logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15433 Items)

King Hiss

King Hiss - release show - Een geboortefeest van majestueuze omvang!

Geschreven door

Deze avond kregen de heren van Arson en Psychonaut de opdracht om het publiek op te warmen voor de releaseshow van King Hiss nieuwe kindje, ‘Earthquaker’.

Eerst was het de beurt aan Arson. Ik had nog nooit over deze band gehoord en was heel benieuwd naar wat ze zouden brengen. Arson ontstond anno 2016 toen verschillende leden van Gentse metal- en screamobands tezamen kwamen om een potje te jammen. En al snel ging de bal aan het rollen…
Arson **** gaf ons vanavond een stevige maar ook stijlvolle cocktail van rock’n roll, punk en hardcore. Ieder nummer kwam bij mij bijzonder goed over en ik was oprecht gelukkig om een ‘jonge’ band te zien, met een geheel eigen sound. De zanger heeft een puike stem die veel aankan en alles klopte in verhouding met de muziek. Hiernaast had de zanger ook een bepaald charisma over hem, wat het publiek zeker hielp om aandachtig te blijven luisteren. Arson had duidelijk ook geen zin om ‘gewoon’ een set te spelen…: op de hoek van het podium stond er een kleine bar waar ieder die zin had, een gratis whisky kon nuttigen. Dit ter ere van de geboorte van King Hiss’ nieuwe schijf. Verder was het podium ook aangekleed met gezellige nachtlampjes, tapijten,… en waande ik mij eigenlijk in een stijlvolle ‘lieving’. Een ‘lieving’ waartegenover hun muziek sarcastisch genoeg totaal contrasteert. Ik hou van paradoxen als deze, vooral omdat ze moed vragen. Hopelijk blijft Arson nog lang bestaan, want ik werd instant fan!

Het tweede voorprogramma mochten de Mechelaars van Psychonaut*** verzorgen. Psychonaut brengt psychedelische post-metal en leerde ik in het verleden al kennen als een band met een verpletterend geluid. Ook vanavond deden ze dit opnieuw alle eer aan. De gitaren klonken zwaar, de riffs waren snijdend en de drum zat er steeds ‘boenk’ op. De muziek van Psychonaut zoog mij op in een soort van bubbel waardoor ik geen oog meer had voor alles wat rondom mij gebeurde. Enkel de band kreeg mijn volledige aandacht. En dit maak ik eerder zelden dan vaak mee. Na ongeveer 40 minuten spelen zat hun set erop, en bleef ik achter met het brandend verlangen om ze zo snel mogelijk opnieuw aan het werk te zien.

Na die twee strakke voorprogramma’s was het eindelijk tijd om samen met King Hiss**** hun nieuwe plaat ‘Earthquaker’ te vieren. En niet zomaar een plaat, wel een ijzersterke plaat waarmee ze opnieuw zoveel gegroeid zijn als band. King Hiss zette meteen in met “Revolt!”, een nummer vanop de nieuwe plaat. De groep stond ongelooflijk scherp, want dit nummer ging snel, hard en eiste al meteen verschillende solo’s op. Het geluid zat puik en King Hiss klonk gewoonweg nu al majestueus. De manier waarop Josh Fury zijn gitaar beheerste was bijna te gek voor woorden. Al had ik dit stiekem ook kunnen verwachten, gezien Josh (lees: levende legende) lid was van Congress en Liar, twee bands die de West-Vlaamse ‘H8000’-hardcore scene ook internationaal op de kaart hielpen te plaatsten. Bij verschillende nummers, kon ik nog een subtiele invloed horen van het typerend ‘militant metallic-hardcore’ geluid uit de H8000-scene. Toch overheerste dit niet en legde ik er mij meteen bij neer dat dit gewoon Josh z’n signatuur  sound is. Was mij betreft een groot geluk voor deze band!
Ondertussen werd iedereen in de zaal razend enthousiast. De koppen bewogen mee op de maat van de muziek en in de frontlinie werd er zelfs nog heviger bewogen of gecrowdsurft. De kracht van King Hiss zit ‘em volgens mij vooral in het feit dat hun songs oerdegelijk geschreven zijn en live nog zoveel sterker tot hun recht komen. King Hiss bestaat stuk voor stuk uit uitmuntende muzikanten en het gegeven dat Jan Coudron’s stem ook live heel veelzijdig en krachtig is, maakt het allemaal nog zoveel beter.
De setlist bestond voor een grote helft uit nieuwe nummers, maar ook het eerdere werk kreeg nog zijn welverdiende plaats. Tijdens het nummer “Killer Hand” werden we verrast toen Jeroen Camerlynck aliasFleddy Melculy’ op het podium werd geroepen om mee te zingen. “Killer Hand” was hierdoor gewoon een regelrechte aanslag op onze trommelvliezen (in positieve zin). Nieuwe nummers die ik live opvallend goed vond, waren: “Revolt!” vanwege de catchy intro en denderend gitaarwerk (lees: solo’s!), en “Butcher”, omdat Jan’s veelzijdige stem hier zo goed tot z’n recht komt. Maar ook binnen het oudere werk waren er een aantal hoogvliegers: het nummer “King Hiss”, vanwege de machtige intro, het nummer “Killer Hand”, omwille van de reeds hierboven vermelde reden en “Homeland”, vanwege de ‘wall of sound’ die mij tijdens dit nummer steeds opnieuw overrompelt.
‘Virtuositeit’… ja… dit is eigenlijk de beste noemer om deze band zowel live, als op plaat te typeren. King Hiss is een band die het niet verdient om te blijven teren op binnenlandse club- en festivalshows. Het is wel een groep die op grote podia hoort te staan, naast evenwaardige kleppers als High on Fire en Mastodon.

Setlist: Revolt! – Desertsurfer - We Live In Shadows - La Haine – Monolith - Black Wolf – Snakeskin -Mastosaurus – GTWHR – Earthquaker - King Hiss – Butcher - Killer Hand – Mountains - Homeland

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/de-kreun-kortrijk/king-hiss-01-11-2019.html
Organisatie: King Hiss ism Wilde Westen, Kortrijk

Captain Cheese-Beard

Captain Cheese-Beard - Het moeilijke is dat je ons niet kunt plaatsen, en vooral in Vlaanderen is dat blijkbaar een probleem om aan de bak te komen

Geschreven door

Captain Cheese-Beard - Het moeilijke is dat je ons niet kunt plaatsen, en vooral in Vlaanderen is dat blijkbaar een probleem om aan de bak te komen

Captain Cheese-beard is een band die zijn invloeden haalt uit de muziek van Frank Zappa, in het verleden coverden ze deze top artiest. Maar op de nieuwe EP 'Deadwood' hoor je ook een band die meer en meer over een eigen smoel beschikt. De band is klaar voor de grote stap voorwaarts.
We hadden een gesprek met bezieler van dit project Johan De Coninck over Zappa, de ambities en hoe moeilijk het in Vlaanderen aan de bak te komen met muziek die je niet kan plaatsen.

In eerste instantie was de band een tribute naar Frank Zappa dacht ik? Hoe zijn jullie bij Zappa terecht gekomen. Zappa zijn muziek is niet gemakkelijk te coveren naar mijn mening, heeft bloed zweet en tranen gekost zijn beweegreden uit te pluizen? is dat ook gelukt?
Zappa is altijd één van mijn grote helden geweest. Het was een Challenge die ik dan ook ooit wilde aangaan. Ik zat al een beetje in het circuit van coverbands, maar vond dit dus een grotere uitdaging. Ook omdat zijn muziek niet meer gespeeld werd. Om Zappa te coveren moet je als muzikant trouwens absolute top zijn, ik heb dus echt muzikanten rond mij verzameld die op een torenhoog niveau muziek spelen. Zelfs voor muzikanten die conservatorium studies doen is het een uitdaging. Eigenlijk vormen we naar mijn mening een solide formatie; een goede drummer en bassist zijn de basis waarrond rock muziek wordt gecomponeerd. De ritmesectie, is het begin van alles waardoor ze van onschatbare waarde zijn binnen een band. Met andere woorden. Je mag fantastische muzikanten rond u verzamelen, als de drummer of de bassist slecht is , valt die hele ritmesectie en je song in het water. Versta me niet verkeerd, iedereen is belangrijk. Maar de basis? Die ligt toch daar en ik heb het geluk dat de Cheese-Beard's ritmesectie top is.

Hoe doe je dat experimenteren met experimentele muziek?
Eigenlijk experimenteer ik niet met die muziek van Zappa, die is uitgeschreven. Ik speel zelf trouwens op gehoor en geheugen. Dat gaat trouwens ook op voor onze bassist en drummer. Met Zappa's muziek experimenteren is echt moeilijk, ook al klinkt het voor mensen chaotisch, in die chaos zit weldegelijk totale orde. Buiten solo stukken of zo, daar kunnen de individuele muzikanten improviseren. Wat wel belangrijk is bij het spelen van Zappa's werk, is,  je moet daar letterlijk uw draai in kunnen vinden, om het te begrijpen. Anders lukt het niet. Met Captain Cheese-Beard wilden we daar vooral onze eigen groove aan geven, aan die muziek van Zappa. Improviseren kan dus wel een beetje. Maar de basis is dus gewoon dat je de partituren bestudeert en de noten speelt die de meester heeft uitgeschreven.

De bandnaam verwijst ook naar Captain Beefheart?
Dat was eigenlijk een beetje toeval die naam was me wat bij gebleven en zo is Captain Cheese-Beard uiteindelijk als naam gekozen.

Jullie zijn trouwens bijzonder actief geweest met twee releases. Hoe waren de reacties tot nu toe?
'Symphony for the Auto-horns' is eigenlijk al vijf jaar geleden uitgebracht. Maar onze Engelse promotors vonden het, ter gelegenheid van de release van onze recente EP 'Deadwood' een goed idee om deze opnieuw een soft release te geven. Wat reacties betreft, nu en vijf jaar geleden waren die over het algemeen zeer positief. We hebben eigenlijk geen enkele negatieve reactie gekregen.

Dat was eigenlijk mijn enig klein puntje van kritiek bij de vorige release, en dat viel me bij de EP op. Dat jullie op die EP een beetje afstand hebben genomen van Zappa en een eigen smoel hebben gekregen. Dat vond ik daar zeer positief aan, aan die nieuwe EP.

We hebben jarenlang puur Zappa gespeeld, maar er is daar blijkbaar geen publiek voor. Het was dan doodzonde om met zoveel mensen te staan repeteren voor niets. Ik heb dan maar om toch vooruit te gaan een album geschreven dat helemaal aansloot op Zappa's werk. Veel vrienden - en jij ook - zeiden ons dat ze meer eigenheid wilden horen. Uiteraard Zappa zit in ons DNA die gaan we nooit volledig uitsluiten, maar het is gewoon een logisch groeiproces dat Captain Cheese-Beard meer en meer als Captain Cheese-Beard begint te klinken .

Johan, je hebt ook - volgens ik via de sociale media heb vernomen - aan andere metal projecten en zo gewerkt in het verleden. Vertel er eens meer over aan onze lezers die dat niet weten?
We hebben het daar inderdaad over gehad met Geert , inderdaad heb ik lang in die scene gezeten maar ik heb sinds mijn kindertijd eigenlijk naar alles geluisterd. Ik heb ook altijd gehouden van lang uitgesponnen nummers en orkestrale producties. Een van de eerste platen die ik ooit heb gekocht was: 'Out of the Blue' van ELO. Ook Pink Floyd , daar hield ik enorm van maar het is een beetje logische stap  geweest in het begin dat ik als gitarist mij tot het metal genre aangetrokken voelde.

Van metal naar Zappa is niet een onlogische stap vind ik. Wat denk jij daar zelf van?
Ja, bij Zappa vind je alles terug. Doo Woob, Jazz, zelfs een hoop Klassiek. Je kon hem niet in een hokje steken. Als Zappa reggae speelt is dat Zappa reggae. Hij maakte daar zijn eigen stijl van. Dat is eigenlijk een beetje een probleem tegenwoordig, men wil alles een beetje teveel in een bepaald hokje duwen vind ik, ook binnen de metal scene en dat is zeer spijtig eigenlijk.

Om terug te komen op die EP. Zijn er nog groeimogelijkheden?
Ik werk momenteel bepaalde ideeën uit maar we gaan met deze plaat eerst stappen moeten zetten. Het is niet de bedoeling onze boterham daarmee te verdienen, we hebben allemaal een baan en gezin buiten onze activiteiten als muzikant. Buiten enkele specifieke gevallen die alles pakken, is het trouwens bijna onmogelijk om als muzikant je brood te verdienen. Je ziet daar eigenlijk nog steeds een Mattheus effect ''zij die niets hebben zullen niets krijgen, wie alles al heeft zal nog meer krijgen''. Zo is het tegenwoordig ook gesteld met het huidig business model in de muziekindustrie.

