AB, Brussel programmatie + infootjes

AB, Brussel programmatie + infootjes Concerten 01-10-26– John Coltrane 100: Aaron Parks & Water Smith III @Bozar (ism Bozar) 02-10-26 – Yard act 03-10-26– John Coltrane 100: Harmony holiday meets John Coltrane @Bozar (ism Bozar) 03-10-26 – Rapsalon x Eigen…

Wilde Westen, Kortrijk – events

Wilde Westen, Kortrijk – events Concerten 2026 01/10 Integrity + Ringworm + World I Hate (ism Mendville) ‘hard-metalcore’ 02/10 Legends of Rock Tribute festival: coverbands van o.a. Pearl Jam, Green Day, Nirvana 03/10 Coroner (ism Alcatraz) 08/10 Axel Rudi…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

The Cure
Editors

The Afghan Whigs

The Afghan Whigs - Een rotvaart aan stekelige pletwalsriffs en melodramatische powerballads

Geschreven door

The Afghan Whigs - Een rotvaart aan stekelige pletwalsriffs en melodramatische powerballads

De subversieve gitaren van Sub Pop én de gestileerde soul van Motown in één band? Wat in de prille jaren ’90 zowel artistiek als commercieel een onmogelijke combinatie leek, groeide uit tot hét handelsmerk van The Afghan Whigs. Vier decennia later blijken diezelfde inspiratiebronnen nog lang niet opgedroogd, en heeft frontman Greg Dulli nauwelijks aan bezieling ingeboet.
Toch heeft de tand des tijds wel degelijk iets weggeknaagd op het recente 10de studio album ‘Soft Control’: de boosheid van weleer lijkt geblust en heeft plaats gemaakt voor berusting.

Zou de inmiddels 61-jarige Dulli die relatieve rust ook uitstralen op het podium? We zijn twee songs ver tijdens de set in de AB en het antwoord is een staalharde ‘nee’. Het op een monolitische pletwalsriff drijvende “Parked Outside” en de nerveuze grunge van “I’m Her Slave” slaan de meute veertigers en vijftigers meteen met verstomming. The Afghan Whigs willen tijdens de laatste halte van hun Europese tour koste wat het kost de strijd tegen de verleiding van het social media-algoritme winnen. Wie elk van de 22 in snel tempo afgevuurde songs immers écht wilde beleven, kreeg weinig of geen tijd om contact te leggen met de buitenwereld. Anderhalf uur zonder ‘Dutch Disease’: ja, dat was echt lang geleden.
Met zijn licht ontvlambare persoonlijkheid is het altijd even afwachten of Dulli in een goedgeluimde dan wel in een pissed-off bui verkeert. Een enthousiast “Good evening AB!” veegde alle twijfels meteen weg: de rauw raspende strot had er duidelijk zin in, gunde de fans hun meezingmomentje tijdens “Going To Town”, en knalde er meteen dé Whigs signature song “Debonair” achteraan. Dulli is en blijft echter een man van zijn stuk. Zonder pardon bliksemde hij een aantal fans neer die hun blitse cameraflits wat te gretig op de man hadden gericht. Tja, wie een ticket koopt om de prince of dark romance aan het werk te zien, had misschien wel beter moeten weten.£
Door anderhalf uur lang de spotlight letterlijk én figuurlijk op Dulli te richten, bleven zijn vier kompanen wat in diens schaduw steken. Medeoprichter en bassist van het eerste uur John Curley is zijn vaste stek op de tweede rij inmiddels gewoon, maar anders verging het multi-instrumentalist Rick Nelson — die eerder op de avond ook al even support act Ed Harcourt had vergezeld — toen hij en zijn viool tijdens het epische “The Slide Song” een zeldzaam momentje met alle aandacht gingen lopen. Alleen jammer dat dit soort melodramatische slepers niet de ruimte kregen om de spanningsboog wat langer aan te houden, waardoor onze emo-honger niet altijd even afdoende werd gestild.
Ook over het ‘Elton John moment’ van de avond, toen Dulli zijn oververhitte gitaar inruilde voor een piano, waren de meningen ongetwijfeld wat verdeeld. “The Deepest Part Of The Darkest Shadow” bevestigde zijn status als één van de emotionele highlights van het nieuwe album ‘Soft Control’, maar met de tenenkrullende powerballad “Domino and Jimmy” begaf de groep zich op wel erg glad ijs. Het bleef gelukkig bij die ene uitschuiver, die prompt werd doorgespoeld met de claustrofobische riff die van “Fountain And Fairfax” nog steeds één van de onbetwiste hoogtepunten uit Whigs-klassieker ‘Gentlemen’ (’93) maakt. Voor het eerst klonk Dulli ook écht zoals we hem het liefst horen: afwisselend jankend en krijsend als een gewonde prooi in een wolfijzer. Ook de band leek nu helemaal losgeslagen en vervolgde met een retestrak “My Enemy” en de oudste song van de avond, het broeierige “Son Of The South” uit Sub Pop-debuut ‘Up In It’ (’90) . Precies dit nummer illustreerde overigens treffend hoe diep de adoratie van een piepjonge Dulli voor The Gun Club al zat ingebakken.
Tijdens deze Europese tour breekt de band opvallend genoeg met de traditie om na het hoofdmenu nog wat encores te serveren. In plaats daarvan werkten de Whigs 22 songs lang gestaag naar een melodramatisch orgelpunt, dat werd ingezet met de vlijmscherpe liefdesbrief “Summer’s Kiss” en de epische powerballad “Into The Floor” die deze maal wél de rillingen over onze ruggengraat liet gieren.

De crooner in Dulli kreeg finaal volledig vrij spel in een slight return versie van überclassic “Miles Iz Ded”. Toegegeven, het mantra ‘Don’t forget the alcohol’ klonk in deze versie wat minder urgent, maar hey, de man heeft buitensporig gebruik van genotsmiddelen nu eenmaal al lang afgezworen. Meer nog, wellicht mede dankzij deze opoffering haalden The Afghan Whigs zonder al te veel kleerscheuren hun 40ste verjaardag. Keep on going, ‘Gentlemen’!

Neem gerust een kijkje naar de pics @Kristof Acke
De Roma
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10335-the-afghan-whigs-04-10-2026?Itemid=0
Ancienne Belgique
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10336-the-afghan-whigs-05-10-2026?Itemid=0

Ed Hardcourt
De Roma
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10340-ed-hardcourt-04-10-2026?Itemid=0
Ancienne Belgique
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10341-ed-hardcourt-05-10-2026?Itemid=0

Organisatie: Live Nation + Ancienne Belgique, Brussel

Simple Plan + guests, Bigger Than You Think! Europe Tour 2026, Vorst Nationaal, Brussel op 5 oktober 2026 – Pics

Geschreven door

Simple Plan + guests, Bigger Than You Think! Europe Tour 2026, Vorst Nationaal, Brussel op 5 oktober 2026 – Pics

Simple Plan is echt 'bigger than you think'! Het geplande concert in de AB is verhuisd naar FN. De Canadese poppunkiconen vieren hun 25ste verjaardag met Neck Deep als special guest.

Al meer dan twintig jaar is Simple Plan een van de meest invloedrijke en succesvolle poppunkbands ter wereld. Hun debuutplaat uit 2002, 'No Pads, No Helmets...Just Balls' behaalde meermaals platina en leverde hits op als "I'd Do Anything", "I'm Just a Kid", "Addicted" en "Perfect". Dankzij songs als "Welcome to My Life", "Summer Paradise" en "What's New Scooby-Doo" werd hun status voorgoed bevestigd.
De band uit Montréal verkocht intussen meer dan 10 miljoen albums en haalde miljarden streams. In februari 2024 verkochten ze De Roma in een rotvaart uit, later dat jaar gaven ze het beste van zichzelf op het podium van Rock Werchter.

