logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15466 Items)

Ross The Boss

New Metal Leader

Geschreven door

True Metal people, raise your fists in the air. A King Of Metal has returned!
Met deze woorden start ik deze review van het eerste album van Ross The Boss, de voormalige snarenplukker van Manowar die zijn passie voor Heavy Metal terug gevonden heeft.
Na intro “I.L.H.” opent Ross The Boss sterk met “Blood Of Knives”, een lekker heavy nummer met een riff die me wat doet denken aan Manowars “Violence And Bloodshed”. Ik heb Ross The Boss altijd al Manowars beste gitarist gevonden, omdat hij boeiende solo’s kan maken zonder een overvloed aan noten te gebruiken. Hij is het blijkbaar nog niet verleerd. Na het leuke “I Got The Right” komen we aan bij “Death & Glory”, waar de snelheid wat opgedreven wordt. Het nummer zelf vind ik niet zo speciaal, maar het bevat wel een typische Manowaroutro, met de shredding van Ross en een hoge uithaal van zanger Patrick Fuchs. Er bestaat  nu eenmaal maar één Eric Adams, dus moest Ross The Boss het stellen met Duitser Patrick Fuchs, die mij toch niet kan boeien met zijn wat saaie zang.
”Plague Of Lies” kon qua stijl en opbouw op Manowars debuut ‘Battle Hymns’ gestaan hebben. De riff heeft zelf veel mee van het nummer Shell Shock. “God Of Dying” is dan weer zo’n episch nummer in de stijl van Gates Of Valhalla, zo heb ik het graag. Want ik heb dit soort epische nummers altijd al de hoogste troef van Manowar gevonden. Na het vrolijke “May The Gods Be With You” wordt het weer wat heavier in de vorm van “Constantine’s Sword”. Dit is tot nu toe het slechtste nummer van de cd, vooral de zang is beneden alle peilen.
”We Will Kill” is ook weer zo’n middelmatig nummer dat niet kan tippen aan de hoogdagen van weleer, ook de backing vocals zijn niet wat ze zouden moeten zijn in een nummer als dit. Matador is een mid-tempo nummer met een Spaans sfeertje, wat uitstekend past bij de lyrics natuurlijk. Na nog een laatste akoestische solo komen we aan bij “Immortal Son”, het laatste nummer van dit album.
Net zoals de oude Manowar albums afgesloten worden met een episch nummer, krijgen we er hier ook één voorgeschoteld. Goed geprobeerd Ross, maar dit nummer kan zeker niet tippen aan klassiekers als ‘Battle Hymn’ en ‘Bridge Of Death’.
Is dit album nu de oude Manowarstijl waar Ross The Boss ons warm voor gemaakt heeft?
Ja en nee. Er zijn veel verwijzingen naar de jaren ’80, zowel qua stijl als lyrics. Maar daarnaast klinkt dit album ook wat als een typische hedendaagse Power Metal band, zoals er zoveel zijn in Duitsland.
Dit album is beter dan Manowars laatste werkje, maar haalt het bijlange niet bij topalbums als ‘Battle Hymn’ en ‘Sign Of The Hammer’.

Volbeat

Guitar Gangsters & Cadillac Blood

Geschreven door

Volbeat heeft een erg succesvol jaar achter de rug. Niet alleen zijn ze er in geslaagd veel nieuwe zieltjes te winnen en erg in populariteit te stijgen. Het is ze ook nog eens gelukt een album op te nemen dat niet moet onderdoen voor zijn twee voorgangers. Al is de sound wat radiovriendelijker geworden, elk nummer blijft hangen en van fillers is er dus geen sprake.
Na een westernachtige intro vliegen de heren van Volbeat er onmiddellijk in met het titelnummer, “Guitar Gangsters & Cadillac Blood”. Wat een lekker nummer is dit! Alles klopt, de zang, de riffs, alles. “Back To Prom” is zo’n opgewekt, snel pretpunknummer en tevens het nummer met de kortste speelduur van het album(als je de intro niet meerekent). Namelijk nog geen twee minuten. “Mary Ann’s Place” is het vervolg op de nummers “Danny & Lucy”, “Fire Song” en “Mr. & Mrs. Ness” van de twee vorige albums. Er hangt een soort trieste ondertoon in dit nummer, toch triest naar Volbeats maatstaven tenminste. Hier wordt topzanger Michael Poulsen bijgestaan door zangeres Pernille Rosendahl, wat het nummer toch iets extra’s geeft.
“Hallelujah Goat” is weer zo’n typische Volbeatbeuker met heavy riffs en energieke zang. Hier krijg ik bij de zanglijnen en riffs voor het eerst een déjà vu naar de vorige albums. Deze ervaring kom ik nog een paar keer tegen op dit album. Maar zolang ik me er niet aan erger, hebben we niets te klagen. Dan komen we aan bij “Maybellene I Hofteholder”, waar ook een videoclip voor gemaakt werd. Het nummer gaat over een stalker die volledig in de ban is van een stripster genaamd “Maybellene”. Wat er verder gebeurt kun je lezen in de lyrics natuurlijk. Maar dit is één van de beste nummers van de plaat en qua stijl komt het overeen met ‘The Gardner’s Tale’ van Rock The Rebel / Metal The Devil.
Dan weer zo’n nummer waar de country invloeden erg naar boven komen. Verbazingwekkend hoe Michael Poulsen er telkens weer in slaagt zijn zanglijnen zo interessant en boeiend te houden. “Still Counting” start als een soort van reggaenummer en dan vliegen de gitaren er plots in… Lekker! “Light A Way” is gewoon een mooi nummer waar de heavy elementen ingeruild worden voor wat meer emotie en dramatiek. Er wordt zelf gebruik gemaakt van enkele strijkinstrumenten. Bij “The Wild Rover Of Hell” keren de riffs en het tempo terug en krijgen we een song die Metallica invloeden niet onder stoelen of tafels probeert te schuiven.
Ten slotte krijgen we nog een leuke cover van Hank Williams’ “I’m So Lonesome I Could Cry”, en de twee ietwat ‘mindere’ nummers van het album, namelijk “A Broken Man And The Dawn” en “Find That Soul”. Voor zij die de limited edition bezitten is er nog een extra cover voorzien in de vorm van Kelly Wells’ “Making Believe”.
Dat Volbeat een topband is die het nog wel eens kan schoppen tot headliner van Graspop hebben ze weer eens bewezen met dit album, dat ik gerust het beste tot nu toe durf noemen. Hopelijk krijgen we nog meer van deze werkjes voorgeschoteld in de toekomst!
Te zien op 11.10 in Hof ter Lo. Doen!

HushPuppies

Silence is golden

Geschreven door

Hushpuppies is een jong Frans beloftevol bandje uit Bordeaux. Ze bieden aanstekelijke postpunkdie nauw leunt aan Franz Ferdinand, Kaiser Chiefs en de ‘70’s vervlogen Britse Only Ones. De ‘70’s toetsen verraadden een bredere aanpak en een psychedelicatoets. De groep biedt vaardig, fris uptempo materiaal als “A trip to Vienna” en “Moloko Sound Club”,en “Bad taste and gold on the doors”. Maar met songs als “Lost organ”, “Down, down, down” en “Hot shot” klinkt de band broeierig, intens en toegankelijk. Het kwintet onderscheidt zich van de doorsnee ‘flauwe’ Franse bandjes in het genre en lijkt met dit album aardig op weg naar een internationale carrière.

