logo_musiczine_nl

Wilde Westen, Kortrijk – events

Wilde Westen, Kortrijk – events Concerten 2026 02/05 Spoetnik @Textielhuis 06/05 Alan Sparhawk (solo ‘with trampled by turtles’ / Low), camille camille 07/05 Brennt Vanneste, Pieter-Paul Devos 08/05 Scott McCloud ‘make it forever” album, Head on stone 09 +…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15426 Items)

Aurora

Aurora - Een zingende Noorse nimf in de Botanique


Rachel Louise, een Nederlandse/Amerikaanse singer-songwriter, mocht de spits afbijten. Samen met haar gitarist warmde ze het publiek op met een selectie softrocknummers. “Far away” was eentje dat ons kon bekoren, net als haar afsluiter “Big girls”.

Hierna was het de beurt aan Depresno, de Noor die samen met zijn band zinderende electropop brengt. Opvallend was de freewheelende drum, aangevuld met elektronische drumgeluiden, die een typische sound geeft aan de band. De diepe basstem van de zanger sprong ook in het oor. Met “Hide and Seek” kregen ze het publiek volledig mee. We hoorden nu en dan een vleugje Jamie Woon bij de Oscar and the Wolf van Noorwegen.

Na twee goede voorprogramma's in de lijn van Aurora's muziek, waren we goed opgewarmd  om Aurora Aksnes te bewonderen. De Orangerie was al ruim een maand op voorhand uitverkocht voor de twintigjarige Noorse. Haar dreampop werd ondersteund door een sprookjesachtig decor met in nevel gehulde bossen. We waanden ons in een magische elfenwereld waarin Aksnes als bosnimf over het podium fladderde. Het eerste hoogtepunt van de avond was het geweldige “Warrior”.

Aurora durft haar gevoelige karakter te tonen in interactie met het publiek: 'I think there are many people like me in the room tonight.
Just like you all, I feel a bit more than others'. Ze vertelt onder andere dat ze vroeger te kampen had met pestgedrag. Dit komt ook terug in haar nieuwste single “I went too far”, waarin ze vertelt dat ze vrienden wilde worden met haar pesters op school. De dansstijl van Aurora is opvallend. De gestiek van haar armen is soms wat bevreemdend maar haar sierlijke bewegingen passen zeker bij haar uitstraling en haar aura (pun intended). Het publiek reageerde enthousiast op nieuwe en oudere nummers. Dit merkte de blonde zangeres ook en ze noemde het publiek 'the best audience of the whole tour'. 'This is one of the cities we'll definitely come back to', liet ze zich nog ontvallen.
De vierkoppige begeleidingsband van Aurora met een gitarist, twee toetsenisten en elektronische drumgeluiden geven de synthpop in de nummers vorm. “Murder song” en “Animal soul” werden intiem gebracht met enkel zang en gitaar. Aurora speelde goed in op het publiek en kreeg briefjes en zelfs een pluchen beertje. Haar muziek heeft iets weg van Florence Welch, de Britse zangeres die we kennen van Florence and the Machine.
Doorheen het optreden kwam de boodschap van peace and love sterk naar voren. Een minpuntje was de zang die nu en dan wat te schel doorklonk. Voor de rest niets aan te merken op de zang die heerlijk dromerig aandeed. De laatste twee nummers (voor het bisnummer), “Conqueror en “Running with the wolves” waren voltreffers en als afsluiters enorm krachtig en overtuigend. Aksnes kwam daarbij wat meer los van de microstaander en begon vrolijk in het rond te spinnen als een sierlijke draaikolk.

Met slechts een langspeler op de teller staat Aurora nog maar aan de vooravond van haar carrière maar wij zijn in ieder geval al razend benieuwd naar nieuw materiaal van deze Noorse nimf.

Organisatie: Botanique, Brussel

All Them Witches

All Them Witches - Psychedelische stonerblues met de sluizen open

Geschreven door

De opwarmers van dienst komen uit Tel Aviv, niet bepaald een stad waar rock’n’roll floreert. The Great Machine heet de band, ze spelen een soort moordzuchtige doom-metal die dan weer overgaat in stevige stonerrock en af en toe opgejut wordt door vlijmscherpe ultra korte punk-metal songs, Ufomammut meets Kyuss meets Motörhead. Niet slecht verdomme, wij onthouden een verpletterend “Bitch” en een zwaar slepende stonerrocker “San Zekelin”.

Noem het een goed bewaard geheim, maar je kan het ook zien als de onwil van de media om de fantastische band All Them Witches in de armen te sluiten. Dit is namelijk een rockband pur sang, en bij Stu Bru bijvoorbeeld zijn ze al lang niet meer into rockbands, tenzij die Foo Fighters of Royal Blood heten en volledig binnen de mainstream-lijntjes kleuren. All Them Witches komen uit Nashville maar u mag opgelucht ademhalen, met country hebben ze niks van doen.
De band heeft al drie platen uit, de eerste (‘Our Mother Electricity’) was misschien nog een ruwe zoektocht naar een eigen sound, maar de andere twee (‘Lightning At The Door’ en ‘Dying Surfer Meets His Maker’) zijn pure rockgoudmijnen die gewoon nog niet door het wereldje ontgonnen werden. Het zou zonde zijn dat een band met zo een potentieel zou moeten blijven spelen in zaaltjes met een capaciteit van amper een paar honderd man.
De passage in de Antwerpse Zappa was al de derde doortocht op Belgische bodem dit jaar, na de AB Club en een stekje in de Shelter op Pukkelpop. De set in de AB is zelfs als een live album gereleased (‘Live In Brussels’), en ’t is een verdomd straffe plaat.
Ook in de Antwerpse Zappa speelde All them Witches voor een paar honderd gegadigden, maar ze deden het alweer met tonnen bezieling en force. Hun sound is moeilijk te bevatten, noem het psychedelische stonerblues voor ons part. Feit is dat die kerels een uniek geluid creëren waarbij de rock nog met een grote R mag geschreven worden en de instrumentatie al eens epische proporties mag aannemen zonder daarbij in potsierlijke prog-rock te vervallen. Een groovy Fender Rhodes orgel walst de ganse tijd doorheen de songs en dat geeft extra cachet aan een typische eigen sound die hiermee wordt ontwikkeld, retro maar toch ook weer niet, spacy en tegelijkertijd heel organisch.
Bij All Of Them Witches kunnen Led Zeppelin, The Who, The Doors, Pearl Jam, Goat, The Tea Party en Kyuss door één en dezelfde deur en komen ze met zijn allen in een boeiende kamer terecht waar blues, stoner, folkrock, grunge en southern rock door de speakers galmen.
Er huist flink wat variatie in hun set, een stevig “Dirt Preacher” en een in stonerrifs gehuld “God Comes Back” beuken hard tegen de muren aan terwijl de zwevende blues van “The Marriage Of Coyote Woman” en “Mountain” de tijd nemen om in heerlijke golven door de zaal te vloeien.
In hun live versies worden sommige songs flink opengetrokken. Er mag al eens gejamd worden en er is ruimte voor harde uitspattingen en breed uitwaaierende gitaren, doch alles komt telkens goed op zijn pootjes terecht en de songs lijden nergens gezichtsverlies. Absolute hoogtepunt is “Blood and Sand/ Milk and Endless Waters” dat uitmondt in een kwartier beuken, scheuren, soleren en jammen.
Als bis trakteren ze ons op nog zo een kanjer, “Swallowed By The Sea” start als een Indisch vliegend tapijt, rijt de boel open met een loodzware stonerrif en schakelt vervolgens over in een breed openwaaiende jam waarin de roffeldrums en echoënde gitaren het mooie weer maken.

All them Witches kondigen aan in februari een nieuw album te releasen, iets om met argusogen uit te kijken. Laat ons hopen dat daar weer een tour aan vasthangt die hen deze keer naar wat grotere zalen brengt.

Organisatie: Heartbreaktunes

White Lies

White Lies - Scherpte en Gedrevenheid!

Geschreven door

Het Britse White Lies uit Londen wordt in ons landje sterk ontvangen …én het kwartet houdt van ons muzieklandje - Twee zo goed als uitverkochte concerten en toe aan hun vierde cd ‘Friends’.