Dit jaar viert Simple Plan zijn 25ste verjaardag met een documentaire op Amazon Prime, getiteld "Simple Plan: The Kids in the Crowd". Bovendien mochten ze het podium delen met The Offspring, waaronder nog in de ING Arena, en met Avril Lavigne.
Als kers op de taart begonnen ze ook aan hun meest ambitieuze headline tour in twintig jaar.
(voor elk verkocht ticket en VIP-pakket wordt tijdens deze tour €1 gedoneerd aan de Simple Plan Foundation. De foundation, die in 2005 opgericht werd, helpt jongeren in nood en laat zien hoe krachtig muziek kan zijn als middel om een doel en richting in het leven te vinden. Sinds de oprichting heeft de Simple Plan Foundation meer dan 3 miljoen dollar geschonken aan diverse liefdadigheidsinitiatieven in Canada en heeft ze vele prestigieuze onderscheidingen ontvangen voor haar filantropische werk)
(bron: Live Nation)

Neem gerust een kijkje naar de pics
Simple Plan
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10339-simple-plan-05-10-2026

Neck Deep
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10338-neck-deep-05-10-2026

Charlotte Sands
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10337-charlotte-sands-05-10-2026

Org: Live Nation

Band of Horses

Band of Horses - Nostalgie met enkele rafelrandjes

Geschreven door

Band of Horses - Nostalgie met enkele rafelrandjes

Twintig jaar geleden zette Band Of Horses met’ Everything All The Time’ een stevige voet tussen de deur van de indierock. Met “The Funeral” groeide de band rond Ben Bridwell al snel uit tot een vaste waarde, maar twee decennia later valt vooral op hoeveel van die beginjaren nog overeind staat.
Voor hun jubileumtour keerde de Amerikaanse band terug naar De Roma, met een avond die volledig in het teken stond van hun rijke verleden. Al zou niet alles uit die twintig jaar even fris uit de verf komen.

De band begon wat later dan voorzien, maar nam met “The First Song” meteen een vliegende start. Geen verrassing verder want de debuutplaat werd mooi van voor naar achter in de juiste volgorde gespeeld. Verder was de steelgitaar prominent aanwezig en “Wicked Gil” klonk zacht en scherp tegelijk, terwijl Bridwell goed bij stem was. Na het snedige “Our Swords” werd de spanning voor “The Funeral” bijna tastbaar. Bridwell bouwde het nummer met een loop langzaam op, waarna het uitgroeide tot een absoluut hoogtepunt. Ook “The Great Salt Lake”, luidkeels meegezongen door de zaal, en “Monsters”, dat met banjo en een trage opbouw heerlijk loskwam, behoorden tot de hoogtepunten. Met “St. Augustine” sloot de bezwete Bridwell het eerste deel solo en in opperste concentratie en schoonheid af.

Na de pauze begon de band opnieuw met “Is There a Ghost”, dat meteen volop werd meegezongen en de bassist wild liet gaan. Ook “Islands on the Coast” kreeg een speelse en energieke tweede helft, terwijl “No One's Gonna Love You” als publieksfavoriet zacht en zuiver werd gebracht.
Daarna begon de set wat terug te zakken. “NW Apt.” leed onder een galmende mix waarin Bridwells stem geregeld verdween, terwijl “Factory”, “Crutch”, “Infinite Arms”, “For Annabelle” en “Dilly” de boel overeind hielden. Vooral “For Annabelle”, een tedere ode aan zijn dochter, zorgde voor een mooi rustpunt.
Met het aangekondigde nieuwe album in het vooruitzicht bracht de band ook “Little Suspect”, een atypische song met een donker randje, die voorlopig wat verloren ging in de set.
Naar het einde toe vond de band opnieuw wat meer scherpte. “Laredo” werd door velen herkend en enthousiast onthaald, terwijl het verzoeknummer “Hag” met de nodige branie werd gespeeld. Voor “Ode to LRC” ging Bridwell solo en legde de rest van de band het nummer vervolgens zacht neer, waarna “The General Specific” met tamboerijn en volle overgave voor het slot zorgde.

Toch bleef de geluidsmix een zwakke plek: vooral de zang kwam niet altijd helder door en sommige instrumenten klonken te schel. Daardoor was het eerste deel, waarin ‘Everything All The Time’ integraal en met enkele duidelijke hoogtepunten werd gespeeld, uiteindelijk het sterkste luik van de avond.

Setlist 1: Everything All The Time - The First Song - Wicked Gil - Our Swords - The Funeral - Part One - The Great Salt Lake - Weed Party - I Go to the Barn Because I Like The - Monsters - St. Augustine
Setlist 2: Is There a Ghost - NW Apt. - Islands on the Coast - No One's Gonna Love You - Factory - Crutch - Infinite Arms - For Annabelle - Dilly - Little Suspect - Laredo - Hag - Ode to LRC - The General Specific

Organisatie: Live Nation + De Roma, Antwerpen

The Afghan Whigs

The Afghan Whigs - Zeven optredens, zeven herinneringen, met De Roma en de AB als herinneringen op het netvlies gebrand

Geschreven door

The Afghan Whigs - Zeven optredens, zeven herinneringen, met De Roma en de AB als herinneringen op het netvlies gebrand

2026-07-11 - Cactusfestival, Brugge
2026-09-24 - O2 Shepherd's Bush Empire, London
2026-09-27 - Le Trabendo, Paris
2026-09-28 - Paradiso, Amsterdam
2026-10-03 - Come As You Are / Effenaar, Eindhoven
2026-10-04 - De Roma, Antwerpen
2026-10-05 - Ancienne Belgique, Brussel

Sommige bands luister je graag. Sommige bands volg je. En dan zijn er bands die op een bepaald moment zo verweven raken met je eigen leven dat een concert veel meer wordt dan alleen maar een optreden.
The Afghan Whigs zijn voor mij zo'n band.

Mijn verhaal met The Afghan Whigs begon ergens in de jaren negentig. Ik was er al vroeg bij en zag de band voor het eerst live op Torhout-Werchter in 1996. Sindsdien ben ik hen blijven volgen.
Na de reünie in 2012 ging dat volgen alleen maar intensiever. Concerten werden bestemmingen en bestemmingen werden soms halve reizen. Als het even kon, trok ik naar een volgende stad om Greg Dulli en zijn kompanen opnieuw aan het werk te zien.
In 2021 ging ik daarin misschien wel het verst. Ik reisde helemaal naar New York om The Afghan Whigs daar live te zien. Alleen liep dat avontuur anders dan gepland: op het allerlaatste moment werd het concert afgelast. Covid, u raadt het al.

Maar goed, we spoelen door naar 2026.
Voor deze tournee, die in het teken stond van de 40ste verjaardag van de band én van de release van hun meest recente album “Soft Control”, besloot ik alle registers open te trekken. Van “Soft Control’ kan u trouwens ook een aparte bespreking vinden.
Lees gerust Soft control .
De nieuwe nummers die in de setlist staan overtuigen alvast ook.

De eerste afspraak kwam er in eigen land, op het Cactusfestival in Brugge. The Afghan Whigs waren speciaal voor het festival naar Brugge afgezakt. Het was een optreden in een echte openluchtfestivalsetting, onder de zomerhemel van Brugge. Over dat optreden schreef ik al een afzonderlijk verslag. Lees gerust Cactusfestival 2026 – van 10 juli t-m 12 juli 2026 - Sfeer, gezelligheid, zonovergoten weer … én goede muziek, aangename verrassingen en ontdekkingen!
Dat was in juli.

In september keerde de band terug naar Europa voor een uitgebreidere tournee door het Verenigd Koninkrijk en het Europese vasteland. België speelde daarbij een opvallend centrale rol, met concerten in Antwerpen en Brussel als twee van de hoogtepunten van het Europese luik.

Voor mij zou het uiteindelijk een ware Afghan Whigs-marathon worden: zeven optredens in totaal. Twee daarvan vonden plaats binnen een festivalcontext: Cactusfestival in Brugge en ‘Come As You Are’ in Eindhoven. De andere vijf waren reguliere zaalconcerten in Londen, Parijs, Amsterdam, Antwerpen en Brussel. En geen twee avonden zouden helemaal hetzelfde blijken.
Het Britse gedeelte van de tournee telde zes concerten. Ik koos er uiteindelijk voor om naar Londen te trekken, simpelweg omdat dat voor mij het makkelijkst bereikbaar was. Achteraf bekeken bleek het een uitstekende keuze.

