logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Suede 12-03-26
Kreator - 25/03...

Van Dyke Parks

Van Dyke Parks palmt de 4AD in

Geschreven door

Van Dyke Parks mag gerust als een levende legende beschouwd worden, maar dan eentje van het soort waarvan iedereen zijn naam wel ergens van kent maar wiens muziek een goed bewaard geheim is gebleven. De meesten kennen hem wellicht van zijn samenwerking met The Beach Boys. Zo herschreef hij de teksten van ‘Smile’ toen Brian Wilson het noorden aan het kwijtraken was. Maar ook zijn samenwerking met Joanna Newson, voor wie hij de arrangementen schreef van het controversiële album ‘Ys’, sprak tot de verbeelding. Het aantal namen met wie hij collaboreerde is schier eindeloos : Ry Cooder, Tim Buckley, Harry Nilson, Keith Moon, The Byrds, Peter Case, ... Hij verscheen zelfs een korte periode samen met Frank Zappa's Mothers Of Invention op het podium. Alsof dat niet genoeg is schreef hij ook nog enkele boeken, acteerde in films en had zelfs een rolletje in een aflevering van 'Twin Peaks'. Zijn eigen werk beperkt zich dan weer tot slechts een zestal platen waarvan de eerste drie, ‘Song cycle’ uit '68, ‘Discover America’ uit '72 en ‘Clang of the yankee reaper’ uit '75, nu opnieuw zijn uitgebracht. Wat een mooie aanleiding was voor een korte Europese tour, waarbij België zich gelukkig mocht prijzen dat de 4AD bereid gevonden was om hiervoor haar nek uit te steken.

Van Dyke Parks bleek een zeer aimabel man, die voor hij begon de 4AD (die hij ‘perfect in every detail’ vond) uitvoerig bedankte. 69 is hij intussen en hij ziet er klein en gedrongen uit maar toen hij plaats nam aan de piano en opende met een instrumental, werd meteen duidelijk dat zijn virtuoze vingers nog geen last hadden van slijtage. Mr. Parks had ervoor gekozen om zich te laten begeleiden door de Nederlander Reyer Zwart op staande bas en de Zuid-Afrikaan Don Heffington op drums. Maar of hij ze echt nodig had blijft de vraag, vooral de drums bleken wat aan de matte kant.
Van Dyke Parks zoekt zijn inspiratie voor zijn songs in stokoude en soms haast verloren gewaande genres als ragtime, calypso of New Orleans Jazz, maar weet toch op ieder nummer zijn eigen stempel te drukken via zijn unieke, wat barokke pianospel.
Wat de songkeuze betreft beperkte hij zich niet tot die drie eerste platen, zoals ik verwacht had, maar plukte hij nummers uit zijn volledige cataloog. Daarnaast vertolkte hij ook enkele bijzonder obscure covers, waarvan de oudste dateerde van halverwege de jaren 1800.
Wie om één of andere reden niet volledig overtuigd geweest zou zijn van zijn muzikale kunnen had zich nog altijd kunnen laven aan de vele verhalen die hij tussen de nummers door vertelde. De man bleek een entertainer van de zuiverste soort die het ondermeer had over de wrede Mississippi die Jeff Buckley, met wiens vader hij nog samenwerkte, uit ons midden rukte. Ook politiek schuwde hij zijn mening niet : "er is wel degelijk een verschil tussen de harde kneukels van Bush en de uitgestoken hand van Obama, geloof me". Om wat later sarcastisch uit de hoek te komen. "Ik heb het altijd moeilijk om te weten wanneer ik moet lachen of huilen. Soms lach ik op begrafenissen en soms ween ik op bruiloften, die soms al veel eerder hadden moeten plaatsvinden”.

Na zowat vijftig minuten hield hij het voor bekeken om uiteraard nog eens terug te komen voor een paar bissen waaronder een magistrale versie van "Sailin' shoes" (Little Feat). Het was mooi geweest maar of we nu het genie, waar hij doorgaans voor versleten wordt, nu aan het werk hadden gezien valt toch te betwijfelen. Hoewel velen daar waarschijnlijk anders over dachten, gezien de stormloop op de merchandisingstand.

