logo_musiczine_nl

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Onze partners

Laatste concert - festival

Hooverphonic
avatar_ab_12

On an On

Give in

Geschreven door

On An On is een trio dat ergens bengelt tussen Chicago en Minneapolis . Ze hangen tussen diverse stijlen in, van pop , postrock , synthpop en shoewave , zonder de melodie uit het oog te verliezen . Het levert een rits fijne sfeervolle , broeierige , innemende en pakkende songs op als “Ghosts”, “The hunter”, “All the horses” , “Bad mythology” en “Panic”.
De groep  eigent zich een plaatsje op tussen Beach House, Broken social scene, Elbow en Pinback door het indringende gitaarspel , de basstunes , de roffelende drums , de vintage keys, de elektronische beats en de experimentjes . De etherische mannelijke en vrouwelijke zanglijnen verscherpen de emotie in het materiaal .
Het trio weeft verleden met het heden en brengt op die manier een opmerkelijk overtuigend debuut uit!

Anton Walgrave

Tame hearts

Geschreven door

Anton Walgrave is een te koesteren sing/songwriter en hij slaagt er als geen ander in sterk onderhouden , knap gearrangeerde songs te schrijven . Hij is al toe aan z’n zesde album , ‘Tame hearts’ , en opnieuw zijn we onder de indruk van de ingenieuze songs, die semi-akoestisch prikkelen , en muzikaal verder worden aangedikt met de juiste muzikale ingrediënten .
De tien songs zijn mooi, met veel gevoel geschreven en boeien door de prachtige zalige meespelende opbouw . Een aanrader !
http://www.antonwalgrave.com

Mintzkov

Sky hits ground

Geschreven door

Mintzkov, in een ver verleden nog een Humo Rock Rally winnaar, toonde het al op de vorige derde cd ‘Rising sun , setting sun’ aan  dat ze een eigen identiteit hebben ; onderhuids borrelde soms die link naar dEUS op.
Het kwintet  onder de tandem zanger/gitarist Philip Bosschaerts en zangeres /bassiste Lies Lorquet, namen opnieuw de tijd te werken aan de nieuwe plaat en hadden deze keer alle touwtjes zelf in handen.  Hun DIY aanpak levert een uitermate boeiende plaat op . Hun melodieus weerbarstige songs zijn mooi uitgewerkt en klinken strak, opwindend en sfeervol, dromerig. Een boeiend resultaat en ‘opnieuw’ sterk overtuigend.
Op die manier kom je uit op de afwisseling die het materiaal te bieden heeft, het repetitief opbouwende “Slow motion, full ahead”, het mooie “World of mouth”, het verbeten “Old words”  en het zalvende “Arial black” , de eerste vier songs die verschillende richtingen uitgaan in hun onderhouden rockmuziek .
Mintzkov verdwaalt niet in een eenzijdig geluid, maar intrigeert en gaat creatief te werk !

Placebo

Loud Like Love

Geschreven door

Wat valt hier over te zeggen ? ‘Loud like love’ is een vintage Placebo album met …euh vintage Placebo songs. Niks nieuws, geen vermeldenswaardige aardverschuivingen in de sound, maar ook niet pretentieus en toch weer bij momenten fris en aanstekelijk. Placebo heeft op safe gespeeld, er moet tenslotte ook nog van geleefd worden. Het klinkt dus allemaal zeer herkenbaar en vertrouwd in de oren maar er zit toch weer lekker wat vaart achter de songs, hoewel die onderhand nooit meer echt verrassend voor de dag komen. Placebo heeft het wijselijk deze keer ook vrij kort gehouden, 10 songs om precies te zijn (uptempo nummertjes en ballads netjes met elkaar afgewisseld), waardoor de sleur er niet echt komt in te zitten.
Niet hun beste werkje (wij zijn nog altijd het meest te paaien met ‘Without you I’m nothing en ook hun vorige plaatje ‘Battle for the sun’ kon ons ook iets meer bij het nekvel grijpen), maar toch weer een onderhoudend Placebo plaatje.
Meer dan dit hadden we eerlijk gezegd ook niet meer verwacht.
Placebo komt hun jongste telg voorstellen op 07/12 in het Sportpaleis. Kan de moeite zijn.