Is het in tijden van streaming nog nodig om platen uit te brengen? heeft een band daar nog iets aan? (dat is een vraag die ik iedereen stel hoor ) De antwoorden zijn zeer uiteenlopend;  ik was benieuwd naar de mening van iemand die al veel jaren meedraait in het vak?
'Deadwood' is uitgebracht op vinyl. Ik heb eigenlijk zelf nooit muziek van mij op vinyl gehad en Pierre Chevalier, (keys) die een fervent vinyl verzamelaar is zat in hetzelfde schuitje, dus wilde we de EP absoluut op vinyl uitbrengen. De plaat is uiteindelijk te beluisteren via de voor de hand liggende streaming services zoals Apple Music en Spotify en je kan ook de digitale downloadable versie via de Mottowsoundz site aanschaffen Het is dus eigenlijk een en- en verhaal

Hoe zien jullie jezelf verder evolueren? Welke richting wil je uitgaan? Wat zijn jullie ambities?
Wij willen zeker live spelen. Maar het is niet evident. Het is niet de bedoeling dat we met marschalls en zo te gaan sleuren in een café gaan spelen. Er moet echt iets aanwezig zijn qua technische infrastructuur en dergelijke in de zalen waar we zouden kunnen spelen. We zijn daar ambitieus in, maar de muziek die we brengen moet gewoon perfect zijn, daarvoor hebben we een goede akoestiek nodig en een podium waar je 10 man kan op huisvesten. Dus we willen vooral daarin verder evolueren, en hopen dat deze EP dus deuren opent om op te treden in degelijke zalen.

Zappa fans zijn er toch genoeg?
Ja dat is de ironie daarvan. We wilden ons daar wat van onttrekken omdat er geen markt voor is, en nu krijgen we het omgekeerde effect. En nu, die Zappa communitiy wilt dan weer dat je praktisch alleen Zappa speelt dus Die categorie zappa fans haken af omdat we onze eigen weg opgaan. Het is een beetje een rare wending, een mes dat langs twee kanten snijdt, moet ik toegeven.

Hoe zijn jullie bij Mottowsoundz terecht gekomen?
De baas van Mottowsoundz is al jaren een vriend van mij. Hij is onze geluid ingenieur. Matthias vond het prachtig dat we Zappa wilden doen en is onze vaste geluid man geworden. Hij is uiteindelijk een eigen platenlabel begonnen en heeft daar veel geld in gestoken. Na al die jaren heeft hij een hele reputatie opgebouwd. Hij heeft het debuut van.Allez Allez heruitgebracht en ook LaMuerte en My Diligence zitten bij Mottowsoundz. Hij doet dat allemaal vanuit zijn Man-Cave, het is vooral een passie voor hem. En ja  het heeft ondertussen wel deuren geopend, Mottowsoundz is een redelijk groot label geworden.  Ik wil ook nog even een pluim op zijn hoed steken voor zijn werk als mixer en co-producer. Zijn werk op de ‘Deadwood’ EP is fenomenaal. Zonder zijn toewijding zijn de Cheese-Beard producties onmogelijk te realiseren .

Johan, ben je nog aan andere projecten bezig nu?
Nee. Ik ben vooral blij dat ik zoveel muzikanten heb kunnen samen brengen om dit project te verwezenlijken daar ben ik best trots op. Als ik die allemaal samen zie staan, dat geeft me voldoening. Ook heb ik geen tijd voor andere projecten.

Naast de verre toekomst, wat brengt de recente toekomst? Tour plannen? in het buitenland kortom?

We wachten onze kans af, maar blijkbaar is het moeilijk om ons ergens te plaatsen. Ik zie bijvoorbeeld een prog rock opleving de laatste tijd. Maar ik heb toch de indruk dat we de meest mis begrepen band zijn in België, ze kunnen ons niet in een hokje duwen en daardoor geraken we moeilijk ergens binnen. We hopen daarom dat die EP op dat vlak toch wat deuren opent, dat bepaalde Belgische promotors ons toch zullen willen boeken. In het buitenland is daar wel een scene voor, maar dat ligt niet simpel om zomaar naar het buitenland te gaan, zeker met een dergelijk grote productie. Het is een beetje vechten tegen de bierkaai. We zullen voldoende promotie moeten doen. Met andere woorden. Onze muziek is dus eigenlijk meer geschikt voor het buitenland dan het binnenland, en dat is spijtig.

Radio feedback?
Het is ook moeilijk om hier op de radio te worden gedraaid, zelfs een meer alternatieve radio zender die het exacte profiel van een potentiële Cheese-Beard fan bedient ,hebben we zonder succes gecontacteerd. Het grote probleem is dus wederom gewoon dat je ons niet in een hokje kunt plaatsen en dat we een unieke sound hebben, en vooral in Vlaanderen is dat een probleem. Daardoor worden we op de radio ook niet gedraaid. En dat is bijzonder jammer.

Veel succes en hopelijk zien we jullie spoedig on stage

Lauren Daigle

Lauren Daigle - God zij dank

Geschreven door

De Amerikaanse zangeres Lauren Daigle heeft al twee Grammy-awards op haar schouw staan, maar het is pas sinds dit jaar dat haar succes verder ging dan enkel Amerika. In haar thuisland is ze al een gevierde ster en behoort ze tot de top van ‘contemporary christian music’. In ons land is dit genre niet meteen een begrip, maar in het gelovige Amerika is dit een populaire muzikale richting die nog steeds relevant is. Sinds dit jaar kent ook België de prachtstem van Daigle en zo mocht het ‘uitverkocht’ bordje gisterenavond in de Botanique bovengehaald worden.

Met tien verteerbare minuten vertraging kwam Lauren Daigle na een korte intro op. De bal kwam dan aan het rollen door “Still Rolling Stones” dat met het legendarische “Think” van Aretha Franklin werd gemengd. “Look Up Child” bleef in datzelfde vrolijke elan en onderstreepte voor het eerst het goede samenspel van haar band en de drie backing vocals. Een van de dames kreeg in “Sir Duke”, in het origineel uiteraard van Stevie Wonder, de kans om vocaal helemaal uit te halen, en of ze dat deed.
Naast Daigle’s mooie stem was het toch ook wel de trompettist die de aandacht wist te trekken. In heel wat nummers kreeg het instrument een belangrijke rol toebedeeld. In bijvoorbeeld “Trust in You” was het blaasinstrument de rode draad en maakte het de sound nog iets voller. Een volle sound misten we dan in “Rescue”, dat de campagnesong van Studio Brussel’s Warmste Week is. In de eerste strofe en het eerste refrein leek Lauren een andere key te zingen, waardoor het ietwat raar overkwam. De liveversie focuste iets te veel op de orgel, waardoor we de magie van de studioversie moesten missen.
Terwijl muziek tegenwoordig vooral over alcohol, drugs, seks, liefdesverdriet of een politieke frustratie gaat, zingt Daigle allemaal nummers die een religieuze betekenis hebben. Niet elk nummer is echter een schot in de roos, want in tegenstelling tot bijvoorbeeld “How Can It Be” en “Love Like This” was “Losing My Religion” iets te saai en gebeurde er met het nummer weinig boeiends op podium. “Love Is” werd dan weer gered door een meezingmoment en haar grote hit “You Say” was uiteraard het moment waarop iedereen gewacht had.
Ondanks dat de Amerikaanse zangeres al drie albums uit heeft, kregen we toch net iets te veel covers te horen. Haar Bob Marley mash-up “Your Wings/One Love” was niet bijster memorabel en belandde al snel in de vergeetput. “Don’t Dream It’s Over”, in het origineel van Crowded House, was dan wel weer interessant door een interessante live-uitvoering. Toch hadden we graag nog iets meer van haar eigen nummers gehoord, want die moet ze niet meer naar haar eigen hand zetten. “Tremble” of  “Rebel Heart” waren alvast songs waarvan we er vaker zouden willen horen terugkeren in haar set.
Afsluiten deed ze met vier bisnummers, wat misschien ook iets te veel van het goede was, vooral omdat het (weeral) om drie covers ging.

Dat al de teksten een christelijke inhoud hebben, zal een groot deel van het publiek niet geweten hebben, omdat ze Daigle misschien enkel kenden van “You Say” en “Rescue”. Los van de boodschappen die ze brengt, is de muziek ook zeker mooi te noemen, al zou her en der wat extra pit geen kwaad kunnen.
Op vocaal vlak zong Daigle de hele avond subliem en kon ze het publiek begeesteren met haar stemgeluid dat lichtjes nasaal en hees klinkt.
Charmant was ze bovendien ook en zo liet ze ons voor bijna elk nummer weten dat het een van haar favoriete nummers was.
Een warme persoonlijkheid, die dankzij God de weg naar muziek vond. God zij dank.

Setlist: Still Rolling Stones/Think (Aretha Franklin cover)  - Look Up Child  - O’ Lord  - Trust in You - Sir Duke (Stevie Wonder cover) - This Girl  - Rescue  - Your Wings/One Love (Bob Marley cover) - Losing My Religion  - How Can It Be - Love Like This - Don’t Dream It’s Over (Crowded House cover) - Love Is - Rebel Heart - You Say - Tremble - Move On Up (Curtis Mayfiel cover) - Love Like This - Turn Your Eyes Upon Jesus (cover) - Something Beautiful (cover)

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Neem gerust een kijkje naar de pics (@Dieter Boone)
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/botanique-brussel/lauren-daigle-31-10-2019.html

Organisatie: Botanique, Brussel

Machine Head

Machine Head - Metalmarathon

Geschreven door

Het was nog maar een jaar geleden dat Machine Head te bezichtigen was in ons land, toen ze de AB helemaal tot op de fundering afbraken. Aangezien dit jaar hun debuutplaat ‘Burn My Eyes’ 25 kaarsjes mag uitblazen, zijn de metalheads terug aan het touren. Het was ook 25 jaar geleden dat de band voor het eerst in ons land speelde, toen knutselden ze in dezelfde zaal het voorprogramma van Slayer in elkaar. Een kwarteeuw later is de band uitgegroeid tot één van de meest gerespecteerde metalbands ter wereld. Vorig jaar hielden drummer Dave McClain en gitarist Phil Demmel ermee op, zij werden vervangen door respectievelijk Matt Alston en Vogg Kiełtyka.

De band stond voor twee en een halfuur geprogrammeerd, al was er geen ziel in de zaal die dat geloofde. Machine Head speelt meestal shows van een imposante drie uur en dat was gisteren in Vorst niet anders. Openen deed de band om 20u al met “Imperium”, zo luidden de Amerikanen het eerste deel van de show in. Veel hits, riffs en scheurende baslijnen. Het vroege uur zorgde ervoor dat de zaal nog quasi leeg stond, al stroomde ze na enkele nummers zoetjesaan vol. Zanger Robb Flynn jutte het publiek op, echter was op enkele enthousiastelingen na de sfeer maar flauwtjes. Het was aan het viertal om er schwung in te krijgen.
De bom barstte bij “Locust”, een nummer uit 2011. Hier werd de paradox duidelijk die Machine Head is. Ze zijn tegelijkertijd zeer ruw, maar ook verfijnd, op bepaalde momenten traag én snel. Het feit dat de band zo lang speelde, gaf hen de kans om het publiek helemaal onder te dompelen in hun specifieke sfeer en dan is het jammer dat het publiek soms steken liet vallen. Niet dat de temperatuur onder nul zat, toch moest Flynn meermaals om een circle pit vragen en haalde hij al zijn trucs uit de kast om de show gaande te houden. Dat was vooral nodig bij minder bekende nummers, waarbij een deel van het publiek aan het babbelen sloeg.
Gelukkig is de muziek van Machine Head steenhard en werd de irritante persoon naast ons prompt de mond gesnoerd met een bas van jewelste. Op de momenten dat de band zijn duivels ontbond, kon het concert omschreven worden als muzikaal de beste performance waar men om kon wensen en was het publiek voor de volle honderd procent mee. Steenhard en zonder ademruimtes. Voor een anderhalf uur dan toch, na het eerste deel van de show nam de band toch een welverdiende tien minuten pauze.

Hét signaal voor het publiek om een nieuwe halve liter bier in de handen te nemen, tot op de tonen van “Real Eyes, Realize, Real Lies” deel twee in de steigers stond. Met een licht gewijzigde bezetting speelde de band ‘Burn My Eyes’ integraal, met hier en daar enkele covers tussen gemixt. Voor de gelegenheid kon Flynn originele gitarist Logan Mader en originele drummer Chris Kontos overtuigen om mee te touren. Fantastisch als zoiets lukt, de heren toonden aan dat ze het nog in de vingers hebben.
Na het concert noteerden we Slayer, Metallica en Iron Maiden, al werden de meeste covers tijdens deel twee gespeeld. Leuk, het helpt ook dat ze muzikaal naadloos werden gebracht. Niet gemakkelijk om die bands te coveren, ze doen het toch maar.
Tegen het einde van de show werden we nog op een enorme circle pit getrakteerd en werd het publiek dan toch helemaal wild. Na een valste start trok de mensenmassa zich als een diesel op gang, om dan op volle toeren de barrière in te vlammen. Dat voelde de band, die alsmaar harder ging spelen. Zij tevreden, wij tevreden.