White Lies profileert zich binnen het kader van wavepop, van treffend, slepend materiaal dat dramatiek, bombast sluiert, gedragen door de indringende , galmende bariton zang van Harry McVeigh . Ze zijn te vinden in de lijn van Editors , Interpol en The Bravery en dragen het vaandel van Chameleons/House Of Love en iets verderop dit van Echo/Cure/Joy Division.
Live hebben we hier een nog steeds gretig spelende band , die uit zijn schelp komt en zorgt voor een vol, massief, extravert geluid . Ze behouden een intense spanning van donkere eighties, tintelen catchygewijs en integreren hemelbestormende bombast. Jawel, de live reputatie is sterker geworden door de jaren , het plaatwerk minder …
De nieuwe ‘Friends’ is er eentje van verwarring , net als de vorige btw, ‘Big tv’ . Emotie en pijn gaan muzikaal schuil in een rits wisselende songs in het genre die zich nestelen tussen pop , rock , electro en bombast. Een paar sterkhouders noteren we en die werden vanavond gespeeld , De twinkelende  prachtsingle “Take it out on me” opende de anderhalf uur durende set,  het poppy “Is my love enough” en het sfeervol innemende “Morning in LA” zaten middenin de set en tot slot hadden we “Come on”, die in de bis zat en stevig rockte.
White Lies is naar zijn publiek gegroeid . Vroeger waren zij in zichzelf gekeerd , hadden een coole uitstraling , nu zijn ze ontdooid en door de respons van de fans dragen ze hen een warm hart toe .
De eerste twee platen zijn in te lijsten, zeker het debuut ‘To lose my life’ , waar nog steeds een handvol songs worden gehaald als de titelsong, “Farewell to the fairground” en “Death”; hier was het publiek sterk uitgelaten , de handen in de lucht en werden de refreinen luidkeels meegeschreeuwd . De donkere , slepende tunes van “Unfinshed business” en “The price of love” vulden aan , twee die ze op vraag van de fans opnieuw hebben bovengehaald. De songs kregen zeggingskracht door de flitsende lightshow.
Een sterk begin hadden we. Na “Take it out on me” was ”There goes our love again” scherp, venijnig en had zich een voornaam plaatsje toegeëigend , electrogrooves en bombast drongen zich gaandeweg op , maar nergens uit de bocht.
In het tweede deel daalde de spanning , de nieuwe “Summer didn’t change a thing” en “Don’t want to feel it all” , niet meteen de sterkste, waren er deels verantwoordelijk voor. Maar dat maakten ze goed met een opwindend , opzwepend slot, intens opbouwend , rockend materiaal als een snedig “Death” en “Bigger than us” , die uiterst overtuigden.

De twee avonden waren succesvol . Hier en daar werd wat aan de setlist gesleuteld , met de gekende nummers als pijlers. Af en toe een losse flodder in de set , maar in z’n totaliteit zagen we dynamiek, scherpte en gedrevenheid!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/white-lies-18-10-2016/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/the-ramona-flowers-18-10-2016/

Organisatie: Live Nation

King Khan

King Khan & The Shrines - Zijne Majesteit omringd door wervelende Shrines

Geschreven door


King Khan & The Shrines - Zijne Majesteit omringd door wervelende Shrines

King Khan & The Shrines
Kreun
Kortrijk
2016-10-19
Ollie Nollet

Dit feestelijk avondje werd geopend door het Gentse Mind Rays. Meteen viel op dat de ongecontroleerde chaos van vroeger plaats heeft moeten ruimen voor een wat heldere structuur. Een logische en positieve evolutie hoewel ik een portie onversneden kloteherrie op tijd en stond best kan pruimen. Dit was harde, soms onbehaaglijk scheurende, garagerock waarin de waanzinnige zang gelukkig gebleven was en met veel ruimte voor de gitaar die steeds bevlogen klonk (buiten die ene keer toen hij te veel de hardere regionen opzocht). Toen die gitarist na een gebroken snaar een andere gitaar kreeg aangereikt , zorgde dit verrassend  voor een smeuïger sound. Niet alle nummers bleven overeind maar op deze Mind Rays ben ik lang nog niet uitgekeken.

Na een turbulent avontuur met The Spaceshits, een garagepunkcombo uit Montreal, begon King Khan in 1999 te Berlijn, met de toen nog Sensational geheten Shrines, een totaal ander project waarin onvervalste soul zijn plaats vond. Niet dat hij de rock-‘n-roll volledig af zwoor. Enkele jaren later al zocht hij Mark Sultan, zijn vroegere maatje bij The Spaceshits, op om als The King Khan & BBQ Show de hort op te gaan. Tot op vandaag is hij in beide ondernemingen actief.

Na een instrumental waarin meteen al bleek wat voor een schitterende muzikanten The Shrines wel zijn, kondigde de gitarist in pure Las Vegas-stijl King Khan aan waarop Zijne Majesteit in een stijf pak met glitterkraag zijn plaats kwam innemen. De band nam een ronduit verschroeiende start met “Born to die”, een geweldige soulsong met een psychedelisch randje. Dit duizelingwekkend niveau werd nog een hele tijd aangehouden waarbij The Shrines niet alleen begenadigde muzikanten bleken te zijn maar ook nog eens voor spektakel zorgden door voortdurend door elkaar heen te hossen of in het publiek te duiken. Het waren vooral de twee Fransen in de groep, orgelspeler Fredovitch en saxofonist Big Fred Roller, die hierin het verst gingen terwijl enkel de percussionist en de drummer er stoïcijns kalm bij bleven. En King Khan zelf? Die zong de sterren uit de hemel maar de James Brown danspasjes van destijds bleven evenwel achterwege. Zouden de overtollige kilo’s hier voor iets tussen zitten?
Even had ik gedacht dat hij zijn exhibitionistische trekjes had afgezworen maar halverwege de set verdween hij van het podium om terug te komen in een strak zittend pakje met nep bontkraag waarin zijn kroonjuwelen nogal verfrommeld waren opgeborgen. Bovendien bleek de achterkant op de meest strategische plaats voorzien van twee uitgesneden ‘ogen’. Potsierlijk, dat zeker maar zo kennen we hem intussen al jaren en met dit pakje was het niet eens nodig om zijn broek af te steken.

En ten slotte gaat het nog steeds om de muziek die hier steeds verder richting authentieke soul en funk afdreef en daar was ik absoluut niet rouwig om. De nieuwe single, “Children of the world”, een song geïnspireerd op het verhaal van The Invaders (militante groepering die opkwam voor de burgerrechten in Memphis waar binnenkort een documentaire van verschijnt), haalde zo duidelijk de mosterd bij James Brown. Voor de bissen was King Khan zich nogmaals gaan omkleden waardoor we nu zijn indrukwekkende pens konden bewonderen. Het werd een spetterende finale waarin Khan voor één keer zijn statische positie verliet en mee het publiek introk. King Khan, het blijft een fenomeen. Net als The Shrines trouwens.

Organisatie: Kreun, Kortrijk

 

PJ Harvey

PJ Harvey - Music is in our DNA

Geschreven door

Helden,  ze bestaan nog, zelfs als ze een nokvolle concertzaal als Vorst Nationaal 45 minuten ongeduldig  laten wachten. Als ze op de koop toe nog eens PJ Harvey heten, ben je nog iets meer vergevensgezind. Je kan veel over de Britse vertellen, maar sinds het obscure Too Pure-label haar in 1991 ontdekte, is ze bijna drie decennia lang zichzelf trouw gebleven. Zelfs op momenten toen het er naar uitzag dat ze één van de weinige levende rockgodinnen was. Dat deed ze gisteren in Vorst Nationaal ook. Wie dacht een set met de grootste hits te mogen horen, nam maar beter meteen de tram naar huis. Op een paar klassiekers na (allemaal als afsluiter) bestond de 80 minuten durende set uit een collage van haar twee laatste albums (‘Let England Shake’ en ‘The Hope Six Demolition Project’).

Sommige schrijfsels op de sociale media waren bikkelhard. Als de graadmeter van een optreden louter rond entertainment draait, dan ging PJ Harvey in Brussel door de grond. Hopelijk gun je artiesten wel nog de vrijheid om uit te pakken met een eigenzinnige (geniale) show. Als je tot de laatste groep behoort, dan was PJ Harvey groots.
De negen muzikanten met wie de voormalige beeldhouwster deze toer speelt, beklommen het podium als een fanfare. Door hun oude tronies leken ze misschien wat op een afgedankte koninklijke harmonie uit één of ander vergeten dorp, toch zijn het stuk voor stuk mannen voor wie een muziekfan met vol respect zijn hoed voor afneemt: Terry Edwards, Mick Harvey (één van de allereerste Bad Seeds) en natuurlijk haar trouwe maatje John Parish zonder wie PJ Harvey waarschijnlijk nooit als PJ Harvey zou geklonken hebben.
Tussen hun zat ook een kleine vrouw verscholen. Uitgedost in een vreemd verenpak, minirokje, hoge hakken, rond haar nek een saxofoon en gezegend met een stem die van de eerste tot de laatste seconde snor zat. Polly Jean deed alles op zo'n perfecte wijze dat de topmuzikanten nauwelijks opvielen. Hoe glorieus de negen op songs als “Let England Shake”, “The Glorious Land”, “The Ministry Of Defence”, “The Orange Monkey of The Words That Maketh Murder “ ook waren, het was Polly die de touwtjes in handen had en de rest was niet meer dan een hoop gehoorzame marionetten die deden wat van hun werd verwacht.
De twee laatste platen puren uit allerlei genres die PJ Harvey voorheen nog nooit uitprobeerde, zelfs musicalelementen. Daarom zal het wel wat slikken geweest zijn voor fans die stonden te watertanden voor schizofrene rocksongs uit ‘Stories From The City’, ‘Stories From The Sea’ of ‘Uh Huh Her’. Die kwamen er niet, pas na een uur liet PJ Harvey onverwachts (tenzij je stiekem op Setlist fm ging gluren) het lawaaierige “50ft Queenie” op het Belgische publiek los. Voor de rest hoorden we een sarcastische, pijnlijke blik op een planeet die lijkt alsof ze aan haar laatste dagen is aanbelandt. De 47-jarige PJ Harvey biedt je tegenwoordig misschien niet de bloemlezing uit haar fantastische carrière, wel een spiegel van een verloren maatschappij die op iedere seconde het gevaar loopt om gebroken te worden.

De Britse diva was er zichzelf ook wel van bewust dat ze het uiterste van haar fans had gevraagd, en als kleine toegift bracht ze nog de publiekslieveling “To Bring You My Love”, de Bob Dylan-cover “Highway 61 Revisited” en “Guilty”. Samen met haar negen mannen boog ze dankbaar voor haar publiek en riep “thank you”. Meer zei Polly niet tegen haar publiek in Brussel. Dat moet niet, soms spreekt muziek voor zich.