The Afghan Whigs speelden in de O2 Shepherd's Bush Empire en gaven er voor mij het beste concert van de hele tournee. Niet noodzakelijk omdat de setlist er de meest bijzondere was, maar vooral door de combinatie van speelplezier, interactie met het publiek en pure entertainmentwaarde.
De band straalde een enorme energie uit. Het was duidelijk dat de muzikanten plezier hadden in wat ze aan het doen waren, en dat plezier sloeg over op de zaal.
Ook de manier waarop Greg Dulli met het klassieke concept van een bis omgaat, blijft heerlijk eigenzinnig. The Afghan Whigs weigeren simpelweg om het podium af te stappen om vervolgens het obligate spelletje van applaus en ‘we want more’ te spelen. Geen geveinsd afscheid, geen verdwijnen achter de coulissen. De band kondigt gewoon aan dat het optreden normaal gezien zou eindigen en vraagt of het publiek nog enkele nummers wil horen.
Natuurlijk willen we dat.
Tijdens een van de laatste nummers kwam Dulli opnieuw met een van zijn bekende muzikale uitstapjes. Hij verweeft wel vaker muziek van andere artiesten in zijn eigen nummers, maar deze avond liet hij zich uitgebreid gaan met een uitgesponnen passage uit “The End” van The Doors.
Het was goddelijk.
Een van die momenten waarop je als toeschouwer even beseft waarom je überhaupt honderden kilometers reist om een band aan het werk te zien.

Na Londen was het slechts een paar dagen wachten voor The Afghan Whigs Parijs aandeden.
Het concert in Le Trabendo werd voor mij misschien wel het gevoeligste en meest emotionele optreden van de hele tournee.
Greg Dulli leek duidelijk onder de indruk van de opkomst. De zaal zat goed vol en het was mooi om te zien hoe hij de reactie van het publiek in zich opnam. Ik stond bovendien bijzonder dicht bij het podium, op amper een meter van Dulli.
Het hoogtepunt kwam tijdens “Algiers”, afkomstig van ‘Do to the Beast’. Dat nummer kwam die avond zo hard binnen dat het me letterlijk tot tranen toe bewoog.
Waarom precies? Wie zal het zeggen. Misschien was het die nabijheid. Misschien was het de muziek. Misschien was het gewoon het moment.
Muziek werkt soms op manieren die je achteraf moeilijk kunt uitleggen. Je kunt een nummer tientallen keren beluisteren en het ene moment raakt het je nauwelijks, terwijl het op een bepaalde avond, in een bepaalde zaal, op een bepaalde afstand van de muzikant, plots recht naar binnen gaat.
Parijs was zo'n avond.
Er was trouwens ook een klein moment van verwarring in de setlist. “Catch a Colt” stond op de papieren setlist, maar werd uiteindelijk overgeslagen. Dulli leek het echter zelf ook te beseffen en maakte het goed door “Domino and Jimmy” aan de set toe te voegen.
Een vergissing die niemand in de zaal uiteindelijk erg vond.

De dag erna stond Amsterdam al op het programma. Paradiso zat afgeladen vol, al was de zaal officieel niet volledig uitverkocht. Op de balkons was het net iets minder druk dan beneden, waar de sfeer er meteen goed in zat.
Het optreden zelf was strak en opnieuw met veel overgave.
Amsterdam was voor mij bovendien meer dan alleen een concert. Het werd ook een weerzien met een aantal fans die ik tijdens eerdere Afghan Whigs-concerten had leren kennen. Twee vriendinnen die ik al bij eerdere optredens had ontmoet, waren deze keer zelfs speciaal terug vanuit de Verenigde Staten naar Europa gereisd om The Afghan Whigs nog maar eens aan het werk te zien. Dat op zich zegt veel over de aantrekkingskracht van deze band en over hoe ver de Afghan Whigs-familie zich uitstrekt.
En deze keer had ik ook mijn twee zonen meegenomen. Zij waren maar al te graag meegekomen en zo werd het voor mij een bijzonder concert om ook om familiale redenen.
Intussen begonnen zich ook wat patronen af te tekenen in de setlists.
Hoewel een groot aantal nummers avond na avond terugkeerde, wisselde de band geregeld enkele songs af. “Debonair” en “Gentlemen” leken bijvoorbeeld een soort alternatief voor elkaar te vormen: wanneer het ene nummer werd gespeeld, verdween het andere uit de set.
Ook “66”, “The Slide Song”, “Catch a Colt”, “Algiers”, “Somethin' Hot”, “Oriole”, “Loose Talk” en enkele andere nummers doken afwisselend op.
Dat maakte de concerten interessant. Je wist ongeveer wat je kon verwachten, maar nooit helemaal wat er zou komen.
En precies daardoor voelde ieder optreden toch opnieuw als een eigen gebeurtenis.

Na Amsterdam volgden enkele dagen zonder Afghan Whigs. Daarna was het tijd voor Eindhoven, waar het ‘Come As You Are’-festival plaatsvond.
In tegenstelling tot Cactusfestival in Brugge was dit geen openluchtfestival. Het concert vond plaats in de grote zaal in de Effenaar, maar maakte wel deel uit van de festivalprogrammatie. Daarmee was Eindhoven de tweede van de twee festivaloptredens die ik tijdens deze tournee meemaakte.
Voor dit optreden wordt een apart verslag voorzien, dus ik ga hier niet te uitgebreid op in. De omstandigheden waren ook anders dan bij de reguliere zaalconcerten. De set was teruggebracht tot ongeveer een uur.
Toch slaagde de band erin om in die beperkte tijd maar liefst zeventien nummers te spelen.
Het resultaat was een optreden dat je misschien het best als gebald kunt omschrijven. Geen ruimte voor overbodige tussenstukken of lange uitweidingen: strak, intens en aan een rotvaart.
Een festivalset als deze heeft natuurlijk een andere dynamiek dan een volwaardig zaalconcert. Toch bewezen The Afghan Whigs dat ze ook binnen die beperkingen hun publiek moeiteloos konden meenemen.
LIVE Come As You Are Festival 2026 - Een dag vol gitaren, punk en muzikale nostalgie
De dag na Eindhoven stond Antwerpen op het programma. De Roma bleek een bijzondere halte op deze tournee. Niet alleen omdat de zaal volledig uitverkocht was, maar ook omdat de band hier een aantal verrassingen uit de kast haalde.
Vier nummers die ik tijdens de eerdere concerten van deze tournee nog niet had gehoord, verschenen plots in de set: “Light as a Feather”, “Toy Automatic”, “It Kills” en “Please, Baby, Please”.
Vooral dat laatste nummer was een schot in de roos.
Ik vermoed dat de band iets speciaals wilde doen in De Roma. Het was een van de weinige zalen op deze Europese tournee die effectief volledig uitverkocht was en dat leek ook bij Greg Dulli niet onopgemerkt te blijven.
Al vroeg in het concert vroeg hij om de lichten in de zaal aan te laten. Hij wilde het publiek kunnen zien en er duidelijk van genieten. Dat zorgde voor een bijzondere sfeer. De klassieke afstand tussen podium en publiek leek even te verdwijnen.
Tijdens het laatste nummer gebeurde er trouwens nog een klein incident. Greg Dulli dook het publiek in om de gemoederen te helpen bedaren. Iemand had de slipper van een vrouw afgepakt en op het podium gegooid. De vrouw in kwestie wilde vervolgens het podium op klimmen om haar schoeisel terug te eisen. Het zorgde even voor verwarring en een korte onderbreking.
Maar zoals zo vaak bij The Afghan Whigs was het incident uiteindelijk slechts een voetnoot bij de muziek. Dulli ging na de korte onderbreking nog even door en verliet vervolgens, zoals hij dat wel vaker doet, het podium om de rest van de band het finale akkoord te laten spelen.
Alweer een fantastisch optreden.