The Dodos

Visiter

Geschreven door

Een ontdekking is het Californische duo The Dodos. Ze debuteren na het doodgezwegen ‘Beware of The Maniacs ‘ met ‘Visiter’, een rauw, robuust, indringend en energiek album.
Het duo speelde z’n songs in op een rammelend klinkende akoestische gitaar en een spaarzame metaalpercussie. Resultaat is een kaal lofi aandoend geluid. De bezwerende, opzwepende drumslagen vormen de rode draad in de songs. Af en toe is er een trompet of een elektronica/pianotoets te horen. Een boeiende aanpak alvast, wat het duo uiterst origineel, avontuurlijk en eigenzinnig maakt in die zompige, freakende oase van bluesrock, folk, americana en psychedelica.
De onvaste, zweverige vocals van Meric Long, de nerveuze, gejaagde ritmes en het warme geluid passen mooi in dit concept. De langere nummers als “Joe’s Waltz”, “Paint the rust”, “Jodi”, “’The season” en “God?” zijn gewoonweg schitterend en behouden de aandacht door hun aanstekelijke ritmes, pschedelicatoets en gitaargetokkel.

Calexico

Carried to dust

Geschreven door

Het combo rond Joey Burns (zang, gitaar, bas) en John Convertino (drums) heeft een nieuwe frisse plaat uit; ‘Carried to dust’ doet het middelmatige ‘Garden ruin’, de vorige cd, wat vergeten en concurreert met platen als ‘The black light’, ‘Hot rail’ (hun doorbraak cd) en ‘Feast of wire’. Ze bieden een ruime kijk op americana door het toevoegen van warme, exotische, zuiderse klanken, waarbij het combo creatief en broeierig klinkt; accordeon, de Spaanse gastzang van Jairo Zavala en de Mexicaans klinkende trompet van Jacob Valenzuela zijn daar verantwoordelijk voor.
Een swing en groove horen we in songs als “Victor Jara’s hands”, “Writer’s Minor Holiday”, “Inspiracion”, “House of Valparaiso” en “El Gatillo”, wat een amalgaan aan stijlen samenbrengt binnen hun kleurrijke americanapop: mariachi/latino, jazz, folk en spaghetti western. Ze wisselen dit moeiteloos af met sfeervol, ingetogen songs: “Two silver trees”, “Slowness”, “Hole in your head” en “Fractured air”.
Een klasse album en een band in topconditie. Da’s Calexico in een notendop momenteel!

Mauro Pawlowski

Mauro & The Grooms: aanschouwen is bezwijken

Geschreven door

Driewerf hoera, Democrazy Gent is alive and kicking! Getuige de voortreffelijke programmatie op allerhande locaties de komende maanden. We keken al een tijdje uit naar het drieluik Manngold - Johnny Berlin - Mauro & The Grooms. Niet in het minst omdat laatstgenoemden een zeldzaam najaarsconcert (dEUS trekt straks immers terug Europa in) speelden waarbij Musiczine niet kon ontbreken. Stiekem hoopten we dat de band ons opnieuw zo erg zou overdonderen als op die avond ergens in februari 2004. Een optreden dat bij ondergetekende nog altijd als 'het beste optreden ooit gezien in de Handelsbeurs' geboekstaafd staat! Zowaar geen geringe verdienste!

Mauro & The Grooms staken meteen van wal met het uitbarstende “Doing Something Right”,  het geschifte “Corruption”, het roestige “Make it Complicated” en het angstzweet veroorzakende “Fear Life” vanop de gitzwarte 'debuut'plaat 'Black Europa'. Het publiek werd koud gepakt en bezweek voor het charisma van de grootmeester en zijn bruidegommen. Na “What it takes” (die beweging van Mauro bij het uitzingen van "Walk like a rock'n'roll star"!), “Days To burn” en “Visions” was het tijd voor het lichtelijk fantastische “Trip to Beg” waarbij stilstaan onmogelijk werd en we zelfs Mauro betrapten op éénmalig loos gaan. Het grimmige “Ghost Rock” en “Slow Bones”, respectievelijk van de onmisbare 'Ghost Rock EP' en de  'Tired Of Being Young EP'(als onderdeel van 'Set Sail To Dream Riot') werkten naar een duivels hoogtepunt. Hierna zochten Mauro & Co kalmere wateren op met o.a. “Comes With A Feeling”, “Stay Awake”, “Leavin' Montreux” en “Out Of The Storm”. Een rustige, maar niet minder sferische, tip van de sluier van het nieuwe werk dat er ergens in de toekomst zit aan te komen. Na een overdonderende en asgrauwe toegift met o.a. “Weapon Of Beauty” viel het doek.
Overdonderen zoals een paar jaar geleden deed Mauro & The Grooms ons echter niet. Het was merkbaar dat de band een hele tijd niet had gespeeld. De oudere nummers waren iets minder uitgewerkt als een paar jaar terug en bezorgden ons ook minder kippenvel als toen in de Handelsbeurs. Niettemin: Mauro & The Grooms blijven imponeren! We kijken al uit naar de volgende doortocht van multitalent Mauro en zijn duivelszonen van The Grooms!

Manngold, de nieuwe Gentse formatie rond de onvermijdelijke gitarist Rodrigo Fuentealba mocht de spits afbijten. Ze deden dat op een indrukwekkende manier met een sterke instrumentale prestatie en twee simultaan spelende drummers. De muzikanten van Manngold verdienden al sporen bij bands als Motek, Vive La Fête, Gabriël Rios en het nog niet vergeten Fifty Foot Combo. Te volgen dus!

Johnny Berlin deed een slordige poging om een combinatie te maken van postpunk en 80's new wave. Hun album mag het dan wel goed doen in de lijstjes, live brachten ze een maar weinig boeiende set. Enkel single “Four” oversteeg het niveau enigszins.

Organisatie: Democrazy, Gent

Queen + Paul Rodgers

Queen feat. Paul Rodgers: Queen viert overwinning samen met Paul Rodgers in Sportpaleis

Geschreven door

Afgelopen dinsdag stond de Engelse Rockband Queen in een goed gevuld Sportpaleis. De band heeft naar schatting 300 miljoen albums verkocht en behoort nog steeds tot een van de meest succesvolste bands aller tijden. Eind 1991 stierf de wereldbefaamde frontman van deze band en zo kwam er definitief een einde aan de vaste groepsbezetting die sinds 1971 dezelfde was gebleven. Na het overlijden van zanger Freddie Mercury onttrok ook bassist John Deacon zich uit het publieke leven waardoor slechts gitarist Brian May & drummer Roger Taylor onder de naam Queen doorgingen. Sinds 2000 gaven May & Taylor regelmatig acte de présence op verschillende festiviteiten. Maar de heren kwamen vooral in de publiciteit door het uitbrengen van re-recordings en het restylen van oude songs. Pas in 2004 is er de vernieuwde samenwerking met Free & Bad Company zanger Paul Rodgers. In 2005 ging de band als Queen + Paul Rodgers toeren doorheen Europa. De tour was zeer succesvol en Rodgers werd als vaste frontman ingelijfd. Midden deze maand verscheen het nieuwe studioalbum (het eerste in twaalf jaar!) ‘The Cosmos Rocks’ onder de naam Queen + Paul Rodgers met daarop aansluitend een nieuwe Europese tournee.