Dank ook aan Luminousdash.com

Neem gerust een kijkje naar de pics van haar set op Best Kept Secret 2016
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/pj-harvey-24-6-2016/
Organisatie: Live Nation

 

Fu Manchu

Fu Manchu - Extreem zompig & loud as fuck

Geschreven door


Fu Manchu is één van de bands die in de jaren negentig het stonerrock genre definitief op de wereldkaart zetten. Grote broer Kyuss gaf er na vier albums al de brui aan (wat leidde tot de millionsellers Queen Of The Stone Age), Fu Manchu daarentegen ging gestaag verder met het onveilig maken van clubs en kleinere concertzalen, waarbij ze trouw bleven aan hun zompige stonerrock sound. Wereldsucces hebben ze nooit gekend, maar met de jaren hebben ze een heuse cultstatus verworven en kunnen ze terugvallen op een wereldwijde trouwe aanhang.

De band is er dezer dagen niet bepaald op gebrand om ons met nieuw materiaal te bestoken, ze kiezen er voor om hun fans te verwennen met integrale uitvoeringen van een stel potige albums die dateren uit de hoogdagen van de stonerrock. Bij eerdere passages op Belgische bodem waren ‘In Search Of…’ en ‘The Action Is Go’ al aan de beurt, deze keer is ‘King Of The Road’ het feestvarken, een album uit 2000 en ook al één van hun hoogtepunten.

Het album wordt er in zijn oorspronkelijke volgorde door geramd en met opener “Hell On Wheels” weten we het al meteen zeker, dit is nog even hard, onvermurwbaar en bijtend als 15 jaar geleden, stonerrock met stalen kloten en met een onbegrensde stootkracht, loud as fuck geserveerd. Fu Manchu raast met de genadeloze vernietigingsdrang van een Californische woestijnstorm doorheen de Casino, klassiekers als “Boogie Van”, “King Of The Road”, “Weird Beard” en een bloeddorstig “Hotdoggin’” hakken er keihard in.
De band blijft voor het grootste part trouw aan de oerkrachten van hun originele songs, wat inhoudt dat ze zich niet bezondigen aan onnodige uitweidingen of pocherige solo-momenten. Ze weten met verve de intensiteit van hun vettige sound opnieuw te creëren, en dat is de sterkte vanavond.
‘King Of The Road’ is een vette motherfucker van een album, en met de geweldige live vertolking ervan wordt dat nog eens duidelijk in de verf gezet, elke song wordt als een kruisraket meedogenloos afgevuurd tot de hele zaal aan flarden is geschoten.


De ‘King Of The Road’ tornado heeft dus al lelijk huisgehouden in de Casino, maar Fu Manchu heeft nog wat extra in de tank zitten. In een ronkende bisronde wordt wat meer tijd en ruimte genomen voor solo uitspattingen, onder meer in een alweer pompende versie van de Blue Oyster Cult klassieker “Godzilla”, een song die al jaren niet meer uit de setlist is weg te denken en die ze met een paar welgemikte mokerslagen volledig naar hun hand hebben gezet. Ook in het fenomenale “Saturn III”, uit die andere geweldige plaat ‘The Action Is Go’, worden alle registers nog eens wagenwijd opengetrokken, een hardrock klassieker van het puurste soort en een verwoestend slot van een stomende set.

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

M83

Junk

Geschreven door

M83 is het eenmansproject geworden van de Fransman Anthony Gonzalez, die in 2013 een lekker stukje ‘chillwave/elektronica’ bood met de dubbele ‘Hurry up , we’re dreaming’, een muzikaal landschap dat een rijkbeladen klankkleur herbergt door lagen dromerige, zweverige, psychedelische synths en subtiele geluidjes boven elkaar ,  niet vies van bombast en klassiek, en  aangevuld met percussie, gitaarloops, stemmenpracht, koortjes en vervormde vocals,  badend in een soundtracksfeertje . Jawel , een sferische, dromerige trip realiseert hij  met o.m. “Midnight city” , “Wait” en “New map” .
Ook hier noteren we maar liefst 15 nummers en worden we meegevoerd in een poppy dance wereld. “Do it, try it” en “Go!” (met Mai Lan) zijn al  meteen twee pareltjes die de cd koestert. We ervaren een vederlichte charme in het materiaal, een combinatie van kosmisch aandoende keys , psychedelica, pop , rock , soul , r&b en shoegaze . Enkele gelegenheidsartiesten nemen de zangpartijen op zich en geven kleur .
Een uitwaaierende sound , orkestraties en een soundtrack/docu gevoel (in de vier korte instrumentale tracks) is aanwezig .
De techneut heeft opnieuw een sfeervolle, dromerige plaat uit , die friste uitstraalt en aangenaam tintelt!

Suuns

Hold/Still

Geschreven door


Een apart bandje is het uit Montréal afkomstige Suuns . Ze brengen een unieke mix van indierock , krautrock , noise en bezwerende elektronica , die schurend , ontregeld , broeierig , bezwerend, onheilspellend , vervreemdend klinkt . Jawel, in die minimalistische hypnotiserende sound voelen we emoties van koel, afstandelijk als warm, sensueel, gevoelig.
Ze zijn nu toe aan de derde , die (zoals steeds) een intrigerende , ongrijpbare,  ondefinieerbare sound waarborgt . Een claustrofobische, heerlijke, aangename en huiverende trip met weerhaken. De Canadezen zorgen voor een suspense, verrassen en fascineren door de repetitieve, hotsende , botsende , dreinende stekelige groovy ritmes in een miezerig, donker, mistig decor , die felle stroomstoten kunnen ondergaan en aangevuld worden  met gitaardwarrels, stoorzendergeluiden en ruis .
Die muzikale leefwereld en indietronica is toch wel iets speciaals, een unieke luisterervaring, die hectisch klinkt , ons verdwaasd achterlaat of de dansspieren durft aan te spreken . “Instrument”, “Un-No”, “Resistance”, “Translate”, “Brainwash”, “Paralyzer” en “Careful” vallen hier het meest op, en dat zijn er al zeven van de elf.
Er is een waslijst van aanknopingspunten, die Suuns allemaal in hun mallemolen dropt van gitaren, drums en keys .
Suuns behoort tot het rijtje Holy Fuck, Battles, Liars, het oude Mercury Rev, integreert dansbare prikkels van Caribou, Underworld en verwerkt de oude synths van Spaceman 3, Kraftwerk, en natuurlijk de paranoia Suicide. Ergens schuilt ook de 60s-70s psychedelica van Pink Floyds Syd Barrett door.
De nieuwe verveelt totaal niet en staat voor ‘Spannend’ ‘Geniaal’ ‘Gek’. Suuns blijft eindeloos verbazen …

Sophia

As we make our way (unknown harbours)

Geschreven door

Twintig jaar na het debuut worden we nog steeds overweldigd door Sophia , het alter-ego van Robin Proper-Sheppard . De romanticus met een pessimistische stem komt opnieuw voor de dag met een sterke , schone tijdloze plaat , eentje van mistroostige herfstmuziek, die intieme pracht en extravertie samenbrengt. Het zijn muzikale werelden van ingenomen, breekbare , desolate songs getriggerd aan een twinkelende , stuwende , hitsende , onrustige ritmiek van drums en crescendo opbouwende , gierende , sch(e) urende gitaren; een knetterende feedback, een herdefiniëring van postrock, waaroverheen z’n weemoedige vocals zweven .
De bitterzoete romantiek van Sophia wordt gebundeld met de late80s –mid90s van Swans (remember de platen ‘Children of God’, ‘The burning world’, ‘White light from the mouth of infinity’ en ‘Love of life’) en z’n eerste voorliefde God Machine (twee platen maar uitgebracht, opgeheven uit respect na de plotse dood van bassist Jimmy Fernandez).
“Resisting”, “St. Tropez/The hustle”  en “You say it’s allright” hebben een intense opbouw , een broeierige spanning en gaan naar een fel, snedig, gedreven , schurend geluid; het zijn ‘postrock’ stroomstoten die ons lichaam prikkelen, ’Duyster’ slowcore, die onrustig, gejaagd, dreigend , explosief klinkt. “Blame” wordt omfloerst van wavetunes en de andere nummers tekenen voor een dromerige melancholie en verlating door het gevoelig , pakkend, integere gitaarspel en -riedels .
Dit is een plaat om in te lijsten , een uniek geluid dat een zwaarmoedig sing/songwriting jasje en rockvest aangemeten krijgt …