En toen was het tijd voor de afsluiter. The Afghan Whigs in de Ancienne Belgique. Brussel. Mijn favoriete band in mijn favoriete zaal. Veel meer hoefde er voor mij eigenlijk niet te gebeuren. En toch slaagde de band erin om zichzelf opnieuw te overtreffen.
Dat heeft veel te maken met de manier waarop de setlist tijdens deze tournee telkens een beetje veranderde. De grote pijlers bleven overeind, maar van de opener tot verschillende nummers verderop in de set werd er voortdurend geschoven.
Daardoor voelt een concert van The Afghan Whigs, zelfs wanneer je de band meerdere keren tijdens dezelfde tournee ziet, nooit helemaal hetzelfde.
Ook in de AB werd het opnieuw een strakke set, met veel vaart. De Ancienne Belgique hanteert bovendien een strikt einduur van 22.30 uur, waardoor de klok genadeloos doortikt.
Je zag en voelde dat de band voor dit laatste concert van het Europese deel van de tournee nog één keer alle energie uit zichzelf perste.
John Curley op bas. Rick G. Nelson als multi-instrumentalist op viool, piano en gitaar. Christopher Thorn, die we kennen van Blind Melon, ook op gitaar en Brian Lee Brown achter de drums. Brown verving Patrick Keeler, die momenteel met Jack White op tournee is.
Samen vormden ze een machine die avond na avond bleef draaien. En in Brussel leek die machine nog één keer een extra versnelling te vinden.
Lees gerust ook het verslag @Geert Huys
The Afghan Whigs - Een rotvaart aan stekelige pletwalsriffs en melodramatische powerballads

De vijf reguliere zaalconcerten van de Europese tournee werden telkens voorafgegaan door Ed Harcourt. Een ongelofelijk talent, met fantastische nummers als “Furnaces”, “Shadowboxing”, dat live nog beter klonk dan op plaat, “A Ghost Walked Through Me” en “Loup Garou”. Maar Harcourt bracht meer dan alleen zijn eigen nummers. Hij bracht ook een mooie ode aan Mark Lanegan met “One Way Street”.
Voor dat nummer kreeg hij gezelschap van Rick G. Nelson, die op het podium de viool voor zijn rekening nam. Het was een mooi moment dat perfect paste binnen de sfeer van deze tournee. Niet alleen omdat Harcourt zelf een uitstekende muzikant is, maar ook omdat er duidelijk ruimte was voor muzikale verbinding tussen de supportact en de hoofdact.

Zeven optredens. Eén openluchtfestival in Brugge, één festivaloptreden in een zaal in Eindhoven en vijf reguliere zaalconcerten in Londen, Parijs, Amsterdam, Antwerpen en Brussel.
Zeven keer The Afghan Whigs.
Vier fysieke setlists van The Afghan Whigs en één setlist van Ed Harcourt die mee naar huis gingen.
Een aantal plectrums.
De snaren van Greg Dulli's gitaar.
Een set drumstokken.
Een poster.
Een stapel platen.
Een T-shirt.
En vooral: heel veel herinneringen.

Maar misschien nog belangrijker: een aantal mensen die ik doorheen de jaren rond deze band heb leren kennen. Fans die vrienden werden, vrienden die samen concerten bezoeken en nieuwe mensen die ik tijdens deze tournee mocht leren kennen.
Dat is misschien wel het mooiste aan een band zo lang volgen. Je verzamelt niet alleen concerten. Je verzamelt verhalen.
De mislukte trip naar New York. De tranen tijdens “Algiers” in Parijs. Met mijn twee zonen in Paradiso. De twee vriendinnen die vanuit de Verenigde Staten naar Amsterdam reisden. De verrassingen in De Roma. De slipper op het podium. De laatste noten in de AB.
De muziek van Ed Harcourt in het halfduister. En telkens opnieuw diezelfde band die na al die jaren nog steeds iets kan losmaken.

Veertig jaar The Afghan Whigs. Voor mij zijn het er intussen dertig jaar als fan. Zeven optredens in één jaar. En ik ben duidelijk nog lang niet klaar. Ik kijk dan ook met veel plezier uit naar een mogelijk weerzien volgend jaar. Want sommige bands blijf je gewoon volgen. En sommige bands wil je gewoon blijven zien.

Neem gerust een kijkje naar de pics
The Afghan Whigs
De Roma
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10335-the-afghan-whigs-04-10-2026?Itemid=0
Ancienne Belgique
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10336-the-afghan-whigs-05-10-2026?Itemid=0

Ed Hardcourt
De Roma
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10340-ed-hardcourt-04-10-2026?Itemid=0
Ancienne Belgique
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10341-ed-hardcourt-05-10-2026?Itemid=0

Organisaties:
Cactus Club, Brugge, Live Nation UK, Radical Production, Paradiso, KINK presents/Effenaar, Live Nation + De Roma, Antwerpen + Ancienne Belgique, Brussel

Alister Spence

Alister Spence - Dorothy Carlos – double bill - Subtiliteit en experiment als rode draad

Geschreven door

Alister Spence - Dorothy Carlos – double bill - Subtiliteit en experiment als rode draad
Alister Spence - Dorothy Carlos

Hoe ver de klank van een vertrouwd instrument kan reizen, hoor je bij Alister Spence (****) en Dorothy Carlos (****). Het zijn twee artiesten samen die elk hun eigen antwoord op zoeken.
De Australische pianist en improvisator Alister verkent de mogelijkheden van toetsen en klank, terwijl Carlos haar cello met digitale bewerkingen nieuwe gedaantes laat aannemen. Twee verschillende vertrekpunten, verbonden met elkaar door de drang om te ontdekken wat er buiten de vertrouwde contouren van hun instrument ligt.
Met die nieuwsgierigheid zakten we af naar het AB Salon.

Dorothy Carlos is een experimentele celliste die actief is in Chicago en New York. Ze studeerde klassieke cello en antropologie aan NYU en behaalde daarna een master in geluidskunst in Chicago.
In haar werk verbindt ze vrije improvisatie met digitale bewerking. De cello blijft het vertrekpunt, maar de klank kan door die bewerkingen een heel andere gedaante aannemen. Ze onderzoekt daarbij hoe elektronica intimiteit en denkbeeldige werelden kan oproepen. Tijdens haar optreden bleef het fysieke karakter van de cello overeind.
De subtiele klankenpracht ging nergens verloren, ook wanneer knarsende tonen en mysterieuze weerhaakjes het geluid binnenslopen. Die gaven het instrument een haast sacrale gloed, die nu eens bedwelmend inwerkte en dan weer de grens van het oorverdovende opzocht, zonder die te overschrijden.
Subtiliteit en experiment vormden samen de rode draad. Precies in die wisselwerking school de schoonheid van haar optreden.

De Australische pianist, improvisator en componist Alister Spence werkte o.a. met Satoko Fujii, Myra Melford en Jim O'Rourke. In de AB Salon zat hij achter zijn opengelegde Rhodes-elektrische piano als een klankentovenaar. Met een bel, percussie en een strijkstok haalde hij de meest onverwachte geluiden uit het instrument, om vervolgens de toetsen te laten spreken.
Een klein uur lang opende Spence allerlei deurtjes. Herhaling, klankkleur en vrije passages boden telkens nieuwe aanknopingspunten. Een rechte lijn viel moeilijk te herkennen, maar chaotisch klonk het nooit. Onderhuids paste alles binnen één verhaallijn. Bedwelmende klanken wisselden af met indringende drones, waarbij ook de intensere passages hun subtiliteit behielden.
Het spel met klank en materiaal deed ons bij momenten aan Einstürzende Neubauten denken, zonder vocale inbreng of grootse gebaren. De warme elektrische pianoklanken gaven die avontuurlijke zoektocht een bijzonder tegengewicht.

Het werd een avond waarop subtiliteit en experiment elkaar voortdurend versterkten. Dorothy Carlos en Alister Spence behielden elk hun eigen klankwereld, maar deelden de gave om onverwachte geluiden tot een meeslepend verhaal te verweven.
Twee klankwizards die experiment tot kunst verhieven.

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel (ikv BRDCST)

Coroner + guests, Kreun, Kortrijk op 3 oktober 2026 – Pics

Geschreven door

Coroner + guests, Kreun, Kortrijk op 3 oktober 2026 – Pics

Coroner ontstond in 1985 in Zürich en groeide uit tot een van de meest invloedrijke en technisch vooruitstrevende thrashbands. Met Ron Broder (bas & vocals), Tommy Vetterli (gitaar) en Marky Edelmann (drums) bracht het trio tussen 1987 en 1994 vijf baanbrekende albums uit, die vandaag nog steeds gelden als cultklassiekers.
Hun sound balanceert tussen snelheid, precisie en complexiteit, met invloeden uit klassieke muziek, jazz en industrial. Niet voor niets worden ze vaak omschreven als “the Rush of thrash metal” en behoren ze, samen met bands als Voivod en Watchtower, tot de pioniers van technical en progressive thrash.
Na hun split in 1996 keerde de band in 2011 terug, niet om te herhalen maar om verder te bouwen. Sindsdien speelden ze selecte shows en festivals wereldwijd, waaronder Hellfest en Maryland Deathfest.
In 2025 brachten ze, na meer dan dertig jaar, nieuw werk uit via Century Media. Geen nostalgie, maar een krachtige en eigentijdse plaat die internationaal werd geprezen. Met dit nieuwe hoofdstuk staan ze opnieuw op de podia wereldwijd.

