logo_musiczine_nl

Trix, Antwerpen - events

Trix, Antwerpen - events - 01 april: Dirty sound magnet - 01 april: Minding dolls, Stryke, Gloom - 02 april: Nova Twins - 02 april: Hifive: Lefty Parker - 02 april: Spoor series: Caroline De Meyer, Dennis Tyfus - 03 april: Deathcrash - 04 + 05 april: Samhain…

Zoek artikels

Volg ons !

Facebook Instagram Myspace Myspace

best navigatie

concours_200_nl

Inloggen

Onze partners

Search results (15433 Items)

Fabulae Dramatis

Solar Time’s Fables

Geschreven door

Deze Belgisch/Colombiaanse band is ontstaan in 2011 en presenteert ons nu hun twee release. Om meteen met de deur in huis te vallen. Dit is een opvallende en prestigieuze release. Op muzikaal vlak vanwege de veelzijdigheid, de vocals en het concept. Maar ook het artwork is schitterend.
Er zit dus enorm veel variatie in de songs die bij momenten allerlei kanten opgaan. Dit door de variatie in de vocals door o.a. Wesley Beernaert (Lemuria-frontman), Hamlet, Isadora Cortina en Isabel Restrepo. Die vocals neigen de ene keer naar grunt en dan krijgen we erna een sopraan die dan voor een klassieke toets zorgt in de song. Ook door de ritmewissels door drummer Sepp Coeck en bassist Hamlet zorgen hiervoor. Neem daar dan nog happen progressieve en power metal bij en je krijgt een eigenzinnig muziekstijl te horen die behoorlijk origineel uit de hoek komt.
Wel geen hapklare brok. Je dient met open vizier te luisteren en de tijd van meerdere luisterbeurten te nemen om het album te doordringen. De verhalen (fabels) op dit album stralen een fantasiewereld of een sprookjessfeer uit. Op “Sati (Fire II)” krijgen we aan het eind een fijne langgerekte solo. Die zorgt voor de nodige adrenaline. “Sirius Wind” kent een feeëriek aandoend begin met o.a. fluit en saxofoon. Dan valt een kabbelende bas in samen met de engelachtige zang. Een korte song maar wel één om kippenvel van te krijgen.
Ze zijn helemaal niet bang om minder voor de hand liggende instrumenten in hun muziek te verwerken gaande van sax, cello, fluit, viool tot sitar. En ze slagen er ook in om die instrumenten naadloos in het geheel in te passen.
Wie graag luistert naar energieke en out-of-the-box avant-garde metal zal hier een hele tijd zoet zijn. Alleen al om hun inspiratie en durf verdienen ze een kans tot ontdekking.

Nile On Wax

Bell dogs

Geschreven door


Vreemde eenden in de bijt zijn soms het interessants. Of hebben het meest te vertellen. Het Brusselse Nile On Wax is, muzikaal gezien, zo’n vreemde eend. Dit instrumentale trio bestaat uit een viool, bas en drum. Met ‘Bell Dogs’ zijn ze toe aan hun derde release. Hierop verkennen ze nieuwe terreinen tussen postrock, psychedelica en cinematografische muziek. Dat laatste zorgde ervoor dat er twee tracks uit hun vorig album ‘Freaks’ gebruikt werden voor “My Amercia” van Hal Hartley.
Zes tracks krijgen we gaande van anderhalve minuut tot ruim twaalf minuten. “Rhapsody” opent met bas (David Christophe) , wat percussie (Elie Rabinovitch) en voorzichtig opkomende viool (Catherine Graindorge). Het bouwt langzaam op tot een soort van climax. Het klinkt filmisch en dromerig. Beelden flitsen voorbij bij het beluisteren. Op “Liquid Birds” is er een grotere rol voor de percussie weggelegd maar uiteindelijk staat de muziek van alle drie ten dienste van het geheel. “Nightride” bezit meer een donkere sfeer en de koortsigheid van het nachtleven. Het is opvallend wat een rijke klankkleuren ze ontwikkelen met een beperkt aantal instrumenten.
Dit is postrock zoals Mogwai ze ook maakt maar op een geheel eigen manier en met totaal andere instrumenten. Toch zit er een gelijkaardige vibe in. Ik kan hier alleen maar positief over zijn. Wat een plaatje.

Doro

Doro - Doro kwam, zong, charmeerde en overwon

Geschreven door

Doro - Doro kwam, zong, charmeerde en overwon
Doro
Kreun
Kortrijk
2017-11-14
Stijn Raepsaet

Dat Kortrijk tot over de taalgrens heen steeds meer geassocieerd wordt met rock en metal, bewees een bijna uitverkochte Kreun, en dat op een doordeweekse dinsdagavond. De Alcatraz organisatie had immers de Duitse Doro (Pesch) uitgenodigd, die enkele maanden geleden nog op hun eigenste metal festival stond.

Opener van de avond was het Duitse Oversense dat de drie Beneluxconcerten van Doro op gang mocht trekken. De band die sinds 2012 het levenslicht zag in Wolfsburg, heeft dit jaar met ‘The Storyteller’ (2017) zijn eerste langspeler uit en stelt die met het nodige enthousiasme voor aan een even enthousiaste zaal. De mix van power metal en rock was goed verteerbaar en deed bij momenten denken aan Edguy en Sonata Arctica.  De stem van zanger en bezieler Danny Meyer leverde een belangrijke bijdrage hiertoe. Oversense, een beginnende band waar we zeker nog van zullen horen.

Omstreeks negen uur was het dan tijd voor Doro om de bühne te bestijgen. Het metalicoon startte ooit haar internationale carrière als zangeres van Warlock in de jaren 80, een periode waarin vrouwelijke metalzangers even zeldzaam waren als een open overheidsdienst op de Dag van de Dynastie. Desalniettemin heeft ze doorheen de jaren een succesvolle solocarrière opgebouwd wat haar een stevige fanbase en de titel metal queen opleverde. Voor deze tour beloofde ze alle registers open te trekken en haar fans te trakteren op haar vele muzikale hoogtepunten. Kortrijk werd alvast bediend op zijn wenken!
Raise your Fist in the Air” werd als eerste op het publiek afgevuurd en de oproep werd onmiddellijk beantwoord door een zee van vuisten en metal horns. Een betere opener kon niet gekozen worden. Samen met de temperatuur steeg de sfeerbarometer tot het maximum. Onmiddellijk viel ook de energie en amicaliteit op waarvoor Doro bekend staat: tijdens het optreden liep de blondine de ziel uit het lijf om geen moment ongelegen te laten om haar fans de hand te schudden. Even later werd “Burning The Witches” ingeluid. Pure nostalgie aangezien dit de titeltrack is van het debuutalbum van Warlock.
Muzikaal gezien stelde die Metalkönigin allesbehalve teleur. Haar stem hield doorheen de set goed toon en de subtiele heesheid gaf haar gezang een rauw tintje. Samen met de vlekkeloze omlijsting gebracht door stuk voor stuk topmuzikanten, was dit een optreden dat we ons graag zullen herinneren. Doro kwam, zong, charmeerde en overwon! Verder op de setlist stonden o.a. nog “Fight For Rock”, “Warlock”, “Für Immer”, “Metalheads”, “Burn it Up”, “All we Are”.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/doro-14-11-2017/
Organisatie: Alcatraz Music – Rock Tribune   

Rag'n'Bone Man

Rag’n’Bone man – De GVR met de prachtige stem

Geschreven door

Rag’n’Bone man – De GVR met de prachtige stem
Rag’n’Bone Man + Lewis Capaldi & Rukhsana Merrise
Vorst Nationaal
Brussel
2017-11-13
Cedric Van Esbroeck

Het gaat ontzettend hard voor Rory Graham, beter bekend als Rag’n’Bone Man. In April stond hij nog in ons kleine landje; als eindhalte van zijn wereldwijde tournee verkocht hij de AB volledig uit. Ditmaal is België opnieuw de laatste stop, bij zijn ‘The Overproof Tour’. Vorst Nationaal was hopeloos uitverkocht en iedereen hing aan zijn lippen. Maar nu eerst iets over de geweldige voorprogramma’s.

De Schotse singer-songwriter Lewis Capaldi mocht een halfvolle zaal opwarmen met zijn prachtige gevoelige muziek en dat deed hij op fenomenale wijze. Hij kwam stil op, alleen, zonder een woord te zeggen en bracht ons in bekoring met zijn rauwe stem. Tijdens het eerste nummer liet zijn stem het af en toe wel een beetje afweten, maar wanneer hij bij het tweede nummer, “Lost On You”, vergezeld werd door een pianist op dat grote podium, klonk hij foutloos. Stilaan begon het ons op te vallen dat een groot deel van de menigte al vroeger gekomen was, enkel en alleen om een goede zitplaats te bemachtigen. Deze enorm grote groep zweeg geen seconde, en door hun rumoer kon je met momenten deze verlegen Schot amper horen. Echt een schandalig gebrek aan respect voor deze zeer jonge muzikant. Met “Bruises” kreeg hij toch een groot deel van het publiek stil, en dit lied was dan ook samen met “Lost On You” een hoogtepunt in zijn korte set.

Hierna was het de beurt aan de vrolijke, ietwat knettergekke Rukhsana Merrise, die veel interactie met het publiek uitlokte, in een poging om die vele mensen die enkel voor Rag’n’Bone Man kwamen toch mee te krijgen. Ze liet het publiek haar naam scanderen, stukjes meezingen, en trok met haar enthousiasme alle aandacht naar zich toe. Spijtig genoeg waren er nog steeds veel te veel mensen die beter in een café een tasje koffie gingen drinken in plaats van door haar optreden heen te praten. Ze bracht onder meer “Can’t Feel My Face” van The Weeknd, met een heel trage intro, waarna het nummer in sneltempo verderging. Dan was het tijd voor een mooie song voor iemand die het in haar woorden eigenlijk niet waard was. Eindigen deed ze met het energieke “Money”, dat bij iedereen voor beweging zorgde en de zaal toch een beetje aan het dansen kreeg. Als onverwacht intermezzo weerklonk ‘And so, Sally can wait. She knows it’s too late as we’re walking on by. Her soul slides away. But don’t look back in anger.’ Een stukje van Oasis dus, waarna ze “Money” afwerkte en het publiek uitvoerig bedankte.