Babyshambles

Sequel to the Prequel

Geschreven door

Geen idee of Pete Doherty zijn leven terug op de rails heeft, het zou ons verwonderen, maar er wordt tenminste niet meer zo over geroddeld, en dat is goed nieuws wat ons betreft. Een man als Doherty moet je waarderen omwille van zijn songwriter capaciteiten, niet omwille van zijn turbulente leventje en zijn druggebruik. En songs schrijven, dat kan hij nog altijd.
De derde Babyshambles plaat mist dan wel de rafelige kantjes van zijn voorgangers, en zeker die van The Libertines (‘Up the Bracket’ is op vandaag nog steeds ons geliefkoosd zootje rommel), maar dat is geen reden om ‘Sequel to the Prequel’ uit de weg te gaan.
Doherty heeft immers terug een handvol pareltjes uit zijn losse pols geschud en deze op een gevarieerd plaatje gepost. Het begint met “Fireman”, een venijnige punksneer van anderhalve minuut, om dan plotsklaps over te gaan in “Nothing comes to nothing”, het meest gladde en commerciële popsingletje dat Doherty tot op heden gemaakt heeft, maar het werkt wel en het typeert de veelzijdigheid van dit album.
Verder durft Doherty wel al eens te lichtvoetig te worden, zoals op het country niemendalletje “Fall from grace”, maar doorgaans weten Babyshambles hier de nodige variatie aan de dag te leggen met kwieke songs die misschien niet meer zo fel rocken als weleer, maar die alweer getuigen van een frisse en creatieve aanpak, zij het deze keer zonder stekels.
Puik plaatje, doch ietsje meer vuur had wel gemogen, maar daarvoor gaat u ongetwijfeld Babyshambles live aanschouwen in de AB op 16/01/2014 (onder voorbehoud natuurlijk, met Doherty weet je nooit).

Forest Swords

Engravings

Geschreven door

U mag ons dan al ouderwets vinden, maar wij hebben het doorgaans niet echt begrepen op artiesten die muziek produceren enkel met behulp van een laptop.
Wanneer het ‘afgewerkte’ product van zo een laptop freak aan ons wordt voorgesteld dan worden wij telkens op voorhand al overmand door een walm van argwaan, en dat blijkt dan meestal terecht te zijn. Wij krijgen het niet echt warm van de sufgehypete James Blake en ook de kille dondergeluiden van het door de ‘betere’ pers zwaar bejubelde The Haxan Cloak wekken bij ons geen wow! gevoel op, het lijkt ons eerder een soundtrack voor het mortuarium, en ginder heeft er toch niemand last van. Het is nochtans hip om deze dingen goed te vinden. Maar wij moeten niet persé hip zijn.
Enter Forest Swords, we zullen onze mening moeten herzien.
Forest Swords is het project van de Britse producer Matthew Barnes (in elektronische kringen spreekt men eerder van producers dan van muzikanten, klinkt moderner). Barnes heeft ‘Engravings’ helemaal in zijn eentje in de kille buitenlucht in mekaar geknutseld en hij heeft er echt iets heel moois en bijzonders van gemaakt. Er hangt voortdurend een mist boven dit plaatje, je wordt er niet vrolijk van maar je wordt er wel door bedwelmd. Het is een verzameling atmosferische en mysterieuze soundscapes om bij weg te dromen of naar een ander universum te reizen. Oosters aandoende klanken worden ondergedompeld in een dub-badje, vervormde stemmen worden er doorheen gemixt en op de achtergrond sluimeren af en toe echo’s van verdwaalde gitaren of een gesmoorde piano. We zijn een beetje beneveld door de mooie klanken die Barnes uit zijn laptop getoverd heeft, dit is het betere knip- en plakwerk om de donkere wintermaanden mee door te komen. Geen kille bedoening maar een boeiende reis doorheen een zweem van klanken die uit een andere wereld komen.