Al bij al zette Machine Head een sterke performance neer en kon het die drie uur goed vullen.

Setlist: Imperium - Take My Scars - Now We Die - I Am Hell (Sonata In C#) - Aesthetics of Hate - Darkness Within - Catharsis - From This Day - Ten Ton Hammer - Is There Anybody Out There - Hallowed Be Thy Name (Iron Maiden cover) - Halo - Davidian - Old - A Thousand Lies - None but My Own - The Rage to Overcome - Death Church - A Nation on Fire - Blood for Blood - I’m Your God Now - One / Thunder Kiss 65 / South Of Heaven / Raining Blood - Block

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be   

Organisatie: Live Nation

The Van Jets

The Van Jets - Afscheid langs de grote poort

Geschreven door

Afscheid nemen doet altijd een beetje pijn. Toen The Van Jets aankondigden om na 16 jaar en 5 albums de handdoek in de ring te gooien, sloeg dat toch in als een bom. Echter eindigt de band in goede vriendschap met elkaar en de fans, en op een moment dat ze nog steeds relevant zijn. Getuige daarvan die laatste plaat in 2017 'Future Primitives' die overal zeer goed werd ontvangen. Na een geslaagde festivaltour en afscheidsconcert in Gent, stonden er nu twee compleet uitverkochte optredens gepland in een uitverkochte Ancienne Belgique. Wij waren erbij op donderdag 31 oktober …

Vanaf de eerste song “21st Century Boy” werd al duidelijk dat de band met een knal van formaat hun fans wilde bedanken voor al die jaren hen trouw volgen. Het publiek reageerde dan ook laaiend enthousiast, en zou daar niet mee ophouden tot het einde van de avond. Ook de band zelf voelde aan dat ze hier in AB een soort thuismatch konden spelen, en die winnen met een monsterscore.
Daarom werd de lat prompt wat hoger gelegd. De vuurkracht waarmee de heren in de beginjaren menig concertzaal en festivalweide plat speelde,  blijft na al die jaren nog steeds overeind staan. Dit zou dus geen afscheid worden van een band die uitgeblust is, maar één band op het hoogtepunt van zijn kunnen. Dat zorgde voor een wervelend feest dat maar bleef aanhouden met het prachtige “Here Comes the  Light”. Al vrij vlug een hoogtepunt op deze avond.
Een groot pluspunt aan The Van Jets is dat na al die jaren ze steeds durven en kunnen variëren in hun kunnen. Zo was er een intiemer moment toen Johannes akoestisch en solo een pakkende versie bracht van “Teevee”, waarna alle registers terug werden open gegooid bij “Pink & Blue”.
Wie had gedacht dat het toppunt toen was bereikt , kreeg nog een verschroeiende finale voorgeschoteld waarbij de band de handen op elkaar kreeg bij “The sound of Sea”, “Down Below” en “The Future”. Een daverend applaus volgde, waarna de band daar gewoon enkele stevige scheppen bovenop doet met het laaiend enthousiast onthaalde “Ricochet” , “Our love = stronge” en “Danger Zone”.
Op het einde van deze circa twee uur lange set stond iedereen, tot zelfs in de tribunes, recht om de band nog een laatste daverend en welverdiend applaus te bezorgen. Een toch duidelijk geëmotioneerde Johannes bedankt zijn fans met 'dit gaan we missen, en elkaar ook want we stoppen niet omdat we elkanders kop beu gezien zijn' verklaarde hij.
De voltallige band kwam nog terug om als mooie kers op de taart een akoestische versie te brengen van “Here Comes The Light”. Een overweldigend mooi sluitstuk, van een meer dan geslaagd afscheidconcert in AB.

The Van Jets nemen in Ancienne Belgique afscheid langs de grote poort, door het brengen van een gevarieerde set van twee uur die geen seconde verveelde. Ze schotelden een wervelend optreden voor waarbij de daken er naar goede gewoonte afgaan, maar ook veel uiteenlopende emoties werden losgeweekt zowel bij de fans als de band zelf. Of dit een definitief afscheid is , laten we in het midden, maar ook als dit niet of wel het omslaan is van een ander bladzijde in de carrière van The van Jets? Dan buigen we nederig het hoofd en zeggen geen vaarwel, maar tot weerzien. Want deze band is na 16 jaar nog verre van uitgeblust, integendeel. Dat bewezen ze op deze Halloween avond in Ancienne Belgique uitvoerig.

Setlist: 21st Century Boy - Short Notes - Here Comes the Light - Electric Soldiers - Bankers -  Day on Clouds - Mystify - Teevee (Johannes Solo & Acoustic) - Pink & Blue - Who Does? -  Strange Paradise - Shit to Gold - Broken Bones - The Sound of Sea - Down Below - The Future
Encore: Ricochet - Our Love = Strong - What's Going On? - Boy to Beastie - Danger Zone -  Two Tides of Ice
Encore 2: Here Comes the Light (acoustic)

Met dank aan DaMusic http://www.damusic.be

Neem gerust een kijkje naar de pics van hun set in Vooruit, Gent op 18 oktober ll
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/handelsbeurs/the-van-jets-18-10-2019
Organisatie: Live Nation ism Ancienne Belgique, Brussel

The Delines

The Delines - De nachttrein van The Delines

Geschreven door

Oude tradities verdwijnen aan snel tempo in België, en ter vervanging ontstaan nieuwe tradities die van ergens overgeplant worden en een eigen draai krijgen. Zo is 31 oktober pas heel recent, onder de invloed van de commercie, Halloween geworden en ook het Mexicaanse Dia de los Muertes krijgt bij ons een commerciële invulling in allerhande activiteiten tijdens het Allerheiligenweekend. Dit jaar zag ik voor de eerste keer, verklede kinderen van deur tot deur gaan voor het  oer-Amerikaanse trick or treat.
Zelf heb ik het niet zo op geïmporteerde tradities, en daarom trok ik op Halloween naar de AB-club voor het origineel, voor een avondje puur en onversneden Americana recht uit de USA. The Delines kwamen hier immers hun tweede plaat, ‘The Imperial’ voorstellen, een must voor de liefhebbers van country, Americana en het Amerikaanse levenslied.

The Delines zijn een band uit Portland, Oregon, en kun je de reïncarnatie van Richmond Fontaine noemen, een countryrock-band die bestond tussen 1996 en 2016, die voor mij altijd onder de radar is gebleven, maar die raakpunten had met Wilco, Willard Grant Conspiracy en Green on Red. De kern van The Delines zat bij Richmond Fontaine, naast songschrijver Willy Vlautin, speelden ook bassist Freddy Trujillo en drummer Sean Oldham bij die eerste band. Oude wijn in nieuwe zakken dus? Niet echt, want de sound van The Delines wordt volledig bepaald door zangeres Amy Boone, en het tempo werd ook een stuk verlaagd, zodat je kan stellen dat de rock uit de countryrock verdwenen is en het dus hedendaagse, wat ze in de USA met een lelijk woord, alternatieve country noemen.
In 2014 namen The Delines hun debuut ‘Colfax’ op, maar het was dus wachten tot dit jaar voor de tweede, ‘The Imperial’. Zangeres Amy Boone had namelijk in 2016 een ernstig auto-ongeluk, zodat het tot dit jaar duurde eer de band terug volledig operationeel werd. Het was het wachten waard, want ‘The Imperial’ is een heel sterke plaat, wat The Delines vanavond ook op het podium van de AB bewezen.
De sterkte van deze band zijn de zeer rake, filmische teksten: songschrijver Willy Vlautin is naast muzikant ook een verdienstelijke romanschrijver, hij heeft al vijf boeken op zijn conto,  waarin hij de levens schetst van de gewone man in het Amerikaanse Midwesten die het moeilijk heeft de Amerikaanse droom waar te malen. Een aantal van die boeken zijn trouwens in het Nederlands vertaald en uit bij Meulenhoff.  Dit trekt hij door bij The Delines, hij slaagt erin met een halve zin het leven te schetsen van de personages uit zijn songs.
Zangeres Amy Boone brengt die verhalen met veel emotie, zodat je de personages echt tot leven hoort komen. Nummers als “Eddie and Polly” en “Holly the hustle” waren prachtige, bitterzoete verhalen die echt sterk binnenkwamen bij het publiek in de AB. De band vulde die verhalen aan met rustige, verstilde country, met mooie accenten van toetsen en trompet, die een nachtelijke sfeer opriepen. De vroege Tom Waits was niet ver weg, en als recentere referentiepunten kwam je uit bij Carla Torgerson van The Walkabouts , Courtney Marie Andrews en Joan as Police Woman.
The Delines zingen niet alleen over de gewone man, ook het Amerikaanse Midwesten wordt in al zijn tristesse bezongen: kleine steden in de middle of nowhere waar nooit iets gebeurt, met motels zoals ‘The Imperial’ die permanent bewoond worden door huurders die zich geen huis of stacaravan kunnen veroorloven. We moesten heel erg denken aan de Canvasserie ‘On the road zonder Jack’ van Luc Vrydaghs. Er zijn weinig bands die met klank en verhalen kleine, muzikale kortfilms creëren, maar The Delines spelen het klaar, en daarom zitten ze alvast in mijn eindejaarslijstje.

Setlist: Eight floors up - The Imperial-Lately   I've been going down - Waiting on the blue - That old haunted place - Holly the Hustle - Colfax Avenue - Hold me slow – Instrumental - Where are you Sonny? - A room on the tenth floor - Eddie & Polly - I always meant to come back - Cheer up Charley /Stateline - Let's be us again - Wait for me - When Marlene was Marlene - He don't burn for me

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Reptilians From Andromeda

Reptilians From Andromeda - Garagepunk-party met Reptilians From Andromeda

Geschreven door

Bij Turkije denken we al snel aan all-in vakanties en Syrische vluchtelingen, maar niet meteen aan rockbands. Jammer, want de rock- en punkscene van bv. Istanbul is heel rijk en divers. Reptilians From Andromeda is een garagepunkband uit Istanbul die regelmatig door Europa tourt. De eerste halte van hun jongste tournee was in Den Trap in Kortrijk.

In het Belgische luik van deze tour krijgen de Reptilians het gezelschap van onze eigen Unwanted Tattoo . Beide bands zijn goed bevriend en nodigen elkaar geregeld uit. Ze zitten muzikaal een beetje in hetzelfde straatje en hebben dezelfde retro-vibe in hun artwork en posters. Unwanted Tattoo brengt catchy garagepunk met heel diverse invloeden, van surf tot Mexico.
In Den Trap beginnen ze met de surf-instrumental “Surf Aloha Splash”. Daarna vallen de zangeressen Annette en Rine in en gaat de snelheid omhoog met “Fool On A Leash” en “Devilette”. Zowat alle tracks van hun jongste vinylalbum ‘Pardon My French’ komen langs, aangevuld met de jongste single “Hey Lucha” en ouder werk.
Liefst drie covers schotelen ze ons voor, maar dat mag zeker op een set van ruim 20 songs. Vooral als ze die zo raak weten te kiezen: “Human Fly” van The Cramps, “Beat Up The Brat” (of “Tattoo On The Brat”, uitzonderlijk gezongen door gitarist Wouter) van The Ramones en “Do You Love Me” (Now That I Can Dance) van The Contours (maar bekender in de versie van The Sonics).
Unwanted Tattoo heeft als band al heel wat kilometers op de teller, maar zal voor veel muziekliefhebbers nog in de categorie van ‘te ontdekken’ vallen. Het voordeel is dat de bandleden bijzonder goed op elkaar ingespeeld zijn. Hun enthousiasme werkt aanstekelijk. Het is altijd een feestje als Unwanted Tattoo op het podium staat. Laat u niet misleiden door de strakke jurkjes van de dames, het is echt wel een rockband die op het podium staat.

