logo_musiczine_nl

Cactus Club, Brugge - concerts

Cactus Club, Brugge - concerts 2026 02-04 The Hickey Underworld, Bed rugs 05-04 Breaking waves: Knives, The Rats 09-04 Tom Smith @Sint-Jakobskerk 11-04 Tortoise (ism Kaap) 12-04 The Tool Experience (FKA The Perfect Tool), Carneia (Org: Devil in a box) 13-04…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15429 Items)

Nebrovski

Summer (EP)

Geschreven door


Er kwam hier, middels een EP, vrij radiovriendelijke pop rock vanuit Zonhoven aanwaaien. Nebrovski is al sinds 2007 bezig en speelden al in de Ethias Arena en op Suikerrock. Rond 2011 kwam er een break van een paar jaar. Die break leverde de nodige energie om terug nummers te schrijven en te spelen. De muziek kenmerkt zich door grungy en galmende gitaren, prettige baslijnen en ondersteunende drums. De stem van Koen Meeus heeft een leuk timbre.
De songs zijn heel toegankelijk en catchy. Het is pop/rock met de nadruk op melodie en song. Ze kleuren mooi binnen de lijntjes wat misschien voor enkelen onder jullie wat te braaf zal overkomen. Vier tracks vinden we terug op ‘Summer’ waarvan “Summer “(leuke bas en catchy refein) en “You Know I’m There“(heerlijk galmende en wenende gitaar) mij het meest kunnen overtuigen. De andere twee songs zijn iets minder: niet slecht maar te clichématig en te gewoontjes.
‘Summer ‘is een half geslaagde EP met twee uitstekende songs op wat ons perspectieven geeft naar de toekomst toe.

Beuk

Strak Plan

Geschreven door



Beuk uit Brugge maakt harde rock n roll met Nederlandse gezongen teksten. Daarmee wisten ze zich in Engeland al in de kijker te werken middels optredens in het Britse concertcircuit. Maar ze haalden ook de finale van de Britse MIA’s in de categorie Best International Band. Mooie adelbrieven voor een jonge band die voornamelijk via optredens naam wist te maken. Nu is er hun debuut.
‘Strak Plan’ verwijst naar het nummer “Strak Plan Jacky” dat verwijst naar de wielrenner Jacky Durand die in 1992 de Ronde van Vlaanderen won. Er staan nog nummers tussen die een sportthema behandelen. Zoals “Delfine Klopt Er Op” (boksen), “Kapitein” (voetbal) en “Modder en Bier” (cyclocross).
Daarnaast ook onderwerpen zoals dementie, familie, angst… Doodnormale teksten die eenvoudig maar treffend neergepend zijn. Ze maken harde rock met knipoogjes naar bands zoals AC/DC, Motörhead, Peter Pan Speedrock… Soms wat clichématig maar altijd met volle overgave, zonder overbodigheden en met de nodige hooks. De Nederlandstalige teksten (toch een uitzondering dezer dagen waarin het dialect overheerst) zijn zeer goed verstaanbaar en vormen geen belemmering voor de rockende nummers.
Een fijn debuut dat de weg opent voor een goed gevuld concertseizoen waar ze naast Engeland ook talrijke steden in Vlaanderen aandoen. Live moet je ze zeker eens checken want dit trio straalt energie uit. Maar luister eerst maar eens naar ‘Strak Plan’ zodat je straks ergens in een zaal kan meezingen…

A Supernaut

La Menace

Geschreven door

Er wordt veel boeiende en originele muziek gemaakt dezer dagen in België. Zo ook met dit Brussels trio dat zichzelf als een rock ‘n’ roll gang omschrijven. Rock ‘n’ roll? Nou ja, laten we zeggen alternatieve rock met soms een psychedelisch sausje (zie o.a. openingstrack “Ice “dat weids en psychedelisch klinkt). Op’ La Menace’ klinkt een zekere vorm van gekte door in de zang terwijl muzikaal alles in een jaren zeventig sfeer baadt. Op “See Me” gaan ze verder deze weg op. Wat fuzzy gitaren, een markante ritme sectie en een vrij catchy refrein. “Future” is een ietwat schizofrene song dat enerzijds poprock elementen bevat en anderzijds wat Black Sabbath elementen die de sfeer bepalen. “Xeption” heeft een rock n roll ritme in een postpunkverpakking. Het doet mij aan sommige nummers van The Rapture (o.a. de songs “Sister Saviour” en “I Need Your Love”) denken. Nu denk je waarschijnlijk dat de muziek op ‘La Menace’ uit een verzameling van verschillende stijlen bestaat maar dan heb je het mis: hun muziek heeft wel degelijk een eigen smoel en stijl. Je herkent hen zelfs vrij snel. Tien tracks staan er hier op hun album die variëren qua lengte tussen de 3 en 10 minuten.
A Supernaut heeft met ‘La Menace’ een album afgeleverd dat gedrenkt is in de jaren zeventig maar toch origineel en boeiend blijft. Een band waar we ongetwijfeld nog van zullen horen.

Radiohead

A moon shaped pool

Geschreven door

Het was wachten op die nieuwe langspeler van Radiohead … We kregen enkel de mededeling dat het album af was én binnenkort uitkomt . Met de komende wereldtournee op komst , voelden we dat ie er zat aan te komen . . En dan was ie er ! Radiohead is door de jaren grillig als voorspelbaar voor zijn publiek .
Radiohead is een band al decennia aan de top en keer op keer prikkelen ze  met hun volstrekt unieke popelektronisch geluid , krautrock , pop en een dosis experimenteerdrift .
Opnieuw zit de plaat vernuftig in elkaar en hebben we met “Burn the witch” een pracht van een openingstrack , die bezwerend , onheilspellend , gejaagd klinkt onder die breed uitwaaierende vocals van Thom Yorke .
‘A moon shaped pool’ is een evenwichtsoefening tussen diepere elektronische lagen, hallucinante effects  en de eenvoudige , sfeervolle popsong.
Na die zinderende opener zijn “Daydreaming” ; “True love waits” (pianoloops) en “Decks dark” (lekker gitaarmotiefje ) net die pakkende ballads, gevoelsmatige, triest stemmige liedjes. “The numbers” overtuigt  met z’n intrigerende repetitieve opbouw en orkestratie; krautrock wordt getriggerd door “Tinker tailor soldier sailor … “ .
Er is ook die typische Radiohead sferische popelektronica , die ons in een droommodus  onderdompelen . Schoonheid , puurheid en creativiteit zijn nauwlettend met elkaar verbonden.
Een meeslepend, gevoelig fris album hebben we. Radiohead slaagt er nog steeds in een prachtige songs te schrijven, die klasse, romantiek en elegantie onderstrepen .