Vampire Weekend

Modern vampires of the city

Geschreven door

Het NYse Vampire Weekend valt op door schone popliedjes te brengen, die rijkelijk geschakeerd zijn door Afrikaanse popritmes en exotische tunes  . Aangenaam luistervoer , gezien het materiaal sfeervol, fris, sprankelend, leuk en toegankelijk is. Een zomerse positive vibe dus.
Ze integreerden de speelsheid en ritmiek van afropop in hun Westers geluid op de eerste twee platen ‘Vampire weekend’ en ‘Contra’. Op de derde klinkt het kwartet breder , sfeervoller, en naast de aanstekelijke “Unbelievers”, “Diane young”, “Finger back”, “Worship you” en “Ya hey” is er meer dan ruimte voor weemoedig , donkerder werk , die kaler is als “Step”, “Hannah hunt” en “Hudson”.  Deze songs nodigen minder uit tot een heupwieg of een danspas , maar ze behouden alvast de warme sfeer.
Vampire weekend zijn niet meer het onschuldige bandje van vroeger , maar het zijn volwassen en ervaren gasten geworden, een veelzijdige band die hun songs mooi hebben uitgewerkt.

Masters@Rock Festival 2013 – gevarieerd tweedaags festival

Geschreven door

Masters@Rock Festival 2013 – gevarieerd tweedaags festival
Masters@Rock Festival 2013
Festivalterrein
Torhout

Zaterdag 31 september 2013 wast opnieuw prijs … Masters@Rock vervolgde zijn weg na de openingsdag met bands als The Kids, Front 242 en afsluiter Therapy. En de zaterdag was het smullen geblazen voor de metalfans, want het beloofde een knaldag te worden met een leuk weertje erbovenop.

In de voormiddag trapte Always Fallen deze festivaldag af, gevolgd door Wallace Vanborn. Beide bands heb ik helaas niet aan het werk gezien, maar te horen naar de reacties waren de meesten unaniem akkoord dat beide bands een perfecte opener waren om de slaperige hoofden te ontwaken.

Spoil Engine was bezig met de soundcheck toen ik reeds voet had gezet op het Torhoutse grasveld ietsje na twaalf uur. De melodische death metal van deze mannen werd door een grote groep volgelingen in dank aangenomen en de vette breaks die te ontdekken waren, gekoppeld aan de vurige bommen die uit het podium ontsproten, zette het feestgedruis in gang.
Zanger Niek Tournois was in zijn nopjes en danste van links naar rechts op het podium, zijn troepen aan te vuren. Er werd afgetrapt met “The Absurdist” om zonder aarzeling door te gaan op “In the Line of Fire”. Instrumentaal klonk deze band dik in orde, wat toch zeker mag verwacht worden na hun optredens op festivals als Pukkelpop en Dynamo in Nederland. Af en toe vond ik wel dat de zang van Dhr. Tournois niet duidelijk hoorbaar was toen hij energiek mee headbangde met zijn collega’s, maar dat was maar een klein minpuntje. Afsluiten deden ze met een hommage aan Phil Baheux (drummer Channel Zero) met het nummer “Fitting the Pieces” en “A World on the Outside”. De dag was alleszins voor mij goed begonnen! Extra noot voor de jonge drummer: fenomenaal!

Na het hardere materiaal van S.E. stonden de Britse hardrockers van Godsized paraat om hun show te beginnen. Helaas was hun materiaal niet gekend bij ondergetekende, maar ik moet zeggen dat er leuke riffs te ontdekken waren in dit optreden. Opnieuw waren er genoeg toeschouwers voor het podium te bespeuren en hadden de meesten een smaakvolle show om te genieten.