H-One

Cygne II

Geschreven door

H-One uit de Franse stad Toulouse bestaat reeds sinds 2005. De band werd opgericht door de broers Alan (gitaar en zang) en Adrian (drums) en hun muziek is geïnspireerd op de moderne metal (nu-metal en death/core). Live is H-One een trio, met Arnauld op bas. Het duo/trio brengt metal met veel power, die soms eens melodieus en dan weer heel zwaar en log is, en met een hoofdrol voor de zware stem van Alan. Muzikaal zitten ze een beetje in het straatje van het Belgische Komah, het Franse Think of A New Kind (T.A.N.K.), Gojira, Headcharger en Fear Factory. Buiten Frankrijk is de band nog maar weinig bekend, maar door in het Engels te zingen geven ze aan dat ze ook buiten Frankrijk willen doorbreken.
In 2014 bracht H-One reeds Cygne uit en nu is het de beurt aan ‘Cygne II’, opnieuw in eigen beheer. Met knap artwork en een handig tekstvel. Net als op het debuut is er in de teksten veel aandacht over alles wat er misgaat op de wereld, te beginnen bij het milieu. Die aandacht voor het milieu trekt de band ook door in andere activiteiten. Zo verkoopt de band zijn CD’s enkel in een kartonnen digipack en niet in een klassiek plastic CD-doosje. Bij hun optredens verkopen ze behalve hun eigen merchandise ook dingen van Sea Shepherd.
‘Cygne II’ toont ons een band die bewust modern en ook vooral heel kwaad klinkt. De nummers komen als een pletwals over je heen, met loodzware bassen en brutale riffs. Opener “Salt War” is een aanklacht tegen het vangen van walvissen en haaien, met veel power en energie en geregeld een break. “Home” en “Pray For My Name” zijn twee songs waarin de band niet voluit lijkt te gaan. Op “Mother” wordt daarna alles aan flarden gebeukt en geramd. Voor solo’s is er geen plaats. Van “Mother” is er ook een knappe video die je kan vinden op YouTube.
Of “Headcharger” een knipoog is naar de gelijknamige Franse band, is niet meteen duidelijk. Deze song gaat meer naar de klassieke heavy metal en thrash en is op het album een mooie afwisseling na al het eerdere muzikale geweld. Hier toont de band dat ze ook virtuoos kunnen spelen. “Moved Reasons” is een akoestisch tussendoortje, maar niet helemaal overbodig, omdat zo de wall of sound van “Black Cloud” nog dikker in de verf wordt gezet. Afsluiter “Final Track” is één brok energie met een hardcore-toets.  Wie genoeg geduld heeft, kan na Final Track nog naar een akoestische mysterietrack, vermoedelijk een liefdesliedje, luisteren.

Swap Meet

Suburboys

Geschreven door

Swap Meet is een Gents viertal dat tot in den treure wordt vergeleken met Pavement en Dinosaur Jr. Op hun eerste EP ‘Suburboys’ tonen ze dat ze meer in hun mars hebben. De productie was in handen van Bert Vliegen van Teen Creeps.
Openers “Sumr” en “Seizures” zetten de lijnen uit voor de rest van de EP: weerbarstige en schijnbaar nonchalant gebrachte gitaarrock in de lijn van toch wel Pavement en Dinosaur Jr., maar dan een versnelling hoger. Ook Lemonheads, Sonic Youth, Pixies, Teenage Fanclub, Nemo en Evil Superstars zijn nooit ver weg. Recentere referenties zijn Wavves, Yuck, Cloud Nothings, Parquet Courts en OK GO. Maar er zit meer in Swap Meet dan het kopiëren van andere bands. Ze zoeken hun eigen weg en komen zo uit bij soms melodieuze en soms hoekige noiserock die al eens een onverwachte zijweg inslaat.
De uitblinkers op deze EP zijn “Infinite Bike Rides”, waar een beetje Weezer in zit, en het korte “I Love Mulching”, dat minder dan twee minuten nodig heeft om zich in je hoofd te nestelen.

Meer info op https://swapmeet.bandcamp.com/album/suburboys

Desertfest 2016 – Voor fans van Stoner-Doom-Sludge

Geschreven door

Desertfest 2016 – Voor fans van Stoner-Doom-Sludge
Desertfest 2016
Trix
Antwerpen
2016-10-14 t/m 2016-10-16
Yentl Stée

In het weekend van 14-16 oktober werd de Trix wederom ondergedompeld in een combinatie van muziek die aankomt als een sloophamer, langharig schorriemorrie en een walm van rook met een wel heel speciale geur. Als grote fan van deze combinatie was ondergetekende natuurlijk ook weer aanwezig. (oja en ook een klein beetje voor de arme stakkers die thuis moesten blijven).

dag 1 - vrijdag 14 oktober 2016

Een tip: als de hostel waarin je verblijft ergens aan de Groenplaats ligt probeer dan niet te voet de Trix te bereiken. Ondergetekende probeerde het, verdwaalde in Borgerhout en kwam uiteindelijk ergens in het midden van de set van Alkerdeel aan. Alhoewel dit nu al de derde keer in 3 maand tijd is dat ik ze mag aanschouwen was dit toch wel een beetje spijtig. De combinatie van Black Metal en Sludge is naast vrij uniek ook dan nog eens van een hoge kwaliteit. Ook dit keer was het een fantastische show, het geluid zat strak en de band nog strakker. Alhoewel de gehele band best wel een dikke pluim verdient krijgt bassist QW zodanig veel pluimen van mij dat hij er een mooi pauwenpak kan van maken. Naar mijn persoonlijke mening is hij toch wel één van de meer indrukwekkende bassisten binnen het genre en dit wordt ook muzikaal benut. Bij veel collega’s is de bassist verdoemd tot een eerder secundaire (lees: onhoorbare) rol waarbij die soms eens wat duidelijker mag spelen. Bij Alkerdeel is de bas echter (terecht) een prominent deel van de muziek. De zaal zelf zat ook goed gevuld en tegen het eind van de set werd het zelfs wat moeilijk om de zaal te verlaten.

Torche mocht de mainstage op vrijdag openen. Ikzelf was zeer nieuwsgierig naar hoe ze live gingen klinken, op album weten ze immers een vrij unieke en interessante sound te produceren die moeilijk met andere bands te vergelijken valt. Op eerste zicht leek het alsof ze live toch wel wat gingen teleur stellen. Bij het binnenkomen van de zaal en het beluisteren van de eerste nummers miste ik iets, ze wisten niet onmiddellijk mijn aandacht te trekken en het werd uiteindelijk zelfs een beetje saai. Ik besloot dan ook maar eerst mijn maag te vullen. Dit ging vlotter dan verwacht dus ik besloot om Torche toch nog een kans te geven. Dit bleek een goeie beslissing te zijn want het leek erop dat ze hun strakkere, hardere en meer interessante nummers voor het einde van hun set bewaard hadden. Dit spoelde de teleurstelling die ik voelde bij de aanvang van de set in één wip weg en ze slaagden er in om zo toch nog een lekkere show neer te zetten.

Na Alkerdeel mocht nog een heerlijke Belgische band zich bewijzen, namelijk Your Highness. Hoge verwachtingen bij deze band zijn vrij standaard aangezien ze gewoon altijd spetterende shows neerzetten. Althans bijna altijd, zo blijkt. Deze werden dit keer jammergenoeg niet ingelost. Muzikaal zat het allemaal best wel ok en indien dit één of ander nieuw bandje was die ik nog nooit aan het werk had gezien had ik het waarschijnlijk vrij goed gevonden. Doorheen de gehele show mistte ik echter de ruwe energie en hardheid die Your Highness normaal kenmerkt live. Om nu te zeggen dat het een slechte show was zou oneerlijk zijn, maar teleurstelling was bij mij wel aanwezig. Spijtig, vooral als je weet dat de band een pak meer in z’n mars heeft dan dat ze hier lieten zien.

Iedere Stoner-fan kent Yob wel en heeft ze hoogstwaarschijnlijk al een stuk of 80 keer live gezien (ze zijn best wel actief). Voor mij was het echter mijn yobmaagding (geloof me, dit is echt nog bijlange na niet mijn slechtste woordgrapje). De verwachtingen waren best wel hoog aangezien ik toch van zowat iedereen hoor dat Yob live de perfectie zelve is. Blijkbaar ben ik niet zo’n grote fan van perfectie aangezien de show niet echt indrukwekkend was. Het was allemaal wel goed, maar echte hoogtepunten waren er niet en tegen het einde van de set werd het naar mijn persoonlijke smaak eigenlijk een beetje ééntonig.

Topper van vandaag was naar mijn mening toch wel Red Fang. Het gebeurt niet vaak dat headliner mijn toppunt van de dag is, maar Red Fang was gewoon zo belachelijk goed dat geen enkel andere band die dag zelfs nog maar tot hun enkels kwam. Aangezien ze één van de gevestigde namen binnen het genre zijn mag je wel al hoge verwachtingen hebben en deze werden dubbel en dik ingelost. Op album mag Red Fang dan misschien wel niet de hardste zijn, op podium zijn ze dat alvast wel. De lekkere riffs walsten als een pletwals over je heen en zorgden voor een best wel unieke ervaring die moeilijk uit te leggen is. Andere keren dat ik Red Fang mocht aanschouwen waren ze best wel goed, maar niet echt speciaal. Dit keer was ik echter zo onder de indruk dat ik op een gegeven moment letterlijk met open mond van verbazing stond te kijken. Zeker voor herhaling vatbaar.

dag 2 - zaterdag 15 oktober 2016

Het is duidelijk dat de organisatie dit jaar voor een meer diverse line-up hebben gekozen waar wat meer Black Metal dan andere jaren in zit (daar ga je me niet over horen klagen). Met Wolvennest hebben ze een toppertje weten binnen te sleuren. De band zelf was eigenlijk onbekend voor mij maar hun combinatie van Black Metal & Doom overgoten met een psychedelisch sausje was vrij indrukwekkend en best wel uniek. Alhoewel ze niet de eerste band zijn die deze combinatie uitprobeert zijn ze wel één van de bands die er in slagen om deze combinatie echt te laten werken en er een eigen unieke draai aan te geven. Als opener van de dag konden ze alvast tellen.

