drumbeats, onder de grauwe schreeuwzang van Broadrick en mans stoïcijnse bewegingen.
Op het achterplan zien we een projecties van kruisingen , brandhaarden, vulkaanuitbarstingen of apocalyptische zwart-wit projecties.
Net als Swans is dit muziek van uitersten die meesterlijk destructief klinkt en van een intense schoonheid is . Het materiaal heeft een confronterend, ongemakkelijk, huiverend karakter door de dwingende , slepende en repetitieve industrial ritmes. Een unieke, rauwe, harde expressieve sound, een oerkracht,  die met “Streetcleaner” en “Tiny tears”, middenin de set , een hoogtepunt vormde; ze werden tot op het bot uitgediept. “Motha , “Pure” volgden , en met een oudje als “Slateman” greep het duo terug naar die aparte bitterzoete ,(g)rauwe sound . ‘Live Godflesh’ zagen we op het eind van de set verschijnen, dwarrelend uit een rookgordijn.
Een wall of sound , met een sober lichtdecor en stroboscoops . ‘It’s not the end of the world’ na al die jaren, maar hun rol , invloed en hun live prestatie zijn en blijven beklijvend, spannend en opwindend.

Godflesh kan na al die jaren rekenen op een trouw publiek en er is een jonge generatie die deze godfathers wel eens aan het werk wil zien , mee gezogen wou in hun hallucinante harde, oorverdovende, emotionele trip en schoonheid, en eens wou zien van wat er na hen allemaal uit de grond werd gestampt.
Godflesh grijpt dit verleden aan om eventueel nu verder iets nieuws uit te bouwen . Benieuwd …

Vóór Godflesh zaten we verweven in een hardcore/punk web van Hessian , die z’n roots in (Oost – West )Vlaanderen heeft. De donkere , dreigende, slepende explosieve lijnen, de drum mokerslagen en de rauwe verbeten zang zorgden voor een loeihard gedreven optreden, snedig strak , meedogenloos en met een ‘in your face’ uppercut .

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/hessian-14-05-2013/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/godflesh-14-05-2013/

Organisatie: Kreun , Kortrijk

Suuns

Images du Futur

Geschreven door

Een goede twee jaar terug verbaasde dit Canadese collectief uit Montréal , met een intrigerende mix van indierock , krautrock , noise en bezwerende elektronica . Suuns behoort tot het rijtje Holy Fuck, Battles, Liars of Caribou, of voor wie houdt van oudjes Spaceman 3, Suicide en Kraftwerk.
Op hun tweede plaat klinkt het geheel extraverter en stekeliger. Het kwartet slaagt erin een voortdurende suspense te realiseren en hebben met “Powers of ten”, “2020” en “Bambi” een paar voortreffelijke nummers uit , die claustrofobisch , bedwelmend, broeierig klinken door de door dreinende groovy ritmes en de repetitieve opbouwende lijnen . De psychedelica dringt nog meer door in songs “Mirror mirror” , met een knipoog naar Grandaddy;  in de laatste songs klinkt het wat ‘gewoontjes’ en gaat het  richting synthpop , zonder afbreuk te doen aan de sterkte van de song.
Een divers , fascinerend album is het geworden. Suuns heeft een met een reeks boeiende songs klaargestoomd en blijft een te koesteren band , die iets ongrijpbaars exclusiefs te luister brengt .

Dido

Girl who got away

Geschreven door

De carrière van Dido Armstrong , zus van Rollo , die instond voor het succes van Faithless, ging in een stroomversnelling door die hit met Eminem “Stan” gehaald van het oorspronkelijke “Thank you” . Haar debuut ‘No angel’ ,  samen met de opvolger ‘Life for rent’ brengen emotionele melancholische pop en warme keys samen .
Een dromerig , sfeervol herkenbaar geluid met wat heupwiegende , trippende beats en haar gevoelige vocals, vinden we in een juiste formule terug , tien jaar na deze twee platen , ‘Girl who got away’ spoelt die tussenperiode door en ze heeft met “No freedom” , “Sitting on the roof of the world” en de titelsong enkele sterke songs uit. “Love to blame” brengt electropop op het voorplan en de hiphop met Kendrick Lamar dringt door op “Let us move on”.
Voor de rest krijgen we prettig in het gehoor liggende , lieflijke pop , die ervoor zorgt dat we opnieuw een spannende Dido kunnen horen .