De eerste, aheum, verrassing van de dag was gepland rond ietsje voor 17u…de Duitse power metal van Powerwolf maakte hun intrede. Geschminkt zoals sommige black metal bands, begon hun frivole muziek uit de boxen te knallen. De frontman Attila Dorn had een soort van priestergewaad aangetrokken om de show nog meer bekijks te geven en één van de gitaristen vond het blijkbaar niet nodig om zijn gitaar aan te pluggen. Oké, waarschijnlijk zal dit te maken hebben met een technisch defect, maar jongen, de mensen die wat kennen van muziek hadden vlug in het snotje dat er ‘geplaybackt’ werd, ook al sta je daar een nummer of 4 het beste van jezelf te geven :p. Soit, visueel was alles in orde, maar muzikaal vond ik dit toch te weinig om er plezier aan te beleven. Sommigen zullen mij tegenspreken op dat vlak, maar helaas, bij mij ging het er net niet in.
Het leukste moment was ongetwijfeld toen het publiek gevraagd werd om te reageren op “If we Say HOE, you say…” waarop wij “RE”…Grandioos, en lang geleden dat ik nog zo gelachen had hehe. Alleszins merkte ik dat menig toeschouwers uit hun dak gingen met nummers als “We Drink Your Blood”, “In the Name of God” en “Raise your Fist, Evangelist”. Ondertussen slenterde ik rustig richting bar om deze muziek weg te spoelen…

Diablo Boulevard had twee jaar geleden ook al een plaatsje veroverd op de affiche van Masters@Rock en dit jaar mochten ze hun kunstje opnieuw doen. Waar ik meestal een directe link leg tussen Alex Agnew, Danzig en mijn vriend Bram (die dus een goeie look-alike is van hem), viel het mij deze keer op dat Alex minder geneigd was om zijn stem richting Danzig te duwen. Niet slecht bekeken, want zijn stem klonk oprecht goed, en het klonk zuiver!
Uiteraard werd er geput uit hun 2 full-length albums ‘The Greater God’ en ‘Builders of Empires’ zoals bv. “Virus (The Pride)”, “Scarred and Undefeated”, “Between the Hammer and the Holy Cross”, hit “Black Heart Bleed” en afsluiter “Outcast”. Leuke set en aangename show, zoals het hoort dus! Prima.

Hardcore pioniers Sick of it All…wie kent deze mannen niet!!??? Ik waagde me vooraan de pit, beukte en moshte mee met de meute, kreeg ongetwijfeld 2 emmers stof/zand rechtstreeks in mijn longen geïnjecteerd, kreeg sporadisch een hiel tegen mijn hoofd tijdens de veelvuldige crowdsurfers en hield er enkele blauwe plekken en scharten aan over haha. Met andere woorden, een vet en plezierig optreden van deze Amerikanen!! Vele bekende nummers werden afgevuurd en iedereen ging wild op nummers als “World full of Hate”, “Just Look Around”, “It’s Clobberin Time” en de wereldgekende hit “Step Down”. FAN-TAS-TISCH optreden, maar kan ik er niet over zeggen! Bij deze band is de slogan niets minder dan ‘have fun and live for this moment’!