Queen zonder Freddie Mercury is Queen niet meer hoor ik U al zeggen. Deels klopt deze stelling natuurlijk wel maar naar mijn mening is zanger Paul Rodgers in staat om de zware erfenis van de band met veel eerbied opnieuw live tot bij de fans te brengen. Rodgers is allesbehalve een imitatie van Mercury. Hij beschikt over een totaal ander stemgeluid en heeft ook niet dat extravagante van Freddie. Rodgers is echter wel een van de allerbeste Classic Rock zangers en verdiende zijn sporen bij bands als Free & Bad Company. Vele fans moeten er net zo over gedacht hebben want vele Queen fans van het eerste uur vonden de weg naar het Sportpaleis. Trouwens de ziel van Mercury was in het Sportpaleis uitdrukkelijk aanwezig…..je voelde hem, je hoorde hem, je zag hem.

Het concert opende met een erg bombastische visuele intro. Na al dat gedonder en geknetter werd er geopend met “Surf’s Up….School’s Out”, een nieuwe track uit het nieuwe album. Naast May, Taylor & Rodgers stonden ook nog Spike Edney (Keyboards/Vocals), Jamie Moses (Guitar/Vocals) en Danny Miranda (Bass Guitar/Vocals) op het podium. Stuk voor stuk echte rasmuzikanten! Het podium werd vrij klassiek opgebouwd met een catwalk tot in het midden van de zaal. Tevens werd er gebruik gemaakt van een indrukwekkende lichtshow samen met enkele prachtige, goed gedoseerde videoprojecties. In de openingsfase waren er nogal wat technische geluidsproblemen. Microfoons deden het niet en ook de eindmix was niet al te best, maar vanaf “Fat Bottomed Girls” werd de juiste balans gevonden en ging de zaal een eerste keer massaal uit de bol. “Another One Bites The Dust”, commercieel gezien Queen’s grootste hit, werd met veel enthousiasme uitgevoerd. Rodgers dankte het Sportpaleis voor ‘the beautiful singing’.
Nog meer vuurwerk volgde met “I Want It All” & “I Want To Break Free”. Vertrouwde songs die toch een tikkeltje anders klonken doorheen de stembanden van Rodgers.
Hierna verwelkomde Brian May ons en hij liet meteen ook weten dat reeds drie mensen (waar ik er een van ben) het nieuwe album hadden aangekocht. De nieuwe single “C-Lebrity” volgde maar het publiek reageerde hier toch een stuk terughoudender op
. Daarna was het beurt aan elk lid om zich in de kijker te spelen. Paul Rodgers deed dit met een akoestische versie van de Bad Company song “Seagull”, waarin hij vooral liet horen welke klasbak hij is! Daarna nam ‘Doctor’ Brian May plaats op de catwalk, midden in de zaal. Brian erkende niet werelds beste zanger te zijn en vroeg het publiek hem te begeleiden in het prachtige “Love Of My Life”. Deze song ontpopte zich tot een van de allermooiste, intiemste concertmomenten die ik ooit mocht beleven. Zo intens, zo warm en met zoveel respect voor de overleden zanger Freddie Mercury , die Brian May een eerste keer uitvoerig bedankte. De folksong “’39” sloot hier naadloos bij aan. Deze song werd diverse keren onderbroken en werd terug hernomen door telkens een bandlid in de uitvoering toe te voegen. Roger Taylor op basdrum werd zo tot dicht bij het publiek gebracht. De op het eerste zicht wat afwezige Taylor bewees nadien het tegengestelde door een erg gesmaakte en originele drumsolo weg te geven. Zo bespeelde hij de bascello van Danny Miranda met zijn drumsticks. Leuk was het stukje van “Under Pressure” dat in de solo verweven zat . Toen Taylor’s volledige drumkit vooraan was opgebouwd verraste hij met een stevige versie van “I’m In Love With My Car” en zong hij ook de leadvocals van de ’sad song’ “Say It’s Not True”. Deze laatste song staat ook op het nieuwe album maar werd al eerder uitgebracht ter gelegenheid van Wereld Aidsdag.
Terug met zijn allen naar het grote podium waar Paul Rodgers achter de piano had plaats genomen voor de klassieker “Bad Company”. Geen Queen song maar toch erg gewaardeerd door het publiek. “Time To Shine” werd voor de eerste maal live gespeeld maar maakte weinig indruk. Daarna liet Brian May ook nog eens horen welk bedreven gitarist hij nog steeds is.
“Bijou” & “Last Horizon” waren wondermooie ‘instrumentals’. Met “Crazy Little Thing Called Love” begon de finale die afsloot met misschien wel Queen’s bekendste song: “Bohemian Rhapsody” in een semi-live uitvoering. Freddie Mercury mocht ons vanuit de hemel (via de videoscreens) nog eens toezingen. Geen mens die het erg vond dat dit eigenlijk slechts opgenomen videobeelden waren. De Queen fan van het eerste uur genoot intens want Freddy Mercury is en blijft ongeëvenaard als frontman van Queen, ook vele jaren na zijn dood.
Bissen deed men met de knallers: “All Right Now” van Rodgers band Free, “We Will Rock You” en afsluiter “We Are The Champions”. Het Sportpaleis vierde deze overwinning voluit.

Zelden heb een band oude rockers met zoveel enthousiasme op het podium gezien. De formule Queen + Paul Rodgers is dus duidelijk een shot in de roos. Oude Queen fans erkennen in de live uitvoeringen de sound van weleer, terwijl Paul Rodgers sterk wist te overtuigen als nieuwe zanger voor de band. ‘Queen…..they are still the champions’!’

Setlist:
*Surf’s Up…Schools Out!, *Tie Your Mother Down, *Fat Bottomed Girls, *Another One Bites The Dust, *I Want It All, *I Want To Break Free, *C-Lebrity, *Seagull, *Love Of My Life, *’39, *I’m In Love With My Car, *Say Its Not True, *Bad Company , *Time To Shine, *Bijou, *Last Horizon, *Crazy Little Thing Called Love, *Show Must Go On, *Radio Ga Ga, *Bohemian Rhapsody
BIS: *Cosmos Rockin’, *All Right Now, *We Will Rock You,
*We Are The Champions

Organisatie: AJA concerts


Polysics

We ate the machine

Geschreven door

We staan graag even stil van wat uit Tokyo, Japan komt; het blijkt altijd wel iets speciaal te zijn: Electric Eel Shock, Mono, Guitar Wolf, Boredoms, Melt Banana en ook deze Polysics. Gegroeid uit de spirit van Rychiu Sakamoto experimenteert het viertal met synthesizers en laat een diep dreunende bas en strakke opzwepende drums doorklinken, overspoeld door frêle, gillende schreeuw- en vocodervocals in Engels gebrabbel en de eigen moedertaal. Flitsend, energiek noisy geweld waarbij songs als “Kagayake”, “Arigato” en “Irotokage” de pijlers zijn van deze plaat.
Als een wervelwind jagen ze door de songs heen. ‘Technicolor pogo punk’ omschrijft het  krankzinnig kwartet zich, dat al tien jaar bezig is. Invloedrijk waren Devo, The Tubes, Bad Brains en Living Colour.
Info op http://www.polysics.com