Vooraf zagen we nog het Brusselse V.O. normaal een sextet dat voor deze gelegenheid herleid was tot een trio: Boris Gronenberger (zang, gitaren), Aurélie Muller (klarinet, vibrafoon) en trompettist Ludovic Bouteligier. De groep nam haar jongste plaat op met hulp van John McEntire (Tortoise). Er mocht dus toch wat verwacht worden maar ik bleef grotendeels op mijn honger zitten. Hun dromerige jazzpop deed in de beste momenten wat denken aan Robert Wyatt terwijl de gemanieerde vocalen best wel iets hadden, maar vraag me niet wat. Ondanks de variatie aan instrumenten sloeg de eenvormigheid uiteindelijk toe, iets wat misschien met een volledige bezetting te vermijden was.

Organisatie: 4AD, Diksmuide

Lou Reed

Lou Reed – From VU to LULU – ‘REED’ - strak

Geschreven door

Wat moest je nu weer verwachten van Hij Die Zijn Mond Scheurt Als Hij Moet Lachen. Verschillende mensen gaven ons verschillende signalen, van oersaai tot geniaal, van eigenzinnige songkeuze tot gedurfde playlist tot niet eens de moeite om te gaan. Verslagen zijn oftewel lovend, oftewel net het omgekeerde …

In ieder geval was den AB voor de tweede dag op rij volgelopen met bekende en minder bekende fans van alle leeftijden die onze knorpot heel enthousiast onthaalde. Ome Lou is duidelijk verouderd en, waar hij tijdens de vorige passagen in Brussel met zijn uitvoering van Berlin er nog retepatent uit zag, schuifelde hij nu zowat op het podium.
Meestal verandert Zijne Gegroefdheid niet van setlist, maar voor zaterdag had hij er wel aan gesleuteld. “White light/white heat” is wijselijk geschrapt van de set (remember ‘Later with Jools...’), en onder andere werd “Beginning to see the light” toegevoegd.
Lou kan nog altijd niet zingen, fraseren en gitaar spelen, maar toch gaf hij een meer dan puik concert weg. Zijne Monotoonheid kondigde zelfs met een licht sarcasme de ‘Lulu’-nummers aan, slaagt er nog iets te vaak zijn eigen songs naar de kloten te zingen – nou ja – door te laat in te vallen, verkeerd in te vallen of er gewoonweg enkele kilometers naast te zitten, maar de jonge schare muzikanten hebben met verve alles rechtgehouden. Die Lauwe Reet komt toch overal mee weg, hé.

De set is een perfecte mix van 4 Lulu nrs (die volgens mijn bescheiden mening live beter klinken dan op plaat) , een 6tal VU en solo hits en 4 minder bekende maar uitstekende songs.
Het begin verliep een beetje beverig – growing old in public - met een nogal hilarische versie van “Waiting for the Man” (Lou die telkens enorm lang wachtte om in te vallen met zang), en dit dan weer na een magistrale versie van “Heroin”. Het hoogtepunt start ergens halfwege met een magistrale versie van “Street Hassle”, vervolgens een boeiende versie met viool van “Cremation” (uit ‘Magic&Loss’), de uitstekende obscure song “Think it Over”, de hit “Walk on the Wild Side” (sax solo!) en dan een pakkende versie van “Sad Song” (met Joan as Policewoman in een glansrol).
In de bisronde zagen we Lou enorm genieten van de VU songs “Beginning to see the light” en “Sweet Jane”. Lou bedankte tot twee maal toe zijn muzikanten, en durfde zelfs het publiek aanspreken en bedanken! Zag ik daar niet iets wat op een kleine aanzet tot glimlach leek?

Besluit. Hoogtepunten werden net iets teveel afgevlakt door wat mindere momenten

Het voorprogramma is Joan as Policewoman die ook bij Lou op het podium staat als backing; de groep van dienst is uitstekend met als enige oudgediende den Tony op drums.