Na een heel snelle podiumwissel - de Reptilians From Andromeda  spelen met dezelfde backline en dezelfde instrumenten als Unwanted - is het de beurt aan Aybike, Tolga, Kerim en Onat. Zangeres Aybike is meer dan gewoon een zangeres. Ze zingt, schreeuwt, danst, knielt, vloekt en rolt over het podium en duikt geregeld het publiek in als ware ze de vrouwelijke equivalent van Iggy Pop. Haar bindteksten in het Engels, daar is nog wat werk aan, maar dat compenseert ze met rijkelijke dosissen enthousiasme en overgave. De lyrics gaan nogal vaak over dat iedereen zichzelf moet kunnen zijn en lijken daarom vooral uit de koker van Aybike te komen. Gitarist Tolga en de rest van de band hebben een net zo grote rock ’n roll-factor als hun frontvrouw, maar blijven wat in haar schaduw.
Reptilians From Andromeda brengt net als Unwanted Tattoo garagepunk, maar dan nog twee tanden smeriger en ruiger. De setlist bestaat uit de hele EP ‘Bloodlust Of The Doll Witch’, aangevuld met veel ouder werk en ook wel een paar covers. Nancy Sinatra’s “These Boots Are Made For Walking” krijgt een rauwe punk-jas aangemeten, “Eyeball” van The Subsonics kan in Kortrijk niet op herkenning rekenen, en bij “Havana Affair” van The Ramones gaat het publiek wel helemaal uit z’n dak.
Het eigen werk is minstens zo overtuigend, met furieuze versies van Drop Dead en Rugarou. Na een stomende set krijgen de Reptilians nog een welverdiende toegift. Als alle Turkse bands ons zo kunnen overtuigen, mogen er nog meer de oversteek maken.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/den-trap-kortrijk/reptilians-from-andromeda-30-10-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/den-trap-kortrijk/unwanted-tattoo-30-10-2019.html

Organisatie: Den Trap , Kortrijk

Daughters

Daughters - What the f***!

Geschreven door

Iets later dan gepland arriveer ik in de l’Aéronef en al meteen begint Jeromes Dream*** met spelen. Ik ken deze 3-koppige screamo-band uit Connecticut (V.S.) al langere tijd en ben fan van hun werk. Niet onbelangrijk is om te vermelden dat we van een klein geluk mogen spreken om deze band live aan het werk te kunnen zien. Ze hebben al een vrij turbulent verleden achter zich.
Jeromes Dream startte oorspronkelijk in 1997 en was toen één van de weinige screamo-bands in de lokale scene. Meerdere bands zijn daarom ook beïnvloed geweest door Jeromes Dream’s sound. Ze brachten verschillende split-ep’s uit met o.a. “Orchid, The Book of Dead Names” en “Amalgamation”. Na de release van hun tweede langspeler ‘Presents’ hield de band het voor bekeken. Gelukkig kwam de band opnieuw tezamen in 2018 en brachten ze na een fundraise-campagne hun laatste full ‘Untitled’ uit. Die laatste plaat werd door niemand minder dan Jack Shirley (Atomic Garden Studios) gemixt en werd middelmatig onthaald.
Hun optreden was vrij goed, maar ik vond dat de vocals niet krachtig genoeg over kwamen. Ik weet dat Nick Antonopoulos (zanger/gitarist) normaal gezien altijd in het publiek staat en zonder microfoon screamt. Want hij schijnt een hekel te hebben aan het podium. Net daarom was het voor mij een verrassing dat hij vanavond wel op het podium stond, met microfoon, geheel de show met zijn rug gekeerd naar het publiek. Misschien had hij al moeilijkheden met zijn stem? Wat maakt het uit… in ieder geval kwamen de nummers wel goed tot hun recht en leek de menigte te genieten. Algemeen gezien miste ik live die extra power, voelde ik de kwaadheid van in hun lyrics te weinig tot bij ons komen en werd het optreden op den duur ietwat monotoon. Ik had er toch meer van verwacht, maar vond hen een meer dan geschikt voorprogramma voor Daughters.

Daughters*****, de enige woorden waarmee ik hun optreden kan beschrijven zijn: What the F***! Daughters bracht van begin tot einde een keiharde, agressieve set. Alexis Marshall (zanger) gaf alles wat hij kon en gaf zich compleet over aan het gebeuren. Hij zong niet alleen steengoed, maar hij likte ook aan de microfoon, sleepte hem over de grond, smeet ermee in ’t rond, draaide de kabel rond zijn hals,… Het klinkt misschien allemaal nogal als makkelijk leedvermaak.
Maar dit deed hij duidelijk als het gevolg van de muziek. De band was in topvorm en leken zo vlotjes op elkaar ingespeeld. Nummer na nummer viel mij op hoe goed de drums, de gitaren, synths wel niet werden gespeeld. Ik was heel benieuwd of ze de nummers van hun laatste plaat (‘You Won’t Get What You Want’) live ook even intens konden brengen, want op dat album beuken ze al zo hard. En ik moet zeggen: live kwam alles nòg destructiever over. Zo bleek ook het publiek te reageren. Het ging er wild aan toe: er waren vele sing-a-longs en er werd ook gecrowdsurft.
Tijdens bepaalde nummers kwam Alexis ook het podium af en liep hij verdwaasd door het publiek. Hierdoor creëerde hij een dynamiek waarin iedereen betrokken werd. Soms moest ik ook denken aan de sfeer die vaak heerst bij een optreden van Gruppo Di Pawlowski (zijproject Mauro Pawlowski). Ik denk dat Alexis en Mauro het goed met elkaar zouden kunnen vinden.
De hoogtepunten van hun set waren voor mij persoonlijk “The Dead Singer”(toppunt van chaotisch gitaarspel met een knipoog naar Kabul Golf Club - RIP Lorent Pevée), “The Lords Song” (vanwege de geniale intro) en “Satan in the Wait” (vanwege de destructieve sfeer dat het gehele nummer met zich teweegbrengt).
Persoonlijk vind ik het wat jammer dat ze geen nummer van de plaat ‘Hell Songs’ gespeeld hebben, maar dit is dan ook maar het enige punt van ‘kritiek’ die ik kan vinden (na lang zoeken en uiterst persoonlijk).

Dit optreden, op deze avond, van deze band, was voor mij het beste optreden dat ik in jaren zag. Het is een onmogelijke opgave om in woorden te gieten hoe goed deze band live wel niet is. Vijf sterren geef ik niet snel. Maar de heren van Daughters verdienen ze zonder twijfel allemaal. Alles zat gewoon zo goed.
Moest Daughters er ooit (opnieuw) mee stoppen, zou dat een groot verlies zijn in de muziekwereld. Ik zou gaan rouwen. Zonder twijfel.
Wat een show was me dit niet. Zeker één die mij nog lang zal bij blijven.

Setlist: The Reason They Hate Us - The Lords Song - Satan in the Wait - The Dead Singer - Our Queens - Long Road, No Turns - Less Sex - The Hit - The Virgin - Guest House - Daughter - Ocean Song

Pics homepag @Davy De Schrooder
Neem gerust een kijkje naar de pics van hun set in Trix, Antwerpen, 4 oktober 2019 ll
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/trix-antwerpen/daughters-04-10-2019.html

Organisatie: Aéronef, Lille

STAKE

Critical Method

Geschreven door

Stake is een soort doorstart van Steak Number Eight. Toen het viertal aankondigde om te stoppen, maar vrijwel meteen daarna aankondigde dat ze met een ander project gingen beginnen, was het afwachten welke richting het zou uitgaan. We kunnen de Steak-fans geruststellen want het nieuwe project ligt niet zo heel ver van wat ze ervoor maakten. Betekent dat dan dat er geen veranderingen zijn? Nee dat ook weer niet. De zang van Brent is nog steeds zoals voorheen maar nu is die iets prominenter aanwezig. De oerkracht is gebleven maar de songs zelf zijn iets strakker en bondiger geworden. Ik zou zelfs durven zeggen dat ze iets toegankelijker zijn. Let wel het is nog steeds geen mainstreammuziek en erg radiovriendelijk is het ook weer niet geworden. Maar hé, malen we daarom? Zeker en vast niet. Opener “Critical Method” is een sterke opener dat hier en daar echo’s van Steak Number Eight laat horen. Het gitaarwerk en de energie doen mij onwillekeurig ook wat aan Brutus denken. “The Absolute Center” is het eerste hoogtepunt. De song heeft een fijne opbouw met de nodige twists and turns. Het gitaarwerk vind ik schitterend. De zang is afwisselend ruw en meeslepend. Ook de bridge halfweg is om duimen en vingers van af te likken. Topnummertje. Op “Careless” wordt de spanning minder opgebouwd en komt men meteen ter zake met een zware riff en fijn drumwerk. “Human Throne” is een tweede hoogtepunt. De psychedelisch klinkende intro gaat over in een weids klinkend nummer met mooi ingehouden zang van Brent en een warme solo in de bridge. “Catatonic Dreams” kenden we al van de videoclip maar het blijft nog steeds een kopstoot van een track. “Doped Up Salvations” is een dot van een nummer met een lekkere doomy riff, snedige zanglijnen, een haast meezingbaar refrein en enkele fijne tempowissels. Afsluiter “Eyes For Gold” begint met veel emotie en is heel toegankelijk. De track wordt gedurende zeven minuten mooi uitgebouwd en bereikt zo een genuanceerde climax naar het einde toe. Ook dit is terug een ferm nummer.
De jongens van Stake klinken bij hun wedergeboorte nog steeds verontrustend, vol energie en soms met een sneer van razernij. Maar ook soms genuanceerd, clean en ingehouden. Zowel de songs als de sound (een perfecte sound waarin elk instrument heel goed klinkt) staan als een huis. Een mengeling van smerige rock met sludge- en doominvloeden. Het is nu alleen nog wachten om ze live los te zien gaan.

Sebastian Straw

Welcome Yesterday

Geschreven door

Sebastian Straw is een Britpop/alternatieve muzikant die al veel watertjes heeft doorzwommen. Hij speelde bij lokale bands en bracht zopas zijn soloplaat 'Welcome Yesterday' op de markt. Een plaat boordevol emoties als woede, teleurstelling en lijden in al zijn vormen. Geen rozengeur en maneschijn, maar toch straalt Sebastian op zijn debuut enorm veel positiviteit uit.
“The lyrics on this album are autobiographical but anybody can read a few their own lives in them. We all – at least once – have fallen and got up on our feet again. Somehow we have found the strength to face our biggest problems without running away by seeking shelter somewhere we feel safe, still facing reality, proud of who we are today and how we arrived here. It was hard but if I look back I still manage to smile. This is where my album ‘Welcome Yesterday’ comes from,”  zegt Sebastian Straw er zelf over.
Dat is al te horen bij “Just Like Yourself”, een song die niet alleen over zichzelf gaat, maar over iedereen die ooit moeilijke momenten heeft beleefd. En toch is er die positieve energie die songs als “My Friend”, “Already Late” en “Happy People Shine” uitstralen die ons niet in een tranendal doet terechtkomen, maar doet vooruitkijken naar betere tijden. De boodschap is duidelijk: niet bij die pakken blijven zitten en doorgaan met wat je bezig bent. De koe bij de horens vatten dus.
Biografische albums zijn vaak emotionele beladen parels waar de artiest zijn ziel blootlegt; dat gebeurt voortdurend op deze knappe schijf. Toch zien we zoveel die zon door de wolken schijnen, dat we prompt die problemen beter aankunnen. Songs als “Walk Towards The Sun”, “Better Than Before” en “Alive Two” mogen dan zwaarmoedig klinken, dat lichtje aan het einde van die lange tunnel trekt ons weer recht. Sebastian Straw gebruikt zijn muziek om net hetzelfde te doen en dat zorgt ervoor dat we van begin tot einde geboeid zitten mee te luisteren en genieten. Terwijl we mijmerend over ons eigen leven, eveneens een traan wegpinken. Geen bittere, want altijd met een glimlach op de lippen en kop vooruit.
Sebastian Straw is een artiest die langzaam is kunnen groeien tot dit hoogtepunt in zijn carrière. Dit door middel van een best emotionele schijf uit te brengen, waarop Sebastian zichzelf blootgeeft. Maar je ook confronteert met uw eigen zieleroersels. Gelukkig laat hij steeds de kans open om die problemen aan te pakken binnen zijn songs. Die boodschap van hoop klinkt oorverdovend, waardoor we prompt onze eigen miserie beter aankunnen. We hopen dat Sebastian zelf kracht vond door het schrijven en brengen van die songs, om zijn eigen problemen het hoofd te bieden. Wat ons betreft, missie geslaagd.

Nar-Cist

Trilogy (EP)

Geschreven door

Nar-Cist is een Nederlandse new-waveband die na 30 jaar opnieuw bij elkaar gekomen is. De aanleiding is het overlijden van de toenmalige zanger (Hendrik Kamerman), dus werd een nieuwe gezocht en gevonden. Robert Bockting heeft een iets ander stemgeluid - hoe kan het ook anders - maar hij klinkt op ‘Trilogy’ wel exact zoals bands in dit genre in de jaren ’80 dat deden. Dat geldt overigens voor de hele band. Er is weinig gebeurd qua update of moderne twist. Deze ‘Trilogy’ haakt zich in compositie en lyrics helemaal in op hun album ‘Strange Fruit’ uit 1988. Dat mag, maar dat ze de productie en mix niet naar deze eeuw hebben gehaald, is dan weer een minpuntje. We zijn misschien streng, maar zelfs voor een eigen beheer-uitgave moet dat net iets beter kunnen.
Van de amper drie tracks kan “February Sunshine” het meeste bekoren. “Kissing An Arab” is slechts in de titel een knipoog naar The Cure’s “Killing An Arab”, waarvan Robert Smith in 2015 de songtitel veranderde naar ‘kissing’. Op de drie tracks weet Nar-Cist de tijdsgeest van eind jaren ‘80 perfect te vatten, maar het klinkt minder dansbaar en catchy dan toen.
Wat we onthouden: blij dat deze Nederlandse band terug is, dat ze nieuw materiaal hebben en vooral dat ze opnieuw shows spelen. Als er nog een plaatsje vrij komt/is op de affiche van W-Fest, zou Nar-Cist daar zeker thuishoren.