Members Of Marvelas

Tuxedo Theory

Geschreven door

The Members Of Marvelas debuteerden een kleine twee jaar terug met een ideale kruisbestuiving van hiphop, rock, jazz en ‘70’s funk/soul. Hun crossover klonk opwindend, fris, hip en leuk.
De opvolger ‘Tuxedo Theory’ is minder direct, maar breder van opzet en klinkt persoonlijker, gewaagder en meer avontuurlijk. Ondanks het funk rockende, zomerse karakter kan de plaat alvast niet tippen aan hun overtuigende debuut. Overwegend is de plaat minder aanstekelijk  en broeierig. Een handvol songs beklijven door net die groove samen te brengen van een Urban Dance Squad, Massive Attack, DJ Shadow en Nas. “Zapper & the beast”, “Little Louie” en “The come down” zijn de Marvelous songs van hun tweede plaat.
Info op http://www.myspace.com/membersofmarvelas

Wire

Een concert van ups & downs: Wire

Geschreven door

Een stevige brok muziekgeschiedenis konden we met Wire het afgelopen weekend bewonderen. Na Gent was er vanavond afspraak te Brussel. Dertig jaar terug lag het songschrijversduo Newman/Lewis en drummer Gotobed aan de basis van de huidige rits postpunkbands; hun melodieuze arty punkyrock klonk rechttoe-rechtaan, uptempo, snedig en broeierig, had pakkende refreintjes en was af en toe iets subtieler. Op Pukkelpop 2003 kwamen deze vijftigers opnieuw samen en bundelden hun overtuigende EP’s ‘Read & Burn’ en de ‘Send’ cd met enkele oudjes samen, en gaven lik op stuk aan jonge bandjes door een hels moordende korte set. Na talloze projecten waaronder Newmans Githead brachten ze onlangs een nieuwe plaat uit ‘Object 47’. Het vierde origine bandlid Bruce Gilbert is vervangen door een gitariste, die op het podium het verst van de andere drie leden stond.

Een overwegend ouder publiek zag z’n helden van weleer aan het werk, en een handvol jongeren zagen waar een Franz Ferdinand, Pigeon Detectives en ga zo maar door de mosterd vandaan haalden. Newman had in z’n aktetas de tekstvellen mee, om deze tijdens het concert onder z’n leesbrilletje af en toe eens te spieken.
Een klein anderhalf uur lang grossierde het kwartet in hun materiaal en speelde een concert van ups& downs: er waren songs met een intense broeierige spanning, retestrak snel materiaal en enkele stuurloze niemandalletjes. Wisselend kwalitatief materiaal dus, waarvan de miltante noise injectie, die hun songs tijdens de vorige tournee prikkelden, afwezig bleek. Ze trokken alvast meteen de aandacht met “Our time”, “Too late” en “Comet”. En songs als “Being sucked in again”, “The Agfers of Kodack”, “Circumspect” en “I don’t understand” hielden hun muzikale zoektocht tijdens de set overeind. Hun directe, to the point en sfeervoller materiaal werd niet uitgesponnen en kreeg geen dreunende repetitieve ritmes mee.
Een prachtige bisronde onderstreepte de ‘eeuwige’ muzikale jeugdigheid van het kwartet met het opbouwend dreigende “Boiling boy”, het broeierige “Lowdown” en de springerige krakers “12 XU” en “160 beats That”. Wat Wire als een icoon binnen de punkwave plaatste en actueel hield binnen de Britpop en postpunk!

Support was de Londenaar Duke Garwood, die op z’n gitaar enkele experimentals en bluesslides ten beste tokkelde en speelde . Eerder was hij al zien in ‘a trubute to Gram Parsons’.

Organisatie: Botanique Brussel

Leffingeleuren 2008: zondag 21 september 2008

Geschreven door

Een stralende zondag en een ietwat ouder volkje. De jongeren waren wandelen gestuurd en de ouders waren te zien op het festivalterrein. Een kleine 5000 bezoekers zagen De Dolfijntjes Van Wim Opbrouck, Zita Swoon, Orishas en Arno.

Headphone gaf het startschot, debuteerde op het Cactusfestival en werd sindsdien door menig organisator geboekt. .Een ‘lazy sunday afternoon delight’ sfeertje creëerden ze met hun subtiel uitgewerkte dromerige pop.

Het feestgedruis kon worden aangevat met De Dolfijntjes XXL, het West-Vlaams gezelschap uit Harelbeke rond Opbrouck en Willaert. Al bijna twintig jaar zorgen zij voor grappig entertainment en nemen een loopje met klassiekers door eigen interpretaties, wat uitmondt in de meest onmogelijke medleys. Onversneden rock’n’roll versies in hun gekend West-Vlaams dialect, op accordeon, blazers en ritmesectie. De Dolfijntjes worden terecht omschreven als een hedendaags turboschlager orkest. Op een sterk niveau slaagden ze erin het publek uit hun dak te doen gaan met sloganeske, rijmende refreinen en een meezinggehalte!

Het was de eerste keer dat ik nu Stef Camil’s band aan het werk zag zonder z’n vroegere rechterhand Tom Pintens. Het is en blijft een groot gemis na al die trouwe jaren dienst. Een onwennig gevoel.
Zita Swoon bracht in 2007 de nieuwe plaat ‘Big city’ uit; de band balt een geheel van pop, soul, funk, jazz, latingroove, Balkan en cabaret samen en staat garant voor een broeierig, dansbaar setje. Een geheel eigen muzikale taal ontwikkelden ze! Ze ondernamen een heuse clubtournee, speelden enkele ‘BandInABox’ concerten en waren maar op een handvol festivals te zien. In elke tournee horen we een eigen specifieke invalshoek. Vooral in het eerste deel klonken ze uiterst sfeervol met “Qu’est ce que je veux”, “I feel alive in the city”, de requim to Jeff Buckley in “Song for a dead singer”, en “l’Opaque paradis”. In een partyswing kruidden ze “Thinking about you all of the time” en “People are like slamming doors” door dubbele percussie, Hammond toetsen en danspasjes van de backing vocalistes, de zusjes Gysel, en Stef Camil. Pas naar het eind hoorden we opwindende versies van een “Everything is not the same” en “Hot hotter hottest”.

Het Cubaanse Orishas zorgde voor een zomers geluid; een kruisbestuiving van pop, hiphop, latin, salsa en rumba, die aangenaam en aanstekelijk inwerkte op de dansspieren door de beats, scratches, trompet en zuiderse ritmes. De twee rappers en de zanger gingen enthousiast tekeer, wat de band heel wat respons opleverde. Een fijn feestje op valavond.