Setlist:
Brandenburg gate  + outro: ***, Heroin: *****, I’m waiting for the man: ****, Senselessly cruel: ***, The view: **, Lulu, een of ander 1akkoordlied: *, Street Hassle: *****, Cremation: ****, Think it’ over: *****, Walk On the Wild Side: ***** (heerlijke sax), Sad Song: ***** ( dankzij Joan), Junior Dad: ***, Beginning to see the Light : ****,
Sweet Jane: *** (waarom geen heerlijke solo ?)

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/joan-as-police-women-16-06-2012/
http://www.musiczine.net/nl/fotos/lou-reed-16-06-2012/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Paul Weller

Paul Weller op topniveau

Geschreven door

Een Weller marathon van maar liefst 31 songs, de fans werden duidelijk verwend vanavond. Geen support act, daar was geen tijd voor, een zeer vitale en alweer stijlvol uitgedoste Paul Weller zou de avond zo ook wel vol spelen. Hij had daar een goede reden voor, het publiek moest en zou kennismaken met de nieuwe plaat.

Hoewel ‘Sonik Kicks’ verre van Weller’s beste album is, zit er toch genoeg variatie in om met de integrale uivoering ervan niet door het podium te zakken.
In speedtempo en met scherpte werd de ganse plaat er doorgesast. “Green”, “Kling Klang” en “Around the lake” waren omwille van hun vinnigheid de uitschieters en met de dub-reggae van “Study in Blue” overtuigde Weller met verve in een genre dat hij nog nooit eerder had aangepakt, het enige wat we bij deze song misten was een joekel van een joint.
De voortreffelijke uitvoering van ‘Sonik Kicks’ bleek uiteindelijk nog maar een bescheiden voorsmaakje te zijn van wat komen zou.
Na een korte pauze gingen Weller en zijn wederom strak spelende band even zitten voor een akoestisch intermezzo van een viertal songs, waarvan wij vooral het bijzonder knappe “All on a misty morning” onthouden.
Daarna gingen de poppen pas echt aan het dansen, eenmaal de stekker terug in het stopcontact zat was Weller niet meer te houden. Het gretige “Moonshine” was de aanzet voor een hitsige elektrische ronde waarin een ontketende Weller op zijn allerbeste niveau presteerde met loeiende knallers als “From the floorboards up”, “22 dreams”, “Wake up the nation”, “Fast car slow traffic” en alweer een lange en fantastische versie van “Foot of the mountain”, onze favoriete Weller song. De Paul was volledig onder stoom gekomen en klonk krachtiger als ooit tevoren. Ook toen hij even achter de piano ging zitten voor het prachtige “Stanley road” bleef de elektriciteit volop in de lucht hangen.
In de bisronde werd na een overheerlijk “Broken stones” nog een tandje hoger geschakeld met enkele onsterfelijke Jam klassiekers. Weller’s punkbloed kwam volop terug naar boven in het snerende “Art School” en met “In the city” en “Start” (allebei Brits nationaal erfgoed als je ’t ons vraagt) ging het dak er helemaal af.

Omdat we ons rond deze tijd al eens in voetbaltermen mogen uitdrukken, hebben we het over een meer dan behoorlijke eerste helft gevolgd door een fenomenale tweede helft met enkele beauty’s van goals. Mochten de Engelse voetballers even goed presteren als deze rasartiest, dan worden ze gegarandeerd Europees kampioen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/fotos/paul-weller-14-06-2012/

Organisatie Live Nation + Ancienne Belgqiue , Brussel

The Twilight Sad

No one can ever know

Geschreven door

Het uit Glasgow afkomstige The Twilight Sad draait rond Andy MacFarlane, muzikaal architect van de band en zanger James Graham, die met z’n Schots accent de songs een extra dimensie geeft. Een link naar Arab Strab is dan ook terecht.
We horen broeierige, intens meeslepende, dromerige songs, die een donker kantje hebben. Minder shoegaze, ontregelde sounds en dramatiek , maar iets meer pop en finesse, waarbij een paar tracks verwijzen naar de begindagen van Editors. 9 boeiende songs vinden we alvast terug op de derde cd van deze Schotten.