Amber Arcades

Fading lines

Geschreven door

Amber Arcades is het alter ego van Annelotte de Graaf , die in haar eentje naar NewYork  trok en een fijne begeleidingsband rond zich schaarde met gitarist Shane Butler en bassist Kevin Lareau van Quilt en Real Estate drummer  Jackson Pollis . Zij zijn van onmiskenbare invloed op de tracks .
Zij eigent zich een plaatsje toe binnen de dreampop , en  90s referenties als The Sundays  (rond Harriet Wheeler) en The Mazzy Star (Hope Sandoval) borrelen op .
Het zijn uitnodigende  nummers, die langzaam , relaxt zijn , met meer opbouwende tracks in een elektrogroove zelfs. Op die manier valt er voldoende afwisseling te noteren, boeit de plaat, gedragen door haar etherische zang.
“Come with me” , “Apophenia”, “Turning lights” en de titelsong intrigeren door de repetitieve opbouwende ritmiek , de zalvende, zachte aanpak  en de aanstekelijke pulserende beats .
De Nederlandse heeft een ambitieus plaatje uit en verdient uw aandacht!

Jake Bugg

On my own

Geschreven door

De jonge Britse Jake Bugg is al toe aan zijn derde album vóór zijn 22ste , opvolger van ‘Shangri la’ en het titelloze debuut. We horen een rits innemende, gevoelige, stekelige akoestische en elektrische gitaarsongs , die baden in de Britpopsfeer.  Jake Bugg kenmerkt de typisch brommende Oasis attitude en brengt het popgevoel van die Britpop, rock’n’roll en sing/songwriting samen; het geluid, de melodie, de teksten, het Britse accent en de vocals, het zit er allemaal in.
Vooral het eerste deel van de cd klinkt erg overtuigend “Gimme the love”, “Love , hope & misery” , “The love we’re hoping for” en de huppelende  ritmes van “Put out the fire” . Britpop in z’n diversiteit dus, en soul , blues en country toelaat . Hij laat zijn breekbare kant horen op “All that” en zeker  in de opener “On my own” . Check maar even de tekst “i’m just a poor boy from Nothingham/I had my dreams , but in this world they’re gone/I’m so so lonesome on my own”.
Zijn talent en vakmanschap horen we hier . In het tweede deel zakt de spanning , maar met “Ain’t no rhyme” in die reeks,  krikt hij het niveau terug op .
Tussen de elf songs vinden we zondermeer een handvol pareltjes , maar Bugg had beter nog wat nummers laten rijpen om tot een sterk overtuigend album te komen . 

Tiny Legs Tim

Melodium Rag

Geschreven door

‘Melodium Rag’ is de blues in zijnen puren. Het is al de vierde worp van Tiny Legs Tim en de plaat is nog naakter dan diens voorgangers, de stekker gaat er deze keer niet in. Tim De Graeve doet het met enkel een akoestische gitaar, een goudeerlijke bluesstem en de less is more-ondersteuning van de subtiele mondharmonica van Steven Troch. Het heeft letterlijk dus niet veel om het lijf maar des te meer in de onderbuik. Wat hier in zit is een ziel, een rootshart en een stokoude koffer gevuld met het talent van een bescheiden fingerpicking-bluesgod die de genen lijkt te hebben geërfd van Son House, Lightnin’ Hopkins en Woody Guthrie.
Je zou het hoegenaamd niet zeggen, maar dit is Belgisch. België bevindt zich ergens in een afgelegen hutje in het diepe moerassige zuiden van Amerika.
Geef ons een lazy chair en een ferme whisky en we gaan met ‘Melodium Rag’ lekker onderuit zakken.

Wiegedood

De Doden Hebben Het Goed II

Geschreven door

De ‘Doden Hebben Het Goed II’ komt twee jaar na het debuut ‘De Doden Hebben Het Goed’ van het Belgische Wiegedood. Dat debuut kende – alvast voor een beginnende atmosferische blackmetalband – veel bijval in de reviews in binnen- en buitenland en dat zorgde voor goedgevulde zalen bij de bijhorende tournees. Toch was het succes van dat debuut moeilijk te vatten in een paar woorden.
De lat voor het tweede album lag meteen hoog. Met ‘De Doden Hebben Het Goed II’ gaat Wiegedood moeiteloos over die hoog gelegde lat. De pure klasse is op het tweede album nog steeds aanwezig. De muziek van het trio ligt volledig in het verlengde van het debuut, misschien nog iets meer uitgepuurd en organischer, met razendsnelle riffs, verwoestende blastbeats en soms subtiele details en wendingen die het voor de luisteraar interessant maken.
Het verschil met het debuut is dat zanger Levy Seynaeve op ‘De Doden Hebben Het Goed II’ nog dichter bij het live-geluid van de band zit. Zijn teksten klinken nog een stuk woester en urgenter en stralen nog meer dreiging en bezetenheid uit dan die op het debuut. Hij grijpt je bij de strot en lost pas als de laatste noot uitgestorven is.
Wiegedood heeft deze keer slechts vier nummers nodig om toch goed meer dan een half uur vol te maken en dat gaat op geen enkel moment vervelen, ook niet in het tot 11 minuten uitgesponnen “Cataract”, waar een zekere loutering van uitgaat. Elk nummer van dit album is een verhaal op zich. In “Ontzieling” zit een oerkracht die al lang niet meer gehoord werd in black metal. De afsluitende “Smeekbede” is een perfect gedimensioneerde woede-aanval op uw trommelvliezen.
Het Wiegedood dat ze de moeite hebben genomen om met dit tweede album nog beter te willen doen dan op hun debuut. De weg die ze met Wiegedood gekozen hebben, leidt niet naar makkelijk succes. Met ‘De Doden Hebben Het Goed II’ maken ze duidelijk dat ze aan de top staan in hun genre en dat er nog meer moois zit aan te komen. Wij kijken al uit naar ‘De Doden Hebben Het Goed III’.