Arno: een enorm gerespecteerd man, le plus beau, roots te Oostende, tot ridder geslagen en de titel van ‘The hardest working man’. Inderdaad, wie Arno het laatste jaar niet heeft kunnen zien , moet erg veel gaten hebben gehad in z’n concertagenda. Samen met z’n band beschikte Arno over de juiste dosis ‘jus’ om frisse en ingetogen funkende rock te spelen en de kaart van ambiance te trekken. De pittige, strakke en venijnige aanpak blijft boeien, mede door een nieuwe, energieke gitarist, die Geoffrey Burton verving. Maar de pak optredens leveren een voorspelbare (soms dezelfde) setlist op, waardoor Arno niet echt meer verrast.
Hij stelde sterke songs voor van z’n ‘Jus de Box’ en grossierde in z’n rijkelijk gevulde oeuvre. Onvervalste rock hoorden we: “From Hero to Zero”, “Mourir à plusieurs”, “I’m not into hop”, “Ratata” en “Meet the freaks”. Wat hij afwisselde met een ingetogen “Lonesome Zorro” en “Les yeux de ma mère”. Het TC Matic materiaal “l’Union fait la force”, “Que pasa” en de instant klassiekers “Ooh lala” en “Putain putain” blijven tijdloos. Een ‘Best of’ die en verve besloten werd met “Les filles du bord de la mer”. Mooi om op zo’n 7 km van de kust al die kelen te horen meezingen en schreeuwen.

Organisatie: VZW de Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

Leffingeleuren 2008: zaterdag 20 september 2008

Geschreven door

Stralend weer en een uitverkochte tweede dag te Leffinge, wat ongeveer 6000 bezoekers inhield! Het was koppen lopen in de concerttent bij de Nederlandse hiphop De Jeugd Van Tegenwoordig en onze West-Vlaamse Soulwax crew Goose. Hun straffe pompende electropunkfunkbigbeats zorgde voor een groots feestje!

De Verse Vis winnaars The Belgionites gaven het startschot van deze tweede succesvolle dag.
De smaakmaker bij de jongeren, vroeg in de namiddag, waren hun Jeugd Van Tegenwoordig. De drie MC’s en One DJ zijn erg populair en hadden al met twee nummers een hit 50 op zak, “Watskeburt” en “Hollereer”. De vier Nederlandse ‘schoffies’ waren ruim een kwartier te laat maar dit was niet erg, want ze staken meteen het vuur aan de lont met “Watsekeburt”. Het refrein werd luidkeels meezongen. De MC’s porden aan tot handjeszwaaien, jutten hun fansop en prikkelden met de ‘Hollandse hoeren’ bindtekst. Sloganesk vunzige taal die wat achterhaald klinkt, maar net die ongedwongen eenvoud en de pretentieloze attitude siert hen. Populair festivalbandje die de tent op z’n kop zette met hun praktisch onverstaanbare raps en simpel beatje!

Een uurtje zinderende garage rock’n’roll van drie in das en maatpak gekleedde heren. Dit kon maar ons eigen Triggerfinger zijn, die met de tweede cd ‘What Grabs Ya?’ definitief wisten door te breken. Hun zompig en retestrak setje werd en verve besloten door een uitgesponnen “Commotion” van CCR.

Rock Rally winnaar Mintzkov (uit 2000) was dit jaar weinig te zien in de clubs en op festivals. Met de cd ‘360°’ boden ze een strakker geluid, dat nauw refereerde aan de dEUS sound van broeierig bedreven gitaarpop. Het jaartje ‘rustiger aandoen’ liet sporen na qua belangstelling, wat niet belette een fris spelende band te horen met songs als “Safe house”, “Ruby red”, “Return & smile”, “Mimosa” en “One equals a lot”. Ze breiden er een schitterend slot aan met het opbouwende “Hitman” en het nieuwe singletje “Violetta”. Mintzkov maakte ons nieuwsgierig naar volgend jaar.

Het Franse Nouvelle Vague pijnigde onze hersenen met hun ‘80’s New Wave/Rock classics. Ze kregen een spaarzame begeleiding of ze stopten ze in een bossanova kleedje: sober, elegant en ontdaan van enige franjes, gedragen door de zwoele zang van de twee dames, waaronder deze van Phoebe Killdeer. Ze gaven de covers kleur door een passende act en hun sensuele danspassen.
De originele aanpak werd telkens beloond; hoogtepunten waren “Too drunk to fuck” (een maskeradebal), “God save the queen” (Sex Pistols unplugged), een handclapping “Not knowing” en een luidkeels meegezongen “Love will tear us apart”. En dan spraken we nog niet over “A forest”, “Human fly”, “The guns of Brixton” (de ontbrekende CocoRosie song!) en “Bela Legosi’s dead”. Nouvelle Vague koesterde ons mooie herinneringen van deze classics.

Een invloedrijke band op Triggerfinger was Jon Spencer. Beide bands waren op één en dezelfde avond op hetzelfde festival. “Ladies & gentlemen, here’s Heavy Trash” gaf frontman Jon Spencer, samen met de begenadigde gitarist Matt Verta-Ray aan. Het vijfkoppige bonte gezelschap speelde een heerlijk opgejaagd potje vettige rock’n’roll/rockabilly. Maar ze moesten eerst nog wat op dreef komen in hun rock’n’roll performance. Het publiek was te vinden voor hun aanstekelijke, wervelende, duivelse sound. Een stomend concertje!

Een nokvolle tent droeg het West-Vlaamse Goose op handen. De groep wordt haast een mythe van zichzelf. Wat een enthousiaste, uitzinnige menigte voor hun pompende electropunkfunkbigbeats! Het rockte en werkte aanstekelijk op de dansspieren. “British mode”, “Two Good Two Real”, “Black gloves” en “Low made” gingen naadloos over in het nieuwe materiaal “Audience”, “Girl” en “Everybody”. Snoeihard en energiek, een goed geoliede machine en topper van de tweede festivaldag!

Maar ook in het Zaaltje De Zwerver viel er heel wat te beleven en shame on you als je daar niet eens binnen ging. De organisatoren stelden enkele beloftevolle bands en artiesten voor.
Modey Lemon ontpopte zich als een Black Mountain maar dan binnen de retrogrunge. Mudhoney, Nirvana en Fu Manchu vlogen ons om de oren. Het trio breidde er een ongelofelijk slot aan met een krachtige, repetitieve, overrompelende song. Wat een samenspel gitaar, bas en drums! Overweldigend! En respect voor de bassist, die de pijn moest verbijten aan z’n stevig ingepakte voet.
Het powerrock trio Rose Hill Drive begon onwennig aan de set, maar het vertrouwen groeide. Ze behielden de aandacht met een rauw woestijnrockend geluid, dat refereerde aan vervlogen Kyuss tijden.
Van de Nieuw-Zeelandse schone Aka Pip Brown onder Ladyhawke hoorden we maar een paar songs, want de zaal was intussen volgelopen voor deze beloftevolle artieste die met “Paris is burning” een aardig hitje op zak heeft. Een beetje Kim Wilde, een beetje Avril Lavigne, maar dan eentje met een eigen gezicht …
Voor wie houdt van doorleefde soulpop van Bettye Lavette of Nicole Willis kon alvast ook terecht bij de beloftevolle Amerikaanse Stephanie McKay. Erkenning verdient ze met haar pas verschenen tweede album ‘Tell it like it is’. Verrassend mooi was de puur oprechte emotievolle sound en haar pakkende overtuigende stem.