Luis Mojica

How A Stranger Is Made

Geschreven door

De Amerikaanse pianist, performer en componist Luis Mojica is een pianovirtuoos die piano en loopingpedaal gebruikt om een breder vocaal bereik te kunnen mixen met beatboxmelodieën. Met zijn debuut 'Wholesome' drukte hij in 2016 zijn stempel op het alternatieve muziekgebeuren met een avant-garde twist. Met 'How A Stranger is Made' brengt hij weer een wondermooie plaat uit waarbij zijn stem en piano zodanig intensief in elkaar vloeien dat u zich prompt in een sprookjeswereld waant.
Mojica beweegt zich voort als een troubadour, een ware verhalenverteller dus. Alleen niet met een gitaar, maar met de piano om die verhalen instrumentaal te begeleiden. Met “Insane” zet hij al de toon van de volledige schijf. Een fantasieprikkelende wereld gaat open, als Luis je letterlijk hypnotiseert met zijn bijzonder warme en kristalheldere stem. En daarmee zijn we vertrokken voor een zinnenprikkelende trip doorheen een vreemd landschap, waar het zeer fijn vertoeven is. Want ondanks de donkere schaduwen die opdoemen bij songs als “Moon Men”, “Witch Lov” of “City Friends” kunnen we de neiging om lekker te gaan dansen in de huiskamer niet onderdrukken. Het is een best aanstekelijk schijfje dat dus eveneens op de dansspieren lijkt te werken. Die aanstekelijkheid die schippert tussen emoties en uit de bol gaan, merken we meermaals op. Ook op het eerder meeslepende, met een donker kantje, gebrachte “Queen Song” voorwaar zelfs één van de donkerste songs op deze schijf. En toch eindigt ook deze met een positieve vibe die een glimlach op je lippen tovert.
Luis Mojica is een componist die zich laat omringen door klassemuzikanten, maar de teugels zelf stevig in handen houdt. Het resulteert in een bijzonder fijnzinnig kunstwerkje, waar avant-garde muziek wordt gecombineerd met lichtjes poppy geluiden en gekruid met de nodige weemoed of melancholie, waardoor je als aanhoorder wegdrijft naar die verre oorden uit je eigen fantasie.
 'How A Stanger is Made' laat een verhalenverteller zien en horen die door zijn gezapige manier van vertellen je aan zijn voeten doet neervlijen in het malse gras, waarna je je gewillig laat meevoeren naar zijn bonte en kleurrijke wereld. Enige voorwaarde is, en dat kunnen we niet genoeg herhalen, laat de fantasie het werk maar doen. Met de ogen gesloten waant u zich prompt in een sprookjes wereld waar het altijd fijn vertoeven is.

Black Leather Jacket

Tranquilizer

Geschreven door

2019 was het jaar van Black Leather Jacket. Hun nummer “Village People” kwam tot op plaats 3 in de Afrekening van Studio Brussel. Om hun muziek ergens te situeren neem je het best een blend van de Black Box Revelation, Sons en Equal Idiots. Voeg er nog een fijne scheut psychedelica en noise aan toe en klaar is je gerecht.
Op de eerste helft van hun eerste langspeelplaat komen we vooral rechttoe-rechtaan nummers tegen. Allemaal songs zonder al teveel franjes en ongeveer 2 minuten lang. Het reeds gekende en aanstekelijke “Village People” komt voorbij. Maar ook opener “Western World” is uit het goede hout gesneden en bevat een herkenbaar refrein. “Dead Souls” heeft een riff dat evengoed van The Stooges kon geweest zijn. De baslijn is hier wel de drijvende kracht achter het nummer. Met terug een aanstekelijk en meezingbaar refrein. Oudere luisteraars herinneren zich wel bands zoals The Nomads, Paranoiacs of de recente band The Nightmen. Daar doet “If You’re Waiting For A Sign…” qua sfeer mij wel een beetje aan denken. De eerste helft raast voorbij en is één brok energie die de wereld wordt ingestuurd. Het klinkt eenvoudig om die songs te maken maar de kunst is om het boeiend en aantrekkelijk te houden. Dat is hier zeker wel gelukt. Vanaf  “A New Era of Consumers” verruimen ze hun muziek een beetje. Deze track is een psychedelisch stukje muziek bestaande uit een akoestische gitaar met sfeervolle keys eronder. Ze baant tevens de weg vrij voor het energieke “Intoxicated”. “FFFreaks” bevat een loodzware riff en samen met de bas is het eerder een donkere song geworden. Hier neigt de zang naar noiserock. “A Burnt Child Dreads Fire I” is een geweldig mooie en eerder a-typische Black Leather Jacket song. De opbouw is hier vrij uitgesponnen. Het doet mij wat aan Kasabian denken. De bas zit hier echt goed op zijn plaats en is de ziel van de song waarrond de rest komt en gaat. Kijk, dit is nu een song dat aantoont waarom je zeker deze mannen niet mag onderschatten. Er staat daarna nog een part II op dat een iets andere mix meekreeg maar de song blijft gelijk hoe recht staan. Dan weet je dat het een goede song is.
De Noorderkempenaars van Black Leather Jacket hebben een aangenaam en aanstekelijk debuut uit dat het goede van “Village People” bevestigt. Hiermee bewijzen ze meer dan een hype te zijn en daarom vermoed ik dat we volgend jaar nog veel van hen gaan horen. 

The Detroit Cobras

The Detroit Cobras - Oude, vergeten parels zorgen voor een uitgelaten feestje

Geschreven door

Vooraleer het weerzien zich, na maar liefst vijftien jaar, kon voltrekken werden we nog eerst twee Parijse bands door de strot geramd. Vergeef me de wat oneerbiedige uitdrukking. Ik heb er trouwens alle begrip voor dat men beginnende groepen een kans geeft , maar ik had toch het gevoel dat er genoeg Franse groepen zijn die wat nauwer zouden aansluiten bij dit hoofdprogramma.

In de keuze voor Jack’s On Fire kon ik me nog enigszins vinden. Het viertal rond Vincent Lion en Claudia Singer hinkte wat op twee gedachten. Zanger-gitarist Lion deed hard zijn best om zo Brits mogelijk te klinken en wordt daarbij wel eens vergeleken met Arctic Monkeys maar daar had ik geen boodschap aan. Geef mij maar het zangeresje dat beschikte over een stel wonderlijke stembanden waarmee zij het eerder in de noiserock zocht. Wanneer ze het op een gillen zette , liet ze zelfs een Nele Janssen van Peuk wat verbleken.
Midden in de set hoorde ik onverwacht een vonken slaande versie van “Cherry Bomb”, dat het origineel van The Runaways ruimschoots overtrof en waardoor ik me al opmaakte voor een definitieve kentering. Helaas bleek het nummer dat erop volgde eerder op een afleggertje van The Strokes.

Met Parlor Snakes verscheen er een goed geoliede band op het podium met een onwrikbare sound waar geen millimeter van werd afgeweken en die verdomd goed wist waar ze naartoe wilde, helaas was dat niet mijn favoriete bestemming. Dit leek een kruising tussen glam en powerrock die voor weinig verrassingen zorgde , maar met Eugénie Alquezar hadden ze wel een geweldige frontvrouw in huis. Niet dat ze zo goed kon zingen of een virtuoos was op haar instrument (haar orgeltje deed trouwens meestal dienst als decoratie). Maar aan charisma had ze geen gebrek terwijl ik nooit eerder een zangeres zo gracieus zag dansen als zij en dat op torenhoge stiletto’s. En zo zorgde deze wonderlijke verschijning ervoor dat ik niet vroegtijdig de bar opzocht.

The Detroit Cobras, wie kent ze nog? Tussen 1998 en 2006 maakte deze groep rond zangeres Rachel Nagy en gitariste Mary Ramirez (de lijst met de overige groepsleden is schier eindeloos) vier LP’s en één EP vol obscure covers. Nagy en Ramirez wilden graag een band beginnen maar waren te lui om zelf nummers te schrijven. “Waarom zou je zelf een slechte song maken terwijl er al zoveel goede zijn” en dus keerden ze hun platenkast om.
Na acht jaar bleek die bron uitgeput en verdwenen de Cobras in de anonimiteit. Dus was het maar de vraag wat ze er na al die jaren nog van zouden bakken. Nieuw werk buiten een single op Jack White’s ‘Third Man Records’ is er niet.
Vergeleken met het elegante mirakel van daarnet oogde Rachel Nagy eerder een slons, maar dan wel een heel sympathieke en met tonnen meer (zang)talent. Nagy leek er al eentje op te hebben en dan druk ik me nog voorzichtig uit. Bij momenten hield ze zich nauwelijks staande, evenwichtsproblemen of straalbezopen? Gelukkig zette dat in ieder geval geen rem op het vocale werk want dat was nog steeds bijzonder indrukwekkend.
“Wie durft er Adele nog een goeie zangeres noemen nadat hij Rachel Nagy gehoord heeft” las ik ergens en daar kan ik me volledig bij aansluiten. Haar uiterlijk was misschien niet zo gracieus meer, haar stem dus te meer. Met een indrukwekkende souplesse reeg ze nonchalant maar altijd soulvol de rock-‘n-roll, rhythm-‘n-blues en soulparels aaneen. Naast haar het eeuwig goedlachse opdondertje, Mary Ramirez, die voortdurend bleef rondhossen. Het valt misschien niet meteen op maar ze is een verrekt goeie gitariste met een perfecte timing.
De rest van de groep (tweede gitaar, bas en drums) zorgde voor de vette en erg aanstekelijke garagesound. Wat was het een feest om al die oude vergeten juweeltjes, niet zelden deels door het publiek meegezongen, terug te horen. “Putty (in your hands)”( The Shirelles, ook gekend van The Yardbirds) , “Cha cha twist” (Connie Francis), de Oblivians klassieker “Bad man” (hier “Bad girl” uiteraard), “Weak spot” (Ruby Johnson) of “Leave my kitten alone” (Little Willie John) voorzien van een heerlijk “Meow”: het waren voortdurend aanslagen op de heupen.
Bij “Ya ya ya (Lookin’ for my baby)” (The Nightriders) beleefde een dame uit het publiek de tijd van haar leven toen ze mocht komen meezingen op het podium. Deze uitbundige nostalgische trip eindigde met het wat forsere “I wanna holler” (Gary U.S. Bonds) waarbij de groepsleden één voor één het podium verlieten met als laatste de drummer.
Er konden nog twee bissen af waarbij Rachel Nagy, vers drankje in de hand, haar hooggehielde laarzen had uitgetrokken en in bontgekleurde sokken verscheen. Teneinde het evenwicht wat beter te kunnen bewaren waarschijnlijk.

Organisatie: 4écluses, Dunkerque

Yungblud

Yungblud - Subculturenstroper is een storm in een glas groeimelk

Geschreven door

Yungblud is hip, in die mate dat de jonge Dominic Harrison en zijn compagnons op één jaar tijd drie keer de grote AB zaal tot de nok weten uit te verkopen. We keken vooralsnog de kat uit de boom. ‘Andermaal een opgeblazen hype’, zo dachten we, maar wanneer een hype blijft duren, dan kan er misschien wel eens wat meer aan de hand zijn. We sprongen in het muzikale ongewisse, maar werden helaas niet beloond voor onze gok.

Aan opwarmers SAINT PHNX maken we niet te veel woorden vuil. Het flauwe afkooksel van bands als Twenty One Pilots verzoop in overmatig gebruik van effecten en sample pads.
Daarnaast wist de frontman met zijn ge-yiyiyi geen blijf en hadden de nummers live niet veel meer om het lijf dan een beperkte hutsepot van All Time Low en Jonas Brothers, en dan zijn we nog optimistisch. Het bleek het (heel erg) jonge publiek echter worst te wezen. De AB was bij dit voorprogramma al erg goed gevuld en zelden maakten we het mee dat een publiek bij het voorprogramma al in het rond ging hoppen als een gigantische, verse worp konijnen.

Emo, punk en pop maakten de voorbije tien jaar een gigantische transitie door en de tijd toen diepgewortelde emotionele rock nog een labeltje ‘alleen voor depressieve zielen’ droeg, je tot de hardere kern moest behoren om punk te zijn, rappers een afkeer hadden van gitaren … Kortom, de tijd dat subcultuurparticipanten consequent hun neus ophaalden voor al wat richting commerciële pop overboog, die zijn definitief voorbij.
Wat begon met cross-over acts als Limp Bizkit, Green Day en All Time Low, heeft met Yungblud mogelijks het point-of-no-return bereikt. De jonge Brit heeft in geen tijd de ooit majestueuze troon van weggedeemsterde acts van onder het stof gehaald en zich eigen gemaakt.