Matt Watts

How Different It Was When You Where There

Geschreven door

Matt Watts is een Amerikaanse singer-songwriter die na een korte muzikale loopbaan in de Verenigde Staten in Brussel verzeild is geraakt. Afgaand op zijn jongste album gaat het niet goed met Matt’s liefdesleven. 'How Different It was When You Were There' is één brok verdriet, verlangen en melancholie. Die brok zit evenwel zo mooi verpakt in bij momenten leuke en veelal onschuldige melodietjes dat het voor de luisteraar louterend werkt, als een haardvuur waar je je kan aan warmen. Want ondanks alle ellende ziet Watts nog licht aan het einde van de tunnel. Er is altijd nog hoop.
Treurwilg Watts kon voor 'How Different It was When You Were There' rekenen op de medewerking van het duo Eriksson-Delcroix, de halve begeleidingsband van Guido Belcanto en Stef Kamiel Carlens (van Zita Swoon en vroeger dEUS). Die laatste heeft Matt Watts overigens opgenomen in zijn Zita Swoon Group. Al die samenwerkingen maken dat dit tweede album van Watts meer een groepsgebeuren is geworden dan zijn debuut ‘Songs From A Window’, al blijven zijn stem en gitaarspel ook nu duidelijk centraal staan. Het klinkt nu iets minder als folk, maar het is nog lang geen bruisende rockband die hem begeleidt. De gastmuzikanten kleuren heel voorzichtig de vlakken rond zijn stem in, zonder echt op de voorgrond te willen treden.
Het lijkt alsof de tracks lukraak en zonder veel nadenken opgenomen zijn, maar Watts weet je toch diep te raken. Hoe eenzamer hij de nummers brengt, hoe tastbaarder de melancholie is, zoals op “Joanne” of “If We’ll Ever Be Here Again”. Afgaand op de quote in het CD-hoesje is dit het sleutelnummer van het album.
Matt Watts zal voor veel mensen nog een ontdekking zijn, maar daar komt straks hopelijk verandering in. Als je de man en zijn zijn nog moet leren kennen, begin je misschien best bij “How Many Years” en “Just One More To Be Turned Loose”.
Niet meteen luistervoer voor een gezellige avond met vrienden, maar dan weer wel ideaal voor een slapeloze winternacht. Bovendien verkrijgbaar op CD en op vinyl.

Hey Satan

Hey Satan

Geschreven door

Wanneer je een zwak hebt voor psychedelisch klinkende gitaarlijnen, zware riffs en bijhorende vocals dan zal dit debuut van dit Zwitsers trio je wel eens kunnen bekoren. Zowel de teksten, het artwork als de muziek ademen een psychedelische en harde rocksfeer uit. Het kon zo een product uit de jaren zeventig zijn. Alles zit degelijk in elkaar maar soms is het wel wat clichématig (vooral de teksten). Het fijne is dat ze wel wat leuke hooks hebben in hun muziek. Luister maar eens naar “Legal Aspect Of Love”. De gitaren klinken gruizig en fuzzy en leggen een basis voor een vette groove. Soms zijn ze zowaar catchy. Op “Sunshine Blues” komt in het refrein iemand als Beck ( de Beck van “Dreams”, “Odelay” en “Loser”) zelfs om de hoek loeren. Let wel de vergelijking slaat enkel op het stemgeluid en het catchy element.
2 gitaren, een drum en een stem. Meer hebben ze niet nodig om een aardig psychedelic stoner/hardrock debuut af te leveren. We krijgen een meer dan aardig volgend album als ze nog wat meer eigenheid toevoegen en wat meer hun sound uitpuren. Het is tevens muziek dat live indruk moet kunnen maken.

Eight Sins

Serpents

Geschreven door

Eight Sins is een hardcore/metal band uit Frankrijk. Ze bestaan reeds een dikke tien jaar. Als ik het goed heb is dit hun vierde album dat ze uitbrengen. De zanger Loïx Pouillon voegt naast de typisch, toch voor hardcore, maatschappij kritische teksten ook wat elementen toe uit de hedendaagse metal in zijn zang. Nu en dan hoor je namelijk wat aanzetten tot grunts. Op vlak van gitaarwerk neigen ze bij momenten naar trashmetal (bv “Vultures”, “Ten Years”). Dit maakt dat ze soms vrij snedig klinken. Op andere momenten komt de hardcore iets meer tot uiting (“Where Is Your God?”, “Beers & Moshpit”). Tegenover hun vorige release “World of Sorrow” uit 2013 klinkt deze release snediger en meer trashy. Of je dat al dan niet beter vindt hangt een beetje van je smaak af. Dit album klinkt goed geproduceerd wat de luister ervaring ten goede komt. Erg grote verrassingen krijg je hier niet te horen maar het is een meer dan degelijk album in het genre.
Genoeg gepraat nu. We trekken onze boots aan en begeven ons naar de moshpit om ons eens goed te laten gaan op ‘Serpents’.

Hypochristmutreefuzz

Hypopotomonstrosesquipedaliophobia

Geschreven door

Het is ons een raadsel waarom men deze band steevast als noise-band catalogeert. Dit is immers geen hels lawaai maar een weloverwogen cocktail van geflipte hip-hop, eigenzinnige postpunk, binnenstebuiten gekeerde industrial, tegendraadse pop, verhakkelde funk en door de vleesmolen gedraaide triphop. Met hun boeiende en geïnspireerde sound is Hypochristmutreefuzz gewoon niet in één hokje te plaatsen, en dat is nu net de sterkte van deze plaat.
Bij de eerste tonen van “Finger” moeten wij al aan de geniale gekte van Les Claypool denken, terwijl de song dan iets verder middels een aanstekelijk aftands orgeltje richting Gruppo Sportivo afwijkt (voor wie zich deze geschifte Hollanders nog herinnert). Rapmuziek kan ons doorgaans aan onze witte reet roesten, maar hier geraken wij verdomd opgewonden van de dwarse hiphop van “Gums Smile Blood” en “Clammy Hands”, dit is Death Grips in een minder manisch periode, of Show Me The Body met pili pili in hun hol. In het ophitsende “Hypochondria” schuift Nine Inch Nails aan tafel met de jonge Red Hot Chilli Peppers, toen die tenminste nog dynamiet in hun testikels hadden, al dan niet in een sok verhuld. Ook de manier waarop het heftig groovende “One Trick Pony” tot ontploffing wordt gebracht is een hectisch opstootje die onze kop in vervoering brengt.
Wat een heerlijk driftig plaatje. Het kraakt, het botst, het klutst, het spettert, het bruist, het kriebelt en het jeukt, en vooral… het swingt als een extatische goudvis in een glas gin tonic !
Een springlevend album dat bol staat van verrassingen. Spastisch en hyperkinetisch, zeer zeker, maar dat is natuurlijk de bedoeling.

The Divine Comedy

The Divine Comedy - Op de slappe koord tussen kunst en kitsch

Geschreven door


Al ruim een kwarteeuw lang mag The Divine Comedy tot één van de meest markante buitenbeentjes van de Britpop scene worden gerekend. De muzikale voorbeelden van frontman Neal Hannon -notabene van Noord-Ierse afkomst en de enige constante in de levensloop van de band- heten dan ook niet The Kinks, The Who of The Jam maar wel Burt Bacharach, Scott Walker en Morrissey. Hannon fikste er zijn eigen brouwsel mee en schopte het van indie held tot een wat atypische mainstream figuur die aan de andere kant van het kanaal zijn barokke kamerpop moeiteloos de hitparades wist binnen te smokkelen.