Het deejayende drietal Kraak & Smaak uit Leiden zijn aan een wereldwijde opmars bezig met hun nieuwe cd ‘Plastic people’. Samen met een zanger en een zangeres brachten ze voldoende variatie aan in hun trippende funkende house en zalvende, smaakvolle loungy beats. Zelfs het vleugje wereldmuziek klonk best aardig. Partymuziek voor wie minder aan die straffe, pompende beats is van Goose.

Organisatie: VZW De Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge


Leffingeleuren 2008: vrijdag 19 september 2008

Geschreven door

Voor de 32ste editie had de organisatie van Leffingeleuren terug een mooie affiche klaargestoomd. Een gevarieerde affiche van smaakmakers van eigen bodem, internationale bands en enkele beloftevolle ontdekkingen. Leffingeleuren, in het pittoresque Leffinge, trekt een definitieve streep onder de festivalzomer.
De locatie nodigt uit om een kijkje te nemen. Het festival is letterlijk rond de kerktoren gelegen, met langs de ene kant Zaal De Zwerver, en langs de andere kant het festivalterrein, dat naast de concerttent, mooi was opgedeeld met drank- en eetstandjes. En aan de muur van de kerk heb je de Berbertent met doorlopend projecties op groot scherm, de ‘1 Minute Film & Sound Awards’ en concertfragmenten van de ‘Later …with Jools Holland shows’.
Net als vorig jaar was het goede weer van de partij! En een nieuwe recordopkomst van ruim 16000 bezoekers.

Een overzicht
dag 1: vrijdag 19 september 2008
Het dansminnende publiek werd op hun wenken bediend in de grote concerttent met Arsenal, Stereo MC’s en Discobar Galaxie en in De Zwerver kon je terecht voor enkele beloftevolle ontdekkingen, als Gotye, Flobots, Girls In Hawaii en Lady Linn & Her Magnificent Seven. We merkten al een uiterst tevreden organisatie op die vandaag kon rekenen op een 5000 tal bezoekers.

Het rockende danscollectief uit Antwerpen A Brand opende eerst de 32ste editie van het festival. Het kwintet in wit glanzend maatpak en zwart hemd was vanaf de nieuwe cd release ‘Judas’ in augustus op elk festival te zien: een goed geoliede machine, die melodieuze aanstekelijke (ambiance) rocksongs biedt, die snedig klinken of een sfeervolle opbouw hebben. Een mengeling van rock, glamrock, ‘60’s pop, ‘70’s retro, funk en bigbeats. Een mooi afwisselend geheel die te horen was in kleppers als “Hammerhead”, “Time”, “Beauty booty, killer queen”,“Riding your ghost” en in subtieler werk als “You work”en “Mad love sweet love”. Hun inventieve gitaarmedley van “Block rockin’ beats” - “Poison” en hun ‘Rendez Vous’ cover van ACDC’s “Thunderstruck” (in de bis) zorgden voor een sterk onthaal en handgeklap.

Arsenal bouwde het feestje verder uit met hun zuiderse zomerpop van een elektronisch klanktapijt, latino, pulserende beats en een warme samenzang. Ze wisselden het werk van de nieuwe plaat ‘Lotuk’ (“Turn me loose”, “Estupendo” en de titelsong) af  met klassiekers als “Switch”, “Longee”, “Personne ne bouge” en “Saudade”. Arsenal zweepte het publiek op en werden op handen gedragen. Het sfeervolle “Either” benadrukte de gepassioneerde zang tussen Leonie en John Roan. Een uitgesponnen aanstekelijke “A volta” in de bis maakte het Feest en Fun setje compleet!

Stereo MC’s sloegen in de jaren ’90 de brug tussen pop, elektronica, mellow hiphop en funk. De band, rond het duo Birch/Hallam, creëerde aanstekelijke danspop. Ten dele horen we op de recente platen ‘Paradise’ en ‘Double Bubble’ nog die sound. Ook live heeft de band te kampen met dit probleem; aanvullend met twee dansende ‘Gruppo Sportivo’ danseressen en backing vocalistes, speelden ze enkele swingende, goed verteerbare nummers; de beste nieuwe songs (“Here & Now”, “Karaoke” en “Show your light”) met een pompend beatje zaten in het begin van de set. Na de classics “Connected” en “Deep, down & dirty” verrasten ze niet meer. Best aardig en leuk, maar te vertrouwde ‘old school’. De aandacht verscherpte opnieuw met de afsluitende “Step it up” en “Black gold”.

In de grote concerttent kon het dansfeestje worden besloten met het after party gezelschap Discobar Galaxie.

In De Zwerver waren we onder de indruk van Gotye. Het Australisch/Belgisch éénmansproject van Wouter ‘Wally’ De Backer (van origine een Belg uit Brugge, maar al jaren verblijvend in Melbourne, krijgt een verdiende airplay op z’n tweede plaat ‘Drawing like blood’. Onze jonge hyperkineet bespeelde het ene na het andere instrument, van piano, toetsen, drums en dubbele percussie tot de sounds op z’n laptop. Hij ontpopte zich als een jonge ‘do-it-all’ Beck Hansen en Jerboa. Singer/songwriterpop, funk, ‘80’s electro, trippop, r&b en sampling. De projecties op het podium gaven kleur. Makkelijk kreeg hij het publiek aan zijn zijde met “The only way”, “Coming back”, “Hearts a mess” en een in’60’s gedrenkte “Learnalilgivinanlovin’”.

Net als Does it offend you, Yeah op Pukkelpop waren we onder de indruk van het hier onbekende Amerikaanse Flobots uit Denver. Het gezelschap zette de zaal op z’n kop met hun ‘happy together’ materiaal van opzwepende rock, hiphop, punk en folk onder een rappende samenzang. Hotsende eerste rijen en een zwierige sound! Een aangename kennismaking dus met deze uitstekende live band.

We zagen nog een glimp van onze Waalse vrienden Girls In Hawaii. ‘Plan your escape’ betekende hun doorbraak in Vlaanderen. Een enthousiaste menigte zag een standvastige en een zelfverzekerde band, die boeide met hun broeierige, dromerige en frisse gitaarindiepop, die zeggingskracht kreeg door de zalvende zang van Antoine en Lionel. Ze waren te horen in een decor van een knusse huiskamer van tv’s en ‘lampedeires’. Ingenieus bandje!

En tenslotte konden we nacht ingaan met Lady Linn & Her Magnificent Seven. Bezig bijtje Lien Degreef  stond al in de spotlights bij de dancepop van Bolchi en de hiphop van Skeemz. In de huidige hype van sensueel, zwoele funkende jazzsoulpop van de dames Adele, Duffy, Estelle, Gabriella Cilmi en Amy Wanehouse graaft onze Lady Linn nog dieper in het muzikaal archief van‘50’s jumpin’ jive en ballroom jazz. De Zwerver toverde ze met haar swingband om in een rokerige jazzy nightclub. We hoorden pareltjes van songs als “Harlem on parade”, “Here we go”, “Cool down” en “I don’t wanna dance”. Verrukkelijke muziek, een ontwapende glimlach van Lien en een belevenis om aan het werk te zien.