Dat hij vingervlug ideetjes van alle relevante acts sinds de jaren ‘10 pikt, zal zijn erg jonge publiek evenwel ontgaan zijn. Moeilijk maakte hij het zijn iets oudere toeschouwers echter niet. In de wachtdeuntjes spotten we achtereenvolgens My Chemical Romance, Lil Peep en Green Day. De manier waarop Harrison door het publiek wordt onthaald , doet ons dan weer terugdenken aan Tokio Hotel. Juist ja, die graad van idolatrie.
Al tijdens de eerste tracks “21st Century Liability” en “Parents” werd duidelijk dat Yungblud meer draait om zijn image en de act an sich, dan de muzikale uitvoeringen. De nummers, die op plaat meer dan te pruimen zijn, kwamen live niet veel verder dan een sessie ‘wild in het rond springen’ en ‘halvelings wat lyrics door een vaak onhoorbare micro roepen’. Zowel het microstatief als Yungblud zelf pingelden meermaals tussen de uithoeken van het podium. Een verwoestende shot energie, dat het publiek in extase dreef, maar waarbij het muzikale aspect erg ondergeschikt was.
Net als zijn voorprogramma sleurt Yungblud geen groot legioen aan bandmaten met zich mee, en ook hier was er duidelijk goed met effectpedalen en tapes geknutseld om een dik, vol geluid door de speakers te kunnen knallen. Dit werd erg duidelijk aan het einde van de reguliere set, met name in de cover van MGK’s “I think I’m Okay”.
Ook bij de monsterhit “I Love You, Will You Marry Me” was dit niet anders, de gitaar die de flamboyante frontman rond zijn nek gezwierd krijgt , deed vooral dienst als accessoire. Het nummer kreeg wel een heel erg verleidelijke ska-tint, wat we dan weer konden appreciëren.
Yungblud is een man van het volk, maar liet datzelfde volk ook meer dan eens het werk voor hem opknappen. De vaak toch wel iets minder goedgemutste teksten rolden namelijk moeiteloos en luidkeels uit de pakweg tweeduizend jonge kelen, waardoor Yungblud het regelmatig onnodig achtte de vocale kar te trekken.
We mogen dit niet omschrijven als ‘spelen op spaarmodus’, want konden we de 22-jarige aansluiten op het elektriciteitnet, het wereldwijde energieprobleem was opgelost.
Soms lag het kopieergedrag van Yungblud er te vingerdik op, wat best een domper op de feestvreugde was. Het duurde jaren alvorens er uit het muziekcircus een jong, rockend, succesvol tieneridool voort te brengen. Helaas bleek de hoeveelheid ‘uniciteit’, bij de gehoopte verlosser die Yungblud is, toch aan de magere kant te zijn.
Gelukkig konden we naarmate de show volgde wel enkele driekwart hoogtepunten noteren. “Orginal Me” uit Yungblud’s nieuwste EP was veruit het best gebrachte nummer van de avond, en deed “Loner” ons zowaar aan de broertjes Gallagher denken.
Ook het eenvoudig, maar mooie, akoestisch gebrachte “Casual Sabotage” mocht er wezen en één van zijn laatste shots pure brit-power “Braindead!”, was duidelijk een verre achternicht van Arctic Monkeys’ “I Bet You Look Good On The Dancefloor”. Een garantie op succes als het ware.

Yungblud had in Brussel geen enkele moeite om het uitmuntend enthousiaste publiek zich in het zweet te doen springen, moshen en gillen. Is het zijn charisma? Is het zijn jeugdigheid? Is het zijn, voor veel jongelingen, herkenbaar verhaal? Mogelijks is het een mix van dat alles. Helaas kwamen de nummers live heel erg zelden in de buurt van de gepolijste kwaliteit die zijn producers en studio-engineers uit de hoed toverden.

Setlist: 21st Century Liability - Parents - I Love You, Will You Marry Me - King Charles - Anarchist - Polygraph Eyes - Original Me - Loner - Kill Somebody - I Think I'm OKAY (Machine Gun Kelly cover) - Casual Sabotage - Waiting on the Weekend - California - Braindead! - Hope for the Underrated Youth - Machine Gun (F**k the NRA)

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/yungblud-28-10-2019.html
http://www.musiczine.net/nl/foto-s/concert/ancienne-belgique-brussel/saint-phnx-28-10-2019.html
Organisatie: Live Nation ism Ancienne Belgique, Brussel

The Murder Capital

The Murder Capital - Straffe Ieren

Geschreven door

The Murder Capital uit Dublin heeft met ‘When I Have Fears’ één van de meest opwindende debuutplaten van het jaar uit. De band grossiert daarop in een soort postpunk die flirt met de eighties (The Sound, Joy Division) maar die wel degelijk met zijn poten in het heden staat. De jongens mogen met trots het rijtje vervoegen van bruisende nieuwe bands als Shame, Idles en Fontaines DC.

Met amper één album op hun conto kon men maar moeilijk voor een marathonoptreden gaan. The Murder Capital maakte het dan ook kort, na amper drie kwartiertjes was de zaak al beklonken. Maar intens was het wel. En zeer de moeite!
In die beknopte tijdspanne wurmden ze zich door quasi het ganse album, waarbij ze begonnen met de meest intieme en zweverige songs, een heerlijk golvend “Slowdance” en een verstild en prachtig “On Twisted Ground”. Zo bouwde de band de set gestaag op om via gloedvolle songs als “Love, Love, Love”, “Green and Blue” en “For Everything” steeds iets steviger uit de hoek te komen.
Met een paar heuse punk-kopstoten als “Don’t CLing To Life”, “More is Less” en “Feeling Fades” kwam het allemaal in een wilde stroomversnelling en ging de zanger op het eind nog eens als een volleerde slingeraap aan de verlichting hangen. De organisatoren zullen wel even de adem hebben ingehouden, maar er is niets naar beneden gekomen. De nieuwe zaal bleek dus meteen bestand tegen een losgeslagen frontman.
Amper drie kwartiertjes hete postpunk waren genoeg om ons te overtuigen. Dit was inderdaad kort, maar ook krachtig, heftig en bij momenten heel intens en bloedmooi.

‘When I Have Fears’ vonden wij al telkens beter worden bij elke beluistering. Na dit bruisende concertje krijgen wij er nog veel meer zin in. The Murder Capital zal allicht nog groeien en weldra voor grotere zalen staan. Het is hen gegund. Eerstdaags op Sonic City in Kortrijk!

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

Te Gek!?

Te Gek!? - Psychische problemen in de kijker, met een lach, woede en een traan

Geschreven door

Te Gek!?- Psychische problemen in de kijker, met een lach, woede en een traan
Te Gek!?
Ancienne Belgique
Brussel
2019-10-27
10
Erik Vandamme

De theaterzaal van Ancienne Belgique was op zondag namiddag zeer goed gevuld voor het verjaardagsfeestje van de organisatie Te Gek!? Vijftien jaar geleden startte bezieler Marc Hellinckx deze organisatie, eerder kleinschalig op. Ondertussen is het project uitgegroeid tot een begrip in en buiten de landsgrenzen, dankzij het doorbreken van de taboe rond psychische aandoeningen, en vooral psychose. Marc kan nu rekenen op een hele schare vrienden die zijn project steunen en mee vorm geven. Daaronder enorm veel bekende artiesten binnen muziek, komedie, kunst, schrijvers en dergelijke meer. Ze waren allen present om in AB een bijzonder gesmaakt verjaardagsfeest op poten te zetten waar 'emoties' als woede, een lach en een traan de rode draad vormen in het geheel.

Marc Hellinckx de echte Held van Te Gek!?
Onder de noemer ''Laat de muziek losbarsten, opdat straks het praten kan beginnen.'' draait het vooral om de muzikale omlijsting, maar ook waren er getuigenissen en enkele auteurs vertelden een poëtisch verhaal. Marcel Vanthilt kwam met een pyjama op het podium, ondersteund door de muzikanten van de Laatste showband, niet om het onderwerp uit te lachen, maar om door humor de problemen beter te kunnen aanpakken. Dat was meteen de onderliggende boodschap van de gehele set. Zo zou later blijken.  Na een fijne toespraak van Kristien Hemmerechts, die vooral haar lof uitsprak voor het werk van Marc Hellinckx, barstte het feest echt los. Die laatste werd op het podium geroepen onder daverend applaus, maar daagde pas na een tweede keer hem oproepen op. Zijn bescheidenheid siert hem, want de man kreeg nog eens een daverend applaus die maar bleef duren, en werd helemaal terecht in de bloemen gezet.  Hoeveel topartiesten daar ook op dat podium staan, Marc is de held van deze bijzondere dag.

Zingen, gieren, lachen en brullen
Die muzikale omlijsting werd twee uur lang verzorgd door een hele rits artiesten. Rick De Leeuw bracht samen met Koen Buyse “Niet Alleen” op een prachtige wijze verkondigt hij een boodschap die eveneens een rode draad vormt in Te Gek!? ''Kom Dans met mij op vier wankele benen''. Zeer mooi en emotioneel gebracht, en al snel een absoluut hoogtepunt dat ons al voor het eerst een traan deed wegpinken, met die glimlach op de lippen. Zulke momenten zouden nog volgen.  Enkele andere hoogtepunten?  Een meisje - Ella Leyers - dat op het podium komt , bedeesd lachend en in de microfoon moeizaam uit haar woorden geraakt , wordt op haar onkunde gewezen door 'een stem in haar hoofd'. Een moment waarop woede bij ons de bovenhand nam. Woedend op die verdomde stemmen in ons hoofd die ervoor hebben gezorgd dat we kansen hebben laten voorbij gaan, omdat we 'het nooit zullen kunnen'.  Deze theatraal mooi gebracht stuk, waardoor het probleem psychose nog meer in het daglicht wordt gezet, werd afgesloten met drie meisjes met dezelfde haarkleur - Ella Leyers , Eva De Roovere, Inge Paulussen - die door middel van een prachtlied met veel verborgen boodschappen te brengen en ons deden inzien, dat je die kans ondanks die stemmen steeds moet grijpen.

Muzikale Hoogtepunten
Stefaan Degand brengt op een pseudohumoristische wijze een poëtische tekst over 'mijn hoofd' met op de achtergrond een vaak overdonderende, daarbij horende muzikale omlijsting. Ish Ait Hamou vertelt een zeer mooi verhaal uit zijn boek, ook weer met die lach en traan. Waarna hij een pakkend interview heeft met Hanne die al enkele jaren worstelt met angsten. Een getuigenis dat het stil maakt in de zaal en vooral in ons hart. K's Choice zorgde eveneens voor een warme gloed in de zaal, daarbij viel vooral op dat Sam zijn stem niet heeft te lijden onder de verandering die hij heeft doorgemaakt. An Pierlé brengt samen met Ian Clement een prachtig “Source Material”.
Buurman doorbreekt de voornoemde woede met een zachtmoedige golf, gerugsteund door piano en vocale inbreng van Tom Helsen. Guido Belcanto brengt een grappige ode aan 'Meneer de Psychiater' met een knipoog maar ook een boodschap. Waarna Dirk De Wachter het podium betreedt en in eerste instantie voorleest uit een boek, ook weer met een oorverdovende muzikale omlijsting. Waarna hij zich vocaal, ontpopt tot een kruising tussen Nick Cave en Mark Lanegan - dit zowel vocaal als wat uitstraling betreft. Guy Swinnen zorgde dan weer voor een potje pure rock-'n-roll. En deed de hoofden op en neer gaan. Kortom teveel mooie momenten om op te noemen, die deze dag zo bijzonder maakte.

De Laatste Showband
Naast die bonte lijst van artiesten, mag ook De Laatste Showband een ware pluim op zijn hoed krijgen. Niet alleen praat Jan Hautekiet, aangevuld door Marcel Vanthilt vaak het publiek aan. Hij ontpopt zich tot een ware piano virtuoos. Dat kan ook gezegd worden van Patrick Riguelle, Paul Poelmans , Bert Embrechts, Kris Peeters en Joost van den Broeck. Eén voor één top muzikanten en kunstenaars, die zorgden voor een kleurrijk klanken tapijt dat al die emoties alleen maar versterkte.

Rockin in a Free World/Iedereen is van de wereld
Afgesloten werd met een wervelend gebrachte “Rockin' in a Free world”, gebracht door Swinnen en Koen Buyse was een apotheose waardoor het dak er compleet afging.  Waarna iedereen nog op het podium kwam bij “Iedereen is van de wereld”. De artiesten en entourage werden letterlijk in de bloemen gezet, die bloemen vlogen in groten getale gewoon in de zaal. Want ja, iedereen is van de wereld ook het publiek in de zaal hoort daarbij. Want dit was niet alleen een feest voor de artiesten op dat podium, maar ook voor iedereen hier aanwezig is de onderliggende boodschap.
Deze boodschap werd goed begrepen, want uiteindelijk stond iedereen recht voor een wervelende slotscene waarbij de handen nog een laatste keer de lucht in gingen. Het daverende applaus bleef wederom minutenlang duren. Een wervelende finale dus als kers op de taart waarbij het draait om het vieren van een verjaardagsfeest, boordevol uiteenlopende emoties.