Eventjes op adem komen zat er niet bij want de Duitse thrashers van Kreator stonden al paraat. Zoals gewoontetrouw speelden ze de pannen van het dak en zat de nodige schwung en verbetenheid in hun muziek. Iedereen, uitgezonderd enkelingen, stonden met een brede glimlach de actie van Ventor, Mille Petrozza, Christian ‘Speesy’ Giesler en Sami Yli-Sirniö te aanschouwen en uiteraard vooraan het podium te beleven. Echte fans weten wanneer er keihard gebeukt wordt, en opnieuw was dit zonder twijfels op de krakers “Phantom Antichrist” van hun laatste full album, meebruller “Warcurse”, het oudgediende en snelle “People of the Lie”, het duistere “Phobia” en “Enemy of God”.
Het zweet spatte van het podium en de toeschouwers, de stofwolk bereikte ongekende hoogtes, armen en benen vlogen van links naar rechts en van boven naar onder en uiteraard bezorgde Kreator nog enkele absolute climaxen! Denk maar aan het agressieve “Pleasure to Kill”, ouwe trouwe “Coma of Souls” gevolgd door “Endless Pain” en meezinger “Violent Revolution”.
Wie dacht dat deze Duitsers reeds het beste van zichzelf hadden gegeven was grondig mis, want afsluiten deden ze in stijl met hun lijflied ‘it’s time to raise the’: “Flag of Hate” gevolgd door de vingervlugge riffs en aanstekelijke chorus in de kraker “Tormentor”. Zoals altijd, strak, rechtdoor en agressief, of in 1 woord: KREATOR!!!

De boog kan niet altijd even gespannen staan, dus had de organisatie voor de die-hard metalfans eventjes rust ingelast want ze hadden Guano Apes op de affiche geplaatst. Met hits als “Lords of the”, “Open Your Eyes” en de cover “Big in Japan” had ik voor de rest in feite geen flauw idee wat deze band nog allemaal in het verleden had uitgebracht. Qua sound wist ik wel welke kant het uitging, maar live was dit een primeur voor mij. Persoonlijk was dit niet echt mijn dada, maar aan het volk te zien waren er velen benieuwd naar dit optreden. Geslaagd zou ik het niet noemen, maar globaal gezien was dit een middelmatige show in mijn opinie…

Gevormd in 1979, dus reeds meer dan 30 jaar actief, 13 albums uitgebracht met ‘Fallen Angels’ als recentste daterend uit het jaar 2011, voor sommigen de grondleggers van Black metal, afkomstig uit Engeland, en met een exclusief optreden in België…een mens zou voor minder vol spanning uitkijken naar de komst van Venom! Twijfels twijfels twijfels, want eerlijk gezegd, Venom is niet zo vaak meer te aanschouwen op het podium, hun laatste albums waren niet echt grandioos, en de leeftijd zit hen ook achterna…dus rees de vraag: hebben ze het nog in zich??
Het antwoord: een volmondige JA! Cronos, met blote bast zijn legioen in stelling brengend, bewees dat zijn muziek staat als een huis. Krachtige riffs, een stem als vergif, drums die alles op hun weg splijten, …noem maar op. Het zelfvertrouwen dat deze Engelsen uitstraalden kende geen weerga, en met een doos vol klassiekers op hun setlist kon de avond niet meer stuk!
Denk maar aan opener “Black Metal”, “Leave me in Hell”, “Hail Satanas”, “Possessed”, “Schizo”, “Live Like an Angel”, “Buried Alive”, “The Evil One”, “Straight to Hell”,…kortom teveel om op te noemen. Met de nodige duistere achtergrondtonen en de lichtshow had je het gevoel dat je samen met occulte personen een ‘black sabbath’ aan het houden was, terwijl momenten van nostalgie je lichaam vervulden. Als afsluiter stonden “In League with Satan” en “Witching Hour” geprogrammeerd, maar de hit dit de meeste vuisten in de lucht kreeg was ongetwijfeld “Welcome to Hell”, de klassieker van Venom die iedereen kent en kan meebrullen. Cronos en co waren dit jaar de perfecte afsluiters, en hopelijk mogen deze heren nog een tijdje hun kunsten tonen aan de mensheid!

Zo, Masters@Rock editie 2013 zat er weeral op, en ik ben benieuwd wie ze volgend jaar uit hun hoed zullen toveren… Het was alleszins weer plezant!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4066
Organisatie: Masters@Rock, Torhout

 

Masters@Rock Festival 2013 – Eerste festivaldag van Master@Rock meer dan geslaagd!