Organisatie: VZW de Zwerver – Leffingeleuren, Leffinge

 

 

 

Zoo Army

507

Geschreven door

Zoo Army is een Duitse band die haar muzikale ideeën uit via Alternative Rock. Anno 2008 hebben ze er weer een nieuw album op zitten, namelijk ‘507’. Wat me onmiddellijk opvalt aan het artwork is dat Petra Buhl, die voor het artwork gezorgd heeft een passie deelt met mij: namelijk de vuilmakerstruc van Photoshop. Had ik het geweten, dan had ik me persoonlijk aangeboden om voor het artwork van de nieuwe Zoo Army te zorgen. Aangezien dit nu niet het geval is, beperk ik me tot het bespreken van de muziek op ‘507’.
We krijgen dertien nummers voorgeschoteld die met hun moderne, toegankelijke sound prima thuishoren op een zender als Studio Brussel of een festival als Pukkelpop. Ondanks het feit dak ik dit een prima plaat vind in het genre Alternative Rock, krijg ik snel de neiging om een andere cd te draaien. Veel nummers beginnen met een tamelijk heavy riff die mij wel aanstaat, maar dan wordt het weer zeikerig in plaats van de agressie de vrije loop te laten. Daar door staan er veel gemiste kansen op dit album. Ze hadden de tracklist wel wat anders mogen samenstellen, want nu lijkt het alsof al de rustigste nummers op het einde van de plaat staan, waardoor we niet echt kunnen spreken van voldoende variatie.
Ik ben niet echt overtuigd van deze plaat en zal ze wellicht nooit meer beluisteren. Maar ik ben ook niet echt een groot liefhebber van dit genre. Mensen die Alternative Rock super vinden, zullen deze cd wel meer kunnen appreciëren denk ik.

Haggard

Tales Of Ithiria

Geschreven door

Ik weet nog goed welke kippenvelmomenten me passeerden toen ik ‘Epur Si Muove’, Haggards vorige meesterwerkje, voor het eerst afspeelde. Ik vond het gewoon een killer album. Eind augustus 2008 kwam het nieuwe album uit, getiteld ‘Tales Of Ithiria’. Ik was benieuwd of Haggard er opnieuw zou in slagen mij te betoveren met hun prachtige combinatie van Death Metal en klassieke muziek.
Is dit album nu even geslaagd als ‘Epur Si Muove’ of ‘Awakening The Centuries?’
Zoals Michael Kyle het zou zeggen: “Eeeeeeeeeeeh nè!” Na verhalen over Nostradamus en Galileo Galilei, haalt maestro Assis Nasseri inspiratie uit zijn eigen fantasie. Dit album verhaalt gebeurtenissen in Ithiria. Ik kan jullie niet meer vertellen over het verhaal, want uit de lyrics ben ik nog niet veel wijzer geworden. Dus zullen we het maar over de muziek hebben.
Haggard klinkt nog steeds als een combinatie tussen Death Metal en klassieke muziek. Al is de Metal soms wel erg ver te zoeken op dit album. En als we al eens gitaren horen, dan klinken ze tamelijk rommelig en te zacht in de mix. Zelf de grunts zijn soms niet heelhuids uit de productie gekomen.
Naast gewone nummers zijn er ook gesproken inleidingen op dit album en die zijn ingesproken door niemand minder dan Mike Terrana.
Buitenbeentje op het album is “Hijo De La Luna”, de bekende Spaanse traditional, dat ondermeer werd gecoverd door Belle Perez. En als er iets is waar ik een Metalplaat niet mee wil associëren, dan is het wel Belle Perez. Nog een minpuntje erbij dus.
Fans van Haggard kunnen dit album gerust aanschaffen, maar zij die nog nooit van Haggard gehoord hebben raad ik aan om te beginnen met de albums ‘Epur Si Muove’ en ‘Awakening The Centuries’. Die zijn namelijk stukken beter dan Tales Of Ithiria.

Lightspeed Champion

Falling off the lavender bridge

Geschreven door

Je moet het maar kunnen, eerst deel uitmaken van een noise gezelschap en dan moeiteloos overstappen naar singer/songwriting vol melancholische countryrock. Devonte Hynes, één van de spils van Test Icicles, nog maar 21, liet de band opdoeken en koos voor deze aanpak. Z’n debuut heeft veel mee van AMC, Bright Eyes en Lemonheads. Soms zijn nummers omlijst door een breed instrumentarium als akoestische gitaar, steelpedal, piano en strijkerarrangementen als op het sfeervolle “Devil tricks for a bitch”, het opbouwende aan Sigur Ros gelinkte “Dry lips” en het uitgesponnen “My time spent down”; of ze worden sober gehouden, “Salty water” en “Everyone I know is listening to crunk”. De vrouwelijke backing vocals bieden een meerwaarde.
’Falling off the lavender bridge’ is een moedig, gevarieerde en weemoedige plaat!

Madrugada

Madrugada

Geschreven door

Het Noorse Madrugada zal binnenkort Scandinavische rockgeschiedenis zijn, want de band onder zanger/songschrijver Sivert Hoyem trekt na deze vijfde cd een definitieve lijn. 15 jaar lang hielden zij het midden tussen Cave en Tindersticks. Het onverwachts overlijden van mede songschrijver Robert Buras zal hier wel voor iets tussenzitten. En eigenaardig genoeg vinden we nu net een nummer dat Buras voor de eerste keer zelf inzong, het intieme op akoestische gitaar toongezet, “Our time won’t live that long”.
Deze afsluitende Madrugada plaat klinkt erg overtuigend. We horen twee prachtige openers, “Whatever happened to you”, en “The hour of the wolf”; het zijn strak gebalde, vettige rockers. “Look away Lucifer” en “Valley of desception” zijn de hardere, broeierige songs met een dreigende ondertoon, die doen denken aan het huidige werk van Cave. En de groep onderscheidt zich in een handvol donkere, sfeervolle nummers: “Honey bee”, “New woman/new man” en “What’s on your mind?”
Een indrukwekkende parel en een bezielde, eerlijke plaat! Een mooier eerbetoon kon Buras zich niet voorstellen ….

Friendly Fires

Friendly Fires

Geschreven door

Het Britse Friendly Fires debuteert met een melodieus aanstekelijk popdance plaatje. Het trio haalt verschillende invloeden aan als The Klaxons, !!! en LCD Soundsystem , combineert ‘70’s funk, ‘80’s Talking Heads en de electro van New Order. Hun geluid past perfect binnen het concept van de new rave. Het levert hen een luchtig en vrolijk plaatje op: “Jump in the pool”, “In the hospital” en “Paris”. Naast een pompend beatje klinkt het gezelschap wat sfeervoller en laten wat meer trance en zalvende beats doorklinken als op “Strobe”, “Skeleton boy” en “Photobooth”. De dansspieren worden aangesproken op “On board” en “Lovesick”, nummers die onze Stijn het nakijken geven door die groovende funky beat. Dit is een heerlijk afwisselend plaatje in z’n genre.