Het moment waarop die vele kwetterende fans wachtten, was eindelijk aangebroken, het was tijd voor the man himself, Rag’n’Bone Man. Na een bombastische intro van enkele blazers en onder begeleiding van oorverdovend geschreeuw uit de ondertussen stampvolle zaal, kwam onze favoriete vriendelijke reus eindelijk op. Het was nogal druk op het podium, in totaal stonden er acht muzikanten, en als versiering hingen er mooie illustraties op de achtergrond. Met “Wolves” trapte hij zijn set op gang, en die mooie, diepe stem greep onmiddellijk iedereen bij de keel. Deze Rory Graham is werkelijk nu al één van de groten in de blues- en soulwereld.
Tijdens “No Mother” merkten we toevallig ook de moeder van deze grote meneer op, bij de soundmixcrew. Ze genoot met volle teugen van het werk van haar zoon. Met “Ego” overtuigde hij iedereen van zijn kunnen en konden we hem voor de eerste maal nog eens horen rappen. Dit was absoluut niet de laatste keer. Tijdens “The Fire” greep hij terug naar zijn roots als rapper, om ons enkele krachtige verzen te brengen. Zelf kwam hij dan tot de vaststelling dat hij veel depressieve songs heeft, waarna hij iedereen aan het lachen bracht met de opmerking ‘This one also is.’
“Your Way”, samen geschreven met Jamie Lidell, bracht iedereen in beweging, en hoewel hijzelf tot dan nog vrij statisch op het podium had gestaan, begon er nu ook wat beweging in te komen. Toen “Lay My Body Down” begon, zagen we een enkeling met een aansteker zwaaien. Hierop volgde “Perfume”, na een heel lange intro die wel voor een rustmomentje zorgde. Rag’n’Bone Man verbaasde iedereen toen hij aantoonde niet alleen zeer diep en laag te kunnen gaan, maar zijn stem ook gevoelig hoog liet weerklinken.
Bij “Life In Her Yet”, een song geschreven voor zijn geweldige grootmoeder, werden de emoties hem misschien iets te veel, want voor de eerste en enige keer van heel de avond hoorden we hem even vals zingen. Uiteraard herstelde dit bescheiden natuurtalent zich vrijwel onmiddellijk, want “Odetta” klonk foutloos. Tijd voor nog een grapje moet hij gedacht hebben, want dit volgde: ‘I only have three happy songs -korte pauze- joking, only two.’ waarna hij de eerste ervan bracht, “Grace”. Het publiek werd uitzinnig, brulde luid me, en heel de zaal lichtte op met gsm-lichten en aanstekers. Het enige wat hij daarna nog kon mompelen was ‘That’s so fucking cool… so cool.’
Bij het volgende nummer, één van zijn grootste hits, “Skin”, was de sfeer totaal anders. Enkel de pianist bleef nog over om hem te vergezellen en in heel de zaal waren enkel de vele fans die de tekst foutloos meezongen te horen. Zijn tweede ‘happy song’, “Take You As You Are” begon eerder als duet met zijn indrukwekkende achtergrondzangeres, en ontpopte zich daarna tot een waar feest voor alle aanwezigen. Het lijkt er ook op dat we binnenkort nieuw materiaal te horen krijgen, want “Run With The Beast” bestaat naar eigen zeggen nog niet echt, maar is toch al klaar om live gebracht te worden.
We kregen veel creativiteit te horen bij de twee blazers, die echt wel een extra dimensie aan zijn nummers gaven. Met “Guilty” verbaasde hij ons, niet enkel met zijn stem, maar ook door de dansmoves die hij aan ons presenteerde. Net als bij “Skin”, kregen we een ietwat aangepaste versie van “Human”. Zijn stem klonk minder diep en naar het einde toe kregen we nog een freestyle rap op de tonen van dit nummer te horen, waarna hij voor een laatste keer het refrein zong.
Na heel veel gebrul van het publiek, betrad hij het podium opnieuw, eerst alleen, maar later volgden de achtergrondzangeres en gitarist. Opnieuw kregen we een nieuw nummer voorgeschoteld, dat een blijvende indruk naliet. “Don’t Set The World On Fire” heette het, en we kunnen niet wachten tot het uitkomt. We vreesden dat “The Bitter End” ook het einde van zijn show inluidde, maar toen hij ons vroeg om ‘Hell yeah.’ te roepen, wisten we dat het gelijknamige nummer nog volgde.

De avond werd dus goed op gang getrapt door Lewis Capaldi en Rukhsana Merrise, waarna Rag’n’Bone Man het publiek gaf waarvoor ze kwamen, spijtig toch van dat gebrek aan respect voor die eerste twee acts.

Setlist: Wolves – Ego - Your Way Or The Rope - The Fire - Lay My Body Down – Perfume - Life In Her Yet – Odetta – Grace – Skin - As You Are - Run With The Beast – Guilty – Human
Encore: Don’t Set The World On Fire - Bitter End - Hell Yeah

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie: Live Nation

 

Father John Misty

Father John Misty: sterk concert van de sarcastische crooner

Geschreven door

Father John Misty: sterk concert van de sarcastische crooner
Father John Misty
Ancienne Belgique
Brussel
2017-11-12
Nick Nyffels

Een kleine week voor Fleet Foxes tweemaal in een uitverkochte AB komen spelen, was het de beurt aan hun ex-drummer, om het in Brusselmansiaanse termen te formuleren, om zijn nieuwe plaat te komen voorstellen.

‘Pure Comedy’ is de nieuwe plaat van Josh Tillman, aka Father John Misty. Father John Misty kreeg het net niet voor mekaar om de AB éénmaal uit te verkopen, maar de zaal zat toch goed vol. We waren benieuwd hoe hij zijn nieuwste plaat live ging brengen: tekstueel is ze fascinerend, maar de productie van de plaat vinden we zelf nogal eenvormig: de strijkers en de softrock-productie doen alle nummers op mekaar lijken op dit super ambitieuze album: het is een soort autodidactische muzikale roman over het menselijk bestaan die vertrekt van het volgende uitgangspunt: de mens zit hier op de kleine blauwe planeet, en weet het ook allemaal niet meer sinds hij geen jager-verzamelaar is, en dus vond hij maar religie, politiek en e-commerce uit. Zoals gewoonlijk zitten de teksten van Misty dus boordevol weerhaken, maar muzikaal waren wij dus zoals eerder vermeld niet bijster enthousiast over de gesuikerde productie.
Josh Tillman heeft de reputatie recalcitrant te zijn, en er niet voor terug te deinzen om zijn publiek te beledigen en op het verkeerde been te zetten, maar kijk, vanavond was hij poeslief voor het Brusselse publiek. Zijn bindteksten waren deze keer gewoon grappig, en een beetje bizar, zo haalde hij midden het optreden iets uit zijn jaszak waarvan hij beweerde dat het een menselijke tand was, waarop een meisje riep dat het de hare was, wat Tillman dan weer ten stelligste ontkende. Maar verder bleef het allemaal binnen de perken: geen Sun Kill Moon-toestanden op het podium dus.
Muzikaal was dit een topoptreden, Tillman speelde meestal op akoestische gitaar, soms nam hij enkel de zang voor zijn rekening, als een volleerde crooner, in die rol dikwijls enkel begeleid op piano.
De grote meerwaarde kwam van zijn zeskoppige band, die Americana met onvervalste Country & Western (die zo typerende lap steel gitaar-klank) afwisselde en voor veel dynamiek zorgde. Voor een aantal nummers had Father John Misty ook projecties meegebracht: zo draaide onze blauwe planeet rondjes tijdens “Things it would have been helpful to know before the revolution” en zat er verder in het concert een grappig filmpje waarin Tillman met zijn dubbelganger in een appartement onder meer cocaïne zat te snuiven. Het concert begon met de nummers van ‘Pure Comedy’, maar tijdens het concert kregen we ongeveer 50 procent uit de nieuwe plaat en 50% uit ‘I Love you honeybear’, dat qua thematiek persoonlijker is en vooral over de liefde in zijn meest pijnlijke en eerlijke vormen gaat.
De podiumprésence van Tilman had wel wat weg van de oudere, bebaarde Jim Morrison: evenveel podiumpresence als The Lizard King, met grote gebaren over het podium schrijdend als een echte crooner: de ironische versie van Nick Cave zowat: heel theatraal smeet hij zijn gitaar in de armen van de roadie (denk aan Pete Doherty) om dan het microstatief de lucht in te steken of op de knieën te zakken.
Het concert wisselde intieme pianoballads af met stevige rock en country-nummers en de muzikanten gooiden er dan ook nog mooie koortjes tussen. Bij momenten waande je je in The Grand Ole Opry in Nashville.
Tillmann beloofde ons alle hits te spelen, en die kregen we dan ook: een intiem “Bored in the USA”, een krachtig “I love you honeybear” als afsluiter van de reguliere set, en ook “Chateau #4” was het vermelden waard. Het enige nummer dat ontbrak was “Leaving LA”.
Tillman was oprecht tevreden met de respons van het Brusselse publiek, en liet dat nog eens duidelijk merken met een knaller van een bis (“The Ideal Husband”).

Father John Misty is zo een van die bands die veel beter tot zijn recht komt in zaal dan op een festival. Voor liefhebbers van Randy Newman, Billly Joel, seventiesfolk en jaren negentig Americana was dit een zeer geslaagde zondagavond.

Setlist: Pure comedy - Total entertainment forever -Things it would have been helpful to know before the revolution - Ballad of the dying man - Nancy from now on- Chateau lobby #4 (in C for two virgins)-Strange encounter - Nothing good ever happens at the goddamn thirsty crow - Only son of the ladiesman - When the God of love returns there'll be hell to pay- A bigger paper bag - When you're smiling and astride me -This is Sally Hatchet -The night Josh Tillman came to our apt. -Bored in the USA -The memo - I'm writing a novel - Hollywood forever cemetery sings - I love you, honeybear
Bis: Real love baby - Holy Shit - The ideal husband

Organisatie: Ancienne Belgique, Brussel

Sonic City 2017 – Thurston More cureert - Geniale Thurston trekt de kaart van de avant-garde en jazz

Geschreven door

Sonic City 2017 – Thurston More cureert - Geniale Thurston trekt de kaart van de avant-garde en jazz
Sonic City 2017
Kreun (Depart)
Kortrijk
2017-11-12
Lode Vanassche

Terwijl we op dag één en dag twee konden kennismaken met vijfsterren beuk- en noisewerk, tovert Moore en Sonic City een combinatie van hakbijlen, betonmolens en heerlijke jazz, zelfs klassieke jazz. Sonic City kan niet meer stuk en deze tiende editie zal zonder twijfel in de annalen geboekstaafd staan als een van de beste alternatieve festivals ooit. Kortrijk doet zijn reputatie van muziekstad alle eer aan.