Chromatics

Kill For Love

Geschreven door

Dit album opent met de beste cover die wij dit jaar al gehoord hebben. Hoe Chromatics Neil Youngs “Hey hey my my”, hier eigenlijk “Into the black” getiteld, naar zich toetrekken is van een zeldzame schoonheid, ijle echo gitaartjes en een gekoelde engelenstem dompelen de song in een vat grand cru wijn.
Een plaat op die manier openen en dan achteraf niet in mekaar zakken is een heuse opdracht, maar Chromatics slagen met glans, en dit 77 minuten lang.
De combinatie van glooiende synths en zweverige gitaren schittert de hele plaat door. Dit brengt het beste van The Cure, The XX, Lamb, New Order, Air en The Raveonettes bij elkaar.
Iedere song krijgt ruim de tijd om zich te ontplooien en wordt niet onnodig dicht geplamuurd, een parel van meer dan acht minuten als “These streets will never look the same” ontpopt zich zo als een verslavend hoogtepunt. Ook “Lady” is zo een heerlijke heupwieger die we keer op keer opnieuw zouden opzetten. De dromerige galmstem van Ruth Radelet zit de nummers als gegoten, stel u gerust maar Dido voor, maar dan met betere songs zoals “Candy”, “Birds of paradise” en “The river”, heerlijke wiegeliedjes om bij weg te dromen.
Onderweg zitten er ook nog een paar sfeerscheppende instrumentals (“Broken mirrors”, “The eleventh hour”, “Dust to dust”, “There’s a light out on the horizon”) die als vloeiend bindmiddel dienst doen, u dient de plaat dan ook best in één ruk van begin tot eind te beluisteren, en blijf van die skip toets af.
Prachtplaat.

O Emperor

Hither Thither

Geschreven door

Van al de talentvolle Ierse bands, is O Emperor één van de enige die een deal met een belangrijk platenlabel wisten te versieren. Vanuit hun Ierse roots hebben ze een divers klankenpalet ontwikkeld, dit met invloeden van Crosby, Stills & Nash, The Beach Boys en zelfs Mumford & Sons.
Dit album is nogal wisselvallig. Een aantal nummers klinken nogal oubollig. Toch wordt dit album boven de middelmaat verheven, en dit door prachtnummers zoals  “Heisenberg” en “Sedalia”
. … Luister maar eens naar de  bonus  uitvoering “Sedalia” ...

Motorpsycho

The Death Defying Unicorn

Geschreven door

The Death Defying Unicorn  - Motorpsycho (& Stale Storlokken)
De nieuwe Motorpsycho is weer een fameuze brok geworden, een dubbelaar nota bene. Als u die in één ruk wil beluisteren dan moet u er haast een dagje verlof voor veil hebben, tenzij u hiervoor betaald wordt natuurlijk. Troost u, wij ook niet, of wat had u gedacht ?

Het is een heuse rockopera geworden met medewerking van de Noorse jazztoetsenist Stale Storlokken en het Trondheim Jazz Orchestra. Een hoop blazers, strijkers en piano’s dus, maar toch geen reden om hiervan weg te lopen, als u tenminste al een beetje vertrouwd was met het werk van deze eigenzinnige Noren. Dit is nog steeds een rockplaat en achter de lagen bombast zit nog genoeg vintage Motorpsycho verscholen, verpakt in een robuust progrock jasje weliswaar. We moeten zowaar regelmatig aan Yes denken, maar dan met zwaardere en loggere gitaren.
Dit is met name een vrij groots project, u wordt meegezogen in songs die al eens schaamteloos de 15 minuten overschrijden, doch de heren komen er weer eens goed mee weg omdat zij dat kunnen als geen ander. Dit hebben we ook in levende lijve mogen meemaken met de integrale uitvoering van dit album in de Kreun te Kortrijk (check even onze concertreviews). Een live plaat van die tournee zou ook niet mis zijn, vermits Motorpsycho de strijkers en blazers had thuisgelaten en de gitaren dan maar wat vetter en luider had gezet.