Outside IV 2008: 10 jaar Brieljant Deinze met Belgian Asociality en Red Zebra

Geschreven door

Kleine festivalletjes, ze zijn zo sympathiek, maar ’t is toch o zo moeilijk om iets uit de grond te stampen en een beetje volk bijeen te krijgen. Bij Brieljant hebben ze nog zo hun best gedaan, maar qua opkomst was het hoegenaamd genen vetten. Jammer, want waar ga je elders nog binnen voor 5  EUR en heb je vier pinten voor 5 EUR (jawel ,Schuer, vier)? Kortom, hier was je binnen en was je bovendien nog eens poepzat voor de prijs waar je in Werchter je parking voor betaalt, voor één dag.

De groepjes waren dan ook nog eens goed op dreef, zoals bijvoorbeeld Fanfaar, een soort Green Day lookalikes met het juiste gevoel voor humor en frisse Nederlandstalige poppunk songs, best wel leuk.

Goeie ouwe Belgian Asociality zijn na al die jaren nog steeds grappig, spelen rechtdoor hardcore en punk en beleven op een podium nog altijd de tijd van hun leven. Vette funpunk om stevige potten bier bij te drinken, wat wij dan ook gedaan hebben.

Red Zebra klinken ook nog best stevig, ook al speelden ze weinig van de gekende ‘oldies’, met uitzondering dan van “The art of conversation” en het onvermijdelijke “Can’t live in a living room”. De Zebras van vandaag hebben een ietwat meer punky sound en minder eighties wave. Vandaar dat ze ook niet gedateerd of belegen klinken en aan hun enthousiasme te zien zullen ze nog wel een tijdje doorgaan.

Organisatie: Brieljant Deinze ism Stadsbestuur, Deinze

The Melvins

Melvins en Co: één grote vriendenclub!

Geschreven door

De openingsavond van het najaarseizoen van de Democrazy werd geopend met de legendarische en onnavolgbare meesters van de oergrunge, The Melvins. Deze cultband uit Seattle, USA, rond zanger/gitarist Buzz Osborne aka King Buzzo en drummer Dale Crover doen inmiddels 25 jaar hun eigen ding. Hun mengeling van alternatieve metal, sludge, punk, noise en grunge was van grote invloed op vele bands die vandaag en in het (recente) verleden het mooie weer maakten: Nirvana, Tool, Mastodon, Eyehategod, Tad, Soundgarden, Crowbar, Clutch, Boris, etc. Toch wisten ze altijd net dat tikje anders uit de hoek te komen dan hun collega's, vooral door hun experimenteerdrang, hun moeilijk te categoriseren muziek en cryptische en humoristische teksten.

Een goed gevulde Vooruit (zo'n 1000 aanwezigen) was getuige van een sterke performance van deze veteranen waarbij de nadruk vooral lag op hun laatste 2 albums, 'Nude with boots' and 'A senile animal.' Hierop staat het 'double drums-concept' centraal: 2 drummers (vast lid Dale Crover en Big Business-drummer Coady Willis) die er aardig op los mepten en zorgsen voor de nodige drive en energie en bovenal een aparte beleving. Jarred Warren (Big Business- zanger en bassist) klonk als de jonge King Buzzo en was gehuld in een matroosoutfit, een leuk zicht. Zanger/gitarist Buzz Osborne was met zijn eigenzinnige kapsel een aparte verschijning en zorgde voor zijn herkenbare vocals en heavy, groovy  riffs. We hoorden vrijwel de gehele 'Nude with boots' plaat passeren met knappe songs als "The kicking machine", "Dog island", "Suicide in progress", "The smiling cobra" en het titelnummer. Van voorganger 'A senile animal' werden o.a.. "The talking horse", "A history of bad men", "The mechanical bride" en "Civilized worm" gespeeld. Tijdens het optreden werd duidelijk dat hun 'classic rock'-roots op de voorgrond stonden en het experiment werd tot een minimum beperkt (behalve enkele noisy soundscapes/intermezzo's). Vooral Black Sabbath, Kiss en Led Zeppelin klonken door.
Minpunt was dat de iets oudere fans weinig herkenbaar spul voorgeschoteld kregen, enkel "Honey bucket", "Joan of Arc" en "Oven" werden gespeeld.

Hiermee bewezen The Melvins nog altijd hun onvoorspelbaarheid en eigen identiteit. Een dynamische en rauwe set. Much respect!!!

Support-act Big Business (tevens ritmesectie van The Melvins) werd live bijgestaan door Melvins-drummer Dale Crover die nu zorgde voor de vette gitaarpartijen en een extra drummer. De songs uit 'Here come the waterworks' en ‘Head for the shallow' bevatten elementen uit stoner rock, sludge en punk en live misten deze knallers hun doel niet. Dit smaakte naar meer!

Opener was Porn (voorheen The Men of Porn) uit San Francisco die een instrumentale set serveerden van noise, metal, stoner rock en sludge. De combinatie van 2 synchroon spelende drummers (waaronder Dale Crover), loodzware riffs en creepy distortion, feedback en effecten werd maar matig ontvangen. Er was ook niet echt sprake van nummers of structuren, het was één lange jampartij van 30 minuten. Enkel voor de die hards en noise freaks onder ons!

Organisatie: Democrazy, Gent

The Stray Cats

Fun, ervaring en enthousiasme

Geschreven door

Reünies, vaak gaan ze gepaard met schaamteloos geldbejag (iemand The Police of The Sex Pistols gezien?) maar al even vaak krijgen we een bende te zien die het stomende bloed van weleer hebben teruggevonden en er terug invliegen als in de prille dagen. The Stay Cats vallen gelukkig in deze tweede categorie, hun enthousiasme op het podium werkte in Brussel zeer aanstekelijk en sloeg over op het publiek die het trio bedankte met een uitgelaten respons. Brian Setzer manifesteerde zich als een briljant gitarist (voor wie daar nog aan twijfelde), maar het waren vooral Slim Jim Phantom en Lee Rocker die zich het meest amuseerden, de eerste al staande knallend op zijn sober drumstelletje en de tweede versmolten met zijn contrabas alsof het een bijzonder schoon vrouwmens was. Van bij de eerste tonen van “Rumble in Brighton” zat het snor en bewees het trio dat ze met heel hun lijf en brein in de rock’n’roll gedrenkt zijn.
Ervaring zat, alsook talent, maar ook overtuiging, fun en energie,dat maakt dat The Stray Cats anno 2008 nog steeds voor een vettig potje rockabilly kunnen zorgen. En zoals het een goede reünie betaamt, werden er geen nieuwe dingen uitgeprobeerd maar werden gewoon de oude classics uit de kast gehaald en gespeeld met een enthousiasme van “hop, stop maar een staaf dynamiet in ons hol en steek die lont aan”. In bijna twee uren passeerden gloeiende stampers als “Runaway boys”, “Gene and Eddie”, “Rock this town”, “Stray cat strut” en een sterk en fel “Fishnet Stockings”.
Twee uur compromisloze rockabilly en rock’n’roll, meer moet dat niet zijn. Des te jammer dat het nu wel de allerlaatste Stray Cats tournee was, het ding heet dan ook ‘The Farewell tour’. De heren vonden het zelf ook een beetje spijtig, want de gemeende en uitbundige reactie van een uiterst dankbaar publiek deed hen toch duidelijk iets. Dank u wel, Stray Cats!

Organisatie: Live Nation

Pagina 473 van 499