(bron: Alcatraz/Wilde Westen)

Neem gerust een kijkje naar de pics
Coroner
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10327-coroner-03-10-2026?Itemid=0

Schizophrenia
https://www.musiczine.net/index.php/nl/component/phocagallery/category/10326-schizophrenia-03-10-2026?Itemid=0

Tar Pond – No pics
Korte set, rook en amper licht

Org: Alcatraz (ism Wilde Westen, Kortrijk)

Lokerse Feesten 2027 – van 30 juli t-m 08 augustus 2026 - Eerste naam, Bryan Adams

Geschreven door

Lokerse Feesten 2027 – van 30 juli t-m 08 augustus 2026 - Eerste naam, Bryan Adams

BRYAN ADAMS
BRYAN ADAMS KONDIGT DATA VOOR EUROPESE TOUR AAN
MET LOKERSE FEESTEN OP 4 AUGUSTUS
DE “ROLL WITH THE PUNCHES”-TOUR WORDT VERLENGD TOT 2027
Het nieuwe album How’s It Goin’ verschijnt op 6 november.
Tourdata 2027: Lokerse Feesten, woensdag 4 augustus.

Kaarten zijn vanaf vrijdag 9 oktober om 10.00 uur CEST te koop. Abonnees van de Lokerse Feesten-nieuwsbrief krijgen toegang tot een voorverkoop die op woensdag 7 oktober om 10.00 uur van start gaat. Wil je toegang tot deze voorverkoop? Schrijf je dan in op www.lokersefeesten.be

- De Canadese rocker Bryan Adams heeft een nieuwe reeks Europese tourdata aangekondigd ter promotie van zijn veelgeprezen album Roll With The Punches, dat in 2025 uitkwam. De singer-songwriter, wiens platen meerdere keren platina hebben behaald, zal in het voorjaar en de zomer van 2027 zijn kenmerkende, energieke liveshow naar arena’s in heel Europa brengen.
Adams’ nieuwe studioalbum How’s It Goin’, een zeer persoonlijke muzikale liefdesbrief aan Canada, verschijnt op 6 november 2026 via BAD Records. Het aanstaande album heeft al twee opvallende nummers opgeleverd die deel uitmaken van Adams’ huidige setlist, waarbij het nummer 51st State avond na avond staande ovaties oogst.
‘How’s It Goin’ is geworteld in de mensen, plaatsen, landschappen en verhalen die het land hebben gevormd, en laat zien hoe Adams zijn onmiskenbare songwriting en stem richt op zijn thuisland.
Adams blijft bewijzen waarom hij een van ’s werelds meest dynamische artiesten blijft. ‘Roll With The Punches’, genomineerd voor een JUNO Award 2026 voor Rockalbum van het Jaar, bracht zijn onmiskenbare mix van anthemische rock, rauwe gitaarriffs en oprechte songwriting, waarbij hij pittige, pakkende nummers combineerde met reflectieve momenten die de veerkracht en de geest weergeven die zijn carrière hebben gekenmerkt. Nieuwe nummers vinden nu al hun plek naast tijdloze klassiekers als ‘Summer of ’69’, ‘Heaven’, ‘Run to You’ en ‘(Everything I Do) I Do It For You’, waarmee hij fans een setlist belooft die generaties overspant.
Met tientallen jaren aan hits die de hitlijsten aanvoerden, uitverkochte tournees en onvergetelijke liveoptredens blijft Bryan Adams een rockshow van arena-formaat neerzetten die fans van over de hele wereld samenbrengt.

Tourdata 2027:
Lokerse Feesten, woensdag 4 augustus
Ticketinformatie: www.lokersefeesten.be

Over Bryan Adams
Bryan Adams is een met een Grammy en een JUNO Award bekroonde singer-songwriter en artiest wiens carrière al meer dan vier decennia omspant. Als een van Canada’s meest gevierde muzikale exportartiesten blijft Adams optreden over de hele wereld. Zijn muziek weerspiegelt een levenslange toewijding aan het vertellen van verhalen, authenticiteit en de blijvende kracht van rock-’n-roll.

Dark Thoughts

Dark Thoughts + Slovenians – Ramonescore

Geschreven door

Dark Thoughts + Slovenians – Ramonescore

Met Dark Thoughts en Slovenians mocht The Pit's twee groepen verwelkomen die meermaals benadrukten hoe bijzonder ze het vonden om op deze legendarische plek te mogen spelen.
Terwijl ik me gelukkig mocht prijzen dat ik opnieuw twee uitstekende bands had ontdekt in mijn favoriete punkhol.

Bij een vluchtige check-up vooraf had ik Slovenians, die ondanks haar naam gewoon uit Brussel kwam, bij de hardcore gecatalogiseerd en dat is niet meteen een genre waar ik veel mee heb. Die definiëring leek toch wat voorbarig want als dit al hardcore was, dan toch een behoorlijk atypische vorm ervan. Zo liet de gitaar van Felix Provost zich alvast niet in dat keurslijf wringen en dwaalde geregeld af richting ouwerwetse hardrock. Samen met de bas van Guillaume Triplet en de drums van Laurent Joye smeedde ze explosieve punk die verrassend wendbaar uit de hoek kwam.
Maar het echte uithangbord van Slovenians was zonder twijfel zanger Logan Bronson. Met zijn getatoeëerde gezicht en zijn expressieve mimiek leek hij wel een droevige clown. Dat, terwijl zijn zang al even plastisch klonk. Het gebruikelijke zielloze geschreeuw maakte hier plaats voor levendige zang die voortdurend nieuwe, avontuurlijke oorden verkende.
Naast duidelijke rapinvloeden hoorde ik een breed spectrum aan stijlen die me zowel aan Jello Biafra, John Wright (No Means No) als Alex Harvey deed denken.
Ook de nummers zelf hadden geen gebrek aan variatie. De meeste waren geplukt uit hun kersverse plaat ‘Birds of Disgrace’ maar ook ouder werk zoals het Franstalige "Mobilehome" werd niet geschuwd.
Slovenians ontpopte zich tot een bijzonder aangename verrassing.

Dark Thoughts is een trio uit Philadelphia dat al ruim tien jaar aan de weg timmert en inmiddels vier platen op haar naam heeft staan. Toch had ik er nooit eerder van gehoord wat achteraf toch wel zonde bleek. Hun laatste plaat ‘Highway to the End’ uit 2025 duurt amper 16 minuten en hun set in The Pit's zal daar niet veel bovenuit zijn gekomen.
Maar die korte set was wel bijzonder intens met een reeks energieke nummers die nooit veel langer dan een minuut duurden. Dark Thoughts zweert bij het "snel, sneller, snelst"-principe en daar blijkt zowaar een term voor te bestaan: ramonescore.
Dat leverde pittige, melodieuze nummers op die voorbij waren voor je het wist. Daniel Cox op drums, de flegmatieke Amy Opsasnick op bas en zanger Jim Shomo op scheurende gitaar ontketenden een kleine, plaatselijke tornado die de aanwezigen maar al te graag trotseerden. Net toen de nummers wat te inwisselbaar dreigden te worden, schudden ze "With you" uit hun mouw. Geen T.C. Matic-cover, maar wel een perfecte oefening in de quiet-loud-dynamiek waarbij het gaspedaal even werd gelost en de heilige tweeminutengrens eraan moest geloven. Het bewees dat Dark Thoughts meer in haar mars had dan de gemiddelde punkband. 
Na het laatste nummer bleven de drie wat bedremmeld op het podium achter. Ik vermoed dat Dark Thoughts niet het soort band is dat aan bisnummers doet. Maar in The Pit's moet je na het optreden eerst een weg door het publiek banen om van het podium af te komen. Dus kozen ze eieren voor hun geld en smeten er nog een Ramones/Chris Montez-cover tegenaan: "Let's Dance".
De avondklok werd niet gehaald, maar achteraf zag ik niets dan tevreden grijnzende gezichten. Meer moest dat blijkbaar niet zijn.