Persoonlijk keek ik toch wel een beetje uit naar de show van Purson. Ik ken de muziek niet echt goed, maar wat ik tot nu toe gehoord heb kon mij wel bekoren. Eerlijk gezegd vielen ze voor mij persoonlijk live wat tegen. Er was weinig aan de set die m’n aandacht wist vast te houden en het bleef doorheen de set eigenlijk vrij middelmatig. De kans zit er echter wel dik in dat dit eerder aan het feit ligt dat ik langzaam aan het verhongeren was ipv dat ze echt niet goed waren aangezien ik toch een hoop rare blikken kreeg toen ik mijn mening over de set gaf aan andere mensen.

Na de ietwat teleurstellende set van Purson was er gelukkig Elder om mij te troosten. Dat deden ze met glans. Elder was nu niet meteen de band waar ik het meest naar uit keek, maar dat was duidelijk een vergissing. Elder wist een equilibrium te vinden tussen zware riffs en psychedelische vibes waardoor het al snel aanvoelde alsof het optreden plaats vond in een ander, leuker universum. 50 minuten was naar mijn mening eigenlijk te kort en ik hoop dat ze een volgende keer toch een hogere positie aangewezen kregen zodat we er langer kunnen van genieten.

Doordat Graveyard besloten had om last minute eventjes te stoppen met muziek te maken moest de organisatie nog snel met een vervanging afkomen. Het was niet helemaal zeker of dit hen ging lukken, maar deze kwam er uiteindelijk toch onder de vorm van Colour Haze. Een tot nu toe voor mij onbekende soort Haze, alsook een band die ik niet kende. Veel mensen leken echter opgetogen te zijn over deze vervanging dus besloot ik het een kans te geven. Jammergenoeg bleek Colour Haze echt mijn ding niet te zijn. Muzikaal zat het allemaal wel in orde en het publiek vond het ook best wel vet, maar de stijl die ze speelden wist me jammergenoeg op geen enkele manier te boeien.

Weedeater was voor mij persoonlijk de band waar ik toch wel het meest naar uit keek deze editie. Bijgevolg stond ik al ruim voor het optreden aan het podium te wachten. En wachten moesten we wel eventjes doen, doordat er om één of andere mysterieuze reden teveel rook in de zaal ging besloot het brandalarm om eventjes hemeltergend te krijsen. Het duurde best wel even vooraleer dit gestopt werd wat er voor zorgde dat Weedeater iets later moest beginnen. Ik was eerlijk gezegd wat ontgoocheld, van het gestoorde optreden die ik een jaar eerder op Hellfest mocht aanschouwen was er niet echt veel te zien op Desertfest. Ook besloten ze om een dik kwartier eerder weg te gaan wat hun set toch wel belachelijk kort maakte.

Band van de dag werd uiteindelijk Ahab. Op album ben ik niet altijd de grootste fan (heeft waarschijnlijk met het feit te maken dat mijn concentratievermogen op hetzelfde niveau is van een peuter op speed), maar live is het één van mijn favorieten. Ook dit keer wisten ze het perfecte evenwicht te vinden tussen muziek die aanvoelde als een rustig dagje op zee om je vervolgens de verpletterende diepzee in te sleuren met belachelijk zware riffs waar menig Slam/Beatdown bandje jaloers op mag zijn. Alhoewel ze een uur speelden voelde hun set veel te kort aan en was er bij mij het verlangen van meer. Wat een show.

Door het cancellen van Graveyard werd Pentagram gepromoveerd tot headliner gepromoveerd wat overigens volledig terecht was. Alhoewel ik persoonlijk wel een Graveyard fan ben komen ze naar mijn mening live nog niet aan de enkels van Pentagram. Alhoewel Pentagram zo goed als bejaard is, zijn ze zowat de meest energieke band die er op de affiche stond (ok, naast Toxic Shock dan). Het voornaamste dat ik altijd fantastisch vind aan Pentagram is dat ze na al die jaren te bestaan nog steeds overduidelijk veel plezier beleven aan het spelen. Je merkt dit niet enkel aan hun blije gezichten, maar ook in de muziek. Deze energie was ook deze keer enorm aanstekelijk wat er voor zorgde dat Pentagram een perfecte afsluiter was voor de avond.

dag 3 - zondag 16 oktober 2016

De zondag begon al onmiddellijk goed met de verrassing van de dag, deze was immers Dorre, een tot nu toe voor mij nobele onbekende. De beschrijving zag er wel goed uit dus ik besloot ze een kans te geven. Dit bleek één van mijn betere beslissingen te zijn in mijn leven aangezien ik ronduit omver geblazen werd. Al vanaf de eerste noot slorpte de muziek me op en zweefde ik weg op de beenharde atmosferische riffs die hier gespeeld werden. Volgens de beschrijving van de band was het origineel plan dat ze slechts één keer per jaar gingen spelen, ik hoop dat het ondertussen al een pak meer geworden is want ik heb eigenlijk niet echt veel zin om een jaar te wachten om deze band nog eens te mogen horen.

Ook met Moaning Cities zaten we met een nobele onbekende. Deze band werd mij echter persoonlijk aangeraden door een vriend als een must-see, voornamelijk omdat ze ook met een sitar speelden. Dit klonk allemaal goed en wel, maar die vriend was wel vergeten te melden dat naast het feit dat er een sitar is de band eigenlijk behoorlijk saai is (althans naar mijn mening dan toch). Ik besloot toch eventjes op mijn tanden te bijten en de eerste nummers te verdragen want het is nu eenmaal wel zo dat sommige bands eventjes moeten opwarmen en hun betere nummers voor later sparen. Toen de sitar erbij kwam leek het eventjes dat het interessant ging worden, maar helaas. Speciale instrumenten gebruiken is wel cool, maar het helpt niet veel als de muziek op zich al niet echt boeiend is.

Volgende band op mijn lijstje was Komatsu, ik was al eventjes onder de indruk van deze Nederlandse jongens op album, maar had tot nu toe nog niet de kans gehad om ze live te zien. Al van de eerste noot was het duidelijk dat ik een goeie beslissing had gemaakt want er werd meteen begonnen met stevige Sludge Rock om u tegen te zeggen. Hun naam hebben ze alvast niet gestolen aangezien het muzikaal wat aankwam als één van die graafmachines die je tegen de grond klopt en vervolgens wat over je gaat rijden.

Om één of andere reden is er op iedere editie van Desertfest altijd één show die zo fantastisch is dat het instant één van de beste optredens van m’n leven wordt. Ook dit jaar brak Desertfest niet met de traditie. My Sleeping Karma is nu niet meteen de band waarvoor ik aanwezig was, maar eerder een band die ik wel vet vond die ik eventjes ging meepikken. Ik had best wel hoge verwachtingen, maar wat er daar tentoongesteld werd tart gewoon alle verbeelding. Je voelde het al zodra de band begon, dit wordt een vette show. De band sleurde je diep hun psychedelische wereld in en als er iemand in de zaal aanwezig was die niet in een trance-achtige staat belandt , was dan vrees ik dat die persoon ernstige neurologische problemen heeft en daar best eens voor naar de dokter gaat. Alles klopte, de nummeropvolging, de visuals,… Ook de band zelf had duidelijk het gevoel dat dit een bom van een show was want ik zag nog maar zelden mensen zoveel plezier beleven op een podium. Alhoewel het leek dat ze duizend jaar aan het spelen waren was het nog te kort en ik hunkerde naar nog meer. Toch wel één van de top 10 beste shows die ik ooit mocht meemaken.

Na wat bekomen te zijn van die ronduit fantastische show begaf ik mij richting Canyon Stage om daar Lonely Kamel te aanschouwen. Hun heerlijke, zware blues-rock kon mij al een tijdje op album bekoren en ook live kon ik ze wel smaken. Echte hoogtepunten waren er echter niet, maar daar tegenover stond dan ook weer dat er geen enkel zwak moment te bespeuren was. Jammer dat ze een stuk samen moesten spelen met Uncle Acid & the Deadbeats wat er voor zorgde dat ik de set van Lonely Kamel voor een stukje moest missen.

De band waar ik het meest nieuwsgierig naar was is toch wel Uncle Acid & the Deadbeats. Naar mijn persoonlijke mening zijn ze toch veruit de band met de meest unieke sound op het festival. Een teleurstelling werd het alvast niet. Alles werd netjes gespeeld en eigenlijk was de show exact zoals ik ze gehoopt had. Het is moeilijk om een Uncle Acid & The Deadbeats show te reviewen aangezien deze eigenlijk een belevenis op zich is. Ik raad iedereen dus aan om dit zeker eens live te checken en je zal wel zien wat ik bedoel.

Hartverscheurende keuzes horen er nu eenmaal bij op een festival, het majestrale Goat moest samenspelen met de lokale Hardcore Punk/Crossover-bulldozer Toxic Shock. Alhoewel ik initieel voor Goat ging en dat allemaal wel fijn leek, ben ik het toch na een paar nummers afgetrapt omdat ik zin had in eens iets totaal anders. Dat was ook wat je kreeg bij Toxic Shock. Muzikaal spelen ze eigenlijk het tegenovergestelde van wat er doorgaans op Desertfest te horen valt. Toxic Shock verspilde geen seconde en ramde zich als een dolle neushoorn door het begin van hun set. Frontman Wally kwam met de rake observatie dat er precies wat opgekropte frustratie aanwezig was en dat het allemaal toch net iets te traag ging qua muziek dit weekend. Deze stelling werd al snel onderbouwd want zodra ze terug begonnen met spelen werd de hippie-achtige vriendelijkheid-en-knuffels-voor- iedereen-mentaliteit die al heel het weekend aanwezig was de deur uit gesmeten en ramde iedereen spontaan z’n vrienden de kop in. Een perfecte afsluiter om eens lekker wat stoom af te blazen en zo voldaan het festival af te sluiten.