The Happy

Guilty pleasure

Geschreven door

The Happy - Een muzikaal project van vier dames en 1 heer . Bekenden zijn Isolde Lasoen , drumster bij Daan en Reinhard Vanbergen , gitarist bij Das Pop. The Happy wordt verder aangevuld met Naima Joris (o.m. Isbells) , Janne Vanneste (zus van Brent Vanneste, Steak N° 8) en Charlotte Caluwaerts .
We hebben te maken met sfeervolle , leuke en pittige indiepop , die leunt aan het werk van Goldfrapp . Songs als “218”, “Moonshine”, “No A&R” en “Miracles & Wonders” weten ons meteen te overtuigen . Het getuigt ook van de afwisseling dat we op het plaatje vinden . The Happy voert electrokeys in , kan rocken en houdt van een broeierige , dromerige aanpak . ‘deathpop’ omschrijven ze zelf hun muziek . Ondanks deze notie ervaren we voldoende ‘fleur’ in het songmateriaal om U voldoende happy te maken en te houden . De ‘oudere’ single “Walkman” kan je alvast gratis downloaden op hun website!

Nick Cave

Push the sky away

Geschreven door

De muziek van Nick Cave hoeft geen introductie meer . Meneer Cave kom telkens aandraven in z’n unieke declamerende praatzangstijl, creëert telkens een apart sfeertje, gepast en gevat door z’n Bad Seeds, of het nu ingenomen , donker , meeslepend , broeierig , aanstekelijk of gedreven klinkt . In z’n ruim 35 jarige muzikale carrière moeten we zeggen dat hij een groot artiest/talent is , authentiek is, z’n relevantie niet verliest , en samen met z’n band altijd wel iets ontdekt , en aandacht heeft voor details en vondsten .
Na het eerder uitbundige ‘Dig lazarus dig’ en de wilde uitstappen met Grinderman, is er opnieuw plaats voor kalmte en ingetogenheid , uitermate smaakvol en die weet te raken. De lange nummers “Jubilee street” en “Higgs boson blues” klinken intens bezwerend, bouwen op, en zijn minutieus, subtiel uitgewerkt . Ook de andere ‘gewone’ songs moeten niet onderdoen . Al meteen worden we in Cave’s ‘wondere’ wereld ondergedompeld met het schitterende “We no who U R” , dat Cave’s songwriterschap en de muzikale sterkte van z’n begeleidingsband optimaal onderstreept!
Een eenvoudig doordachte aanpak zorgt ervoor dat we hier opnieuw een ‘Grand Cru’ plaat hebben . Dit is een artiest op sterk water en die kunnen we maar beter zo goed mogelijk koesteren en bewaren!

Les Nuits Botanique 2013 – Johnny Hostile – Savages (Girlpower voor gevorderden!)

Geschreven door

Les Nuits Botanique 2013 – Johnny Hostile – Savages (Girlpower voor gevorderden!)
Les Nuits Botanique 2013
Botanique (Orangerie)
Brussel

De wereld zal nooit meer hetzelfde zijn sinds 2 oktober 2012. In het weinig benijdenswaardige gezelschap van o.a. Lisa Marie Presley, Neil Sedaka en Mumford & Sons kreeg BBC2 icoon Jools Holland die avond het Londense Savages over de vloer voor wat later een spraakmakend televisiedebuut zou blijken. Het jonge all-female kwartet kreeg toen nauwelijks drie minuten toebedeeld, maar dat bleek ruimschoots voldoende om het nietsvermoedende publiek met een furieuze versie van hun debuutsingle “Husbands” vlotjes van haar sokken te blazen.
Zowat gans postpunkminnend England heeft intussen door dat Savages misschien wel het langverwachte gezelschap is dat het ingedommelde genre nieuw leven kan inblazen. De rest van de wereld moet en zal volgen, dus waren de samenstellers van Les Nuits Botanique er zoals gewoonlijk als de kippen bij om deze nieuwe sensatie naar een net niet uitverkochte Orangerie te lokken. De timing kon echt niet beter, want Savages heeft sinds begin deze maand met ‘Silence Yourself’ een kopstoot van een eersteling gebaard die nu al druk solliciteert naar de hoogste regionen van menig eindejaarslijstje.