In het statige decor van het Koninklijk Circus treffen we Hannon temidden de promo tour voor zijn eerste album in zes jaar. ‘Foreverland’ verkoopt als zoete broodjes en wordt gretig opgepikt door Radio 1, maar laten we vooral niet flauw doen: de nieuwste worp staat bol van wel erg luchtige orkestrale popdeuntjes die allerminst de geschiedenis zullen ingaan als hoogvliegers in de back catalogue van The Divine Comedy. Toeval of niet, maar de vijf nummers uit ‘Foreverland’ die de setlist halen zijn de stoorzenders vanavond. Getooid in 18de eeuwse legerkostuums trappen Hannon en zijn vijfkoppig orkest weinig indrukwekkend af met “How Can You Leave Me On My Own” en “Napoleon Complex” uit die plaat. Het eerste kwartier vatten we samen als ‘vermakelijk zonder impact’, maar altijd genietbaar blijft de typische tongue-in-cheek humor van de ironische gentlemen Hannon. Ook op het podium is de sfeer opvallend relaxed: de frontman dolt maar wat graag met zijn muzikale kompanen en trakteert ze zelfs halfweg de set op een wijntje of een frisse pint die hij uit een antieke wereldbol tevoorschijn tovert.
De eerste vonk slaat over als “Bad Ambassador” breed uitwaaierend wordt ingezet. Het nummer heeft alle kenmerken van een tijdloos Britpop anthem, alleen hebben onze radiozenders dat nooit gesnapt. Het is de eerste en meteen ook laatste song uit opus magnum ‘Regeneration’ (’01) die we in Brussel te horen krijgen. Ook de twee daaropvolgende platen die we zonder schroom tot het beste albumwerk van The Divine Comedy mogen rekenen worden wel erg stiefmoederlijk behandeld. Niet getreurd, want Hannon gaat voor kwaliteit eerder dan kwantiteit. Tijdens “Our Mutual Friend” uit ‘Absent Friends’ (’04) heeft de Ier zijn legeroutfit intussen ingewisseld voor een dandy maatpak met bolhoed en paraplu, en slentert hij theatraal door het publiek als een volleerde crooner. Even indrukwekkend is “A Lady Of A Certain Age” uit de laatste echt goeie DV plaat ‘Victory For The Comic Muse’ (’06) waar Hannon zoals alleen Hannon dat kan de leegheid van de Engelse aristrocratie schetst. De Noord-Ier blijft echter niet langer dan nodig stilstaan bij melodrama, want even later haalt hij voorprogramma Lisa O’Neill terug op het podium om met “Funny Peculiar” een lichtvoetig Bennett & Lady Gaga moment te scoren.
The Divine Comedy is het aan zijn mainstream status nu eenmaal verplicht om elke avond de nodige dosis crowdpleasers op te diepen. In de huidige tour blijven die radiohitjes allemaal netjes opgespaard  voor één langgerekte grande finale waarbij het publiek eindelijk eens die luie krent kan opheffen en zich aan een voorzichtig danspasje kan wagen. Het onweerstaanbare duo “At The Indie Disco” en “I Like” uit ‘Bang Goes The Knighthood’ (’10) ligt daarvan het meest vers in het geheugen,  maar voor de gestyleerde  pop singles “Becoming More Like Alfie”, “Something For The Weekend” en “The National Express” moeten we al terug tot diep in de 90ies.
Tijdens de drietal toegiften schakelde de band opnieuw een stuk of twee versnellingen lager, maar op afsluiter “Tonight We Fly” na leek de fut er ineens toch wat uit. Misschien zaten de drie opeenvolgende concertavonden in de Parijse Les Folies Bergère de week voordien daar voor iets tussen, feit is dat de doortocht van Hannon en co in Brussel zonder meer vermakelijk maar niet memorabel te noemen was.

Een meer gewaagde setlist met een lager campy gehalte had de koord tussen kunst en kitsch wellicht een pak strakker kunnen laten spannen. Dante wist wel beter, want volstrekt uniek en ongeëvenaard blijft La Divina Commedia natuurlijk wel.

Organisatie: Live Nation + Botanique, Brussel

Conor Oberst

Conor Oberst + Phoebe Bridgers + Miwi La Lupa @ AB: Goed, Beter, Oberst

Geschreven door

Conor Oberst + Phoebe Bridgers + Miwi La Lupa @ AB: Goed, Beter, Oberst
Conor Oberst
Ancienne Belgique
Brussel
2017-01-30
Jasper Verfaillie

Gewezen Bright Eyes frontman Conor Oberst mag dan zijn band vaarwel hebben gezegd, hij kan nog steeds op een schare trouwe fans rekenen. Zijn laatste solo album ‘Ruminations’ bleek een hele naakte en doodeerlijke plaat, dus het was afwachten of hij naar Europa zou afzakken met of zonder full band. Het werd het laatste en we hebben de band voor geen seconde gemist.

Het publiek in de AB werd getrakteerd op een dubbel voorprogramma. Wie al heel vroeg (lees 19u15) kwam opdagen, kon een half uurtje meegenieten van de zoete nummers van Miwi La Lupa. Hij lijkt wat op de zanger van Counting Crows en zijn stem doet denken aan die van Ben Gibbard, maar zijn nummers komen nog niet dicht in de buurt van die twee vergelijkingen. Veel van zijn songs zijn opgebouwd rond één of twee ideetjes en zijn teksten willen vaak iets te veel vertellen.
Voor zijn laatste nummer “Ended Up Making Love” (tevens de titel van zijn nieuwe plaat) wordt Miwi La Lupa bijgestaan door het tweede voorprogramma Phoebe Bridgers, waarna zij het naadloos overneemt. Haar heldere en broze stem pakt het publiek meteen in en heeft dezelfde emotionele diepgang als die van Julien Baker. In haar nummers heeft ze het over angstaanvallen, relaties en onzekerheden. Steeds met een ontwapende eerlijkheid die het publiek naar de keel grijpt. Haar debuut EP werd geproduced door Ryan Adams en voor haar nog te verschijnen debuutplaat kon ze rekenen op Conor Oberst zelve. Eentje om in de gaten te houden dus.