The New Blockaders : pure aanslag op de muziek en pure climax. Dit duo met bivakmuts is in een perfect pak gehesen en vernielen met ongeziene ijver hun piano, met zagen en hamers. Het instrument of wat ervan rest zal een ereplaats krijgen in het Wilde Westen. Puur muzikaal lawaai dus. Blixa Bergald zal ongetwijfeld duimen en vingers aflikken van dit minimalistisch gedoe. Betonmolens en emmers worden tegendraadse instrumenten. Het publiek smulde ervan. Thurston deed het in ieder geval. En moesten we ons voorbereiden op zware effecten en experimenten van Moor Mother. Er worden allerlei instrumenten en materialen gebruikt en ook de stemmen moeten door de mallemolen. Hardcore poëzie en protestsongs voor de liefhebbers. 

Tweede hoogtepunt zijn zonder twijfel onze noorderburen van The Ex. Ooit op Gent Jazz. Al een dikke veertig jaar brengt The Ex likkebaardend hun mix van jazz, wereldmuziek en politiek betoog, en doen dit zonder weerga nog eens over in Kortrijk. Genieten van maatschappijkritische boodschap, door het energieke, ritmische, atonale gitaarspel, en door de woedende zang in de simpele bas/drum/gitaar/zang formatie zonder ook maar een gram passie te verliezen.  Het zal voor andere bands moeilijk worden om dit te evenaren.

En het opsommen van de superlatieven houdt maar niet op. Heerlijke oorwurm met Keiji Haino + Teun Verbruggen + Jozef Dumoulin. De Japanse legende slaat de handen samen met twee van de meest actieve en gewaardeerde Belgische muzikanten : Toetsenist Teun en drummer Jozef. Keiji Haino is een Japanse muzikant/singer-songwriter ging al aan de slag ging met de meest uiteenlopende genres. De meest conventionele daarvan is rock, maar ook noise, percussiemuziek, psychedelica, minimalisme, free jazz en drones zijn niet veilig voor de experimentele Japanner.

Thurston Moore
kwam nog eens het podium op met Stephen O’Malley en saxofonist Gustafson om nog eens serieus zware aanslagen op de gitaren te plegen, zij het zonder hakbijlen en hamers. Stadsgenoot Andreas zal het geweten hebben en mocht Moores gitaren prepareren en fixen. Voor de ene pure teringherrie, voor de andere heerlijke geïmproviseerde vechtpartijen tussen drie instrumenten. Ik ga alvast voor het tweede. Nogmaals, het regent hier climaxen. Zit er iets in het leidingwater van Kortrijk?

En dan hadden we Joe MCPhee en zijn DKV trio nog niet gezien. Deze multi-instrumentalist zou ook niet misstaan op Gent Jazz. Het DKV trio is een van de meest eigentijdse ensembles van de improvisatie. Welig tierende underground met een heerlijk streepje jazz op sax. Of nee, welig tierende sax met een heerlijk streepje underground. Joe McPhee (78) met als begeleiders: Hamid Drake op drums, Kent Kessler op contrabas en Ken Vandermark op saxofoon en klarinet. Eén woord: wereldtop.

Sonic City, het festival voor de fijnproevers met een heerlijke mix van alle genres die je maar kan bedenken. Mocht er hiervoor een Michelingids bestaan, dan kreeg SC vijf sterren…. SC is de Noma van de festivals.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/sonic-city-2017/
Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

Daniel Romano

Daniel Romano – In rock’n’roll gedaante

Geschreven door

Daniel Romano – In rock’n’roll gedaante
Daniel Romano en The Tubs
4AD
Diksmuide
2017-11-11
Ollie Nollet

Ik was nog niet helemaal bekomen van het trieste nieuws van het overlijden van Fred Cole dat die dag bekend gemaakt werd. Dan maar, na een Dead Moon t-shirt uit de kast te hebben gevist en wetende dat de herinneringen zullen blijven, gelijkgestemde zielen gaan opzoeken. En ja hoor, zowel The Tubs als Daniel Romano droegen een song op aan onze rock-‘n-roll held.

Maar eerst was er nog Steven Lambke die reeds eerder met The Constantines in de 4AD te gast was. Niet dat hij er nog veel van wist. Enkel het feit dat ze er hun busje schoonmaakten en de vuilnis ergens achter de 4AD (illegaal) over een muur kieperden. Dat komt hij dan vertellen in een club die duurzaamheid hoog in het vaandel draagt. Maar zijn eerlijkheid siert hem. Ook zijn songs waren eerlijk en simpel, gezongen met een warme, wat gebarsten stem. Toch was ik blij dat, na één nummer solo te hebben gebracht, de groep van Daniel Romano, met zowaar de baas zelf achter het drumstel, hem kwam vervoegen. Zonder die bredere muzikale aankleding waren zijn songs wellicht niet van die aard om lang te blijven boeien.

The Tubs (Gent) kwamen hun gloednieuwe plaat, ‘Happily ever jaded’, voorstellen en op basis van het optreden vermoed ik dat het een hele goeie moet zijn. Helaas kon het vinyl dat achteraf niet bevestigen omdat het persen (weer al eens) vertraging had opgelopen. Na eens goed zijn broek te hebben opgetrokken zette zanger Simon ‘Wife Life’ in, een brok rammelende countryrock die zo op een plaat van  The Rolling Stones, begin jaren ‘70, had kunnen staan. “Favorite gun”, meteen daarna, was americana van de beste soort met een heerlijke lapsteel en een Neil Young gitaarsolo als outro. En zo bleven The Tubs de parels aaneenrijgen waarbij oudere sterkhouders als “Writing on the wall” en “Every day I’m wastin’” niet werden vergeten. Slechts één keer bleef mijn goedkeurend gebrom achterwege wanneer Simon, nochtans gans het optreden verrassend goed bij stem, zich een crooner waande. Ach, de eeuwige dwarsligger die in hem schuilt mag toch ook eens van de ketting. Nadat we eerder al een flard Status Quo hadden gehoord volgde nog een echte cover en wat voor één, “You ain’t goin’ nowhere” (Bob Dylan/ The Byrds)! Met de hulp van de zanger van Mind Rays, die vanuit het publiek het podium beklom, maakten ze er een feestelijke versie van. Gans de set was eigenlijk een feest vol ongedwongen countryrock met duidelijk seventies invloeden van een groep die na lang ploeteren volwassen is geworden maar zichzelf nu ook weer niet al te serieus neemt.

Daniel Romano houdt ervan om ons op het verkeerde been te zetten. Zo heet zijn nieuwe begeleidingsband The Jazz Police maar met jazz had dit niets van doen, met rock-‘n-roll des te meer. Romano lijkt de country volledig te hebben afgezworen. Weg is de excellente pedalsteel van Aaron Goldstein terwijl ook de akoestische gitaar en de accordeon (die was er de vorige keer ook al niet meer bij) verbannen waren. In plaats daarvan kregen we zwaar door de seventies geïnspireerde rock, die voortdurend aan Dylan deed denken (en dat kwam niet enkel door die stem), gekruid met een vleugje glamrock. De groep zag er trouwens erg ‘glam’ uit met bassist Roddy Richmond, jasje boven blote bast (lang geleden dat ik dit nog zag) en broer Ian Romano, wat weggemoffeld achter een enorm drumstel maar wel met pet, zonnebril en imperméable.
En Daniel zelf lijkt wel een nieuwe David Bowie die bij iedere nieuwe plaat van look verandert. Hier liep hij erbij als een dandy met een rood hemdje dat perfect combineerde met de salopette van Kay Berkel. Visueel zat het dus snor terwijl het muzikaal erg strak gehouden werd.
Geen tijd om het publiek te pleasen, snedige rock-‘n-roll met een opvallende rol voor de Farfisa van Kay Berkel. De songs werden uit zowat al zijn platen geplukt maar het (country) meesterwerk ‘Come cry with me’, waaruit ik slechts één nummer meende te herkennen,  kwam er erg bekaaid vanaf. En hoorden we daar plots “My Generation” van The Who niet? Alsof hij ons helemaal wou duidelijk maken dat hij tegenwoordig rock-‘n-roll is. Het was niet meer de hartverscheurende Daniel Romano van een paar jaar terug maar hetgeen we in de plaats kregen vonkte meer dan genoeg om ons helemaal over de streep te trekken.


Organisatie: 4AD, Diksmuide

Royal Blood

Royal Blood – Figure it out – Een Rock’n’roll Feest

Geschreven door

Royal Blood – Figure it out – Een Rock’n’roll Feest
Royal Blood + Black Honey
Lotto Arena
Antwerpen
21017-11-11
Bart Van den Bosch

Voor een avondje vol amusement, vreugde en vooral uw goesting doen moest je op zaterdag 11 november in de Lotto Arena in Antwerpen zijn. Twee Engelse bands met ballen toonden waar rock’n’roll om draait.

Black Honey mocht het feestje op gang brengen en deed dit zeer overtuigend. Het al talrijk aanwezige publiek spaarde de krachten voor wat volgen zou, maar kon genieten van een band die met veel plezier op het podium stond. Dat zangeres Izzy Bee, die ons spontaan deed denken aan Gwen Stefani van No Doubt, zich van land vergiste namen we er graag bij. Of Black Honey binnenkort ergens als hoofdact te bewonderen zal zijn valt nog af te wachten.

Klokslag negen uur verschenen Mike Kerr en Ben Thatcher ,
Royal Blood, ten tonele en vanaf eerste nummer “Lights Out” was de toon gezet. De Lotto Arena was zo goed als volgelopen en het was ongelooflijk wat een energie deze twee jonge kerels konden overbrengen.
Ze stelden met verve hun nieuwste album ‘How Did We Get So Dark?’ voor en bewezen nog maar eens dat je ook met twee stevig kan rocken. De attitude, overtuiging en het plezier om er samen met hun fans het beste van te maken droop ervan af. De rust tussen de nummers zorgde zaterdagavond werkelijk voor magische momenten. Terwijl Kerr en Thatcher tussendoor even naar adem hapten ging het publiek steeds door met joelen en klappen, om er toch maar voor te zorgen dat het feestje niet zou stilvallen en dat deed het allerminst.
Met knallers “Figure It Out”, “Ten Tonne Skeleton” en “Out Of The Black” zorgden ze voor een adembenemend slot. Vooraan amuseerde de menigte zich met een gigantische circle pit en ook de rest van het ondertussen staande publiek genoot met volle teugen. Bedankt Royal Blood!