Organisatie: Pit’s, Kortrijk

Little Barrie

Little Barrie - Groovy en prikkelend

Geschreven door

Little Barrie - Groovy en prikkelend

Met de vier bevallige dames van The Surfrajettes, gehesen in sixties minirokjes en witte laarsjes, werden we zomaar meer dan 60 jaar terug in de tijd gekatapulteerd. Hun instrumentale surfmuziek greep ongegeneerd terug naar de tonen van The Surfaris, The Ventures, Duane Eddy en Dick Dale. Het oogde en klonk even fris als retro. Hier hebben we best wel van genoten.

Barrie Cadogan kwam met zijn eigen band Little Barrie zo een slordige 20 jaar geleden een eerste keer zijn neus aan het venster steken met het fijne debuut ‘We Are Little Barrie’. Destijds zagen wij dit bijzonder frisse bandje een geweldig concertje geven op Pukkelpop, toen dit nog een cruciaal festival was voor de liefhebbers van de betere alternatieve muziek en nog geen toevluchtsoord voor vergankelijke popsterretjes en over het paard getilde tieneridolen.
Barrie Cadogan is in al die jaren een drukbezette gitarist gebleken, hij is de studio ingedoken en meermaals de hort op geweest met onder andere Liam Gallagher, Paul Weller, Johnny Marr en Primal Scream. En die gasten wisten natuurlijk welk vlees ze in de kuip hadden. Cadogan is immers een briljant gitarist, maar wel eentje die zijn instrument steeds in functie van het geheel stelt en zich nooit laat verleiden tot pocherig soleerwerk.
Vorig jaar zagen wij Little Barrie nog een prachtconcertje geven op het Tough Enough festival in de Brussels Botanique, toen met Malcolm Catto achter de drumvellen, de drijvende kracht achter het psychedelische jazz combo The Heliocentrics.
Catto voegde met zijn jazzy aanpak een bruisende groovy sound toe aan het geluid van Little Barrie, zoals die ook schitterde op ‘Quartermass Seven’ en ‘Electric War’, de twee albums die ze samen opnamen. Maar Catto zijn passage was maar tijdelijk en vandaag stond Little Barrie hier alweer met hun nieuwe, overigens ook weer schitterende, drummer Tony Coote op het podium, met wie ze ook al de studio waren ingedoken voor de kersverse plaat ‘Gravity Freeze’.
Een beetje jammer misschien dat Little Barrie geen enkele song speelde uit die twee avontuurlijke platen die ze met Malcolm Catto hebben ingeblikt, maar de jazzy en groovy invloeden die hij heeft toegebracht aan de sound zijn wel gebleven, zowel in de nonchalante en prikkelende songs van ‘Gravity Freeze’ als in de lekker rollende los-uit-de-pols live sound. Dit zorgde voor een bruisend botje britpop, jazz, blues, soul en funk.
Het album ‘Gravity Freeze’ passeerde haast integraal de revue, maar daartussen greep Little Barrie ook terug naar pareltjes uit het verleden, met het wondermooie “Why Don’t You Do It” op kop en de zinderende rockertjes “Eyes Were Young”, “I.5.C.A.” en het bluesy “Nothin’ Will Eliminate” dieper in de set. Cadogan pakte geregeld uit met zijn sierlijk gitaarvernuft, maar deed dat steeds met korte en tintelende solo’s, van overdrijven was er nooit sprake.
In een uitgesponnen “Loggin Hurt”, een hoogtepunt uit die puike nieuwe plaat, was het dan eindelijk tijd om zich eens voluit te laten gaan. Cadogan maakte er een briljante jam van in een bruisende poel van funk, jazz en blues en met de gitaar in een glansrol. Maar guitar-hero allures waren hier niet aan de orde.  

Een bijzonder sterk concertje van een stel sprankelende muzikanten die hun ego hadden thuisgelaten, al ze er al één hebben. Niet zo evident bij Britse bandjes.

Organisatie: Aéronef, Lille

Hunter Omega

Hunter Omega - Een goede band verandert en evolueert door de jaren heen. Daar is niets mis mee, zolang iedereen gelooft in wat hij doet

Geschreven door

Hunter Omega - Een goede band verandert en evolueert door de jaren heen. Daar is niets mis mee, zolang iedereen gelooft in wat hij doet

Een naamsverandering luidt wellicht een nieuwe bladzijde in voor een band, maar daarom verandert een band het wapen niet volledig van schouder. Neem nu Hunter Omega die na tien jaar hun naam verandert, van gewoon Hunter naar Hunter Omega dus. Met hun nieuwste EP ‘Lake of Death’ lijkt nog niet volledig nieuwe wegen ingeslagen, maar toch voel je bij sommige songs al een andere ‘vibe’ tevoorschijn komen.
Benieuwd als we zijn stelden we Joost enkele vragen erover, polsten naar de toekomstplannen en of de ambities nog steeds dezelfde zijn als op onze vorige babbel in 2021.

We spraken elkaar al enkele keren en ik heb jullie onder de naam Hunter
ook live gezien. Waarom besloten jullie na tien jaar de naam te veranderen in Hunter Omega? Waar staat die ‘Omega’ precies voor?
Joost:
Daar zijn eigenlijk twee redenen voor. De eerste reden heeft te maken met de nieuwe leden. De klank is onderweg veranderd en we hadden allemaal het gevoel dat het misschien geen volledig nieuwe band is, maar toch wel versie 2.0 van de band. ‘Omega’ komt grotendeels door David. Zijn teksten gingen altijd al over de dood en het einde, maar dat wordt steeds meer uitgesproken. Het wordt steeds meer apocalyptisch en grootser. Omega is de laatste letter van het Griekse alfabet en wordt gebruikt als symbool voor het einde van de dingen. In mijn hoofd staat het ook een beetje voor de ultieme versie van Hunter. Daarnaast is er een praktische reden. ‘Hunter’ is heel moeilijk te googelen en bijna niet terug te vinden op streamingdiensten. Mensen kwamen ons geregeld zeggen: “Ik zoek naar jullie, maar ik vind jullie niet.” Je komt terecht bij allerlei andere artiesten: een rapper, een techno dj of nog iemand anders—iedereen behalve ons. Tien jaar geleden hadden we er niet bij stilgestaan hoe belangrijk het is dat je online gemakkelijk vindbaar bent. Zonder de bezettingswissel hadden we de naam waarschijnlijk niet veranderd. Op dat moment voelden we echter allemaal dat de tijd rijp was: er kwam een nieuwe injectie en daarom hebben we de wijziging doorgevoerd.

Welke impulsen hebben de nieuwe bandleden gegeven? Muzikaal, maar ook op andere vlakken?
Joost:
Dat zijn in ieder geval nieuwe invloeden. Onze drummer is een jonge gast van twintig jaar. Hij luistert naar volledig andere dingen dan wij en brengt een massa ideeën en invloeden mee die wij niet kennen. Ik denk dat je die input op de EP al een beetje hoort. Manu komt meer uit de thrashhoek. Thomas was eerder de hardrocker van de groep; Manu zit veel meer in heavy metal en thrash. Op deze EP is dat allemaal nog niet zo
duidelijk, omdat de nummers al geschreven waren. Het zal duidelijker worden in het nieuwe materiaal waaraan we nu werken.

Ik merk die verandering op deze EP nog niet heel sterk. De plaat ligt nog altijd in het verlengde van het vroegere Hunter, al hoor ik subtiel iets meer thrash. Bij de jongeren die erbij gekomen zijn, voel je wel al dat er iets nieuws in zit
Joost:
Die invloed is er nu al, maar het is nog een beetje vroeg. Het zal een evolutie zijn. Het is niet onze bedoeling om te breken met wat Hunter was. We zijn altijd een heavymetalband geweest en dat zullen we blijven. Er komen gewoon nieuwe kleuren bij op het palet. Het wordt geen drastische ommekeer waarbij we plots een deathmetalband worden. Het zal allemaal wat intenser en wat zwaarder worden. Een goede band verandert en
evolueert door de jaren heen. Daar is niets mis mee, zolang iedereen gelooft in wat hij doet.