Onlangs kondigde Conor Oberst alweer een nieuw album aan. Het in maart te verschijnen ‘Salutations’  is eigenlijk grotendeels een herwerking van zijn vorig jaar verschenen ‘Ruminations’, deze keer met een full band versie van de meeste nummers. Of Conor die band ook mee had op tour was al meteen duidelijk. Op het podium stond een piano en een hele hoop gitaren, maar geen spoor van een drum of andere keyboards. Toen Oberst samen met Miwi La Lupa op podium stapte, waren we zeker: het zou een intiem avondje worden.
Enkel bijgestaan door Miwi op bas, een persoonlijke assistent voor zijn mondharmonica en een knuffeleendje op de piano kon Conor Oberst zich volledig concentreren op zijn songs. Want als je enkel een gitaar, mondharmonica en een vleugje bas gebruikt in je nummers, dan komt de aandacht nogal snel op de lyrics te liggen. Gelukkig zijn die van een heel hoog niveau. Conor spreekt vanuit het hart. Zijn eerlijke en oprechte songs bulken van de rouwe verhalen. Het sterke openingstrio “Tachydaria”, “Gossamer Thin” en “Barbary Coast” deed het publiek meteen verstommen en ze hingen voor de rest van het concert aan zijn lippen.
Toch kon Conor het niet laten om eventjes te reageren op de situatie in zijn thuisland. Eerst verontschuldigde hij zich nog voor “that fucking orange rat”, maar daarna riep hij het publiek op tot meer solidariteit en vond hij het zelfs mooi dat er in Brussel ook protesten waren. “We have to stick together,” maande hij het publiek aan. Zo werd “A Little Uncanny” een nummer dat het beste van de twee werelden samenbracht. Met de zin “He made a joke of the poor people, and that made him a saint,” doelde hij eigenlijk op Ronald Reagan, maar vandaag kan je er helaas ook iemand anders in herkennen. Even later wordt het persoonlijk als hij zingt: “They say a party can kill  you, well sometimes I wish it would.”
Daarna deed Conor Oberst iets heel ongebruikelijk. In plaats van bisnummers te spelen, deelde hij het concert op in twee delen. Na tien nummers kondigde hij een korte pauze aan, en daarna zouden ze gewoon nog wat nummers spelen. Het zouden er uiteindelijk nog acht worden, waaronder nog wat solonummers, een toepasselijke cover van The Felice Brothers en gelukkig nog wat oude nummers van Bright Eyes.

Zo werd het even hartverwarmend als hartverscheurende “Lua” een prachtig hoogtepunt uit het concert. Samen met Phoebe Bridgers werd het nummer een aangrijpend duet waarna het publiek ook wel een dikke knuffel nodig had. Zijn meest uptempo en vrolijke nummer spaart Conor als laatste. Het springerige “At The Bottom of Everything” werd op gejuich onthaald. Maar laat je niet door het jolige gitaarspel of de meezingbare melodieën. Wie naar de tekst luistert, ontdekt ook in de meest speelse songs, donkere kantjes.

De laatste zin die Conor Oberst zingt, vat het hele concert (en misschien wel zijn leven) nog het best samen: “I'm happy just because I found out I am really no one.” Geluk vinden in het ongeluk, zonlicht in de miserie. Als het uit de mond van Conor Oberst komt, geloven wij het meteen.

Setlist: Tachydaria/Gossamer Thin/Barbary Coast (Later)/ Cape Canaveral/Ten Women/You All Loved Him Once/Here Comes A Regular(The Replacements Cover)/A Little Uncanny/Ladder Song/Till St. Dymphna Kicks Us Out//Lenders In The Temple/Mamah Borthwick (A Sketch)/Counting Sheep/Next of Kin/Jack At The Asylum (The Felice Brothers Cover)/Lua/The Big Picture/At The Bottom of Everything//

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Lucky Chops

Lucky Chops - Omver geblazen.

Geschreven door

Lucky Chops - Omver geblazen
Lucky Chops
Ancienne Belgique (AB Box)
Brussel
2017-01-29
Cis Vliegen

Lucky Chops, een stelletje kerels die begonnen in de metrostations van New York. Het brass ensemble blies zich via filmpjes van passanten naar een kijkcijferkanon op Youtube. Niet veel later kwamen de café concerten waarna de bal begon te rollen naar festivals, zalen, evenementen en zelf een europese tour waarvan Brussel de eer had hen als eerste te mogen ontvangen. Een uitverkochte AB is een teken van het verlangen om deze youtube-figuren eindelijk in het echt te zien.  

Het voorprogramma is een stevige portie Belgisch drum geweld van Velotronix. Je kan ze vergelijken met zo’n typische drumgroep die je ook terughoort op straatfeesten, alleen deden zij het met hun vijven en voegden ze een snuifje elektronische effecten toe. Met aanstekelijke ritmes krijgen ze beweging in het publiek en gaven ze aan het een eer te vinden om te spelen in de AB. Voor mij bracht Velotronix meer een gezellige sfeer dan een pré feestje en komen ze meer tot hun recht tussen het publiek op straat, dan op een podium.

Vijf koppen verschijnen op het podium in plaats van de gebruikelijke zes. De zotste van de groep, degene met de meest absurde kapsels en kleren, Leo Pelligrino, is er niet bij. In eerste instantie een teleurstelling, maar deze wordt al snel weggeblazen door de vijf andere. Ik stel ze voor: Josh Holcomb (trombone) met een prachtige Delirium olifant op zijn t-shirt, Daro Behroozi (tenor saxofoon) met een politiek getint t-shirt, Joshua Gawel (trompet) met een ode aan Andy Warhol op zijn t-shirt, Charles Sams (drum) en tot slot in een grappige sport outfit de kleine Raphael Buyo met de veel te grote sousafoon.
De vijf staan er zonder podium vulling en veroveren één voor één de harten van het publiek. Het is een show die start in de vijfde versnelling en je laat ontdekken dat de snelheid oneindig is. Wanneer je denkt: nu zijn ze op hun best, kwam er een nieuw hoogtepunt en weer, en weer, en weer, …  Dit optreden is één van de beste die ik ooit zag.
Ik wil vertellen over de opbouw van de nummers, de setlist, het entertainment, … Ik wil vertellen dat alles klopt! Het concert zweeft van het ene nummer in het andere, kent geen enkel ‘dood’ moment en barst continu uit in geroep, gespring en gedans. Het hele publiek gaat zelfs op zijn knieën, zingt in canon en feest met een menselijke treintje door de zaal. Het is dankzij de Lucky Chops dat het publiek zich helemaal geeft, net zoals zij. Ze staan dan ook geen vijf seconden stil. Wat een energie!