Het was naar eigen zeggen de eerste keer dat ze voor zoveel mensen speelden, maar het zou ons niet verbazen als de Lotto Arena binnenkort te klein wordt voor deze twee rakkers uit Brighton. Wordt vervolgd!

Ism Luminousdash.com http://www.luminousdash.com

Organisatie: Live Nation  

Jamiroquai

Jamiroquai - Let’s spend the night together, wake up and live forever

Geschreven door

Jamiroquai - Let’s spend the night together, wake up and live forever
Jamiroquai
Sportpaleis
Antwerpen
2017-11-11
Koen Caemaert

’s Middags grasduinen doorheen het Gentse muziekaanbod, om ’s avonds in Antwerpen te zitten: het kan verkeren. Een verkeersinfarct bleef uit, geen verkering,… Wat kon er verkeerd gaan?

In een nagenoeg uitverkocht Sportpaleis treffen we een mooi gemengd publiek, maar lijkt de gemiddelde leeftijd toch eerder naar de jeugd van de jaren ’90 te neigen. Niet voor niks de absolute hoogdagen van Jay Kay. Even lijkt het alsof hij zelf tussen het publiek naar een zitje zoekt, wanneer een fan met dat typische hoedje uit de beginjaren de zaal binnenwandelt. Lichte hilariteit, maar vooral showtime!

De lichten dimmen. Boven het podium worden we in een reeks nieuwsberichten op het centrale scherm bewust gemaakt van de steeds extremere robotisering, met alle risico’s die daaraan verbonden kunnen zijn, en een nucleaire ramp als mogelijk eindpunt. Op deze Wapenstilstand worden echter de messen geslepen voor het overleven van de mensheid, want na het bittere einde moet alles nog beginnen. Na alles is er
Jamiroquai! De 11 man (m/v/x) sterke ploeg betreedt het podium; Jay Kay als laatste, getooid met een post-apocalyptische egelstelling (waarmee hij ook pronkt op de hoes van ‘Automaton’, en die in volle glorie te bewonderen is in de clip van de title track).
Met het in discofunk gedrenkte “Shake It On” krijgen we meteen een song uit het nieuwe album. Om nadien met “Little L” het eerste bommetje te lossen. Publiek komt in beweging, zittenblijven is er niet bij in de tribune. De sfeer zit goed, maar de zitjes blijkbaar ook, want wanneer “Automaton” ingezet wordt, daalt er opnieuw rust over de mensen.
Ondertussen blijft het scherm trouw aan het verhaal dat in de prequel van het concert gestart is: met Kraftwerkesque beelden vol ‘nullen’ en ‘eentjes’ wordt doorheen het concert meegereisd in het concertverhaal. Boodschappen als ‘Global Infrastructure Compromised’, ‘System Error’ worden afgewisseld met een UFO van de Space Cowboy en een Charlie’s Angels silhouet tijdens “Cosmic Girl”.
Space Cowboy brengt soulvolle funk, als relatief rustpunt in de set. “Bit feeling like an old car, kickin’ it you know… It ain’t over,” passend gevolgd door het nieuwe “Cloud 9”. Vóór het op reggae gestoelde “Hey Floyd” ingezet wordt, benadrukt Jay Kay zijn bijna 30-jarige carrière: ‘I can’t even remember what fucking album it is,’ en gaat even op een monitor zitten voor een korte overpeinzing.
Veel denkwerk hoeft er echter niet verzet: “Cosmic Girl” krijgt voor het eerst de collectieve handen op elkaar. We zijn dan reeds halverwege de set, dus de opwarming zou achter de rug moeten zijn. Een tweede ritmisch publiekgeklap barst los tijdens “Runaway”. Al een drietal nummers blijven de diehard fans rechtstaan. De benen kunnen zich niet meer bedwingen. “Canned Heat” loopt vlotjes over in “Love Foolsophy”, maar daarmee wordt het eerste besluit vastgelegd. We krijgen met “Alright“ nog één bonustrack, maar dan gaan de lichten definitief weer aan.

Omvergeblazen? Persoonlijk niet helemaal. Maar wel meermaals meegesleurd in een heerlijke nostalgische trip. Vier songs uit het laatste album werden netjes in de eerste helft van de set gepositioneerd, met een bloemlezing uit het volledige arsenaal dat Jamiroquai heeft opgebouwd als grof geschut.

Het ging alles behalve verkeerd, de dopaminegolf die globaal te ontwaren viel bij het buitengaan weekte zelfs in deze donkere ziel enige gelukzaligheid los, én het mocht zelfs meer zijn (enkele favorieten, zoals “Deeper Underground” en “Virtual Insanity”, werden niet gespeeld). Met “Let’s spend the night together, wake up and live forever” in gedachten keren we gerustgesteld huiswaarts. Zolang Jamiroquai over de wereld waakt, is het einde nog niet meteen nabij.

Ism Luminousdash.com http://www.luminousdash.com

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/jamiroquai-11-11-2017/
Organisatie: Gracia Live

Sonic City 2017 – Thurston More cureert – Thurston Moore komt, ziet en overwint

Geschreven door

Sonic City 2017 – Thurston More cureert – Thurston Moore komt, ziet en overwint
Sonic City 2017
Kreun (Depart)
Kortrijk
2017-11-11
Lode Vanassche

Beste lezers, het is niet van mijn gewoonte een recensie te openen met een portie vleierij, maar laat dit nu een geval van overmacht  zijn. Het Wilde Westen stond dit weekend garant voor een zo goed als perfecte locatie en organisatie en blijft zo ons geliefde Kortrijk op de wereldkaart zetten. Twee podia, perfecte sound, een lounge ruimte, een platenhoek en heerlijke witte wijn: Meer heeft een muziekliefhebber niet nodig. En met Thurston Moore als curator ben je uiteraard zo goed als uitverkocht.

Nought,
een project van Moores gitarist James Sedwards zorgde voor de eerste vijf sterren met een overheerlijk gitaarspel dat dweept tussen verschillende genres zoals Jazz, postrock en metal. Godspeed materiaal op een achtergrond van het beter beukende percussiewerk. Ontoegankelijke toegankelijkheid.

Steve Gunn
is met zijn variërend gitaarwerk wat opener en meer acceptabel. De invloed van zijn voormalige broodheer Kurt Vile is nog duidelijk aan te voelen. Deze singer/songwriter laat ons genieten van zijn roots Philadelphia. Gunn heeft weinig akkoorden nodig om zijn kunnen met de lome blues te tonen. Pareltjes zoals  “Park Bench Smile”, “Way out Weather” en vooral “Ancient Jules” zijn hiervan het overtuigend bewijs.

Sun Kill Moon
was niet bepaald in zijn nopjes en begon, naast wat provocatie met een eerder beperkt instrumentarium (Bas, gitaar, Rhodes en drum) minimalistisch te experimenteren met verschillende klanken en dissonanten. De zwarte teksten doen wat denken aan het poëtische doemdenkerig gezwam van de jaren tachtig en probeert bij momenten wat over te vloeien in wat meer dynamiek van de kalmere Birthday Party. Er is te weinig variatie in de stem waardoor er te veel wordt gedeclameerd en de spanning wat verslapt. Dat zijn huiskat niet van Trump houdt, interesseert niet. Niet voor 100 % pakkend.

Dan maar liever Pharmakon met haar noise, loops en pedalen. Zij schuwt de gezonde provocatie niet en wil ook niet het publiek schofferen , maar eerder meenemen in haar gewelddadige bash of confrontatie tussen geest en lichaam. Ritmes (nou ja) worden opgedreven terwijl ze in haar eentje als een vuurspuwende draak allerlei knopjes bedient. De mokers gaan dwars door je heen. Iedere vierkante centimeter van het podium is van haar, en ook het publiek. Omvergeblazen worden door een op het eerste zicht frêle dame, altijd leuk. Onverstaanbare kreten en een wall of sound: de ideale soundtrack voor moderne en plastische kunsten.

Liars
begon met een ‘leugen’ wanneer de prettig gestoorde zanger Angus Andrew als een heuse in een verlept roze trouwjurk gehesen dramaqueen aan zijn proeverij van de betere Siouxie of Bauhaus met de aangepaste hedendaagse elektronica. Zelfs PJ Harvey ziet er beter uit.  Does it bother you? Ok dan, een punksausje is ook welkom. Ook de oordoppen. ‘A Mess on a Mission’: beter kan je niet verzinnen. Je zou voorminder een scheermes inslikken.

Op naar de absolute climax met een performance van een duidelijk ontspannen curator Thurston Moore. Zou hij zijn zorgvuldig uitgekozen bands kunnen overtreffen? Heeft hij het zich moeilijk gemaakt door zo’n kwaliteit te selecteren en programmeren?  Nee dus. Met opener  “We are The Blue Wave Radicals and this is called ‘Cease Fire’” (een van zijn quotes) wordt zo waar door onze man  uit het land van Velvet Underground een van de betere concerten aangekondigd die we mochten aanschouwen. James en Thurston gaan met hun gitaarwerken in debat met elkaar. “Turn on” krijgt een heerlijk noise sausje en andere nummers laat hij heerlijk uit elkaar vallen. En dan moeten we nog hebben over de keiharde percussie van bassiste Deb Googe en slagwerker Steve Shelley. Dit duo laat de twee gitaristen hun ijver toe. Hoogtepunten legio:  “Ono Soul” en “Smoke of Dreams” , om er maar twee op te noemen.  En ja , er was al veel kwaliteit, maar onze Sonic Youther en zijn kompanen zijn er met verve in geslaagd de rest naar huis te spelen.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/sonic-city-2017/
Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

The Horrors

The Horrors - Vergane glorie

Geschreven door

The Horrors - Vergane glorie?
The Horrors
Depot
Leuven
2017-11-10
Kimberley Haesendonck

Wat vroeger behoorde tot een van de hippe Britse bands, is nu een band geworden met maar weinig overtuigingskracht. The Horrors hadden eerst en vooral moeite om Het Depot iets of wat gevuld te krijgen. Ook het publiek afgelopen vrijdagavond overtuigen, verliep zeer moeizaam.