Geschreven door

Masters@Rock Festival 2013 – Eerste festivaldag van Master@Rock meer dan geslaagd!
Masters@Rock Festival 2013
Festivalterrein
Torhout

Op vrijdag 30 augustus en zaterdag 31 augustus 2013 was er in Torhout opnieuw het fijne Masters@Rock.
Voor het tweede opeenvolgende jaar vond het festival plaats op een mooie weide langs de Vredelaan.  Organisator Peter Lavens en zijn team hadden enkele kleine aanpassingen gedaan (ondermeer de toiletten waren dit jaar gratis) en het moet gezegd:  de inkleding en indeling van het festivalterrein waren top en bezorgden de bezoeker een maximum aan comfort.   Kenmerkend voor dit festival is trouwens het relatief oudere publiek waarbij een groot deel gretig zijn weg vond naar de leuke dranktenten. 
Het muzikale zwaartepunt van Masters@Rock 2013 lag op zaterdag met ondermeer Sick Of It All, Kreator, Guano Apes en Venom maar dat nam niet weg dat ook vrijdag een geslaagde avond was met een voortreffelijke headliner.

Zelf waren wij door omstandigheden pas voor het optreden van Front 242 in Torhout aanwezig.  Enkele bezoekers wisten ons te melden dat vooral The Kids en Good Riddance wisten te scoren.  De eerste band uiteraard met enkele songs die tot de Belgische punkrockgeschiedenis behoren, de Amerikaanse band uit de Fat Wreck Chords-stal deed het op zijn beurt met een opvallend strak en melodieus geluid. 

Front 242 was nadien een vreemde eend in de bijt.  De elektronische sound van de heren paste niet echt in de punkrockgetinte line up maar viel desondanks bij heel wat aanwezigen in de smaak.  Vooral een opvallend festivalganger in blote voeten, korte broek  en rastakapsel  danste op de stevige beats alsof zijn leven er van af hing.  Wij genoten vooral van sterke nummers als “Headhunter”; “Religion” en het repetitieve  “Im Rytmus Bleiben” en de geschifte beelden die geprojecteerd werden op het podium. Puike show!

Andy Cairns en de zijnen lieten het publiek daarna even wachten voor hun enige show in ons land dit jaar!  Toen Therapy? uiteindelijk het podium betrad, waanden we ons eventjes opnieuw in 1995 of 1996 toen de band hun  absolute hoogdagen kende en  twee keer na mekaar op Torhout/Werchter stond.  Frontman Cairns stond op Masters@Rock net als toen in zijn korte, zwarte broek  en bleek na al die jaren nog steeds diezelfde, innemende en sympathieke frontman te zijn.  Opvallend was dat de bar die daarvoor nog overbevolkt was plots leeg bleek bij de eerste noten van Therapy? .
De stem van Andy Cairns is misschien niet altijd meer van de zuiverste maar Therapy? is een geoliede machine die een publiek doet rocken als de beesten!  Uiteraard speelde de band in Torhout  de vele hits van de albums ‘Troublegum’ en ‘Infernal Love’ uit de nineties.  Therapy? heeft echter daarvoor en in de jaren daarna  nog talrijke albums gemaakt die op commercieel vlak minder scoorden, maar waarbij het talent van songschrijver Cairns herhaaldelijk tot uiting kwam. Het trio beschikt zo over een muzikale catalogus om u tegen te zeggen.
In Torhout startte het trio (of moeten we zeggen een kwartet  gezien de extra gitarist die in een klein hoekje van het podium op diverse songs meejamde) met de oudjes “Meat Abstract”,  “Potato Junkie” en “Nausea” waarna met “Knives” een eerste golf van herkenning door het publiek ging.  Vervolgens werden een aantal minder bekende songs waaronder  “Exiles” en “Get Your Dead Hand Of My Shoulder”  afgehaspeld om  met “Trigger Inside” de temperatuur met een flinke snok de hoogte in te jagen. 
Met  “Stories” was er de eerste, echte publiekslieveling die gretig werd meegezongen door de pakweg 4000 bezoekers.  Met “If It Kills Me” en “Polar Bear” werden daarna 2 prachtige maar iets minder bekende composities gespeeld uit de  jaren 2000.  Na een drumsolo van Neil Cooper begon Therapy? aan een eerste finale met cultsong “Teethgrinder” en de fel toegejuichte tweeklapper “Nowhere” en “Died Laughing”.
Cairns, Mc Keegan en Cooper verlieten daarna de stage om vrij snel terug te keren voor een grandioze bisronde. “Turn”,  een lang,  uitgesponnen en stevige versie van  meezinger “Diane” en “Stop It You’re Killing Me” met een hoofdrol voor de overstuurde gitaren van Cairns, het was werkelijk genieten voor de vele bezoekers..  Ook de overbekende Joy Division-cover “Isolation” mocht daarna niet ontbreken waarna met “Teenage Kicks” de avond werd afgesloten. 