Het is allemaal heel aanstekelijk. Zowel de eigen nummers “Coco”, “Buyo”, … als de eigenzinnige versies van “I feel good” en “Stand by me”. Iedere muzikant toont uitgebreid zijn kwaliteiten met solo’s, solo’s en nog een solo’s die steeds verrassend en vers klinken.
Een andere troef is het geheime wapen van Daro. Plots haalt hij een langwerpige saxofoon tevoorschijn waarmee hij didgeridoo-achtige geluiden weet te creëren.

Beste lezer, je kan het al raden: ik ben vanavond omver geblazen. De Lucky Chops zijn top en ik kan niet anders zeggen dan ‘ga ze kijken!’

Setlist: Intro/Without You, Coco, I’ll fly away intro, Boom, Miami, D20, Helter Skelter, Walter Jam, Skaba/Jam/Charles Solo, Stand, Buyo, Connie, Behroozi, Stand by me, Danza
Bis: Problem, Funky

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Rembert De Smet (2 Belgen) overleden

Geschreven door

Rembert De Smet (2 Belgen) overleden
De Gentse zanger en muzikant Rembert De Smet is overleden aan de gevolgen van kanker. De Smet is vooral bekend van zijn tijd bij 2 Belgen en van hits als "Lena" en "Operation coup de poing". Hij is 62 jaar oud geworden.
Rembert De Smet breekt in de jaren 80 samen met Herman Celis door met de groep 2 Belgen. Hij scoort de new wavehit "Lena" wat veruit zijn grootste hit zal worden. Het nummer wordt tot op vandaag nog steeds gesmaakt, het stond eind december nog op nummer 184 in de "1.000 klassiekers" van Radio 2.
De band 2 Belgen scoort ook met cover "Operation coup de poing". Begin jaren 90 gaat de band uit elkaar. Later maakt De Smet eigenzinnige wereldmuziek met Esta Loco.
Samen met Wim Claeys wordt hij een van de bezielers van de Walter De Buck-band, een herdenkingsband voor de overleden Gentse volkszanger. De Smet speelde ook muziek op de begrafenis van De Buck.
Het overlijden van Rembert De Smet komt onverwacht. De 62-jarige muzikant kreeg nog maar enkele weken geleden te horen dat hij aan kanker leed. Hij is overleden aan de gevolgen van de ziekte.
(Info Bron: De Redactie)

Vitalic

Vitalic - Tout droit, tout dance

Geschreven door

Show your discomoves, baby ! Dat denkt de Franse dj Vitalic voortaan hardop. Vroeger scherp en strak, nu met het hemd een paar extra knopen open en een arsenaal aan  vintage trucs, en dat smaakt naar meer. Ontmoet de Vitalic nouveau style op het Brusselse podium, het plezier van het dansfeest blijft intact.

Eerst is het huiswerkverbetertijd voor de jonkies van Contrefaçon. Frans, piepjong en klungelig scheuren ze door hun optreden met een constant hoog tempo, de ene harde drop na de andere. Hier en daar een vlaag van originele scherpzinnigheid, meer nog een oefening uit de handboeken van de vroege Daft Punk en Justice. Heel veel maakt het niet los bij het wachtende publiek. Het duo in sportkledij verdwijnt snel na hun set met een beleefd applaus achter het gordijn, de spieren zijn nog niet warm gedanst.

Bij de eerste noot die de producer/dj neerpoot spitsen de oren zich. Vitalic, een ijkpunt als het gaat over optredens barstensvol inventiviteit, vertrekt uit de startblokken zoals we gewend zijn van hem en zijn vorige albums. Pompen en dreunen met een lichte punksignatuur, het publiek is klaar voor de spurt. Het werk van de eerste drie worpen “Ok Cowboy”, “Flashmob” en “Rave age” wordt gretig opgepikt en de nieuwelingen van het net verschenen ‘Voyager’ gaan vlotjes mee in het verhaal van de avond.
De aimabele performer toont na een paar minuten al zijn dankbaarheid, bijna verlegen. Verlicht in rood neon kijkt hij vertederd de zaal in.
Dat dat rode neon zich ontpopt en uitgroeit tot een hoofdpersonage naast Vitalic, is een blije verrassing. Concerten van dance-artiesten bewijzen in vlug stijgende lijn het talent van hele ladingen lichtingenieurs. De installaties eisen met branie hun bestaansrecht op het podium op. Het fijnzinnig visueel vernuft van deze show overstijgt echter de bijna groteske concerten vol knallend vuurwerk van de wereldtop van de DJ MAG-artiesten.
Hoe een concert van dik 90 minuten met 5 in mekaar passende simpele lichtvierkanten ontelbaar veel varianten aan kleur, vorm en beweging uit de hoed tovert, daar kijk je met de mond open naar toe.

Gewoon omhoog springen en zweten bij Vitalic ? Volmondig neen ! Voeg in je dance moves bij een Vitalicoptreden anno 2017 ook heupwiegen en een eerste bescheiden choreografie er aan toe. Moroder en italodisco krijgen een nieuwe vertaling bij Vitalic. Het werkuniform van de dj is nog altijd zwart en streng en zijn mars ter plaatse achter zijn batterij van synthesizers en laptops blijft bestaan, hij grijpt nu echter ook gretig naar een ferme brok flamboyantie. De oude getrouwen “La Rock 01” en “My friend Dario” krijgen een zwierig pakje aan en de afsluiter “Stamina” toont een breed lachende en genietende dj.

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/vitalic-26-01-2017/


Organisatie: Live Nation

Jacle Bow

Jacle Bow entertaint een uitverkochte Club

Geschreven door

Jacle Bow entertaint een uitverkochte Club
Jacle Bow
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2017-01-26
Wim Guillemyn

De naam Jacle Bow zal menig lezer misschien niet veel zeggen maar deze band maakte een aantal jaar terug deel uit van ‘De Nieuwe Lichting’. Sedertdien gaat het snel voor hen. Afgelopen jaar waren ze ‘artist in residence’ in de AB. Daardoor speelden ze o.a. in het voorprogramma van The Golden Earring. Vanavond kwamen ze als afsluiter in een uitverkochte club (250 man) hun debuut album ‘What’s All The Mumble About?’ voorstellen. Dit viertal is afkomstig uit Limburg waarvan de zanger en de drummer een B&B uitbaten in de omgeving van de Dansaert in Brussel.