The Horrors brachten eerder dit jaar hun album ‘V’ uit. Het album daarvoor dateerde al van 2014, maar geen haan dat daar echt om kraaide. Terwijl ‘Still Life’ nog potten brak, doofde het licht nadien stilaan uit voor The Horrors.
Beginnen deed de band met “Hologram” en “Machine”, 2 nummers uit hun laatste plaat. Wat er niet kan gezegd worden is dat The Horrors geen charisma hebben, want Faris Badwan uitte zich perfect als frontman. De lichte punk-attitude die hij aannam, ging hem best goed af.
Tijdens het middelste deel van hun set gingen ze over naar wat ouder werk, met o.m. “Mirror’s Image” en “Sea within A Sea”, nummers waar het publiek enthousiast van kan worden, maar iedereen stond nog steeds een beetje verstijfd. Niet omdat het niet boeide. Wel omdat het publiek het gewoon allemaal niet zo goed begreep. “Endless Blue” en “Still Life” werden dan enthousiaster onthaald, maar compenseerde niet aan het matige optreden van The Horrors vrijdagavond in Het Depot brachten.

Al bij al was het optreden van The Horrors niet slecht. Het enthousiasme langs beide kanten ontbrak gewoon een beetje, waardoor het een moeilijke doortocht werd. Leuven was duidelijk nog niet klaar voor de comeback van deze Britten. De band volledig afschrijven is misschien wat overdreven, maar ze zullen toch hun best mogen doen om terug op het vroeger niveau te geraken ...

Organisatie: Depot, Leuven

Kasabian

Kasabian - Vorsten voor één dag

Geschreven door

Kasabian - Vorsten voor één dag
Kasabian
Vorst Nationaal
Brussel
2017-11-10
  Jasper Vanassche

Vrijdagavond, iets na negen, Avenue Victor Rousseau 208. Een irritante Game Boy intro-tune galmt door de zaal. Het roept herinneringen op aan mijn tienerjaren, de jaren waarin ik, net als vele generatiegenoten, verknocht was aan het voetbalspel Fifa04. Fifa04 was immers veel meer dan een spel, dankzij de legendarische soundtrack was het ook een eerste kennismaking met bands als Kings of Leon, Caesars, en Kasabian.

Uitkijken dus naar ‘Lost Souls Forever’, en bij uitbreiding naar al hun hits van de jaren ’00. Voor bands die meer dan tien jaar aan de slag zijn, is het altijd een delicate evenwichtsoefening om de fans te laten kennismaken met nieuw materiaal, en tegelijk genoeg klassiekers de revue te laten passeren.
Kasabian toonde in Vorst dat ze die balans perfect onder de knie hebben. Opener “Ill Ray”, tevens het openingsnummer van hun nieuwe worp, zette meteen de toon. In strakke witte pakjes gehuld, His Royal Coolness Tom Meighan met stoere zonnebril voorop, schreeuwden ze dat ze “King for a Day” wilden zijn. Dat waren ze, de vorsten van Vorst lieten vanaf de eerste noten de grond daveren, hun springende onderdanen lieten zich gewillig meevoeren op een helse rollercoasterrit.
Op adem komen was geen optie, het trio “Underdog” – “Shoot the Runner” – “Days are Forgotten” gaf het publiek een eerste portie meezingers, “You’re In Love With a Psycho” en “Wasted” waren aangename kennismakingen met het nieuwe album ‘For Crying Out Loud’. Na een tweede reeks gouwe ouwen met onder andere “Club Foot” en “Re-Wired”, kreeg co-frontman Sergio Pizzorno zijn moment om de onderdanen te laten smullen. Zijn 7-minuten durende versie van “Treat” was een ware traktatie, en bij de eerste tonen van de daaropvolgende track “Empire” ging het dak er voor het eerst helemaal af.
De set-list werd afgesloten met “L.S.F.”, waarvan we tegen dan allang vergeten waren dat we erop zaten te wachten. De boel ontplofte, het publiek joelde en schreeuwde, en Kasabian had er duidelijk nog zin in. Hun comeback bestond uit drie opzwepende nummers, waarin de heren zich nogmaals meesters toonden in het vinden van die perfecte balans. Via het recente “Comeback Kid” over “Vlad the Impaler” kwamen ze bij het slotakkoord: hun magnum opus “Fire”. Terwijl iedereen aan het bekomen was, gingen de vorsten nog snel even op de foto met fans met een Russische vlag, en weg waren ze.

Hun onderdanen bleven nog even nagenieten, nog niet goed beseffend dat ze net getuige waren een vrij legendarisch optreden. De koningen uit Leicester kwamen naar Brussel, ze speelden Vorst plat, en ze overwonnen ook de laatste criticasters, alleen zoals echte majesteiten dit betaamt.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/kasabian-10-11-2017-5/
Organisatie: Live Nation

 

The Mission

The Mission – Bij momenten een feestje

Geschreven door

The Mission – Bij momenten een feestje
The Mission
De Casino
Sint-Niklaas
2017-11-10
Wim Guillemyn

Op de vooravond van wapenstilstand was het aanbod van goede optredens groot. In Leuven kwamen The Horrors, in Kortrijk The Soft Moon en in Vorst Kasabian om maar enkele te noemen. We kozen voor The Mission in de Casino. Deels uit jeugdig sentiment natuurlijk en omdat het een aantrekkelijke gothrockband blijft. Het was trouwens de derde maal dit jaar dat ze ons land aandeden.

Het voorprogramma werd voorzien voor Department S ( remember de geweldige song “Is Vic There?”). Ze kregen een uur om het publiek te overtuigen. Iets waar ze niet in slaagden. We kregen een tam optreden waar niet veel punkrock/wave in te bespeuren viel.

Om klokslag 22u kwam The Mission op in een overvolle Casino. Er werd vurig van start gegaan met de magistrale opener “Tower of Strength”, “Beyond The Pale” en “And The Dance Goes On”. De zaal reageerde enthousiast. Er werd duchtig gedanst. Verder moet je weten dat bij een optreden van The Mission er steeds enkele rituelen terugkomen bij de aanhang. Het staan of zitten op schouders en het in de lucht zwaaien van de armen alsof Wayne Hussey één of andere goeroe is. Een soort aanbiddingsritueel voornamelijk uitgevoerd door de meegereisde harde kern uit Engeland.
Ook enkele songs uit hun laatste album ‘Another Fall From Grace’ zaten in de set (o.a. “Metamorphosis” dat live gensters sloeg en “Another Fall From Grace” dat de vaart wat uit het optreden haalde).
Het eerste half uur was uitmuntend en wervelend, het half uur erna vond ik wat wisselvallig en zakte het optreden wat ineen. De interim-drummer speelde bij momenten ook wat te snel. De fles wijn die Hussey traditiegetrouw soldaat maakt was toen al zo goed als leeg.
Na een uur werd het optreden afgesloten met een lang uitgesponnen “Wasteland”. Het microstatief van Wayne werd door een fan per abuis omvergestoten waardoor hij de micro vol tegen zijn gebit kreeg. Daar moest hij even van bekomen. Na het afsluiten van “Wasteland” maakte Wayne zich ook nog druk tegen een toeschouwer maar een roadie leidde hem snel de coulissen in.
Het werd telkens lang wachten op de terugkomst van de band voor de bisrondes. Intussen was er al wat meer plaats rondom mij. De eerste bisronde bestond uit “Evangeline”, “The Grip of Disease” en “Swan Song”. De tweede ronde begon met de woorden “It’s My Fucking Show” tegen een roepende fan waarna hij de Presley cover “Can’t Help Falling In Love” inzette. Mooi. Daarna een op gejuich onthaalde versie van “Marian”. Inderdaad een song van The Sisters of Mercy, maar wel geschreven door Wayne indertijd. Dus zeker gerechtmatigd om te brengen. Afsluiter was “Deliverance”.

The Mission speelde een optreden met twee gezichten. Bij momenten was het wervelend maar soms viel het wat stil. Ik kon mij niet van de indruk ontdoen dat Hussey niet helemaal in zijn hum was. Wat onthouden we? De versie van “Marian” en het wervelend begin. En het idee dat Andrew Eldritch op live vlak nog veel kan leren van zijn ex-bandlid.

Pics homepag – dank aan Luminousdash.com http://www.luminousdash.com

Organisatie: De Casino, Sint-Niklaas

Sonic City 2017 – Thurston More cureert – Sonic City triggert met enkele stomende concerten

Geschreven door

Sonic City 2017 – Thurston More cureert – Sonic City triggert met enkele stomende concerten
Sonic City 2017
Kreun
Kortrijk
2017-11-10
Sam De Rijcke

Sonic City begon een beetje met een valse noot. Eerst had Love Theme moeten afzeggen, wat toch jammer was, want wij waren wel benieuwd naar het nieuwe projectje van Alex Zhang Hungtai. Onder zijn pseudoniem Dirty Beaches zagen wij hem immers eerder in de De Kreun al straffe dingen doen.

Dan was het maar aan de beurt van Brian Case om het festival te openen, en dat was op zijn zachtst gezegd geen onverdeeld succes. Jawel, wij houden enorm van de krautrock van Case zijn groep Disappears, maar hetgeen hij hier kwam voorstellen was ondermaats. De experimentele klanken die hij uit zijn electrobak haalde hadden maar weinig of niks om het lijf. Nu weten we ook wel dat Sonic City, dit jaar met Thurston Moore als curator, van nature uit niet voor de hand liggende muziek programmeert, dat is trouwens hun handelsmerk. Maar het mocht toch iets meer zijn. Als elektronische muziek voldoende spanning en dreiging in zich heeft dan kunnen wij dikwijls meegaan met de flow van het experiment, maar bij Brian Case was daar niets van aan, de mot zat er in. Op dat vroege uur was de zaal was al halfleeg bij de aanvang van zijn set, maar ze was nog meer verlaten toen hij eindelijk de stekker er uit trok. Dat zegt genoeg.