Besluit:
15 jaar Te Gek!? was vooral een theatraal totaal gebeuren waar muziek, theater, poëzie, humor en getuigenissen de rode draad vormen. Vooral zorgde deze organisatie er mede voor dat psychische problemen langzaam maar zeker uit de taboe sfeer geraken, de drempel wordt verlaagd om hulp te zoeken. En eerder die psychische problemen in de schijnwerpers worden geplaatst dan verstopt in een verre uithoek. Op naar de volgende vijftien jaar , en hopelijk veel meer een lach, een traan en waarom niet een beetje woede? Te Gek!? Toch …

Organisatie: Te Gek!? + Ancienne Belgique, Brussel

Nick Waterhouse

Nick Waterhouse - Schatbewaarder van de authentieke R&B

Geschreven door

Het was al een tijdje geleden dat ik in de Grand Mix was geweest en ik had me al klaargemaakt voor een avondje in een wat kouwelijk zaal maar het optreden vond tot mijn verbazing plaats in een gloednieuwe en warme club. De verbouwingswerken daar waren me ontschoten doch het resultaat mag er zijn. Heel wat kleiner en knusser dan de oude zaal die er ook nog steeds is. De meeste optredens in de nieuwe club zijn trouwens uitverkocht (zo ook Nick Waterhouse) wat de sfeer alleen maar ten goede kan komen.

Het is blijkbaar grote liefde tussen Nick Waterhouse en The Roves want het was al de tweede tour op rij dat de groep uit Londen enkele optredens als voorprogramma mocht fungeren. Een terechte keuze want deze groep rond de broertjes Tom en James Wing wist met hun sprankelende jangle pop mijn hart te verwarmen. Ik meende zowel The Kinks, lo-fi Byrds als invloeden uit de Merseybeat te horen terwijl de zang van frontman James Wing een paar keer dicht in de buurt van een vroege Bob Dylan kwam. Niet makkelijk te plaatsen maar gelukkig ver weg van de Britpop. James Wing zag er wat verfomfaaid uit, wat overgewicht en de voering van zijn broekzak die uit zijn broek puilde maakten niet meteen een posterboy van hem. Maar de songs, waarvan er minstens twee een hit zouden geweest zijn waren ze uitgebracht in de jaren ‘60, die hij uit zijn mouw schudde getuigden van grote klasse. Samen met zijn broer zorgde hij geregeld voor hemels mooie harmonieuze zang terwijl de voortdurend jengelende gitaren af en toe in een innige verstrengeling verzeilden. Slechts een paar keer wanneer ze het iets te mooi wilde maken met enkele moeilijk haalbare noten werd het iets minder maar The Roves zijn beslist een groep die ik nog eens terug wil zien.

Nick Waterhouse kan je makkelijk wegzetten als een retro act en dat is hij natuurlijk ook wel. Alleen klinkt dat zo klef en laat dat nu net het laatste zijn wat je van dit fenomeen kan zeggen. Nochtans lijkt het erop alsof hij de grandeur van de Amerikaanse jazzclubs uit lang vervlogen tijden op het podium wil laten herleven. De kapsels, de pakken, de bezetting ook, alles ademt dat roemrijke verleden, alleen de sigarettenrook ontbreekt nog. En toch voelt zijn muziek, die zich zonder schroom nestelt tussen de jaren ‘40, ‘50 en ‘60 rhythm&blues, bijzonder fris aan en laat hij het erop lijken alsof het genre pas recent het levenslicht zag. Daar slaagt hij in dankzij een grootse hedendaagse dynamiek en die schitterende eigen songs. Waterhouse beroept zich relatief weinig op covers en als hij het dan toch doet zijn het meestal heel obscure zoals “I feel an urge coming on “ van Jo Armstead of maakt hij er een totaal ander nummer van zoals “I can only give you everything” van Them, dat we ook al hoorden bij King Mud en Los Explosivos. Had hij het niet aangekondigd als ‘'an old blues standard from Ireland” dan had ik het waarschijnlijk nooit herkend.
Zijn liefde voor dat oudere werk vond hij net als de mannen van The Allah-Las, van wie hij trouwens de eerste twee platen producete, tijdens zijn job in een platenwinkel. Daar ontwikkelde hij zijn passie voor vintage soul en rhythm&blues waar wij nu gelukkig mee zijn. Het zijn niet alleen goeie songs die hij brengt, hij voorziet ze ook nog eens van adembenemende arrangementen. Ook nu weer had hij een succulente groep rond zich verzameld waarvan de leden uit alle windtreken van de States kwamen: van New York, Miami, Memphis tot Californië waar hij zelf nog steeds woont. Gitaar, bas, drums, Hammond, tenorsax, baritonsax en een superbe backingzangeres terwijl hij zelf ook nog eens gitaar speelt. Heel wat volk dus wat zou kunnen leiden tot een eindeloze rits solo’s, hier niet dus. Elk instrument vormde een schakel in een schrander uitgekiende sound.
Uiteraard veel werk uit zijn laatste titelloze LP maar de set was lang genoeg (zo’n anderhalf uur) om ook nog eens uitgebreid te putten uit zijn vorige drie platen.
Hoogtepunten opsommen is onbegonnen werk al leek het er toch op alsof er een climax was ingebouwd. Die begon dan met een verrassende en sublieme cover, “Down in Mexico” van The Coasters waarna hij nog even verder de doowop indook met het eigen “Katchi”. Meteen daarna de instrumental “El viv”, waarbij ik aan “Tequila” van The Champs moest denken gevolgd door afsluiter “(if) you want trouble - This is a game).
Vroeger had hij soms nogal eens moeite om een bisnummer te spelen maar hier gaf hij een laaiend enthousiast publiek vlot zijn zin met twee heerlijke extra’s. Eerst “Say i wanna know” waarin bassiste, drummer, toetsenist en zangeres om beurten de titel zongen (grappig en mooi!) gevolgd door een uitzinnig “ LA turnaround”.

Nick Waterhouse bleek nog niets aan kracht te hebben ingeboet (ik zag hem vijf jaar geleden in de Botanique) en mag stilaan als de schatbewaarder van de authentieke R&B beschouwd worden.

Organisatie: Grand Mix, Tourcoing

Wolvennest

Wolvennest - Soul Grip - Splendidula - Pothamus - Donkere spirituele ervaring, duistere trances

Geschreven door

Wolvennest - Soul Grip - Splendidula - Pothamus - Donkere spirituele ervaring, duistere trances
JK Paddestoel
Groot-Bijgaarden

Artifacts From the Tagent Universe is een organisatie die bands binnen black, doom, sludge en andere duistere omkadering een podium plaats wil geven. Eerder zorgde dit voor een gesmaakt optreden van Ashtoreth in B52, Eernegem op 19 oktober. Op 26 oktober zakten we af naar de kelder verdieping van JK Paddestoel. Een zeer tot de verbeelding sprekend omgeving, waardoor je letterlijk underground leek te vertoeven, perfect passende binnen het concept van de avond. Namelijk een donkere spirituele totaalervaring, boordevol duistere trances die je de keel dicht knijpen.

Bij het afdalen van de trappen, voelde het aan alsof de deuren van de Hel letterlijk open zwaaiden. Dit ondanks de vriendelijke bediening bij het binnen komen, de gemoedelijke atmosfeer, en de gezellige lichtjes aan de toog die ons in een vroege kerstsfeer deden belanden.

Pothamus (*****) opende de avond op een zeer gevarieerde wijze. Door in golvende bewegingen tewerk te gaan, dit zowel vocaal als vooral instrumentaal, zet de band je voortdurend op het verkeerde been. Enerzijds zijn er die zalvende drum, bas en gitaar lijnen. Anderzijds worden oorverdovende mokerslagen uitgedeeld die ervoor zorgen dat de poorten van die Hel letterlijk open zwaaien. Het experimenteren met donkere geluiden, de zeer tot de verbeelding sprekende beelden op de achtergrond, en drie muzikanten die met waanzin in de ogen de aanhoorder meesleuren naar die eerste duistere spirituele totaalervaring, zorgen ervoor dat we letterlijk door elkaar werden geschud en voor het eerst met de angst in de ogen, onze eigen demonen nog maar eens strak in de ogen kijken.

Splendidula (****) is nauw verbonden met de organisatie van dit evenement, daarvoor verdienen ze een extra pluim op hun hoed. Dit geheel terzijde. Drum en gitaarlijnen die langzaam maar zeker opborrelen tot een kookpunt, zoals de lava bij een vulkaanuitbarsting. En als donkere kers op de taart die veelzijdige stem van Kristien Cools, vormen de rode - of eerder zwarte - draad in de set van Splendidula. Kristien haar inbreng laat ook nu weer een diepe indruk na, maar vooral valt ons op dat iedereen binnen deze band meer dan ooit dezelfde richting uitkijkt. Bij het begin van elke song is dat zelfs met de rug naar het podium, tot de song open barst in een ijzingwekkende aardverschuiving schipperend tussen Hemel en Hel, ergens in het vagevuur. De band bracht trouwens enkele nieuwe nummers naar voor, waaraan ook Pieter zijn vocale bijdrage leverde. Het zorgde voor een intensieve kruisbestuiving tussen zijn stem en deze van Kristien die nog meer door je hart boort dan voorheen. Een extra meerwaarde binnen de band, wat trouwens smaakte naar meer. Hoe veelzijdig Kristien haar stem wel is, bewijst ze trouwens als de muziek even stil valt en haar stem volledig de hoogte ingaat. Waardoor de zaal met verstomming wordt geslagen, door zoveel kippenvelmomenten op enkele seconden. 
Afsluiten deed Splendidula met het wondermooie “Somnia”. Maar op basis van die paar nieuwe songs, waarin verrassende wendingen merkbaar zijn, is het vooral uitzien naar nieuw werk van Splendidula. Die nieuwe plaat zou er volgend jaar moeten aankomen
Kortom: De grote sterkte van deze band is een intensieve doom atmosfeer combineren met een tot de verbeelding sprekende vocale aankleding. Dat zet de band ook nu weer eens in de donkere verf, met als extra toevoeging de vocale inbreng van Pieter wat smaakt dit dus vooral naar meer van dat.

Zwartgeblakerde black metal in de underground omgeving van een kelder? Perfecte locatie voor een band als Soul Grip (*****). De band houdt zoveel van het donker dat de blauwe spot die op hen scheen storend werkte.  Het werkte hen wat op de heupen, maar na de spot zelf wat te hebben verzet, werden de registers vlug volledig open getrokken. De muziek die Soul Grip  brengt is zodanig intensief en duister dat het inderdaad enkel tot zijn recht komt in het pikkedonker van de nacht. Na een langzame instrumentale intro, wordt het tempo op een zodanig verschroeiende wijze tot een hoogtepunt opgedreven waardoor de muren in de kelder beginnen te trillen, en de temperatuur nog meer stijgt. De frontman schreeuwt niet alleen zijn woede op een zeer emotionele wijze , hij beweegt zich op het podium voort alsof duivelse demonen zijn lichaam hebben over genomen. Door deze verschroeiende aanpak lijkt het dan ook letterlijk alsof je de vuurtongen van de Hel je voetzolen voelt likken. De band gaat op een eerder, vooral dan vocaal, monotone wijze tewerk maar zorgt er door deze aanpak wel voor dat het aanvoelt als ijzingwekkende klauwen rond je nek je meesleuren in die Helse trip. Tot je zelf waanzinnig geworden, met de krop in de keel, totaal van de kaart achterblijft. De temperatuur in de zaal steeg daardoor uiteindelijk zelfs naar een kookpunt, perfect voor wat nog moet komen.

Want als er één band is die je door een spirituele, donkere en bevreemdend aanvoelende totaalbeleving meesleurt naar een duistere sprookjeswereld die elk van je nachtmerries overstijgt, dan is het Wolvennest (*****) wel. Doordat het hier een kleiner podium betrof, kon de bands niet al zijn attributen benutten. Maar sfeervolle kandelaars aan de zijkant, deden het toch aanvoelen alsof je in een soort Satanische kerk was aanbeland. Wolvennest is een band die het niet moet hebben van veel woorden, maar vooral veel intensieve daden. Dat is bovendien niet enkel de verdienste van een frontvrouw, die door haar onaardse stem en uitstraling je meesleurt naar een bijzonder angstaanjagende droomwereld waaruit je niet wil en kunt ontsnappen eens in trance gebracht. De instrumentale omkadering is minstens even oorverdovend tot intens waardoor je, eens gehypnotiseerd door de magische krachten die worden tentoon gespreid, je prompt vertoeft in een fantasierijke wereld. Waar geen elfjes of Feeën je doet neervlijen in het malse gras. Maar eerder demonische wezens uit diezelfde mythische verhalen, je koude rillingen bezorgen van pure angst. Eens onder invloed van Wolvennest zijn hypnotiserende invloed, is geen terugweg meer mogelijk. Een betere spirituele ervaring, binnen die duistere trances, bestaat er niet.