Met Hunter legden jullie al een mooi parcours af. Jullie stonden onder meer op Alcatraz in 2023. Heeft dat optreden werkelijk nieuwe deuren geopend?
Joost:
Daar zijn eigenlijk heel weinig concrete gevolgen uit voortgekomen. We hebben in 2024 wel nog stevig wat optredens gehad, maar we kunnen moeilijk zeggen dat Alcatraz en de promotie eromheen een wereld van verschil hebben gemaakt. Ik ben wel heel blij dat we er gespeeld hebben. Dat op zich is beloning genoeg. Het is een droomoptreden: een perfecte organisatie en een massa publiek. Maar echte contacten of concrete gevolgen zijn er niet uit voortgekomen. Met Hunter Omega hopen we dat het misschien iets beter lukt, maar dat zal de komende tijd moeten blijken. Er komt nog een promotiecampagne aan, dus we zullen zien. Voor mij mag dit alvast nog zeker tien jaar verdergaan, al voel je zoiets soms wel in je hoofd of in je lichaam.

De EP
Lake of Death is de aanleiding voor dit interview. Waarom kozen jullie specifiek voor een EP? Is dat omdat de band nog niet helemaal op punt staat?
Joost:
Het was eigenlijk gewoon een teken van leven. Rebel Angels Rise is ondertussen drie jaar oud en mensen vergeten snel tegenwoordig. We wilden iets op de markt brengen onder de
nieuwe naam, om ons opnieuw te presenteren en te zeggen: “Mensen, vergeet niet dat we er nog zijn.” We hadden vier nummers klaar en hebben die opgenomen. We
wilden er niet snel nog enkele nummers bij schrijven die misschien minder goed zouden zijn. Ik heb liever een EP zonder fillers dan een album waarvan je na een tijdje de helft overslaat.

De herkenbare muzikale basis blijft overeind, maar ik hoor een iets hardere aanpak, soms meer gericht op Amerikaanse heavy metal. Hoe kijken jullie zelf naar die ontwikkeling?
Joost:
De bedoeling was inderdaad dat het wat harder zou worden. Deze keer heb ik een groter deel van de muziek geschreven, uiteraard met de inbreng van de anderen. De reden waarom wij altijd vrij traag nummers schrijven, is dat iedere song het werk van de volledige groep is. Iemand komt met een basisidee, een strofe of een refrein. Daar werken we dan gezamenlijk op verder en iedereen voegt zijn bijdrage toe. Zo wordt het
een Hunter-nummer. We hadden vier nummers klaar en hebben die vier opgenomen. Ik heb bewust geprobeerd meer tempo in de songs te steken en te bekijken hoe het heviger kon en hoe ik betere riffs kon schrijven. Eigenlijk ben ik pas songs beginnen schrijven toen we met Hunter begonnen. Ik ben dus nog altijd volop aan het ontdekken hoe dat werkt, maar het lijkt mij steeds gemakkelijker af te gaan. Ook voor de volgende plaat ligt er al een steviger riffnummer klaar. Vroeger stond ik daar minder voor open. Vijftien jaar geleden was het voor mij bij wijze van spreken: “Heavy metal or get the fuck out.” Dat is breder geworden. Negentig procent van wat ik beluister, is nog altijd metal of daaraan verwant, maar je wordt nieuwsgieriger naar andere dingen. Dat kan bijna niet anders; je groeit als mens en als muziekliefhebber. De hokjesmentaliteit valt stilaan weg. Vroeger was je ofwel rockfan, ofwel hardrocker, ofwel iets anders. Onze drummer en zijn generatie denken niet meer op die manier in genres. Of iets nu populair is of niet, is voor hen niet belangrijk. Dat is een verrijking, want die gasten sluiten niets bij voorbaat uit. Wij deden dat vroeger wel sneller: “Dat is disco, dus daar luister ik niet naar.” Nu luister ik naar alles als ik het goed vind.

“Ghost of Anarchy”
sluit misschien het nauwst aan bij het vroegere Hunter. Was het een bewuste keuze om daarmee te openen en zo een brug tussen  verleden en heden te slaan, of is dat te ver gezocht?
Joost:
We hebben dat niet bewust zo gedaan. Als ik het mij goed herinner, was dit het eerste nummer waarmee ik afkwam. Daardoor is het misschien nog het meest in de geest van het vroegere Hunter geschreven. Ik kwam met een riff, we bouwden daarop verder en iedereen vond het goed. Je moet van ons geen schokkende verrassingen verwachten in de zin dat we ons plots 180 graden keren. Hopelijk blijft er wel een stijgende lijn en een duidelijke evolutie zichtbaar, maar in de kern zal het altijd goede heavy metal blijven. Ik ben dus niet bewust met het idee gekomen: dit moet de link met het verleden worden. We waren het er wel allemaal over eens dat het met die riff de perfecte opener was. Het is fijn als het ook het effect heeft dat jij beschrijft.

De titeltrack
“Lake of Death” lijkt onder zijn donkere heavymetal verpakking over verlies en rouw te gaan. Is dat een heel persoonlijk verhaal? Willen jullie met dat nummer een bepaald hoofdstuk van een rouwproces afsluiten?
Joost:
Het is veel abstracter. De teksten zijn natuurlijk Davids domein. Ik wil niet voor hem spreken, want dat is gevaarlijk. Voor mij is Lake of Death niet de bestemming, maar de weg die je moet passeren om op je bestemming te raken. Je moet over dat meer; aan de overkant wacht iets. Zo interpreteer ik het. David heeft er zijn eigen invulling aan gegeven, maar ik weet zelf niet precies welke.

Mijn ouders zijn op vrij korte tijd overleden. Ik voel me erdoor persoonlijk met het nummer verbonden
Joost:
Dat is geen probleem. Iedereen kan op zijn eigen manier invulling geven aan dat rouwproces. Voor jou betekent het iets anders dan voor David en misschien is zijn betekenis nog persoonlijker. Ik denk dat een van Davids sterke eigenschappen, en ook een evolutie in zijn werk, is dat zijn teksten steeds minder specifiek worden en steeds meer symboliek en diepte krijgen. Het zijn metaforen en parabels. Op het debuut stond bijvoorbeeld No Man’s Land. Dat nummer ging heel concreet over de Eerste Wereldoorlog en de loopgraven. Ondertussen zijn de teksten veel breder. Ze zijn nog altijd verpakt als een verhaal met een thema, maar er zit veel meer achter.

“F.A.F.O.
” behoort tot het snelste en venijnigste materiaal dat jullie hebben uitgebracht. Is dat een richting die Hunter Omega verder wil verkennen?
Joost:
Het lijkt voor iedereen het nummer te zijn dat eruit springt. Het is een knaller en valt met die drumintro meteen met de deur in huis. Het basisidee kwam van onze bassist. Ik begon daarop te spelen en vond snel wat ik met zijn baslijn moest doen. Daarna viel alles op zijn plaats. Het is het krachtigste nummer van de plaat. Ik ben er dan ook voorstander van om de EP ermee af te sluiten. Je moet met een knal eindigen en het niet laten wegzakken. Je moet blijven opbouwen naar een climax. Volgens mij is dat zeker gelukt. Je kunt natuurlijk geen nummers op commando schrijven. Ik ga er dus niet van uit dat er op de volgende plaat automatisch een F.A.F.O. 2 komt. We zullen wel proberen songs te maken die dezelfde reactie bij de mensen losmaken. Die energie willen we behouden; ze moet in onze muziek zitten.

Met
“Knight of the Black Rose Part 3” zetten jullie een verhaal voort dat op het debuut begon. Is dit de afsluiting van de saga?
Joost:
Dit is inderdaad het laatste luik van de trilogie. Met dit nummer is het verhaal verteld. Het is gebaseerd op een personage uit de Dragonlance boeken. Ik wilde het derde deel echt afwerken. Toen David voor Rebel Angels Rise deel twee had geschreven, zei hij dat zijn tekst nog niet afgerond was. Ik antwoordde: “Dan zal er nog een derde deel komen waarin je het verhaal op een goede manier kunt afronden.”
Dat heb ik bewust proberen te doen. Het nummer verschilt qua sfeer van de eerste twee delen. Het past bij het verhaal en sluit aan bij de tekst, maar het klinkt misschien ook wat anders dan mensen van ons verwachten.

Was het volledige verhaal vooraf uitgetekend, of is het drieluik gaandeweg gegroeid?
Joost:
Het is gegroeid. Bij het begin was een drieluik nooit de bedoeling. Toen deel twee er was, merkte ik dat David zijn verhaal nog niet volledig had kunnen vertellen. Ik wilde dat het een duidelijk begin en einde kreeg. Anders bleef het voor mij als een cliffhanger aanvoelen, zonder dat er ooit een einde kwam. Daarom vond ik dat we nog een derde deel moesten maken en het op deze EP moesten zetten. Nu is het verhaal
rond. We hebben nog even gespeeld met het idee om deel één en deel twee opnieuw op te nemen en het volledige drieluik samen uit te brengen. Misschien doen we dat ooit nog, maar nu was het belangrijk om nieuw materiaal te presenteren.