Therapy? bleek de ideale afsluiter te zijn voor een eerste geslaagde festivaldag!

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://www.musiczine.net/nl/index.php?option=com_datsogallery&Itemid=49&func=viewcategory&catid=4066
Organisatie: Masters@Rock, Torhout

 

Roger Hodgson

Roger Hodgson - Night of the Proms met zicht op zee

Geschreven door

Samen met generatiegenoten 10cc, Procol Harum en ELO stond Supertramp symbool voor de betere gestyleerde progpop die tijdens de jaren ’70 niet weg te denken was uit de betere platenkast. In 2010 mocht de groep 40 kaarsjes uitblazen, en om de pensioenkas van de nog overgebleven leden nog wat te spijzen werd daar uiteraard een anniversary tour aan vastgeklonken. Grote afwezige op dat verjaardagsfeest was Roger Hodgson, die 13 jaar lang een songwriting tandem vormde met oprichter Rick Davies maar in ’83 Supertramp definitief verliet.

Hoe groot de verdiensten van Davies als zanger en componist ook moge zijn, het is Hodgson die de meeste van Supertramp’s grootste hits heeft ingezongen en dus voor het grote publiek voor altijd het gezicht van de groep zal blijven. Het was dus enkel een kwestie van tijd of de naar Californië uitgeweken Brit zou op zijn beurt de erfenis van Supertramp proberen verzilveren. We troffen de 63-jarige Hodgson en zijn vierkoppige band in het statige Oostendse Kursaal voor één van de laatste Europese haltes van zijn huidige ‘Breakfast in America’ wereldtournee.
Aan de ingang kregen we een foldertje toegestopt maar daarop een lijst van 33 songs waaruit Hodgson put tijdens deze tour. De eerste op dat lijstje, “Take the Long Way Home”, is tevens steevast de opener van deze concertenreeks. Meteen werd duidelijk waarom de overigens erg relaxte Hodgson zich nog steeds met recht en rede ‘the golden voice of Supertramp’ mag noemen. De man heeft zich al die jaren duidelijk goed gesoigneerd onder de Californische zon, want zonder overdrijven kunnen we stellen dat zijn van melancholie doortrokken hoge stem werkelijk geen spat is veranderd, en misschien zelfs expressiever klinkt dan vier decennia geleden. Naast zijn karakteristieke stem is er natuurlijk dat typische vibrerende geluid van zijn onafscheidelijke Wurlitzer piano die de signature sound van de meeste Supertramp evergreens heeft bepaald. Hodgson brak ooit beide polsen, maar heeft daar zichtbaar niets aan over gehouden te oordelen aan het enthousiasme waarmee hij twee uur lang zijn ‘wurly’ betastte en bepotelde.
We kunnen ons wel inbeelden dat het bovenvermelde songlijstje een aangenaam geheugensteuntje betekende voor het 50+ deel van het publiek, maar anderzijds wisten we ook meteen welke nummers we aan onze neus zouden zien voorbij gaan. Persoonlijke Supertramp favorieten als “Bloody Well Right” en “Crime of the Century” dragen nu eenmaal de handtekening van Rick Davies, dus moeten we leren leven met Hodgson’s keuze om enkel zijn personal darlings in de set te stoppen. En waarom niet, want de man heeft op die manier nog altijd keuze te over.