Desertfest was terug een geslaagde editie. De vrij hoge prijs voor pintjes (ja ik vind €2,5 nogal veel) was dan misschien niet zo fijn, maar dat werd goed gemaakt door een goed gevuld programma en een strak georganiseerd festival. Ook voedingsgewijs werd er terug goed voor ons gezorgd en qua merch was er ook wel altijd iets beschikbaar. Dat men blij is met hoe Desertfest is,  valt ook op aan de verkoop want Desertfest mocht voor de derde jaar op rij weer mooi het bordje ‘uitverkocht’ bovenhalen voor zowel het gehele weekend als de afzonderlijke dagen.
Desertfest heeft zich terug bewezen als één van de beste Belgische festivals en ik zal alvast zeker terug aanwezig zijn volgend jaar.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/desertfest-2016/
Organisatie: Desertfest, Belgium

Seasick Steve

Seasick Steve - De typische maar succesvolle formule

Geschreven door

Seasick Steve - De typische maar succesvolle formule
Seasick Steve - Black Box Revelations

Ancienne Belgique
Brussel
2016-10-17

Cis Vliegen

Een tiental jaar geleden verscheen het iconische figuur Seasick Steve op ‘Later with Jools Holland’. Dankzij deze televisie passage kreeg ‘de oude man met de baard’ erkenning van het grote publiek. Hijzelf dacht een ééndagsvlieg te zijn, maar staat vanavond voor een uitverkochte AB. Met zijn nieuwe album ‘Keeping the Horse Between Me and the Ground’ tourt hij door Europa samen met de fantastische Black Box Revelation als support. Benieuwd wat deze bluesman met ‘wilde sprookjes’ ons vanavond zal brengen.

De Black Box Revelation deden wat ze moesten doen: het publiek opwarmen! Met een goede set, mooie show en vooral veel energie wisten ze het publiek mee te nemen naar een absoluut hoogtepunt. Zelden maak ik mee dat de AB zoveel aandacht heeft voor het voorprogramma.

De lat ligt hoog voor Seasick Steve en ja ik ga al meegeven dat hij liever limbo danst dan aan hoogspringen doet.

Seasick Steve opent de show met een duidelijke mening over politiek: het interesseert hem geen ***! Waarna hij een kwetsbare soloversie brengt van het Dion Dimucci nummer ‘’Abraham, Martin and John’” Een rustige opener voor een set die later zou moeten ontploffen.
Vervolgens verschijnt zijn Zweedse buddy en drummer, Dan Magnusson, op het podium. Vanaf dat moment steken de twee oude knarren het lont aan. Helaas blijft de ontploffing uit tot het einde van de show wanneer de Black Box Revelation hen vergezelt op het podium
Eigenheid
- Het is en blijft een grappig zicht. Twee oude mannen met baarden die elk van jut geven op drum en gitaar. Dat in combinatie met muziek gebaseerd op waargebeurde feiten maken van Seasick Steve niet enkel een artiest maar ook een cultfiguur. Duidelijk is dat Seasick Steve het belangrijk vindt dat mensen weten dat hetgeen waarover hij zingt, ook effectief is gebeurd. Een tijd geleden ontkrachtte journalist Matthew Wright zijn verhaal en hier gaat hij ettelijke keren op in. Zo ratelt hij verschillende nummers af met volgende zin: “If I sing about … it’s because I did!”.
Hoogtepunten - De hoogtepunten zijn zijn grootste onblusbare hits “Walking Man”, “Doghouse Blues” en “Walkin Blues”. Helaas klinkt het vurige “Thunderbird” wat platter ten opzichte van de rest. Maar de absolute topper van de avond is ‘‘Keep that Horse Between You and the Ground” van zijn nieuwe plaat. Hier verschijnt het duo van de Black Box Revelation op het podium waardoor het nummer tien keer meer power krijgt. Dit is het moment dat de bom eindelijk eens ontploft!
Bis - Onder luid gejuich wordt Seasick Steve terug op het podium gesmeekt. Hij begint de bis zoals zijn show, solo en kwetsbaar, maar nu met een cover van het folky nummer “Gentle on My Mind” van Glen Campbell. De song wordt met wolf gehuil onthaald door enkele flauwe grappenmakers in het publiek. Spijtig aangezien dit ‘de sfeer van het moment’ teniet doet. Het volgende “Dog House Blues” maakt het allemaal weer goed.

Een vlakke show - Echte uitschieters zijn er niet. De formule van de show blijft hetzelfde als tien jaar geleden: vrouwelijk schoon op het podium voor “Walking Man”, introductie praatjes bij iedere song, … Maar toch weet Seasick Steve het publiek hiermee te ‘blijven’ boeien. Daarvoor in mijn ogen een dikke pluim! Het publiek laat horen dat die typisch formule de reden is waarvoor ze komen. Ikzelf daarentegen ga voor stevige bluesrock en die komt slechts enkele keren aanbod.

Besluit
- Seasick Steve bracht een gezellig optreden met een huiselijke sfeer. Speelde zijn nummers zoals het hoort en gaf veel liefde aan het publiek. Voor sfeer en gezelligheid een dikke tien, maar voor de echte knallende blues die we gewoon zijn van deze knar slechts een zes.

Setlist - Abraham Martin and John (cover), Hell, Gypsy Blood, Bulls Eye, That’s All, Walkin Man, Thunderbird, Walkin Blues, Chiggers, Summer Time Boy, Don’t take it away, Keep that Horse Between You and the Ground; BISS: Gentle on my mind (cover), Dog House Blues

Neem gerust een kijkje naar de pics

http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/seasick-steve-17-10-2016/
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/black-box-revelation-17-10-2016/
Organisatie: Live Nation

Compact Disk Dummies

Compact Disk Dummies - Cleane sound, dirty gitaren en sexy gedans

Geschreven door

Prince, Justin Timberlake, Michael Jackson, James Brown en Lennert Coorevits van Compact Disk Dummies. De laatste degene hoort niet in het rijtje thuis ? Allerminst :  de blonde van de broers Coorevits heeft net zoals de eerder vernoemde grootmeesters een snedige en sexy combi in zijn lijf. Hij zingt, en, wat een plezier om naar te kijken, hij kan dansen.

Na de succesvolle doortocht op de Humo’s Rock Rally in 2012 en de EP ‘Mess with us’ 2013 was het een dikke drie jaar wachten op het debuutalbum ‘Silver Souls’. De nummers van deze plaat ademen de electrosound van hun eerste voetstappen tijdens de Rock Rally uit. Er wordt echter ook plaats vrijgemaakt voor een ambachtelijk warm geluid, incluis blazers en een koor.

Is het een thuismatch in de Handelsbeurs of is het publiek gewoon blij ? Duidelijk : bij de opkomst van de broers Lennert en Janus, strak in het circuspak zoals de speelgoedfiguurtjes op de hoes van het album, is het enthousiasme groots. Bij de toegankelijke beats van “Silver” als opener en “What you want” wordt duidelijk dat gillende meisjes de golden circle bevolken. Bij iedere stap van de zanger dichter bij de rand van het podium gaan de decibels de hoogte in en start het dansapparaat van de zanger op : een lichtvoetige meringue, springen ofwel gewoon keihard beuken terwijl hij helder blijft zingen. “Mess with us” en “Monster” gaan op hetzelfde elan verder : de muziek is spontaan, lichtvoetig en Janus Coorevits brengt goedlachs een zeer cleane sound voort. Bij “Holy Love” en de Tame Impala-cover “Let it happen” gaat de verwarming ietsje de hoogte in met het opgetrommelde blazerskwartet, wat  zorgt voor instant herfstelijke gezelligheid en soul.
Echt interessant en een beetje vuil wordt het zo ergens tussen “True Colours” en “Girls keep drinking” . Dan daagt het dat de zanger niet gaat stoppen met dansen en dat zijn gitaarspel slick en sexy is. Een flard “Controversy” van Prince, en daar is het aha-moment : Vlaanderen heeft met Compact Disk Dummies simpelweg zijn eigen electro mini Princeversie. Hij geeft met zijn charisma dat onvergetelijk extraatje aan het optreden.

Het afsluitingstrio “The Reeling”, “Feers” en “Remain in light” zijn perfecte binnenkoppers, de zanger gaat met zijn gitaar nog even het publiek en de dankbaarheid van de broers is hartverwarmend en sprankelend.

Dank aan Ann – Luminous Dash voor pics homepag

Organisatie: Democrazy, Gent (ism Handelsbeurs)

Warhaus

Warhaus - Donker en speels

Geschreven door

Warhaus - Donker en speels
Warhaus
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2016-10-15
Charlotte Heyvaert

Het lijkt wel voorbestemd dat een volle maan de Brusselse straten belicht alvorens Warhaus zijn debuut voorstelt in een uitverkochte AB Club. ‘We Fucked A Flame Into Being’ is het veelbesproken album van Maarten Devoldere, een van de frontmannen van Balthazar. Devoldere werd door het Vlaamse medialand al vergeleken met Leonard Cohen en Gainsbourg. Ook wij volgen als makke kuddedieren.