De verhalende aanpak en de samenhang zouden zich uitstekend lenen voor een conceptalbum. Is dat iets wat jullie ooit zouden overwegen?
Joost:
Ik ben niet tegen conceptalbums. Er bestaan goede en slechte conceptalbums. Als het te vergezocht is, werkt het niet; als het goed gedaan is, kan het heel goed zijn. Ik vind Operation: Mindcrime van Queensrÿche bijvoorbeeld een van de beste platen die ooit gemaakt zijn. Een conceptalbum zou mij dus niet storen, maar het is enorm veel werk. Ik zie mezelf dat als songwriter voorlopig nog niet doen. Je moet dan werken met muzikale thema’s die terugkeren en dat lijkt mij nog wat hoog gegrepen. Maar zeg nooit , nooit. Onze songs hebben wel een overkoepelend thema: het einde en de dood, in verschillende vormen. Ze zijn alleen niet bewust als één samenhangend geheel geschreven. In die zin lijkt het misschien een beetje op een concept, maar eigenlijk is het dat niet.

Ook het artwork verbindt verschillende nummers. De ridder, het meer en het kasteel verwijzen elk naar een verhaal op de EP. Hoe nauw waren jullie bij het ontwerp betrokken?
Joost:
We werkten opnieuw met dezelfde artiest die de hoes van Rebel Angels Rise heeft gemaakt, Pedro Sena die onder de naam Lordigan werkt. Hij levert fantastisch werk. David reikte een aantal concepten aan. We geven de artiest enkele richtlijnen, ideeën en informatie over de onderwerpen van de songs. Vervolgens stuurt hij een paar schetsen, wij kiezen de richting en daarna krijgen we een afgewerkt product waar iedereen heel tevreden over is. De elementen uit de nummers zitten inderdaad in de hoes. Het meer uit Lake of Death wilden we er expliciet op, bijvoorbeeld op de achtergrond. De ruïne of het bouwvallige kasteel was een toevoeging van de artiest die er perfect bij paste. Hoe langer je naar de hoes kijkt, hoe meer details je ontdekt. Dat gaat in deze tijd van streaming en digitale muziek soms verloren. Mensen die de vinylversie kopen, kunnen de hoes echt in handen nemen en ernaar blijven kijken, zoals wij vroeger met een nieuwe plaat of cd deden: de teksten volgen en alle details bestuderen.

In ons vorige interview omschreef je de band als een hechte vriendenkring. Is die dynamiek door de bezettingswissel veranderd?
Joost:
Dat is onvermijdelijk. Er komen nieuwe mensen bij die hun eigen persoonlijkheid en ideeën meebrengen. Het belangrijkste was voor mij in beide gevallen—zowel bij de nieuwe drummer als bij de nieuwe gitarist—dat we iemand vonden die als persoon bij de groep paste. Ik wil niet met een vervelende kerel in een band zitten. Ik wil iemand met wie je kunt omgaan en met wie je vrienden kunt worden. Dat is gelukt. De vader van onze drummer ken ik al ongeveer vijfentwintig jaar. Met de nieuwe gitarist heb ik vroeger lange tijd in een andere groep gespeeld. Hij moest toen stoppen omdat hij voor zijn werk naar het buitenland vertrok. Hij is letterlijk teruggekomen in de maand waarin wij een nieuwe gitarist nodig hadden. Dat kon niet beter uitkomen: we kenden hem al, hij is een uitstekende muzikant en een fijne mens. Het was voor ons een evidente keuze. Hij kon meteen in de groep stappen. Iedereen wint daarbij.

In 2021 zei je dat jullie het zo ver mogelijk wilden brengen, maar tegelijk evenveel plezier wilden blijven beleven. Is dat nog altijd zo, of heeft Hunter Omega andere ambities gekregen?
Joost:
Dat is nog altijd hetzelfde. We willen zoveel mogelijk mensen bereiken, maar niet ten koste van alles. Het is in de eerste plaats voor onszelf: wij moeten tevreden zijn en wij moeten het plezierig vinden. Ons doel is de best mogelijke muziek maken die wij kunnen maken. Als je dan op Alcatraz mag spelen, is dat mooi meegenomen. Dat was een heel mooie ervaring en hopelijk lukt het ons nog eens. We slaan geen optredens
af en willen overal spelen zolang we dat op onze eigen manier kunnen doen.

Hadden jullie iets bijzonders gepland voor het tienjarige bestaan?
Joost:
Het tienjarige jubileum is door de naamsverandering een beetje in het water gevallen. Je kunt moeilijk tien jaar bestaan vieren onder een nieuwe groepsnaam. Eerst bestond het idee om terug te rekenen naar ons eerste optreden en daar later nog iets mee te doen, maar met de overgang naar Hunter Omega voelde dat wat verkeerd aan.

Zijn er beslissingen die je met de kennis van vandaag anders zou nemen?
Joost:
Het enige wat ik achteraf anders zou doen, is meteen een andere groepsnaam kiezen—een naam die gemakkelijk te googelen en te vinden is. Voor de rest niet. We hebben voor niemand een knieval gemaakt en ons nooit aangepast tegen onze principes in. We doen wat we willen  doen en dat zullen we blijven doen. Alleen hadden we beter meteen een gemakkelijker vindbare naam gekozen.

Het is al even geleden dat ik jullie live zag. Komen er nieuwe optredens aan?
Joost:
Dit jaar was het redelijk rustig op het vlak van optredens. We hebben tijd besteed aan het inwerken van de nieuwe mensen en legden de focus vooral op de opnames. Ondertussen zijn er drie optredens geboekt en zijn we volop aan het zoeken en plannen voor volgend jaar.
16 oktober in B52
16 januari in Asgaard
9 april Gullegem Metal Fest

Is er ook ambitie om meer in het buitenland te spelen?
Joost:
Ja, graag. Overal. Je moet daarvoor de juiste contacten hebben en het is aan ons om die te leggen. Een goede promotor kan daarin een belangrijke rol spelen en de juiste deuren openen.

Jullie zeiden vroeger al: “We zijn geen achttien meer.” Hoe zorgen jullie ervoor dat Hunter Omega ambitieus blijft zonder dat de band ten koste gaat van werk, gezin, plezier en gezondheid? Ik geef toe dat ik zelf ook geregeld met mijn gezondheid wordt geconfronteerd.
Joost:
Het gaat altijd om de vraag hoeveel tijd je ervoor wilt vrijmaken. In de jaren negentig speelde ik in een ban waarin we drie keer per week moesten repeteren, anders was het niet goed. Tijdens een van die drie repetities zat iedereen dan toch maar met zijn duimen te draaien. Nu repeteren we één keer per week. Dat volstaat om de set te onderhouden en aan nieuwe nummers te werken. Gezondheid heeft altijd voor een
deel met geluk te maken. In de jaren tachtig dacht ik dat iemand van vijfentwintig te oud was om nog in een groep te spelen. Ondertussen zien we iemand als Biff [Byford] op zijn vijfenzeventigste nog op het podium staan als
een jonge gast. Zolang het fysiek gaat, zie ik mezelf niets anders doen. Ik speel al zesendertig jaar in bands en ik weet niet wat ik anders met mijn vrije
tijd zou moeten aanvangen. Soms speel ik zelfs nog liever gitaar dan vroeger. Ook nu we weer actiever zijn, is er een nieuwe dimensie opengegaan. Zolang ik er niet tegenop begin te zien om mijn materiaal mee te sleuren en naar een optreden te gaan, blijf ik doorgaan. Ik geef wel toe dat ik mijn installatie behoorlijk heb ingekrompen. De tijd van gigantische luidsprekerkasten en zware
versterkers meesleuren, heb ik achter mij gelaten. Tegenwoordig bestaat er zoveel compact materiaal van topkwaliteit. Dat maakt het een stuk gemakkelijker voor mijn rug.

Laat ons hopen dat we hier samen nog minstens tien jaar mee kunnen doorgaan, Joost. Hopelijk komen we elkaar binnenkort opnieuw tegen op een concert. Veel succes met dit nieuwe verhaal.

Pagina 9 van 980