Radio Bruzz (StuBru) was aanwezig om muziek te draaien, hen te interviewen en het optreden live op de radio te brengen. Er werd vlot van start gegaan met “High For Your Lover” en “Street Fight”. Je merkte meteen dat ze ondanks hun jeugdige leeftijd toch al voldoende routine en vakmanschap hebben. Ze leken weinig last van zenuwen te hebben. Hun muziek klinkt heel volwassen en is gedrenkt in Amerikaanse blues en soul rock. Ergens tussen de jonge Rolling Stones en Jamie Lidell in. De zanger heeft een ferme stem met een karakteristieke grain in. De bassist was doeltreffend en zeker van zijn stuk. Hun muziek is echte live muziek. Pure rock’n’roll.
Halverwege werd er nog een nummer van de Beatles gespeeld: “Coming Up”. Een geslaagde cover dat ook door het publiek werd gesmaakt. Op het podium stonden oude televisiekasten gevuld met screens, die ons mooie graphics voorschotelden. Niets werd aan het toeval overgelaten. Er kwam ook een dankwoordje voor o.a. Mario Goossens (Triggerfinger) die hun album had geproduceerd en aanwezig was. Na het laatste nummer mochten ze nog terugkomen voor een bisnummer of twee. Die speelden ze in een semi-akoestische bezetting. Het allerlaatste nummer was “C’est Ma Vie” van Salvatore Adamo. Een mooie afsluiter en een geslaagde cover alweer.

Jacle Bow is een naam om te onthouden en die je zeker live moet ervaren. We gaan er ongetwijfeld nog meer van horen.

Neem gerust een kijkje naar de pics van hun set met Kaleo de dag voordien
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/jacle-bow-25-01-2017/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

 

Big Thief

Big Thief - Een introverte verzameling levenservaringen

Geschreven door

Over het debuutalbum Masterpiece van de New Yorkse band Big Thief zijn vorig jaar veel lovende woorden geschreven. Hun lo-fi rock veroverde vooral veel harten in Amerika, terwijl ze in Europa iets meer onder de radar bleven. Dat maakte het een gedroomde band om in de Witloof Bar in de Botanique te spelen. Een locatie waar we al vaker van te ontdekken topacts kunnen genieten.

De zaal zat goed vol en er heerste een ontspannen sfeer. Een gevoel dat zich voorttrok vanaf dat de band subtiel en met weinig allures het podium op kwam. Het optreden ging niet van start met een knaller, maar trok je langzaam de wereld van Big Thief binnen. Met een klein, intiem nummer dat de zangeres solo bracht voelde je meteen dat dit een band is die een verhaal vertelt. Tekst won het vaak van instrumentatie. Het waren stuk tot stuk levenservaringen die ze ons trachten te vertellen doorheen hun songs.
Vervolgens kwam het concert meer op gang met enkele hoogtepunten uit hun album. Nummers zoals “Vegas” brachten een goede flow: melodieën die lekker vlot doorlopen terwijl de band goed volgt en nog eens die extra push geeft. De instrumentatie was soms wat slordig, wat alleen maar charme ten goede kwam. Toch bleef de kern nog steeds de zang. De weemoed in de vocalen en teksten van Adrianne Lenker maakten het publiek zacht en stemden tot wegdromen. Je zag aan de muzikanten dat ze volledig opgingen in de muziek, wat het contact met de zaal wat minder vlot maakte. Dit werd echter gecompenseerd door de grote vertelkracht in de liedjes.
Daarentegen vroegen we ons af of het niet allemaal iets te introvert was. Niet elk nummer was even goed of werd overtuigend gebracht. Op bepaalde momenten durfden de minder boeiende stukken redelijk lang aan te slepen. Big Thief probeerde om er af en toe een andere vorm van energie in te steken. Eerst was er de magistrale single “Real Love”, het ruwste en luidste nummer op hun album. Het steekt er met kop en schouders bovenuit met gitaarsolo’s die vol expressie van het pad gingen. Dit geanticipeerd moment kwam echter redelijk vroeg en de climax zat er toch flink naast. Hij werd uitgesteld en ingehouden. Deze slechte timing zorgde ervoor dat ze te vroeg met het beste kruit geschoten hebben. Op een later moment verraste de gitarist ons met wel een heel merkwaardig a capella nummer. Een lied dat zo uit de lijn lag met de set, maar toch ironisch genoeg wel het hoogtepunt was van het concert. Toch waren het niet deze keuzes die de set bijeen hielden, maar de grote hoeveelheid ijzersterke singles die hun debuut Masterpiece te bieden heeft.
De bisronde zorgde nog voor extra verrassingen. Het eerste nummer werd abrupt afgebroken door de zangeres. Ze had het idee om een nummertje te spelen dat ze al heel lang niet meer gebracht hadden. Daarna vertelde ze hoe het haar deed denken aan de tijden dat ze nog niet op de andere kant van de wereldbol speelden. Ten slotte was het tijd voor het allerlaatste liedje, waar Adrianne eerst de volledige songtekst citeerde voordat de band het nummer begon te spelen. Beide songs in de bisronde illustreerden hoe de muzikanten van Big Thief een beetje dromerig zijn, maar vooral heel warme en inhoudsvolle karakters zijn.

Big Thief pootte een gevoelig optreden neer, maar soms nog met wat gaten en slepende momenten. De vele hoogtepunten toonden echter dat dit een groep is die je in de gaten wil houden. We zijn er alvast van overtuigd dat het de volgende keer net dat ietsje meer zal zijn.

Met dank aan Dansende Beren www.dansendeberen.be

Organisatie: Botanique, Brussel

PIAS Nites 2017 – Temples- J.Bernardt - Royaume

Geschreven door

PIAS Nites 2017 – Temples - J.Bernardt - Royaume
PIAS Nites
Beursschouwburg
Brussel
2017-01-25
Didier Becu

Over België is er al ontzettend veel over geschreven, maar één ding staat vast: het land blikt muzikaal op alle fronten uit. Een van de hoekstenen daarvan is het in 1982 door Kenny Gates en Michel Lambot opgerichte [PIAS]. Wat destijds begon als (zeg maar) een klein wave-label met namen als Trisomie 21 of The Legendary Pink Dots, is 34 jaar later internationaal één van de grootste indielabels geworden, en tevens een ontzettend belangrijk distributienetwerk. De
[PIAS] Nites is een jaarlijks feestje waar zowel aan perslui als muziekfans een selectie (met de hele catalogus zit je aan een festival van dagen!) wordt getoond van wat het label als één van de tips van het komende muziekjaar ziet.

Met Oscar & The Wolf en Bazart zit het label zonder twijfel aan zijn (Belgisch) kunnen, wat evenwel niet betekent dat er geen plaats meer zou zijn voor ander binnenlands talent. Het is niet zo eenvoudig om op het net iets informatiefs te vinden over
Royaume, maar na het bestijgen van de eindeloze reeks trappen (de concertzaal bevindt zich op het dak van de Beursschouwburg!) zagen we dat het trio zonder meer in de smaak zal vallen bij fans van The XX en zeker Alice On The Roof. Speelse pop, nog wat onzeker, met een energieke Frans-Japanse frontvrouw Yumi die duidelijk de touwtjes in handen heeft. Het mag van ons part allemaal best wel een tikkeltje gedurfder, maar wie van zachte elektronische indiepop houdt, zal de komende maanden Royaume zeker op één of andere manier treffen!