Het voorprogramma lijkt eerst een goed geplaatste grap. Maar toch weten de jonge knapen van Lohaus -jawel, u leest het goed- de zaal al een graad of twee te doen stijgen. De kleine broertjes van Max Colombie brengen dromerige triphop die naar meer smaakt.

Voor Warhaus vindt de kick-off hun Europese tour vindt plaats in de AB. Bij de anders immer onverschillige frontman, zijn toch zenuwen te bespeuren. Op de achtergrond staat een sensueel dartelende Sylvie Kreusch, vriendin van Maarten en zangeres van Soldier’s Heart. Haar onschuldige, dromerige stem verzacht Devolders brutaliteit, die in vele nummers naar boven komt.
“The Good Lie” wordt strategisch vooraan in de set geschoven. De club is meteen mee en hier en daar wordt al uitbundig gedanst. Na enkele uitgesponnen nummers uit het debuutalbum, ontstaat er een rokerige sfeer die speels en gevaarlijk klinkt. We wanen ons in een vintage jazzcafé waar de zuiderse ritmes ons meeslepen en de bassen bezweren.
Plots duikt de band de coulissen in en brengt Devolder, enkel gewapend met een basgitaar, een stille versie van “Memory”. Lang zullen we ons het nummer echter niet herinneren. De club staat er maar verveeld bij en de broeierige sfeer lijkt even nergens meer te bespeuren. “Machinery” snijdt diep ondanks het ingehouden karakter van de song. De kramikkige trompet waar de frontman zich op uitleeft, creëert een aparte sound. In “Against the Rich” openbaart Devoldere zijn gevoelens dan weer als een ware poëet.
De mysterieuze zuiderwind die al heel het concert door de zaal waait, leidt eindelijk tot een onweer. “Here I Stand” mondt uit tot een explosie waarbij Jasper Maekelberg -tevens frontman van Faces on TV- en Michiel Balcaen even een solo tripje cadeau krijgen. Hieruit blijkt nog eens de kwaliteit van de band die ruimte krijgt om te experimenteren.

Warhaus brengt als bisnummer “Bruxelles”. Naar eigen zeggen een breakup- song over een vrouw maar ook een afscheid van de stad. Het nummer laat ons achter met een wanderlust om door straten van Brussel te dwalen terwijl Warhaus dwaalt naar een grootste carrière, zelfs als solo-artiest.

Met dank aan Dansende Beren - Link: http://www.dansendeberen.be/2016/10/16/warhaus-ab-club-donker-en-speels/

Organisatie: Ancienne Belgique , Brussel

 

Parquet Courts

Parquet Courts - proto-punkers schrijven nu ook sterke nummers

Geschreven door

Het New-Yorkse Parquet Courts heeft zijn met ‘Human Performance’ veruit zijn beste plaat uit: minder experiment, van het eerste tot het laatste nummer voldragen nummers, rustiger ook, maar daardoor tot volle wasdom gekomen. Bij vorige platen dachten we nog, niet slecht, maar ook niet pakkend. Maar ‘Human Performance’ is toch een van de rockplaten van 2016, ook al halen ze heel erg de mosterd uit de jaren zeventig bij een Velvet Underground van de latere platen en vooral The Modern Lovers.

Het bestuur Openbare Werken had besloten om bij de start van het weekend de Brusselse tunnels af te sluiten, zodat we pas dik in het tweede nummer de Orangerie betraden. Er bleef genoeg Parquet Courts over, want ze zouden vanavond zo maar eens 22 nummers er door jagen, en dat ondanks de lange onderbrekingen tussen de nummers die de band opvulde door onzin te spuien. Ze waren in vorm, de klank zat goed, de gitaarnummers werden opgesmukt door een orgeltje, en de meer punky nummers die Andrew Savage zong, stonden recht op hun pootjes. Normaal zijn we meer fan van de nummers die de boomlange Austin Brown zingt, maar vanavond viel het in balans.
Naast de duidelijke jaren zeventig proto-punk invloeden, maken Parquet Courts ook meer dan geslaagde uitstapjes naar andere genres: “Captive of the sun”, met zijn parlando rap, had wel van Beck Hansen kunnen zijn, en “One man, no city” was een dikke kwak guacamole met zijn huppelend salsa ritme. Parquet Courts wordt dikwijls onterecht vergeleken met Pavement, landerig wordt het nooit bij deze New- Yorkers, en beide zangers zijn ook veel toonvaster dan Stephen Malkmus, maar kijk “Steady on mind” was toch een country trage die op het conto van Pavement had kunnen staan.
Het tegendraadse zat er hier en daar toch nog in, bv. in de non-song “I was just here”, maar dat was toch de uitzondering: vijf kwartier lang bewezen Parquet Courts dat ze sterke songschrijvers geworden zijn.  Het orgelpunt was wellicht het country geinspireerde “Berlin got blurry”, met zijn, pun-intended, invallend orgeltje.

Hun punk-ethos hebben ze nog: geen bisnummers en veel onzin tussen de nummers die de flow er wat uit halen. Deze band zal altijd het best tot zijn recht komen in de kleine en middelgrote zalen, en moet wat mij betreft niet groter worden. Small is beautiful!

Organisatie: Botanique, Brussel

Dua Lipa

Dua Lipa - Hotter than hell

Geschreven door

Dansen op een vrijdagavond? Waar kon het afgelopen week anders dan in een uitverkochte Ancienne Belgique. De vrouw die voor het dansfeestje zorgde was Dua Lipa, de nieuwe poprevelatie van het moment.

Het ritme zat er van de eerste noot in. Dua Lipa opende met één van haar eerste singles “Last Dance”. Het beloofde een stomende avond vol hits te worden, waarop we bijna elk nummer konden meezingen. De tienermeisjes en het groot aantal jonge mannen, die in de zaal aanwezig waren, bevestigden dit.
Wat de nieuwe popzangeres zo leuk maakt is haar eerlijkheid en directheid met de fans. Tijdens “Blow Your Mind” selecteerde Dua Lipa lukraak enkele fans uit het publiek, die met haar mee mochten dansen op het podium. En dat werkte. Het publiek werd nog enthousiaster en ging nog meer uit zijn dak op nummers als “New Love” en “Running”, die we binnenkort kunnen terug vinden op haar eerste plaat.
Dua Lipa presenteerde in haar muziek vooral pop melodieën, onderdrukt door stevige beats. Soms zong ze wat op band, soms zelfs iets valser. Maar hey, we zijn nog steeds een popzangeres aan het bekijken.
Een full album heeft ze nog niet, maar toch kan ze al een hele resem fans op haar palmares schrijven. Hoe kan het ook anders met hits als “Be The One”, waar Dua Lipa tevens het eerste deel van haar set mee afsloot.
Bissen deed de nieuwe queen of pop met een iets rustiger en onbekend nummer “For Julian”. Nadien vuurde ze nog een keer een bom op het publiek van de AB af met publiekslieveling  “Hotter than hell”. Het publiek ging nog een keer uit zijn dak, danste alles er uit.

Zingen is Dua Lipa haar sterktste punt nog niet. Sfeer maken en ‘hotter than hell’ - zijn dan weer wel. Wij zijn alvast benieuwd naar dat binnenkort te verschijnen debuut!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/dua-lipa-14-10-2016/
Organisatie: Ancienne Belgique , Brussel

 

Amongster

Amongster - Explosies en hypnose gaan hand in hand

Geschreven door

Amongster - Explosies en hypnose gaan hand in hand
Amongster
Ancienne Belgique (AB Club)
Brussel
2016-10-13
Niels Bruwier

“We hebben iets te vieren”, zei frontman Thomas Oosterlynck na drie nummers in de set. Het klopt, begin september kwam hun debuutplaat ‘Trust Yourself To The Water’ uit en die moest Amongster wel voorstellen in de AB. In het lijstje electropop toppers dat ons kleine Belgenlandje de laatste tijd rijker werd (denk Bazart, Oscar & The Wolf, Warhola,…), klinkt Amongster als de puurste. In 2014 nog winnaar van De Nieuwe Lichting, maar ondertussen al helemaal ingebed in de Belgische muziekscene. Zwoel, sexy en sensueel wist de band  de uitverkochte zaal te begeesteren en had daarvoor niet meer nodig dan hun eigen, lekkere nummers.

Wanthanee, een andere winnaar van De Nieuwe Lichting, mocht het concert openen. Zoals we dat gewoon zijn van de dame, bracht ze gevoelige indie folk met een indrukwekkende stem. Ze kreeg de zaal zowaar helemaal stil, straf voor een voorprogramma!

Uiteindelijk zat iedereen vol ongeduld te wachten op Amongster (vanzelfsprekend). De band vloog er meteen in met “Teacher”, de eerste single van de plaat. Een herkenbaarheidsfactor is altijd goed om mee te beginnen, slimme zet van de band. Al snel werd duidelijk dat Oosterlynck zijn beste moves niet had thuis gelaten. Op de beats van de muziek bewoog hij zeer langzaam mee waarna het publiek niet anders kon dan hem na te bootsen.