Met de verbeten opener “City’s Full” leverde het kwartet meteen een indrukwekkend visitekaartje af. Muzikale echo’s van iconische postpunk pioniers als Siouxsie & The Banshees, The Slits, The Fall en The Au Pairs klonken dan wel redelijk vertrouwd in de oren, toch kan je de groep bezwaarlijk een copycat noemen. Met Savages lijkt namelijk eindelijk nog eens een jonge band met een eigen filosofie te zijn opgestaan wiens songs niet zelden in de eigen ziel kerven, en die nummers live ook nog eens overtuigend en zelfverzekerd kan neerzetten.
Alhoewel de groep met Gemma Thompson (gitaar), Ayse Hassan (bas) en Fay Milton (drums) drie gepassioneerde muzikanten in huis heeft, is het toch overduidelijk dat Savages valt of staat met de enigmatische girlpower van zangeres Jehnny Beth. In een vorig leven heette deze naar Londen uitgeweken Française nog Camille Berthomier en verdiende ze de kost als actrice, maar het gitaarminnend volkje is maar wat blij dat ze de cameralens intussen heeft ingeruild voor een microfoon. Met haar tenger lijf, kort zwart piekhaar en indringende blik lijkt ze overigens wel de vrouwelijke verpersoonlijking van Ian Curtis, met dit verschil dat Beth rondhuppelt als een dartel veulen en niet vies is van een rondje shadow boxing. Vocaal leunt ze afwisselend aan bij collega drama queens Siouxsie Sioux, PJ Harvey, Anna Calvi en Yeah Yeah Yeahs’ Karen O, maar als het op emotionele geladenheid en verbetenheid aankomt wint Beth het met de vingers in de neusgaten van haar voorgangers.
Na een verschroeiende start duwde de groep met “I Am Here” en “She Will” nog eventjes verder op het gaspedaal, en liet het publiek pas na een kwartier een eerste keer op adem komen met het nieuwe en voorlopig onuitgegeven “Fuckers”. Althans, daar leek het aanvankelijk toch op. Beth dolde een beetje in het rond door het publiek te waarschuwen dat deze te mijden mensensoort altijd en overal, en ja zelfs in de Orangerie kan opduiken. Wat begon als een soort militante white rap song, drijvend op de repetitieve mission statement “Don’t Let The Fuckers Get You Down”, barstte uiteindelijk toch los in een gecontroleerde woede aanval van Beth in een decor van dissonante noise. Na de bevlogen punk van “No Face” volgden met “Strife” en “Waiting For A Sign” de enige twee relatieve rustpunten van de avond, waarin de getormenteerde uithalen van een theatrale Beth en de abstracte gitaareffecten van Thompson de hoofdrol opeisten.
Toen het tempo in de laatste concerthelft opnieuw genadeloos de hoogte werd ingejaagd kwam het gevreesde spook van de eenvormigheid toch heel eventjes de kop opsteken. Nummers als  “Flying To Berlin”, “Another War” en “Hit Me” zijn op zich prima postpunk uppercuts, maar herbergen in deze volgorde iets te weinig variatie om de opgebouwde spanning lang vast te houden. Dat laatste lukte wel met het brutale “Shut Up” en een stomende versie van “Husbands”, dat intussen is uitgegroeid tot dé signature song van Savages.
We hadden jullie maar wat graag verder laten watertanden over hoe fantastisch de bisnummers wel klonken, maar dat was buiten de eigenzinnige filosofie van Savages gerekend waarin voorlopig geen plaats is voor encores. En eigenlijk, waarom iets opsparen tot de tweede ronde als je alles in één stomend muzikaal orgasme kwijt kan? Het publiek maalde er niet om, in de wetenschap dat het net één van die zeldzame grand cru optredens had meegemaakt die nog lang zal blijven nazinderen.

Het olijke Pukkelpop duo Chokri en Eppo knikten goedkeurend vanuit een donker hoekje in de Orangerie, al zijn ze er volgens ons nog lang niet aan uit in welke tent ze Savages straks gaan huisvesten nabij het anders zo vredige Kiewit. Een middagspot op de Main Stage zou een fatale vergissing zijn, de afsluiter in de Club om Eminem door te spoelen daarentegen een zegen.

Als opwarmer hadden Savages gewoon de producer van hun viersterren debuut, ene Nicolas Congé aka Johnny Hostile, meegetroond naar Brussel. Samen met Savages frontvrouw Jehnny Beth vormde hij trouwens tot voor kort het lofi indie duo John & Jehn, en in 2011 richtten ze hun eigen Pop Noire label op waar o.a. Savages ondertussen onderdak heeft gevonden. In een pikdonkere Orangerie vergreep Hostile zich wat te vaak aan de back catalogue van Suicide om echt van een eigen muzikaal smoelwerk te kunnen spreken. Enkel bij vlagen sloeg de manische electropop wat gensters, met als enig echt memorabel moment het door Beth voorgedragen “Pricks”. Én producer, én platenbaas én performer? Een mens moet niet alles willen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/savages-13-05-2013/
Organisatie: Botanique, Brussel (ikv Les Nuits Botanique 2013)

 

Pagina 641 van 966