De valse start was snel vergeten, en dat dankzij Metz. Met de nieuwe plaat ‘Strange Peace’ op zak, die zowaar nog ziedender is dan diens twee voorgangers, mochten we ons wel aan een snedig concertje verwachten. Zo geschiedde, de Canadezen raasden genadeloos door hun set van vlijmscherpe punk en noise. Loeiend hard, pokkenluid en waarlijk fantastisch. Dit had de brute kracht van het jonge Nirvana en de wilde gedrevenheid van Cloud Nothings. Hoogtepunt was “Raw Materials”, een songtitel die alles zegt over de sound van Metz. Energetische noise-punk onder hoogspanning. Geweldig.

Tijd om te zweven op de hallucinogene klanken van het fantastische Moon Duo (vanavond eigenlijk Moon Trio). Onder een psychedelische beeld- en lichtshow wist Moon Duo ons een uur lang te hypnotiseren met hun verslavende sound die bepaald werd door de zwevende gitaarsolo’s van Erik ‘Ripley’ Johnson en de begeesterende krautrock-keyboards van Sanae Yamada. Moon Duo had met hun repetitieve en meeslepende muziek de zaal in een stevige greep en voerde het publiek mee in een flow van intrigerende psychedelische beats. Geestverruimende tracks als “Cold Fear” en “White Rose” brachten de Kreun in een hogere atmosfeer. Heerlijk was het om samen met Moon Duo hiermee door de ruimte te zweven. Als laatste track kregen we een verrassend “No Fun” van The Stooges, een versie waar wij als doorwinterde Stooges-fan wel konden mee leven. Sterker nog, we waren er helemaal weg van. Moon Duo, een geweldig trio.

We zaten nu al een tijdje te wachten op nieuw werk van The Soft Moon, maar een nieuw album hadden ze nog altijd niet meegebracht, wel een koppel verse songs die veelbelovend klonken, zo flitste nieuwe single “Burn” zeer energiek voorbij. De typische sound klonk ondertussen bekend in de oren. Eighties duisternis met dwangbuisgitaren, flink wat echo’s, diepe bassen en stomende industrial synths.
The Cure op stap met Joy Division, Bauhaus, Nine Inch Nails, DIIV en A Place To Bury Strangers.
Wij hadden de indruk dat Luis Vasquez wel een en ander op voorhand op tape had gezet, maar het maakte de set er niet minder opwindend op. Van achter het rookgordijn en de vaak felle stroboscoop lichten kwam The Soft Moon indringend en vaak agressief uit de hoek. Vooral de gitaararme songs botsten fel tegen de muren, alsof Nine Inch Nails en Skinny Puppy samen het hellevuur in gingen.    

The Soft Moon was dan ook een gedegen afsluiter van een eerste dagje Sonic City die misschien een beetje in mineur was gestart, maar uiteindelijk met drie stomende concertjes uitgroeide tot een memorabele avond.

Neem gerust een kijkje naar de pics
http://musiczine.lavenir.net/nl/fotos/sonic-city-2017/
Organisatie: Wilde Westen, Kortrijk

The National

The National – Een ‘des duivels oorkussen’

The National – Een ‘des duivels oorkussen’
The National
Vorst Nationaal
Brussel
2017-11-09
Didier Becu en Johan Meurisse

Laat ons eventjes stout zijn, braaf is sowieso niet leuk, maar wat hebben wij goed in ons vuistje gelachen toen
The National zijn twee geplande optredens in de Bozar annuleerde omdat zij liever een concert gaven voor de gewezen president van Amerika. Niet alleen hadden hiermee alle fans een kans om een kaartje te kopen, maar ook omdat we vinden dat rock’n’roll en pluchen zetels tegenstrijdigheden zijn waarmee je niets kan aanvangen. En geloof ons, The National is rock’n’roll, ook al kunnen zij het niet laten om bij iedere song ons een trap in de ziel te verkopen.

Matt Berninger wist ook wel dat hij door Obama boven zijn Belgische fans te verkiezen dat hij heel wat goed te maken had. De hints waren reeds op Twitter aanwezig, en ook was het ’s middags al op Radio 1 te horen, maar de band uit Ohio zou in Brussel iets doen wat ze nog nooit eerder gedaan hadden: integraal hun vierde album ‘Boxer’ brengen. Iets zegt ons dat dit op het einde van hun tour dat duidelijk op de gezichten te lezen was, veel zweet moet hebben gekost.
Een ‘specialeken’ zoals ze zeggen, eentje die een wel zeer aparte plek in de geschiedenis van The National zal innemen. God weet waaraan ons Belgenland dit aan te danken heeft, maar eigenlijk iets wat niet nodig was. ‘Sleep Well Beast’ is immers het beste album dat The National tot dusver uitbracht, een band die met iedere release alsmaar beter wordt. Een band met een gekend geluid maar zich niet afkeert van evolutie.
De gigantische schermen waarop je een blik backstage kreeg verrieden dat The National anno 2017 een stadionband is geworden, wel eentje waar de belastingontduikers van U2 al 25 jaar lang een puntje kunnen aan zuigen, dat wel…
De eerder intieme ‘Boxer’ werd van de eerste tot de laatste noot gespeeld, maar The National doet meer dan plaatjes naspelen. Het is rauwer, nijdiger en Matt Berninger die na iedere song een flinke scheut van zijn wijnfles naar binnen goot leek met de seconde zatter te worden, maar met stijl.
Waar het voorprogramma
Buke And Gase (trouwens compleet overbodig) geen seconde in slaagde, lukte The National met de ogen toe: de bunker die Vorst Nationaal al bij al is muisstil krijgen. Hoe mooi de uitvoering ook was (“Mistaken For Strangers”, “Apartment Story” en “Start A War” als hoogtepunten), kwam de explosie letterlijk en  figuurlijk in het tweede deel.
“The System Only Dreams in Total Darkness” zorgde letterlijk voor de vlam in de pijp. Was het de drank of het besef dat de tour erop zat, maar Berninger schreeuwde op dit nummer de longen uit zijn lijf. Nijdig, en een vonk die meteen ook de duistere kant van de Amerikaan liet zien.
Van het gemompel tussen de nummers door kon je weinig verstaan, feit is dat hij verzot is op Michelle Obama (hij kreeg een knuffel van haar, en wij niet) en de haat tegenover degene die nu achter het bureau in het Witte Huis zit. De wereld is inderdaad naar de vaantjes, maar zo lang het als de Titanic met een orkest als The National ten onder gaat, hoor je ons niet klagen.
“Walk It Back” leek wel het geleuter van een dronkelap, maar wel eentje die je hart doorboort. ‘I only take up a little of the collapsing space. I better cut this off, don’t wanna fuck it up’… Geniaal…
Nadien volgden nog pareltjes als “Bloodbuzz Ohio” en “I Need My Girl”. Ja, we kunnen nog twintig songs bedenken die we wilden horen, maar eens het gedaan is het gedaan…en  eindigen deden ze imposant met “Day I Die” (tekst van het jaar). Ondertussen liep Berninger via een trap als een bezetene door het publiek op het einde van z’n tocht smakte hij een lege fles wijn op de grond. Neen, deze jongen heeft een probleem, maar de muziek die in zijn warhoofd is ontstaan behoort tot het mooiste (en aangrijpendste) van wat er de laatste vijftien jaar is neergepend.

We hadden nog recht op vier chansons. “Carin at the Liquor Store” werd wat slordig gespeeld, en blijkbaar moet Matt Berninger dat begrepen hebben, want bij “Mr. November” veranderde de chansonnier opnieuw in een duivel die tot in de tribunes kroop , ging naar een toog aan de zijkant , nam een pint mee en liep zo terug het podium op (en tja voor de mierenneukers, we weten ook wel dat hij dat altijd doet, maar het werkt wel steeds!). “Terrible Love” zou het laatste nummer zijn waarop we de stem van Matt Berninger hoorden, want het laatste nummer “Vanderlyle Crybaby Geeks” werd integraal meegezongen door het publiek. Het enige wat Berninger moest doen was dirigeren, en van zijn wijn nippen, drinken …
The National en zeerzeker frontman Berninger slagen er nog steeds in het publiek te animeren, charmeren en te enthousiasmeren ; was het eerste deel binnen de lijntjes, de hommage aan de tien jaar geleden plaat ‘Boxer’ zal daar wel voor iets hebben tussengezeten, dan durfde het tweede deel wel lekker driftig , gek, uit de bocht, ontspoord te zijn. The National , ‘een des duivels oorkussen’ …  

Ism Luminousdash.com http://www.luminousdash.com

Organisatie: Live Nation

Perfume Genius

Perfume Genius - Sensueel Sensationeel

Geschreven door

Perfume Genius - Sensueel Sensationeel
Perfume Genius
Trix
Antwerpen
2017-11-09
Emma Vierbergen

Mike Hadreas, aka Perfume Genius, is geen onbekende meer voor ons land. Nadat hij afgelopen zomer in de AB Club zijn nieuwste album mocht voorstellen, keert hij nu al terug naar België. De grote zaal van Trix was misschien een maatje te groot voor Perfume Genius, toch speelde hij alsof die volgepakt stond met uitzinnige fans. De mix van intieme en bombastische nummers zat juist en ondanks een fout tempo hier en daar, bracht Hadreas een geniale show.

Toen we een beetje te laat binnenkwamen, was de zaal nog niet half gevuld en het voorprogramma al tien minuten bezig. Midnight Sister breidde net een einde aan een experimenteel theatraal nummer. Ideale opener voor Perfume Genius dus. Het afgekapte paspophoofd en de circuskostuums gaven het geheel een vreemd kantje. De muziek klonk als de ideale soundtrack van een diner ergens in een verlaten Amerikaanse mid-west taverne. De viool die in het midden van de set een solo mocht neerzetten had beter gestemd moeten zijn. Maar de danspasjes en Macarena-uitspatting op het einde waren een mooie opwarmer.

Perfume Genius trad deze zomer al op in een uitverkochte AB Club en kon nog wat jeugd voor zich winnen met een uitstekende set op Pukkelpop. Toch besloten niet veel van die nieuwe fans op te dagen in de grote zaal van Trix. Achteraan hadden we plaats genoeg om even uitbundig te dansen als de man op het podium. Mike Hadreas, de Amerikaanse Griek, trok zich daar niets van aan en speelde een optreden alsof hij in een uitverkochte Lotto Arena stond. Zijn nieuwste album ‘No Shape’, dat in mei dit jaar verscheen, vormde de leidraad van de avond, hoewel Hadreas ook graag een uitstapje deed naar zijn oude, integere zelf.