Toen we de trappen opgingen naar boven toe, lieten we onze ziel achter in de putten van de Hel van Paddestoel en keerden met een donker hart dat  klopt in de keel huiswaarts terug. De regen buiten zorgde ervoor dat de totaalbeleving compleet werd gemaakt. Intensiever dan dit kan duisternis haast niet aanvoelen, is dan ook onze eindconclusie.

Algemeen Besluit: Op deze bijzonder intensieve zaterdag avond kregen we enkele donkere spirituele ervaringen voorgeschoteld. Door middel van een gevarieerd aanbod in golvende bewegingen werden we van begin tot einde ondergedompeld in duistere atmosferen, waardoor langzaam de poorten van de Hel op een kiertje werd gezet.
Afsluiten deden we met een verschroeiende black metal set van Soul Grip die de temperatuur uiteindelijk deed stijgen naar een kookpunt. Waarna Wolvennest naar goede gewoonte die spirituele totaalbeleving compleet maakt, door binnen een intensieve omkadering je achter te laten met het angstzweet op de lippen.
Bij elke band werden op het scherm trouwens opvallende beelden vertoond, die deze intensieve sfeer ten goede kwamen, bij Wolvennest werd daardoor het gemis van alle attributen, die bij een concert van die laatste normaal op het podium staan, zelfs min of meer gecamoufleerd.

Artifacts From The Gagent Univers: Artifacts From The Tagent Univers organiseert in de toekomst nog meerdere evenementen binnen diezelfde omkadering. Zo staat op 30 november o.a. Exoto, Desmdemonia en Kludde in JK Paddenstoel, Groot-Bijgaarden. Op 1 februari 2020 is het de buurt aan Wiegedood, Onrust en The Fifht Alliance. Dit in JH Splinter, Roosdaal.
Voor een volledig overzicht, en meer informatie verwijzen we jullie graag door naar de facebook pagina van het evenement: https://www.facebook.com/Artifacts-From-The-Tangent-Universe-421426082004917/

Organisatie: Artifacts From The Tagent Universe

Indianizer

Nadir

Geschreven door

‘Nadir’ is het laatste deel van een albumtrilogie. Op ‘Neon Hawaii’ uit 2015 vertelden ze het verhaal van een reis naar een verborgen plek onder de zon. Op ‘Zenith’ uit 2018 volgden ze het licht in de duisternis terwijl ze op ‘Nadir’ onopgeloste mysteries en niet onthulde waarheden behandelen. Er wordt gezongen in het Engels, Spaans en Creools. De Italiaanse band stond dit jaar ook al op het prestigieuze Eurosonic en nog enkele festivals. Tevens speelden ze ook het voorprogramma van The War On Drugs en King Gizzard and the Lizard Wizard. Dan moeten ze toch wel wat in je mars hebben. En dat heeft deze psych-tropical-beatband dan ook.
Opener “New Millenium Labyrinth” drijft op een heerlijke en verslavende baslijn. Daarop worden psychedelische gitaarlijnen gestrooid en bijhorende percussie. Samen met de synths is de song compleet. De vocals zijn spaarzaam en doen eerder dienst als klanktapijt. Op dit album wordt de focus van disco naar eerder Zuid-Amerikaanse vibes en ritmes gelegd. Alles blijft dansbaar en heel ritmisch. Die Zuid-Amerikaanse vibes hoor je duidelijk in “Reyna Querida” waar ze als startpunt en basis gebruikt worden. “Sin Cleopatra” is een vrij catchy nummer met terug een heerlijke dansende baslijn en goed in het gehoor liggende vocals. Wellicht de meest toegankelijkste song van het album. “Horoscopic (Saturn Returns)” is een zwoele en bezwerende rit geworden. “Ka Ou Fe” maakt iets minder indruk op mij en lijkt mij wat te vrijblijvend maar afsluiter “Aya Puma” opent met een heel sterke riff. Die wordt herhaald tot aan het middenstuk van het nummer. Het middenstuk met de bas vind ik heel geslaagd. Daarna wordt de riff hernomen. Dat zorgt ervoor dat de song heel herkenbaar is maar ook dat je snel van de riff verzadigd kan zijn. Het mes snijdt wat aan twee kanten.
‘Nadir’ is, net zoals de hoes, een kleurrijke en swingende plaat geworden. Alles is vrij ruw en live opgenomen waardoor je echt wel een live-vibe krijgt. Een boeiende plaat met een aantal sterke momenten.

RAMAN

RAMAN - We zijn eigenlijk veel verschillende genres. Dat maakt het voor ons zo spannend

Geschreven door

Pop/Rock
RAMAN - We zijn eigenlijk veel verschillende genres. Dat maakt het voor ons zo spannend
Raman
2019-10-27
Erik Vandamme

RAMAN is een Gentse band die ondertussen een zeer sterke live reputatie heeft opgebouwd, verschillende wedstrijden gewonnen. En nu klaar is voor de 'next step'. Zoals ze deze zomer aangaven. Dit wordt in de vorm gegoten van een eerste EP 'Birth of Joy'. Deze komt op de markt op 1 november. En zal worden voorgesteld in Minard te Gent op 16 november. Hoog tijd om Simon Raman enkele vragen te stellen over het ontstaan van de band, de toekomst plannen en ambities. En natuurlijk de verwachtingen van die uitkomende EP.

RAMAN is een collectief van top muzikanten uit Gent, vind ik toch. Hoe hebben jullie elkaar gevonden?
De bassist is er al van in het begin bij. We zijn een band begonnen met vrienden van school uit. Hebben wat optredens gedaan, aan verschillende wedstrijden meegedaan. En stelden toch vast dat niet iedereen dezelfde kant uitkeek. Daardoor zijn er een paar kleine veranderingen doorgevoerd. Zo is de pianist en toenmalige drummer weg gevallen en nu zijn we uiteindelijk met drie. Zang, bassist en drum.

RAMAN bestaat, als ik het niet mis heb, sinds 2016. Waarom heeft het zo lang geduurd eer die eerste EP er aankwam?
Eigenlijk zijn we wat op zoek geweest naar de juiste sound, dit door veel op te treden. Enorm veel optreden. We wilden ons eerst live laten zien, eer we overwogen dat in een plaat of zo te gieten. Wellicht een beetje het omgekeerde van wat andere bands vaak doen. Maar vooraleer iets uit te brengen , wilden we zeker zijn dat alle puzzelstukjes pasten, en dat is dus eigenlijk nu pas echt het geval. Die ervaring op het podium, was dus een leerproces voor de volgende bladzijde. Het uitbrengen van een EP.

Er is in Gent eigenlijk een soort scene ontstaan rond Kinky Star, Charlatan en dergelijk meer. Is Gent een goede visvijver voor muzikanten en bands denken jullie? In vergelijking met andere steden?
Dat is eigenlijk niet zo onlogisch. Er zijn in Gent enorm veel clubs en dergelijke. En initiatieven .  Gent is op dat vlak een bruisende stad, waar veel jongeren die muziek maken elkaar aansteken om muziek te maken, met dank aan de vele mogelijkheden die er in een stad als Gent zijn.

De naam RAMAN verwijst naar uw achternaam? Waarom is daarvoor gekozen (ik moet toegeven Van Dammes klinkt niet zo voor een band, wel een acteur uit Brussel)
Dat is eigenlijk een beetje natuurlijk gegroeid. Het hoort ook bij het soort muziek die we brengen, waardoor het logisch klinkt die naam RAMAN.

Wat het genre betreft ben ik er nog niet volledig uit. De band wordt in menig media vergeleken met Chris Whitley, Jeff Buckley en een vroege Triggerfinger. Dat is toch heel wat. Hoe zou je zelf je genre van muziek omschrijven?
Je zegt het eigenlijk zelf. We zijn eigenlijk veel dingen samen. Een beetje rock-'n-roll. Er zit wat melancholie in. Het is eerder  een mengeling van vele genres, waardoor het moeilijk is om daar een stijl op de plakken. Een bewuste keuze trouwens. We zijn vooral een live band, daarom dat catchy en streepje rock-'n-roll in onze muziek.

Om daar op voort te borduren, wie zijn jullie grootste invloeden eigenlijk? Muzikale helden...
Zeker en vast de drie die al zijn opgenoemd. Jasper is bijvoorbeeld een fan van Pink Floyd, die ik ook kan smaken. We zijn ook liefhebber van bijvoorbeeld Dave Matthews Band. Allemaal bands die in de stijl liggen van de muziek die we brengen eigenlijk.

De single “Maestoso” laat een band horen die nog steeds zoekende is , heb ik ergens gelezen? Verklaar dat eens
We bestonden toen net, en dat was ons eerste nummer. Vandaar misschien dat het anders klinkt, en dat we inderdaad nog aan het zoeken was naar de juiste richting.

Ik vind vooral het schipperen tussen weemoedige melancholie, en een streepje pure rock-'n-roll zo zalig aan RAMAN. Daarom is het ook moeilijk om echt een muziekstijl te kleven... Hoe zouden jullie je muziek zelf omschrijven?
Ik snap wel dat er mensen moeilijk mee hebben, bijvoorbeeld om op een radio worden platen gemaakt binnen een genre. Zeer goede dingen, daar niet van. Het is logisch dat mensen er dan een stijl willen op kleven. We zijn eigenlijk veel verschillende genres. Het maakt het voor ons zo spannend. Omdat we eigenlijk een beetje van alles zijn. Wellicht zullen we later misschien wel in een soort genre terecht komen, maar nu willen we vooral groeien en dus dingen uitproberen.

Er schuilen ook redelijk zwaarmoedige verhalen (maar telkens met dat sprenkeltje hoop aan de horizon) in jullie teksten. Zijn dat persoonlijke verhalen, zit daar iets van frustratie of zo achter?
Die vraag is me nog gesteld. Het bluesy in onze sound. Het is gewoon een manier om die muziek te benaderen. En door daar aan te werken, kom je wel terecht bij een sound die het effect kan hebben dat er iets van pijn of frustratie achter schuilt. Er zitten uiteraard wel persoonlijke verhalen achter, maar het is niet echt bewust zo. En voor de rest wordt dat gewoon ingekleurd.

Jullie hebben vooral een live reputatie opgebouwd. Ik las in een artikel in HLN dat jullie wegwerp camera's uitdelen? Is daar een reden voor? En waarom dat
Ik had het idee met de zomer shows omdat, het idee om alles op een foto te hebben, een beetje zoals dat mensen een smartphone. Op de release show zullen we dat ook doen, het is de bedoeling om die foto's te laten zien op die release. Ik vond het een origineel idee.

Deze zomer was 'the next step' wat is de volgende stap? Wat zijn de verdere toekomstplannen van RAMAN na deze EP? een full album? tournee in het buitenland? kortom, wat zijn jullie uiteindelijke ambities?
The next step. We bekijken het dag per dag, nu focussen op die EP en zien wat dat brengt. We doen ook wat optredens in Nederland. We blijven gewoon rustig verder werken en zien wel waar we uitkomen. Op het moment is die EP promoten belangrijk en dan zien we wel waar we uitkomen.

Jullie hebben - zoals we aangaven - enkele wedstrijden gewonnen en zo, heeft dat bepaalde deuren geopend?
Het heeft vooral gezorgd voor nog meer speelkansen,  dat mensen je leren kennen en naar je shows komen. Op dat vlak heeft dat zeker deuren geopend.

Is het in tijden van Spotify eigenlijk nog nodig om EP's of CD's uit te brengen, kortom wat is jullie mening over Streaming en meteen ook sociale media?
We sluiten dat zeker niet uit. Mensen kopen ondanks alles toch steeds graag iets dat ze in handen hebben, iets tastbaar. Spotify wordt gebruikt om een band te leren kennen, die media daarvoor gebruiken kan dus zeker zorgen voor naambekendheid.

Zijn er nog mededelingen naar onze lezers toe?
Ja in ieder geval, kom naar onze EP voorstelling in Minard, het loont de moeite. Er volgen nog shows naderhand. Allemaal te volgen via onze facebook pagina. Wat het buitenland betreft? Zou ik eens willen proberen in Duitsland.

Ep Voorstelling, zaterdag 16 november:  http://www.minard.be/voorstelling/raman/

Eigenlijk nog een extra vraag, jullie zitten niet bij een label. is het de bedoeling dat wel te doen?
In de eerste plaats willen we dus zien waar we staan na die EP, en wie weet is de volgende stap bij een label aansluiten. Maar voorlopig nog niet.

Pagina 192 van 498