Al snel werd duidelijk dat Amongster in het begin vooral inspeelde op de dromerigheid van zijn muziek. Met twee synthesizers op de achtergrond ontstond er wel een broeierige sfeer die de warmte in de zaal naar het kookpunt bracht. Af en toe kropen er ook wat psychedelische invloeden in de muziek, wat de variatie in de set alleen maar versterkte. Met “Trust Yourself To The Water” kregen we zelfs een zonnige, vrolijke sfeer. De rauwe stem van Oosterlynck maakte ieder nummer zo eerlijk en open. Het gevoel dat hij er in stak, kwam er live helemaal uit door de manier waarop hij zich inleeft in zijn muziek.
Dat is de sterkte van deze band: een frontman die op het eerste zicht wat schuchter oogt maar zich al snel ontpopt tot een echt podiumbeest. De band verbleekte er bij, al mag ook gezegd worden dat zij een fantastische ondersteuning gaven. Af en toe wat samenzang, soms zelfs een gitaarsolo en vooral de warme sfeer die zo goed bij de nummers past. Met wat rustigere songs kabbelde de set wat verder. Op zich niet erg, maar na een tijdje wou het publiek toch wat meer dansen. En alsof ze de gedachten van het publiek konden lezen, speelde Amongster “Bright Life”, één van de eerste hits van de band. Een spannend en explosief nummer dat eindigde in een fantastisch gitaarspel dat zelfs wat post rock invloeden bevatte. Meteen opgevolgd door “Butcher’s Boy”, het dansbaar nummer waar iedereen zo op wachtte. De vette synths penetreerden je oren en de gitaren deden denken aan Balthazar. Ja, daar zal Jasper Maekelberg wel voor iets tussen zitten. Het is een catchy song die zeker blijven hangen. Is het niet door het aanstekelijke sfeer dan wel door de instrumentaliteit.
Met “Runalong” doet het publiek voor het eerst mee met een sing-a-long. Toch wat vreemd, want het is niet de grote hit die op de radio word gespeeld. Plots nodigde Amongster voorprogramma Wanthanee mee op het podium. Ze is duidelijk goeie vrienden met de band en mocht zich even in het geheel mengen. Met haar zoete stem en viool bracht ze wat extra romantiek op het podium. “Leo” en “Salrow” staan niet op de plaat, maar behoorden wel tot de hoogtepunten van de set. Een dreigend geluid, angstaanjagende gitaarsound en vooral de hypnotiserende stem van Oosterlynck brachten deze nummers tot een waanzinnige apotheose. Het was alsof de wereld zijn laatste adem uitblies en Amongster ons mocht voorzien van de passende soundtrack. Jammer genoeg blies de band ook zijn laatste adem uit en verlieten ze met “Fear Until You Leave Me” het podium.

Gelukkig was er nog een enthousiast publiek dat  meer wou! Eerst kwam Thomas Oosterlynck helemaal alleen terug het podium op om het gevoelige “Welcome To My Friends” te brengen. Je kon een speld horen vallen in de zaal, iedereen was geconcentreerd op dit emotioneel nummer. Hij stuurde hij ons naar huis met een rustig en zweverige song om zo met een gerust gemoed te kunnen slapen.
Amongster bewijst met deze set dat ze helemaal volwassen zijn geworden. Klaar om nog meer zalen plat te spelen met hun duister geluid boordevol verrassende wendingen.

Met dank aan Dansende Beren - Link: http://www.dansendeberen.be/2016/10/14/amongster-ab-club-explosies-en-hypnose-gaan-hand-in-hand/

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

The Wedding Present

The Wedding Present – Goed bewaard Brits Indie geheim

Geschreven door

Blij dat we terug iets horen van The Wedding Present , een goed bewaard Brits muzikaal geheim uit Leeds van zanger/componist/gitarist David Gedge . Hij is nog de enige vaste waarde van een band die we in het 90s indielandschap maar al te graag koesteren . De platen ‘Seamonsters’ , ‘Watusi’ en ‘Saturnalia’ zijn onmiskenbaar groots; maar vergeet dat debuut uit de eind80s ook niet , een hommage aan UK speler ‘George Best’ . Gedge trok zelfs meteen de aandacht met “Give my love to Kenny”, uit die plaat . En “My favourite dress” werd op het eind nog opgestoft; hij hield ons in zijn greep door die repetitieve , opbouwende grooves en ritmes.

Inderdaad , je tekent voor een avondje goed in het gehoor liggende, fris sprankelende, rockende gitaarpopsongs van een getalenteerd artiest , die net als een Go-Betweens of The Chills hier nooit écht kon doorbreken. De songs worden omfloerst van een gedoseerde portie effects , maar verliezen nergens hun warmte en schoonheid.
Door de jaren zagen we de band in wisselende bezetting . Gedge brengt een  nieuwe plaat zo om de vier jaar en komt nu aandraven met ‘Going Going’ . Hij heeft jonge wolven rond zich met een bevallige bassiste , de lange blonde haren en kort gerokt . De drie waren erg goed ingespeeld op hun grootmeester en in de concentratie kon er zelfs makkelijk een grapje van af.
Dertig jaar indie in anderhalf uur. Hij grasduinde in het oeuvre en voegde er een tweetal nieuwe songs aan toe van de nieuwe dubbel ‘Going Going’ . “Rachel” is de popsong, “Little silver” en “Birdsnest” rocken en op het afsluitende “Santa Monica”, ging het kwartet stevig door , diep , erg diep , ruim tien minuten lang .
We kregen een gevarieerde set , waar nog enkele snedige rockers aan bod kwamen als “Come play with me”, “Mothers” en “Brassneck”  , naast hun kenmerkende lekker dromerige, meeslepende, broeierige, opbouwende rollende gitaren en  ronkende basstunes van een “Dalliance”, “Spange” , “End credits” en “What have I said now”. Beheerst durven ze te exploderen .  Naar het eind hadden we overtuigende versies van “Dare” en “Drive” , twee intense, rauwe, energieke nummers.
Ze hebben nog een pak popparels uit , maar anderhalf uur is voor Gedge  meer dan genoeg. We werden dan ook voorbereid dat er geen bissen aan te pas kwamen , waar hij voor gekend is , alles wordt in één geheel gespeeld . Gedge is een aangenaam persoon, die graag reacties oproept en inspeelt op zijn publiek .

In de goed gevulde Rotonde zagen we een ouder publiek . Jammer dat de jonge garde deze invloedrijke underground band niet kent of ontdekt . Een buitenbeentje , eentje die Indie-Rock koestert en in z’n puurste vorm speelt . Sterke set!

Organisatie: Botanique , Brussel

Wild Beasts

Wild Beasts - een diesel die wat tijd nodig heeft om op toeren te komen

Geschreven door

Wild Beasts gooien het op hun vijfde album ‘Boy King’ over een andere boeg: de elektronica naar de achtergrond en veel meer gitaren. Die plaat lieten ze produceren door John Congleton, die eerder al platen van St Vincent en Swans opnam.

Dat vertaalde zich ook op het podium van de Botanique. Het concert begon heel sfeervol, met de openingsmuziek van This Mortal Coil: “Song to the siren” werd volledig uitgespeeld, qua sfeerschepping kon dit tellen en die sfeer liep naadloos over in het instrumentale openingsnummer waarin een koorzang maar bleef aanzwellen. De twee zangers van de groep, bassist Tom Fleming en toetsenman Hayden Thorpe, namen om beurten de zang voor zich, waarbij die laatste zich liet opmerken door zijn diepe keelklanken die aan Boy George of Antony Hegarty deden denken.
Veel gitaren in dit optreden, soms werden ze op een onconventionele manier gebruikt, om rare geluidjes te produceren, in “Bed of nails” bespeelde de gitarist zijn gitaar met een strijkstok.
Het nieuwe geluid van Wild Beasts lag dicht bij dat van Foals, en tijdens de momenten dat de gitaren begonnen te scheuren, ook wel bij Muse.  De LED-panelen brachten het bombast van Muse ook visueel naar de kleinere setting van de Orangerie.  
Echt los kwam het concert pas vanaf “Wanderlust”, een topnummer waarop iedere band jaloers zou zijn, met de onvergetelijke zinsnede “ Don’t confuse me with someone who gives a fuck”. Zet de Nobelprijs literatuur 2017 al maar klaar, zou ik zo zeggen.  Ook “Alpha female” was top, dit nummer had ruimte in zich, een beetje zoals wat Mark Hollis bij Talk Talk deed. Dit elan werd doorgetrokken in de bissen, met “Celestial creatures” een hitsige paardans tussen Scissor Sisters en Depeche Mode, en  afsluiter “All the king’s men”, waarbij bassist Tom Fleming het publiek indook.

Wild Beasts kwamen wat traag op gang, maar toen was het echt de moeite.

Setlist:  Big Cat – Taste-Ponytail- Simple beautiful – Bed of nails – Colussus –Hooting – Mecca – 2BU – Lion’s share – though guy – Wanderlust – Alpha Female
Bis: Get my bang – Celestial creatures – Kings men

Organisatie: Botanique, Brussel

Frightened Rabbit

Painting of a panic attack

Geschreven door

Een goed bewaard muzikaal geheim is het Schotse Frightened Rabbit die intussen al toe zijn aan de vijfde cd . Hun songs hebben een broeierige intensiteit , bouwen op , zwellen aan door orkestratie , percussie en gitaargetokkel . Blazers vullen aan . Een folky ondertoon is aanwezig . Soms doet het wat pompeus aan , maar nergens verliezen ze zichzelf .
De twaalf nummers zijn fraai uitgewerkt  en uiterst genietbaar . De band manifesteert zich ergens tussen vrienden Idlewild , Snow Patrol in en heeft die donkerte van The National en Arcade Fire .Opnieuw een heel fijn, mooi plaatje, dat ingenieus in elkaar steekt.

Pagina 273 van 498