De tweede artiest aan zet kun je bezwaarlijk een nieuweling noemen, zijn project is dat wel. Na Maarten Devoldere (Warhaus) en Simon Casier (Zimmerman), kiest ook Jinte Deprez van Balthazar voor een nagelnieuw zijproject.
J.Bernardt is de naam en de veel gedraaide single “Calm Down” kun je wellicht al zonder enige hapering meefluiten. Ook de andere songs liggen in deze lijn, hoewel het bij momenten een jazzy set werd waarin de Gentenaar zijn roots niet kan wegsteken. Hoeft ook niet, ook al vraag je je af waarom de heren van Balthazar niet hun krachten zijn blijven bundelen. Maar goed, iedereen wil wel zijn eigen ei kwijt en het is duidelijk dat er met zorg aan de songs is gewerkt waardoor ze voor het publiek nog wat onwennig aanvoelen, maar net zoals bij zijn collega’s zit het vernuft hem in het detail. Onze tip? Binnenkort het debuut kopen, grijs draaien en ervan genieten op één van de vele clubconcerten die gepaard gaan met de release.

En dan was er
Temples, vier Britten die ons terug naar de tijd brachten toen de NME en de Melody Maker wekelijks ‘the next big thing’ voor ons in petto hadden. Deze eer viel ook de beurt aan deze band uit Kettering, maar gelukkig voor hun lijkt het sprookje iets langer te duren.
Twee jaar geleden konden de vier met hun debuut ‘Sun Structures’ de indiefans charmeren en werd de best verkochte release in de Rough Trade Shops. Uiteraard zijn nu de ogen gericht op hun tweede plaat, ‘Volcano’, die in maart via Heavenly Recordings op de markt wordt gegooid.
Een vrij exclusief concertje dus, en wie geen ticket kon bemachtigen voor het uitverkochte PIAS-feestje hoeft niet te wanhopen, want op 31 maart staan ze een paar straten verder in de Botanique. En misschien best niet te lang wachten, want de nieuwe singles die we gisteren te horen kregen lijken zo hitgevoelig dat Temples mits de radiosteun wel eens de Tame Impala van het jaar zou kunnen worden!
Wat er ook gebeurt, de looks hebben ze in ieder geval. Mijn partner-in-crime merkte het verschillende malen op, maar met zijn torenhoge krullenbol lijkt zanger/gitarist James Bagshaw wel de verrezen Marc Bolan. Een blik op de modieus geklede Adam Smith doet je zelfs vrezen dat de tijden van Bay City Rollers opnieuw zijn aangebroken. Geen nood, hoewel braaf (zelfs net iets te braaf) en geregeld gebruik makend van Pink Floyd-achtige soundscapes heeft Temples genoeg in zijn mars om de indiemeute van vandaag te kunnen overtuigen. En nu terug die trappen!

Met dank aan Luminousdash.com www.luminousdash.com

Kaleo

Kaleo - Een happy meal, maar zonder speeltje

Geschreven door

Intro - IJsland heeft een mooie waslijst aan topartiesten. Zo kennen we Björk, Sigur Rós, Of Monsters and Men, Ólafur Arnalds, … En sinds kort is er een nieuwe speler op de markt die een plaats op deze lijst probeert te veroveren. Ik heb het over Kaleo, een vierkoppige rock groep wiens muziek reikt van garage rock met een vleugje country tot indie rock met een streepje folk. Met hun 2de album ‘A/B’, gereleased 10 juni 2016, scoorde Kaleo een hit met de track “Way Down We Go”. Een meeslepend nummer met een donker kantje. Ik ben benieuwd of Kaleo dit donker kantje gaat tonen, tijdens hun debuut optreden in België.

Voorprogramma - Belgische klasse! Dat kan je zeggen over Jacle Bow. De kerels die we zagen in de ‘Nieuwe Lichting’ zijn ondertussen geëvolueerd in echte podiumbeesten. Jacle Bow staat vanavond in stijl op het podium en weet de AB warm te krijgen voor de IJslanders.

Er is maar één God - Kaleo verschijnt als een team op het podium, maar al snel is het een ‘one man show’. Zoals een actueel thema ons zegt ‘er is maar één God’ en dat is vanavond JJ Julius Son (gitaar/zang). De rol van frontman vervult hij op een timide manier.  Zo bedankt hij regelmatig het publiek en vraagt hij om mee te klappen en te zingen. Een heel optreden lang is hij het middelpunt van de belangstelling en staat enkel hij in de spotlight. Af en toe krijgt zijn collega, Rubin Pollock (gitaar), ook een beetje licht wanneer hij soleert. Maar de echte ‘God’, in mijn ogen, staat vanavond niet in die spotlight. Het is de bassist, Daniel Kristjansson, die in het donker het beste van zichzelf geeft. Continu moedigt hij het publiek aan en zelf staat hij geen seconde stil. Vanavond zag ik geen band op het podium, maar eerder vier individuen.

Tot in de puntjes - Kaleo live is hetzelfde als Kaleo op CD. De sound is opperbest en JJ Julius Son zijn stem klinkt grauw, ruw en donker zoals het hoort. Werkelijk een prachtige stem die hij juist weet te gebruiken. De show is tot in de puntjes verzorgd! Ook mijn complimenten aan de man van het licht!
Hoogtepunten - Een cover van “Bang Bang” die melodramatisch wordt ingezet, maar beetje bij beetje uitdraait in geschreeuw van gitaren, was voor mij het hoogtepunt. Dit nummer liet je haren eerst rechtop staan en daarna meebewegen met het geschud van je hoofd. Voor het publiek was ook “Way Down We Go” en feitelijk alle nummers van de nieuwe plaat een schot in de roos.

Een happy meal, maar zonder speeltje - Kaleo stelt zijn publiek niet teleur. De groep geeft waarvoor de fans betaalt hebben. Een mooie show, goede klank en hun beste nummers. Ben je een grote fan? Dan moedig ik je zeker aan om ze te gaan kijken. Maar ik mis toch iets. Het element van verrassing of eerder spontaniteit? Beiden heb ik niet ervaren tijdens de show. Het leek wel een happy meal, maar zonder speeltje.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/kaleo-25-01-2017/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/jacle-bow-25-01-2017/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Pagina 267 van 498