De show was opgebouwd uit drie grote delen waarvan het eerste de meest toegankelijke kant van Perfume Genius toonde. Hadreas’ echte popnummers zoals “Other Side”, “Longpig”, “Fool” en “Wreath” werden vlotjes aan elkaar geregen. Maar ondanks de krachtige performance, is het al van bij het begin duidelijk dat het publiek niet snel uit zijn schulp zal kruipen. Terwijl Hadreas tijdens een ooh-ooh-momentje gebaart om mee te zingen, horen we de stemmen van de eerste tien rijen niet luid genoeg. Later op de avond geeft Perfume Genius toe dat het publiek stiller is dan anders. Maar dat hij dat niet erg vindt, integendeel.
Bij “Valley” is het applaus plots heel groot. De massa is duidelijk te vinden voor de rustigere songs. Dat is ook te merken bij “Normal Song” dat volgt. De single waarmee zijn carrière doorbrak speelt Hadreas op gitaar. Alan, zijn grote liefde, staat achter de keyboard. De man is duidelijk zijn veilige thuishaven op het podium. De drummer en bassist hoeven niet te rekenen op steelse blikken of een bodyroll voor hun neus. Een laatste rustig nummer in de set, “Dark Parts”, krijgt extra vorm live door een simpele tamboerijn en wat extra gitaargeluiden. De stem van Hadreas is uitzonderlijk en kan van extreem hoog naar extreem laag gaan.

In het midden van de set gaat het gouden kostuumvestje uit en kronkelt Perfume Genius over het podium in een aanspannend onderlijfje. De cover “Body’s in Trouble” van Mary Margaret O’Hara start een intermezzo van experimenteler werk dat vooral uit zijn vorige plaat komt. Tijdens “Grid” zoekt hij alle hoeken van het podium op. En net als tijdens “My Body” en “Run Me Through” is hij niet vies van af en toe te krijsen in de microfoon. Wanneer de batterijen van zijn zendertje worden vervangen, kan hij op adem komen. ‘Normaal ga ik gewoon door, maar zo’n break is best wel aangenaam.’ Hij neemt plaats op een stoel vooraan om al zittend “Die 4 You” te brengen, een sensueel nummer waarbij Hadreas zich graag verwikkelt in de microfoonkabel.
De eerste afsluiter van de avond is de knaller “Slip Away” maar net als bij enkele nummers voordien, merken we dat de drums een fractie van een seconde te laat komen. Net na “Just Like Love” gaf Hadreas al mompelend ook al toe dat het tempo op het einde niet juist zat. Misschien ligt het aan het feit dat de drummer ervoor koos een koptelefoon te dragen? Een vertraging op het geluid? De eerste bisronde is er een zonder al teveel drums, met Hadreas achter zijn piano. Na twee korte nummers krijgt Perfume Genius bezoek van Alan, de man krijgt ook een applaus van zijn wederhelft en de twee spelen quatre mains “Learning”. Daarna neemt Alan plaats achter zijn vaste post voor “Mr. Peterson” en komt de rest van de band erbij voor “Hood”.

Bij het laatste bisnummer “Queen” gaat de zaal voor het eerst volledig los en geeft Perfume Genius het laatste beetje energie uit zijn dunne lijfje. Het applaus nadien is oorverdovend en blijft enorm lang aanhouden.
Hadreas kan dan ook niet anders dan nog een keer terugkomen voor een ongeplande tweede bisronde. ‘Ok, ik speel dan maar een cover.’ Het wordt er een van de Neil Young. “Helpless” klinkt even intiem als de songs uit zijn eigen eerste plaat. Over een dankbaar, rustiger, applaus drukt hij ons op het hart: ‘Ik zie jullie de volgende keer.’ en vertrekt ditmaal voor goed. Hopelijk tikt hij de drummer op z’n vingers tegen dan en neemt hij evenveel charme en showgehalte mee.

Setlist: Choir - Other Side – Longpig – Fool – Wreath - Just Like Love - Go ahead – Valley - Normal Song - Dark parts - Every Night - Body’s in Trouble (cover) – Grid - My body - Run me through - Die 4 you - Slip away
Bis: Alan – Holocaust – Learning - Mr Peterson – Hood – Queen
Bis 2: Helpless (cover)

Met dank aan Dansende Beren http://www.dansendeberen.be

Organisatie : Live Nation (ism Trix, Antwerpen)

Der Klinke

Der Klinke – Een gesprek met Chesko

Geschreven door

De Oostendse band Der Klinke heeft een nieuw album “The Unexpected” uit. Hun vierde reeds sedert ze het levenslicht in 2009 zagen. Ook een nieuw label: Wool E-Discs. Tijd om eens Geert Vandekerkhof alias Chesko aan de tand te voelen.

1.      Er zat drie jaar tussen “The Gathering of Hopes” en “The Unexpected”. Wat zijn de voornaamste dingen rond de band die gebeurt zijn in die drie jaar?

Och, teveel om op te noemen… Ik heb een nieuw lief wat wel het meest positieve is aan die periode, jammer genoeg werd de soulmate vriendschap die ik koesterde met mijn ex compleet verwoest. Sam zijn dochter heeft moeten vechten tegen kanker, een gevecht die ze ongelofelijk moedig ook gewonnen heeft. Marco is getrouwd geraakt hahaha… Sarah afgestudeerd, een goeie job gevonden enz… Echt, er is onvoorstelbaar veel gebeurd in elk van onze levens gedurende die drie jaar.. En dan zou ik nog de reunie vergeten van Red Zebra waar Sam en Hazy bij spelen, en mijn terugkeer ook naar de Bollock Brothers.

 

2.      Hoe zijn jullie te werk gegaan voor dit album? Anders dan voorheen? Wiens inbreng? Met een bepaald doel voor ogen?
Nee, we gaan telkens op dezelfde manier te werk, ik maak een nummer in grote lijnen, structuur, synths, tekst, en vocals.. daarna pas krijgen de anderen het nummer te horen en zo komt de bas en gitaar er dan bij, Hazy verbetert de drumstructuren en klanken, en soms kan zo’n nummer dan volledig groeien binnen de groep. Een mooi voorbeeld is “My Frozen Heart”…  een nummer dat telkens op repetities een andere vorm kreeg. Hoe de nummers uiteindelijk zullen klinken weten we niet, het is echt spontane ingeving, altijd.. en daardoor ook altijd heel gevarieerd, iets waar ik wel van hou.. heb niet graag albums waarbij alle nummers hetzelfde klinken. Uiteindelijk wordt er dan op het einde geselecteerd, en ook hier hebben we dan vier nummers er uit gelaten die we dan wel afzonderlijk op cassette hebben uitgebracht.

 

3.      Jullie zijn ook veranderd van label. Na een aantal albums met Echozone zijn jullie nu in zee gegaan met Wool E-Discs. Vanwaar die verandering?

Ja inderdaad, was deze verandering nog vergeten te vermelden daarjuist… ja, Echozone wou nog steeds met ons samenwerken maar Dimitri van Wool-E zat meer op onze golflengte, iemand die zoals ik ook echt leeft vanuit de passie voor deze muziek en ons dan ook wel goed weet aan te vullen, adviseren en steunen. Meer twee handen op één buik.

 

4.      Persoonlijk vind ik “The Unexpected” op muzikaal vlak iets donkerder en iets meer neigen naar gothic, darkwave. Akkoord hiermee? Welke voornaamste veranderingen vinden jullie aan het nieuwe album ivg met het vorige?

Absoluut… “The Gathering of Hopes” was echt ook een heel sterk album, de wereld zal dat binnen hier en 10 jaar wel kunnen beamen.. maar deze ligt meer in het verlengde van “The Second Sun” ja, kijk, wij doen gewoon onze zin, en weten niet van tevoren hoe een nummer uiteindelijk zal klinken, we doen gewoon ons ding maar we zijn wie we zijn en met alles wat er bij ons gebeurt is is dit het resultaat geworden.

Ik ben zelf ook gegroeid, als mens, muzikant, en als producer.

Der Klinke is ons kind dat ook opgroeit, van speelsheid,verkenning naar volwassen worden, zoals wij zelf leeft dit kind ook in onzekerheid maar leert het deze onzekerheid te omhelzen, trots te zijn op het feit dat het uniek is.

Dat is ook hoe ik ben, hoe wij zijn, hoe Der Klinke is.

 

5.      Zijn er songs die jullie wat kunnen toelichten of die een speciale uitleg verdienen?
Welja, kijk, ik heb graag dat de luisteraar zelf de nummers op zijn of haar manier interpreteert en invulling kan geven dus ik zal niet vertellen wat ze voor mij betekenen maar er staan inderdaad nogal wat songs op die je allicht niet instant van de eerste luisterbeurt zal goed vinden, wat ok is, want hoe meer je ze hoort, hoe beter je ze zal vinden omdat je er ook telkens nieuwe dingen in ontdekt. Mooiste voorbeelden hiervan zijn dus “Mr.Pumpkin” en “Tonight”. “Mr. Pumpkin “ hadden we al opgenomen tijdens de opnames voor ‘The Gathering’ maar pastte toen niet op dat album. Nu is de tijd er rijp voor.. en dan “Tonight”... luister eens naar de tekst, dompel je onder in de sfeer van dat nummer..  Lees de teksten en je komt binnen in mijn wereld.

 

6.      Een aantal bandleden zitten nog in verschillende andere bands. Is dat een beetje gemakkelijk te combineren? 
Tja, dat is professioneel met muziek bezig zijn natuurlijk. De agenda is hierdoor wel heel snel vol, dus we moeten organisators echt aanmanen ons zo vroeg mogelijk trachten vast te leggen, first come, first serve, is de gouden regel.

 

7.      Oostende is blijkbaar een kweekvijver voor muzikaal talent. Recent kwam Jon Wolf met Your Life on Hold op de proppen. Maar we kunnen vele bands in verschillende genres opsommen. Een verklaring hiervoor?

Die Oostendse lucht hé… hahaha… nee, inderdaad, het grappige is dan nog dat we bijna allemaal in dezelfde buurt wonen. Jan Dewulf aka John Wolf is mijn achterbuur, en we brengen geregeld avonden bij mekaar door ook. Er leeft veel in Oostende, ongelofelijk veel talent en creativiteit, idd in de meest uiteenlopende genres ook, iets wat sowieso heel positief is, ook veel beeldende kunstenaars, fotografen, ja, Oostende heeft een heel eigen vibe en dynamiek en het lukt me ook gewoon niet om op een andere plaats muziek te maken.