Alleen al tijdens het eerste concertuur zette de man met “School”, “Breakfast in America”, “Lord is it Mine” en “Hide in Your Shell” een indrukwekkende Supertramp reeks neer. Dat die songs er nog steeds staan was trouwens niet enkel de verdienste van Hodgson, maar evenzeer van de twee Amerikaanse en twee Canadese muzikanten die de gelaagde en bijwijlen symfonische sound van Supertramp virtuoos onder de knie hadden. De grandeur die sommige songs hierdoor uitstraalden leek wel weggelopen uit de Night of The Proms, het soort nachten waar we trouwens vriendelijk voor bedanken. Terwijl al zijn muzikanten hun métier als hun broekzak kennen stak Hodgson toch expliciet een pluim op de hoed van Aaron MacDonald, een polyvalente kerel die naast extra keyboards en backing vocals ook vlotjes laveerde tussen klarinet, fluit en natuurlijk de karakteristieke saxofoon.
De eerlijkheid gebied ons om te stellen dat de ruim twee uur durende show ook een aantal minder beklijvende momenten opleverde. Niet zelden ging Hodgson daarvoor te rade bij de drie solo albums die hij in zijn post-Supertramp periode uitbracht en amper memorabele songs hebben opgeleverd. Eén opmerkelijk lichtpunt was echter “Death and a Zoo” uit zijn laatste solo exploot ‘Open the Door’ (‘00), een muzikaal erg avontuurlijke song waarin de typische progpop van zijn oude band werd gedrapeerd met geluiden uit de Afrikaanse rimboe.
Bleef het publiek aanvankelijk nog netjes in de comfortabele zeteltjes zitten, tegen het eind van de set kwam er een stuk meer beweging in de massa. Na een magistraal “The Logical Song” en een lang uitgesponnen “Child of Vision” met een schitterende piano outro ging het hek toch van de dam tijdens het nog steeds onweerstaanbare “Dreamer”. De kale en grijze herenkoppen en de wulpse dames die massaal naar het Kursaal waren afgezakt zetten het op een dansen als betrof het hun eerste T-dansant ergens in de zomer van 1974 toen dit nummer Supertramp definitief op de kaart zette. Met de progpop suite “Fool’s Overture”, volgens Hodgson het resultaat van drie onafgewerkte songs die op een dag het begin, midden en einde bleken te zijn van een groter geheel, zwaaide de groep een eerste keer af.
Ietwat voorspelbaar maar daarom niet minder doeltreffend werd de sfeer luchtig gehouden  met “Give a Little Bit” en “It’s Raining Again” als encores. Hodgson had vanavond reeds bewezen dat hij een pak betere nummers heeft gepend en gezongen, maar toch bekende hij dat net deze twee songs hem avond na avond nog erg veel voldoening geven. Ergens willen we hem wel geloven, ook toen hij twee uur ervoor het publiek had verzocht om alle dagdagelijkse problemen en zorgen even aan de kant te zetten.

De man is met verve in die opzet geslaagd, vraag dat maar aan die overjaarse dame die voor onze neus eensklaps een bloedrode paraplu tevoorschijn toverde en een averechtse regendans inzette tijdens “It’s Raining Again”.

Organisatie: Kursaal Oostende - AJA concerts

Pagina 623 van 966