Op de plaat leggen ze dus duidelijk wat meer subtiliteit aan de dag. Ga hier gerust even voor zitten, ’t is de moeite.

The Dandy Warhols

This Machine

Geschreven door

De Brits klinkende Amerikanen van de Dandy Warhols hebben al een pak platen uit van psychedelische rocksongs . De band van Zia Mccabe en Courtney Taylor-Taylor mogen dan nog druggy sounds en dito levensstijl op nahouden , steeds is er op hun platen wel een leuk nummer terug te vinden, ondanks de matige indruk die de platen in hun totaliteit hebben; “Every day should be a holiday”, “Not if you were the last junkie on earth”,  “Bohemian like you”  en “We used to be friends” zijn classics  geworden .
De nieuwe is er eentje die evenveel afwisselend als inwisselend materiaal kent . Een middelmatig album die het handelsmerk van psychedelische pop koestert , en aangevuld wordt met gewone rocksongs en donkerromantische ballads . Openers “Sad vacation” en “The autumn carnival” trekken meteen de aandacht en overtuigen door de broeierige , repetitieve ritmes; “Rest your head “ , “I am free” en verderop “Slide” en het instrumentaaltje “Alternative power to the people”, eentje vol bleeps  zijn ook nog de moeite waard . “Don’t shoot she cried” op z’n beurt  zit onder de dope; maar de “16 tons” cover en andere nummers als “Enjoy yourself” en “Seti vs …” hebben weinig om handen . Tja , dat is nu 1x het oeuvre van de Dandy Warhols dopestory ...

Duncan Idaho

The Event Horizon

Geschreven door

Twee jaar na hun debuut ‘Echolocation’ presenteert Duncan Idaho het prachtig uitgegeven album ‘The Event Horizon’ en dit onder het label Moon Records.  De eerste single van het album, getiteld “Io” is uit en wordt in Nederland goed ontvangen. Kenmerkend zijn het goeie gitaarspel, het huppelende orgeltje en een aantal strakke ritmes, met roots in de sixties en seventies. Beste nummer is ”Vulture of July”, prachtige samenzang tussen Ivo Alblas en toetseniste Hanna Tollenaar. Een aangename aanrader …

Sigur Rós

Valtari

Geschreven door

Als IJslanders over heel de wereld populair worden met weinig voor de hand liggende muziek gezongen in de eigen moedertaal, je moet het maar doen. Met de groeiende internationale interesse werd geleidelijk aan ook de muziek van Sigur Ros wat toegankelijker, zonder dat daarbij al te veel toegevingen werden gedaan. ‘Valtari’ volgt die trend echter niet, integendeel, de plaat graaft dieper terug naar de roots en heeft meer ruisende en geheimzinnige klanktapijten dan melodieën in huis. Het is alleszins geen sollicitatie naar een plaatsje op de rockfestivalpodia. Het meest toegankelijke aan deze plaat is de titel, die deze keer wel in één adem uit te spreken is.
Het zal u misschien wat tijd kosten om het te ontdekken, maar ‘Valtari’ is van een ongekende ingetogen pracht. Hoewel ze in IJsland wel wat kunnen verdragen, zijn er op deze plaat geen vulkaanuitbarstingen te beleven. Het ontploft nooit maar blijft de ganse plaat op een hemelse manier verder sluimeren. ‘Valtari’ is een ongelooflijk mooi album gevuld met adembenemende soundscapes die maar mondjesmaat hun geheimen en vooral hun schoonheid prijsgeven. Eentje om stil van te worden.
Nu de wereld al aan hun voeten lag na de poppy uitstapjes op de voorganger ‘Med Sud I Eyrum Vid Spilum Endalaust’, is dit een even verrassende als moedige stap terug. Dit is pas Sigur Ros op zijn best.

Pagina 705 van 966