 

8.      Zijn er al data bekend waar we jullie met de nieuwe songs aan het werk kunnen zien?

We zijn opener op het Soulfields festival te Kortrijk op 25 November en daarna zullen we ons wat terugtrekken.. Werken aan een nieuw album dat volgend jaar al het levenslicht zou moeten kunnen zien. Wie ons volgend jaar live wil zien zal naar Duitsland moeten komen vrees ik, onderhandelingen voor enkele mooie festivals zijn alvast op dit moment bijna rond.

 

9.      Het artwork is nu ook terug verzorgd en sterk. Hoe zijn jullie hiertoe gekomen of hebben jullie iemand van buitenaf hiervoor aangesproken?

Nee, kijk, ik ben naast muzikant en muziekliefhebber ook kunstliefhebber en koop heel regelmatig boeken over kunstenaars, fotografen, enz.. De foto van de hoes vond ik in een dik boek over ‘Erotiek in de fotografie’ en dankzij de moderne media kon ik in contact komen met de fotograaf in kwestie,Janez Vlachy uit Ljubljana met wie ik nu nog steeds heel frequent mailcontact heb.

 

                               

10.  Welke nummers gaan het live goed doen en zullen blijvertjes zijn denk je?

We hebben een heel dankbare en loyale fanbase die op vrijwel alle optredens aanwezig zijn, onze nummers ook door en door kennen dus voor hen zijn elk nummer dan ook een feest. We bestaan nu juist 8 jaar, en met 4 albums heb je al een ruime keuze om uit te kiezen van nummers hé

11.  Als je kon solliciteren voor een festival of plaats om op te treden, welke zou dat dan zijn?

Och, ik kan sowieso ‘solliciteren’ en doe dat ook… dus we zien wel wat er uit de bus valt.. 

Wobbler

From Silence to Nowhere

Geschreven door


Prog-rock, tot halverwege de jaren zeventig een populair genre dat het muzikale landschap voor een groot stuk bepaalde,… tot de punks het een ferme stamp onder de kont kwamen geven.
Vanaf de woeste en agressieve oplawaaien van de wild om zich heen schoppende Sex Pistols, Clash, Ramones en consoorten was luisteren naar prog-rock not done. Saai, vermoeiend, langdradig en veel te ingewikkeld, heette het. Weg met die bullshit! Wie zich na ’77 nog met prog-rock durfde inlaten was totaal onhip, oninteressant en ronduit vervelend. De punks hadden hun slag thuis gehaald.
Tot op heden is prog-rock eigenlijk nooit van die klap bekomen en is het verstoten tot een niche-genre voor muziekpuristen, bejaarde hippies en Duitsers die zijn blijven steken in hun wijde broekspijpen (en geloof me vrij, daar zijn er veel van, want als er één land is waar overjarige prog-rock bands nog voor volle zalen spelen, dan is het Duitsland wel).
Toch zien wij een voorzichtige kentering en begint prog-rock heel voorzichtig terug binnen de dringen in de wat hippere milieus. Een band als Motorpsycho bijvoorbeeld jongleert al jaren met een sound die prog-rock verweeft met indie-rock en noise.
Een lichting nieuwe psychedelische bands als Wolf People en Dungen hebben duidelijk ook nogal wat prog-rock kaas gegeten en zelfs het immer coole Radiohead laat zich wel eens verleiden tot regelrechte prog-rock structuren in hun songs.
Ook de concertorganisatoren zijn er niet langer vies van, de Brusselse toonaangevende AB ontvangt binnenkort prog-boegbeeld Steven Wilson en heeft nog niet zo lang geleden de ouwe rotten van Yes nog eens op het podium gerold. Alles komt terug.

Ook als u geen Duitser bent mag u dus dezer dagen terug naar prog-rock luisteren zonder dat u zich met het schaamrood op de wangen onder uw bed moet gaan verbergen. Zelfs de punks gaan niet meer op uw smoel komen slaan, die zijn daar ondertussen te oud voor geworden.
Zo is de tijd rijp voor een band als Wobbler, die net als Motorpsycho uit Noorwegen komt. In vergelijking tot hun landgenoten drijven ze hun prog-rock niet in de richting van noise of alternatieve rock, maar voeren ze die eerder terug naar Yes, vroege Genesis (Gabriel periode), King Crimson en Jethro Tull. De plaat duurt een dikke drie kwartier, en als wij vertellen dat hier maar vier tracks op staan, dan weet u het wel. De titelsong alleen al klokt af boven de twintig minuten, maar het is hoegenaamd geen stinker. Lange symfonische stukken, folky vocals, seventies orgels, zwevende leadgitaren en dwarsfluiten maken het mooie weer. Zoals vaak bij dit soort muziek, is de song opgebouwd in een viertal bedrijven, met nogal wat tempowisselingen waarin een lading muzikale virtuositeiten uitvoerig langs de etalage passeren. Maar nergens klinkt het gekunsteld, langdradig of vervelend, wat op zich al een heuse prestatie is in het genre.
Het instrumentale intermezzo “Rendered In Shades Of Green” is een sierlijk verstild momentje van amper 2 minuutjes en daarna volgen er met “Fermented Hours” en “Foxlight” nog twee van die lange vette prog-brokken. De eerste gaat met het beste van Jethro Tull aan de haal en gooit nog wat goede ouwerwetse hard-rock op het vuur, en de tweede doet er ons aan denken dat we dringend nog eens ‘Foxtrot’ van Genesis en ‘Close To The Edge’ van Yes moeten opzetten. Allebei platen uit de prille seventies, of wat had u gedacht ?       

Kjetil Jerve

New York Improvisations

Geschreven door

Hallo Gent Jazz - Kjetil Jerve richt een eigen label op en laat zijn eersteling los op deze aardkloot.
We krijgen vier heuse stukken geïmproviseerde free jazz met de metafysische titels “Reviece”, “Percieve”, “Observe” en “Enjoy”. En dat laatste is een waarheid als een koe. Heerlijk relaxed genieten van de zeemzoete tenorsax van Jimmy Halperin, geruggensteund door Drew Gress op de dubbele bas En Kjetil zelf op de toetsen. In hun wereld van improvisatie is stilstaan achteruitgaan. Onze Noorse topmuzikanten zoeken steeds nieuwe paden, gaan nooit vervelen, doen aan alles behalve egotripperij en blijven best toegankelijk op die typische jeugdig bruisende manier. Zowaar een perfecte balans tussen het explosieve en het ingetogene.
Minutenlang hoor je zelfs amper iets anders dan broebelende klanken door de sax, terwijl er dan wordt geweken voor een dialoog tussen piano en bas.
Beste Bertrand, noteer dit fantastisch ensemble en boek ze voor uw fantastisch festival Gent Jazz.

Otherkin

OK

Geschreven door

Energieke rock/pop met hier en daar een weerhaakje en bij momenten ‘catchy as hell’. Zo kan ik in het kort de muziek van Otherkin omschrijven. Vier jonge honden uit Dublin zijn hiervoor verantwoordelijk en ze leveren een meer dan degelijk debuut af met ‘OK’.
Sommige songs zijn vrij rechtdoor zonder al te veel franjes maar altijd voorzien van catchy refreinen zoals op “Yeach I Know” of “React”. Deze songs hebben een beetje de opwinding en de vibes van een band als The Strokes. Luke Reilly zingt met de nodige branie en met een attitude alsof iedereen de boom in kan. De meeste songs duren net minder of meer dan drie minuten. Alles wordt dus meteen in het midden gesmeten en bevat niet al te veel franjes. Maar elke song heeft wel iets waardoor het net dat tikkeltje meer wordt. Afsluiter “So So” vormt, met zijn dikke vijf minuten, hier een uitzondering. De song bouwt ook wat geduldiger op dan de rest van album en doet zelfs bij momenten aan de Arctic Monkees denken (de manier van zingen en de gitaar).
Otherkin heeft iets over zich en bij elke luisterbeurt wordt ik er enthousiaster over. Als ze live ook zo tewerk gaan dan zullen de zalen stomen. Een ferm debuut!

The Darkness

Pinewood Smile

Geschreven door

Op hun debuutalbum uit 2013 presenteerde The Darkness zich als een stelletje in spandex gehulde glamrockers die karikaturale spreidstand-hard-rock speelden. De genrecliché’s werden tot in het oneindige uitvergroot en hun outfit was zo over the top dat zelfs Freddie Mercury er zou van teruggeschrokken zijn. Spinal Tap was nooit veraf, de ganse gimmick weekte bij velen een glimlach los en The Darkness werd met de nodige ironie gretig onthaald bij de Britse pers. De trein was vertrokken, de band was zowaar heel eventjes cool. Tot de lol er af was, natuurlijk.
Dergelijke grapjes hebben immers een beperkte houdbaarheidsdatum, maar dat was buiten The Darkness gerekend. Terwijl de hele wereld toch een beetje smalend deed omtrent dit potsierlijke groepje bleken de heren zichzelf wel serieus te nemen en gingen ze onverminderd door met het maken van hun groteske farinelli-metal.
‘Pinewood Smile’ is nu al hun vijfde album en The Darkness doet gewoon verder alsof er niets aan de hand is. Een gebrek aan vastberadenheid kan je de poedelrockers niet verwijten. De spandex wordt nog wat strakker aangetrokken, de hoge stemmetjes gillen weer iets harder en de riffs wentelen zich alweer royaal in de cliché’s. We horen Kiss, Queen, Judas Priest, Cheap Trick en AC/DC, allemaal soms dik in de stroop gedrenkt.
En toch kunnen we tussen de kitsch en pathos hier en daar een stel degelijke songs bespeuren. “All The Pretty Girls” is dikke fun, het snelle en opwindende “Southern Trains” dendert er lekker in, “Solid Gold” is AC/DC uit de oude doos en “Japanese Prisoner Of Love” is Muse met humor.
Voor de rest vinden we hier natuurlijk ook een paar tenenkrullende ballads, een koppel lauwe popsongs en zelfs een mislukte Beatles pastiche (“Stampede Of Love” is een niet goed te praten verkrachting van het Mc Cartney pareltje “Blackbird”). Maar goed, ‘t is allemaal maar om te lachen.

Pagina 246 van 498